Hier kun je zien welke berichten Sir Spamalot als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
W.A.S.P. - W.A.S.P. (1984)
Alternatieve titel: Winged Assassins

3,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 16 mei 2009, 17:30 uur
O wat waren die mannen van W.A.S.P. stoer en wat voelden wij ons als fans stoer: fout imago, foute eerste single (Animal) en stoere muzikanten met een vuile bek. Op de originele lp-versie uit 1984 stond Animal zelfs niet op dit album: het werd onder druk van de platenmaatschappij verwijderd. Het verscheen in 1984 als single en in 1998 op de heruitgave van dit album.
In feite is dit gewoon de hardere versie van Twisted Sister: harde rock met een schreeuwlelijkerd als zanger. Nog steeds memorabele nummers blijven voor mij: I Wanna Be Somebody, L.O.V.E. Machine en The Flame, dat laatste raar maar waar want ik hou normaal gezien niet zo van dat type song. Gedrochten van dienst zijn B.A.D. en School Daze. De rest doet mij niets. Later heeft W.A.S.P. wel The Crimson Idol afgeleverd, een goed album, maar bassist en zanger Blackie Lawless is altijd al het brein geweest. Speelden hierop verder mee: Chris Holmes (gitaar), Randy Piper (gitaar) en Tony Richards (drums). Over de bonustracks (tracks 12 en 13) zeg ik zoals gewoonlijk niets
Ik heb dit album zo’n twintig jaar geleden omgeruild met een goede kameraad: hij kreeg dit album van W.A.S.P. en ik kreeg in ruil het debuut Burning Star van Helstar. Ik heb het me nooit beklaagd.
In feite is dit gewoon de hardere versie van Twisted Sister: harde rock met een schreeuwlelijkerd als zanger. Nog steeds memorabele nummers blijven voor mij: I Wanna Be Somebody, L.O.V.E. Machine en The Flame, dat laatste raar maar waar want ik hou normaal gezien niet zo van dat type song. Gedrochten van dienst zijn B.A.D. en School Daze. De rest doet mij niets. Later heeft W.A.S.P. wel The Crimson Idol afgeleverd, een goed album, maar bassist en zanger Blackie Lawless is altijd al het brein geweest. Speelden hierop verder mee: Chris Holmes (gitaar), Randy Piper (gitaar) en Tony Richards (drums). Over de bonustracks (tracks 12 en 13) zeg ik zoals gewoonlijk niets
Ik heb dit album zo’n twintig jaar geleden omgeruild met een goede kameraad: hij kreeg dit album van W.A.S.P. en ik kreeg in ruil het debuut Burning Star van Helstar. Ik heb het me nooit beklaagd.
Warbringer - Waking Into Nightmares (2009)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 26 februari 2011, 09:14 uur
Warbringer is een Amerikaanse Thrash groep uit Californië en goed anderhalf jaar geleden was ik eerder per ongeluk op dit album gebotst: binnenzitten, beetje surfen om de tijd te doden en dan opeens zie je dit album en lees je dat Gary Holt dit album heeft geproduceerd. Natuurlijk wordt de interesse dan gewekt, de vroege Exodus ken ik maar al te goed en ze zijn goed.
De productie is vaneigens dik in orde maar… het doet de hele tijd aan Exodus denken, zelfs de riffs en de solo’s. Veel variatie zit er niet tussen de nummers, wel veel tempowisselingen in de nummers zelf, maar met de juiste ingesteldheid (niet te veel nadenken maar gewoon beuken) is dit een meer dan bevredigend album. Nightmare Anatomy is de vreemde eend in de bijt, een instrumentaal rustpunt, maar dan dendert de losgeslagen trein verder. Tien nummers in veertig minuten, dat zijn nog eens tijden, kort en hevig, vettig en prettig en dat voor een album anno 2009. Weten wanneer je moet stoppen in ook een kunst. Severed Reality vind ik het beste nummer, gevolgd door Senseless Life.
De productie is vaneigens dik in orde maar… het doet de hele tijd aan Exodus denken, zelfs de riffs en de solo’s. Veel variatie zit er niet tussen de nummers, wel veel tempowisselingen in de nummers zelf, maar met de juiste ingesteldheid (niet te veel nadenken maar gewoon beuken) is dit een meer dan bevredigend album. Nightmare Anatomy is de vreemde eend in de bijt, een instrumentaal rustpunt, maar dan dendert de losgeslagen trein verder. Tien nummers in veertig minuten, dat zijn nog eens tijden, kort en hevig, vettig en prettig en dat voor een album anno 2009. Weten wanneer je moet stoppen in ook een kunst. Severed Reality vind ik het beste nummer, gevolgd door Senseless Life.
Warhead - Speedway (1984)

3,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 31 december 2009, 16:30 uur
Krakkemikkige productie van deze Belgische Speed Metal / Thrash Metal groep op dit debuutalbum, het blijft een typisch Mausoleum album hé! Acht nummers op een tijdspanne van 27 minuten, vandaag de dag noemen ze dit een EP of hoe de tijden veranderd zijn.
Net zoals bij het debuutalbum van de Brugse Metalgroep Acid uit 1982 kan ik maar zeggen dat een ferme ruk aan de volumeknop naar rechts altijd wonderen doet voor de beleving van een dergelijk album. Het is een heel leuke plaat om te draaien, gedateerd voor velen, luisterplezier voor mijzelf en hopelijk nog anderen na mij. Het motto is net zoals bij tijdgenoten Acid: uptempo nummers met vettig gitaarwerk, gedachten op nul en vlammen maar. Geen uitschieters noch diepe dalen, degelijk werk maar dat nummer Driver deed bij mij na al die jaren een lichte tinteling in de hersenen ontstaan.
In bezit niet op vinyl, niet op cd (heruitgave in 2002 met tweede en laatste album The Day After op één schijfje) maar op doodgewone cassette. Tapetrading, dat waren nog eens tijden!
Net zoals bij het debuutalbum van de Brugse Metalgroep Acid uit 1982 kan ik maar zeggen dat een ferme ruk aan de volumeknop naar rechts altijd wonderen doet voor de beleving van een dergelijk album. Het is een heel leuke plaat om te draaien, gedateerd voor velen, luisterplezier voor mijzelf en hopelijk nog anderen na mij. Het motto is net zoals bij tijdgenoten Acid: uptempo nummers met vettig gitaarwerk, gedachten op nul en vlammen maar. Geen uitschieters noch diepe dalen, degelijk werk maar dat nummer Driver deed bij mij na al die jaren een lichte tinteling in de hersenen ontstaan.
In bezit niet op vinyl, niet op cd (heruitgave in 2002 met tweede en laatste album The Day After op één schijfje) maar op doodgewone cassette. Tapetrading, dat waren nog eens tijden!
Warlock - Burning the Witches (1984)

2,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 21 juli 2009, 18:57 uur
Debuutalbum van deze Duitse groep met als frontvrouw Doro Pesch, in onze jonge jaren de natte droom van vele jonge puistige rockers. Ze had haar looks een beetje mee (jong, mooi, blond en zo alleen) maar haar zangprestaties waren en zijn niet om naar huis te schrijven. Het Duitse accent weze haar vergeven maar toonvastheid is ook niet aan haar besteed. Veel galm op de zang kan veel verbergen.
De muziek hierop is zeer, zeer, zeer middelmatig (heb ik al “zeer” gezegd) en eigenlijk nog alleen te pruimen tijdens de up-temponummers zoals opener Sign of Satan en Metal Racer. De rest is vandaag de dag verwaarloosbaar en uber-skipbaar: de ballad Without You is om van te gieren of zum kotzen – schrappen wat niet past.
Opvolger Hellbound was ook al niet veel soeps en het laatste album dat de naam Warlock nog mocht dragen, want vanaf dan was het al Frau Pesch die de klok sloeg of liever de platenmaatschappij die haar die klok liet slaan. Bah, weg ermee: twee keer beluisterd deze week, hierna vliegt deze in een donkere hoek want een derde keer zal te veel zijn.
De muziek hierop is zeer, zeer, zeer middelmatig (heb ik al “zeer” gezegd) en eigenlijk nog alleen te pruimen tijdens de up-temponummers zoals opener Sign of Satan en Metal Racer. De rest is vandaag de dag verwaarloosbaar en uber-skipbaar: de ballad Without You is om van te gieren of zum kotzen – schrappen wat niet past.
Opvolger Hellbound was ook al niet veel soeps en het laatste album dat de naam Warlock nog mocht dragen, want vanaf dan was het al Frau Pesch die de klok sloeg of liever de platenmaatschappij die haar die klok liet slaan. Bah, weg ermee: twee keer beluisterd deze week, hierna vliegt deze in een donkere hoek want een derde keer zal te veel zijn.
Warlock - Hellbound (1985)

