MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Lura als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

LenA - Different Songs (2023)

poster
4,5
Twee jaar terug debuteerde singer-songwriter Lena Wauters pas op achtenvijftigjarige leeftijd met het fraaie Here and Beyond. Ze kreeg hierop naast van producer H.t. Roberts (aka Herman Temmerman) hulp van zoonlief Dennis Koornstra, en van bekende namen uit de Belgische rootsscene als Pascale Michiels, Bruno DeNeckere en Dirk Frijns. Op het eerste album was het nog zoeken naar welke stijlen het beste bij haar liedjes hoorden.

De nieuwe dubbelcd Different Songs weerspiegelt volgens LenA veel beter wie zij is. Het startpunt vormde in de studio haar gitaar en haar (backing) vocals. Het vocale deel van de songs werden gearrangeerd door Lena zelf en het muzikale deel door Herman. Herman heeft haar aangemoedigd om uit haar comfortzone te komen. Vandaar dat Lena een groot deel van de instrumenten zelf bespeeld heeft op Different Songs. Naast gitaar speelt ze de nodige (uitheemse) percussie instrumenten, piano, mondharp, glockenspiel en melodica. Laatstgenoemde instrument geeft de opener en titelsong een heerlijke reggaevibe.

Ze kreeg vooral verder muzikale hulp van Dirk Frijns. Jammer genoeg is het relaxte gitaarspel van zoonlief Dennis slechts op een nummer te horen. De fraaie solo in The City With No Name is van hem. De ingetogen liedjes zijn over het algemeen, op enkele na, vrij recent geschreven. De songs zijn vrij persoonlijk en geven een inkijk hoe ze in het leven staat. Het repertoire is van een constant hoog niveau, waarvan The River mijn grote favoriet is. Het ruim 66 minuten durende Different Songs is een grote stap voorwaarts ten opzichte van het reeds fraaie debuutalbum Here and Beyond. Het artwork is van haar goede vriend Wim Dhaemer. Het album is bij haarzelf te koop en binnenkort ook via Bol.

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

LenA - Here and Beyond (2021)

poster
4,5
Momenteel barst het in België van het (piep)jonge muzikale talent. Sommige anderen nemen langer de tijd om in de openbaarheid te treden, zoals de achtenvijftigjarige folkzangeres Lena Wauters uit Opwijk (nabij Brussel). Dat had diverse redenen. Eerst had Lena een tijdlang diverse administratieve banen, vervolgens besteedde ze haar tijd aan het opvoeden van haar drie zonen. Na haar scheiding begon ze op de luchthaven te werken, totdat ze in 2010 ziek werd en de diagnose chronische vermoeidheidssyndroom kreeg.

Intussen is ze uit dat diepe dal gekropen en werkt nu als gedragsbegeleidster voor honden en katten. Grootste struikelblok voor een muzikale carrière vormde echter haar grote bescheidenheid. Enige jaren geleden wist haar vriend haar uiteindelijk te overtuigen om contact te zoeken met Herman Temmerman (aka Ht Roberts, H.T. Roberts). Tot haar grote verrassing hapte hij toe om haar muziek te gaan produceren.

Toch duurde het door Corona nog wat langer voordat dit debuutalbum Here and Beyond is verschenen. Het album werd opgenomen in de Latemse Kluis van kunstverzamelaar Herman De Bode in het pittoreske kunstenaarsdorp Sint-Martens-Latem. Naast door Herman wordt Lena niet door de minsten begeleid, Pascale Michiels (Billy & Bloomfish, The Rielemans Family en Blues Angels) en Bruno Deneckere zijn bekende namen waarmee Herman vaker samenwerkt. Daarnaast kreeg ze ook nog hulp van Dirk Fryns op elektrische piano en van zoonlief Dennis Koornstra op elektrische gitaar.

Here and Beyond bevat een veertiental uitstekende liedjes, die door de geweldige begeleiders naar een nog hoger niveau worden getild. Liedjes die regelmatig over haar gevoelens gaan, zoals de titelsong dat gaat over het elkaar aanvoelen op een manier die niet uit te drukken is met woorden. Het prachtige The Room haalde overigens bijna niet het album. Lena hierover : “The Room stond er bijna niet op! Ik bleef maar twijfelen over dat nummer, voelde me er niet goed bij, maar Herman bleef maar zeggen dat hij het jammer zou vinden, want hij vond dat juist een heel goed nummer. Dus heb ik naar hem geluisterd, hebben we extra lang gezocht tot we het goed kregen en ik me er goed bij voelde en dat is gelukt.”.

Haar zoon Dennis Koornstra (Colorblind) was mij overigens ook onbekend, maar steelt af en toe de show met zijn uiterst relaxte gitaarspel (Vooral in Ready en in slotakkoord Never Forgotten). Here and Beyond bewijst dat je ook op latere leeftijd je muzikale dromen op overtuigende wijze kan waarmaken!

Lenny Kuhr - Lenny Kuhr (2022)

poster
4,0
In mei vorig jaar was Lenny Kuhr door het Songfestival in Rotterdam weer trending topic. De oud-songfestivalwinnares vertelde toen in een talkshow bij Max enthousiast dat ze een album ging opnemen met producer Frans Hagenaars en arrangeur Reyer Zwart (bekend van oa VanWijck, Yorick van Norden, Alex Roeka en Danny Vera).

Jaren geleden nam Hagenaars al eens een lied op met Kuhr en dat beviel zo goed dat ze afspraken ooit nog eens een plaat te maken. Helaas verwaterde dat plan tot de twee elkaar toevallig aan de telefoon kregen en de knoop voor het maken van een album alsnog doorhakten. Alleen al door de verschillende karakters en achtergronden van de betrokkenen is het een bijzondere samenwerking.

Het uitgangspunt voor haar drieëndertigste album Lenny Kuhr werd de rijkelijk gearrangeerde klassieker Dusty in Memphis van Dusty Springfield. Een album dat stamt uit 1969, het jaar dat Lenny het songfestival won. Haar laatste, in eigen beheer, uitgebrachte platen waren meer bestemd voor het theater. Hagenaars en Zwart wilden een andere plaat maken, Lenny moest weer de zangeres worden die voor één luisteraar staat te zingen.

Lenny werd opnieuw weer volledig in het diepe gegooid. Ze kreeg te maken met voor haar onbekende muzikanten en instrumenten die haar al jaren niet meer hadden begeleid: drums, elektrische gitaren, strijkers, trompetten tot aan een kermisachtig orgel. Ze kreeg enkele songs aangeboden van niet de minsten.

De excellente opener In Mijn Boek is van de hand van labelgenoot Spinvis, die dit keer geen mysterieuze, vage tekst aflevert, maar een met kop en staart. Muzikaal herinnert het ook meteen aan Springfields klassieker. Nog meer op het lijf van Lenny geschreven lijkt de bijdrage/ode van Stef Bos, Nog Steeds een Troubadour. De prachtig tekst balt samen waarvoor Lenny al meer dan vijftig jaar staat :

Ik ben nog steeds een troubadour
Ik zoek nog altijd naar een lied
Zoek nog altijd naar de woorden
Voor wat ik voel en wat ik zie
Ik wil een licht zijn in het donker
Tussen alle haat en nijd
Want we gaan allemaal voorbij
En alleen de liefde blijft

Ik ben nog steeds een troubadour
Ik kom, ik zing en ik verdwijn
En al ben ik soms onzichtbaar
In de maalstroom van de tijd
Ik ben mijn eigen weg gegaan
Langs geluk en langs verdriet
Ik kan tevreden zijn met weinig
Maar kan niet zonder de muziek

Het wat stevigere Zonder Geluid werd geschreven door Lenny’s dochter Daphna op een tekst van haar overleden stiefvader Herman Pieter de Boer. Ooit de tekstleverancier van Lenny’s grootste hit Visite. Hoe Ik Weet Dat Je Er Bent is oorspronkelijk ook een liedje van Daphna, Lenny schreef er samen met haar man Rob Frank een Nederlandse tekst voor.

De wind wordt door Elke Vierveijzer als een metafoor gebruikt voor de onvoorspelbare wendingen dat een leven kan nemen in Het Komt Zoals het Komt, de prachtige muziek is van Lenny zelf. Samen met Joris Vincken schreef Lenny het aanstekelijke, goed in het gehoor liggende Met de Minste Weerstand.

Het gedragen Met Lege Handen, met een poëtische tekst van Elke Vierveijzer, komt diep binnen. De prachtige, soms wat vervreemdend aandoende pianoballade Steeds Weer Breken is van Reyer Zwart op een tekst van Hein Stufkens. Dierbaar is nog een geslaagd lied van het schrijversduo Kuhr/Vincken.

Heel bescheiden sluit Lenny af met twee door haar alleen geschreven liedjes, Terug op Mijn Blote Voeten en Sarah. Zeker niet de minste nummers. Eerstgenoemde liedje had wel wat tijd bij mij nodig om volledig te landen. Een waardige afsluiter is Sarah, waarin Lenny op een eerlijke, nuchtere, bespiegelende manier terugblikt op haar leven tot dusver en daarbij haar zegeningen telt.

Eerlijk gezegd kende ik Lenny tot nu toe alleen van haar liedjes De Troubadour en Visite, Lenny Kuhr is voor mij buitengewoon aangenaam en verrassend album. Een album dat volgens mij een geheel nieuw publiek zal gaan aanboren.

De albumpresentatie staat gepland voor woensdagmiddag 26 januari in Paradiso en zal haar verder brengen langs bekende luisterpodia, waaronder De Amer, Het Rozenknopje, Museum en Beeldentuin Nic Jonk en het Witte Kerkje. De grote knaller zal echter 17 november plaatsvinden, wanneer ze deelneemt aan Het Grote Songfestivalfeest in de Ziggo Dome. Voor alle data zie haar website.

Levi Cuss - Night Thief (2014)

poster
4,5
Tussen Levi Cuss en Nessi Gomes bestaat een opmerkelijke parallel. Beiden vonden stabiliteit in hun leven in Costa Rica.

