MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten itchy als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Sebadoh - Bakesale (1994)

poster
5,0
Geschreven in De album Top 100 van...:

Lou Barlow was (en tegenwordig weer is) de bassist van Dinosaur Jr. Nadat hij in 1980 met veel drama uit die band vertrok (waarop J. Mascis waarschijnlijk reageerde met iets als "yeah... whatever man...), begon hij met maatjes Eric Gaffney en Jason Loewenstein lo-fi opnamen te maken onder de noemer Sebadoh.

Als songschrijver én als zanger sla ik Lou Barlow hoger aan dan J. Mascis en dat is dan ook de reden dat dit magnum opus van Sebadoh vééél hoger dan het moederschip staat. Hij is één van mijn helden door een anti-held te zijn. Een andere reden voor de hoge score van deze plaat is dat tweede zanger/songwriter Jason Loewenstein op Bakesale boven zichzelf uitstijgt. Op andere platen staat hij wat in de schaduw van Barlow, maar hier minstens op gelijke grote hoogte.

De 15 korte liedjes (totale speelduur 42 minuten), afwisselend van Barlow en Loewenstein dus, zijn allemaal diamantjes. Behoorlijk poppy, en heel gevarieerd. Het steekt allemaal behoorlijk slim in elkaar met niet al te hand liggende songstructuren, zonder dat het heel ingewikkeld wordt. License to Confuse, Magnet's Coil, Skull en Rebound zijn allemaal korte felle indierockertjes van de hand van Barlow en tot op de dag van vandaag live-favorieten. Careful, Not Too Amused, Dramamine: wat dieper snijdende numemrs van Loewenstein. En zie het maar ens droog te houden bij tearjerkers als Not a Friend, Mystery Man en Together and Alone.
Het lofigeluid van de begindagen is hier ingeruild voor een soort mid-fi die de muziek heel goed staat.

Aangekruist als favoriet:
1. Skull
2. Together or Alone
3. Not Too Amused

Shellac - At Action Park (1994)

poster
5,0
Ok, ik voelde mij geroepen

Na Big Black en het kortstondig bestaande Rapeman richtte Steve Albini samen met bassist Bob Weston en drummer Todd Trainer Shellac op. De drie heren beschouwen het eigenlijk (en dat is nog steeds zo) als een hobbyproject, dat af en toe bij elkaar komt om te repeteren, op te nemen of te touren, puur wanneer men daar zin in heeft. Want de hoofdwerkzaamheden van de heren zijn studiowerk (Albini en Weston) en het runnen van een een kapsalon (Trainer).

Shellac is een powertrio dat vooral de ruimte tussen de noten verkent. At Action Park is een spartaanse plaat, waarop de kunst van het weglaten tot in het extreme wordt doorgevoerd. Drums, bas en gitaren spelen geen noot te veel, en de nummers zijn niet nodeloos lang of ingewikkeld. Hierdoor ontstaat een ongekende dynamiek. De ritmesectie is fenomenaal strak, en legt een basis voor de vileine zang en het uit duizenden herkenbare gitaarspel van Albini, wat zich net als op de Big Black en Rapeman kenmerkt door een snijdend, met treble doorspekt geluid. (Overigens signaleerde ik bij de twee keer dat ik de band live aan het werk heb gezien dat Albini en Weston op dezelfde versterkers spelen, waarbij de knoppen echter gespiegeld zitten. En er maar twee knoppen op zitten, n.l. "aan" en "harder" )

Haat en agressie jegens de medemens zijn nog steeds de favoriete thema's van Albini, en voor vrolijke liedjes ben je hier dan ook aan het verkeerde adres. De teksten staan bol van het cynisme en worden flink aangedikt door de vocale voordracht van Albini. Een goede zanger kan ik hem met de beste wil van de wereld niet noemen, maar hij weet wél wat over te brengen met zijn iele, beknepen stemmetje.

Hoogtepunten op At Action Park zijn voor mij de slepende opener My Black Ass, het repetetieve Crow, en het stoïcijns swingende A Minute en Dog and Pony show. Maar de rest is eigenlijk net zo goed...

Overigens zijn ook de voor At Action Park uitgebrachte singles Uranus en The Rude Gesture zeer de moeite waard.

4.5*

Silver Daggers - New High & Ord (2007)

poster
4,5
Een honkende saxofoon, een hortende en stotende ritmesectie, een atonaal goedkoop plastic keyboardje, een krassende gitaar en een nerveuze rare kwast van een zanger. Dat zijn de ingrediënten van de opwindendste plaat die ik dit jaar heb gehoord. Silver Daggers maakt niet bepaald toegankelijke, maar wel hele fascinerende muziek. No Wave is denk ik het best passende hokje waarin deze chaos geduwd kan worden.

Enter the King zet meteen de toon: alles draait om het ritme, de melodie zit diep verstopt. Halverwege lijkt het nummer in elkaar te storten, maar de draad wordt op een knappe manier weer teruggevonden. Hierna worden korte en langere nummers afgewisseld, waarbij bij de kortere nummers de nadruk meer op ritme en chaos ligt en en tijdens de langere meer op sfeer en opbouw.