2,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 22 februari 2009, 17:09 uur
In 1985 kwam deze Hellbound uit als opvolger van het debuut Burning the Witches en eigelijk staan hier maar twee nummers op die ik zo nog om de paar jaar wel eens wil draaien, op de platendraaier of op de mp3-speler: Hellbound en Down and Out. Hellbound is een lekker snelle opener met een duidelijk knipoog naar het betere werk van Accept en Out of Control vind ik bijna dertig jaar na datum nog altijd een heel knap nummer.
De rest van de nummers zijn echt standaard-super-cliché-dertien-in-een-dozijn hardrock nummers van een weliswaar strak spelende band maar met een zeer matige zangeres: wat je allemaal met galm op de zang kunt verbergen. Wil je je eens goed ergeren of stekende hoofdpijn voor de rest van de week hebben, luister dan maar eens naar afluister Catch My Heart… Over de teksten zullen we best maar zwijgen, want we zijn allemaal jong geweest. De achterkant van de hoes toont wel waarom we als jonge puistige pubers allemaal stiekem een beetje kalver-verliefd waren op Frau Pesch. Geen vetten, zullen we maar zeggen, maar toch blij dat ik deze nog eens van onder het stof heb gehaald, al was het maar om Out of Control.
Nog zo’n fait divers van een ouwe uitzakkende rocker: in ons geliefde West-Vlaanderen konden wij vroeger Channel Four op de tv ontvangen en daar had je iedere vrijdag een rockprogramma, de naam van het programma was “The Tube”. Daar heb ik ook eens Warlock live gezien (drie nummers dacht ik). Mevrouw Doro Pesch was toen wel een knappe verschijning maar het betere zangwerk was een beetje te hoog gegrepen. Een andere en betere zangeres zou een ruime voldoende opleveren.
De rest van de nummers zijn echt standaard-super-cliché-dertien-in-een-dozijn hardrock nummers van een weliswaar strak spelende band maar met een zeer matige zangeres: wat je allemaal met galm op de zang kunt verbergen. Wil je je eens goed ergeren of stekende hoofdpijn voor de rest van de week hebben, luister dan maar eens naar afluister Catch My Heart… Over de teksten zullen we best maar zwijgen, want we zijn allemaal jong geweest. De achterkant van de hoes toont wel waarom we als jonge puistige pubers allemaal stiekem een beetje kalver-verliefd waren op Frau Pesch. Geen vetten, zullen we maar zeggen, maar toch blij dat ik deze nog eens van onder het stof heb gehaald, al was het maar om Out of Control.
Nog zo’n fait divers van een ouwe uitzakkende rocker: in ons geliefde West-Vlaanderen konden wij vroeger Channel Four op de tv ontvangen en daar had je iedere vrijdag een rockprogramma, de naam van het programma was “The Tube”. Daar heb ik ook eens Warlock live gezien (drie nummers dacht ik). Mevrouw Doro Pesch was toen wel een knappe verschijning maar het betere zangwerk was een beetje te hoog gegrepen. Een andere en betere zangeres zou een ruime voldoende opleveren.
Warlord - ...And the Cannons of Destruction Have Begun (1984)

4,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 23 juli 2009, 10:48 uur
Na hun EP Deliver US (1983) kwam in 1984 het debuutalbum uit van deze Amerikaanse groep uit Los Angeles en wat voor een debuut. Ik heb deze destijds op cassette gehad en tot op het draadje versleten want ik was volledig verslingerd aan dit album, ook al omdat Queensrÿche met hun EP aan hun zegetocht waren begonnen.
In tegenstelling tot collega Joy en in overstemming met collega Ozwald hoor ik hier geen Metallica in, want Warlord was destijds muzikaal beter dan Metallica, zware uitspraak maar Warlord had betere muzikanten. Ze waren wel een voorloper op Dream Theater die vijf-zes jaar later hun debuut zouden uitbrengen. Wat heb ik moeten zoeken achter dit album, maar afgelopen nacht is het me eindelijk gelukt en ik kan me nog zo iedere noot en iedere break voor de geest halen. Voor mij zit dit album in mijn kop gegrift en eigenlijk verdient deze plaat veel meer aandacht.
Melodieuze metal in het straatje inderdaad van tijdgenoten Queensrÿche, dus ook de nodige aandacht voor de song maar met genoeg ruimte voor breaks (de invloed van de latere Fates Warning drummer Mark Zonder die hierop op een geweldige wijze meespeelt?). Geen enkel zwak moment op dit album, vandaar het uitzonderlijk gemiddelde maar ik als ik toch een nummer moet uitpikken uit het hoge kwaliteitsaanbod, dan is het Soliloquy. Wat kan een half uur voorbijvliegen!
In tegenstelling tot collega Joy en in overstemming met collega Ozwald hoor ik hier geen Metallica in, want Warlord was destijds muzikaal beter dan Metallica, zware uitspraak maar Warlord had betere muzikanten. Ze waren wel een voorloper op Dream Theater die vijf-zes jaar later hun debuut zouden uitbrengen. Wat heb ik moeten zoeken achter dit album, maar afgelopen nacht is het me eindelijk gelukt en ik kan me nog zo iedere noot en iedere break voor de geest halen. Voor mij zit dit album in mijn kop gegrift en eigenlijk verdient deze plaat veel meer aandacht.
Melodieuze metal in het straatje inderdaad van tijdgenoten Queensrÿche, dus ook de nodige aandacht voor de song maar met genoeg ruimte voor breaks (de invloed van de latere Fates Warning drummer Mark Zonder die hierop op een geweldige wijze meespeelt?). Geen enkel zwak moment op dit album, vandaar het uitzonderlijk gemiddelde maar ik als ik toch een nummer moet uitpikken uit het hoge kwaliteitsaanbod, dan is het Soliloquy. Wat kan een half uur voorbijvliegen!
Warlord - Best of Warlord (1989)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 11 mei 2014, 09:30 uur
Gisteren lag een andere verzamelaar van Warlord op de virtuele draaitafel, Thy Kingdom Come uit 1986. Ook hier is het efkes de tracklist bestuderen om een voorzichtige conclusie te trekken, de eerste zes nummers komen van de EP Deliver Us uit 1983, aangevuld met het nummer Mrs. Victoria en nummers van het debuutalbum And the Cannons of Destruction Have Begun uit 1984. Ik heb beide platen hoog zitten omwille van het hoge muzikale peil en een aantal geweldige nummers in progressieve US Power Metal stijl. Child of the Damned, iemand?
Gisteren vermeldde ik ook al dat er een overlap is qua nummers op hun diverse uitgaven (demo's, single, EP en album). Ook zijn er twee zangers, Damien King I op de EP, Damien King II op het album. Wat ik van de nummers op deze verzamelaar vind, kun je gerust terugvinden bij mijn commentaar bij EP en album. Warlord verdient bij mij de cultstatus, ook al door het geweldige drumwerk van Mark Zonder, later bekend van bij Fates Warning. Metal Archives vermeldt dat deze verzamelaar twee maal uitkwam, een eerste keer in 1989, een tweede keer in 1993 met een andere hoes: Warlord - Best of Warlord - Encyclopaedia Metallum: The Metal Archives - metal-archives.com. Best verwarrend soms.
Ik vind het voorlopig nog eerder de moeite om EP en album in huis te hebben, maar gezien de beschikbaarheid zal wellicht een verzamelaar zoals deze een oplossing moeten zijn. Sinds gisteren staat ook Anthology uit 2012 op de site, een dubbelaar die nog aan de beurt komt.
Gisteren vermeldde ik ook al dat er een overlap is qua nummers op hun diverse uitgaven (demo's, single, EP en album). Ook zijn er twee zangers, Damien King I op de EP, Damien King II op het album. Wat ik van de nummers op deze verzamelaar vind, kun je gerust terugvinden bij mijn commentaar bij EP en album. Warlord verdient bij mij de cultstatus, ook al door het geweldige drumwerk van Mark Zonder, later bekend van bij Fates Warning. Metal Archives vermeldt dat deze verzamelaar twee maal uitkwam, een eerste keer in 1989, een tweede keer in 1993 met een andere hoes: Warlord - Best of Warlord - Encyclopaedia Metallum: The Metal Archives - metal-archives.com. Best verwarrend soms.
Ik vind het voorlopig nog eerder de moeite om EP en album in huis te hebben, maar gezien de beschikbaarheid zal wellicht een verzamelaar zoals deze een oplossing moeten zijn. Sinds gisteren staat ook Anthology uit 2012 op de site, een dubbelaar die nog aan de beurt komt.
Warlord - Deliver Us (1983)