Het levenspad van Levi Cuss is er niet bepaald eentje van rozengeur en maneschijn. Hij werd alleen opgevoed door zijn moeder, doordat zijn vader overleed toen hij vijf was. Zijn moeder werkte hard, maar had daarnaast ook een druk sociaal leven waardoor ze veel op feestjes rondhing. Niet bepaald de ideale gezinssituatie dus.

Cuss ontspoorde reeds op jonge leeftijd, raakte verslaafd aan drank en drugs. Ook kwam hij in het criminele circuit terecht en spendeerde hierdoor een periode achter tralies. Dit verblijf had gelukkig het gewenste effect op hem en bracht hem op het rechte pad.

Hij trouwde en verhuisde met zijn vrouw naar Costa Rica. Daar onderging hij een therapie om zijn agressie te onderdrukken en begon yoga te beoefenen. Helaas hield het huwelijk niet stand en verhuisde hij weer naar Canada en vond troost in het schrijven van liedjes.

Night Thief is inmiddels zijn tweede album en reeds in oktober 2014 uitgekomen, maar krijgt in Engeland in maart een heruitgave vanwege zijn komende toer daar. Cuss wist Steve Dawson te overtuigen om het album te produceren, een uitermate goede keuze. De cd werd opgenomen in de Hen House studio van Dawson.

Dawson is niet alleen de producer maar neemt ook een groot aantal instrumenten voor zijn rekening. Met name zijn bijdrages op gitaar zijn bijzonder fraai en tillen het toch al hoge niveau nog verder de hoogte in.

Zelf omschrijft Cuss zijn songs als “an honest look at struggle”. Het zijn eerlijke observaties van zijn eigen leven. Zo gaat Divide over zijn dominante en egoïstische ex-vrouw. Het ontroerende Grandma is een ode aan zijn oma. Hij had een zeer goede band met haar en bezocht haar trouw iedere zondag met zijn kinderen.

Hij schreef dit liedje op het moment dat zijn oma aan longkanker leed. Gelukkig had hij het een week voor haar dood af en heeft ze het nog kunnen horen. Met deze wetenschap hakt de regel “Grandma don’t say goodbye just wanna visit one more time” er behoorlijk in. Het is overigens een bijzonder aanstekelijk liedje.

Alle songs zijn van eigen hand, op de spetterende cover na van Bringing It Back van JJ Cale, een van zijn helden naast Townes van Zandt en Jason Isbell. Zijn debuut It’s War en de opvolger zijn rechtstreeks te koop bij hemzelf via mail : [email protected].

Het wordt hoog tijd dat Levi Cuss naar Nederland komt voor concerten, want Night Thief is eerlijke en openhartige Canamericana van de bovenste plank.

Leyla McCalla - A Day for the Hunter, a Day for the Prey (2016)

poster
5,0
Het is alweer drie jaar geleden dat Leyla McCalla haar zeer overtuigende debuutalbum Vari-colored Songs uitbracht. Het was grotendeels een eerbetoon aan Langston Hughes. Leyla kreeg van haar ouders een aantal dichtbundels van hem in haar jeugd.

Veel van die gedichten zijn politiek getint en hebben veelal betrekking op rassenproblemen. Zeven van zijn gedichten zette zij op muziek, waaronder het zeer beklijvende Song for a Dark Girl. Verder kwamen ook een aantal traditionals voorbij, waaronder een paar afkomstig uit Haïti, het land waar haar ouders vandaan komen.

De titel van de nieuwe cd is overigens een Haïtiaans spreekwoord, maar ook de titel van het boek wat in 1997 verscheen van muzieketnoloog Gage Averill. Het handelt over het wel en wee van Haïtiaanse vluchtelingen.

A Day for the Hunter, a Day for the Prey is ook de naam van de opvallende openingstrack op deze nieuwe schijf. Vooral opvallend door de wijze waarop Leyla haar cello bespeelt, ritmisch tikkend met haar strijkstok op de snaren.

Ook deze keer zingt ze haar songs in het Engels, Frans en Haïtiaans Creools. En wederom dragen een aantal ervan een politieke of maatschappelijke boodschap, zoals het bijzonder fraaie Vietnam, wat ze samen met haar eveneens talentvolle zus Sabine zingt.

Natuurlijk is ook ditmaal haar goede vriendin en collega Rhiannon Giddens van de partij. Helaas alleen op Manman, want hun stemmen kleuren wonderwel samen. Maar ook omdat Giddens beschikt over een indrukwekkende stem en voordracht.

Meestergitarist Marc Ribot speelt mee op Peze Cafe, waarvan de slotakkoorden zijn ontleend aan een bekend muziekstuk. Alleen wil het me nog steeds niet te binnen schieten welk. Andere speciale muzikale gasten zijn Louis Michot, Aurora Nealand, Sarah Quintana en Shaye Cohn.

Naast het al gememoreerde Vietnam behoort Little Sparrow tot mijn grote favorieten, met name door de weemoedige cello. Maar eigenlijk zijn alle songs, weer van hetzelfde hoge niveau als op Vari-Colored Songs.

Muziekliefhebbers die dat album al in huis hebben zullen zeker ook A Day for the Hunter, a Day for the Prey gaan omarmen, want naar mijn bescheiden mening is het minstens zo mooi als zijn voorganger.

Leyla McCalla - Breaking the Thermometer (2022)

poster
4,5
Altijd vormen Leyla McCalla’s Haïtiaanse roots een grote inspiratiebron voor haar. Dat was al zo op haar geweldige debuutalbum Vari-Colored Songs: A Tribute to Langston Hughes, waarop ze op unieke wijze gedichten van Hughes op muziek zette.

Op Breaking the Thermometer is een Haïtiaanse radiozender het onderwerp. De muziek van het album wordt gebruikt voor de multidisciplinaire theatervoorstelling “Breaking the Thermometer to Hide the Fever”. Leyla leverde de muziek en regisseur is Kiyoko McCrae.

In opdracht van Duke Performances verkent het project de erfenis van Radio Haiti-Inter, Haïti's eerste Creools sprekende radiostation in privébezit en de moord op de eigenaar, Jean Dominique in 2000. De titel is afgeleid van een spreekwoord dat Dominique gebruikte om de geest te omschrijven van de armen van Haïti tegen het licht van geweld en politieke onderdrukking.

De zender vertegenwoordigt de stem van het volk. Naast werkzaam bij het radiostation was Jean Dominique journalist en een activist die opkwam voor democratie en mensenrechten. Na zijn dood zette zijn vrouw Michéle Montas zijn werkzaamheden bij het radiostation voort. Vini Wè beschrijft trouwens de liefdesgeschiedenis tussen Dominique en Montas.

Elf songs schreef Leyla zelf of schreef er aan mee. Dan Reken is een traditional. Dodinin is een song van Atis Indepandan, een groep van Haïtiaanse muzikanten die in New York woont. De titel is Creools voor “rocking”, het is een verwijzing naar de schommelstoel van een slaveneigenaar. Het liedje staat op een album dat in de jaren tachtig uitkwam op Smithsonian Folkways. Het groeide snel uit tot een van Leyla’s favoriete albums.

In de coronatijd raakte Leyla verslaafd aan het album Transa van Caetano Veloso. Ze covert van dat album hier op geweldige wijze het nummer You Don’t Know Me. Zoals altijd maakt Leyla het de luisteraar niet altijd even gemakkelijk, maar weet muzikaal altijd te verrassen en blijft haar unieke plaats in de grote vijver van singer-songwriters moeiteloos vasthouden.

Leyla McCalla - The Capitalist Blues (2019)

poster
De release van het derde album The Capitalist Blues van Leyla McCalla had nogal wat voeten in aarde. Eerst gepland voor precies een jaar geleden, daarna verschoven naar september en uiteindelijk eergisteren uitgekomen. Veroorzaakt door het feit dat haar gezin verder werd uitgebreid met een tweeling.

Zoals altijd stippelt Leyla haar eigen weg uit. Dat deed ze al een aantal jaren geleden door van New York naar New Orleans te verhuizen. Na een zeer succesvolle crowd funding bracht ze spoedig haar onvolprezen debuut Vari-Colored Songs uit.

Vooral haar sociale betrokkenheid komt hier naar voren, maar ook haar interesse in haar muzikale Haïtiaanse wortels. Ze zette voor dit album vooral gedichten van Langston Hughes op muziek, met daaronder het droevige, maar wonderschone Song For a Dark Girl. Hughes was trouwens iemand die zich volledig inzette voor de behartiging van de belangen van zijn Afro-Amerikaanse medemens.

Ook op opvolger A Day for the Hunter, a Day for the Prey horen we een sociaal betrokken Leyla aan het werk. Uiteraard werd ze andermaal bijgestaan door haar eveneens geëngageerde voormalig Carolina Chocolate Drops collega Rhiannon Giddens. Ook wist ze meester-gitarist Marc Ribot te strikken. Hoogtepunten zijn het bloedmooie Little Sparrow en Vietnam.

Andermaal wordt op ze op het nieuwe album begeleid door uitstekende muzikanten, luister bijvoorbeeld maar eens naar die heerlijke toetsenpartij in Heavy as Lead. Uiteraard is haar geëngageerdheid gebleven en verdiept ze zich weer verder in Haïtiaanse muziek en die uit New Orleans.

Zo associeer ik Oh My Love duidelijk met de muziek van legende Clifton Chenier. Een opvallende track is het schurende Aleppo met door Jimi Hendrix beïnvloed gitaarspel. Het goede nieuws is dat Leyla in maart naar Europa komt om het album te promoten. The Capitalist Blues is andermaal een prachtige aanvulling van haar oeuvre.

