MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten ABDrums als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Yes - 90125 (1983)

poster
3,0
Commerciële noodzaak, het mee moeten gaan met de tijd en nieuwe artistieke paden willen bewandelen. Het zijn drie redenen die ten grondslag liggen aan de soundswitch van de progressieve rockbands in de jaren '80. Waar hun geluid in de jaren '70 werd gekarakteriseerd door een organisch geluid, lange en avontuurlijke composities, smaakvolle instrumentale passages en innemende klanktapijten, wordt het in de jaren '80 over een andere boeg gegooid. Op 90125 hoor ik effectieve / simplistische gitaarriffs, pakkende (doch zeer monotone en saaie) zanglijnen, prominente (lelijke) synthesizers en weinig innovatieve drums. Het enige lichtpuntje is de composities, die over het algemeen goed zijn, met een enkele uitschieter naar boven. De composities zijn dan ook de enige reden dat Yes er met drie sterren vanaf komt.

Hieruit blijkt eens te meer maar weer eens dat ik nooit een liefhebber zal worden van de sound die de 80s zo karakteristiek maakten. Het is niet het type geluid waar ik van houd, de songs staan me niet aan en ik vind het gewoonweg vervelend om naar te luisteren. Het is mijn tijdperk niet en zal het ook niet worden.

Desalniettemin kan ik het wel waarderen dat het wel Yes is dat een 80s jasje aan heeft getrokken, en niet dat Yes haar eigen geluid opgeeft ten faveure van de 80s. Dit klinkt cryptisch, maar ik bedoel ermee te zeggen dat 90125 onmiskenbaar Yes is. De basissound van Yes hoor ik namelijk gewoon terug, alleen nu in een geluidsomgeving die me niet aanstaat. Daarmee zijn voor mij de geniet- en gelukmomentjes ook erg spaarzaam, maar zoals een collega van mij op het werk altijd zegt: 'Je kunt niet altijd zes gooien'. Deze geflatteerde uitspraak past perfect bij 90125, want het is jammer dat deze plaat niets voor mij is, maar er zijn genoeg andere platen van Yes waarmee ik me uitstekend weet te vermaken (dat zijn wel zessen geweest ).

Ik wil niet afsluiten met een complete zeiktirade, want zelfs op een 80s-plaat zijn er door mij wel degelijk hoogtepunten te noemen. Owner of a Lonely Heart is een nummer dat ik echt veel te vaak heb gehoord, maar ik blijf het toch wel een fijn nummer vinden. Gelukkig heeft Yes hiermee een echte hit te pakken gehad, want het is toch een prima nummer. Een nummer dat ik echt briljant vind is Changes, wat werkelijk waar zo uit de studio van Rush lijkt weg te zijn gelopen. Desalniettemin heerlijk meeslepend en spannend tot het einde. Ook Hearts vind ik nog prima te pruimen: een fijne afsluiter van dit album.

Mijn score van 3* is een krappe voldoende, wat puur en alleen komt omdat ik op deze plaat Yes nog steeds terug kan horen. Ik vrees dat wanneer dat op andere platen die nog moeten volgen niet het geval zal zijn, er onvoldoendes gaan volgen. Dat is iets wat ik een band als Yes absoluut niet gun, dus ik hoop dat dat mee gaat vallen. Gelukkig weet ik dat er nog een (naar mijns inzien) heerlijk album aan gaat komen. Welke dat is, is een verrassing

Stand:

1. Relayer - 5*
2. Close To The Edge - 5*
3. Going For The One - 4.5*
4. Fragile - 4*
5. The Yes Album - 4*
6. Drama - 4*
7. Time And A Word - 4*
8. Yes - 3.5*
9. 90125 - 3*
10. Tormato - 3*
11. Tales From Topographic Oceans - 3*

Yes - Big Generator (1987)

poster
2,0
Ik was er al bang voor...

Bij 90125 sloot ik mijn bericht af met de volgende woorden:
ABDrums schreef:
Mijn score van 3* is een krappe voldoende, wat puur en alleen komt omdat ik op deze plaat Yes nog steeds terug kan horen. Ik vrees dat wanneer dat op andere platen die nog moeten volgen niet het geval zal zijn, er onvoldoendes gaan volgen. Dat is iets wat ik een band als Yes absoluut niet gun, dus ik hoop dat dat mee gaat vallen.

Helaas blijkt het niet meegevallen te zijn. Ik hoor wel wat Yes elementen terug, maar dat is bij lange na niet voldoende om het schip te laten stoppen met zinken. Het voelt alsof ik naar een 'doorsnee' jaren 80 bandje aan het luisteren ben, en niet naar een band die vanaf hun oprichting tot aan 90125 een vrij eigen en uniek geluid hadden. Waar ik op 90125 nog wel enig begrip op kon brengen voor de koerswijziging, is Big Generator voor mij gewoon een no-go. Ik heb al vrij weinig met de sound van de jaren '80, dus dat helpt al niet mee, maar daarnaast zijn de composities hier simpelweg veel te vlak en is de productie veel te druk / vol.

En de spaarzame hoogtepunten die hier te vinden zijn (ik noem Shoot High, Aim Low bijvoorbeeld) doen me gewoon helemaal niets. Relatieve hoogtepunten zou ik het willen noemen, wanneer ik deze songs afzet tegen het vroegere materiaal van de band. Ergens is dat natuurlijk oneerlijk om te doen, maar ik wil er alleen maar mee zeggen dat ik de 80s kwalitatief veel minder vind dan de 70s en dat de archetypische 80s sound voor mij staat voor massa, kwantiteit en geld, en niet voor persoonsgebondenheid, spelplezier en kwaliteit (uitzonderingen daargelaten uiteraard).

Ik houd er niet van om veel woorden vuil te maken aan een plaat waar ik niks aan vind. Dat vind ik respectloos jegens diegenen die die muziek wel mooi vinden en de plaat wel een voldoende schenken. Progrock bands die jaren '80 hun koers wijzigden ten opzichte van de jaren '70 zijn wat mij betreft sowieso gevaarlijk bezig (dat ontkent bijna niemand), maar voor mij pakt die koerswijziging negen van de tien keer desastreus uit (wederom, uitzonderingen daargelaten natuurlijk). Ik heb niks met de kortere puntige songstructuren, de blikkerige drums, de monotone en saaie gitaarriffs en de verschrikkelijk klinkende synthesizers. Nee, de 80's en ik zullen nooit goed met elkaar overweg kunnen. Big Generator en ik ook niet: een album dat ik het liefst zo gauw mogelijk vergeet.