Een verslavende plaat, die ik blijf draaien en mijn lijstje van 2007 tot nu toe aanvoert.

Songs: Ohia - Didn't It Rain (2002)

poster
5,0
Geschreven in De album Top 100 van,,,:

Wat de muziek van Songs:Ohia speciaal voor mij maakt is de stem van Jason Molina. Die is zo dichtbij, intiem, als een goede vriend. Hij klinkt voor mij als een goed persoon die naast je loopt op het pad des levens en af en toe ongevraagd een welgemeend advies of een schouder biedt. Niet dat hij het zelf zo makkelijk had: mensen die het makkelijk hebben maken niet zulke muziek. De muziek op deze plaat is kaal, traag, broeierig en droevig maar zoals al vaker bleek in deze top 100: in droevige muziek zit vaak ook iets opbeurends. Hier ook. Lijden, omgezet in mooie muziek. Elk nummer op Didn't It Rain is al een dolkstoot.
Light, storm, moon, bell, blues, blue, crow, tower, het zijn typische Molina-woorden die vaak ik zijn teksten terugkeren. Zo ook hier. Dat geeft iets vertrouwds, als je die woorden hoort weet je weer: ohja wat fijn, ik luister naar Molina. Steve Albini hoort niet bij die woorden maar hij is hier onsterfelijk gemaakt in een songtitel.

Aangekruist als favoriet:
1. Blue Chicago Moon
2. Blue Factory Flame

Sonic Youth - A Thousand Leaves (1998)

poster
3,5
Deze plaat is beslist uniek te noemen binnen het oeuvre can SY, maar liefst 3 jaar zat er tussen de voorganger en deze. Nooit eerder namen ze zo lang de tijd. Die tijd werd benut met het bouwen van de eigen Echo Canyon-studio en het in elkaar jammen van deze plaat en de eerste twee SYR-releases. Deze plaat is spontaan en geïmproviseerd, en bevat ook voor mij hoogte- en dieptepunten, waardoor ik een wat moeizame verhouding heb met A Thousand Leaves. Net iets te veel schurende/lelijke momenten (maar tegelijk hulde dat deze niet worden vermeden, het is bewust lelijk) om er echt van te kunnen genieten. Dit is bepaald niet de plaat van Kim Gordon, ze is slecht op dreef. Ook hier is Hits Of Sunshine favoriet. Sunday vind ik dan weer wat te alledaags en makkelijk, vergeleken met de eerdere "hits" van deze band. Op Sunday na zijn deze nummers alleen op de op deze plaat volgende tour gespeeld.
Aanrader: Dit is een concert uit de A Thousand Leaves-tour. Bijna de hele plaat wordt gespeeld, maar de nummers komen live veel beter uit de verf.

Sonic Youth - Confusion Is Sex (1983)

poster
4,5
Vanaf hier werd het menens. De muziek is donker, de hoes is donker, de sfeer is claustrofobisch. De nieuwe drummer heet Bob Bert.

(She's in a) Bad Mood valt met de deur in huis. Die gitaren, daarover is veel meer nagedacht dan op de debuut-EP. Dit is het begin van de signature sound! Ook de zang gaat ervoor. Het is menens.

Protect Me You is ook weer zo dreigend. Ik kan me voorstellen dat dit de muziek is die je maakt als je in een uitgewoond New Yorks junkie-wasteland woont. Wat dus ook zo was.

Freezer Burn is een ambient noise-stukje en gaat abrupt over in I Wanna Be Your Dog dat klinkt alsof het live is opgenomen. De zang van Kim Gordon is hier echt hondsdol!

Shaking Hell is een leip nummer. Het begint heel brak en no-wavy. De (gebrekkige) opnamekwaliteit doet het een klein beetje de das om maar past er ook wel weer bij. Dan wordt het toch weer spannend. Dreigende sfeer, nare tekst. Dit soort nummers en teksten maakten in het pre-internettijdperk dat veel mensen dachten dat SY een stel enge junks waren.

Inhuman marcheert zich een weg vooruit. Klinkt redelijk obscuur, maar stond zelfs op de setlist van het laatste concert ooit in de USA.

De tekst van The World Looks Red is geschreven door Michael Gira. Sonic Youth tourde in deze periode met Swans. Een stinkende bus met arme mensen, die zich een weg uit de obscuriteit probeerden te spelen, wat lukte!

Confusion Is Next klinkt als een stellingname:
I maintain that chaos is the future
And beyond it is freedom
Confusion is next and next after that is the truth

Oh, wat een heerlijke takkeherrie!

Making the Nature Scene is mijn favoriete nummer van Confusion, maar ik weet niet zo goed waarom. Misschien omdat Kim hier heel overtuigend haar tekst declameert op een voortploeterend ritme.

Op Lee Is Free laat Lee Ranaldo horen dat hij niet in hokjes denkt als het op gitaarspelen aankomt. Heerlijk afsluitmuziekje van deze huiveringwekkende plaat!

De bonustracks zijn van de EP Kill Yr. Idols .

