MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Kids with Buns - Waiting Room (2022)

poster
4,0
De pyjamadagen, het verplicht thuiswerken, het zielloos moeten dealen met de corona depressies. Levenshiaten die zichzelf nooit meer laten opvullen. Voor iedereen herkenbaar, maar misschien wel het meest slopende voor jongeren die genoodzaakt vriendschappelijke relaties in de ijskast zetten, de illegale ontmoetingsdwang bevechten met het nutteloos op internet rondhangen. We zijn allemaal zoekende zwervers, zwervende zoekers en slachtoffers van de opgelegde beperkingen die ons moeten beschermen tegen onwetendheid, angst en gevaarlijk contact. Waiting Room, de ongemakkelijke minuten in de wachtkamer, het gemeenschappelijke zwijgen en de innerlijke vragen die beantwoordt dienen te worden. Die oplossingen bevinden zich in het afsluitende Untitled. De verstillende aanklacht tegen het voortwoekerende egocentrisme.

Kids With Buns is een jong veelbelovend Belgisch indiepop duo. Bejubeld tijdens de door de pandemie stilgelegde Humo’s Rock Rally 2020. Triomfen bezegelend doordat Studio Brussel ze als De nieuwe Lichting 2021 betitelt. Single Bad Grades bereikt een piekpositie in De Afrekening en vervolgens hengelen Marie Van Uytvanck en Amber Piddington ook nog een groot platencontract bij V2 Records Benelux binnen. Met zo’n prachtig vooruitziend perspectief moet je toch niet de zeurende slachtofferrol spelen? Zeker wel! Sociale Media prostitutie is momenteel de enige methode om je muziek aan de man te brengen. Stagneerde kansen zorgen voor vergetelheid, we zijn zo een aantal muziekjaren verder, de tijd haalt de tijd in, de toekomst is gisteren al afgesloten.

Waiting Room, gedwongen slaapkamerisolatie. Normaal de meest romantische plek in huis, hier de afwerkplek van gevangen gehouden popmelodietjes. Verlangend om zich ontvluchtend aan de buitenwereld te presenteren. Dromerige klasse A gitaarjuweeltjes. Soms rammelend, soms juist heel steady, soms met weinig woorden, soms met die emotionele laagstemmige vocalen van Marie Van Uytvanck maar altijd de volle aandacht opvragend. Toch is het overbekende Bad Grades de sleuteltrack op deze EP, waarmee ze de aandacht op hun seksuele voorkeur richten. Nog steeds is het een lastige maatschappelijke kwestie en not done als vrouwen samen een liefdesrelatie hebben.

1712, de indrukwekkende debuutsingle waarmee ze op 17-12-2020 debuteren. 1712 is tevens het hulplijntelefoonnummer voor geweld, misbruik en kindermishandeling, een dubbele betekenis dus . De onmacht verscholen in het verzachtende gitaarspel, de verbittering waarmee het slachtoffer de schuld bij zichzelf legt. Als iemand aan het #MeToo gebeuren twijfelt, overtuigt deze track van Kids With Buns hem wel. Het is eigenlijk te triest voor woorden dat de noodzaak van dit soort nummers van belang is.

De sereniteit van het confronterende kilo verslindende Numbers handelt over het perfecte schoonheidsideaal. Afslankmethodes, calorieënvreters en verantwoordelijke gezonde diëten die hooguit als doelstelling hebben om gevoelige personen nog onzekerder over hun gewicht te maken. Een keiharde hersenspoelende protestsong die de gevaren van publiekelijk gecreëerde eetstoornissen koppelt aan modeblaadjes, kookprogramma’s en weegschalen. Een groot sluimerend vernietigend onderkend vrouwenprobleem opgelegd door voedingsgoeroes en influencers.

Vergiftigend kronkelt het The Snakes wurgcontract zich beminnend beklemmend om het tweetal heen. Verraderlijk liefkozend, hypnotiserend in bedwang gehouden door de trefzekere duisternis opslokkende postpunk gitaarakkoorden van Amber Piddington. Soms heb je niet meer dan twintig minuten nodig om op prachtige wijze wonderschone popliedjes te overspoelen met een overdosis aan zielenpijn, verdriet en onmacht, maar hoop je stiekem wel op een volwaardige plaat.

Kids with Buns - Waiting Room | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Killing Joke - Killing Joke (1980)

poster
4,0
Killing Joke is met hun debuut misschien wel de missing link tussen punk en post-punk.
Deze hoes had ook gepast bij een band als Crass of Dead Kennedys, zo ook die van Laugh? I Nearly Bought One!
Het is allemaal een stuk agressiever dan de post-punk, maar wel melodieuzer dan de punk.
Jaz Coleman is boos op de wereld, en waarschijnlijk speelt het feit ook mee dat hij deze niet alleen kan veranderen.
Mission Impossible.
Dit is de soundtrack van het ondergrondse verzet, welke zo geplaatst kan worden in George Orwells 1984.
Als Big Brother ons dan toch toe lacht, laten we dan alles proberen om zijn overheersende blik te saboteren.
Killing Joke is meer het communistische Sovjet Unie dan het kapitalistische Verenigde Staten.
Het is ook onduidelijk welke kant er op gevlucht wordt op de albumhoes.
Gaan we richting West Berlijn, of juist richting Oost Berlijn?

Killing Joke - Night Time (1985)

poster
4,0
Night Time.

Flatgebouwen met verlichte kamers.
Je kunt precies waarnemen waar de nachtbrakers leven.
Voor inbrekers nodigt het uit tot een ongewenst bezoek.
Angst om alleen thuis te zijn.

Gesloten gordijnen met gedempt licht.
Gezelligheid en warmte.
Maar ook gebeurtenissen die het daglicht niet mogen aanschouwen.
Huiselijk geweld en mishandeling.
Angst om niet alleen thuis te zijn.

In de zang van Jaz Coleman ervaar ik paranoia.
Kwaadheid en frustraties.
Zijn stem als een bevriezende adem.
Persoonlijke Koude Oorlog die via zijn mond de ziel binnen dringt.
Een roeper in het land van de doven.
De kraker die uiteindelijk zwikt voor het rechtssysteem.
Door de acceptatie van een huursubsidie.

Het album van Killing Joke wat zich vooral onderscheid door de mooie baspartijen.
Motley Crue gebruikt die van Love Like Blood bij Dr. Feelgood.
Nirvana heeft bij Come As You Are goed geluisterd naar Eighties.
De toen nog jonge bassist Paul Raven is verantwoordelijk voor dat geluid.
Na het vertrek van Youth nam hij zijn plaats in.
Zijn aandeel is mede bepalend geweest voor de grote doorbraak.

Helaas overleed hij nu ruim 2 jaar geleden aan een hartaanval.
Het stopte gewoon.
In dit geval kan ik het niet na laten om de pulserende slagen op de bas te vergelijken met het rondpompen van bloed door de aders..
Denk je deze nummers eens in met een flat-line.
Het hart van deze muziek heeft het begeven.
Steeds als Love Like Blood te horen is wordt het kunstmatig gereanimeerd.
Een blijvende herinnering.

Killing Joke - Pylon (2015)

poster
4,0
Killing Joke is altijd een boze band geweest.
Qua politiek eigenlijk continu hun onvrede geuit.
Jaz Coleman klinkt zelf hier niet meer zo dreigend, waarschijnlijk is de balans tussen muziek en zang hier meer in evenwicht.
Zijn boodschap zal op deze manier ook wel doel treffen.
Na een aantal hardere, meer naar metal neigende nummers krijg je vanaf New Cold War weer een stuk meer van hun jaren 80 geluid te horen.
Ik vind wat hier dan volgt van zeer hoog niveau, en als je in 1990 bent afgehaakt vanwege het meer industriële geluid, dan moet je vooral deze nummers een kans geven.
Bij New Jerusalem zingt Coleman weer eens echt, en ondanks dat het aardig wat raakvlakken heeft met Nine Inch Nails hoor je in de zang echt wel het meer Gothic geluid terug, die de hit Love Like Blood zo kenmerkte.
Eigenlijk is vooral het begin van het album wat minder toegankelijk, maar vervolgens is het allemaal prima te volgen.
Mijn dochter van vijf begon zelfs te dansen op War on Freedom.
Zegt eigenlijk wel genoeg.
De laatste nummers sluiten weer meer aan bij het begin.

Killing Joke - What's THIS For...! (1981)

poster
4,0
Decadentie.
Killing Joke is nooit een band geweest waarbij het positivisme de boventoon voerde.
Maar bij hun tweede album was het gevoel voor hoop al helemaal verdwenen.
What’s This For…! Is totale wanorde.
Afslachting van enig gevoel van een waardige wereld.
Killing Joke opent hier de deur naar de innerlijke hel.
Om vervolgens de komende jaren bands als Swans, Foetus en Ministry binnen te laten.
Als een angstige passagier in een achtbaan vervolg je de neerwaartse spiraal.
Niet wetende waar je zal belanden.
Wel wetende dat er geen uitweg zal zijn.

Kim Deal - Nobody Loves You More (2024)

poster
4,0
Begin 1993 kondigt Frank Black op de BBC radio aan dat de Pixies klaar zijn. Heel vervelend dat hij de overige bandleden hier niet eerder eerlijk over inlicht. De onderlinge verhoudingen zijn daarna behoorlijk bekoeld, een domme zet welke vooral Kim Deal hem altijd kwalijk zal nemen. Kim Deal scoort twee jaar eerder al met You and Your Sister als onderdeel van het This Mortal Coil project een flinke hit en maakt na Pixies een succesvolle doorstart met The Breeders. Laten we eerlijk zijn, Last Splash is een stuk leuker dan al het Frank Black solowerk en de latere Pixies doorstart. Zonder haar aandeel blijft Pixies voor altijd in de schaduw van hun eerste vier albums staan. Verrassend genoeg verschijnt een maand na het laatste Pixies plaat The Night the Zombies Came nu het eerste solo album van Kim Deal; Nobody Loves You More.

Kim Deal, de schattige onorthodoxe onnavolgbare bassist met de charismatische glimlach heeft bij het publiek een grote gunfactor. Op het podium het stralende middelpunt van de vroegere Pixies die met haar zwoele uithalen een fraai evenwicht tegenover het dictatorgedrag van Frank Black vormt. De eeuwig kinderlijke Kim Deal die nog steeds de indruk wekt dat ze in de warboel van haar hoofd met de basakkoorden meetelt. Kim Deal, samen met die andere Kim Gordon van Sonic Youth de twee vrouwen die de alternatieve rocksector flink wakker schudden en het girlpower begrip naam geven. Ja, ik heb een zwak voor deze dame die ondertussen de zestig jaar gepasseerd is, en ben wel heel nieuwsgierig naar Nobody Loves You More. Voldoet het debuut aan mijn verwachtingen? Jazeker, ruimschoots zelfs!

Hou vooral The Breeders ten tijden van Drivin’ On 9 en No Aloha in je achterhoofd en laat Pixies zoveel mogelijk los, dan is het echt genieten. De voormalige The Breeders maatjes Mando Lopez, tweelingzus Kelley Deal, Jim Macpherson, Britt Walford, Red Hot Chili Peppers gitarist Josh Klinghoffer, Raymond McGinley van Teenage Fanclub en Britt Walford van Slint werken aan dit album mee, wat eigenlijk al aangeeft hoe geliefd Kim Deal bij haar collega’s is. Nobody Loves You More draagt verder overduidelijk de stempel van producer Steve Albini met zich mee. Eigenlijk was hij in het begin de vijfde Pixies teamspeler, zo bepalend was de producer voor het Surfer Rosa geluid. Door zijn plotselinge dood kan hij de release van de reeds in 2022 opgenomen plaat niet meer meemaken.

Kim Deal brengt een hoop surfrock gekte en voegt daar een overdaad aan sixties psychedelica aan toe. Het grote verschil maken de blazers, die vooral Coast een overduidelijk blue-eyed soul tintje meegeven. Kim Deal benoemt daar op ironische wijze haar fouten uit het verleden, het roekeloze drugsgebruik, het vallen en weer opstaan en vervolgens nogmaals hard knock-out gaan. Ze rotzooit maar een beetje heen, en ziet wel waar het schip strandt. Dit is haar outlaw way of life mentaliteit, een tikkeltje schaamteloos, een tikkeltje eigenwijs, een tikkeltje gevaarlijk ongecontroleerd. Juist die luchtige relaxte manier van zingen maakt haar juist zo krachtig. Och ik kan er vooral met een grote glimlach op mijn mond naar luisteren. Zomers onbevangen, en dan moet je weten dat dit boegbeeld van de surfpunk juist een gruwelijke hekel aan het strand, watersport en de zon heeft.

De spontane onverschillige houding siert het Nobody Loves You More liefdesliedje. Het interesseert de zangeres nog steeds geen zak waar ze in het leven staat, in welke plaats ze zich bevindt, waar ze morgen wakker wordt en hoe anderen over haar denken. Typisch Kim Deal dus, zo kent men haar, en zo staat ze er blijkbaar nog steeds voor. Het nummer laat je heerlijk op een bossanova beat wegzweven. John Barry orkestraal filmisch, waarmee ze zich tevens als potentiële kandidaat voor een nieuwe James Bond titelsong opstelt. Het heeft een stukje potige bravoure, maar tevens een groot zwoel romantisch aandeel in zich.

De zoemende noisedance van het volledig door Kim Deal ingespeelde Crystal Breath nodigt uit om te bewegen. Er zit genoeg The Breeders gekte in, al maken de subtiele mondharmonica en funkende gitaaruitspattingen het wel af. Hypnotiserend en veel te kort. Het persoonlijke lieflijke Are You Mine? staat bij de trieste mentale aftakeling van haar moeder stil, en misschien gebruikt Kim Deal wel bewust zoveel jaren zestig invloeden in dit nummer. Bij Alzheimer dementie blijft het muzikale geheugen het langste in tact, en Are You Mine? bezit genoeg verwijzingen naar haar ouders jeugd. Het is een definitief afscheid van het de herkenbaarheidsfase, het moment dat de dochter in een vreemde veranderd. Ondertussen is haar moeder reeds overleden. Kim Deal schrijft de track net als het later opgepimpte Wish I Was in de periode dat ze in 2010 weer kortdurend bij Pixies aansluit.