Stand:

1. Relayer - 5*
2. Close To The Edge - 5*
3. Going For The One - 4.5*
4. Fragile - 4*
5. The Yes Album - 4*
6. Drama - 4*
7. Time And A Word - 4*
8. Yes - 3.5*
9. 90125 - 3*
10. Tormato - 3*
11. Tales From Topographic Oceans - 3*
12. Big Generator - 2.5*

Yes - Close to the Edge (1972)

poster
5,0
Eenieder die zich waagt aan de wijde wereld van de progressieve rock is uiteraard in bepaalde mate bekend met dit album. Door velen gezien als het magnum opus van Yes en als één van de beste progressieve rock platen allertijden (kijk bijvoorbeeld maar op progarchives) gaat het hier natuurlijk over het album met de moerasgroene hoes: Close To The Edge.

Het titelnummer Close To The Edge is met afstand één van de allerbeste - zo niet de allerbeste - progepic(s) ooit. lennert zet dit in zijn recensie geweldig uiteen. Ik wil me daar dan ook volledig bij aansluiten en verwijs met veel plezier naar zijn beschrijving van het titelnummer en het album als geheel.

Voor mij symboliseert Close To The Edge een soort 'circle of life'-gevoel, net zoals bijvoorbeeld A Change Of Seasons van Dream Theater dat ook heeft, waarbij de metafoor van de seizoenen de verschillende stadia in het leven symboliseren. Ook het geluid van de natuur en de tjirpende, fluitende vogeltjes aan zowel het begin en het einde dragen bij aan dit 'circle of life'-gevoel, waarbij je aan het einde het gevoel hebt dat alles weer rond is. Zo werkt natuurlijk ook de natuur: alle dingen die de natuur schept beginnen klein (een foetus bijvoorbeeld) en eindigen klein (de dood reduceert alles tot stoffelijke resten, tot niets dus eigenlijk). Tevens symboliseert het einde wellicht een nieuw begin: het ene mensenleven eindigt terwijl ergens anders een ander mensenleven op het punt staat te beginnen en tot bloei te komt. Kortom: Close To The Edge nodigt uit tot oneindig filosoferen over het leven en de wereld in het algemeen.

Ten slotte hecht ik erg veel waarde aan het titelnummer op persoonlijk vlak, wat maakt dat het nummer voor mij toch een beetje extra glans met zich meebrengt en het zich goed en wel nestelt in mijn lijstje van favoriete songs allertijden.

And You and I is totaal anders van karakter dan het titelnummer, maar minstens zo geniaal. Er wordt hier veel meer ingespeeld op elementen uit folk en het hele stuk klinkt een stuk luchtiger dan Close To The Edge (en Siberian Khatru). Het hoogtepunt van dit nummer, en één van de mooiste momenten op de plaat, is de overgang van deel I naar deel II: de synthesizer-lijn van Wakeman hier in combinatie met de wegebbende stem van Anderson, waarbij de drums met een simpel-lijkend ritme invallen is werkelijk wonderschoon! Daarnaast bevat ook And You and I prachtige filosofische teksten van Anderson, zoals:

Coins and crosses never know their fruitless worth
Cords are broken, locked inside the mother earth
They won't hide, oh, they won't tell you
Watching the world, watching all of the world
Watching us go by

Siberian Khatru is het meest speelse en up-tempo nummer van Close To The Edge. Waar And You and I vooral luchtig en wat trager was, klinkt Siberian Khatru gedrevener, sneller en daardoor ook wat puntiger (ten opzichte van de rest). In tekstueel opzicht is dit nummer ook het meest zweverig en hippie-achtig, terwijl muzikaal gezien dit nummer het minst hippie-achtig is van het album: een grappige paradox.

Ik lees hierboven dat Close To The Edge in september van dit jaar Abraham ziet. Dat geeft des te meer aan hoe goed dit album is en hoe het met gemak de tand des tijds heeft doorstaan: het had bij wijze van spreken gisteren opgenomen kunnen worden, waarbij de muziek totaal niet gedateerd klinkt, maar zich juist kenmerkt door een enorme hoeveelheid inspiratie, frivoliteit en muzikaal vakmanschap.

Het is ook om deze reden dat Yes met deze drie ijzersterke composities op Close To The Edge (progressieve) rockgeschiedenis schrijft. Dit is een album waar menig muzikant zijn/haar inspiratie uit haalt en waar tot op de dag van vandaag mensen van over de hele wereld geïnspireerd en ontroerd door raken, zelfs vijftig jaar na datum. En als je dat bereikt hebt, dan ben je met recht één van de besten te noemen...

Stand:

1. Close To The Edge - 5*
2. Fragile - 4*
3. The Yes Album - 4*
4. Time And A Word - 4*
5. Yes - 3.5*

Yes - Drama (1980)

poster
4,0
Yes herstelt zich na het DRAMAtische Tormato!

En dat is naar mijn idee toch erg verrassend te noemen na het slippertje dat Tormato heet. Zeker gezien het feit dat Tormato meer richting de kortere songstructuren begon te bewegen en je dus verwacht dat daar op Drama verder mee wordt geëxperimenteerd. Het is echter voornamelijk een verrassing te noemen omdat Yes zich weet te herstellen zonder twee belangrijke steunpilaren, Jon Anderson en Rick Wakeman, omdat zij de band tegen deze tijd hadden verlaten. Trevor Horn op zang en Geoff Downes op keyboards vervangen de twee mannen die onlosmakelijk met Yes zijn verbonden.

Voordat deze marathon begon was ik niet bekend met dit album, en dus ook niet met Machine Messiah. Ik ben blij dat daar bij deze verandering in is gekomen, want wat een dijk van een song is dit zeg! Naar mijn mening met gemak de beste albumopener van Yes sinds Close To The Edge (nee, ik beschouw The Gates of Delirium niet als albumopener van Relayer). Ik wist echt niet wat ik hoorde toen ik de eerste minuut van Machine Messiah hoorde. Het lijkt potverdorie bijna wel metal, maar dan met de typische Yes-keyboard klanken er overheen die, gezien de tijdsperiode, al behoorlijk 80s-achtig aandoen. Vooral de rustige tussenstukken, waarmee ik bijvoorbeeld het stuk vanaf 5:50 bedoel, bezorgen me echt bakken met kippenvel, maar over de hele linie is dit nummer gewoon ijzersterk! Het kan daarmee naar mijn mening zeker in het rijtje Close To The Edge, The Gates of Delirium en Awaken gevoegd worden.