Sonic Youth - Daydream Nation (1988)

poster
5,0
Het is me nog altijd een raadsel wat er met Sonic Youth is gebeurd tussen de release van 'Sister' en 'Daydream Nation'. 'Sister' stond nog vol met korte nummers die, hoe inventief ze ook werden uitgevoerd, nog redelijk eenvoudig waren. Op 'Daydream Nation' staan echter epische nummers, mini-symfoniën bijna. Alsof ze zelf pas na het underground-succes van 'Sister' beseften dat ze met het concept van afwijkende gitaarstemmingen, drie zangers en een werelddrummer een enorm potentieel in huis hadden, en voor het eerst met dat uitgangspunt in het achterhoofd nummers zijn gaan schrijven.

Is 'Daydream Nation' een conceptplaat? Er lijkt een bepaalde eenheid te zijn, door het artwork, de songtitels en de overheersende sfeer. Toch is aan de teksten bijna geen touw vast te knopen ("I'm The Cocker On The Rock") zingt Thurston Moore ergens). Ik hou het op een conceptplaat die nergens over gaat.

Het unieke van 'Daydream Nation' zit hem in het instrumentale aspect. De plaat is ongelofelijk energiek, en wordt opgezweept door het drumspel van Steve Shelley, van wie je duidelijk kan horen dat hij een hardcore-achtergrond heeft. Tegelijk weet hij heel mooi functioneel en in dienst van de muziek te drummen, maar met behoud van de hardcore-energie. Deze energie wordt alleen maar versterkt door het gitaarduo Moore/Ranaldo. Elk nummer kenmerkt zich door de mooiste lijntjes, riffjes en melodietjes, maar net zo goed door botte grotestadsnoise. Hele mooie spanningsbogen worden opgebouwd en lang vastgehouden. Soms volgt er een finale, en soms niet. Dat alles zorgt ervoor dat deze plaat geen moment verveelt, ondanks haar lange speelduur. Hierna volgt nog een beschrijving van mijn persoonlijke hoogtepunten:

De plaat wordt ingeluid door het intro van 'Teenage Riot'. De toon wordt gezet met het befaamde "Sweet Desire, We Will Fall" gefluister van Kim Gordon. Dan barst de boel los met deze absolute indie-klassieker. Een melodieus, opzwepend en opruiend nummer.

'The Sprawl' en 'Cross The Breeze', beiden gezongen door Kim, vind ik samen het hoogtepun van 'Daydream Nation'. In deze twee nummers wordt compositorisch vernuft (de nummers schieten werkelijk alle kanten op maar het klinkt nergens gezocht) gekoppeld aan agressie, dynamiek en subtiliteit.

'Eric's Trip' is Lee's beschrijving van een LSD-trip en de paranoia spat er vanaf, zowel tekstueel als muzikaal.

De plaat lijkt in tweeën te worden gedeels door het nummer 'Providence'. Het nummer is meer een intermezzo, en bestaat uit een piano, geruis en een boodschap die Mike Watt (bassist van o.a. Minutemen en Firehose, tegenwoordig Stooges) op Thurston's antwoordapparaat heeft ingeproken.

Hierna wordt de sfeer donkerder, wat culmineert op het onheilspellende 'Rain King', wat een beetje het broertje is van 'Eric's Trip'.

Daydream Nation wordt afgesloten door 'Trilogy', een soort songsuite in drie delen. Ik zie het als een soort samenvatting van wat deze plaat is, omdat alle elementen nog een keer terugkomen en flink door de mixer worden gehaald. Met 'Trilogy: Eliminator Jr.' sluit 'Daydream Nation' op niet bepaald subtiele wijze af.

Als introductie tot Sonic Youth zou ik 'Daydream Nation' niet willen aanbevelen (eerder 'Sister' of 'Goo'), maar ik vind het echter wel de beste plaat van de band.
5*

Sonic Youth - Experimental Jet Set, Trash & No Star (1994)

poster
4,5
EJTSTTANS is een typische overgangsplaat, tussen Goo/Dirty (allebei stevig geworteld in de grungeperiode) en het veel relaxtere (en laatste magnum opus) Washing Machine. Daarom wordt deze plaat wat minder hoog aangeschreven, mijns inziens onterecht. Maar ik snap het wel: het is een rommelig allegaartje rare songs, die geen overkoepelende sfeer of thema hebben. Maar bij "rommelig" hoort dan wel het bijvoeglijk naamwoord "heerlijk" bij, want dat vind ik deze plaat.

Maar nog even de titel, die slaat op de bandleden:
Experimental = Lee Ranaldo / Jet Set = Kim Gordon/ Trash = Thurston Moore / No Star = Steve Shelley.
De eerste plaat in een lange rij zonder songs van Lee Ranaldo. Naar verluid was hij na Dirty bijna uit de band gestapt: hij was boos was omdat hij Thurston en Kim dictators vond worden van wie zijn erg goede song Generic niet op Dirty mocht, en slechts een B-kantje werd. Uiteindelijk haalde hij de hand over zijn hart, de goedzak. Na deze plaat droeg hij weer volop bij (of: mocht hij weer volop bijdragen).