Leyla McCalla live:

21-03 TURNHOUT: De Warande
22-03 TURNHOUT: De Warande
23-03 BRUSSEL: AB, double bill met Eriksson Delcroix
24-03 ROTTERDAM: LantarenVenster
25-03 AMSTERDAM: Bitterzoet

Leyla McCalla - Vari-Colored Songs (2013)

Alternatieve titel: A Tribute to Langston Hughes

poster
5,0
Leyla McCalla is geboren in New York uit Haïtaanse ouders. Op haar negende begint ze met cello spelen. In haar tienerjaren woont ze twee jaar in Accra, de hoofdstad van Ghana. Terug in New York gaat ze cello en kamermuziek studeren aan de New York University. Ze is klassiek opgeleid. Ze leert de cellist Rufus Cappadocia kennen, die haar speelstijl hierna zal gaan beïnvloeden. Nadat ze is afgestudeerd, begeleidt ze in 2008 Mos Def tijdens het voorprogramma van Gil Scott Heron in Carnegie Hall. In 2010 besluit ze te verhuizen naar New Orleans, de bakermat van veel traditionele muziek. Ze begint in het Franse kwartier op straat en in clubs op te treden. In 2011 wordt ze door Tim Duffy, die toevallig met familie op vakantie is in New Orleans, op straat ontdekt terwijl ze Sarabande van Bach speelt. Hij brengt haar in contact met Carolina Chocolate Drops. Zij wordt vaste begeleider van deze groep en speelt mee op hun album Leaving Eden.
In New Orleans begint haar interesse voor oude muziek gestaag te groeien. Ze raakt ook geïnteresseerd in Haïtaanse muziek. Haar ouders gaven haar in haar jeugd dichtbundels van Langston Hughes. Hij heeft een groot aandeel gehad in de bewustwording van de Afro-Amerikanen. Ook was hij een van de eersten die zich toelegden op jazz-poetry. Een van zijn gedichten, Danse Africaine, is afgebeeld op een gevel aan de Nieuwe Rijn in Leiden. In de jaren vijftig nam hij met Charles Mingus een album "The weary blues" op, genoemd naar zijn eerste dichtbundel. Hij was erg reislustig en verbleef enkele maanden op Haïti en bracht daar veel tijd door in muziekarchieven.
Al heel lang koesterde Leyla het idee om gedichten van Langston op muziek te zetten. Ze begon een Kickstarterproject om haar doel te bereiken. Ze vroeg het redelijk bescheiden bedrag van 5000 Dollar om haar doel te verwezenlijken. Ze haalt uiteindelijk ruim het viervoudige.
7 nummers op het album zijn op teksten van Hughes, 6 traditionals en 1 compleet eigen nummer. Opener Heart of Gold zet direct de toon van het album. Het karakteristieke ritmisch gepluk op de cello, de rustgevende zang brengen je direct in een laid-back stemming. Tom Pryor speelt een heerlijke pedal steel-partij op dit nummer. When I can see the valley is het enige compleet eigen nummer. Het behoort tot de mooisten op het album en het belooft dat we in de toekomst geen zorgen hoeven te maken over de kwaliteit van geheel eigen werk. Wie regels kan schrijven als:
"I'm not asking for salvation
But I am afraid to fly
We all want to
Go to heaven
But no one wants to die"
is uit het goede hout gesneden.
Mesi Bondye is een zeer aanstekelijke traditional gezongen in Creools Frans, met wederom een mooie pedal steel-partij van Tom Pryor. Girl behoort tot de absolute hoogtepunten van het album. Een dynamisch prachtig opgebouwd nummer op een eveneens prachtige tekst van Hughes. Kàmen sa w fè? is bewaard gebleven dank zij Alan Lomax, die in 1937 hier een opname van maakte op Haïti met Ago's bal band. Het gaat over een pijnlijk afscheid tussen 2 geliefden. Too blue is een van de vrolijke noten op het album. Het heeft een jazzy feel meegekregen. De tekst is overigens een stuk minder vrolijk. Manmam mwen is een prachtige traditional met een dubbelzinnige tekst. Song for a dark girl is voor mij het hoogtepunt van het album. Alleen zang, gitaar en een droevige tekst van Hughes, zo eenvoudig en mooi kan muziek zijn. Love again blues is een mooi bluesnummer wat opgesierd wordt met een heerlijke fiddle. Rose Marie is een zeer aanstekelijke traditional, waarin muzikanten als niet erg betrouwbaar in de liefde worden beschreven. Latibonit is een traditional met subliem banjo-spel van Don Vappie. Search behoort tot de absolute hoogtepunten van het album. Een song met een gitaar en twee stemmen, meer heb je vaak niet nodig. Lonely house begint a capella. De tekst is van Hughes en de muziek is van Kurt Weill. Het nummer gaat richting jazz en erg geslaagd. Op afsluiter Changing tide wordt Leyla op schitterende wijze begeleid door Tom Pryor. Het album werd door Songlines gekozen tot een van de beste albums van 2013 op het gebied van wereldmuziek. Geheel terecht volgens mij.

Lian Ray - Rose (2020)

poster
4,5
Gevoel voor humor kan men bij Snowstar Records niet ontzegd worden, want het album Rose verschijnt namelijk op vrijdag de dertiende. Het had nogal wat voeten in aarde voordat het verscheen. Lian Ray nam het in zijn eentje in 2012/2013 op in Berlijn in een dramatische periode van zijn leven, hij kreeg te maken met bedrog, drugs en depressie. Hij had een kortstondige relatie met ene Rose, die uiteindelijk terugging naar haar oorspronkelijke liefde Mateo. Het bezorgde hem veel hartzeer, men ging niet bepaald als vrienden uit elkaar. Zo zingt hij wanhopig in Mateo :

“Are you sorry?
What a cruel little bitch you are.”

Een decennium lang vocht hij tegen zijn demonen in Berlijn, maar besloot uiteindelijk deze stad te ontvluchten en woont tegenwoordig in onze hoofdstad. Daar ontstond weer contact met Snowstar Records. Ray was al sinds 2009 op de radar van dit label, want zijn song These Things We Can’t Repair stond op de verzamelcd Snowstar Records Compilation.

Aanvankelijk zou het album in november verschijnen, maar in samenspraak met zijn nieuwe manager tot twee keer toe verschoven. Wel verschenen er reeds de nodige recensies en trad Ray al regelmatig ter promotie van het album op, zoals vorige maand als voorprogramma van Ásgeir.

Op Rose stort Ray op een hartverscheurende en eerlijke manier zijn hart uit. In teksten die slechts op een manier geïnterpreteerd kunnen worden. De master van dit meeslepende album werd gemaakt door Bob Ludwig, een van de grootste op dit gebied.

Veel steun kreeg Ray de afgelopen tijd van het label, dat dan ook bedankt wordt met de regel, “gereanimeerd in 2018/2019 door Stefan Breuer & Cedric Muyres.”. Een sympathiek label trouwens, dat steeds veelzijdiger aan het worden is en altijd keurig verzorgde producten aflevert. 26 maart vindt dan uiteindelijk na vele jaren toch nog de officiële releaseshow plaats in Ekko.

Lian Ray live:

14-03 GOUDA: High fidelity, instore 17:00 uur
21-03 DEVENTER: Plato, instore 14:30 uur
21-03 APELDOORN: Plato, instore 17:00 uur
26-03 UTRECHT: Ekko, release show
28-03 LEIDEN: Velvet, instore 16:30 uur

Like Mint - I Wish I Was Awake (2022)

poster
4,5
De eenendertigjarige Berlijnse singer-songwriter Susanne Wittig (AKA Susi Wittig) groeide op in het Ertsgebergte, nabij de Tsjechische grens. Reeds op zesjarige leeftijd begon ze viool te spelen. In haar tienerjaren zong ze in kerkkoren en speelde ze in schoolorkesten. Ze leerde zichzelf gitaar spelen en begon zich tegelijkertijd te verdiepen in de muziek van singer-songwriters en in folkmuziek.

Ze verbleef een jaar lang in de Verenigde Staten, in welke periode haar interesse in deze genres werd geïntensiveerd en ontwikkelde ze haar eigen stijl van schrijven. Haar debuut verscheen in 2017. Ze voelt zich verwant met andere moderne sensitieve singer-songwriters als Phoebe Bridgers, Lucy Rose en Billie Marten.

De afgelopen jaren is Susanne duidelijk gegroeid als songschrijver, haar composities zijn een stuk volwassener geworden. Op 22 april verscheen haar nieuwste single Die Angst, gezongen in Duits. Ze koos bewust voor haar moedertaal om zich meer kwetsbaar op te kunnen stellen. Het indringende Die Angst is een van haar meest persoonlijke en meest eerlijke liedjes geworden. Hopelijk gaat Susanne in de toekomst meer in het Duits zingen, want het is de song die het hardst bij me binnenkomt op haar nieuwe EP I Wish I Was Awake.

De liedjes gaan over opgroeien en het vinden van je eigen waarden en attitudes. Uitzondering hierop is het fraaie What He Was Up Against. “Ik ben een van die mensen die constant naar podcasts van True Crime luistert of series kijkt. Het heeft iets dat me fascineert, me meeneemt, me in zijn ban trekt. Een serie was "Making A Murderer" - het verhaal van Steven Avery die onschuldig wordt vrijgelaten na achttien jaar in de gevangenis te hebben gezeten, maar kort daarna weer naar de gevangenis moet - dit keer voor een andere misdaad. Tot op de dag van vandaag is hij daar en verkondigt hij zijn onschuld. Het gaat over corrupte politie, de reputatie van arme mensen op het platteland van de VS en de vraag - hoe is dit mogelijk?”, aldus Susanne. Het is geïnspireerd door de “Murder Ballads”, die vroeger misdaadnieuws verspreidden.

De basis voor haar liedjes vormen haar stem en gitaar, die vervolgens subtiel worden ingekleurd door prachtige harmonieën en instrumenten als cello en accordeon. Het eindresultaat is een folkalbum met country-, pop- en indie-invloeden. Het album werd opgenomen en geproduceerd door de Australische singer-songwriter Lucas Laufen in The Famous Goldwatch Studio in Berlijn. Het regelmatig indringende I Wish I Was Awake wist me bijzonder snel te overtuigen.

Linda Thompson - Proxy Music (2024)

poster
4,5
Het zien van de hoes riep bij mij meteen de nodige nostalgische gevoelens op. Mijn muzikale ontdekkingstocht begon in 1972 bij het uitkomen van het legendarische debuutalbum van Roxy Music. Het maken van die iconische hoes kostte niet veel, voormalig Bond girl Kari-Ann Muller kreeg slechts 20 pond betaald voor het poseren op de beroemd geworden klaphoes.