Het volgende hoogtepunt dient zich aan met Does It Really Happen, waar Chris Squire maar weer eens laat horen een kanjer van een bassist te zijn. Ik krijg meermaals het idee dat Geddy Lee van Rush hier te horen, ook al zou je natuurlijk eerder moeten beweren dat je Chris Squire op een Rush album hoort spelen in plaats van vice versa. Ondanks het feit dat ik een hekel heb aan de archetypische sound van de 80s (maar das een ander verhaal), is dit nummer heerlijk swingend en funky en komen zelfs de 80s synthesizers hier bijzonder goed uit de verf. Bij vlagen doet het nummer me wel wat aan Parallels denken van het album Going for the One, een nummer dat me toen zeer goed beviel. Dit alles neemt echter niet weg dat het middenstuk (vanaf ongeveer 2:45), ondanks Squire's geweldige basswerk, niet helemaal mijn ding is. Vooral de wat saaie en foute zang doet het daar bij mij niet goed.

Hierna volgen twee nummers die mij persoonlijk wat minder doen, namelijk Into the Lens en Run Through the Light. Het wordt hier nergens slecht of belabberd (afgezien van de vreselijke tekst van eerstgenoemde...), maar deze twee nummers glijden constant langs me heen en doen me eigenlijk niets.

Het laatste nummer is op Machine Messiah na mijn favoriet: Tempus Fugit, wat een heerlijke afsluiter. Een fijne openingsriff van Steve Howe, fabuleus bass-spel van Chris Squire, strak drumwerk van Alan White (RIP) en sfeervolle synthesizers van Downes. Daarnaast laat Yes in de coupletten een kant zien die het nog niet eerder heeft laten zien, namelijk een beetje Reggae-achtig (dat is tenminste wat ik er in de verte in hoor).

Al met al is Drama een album waar Yes zich revancheert na het belabberde Tormato, maar waar de band ook niet naar grote hoogtes weet te stijgen. Enerzijds zit het compositioneel allemaal weer erg goed in elkaar, wat een grote voortuitgang is ten aanzien van Tormato. Anderzijds staat de 80s sound zoals deze op dit album alom vertegenwoordigd is mij vaak niet helemaal aan. Ook zijn er een aantal momenten, ik heb ze reeds benoemd, die me hier echt niet aanstaan. Om die reden plaats ik Drama in de stand ook net onder The Yes Album, omdat de sound van de eerdere Yes-albums me veel beter ligt dan de latere 80s sound. Ten slotte nog een kleine opmerking over de zang: ik vind deze zeker niet storend, maar ik kan me ook wel vinden in de opmerking die Edwynn maakte over de zang van Trevor Horn. Soms klinkt hij inderdaad wat als een slap aftreksel van Jon Anderson.

Ondanks deze kritiekpunten ben ik zeer content met de ontdekking van twee nieuwe toppers genaamd Machine Messiah en Tempus Fugit, dus ik mag zeker niet klagen. Op naar de volgende!

Stand:

1. Relayer - 5*
2. Close To The Edge - 5*
3. Going For The One - 4.5*
4. Fragile - 4*
5. The Yes Album - 4*
6. Drama - 4*
7. Time And A Word - 4*
8. Yes - 3.5*
9. Tormato - 3*
10. Tales From Topographic Oceans - 3*

Yes - Fragile (1971)

poster
4,0
Fragile, vrij vertaald in het Nederlands naar 'breekbaar', is een titel die uitstekend bij het vierde studioalbum van Yes past. Bij The Yes Album vermeldde ik het wisselende succes waarmee de heren van Yes op die plaat composities afleverden: Yours Is No Disgrace als hoogtepunt en Perpetual Change als dieptepunt compositorisch gezien.

Op Fragile zit het wat betreft de composities wel snor: Roundabout, South Side of the Sky en Heart of the Sunrise zijn inderdaad songs die gemakkelijk kunnen worden gerekend tot het beste wat Yes in haar illustere carrière heeft uitgebracht.

Je zou het structureren van een album als geheel echter ook als een vorm van componeren kunnen zien. En wat dit punt betreft gaan de heren van Yes met hun breekbare vierde album volledig de mist in. Componeren op song-niveau is de heren uitstekend gelukt (zie de reeds genoemde nummers), maar op albumniveau is Yes er met vlag en wimpel in geslaagd er een puinhoop van te maken.

Ik ga positief beginnen: Roundabout is een terechte klassieker en verdient niets anders dan lof. Gemakkelijk één van mijn (en van menig ander) favoriete nummers van Yes. Alles klopt: het subtiele intro van Howe, de stuwende bass van Chris Squire (wat een fenomeen is het toch), de zang van Anderson, de fusion-jazzy drums van Bruford en de iconische keyboard-riedeltjes van de enige echte Rick Wakeman. Al met al op en top Yes dus.

Ook South Side of the Sky is zo'n geweldige compositie. Het heeft een helder afgebakend intro, gevolgd door een rustig middenstuk met de piano in de hoofdrol, wat uiteindelijk uitmondt in een fijne climax (die weer teruggrijpt op het intro). Een fijne compositie die helemaal rond is, met kleurrijke harmonieën en melodieën: smullen!

Heart of the Sunrise is nog zo'n Yes-klassieker en eveneens één van mijn favorieten. Het is echt één van de sterkste composities uit de Yes-catalogus, waarbij ook nog eens van alles en nog wat voorbij komt vliegen. Het nerveuze intro en een ultieme bass-groove die elkaar afwisselen, waarna er een soort bovennatuurlijk couplet komt met een welhaast sereen karakter (ik denk dan altijd dat Anderson de luisteraar als een soort alwetende verteller hier toespreekt). Er komt vervolgens nog een lang instrumentaal gedeelte met onder andere een keyboard solo, waarna het outro afsluit met een variatie op We Have Heaven.