Wat overblijft is een batch met songs die flink is beïnvloed door de lofi/slackerhoek die destijds een beetje hip was. Hoewel Butch Vig weer achter de knoppen zat klinkt de plaat in elk geval een stuk minder geproduceerd dan de voorgangers, wat de spontaniteit flink ten goede komt. Het klinkt allemaal heerlijk achteloos als songs waar niet te lang over is nagedacht, niet zijn doodgeoefend, en zo op tape gekwakt. En: bijna stuk voor stuk zijn de nummers erg onconventioneel van opbouw, ook vergeleken met andere SY-platen. Gekke dingetjes als Skink, Bone, Quest For the Cup, Doctor's Orders en Tokyo Eye (behalve de laatste zijn dit allemaal Gordon-nummers) hebben ze daarvoor en daarna niet meer gemaakt.

Bull In the Heather was de bekende single (met in de clip een rondspringende Kathleen Hanna). Starfield Road, Screaming Skull, Self-Obsessed and Sexxee zijn de meer "uitgewerkte" Thurston-nummers en Androgynous Mind, Waist en In the Mind Of the Bourgois Reader zijn typische trash-nummertjes in de lijn van de titel van deze plaat en zijn solo-debuut Psychic Hearts (die een jaar later uitkwam).

Afsluiter Sweet Shine is een toch wel erg mooie ballad, mits je je over de hoge "woeeeehs" van Kim Gordon heen kan zetten. Op CD volgt na een korte pauze het beruchte bonustrackje, dat me al heel wat overeindstaande nekharen heeft bezorgd. Creepy, en kneiterhard gemasterd t.o.v. de rest van de plaat. Het was een tijdje mijn ringtone, maar dat werd toch wat te gortig. Maar wat horen we nu eindelijk? Het is een collage van een hard pratend Japans (?) meisje en een luchtalarm, zoiets.

Sonic Youth - Goo (1990)

poster
5,0
De eerste plaat van Sonic Youth die ik ooit hoorde. Uitgebracht tussen Daydream Nation en Dirty, en op het eerste gehoor lijkt Goo wat in de schaduw van die twee platen te staan. Maar schijn bedriegt, elke noot op deze plaat klopt. Elke keer als ik hier naar luister ontdek ik weer nieuwe dingetjes. Ook een perfecte balans tussen de nummers: liedjes-liedjes (Dirty Boots, Kool Thing), meer noise-getinte nummers met dronestukken er in verwerkt (Tunic, Mote) en goofy maar onderhoudende schetsjes (Mildred Pierce, My Friend Goo).

Die laatste, luchtigere kant van de band blijft vaak onderbelicht maar is mijns inziens een van dé belangrijkste redenen waarom de band anno 2008 nog steeds bestaat en relevant materiaal blijft uitbrengen: men neemt de boel absoluut niet te serieus, grote ego's zitten er sowieso niet in en er is een hoop lol. En dat hoor je op deze plaat vaak terug in de muziek. Deze instelling, en de muziek die het oplevert, blijft voor mij een grote inspiratiebron. Dankjewel, SY

Sonic Youth - Kill Yr. Idols (1983)

poster
4,0
Kill Yr. Idols. Het moet, om vooruit te komen. Nieuwe wegen moeten worden bewandeld.

Protect Me You en Shaking Hell kennen we van Confusion Is Sex. De rest van deze EP zet die lijn voort.

De live-versie van Shaking Hell is krachtiger dan de albumversie.

Kill your Idols is een killer van een song, en Brother James vind ik het beste vroege (pre-Bad Moon Rising) Sonic Youth-nummer. Het bouwt maar op en gaat steeds sneller en sneller en sneller. Is ook altijd een vaste waarde bij live-concerten geweest.
Op deze twee nummers is het gaspedaal helemaal ingedrukt en wordt het stuur losgelaten, met fantastisch resultaat.

Early American vind ik dan weer wat boring en iets te arty.

Sonic Youth - Perspectives Musicales (2020)

Alternatieve titel: Live at Cat's Cradle 2000

poster
4,5
Een show waar ik maar al te graag bij was geweest. Een "geheim" concert, alleen aangekondigd als " SYR Records Presents: Perspectives Musicales". Sonic Youth tourde destijds als voorprogramma van Pearl Jam (om die band wat credibity te geven ofzo?) en organiseerde een spontaan concert op een vrije avond. Maar het eigenlijke concert is vanaf "Schizophrenia", alles daarvoor is een potpourri van van alles.