Na Roxy Music kwam al snel ook de folkrock van Fairport Convention op mijn pad en uiteraard ook de albums van Linda en Richard Thompson, die ik daarna afzonderlijk ook nauwgezet bleef volgen. Solo maakte Linda prachtige albums, zoals vooral Fashionably Late en haar laatste worp Won’t Be Long Now dateert alweer van 2013. Helaas kreeg ze spasmodische dysfonie, een bijzondere vorm van een bewegingsstoornis (dyskinesie van de stembanden en kan een onderdeel zijn van diverse ziektebeelden zoals onder andere Parkinson). Hierdoor laat ze zingen over aan een keur van zangers en zangeressen.

Het toepasselijk getitelde Proxy Music produceerde ze samen met haar zoon Teddy. Een aantal van de meewerkende vocalisten behoren tot beroemde families. Naast Teddy en Kami Thompson zijn ook Martha en Rufus Wainwright en Eliza Carthy te horen. Maar de overige artiesten mogen er ook zijn, zoals bijvoorbeeld The Proclaimers, The Unthanks en misschien wel de meest verrassende keuze, John Grant. Die uiteraard het nummer John Grant voor zijn rekening neemt.

Het idee voor het album ontstond toen Linda zich kon voorstellen dat het nummer Or Nothing At All geweldig zou klinken als het gezongen zou worden door Martha Wainwright. Het oorspronkelijk door Charlie Dore alleen geschreven All These Things werd samen met Linda omgetoverd naar de nieuwe versie Or Nothing At All. Jammer genoeg is Charlie Dore slechts bij een handjevol muziekliefhebbers in Nederland bekend. Ooit werd ze ontdekt door Chris Blackwell. Zij maakte niet alleen prachtige albums als Milk Roulette en Dark Matter, maar schreef ook nummers voor artiesten als Tina Turner, Celine Dion, Barry Manilow, George Harrison tot aan Status Quo.

Sommige nummers, zoals Bonnie Lass, doen aan als een traditional, maar zijn wel degelijk door Linda geschreven. Vaak zijn Linda’s teksten somber, maar is humor nooit ver weg, zoals in afsluiter Those Damn Roches. Een groep waarbij de humor ook een grote factor speelde. Jammer dat Linda zelf niet zingt, maar Proxy Music is een prachtig eerbetoon geworden aan Linda en haar liedjes.

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

Linde Nijland - I Am Here (2014)

poster
Met dank aan Hans Jansen van Folk Lantern is dit mijn eerste kennismaking met de muziek van Linde
Nijland.

Van 1995 tot 2007 vormde zij samen met Annemarieke Coenders het duo Ygdrassil. Samen brachten zij vijf cd’s en een dvd uit. Het uit elkaar gaan van dat duo was een grote stap voor Linde, maar gaf ruimte voor nieuwe uitdagingen, zoals een optreden in de Barbican Hall in Londen in 2009 (Op uitnodiging van Joe Boyd voor de reünie van Fairport Convention) en een muzikale reis in 2008 over land naar Bhutan (Verslag hiervan wordt gedaan op cd en dvd).

I am here is voor haar een belangrijk album geworden, een soort van mijlpaal. Zeven van de liedjes zijn door haar zelf gecomponeerd en staan daardoor dicht bij haarzelf. Ze ziet het zelf als een singer-songwriteralbum met uitstapjes. Ieder liedje heeft van haar evenveel aandacht gekregen, ongeacht of het door haar zelf geschreven is of niet. Het album werd bij haar thuis (haar huis staat aan een rivier op een prachtige, afgelegen locatie) in de woonkamer, opgenomen. Op de drumpartijen van Gilbert Terpstra na.

Het album opent prachtig met het zelf geschreven Life incomplete. Het lied heeft enigszins te maken met het plotselinge overlijden van haar moeder drie jaar geleden. Ze wordt hierop prachtig begeleid op accordeon door haar muzikaal begeleider en partner Bert Ridderbos. Het schrijven van liedjes gaat trouwens heel snel bij haar. Tekst en muziek ontstaan bijna tegelijkertijd.

Het nummer Ocean gypsy van Renaissance kent ze sinds haar vroegste jeugd, dank zij de platencollectie van haar vader. Het is een eerbetoon aan haar moeder, die heel erg van de zee hield (haar moeder staat afgebeeld achter op het tekstboekje, wandelend langs de zee). Min of meer onbewust is het thema zee terechtgekomen op haar nieuwe cd. Het is een thema wat haar erg boeit.

In Bye, bye diddledy-dye excelleert Joost van Es op fiddle. Het lied wordt verder opgefleurd door banjo, drums en handgeklap.

Leaving London van Tom Paxton nam ze op aanraden van iemand anders op. Een zeer toepasselijke keuze, het thema zee komt er in voor en de folkclub The Troubadour in Londen, waar in de jaren ’60 grootheden als Bob Dylan en Sandy Denny optraden. Linde zelf trad er in 2008 ook op! Sandy Denny is al heel lang haar grootste voorbeeld. Ze nam zelfs een heel album met Denny covers op, getiteld Linde Nijland sings Sandy Denny.

The grey funnel line is een song van Cyril Tawney geschreven over de tijd waarin hij voor de marine op zee voer. Het handelt over de verveling en eenzaamheid aan boord en het verlangen naar de geliefde die thuis wacht. Ooit op prachtige wijze gecoverd door de grand old lady van de Engelse folk, June Tabor. So early in the spring is een bekende traditional, welke Linde kende in de vertolking van Judy Collins (ook opgenomen door bijvoorbeeld Pentangle). Hier schitterend gecoverd, interessant is vooral de bijdrage van de drums.

Ook in het eigen geschreven High under skies komt het thema zee voor. Het is deels geïnspireerd door het landschap van de plek waar ze woont. Het is een prachtig melancholisch nummer met zeer mooie banjo- en vioolpartijen.

Dialogue (ook bekend als I want to be alone) van Jackson C. Frank wilde ze al heel lang opnemen. Jackson C. Frank heeft overigens een zéér tragisch leven achter de rug. Hij was ooit de vriend van Sandy Denny. Ook was hij degene die Sandy Denny overtuigde om geen verpleegster, maar full-time zangeres te worden. Bovendien beïnvloedde hij heel veel belangrijke artiesten uit die tijd, waaronder zelfs Nick Drake. Dialogue krijgt hier een beklijvende uitvoering, onder andere door de toevoeging van een stemmige cello bespeeld door Sarah Bowman en buitengewoon mooi gezongen door Linde.

Will I ever learn is een van mijn persoonlijke favorieten. Het gaat over een moment vorig jaar waarop het water naast haar huis heel hoog stond en er een kleine overstroming dreigde.

It sure feels better krijgt een bluegrasstintje door het gebruik van banjo en fiddle. Het opvolgende Pack up you sorrows sluit daar goed bij aan. Het origineel werd bekend door Richard & Mimi Fariña.

Titelnummer I am here is, zonder andere nummers te kort te willen doen, misschien wel het mooiste lied van het album. Het is een nummer wat diep weet te raken. Volgens mij betekent het lied erg veel voor Linde zelf. Haar zang is nergens zo intens op dit album als in dit nummer. Ze speelt dit nummer al jaren live. "“Het is geschreven naar aanleiding van een vriendschap, maar bij optredens krijgt het “won'’t you listen ”een andere intentie, omdat je dan voor een publiek zingt… en dan lijkt het meer te gaan over een zangeres die gehoord wil worden,… een behoefte aan communicatie".”

Sun and moon is een waardige, melancholische afsluiter van dit album. Vooral de prachtige bijdrage op viool valt op.

Ze heeft heel lang gewerkt aan dit album en dat is goed te horen. Ze is een echte perfectionist. Het is een zeer homogeen album. Een perfect huwelijk tussen eigen materiaal en covers. Bovendien beschikt Linde over een betoverende, delicate en kristalheldere stem. I am here kan zonder meer tot de allermooiste releases van 2014 tot nu toe gerekend worden.

Linde Nijland - Ten Years (2021)

poster
5,0
Bij doorgewinterde folkliefhebbers is Linde Nijland al zo’n twee decennia een bekende naam. Naast haar solocarrière vergaarde ze tevens tot 2006 roem met het duo Ygdrassil. Hoofdredacteur Eric van Domburg Scipio van Popmagazine Heaven noemt haar misschien wel terecht al vele jaren de beste folkzangeres van Nederland. Zij kan zich meten met folkzangeressen van internationale allure. Niet voor niets werd ze gevraagd voor een reünieconcert van Fairport Convention in 2009 en als gastzangeres van die band tijdens een Nederlandse tournee in 2014.

Al op vroege leeftijd kreeg Linde interesse in folkmuziek. Maar was daarnaast ook niet ongevoelig voor popmuziek, getuige haar laatste album The Jukebox Project uit 2017. Hierop geeft ze veelal een volkomen eigen draai aan klassiekers als A Whiter Shade of Pale, Nights in White Satin en Five Years. Hoe fraai dit en haar album Linde Nijland Sings Sandy Denny ook is, toch hoor ik haar het liefst haar eigen geschreven liedjes zingen. Bijvoorbeeld de persoonlijke titelsong van het album I Am Here, wordt zo intens gebracht, dat het mij nog steeds bij iedere beluistering kippenvel bezorgt.

Ook deze keer bewijst Linde weer dat haar eigen nummers niet onder doen voor de door haar gecoverde nummers. Zonder enige terughoudendheid durf ik te stellen dat Ten Years voor mij haar mooiste album uit haar oeuvre is geworden. Acht liedjes werden vrij recent geschreven, twee liedjes stammen nog uit haar Ygdrassil periode. Het liedje Fishermen werd op speciaal verzoek geschreven voor iemand die alles van de visserij en scheepvaart weet. My man is out a sailing is een lofzang voor Bert Ridderbos, al bijna twee decennia haar (muzikale) levenspartner.

Naast eigen nummers ook twee goed gekozen covers. Tiny Sparrow is een heel bekende oude Amerikaanse ballade en Was It You werd geschreven door Ewen Carruthers. Hij was een niet zo’n bekend liedjesschrijver, die zij op het spoor kwam door haar bevriende singer-songwriter Mike Silver. Muzikaal gezien komt haar inspiratie uit de Engelse, Ierse en Schotse folk, maar er zijn ook pop en Americana invloeden. Hoewel het een persoonlijk album is hoopt Linde dat er tegelijk iets opens en universeels in zit waardoor mensen het vanuit hun eigen beleving kunnen invullen.