We Have Heaven brengt mij meteen bij het grote minpunt van Fragile, tezamen met de andere mini-composities die dit album kent. Het is namelijk zo dat Fragile als album totaal niet werkt: de solo-composities van de verschillende bandleden verstoren de hele flow van het album, waardoor het niet prettig is om naar te luisteren. Dat neemt natuurlijk niet weg dat deze kortere songs geen hoogtepunten krijgen: op The Fish laat Chris Squire nog maar weer eens zien dat hij tot één van de beste bassisten ooit gerekend kan en mag worden en Mood for a Day bevat lekkere Latijns-Amerikaanse gitaarlijnen (ookal denk ik dat dit nummer wel wat korter had mogen duren). Ook Long Distance Runaround is toch wel een aardig nummer, maar doet me niet bijster veel. Desalniettemin zit het nummer, dat op het eerste gehoor simpel klinkt, behoorlijk goed in elkaar: een vernuftig drumritme waarbij de accenten telkens verschuiven, het speelse karakter van Howes gitaarspel en de fijne bass van Squire (op dit nummer komt de link met Rush duidelijk naar voren).

Het fragiele vierde studioalbum van Yes is een compositorisch gefaald experiment. Waar het idee van enkele solo-composities heel aardig is, komt dat op Fragile totaal niet uit de verf. Cans and Brahms, We Have Heaven en Five per Cent for Nothing zijn allen Yes onwaardig, maar omdat deze nummers gezamenlijk zo'n 7 minuten in beslag nemen, valt de schade te overzien.
Yes stelt me hier enigszins teleur, maar maakt me toch blij met drie iconische composities. Om die reden heb ik Fragile net een tikkeltje hoger zitten dan The Yes Album, maar het scheelt niet veel.

Stand:

1. Fragile - 4*
2. The Yes Album - 4*
3. Time And A Word - 4*
4. Yes - 3.5*

Yes - Going for the One (1977)

poster
4,5
Met het schaamrood op de kaken moet ik bekennen enkel tot Relayer bekend te zijn met Yes' muziek. Alles na Relayer is voor mij, totdat deze marathon is afgelopen, 'muzikaal abacadabra'. Stiekem was dat ook één van de achterliggende gedachten om deze marathon te gaan doen: bekend raken met het complete oeuvre van Yes en wellicht enkele nieuwe pareltjes ontdekken waar ik me mee kan vermaken. Ik kan gelukkig melden dat het eerste onbekende pareltje ontdekt is. Dat pareltje draagt de naam 'Going For The One'.

In de muziek heb je altijd bepaalde dingen waar je een zwak voor hebt. Voor mij zijn dat drie zaken (en daarnaast vast nog wel meer): concept albums, prominente/show-stelende bassisten en orgels. Ik kan bijvoorbeeld intens genieten van het orgel op Muses Megalomania (vooral de geremixte versie) en op Close To The Edge. Laat het dan nu net mijn geluk zijn dat Rick Wakeman op Going For The One heeft besloten het orgel centraal te stellen en het een prominente rol in zijn toetsenarsenaal te geven . Luister bijvoorbeeld naar Parallels, een nummer dat eigenlijk volledig gecentreerd is rondom het orgel. Maar ook in Awaken, wederom een fabelachtige epic die met gemak naast Close To The Edge en The Gates of Delirium geplaatst kan worden, speelt het orgel een prominente rol (vooral vanaf 5:43. Echt een lust voor het oor).

Van de vijf composities op Going For The One springen er voor mij drie uit: het titelnummer, Parallels en Awaken. Going For The One, titelnummer en plaatopener in één, begint met een smeuïge riff van Steve Howe, waarna alle elementen van de typische Yes-sound aan bod komen: Chris Squires ronkende bass, Alan Whites swingende drums, de frivole / speelse keyboardriedeltjes van Rick Wakeman en de uit duizenden herkenbare stem van Jon Anderson. Vooral het refrein op Going For The One vind ik erg gaaf; één van de meest catchy refreinen die ik Yes tot nu toe heb horen spelen.

Parallels is het volgende pronkstukje op Going For The One. Geweldig om te horen hoe het overheersende orgel, tezamen met de stuwende, Rush-achtige (alhoewel je eerder bij een Rush nummer van een Yes-achtige bass moet spreken ) bass dit nummer draagt. Parallels klinkt voor mij heel ongedwongen, natuurlijk en speels. Het spelplezier van de mannen van een slordige 45 jaar geleden spat er vanaf, en die energie wordt overgedragen en meegegeven aan de luisteraar. Heerlijk!

Ten slotte Awaken, één enkel nummer dat bijna 40% van de speeltijd van Going For The One beslaat. Yes laat hier eens te meer maar weer eens horen waarom zij terecht tot één van de beste progressieve rockbands aller tijden te worden gerekend, want Awaken is een beest van een nummer. Voor mij bestaat dit nummer eigenlijk uit twee nummers, die naadloos in elkaar overgaan. Vanaf 0:00 tot en met 6:31 wordt er rustig begonnen en richting een climax toegewerkt, met het reeds genoemde orgelriedeltje op 5:43 als absoluut hoogtepunt. Vervolgens haalt men het gas eraf en wordt vanaf 6:31 tot en met 15:31 langzaam richting een andere climax toegewerkt, noot voor noot, instrument voor instrument en laagje voor laagje. Awaken eindigt zoals Going For The One begon: met een smeuïg riff(je) van Steve Howe...

Going For The One is, na twee klassiekers (Close To The Edge en Relayer) en één mispeer (Tales From Topographic Oceans) een album waarop Yes zich meer focust op de songs zelf. De drie voorafgaande albums waren gevuld met uitwaaierende passages, virtuoze solostukken en instrumentale complexiteiten. Gezien het feit dat deze kenmerken inherent zijn aan de Yes-sound, en dus ook op Going For The One aanwezig zijn, valt het mij op dat er op dit achtste studioalbum meer nadruk wordt gelegd op de songs zelf, op de composities. Precies dat maakt Going For The One onderscheidend van andere albums binnen de discografie van Yes en dat is, naast reeds genoemde redenen in dit lange bericht, waarom Going For The One voor mij een 'onbekend pareltje' is, alhoewel ik nu kan zeggen dat het een 'bekend pareltje’ is...

4.5*

Stand:

1. Relayer - 5*
2. Close To The Edge - 5*
3. Going For The One - 4.5*
4. Fragile - 4*
5. The Yes Album - 4*
6. Time And A Word - 4*
7. Yes - 3.5*
8. Tales From Topographic Oceans - 3*

Yes - Relayer (1974)

poster
5,0
Ik vrees dat ik veel Yes-liefhebbers tegen me in het harnas ga jagen door te zeggen dat Relayer stiekem één van mijn favoriete albums van de Britse progressievelingen is. Sterker nog, ik heb sterk de neiging het boven Close To The Edge te zetten. Het is een beetje mijn 'guilty pleasure van Yes' oeuvre' als ik het zou moeten omschrijven.