Het begint met Thurston Moore die samen met drummer Steve Shelley het titelnummer van zijn eerste solo-album speelt.
Daarna leest Lee Ranaldo een stuk voor en volgt een bloedspannende solo-uitvoering van Mote, één van de prijsnummers van Goo. Op een gegeven moment springen Thurston en Steve bij en ontaard het in een schitterende soundscape die veel korter lijkt dan 18 minuten.
Track 5 tot en met 7 is Thurston Moore die een aantal nummers instrumentaal en akoestisch speelt. Niet heel boeiend. Nummer 8 tot en met 10 heeft Kim Gordon zich bij de muzikanten gevolgd en geeft een voorproefje van SYR 5.
Hierna speelt Jim O' Rourke, die tijdelijk deel uitmaakte van SY, twee solonummers. Fuzzy Sun / Not Sport Marital Art en Halfway to a Threeway zijn werkelijk schitterend.
En dan volgt nog een volledig concert van de hele band, dat zwaar leunt op materiaal van NYC Ghosts & Flowers, aangevuld met een aantal klassiekers.

Wat een fijne release dit!

Sonic Youth - Rising Bliss (2021)

Alternatieve titel: Live 1986

poster
2,0
Vreemde release. Een concert uit de EVOL-periode. Uit deze periode zijn al meer concerten uitgebracht en die zijn stuk voor stuk VEEL beter dan dit concert. Wil je een concert luisteren uit deze periode? Laat deze plaat dan vooral links liggen maar luister naar deze of deze.

Ten eerste lijkt SY hier een off-day te hebben: het lijkt wel alsof ze door stroop bewegen, er is totaal geen energie. Ik heb nog nooit zulke suffe versies gehoord van hun waarschijnlijk meest energieke nummers White Cross en Brother James die werkelijk niet kapot te krijgen zijn, behalve hier. Nog geen deuk in een pakje boter.
Daarnaast klinkt het allemaal wel heel netjes, te netjes dus, wat echt afbreuk doet aan het geheel. En als laatste: waar is het publiek? De stukjes tussen nummers zijn eruit geknipt, het hele live-gevoel is verdwenen.

Wazig labeltje ook, er is amper informatie over te vinden. Ik kan me ook niet voorstellen dat de band hier achter staat. De cover slaat dan ook nog eens als een tang op een varken.

Sonic Youth - Sister (1987)

poster
5,0
Getypt in De album Top 100 van...

Sonic Youth is nu eenmaal de band die ik het meest draai en dit vind ik hun beste plaat (Daydream Nation heeft die titel definitief moeten inleveren):
- 10 nummers zonder één dip;
- Slanke speelduur van 37:19;
- drummer Steve Shelley die op voorganger EVOL de niet echt vooruit te branden Bob Bert afloste is hier helemaal "geland" en is de perfecte drummer voor deze band;
- die verder klinkt alsof ze met hun vingers in het stopcontact vastzitten, zo elektrisch geladen klinkt deze plaat;
- Zang van Thurston, Kim en Lee, Thurston en Kim zelfs in romantisch liefdesduet (Kotton Krown), wat niet vaak gebeurde en na 2011 al helemaal niet meer;
- Analoge opnamen waarin de gitaren heel mooi tot hun recht komen: ze hebben dezelfde gouden gloed als het artwork;
- het intrigerende artwork;
- een ontzettend gave bonustrack, dat ook het enige nummer is dat ik überhaupt helemaal mee kan rappen, speciaal voor jullie één coupletje dan:

One two, one two, one two titty
I know every nook and cranny in New York City
We're Ciccone and that's enough
I'm the Royal Tuff Titty and you gotta taste my love
Taste my love
Yeah


De brug tussen hun eerste (nowave/noise/southerngotic) en tweede (indierock, MTV) periode. Bad Moon Rising en EVOL zijn ook 5*-platen, maar ik vind ze wel iets te traag. Het tempo op Sister is flink opgekrikt, met als gevolg hyperkinetische en telkens ontwikkelende nummers als (I Got a) Catholic Block, Stereo Sanctity, Pacific Coast Highway en White Cross. Wat ik aan die nummers zo tof vind, is dat binnen zo'n nummer eenzelfde stukje niet snel terugkeert maar dat ze toch volkomen logisch, als een "liedje" en "af" klinken. Deze vier nummers zijn voor mij de kapstok van Sister, de andere nummers zijn hieraan opgehangen: de intrigerende opener Schizophrenia met zang van Thurston én Kim (maar niet tegelijk), het ambient Beauty Lies In the Eye, het poppy Tuff Gnarl, het malende Pacific Coast Highway en het trippy Cotton Crown.

Dé plaat van de band die speciaal is opgericht om exclusief voor mij muziek te maken (toch? dat moet bijna wel), mogelijk ook de plaat die ik het vaakst heb gedraaid, een plaat waarop ik nooit ga zijn uitgeluisterd- en daarom is het nu afgelopen.

Aangekruist als favoriet:
1. Stereo Sanctity
2. White Cross
3. Pipeline / Kill Time

Sonic Youth - The Eternal (2009)

Alternatieve titel: Sonik Tooth Box

poster
3,0
Hier is een kant van SY terug die ik wel miste: de wat meer rommelige, punky kant. De laatste albums waren erg fraai natuurlijk, maar soms misschien wel wat té. Als in: te netjes, te veel uitgewerkt. Mijns inziens durven de drie bijna-zestigers (Gordon, Moore, Ranaldo) en twee veertigers (Shelley, Ibold) hier er voor het eerst sinds Washing Machine weer eens ongegeneerd rommelig en af en toe lekker goofy uit de hoek te komen.
Omdat de bas is vergeven aan Mark Ibold (ex-Pavement en speelde al eerder met Kim in Free Kitten) Klinkt Sonic Youth toch weer anders (én fris!).