De liedjes werden zonder uitzondering bijzonder fraai gearrangeerd door Linde en Bert. Bert neemt de nodige instrumenten ter hand, vooral zijn warme, subtiele bijdragen op de accordeon bevallen mij uitermate goed. Uiteraard ontbreken de prachtige bijdragen van violist Joost van Es niet. Eerder dit jaar excelleerde maestro van Es trouwens al op Hummingbird van NinaLynn en op One Lifetime van Tip Jar. Joost was de enige muzikant die zijn partijen live inspeelde in het rustiek aan de Dollard gelegen huisje van Linde en Bert.

Gilbert Terpstra nam zijn drumpartijen thuis in Leeuwarden op en was tevens een grote motivator. Goede vriendin Kirsty McGee leverde haar bijdrage digitaal vanuit Manchester. Zij verzorgde de achtergrondzang op titelsong Ten Years en speelde tevens zingende zaag en duimpiano. De opnamekwaliteit is om door een ringetje te halen. Al heel lang zweren ze bij hun onderhand vintage digitale harddiskrecorder Korg D32XD. Ooit aangeschaft voor de opnamen van het vijfde Ygdrassil album. Zoals al eerder gememoreerd Ten Years is haar mooiste album uit haar oeuvre geworden en zal voor mij tot de aller-fraaiste releases van 2021 gaan behoren.

Lisa O'Neill - All of This Is Chance (2023)

poster
4,5
Al vele jaren wordt folkzangeres Lisa O’Neill op juiste waarde geschat in thuisland Ierland. Maar ook in het Verenigd Koninkrijk is de pers en radio gecharmeerd van haar muziek. Was in Ierland bijvoorbeeld al lang geleden te zien op het bekende Doolin Folk Fest. O’Neill behoort dan ook tot de meest tot de verbeelding sprekende folkartiesten in Ierland.

Haar bewerking van Bob Dylan’s All the Tired Horses werd gebruikt voor de slotscène van het epische tv-drama Peaky Blinders. Haar vorige album kwam nog uit op het Rough Trade folk specialiteitslabel River Lea. Nu is ze gepromoveerd naar het hoofdlabel van Rough Trade. All of This Is Chance is haar eerste werkstuk wat daar verschijnt.

O’Neill heeft geen mooie, maar wel een zeer indringende, beklijvende stem, denk aan iemand als Iris DeMent. Een stem waar je meteen van houdt of vreselijk vindt, een tussenweg lijkt niet mogelijk. Meteen in de bezwerende, fraai gearrangeerde opener en titelsong All of This Is Chance grijpt ze de luisteraar bij de lurven. Het is geïnspireerd op het gedicht “The Great Hunger” uit 1942 van Patrick Kavanagh.

O’Neill blijkt een rasverteller. Door haar indringende voordracht en sublieme arrangementen weten zij en haar begeleiders de aandacht van de luisteraar moeiteloos vast te houden. All of This Is Chance is een absolute aanrader voor de doorgewinterde folk liefhebber. Het album werd me ter beschikking gesteld door De Konkurrrent, waar onlangs nog het prachtige Fireside Stories van Trevor Beales verscheen.

Little Kim - Moederland (2022)

poster
4,5
De afspraak stond al heel lang. Tien jaar geleden beloofde Guido Belcanto aan Kimberly Claeys dat ze ooit samen een countryplaat zouden gaan maken. Moederland is geproduceerd door Belcanto, die ook zijn voortreffelijke begeleidingsband “Het Broederschap” meenam naar de studio.

De nog jeugdig ogende Kimberly heeft toch al een muzikale carrière, die intussen twee decennia duurt. Ze kreeg vooral bekendheid met de Western Swing band Little Kim and The Alley Apple 3, waarin ook een voorname rol was weggelegd voor Tom De Poorter. Maar hiernaast had en heeft Kimberly talloze nevenprojecten, waaronder als zangeres van de bekende folkgroep Kadril. Van deze groep had eigenlijk op 1 oktober het album Jolie Flamande moeten verschijnen, maar de releasedatum is opgeschoven omdat de persing niet op tijd klaar was.

Om maar met de deur in huis te vallen, Moederland is een fraai en verslavend debuut geworden. Haar platenbaas Felix Huybrechts van Starman Records omschreef het album reeds als “Country geboetseerd uit Vlaamse klei”.

Het titel- en sleutelnummer Moederland is het op schitterende wijze vertaald lied Motherland van Natalie Merchant door Lieven Tavernier. Een lied over vier jaar zinloos geweld, de afschuwelijke Eerste Wereldoorlog, berucht om zijn loopgravengevechten. Kimberly komt uit Kruisem niet zo heel ver vandaan, waar dit oorlogsgeweld woedde. Kimberly zong al eerder over de waanzin van oorlog, zoals bijvoorbeeld op We Still Know How to Love van Sera Smolen en Tom Mank.

De eerst twee vrijgegeven singles zijn beiden geschreven door Bruno DeNeckere. De eerste, Laura, is een catchy ode aan dochters en moeders. Opvolger De Tweede Kus is net zo aanstekelijk. In de video van Laura figureert trouwens dochter Emmylou, inderdaad vernoemd naar Emmylou Harris, een van haar grote voorbeelden.

Lieven Tavernier vertaalde ook twee liedjes van Gillian Welch naar het Nederlands. Fair September heet hier In April en Orphan Girl kreeg hier de titel Weeskind. Ze behoren, samen met het titelnummer, tot de songs met een zwaardere thematiek. Ze doen verlangen naar een nieuw, regulier album van Welch.

Vijf vertalingen zijn van de hand van Belcanto, twee nummers van Jack Clement, een van Daniel Norgren, en zoals al eerder gebeurde voor eigen albums, twee van Bob Dylan. Neem Maar Mee werd geschreven door Tavernier, die ook nog Queen of the Silver Dollar van Shel Silverstein vertaalde.

Muzikaal gezien vormt Moederland een fijne mix van aanstekelijke en ingetogen nummers. Naast country getinte songs hoor je ook invloeden uit de folkmuziek. Zo is er in Moederland en Weeskind de tin whistle van Heather Grabham te horen. In het laatstgenoemde nummer zing trouwens Eva De Roovere mee, ooit zangeres van Kadril.

Het artwork is buitengewoon fraai verzorgd. Kimberly is een uitstekende zangeres, die zelfs voor Hollanders van boven de Moerdijk, gemakkelijk te verstaan zal zijn. De albumvoorstelling van Moederland met volledige band en Guido Belcanto zal op 10 november in het Leietheater in Deinze plaatsvinden. Voor overige optredens zie haar website. De afgelopen weken was Moederland zodanig verslavend voor mij, dat ik inmiddels het tekstboekje al niet meer nodig heb.

Living Room Heroes - Trouble in Mind (2020)

poster
Over hun vorige album Welcome to the Circus was ik al bijzonder enthousiast, maar was niet bepaald de enige. Dat album prees ik als volgt aan : “Welcome to the Circus is een erg gevarieerd album geworden. Het varieert van pop, rock, americana, diverse varianten van country tot aan ballades. Soms houdt men het klein en ingetogen, dan weer energiek en opzwepend, van rauw en vuil tot melodieus, maar bovenal is het authentiek en intens. Vooral dat intense aspect vind ik de grote kracht en charme van dit viertal.”.

Op hun nieuwe album Trouble in Mind grossiert men vooral in intense, door southern rock en soul doordrenkte songs. Volgens het persbericht is het praktisch een therapeutisch toevluchtsoord voor het verwerken van breuken binnen en buiten de band geworden. En dat is te horen, de songs zijn in veel gevallen nog intenser dan de voorganger.

De fraaie opener en titelsong met fraaie samenzang is nog ingetogen en het daarop volgende Up and Away is erg relaxt. Maar vanaf Nothing to Lose gaan vaak alle registers open en is het geregeld moeilijk stilzitten.

De teksten zijn heel direct en gaan in enkele gevallen over (overspelige) vrouwen, die voor de nodige hoofdpijn zorgen. Het levert onder andere This Is No Way to Be op, met een geweldige muzikale omlijsting. Zo is het toetsenspel van sessiemuzikant Leon den Engelsen om je vingers bij af te likken.

Nog intenser is Devil Woman, voor mij een van de hoogtepunten. Naast liedjes over relaties ook een liedje over het slijk der aarde, Money en het politiek getinte Suit Up. Heerlijk laid back is Easier Said Then Done. Waardige afsluiter vormt het ingetogen Don’t Know Where I’m Bound, met schitterende zang en achtergrondzang.

Trouble in Mind laat een band horen die nog verder gegroeid is en van internationale klasse is.

Liz Meyer - Womanly Arts (1995)

poster
4,0
Liz Meyer was en is een grote naam in bluegrass kringen. Haar album Womanly Arts werd oorspronkelijk op 1 januari 1995 uitgebracht. Tien jaar terug verloor Meyer helaas haar strijd tegen kanker. Weduwnaar Pieter Groenveld vond het terecht hoog tijd voor een heruitgave. Het eerste wat mij opvalt bij herbeluistering is het lagere opnamevolume. Het is een album wat na hard ploeteren tot stand kwam. Opgenomen in vier jaar tijd in vier verschillende studio’s, met negen verschillende geluidstechnici en meer dan dertig verschillende gastmuzikanten. Allemaal goede vrienden van Liz, de meeste vriendschappen duurden al zo’n twee decennia. Een van de langstlopende was met Emmylou Harris, die te horen is op Dreams Have Endings. Uiteraard bestaan de songs voor een deel uit (opgewekte) bluegrass en country. Daarnaast komt haar singer-songwriters kant aanbod. Zoals in het fraaie duet met Jonathan Edwards in Living in the Past, met daarnaast een glansrol voor de heerlijk relaxte altsax van Tim Eyerman. De lijst van medewerkende artiesten is indrukwekkend. Voornamelijk met een country achtergrond, zoals banjo speler Bela Fleck en dobro spelers Jerry Douglas en Mike Auldridge. Maar ook buiten die scene had Liz goede vrienden, zoals de veelzijdige bassist Rob Wasserman. Wasserman verleende onder andere zijn medewerking aan het iconische album New York van Lou Reed. Hij is te horen op Footlights. Haar uitstekende begeleiders tillen haar liedjes zonder uitzondering naar een hoger niveau. Dat Liz geliefd was blijkt wel uit het feit dat veel begeleiders er veel voor over hadden om haar te helpen. Zoals bijvoorbeeld vocalist David Parmley, die er een autorit van zestien uur voor moest afleggen. Het maakt van Womanly Arts een met veel liefde gemaakt album van hoog niveau. Pieter Groenveld is trouwens zijn liefde voor countrymuziek nog lang niet verloren, want eerder jaar bracht hij nog het schitterende Hummingbird uit van de uiterst talentvolle Nederlandse zangeres NinaLynn.