Altijd wanneer ik een nieuw album tegenkom dat mijn muzikale enthousiasme wekt, zoek ik voordat ik het ga beluisteren even een recensie op. Gewoon, een algemeen beeld voor mezelf creëren van wat ik ongeveer zou kunnen verwachten. Wat over het algemeen de highlights zijn en wat als 'minder' wordt ervaren. Zodoende deed ik dat toentertijd ook voor Relayer, waarna ik op deze recensie stuitte. Om bij voorbaat al in een alternatieve volgorde naar Relayer te luisteren vond ik wat overdreven: ik wilde eerst voor mezelf bepalen of het album, zoals de recensie schrijft, inderdaad ‘onevenwichtig’ is te noemen.

En verrek, of de recensie de spijker niet volledig op zijn kop slaat... Na enkele luisterbeurten merkte ik bij mezelf dat ik totaal niet kon genieten van het album. Ik weet niet of dat kwam doordat Relayer op het eerste gehoor vrij veel is om muzikaal te verteren of dat het kwam door de volgorde van de nummers. Ik wist in ieder geval dat ik iets anders moest proberen, want de luisterbeurten die ik er al op had zitten hadden zeker geen slechte indruk achtergelaten: Relayer bevatte genoeg kwaliteit, maar het pakte me niet. Toen schoot me ineens de recensie te binnen en het idee om Relayer in een andere volgorde te luisteren: proberen maar!

Daarna begon het liefdesverhaal tussen mij en Relayer op te bloeien, want ik ben toch wel een klein beetje verliefd op deze plaat. Relayer bevat slechts drie composities, die ik standaard beluister in de volgorde: Sound Chaser - To Be Over - The Gates of Delirium. Alle drie zijn het schoten in de welbekende roos.

We beginnen Relayer met Sound Chaser, wat mij betreft meteen de (relatief gezien) 'minste' song van de plaat en de song waarbij het kwartje bij mij pas heel erg laat viel. Meteen wordt duidelijk dat we hier uiteraard niet met de heer Wakeman te maken hebben, maar met een nieuwe toetsenist: Patrick Moraz. Zijn jazz-fusion-achtige insteek is op de hele plaat merkbaar en zorgt er ook voor dat Relayer echt op zichzelf staat binnen de discografie van Yes (Relayer zou namelijk ook de enige studioplaat zijn waar Moraz bij betrokken zou zijn).

Verder presteert Sound Chaser het om haar naam volledig eer aan te doen. De luisteraar wordt meegezogen in een sonische, negen en een half minuten durende rollercoaster, waarbij Yes van hot naar her springt. Op het eerste gehoor kon ik hier helemaal niks mee, maar na hard doorzetten en vele luisterbeurten kan ik toch wel zeggen dat Sound Chaser voortreffelijk in elkaar zit. Op de manier hoe ik er naar luister bestaat het nummer uit drie delen: een knotsgek intro waarin elk bandlid volledig uit zijn plaat gaat (0:00 - 3:01), een etherisch klinkend middenstuk (3:01- 6:14) en tot slot (weer) een drukke sectie, waarmee het nummer uiteindelijk eindigt. Tekstueel gezien lijkt het nummer te gaan over de staat van verliefdheid, dat in de tekst (en zeker ook met de muziek) gecombineerd wordt met het concept van geluid, wat natuurlijk een leuke verwijzing is naar de titel van het nummer en de muziek in het algemeen:

From the moment I reached out to hold, I felt a sound
And what touches our soul slowly moves as touch rebounds
And to know that tempo will continue
Lost in the trance of dances as rhythm takes another turn
As is my want, I only reach to look in your eyes

To Be Over vormt binnen de plaat een heerlijk rustpunt na het drukke (en daardoor enigszins vermoeiende) Sound Chaser en het epische The Gates of Delirium dat dan nog moet komen. Net als bij Sound Chaser doet ook To Be Over haar naam eer aan. Het nummer begint met een heerlijke oorwurm (zijn het twee keyboards of één keyboards met de gitaar van Howe?), waarna in het verdere verloop de sfeer heerlijk luchtig blijft. Die luchtige sfeer schijnt ook door in de lyrics: Wanneer het slecht gaat, realiseer je dat je je geen zorgen hoeft te maken, het komt allemaal goed. Vooral het tweede deel van To Be Over kan me bekoren: het voelt zo episch en voldaan aan, dat het klinkt alsof het ‘af’ is (dat is heel erg vaag, want het is lastig uit te leggen). Subliem nummer

Yes heeft echter, met deze alternatieve tracklist, het beste voor het laatst bewaard: het 22 minuten lange The Gates of Delirium heeft de eer Relayer af te sluiten. Ik weet nog wel dat toen ik het voor de eerste keer beluisterde, ik een beetje verward achter bleef. 'Delirium', wat betekent dat nou? Na een kortstondig tripje op het wereldwijde web komen we erachter dat met een 'delirium' een 'toestand van geestelijke verwardheid' wordt bedoeld. En wederom moet ik concluderen dat ook The Gates of Delirium haar naam behoorlijk eer aan doet, want een titel die pretendeert 'de poort van de toestand van geestelijke verwarring' te zijn, sluit naadloos aan bij de thematiek die achter dit nummer schuilgaat.

Het nummer is gebaseerd op het literaire werk 'Oorlog en Vrede' van Lev Tolstoj. Ik kan hier wel een hele oratie gaan houden over de tekst van The Gates of Delirium en over hoe het nummer muzikaal en tekstueel gezien gekoppeld kan worden aan het werk van Tolstoj, maar ik moet eerlijk bekennen dat ik Tolstojs werk (nog) niet heb gelezen (wat ik toch met enige schaamte moet bekennen, aangezien het één van de hoogtepunten in de wereldliteratuur schijnt te zijn) en me nog nooit heb verdiept in de tekst van The Gates of Delirium. Desalniettemin kan ik constateren dat het middendeel de daadwerkelijke oorlogsscène representeert (wat echt heel erg goed gedaan wordt en waar ik, als beelddenker, heel erg door wordt geraakt) en dat het laatste deel, Soon, eigenlijk een soort eureka-moment is (in de lyrics wordt dit in een metafoor gegoten middels 'het licht') waarbij er gerealiseerd wordt dat wij als mensen niks hebben aan oorlog voeren:

Soon, oh soon the light
Ours to shape for all time, ours the right
The sun will lead us
Our reason to be here