4,5
1
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 23 juli 2009, 15:04 uur
Voorganger op het geweldige debuut van een jaar later ... And the Canons of Destruction Have Begun, weliswaar met een andere zanger, Jack Rucker. Twee nummers van deze EP staan niet op het debuutalbum, namelijk Winter Tears en Penny for A Poor Man.
Ik kan het haast niet beter zeggen dan collega Germ: prachtige melodieuze metal met opmerkelijk drumwerk van Mark Zonder (later Fates Warning). De sporadische keyboards voegen echt iets toe, hoewel de nadruk blijft liggen op de song en het betere gitaarwerk. Child of the Damned is een geweldige beuker! Voor mij is deze EP minstens even genietbaar als die EP van Queensrÿche, uit hetzelfde jaar trouwens.
Ik kan het haast niet beter zeggen dan collega Germ: prachtige melodieuze metal met opmerkelijk drumwerk van Mark Zonder (later Fates Warning). De sporadische keyboards voegen echt iets toe, hoewel de nadruk blijft liggen op de song en het betere gitaarwerk. Child of the Damned is een geweldige beuker! Voor mij is deze EP minstens even genietbaar als die EP van Queensrÿche, uit hetzelfde jaar trouwens.
Warlord - Live in Athens 2013 (2015)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 21 november 2015, 06:54 uur
Bij mij heeft het Amerikaanse Warlord naam en faam gemaakt dank zij de EP Deliver Us uit 1983 en hun debuutalbum … And the Canons of Destruction Have Begun uit 1984. Neem maar eens een kijkje. In 2002 en 2013 komen nog eens twee albums uit en dan opeens dit livealbum. De verzamelalbums laten wij even buiten beschouwing.
Plaats en datum van de opnames is Athene op 28 april 2013 in Club Gagarin 205. Een blik op de tracklist levert op dat alle nummers van die EP en het debuutalbum (met uitzondering van Soliloquy) hierop staan en dan weten de kenners genoeg. Verder staan er nog drie nummers op van album twee Rising Out of the Ashes uit 2002 (War in Heaven, Winds of Thor en Achilles Revenge) en twee nummers van The Holy Empire uit 2013 (City Walls of Troy en Kill Zone). In de line-up vinden wij nog twee leden van het eerste uur, drummer Mark Zonder (ook Fates Warning) en gitarist William J. Tsamis. Uitstekende zanger van dienst is Giles Lavery (ook Dragonsclaw),
Door de toevoeging van een tweede gitarist (die dubbele gitaarlijnen!) en een toetsenspeler klinkt dit ongelooflijk goed en getrouw aan de originele versies. Krakers staan er genoeg op, vooral de legendarische nummers van EP en debuutalbum. Geweldig blijft nog altijd Child of the Damned. Het pakket bestaat uit een dvd en twee cd's op slechts 1.500 exemplaren, dus de jacht is open.
Plaats en datum van de opnames is Athene op 28 april 2013 in Club Gagarin 205. Een blik op de tracklist levert op dat alle nummers van die EP en het debuutalbum (met uitzondering van Soliloquy) hierop staan en dan weten de kenners genoeg. Verder staan er nog drie nummers op van album twee Rising Out of the Ashes uit 2002 (War in Heaven, Winds of Thor en Achilles Revenge) en twee nummers van The Holy Empire uit 2013 (City Walls of Troy en Kill Zone). In de line-up vinden wij nog twee leden van het eerste uur, drummer Mark Zonder (ook Fates Warning) en gitarist William J. Tsamis. Uitstekende zanger van dienst is Giles Lavery (ook Dragonsclaw),
Door de toevoeging van een tweede gitarist (die dubbele gitaarlijnen!) en een toetsenspeler klinkt dit ongelooflijk goed en getrouw aan de originele versies. Krakers staan er genoeg op, vooral de legendarische nummers van EP en debuutalbum. Geweldig blijft nog altijd Child of the Damned. Het pakket bestaat uit een dvd en twee cd's op slechts 1.500 exemplaren, dus de jacht is open.
Warlord - Thy Kingdom Come (1986)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 10 mei 2014, 16:22 uur
In 1983 bracht het Amerikaanse Warlord de EP Deliver Us uit met Jack Rucker (alias Damien King I) op zang, in 1984 volgde hun debuutalbum And the Cannons of Destructions Have Begun met Rick Cunningham (alias Damien King II) op zang. Beide platen zijn cultklassiekers bij de liefhebbers.
Dit is een compilatie van de beste nummers met twee nieuwigheden, Mrs. Victoria en Hands and Feet, dat laatste is een drumsolo van Mark Zonder (alias Thunder Child) die later naar Fates Warning zou verkassen. Vermits er een overlap qua nummers is op EP en album (en demo's en singles), is het nog efkes uitzoeken welke de versies van de bekende nummers zijn. Child of the Damned heeft na al die jaren nog niets aan kracht en schoonheid ingeboet.
Volgens mij hangt hier een verhaal aan vast want op het internet vind ik geen duidelijk antwoord over het bestaan van deze compilatie. Let tevens op de gelijkenis qua hoes tussen deze Thy Kingdom Come uit 1986 en Best of Warlord uit 1989: klik. Wie meer weet, mag het zeggen.
Dit is een compilatie van de beste nummers met twee nieuwigheden, Mrs. Victoria en Hands and Feet, dat laatste is een drumsolo van Mark Zonder (alias Thunder Child) die later naar Fates Warning zou verkassen. Vermits er een overlap qua nummers is op EP en album (en demo's en singles), is het nog efkes uitzoeken welke de versies van de bekende nummers zijn. Child of the Damned heeft na al die jaren nog niets aan kracht en schoonheid ingeboet.
Volgens mij hangt hier een verhaal aan vast want op het internet vind ik geen duidelijk antwoord over het bestaan van deze compilatie. Let tevens op de gelijkenis qua hoes tussen deze Thy Kingdom Come uit 1986 en Best of Warlord uit 1989: klik. Wie meer weet, mag het zeggen.
Warning - Métamorphose (1983)

3,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 3 september 2011, 09:55 uur
Derde en laatste album in drie jaar tijd van deze Franse Heavy Metal groep uit Parijs met een nieuwe zanger (Francis Petit) in de gelederen, verder met Christophe Aubert (gitaar), Michel Aymé (bass) en Gerald Manceau (drums). Didier Bernoussi (gitaar) heeft de groep verlaten, zo blijven ze met zijn vieren over.
Nieuwe zanger Francis Petit heeft krek dezelfde stemtimbre als zijn voorganger Raphael Garrido, dus tamelijk hoog, en hij zingt ook in het Frans. Deze derde is een meer dan logische voorzetting van het betere werk, voornamelijk de eerste helft, van hun vorig album. Weinig verrassing misschien, eerder consolidering. Het gitaargeluid vind ik iets minder prominent aanwezig maar gitarist Christophe Aubert laat wel degelijk horen dat hij het een en het ander kan op de overwegend uptempo songs. L’aveu is het langste en traagste nummer. Op Portrait-Robot hoor ik een prachtige gitaarsolo. L’accident vind ik buitengewoon zwak.
De tweede heb ik op vinyl, de eerste en deze derde staan op mijn wenslijst en het zal er nog van komen, zeker die derde. Het is iets minder rauw, maar de songs zijn beter uitgewerkt met één uitzondering en de heren muzikanten leveren een prima plaat af.
Nieuwe zanger Francis Petit heeft krek dezelfde stemtimbre als zijn voorganger Raphael Garrido, dus tamelijk hoog, en hij zingt ook in het Frans. Deze derde is een meer dan logische voorzetting van het betere werk, voornamelijk de eerste helft, van hun vorig album. Weinig verrassing misschien, eerder consolidering. Het gitaargeluid vind ik iets minder prominent aanwezig maar gitarist Christophe Aubert laat wel degelijk horen dat hij het een en het ander kan op de overwegend uptempo songs. L’aveu is het langste en traagste nummer. Op Portrait-Robot hoor ik een prachtige gitaarsolo. L’accident vind ik buitengewoon zwak.
De tweede heb ik op vinyl, de eerste en deze derde staan op mijn wenslijst en het zal er nog van komen, zeker die derde. Het is iets minder rauw, maar de songs zijn beter uitgewerkt met één uitzondering en de heren muzikanten leveren een prima plaat af.
Warning - Warning (1981)