Na een rustige introductie neemt het chaotische Disobedience tiener collegerock een donkere afslag welke geheel tot volgroeiing komt in het meesterlijke Big Ben Beat. Met dreigende strijkers, industrial noise, jungle geluiden, Sugar Ray Fly sampler en cyberpunker Kim Deal herself laat ze zich van haar meest veelzijdige kant zien. In deze opgefokte rol zou ze zelfs Keith Flint van The Prodigy kunnen vervangen. Zo gemeen duister heeft ze nog niet eerder geklonken. In het afsluitende A Good Time Pushed ademen Pixies door de poriën heen, en benadrukt Kim Deal nogmaals dat zonder haar een waardige Pixies reünie niet van de grond komt. Het is de som der delen, de uitkomst is op Nobody Loves You More hoorbaar.

Kim Deal - Nobody Loves You More | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Kim Gordon - No Home Record (2019)

poster
4,0
Begin jaren negentig gebeurde het. Vanuit de Verenigde Staten explodeerde de vastgeroeste muziekscene. Opeens waren daar de grote vernieuwende gitaarbands. Op de festivalvelden veroverden ze als een steeds grotere olievlek hun werkgebied. Ein Abend In Wien heeft het voorbereidende werk verricht, en de schrijvende pers staat bij Paradiso de nieuwe lichting Nirvana fans op te wachten. En daar was ook de opgewekte interesse voor Hüsker Dü, Pixies en Sonic Youth, welke genoemd werden als grote voorbeelden. Laatstgenoemde lieten zich nog met regelmaat in Nederland zien, de rest was ondertussen niet meer actief. Met The Ex als voorprogramma werd er als aftrap van de zomer in 1993 een geweldig concert vanuit het Utrechtse Tivoli gegeven.

Natuurlijk is het de chemie tussen het viertal wat Sonic Youth maakte tot wat het was. Baanbrekend gitaargeweld met een slopende Kim Gordon op bas. Het tijdperk waarbij vrouwen vooral van zich lieten horen op dit instrument. En wat waren het stuk voor stuk sterke persoonlijkheden. Kim Gordon was al een veertiger, en duidelijk een invloedrijk boegbeeld. Op en top vrouwelijk presenteerde ze zich in kort rokje en hoge hakken. Hoe indrukwekkend wist ze de avond naar zich toe te trekken.

Ondertussen is er al lang een einde gekomen aan het ultieme rock & roll huwelijk tussen Kim Gordon en Thurston Moore, nadat een paar jaar eerder al de versterkte stekker uit Sonic Youth is getrokken. Als de noise langzaam weg geëbd is weet Moore vorig jaar te imponeren met het sterke Rock N Roll Consciousness. Met regelmaat is Sister, Daydream Nation en vooral Washing Machine terug te horen. Hij bewijst nog volledig mee te tellen. Nu is daar het lang verwachtte antwoord van voormalige partner Kim Gordon met haar debuut No Home Record.

Waar Moore kiest voor een paar lange gitaartracks wil Gordon eigenwijs voor een compactere aanpak kiezen. Drukkende strijkers begeleiden een hoorbare ouder geworden zangeres met daaroverheen torpederende oversturende noisebeats in het experimentele Sketch Artist. Veel sterker wordt er afgeweken van de Sonic Youth sound met als resultaat een zwaar verteerbare, maar oh zo machtige hernieuwde kennismaking met de diva, die ervoor kiest om niet gepensioneerd achter de geraniums weg te kruipen. In plaats van te profiteren van haar naamsbekendheid besluit ze om geen nieuw hoofdstuk toe te voegen, maar om aan de slag te gaan met een ander verhaal.

Nog meer duikt ze op Air BnB de avantgardistische industriële richting op. Alsof ze met al haar kwaadheid alle op tape achtergelaten gitaaruitbarstingen van haar voormalige echtgenoot aan gort knipt. Zoals vaker in een scheiding de woede gestild wordt door het met precisie verwijderen van knopen op de achtergebleven overhemden, en deze kledingstukken met een sarcastisch bedankje opgestuurd worden. Daar is het nog het beste mee te vergelijken.

Nadat deze frustraties van zich af geschreeuwd zijn krijgt haar kenmerkende sensualiteit vrij spel. Meldingen van binnenkomende e-mails scheppen de basis om in samplevorm verwerkt te worden in Paprika Pony. Heel bewust wordt er hiermee ingespeeld op de Social Media maatschappij waarin wij leven. Sterker nog, het is zelfs zo ingeburgerd dat het niet eens echt opvalt. Zo herkenbaar vormen deze bliepjes een deel van het leven.

Murdered Out is stoer en pittig. Vocaal weet Gordon aansluiting te vinden met de oprechtheid en krachtpatserij van de hiphop. Haar stem lijkt door de dubmangel gehaald te zijn. Alle inspanningen worden tot de laatste druppel uitgeperst om het uiterste van de zangeres te vragen. Voor het eerste willen de bekwaamheden op basgitaar een duistere dominante rol vervullen. Wist ze voorheen een opgefokte hartslag uit het instrument op te roepen, nu hoor je eerder stroperige trombose veroorzakende bloedstollingen terug.

Het vervreemdende Don’t Play It haakt hier op in, en is zelfs dansbaar te noemen. Nog overtuigender weet ze hierin dub invloeden te mengen, al levert dat niet direct een betere track op. Ook de ritmische Jungle van Cookie Butter wil niet helemaal pakken. Prima dat ze uittest hoe deze stroming zich hecht aan haar vocale voordracht, al moet er geconcludeerd worden dat ze zich hier niet van haar beste kant laat zien. Dan is ruim zes minuten een behoorlijke lange zit. Blijkbaar ervaart ze dit zelf ook zo, halverwege gooit ze er als stoorzender de nodige noise tussen. Ze revancheert zich door het sterk tegen de rockabilly aanleunende gewelddadige Hungry Baby. Met smerige vuig herhalende basloopjes weet ze het helemaal dicht te metselen.

Het beklemmende Earthquake bevat een opbouw die nog het beste te plaatsen is op een monumentaal Michael Gira Swans werkstuk. Het is echter de zang welke op een negatieve manier de ziel dicht knijpt. Hier hoort een flink stukje afwijzend feminisme onder, en niet een wankelende onstabiele vrouwenstem. Het vormt een paradox met het afsluitende Get Yr Life Back. Hier fluistert ze zich met een zelfverzekerdheid de duisternis in. Haar bekende druggy voordracht is op een spookachtige manier weer teruggekeerd. Omringt door chaos houdt ze zich staande.

Dat Thurston Moore de architect van Sonic Youth was is duidelijk. No Home Record is niet het gehoopte antwoord op Rock N Roll Consciousness. Toch weet Kim Gordon zeker in het begin de nodige dreunen uit te delen. Ze vermijd het na schoppen door bewust inspirerende nieuwe wegen te bewandelen en hierdoor zo min mogelijk in zijn gezichtsveld te opereren. Voor een debuut als solo artieste voldoet ze zeker aan de verwachtingen.

Kim Gordon - No Home Record | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Kim Gordon - The Collective (2024)

poster
4,0
Met haar zeventig jaar is Kim Gordon nog steeds een Kool Thing die haar Sonic Youth erfenis nergens misbruikt maar juist verbreedt. Op The Collective perfectioneert ze de aanwezige noisebreaks van voorganger No Home Record tot een duister broeierig geheel. Sterker nog, opener BYE BYE zou niet op het Massive Attack meesterwerk Mezzanine misstaan. Deze verrassend sterke tripgoth track benoemt op cut up wijze de voorbereidingen van een slopende tournee, je pakt de koffer in, zegt afspraken af en je gaat het regellijstje langs. Niks vergeten?

Dan mag de aftrap beginnen. BYE BYE is tevens het geheugensteuntje van beginnende dementie, post-it notities door het hele huis verspreid, op de koelkast, in de badkamer, de voorraadkast, een pijnlijke bewustwording. Je raakt de grip op de realiteit kwijt, waardoor surrealisme de nieuwe waarheid wordt. Het antwoord op het jeugdige Teenage Riot, een mature riot, het rebelse verzet tegen de ouderdom.

Kim Gordon heeft nog steeds dat manische oncontroleerbare in haar overdracht. Nu de jaren gaan tellen komen veranderingen vertraagd binnen. I Don’t Miss My Mind, er ontstaat een error in het hoofd nu alles niet meer zo vanzelfsprekend gaat. The Collective zorgt niet voor regelmaat in de chaos, maar geeft zich juist aan die structuurloze wanorde over. Dit is typisch Kim Gordon, in de gitaarnoise van Sonic Youth zorgt ze ook voor die hysterische zenuwinzinkingen uitspattingen en betovert ze de luisteraar met haar sensualiteit.

Die eigenschap bezit ze nog steeds, en ze maakt er verdomd goed gebruik van. Een wereld van industriële kille vervlakking, een wereld waar machines regeren, je likes controleren en je internetgegevens verzamelen en documenteren. Geen Daydream Nation, maar een voorgeprogrammeerde nachtmerrie. Je kan er simpelweg niet aan ontsnappen, Kim Gordon geeft zich aan deze ruis over en haalt er het beste uit.

Kim Gordon grijpt naar de befaamde Judgement Night Soundtrack terug, het onwaarschijnlijke huwelijk tussen bijna militante hiphop, industrial en eigenzinnige grungerock. Hier wordt in hun samenwerking met Cypress Hill de mellow I Love You Mary Jane cross-over tot in perfectie geherdefinieerd, een mooi uitgangspunt om verder uit te werken.

Met de hulp van producer Justin Raisen en het slim gebruik maken van de auto-tune in de Psychedelic Orgasm geestelijke bewustwording past het helemaal in het individuele heden. De hardheid zit hem in het afsluitende metaal op metaal van het onrustig naar evenwicht zoekende The Believers en de electric body gabberhouse van Dream Dollar.

Het verknipte The Candy House pakt het levensplezier terug, verslaafd aan drugs, verslaafd aan seks, verslaafd aan aandacht, je ego, kortom, Kim Gordon op haar best. Gelukkig verzet ze zich nog steeds tegen de scheve man-vrouw verhoudingen. De androgene complexiteit van I’m A Man benadrukt nogmaals die feministische inslag, maar geeft er een ondergeschikte I Wanna Be Your Dog twist aan. Kim Gordon als boegbeeld voor het sterke geslacht, ze kan het nog steeds.

Trophies, menselijke veroveringen in een afgesloten vitrinekast opgesteld. The Collective staat dus niet alleen voor dat eerder aangegeven geheugensteuntje, het staat tevens voor dat dierlijke instinct om je prooi minachtend te etaleren, de femme fatale op veroveringstocht.

Kim Gordon - The Collective | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Kim Wilde - Kim Wilde (1981)

poster
3,0
The Go-Go’s samen gesmolten in een persoon, dan krijg je toch wel Kim Wilde.
Volgens mij zou dit eerst de band van haar broer worden, maar zorgde vader er voor dat Kim de hoofdrol vervulde.
Ze zag er dan ook wel lekker uit, en Kids in America is ook een prima hit.
Chequered Love was ook niet veel minder, en terecht ook een succes.
Bij dat huppelende element in de nummers moet ik ook wel aan The Shirts met Laugh and Walk Away denken.
Best onschuldig allemaal.
View from a Bridge en zeker Cambodia van haar tweede album zijn stukken beter, maar dit is een aardig debuut.
Ik vind Kim Wilde trouwens knapper dan Blondie; ook al ziet ze er uit als iemand die verkouden, oververmoeid en met een flinke kater net uit bed stapt.

Kinderen voor Kinderen - Kinderen voor Kinderen (1980)

poster
2,5
Bruine indianenpantoffels aan.
Bijpassende pyjama.
Glaasje sinas.
Bakje Nibbits staafjes.
De gele er al uit gevist.
Zodat de rode achter bleven.
Verantwoorde televisie.
Hoogtepunt van 85 jaar VARA.
Ouders die gezellig mee keken.
Allen voor dat kleine zwart witte kastje.
Dat jaar nog geen Ruis op de buis.
En maar hopen dat het niet ging stormen.
Zodat de atenne op het dak stil bleef staan.
Je hield je hart vast.
Hopelijk raakten de hoeven van het paard van de Sint hem ook niet.
Ondertussen vroeg je jezelf af hoe deze LP jouw schoen kon bereiken.
Verbinding van de schoorsteen was net dicht gemetseld.
Deze familie was trotse bezitter van een verwarming.

Oude tijden, gouden tijden.
Sinterklaasintocht en Kinderen Voor Kinderen.
Gebeurtenissen die de winter inluiden.
De 4e uitzending pas begreep de goedheiligman mijn hints.
Prima album dat Kinderen Voor Kinderen 4.
Al kon Meidengroep niet tippen aan Ik Heb Zo Waanzinnig Gedroomd.
Vervolgens werd het voor mijn gevoel stukken minder.
Nu een DVD met oude opnames in huis.
Samen met dochter van 3 laatst gekeken naar versie 31.
Halverwege kwam ze met ons eigen schijfje aan zetten.
Zegt eigenlijk al genoeg.

King Crimson - Discipline (1981)

poster
3,0
Grappig, wordt je getipt om de King Crimson uit begin jaren 80 te luisteren.
Dit alles vanwege het meer dan geslaagde aandeel van Robert Fripp op Bowies Heroes en Scary Monsters.
Verwacht je dan dat je bij deze progrockers de link naar Red Hot Chili Peppers zal leggen?
Ik niet.
Maar hoor je de funk van Elephant Talk in combi met die uitwaaiende gitaren en macho zang, en je hoort de eerste twee albums van de Peppers, dan kan het niet anders, dan dat ze bekend zijn met dit nummer.
Helaas is de rest wat wisselvalliger op Thela Hun Ginjeet na.
Die neigt zelfs wat naar Talking Heads of David Byrne.
Het Pink Floyd achtige gefreak heb ik minder mee.