Als laatste wil ik nog even stilstaan bij de hoes van Relayer. Ik durf toch wel met enige zekerheid te stellen dat deze hoes één van mijn favoriete hoezen ooit is. De volgende quote van maker Roger Dean beschrijft treffend wat het idee achter deze fabelachtige hoes was:
The album's sleeve was designed and illustrated by English artist Roger Dean, who had designed artwork for the band since 1971, including their logo. In his 1975 book Views, Dean picked the cover as his favourite for Yes, and the recording he enjoyed the most. He revealed his intention of depicting "a giant 'gothic' cave" for the sleeve, "a sort of fortified city for military monks". The painting originated from a watercolour sketch Dean had done while studying in college. Speaking about the cover in 2004, he said: "I was playing with the ideas of the ultimate castle, the ultimate wall of a fortified city. That was more of a fantastical idea. I was looking for the kinds of things like the Knights Templar would have made or what you'd see in the current movie Lord of the Rings. The curving, swirling cantilevers right into space." The images depicted in many of Dean's album covers set an otherworldly tone and are an identifiable part of the band's visual style. For Relayer, the warriors on horseback reflect the lyrical themes of war present in "The Gates of Delirium".

Al met al is te stellen dat Yes hier, wederom, een totaal andere weg in slaat. Met Tales from Topographic Oceans raakte Yes me kwijt, maar met Relayer pakken ze me volledig terug. De marathon dwingt me Relayer boven of onder Close To The Edge te zetten, en ik denk toch dat Relayer een nipte nummer één positie te pakken heeft. Relayer overdondert me meer en is een plaat die ik liever opzet dan Close To The Edge. Geheel objectief ben ik echter niet, want Relayer is eigenlijk mijn stiekeme favoriet: mijn 'guilty pleasure Yes plaat'. Dat maakt dat ik toch het hoge woord eruit moet halen: Relayer is mijn favoriete Yes plaat.

Stand:

1. Relayer - 5*
2. Close To The Edge - 5*
3. Fragile - 4*
4. The Yes Album - 4*
5. Time And A Word - 4*
6. Yes - 3.5*
7. Tales From Topographic Oceans - 3*

Yes - Tales from Topographic Oceans (1973)

poster
3,5
Voordat ik aan deze door mezelf opgelegde marathon begon zag ik enorm op tegen Tales From Topographic Oceans. Dat komt door alle, overwegend negatieve, verhalen rondom deze plaat en het feit dat ik (mede door die negatieve verhalen) deze plaat altijd links heb laten liggen. Na deze plaat de afgelopen twee weken toch zeker zo'n 10 tot 15 keer te hebben beluisterd, durf ik het wel aan hier een mening over te geven: Ik kan me voorstellen waarom mensen deze plaat geweldig vinden, maar ik moet eerlijkheidshalve zeggen dat het mij 'op dit moment' niets doet en dat het simpelweg niet een plaat voor mij is. Ik plaats 'op dit moment' expres tussen aanhalingstekens, iets waar ik aan het einde op terugkom.

Tales from Topographic Oceans is het zesde studioalbum van Yes en tegelijkertijd de meest ontoegankelijke tot dan toe. Vier immense, kolossale composities waarover in de afgelopen decennia enorm veel kritiek, ongenoegen en haat is gespuwd. Deels ben ik het daarmee eens, deels ook niet. Zo vind ik bijvoorbeeld, en dat mag je natuurlijk ook wel van Yes verwachten, dat er op Tales enorm knap gemusiceerd wordt door de heren. Van enige gezapigheid of een gebrek aan muzikale inspiratie is op Tales zeker geen sprake. Dat neemt niet weg dat de vier composities, afgezien van enkele individuele momenten, mij helemaal niets doen. Het pakt me niet bij de strot zoals een Close To The Edge, Heart of the Sunrise, The Gates of Delirium of Awaken, maar laten me altijd verwonderd naar de timer kijken om af te tellen hoe lang ik nog naar het geheel moet luisteren voordat het voorbij is.

Dat is dan ook de kritiek die ik op dit album heb, wat maakt dat Tales me niet kan bekoren. De combinatie van de te lange duur van het album, tezamen met de oninteressante composities maakt dat Tales op dit moment niet aan mij is besteed. Daarnaast komt het hele concept waar Tales om draait (hindoeïstische teksten) te zweverig over op een nuchtere Fries als ik.

Daarmee kom ik terug op mijn reeds geformuleerde oordeel: Tales is een plaat waarvan ik kan begrijpen dat mensen dit geweldig vinden, maar het is één die gewoonweg niet aan mij is besteed. Daar wil ik tegelijkertijd wel een belangrijke kanttekening bij plaatsen, aangezien ik hier veel lees dat Tales een plaat is die moet 'rijpen', waarbij het kwartje pas na een heel lange tijd valt. Nu is dat ook het gevoel dat ik bij Tales krijg wanneer ik er naar luister: het zou mij niets verbazen dat ik dit over een jaar of 20 zomaar 4 of 5 sterren geef en dat het kwartje dan wel gaat vallen. Hans Brouwer formuleerde hierboven zijn eigen ervaring met Tales, wat ook betrekking heeft op wat ik bedoel:

Hans Brouwer schreef:
(quote)
Bijna een jaar geleden schreef ik bovenstaand bericht...... Als 16, 17 jarig jongetje had ik veel moeite met "Tales from Topographic Oceans". Dankzij corona heb ik het laatste jaar veel thuis mogen werken. Gedurende die thuiswerk periode heb ik de geremasterde "Tales..." een aantal keren gedraaid. Steeds meer tot genoegen. Na ruim 40 jaar is het kwartje dan eindelijk gevaĺlen. Een top album van Yes! 5*****

Een dergelijk proces met Tales From Topographic Oceans sluit ik in de toekomst zeker niet uit, aangezien Tales ook wel een plaat is die zich na heel wat tijd en moeite pas echt helemaal ontvouwd (daarmee is de plaat ook niet echt geschikt voor een marathon).