3,5
1
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 4 juli 2010, 12:11 uur
Debuutalbum van dit Franse heavy metal gezelschap uit Parijs én één van de eerste albums die ik via tapetrading heb verkregen. Al die cassettes heb ik nog, hoewel een aantal ver van bespeelbaar meer zijn.
Ik geef even nog de line-up mee: Raphael Garrido (zang), Christophe Aubert (gitaar), Didier Bernoussi (gitaar), Alain Pernette (Bass) en Henry Barbut (drums). Twee afwisselend solerende gitaristen hebben altijd een streepje voor ten huize Spamalot en zeker als ze dan nog eens een aantal uptempo nummers spelen in de stijl van tijds- en landgenoten H-Bomb en Sortilège. Heel heldere productie (denk aan het geluid van de vroege Saxon) waar je ieder instrument klaar en duidelijk kunt horen, een zanger die de hogere regionen niet schuwt maar die gelukkig weet waar en wanneer hij moet doseren. Voor mij is hij het Franse broertje van Udo Dirkschneider (Accept, UDO). De teksten van de nummers zijn in het Frans, dus misschien een goede taaloefening voor zij die binnenkort naar het zwoele zuiden vertrekken op reis.
Mijn voorkeur gaat zoals meestal uit naar de snellere nummers (de eerste twee nummers) en nummer drie Le Casse vind ik een beetje saai. De andere nummers zijn degelijk maar te midtempo in mijn ogen, er staat tot mijn verbazing zelfs geen snelle afsluiter op.
Mijn fair toegekende drie is voor een stuk nostalgie uit mijn jeugd, niet alle hardrock kwam uit het Verenigd Koninkrijk, Duitsland of de US of A. Ze maakten nog twee albums: Warning II en Métamorphose. Die komen ook nog aan de beurt.
Ik geef even nog de line-up mee: Raphael Garrido (zang), Christophe Aubert (gitaar), Didier Bernoussi (gitaar), Alain Pernette (Bass) en Henry Barbut (drums). Twee afwisselend solerende gitaristen hebben altijd een streepje voor ten huize Spamalot en zeker als ze dan nog eens een aantal uptempo nummers spelen in de stijl van tijds- en landgenoten H-Bomb en Sortilège. Heel heldere productie (denk aan het geluid van de vroege Saxon) waar je ieder instrument klaar en duidelijk kunt horen, een zanger die de hogere regionen niet schuwt maar die gelukkig weet waar en wanneer hij moet doseren. Voor mij is hij het Franse broertje van Udo Dirkschneider (Accept, UDO). De teksten van de nummers zijn in het Frans, dus misschien een goede taaloefening voor zij die binnenkort naar het zwoele zuiden vertrekken op reis.
Mijn voorkeur gaat zoals meestal uit naar de snellere nummers (de eerste twee nummers) en nummer drie Le Casse vind ik een beetje saai. De andere nummers zijn degelijk maar te midtempo in mijn ogen, er staat tot mijn verbazing zelfs geen snelle afsluiter op.
Mijn fair toegekende drie is voor een stuk nostalgie uit mijn jeugd, niet alle hardrock kwam uit het Verenigd Koninkrijk, Duitsland of de US of A. Ze maakten nog twee albums: Warning II en Métamorphose. Die komen ook nog aan de beurt.
Warning - Warning (1982)

3,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 17 januari 2011, 21:11 uur
Tweede album van dit Frans heavy metal gezelschap uit Parijs en deze heb ik een tijdje geleden op vinyl kunnen binnendoen voor de redelijke prijs van 7,50 eurokes, de eerste en derde staan al lang op mijn verlanglijst en vind ze maar eens. Vroeger moest ik weinig tot niets weten van Franse metal ofwel was ik het stomweg vergeten, nu weet ik al iets beter. Stoere stalen arend op een old school platenhoes op rode achtergrond, duidelijker kan niet zijn wat hierop staat.
Zoals de traditie het vereist, geef ik de line-up mee: Raphael Garrido (zang), Christophe Aubert (gitaar), Didier Bernoussi (gitaar), Michel Aymé (bass) en Gerald Manceau (drums). In vergelijking met het debuut treden hier een andere drummer en bassist op.
Qua muziek kan ik hier kort en bondig zeggen, weinig verandering ten opzichte van het aardige debuut, eerder de bevestiging en een lichte verbetering. Het blijft gezapig gitaarwerk bevatten en de uptempo nummers dragen mijn goedkeuring weg: thumbs up voor Rock City, Commando en Fire Fire. Lichte thumbs down voor het ordinaire Série Noire (een beetje te veel AC/DC riffs naar mijn goesting). Dat was de A-kant. Op de B-kant mogen volgende nummers terugkeren: Speed-Moi en Planète Reverse. Strange Way of Love (Sixty Nine) krijgt een “buis” en Bahamas Memorial alsook Sexy Lubie een herexamen. De B-kant is toch voor mij minder memorabel. Voorkeur blijft voor de nummers waarin het vooruitgaat.
De zanger zingt in de taal van Molière maar met tekstvel erbij mag dit geen probleem vormen. Producer van dienst was Dieter Dirks, bekend van onder andere Accept waar hij ook de juiste groeven in het heerlijke vinyl perste. Michael Wagener deed de engineer-job samen met een voor mij onbekende Duitser. No-nonsense hard rock en/of old school metal van een bende Fransen die een beetje meer bekendheid mogen genieten.
Zoals de traditie het vereist, geef ik de line-up mee: Raphael Garrido (zang), Christophe Aubert (gitaar), Didier Bernoussi (gitaar), Michel Aymé (bass) en Gerald Manceau (drums). In vergelijking met het debuut treden hier een andere drummer en bassist op.
Qua muziek kan ik hier kort en bondig zeggen, weinig verandering ten opzichte van het aardige debuut, eerder de bevestiging en een lichte verbetering. Het blijft gezapig gitaarwerk bevatten en de uptempo nummers dragen mijn goedkeuring weg: thumbs up voor Rock City, Commando en Fire Fire. Lichte thumbs down voor het ordinaire Série Noire (een beetje te veel AC/DC riffs naar mijn goesting). Dat was de A-kant. Op de B-kant mogen volgende nummers terugkeren: Speed-Moi en Planète Reverse. Strange Way of Love (Sixty Nine) krijgt een “buis” en Bahamas Memorial alsook Sexy Lubie een herexamen. De B-kant is toch voor mij minder memorabel. Voorkeur blijft voor de nummers waarin het vooruitgaat.
De zanger zingt in de taal van Molière maar met tekstvel erbij mag dit geen probleem vormen. Producer van dienst was Dieter Dirks, bekend van onder andere Accept waar hij ook de juiste groeven in het heerlijke vinyl perste. Michael Wagener deed de engineer-job samen met een voor mij onbekende Duitser. No-nonsense hard rock en/of old school metal van een bende Fransen die een beetje meer bekendheid mogen genieten.
Warrior - Fighting for the Earth (1985)

3,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 3 mei 2009, 16:21 uur
Debuutalbum van deze band uit Los Angeles, in vele tijdschriften kwam deze hoog uit in de eindejaarslijstjes. Destijds vond ik dit zeker niet slecht maar ook zo speciaal niet. Nu pas begrijp ik een beetje waarom een aantal mensen dit goed vinden: er staan hier een aantal sterke nummers op, sterke directe productie en mooi gitaarwerk. Alle nummers werden geschreven door gitarist Joe Floyd met hier en daar teksten van zanger Parramore McCarthy. Beste nummers zijn voor mij Fighting the Earth, Only the Strong Survive en Mind over Matter. De rest vind ik nog steeds zo speciaal niet (vooral vanaf Cold Fire), enkel het gitaarwerk en de snellere nummers doen mij opveren. De foto’s van de groepsleden op de achterkant van de hoes blijf ik redelijk fout en hilarisch vinden.
Warrior - For Europe Only (1983)

3,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 10 mei 2014, 16:45 uur
Kijk je naar het land, naar het genre en naar het jaartal dan dwalen gedachten af naar de beruchte New Wave of British Heavy Metal (NwoBHM), in 1983 was men al het hoogtepunt voorbij, zo kort en krachtig was die Nieuwe Golf. Nieuwsgierigheid is toch gewekt.
Hoeveel keren is het volgende gebeurd? Een groep vrienden vormen een groepje en als het meezit, mogen ze de binnenkant van een studio zien om een EP en misschien een album te maken. Vele groepen verdwenen echter in de vergetelheid, een paar bereikten grote roem en soms werden de talenten weggeplukt door andere groepen of zochten ze zelf andere oorden op. Voorbeelden genoeg, me dunkt.
De muziek van deze vijf Britten is inderdaad niet spectaculair, gewoon degelijke Heavy Metal waarvan de korte tempoversnelling in het titelnummer mij nog het meest bijblijft maar de navolgende drumsolo niet. Waarom zet ik dan een bericht neer bij dit album? Vier van de vijf kwamen niet verder dan deze Warrior, eentje heeft het veel verder geschopt: drummer Sean Taylor ging na deze EP naar het eveneens Britse Satan!
Hoeveel keren is het volgende gebeurd? Een groep vrienden vormen een groepje en als het meezit, mogen ze de binnenkant van een studio zien om een EP en misschien een album te maken. Vele groepen verdwenen echter in de vergetelheid, een paar bereikten grote roem en soms werden de talenten weggeplukt door andere groepen of zochten ze zelf andere oorden op. Voorbeelden genoeg, me dunkt.
De muziek van deze vijf Britten is inderdaad niet spectaculair, gewoon degelijke Heavy Metal waarvan de korte tempoversnelling in het titelnummer mij nog het meest bijblijft maar de navolgende drumsolo niet. Waarom zet ik dan een bericht neer bij dit album? Vier van de vijf kwamen niet verder dan deze Warrior, eentje heeft het veel verder geschopt: drummer Sean Taylor ging na deze EP naar het eveneens Britse Satan!
Wayne - Metal Church (2001)