De plaat vliegt uit de startblokken met Sacred Trickster, een kort door Kim gezongen binnenkomertje. Door de zang doet het nummer me wat denken aan Cinderella's Big Score van Goo. Erg goede binnenkomer.

Anti-Orgasm is uitgegroeid tot één van mijn favorieten. Het openingslickje is zó geniaal en voor de rest is het een lekker schurend en knarsend nummer, waar ik de hele tijd om moet glimlachen.

Leaky Lifeboat vind ik net iets te makkelijk. Het nummer komt maar niet tot leven. Hier had veel meer in gezeten, daardoor het enige mindere nummer op de plaat.

Antenna wijkt iets af van de overige nummers. het is een stuk rustiger, en langer. En iets epischer, zoals Pink Steam dat was op Rather Ripped. Hier worden hele fraaie gitaarfoefjes uitgehaald, maar wel heel subtiel allemaal. Koptelefoonnummer.

What We Know was al bekend. Lijkt op het eerste gezicht ook een wat al-te-kort door de bocht nummer maar het wordt naar een hoger plan getild door de zang van Lee (zo fijn altijd, als die zingt) en de break voor het refrein (op 0:35 en 1:16) is zó spannend, zó zinderend, zó vintage Sonic Youth dat dit gewoonweg weer geniaal is. Zo.

Calming the Snake dan. Een baslijn die we niet vaak horen bij Sonic Youth (maar dit is dan ook een nieuwe bassist). De zanglijn van Kim is erg fijn. Come On Down, Down To the River, Come On Down I Wanna Feel You Shiver. Jaja die Kim! Het nummer beukt lekker door. Erg energiek.

En Poison Arrow gaat in deze lijn door! Het middenstuk is dan ook mijn favoriete gedeelte van de plaat. Dit nummer heeft een erg fijne classic-rock vibe. Mede door de geniale zanglijn van mr. Moore.

Malibu Gas Station. Waar halen ze die titels toch vandaan? Dromerige openingsgitaren klinken erg Malibu, langs een Diamond Sea. Maar dat wordt bruut afgebroken en een vrolijk Kim-nummer breekt los. Een beetje stuurloos nummer, op een leuke manier. Ook hier moet ik weer terugdenken aan iets op Goo, weet alleen even niet wat.

Thunderclap For Bobby Pyn.Na wat Googlen blijkt Bobby Pyn het alter-ego van Darby Crash te zijn. Dus na Pat Smear, die werd aangehaald in Screaming Skull (Experimental Jet Set), de tweede Germ reeds die een vermelding krijgt in een SY-song . Hoeveel gaan er nog volgen? Een aardig nummer, maar niet heel opvallend.

No Way: ik ben er nog niet uit of ik dit nou geniaal of wat minder vind. Het blijft in elk geval wel boeien. Had naadloos op Psychic Hearts, Thurston's solo-plaat gepast.

Walkin Blue is weer een door Lee gezongen nummer. Het heeft een beetje een zomers hippie-sfeertje. De zang doet me (weer) denken aan een ouder nummer: Wish Fulfillment. Dit is overigens allemaal positief bedoeld en ervaren! De plaat klinkt tegelijk vertrouwd en verfrissend. En dit nummer illustreert dat.

Massage the History: wauwwauwwauw, bijna tien minuten pure door Kim gezongen pracht. Dromerig, mysterieus, majestueus.

Ik begin te vallen als een blok voor The Eternal, de beste Sonic Youth plaat sinds... ik weet niet, ze zijn altijd wel goed, maar deze plaat heeft iets speciaals wat ontbrak op de laatste platen. Ik ben zwaar overtuigd.

Spiritualized - Songs in A&E (2008)

poster
3,5
Alle Spiritualized-elementen zijn perfect in harmonie met elkaar op deze plaat. Knetterende fuzzrock, gospel, space, het is mooi uitgebalanceerd (in tegenstelling tot de twee voorgangers). De plaat is zwaar gekleurd door Jason Pierce's bijna-dood ervaring. A&E staat voor Accidents and Emergency-ward, waar hij geruime tijd doorbracht. Een handvol prachtige nummers: Death Take Your Fiddle, Soul on Fire, Sitting On Fire, Baby I'm Just a Fool, Borrowed Your Gun. Heel mooi diep en rijk geproduceerd.

De mooie verpakking (zoals elke Spiritualized-plaat) is de slagroom op de taart.