Tales From Topographic Oceans is ondoorgrondelijk, kolossaal en complex. Negatief zou je denken, maar de drie bovenstaande termen die van toepassing zijn op dit album herbergen in zekere zin ook nog een ander gevoel dat Tales bij me oproept, namelijk een gevoel van uitdaging. De uitdaging om Tales juist wel te doorgronden, om de conceptuele achtergrond helemaal op waarde te schatten (ook al is het concept erg zweverig...) en om te snappen waar de composities precies heen gaan. Het is dan ook niet zo dat Tales zo dramatisch is als dat sommige verhalen beweren, aangezien er genoeg genietmomenten zich aandienen en er sprake is van een uitzonderlijk hoge graad van muzikaal vakmanschap. Dit neemt echter niet weg dat Tales als geheel voor mij, op dit moment, niet werkt, wat maakt dat ik op 'slechts' 3 sterren uitkom. Maar zoals gezegd: met Tales sluit ik niks uit voor de (verre) toekomst.

Stand:

1. Close To The Edge - 5*
2. Fragile - 4*
3. The Yes Album - 4*
4. Time And A Word - 4*
5. Yes - 3.5*
6. Tales From Topographic Oceans - 3*

Yes - The Yes Album (1971)

poster
4,0
Deze van Yes was me al wel bekend, maar ik had hem op een enkel nummer na nog nooit helemaal (kritisch) beluisterd. Ik merk wel op dat met dit album Yes' klassieke periode aanbreekt die de hele jaren '70 zou gaan duren. De echte Yes sound komt hier voor het eerst echt duidelijk naar voren, waar er op de voorgaande twee albums nog duidelijk gezocht werd naar een eigen geluid.

Door naar het album: het orkest van Time And A Word wordt achterwege gelaten en de toevoeging van meneer Howe is meteen duidelijk te horen. Howe heeft echt een heel kenmerkende manier van spelen die ik meteen met Yes associeer. Termen als subtiel, jazzy, swingend en catchy koppel ik aan zijn spel: een lust voor het oor.

Het album begint met een nummer dat potentie heeft om tot één van mijn favoriete Yes nummers te worden gerekend: Yours Is No Disgrace. Het is echt een geweldige compositie, waarin het briljante spel van Howe meteen is te horen. Natuurlijk steelt Chris Squire hier (zoals wel vaker) de hoofdrol met zijn onnavolgbare bass spel.

Ook Starship Trooper is uiteraard een Yes klassieker (deze had ik al wel eens gehoord), maar pakt mij op de één of andere manier wat minder. Ik heb het idee dat de compositie wat onevenwichtig is. Het lijkt wel alsof het eerder drie losse ideeën zijn die samengevoegd zijn dan dat het daadwerkelijk over één nummer gaat. Dit neemt niet weg dat het vakmanschap ook hier er weer vanaf straalt.

I've Seen All Good People vind ik ook een hoogtepunt van deze plaat. Vooral deel b. All Good People is lekker swingend en heerlijk vrolijk.

Ten slotte Perpetual Change, wat een zeer degelijk nummer is, ware het niet dat het een erg vage opbouw heeft. Ik hoor veel goede ideeën, maar compositorisch gezien vind ik het het zwakste nummer van de plaat (met uitzondering van de twee korte nummers). Voor mij doet het een beetje aan als een gemiste kans, wat toch jammer is.

The Clap en A Venture zijn voor mij de minpunten van deze plaat en vind ik allebeide een beetje flauw aandoen. Gelukkig zijn dit ook meteen de kortste nummers van de plaat, zodat deze nummers mijn waardering voor de plaat eigenlijk niet echt aantasten.

Yes laat met haar derde studioalbum steeds meer een eigen, karakteristiek geluid horen. Vooral Yours Is No Disgrace vind ik echt geweldig, waarbij ook Starship Trooper en I've Seen All Good People goede songs zijn. BoyOnHeavenHill beschreef deze plaat als "uitstekend, maar met bedenkingen". Ik kan me hier volledig in vinden, want het muzikale vakmanschap, de sound en het vermogen om fijne composities te schrijven (Yours Is No Disgrace) zijn allen aanwezig. Bij elk nummer zijn echter wel wat kritiekpunten te noemen, wat maakt dat deze plaat niet een echte topplaat is waarvan Yes er enkele zou afleveren. Zo, en nu op naar de klassieke Yes-albums!

Stand:

1. The Yes Album - 4*
2. Time And A Word - 4*
3. Yes - 3.5*

Yes - Time and a Word (1970)

poster
4,0
Fijn album dat Yes hier aflevert. Het is naar mijn mening veel sterker dan het debuutalbum, wat Time And A Word met name te danken heeft aan de sterkere composities. Het orkest dat op deze schijf door Yes wordt toegepast is even wennen, maar na een aantal luisterbeurten vind ik het niet storend. Ik durf zelfs wel te zeggen dat het orkest in de meeste gevallen een sterke toevoeging aan het totaalgeluid is (uitzonderingen daargelaten), zoals bijvoorbeeld op het titelnummer.

Wat me met name kan bekoren is de diversiteit op dit album. Van het bombastische van de openingstrack en het nummer Then (met het kalme outro dat tegenover deze hectiek wordt geplaatst) tot het jazzy Everydays en het episch-aanvoelende The Prophet.

Al met al dus een sterk album, met een hoge herbeluisteringswaarde.

Stand:

1. Time And A Word - 4*
2. Yes - 3.5*

Yes - Tormato (1978)

poster
3,0
Ik moet zeggen dat ik lichtelijk vreesde voor wat Tormato zou gaan bieden naar aanleiding van de vele succeswensen bij Going for the One. Succeswensen voor het luisteren naar een 'nieuw' album zijn voor mijn gevoel nooit echt positief, aangezien het nogal een worsteling met het desbetreffende album impliceert. Voor de echte krakers van albums krijg je normaliter 'plezierwensen' ('Veel plezier, 'geniet ervan', 'ik ben benieuwd wat je ervan vindt'). Mijn conclusie over Tormato is dat de succeswensen, helaas, op hun plaats waren.

Dat Tormato een bekritiseerd Yes album is en nogal wat stof doet opwaaien, snap ik heel goed. We hebben het hier ten slotte wel over Yes, een band die tot dusverre (1977/78) voor mijn gevoel geen draken van albums hebben afgeleverd. Ik denk dat ik Tormato niet een 'draak van een album' wil noemen (dat zou 2.5 / 2 sterren of minder betekenen), maar ik denk wel dat de aftakeling hier voor mijn gevoel ingezet wordt, zowel op creatief vlak als op het gebied van sound.