King Hannah - Big Swimmer (2024)

poster
4,0
De zuidwestelijke woestijnen van New Mexico vormen het ideale decor voor Netflix series over seriemoordenaars, drugslaboratoriums en spaghetti westerns. Het uit Liverpool afkomstige King Hannah schrijft daar de soundtrack van een niet bestaande film gebaseerd op een niet bestaand script. Want zo voelt Big Swimmer namelijk wel aan, als een non-fictie plaat met prachtige ruwe landschapsbeelden. Als de inspiratie in het thuisland niet aanklopt, dan zoek je deze op een andere plaats op. Laten we stellen dat de zandgronden van New Mexico hetzelfde effect oproepen als de geestverruimende Desert Sessions van Josh Homme, met als grote verschil dat daar California de thuisbasis is, met aan de horizon de beroemde The Joshua Tree locatie van de gelijknamige U2 albumhoes.

Hannah Merrick heerst in het land der blinden. Ze eigent zich net zo gemakkelijk dit koninkrijk toe. Craig Whittle vergezeld haar in een dienende rol. Een dreigend uitziende gids welke in het wegdromende The Mattress tripgoth rocker de route verder uitstippelt. Als het neefje van sluipmoordenaar Cortez the Killer benadert hij je Somewhere Near el Paso onwetend verraderlijk van achteren en laat een moordend salvo aan woestijntornado gitaarpatronen op je los. Gemeen bijtend als een sluwe ratelslang, met giftige uithalen en na sissend geweld. Daar ligt zijn kracht, getemd in de handen van Hannah Merrick, gevaarlijk als hij de vrijheid benut en zich dynamisch solerend in slow motion door het epische uitgestrekte Suddenly, Your Hand heen slaat.

Slechts een enkele keer mag hij vocaal aansluiten. In het zeurderige Davey Says klinkt Craig Whittle wat onwennig, en misschien kan hij in het vervolg deze rol beter achterwege laten. Het nomade duo heeft het geluk dat Sharon Van Etten moederlijk en vertrouwd al direct in de traditionele folk en countrygospel beginselen van het Big Swimmer titelstuk hun pad kruist, en ze gedurende het titelstuk vergezeld. Misschien waant de geest van Lou Reed er ook wel rond, halverwege dienen zich psychedelische ruwe gitaarakkoorden aan, die zeker tot het betere werk van deze meester te herleiden zijn. Is het een koortsige luchtspiegeling of drijven we daadwerkelijk op de golven van de openingstrack weg. Sharon Van Etten maakt later haar rentree in het melancholisch schuivelende This Wasn’t Intentional waar ze subtiel klein de tweede stem verzorgd.

Niet alles is doordrenkt door de smerige barbecue geur van verrot vlees. Het stadse New York, Let’s Do Nothing draagt tevens de erfenis van dit Velvet Underground lid, broeierig, nieuwsgierig en dichtbevolkt. We bewandelen de uitdagende wilde kant van het leven, proeven van het leven, leven het leven. Overal kleeft die romantische nachtdieren achtergrond van het tweetal welke het liefste de kroegen bewonen aan. De lo-fi ritmische Milk Boy (I Love You) grunge herplaatst zich als identificerend geheugen bij het straatbeeld geluid van New York, Let’s Do Nothing.

Hannah Merrick bewapend zich met haar dromerige zangpartijen, hypnotiseert de aanvaller, begeert de aanvaller. Dit is voornamelijk een fraai samenspel tussen vocalen en instrument, waar de bekoelde minnaar als winnaar het strijdtoneel verlaat. Het is echt niet zo dat Hannah Merrick een wereldvocalist is. Ze benut haar gemiddelde kwaliteiten met de nodige slimme tact. Soms bijna smekend met een doorleefde countrysnik in het huiselijke John Prine on the Radio, dan weer in een verhalende stadsdichteres rol, mijmerend Suddenly, Your Hand folky en controlerend standvastig in Lily Pad. Big Swimmer voldoet aan de I’m Not Sorry, I Was Just Being Me verwachtingen. King Hannah kijkt niet afkeurend tegen de wijze raad van de recensist aan en wijkt dus begrijpelijk naar de Verenigde staten uit.

King Hannah - Big Swimmer | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

King Krule - Space Heavy (2023)

poster
3,5
Archy Marshall ontwikkelt zich al op zeer jeugdige leeftijd als autodidact zelfontplooier. Dwars tegen alle regels in verzet hij zich tegen de strenge opvoeding van zijn vader, en weigert gedisciplineerd een schoolopleiding te volgen. Toch staan zijn ouders de creativiteit niet negatief in de weg, en moedigen ze alle kunstvorm uitingen aan. De grootste genieën hebben vaak een verstoorde hersenenkronkel in hun hoofd. bij Archy Marshall proberen opdringende hulpverleners hem te doorgronden, wat juist een aversie tegen de geestelijke gezondheidszorg opwekt. Hij vindt rust en stabiliteit in de muziek, en gaat als zestienjarige onder het Zoo Kid alias aan de slag. Archy Marshall stort zich op het totaalplaatje, neemt de verantwoording voor de hoesontwerpen en videoclips op zich, verandert zijn alter ego in het King Krule personage, en brengt al voor zijn twintigste al debuutplaat 6 Feet Beneath the Moon uit.

King Krule pendelt tijdens de pandemie tussen woonplaats Liverpool en werkplek Londen. Door de recente verandering in de gezinssamenstelling, omdat hij net pril vader is geworden, valt het overbruggen van deze afstanden hem zwaar. De geboorte van zijn dochter maakt Archy Marshall humaner, de gekte controleerbaar, de heimweegevoelens sterker en de poëtische teksten concreter. De vintage postpunk van de Seaforth dreampop single staat bij die bijzondere momenten stil. Nog eventjes binnen gluren of dochterlief slaapt, nog eventjes die snelle ademhaling tastbaar voelen. Voor Archy Marshall is het juist prettig dat hij door de corona stilstand geen concert verplichtingen heeft. Our Vacum, ons eigen isolement. In vertraagde laidback jazzy Tortoise of Independency schildpaddenstand (bijna niemand weet blijkbaar dat die beestjes behoorlijk snel zijn), gaan de dagen voorbij.

Blijkbaar denkt hij er, in het From the Swamp drijfzand niet te luchtig over. Zelfs King Krule verliest het van de moordende toekomstonzekerheden, en dreigt dieper in de stroperige draaikolk weg te zakken. Dit heeft een immens groot impact op het schrijfproces, en ondanks dat Space Heavy een behoorlijk psychedelische benadering verdient, weegt deze dus ook letterlijk behoorlijk zwaar. Misschien kom je nu het dichtste bij de King Krule persoonlijkheid in de buurt, al blijft het geheel onnavolgbaar, vreemd, maar wel bijna tastbaar. Is die manische gekte dan volledig verdwenen? Welnee, de hypnotiserende freakfunkpower van buitenbeentje Pink Shell getuigd dat hij dit nog steeds niet verleerd is. Deze track stamt uit de The Ooz periode, en is ook alweer zes jaar oud. Het resultaat is zo bedwelmend zacht, alsof ze midden in de nacht naast het kinderbedje zijn opgenomen. Puur intens, maar nog steeds eigenzinnig tegen de gangbare koers in varend.

Het absurdisme heerst in panische experimentele Hamburgerphobia overgewichtsangst. King Krule dweept met die andere koning, Burger King, inclusief maximaal vetgehalte. Space Heavy is volwassener dan het eerdere werk, en daar past geen opruiende punk rock & roll attitude meer bij. Space Heavy vraagt om avondjazz zelfverzekerdheid, al bewandeld King Krule in het duister grijze Space Heavy titelnummer juist die emocore grunge slachtvelden. Er zit voor het eerst echt structuur in, King Krule heeft behoefte om de abstracte lijnen en figuurlijke ruimtes met elkaar te verbinden. Voor die jazzstempel is saxofonist Ignacio Salvadores verantwoordelijk. Deze muzikant is met zijn knarsende spel de redder in nood bij het veilige vastlopende That Is My Life, That Is Yours.

Ook vaste drummer George Bass, basgitarist James Wilson en gitarist Jack Towell zijn weer van de partij. Een prachtige gastrol is er voor de verleidende stem van de Amerikaanse singer-songwriter Raveena weggelegd, die haar sensuele Sirene beminnende zeemeerminnen karakter volledig uitwerkt, en haar aantrekkingskracht in de goede zin van het woord in Seagirl misbruikt. De grijszilveren zonnestralen van grimmige zomersingle Flimsier verschijnen vrijwel gelijktijdig met Space Heavy. Hierbij staat de magnetische aantrekkingskracht van de planeet centraal, welke ervoor zorgt dat de wereld maar door blijft draaien en de wankele mensheid er niet vanaf tuimelt. Down to earth, blijf zo diep mogelijk bij de kern.

Dure spaarzame tijd accepteert geen teleurstellingen, fouten en overige ongemakken. Het jammerende If Only It Was Warmth wijkt van de standaard single keuze af, en benadrukt nogmaals dat er bij doodlopende wegen eenvoudige andere paralelpaden volgen. De anticlimax verbergt zich in de semiklassieke uithoeken van het avondrode When Vanishing. Deze eer is echter voor de stijlvolle afsluitende Wednesday Overcast gentlemensong weggelegd, waarmee Archy Marshall zijn Britse roots verraad. Space Heavy is bewustwording dat je aan de ene kant niet te dichtbij in andermans ruimte mag vertoeven, maar tevens het besef dat intiem contact de voedingsbodem van het bestaan is. King Krule is ontmaskert, Archy Marshall blijkt gewoon een menselijk wezen te zijn.


King Krule - Space Heavy | Pop | Written in Music - writteninmusic.com

King Tuff - Smalltown Stardust (2023)

poster
4,0
Het muzikantenbestaan is toch wel een droombaan. Zeker als je het geluk hebt om met een van de punkrock pioniers jezelf op de kaart te zetten. Dit overkomt Kyle Thomas, als hij gevraagd wordt om als zanger/gitarist zich bij het stoner rock Witch gezelschap van J Mascis te voegen. Ondanks zijn krachtige vocale uitbarstingen en het smerige gitaarspel gaat de aandacht vooral naar de Dinosaur Jr. frontman uit. Al snel volgt de verwachte hereniging met deze baanbrekende wegverbreders. Exit Witch.

Kyle Thomas poetst voorzichtig zijn thuishobby materiaal op, die hij in beperkte opgave onder zijn King Tuff transformatie als Was Dead op de markt brengt. Het rockt allemaal een stuk minder hard, en de nadruk ligt vooral op de retro psychedelica sound. Het is eventjes wennen, alles waar Kyle Thomas verbaal stoer voor staat is totaal verdwenen. Hij jammert zich licht klagend door de songs heen, en het heeft de tijd nodig om die kwaliteiten daarin te ontdekken. De gelijknamige King Tuff plaat overtuigt, en is een mooie evenwichtige mix tussen het hardere Witch werk en de nieuwe hervonden trippende glamrock gekte. De veelzijdige bevriende duizendpoot Ty Segall houdt een oogje in het zeil, en vervult voorzichtig op de achtergrond een controlerende rol en neemt Kyle Thomas tijdelijk in zijn The Muggers begeleidersband op. Na het gemeen zuigende Black Moon Spell volgt het evenwichtigere The Other. Een zonnig groovend feestje met een heerlijke eindeloze zomer beleving.

Als dan bijna vier jaar later Smalltown Stardust verschijnt, wekt deze de indruk op dat King Tuff flink in zijn thuis aangelegde volkstuintje van de verboden vruchten heeft gesnoept, en verder de nodige eetbare paddenstoelen geconsumeerd heeft. Deze hallucinerende toverdrank levert wel een veelzijdige lekkere plaat op. Love Letters to Plants, of hoe Neil Pye van The Young Ones het ooit in zijn legendarische hippie ideologie woorden uitdrukt; we sow the seed, nature grows the seed and then we eat the seed. Het idealistische zaadje ontplooit zich al in A Meditation, de mindfulness training van een achtjarige Kyle Thomas, waarin hij zichzelf tot bedaren brengt. Niet moeilijk doen, gewoon met de menigte in het rustige glinster folk Pebbles in a Stream vaarwater meezwemmen. King Tuff interpreteert de alwetende hoogste macht in Portrait of God als een experimentele langharige goedzak, badend in verlichtende LSD dampen. Hij visualiseert dit beeld in zijn hoofd tot een psychedelisch olieverfschilderij.

Kyle Thomas daagt zichzelf uit door grootst uit te pakken, en schakelt daarvoor een bevriende hulplijn in. De veelzijdige instrumentalist Sasami Ashworth dirigeert, componeert en intrigeert, dit belooft wat. Ze haalt in ieder geval de jeugdige onbevangenheid van Kyle Thomas naar boven, sterker nog, het speelplezier straalt er vanaf. Het vredelievende kosmische How I Love schudt de wereld wakker. Love Is All, All You Need Is Love romantiek, het is al zo vaak eerder gezegd, maar ook nu moet de maatschappij uit die slaapstand modus ontwaken. Het is de kunst om het uit te spreken, niet het kunstje om hier een melodietje aan te koppelen. The Summer Of Love, met terugwerkende kracht. Zo eenvoudig, zo simpel, zo duidelijk, zo eerlijk, magisch bijna. Die magie zit ook in de prachtige harmonieuze Sasami Ashworth en Kyle Thoma samenzang op Tell Me en Rock River. Een unieke eigenschap, die je hooguit bij een broederband als The Everly Brothers en de Finn broertjes (Crowded House) terug hoort, maar bijna nooit in een man/vrouw combinatie.

Het ritmische zwaar grimmige Smalltown Stardust bewandeld zijn eigen nostalgische normen en waarden, en herplaatst de herinneringen in een occulte zwarte lijst geraamte. Ontvlucht het heden om aansluiting in het verleden te vinden door de Vermont dagen te archiveren. The Bandits of Blue Sky ademt blazend ook die zuigende weemoedige stofdeeltjes hang naar vergeten tijden uit. Over blazen gesproken, die heerlijke melancholische Always Find Me saxofoonsolo mag ook niet onbenoemd blijven. Prachtig hoe deze de elektronica aan de kant duwt en er zelf gezellig tussen schuift. Hoe passend kun je afsluiten. Het vastlopende The Wheel stopt bij het laatste station, het is gelukkig geen definitief afscheid, maar wel het einde van dierbare periode. Voltooide echo’s groeperen zich tot een warm achtergrondkoor. Kyle Thoma heeft zijn definitieve vorm gevonden, volwassen deelt hij met trots mee dat hij later een singer-songwriter folky wil worden. Maak kennis met de herboren King Tuff.