3,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 17 oktober 2009, 10:49 uur
Als originele zanger van Metal Church zong David Wayne de albums Metal Church (1985), The Dark (1986), Masterpeace (1999) en Live (2000) in. Je moet maar durven om je eerste en enige soloplaat Metal Church te noemen. Hij overleed trouwens in 2005.
De songs zijn heavy metal maar saai in mijn oren: ik mis de muzikanten van Metal Church en zeker Kirk Arrington want het drumwerk hierop is zo saai. Er staan hier wel stevige gitaarriffs op. De zang van David Wayne is gewoon hem, geen toonhoogte veranderd sinds zijn Metal Church dagen.
Mijn favoriet hierop is Burning at the Stake. Domper van dienst is Mississippi Queen . Herken de gelijkenissen qua zanglijnen tussen D.S.D. en Heaven and Hell van Black Sabbath. Aardig, gewoon aardig, niet meer niet minder. Ander bekend project van hem is de band Reverend.
De songs zijn heavy metal maar saai in mijn oren: ik mis de muzikanten van Metal Church en zeker Kirk Arrington want het drumwerk hierop is zo saai. Er staan hier wel stevige gitaarriffs op. De zang van David Wayne is gewoon hem, geen toonhoogte veranderd sinds zijn Metal Church dagen.
Mijn favoriet hierop is Burning at the Stake. Domper van dienst is Mississippi Queen . Herken de gelijkenissen qua zanglijnen tussen D.S.D. en Heaven and Hell van Black Sabbath. Aardig, gewoon aardig, niet meer niet minder. Ander bekend project van hem is de band Reverend.
Waysted - Waysted (1984)

3,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 27 december 2013, 18:45 uur
Wat kun je hier van zeggen? Als de vlag de lading niet dekt, dan dekt de hoes zeker de muziek niet. Ik herinner me na al die jaren beter de hoes dan de muziek, waardoor zou dat komen? Geef toe, ...
Waysted kan verwijzen naar het Engelse woord “wasted” maar wijst in dit geval hier naar bassist Pete Way, die vooral bekend is voor zijn basswerk bij UFO en voor zijn zuipwerk in het echte leven. Misschien kennen sommige onder jullie ook de groep Fastway waar hij nog heeft samengespeeld met Fast Eddie Clarke van Motörhead, hoewel op hun debuutalbum heeft hij nooit gespeeld want hij trapte het kort na de vorming van de groep af en vormde dan maar deze Waysted.
Is dit nu een EP, een mini-album of een echt album met zijn korte speelduur? Ik denk wel dat hij lang genoeg duurt want meer dan oeroude Hard Rock zul je hierop niet aantreffen, een mindere UFO. Cinderella Boys vind ik nog het levendigste nummer. Gitarist van dienst is Paul Raymond (ex-UFO), drummer is Andy Parker (ex-UFO). Weinig opvallend album dat volgens Wiki bij een heruitgave werd aangevuld met nog een aantal nummers. Discogs vermeldt vijf nummers bij de originele versie, vanaf dan is alles mogelijk. Vragen heb ik over de tracklist zoals die er nu bijstaat op MuMe.
Waysted kan verwijzen naar het Engelse woord “wasted” maar wijst in dit geval hier naar bassist Pete Way, die vooral bekend is voor zijn basswerk bij UFO en voor zijn zuipwerk in het echte leven. Misschien kennen sommige onder jullie ook de groep Fastway waar hij nog heeft samengespeeld met Fast Eddie Clarke van Motörhead, hoewel op hun debuutalbum heeft hij nooit gespeeld want hij trapte het kort na de vorming van de groep af en vormde dan maar deze Waysted.
Is dit nu een EP, een mini-album of een echt album met zijn korte speelduur? Ik denk wel dat hij lang genoeg duurt want meer dan oeroude Hard Rock zul je hierop niet aantreffen, een mindere UFO. Cinderella Boys vind ik nog het levendigste nummer. Gitarist van dienst is Paul Raymond (ex-UFO), drummer is Andy Parker (ex-UFO). Weinig opvallend album dat volgens Wiki bij een heruitgave werd aangevuld met nog een aantal nummers. Discogs vermeldt vijf nummers bij de originele versie, vanaf dan is alles mogelijk. Vragen heb ik over de tracklist zoals die er nu bijstaat op MuMe.
Westfalen - Westfalen (1985)

3,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 7 mei 2011, 15:09 uur
Uit ons Belgenland komen deze vijf heavy metal muzikanten. In 1983 nemen ze een demo op en in 1985 presenteren ze hun eerste en enige officiële plaat, deze EP, op Roadrunner dan nog.
Het titelnummer Devil’s Race is een speedmetalnummer in de beste Acid en Accept traditie. De overige nummers worden in een lager tempo ingespeeld. My Woman is het traagste en rustigste nummer op deze aardige EP.
De muziek vind ik nog goed in elkaar zitten, het geluid is prima en de zanger kan er mee door, hoewel ik weinig begrijp van wat hij zingt. EP’s, dat waren nog eens tijden.
Het titelnummer Devil’s Race is een speedmetalnummer in de beste Acid en Accept traditie. De overige nummers worden in een lager tempo ingespeeld. My Woman is het traagste en rustigste nummer op deze aardige EP.
De muziek vind ik nog goed in elkaar zitten, het geluid is prima en de zanger kan er mee door, hoewel ik weinig begrijp van wat hij zingt. EP’s, dat waren nog eens tijden.
White Heat - White Heat (1982)

3,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 8 november 2015, 10:21 uur
Ik weet niet uit welke Belgische stad dit vijftal afkomstig is want bitter weinig informatie vind ik op het wereldwijde web. Het heeft me een jaar heeft gekost om hun drie albums toegevoegd te krijgen, hun albums zijn moeilijk te vinden, dus vind maar eens aanvaardbare hoezen. Het is me dan toch gelukt.
Overwegend is dit Hard Rock met een aantal snuifjes Heavy Metal en een naar AC/DC neigend geluid, waarbij ik opmerk dat nummer acht Oh, Girl (correctie ingediend) niet op alle versies van dit album staat, niet op de originele versie van Lark, wel op de latere versies van Corona en Mausoleum. Oerdegelijk is het samenspel met hier en daar fikse gitaarsolo's, minder gecharmeerd ben ik door de schorre en vaak moeilijk verstaanbare zanger. Bijzonder leuk is het nummer Babbling Wind. Bijzonder AC/DC-achtig is Rock 'n' Roll Kick.
Van de vijf muzikanten is later niets meer vernomen behalve zanger Tigo “Tiger” Fawazi die in 1987-1988 nog bij het Nederlandse Sleeze Beez zong, debuutalbum Look Like Hell. Hun derde album Runnin' for Life uit 1985 komt ook nog aan de beurt, hun tweede album Krakatoa uit 1983 voorlopig nog niet, want ik vind die nergens. Dit debuutalbum heb ik al gezien op vinyl maar voor een te stevig centje.
Overwegend is dit Hard Rock met een aantal snuifjes Heavy Metal en een naar AC/DC neigend geluid, waarbij ik opmerk dat nummer acht Oh, Girl (correctie ingediend) niet op alle versies van dit album staat, niet op de originele versie van Lark, wel op de latere versies van Corona en Mausoleum. Oerdegelijk is het samenspel met hier en daar fikse gitaarsolo's, minder gecharmeerd ben ik door de schorre en vaak moeilijk verstaanbare zanger. Bijzonder leuk is het nummer Babbling Wind. Bijzonder AC/DC-achtig is Rock 'n' Roll Kick.
Van de vijf muzikanten is later niets meer vernomen behalve zanger Tigo “Tiger” Fawazi die in 1987-1988 nog bij het Nederlandse Sleeze Beez zong, debuutalbum Look Like Hell. Hun derde album Runnin' for Life uit 1985 komt ook nog aan de beurt, hun tweede album Krakatoa uit 1983 voorlopig nog niet, want ik vind die nergens. Dit debuutalbum heb ik al gezien op vinyl maar voor een te stevig centje.
White Lion - Fight to Survive (1985)

