MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten potjandosie als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Linda Ronstadt & Ann Savoy - Adieu False Heart (2006)

poster
4,5
heerlijk "roots" album van Ann Savoy een grootheid van de Amerikaanse veelal uit Lousiana afkomstige "cajun" muziek en de koningin van de country rock uit de jaren zeventig Linda Ronstadt. verwacht geen mainstream of muziek in de trend van haar American Songbook albums, maar eerlijke, pure muziek, uitgevoerd met geweldige lokale muzikanten uit Louisiana als ook gastmuzikanten uit Nashville. alle grote thema's van het leven en bijbehorende emoties komen voorbij op dit album. melancholieke ballads als "I Can't Get Over You" (van Julie Miller) en "King of Bohemia", "Burns' Supper (beide nummers van Richard Thompson) worden vermengd met vrolijke up-tempo Cajun melodieën als "Plus Tu Tournes" (Michael Hindenoch) , de bluegrass van het Bill Monroe nummer "The One I Love Is Gone" en een prachtuitvoering van de aloude evergreen "Walk Away Renee" (ooit een hit van de befaamde soulgroep "The Four Tops"). de vocalen voornamelijk in het Engels maar ook deels in de Franse taal, waarbij beurtelings de lead vocalen en harmonie vocalen van de dames worden afgewisseld, zijn betoverend mooi. de stemmen smelten als het ware samen. dit was het laatste album dat Linda Ronstadt maakte. een aantal jaren later verloor zij haar zangvaardigheden als gevolg van aan Parkinson gerelateerde verschijnselen. op dit album is het nog volop genieten van haar prachtige stem. liefhebbers van "folk/roots/americana" of van de "Trio" albums die zij met Dolly Parton en Emmylou Harris maakte, zal deze muziek zeker aanspreken.

album werd geproduceerd door Steve Buckingham en op 3 locaties opgenomen (Parks, Lousisiana, Nashville, Tennessee en Sausalito, California

de muzikanten op dit album:
Ann Savoy: lead & harmony vocals, acoustic guitar
Joel Savoy: lead guitar, acoustic guitar, fiddle
Linda Ronstadt: lead & harmony vocals
Dirk Powell: fretless banjo
Sam Broussard: acoustic guitar
Stuart Duncan: fiddle
David Schnaufer: bowed dulcimer, dulcimer
Andrea Zonn: resophonic viola, violin
Byron House/Eric Frey: upright bass
Buddy Miller/Joel Savoy/Chas Justus/Bryan Sutton: acoustic guitar
Tim Lauer/Dirk Powell: accordion
Kristin Wilkinson: viola
John Catchings: cello
Kevin Wimmer: fiddle
Sam Bush: mandolin
Christine Balfa: triangle

Linda Ronstadt & Emmylou Harris - Western Wall: The Tucson Sessions (1999)

poster
3,5
had destijds hoge verwachtingen bij de uitgave van dit album van deze zingende 2 engelen, waarvan er 1 (Linda Ronstadt) al lange tijd niet meer zingt.

favoriete tracks het prijsnummer 5) 1917 van de Amerikaanse singer/songwriter wijlen David Olney, de Leonard Cohen cover "Sisters of Mercy", 12) het door Emmylou Harris en de zussen McGarrigle geschreven "All I Left Behind" en het 2e prijsnummer van dit album, de weergaloos mooie cover van de Springsteen track "Across the Border" , waarop Neil Young een harmony vocal verzorgde en harmonica speelde. hij doet dit eveneens op de Jackson Browne cover "For a Dancer".

helaas staan er naast deze 2 bovengemiddeld goede nummers en 2 goede, veel middenmoters op dit "Western Wall", zoals 1) "Loving the Highway Man" (Andy Prieboy) en het matige Emmylou Harris nummer "Raise the Dead". ook nummers 4) "Western Wall" (Rosanne Cash), 6) "He Was Mine" (Paul Kennerly) , 7) "Sweet Spot" (Emmylou Harris & Jill Cunniff), 9) "Falling Down" (Patty Griffin) en "Valerie" (Patti Scialfa) zijn muzikaal goed uitgevoerd, maar ervaar ik als matige composities en ontberen mijns inziens sterke melodieën. de cover 11) "This is to Mother You" van Sinead O'Connor is niet slecht, maar vind ik een slecht gekozen nummer om te coveren. dat is uiteraard de artistieke vrijheid van de dames, maar liever had ik pak 'em beet een cover gehoord van een John Prine of Townes Van Zandt nummer. al met al zijn er teveel "skip" momenten op dit toch wel tegenvallende, wisselvallige album. geef net als ouwekock de voorkeur aan de prachtige "Trio" albums (met Dolly Parton), maar dat is inderdaad een kwestie van smaak.

album werd geproduceerd door Glyn Johns
Recorded at the Arizona Inn, Tucson, Arizona

de muzikanten op dit album:
Linda Ronstadt: lead vocal, harmony
Emmylou Harris: lead vocal, harmony, acoustic guitar
Ethan Johns: acoustic & electric guitar, bass guitar, slide guitar, baritone guitar, mandocello, drums, percussion, Spanish guitar, marksaphone, optigon, dulcimer, synth bass
Greg Leisz: acoustic & electric guitar, bass guitar, mandola, mandolin, pedal steel, Weissenborne, vocal backing
Andy Fairweather Low: acoustic & electric guitar, bass guitar, vocal backing
Bernie Leadon: bass, acoustic & electric guitar, electric 12-string guitar, guitarone, mandolin, mandocello, vocal backing
Neil Young: harmony & harmonica
Samantha Rowe: cello
Kate & Anna McGarrigle: vocal backing, harmony
Wix: accordion
MIchael Pepin: bass guitar, cymbals
Paul Kennerly: electric guitar
Helen Watson/Katie Aumonier: vocal backing