King Tuff - Smalltown Stardust | Rock | Written in Music - writteninmusic.com

Kiosque of Arrows 2 (2021)

Alternatieve titel: Compiled by Tolouse Low Trax

poster
4,0
Hamburg heeft zijn Golden Pudel Club, Düsseldorf had in het verleden het Salon Des Amateurs. Twee belangrijke uitgaansgelegenheden die zijn opgezet door op elektronica gerichte kunstenaarscollectieven, welke vanuit deze ontmoetingsplekken alternatieve dance avonden organiseren. De pioniers vinden vervolgens onderdak bij het Bureau B label. Vanuit Hamburg zijn dit onder andere Helena Ratka en Sophia Kennedy van Shari Vari. De uit Düsseldorf afkomstige Detlef Weinrich bouwt vanuit Kreidler als Tolouse Low Trax een muzikale carrière op, en is tevens initiatiefnemer om in Salon Des Amateurs een bruisende underground scene te creëren. Om ervoor te zorgen dat de obscure bands niet in de vergetelheid verdwijnen, brengt hij als alter ego Tolouse Low Trax nu de verzamelaar Kiosque Of Arrows 2 uit, bestaande uit acts die op wat voor manier dan ook binding hebben met Salon Des Amateurs.

Het uit Barcelona afkomstige Macromassa is al vanaf halverwege de jaren zeventig actief, en legt een melancholische jazzsfeer over het duistere gesproken El Consecuente Aspecto de Geometría heen. Geruisloos dringt zich op de achtergrond een discobeat op welke het geheel een indrukwekkende tripgoth vibe meegeeft. Het mysterie van de beruchte club, voortreffelijk samengevat in een minimalistische openingstrack. De Italianen van The Stupid Set komen voort uit de bloeiperiode van de no wave en brengen op de afterparty lounge van Basset nog meer duisternis toe. Met samplers van race auto’s vormen ze een anti climax op de overwinnaarssound van Yello’s The Race. De Bolognezer muzikanten gaan net wat roekelozer en risicovoller te werk en eindigen in filmische tragikomische spaghettiwestern spookgeluiden.

Het deprimerende Turijnse DsorDNE heeft zijn oorsprong in de kille jaren tachtig. De prachtige poëtische voordracht van Roberta Ongaro op Il Senso Di Torpore heeft raakvlakken met het baanbrekende darkwave werk van Anne Clark en behoort absoluut tot de hoogtepunten op Kiosque of Arrows 2. De latere techno stroming dankt zijn naam aan de revolutionaire Londense Techno Twins. Donald And Julie Go Boating is vooruitstrevend, spannend en zou zelfs nu niet misstaan op een stapavond mee af te trappen. Heerlijk mellow met uitgewerkte dubtechnieken, onderhuidse industrial noise en een vleugje Italo disco. De walsende klassieke pianoklanken in La Valse De Salon van het tevens Britse Venus In Furs vormen een mooi intermezzo maar geven een vertekend beeld van waar deze zwartgallige doem wavers toe in staat zijn.

De exotische beats van Camino Largo roepen het fluorescerende eighties vakantiegevoel op. Niet vreemd dus als je weet dat uitvoerder Javier Segura afkomstig is uit de Canarische Eilanden van vakantieoord Santa Cruz de Tenerife. Man, wat weet hij met zijn diepe soulstem het verlangen naar vroeger op te roepen. Sterker nog, je omarmt de song direct als een verloren vriend, om deze vervolgens niet meer los te laten. Het kindvriendelijke downtempo Oedipa Maas Y Los Àtomos is een dromerig slaapliedje waarmee het Britse Bassæ de verborgenheid van de baarmoeder weergeeft. Terug naar de kern, het ultieme cooling down moment.

Lydia Tomki was een Amerikaanse punkdichteres, en wat is het gaaf om de vroeg overleden hier terug te horen. Hot June Evening is verhalend sterk, de perfecte mix tussen gedragen melancholie en vluchtige, net aanraakbare beats. De uitzichtloosheid van de zonnige Californication in de hang naar geluk. Iueke & Lippie snijden in de ritmische tribals en paranoïde fluitwerk Van Gogh – La Farandole Op.1 het levensverhaal van de schilder in stukken. Een cut up techniek die versterkt wordt door de haastige Frans gesproken passages, verwarrend, vervreemdend, maar wel indrukwekkend.

De prachtige Japanse verschijning Kaoru Hirose is voornamelijk bekend vanwege haar rustgevende verfijnde inktschilderijen, maar heeft in een grijs muzikaal verleden Dah-May-Yoo uitgebracht. Heerlijk eigenzinnig en dwars, flink shoppend tussen de Japanse elektronische prullaria en speelgoedtrommels met een opvallende jungle drum & bass uitloop, en zoals het merendeel op deze verzamelaar haar tijd behoorlijk ver vooruit. Het psycho futuristische Chariot Of Palace verbroedert de Japanse roots van Viola Renea met een tikkeltje krautrock ideologie en laat ons uiteindelijk weer landen in Salon Des Amateurs. een opvallende kanttekening is toch wel dat Detlef Weinrich ervoor gekozen heeft om zichzelf en andere Duitse pioniers geen rol te gunnen op deze collectie van merkwaardige zeldzame opnames. Gedurfde lef en een mooi dankbaar gebaar naar zijn invloedrijke voorbeelden.

Tolouse Low Trax - Kiosque of Arrows 2 | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com

Kiran Leonard - Western Culture (2018)

poster
4,0
Kiran Leonard is een singer-songwriter die zich duidelijk niet in dit beperkte hokje wil plaatsen. Hij verkent zijn muzikale kunnen en gaat hierin duidelijk zijn eigen weg, wat een spannende plaat oplevert.

Geboren in Saddleworth, Greater Manchester, en opgegroeid in een muzikale familie, waar hij op jonge leeftijd zich heeft kunnen ontwikkelen in het spelen van mandoline en gitaar, om zich vervolgens te specialiseren in het componeren van elektronische muziek. Zijn inspiraties haalt hij niet alleen uit muzikanten, maar tevens uit het werk van filosofen en dichters. Schrijvers als Henry Miller en Albert Camus zijn voor hem net zo belangrijk als veelzijdige artiesten als Frank Zappa, Kate Bush en The Mars Volta. Een zeer productief persoon, die Kiran, vanaf zijn 14e jaar! al serieus actief, en nu met zijn 23 jaar al zo’n 15 albums en EP’s onder zijn naam uitgebracht.

Western Culture heeft als basis dus een singer-songwriter beginsel, maar daar doe je dit resultaat mee tekort. Vanuit daar worden de lijnen wel uitgezet, maar het totaalplaatje is uiteindelijk meer een rockalbum geworden.

The Universe Out There Knows No Smile heeft dus nog die singer-songwriter basis, een lekker jengelend gitaartje, en een overenthousiaste zanger, maar al snel klinkt zijn stem overstuur, waarbij het lijkt dat de emoties niet geheel onder controle zijn. Ook wordt er een arsenaal aan instrumenten toegevoegd, waarna het ontaard in een gezellige chaos. Bij Paralysed Force is de controle weer helemaal terug, inclusief een meer Folky geluid, met zelfs orkestrale elementen op de achtergrond.

Working People is heel basic gedaan, maar echt leuk wordt het vanaf het heftigere An Easel. Kiran Leonard vliegt als een helikopter met een geamputeerde vleugel stemtechnisch hier alle kanten uit, een gedurfdheid die je te weinig in het muzikale speelveld hoor.

De opbouw van het langere Legacy Of Neglect is erg rustig, mooi onder controle gebracht in de hoge uithalen, waarbij er vervolgens steeds meer elektrische energie wordt toegevoegd, en daar zijn ze dan opeens; de invloeden van het door Kiran Leonard gewaardeerde Emo genre. Alsof er een geplande coupe gepleegd wordt in de studio, en een sterk dominante groep het allemaal over neemt. Onverwacht slaat echter de rustige kant van Kiran terug, met als wapen een piano, en een zwaardere, maar troostende stem die zich blijkbaar ook ergens in hem verborgen heeft weten te houden. De track wordt afgesloten waar hij het duel met zijn manische kant aangaat, die hier definitief lijkt te hebben gewonnen. Dit lange stuk van ruim 8 minuten mag absoluut gezien worden als het hoogtepunt van Western Culture.

Wordt het vervolgens dan veel minder?
Welnee, de dreigende minimale drums en subtiele pianospel ondersteunen Kiran die op het korte Now Then een ode aan het scala van de betere singer songwriter lijkt te brengen. Ook zijn stem kronkelt zich als een python om je heen voordat hij je langzaam hypnotiseert. De genadeslag volgt dan met Unreflective Life, waar hij zelf een ijkpunt lijkt te vinden. Feit is wel dat hij juist in de lange stukken boven zichzelf uitstijgt.
Shuddering Instance is behoorlijk punk in het begin, en heeft een mooie herhalende krachtige flow.

Vervolgens krijg je een persoonlijke inkijk in zijn dagboek in het ontroerende Exactitude And Science, waar je het gevoel krijgt dat hij breekt, zijn stem vecht tegen overheersende emoties. De backing vocals staan hem gelukkig bij. Suspension is de opluchting tegen het einde aan, even nog vluchtig toeslaan, in de hoop dat men zich niet teveel gaat verdiepen in de persoon Kiran Leonard, maar vooral in zijn album.

Western Culture is een prachtige plaat geworden. Sterker nog, ik denk dat Kiran Leonard in staat moet zijn om een waar meesterwerk uit te brengen. Door zijn overproductie geeft hij zichzelf nog niet de kans om bewust tracks te selecteren. Maar als er zoveel ideeën in je hoofd de strijd aangaan om gestalte in een song te krijgen, lijkt het mij moeilijk om dit te negeren.

Kiran Leonard - Western Culture | Pop | Written in Music - writteninmusic.com

Kishi Bashi - Omoiyari (2019)

poster
4,5
Kaoru Ishibashi is de naam achter het eenmansproject Kishi Bashi. Deze uit Seattle afkomstige multi – instrumentalist met Japanse voorouders weet al voor de vierde keer te betoveren. Omoiyari bevat schone kleine folky luisterliedjes. De albumtitel is vrij vertaald een Japanse benaming voor klantenwinning, waarbij de behoefte van de consument, hier dus de luisteraar centraal staat. Je talenten tot inlevingsvermogen te gebruiken om er samen beter door te worden. Blijkbaar ervaart de muzikant een dringende behoefte aan kennisoverdracht om anderen te verbreden in hun levensbeleving. Zo klinkt het allemaal erg spiritueel en New Age gericht, maar er moet hier eerder gedacht worden aan de invulling gezien vanuit een andere cultuur. Noem het een zelfsprekende overdracht van generatie op generatie van de kernbegrippen waarden en respect. Iets wat hier in Nederland krampachtig gepoogd wordt ook te idealiseren, en daar in Japan nog steeds hoog aangeschreven staat. Hierdoor ga je anders kijken naar de met wierrook benevelde singer- songwriter droomplaat.

Het is een typerende Westerse kleine liedjesplaat, maar dan wel benaderd vanuit het Oosterse gedachtengoed. Naast de sprankelende gitaar is er ook meer ruimte voor een breder assortiment aan instrumenten. Ishibashi kan zich ook aardig redden met prachtig vioolspel, en verder krijgt hij hulp van Mike Savino op bas en banjo, en Nick Ogawa voor de stemmige cello, die het een orkestraal tintje geeft. De hoge zangpartijen sluiten aan bij de baanbrekende indiefolkplaten van Bon Iver, Red House Painters en Great Lake Swimmers. Ook hier overheerst het backpackers gevoel van een te zijn met de natuur. Een vorm van avonturisme waarbij vaak gepoogd wordt om met jezelf in het reine te komen. Bezinning die ook treffend centraal staat in de cult movie Into The Wild. Song For You is met het fluitend gedeelte het toegankelijke prijsnummer, welke vreemd genoeg niet als single is gepresenteerd. Prachtig qua opbouw met een rockende gitaar die er een aangename eighties flow aan weet te geven.

In de vorm van verhaaltjes weet hij zijn kijk op de wereld te benadrukken. Het begint in eerste instantie met een kinderlijk sprookje, waarin de nodige symboliek verwerkt zit, die een duidelijke kijk op het hedendaagse leven geeft. Op bijna traditionele wijze weet hij hierin een grotere boodschap te verwerken. Het is tevens de soundtrack bij de gelijknamige film die Ishibashi heeft afgerond, waarbij de Japans Amerikaanse gemeenschap centraal staat tijdens de Tweede Wereldoorlog. Immigranten die uiteindelijk hun bestaan moeten opbouwen in dit nieuwe thuisland. Het onschuldig gevangenneming en de impact die dit heeft gehad, bij een volk welke zich niet kon uiten. In dit tijdperk hoorde je niet over je emoties te praten. Psychische hulp ontbrak, waardoor het getekende littekens op de ziel achterlaten, die nooit verwerkt werden. Nog steeds terug te koppelen naar het heden, waar soldaten een innerlijke strijd voeren met posttraumatische stressstoornissen, opgelopen tijdens oorlogen.