Loes Swinkels - Nothing as I Know (2015)

poster
4,5
Op zeer jonge leeftijd begon de uit Limburg afkomstige Loes met het schrijven van gedichten, maar op haar zestiende leerde ze gitaarspelen en verschoof haar aandacht van gedichten naar liedjes schrijven. Een veelvuldig thema in de liedjes was liefde en vrijheid.

Haar eerste album Passionately lonely, in eigen beheer uitgegeven, kwam uit in 2009. Het was een album geïnspireerd door moderne songwriters. Het bleek achteraf toch niet de richting die ze uit wilde. Haar muzikale interesse was namelijk intussen opgeschoven richting blues, americana en soul. Vooral zangeressen als Bonnie Raitt, Patty Griffin, Susan Tedeschi en Aretha Franklin gelden als groot voorbeeld.

Nothing as I know wordt door Loes dan ook gezien als een nieuw begin. Ze vond de afgelopen jaren de sound die ze wilde en dat de tijd rijp was om een nieuw album op te nemen. Daarbij pakte ze de dingen groot aan, want ze wist zeer ervaren muzikanten voor haar cd te strikken.

De producer van het album is Gabriël Peeters in wiens Eindhovense studio het album werd opgenomen. Bovendien speelt hij diverse instrumenten op het album. Verder Rob Geboers op Hammond orgel, BJ Baartmans (gitaar op 2 songs) en Richard van Bergen (gitaar op overige songs). Richard van Bergen bracht overigens onlangs zijn prachtige, lang verwachte album Rootbag uit.

Voor de opnamen namen Loes en Gabriël enkele maanden de tijd. Het resultaat is er dan ook naar! Het is een prachtige, gevarieerde plaat geworden, veelal bluesy materiaal, maar er is ook plaats voor meer ingetogen songs. Loes beschikt over een krachtige en veelzijdige stem. Maar ze is ook in staat om liedjes op een gevoelige en ingetogen manier te brengen.

De gebrachte liedjes zijn hoogstaand, maar de ervaren musici tillen het geheel naar een nog hoger plan. Het is een groeialbum geworden dat als een warme deken aanvoelt en langzaamaan verslavend wordt. De klaphoes van Nothing as I know en tekstboekje zijn buitengewoon keurig verzorgd.

Op 28 februari is de releaseshow in Cultureel Podium Maria Roepaen. Mis haar niet, zowel de cd als het optreden!

Logan Farmer - A Mold for the Bell (2022)

poster
5,0
“It’s going to be hard to talk about this when it’s done.”. Deze openingszin van Silence or Swell had singer-songwriter Logan Farmer uit Fort Collins, Colorado reeds klaar voordat hij überhaupt begonnen was met A Mold for the Bell. Het vat volgens Logan perfect de thema’s op het album samen en vormt het de basis voor alles wat volgt.

Aan het begin van Silence or Swell hoor je overigens geen dierengeluiden, maar mensen. Logan hierover : “Aan het begin hoor je een veldopname van huilende mensen. Dat gebeurde in Colorado en op een paar andere plaatsen tijdens die angstaanjagende eerste maanden van de pandemie: elke avond om 20.00 uur gingen mensen de straat op en huilden naar de maan. Het werd dit bizarre nachtelijke ritueel vol kameraadschap en verzet in het aangezicht van het onbekende.

Het volstaat te zeggen dat alle gevoelens van eenheid kort daarna uit elkaar vielen. Hoe dan ook, het was intrigerend voor mij, dus ik nam het op mijn telefoon op. Dat gehuil komt een paar keer door het album heen als een soort motief. Het beklijvende geluid, gecombineerd met de eerste tekst en het treurige saxofoonwerk van Joseph Shabason (Destroyer, War On Drugs), vertegenwoordigen de geest van A Mold for the Bell in mijn gedachten.”.

Met de hulp van Grammy genomineerde producer Andrew Berlin (Gregory Alan Isakov), nam Logan in de eerste maanden van 2021 gedurende twee dagen alle zang- en gitaarpartijen op. De tracks werden snel opgenomen, live in de studio om de rauwe intimiteit en directheid van Logans live optredens vast te leggen. De rest van de creatie van het album vond op afstand plaats, via sms'jes, telefoontjes en e-mails met Shabason en een handvol andere muzikanten terwijl bosbranden, opstanden en de pandemie om hen heen woedden.

Het was trouwens Berlin, net als Logan woonachtig in Fort Collins, die toenadering tot Logan zocht, nadat hij de prachtige, wat soberder voorganger Still No Mother gehoord had. Volgens Logan hebben de heren een goede klik en dat is te horen, ze hebben het beste in elkaar naar boven gehaald. Ze worden omringd door klasse muzikanten als eerder genoemde saxofonist Joseph Shabason, Annie Leeth (viool), Naomi McCarroll-Butler (klarinet), Yoed Nir (cello), Ezra Pyle (gitaar) en Mary Lattimore (harp). Van laatstgenoemde recenseerde ik eerder dit jaar Collected Pieces II.

Het album ontleent de nodige creatieve inspiratie aan uiteenlopende invloeden als Tarkovsky's Sovjet-epos Andrei Rublev uit 1966 en de romans van de 21e-eeuwse politieke activist Olga Tokarczuk. Deze toetsstenen zijn onmiddellijk te herkennen wanneer je de video voor Silence or Swell bekijkt, verwijzend naar de thema's van ecologische en maatschappelijke ineenstorting die in dit nieuwe werk worden geïllustreerd.

Ondanks het veelal ingetogen karakter van de muziek kroop het album bij mij pijlsnel onder de huid en is het enorm verslavend. Soms is de muziek wat schurend zoals in Crooked Lines. De poëtische teksten zijn erg persoonlijk. Favoriete track is voor mij William. A Mold for the Bell was een tip van radiomaker Marco Geene (bedankt weer!), die me eerder de schitterende debuutalbums tipte van Martha Bean, Nessi Gomes en Lady Blackbird, met welke albums het zich kan meten. Logan hoopt een keer deze kant op te komen voor concerten en dat hoop ik met hem.

Lola Marsh - Someday Tomorrow Maybe (2020)

poster
4,0
Voor dit duo afkomstig uit Tel Aviv was direct vanaf het prille begin in 2014 groot succes weggelegd. Dit dankten Yael Shoshana Cohen en Gil Landau aan een optreden op het invloedrijke Primavera Sound Festival in Barcelona.

Hun EP You’re Mine werd hierna goed beluisterd op Spotify, mede dankzij het bekende Amerikaanse radiostation KCRW, dat hen aanprees met “clearly meant for the stage”, en hun single Sirens veelvuldig begon te draaien.

De opvolger You’re Mine, de titelsong van de ep, werd een nog groter succes. Hun debuutalbum Remember Roses uit 2017 spande echter de kroon, het album werd tot op heden meer dan veertig miljoen keer beluisterd op Spotify. Ook in Nederland bleef men niet onopgemerkt en gaf men in oktober nog een concert in Paradiso.

Het duo staat vooral bekend om hun dromerige, filmische indiepop, waarbij men inspiratie haalt bij uiteenlopende artiesten als Edith Piaf tot aan Sufjan Stevens. Het beste voorbeeld van de invloed van laatstgenoemde is het bijzonder fraaie Strangers on the Subway, wat trouwens ook geschreven had kunnen zijn door de betreurde Elliott Smith.

Het album opent echter met het aanstekelijke, uptempo Echoes en het net zo catchy Only for a Moment. Die combinatie van dromerige en uptempo songs maken van Someday Tomorrow Maybe een moeilijk te weerstaan album.

Loma - Don't Shy Away (2020)

poster
4,5
Een van de grootste muzikale verrassingen van 2018 was voor mij Loma, het debuutalbum van het gelijknamige trio. Een samenwerking van Shearwater-zanger Jonathan Meiburg en Emily Cross en Dan Duszynski van Cross Record.

Op dat debuut experimenteerden zij er lustig op los, met als eindresultaat een van begin tot eind fascinerende plaat. Zo gebruikte men bijvoorbeeld een speciaal geprepareerd piano in het aanstekelijke Relay Runner.

Het leek in eerste instantie om een eenmalig project te gaan, maar al spoedig begonnen de drie aan een opvolger te werken. Om maar met de deur in huis vallen, Don’t Shy Away is een meer dan waardige opvolger.

Sterker nog, het album bevalt me nog beter dan de voorganger en wist me nog sneller te overtuigen. Waarschijnlijk kwam dat doordat ik al gewend was aan hun unieke, eigen geluid, dat nu nog verder wordt uitgediept. Middelpunt van de liedjes is nog steeds de rustgevende zang van Emily Cross.

Vreemd genoeg wordt op de hoes alleen vermeld door wie de liedjes geschreven zijn. Naast dat het drietal de nodige instrumenten bespelen, kreeg men hulp van toerende leden Emily Lee (piano, viool) en Matt Schuessler (bas). Verder nog van Flock of Dimes / Wye Oak's Jenn Wasner, en een verrassende hoorn sectie.

Meest opvallende naam van de medewerkende muzikanten is geluidspionier Brian Eno. Hij produceerde en schreef mee aan afsluiter Homing. Eno is trouwens niet alleen een vriend van Cross, maar ook een fan van Loma van het eerste uur. Eno raakte vooral verslingerd aan het nummer Black Willow, vanwege de minimale groove en hypnotiserende refrein en draaide het geregeld in zijn programma voor BBC Radio.