Linda Thompson - Dreams Fly Away (1996)

Alternatieve titel: A History of Linda Thompson

poster
4,5
bijzonder fraaie compilatie van de inmiddels 77-jarige Linda Thompson, geboren in Londen als Linda Pettifer, artiestennamen Linda Peters en Linda Thompson en tegenwoordig de naam Linda Kenis dragend sinds haar huwelijk met theater agent Steve Kenis.

zij mag met recht een Engels folkicoon worden genoemd en als zangeres doet zij mijns horens niet onder voor collega's als o.a. Sandy Denny, Maddy Prior, Jacqui McShee, June Tabor.

als Linda Peters debuteerde zij in 1968 als duo Paul (McNeill) & Linda met de single "You Ain't Goin' Nowhere" een cover (The Byrds) van een cover (Bob Dylan). vormde ooit een trio onder de naam Hokey Pokey met Simon Nicol en Richard Thompson, nadat de laatste Fairport Convention had verlaten en met wie zij vanaf 1974 t/m 1982 als duo 6 albums maakte. verder zong zij mee op albums en sessies van o.a. Richard Thompson ("Henry the Human Fly"), Fotheringay, Stefan Grossman, Sandy Denny, Fairport Convention, Mike Heron, The Albion Band, Gerry Rafferty, etc.

op deze compilatie, een soort tegenhanger van "Watching the Dark" (1993) van haar ex man Richard, staan 9 nummers van Richard Thompson plus:

3 traditionals het door haar geweldig gezongen "I Live Not Where I Love" ooit ook prachtig gecoverd door de Ierse zangeres Mary Black, het kippenvel bezorgende "Shay Fan Yay Ley" en "Blackwaterside"

4 nummers van Linda Thompson en Betsy Cook "One Clear Moment", een schitterende a-capella versie van "Many Dreams Must Fly Away" samen met Betsy Cook gezongen, "Insult to Injury" en "Telling Me Lies", dat door Emmylou Harris, Linda Ronstadt en Dolly Parton werd gecoverd op hun "Trio" album.

de overige 4 nummers betreft "Sometimes It Happens" (Brian Pattern/Mike Westbrooke), 1 eigen nummer, het mindere "Talking Like a Man", een prachtige live, intieme versie van "Pavanne" co-written RT en een cover van het Sandy Denny nummer "I'm a Dreamer", met wie zij ooit een duet zong van het Everly Brothers nummer "When Will I Be Loved", dat op het album "Rock On" (1972) verscheen van de folk gelegenheidsformatie The Bunch.

van een aantal albums die zij met RT maakte, staan de volgende 5 originele versies op deze compilatie:

1) Lonely Hearts en 7) Sisters (met fraaie backing vocals van Kate & Anna McGarrigle) van "Sunnyvista"
5) For Shame of Doing Wrong en The Poor Boy Is Taken Away van "Pour Down Like Silver"
13) I Want to See the Bright Lights Tonight" van hun gelijknamige debuut album

alle overige nummers zijn merendeels "previously unreleased", "remixed", live of demo opnames, met o.a. schitterende, akoestische kale versies van "First Light" (demo) en "Pavanne" (live) met Richard Thompson, plus een niet eerder verschenen versie van "Dimming of the Day", 1 van de vele prijsnummers op dit album, met o.a. Jay Dee Maines op steel guitar, David Lindley op Weissenborn slide guitar, Bruce Hornsby op piano en Herb Pedersen (acoustic guitar, backing vocals).

deelcitaat uit de liner notes (Linda Kenis)

"I'm writing this in hotel room in time honoured liner notes tradition. When I met Joe Boyd, then working with the folk-bendingly talented Richard Thompson, acutely conscious of following in Sandy Denny's footsteps, I was insecure to say the least. Music was my job, and I felt if I ever got hung for being a singer, I'd die innocent. Eleanor Roosevelt said "No-one can make you feel inferior without your consent". It took a long time, but I learned to withold my consent and my life changed radically for the better.I would advise everyone to heed old Eleanor's advice. Anyway, listening to the tracks after all these years, I'm astounded that most of the vocals are lovely, heartfelt and true. Thank you. Thank God"

Linda Thompson - Fashionably Late (2002)

poster
4,0
na haar 1e teleurstellende, pop georiënteerde solo album "One Clear Moment" uit 1984, keerde Linda 17 jaar later terug met een duidelijk op folk georiënteerd album en revancheerde zij zich met dit "Fashionably Late".

het album werd destijds door critici gunstig ontvangen, maar kende weinig commercieel succes.
de sfeer is ingetogen, melancholisch in een voornamelijk akoestische setting. centraal staat de prachtige stem van Linda. de opener "Dear Mary" heeft een heerlijke melodie en zet op een fijne manier de toon voor de rest van dit album. "Miss Murray" een typische folk ballad met de akoestische gitaar van John Doyle, begeleid door de fiddle van Richard Greene en accordeonspel van Van Dyke Parks en harmony vocals van Kate Rusby zet dit voort. persoonlijk hoor ik haar het liefst in de "klein" gehouden songs zoals "Nine Stone Rig" en de afsluiter "Dear Old Man of Mine" (Linda vocals, zoon Teddy acoustic guitar en dochter Kami harmony vocals). het Lal Waterson nummer "Evona Darling" in duet gezongen met haar zoon Teddy is 1 van de hoogtepunten, samen met het sterke, melodische "Weary Life". mindere tracks zijn "All I See" en het met strijkers gearrangeerde "Paint,& Powder Beauty". al met al een sterk comeback album van 1 van de "grand ladies of British folk". 11 jaar later volgde van de inmiddels 76 jarige Linda Thompson het wat mij betreft net iets betere "Won't Be Long", haar vierde en vermoedelijk laatste album. "Fashionably Late" werd geproduceerd door Edward Haber.