Penny Rabbit and Summer Bear laat zich gemakkelijk herleiden tot een ontmoeting tussen twee personen die beiden een andere cultuurbeleving en geloofsovertuiging hebben. Nadrukkelijk komt hier het verlangen naar wederzijdse acceptatie naar boven in een maatschappij waarbij iedereen gelijk is. Het hier op aansluitende F Delano benoemd de machtsstrijd tussen wereldleiders. Eigenlijk geven deze eerste twee tracks een perfecte samenvatting weer van waar het om draait. Thema’s die gedurende Omoiyari blijven terug komen. Ondanks het duidelijke standpunt is het zeker geen aanvallende plaat geworden, integendeel. Hoopvol wordt er uitgekeken naar een vredige samenleving, waarbij er vanuit de kern gewerkt dient te worden. Dicht bij jezelf. Door de luchtige wijze waarmee het gepresenteerd wordt geeft Ishibashi de luisteraar de regie in eigen handen. Bij de een zal het lekker wegluisteren als een zomerse plaat met pakkende refreintjes, terwijl iemand anders juist meer waarde hecht aan de teksten. Hiermee speelt de uitvoerder dus in op de behoeftes van de consument, en is het geslaagd terug te voeren tot het begrip Omoiyari.

Kishi Bashi - Omoiyari | Pop | Written in Music - writteninmusic.com

Kitch - New​.​Strife​.​Lands (2022)

poster
4,0
Sluit vier totaal verschillende creatieve meervoudig complex gestoorde persoonlijkheden in een geïsoleerde geluidsbox op, en laat ze deze plek pas verlaten als een ieder zijn muzikale aandeel met een gewenst resultaat op tape heeft gezet. Een uitputtende survival of the fittest krachtinspanning welke finaal mislukt of welke juist een interessant eindproduct oplevert. De onnavolgbare Kitch leden vind elkaar op een muziekschool in de omgeving van het Franse Lyon en passen zich als klimaatgevoelige kameleons op elkanders fantasierijke ideeën, demonische kwellingen en hogeschool genialiteit aan.

Het in 2018 verschenen Henger is een duizelingwekkende duistere ruimtevaart noodlanding met hypnotiserende futuristische acid Krautrock drainages. Een oneindigende tripervaring met geprogrammeerde dubuitspattingen, ingehouden emo screamings en solerende gitaarpsychedelica. De melodieus funkende Calame opvolger is een tikkeltje toegankelijker en rijker georiënteerd. Er wordt met de oneindigende mogelijkheden van de progressieve postrock geflirt, het jazzy mathrock veld verkend en dreigende noise brokken toegevoegd. Kun je die songstructuren nog verder uitbuiten zonder daarbij in extreme onnavolgbaarheid te vervallen? Jazeker!

Op het spannende New Strife Lands legt het veelzijdige kwartet sterker de nadruk op de groovende baspartijen die op de vorige platen zo sporadisch aanwezig waren. Het album bevat nog steeds die korte fragmentarische geluidscollage gekte, maar verrast ook met zwaarmoedige tripgoth, rapcore crossover en maniakale nu-metal waanzin. Étambot, de totale vervreemding, waarna de androgene breekbaarheid van het wanhopig kopstem hoog gezongen Anytime als een hulpeloos kooi gevangen vogeltje in een bijenzwerm aan aanvallende drones rondfladdert. Gepijnigd door reanimerende toeslaande beats, hemel afbrokkelde kerkorgels, gestroomlijnde gitaarakkoorden en de sneltrein motorriek van drummer Thomas Loureiro. Eigenlijk is het op het einde van de track amper te bevatten wat zich in de afgelopen viereneenhalve minuut heeft afgespeeld.

Explosief agressief hakt het laaghangende basgitaar geweld van Cracky er op los om er vervolgens een funkende Arctic Monkeys postpunk twist met retro kitscherige glamrock galmzang aan te geven. Heel eventjes aan die bandnaam memoreren om vervolgens in de harde disco sensualiteit van het sexy Charismatik te verdwijnen. Gillende progressieve seventies rockgitaren smeken in het ritmische Stolen Cage om aandacht. Het moddervette patserige Trippy ligt in het verlengde daarvan. Een overtroevend groot opbouwend lomp schouwspel met een zuigende trippende aantrekkingskracht, terwijl het geitenwollen folky verhalende Could Be juist een mooie ingetogen Kit(s)ch kant belicht.

Met diamond painting precisie borduren fluweelzachte harpklanken en vluchtige pianotoetsen een raamwerk om de Syzygie waairuis en de polyritmische elektroshock mathrock van The Only One Solution heen. Een kosmische Yin-Yang ervaring, dynamische tegenpolen met een verbluffend magnetisch krachtveld. Superieur in zijn complexiteit, de schoonheid en het beest. Het bezwerend Absent Again funkcore slachtveld en het spooky MacII zijn bijna therapeutische oerschreeuw cross-overs, heerlijk opluchtend bevrijdend. Afsluitende stoorzender Étrave downtown train knoppengedraai. Finaal de afgrond heen, eindigend in herboren eclips schitteringen. Ja, zo kan het dus ook!

Kitch - New Strife Lands | Rock | Written in Music - writteninmusic.com

Kiwi Jr. - Chopper (2022)

poster
3,5
Waarom het Canadese Kiwi Jr. het springerige zonnige Cooler Returns juist midden in de winter uitbrengt, blijft mij een groot vraagteken. Dat doen we in het vervolg beter! Alleen heeft Chopper niet die heerlijke zorgeloze summer vibe, sterker nog, het is zelfs met vlagen behoorlijk serieus en diepgaand te noemen. Nog steeds overheersen de kleurrijke punkrocksongs, al zitten daar overduidelijk de nodige grijze postpunk synthpop elementen in.

Het is de van Wolf Parade bekende Dan Boeckner die hier als producent optreedt. Niet de minste dus, moet ook Arcade Fire gedacht hebben, die hem de plaatsvervangende rol van William Butler aanbieden. Het is allemaal nog wat twijfelachtig, zijn verschijning in de videoclip van The Lightning I, II zegt eigenlijk al genoeg. Maar goed, hier dus in de rol van opnameleider, wat hem verdomd lekker afgaat. Ook de toevoeging van singer-songwriter Dorothea Paas die de backing vocals op Chopper verzorgt is een absolute meerwaarde en van invloed op het volwassenere jaren tachtig geluid.

Het uptempo Unspeakable Things heeft een heerlijk elektronisch intro, een binnenkomer waardoor je al direct in Chopper binnenvalt. We dragen allemaal onze bagage mee, en wat is het fijn om je geheugen te refreshen en de narigheid achter je te laten. Brian Murphy scheurt kostelijk uit de bocht, en ramt er op het einde nog een heerlijke gitaarsolo doorheen. Zomers? Zeker zomers! Maar dan met die zinloze vooruitzicht op de vakantie. Hoe kom ik in godsnaam die dagen door? En dan heb je als muzikant ook al twee jaar aan corona ellende achter de rug. Het is al moeilijk om een festivalplek te veroveren, en als de velden dan ook nog leeg blijven is het nog lastiger.

De antiheld Jeremy Gaudet is nog steeds geen meesterlijke zanger, en jammert zich wat lo-fi krakkemikkig door de songs heen. Het onbeholpen amateurisme heeft hier zijn charme en is hem vergeven. Al kan hij zich ook steady stabiel in het stevige Downtown Area Blues afzetten. Zijn oprechte vrolijkheid krijgt een paranoïde neurotisch randje mee. De dagelijkse irritaties maken hem kwetsbaar, een oude zeur die in Parasite II over de eindigheid van het financiële huishoudpotje klaagt. Meer maanddagen dan loondagen. Die humane menselijkheid maakt van beroepsnerd Jeremy Gaudet geen humoristisch karikatuur maar een sterfelijk figuur met zijn eigen onzinnige eigenaardigheden en een goed gevoel voor zelfspot. The Extra Sees the Film happy ending schijnromantiek. Julie Andrews die gemaakt vrolijk door het decor van The Sound Of Music huppelt.

Voor Kiwi Jr. geen idolenstatus met dure hotelkamers en een goed gevulde minibar. Night Vision, het uitzicht op een verlaten parkeerplaats. Een uitgeleefde caravan, pornobanden en een goedkoop biertje. Volgend jaar lacht het geluk ons toe, volgend jaar alleen maar gevulde zalen, volgend jaar, of anders een jaar later. Een realistische blik op het artiestenleven, zonder schone schijn, zonder sterallures. De kleine lettertjes van de zenuwachtige Contract Killers verbintenis, die zelfs voor de zwaar bebrilde ogen van Jeremy Gaudet amper zichtbaar zijn. In het afsluitende The Masked Singer huilen we de toekomst tegemoet, de anonimiteit van de randmuzikanten. Brian Murphy legt de nodige dramatiek in zijn gitaarspel en blinkt uit in zijn treurnisakkoorden. Kiwi Jr. blijven die leuke ideale schoonzoon buitenstaanders, die voorzichtig excuserend tegen de maatschappij aanschoppen.

Kiwi Jr. - Chopper | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Kiwi Jr. - Cooler Returns (2021)

poster
3,5
Ondanks dat de naam anders doet vermoeden heeft Kiwi Jr. geen binding met de Chinese kruisbes, de uitgestorven vogelsoort of het Nieuw-Zeelandse rugbyteam All Blacks. Ook de albumtitel van het lekkere Football Money debuut staat hier geheel los van. Het uit Toronto afkomstige indie viertal maakt lome puntige korte gitaarpopsongs met de gemiddelde klassieke singletjes lengte van pakweg 3 minuten en levert met de het hyperactieve suikerzoete Cooler Returns hun tweede plaat af.

De van het steeds succesvoller geworden in noise en dreampop verzuipende Alvvays afkomstige bassist Brian Murphy ruilt zijn instrument in voor de gitaar en stelt zich tevreden met een mooie outsidersrol in de meer op de achterhoede spelende lichtgewicht Kiwi Jr. Een veilige positie die de veelbelovende jonge band dreigt kwijt te raken nu ze steeds breder opgepakt worden. Dat Sub Pop nu Kiwi Jr. vanuit hun roemzuchtige positie lanceert zal zeker zijn voordeel hebben. Toch staan de muzikanten mijlenver verwijdert van de logge grungerock waarmee de platenmaatschappij zichzelf etaleert. Een verfrissende aanvulling dus op de ooit zo baanbrekende record label.

De Canadezen hebben een studentikoze jeugdige uitstraling welke eerder herinneringen met de rammelend gitaarpop van Weezer, de onvatbare droge humor van Pavement en het opgejaagde van de seventies college punk oproepen, inclusief de schreeuwerige slogans refreintjes. Maar ook de voorliefde voor Britpop is terug te horen in het verhalende Tyler. Beroeps roffelaar Brohan Moore houdt het tempo lekker hoog en zorgt ervoor dat er geen vervelende stiltes ontstaan die de aandacht laten afzwakken.

De geniale thuis in elkaar geknutselde clip van titeltrack Cooler Returns is een geslaagde parodie op de befaamde 15 minutes of fame tijdens de pauze van de Super Bowl en andere soortgelijke grootschalige evenementen. De typerende festivalband Kiwi Jr. bezit het vermogen om eenvoudig klinkende catchy nummers te maken die veel complexer in elkaar zitten als wat de eerste indruk opwekt. Het startpunt is overduidelijk the nineties waar vanuit ook uitgeweken wordt naar vroegere tijden. Only Here For A Haircut en Domino hebben dat heerlijke onschuldige jaren vijftig bubblegum surfgevoel.

Het met sprankelend pianospel en jengelende zomergitaartjes volgepropte Cooler Returns is een terugkeer naar het niks aan de hand Beverly Hills, 90210 en Baywatch tijdperk uit de jaren negentig. Het flitsende leven bestaat uit feesten en men wekt de indruk op dat vrijwel alles op rolletjes loopt en bijna iedereen er perfect gestyled uit ziet. Kiwi Jr. zijn de ongemakkelijke aan de zijkant staande dagdromende nerds die hun eigen absurde wereldje creëert, gevuld met inside jokes die verder niemand begrijpt. Ze leven in hun eigen bubbel waarin Covid-19 zoveel mogelijk buitengesloten wordt. Een ware adrenaline kick voor die outsiders die zich eventjes buiten die gemene buitenwereld willen plaatsen.

Kiwi Jr. - Cooler Returns | Rock | Written in Music - writteninmusic.com

Kjellvander Tonbruket - Doom Country (2020)

poster
4,5
Christian Kjellvander is geen onbekende naam bij Written in Music. Deze Zweedse singer songwriter heeft zijn oorsprong in de alt country en folk scene. Na samen met de lo-fi rockers van Loosegoats vanaf 1995 een handvol aan albums uitgebracht te hebben, start hij samen met zijn broer Gustaf in 2000 een nieuw project op, Songs of Soil genaamd. De band heeft een kort bestaan, en na het enige wapenfeit The Painted Trees of Ghostwood gaat Christian Kjellvander definitief alleen verder.

Het duurt eventjes, maar begin 2011 wordt zijn vierde soloplaat The Rough And Rynge ook in Nederland opgepikt. De instrumentatie is al donkerder, maar de vocalen doen nog wat dromerig aan. Met nog meer warmte en illustratieve strijkers zoekt hij de toegankelijke hoek op, al blijft de aandacht van het doorleefde platteland op de voorgrond staan. Het beklemmende The Pitcher gaat nog een stap verder, en onthult nog sterker de mystieke kant van de zanger.

Ondertussen wordt deze Scandinavische bard in het thuisland op handen gedragen, en zet hij de kwalitatief hoogstaande productie voort met de herfstplaat A Village: Natural Light. Opvolger Wild Hxmans laat een indrukwekkende omschakeling in het geluid horen. De sfeer is diepzwart duister en de voordracht bezwerend angstig. Christian Kjellvander lijkt zijn definitieve vorm gevonden te hebben, en zoekt aansluiting bij de melancholische grootheden die de aarde bevolken, maar dan komt plotseling het Tonbruket jazzkwartet op zijn pad…

Deze sfeermakers weten dezelfde dreigende kilte neer te zetten met instrumenten die voornamelijk in de country gegrond zijn. Met piano, contrabas, pedal steel gitaar, viool en heftige explosieve psychedelica zetten ze een soort van duivel uitdrijvende basis neer, die perfect aansluit bij de steeds dieper klinkende vocalen van Christian Kjellvander.

De zanger sluit zich in de zomer van 2019 twee dagen lang van de buitenwereld af om schetsmatig te werk te gaan. Met kant en klaar songs, en verder wat teksten en flarden akkoorden nodigt hij eind augustus de muzikanten van Tonbruket bij hem thuis uit, om nogmaals twee dagen lang intensief te werken aan wat zich uiteindelijk zal ontwikkelen tot Doom Country. Welke voor het gemak onder de naam van Kjellvandertonbruket nu het licht zal zien.