Emily Lee schreef mee aan bloedmooie titelnummer, de overige werden geschreven door het trio. Of de teksten wederom uit de koker van Jonathan Meiburg komen is mij niet duidelijk geworden . Nog steeds blijft er enigszins een waas van raadselachtigheid om dit trio hangen. Net als bij de voorganger werden vooraf al de nodige video’s vrijgegeven.

Dat Don't Shy Away net als de voorganger mijn lijstje van favoriete albums gaat halen is nu al zonneklaar.

Loma - How Will I Live Without a Body? (2024)

poster
4,5
Gelukkig is het spannende trio Loma weer terug, en hoe! Op voorganger Don’t Shy Away wist men als grote naam Brian Eno te strikken, op How Will I Live Without a Body? is dat Laurie Anderson. Zij schreef mee aan de teksten van How It Starts en Affinity. Ook bood ze het trio de mogelijkheid om te werken met een AI, getraind in het werk van haarzelf. Jonathan Meiburg stuurde twee foto’s, waarop de AI reageerde met twee angstaanjagende gedichten. Fragmenten van deze gedichten werden gebruikt in beide, eerdere genoemde nummers. Een van de gebruikte regels is de songtitel. Dan vindt het een perfecte naam voor het album aangezien ze elkaar bijna uit het oog waren verloren tijdens het opnameproces.

Zelf omschrijven ze het album als “a gorgeous, unique, and oddly comforting album about partnership, loss, regeneration, and fighting the feeling that we're all in this alone. Many of its songs have a feeling of restless motion; faceless characters drift through meetings and partings, tangling together and slipping away.”. Het knappe aan Loma’s gelaagde muziek vind ik het organisch samengaan van elektronica met meer conventionele instrumenten als piano en klarinet. Vooral in het nummer Pink Sky is de klarinet de kers op de taart. De ingetogen zang van Emily Cross vormt voor mij als altijd het middelpunt. Wie de voorgangers al omarmden zal dat zeker doen met How Will I Live Without a Body? want die is nog mooier en spannender dan beide voorgangers.

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

Loma - Loma (2018)

poster
4,5
Zangeres Emily Cross en multi-instrumentalist Dan Duszynski van Cross Record vormen samen met zanger Jonathan Meiburg, bekend van Shearwater en Okkervil River het nieuwe trio Loma.

Zij kennen elkaar dankzij Ben Goldberg van Badabing! Records. Hij stuurde namelijk in 2015 het album Wabi-Sabi van Cross Record naar Meiburg. Hij raakte behoorlijk onder de indruk ervan en nodigde vervolgens Emily en Dan het jaar erop uit om het voorprogramma van Shearwater te verzorgen. Regelmatig keek Meiburg naar de live optredens van het duo en werd getroffen door de volwassenheid en het zelfvertrouwen waarmee zij speelden. Na een show in België vroeg Meiburg het duo of ze niet een keer samen konden werken aan een project.

Meiburg schreef alle teksten voor het debuutalbum Loma. Dat was heel even wennen voor Emily, die gewend is om haar eigen teksten te zingen. Ook ontdekte ze tijdens het proces een nieuwe manier van zingen. Cruciaal hiervoor was de song I Don’t Want Children, dat per ongeluk op de verkeerde snelheid werd opgenomen, hierdoor klonk haar stem lager en trager dan normaal. Emily besloot deze sound voor de rest van het album te gebruiken.

De drie waren tijdens het proces geobsedeerd door de te gebruiken sound. Men voegde bijvoorbeeld een geprepareerde piano toe aan het aanstekelijke Relay Runner. Het eerder genoemde I Don’t Want Children werd voorzien van een oriëntaals tintje. Zo nu en dan hoor je ook sfeer verhogende achtergrondgeluiden, het is zeker aan te raden om het album eens met een koptelefoon te beluisteren.

Af en toe hoor je natuurlijk invloeden van anderen, zoals in het ingenieus opgebouwde Dark Oscillations, waarin je echo’s terughoort van het debuut van Roxy Music. In het persbericht worden Low, vroege Pink Floyd, Mimi Parker, Nina Nastasia, Broadcast, Silver Apples tot aan zelfs Linda Thompson als invloeden genoemd. Toch hoor ik vooral een interessant eigen geluid.

De eerste song die ze samen schreven was Joy en wist het album ook te halen. De mooiste songs vind ik Sundogs, Shadow Relief en I Don’t Want Children, omdat in deze songs de fraaie stem van Emily het meest op de voorgrond treedt. Slechts heel sporadisch kregen ze hulp van derden, Matt Schuessler (bas op track 2, 5 & 6), Emily Lee (viool op track 7) en Josh Halpern (drums op track 10).

Loma is een avontuurlijke muzikale reis, waarbij op succesvolle wijze wordt geëxperimenteerd met geluid, zonder dat het ten koste gaat van de toegankelijkheid. Het zou me niet verbazen, dat dit album aan het eind van het jaar in veel lijstjes van muziekliefhebbers én critici zal gaan opduiken.

Lonnie Holley - MITH (2018)

poster
4,0
Lonnie Holley, ook bekend als The Sand Man, is een veelzijdig Afro-Amerikaanse multimedia kunstenaar met een veelbewogen leven. Hij was de zevende van zevenentwintig kinderen en er doen verhalen de ronde, dat hij op zijn vierde voor een fles whiskey verhandeld werd.

Zijn eerste stappen als kunstenaar waren ook niet de meest vrolijke, hij maakte in 1979 twee grafstenen voor de twee kinderen van zijn zus, die bij een brand om het leven waren gekomen. Hij leerde zichzelf piano spelen en bracht in 2012 zijn eerste album Just Before Music uit, die insloeg als een bom.

Zijn nieuwe album MITH duurt bijna 77 minuten en is geen gemakkelijke kost. Avant garde muziek, die hard bij de luisteraar binnenkomt. Zijn poëzie is zeer persoonlijk, zijn standpunten komen daarin duidelijk naar voren, zoals over de hedendaagse Amerikaanse politiek.

In het persbericht worden als referentiekader genoemd Joni Mitchell, Bob Dylan, Joanna Newsom en Gil Scott-Heron. Met laatstgenoemde is hij duidelijk het meest verwant. Ook op muzikaal vlak heeft hij in korte tijd een grote naam opgebouwd, hij werkte al in de studio en op het podium samen met uiteenlopende artiesten als Daniel Lanois, Bon Iver, Steve Gunn, Bill Callahan en Sam Amidon.

MITH is wederom een indringend werkstuk geworden, dat per draaibeurt groeit, maar wel veel van de luisteraar vergt en dat is niet alleen vanwege de lange speelduur.

Loren Kramar - Glovemaker (2024)

poster
4,5
Zeer overtuigend zo zou ik het debuutalbum Glovemaker van de singer-songwriter Loren Kramar uit Los Angeles willen omschrijven. Dat hij toerde met Father John Misty verraste me niet, Kramars muziek is geregeld net zo weelderig ingekleurd als de liedjes van Misty. Glovemaker is Kramars universele zoektocht naar verbinding en vangt hierin het contrast van liefde en eenzaamheid in Los Angeles. De kern van deze nummers is een onstuitbaar verlangen om bekend te worden.

Kramar is een showman en dat hoor je aan zijn woorden: de zinderende waarheid, drama, urgentie, waarbij hij overigens krachttermen niet uit de weg gaat (vandaar de melding op de hoes). Glovemaker onderzoekt liefde, eenzaamheid, dromen en beloften. Ze songs zijn geregeld dramatisch en meeslepend, waarvan Gay Angels misschien wel het beste voorbeeld is. Kramar zingt zelfverzekerd, hier is een ervaren soulvolle zanger aan het werk. Op de hoes heeft hij trouwens wat weg van George Harrison, wellicht wordt hij ooit even beroemd, Glovemaker heeft alles in zich om dat te bewerkstelligen.

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com

Los Lobos - Native Sons (2021)

poster
4,0
De veelkleurigheid aan invloeden in de muziek van Los Lobos is altijd voor mij hun grootste aantrekkingskracht geweest. Mijn aandacht werd halverwege tachtig getrokken door hun prachtige doorbraakalbum How Will the Wolf Survive?. Hierna volgden een viertal meer dan uitstekende albums, met als absolute creatieve hoogtepunt, het door Mitchell Froom geproduceerde Kiko. Andere albums die volgens mij de tand des tijds hebben doorstaan zijn Good Morning Aztlán en The Town and the City. Deze keer kozen de heren voor een coverplaat. In eerste instantie wilden ze zichzelf geen beperking bij de keuzes van de songs opleggen, maar maakten uiteindelijk hun keuze uit zestig songs, die gecomponeerd zijn in de buurt waar ze opgroeiden, het oostelijke deel van Los Angeles. Los Angeles, een van de meest multiculturele steden van Amerika. Als beginnend (cover)bandje verwerkten ze al die invloeden tot een geheel eigen, unieke sound. De swingende opener Love Special Delivery van Thee Midniters zet meteen de toon. De band heeft nog steeds hun energie en urgentie niet verloren. Op het eveneens swingende Los Chucos Suaves van Willie Bobo hoor ik Los Lobos zoals ik ze het liefst hoor, het nummer ligt het dichtst bij hun roots. De keuze voor Sail On, Sailor van The Beach Boys is voor mij enigszins verrassend. Minder verrassend, voor de handliggend zelfs, is hun keuze voor Flat Top Joint van The Blasters. Een van hun belangrijkste invloeden, een band waar Steve Berlin trouwens ooit deel van uitmaakte. Ook een paar meer gevoelige, romantische songs, waaronder de overbekende instrumentale compositie Where Lovers Go, een slijper van jewelste. Men covert ook twee songs van Buffalo Springfield, geschreven door Stephen Stills. For What It’s Worth is anno 2021 nog steeds een relevante song. Niet alleen voor oudere heren uit Los Angeles, want ook de jonge New Yorkse jazz zangeres Rebecca Angel nam het nog zeer recent op. Uiteindelijk belandde ook nog een originele song op het album, het fraaie Native Song. De zeer toepasselijke tekst werd geschreven door Louis Pérez, Jr en de muziek door David Hidalgo. In het prachtig vormgegeven tekstboekje licht men de keuzes van de gecoverde songs toe. Native Sons bewijst dat Los Lobos nog steeds relevant is, iets wat live begin volgend jaar ongetwijfeld zal gaan worden bevestigd.