tracks 1, 2,4, 8 &10 written by Teddy & Linda Thompson
track 3 written by Teddy Thompson
track 5 & 7 written by Linda Thompson
track 6 written by Lal Waterson
track 9 written by Linda Thompson & Rufus Wainwright

Linda Thompson - Won't Be Long Now (2013)

poster
4,0
een zeer fraai album, dat al weer 10 jaar geleden verscheen van de innemende, bescheiden Linda Thompson (geboren 23 augustus 1947 in Londen). weet niet of er een profetische voorspelling aan de titel "Won't Be Long Now" ten grondslag ligt, maar de kans lijkt me erg groot, dat we hier te maken hebben met het laatste album van de inmiddels 76 jarige Linda. 1 van de grootste nog levende Engelse folkzangeressen, die slechts sporadisch albums uitbracht. las op Wiki, dat ze in de jaren 90 vanwege een ernstige heesheid 11 jaar lang geen album kon uitbrengen. later werd bij haar ook spasmodische dysfonie vastgesteld (verkrampte spraak, waarbij het iemand veel moeite kost om te spreken). zoals ouwekock hierboven al opmerkt, is dit een soort van familie album. er staan 5 nummers van Linda op, waarvan 4 co-written, 2 nummers van zoon Teddy, 3 traditionals en 1 het heerlijke, uptempo "As Fast As My Feet" van Anna McGarrigle. Linda was goed bevriend met de McGarrigle Sisters. het openingsnummer "Love's For Babies and Fools" schreef ze voor Rufus Wainwright. zijn moeder Kate McGarrigle had haar aangemoedigd deze song af te maken, kort voordat zij te overlijden kwam. een prachtige, krachtige opener met Linda die de vocalen doet en Richard Thompson met het van hem bekende virtuoze spel op akoestische gitaar. de traditional "Paddy's Lamentation" verscheen ook op de soundtrack van de Martin Scorsese film "Gangs of New York". 1 van de vele hoogtepunten is "If I Were a Bluebird" co-written met Ron Sexsmith, met Amy Helm harmony vocals, Sam Amidon: acoustic guitar & banjo, en David Mansfield op Weissenborn (lap steel, slide) guitar. oudgediende John Kirkpatrick speelt button accordion op het emotionele "Never the Bride". het vrolijke "Mr. Tams" kent bijdragen van Eliza Carthy: melodeons, lead & chorus vocals, Martin Carthy: acoustic guitar en Dave Swarbrick fiddle.
het ontroerende, door zoon Teddy geschreven "Won't Be Long Now" met blue grass invloeden (banjo, mandolin) sluit dit album prachtig af. voor de folkliefhebber een niet te versmaden album.

Lisa Hannigan - Passenger (2011)

poster
4,0
vanwege de fraaie arrangementen, de net iets betere composities en de mooie productie bevalt dit album mij iets beter dan haar debuut "Sea Sew".

10 eigen liedjes van Lisa Hannigan waarvan 3 (nummers 1,5 en 10) co-written met de Ierse muzikant/songwriter/producer Gavin Glass.

uitgezonderd het melodieuze "A Sail" valt de 1e helft mij wat tegen met de iets te vol geproduceerde liedjes "Home" en "Knots", de vele oh-oh's en ah ah's op "What'll I Do" en het weinig indrukwekkende duet "O Sleep" met Ray Lamontagne.

mijn voorkeur gaat naar de meer ingetogen liedjes op de 2e helft van dit album met het tedere, klein gehouden "Little Bird" en het titelnummer "Passenger" met accenten van haar banjo spel, viool en de op het eind wegstervende trompet klanken als hoogtepunten. ook het melancholische "Safe Travels" met een halverwege invallende tweede stem en de subtiele, piano ballad "Nowhere to Go", beide liedjes mede ingekleurd met bescheiden strijkers, zijn nummers die beklijven.

onder de gastmuzikanten bevinden zich o.a. de Engelse folkie John Smith, die gitaar speelde op "Home" en "Little Bird".

"Passenger" is n.m.m. een album met een langere houdbaarheidsdatum dan het iets meer wisselvallige debuut.

Album werd geproduceerd door Joe Henry
Recorded in Bryn Derwen Studios, Wales & The Church Studios, London

Lisa Hannigan: vocals, guitar, mandolin, ukelele, tenor banjo
Gavin Glass: vocals, piano, rhodes, 5-string banjo, acoustic & electric guitar
Shane Fitzsimmons: double bass, electric bass
Ross Turner: drums, percussion
Donagh Molloy: harmonium, glockenspiel, trumpet
Lucy Wilkins: violin

Lisa Hannigan - Sea Sew (2008)

poster
3,5
was destijds aangenaam verrast met dit debuut album van de Ierse singer/songwriter Lisa Hannigan. vele jaren later wreekt zich toch het gebrek aan kwaliteit van haar liedjes. teveel middelmaat op dit pop folk album, met 9 eigen nummers van Lisa Hannigan en een cover van het Bert Jansch nummer "Courting Blues", dat met de inzet van een strijk kwartet ook weinig indruk maakt.