Het trieste Yacht In The Fog handelt over een schimmige boottocht tussen vader en zoon. Deze ontmoeting zet zich voort in alles verhullende dichte mist. Tonbruket zet al hun muzikale kwaliteiten in om de rol van het spookschip uit de dragen. De trage bas van Dan Berglund vormt de basis als stroef voortbewegende golven, die zich verraderlijk om het gezelschap ontfermen. De gedragen treurige voordracht van de spreker plaatst zich in de desperate jazzuithoek, waar vanuit de drums van Andreas Werliin al kletterend het water laten weerspiegelen in het dovende avondlicht. In de rol van dolende geesten neemt de klaagzang het uiteindelijk over, om in stilte weg te sterven.

De hoofdrol in Tidal Wave is ondanks de prachtige zang van Christian Kjellvander toch echt weggelegd voor Martin Hederos. Hij laat zijn viool huilen en neemt de positie van het bezongen grafschrift over van de vocalist, die zich in eeuwige rust hierbij neer lijkt te leggen. Het gemis, de eenzaamheid en het vrijlaten staat centraal in het tranendal Loneliest Woman In The World. Een neerslachtig vermoeid klinkende Christian Kjellvander laat het sentiment de vrije loop gaan, met alleen die repeterende instrumentatie die hem hierin vergezelt. Stevig slaan de gitaarakkoorden van Johan Lindström ongecontroleerd om zich heen, om er een tikkeltje chaos in te stoppen.

De tracks blijken alle drie voorstudies te zijn geweest voor het magistrale Normal Behaviour In A Cutting Garden – Parts I, II, III. Sterk verhalend zoekt Christian Kjellvander de rand van het duistere bestaan op in het epische muziekstuk welke ruim twintig minuten lang weet te intrigeren. Een nachtelijke autorit met aan de bestuurderskant het onbedwongen verlangen en op de bijzitterskant de verstikkende wanhoop. De ingehouden stilte in deze lugubere roadsong wordt ruw verstoord door de gedachtegang van de spreker die steeds harder een uitweg zoekt om zich maniakaal te ontplooien. Het is namelijk onduidelijk of de verteller zijn fantasieën over de liftster de vrije loop laat, of dat er daadwerkelijk sprake is van een gepassioneerde liefdesrelatie. En dat maakt het ook zo indrukwekkend en duister. Dit alles omlijst met het klagen van slepende instrumenten die er strak doorheen zagen als getuigende moordwerktuigen.

Kjellvandertonbruket is een droom van een samenwerking die op Doom Country toewerkt naar een verdwaasd nachtmerrieachtig einde, waarbij nogmaals benadrukt wordt dat de plaat al smekend verlangt naar een vervolg. Nu de lente voorlopig nog op zich laat wachten en men noodgedwongen de tijd binnenshuis doorbrengt, is er meer dan genoeg uren beschikbaar voor deze indrukwekkende soundtrack der onvoorspelbaarheid.

Kjellvandertonbruket ‎– Doom Country | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Klar​!​80 (2023)

poster
3,5
De cassettetape heeft als voordeel dat deze voor iedereen betaalbaar en toegankelijk is. Welke puberende muziekliefhebber stelt in de jaren tachtig niet zijn eigen mixtapes samen en wisselt deze met zijn vrienden uit. Frustraties en vele afwijzingen van platenmaatschappijen inspireert do it yourself artiest Rainer Rabowski om gewoon vanuit zijn eigen winkelpand muziek van Düsseldorfs ondergronds trots betaalbaar aan de man te brengen. Dit levert in de vruchtbare 1980-1982 periode 18 cassettes en een box van drie unieke 12 inch hebbeding EP’s op. Dat die afzetmarkt zeker niet verzadigt is, blijkt wel uit het feit dat unieke collectoritems tegenwoordig voor een grof geldbedrag in de handel de weg naar de liefhebbende verzamelaars vinden. Dit staat in breed contrast met de oorspronkelijke visie van het beperkt producerende platenlabel. Geconserveerd goed vergaat niet, verstoft hooguit. Bureau B buigt zich over die vruchtbare Neue Deutsche Welle periode met acts die zich krampachtig aan de punkideologie vastklampen, en waar kleinschaligheid voorop staat.

Eigenlijk vormt Rainer Rabowski’s Roter Stern Belgrad waarin hij samen met Axel Grube die basis legt, de rode draad op deze samengestelde verzamelaar waar ze met een drietal tracks vertegenwoordigt zijn. Het voor Roter Stern Belgrad begrippen toegankelijke sexy Ta Ku Sey houdt zichzelf op een repeterende dancebeat in toon. Het onklare Alpha Waves verkeert nog overduidelijk in de experimentele ontdekkingsfase en Blas Dein Knie Ein is niet veel meer dan een overspannen stuiterend eerbetoon aan de onbeperkte bereikbare mogelijkheden van de telefonie. Niet echt de interessante hoogstandjes op deze vreemde compilatie, al is Rainer Rabowski tevens zijdelings bij het meer geslaagde Eraserhead gezelschap betrokken welke hier met het avontuurlijke OT de duistere elektronische tribaldance kakofonie grenzen aftast.

De minimalistische Strafe für Rebellion Blaue Mig noise is een amper een minuut durende klankencollage. Later zetten ze die artistieke provocatie meer op het zijspoor om in 2014 als het Sulphur Spring wapenfeit die culturele nachtmerrie een weerwoord te geven. Echt toegankelijk wordt het nergens, en dat siert ze. Van het onbekende Und Piloten is enkel Umsturz vindbaar. Dreigende postpunk industrial noise met freejazz percussie welke zeer in anno 2023 te plaatsen valt. Er komen vlagen van The Lion Sleeps Tonight voorbij en de maniakale aan Suicide memoreerde rockabilly punkzang kleurt hier perfect bij. Nogmaals jammer dat overige gegevens ontbreken. Het verder nergens te plaatsen Umsturz behoort tot de boeiendste Klar!80 albumtracks. Het artistieke toegankelijke Europa heeft op Dein Zauber heuse groot opgezette melodieuze zanglijnen, het spacende krautrock verleden echoot voornamelijk op de achtergrond door. P.Projekta / G.Ranzz is net zo geheimzinnig, en bouwt M4 van een klassiek diep mee neuriënd harmonium op.

Het anonieme Ralph & Ernie is met het gelijknamige duistere Ralph & Ernie elektrodrone stuk present. Verdere informatie ontbreekt, dus je weet zelfs niet eens of het de daadwerkelijke voornamen zijn of dat het slechts een alias van een muzikant is of dat hierachter een gezelschap schuilgaat. Een groot mysterie, welke niet helemaal naar wens beantwoordt wordt. Misschien is Ralph wel dezelfde Ralph als bij het Rara, Axel & Ralph drietal, waarvan ondertussen wel duidelijk is dat hier Ralph Albertini en voormalige Roter Stern Belgrad collega Axel Grube bemoeienis in hebben. Rainer Rabowski blijft in alles trouw aan zijn roots, en verloochend die afkomst niet. De geheimzinnige Rara is waarschijnlijk voor de net zo geheimzinnige schelle saxofoonuithalen verantwoordelijk, waarmee het trio zich overduidelijk in de postpunk hoek plaatst.

Deze selfmade propaganda werpt wel degelijk zijn vruchten af. Het lukt het humoristische kleinkunstgezelschap Xao Seffcheque und der Rest om zelfs een voltooide langspeelplaat via de Schallmauer punkplatenmaatschappij van de gebroeders Rieger op de markt te brengen. De griezelige funkdisco Mir fehlen die Worteis crossover is slechts voorwerk en verschijnt echter niet op het Ja – Nein – Vielleicht debuut. Het Strafe für Rebellion duo Bernd Kastner en Siegfried Michail Syniuga bewerkt net als de gelijktijdige bekendere vanuit Berlijn opererende Einstürzende Neubauten performancegroep afgedankt elektronica, schroothoop ijzer en zelf in elkaar geknutseld restmateriaal tot iets wat aan de grenzen van de muziekbeleving schuurt en krijgt vervolgens bij het Britse Touch onderdak.

Ook de zwoel ritmische CHBB Mau-Mau exotica kilte beleeft een doorstart in het tevens uit Düsseldorf afkomstige Liaisons Dangereuses die met Los Niños del Parque een clubhit scoren en ondanks de bandnaam en singletitel geen Spaanse of Franse, maar juist een Duitse achtergrond heeft. Deze track staat oorspronkelijk niet op Klar!80, al eist het succesvolle verloop deze plek met terugwerkende kracht op. Het best smakende nagerecht bewaart Rainer Rabowski tot het laatste. De elektro cowboys van BLÄSSE sluiten met een sterk staaltje aan Taktlose Klapperschlangen af, ook hier zorgen de piepende blazers voor het verstorende evenwicht. Bandlid Alexander Hacke zal niet veel later de transfer naar Einstürzende Neubauten maken. Het orthodoxe Alle Dertien Goed Klar!80 rariteitenkabinet is de onbetaalbare kunstafrekening van dit kansloze uitschot welke niet net als grondleggers en tijdsgenoten als Kraftwerk. Neu!, La Düsseldorf en D.A.F. het grotere publiek bereiken.

Various Artists - Klar​!​80 | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com

Klaus Johann Grobe - Du Bist So Symmetrisch (2018)

poster
3,5
In de tijd van de New Wave leefde dat in bijna elk Europees land wel; de Belpop, Italo disco, Nederpop en Neue Deutsche Welle. Thema’s die terugkwamen waren vooral het milieuproblematiek met de zure regen en vervuilde stranden, de dreiging van De Koude Oorlog en de kernraketten. Zelf woonachtig in het grensgebied, en ook in Nederland sloeg de Neue Deutsche Welle flink aan, niet alleen hier, maar ook internationaal gezien. Elk jaar met Oud op Nieuw wordt er thuis aangenaam verdoofd geschakeld naar de Duitse zender ZDF om de Kultnacht te volgen met overwegend Duitse wave bands. Het leeft dus nog steeds, logisch dat Klaus Johann Grobe goed in de smaak valt. Dit is dus niet zoals verwacht een eenmansproject, maar juist een band bestaande uit Sevi Landolt en Daniel Bachmann, niet voortkomend uit de jaren 80, maar ontstaan in 2012. Zelfs niet eens van Duitse oorsprong, wat wel te verwachten valt bij het Neue Deutsche Welle, maar uit Zurich in Zwitserland. De invloeden komen wel uit het hierboven beschreven tijdperk.

Du Bist So Symmetrisch is hun derde album, en zelfs bij de vormgeving van de albumhoes zou men denken dat dit een product uit The Eighties is, muzikaal gezien uiteraard ook. Ooit zou Discogedanken futuristisch geklonken hebben, dat lijkt nu ondertussen lichtjaren geleden. Het zou zo de openingstune kunnen zijn van een Japanse tekenfilmserie van vervlogen tijden. Vette disco met nog vettere funky beats, opgehitst door die terugkomende lekkere echte bas. Eigenlijk jammer dat er bij deze track gezongen wordt, had het instrumentaal gehouden. Ja! lijkt zo van de Atari spelcomputer geplukt te zijn, een mogelijkheid die zo kan kloppen, hier vallen de vocalen wel op hun plek. Bij Der König gaat het tempo flink omhoog, en maakt de bas een meer slapping beweging, toch wel het allesbepalende instrument van de plaat. Zou Der König slaan op de hitgevoelige koning der bassisten uit de tachtiger jaren; Mark King? Dat zal dan wel niet het geval zijn geweest.

Na het eerste intermezzo schakelen we vervolgens weer over naar de bas, maar waarom dat afleidende tussenstuk? Het haalt de vaart er uit, dit zal toch niet de bedoeling zijn geweest. Von Gestern vervolgd stoerder, meer onverschillig, wat uit de neus gezongen. Voor mij had het langer mogen duren, op het einde wordt het een heerlijke discotrack. Bij Watte In Meinem Kopf maakt de beginnende speech minimaal indruk, en komt het pas echt op gang bij de relaxte zang, het lichaam maakt contact met de geest, waardoor er onbewuste dansbewegingen ontstaan. Helaas is de gesproken afsluiting net zo vreemd als de start, en door de toegevoegde geluiden ontstaat er kortsluiting tussen brein en body, met stagnatie en stilstand tot gevolg. Out Of Reach spacy gedateerd, als een haperende motor van een ruimteschip, wacht het op lancering; een dreigende aftelling zou het af maken. Overgaande in een elektronische jamsessie die je helemaal mee laat voeren in de gevoelloze ruimte. Du + Ich gaat de donkere en zwaardere kant op, de instrumenten lijken net wat lager gestemd, zonder dat het deprimerend wordt.

Het tweede tussenstuk bevalt net wat beter dan de eerste onderbreking, de overgang van het geneuriede stuk naar het instrumentale gedeelte is mooi gemaakt, maar we wachten uiteraard op Siehst Du Mich Noch?, al moet je concluderen dat dit het minste nummer van Du Bist So Symmetrisch is, een beetje inspiratieloos gefröbel, en de vocalen kunnen het ook niet reden. De brug naar Zu Spät is wel de meest geslaagde van de plaat, maar als track is het allemaal net wat te vrolijk en inhoudsloos. De drumsolo red het einde van de plaat, en is pakkend genoeg om je wakker te schudden bij An Diesem Abend, och, er valt goed te leven met de twee misstappen hiervoor, en ben dat al snel vergeten.

Op Du Bist So Symmetrisch is Sevi Landolt wel de meester. Zijn manier van basgitaar spelen trekt vrijwel terecht alle aandacht naar zich toe, verder staat het wel in de schaduw hiervan, en is het niet altijd even sterk. Voor mij is het voornamelijk een terugblik naar Neue Deutsche Welle, en de druilerige zaterdagmiddagen voor de Duitstalige buis, waar je de nagesynchroniseerde Japanse tekenfilmserie Captain Future zonder succes natuurlijk, probeert te volgen.