Spoon - Transference (2010)

poster
5,0
Voor mij veruit de beste plaat van Spoon. Ik vind hier dingen die ik hun andere platen mis. Transference grenst aan perfectie. Het gortdroge geluid en de kunst van het weglaten worden hier tot het uiterste doorgevoerd. Dat de liedjes soms opzettelijk wat worden gesaboteerd (gekke echo's, afgebroken einden) maakt de plaat alleen maar intrigerender. Het meest gemankeerde nummer staat helemaal vooraan en zet de toon. Alle liedjes zijn sterk tot zeer sterk, en ze hebben bijna allemaal een memorabel moment: het gekke maar toch kloppende einde van Is Love Forever?, de geniale tempowisseling in I Saw The Light, De schreeuw met echo aan het begin van Trouble Comes Running, de rollende pianoriedels in Nobody Gets Me But You.
Heerlijke plaat die nooit verveelt!

Sprain - The Lamb as Effigy (2023)

poster
4,0
OMG. WFT. Holy moly! Sprain spuwt hier conform de verwachtingen een monster van een plaat uit, waar dikke klodders ambitie vanaf druipen. Maar wordt het ook waargemaakt? Kort samengevat: ja, met een paar mitsen en maren.

The Lamb as Effigy werd net als de veelbelovende voorganger uitgebracht op het hard aan de weg timmerende duistere/moeilijke-muzieklabel The Flenser dat niet zo lang geleden mijn meest recente 5* plaat (van Chat Pile) afleverde.
Dit is een doorbijter waarbij op de achtergrond draaien bij het oplossen van een kruiswoordpuzzel geen enkele zin heeft. Bij deze plaat word je geacht een serieuze blik op te zetten, de oren te ontvetten en op de punt van je stoel plaats te nemen. Je krijgt veel te verwerken: math, noise, drone, feedback, en een mentale breakdown op het einde (sowieso van de zanger, hopelijk niet van jezelf). Volgens de band zelf zijn er ook invloeden van Iannis Xenakis. Zou kunnen, het staat in elk geval heel interessant. Ik zal de mening van Charlemagne Palestine vragen als ik hem weer eens spreek.

De plaat opent met twee relatief korte nummers, waarbij je duidelijk hoort hoe goed deze band is geworden en waarbij tot mijn hele grote blijdschap nog steeds een Unwound-invloed aanwezig is. Dit waren dan gelijk de twee meest toegankelijke nummers van de plaat. Privilege of Being is een soort modern-klassieke overgang naar het heel erg mooie Margin For Error dat gedragen door een stemmig orgel bijna religieus begint en uiteindelijk via trage omwegen ontaardt in een climax die te kort wordt gedaan als ik de afgekloven term 'postrock' van stal zou halen. In de twee 'nude' nummers worden avantgardistische elementen toegevoegd. Mooie langgerekte nummers met daardoor veel ruimte om in te verdwijnen. We Think So Ill Of You is een nummer in de lijn van de eerste twee, maar én (spijker)harder én een soort overgang naar God, or Whatever You Call It. Die afsluiter is een nummer met twee gezichten: de eerste helft conventioneel (conventioneel als naar de maatstaven van deze monsterplaat) en de tweede helft: beoordeel zelf...

The Lamb as Effigy maakt de verwachtingen waar. Zanger Alexander Kent zoekt af en toe op Buckley-achtige wijze de theatraliteit op. Vaak kan ik dat niet hebben, maar hier wel. Wel blijf ik bij wat ik eerder schreef over hele lange platen: alsjeblieft laat dit geen trend worden...

Tot slot nog een geheim-tip/gateway voor wie meer van dit soort muziek zoekt: A Minor Forest - Flemish Altruism (1996) - MusicMeter.nl

Stereolab - Transient Random-Noise Bursts with Announcements (1993)

poster
4,5
Getypt in De top 100 van...

Weinig Engelse muziek in deze lijst merk ik nu, het is vooral een Amerikaans en West-Europees gebeuren. Ik heb gewoon niet zo veel met de UK: van Engelse humor ben ik geen fan, Britpop vind ik overwegend stom en thee met melk is niet te drinken. Nee, de tofste Engelse muziek vind ik van bands die afwijken van het Britpop-idioom. De acts op het Too Pure-label bijvoorbeeld vond ik tof. Of aan the Fall verwante bands, zoals Prolapse. Of cultheld Billy "We Hate the Fuckin' NME" Childish. Ohja en Schotse bands zijn per definitie beter dan Engelse, net als Belgische bands dat zijn dan Nederlandse. Ik ben echt niet te beroerd om dat laatste toe te gaven zo lang hun voetbal zo lachwekkend is.

Stereolab is zo'n Engelse band die volledig haar eigen ding doet. Vooral de eerste periode van die band vind ik erg tof maar na Emperor Tomato Ketchup werden ze me te neuzelig. Transient Random-Noise Bursts With Announcements (heerlijke titel) is het hoogtepunt van die eerste periode. De sound is helemaal tof: motorik-beats onder een Velvet Underground-gitaar en meerdere gierende, massieve orgels die alles compleet dichtplamuren en zang die dichtbij Franse zuchtmeisjesmuziek zit (en dat is niet gek gezien de roots van zangeres Laetitia Sadier die samen met hubby Tim Gane de zang doet, die deels ook in het Frans zijn). 