de sterkste nummers staan aan het begin "An Ocean and a Rock" en aan het eind de folky ballad"Lille". het melodieuze "I Don't Know" doet denken aan de muziek van de Schotse Amy McDonald en is eveneens 1 van de sterkhouders op dit album. bij meerdere nummers zoals het dreinende "Keep It All" of het licht ontsporende "Teeth" neig ik nu tot skippen.

blijft over haar prachtige zang, de knappe arrangementen en de gewaagde muzikale omlijsting met instrumenten als harmonium, melodica, xylophone, glockenspiel, cello en viooi die voor een fraai klankbeeld zorgen. jammer dat dit album niet meer nummers in de stijl van het prachtige "Lille" bevat.

na haar derde studio album "At Swim" (2016) verscheen er in 2019 nog een "Live in Dublin" album met het klassieke ensemble Stargaze, waarna het stil werd rond Lisa Hannigan, die ooit met "Sea Sew" jubelende kritieken kreeg van de muziekpers.

Album werd geproduceerd door Jason Boshoff
Recorded at The Cauldron Studios, Dublin, Ireland

Little Feat - Dixie Chicken (1973)

poster
5,0
het derde album van Little Feat. na de originele 4-mans line up van hun eerste twee albums had bassist Roy Estrada de groep verlaten om terug te keren naar The Mothers of Invention. hij werd vervangen door Kenny Gradney en de groep werd uitgebreid tot een 6-mans band met de komst van conga speler Sam Clayton en gitarist Paul Barrere. met hun komst veranderde de "sound" van de band.

in die formatie zag ik de band optreden tijdens Pinkpop 1976. een indrukwekkend optreden met de geweldige ritme sectie van Richie Hayward, Kenny Gradney en Sam Clayton en met de charismatische Lowell George als onbetwiste "leader of the band". een unieke band met een mix van blues, r&b, funk, gospel, (Southern) rock en zelfs Dixieland jazz.

"Dixie Chicken" is 1 van de vele "classic albums" die de groep met Lowell George maakte.
op dit album staan 5 Lowell George "originals" (2,3,5,8 & 9), de titeltrack 1) "Dixie Chicken" schreef hij samen met Martin F. Kibbee, ooit lid van de Amerikaanse psychedelische bluesrock band The Fraternity of Man, die meerdere Little Feat songs mede schreef o.a. "Rock n' Roll Doctor" en "Easy to Slip".

6) het melodieuze "Fool Yourself" met fraaie, meerstemmige zang is een nummer van Fred Tackett, 7) "Walkin All Night" van Paul Barrere/Bill Payne is een nummer waarop zij de lead vocalen verzorgen en het enige nummer waarop Lowell George de zang niet voor zijn rekening neemt.

ruim 50 jaar later spatten de funky grooves van "Dixie Chicken", "Two Trains" en "Fat Man in the Bathtub" nog steeds uit de speakers. het ingetogen "Roll Um Easy", een hoogtepunt op dit album met een geweldige slide partij van Lowell George, werd fraai gecoverd door Linda Ronstadt op haar album "Prisoners in Disguise".

1 van de andere hoogtepunten op dit album is de versie van "On Your Way Down", een nummer van New Orleans legende Allen Toussaint (er is in New Orleans zelfs een Allen Toussaint Boulevard naar hem vernoemd). de instrumentale afsluiter "Lafayette Railroad" (Payne/George) wordt wederom opgesierd met de slide van Lowell George.

na de veel te jong overleden Lowell George (de man werd slechts 34 jaar oud), gingen van deze 6-mans formatie ook drummer/mede oprichter van de band Richie Hayward (2010) en gitarist Paul Barrere (2019) hemelen. beide waren eveneens meesterlijke muzikanten, maar het verlies van zanger/gitarist/songwriter Lowell George heeft de groep nooit kunnen opvangen.

er verscheen in 2023 een de "Deluxe Edition" van dit album in de vorm van een 2-cd set.

Album werd geproduceerd door Lowell George
Recorded at Clover Recorders, Los Angeles California

Paul Barrere: guitars & vocals
Sam Clayton: congas
Lowell George: guitars, cowbells, vocals
Kenny Gradney: bass
Richie Hayward: drums & vocals
Bill Payne: keyboards, vocals & synthesizer

plus
Milt Holland: tablas
Malcolm Cecil: synthesizer
Fred Tackett: acoustic guitar
Bonnie Bramlett, Debbie Lindsey, Trett Fure, Gloria Jones, Stephanie Spurville, Bonnie Raitt, Daring Dan Hutton: background vocalists

Little Feat - Down on the Farm (1979)

poster
4,0
feitelijk gezien het zevende en laatste studio album van Little Feat met Lowell George. immers de man leverde meerdere tracks aan, waarvan een aantal co-written en is op 6 tracks de lead vocalist, uitgezonderd 1) de titeltrack, een prima nummer van wijlen Paul Barrere, die al eerder met o.a. "Hi Roller" bewees een goede song te kunnen schrijven. een fijne opener van dit album met prima zang van Paul Barrere, track de zwakke Bill Payne compositie "Wake Up Dreaming" met zang van Bill Payne en track 9) het obligate "Feel the Groove" (Sam Clayton/Gordon DeWitty) met zang van de eerste. deze laatste 2 tracks lijken opvullertjes te zijn, die vermoedelijk bij gebrek aan ander goed songmateriaal, op dit album terecht kwamen.