Klaus Johann Grobe - Du Bist So Symmetrisch | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com

Kloot Per W - Arbre a Filles (2022)

poster
4,0
Met groot enthousiasme kondigt Kloot Per W vorig jaar de plannen voor een nieuwe volwaardige plaat aan. Het duistere Nuits Blanches nachtwerk is ondergedompeld in zwaarmoedige inktzwarte schrijfsels, de dood centraal stellend. Tekstueel sluit het breekbare zonlicht ontwakende Le Temps Caché mooi op dit drieluik aan, muzikaal is het echter gemakkelijk verteerbaarder. Het treffende overgangsnummer naar Arbre A Filles, een klaarlichte zomerplaat, ironisch juist grotendeels geschreven in de periode dat Kloot door lichamelijk ongemak letterlijk en figuurlijk noodgedwongen aan huis gekluisterd zit. Arbre A Filles bezit meerdere diepgaande onderlagen. Pel deze af en je komt bij de rottende kern, waar weldegelijk de nodige giftige bijtende sappen uitdruipen.

Maar Kloot kennende, geeft hij hier een luchtige twist aan. Typerende Per W gekte, samen met bevriende muzikanten als de gitaristen Mauro Pawlowski, Steven Janssens en Jan Blieck, bassist Pieter van Buyten, drummer Jo Moens, de backing vocals van Catherine Mys, Claudia Soccio en Neo Deweze aangevuld met het toetsenwerk van Jan Hautekiet, Rudy Trouvé en producer Pascal Deweze buigt hij zich over de bijslijpbare puzzelstukken. Een ingecalculeerd proces, waarbij de doelstelling simpel en eenvoudig is.

Het moet min of meer vijftig jaar Kloot Per W samenvatten. De tegendraadse gekte, de liefde voor The Beatles perfectie, de hitgevoeligheid maar ook zijn geboorteroots en zijn Franstalige opvoeding. Engelstalige muziek speelde toen nog maar een beperkte rol in zijn leven. België was behoorlijk Frankrijk gericht, en ondanks dat de Vlaamse muzikant zich erg door de muzikale jaren zestig revolutie laat beïnvloeden, ontstaat hier ergens zijn basis. La Naissance Du Rock, de navelstreng nog met het conservatisme verbonden, enkel een knipbeurt van het rockbestaan verwijdert. De feestjes, de vrouwen, de drank en de kaviaar. Verslaafd aan de onvoorspelbaarheid, verslaafd aan het avontuur.

De voedingsrijke kleigrond van Les Pays, de beboste Ardennen, waar de vastliggende horizon de scheidingsgrens van een jeugdige Kloot bepaald. Dit is geen nostalgie, dit is juist zijn beknopte levensverhaal. Een cadeau voor zijn vrienden, zijn naasten die hem goed kennen. Frans is de perfecte voertaal om zijn gevoelens in te etaleren. Een publieke voorstelling met de kunstenaar als middelpunt van zijn eigen expositie. In het psychedelische jazzy Krautrock titelstuk Arbre A Filles wandelt Kloot Per W in gedachte door het New York van de jaren zeventig, memorerende aan de opbloeiende graffiti cultuur, het stinkende CBGB punkhol en de Ziggy Stardust glamrock. De aftakeling van het artiestenbestaan, afbrokkeling van de metropolen, waar kaalplukkende geldratten de vervallen straten financieel schoonvegen.

De Franse chanson, levensliederen avant la lettre. De puurheid, de emotie en de l’amour. Het bekt niet alleen beter dan liefde, het geeft tevens de romantiek en de eeuwigheidsduur weer. De muzikale oneindigheid wordt alleen door de sterfelijkheid overtroeft, dan is de cirkel weer rond. A la Fin De la Fin, dichter bij de dood dan bij het leven. Dagboekbladzijdes tellen af, herinneringen in waardes gerangschikt. De psychedelische Il Y Aura soul, mijmerend over de zin van het bestaan filosoferen, mon amour centraal stellend.

Zonder liefde geen mensheid, zo simpel is het allemaal. De gemiddelde werkkracht geniet als vijfenzestigplusser van zijn verdiende pensioen, Kloot Per W is misschien wel aan zijn vierde jeugd bezig, verspilde tijd inhalend. Muzikant pur sang. Voor altijd jong, voor altijd die kinderlijke gemeende interesse voor het onwetende. Die erfelijk bepaalde gedrevenheid, de ongeremde drang om maar actief bezig te zijn is bepalend op de verontrustende rusteloze ADHD two face pierrot openingstrack Tu Me Troubles, waar de jankende gitaar als een gebeten gehoorzame hond aansluit.

De keerzijde van het artiestenbestaan zit hem in het heerlijk dansbare Girl on the Phone, het internet stalken. Een lekkere openlijke straatmuzikantentrack met een nerveus geërgerde Kloot Per W, de wanhoop nabij, zelfs in het graf blijft de maar door rinkelende telefoon de wormen tijdens hun feestmaaltijd verstoren. Die Big Brother Is Watching You mentaliteit vormt tevens de verbindende wifi aansluiting naar de stevige Super Likeur beatrock, waar een sixties basis de hedendaagse machtige geld kloppende sociale media problematiek bloot geeft. We leven in een blauwe duimpjes scorende Like maatschappij, een kunstmatige populariteitspoll classificatie.

Hoe dwaas kun je zijn, daar is geen Kloot Per W gekte voor nodig. Het zal niemand verbazen hoe actueel Je Suis La Mort op dit moment is. Oorlogen vermoorden de mensheid, vermoorden de passie, vermoorden de cultuur, verarmen de vrijheid. De Dood als ingehuurde sluipmoordenaar in een strak glamrock glitterjasje die weigert om nog langer levens op te eisen.

Mon Dernier Mot, het duistere slotakkoord, voordat de gitaar voor altijd in de koffer verdwijnt. De linkshandige artiest kennende zal hij dit moment voorlopig nog wel uitstellen, zo boordevol met onuitgewerkte ideeën, inspiraties en bezieling. Ga, maar lekker door Kloot! Arbre a Filles is geen bloemlezing uit vijftig jaar Kloot Per W rockgeschiedenis, maar geeft wel perfect weer hoe hij in het leven staat. Een Kloot Per W kenner leest tussen de lijnen door, en haalt hem er zeker uit. Voor een leek is dit een prima bondige overzichtsplaat, alleen dan met gloednieuwe songs.

Kloot Per W - Arbre a Filles | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Kloot Per W Group - Nuits Blanches (2021)

poster
4,0
Het creatieve brein van een kunstenaar gaat vaak pas werken als de omgeving in ruststand verkeert. Niks is mooier dan de stilte van de nacht, een zwijgzame partner die de klanken laat weerkaatsen tegen de door schilderijen vervulde muren in de huiskamer van de artiest. Ze dempen de geluiden en laten ze vervolgens in de atmosfeer rond cirkelen totdat ze gevangen worden om op tape gezet te worden. Kloot Per W is een geroutineerde rasartiest, hij heeft het allemaal meegemaakt. De hoogtijdagen van de psychedelische jaren zeventig, het verrotte straatleven van de punk, de grunge, de house en uiteraard de Belpop.

Maar ook vooral de nachtelijke onrust waar chansons en blues samen komen in een oude doorleefde geest die zichzelf op de EP Nuits Blanches voor de zoveelste keer opnieuw uitvindt. De liefde voor de duistere uren, de hang naar goedkope en oppervlakkige nachtclubromantiek. De ups en downs van het sterrendom. De eenzame hotelkamers met de gevulde minibars, het uitbundige publiek, de verlate kroegen. Maar vooral die kick van de roem, die eeuwige roem.

Kloot Per W staat er al jaren middenin, dwars van alle hypes bewandelt hij zijn eigen onuitputbare wegen. Ondanks zijn gepensioneerde leeftijd denkt er niet aan om rustiger aan te doen. De nieuwe generatie Belgische muzikanten hebben helden nodig die dicht bij ze staan, voorbeelden die deze belangrijke ervaringen willen delen. Kloot Per W is zo’n cultfiguur.

Samen met voormalige Evil Superstars en dEUS bandlid Mauro Pawlowski werkt hij al jaren aan een verbreding van zijn persoonlijke muziekencyclopedie. Het ene moment uitbundig, manisch, dwaas en onnavolgbaar, vervolgens warm en intiem in een ouderwets zwart-wit decor. Nuits Blanches behoort overduidelijk tot die laatste groep. De voertaal is Frans. Het bekt gewoon lekkerder zo, en de Franse taal heeft dat amicale theatrale dat zich hier buitengewoon goed voor leent.

Het titelstuk Nuits Blanches is een sentimenteel gedragen passage uit het leven van deze oude rocker, met prachtig roodfluweel gitaarspel welke de treurende akoestische akkoorden van het intro langzaam afdwingt om in de schaduw te verdwijnen. Het zijn nog niet eens zozeer de woorden van Kloot Per W die respect afdwingen. Het is zijn hele voordracht waarin zoveel kracht en overtuiging in terug te vinden is, levenservaringen die niet eens extra geaccentueerd dienen te worden.

Je T’ai Toujours Aimeé is ritmisch, daglichtvriendelijker. Al worden de zuidelijke invloeden ook hier overmand door een flinke dosis aan schemerduister gitaarwerk. Een klassieker waarbij teruggegrepen wordt in die rijkelijk gevulde persoonlijke catalogus van Kloot Per W. Het is een remake van een bijna veertig jaar oude versie die oorspronkelijk met zijn band Polyphonic Size werd uitgebracht. Nu zonder de zang van The Stranglers bassist JJ Burnel maar gedragen door de Belgische chansonnier.

De combinatie van piano en viool versterken de treurnis in de prachtige praatzang van het zwaardere Tout Abandonné. Een melancholisch verslag waarbij een oude man al symbolisch fietsend uit het leven vertrekt, zijn laatste reis vervolgend. Na de slapeloze nachten wordt de eeuwige rust opgezocht. Nuits Blanches is een concept gericht op het ouder worden en de sterfelijkheid. Het nostalgisch terugkijken op jongere jaren, maar ook de realistische bewustwording van het heden als mogelijkheden vervagen tot onmogelijkheden.

Kloot Per W Group - Nuits Blanches | Rock | Written in Music - writteninmusic.com

KNUPPERPOUF - El Pueblo (2023)

Alternatieve titel: Amsterdam Album

poster
4,0
U2 zingt over naamloze straten die enkel een nummer hebben. Tijdens de pandemie promoten steden zichzelf met een smartphone route, waarbij imponerende plaatsen aan een verhaallijn gekoppeld worden. Nicolette Lie gaat met haar El Pueblo project nog een stapje verder. Ze geeft niet alleen straten een naam, maar ook een ziel, een geweten, en een nostalgische indruk mee. In een negental instrumentale muziekschetsen leidt ze je als gids door Amsterdam heen, soms aan de hand, soms ook met die creatieve vrijheid om zelf een beeld te creëren. Soms melancholisch tragisch ontroerend, soms juist amicaal uitnodigend. Een liefdesbrief zonder woorden, een ode aan Amsterdam. El Pueblo, het dorp in de stad. Ondanks haar veelzijdige drummersachtergrond staat de piano hierbij prominent op de voorgrond opgesteld.

De Marnixstraat als inspiratiebron voor verschillende binnenlandse politieseries. De centrale ligging van bureau Raampoort, geëerd door de melancholische Toots Thielemans mondharmonica treurklanken in de Baantjer afleveringen. In de zusterrol voegt Knupperpouf een nieuwe nachtelijke bladzijde aan dit hoofdstuk toe. Een open einde, het boek zal nooit wijselijk de mond sluiten, en nooit alle nostalgische waardes vrijgeven. De straat is altijd in beweging, altijd alert, en altijd al een theatrale tragisch broeinest. De cello van Sanne Bijker ondersteunt begripvol gemeend het klassieke pianospel van Nicolette Lie, sober, troostend in alle eenvoud.

De kapitalistische Lindengracht, aan de rand van de Jordaanse volksbuurt, waar eeuwenoude neerbuigende hoge Rijksmonumenten een elegant toekijkend oogje in het zeil houden. Het geweten van de marktkooplieden, de handel boven en onder de toonbank. Betrouwbaar, onbetrouwbaar, vertrouwd. Een tikkeltje naïef bewandelen reine blanco pianotoetsen lichtvoetig springerig de straten. Het IJ verbindt de muzikale uitlopen aan elkaar, de kloppende hoofdader met de zijstromingen. Soms verrijkt door energie, soms juist zuurstofarm afstotend. Het overstromend afvalputje van de hoofdstad, maar ook een van de belangrijkste welvaart toegangswegen. Donker, traag slopend met ook hierin weer die deprimerende beantwoording van Sanne Bijker, die de confrontatie met het pianospel van Nicolette Lie niet uit de weg gaat.

Een ander instrument, een andere gastspeler. Nicolette Lie versterkt haar punkgitaar en geeft trompettist Theo van Kampen vrij spel. De Dam is dromerig, bijna jazzy, en ademt vooral die identieke oudheid uit. Eventjes proeven aan het indierock verleden, eventjes een ander soort van spanning. De Dam, het bruisende multiculturele hart met al zijn vertakkingen, waarin alles samenkomt. De coöperatieve echtverbintenis tussen natuurlijk groen en kindvriendelijke speelruimtes rond het burgerlijke Cremerplein dramatiek is er op gericht om de stedelijke verloedering te bestrijden. De pianotoetsen vormen een herhalend krachtig beschermend schild en houden de buitenwereld ver van het intense volkse gebeuren vandaan.

Het welvarende opportunistische Noord verleden staat nog steeds op de rand van de wederopbouw. Dromerige goedbedoelde toekomstperspectief klanken gummen de grijsheid weg en vervangen deze door nieuwe kleuren. Kinkerstraat 17 is de eenzaamheid van het alleen thuiskomen, kil, koud, de deprimerende eeuwigdurende bivakkerende wintermaanden. Vanuit het niets iets moois opbouwen. Het geïmproviseerde spontane Linnnaeusstraat werkt zonder planning, zonder uitgewerkte structuren, puur vanuit bezieling. Nicolette Lie parkeert haar leven een tijdlang in De Wittenkade, aarzelende hiaten vullen de warme zekerheden in, en geven het een beeldende postpunk lading mee. Het filmische El Pueblo is meer dan een nachtelijke wandeling langs de schaars verlichte Amsterdamse grachten. Het zijn dertig jaren aan gemak en ongemak, aangeleerde wijsheden en geëtaleerde liefde voor de hoofdstad. In alle haast onthaasten. Een fraai tijdloos monument.