3,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 21 oktober 2009, 18:36 uur
Met gedeelde gevoelens heb ik deze eens een paar keren onder handen genomen, want de White Lion die ik me herinner (althans die hersencellen die nog werken) liet geen onvergetelijke indruk achter - kuch. Toch hoor ik op dit debuutalbum een redelijk rauwe hardrock met een zanger die me niet echt kan bekoren maar met redelijk standaard muziek en prima gitaarsolo's. Het is wel veel hetzelfde mid-tempo, ik hou nu op tijd en stond van een beetje meer vaart, en het prijsnummer is El Salvador. The Road tot Valhalla is de beruchte powerballad, dus voor mij geldt: rennen!
Whitesnake - Made in Japan (2013)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 14 december 2015, 17:40 uur
Lang heb ik niet getwijfeld bij de aankoop van dit pakket voor nog geen negen euro, zeker niet als deze Deluxe Edition bestaat uit 2 cd's en 1 dvd (weliswaar in een kartonnen gedoe). Afgelopen weekend heb ik de dvd (met matig interessante extra's) bekeken en en ik heb me heel goed vermaakt, in die mate dat het ontbreken van vele “klassiekers” mij weinig stoorde. Je kunt maar zoveel doen in vijf kwartier en het is de toer voor het prima album Forever More. Verdere info vind je hier: Made in Japan (Whitesnake album) - Wikipedia, the free encyclopedia - en.wikipedia.org. Tracklist van cd en dvd zijn dezelfde en er is nog een bonus-cd van dik veertig minuten.
Ik heb vooral genoten van de prestaties van een goede groep met twee ervaren gitaristen, een zanger die opvallend goed bij stem is en een maniak van een drummer. Beide gitaristen laten iets meer van hun kunnen horen tijdens Six String Showdown en bij het aankondigen van de drumsolo vreesde ik het ergste. Grappig was om drummer Briian Tichy (yep, zo geschreven) tijdens zijn solo bezig te zien met drumstokken, eetstokken, de blote handen en … twee vleesmessen welke hij gelukkig niet in het publiek wierp in tegenstelling tot de stokken. David Coverdale verraste mij nog het meest, vergeet niet, volgend jaar wordt hij ook 65 jaar. Misschien is het een en het ander bijgewerkt, wie weet want ook ik twijfelde soms bij de beelden. Het plezier bleef echter.
Wie mij kent, weet wat ik denk over de beruchte “bonus”, hier zijn dit de nummers 13 tot en met 20: het is een aardig bijkomstigheid. Mij is het altijd te doen over de hoofdmoot, de rest is meegenomen wanneer het geslaagd is. Mooie versies (vier elektrisch en vier akoestisch) staan hierop tijdens een Soundcheck, waarbij mijn eerdere twijfel over “DC” wordt weggenomen: zijn stem is rauwer maar nog altijd zo herkenbaar. Een klasbak noem ik hem. Zulke frontmannen worden alsmaar meer een rariteit, hij heeft die présence, de zangkwaliteiten en die Britse humor / flegma. Verschroeiend (en oerend hard) is de versie van Evil Ways.
Het visuele aspect van dit pakket helpt tijdens de overigens niet zo bijzondere solo's, het visuele aspect van dit pakket is verder van weinig belang want je ziet en hoort een goede groep spelen zonder poespas. Mooi livealbum dat niet mis staat in mijn huidige collectie. Whitesnake heeft zijn hoogten en dalen, maar hun livealbums kunnen mij wel bekoren. Volgens mijn bescheiden mening heb ik hiermee een goede koop gedaan.
Ik heb vooral genoten van de prestaties van een goede groep met twee ervaren gitaristen, een zanger die opvallend goed bij stem is en een maniak van een drummer. Beide gitaristen laten iets meer van hun kunnen horen tijdens Six String Showdown en bij het aankondigen van de drumsolo vreesde ik het ergste. Grappig was om drummer Briian Tichy (yep, zo geschreven) tijdens zijn solo bezig te zien met drumstokken, eetstokken, de blote handen en … twee vleesmessen welke hij gelukkig niet in het publiek wierp in tegenstelling tot de stokken. David Coverdale verraste mij nog het meest, vergeet niet, volgend jaar wordt hij ook 65 jaar. Misschien is het een en het ander bijgewerkt, wie weet want ook ik twijfelde soms bij de beelden. Het plezier bleef echter.
Wie mij kent, weet wat ik denk over de beruchte “bonus”, hier zijn dit de nummers 13 tot en met 20: het is een aardig bijkomstigheid. Mij is het altijd te doen over de hoofdmoot, de rest is meegenomen wanneer het geslaagd is. Mooie versies (vier elektrisch en vier akoestisch) staan hierop tijdens een Soundcheck, waarbij mijn eerdere twijfel over “DC” wordt weggenomen: zijn stem is rauwer maar nog altijd zo herkenbaar. Een klasbak noem ik hem. Zulke frontmannen worden alsmaar meer een rariteit, hij heeft die présence, de zangkwaliteiten en die Britse humor / flegma. Verschroeiend (en oerend hard) is de versie van Evil Ways.
Het visuele aspect van dit pakket helpt tijdens de overigens niet zo bijzondere solo's, het visuele aspect van dit pakket is verder van weinig belang want je ziet en hoort een goede groep spelen zonder poespas. Mooi livealbum dat niet mis staat in mijn huidige collectie. Whitesnake heeft zijn hoogten en dalen, maar hun livealbums kunnen mij wel bekoren. Volgens mijn bescheiden mening heb ik hiermee een goede koop gedaan.
Whitesnake - Ready An' Willing (1980)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 17 mei 2009, 10:12 uur
Schoon volk dat hier op het vierde Whitesnake album meespeelt: David Coverdale, Micky Moody, Bernie Marsden, John Lord, Neil Murray en Ian Paice. Whitesnake als vaandeldrager van de hardrock begin jaren tachtig, die mannen hadden een serieuze aanhang. Zo hoor ik Whitesnake het liefst, op dit album staan de mooiste nummers vooraan: Fool For Your Loving, Sweet Talker en Ready an’ Willing. Deze verschenen dan ook op het livealbum Live in the Heart of the City. Blindman is zoals collega M.Nieuweboer opmerkt verre van origineel, maar ik vind het wel een heel mooie song. Domper vind ik dan weer Love Man. Fool for Your Loving kreeg in 1989 een remake op het album Slip op the Tongue. She’s a Woman is wel een krachtige uptempo song. Aardig maar opvolger Come an’ Get It is iets beter.
Whitesnake - Slip of the Tongue (1989)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 30 januari 2010, 07:53 uur
Ik blijf twijfelen bij dit album ondanks mijn toegekende vier stemmen. De ene keer kan ik genieten van de muzikale vakmanschap van Vai en consoorten hoewel de ritmesectie van Aldridge en Sarzo degelijk maar onavontuurlijk is (ik heb er speciaal op gelet op aangeven van M.Nieuweboer). De andere keer kan ik me rot ergeren aan Steve Vai, werkelijk ieder mogelijk gaatje wordt nu volgespeeld, briljante muzikant maar je moet hem in toom houden. Een andere bron van ergernis is David Coverdale, niet zozeer op dit album waar hij zich soms geweldig moet forceren, maar op een bootleg van Donnington 1990 waar hij de zanglijnen van dit album live niet aankan. Hij is een bluesrock zanger maar hier moet hij soms dergelijk hoge uithalen doen die hij live niet waarmaakt. Natuurlijk klinkt dit allemaal goed en is het technisch perfect.
Voorganger "1987" was een lekkere maaltijd die je moeder met liefde en zorg de zondag klaarmaakt en met smaak opeet, Slip of the Tongue is een overdadig gastronomisch menu die je doet verlangen naar de zondag.
Voorganger "1987" was een lekkere maaltijd die je moeder met liefde en zorg de zondag klaarmaakt en met smaak opeet, Slip of the Tongue is een overdadig gastronomisch menu die je doet verlangen naar de zondag.
Whitesnake - Snakebite (1978)