de sterkhouders op dit album zijn los van de titeltrack, "Six Feet of Snow", een nummer met een heerlijk New Orleans/Louisiana cajun sausje, dat Lowell George samen schreef met Keith Godchaux (ooit lid van The Grateful Dead en The Jerry Garcia Band), de Lowell George original "Kokomo" en "Be One Now" een co-write met Fred Tackett, die eerder het fraaie "Fool Yourself" schreef, dat verscheen op hun klassieker "Dixie Chicken".

ook "Perfect Imperfection" (Paul Barrere/Tom Snow) en de 2 Bill Payne/Lowell George composities "Straight from the Heart" en "Front Page News" zijn bovengemiddeld goede songs.

onder de gastmuzikanten op dit album bevonden zich o.a. Robben Ford (guitar), Jerry Jumonville (saxophone), Sneaky Pete Kleinow (pedal steel guitar), David Lindley (guitar) en Bonnie Raitt (backing vocals)

Album werd geproduceerd door Lowell George (with a little help from his friends)
Recorded at Wally Heider's Studio 3, Hollywood, Lowell George's House, Topanga Canyon & Paramount Ranch, Agoura Hills (L.A.)

citaat uit de liner notes:

"1977 saw the release of "Time Loves A Hero", followed a year later by the double live album "Waiting For Columbus". The group disbanded in the spring of 1979 while cutting what would become "Down On The Farm". Within months Lowell George had passed away while the rest of the group completed Little Feat's last album"

Little Feat - Feats Don't Fail Me Now (1974)

poster
4,5
het 4e album met de unieke sound van Little Feat, die wel een mix wordt genoemd van o.a. blues, r&b, country, rock n' roll, boogie, rockabilly, funk en zelfs jazz fusion. merkwaardig dat sommige users op MuMe het over southern rock hebben, een genre wat ik persoonlijk niet terug hoor in hun muziek. bij southern rock denk ik meer aan bands als The Allman Brothers, Lynyrd Skynyrd, The Outlaws, Grinderswitch, etc., maar dat terzijde.

de band had destijds in de 70's een flinke reputatie opgebouwd als live act en waren om die reden met name in het zuiden van de U.S.A. populair. op dit album staan vele live klassiekers van de band, waarvan liefst 5 tracks (1,2,3,6 en verschenen op het album "Live in Holland 1976" (2014), een registratie van hun optreden tijdens het Pinkpop festival. een gedenkwaardig optreden, waar ik "one of the happy few" was.

uitsluitend sterke tracks op dit album "Rock and Roll Doctor" (LG, Fred Martin), "Skin It Back" (Paul Barrere), "Down the Road" (Lowell George), de titeltrack "Feats Don't Fail Me Now" (Barrere/George/Fred Martin) en "The Fan" (LG, Bill Payne), maar als geheel vind ik dit album net iets minder dan het 5 sterren album "Dixie Chicken".

de afsluitende prima medley "Cold, Cold, Cold (Lowell George) / Tripe Face Boogie" (Bill Payne/Richie Hayward), 2 nummers die eerder verschenen op het album "Sailin' Shoes", onderstreept de energie van hun live optredens uit die tijd.

Album werd geproduceerd door Lowell George
(except track 5) by Van Dyke Parks
Recorded at Blue Seas Recording Studio, Hunts Valley, Maryland

wijlen Gordon DeWitty speelde clavinet op "Spanish Moon"
Emmylou Harris, Fran Tate, Bonnie Raitt: backing vocals

deelcitaat uit de liner notes:

"Following the release of "Dixie Chicken", Little Feat members worked on a variety of outside projects. George, in constant demand as a session musician and songwriter, contributed to albums for a diverse array of artists including The Meters, Carly Simon, Chico Hamilton, Nilsson and Robert Palmer. Payne likewise appeared in studio and on the stage with the Doobie Brothers, Bonnie Raitt and others. In early 1974, the band came together again to record a new album "Feat's Don't Fail Me Now".

Little Feat - Let It Roll (1988)

poster
3,5
dit werd het eerste Little Feat album in de nieuwe line-up zonder Lowell George en het laatste album dat ik van hen aanschafte. de band zou in deze samenstelling nog 2 albums maken, t.w. "Representing the Mambo" en "Shake Me Up". vanaf het album "Ain't That Enough Fun" (1993) toen Craig Fuller de band verliet, werd blues zangeres/songwriter Shaun Murphy de belangrijkste lead vocaliste van de band, totdat zij in 2003 ook de band zou verlaten. zij zong op dit album al mee met haar backing vocals.

in nummers als "Hate to Loose Your Lovin", One Clear Moment", "Changin' Luck" en "Hangin to the Good Times" valt nog te genieten van de vertrouwde Feat sound, waarbij ik me afvraag hoe die hadden geklonken met zang van Lowell George, wat natuurlijk niet reëel is. andere sterkhouders zijn het aanstekelijke "Cajun Girl" en de afsluitende ballad "Voices on the Wind", dat overigens weinig van doen heeft met het oude bandgeluid.

het mainstream geluid verklaart wellicht het feit, dat dit album commercieel gezien hun grootste succes werd in de States.

zoals gaucho hierboven al eerder opmerkte is er eigenlijk weinig mis met de muziek op dit album, maar persoonlijk vind ik zelfs het minste Feat restjesalbum "Down on the Farm" met Lowell George beter dan "Let It Roll". het muzikale genie van LG ontbreekt helaas. het voelt een beetje als het luisteren naar een Flying Burrito Brothers album zonder Gram Parsons.