De nummers lopen uiteen van perfecte 3-minuten popliedjes (Our Trinitone Blast, I'm Going Out Of My Way, Analogue Rock) via het heel erg heerlijk easy-listening achtige Pack Yr Romantic Mind naar de 18 minuten durende monstrositeit Jenny Ondioline. Monotonie tot in extremis en toch verveelt het geen minuut. Trouwens wel het enige nummer waarin de gitaren de orgels overstemmen in plaats van andersom.

Ook erg leuk: de samples van The Conet Project die in Pause zitten verwerkt: mysterieuze stemmen op kortegolfradiostations die alleen maar nummers oplezen en waarvan men vermoedt dat dit in en na de koude oorlog voor spionagedoeleinden werd gebruikt. Erg boeiend om over te lezen, nog creepier om naar te luisteren.

Andere funfact: een Ondioline is een toetsinstrument dat klinkt als een viool, uitgevonden door Georges Jenny.

Aangekruist als favoriet:
1. Jenny Ondioline
2. Crest
3. Pack Yr Romantic Mind 

Sun Ra - Singles Vol. 2 (2017)

Alternatieve titel: The Definitive 45s Collection Vol.2:1962-1991

poster
4,5
Getypt in de album top 100 van...

Bij hoge uitzondering een verzamel-LP, want Sun Ra is een geval apart. Hij is naar eigen zeggen afkomstig van Saturnus (maar daarover zijn de meningen verdeeld) en naar de aarde gezonden om de mensen te educaten met muziek. Dit heeft in elk geval een enorm grote werkethiek opgeleverd en samen met zijn Arkestra (met in de gelederen saxofonist Marshall Allen die binnenkort op 100-jarige leeftijd zijn solodebuut zal uitbrengen!) heeft hij een gigantische discografie nagelaten, waar ik bijna helemaal doorheen ben geploegd. Bijna, want niemand schijnt een volledig overzicht van deze discografie te hebben omdat allerlei albums in gelimiteerde en handgemaakte oplagen alleen bij concerten werden verkocht, allerlei singles zijn opgenomen voor de meest wazige labels, onbetrouwbare platenmaatschappijen die muziek releasten achter zijn rug om, en zo nog wat slecht vastgelegde zaken.

Die discografie laveert tussen geweldige composities en ellenlange solo-platen op een moog-synthesizer die volledig bestaan uit bliepjes en bloepjes en elektronische scheetjes. De beste manier om een overzicht te krijgen van zijn werk zijn singlesverzamelaars. Deze collectie geeft een dwarsdoorsnede van zijn meest productieve en bekende periode en je krijgt alles door elkaar: schitterende nummers met volledige band, met en zonder zanger en zangeres, spoken word, exotica, obscurica, de bliepjes en bloepjes maar dan 2 minuten in plaats van 75, het is een geweldig luisterfeest.

Aangekruist als favoriet:
1. Nuclear War
2. Mayan Temple
3. Rocket #9

Supersilent - 8 (2007)

poster
4,0
"Dit slaat echt helemaal nergens op"
"Jezus, wat een kutmuziek! Kan dat uit?"
"Ik word hier bloednerveus van"

Anderen doe ik hier geen plezier mee, getuige de reacties hierboven die ik kreeg tijdens het draaien van "8". Mezelf des te meer. Maar ik ben van mening dat de beste kunst extreme tegengestelde reacties oproept, en dus is deze plaat voor mij echte kunst. Indrukwekkende plaat die pas na ettelijke draaibeurten zijn geheimen prijsgeeft. Tegelijk kil en warm, intiem en bombastisch. Grommend ontvouwt de plaat zich met 8.1, gelijk één van de hoogtepunten. Maar de tweede helft vind ik helemaal van ongekende klasse. En ik wist niet dat Arve zo mooi (en zo hoog) kan zingen.

Vette trip! Bij voorkeur hard draaien in het duister.

Swans - To Be Kind (2014)

poster
4,0
Swans is een band die ik op papier geweldig zou moeten vinden, maar me in de praktijk redelijk koud laat. The Seer vond ik op het eerste gehoor echter zeer indrukwekkend, maar dat bleek niet voor de langere termijn.
To Be Kind vind ik op de eerste gehoren beter, maar lijdt een beetje hetzelfde euvel als The Seer en eigenlijk alle Swans-albums: Gira en co. nemen het allemaal Zo Serieus. Dit is muziek die verdomd veel vraagt van de luisteraar. Daar is natuurlijk niks mis mee en dat kan ik normaal gesproken goed hebben, maar de momenten dat ik in mijn doorzonwoning tussen de afwas en het plantjes water geven mee wil gaan in een twee uur durende catharsis zijn toch wel bijzonder spaarzaam. Na het lange Bring the Sun/Toussaint l'Overture (met overigens tenenkrommend Frans, toch nog een (onbedoeld) grappig momentje) heb ik het wel even gehad en gaan de nummers irriteren.
Toch blijf ik To Be Kind nog wel even draaien. En het wordt hoog tijd dat ik ze eens live gaan zien, want daar komt de maalstroom het best tot haar recht lijkt me. 26 september in Paradiso.