3,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 2 mei 2009, 07:23 uur
In het eerste nummer Come On zingt hij zelfs "I'm just a Soldier of Fortune". Voor al de uitleg omtrent dit album bevat de wiki-link alle antwoorden. Zoals collega M.Nieuweboer al is dit "album" een samentrekking van de originele EP (1 t/m 4) en het soloalbum Northwinds van David Coverdale. Eigenlijk heb ik hetzelfde gevoel als mijn collega: saai, voorspelbaar en er vliegen geen gensters uit: middle of the road. Ain't No Love in the Heart of the City is blijkbaar een cover van Bobby Bland en dat wist ik ook niet. Het gitaarwerk en vooral de solo's van de heren Marsden en Moody kan ik wel smaken want later samen met John Sykes de ideale gitaristen voor Whitesnake geweest. De volgende platen zouden veel beter worden.
Wildfire - Brute Force and Ignorance (1983)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 21 september 2013, 16:42 uur
Dit zou wel eens één van de leukste platen ooit kunnen zijn, verschenen onder de auspiciën van het Belgische (Metal) Mausoleum label. Ze hebben een heel goede krachtige zuivere zanger in de persoon van Paul Mario Day (ex-Iron Maiden) maar de twee gitaristen schudden ook mooie solo’s uit hun mouw.
De songs bevatten de nodige pit maar vergeten niet de nodige melodie, zo kenmerkend voor NWoBHM. Een aantal songs hebben die onmiddellijk genietbare schwung en onvergetelijke hooks, mooiste voorbeeld hiervan is Lovelight. If I Tried dreigt in het begin even de verkeerde – lees powerballad – kant op te gaan maar verandert snel in opnieuw een stevig rockend nummer. Het label is misleidend, de albumtitel is heel misleidend voor dit prima melodieus en rockend album. Daar heeft men toch naast de bal gestampt. Gitaristen Martin Bushell en Jeff Summers krijgen een flinke “thumbs up” voor hun gitaarspel.
Ik ben voorlopig nog altijd de enige stemmer, laat daar snel verandering in komen. Die vier sterren daarentegen blijven staan, dat staat voor mij vast. Heeft niets met koppigheid te maken, ze krijgen van mij wat ze verdienen voor deze toffe plaat.
De songs bevatten de nodige pit maar vergeten niet de nodige melodie, zo kenmerkend voor NWoBHM. Een aantal songs hebben die onmiddellijk genietbare schwung en onvergetelijke hooks, mooiste voorbeeld hiervan is Lovelight. If I Tried dreigt in het begin even de verkeerde – lees powerballad – kant op te gaan maar verandert snel in opnieuw een stevig rockend nummer. Het label is misleidend, de albumtitel is heel misleidend voor dit prima melodieus en rockend album. Daar heeft men toch naast de bal gestampt. Gitaristen Martin Bushell en Jeff Summers krijgen een flinke “thumbs up” voor hun gitaarspel.
Ik ben voorlopig nog altijd de enige stemmer, laat daar snel verandering in komen. Die vier sterren daarentegen blijven staan, dat staat voor mij vast. Heeft niets met koppigheid te maken, ze krijgen van mij wat ze verdienen voor deze toffe plaat.
Winterfylleth - The Ghost of Heritage (2008)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 24 september 2013, 06:44 uur
Winterfylleth heb ik leren kennen via de topic Het Metal Album van de Week, waar hun tweede album werd voorgesteld met een goedkeurende knik van mij. Dit debuutalbum stond nog niet op de site en heb ik dan maar toegevoegd. Winterfylleth is de Oud-Engelse naam voor oktober, ik ben een weekje te vroeg met mijn bericht…
Gingen het tweede album The Mercian Sphere en het derde album The Threnody of Triumph nog ruim boven het uur, is dit album (versie negen nummers) veel korter maar nog steeds gevuld met sfeervolle epische black metal met verscheidenheid aan tempo’s en muzikale invulling. De zang is overwegend van het “ verre krijs-type” en kan vervelen, misschien maar beter dat er tevens twee akoestische instrumentale nummers op dit album staan met The March to Maldon, welke als soort intro dient tot Brithnoth: The Battle of Maldon (991 AD), en Guardian of the Herd, welke halverwege elektrisch wordt. Heb ik niet gehoord op dit album, denk ik toch: gitaarsolo’s. Ik heb ze ook niet gemist. Het gaat vooral om de sfeer en de loodzware riffs met lange instrumentale stukken. Als Britse Metal groep hebben ze een passie voor de geschiedenis van hun eiland welke ze hier als inspiratie gebruiken, de hoes van dit album mag er ook zijn. Zet er een heuvel of berg op en ik ben verkocht…
Nog een weetje van Metal Archives, originele versie 2008 Profound Lore Records met negen nummers, heruitgave 2012 Candlelight Recors met twee bonus tracks. Deze zijn The Ruin en The Honour of Good Men on the Path to Eternal Glory welke tevens werden heropgenomen voor hun tweede album. Ook Defending the Realm verscheen nog een keer op hun tweede.
Gingen het tweede album The Mercian Sphere en het derde album The Threnody of Triumph nog ruim boven het uur, is dit album (versie negen nummers) veel korter maar nog steeds gevuld met sfeervolle epische black metal met verscheidenheid aan tempo’s en muzikale invulling. De zang is overwegend van het “ verre krijs-type” en kan vervelen, misschien maar beter dat er tevens twee akoestische instrumentale nummers op dit album staan met The March to Maldon, welke als soort intro dient tot Brithnoth: The Battle of Maldon (991 AD), en Guardian of the Herd, welke halverwege elektrisch wordt. Heb ik niet gehoord op dit album, denk ik toch: gitaarsolo’s. Ik heb ze ook niet gemist. Het gaat vooral om de sfeer en de loodzware riffs met lange instrumentale stukken. Als Britse Metal groep hebben ze een passie voor de geschiedenis van hun eiland welke ze hier als inspiratie gebruiken, de hoes van dit album mag er ook zijn. Zet er een heuvel of berg op en ik ben verkocht…
Nog een weetje van Metal Archives, originele versie 2008 Profound Lore Records met negen nummers, heruitgave 2012 Candlelight Recors met twee bonus tracks. Deze zijn The Ruin en The Honour of Good Men on the Path to Eternal Glory welke tevens werden heropgenomen voor hun tweede album. Ook Defending the Realm verscheen nog een keer op hun tweede.
Winterfylleth - The Mercian Sphere (2010)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 30 januari 2011, 11:18 uur
Heel erg sfeervolle black metal plaat van deze groep uit Manchester en opnieuw een HMAvdW inzending van phantasia waar ik plezier aan heb beleefd. Ik heb ondertussen het debuut, The Ghost of Heritage (2008), toegevoegd aan de site.
Ik heb genoten van het epische karakter zoals hier en daar tentoongespreid door middel van bepaalde zanglijnen, bepaalde gitaarlijnen maar vooral de galopperende en zeer strakke drums. Met zijn 68 minuten zou dit een lange zit kunnen zijn, maar bij mijn herhaalde luisterbeurten heb ik me geen seconde afgevraagd: “hoe lang duurt dit nog?”.
Ik heb ook genoten van het old school aandoende karakter van dit album: lange instrumentale stukken met breaks hier en daar in de song, maar geen overdaad. Je hebt je basisriff in het begin, je schakelt over door middel van een break en je keert terug naar de beginriff. Dat heet een song met begin, midden en einde.
Ik heb geen gitaarsolo’s ontdekt op dit album (behalve dan misschien op nummer 7 To Find Solace alhoewel ik het niet echt een gitaarsolo vind) en ik heb ze niet gemist. Ik heb zelfs genoten van de aanwezige zang, de schreeuwerige zang kondigde zich weer aan als een specialleke maar het was verstaanbaar en het paste bij de muziek. Hier en daar, op een viertal nummers dacht ik, heb je flarden cleane zang, het beperkt zich echter tot ah en oh en de laatste twee zinnen van A Valley Thick with Oaks.
Hoogtepunten op dit album voor mij: de drums in het openingsnummer, de breaks in The Fields of Reckoning alsook The Honour of Good Men on the Path to Eternal Glory. De twee tien-minuten-nummers zijn heel mooi gedaan.
Twee instrumentale rustpunten op dit album: akoestische gitaar en viool op Children of the Stones (prachtig gedaan) en akoestische gitaren op When the Woods Were Young. Minste nummer vind ik The Ruin. Ik heb dit een aantal keren gevolgd met de digitale teksten voor mijn neus en dit droeg zeker bij tot mijn beleving van dit album.
Nummer tien Defending the Realm is een heropgenomen versie van het gelijknamige nummer van het debuutalbum en vind ik hier ietwat overbodig. Dit is opnieuw een album van phantasia dat een plaatsje zal opeisen in mijn toekomstige top tien van de derde ronde. Zie ik deze liggen, is het de mijne.
Ik heb genoten van het epische karakter zoals hier en daar tentoongespreid door middel van bepaalde zanglijnen, bepaalde gitaarlijnen maar vooral de galopperende en zeer strakke drums. Met zijn 68 minuten zou dit een lange zit kunnen zijn, maar bij mijn herhaalde luisterbeurten heb ik me geen seconde afgevraagd: “hoe lang duurt dit nog?”.
Ik heb ook genoten van het old school aandoende karakter van dit album: lange instrumentale stukken met breaks hier en daar in de song, maar geen overdaad. Je hebt je basisriff in het begin, je schakelt over door middel van een break en je keert terug naar de beginriff. Dat heet een song met begin, midden en einde.
Ik heb geen gitaarsolo’s ontdekt op dit album (behalve dan misschien op nummer 7 To Find Solace alhoewel ik het niet echt een gitaarsolo vind) en ik heb ze niet gemist. Ik heb zelfs genoten van de aanwezige zang, de schreeuwerige zang kondigde zich weer aan als een specialleke maar het was verstaanbaar en het paste bij de muziek. Hier en daar, op een viertal nummers dacht ik, heb je flarden cleane zang, het beperkt zich echter tot ah en oh en de laatste twee zinnen van A Valley Thick with Oaks.
Hoogtepunten op dit album voor mij: de drums in het openingsnummer, de breaks in The Fields of Reckoning alsook The Honour of Good Men on the Path to Eternal Glory. De twee tien-minuten-nummers zijn heel mooi gedaan.
Twee instrumentale rustpunten op dit album: akoestische gitaar en viool op Children of the Stones (prachtig gedaan) en akoestische gitaren op When the Woods Were Young. Minste nummer vind ik The Ruin. Ik heb dit een aantal keren gevolgd met de digitale teksten voor mijn neus en dit droeg zeker bij tot mijn beleving van dit album.
Nummer tien Defending the Realm is een heropgenomen versie van het gelijknamige nummer van het debuutalbum en vind ik hier ietwat overbodig. Dit is opnieuw een album van phantasia dat een plaatsje zal opeisen in mijn toekomstige top tien van de derde ronde. Zie ik deze liggen, is het de mijne.
Wishbone Ash - Coat of Arms (2020)