Album werd geproduceerd door George Massenburg & Bill Payne
Recorded at The Complex, Los Angeles, California

(wijlen) Paul Barrere: guitar, vocals
Sam Clayton: percussion, vocals
Craig Fuller: vocals, button accordion, guitar
Kenny Gradney: bass guitar
(wijlen) Richie Hayward: drums, vocals
Bill Payne: keyboards, vocals
Fred Tackett: guitars, mandolin, trumpet

Linda Ronstadt, Bonnie Raitt, Bob Seger, Marilyn Martin, Shaun Murphy, Renee Armand: vocals


dedicated to Lowell George this bops for you!!

Little Feat - Little Feat (1971)

poster
4,5
heerlijk rauw, ongepolijst debuut album van Little Feat. staat ruim 50 jaar later nog steeds als een huis, mede dankzij de kwaliteit van de composities. "rootsrock" van de bovenste plank met blues als meest dominante invloed, alhoewel in een aantal nummers folk en country invloeden hoorbaar zijn.

2 songs van Bill Payne: "Snakes on Everything" en "Takin' My Time", waarop Bill Payne de lead vocal voor zijn rekening neemt
3 songs van Lowell George: "Willin", "Crack in Your Door" en "I've Been the One"
4 songs van Payne/George: "Strawberry Flats", "Truck Stop Girl", "Brides of Jesus", "Crazy Captain Gunboat Willie
1 song van Lowell George en Roy Estrada: "Hamburger Midnight"
1 song de blues medley "Forty Four Blues" (Roosevelt Sykes) "How Many More Years" (Chester Burnett)

wijlen Lowell George zingt behalve op 1) en 10) op alle overige tracks. behalve zijn geweldige lead vocals, excelleert de man met zijn slide gitaar spel op tracks als "Snakes on Everything" een sterke compositie van Bill Payne, "Strawberry Flats" en "Crack in Your Door".

rustpunten op dit album zijn de George klassieker "Willin", een nummer dat later talloze keren werd gecoverd door o.a. Gregg Allman, Jackson Browne, Steve Earle, Tom Petty, Linda Ronstadt etc., het prachtige "I've Been the One" waarop Lowell George zijn zangkunsten etaleert en de Bill Payne ballad "Takin' My Time".

een ijzersterk, onbevangen debuut van deze unieke band. net als Boomersstory was ik destijds bij verschijnen van dit album 14 jaar oud, dus ja nostalgie zal ongetwijfeld een rol spelen bij de beoordeling van deze tijdloze klassieker.

Album werd geproduceerd door Russ Titelman
Recorded at United Western Recorders, Hollywood & The Record Plant, Los Angeles

Lowell George: guitar, harmonica, vocals
Bill Payne: keyboard, vocals
Richard Hayward: drums, background vocals
Roy Estrada: bass, background vocals

Ry Cooder: bottleneck guitar on "Willin", guitars on "Forty Four Blues/How Many More Years"
Sneaky Pete: pedal steel on "I've Been the One"
Russ Titelman: piano on "Ï've Been the One", background vocals & percussion
Strings and horns arranged by Kirby Johnson

Little Feat - Sailin' Shoes (1972)

poster
4,5
hoewel ik van het gouden trio uit de begin 70's, het debuut "Little Feat" (1971), Sailin' Shoes" (1972) en "Dixie Chicken" (1973), de laatste hun meest complete album vind (de band was toen uitgebreid met bassist Kenny Gradney, percussionist Sam Clayton en gitarist Paul Barrere), kan ik de pure, ongepolijste, rauwe sound van hun 4-mans line-up op de 1e 2 albums, die wellicht nog niet volledig ontwikkeld was op die albums, erg waarderen.

de unieke sound van deze band met flarden country, gospel, boogie, rockabilly, blues en rock n' roll is naar mijn idee door geen enkele band later geëvenaard.

op dit "Sailin' Shoes" staan 8 Lowell George originals, waarvan "Easy to Slip" een co-write is met Martin Kibbee (van de band The Fraternity of Man), 2 nummers "Got No Shadow" en "Cat Fever" van Bill Payne en 1 nummer "Tripe Face Boogie" van Bill/Payne/Richie Hayward.

het heerlijke intro van het energieke, stuwende, funky "Easy to Slip" zet meteen de toon van dit album, gevolgd door het bluesy "Cold, Cold, Cold" dat uitgroeide tot een live klassieker. het rootsy "Trouble" met een fraaie accordeon partij van Bill Payne is een rustpuntje, waarna de ruige boogie van "Tripe Face Boogie" met een geweldige slide partij van LG volgt. over de veel gecoverde klassieker "Willin", wat mij betreft een country ballad, is al genoeg gezegd. een magistraal nummer van maestro songwriter Lowell George.

het vuige "A Apolitical Blues" met vocalen a la Howlin Wolf is 1 van de prijsnummers op dit album.
op de titeltrack "Sailin' Shoes" zijn de gospel vocalen van Debbie Lindsey te horen, een nummer dat o.a. werd gecoverd door Van Dyke Parks en Robert Palmer, die later ook "Trouble" coverde.
de onstuimige rock 'n roll van "Teenage Nervous Breakdown", dat doet denken aan de sound van "The Killer" Jerry Lee Lewis, wordt gevolgd door de New Orleans r&b van "Got No Shadow".
1 van de Bill Payne nummers "Cat Fever" door hem zelf gezongen, valt zeker niet uit de toon.
de afsluitende track "Texas Rose Cafe" met een hilarische tekst van LG, heeft halverwege een geweldige tempowisseling en sluit dit album alsnog "rustig" af.