Knupperpouf - El Pueblo | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

KNUPPERPOUF - Our World (2022)

poster
3,5
And now the future has turned to past
and things have changed a lot
and our world’s not always right

De hoogtijdagen van de rammelende vaderlandse indiegitaarrock liggen alweer zo’n vijfentwintig jaar achter ons. Getriggerd door het veelal Amerikaanse geluid sluiten jonge muzikale helden zich in oefenruimtes op om hun muziek in jeugdhonken aan de man te brengen en vervolgens het clubcircuit onveilig te maken. Waarom? Omdat die behoefte er was. De Verenigde Staten zijn niet langer onbereikbaar en met de opkomst van labels als Excelsior en Brinkman zijn er genoeg veelbelovende toekomstmogelijkheden om een platencontract af te sluiten.

Julia P. Hersheimer maakt een droomstart bij Brinkman. Drummer Jeroen Kleijn richt zich rond de releasedatum van Crazy Scenes with Julia P. Hersheimer al op andere doelstellingen, waardoor zijn vrijgekomen plek door Nicolette Lie wordt ingevuld. Julia P. Hersheimer (Marloes Vermeulen) gaat alleen verder, maar het contact met Nicolette Lie blijft hecht, en ze zingt ook op het merendeel van de Knupperpouf tracks mee. Knupperpouf, het soloproject van Nicolette Lie die zich hierop niet tot alleen het drummen beperkt, maar ook de gitaar, bas en keyboardpartijen inspeelt. Er volgen vier EP’s met schattige Nederlandstalige luisterliedjes, vooral het in 2011 uitgebrachte a tale of 4 cities is een aanrader, waarna ze met het dit jaar verschenen Our World de overstap naar het Engelse taalgebied maakt.

Je kan er niet omheen, het speels rommelige Our World voelt toch wel een beetje als een Julia P. Hersheimer plaat aan. Ook hier die verbale aanwezigheid van Marloes Vermeulen en diezelfde kleingehouden singer-songwriter gevoeligheid in de sprankelende gitaarliedjes. De Geese Flew sixties psychedelica is een prachtig eerbetoon, geschreven over de herinneringen aan haar overleden moeder. Het blijft een tekortkoming, dat Nicolette Lie hierbij niet zelf de leadzang invult. De warmte en herkenbaarheid van het thuiskomen, verscheurd door de ijzige leegte, het zijn haar eigen dierbare bezittingen. De met duistere uitspattingen opgesierde The Code elektro synthpop haalt dan wel de inspiratie uit de bloederige Dexter serie, maar haakt op datzelfde verdriet, datzelfde gemis en datzelfde gevoel van heimwee in.

Met het swingende, No Vocabulary zou ze in de jaren zeventig helemaal de blits maken, maar voelt nu net zou oubollig als deze gedateerde uitdrukking aan. Het geeft niet, het past in die nostalgische sfeer, een vette knipoog naar het verleden. Netjes vermeld ze bij A Place Of Your Own dat ze de bezieling bij The Smiths vandaan heeft gehaald. De melancholische Morrissey tragiek druipt er zo strak doorheen, dat deze informatie eigenlijk overbodig is.

Angst voor het onwetende, het adembenemende fraaie Doppler valt als een zure pianoregenbui depressie uit de grijze luchtlagen omlaag. Ondanks dat Nicolette Lie hier zelf de zangpartijen verzorgt, voelt het niet onwennig aan. Ze heeft een bepaalde zachte zwaarmoedige grimmigheid die mij zeer sterk aanspreekt. Ook het futuristische ritmische Our World titelstuk en het afsluitende Rudolf the Wolf worden door haar gezongen. Rudolf the Wolf, het rechtse populisme. Narcisme en zelfverheerlijking in het beminnende spiegelbeeld van een egocentrische politicus, sneaky, slijmerig en glad.

Nicolette Lie mist dan wel dat geroutineerde van Marloes Vermeulen, waardoor de vocalen soms wat onzeker zwalken, het geeft wel een persoonlijke twist aan het geheel. Nu maar eens een volledige plaat, Knupperpouf is er klaar voor. Our World deelt het gemeenschappelijke gevoel. Het is onze wereld, met ons gedeelde verdriet, ons gedeelde geluk en onze hang naar een eerlijke indiepop album. Our World voldoet aan al deze gestelde eisen.

Knupperpouf - Our World | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

KOKOKO! - Fongola (2019)

poster
4,0
Vanwege de ontwikkeling op internet lukt het steeds meer artiesten om volgens de Do It Yourself methode muziek aan de man te brengen. Lekker knutselen en heen rommelen op een zolderkamertje, en zonder hulp van platenmaatschappij het product presenteren. Ergens in een grijs verleden ligt daar ook de basis van de punk en lo-fi. Tegenwoordig maken ook goed scorende dance producers hiervan gebruik. Steeds minder krijgen machtige platenmaatschappijen de kans om zich als bepalende tussenpersoon op te dringen. Het vanuit de Democratische Republiek Congo opererende KOKOKO! Gaat hierin nog een stap verder. De elektronische basis wordt gevormd door de zelf in elkaar gezette instrumenten, waardoor er een unieke sound ontstaat. Meer DIY kan er niet gewerkt worden. Een doeltreffende vorm van recyclen van afgeschreven materiaal en ander afval.

Deze exotische punkhouding bezit door de eigenheid nog meer kracht dan de Afrikaanse postpunk uitstapjes waar de Westerse artiesten zich eind jaren zeventig aan waagde. Het is onmiskenbaar duidelijk dat de groovende afrobeat net zo sterk hierbij zijn sporen heeft achter gelaten. Het verschil zit hem in de overtuigende voordracht. Het is net wat energieker, bijna op een militaristische toon gezongen. Fela Kuti heeft met zijn visie en leven een historische stempel gedrukt op de denkwijze en leefstijl. Muziek is net zo ritmisch in vreugde en verdriet terug te horen.

Toch is Fongola een album geworden waarbij de cirkel gesloten lijkt te zijn. Er is zoveel terug te horen van het New Wave tijdperk. KOKOKO! is een symbolische overdracht van een geleend stuk cultuur, wat bewerkt is terug gegeven. De muzikanten geven daaraan weer een eigen invulling, en presenteren dit als debuutplaat nu aan het publiek. Nergens gaat het ten koste van de muziek. Het is een dansbare smeltkroes van stijlen. Met gemak gaat klassiek over in dub en bouwen traditionele binnenlandse ritmes op tot een uitzinnige ravende danceparty. Hoe verwarrend is dan het om de plaat Fongola te noemen, wat Mongolië betekent, nergens wordt er duidelijk gelinkt naar dat land.

Met het eigenzinnige freakende Likolo wordt ergens tussen de experimentele jazz en tegendraadse funk een startpunt opgezocht. Met gemak werken de donkere bastonen en krassende hoge gitaarakkoorden zich hier tussen. Deze benaming vat het nog niet perfect samen. Het is net een tikkeltje anders als wat je ooit eerder hebt gehoord. Debet hieraan blijft de zelfproductie van het speeltuig. Het einde gaat met gemak richting psychedelische ambient zang, en dat allemaal in een enkele track.

De hoofdrol op het album is weg gelegd voor de onderdompelende bas, welke er een duister bijna sinister tintje aan geeft. Telkens als het dreigt te ontploffen tot een gigantisch feestje is deze aanwezig om er een down to earth gevoel aan toe te voegen. Brommend en mokkend laat deze je meeslepen in een hypnotiserende trance. Het meest overtuigend zijn toch wel de typerende dromerige New Wave stukken.

Hoogtepunten zijn er zeker te vinden. L.O.V.E. springt er bovenuit vanwege de experimentele aanpak. Aparte inheemse geconstrueerde snaarinstrumenten worden door licht industrieel snijwerk ingeleid, waarna de erotische hese vrouwenzang het met de zuigende soundscapes op een mysterieuze wijze verder invullen. Echt uitblinken doet KOKOKO! met hun schreeuwerige opgepimpte synthpop variant Kitoko en het net zo eighties ingerichte strakke Caribische Tokoliana, waarbij de zonnestralen het als een broeierige zomerdouche opwarmen.

Het gevaar zit hem voornamelijk in de herkenbaarheid. Echt iets nieuws weten ze niet toe te voegen. Er is duidelijk geluisterd naar hoe Westerse dansmuziek zich vanaf de jaren zeventig ontwikkelde tot aan de eeuwwisseling. Alles wat daar tussendoor passeerde komt voorbij, tribal, house, wave, electroclash, zelfs de commerciële Italo disco en de nog foutere Eurodance passen in het totaalplaatje.

KOKOKO! blinkt uit vanwege de presentatie die ze vooral live weten waar te maken. Het podium is gevuld met gereedschap en ander materiaal die de meest wonderbaarlijke geluiden produceren. Het is zowat van een kinderlijke eenvoud en oogt armoedig. Juist door het muzikale eindresultaat overstijgt het in hun voordracht. Zonder deze beelden komt het een stuk minder bijzonder over.

KOKOKO! - Fongola | World | Written in Music - writteninmusic.com

Komraus - Untie the Ropes (2019)

poster
3,5
Bij het horen van de naam Komraus zit je al snel in de verkeerde hoek te zoeken Dit is geen Duitse foute hardcore techno act, maar een stel triphoppers die hun werkplek in Londen heeft. De namen van de leden maken het nog verwarrender. Zangeres Sara Rioja, drummer Giuseppe Grondona en toetsenist Miguel Ramires hebben hun oorsprong in Spanje. Untie The Ropes is hun debuutplaat, en roept aangename herinneringen op met de bruisende Bristol scene uit de jaren negentig. De albumtitel staat voor het zich los maken van het opgelegde patroon. De ene keer gericht op de persoonlijke ontwikkeling, dan weer zich distantiërend van de maatschappij.

Komraus weet zich al direct te onderscheiden van andere soortgelijke bands. Some Minutes opent organischer met echte drums en gespeelde keyboardpartijen. Er wordt minimaal gebruik gemaakt van samplers. Sara heeft niet dat doorrookte in de vocalen waar Beth Gibson indruk mee maakte, waardoor het minder duister klinkt. De associatie met het dreigende van film noir soundtracks is vrijwel afwezig. Vocaal is ze net wat niet zo sterk dan haar illustratieve voorgangers, die hun levenservaringen en bitterheid er volledig in kwijt kunnen. Hiervoor in de plaats komt de temperamentvolle sensuele Zuid Europese aanpak. Ze heeft een aangename diepte in haar stem, die weer met gemak de hoogte in kan gaan. Bij Gas zijn de effecten wel aanwezig, maar domineren het geheel niet. Het is stukken verhalender, en Sara weet hier de rol van croonende diva op zich te nemen.

Het sobere hoor je terug in Love Overdose. Traag en slepend trekt de toetsenist het voort, met de klaagzang van de zangeres als trieste ondertoon. Nog zwaarder vervolgt titelstuk Untie the Ropes, al geeft de percussie er een aangename draai aan. De invulling is meer jaren tachtig gericht met lichte New Wave en zwoele dreampop accenten. Het Massive Attack achtige If I am Dreaming waar duistere invloeden doorheen druipen, zou zo onder de noemer tripgoth geplaatst kunnen worden. Bij het rustige What We Were Once vormt de keyboard de oorsprong. Het tempo wordt ritmisch opgevoerd door de sterk spelende Gronona, die ondanks de sfeervolle toevoegingen netjes bij zijn basis blijft. De omschakeling van Sara van troosteloos naar wrang bijtend is een onverwachte wending, maar werkt wel in het voordeel. Vervreemding en verwarring wordt opgeroepen in Just Say My Name. Afwijkende geluiden die zich laten leiden tot een meer orkestraal geheel, waar wel meer de uitgebalanceerde kracht van de invloedrijke grondleggers te horen is.

Dat de drummer ook geluisterd heeft naar de postpunk puristen bewijst The Road, meer minimalistischer maar net zo nadrukkelijk, drukt het de stempel op het begin van deze track. Door de achtergrond van deze muzikant heeft het wel een zomers tintje, wat prima samen gaat. Gerust stellend maakt de toetsenist zijn intrede, waarna Sara harder vervolgt. Ze gaat daarmee de strijd aan met de terug kerende keyboard aanslagen. Je verwacht niet dat Untie The Ropes nog gaat rocken, maar Stolen Fate laat een vette gitaar de boel ontwrichten. Helaas blijft het beperkt tot het intro, maar wat is dit aangenaam. Wat Flying High kenmerkt is het heldere geluid van de toetsen, die tegengas geven aan de warme donkere zang. Komraus levert een goed werkstuk af,waar minder kilte in te horen is dan bij het merendeel van de triphop soortgenoten. Hun gepassioneerde achtergrond draagt hier positief aan mee. Wat ontbreekt zijn de mysterieuze, broeierige wendingen. Daardoor is het net een niet zo spannend en een stuk voorspelbaarder.

Komraus - Untie the Ropes | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Kovacs - Shades of Black (2015)

poster
3,0
Album nu 3x gehoord, en het valt mij toch tegen.
My Love is op zich prima, maar ook weer niet geweldig.
Zonder muzikale omlijsting blijft er weinig over.
Eenzijdig stemgeluid, en ze lijkt dus echt veel qua stem op Angela Groothuizen.
Dolly Dots waren gelukkig met z'n zessen.
En daarvan hadden sommige hun uiterlijk ook mee.
Het bereik wat ze hier laat horen is niet bijzonder.
Maniertjesmuziek, waarbij de poging tot imitatie van Winehouse en Del Rey niet goed uitvalt.
Beter dan Caro Emerald?
Nee, die kan toch wel beter zingen, en klinkt internationaler.