BeNeLux tourdata:

31-03-2022 - AMSTERDAM : Paradiso
01-04-2022 - BRUGGE : Stadsschouwburg Brugge
02-04-2022 - LEUVEN : Het Depot
03-04-2022 - ANTWERPEN : De Roma

Lotta St Joan - HANDS (2021)

poster
5,0
Sinds een kleine twee weken staat op de website van Folk Radio een lovende recensie over HANDS, het debuutalbum van de Berlijnse singer-songwriter Lotta St Joan. Een intiem, persoonlijk en eerlijk album van een ongelofelijke schoonheid. Een album vol persoonlijke ontboezemingen. Ze nam het album praktisch in haar eentje thuis op. Met haar ingetogen liedjes weet ze de luisteraar snel te overtuigen van haar grote muzikale kwaliteiten, ondersteund door haar prachtige, melancholische stem. Op haar website worden vergelijkingen getrokken met folk grootheden uit het verleden als Joni Mitchell en Joan Baez en meer eigentijdse zangeressen als Laura Marling, Lucy Rose en Daughter. Zelf associeerde ik haar meteen met Erin Rae en haar delicate liedjes op het fraaie album Soon Enough. De recensie op Folk Radio hebben we te danken aan Erika Severyns, een sinds kort zelf in Berlijn woonachtige singer-songwriter. Een zangeres geboren in Rusland, via een tussenstop in België, vervolgens voor een muziekstudie verkast naar Londen. Ook zeker een singer-songwriter om nauwgezet in de gaten te houden. Zelf werd ik geattendeerd op HANDS door muziekfanaat Rob Dekker, waarvoor dank! HANDS is voor mij balsem voor de ziel en zal ongetwijfeld tot de mooiste debuutalbums van 2021 gaan behoren.

Lou Tavano - For You (2016)

poster
4,5
Ze is de nieuwe vocale sensatie in de Parijse jazz scene. Haar muzikale genen kreeg ze mee van haar vader, die rock drummer was. In haar jeugd groeide ze op met de klassieke piano, totdat ze zich ging richten op het zingen.

Haar muziek carrière kreeg pas echt vorm, toen ze kennis maakte met Alexey Asantcheff, de zoon van een Schotse moeder en vader uit Wit-Rusland. Haar interpretatie van Duke Ellington’s Satin Doll maakte de nodige indruk op hem.

Er kwam maar één gedachte op dat moment in hem op; “de wereld moet deze stem horen”. Een stem waar een heerlijk hees randje aan zit. Als zangeres wordt Tavano in haar wijze van interpreteren beïnvloed door Nina Simone en Billie Holiday. Daarnaast zijn Joni Mitchell, Tracy Chapman en Jacques Brel om verschillende redenen belangrijke inspiratiebronnen.

Ze waren beiden maar net twintig toen ze elkaar leerden kennen. Kort na die kennismaking begonnen ze samen nummers te schrijven, waarin invloeden doorklinken van symfonische muziek, jazz, folk, maar ook van chanson en zelfs Balinese muziek.

De eerste vruchten van hun samenwerking leidde in 2012 tot de EP Lou Tavano meets Alexey Asancheeff. Een EP met overigens de lengte van een volwaardige cd. For You wordt door hen gezien als hun eerste volwaardige proeve van bekwaamheid.

Een album waar vier jaar hard aan gewerkt is en dat is goed te horen. Zelfs tot aan de kleinste details in de arrangementen is de grootst mogelijke zorg besteed. Overigens werden die arrangementen, op The Letter na, allemaal vakkundig gecomponeerd door Alexey.

Hij speelt piano op For You. Ze worden bijgestaan door een viertal jonge, uiterst talentvolle musici. Ook de teksten spelen een belangrijke rol voor het duo. Teksten die in een aantal gevallen autobiografisch getint zijn, zoals opener Quiet Enlightenment, wat opgedragen is aan haar vader.

Een nummer waarin ze in het begin ingetogen en subtiel op piano en trompet wordt begeleid en verderop naar een climax wordt toegewerkt. Er wordt regelmatig op vindingrijke wijze gebruik gemaakt van dynamiek.

Een aantal nummers zijn erg swingend, zoals Rest Assured, L’Artiste en It’s a Girl. In het in het Frans gezongen L’Artiste zijn de nodige invloeden uit het chanson te vinden. Hiphopinvloeden kenmerkt het door hun trompettist Arno de Casanove geschreven The Call. Uit de tekst van All Together is de nodige hoop te putten : “A world where, Just like a child we live in laughter. “.

De laatste drie nummers op het album worden gedomineerd door Latijnse invloeden. Afro Blue is een mooie cover van de grootste hit van de Cubaan Mongo Santamaría, een van de meest bekende congaspelers ter wereld. Bonustrack Samba Em Preludio werd geschreven door de zeer bekende Braziliaanse multi-instrumentalist Baden Powell.

Een van de mooiste songs is ongetwijfeld Petite Pomme. Gedeeltelijk in het Frans gezongen door Lou en gedeeltelijk in gesproken Russisch door Alexey, waarin hij op aandoenlijke wijze het woord richt tot zijn moeder. For You is niets minder dan een gevarieerd én indrukwekkend debuut.

Lou Tavano - Uncertain Weather (2020)

poster
“I was lost. Afraid. Unsettled. Far too many doubts in my head. I was a storm. In order to save what we are, Alexey took me to Scotland, his mother’s homeland. There came I face to face with Nature, bursting with Life, a perfect balance of peace and fury. Over there I faced myself. Over there I faced my Uncertain Weather. Those months spent within are now in your hands.”, aldus Tavano in haar voorwoord in het prachtig verzorgde tekstboekje.

Het ging al een tijdje emotioneel niet zo goed met Lou, een kruidje-roer-mij-niet. Om aan haar gemoedstoestand te kunnen werken vertrok ze samen met haar partner Alexey Asantcheeff naar Schotland. Daar vond ze rust en antwoord op haar vragen dankzij de vaak oogverblindende Schotse natuur : “At the time it was kind of a chaos in my life, we went to Scotland (Alexey’s mother land) and I was hit by the nature. A perfect mirror of my own emotions. My uncertain weather.”.

Dat die chaos in haar hoofd al langer speelde bleek al uit de compositie Emotional Riot op haar fraaie, op het ACT-label uitgebrachte, debuutalbum For You. Deze compositie en de titelsong zouden trouwens nog datzelfde jaar op de verzamelcd Jazz Only Jazz: Erotic Jazz Moments 2 (Essential Collection) belanden.

Sleutelsong vormt Simple Ways to Be, waarvan het refrein bestaat uit de mantra “Time for simple ways to be”. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Als je iedere eerste letter van iedere regel achter elkaar leest vormt dat de hamvraag van het album : How complex it is to be simple.

De liedjes werden op As We Part na, in een paar maanden tijd samen door Lou en Elexey geschreven. De muziek vormt hierdoor logischerwijs meer een geheel dan voorganger For You, wat wel wat gevarieerder was. Door de stemmingswisselingen vraagt Uncertain Weather iets meer van de luisteraar dan het debuut.

Twee liedjes worden gezongen in het Frans de rest in het Engels. Naast de zang van Lou en het pianospel van Alexey zijn belangrijke bijdrages weggelegd voor Guillaume Latil op cello, Alexandre Perrot op akoestische bas en Ariel Tessier op drums en geprepareerde percussie.

Naast te beluisteren op de bekende streamingsdiensten is het album te koop bij de bekende Franse webshop FNAC, bij menig Nederlandse muziekliefhebber geliefd vanwege zijn aanbod van met name vinyl. Daarnaast is het album digitaal te koop in 24bit op Qobuz. Door de grote emotionele lading weet Uncertain Weather me nog meer te raken dan de voorganger.

Loverman - Lovesongs (2023)

Alternatieve titel: Lovesongs and Some

poster
4,5
Voor wie houdt van prachtige, diepe stemmen als die van bijvoorbeeld David Wiffen, dan is Loverman absoluut een must! Achter Loverman gaat de Belg James De Graef schuil, bekend van de spacerockband Shht en het experimentele popduo Partners. Aan het begin van de Coronapandemie ging De Graef relationeel door een moeilijke periode. Hij bracht die tijd door in zijn ouderlijk huis in het Leuvense. Al tokkelend op zijn gitaar ontstonden de introspectieve liedjes van zijn debuutalbum Lovesongs.

Een album vooral over de liefde in al zijn aspecten, vaak met een mysterieus en donker randje. Daarnaast thema’s als verlies, identiteit en de zee, maar komt er bijvoorbeeld ook een rouwende hertogin voorbij. De liedjes werden trouwens allemaal geschreven op een oude akoestische gitaar. Als eerste de ingetogen opener Another Place, die me meteen naar het puntje van mijn stoel liet glijden. Een nummer dat de luisteraar ook meteen De Graef’s wereld intrekt, om niet meer los te laten.

De basis van de kleine liedjes is de tokkelende gitaar, die regelmatig ondersteund worden door vooral strijkers, maar bijvoorbeeld ook een orgel. In Limbo (We’ll Meet Again) doen de strijkers trouwens herinneren aan The Moody Blues in hun begintijd. Aan het slot wordt het album wat experimenteler.

Door zijn indrukwekkende optredens heeft De Graef al een behoorlijke fanbase opgebouwd. Vorige maand was hij nog support act van Tamino in Turkije en werd zijn muziek al op Radio 1 opgepikt door Ayco Duyster. Het zal volgens mij ook niet lang gaan duren voordat Lovesongs in Nederland opgepikt zal gaan worden. Er zullen maar weinig luisteraars zijn, die Lovesongs zullen kunnen weerstaan. Ik in ieder geval niet, prachtdebuut!

Bron : Music that needs attention - musicthatneedsattention.blogspot.com