Album werd geproduceerd door Ted Templeman
Recorded at Amigo Studios, Sunset Sound & T.T.G Studios, Los Angeles

Lowell George: lead vocals, guitars, harmonica
Richard Hayward: drums, percussion, background vocals
Bill Payne: keyboard, accordion, lead vocals on "Cat Fever"
Roy Estrada: bass, background vocals

Sneaky Pete: steel guitar (tracks 5,11)
Debbie Lindsey: vocals (tracks 2,7)
Milt Holland: percussion (tracks 1,3)
Ron Elliott: electric guitar (track 6)

deelcitaat uit de liner notes van dit album:
quote
"Released in February of 1972, "Sailin' Shoes" captures many of the qualities that made Little Feat one of the most influential groups of the '70s: consummate musicianship, stylish eclecticism, ranging from New Orleans r&b to Memphis Soul, and above all, the wry and revealing songwriting of Lowell George.

Guitarist, vocalist and harmonica player Lowell George was already an accomplished musician when he formed Little Feat in 1969, having begun his career with the mid '60s folk-rock group Factory and going on to play with the Mothers of Invention, the Standells and the Seeds. While recording with the Fraternity of Man, he worked with classically trained keyboardist Bill Payne and former Factory bandmate, drummer Richard Hayward. Both Payne and Howard, along with former Mothers bassist Roy Estrada, were recruited for Little Feat's initial lineup. The group's name, legend has it, came from Mothers of Invention drummer Jimmy Carl Black and was a tongue-in-cheek reference to Lowell George's shoe size"
unquote

Little Feat - The Last Record Album (1975)

poster
4,0
een lichte tegenvaller dit 5e album van "Feat", dat in mijn beleving niet kan tippen aan hun eerdere 4 albums en niet het niveau haalt van hun klassiekers "Dixie Chicken" en "Feats Don't Fail Me Now".

Little Feat wordt wel 1 van de meest vernieuwende groepen uit de seventies genoemd en terecht, maar ik mis hier toch de magie en de samenhang van hun eerdere albums. de kwaliteit van de composities en de mindere inbreng qua songmateriaal van Lowell George zal ook een rol spelen. het lijkt erop alsof Lowell George de (muzikale) regie destijds steeds meer uit handen moest geven aan Paul Barrere en Bill Payne. hoewel er als vanouds uitstekend op wordt gemusiceerd, is het de kwaliteit van "The Last Record Album" niet ten goede gekomen.

op dit korte album staan slechts 8 songs, waarvan 3 "originals" van frontman Lowell George (3,6) en 8 co-written Richie Hayward. "Romance Dance" is een Barrere/Payne/Gradney compositie, 2) "All That You Dream" en 5) "One Love Stand" van Barrere/Payne en 4) "Day or Night" en 7) "Somebody's Leavin" beide Bill Payne nummers.

een pluspunt is dat Lowell George de meeste lead vocals voor zijn rekening nam, zijn geweldige stemgeluid horen we op tracks 2,3,5,6 en 8. op tracks 1 en 4 delen Paul Barrere en Bill Payne de lead vocalen.

hoogtepunten zijn de prachtige LG ballad "Long Distance Love" (wat een melodie), "One Love Stand" waar Lowell George er op slide lekker op los soleert en het funky "Mercenary Territory", een 3-tal nummers die toe te voegen zijn aan hun klassiekers.

"Romance Dance", "All That You Dream" en "Day or Night" zijn bovengemiddeld goede songs, maar geen toppers.

"Somebody's Leavin" maar ook de LG track "Down Below the Borderline" zijn w.m.b. de mindere tracks.

het Paul Barrere nummer "Hi Roller" oorspronkelijk opgenomen voor dit album, zou 2 jaar later verschijnen op de opvolger "Time Loves a Hero". het zesde en laatste echte "Feat" album met net iets beter songmateriaal, waarop alles ondanks de mindere inbreng van LG wel op zijn plek viel.

van deze 6 albums ervaar ik dit "Last Record Album" als hun meest wisselvallige.

Album werd geproduceerd door Lowell George
Recorded at The Sound Factory, Los Angeles

Little Feat:
Paul Barrere: guitars, vocals
Sam Clayton: congas
Lowell George: guitars, vocals
Kenny Gradney: bass
Richard Hayward: drums, vocals
Bill Payne: keyboards, synthesizers, vocals

plus:
John Hall: guitar (track 2)
Linda Ronstadt: backing vocals (track 2)
Valerie Carter, Fran Tate: backing vocals (tracks 3 & 5)

Little Feat - Time Loves a Hero (1977)

poster
4,5
zit ook in het kamp Little Feat = Lowell George. zeker geen progrock op dit zesde album van de band. wel zou je hun unieke mix van blues, country, funk, soul en rockabilly progressief kunnen noemen voor die tijd.
was ooit bij hun legendarische Pinkpop optreden in 1976 met de charismatische Lowell George, duidelijk "the leader of the band". de band speelde klassiekers als "Skin it Back", "Rock n' Roll Doctor", "Oh Atlanta" en "Dixie Chicken". de setlist bevatte geen nummers van "Time Loves a Hero", een album dat een jaar later zou uitkomen.

op dit album horen we inderdaad niet de rauwe sound van de 1e 2 albums, de sound is meer gepolijst.
de leadvocalen op dit album werden als volgt verdeeld, Lowell George tracks 1,3 en 7, Paul Barrere tracks 5, 8 en 9, Paul Barrere en Bill Payne op track 2, Bill Payne track 6.

wijlen Paul Barrere (de man overleed in 2019) drukte stevig zijn stempel op dit album. zo schreef hij de funky opener "Hi Roller", "Old Folks Boogie" en de fraaie, akoestische ballad "Missin' You", het titelnummer schreef hij samen met Bill Payne en Kenny Gradney en het door hem gezongen "Keepin' Up with the Joneses" schreef hij met Lowell George.