Bij Going For The One schreef ik het volgende: 'De drie voorafgaande albums waren gevuld met uitwaaierende passages, virtuoze solostukken en instrumentale complexiteiten. Gezien het feit dat deze kenmerken inherent zijn aan de Yes-sound, en dus ook op Going For The One aanwezig zijn, valt het mij op dat er op dit achtste studioalbum meer nadruk wordt gelegd op de songs zelf, op de composities'. Een blik op de tracklist van Tormato verraadt dat Yes het pad dat op Going for the One werd ingeslagen verder bewandelt: acht nummers waarvan het langste nummer nog niet eens acht minuten klokt.

Het feit dat Yes met Tormato zich nog meer op korte, puntige songs focust is de grootste kritiek die ik op het album heb. Zoals gezegd, de uitwaaierende passages, virtuoze solostukken en instrumentale complexiteiten zijn voor mij dé kenmerken waarom ik graag naar Yes luister en mezelf regelmatig in hun discografie terugvind: dat is hoe ik Yes wil horen en hoe ik Yes ken. En waar bij Going for the One deze kenmerken werden gecombineerd met een sterkere focus op de songs zelf (wat dus ook de reden is waarom dat album zo goed was), slaat Tormato daar eigenlijk in door. Met andere woorden: Op Tormato schuift Yes eigenlijk de kenmerken van haar sound aan de kant waar ik zo gek op ben en die ik juist wil horen, wat de reden is waarom ik niet van dit album houd. Om wat voorbeelden te geven: Don't Kill The Whale doet me niet zoveel, Release Release is behoorlijk kinderachtig met die drumsolo, Arriving UFO is saai (ik vind vooral de synthesizers zo rond het midden van het nummer niet fijn klinken) en Circus of Heaven, tja...

Nu mijn rol als azijnzeiker is vervuld ga ik toch enkele complimenten uitdelen. Het openingsnummer, Future Times / Rejoice doet me nog erg aan Going for the One denken en had daar denk ik niet op misstaan. Gewoon een prima nummer. Daarnaast kan ook On The Silent Wings of Freedom me erg bekoren. Vooral de tweede helft van het nummer, waar zo'n typisch etherische keyboardsoundscape van Rick Wakeman wordt gevolgd door een solo van laatstgenoemde (luisterend naar die solo kan ik niet anders dan aan Relayer denken), doet me bij vlagen denken aan de (vergane) glorie van Yes.

Tormato is voor mij het album geworden waarmee de eerste scheurtjes tussen Yes en mij zijn ontstaan. Waar Yes mij won met haar onovertroffen muzikale complexiteit, meeslepende en ingewikkelde composities, geweldige instrumentale intermezzo's en verbluffende solo's (and the list goes on...) verliest Yes mij met korte en saai-aandoende songs, een gebrek aan spanning en creativiteit en weinig hoogtepunten: een album om snel te vergeten dus. Een vraagje voor de lezer: heb ik ook succeswensen nodig voor Drama of kan ik me verheugen op enkele plezierwensen?

3*

Stand:

1. Relayer - 5*
2. Close To The Edge - 5*
3. Going For The One - 4.5*
4. Fragile - 4*
5. The Yes Album - 4*
6. Time And A Word - 4*
7. Yes - 3.5*
8. Tormato - 3*
9. Tales From Topographic Oceans - 3*

Yes - Union (1991)

poster
2,0
Nee, nee, nee. Na het teleurstellende Big Generator zinkt Yes met dit Union alleen maar verder weg. De legendarische progband van de jaren '70 is geen schim meer van zichzelf. Dat de band heeft besloten in de jaren '80 een koerswijziging door te voeren wat betreft het geluid is zeer begrijpelijk, want niet meegaan met de nieuwe tendensen binnen de muziek betekent in feite zelfmoord in de muziekwereld. Op Union, maar ook al op Big Generator, bekruipt mij echter voor het eerst het gevoel dat het compositioneel ook totaal niet meer uitdagend is.

En daaropvolgend kom ik tot de stelling dat Yes met Union in een identiteitscrisis verkeerd. Het geluidswijzigingsexperiment (wat een mooi Galgje-woord) heeft hopeloos gefaald, terwijl het andere karakteristieke element van deze band, namelijk hun compositionele vernuft, nu ook ver te zoeken is. Ik hoor zodoende niets meer en niets minder dan een 'gewoon' rockbandje dat een type muziek maakt waar ik helemaal niets mee heb. Union is voor mij een lange zit waar geen einde aan lijkt te komen en waarvan ik blij ben dat er na een dik uur een einde aan komt. RuudC slaat in zijn recensie de spijker op zijn kop door dezelfde twee elementen te noemen; Yes is vervallen tot een band die het stereotype geluid van de jaren '90 ten gehore brengt op een album dat veel te lang is en waar geen interessant materiaal op te vinden is.

Na wat zoekwerk op het wereldwijde web ben ik erachter gekomen dat dit soort rockmuziek ook wel AOR wordt genoemd. Een term die velen vast bekend in de oren klinkt, maar waar ik nog nooit van had gehoord. Het maakt het in ieder geval een stuk makkelijk dergelijke muziek te beschrijven. In ieder geval heb ik vandaag weer wat geleerd, en dat tijdens de zomervakantie.

Enfin, snel afvinken, dit Union, en door naar de volgende...

Stand:

1. Relayer - 5*
2. Close To The Edge - 5*
3. Going For The One - 4.5*
4. Fragile - 4*
5. The Yes Album - 4*
6. Drama - 4*
7. Time And A Word - 4*
8. Yes - 3.5*
9. 90125 - 3*
10. Tormato - 3*
11. Tales From Topographic Oceans - 3*
12. Big Generator - 2*
13. Union - 2*

Yes - Yes (1969)

poster
3,5
Het debuutalbum van één van de grootste progressieve rockbands: Yes. Naar mijn mening een erg sterk debuut, alleen het songmateriaal doet me niet heel veel (wat te Beatles-esque als je het mij vraagt).

Desalniettemin is de kwaliteit die de band in huis heeft hier al duidelijk te horen. Neem bijvoorbeeld het geweldige basswerk van (naar mijn mening één van de allergrootste bassisten) Chris Squire, het fijne drumwerk van Bill Bruford en de uit-duizenden herkenbare zang van Jon Anderson. De typische Yes-sound is, ondanks wat ledenwisselingen op volgende albums, hier al duidelijk te horen, ook al staat de sound hier weliswaar nog in de kinderschoenen.

De komende albums zou Yes nog vele puike albums de wereld in slingeren, waaronder enkele klassiekers. Op een debuut als deze mogen ze trots zijn. Niets op aan te merken.

3.5*