4,0
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 21 december 2020, 18:49 uur
Album zevenentwintig van deze Britse veteranen (oprichting in 1969!) toont nog maar eens aan dat er heel veel meer bij hen te beleven valt dan het “A-album” uit 1972, hoewel het openingsnummer door zijn stevig karakter een aantal mensen op het verkeerde been kan zetten.
Daarna hoor je een opeenvolging van speelse, vaak progressieve, frisse Rock nummers waarin nog altijd die fantastisch klinkende gitaren de hoofdvogel afschieten met folky elementen. Een eerste hoogtepunt vind ik Empty Man met zijn levensbeschouwende teksten en heerlijk eindstuk met akoestische gitaarsolo. Een misser is de cheesy ballad Floreana, komt ook te vroeg in de plaat en verstoort bij mij de veelbelovende flow van de eerste drie nummers. Gelukkig wordt de draad nadien opgepikt en stijgt het niveau althans tot en met nummer 9 Déjà Vu, de laatste twee nummers bevallen mij ook niet zo, zonder die twee hadden wij ongeveer 49 minuten, haast ideaal tegen de Gulden Snede van drie kwartier aanschurkend. Ik wijs nog even op het prachtig middengedeelte van It’s Only You I See en op de crowdpleaser Back in the Day.
Wat valt er nog te zeggen over Wishbone Ash? Mooie, lange, nog altijd voortdurende carrière beleven ze zonder de grotere successen en misschien ook naambekendheid uit het verleden maar met Coat of Arms bevestigen zij hun plaats in de Rock geschiedenis... en die gitaren klinken zo scherp maar rustgevend en warm. Ideale plaat bij een glas wijn en kaarslicht, cocoonen.
Postscriptum. Nummer negen heet Déjà Vu maar op mijn cd speler verschijnt de titel Consider Me Now, ik heb deze versie: Wishbone Ash - Coat Of Arms (2020, Digipak, CD) | Discogs. Net zoals Argus zie ik ook alles...
Daarna hoor je een opeenvolging van speelse, vaak progressieve, frisse Rock nummers waarin nog altijd die fantastisch klinkende gitaren de hoofdvogel afschieten met folky elementen. Een eerste hoogtepunt vind ik Empty Man met zijn levensbeschouwende teksten en heerlijk eindstuk met akoestische gitaarsolo. Een misser is de cheesy ballad Floreana, komt ook te vroeg in de plaat en verstoort bij mij de veelbelovende flow van de eerste drie nummers. Gelukkig wordt de draad nadien opgepikt en stijgt het niveau althans tot en met nummer 9 Déjà Vu, de laatste twee nummers bevallen mij ook niet zo, zonder die twee hadden wij ongeveer 49 minuten, haast ideaal tegen de Gulden Snede van drie kwartier aanschurkend. Ik wijs nog even op het prachtig middengedeelte van It’s Only You I See en op de crowdpleaser Back in the Day.
Wat valt er nog te zeggen over Wishbone Ash? Mooie, lange, nog altijd voortdurende carrière beleven ze zonder de grotere successen en misschien ook naambekendheid uit het verleden maar met Coat of Arms bevestigen zij hun plaats in de Rock geschiedenis... en die gitaren klinken zo scherp maar rustgevend en warm. Ideale plaat bij een glas wijn en kaarslicht, cocoonen.
Postscriptum. Nummer negen heet Déjà Vu maar op mijn cd speler verschijnt de titel Consider Me Now, ik heb deze versie: Wishbone Ash - Coat Of Arms (2020, Digipak, CD) | Discogs. Net zoals Argus zie ik ook alles...
Wishbone Ash - Live at Rockpalast 1976 (2019)

3,5
0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 26 december 2020, 08:53 uur
Ondertussen heb ik dit al een paar keren kunnen beluisteren om zeker te zijn van mijn niet al te hoge score. Dat ligt heel zeker niet aan de uitvoering van de heren van Wishbone Ash Mk. II, dat ligt nog minder aan de samenstelling van de setlist waaronder vier nummers van Argus en vijf nummers van het album New England, waarvoor men toen toerde.
Het ligt aan het geluid hiervan, waardoor ik vermoed dat de oorspronkelijke tv opnames zonder te veel poespas rechtstreeks op cd / dubbel vinyl zijn gegooid. Waarom denk ik dat? Vóór het eerste nummer hoor je de titelmuziek van Rockpalast (Believe in Me van The J. Geils Band) en het totaalgeluid komt als uit een mono radio of tv (niet vergeten dat het toen 1976 was). Het resultaat is een groep die een uitstekend concert geeft maar het geluid en hierdoor de beleving is... nogal dof.
Het ligt aan het geluid hiervan, waardoor ik vermoed dat de oorspronkelijke tv opnames zonder te veel poespas rechtstreeks op cd / dubbel vinyl zijn gegooid. Waarom denk ik dat? Vóór het eerste nummer hoor je de titelmuziek van Rockpalast (Believe in Me van The J. Geils Band) en het totaalgeluid komt als uit een mono radio of tv (niet vergeten dat het toen 1976 was). Het resultaat is een groep die een uitstekend concert geeft maar het geluid en hierdoor de beleving is... nogal dof.
Wishbone Ash - Live at the Grand (2010)
Alternatieve titel: Road Works Volume 1

4,0
1
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 2 januari 2016, 10:57 uur
Tijdens een speurtocht op diverse webwinkels viel mijn oog op de box Road Works uit 2015 welke vier cd's bevat die hier afzonderlijk op de site staan: Live at the Grand (2010), Live in Hamburg (2011), Live in Germany (2013) en Live at Ashcon '14 (2014). Deze livealbums waren voorheen en zijn nog altijd te downloaden op hun pagina op Bandcamp: Roadworks Vol 1 - Live at the Grand | Wishbone Ash - wishboneash.bandcamp.com, vandaar de datums tussen haakjes.
Plaats en datum van deze opnames zijn 13 oktober 2010 in The Grand, Clitheroe, een zaal in Groot-Brittannië. Line-up bestaat uit Andy Powell (zang en gitaar), Muddy Manninen (gitaar), Bob Skeat (bass) en Joe Crabtree (drums). Hieronder nog eens een ontleding van de setlist:
1. You See Red (1978 - No Smoke without Fire)
2. The Power (2007 - The Power of Eternity)
3. Driving a Wedge (2007 - The Power of Eternity)
4. In Crisis (2007 - The Power of Eternity)
5. Rock 'n' Roll Widow (1973 - Wishbone Four)
6. Can't Go It Alone (2011 - Elegant Stealth)
7. F.U.B.B. (1974 - There's the Rub)
8. Lady Jay (1974 - There's the Rub)
9. Lullaby (1971 - Pilgrimage)
10. Jail Bait (1971 - Pilgrimage)
Twee dingen vallen op: geen nummers van de albums Wishbone Ash en Argus, alsook een vroege versie van Can't Go It Alone, welke pas een jaar later “regulier” verscheen. Geruststellend is het prachtig open geluid alsook de dubbele gitaarpartijen en denk ik vaak: “Zo klinkt een gitaar echt!”. Nog even vermelden dat de volledige box voor heel aardige prijzen te koop is, zo rond de vijftien euro, hoewel ik vermoed dat de afzonderlijke cd's in kartonnen hoesjes zitten. Op Spotify staan deze opnames ook.
Plaats en datum van deze opnames zijn 13 oktober 2010 in The Grand, Clitheroe, een zaal in Groot-Brittannië. Line-up bestaat uit Andy Powell (zang en gitaar), Muddy Manninen (gitaar), Bob Skeat (bass) en Joe Crabtree (drums). Hieronder nog eens een ontleding van de setlist:
1. You See Red (1978 - No Smoke without Fire)
2. The Power (2007 - The Power of Eternity)
3. Driving a Wedge (2007 - The Power of Eternity)
4. In Crisis (2007 - The Power of Eternity)
5. Rock 'n' Roll Widow (1973 - Wishbone Four)
6. Can't Go It Alone (2011 - Elegant Stealth)
7. F.U.B.B. (1974 - There's the Rub)
8. Lady Jay (1974 - There's the Rub)
9. Lullaby (1971 - Pilgrimage)
10. Jail Bait (1971 - Pilgrimage)
Twee dingen vallen op: geen nummers van de albums Wishbone Ash en Argus, alsook een vroege versie van Can't Go It Alone, welke pas een jaar later “regulier” verscheen. Geruststellend is het prachtig open geluid alsook de dubbele gitaarpartijen en denk ik vaak: “Zo klinkt een gitaar echt!”. Nog even vermelden dat de volledige box voor heel aardige prijzen te koop is, zo rond de vijftien euro, hoewel ik vermoed dat de afzonderlijke cd's in kartonnen hoesjes zitten. Op Spotify staan deze opnames ook.