het knap opgebouwde, instrumentale "Day at the Dog Races" is een track van alle 5 de bandleden excl. Lowell George. "Red Steamliner" met de extra vocalen van Patrick Simmons en Mike McDonald doet wel denken aan een nummer als "Takin' It To the Streets" van de Doobie Brothers.

ondanks de weliswaar mindere inbreng van Lowell George klinkt dit album, voor mij althans, toch als een volwaardig Little Feat album met als hoogtepunten zijn "Rocket In My Pocket" en het door hem gezongen "New Delhi Freight Train", een heerlijke compositie van de uit Texas afkomstige singer/songwriter Terry Allen. na het matige restjesalbum "Down On the Farm" haakte ik wellicht onterecht af.

Album werd geproduceerd door Ted Templeman
Recorded at Sunset Sound Studios, Hollywood - Warner Bros. Recording Studios, North Hollywood
Western Recorders, Hollywood & Record Plant, Sausalito, California

Paul Barrere: guitars & vocals
Sam Clayton: congas, percussion & vocals
Lowell George: slide guitar & vocals
Kenny Gradney: bass guitar
Ritchie Hayward: drums, percussion & vocals
Bill Payne: keyboards, Oberheim & moog synthesizer, marimba & vocals

Jeff "Skunk" Baxter: dobro guitar (track 9)
Fred Tackett: mandocello & guitar (track 2)
Patrick Simmons: acoustic guitar (track 7), vocals (track 6)
Mike McDonald: vocals (track 6)
Horns by Tower of Power Horn Section

Little Village - Little Village (1992)

poster
3,0
niet echt een "supergroep" project, maar eerder een reünie of gelegenheidsproject van 4 muzikanten die eerder samenwerkten op de John Hiatt klassieker "Bring the Family" (1987).

alle 11 nummers werden aan de 4 leden toegeschreven, waarbij John Hiatt, de beste zanger van de 3, het gros van de lead vocalen voor zijn rekening nam, uitgezonderd track 3 (Ry Cooder) en tracks 5 en 8 (Nick Lowe). op 11. delen zij de zang.

op het muzikale vakmanschap valt weinig af te dingen, maar jammer dat de kwaliteit van de composities hier bij achter blijft, zoals de matige doorsnee rockers "Take Another Look", "Don't Go Away Mad" (een dieptepunt), "She Runs Hot" en "Don't Bug Me When I'm Working". de rock 'n roll van "The Action" en "Fool Who Knows" met zang van Nick Lowe worden nog enigszins gered door de gitaarsolo's van John Hiatt respectievelijk Ry Cooder.

het stevige funky "Solar Sex Panel", de 2 door John Hiatt gezongen ballads "Big Love" en "Don't Think About Her When You're Trying to Drive" en het aanstekelijke , luchtige "Do You Want My Job" (overigens met een schrijnende tekst) met de hawaiaanse gitaarklanken van Ry Cooder zijn 4 nummers die er bovenuit steken.

bezocht destijds hun door het publiek matig ontvangen concert in zaal De Doelen, Rotterdam waar de groep ter promotie van dit album optrad. een teleurstellend optreden, zoals ook dit album na ruim 30 jaar nog steeds teleur stelt. een 1 + 1 = 2 album en daar blijft het bij, waarbij je je afvraag of de heren, toch niet de minste songwriters, werkelijk geen betere songs achter de hand hadden.

Album werd geproduceerd door Little Village
Recorded at Moula Banda Studios, Santa Monica & Ocean Way Studios, Hollywood, California

Loretta Lynn, Dolly Parton & Tammy Wynette - Honky Tonk Angels (1993)

poster
3,5
een traditioneel Nashville country album van deze country zangeressen. alle 3 waren/zijn grootheden in dit genre. Loretta Lynn en Tammy Wynette die eind jaren 60 en in de 70's hun grootste successen vierden zijn inmiddels gaan hemelen, evenals KItty Wells die een bijdrage leverde aan de openingstrack. aan het aloude "Lovesick Blues" (Cliff Friend/Irving Mills) bekend van de versie van o.a. Hank Williams, werd met toestemming van de nalatenschap houders zang van Patsy Cline toegevoegd.

het project werd geïnitieerd door Dolly Parton, die als enige 1 nummer solo zingt "Sittin' on the Front Porch Swing" (Buddy Sheffield) 1 van de hoogtepunten op dit album. op alle overige nummers is de fraaie samenzang van de dames te horen.

fijne uitvoeringen van klassiekers als "Silver Threads & Golden Needles" (Jack Rhodes/Dick Reynolds) bekend van de Linda Ronstadt versie, "Please Help Me I'm Falling" (Don Robertson/Hal Blair) bekend van covers van o.a. de Everly Brothers, John Fogerty en Merle Haggard en "Wings of a Dove"(Bob Ferguson) o.a. gecoverd door George Jones, Dolly Parton en Nanci Griffith.

de eigen composities "Wouldn't It Be Great" (Loretta Lynn), "That's the Way It Could Have Been" (Tammy Wynette) en "Let Her Fly" (Dolly Parton) doen er niet voor onder en sluiten hier naadloos bij aan.

onder de sessiemuzikanten bevinden zich o.a. Weldon Myrick (steel), Roy Huskey (upright bass), Billy Sanford & Steve Gibson (guitar), Rob Hajacos (fiddle) en Eddie Bayers (drums).

persoonlijk ervaar ik deze "Honky Tonk Angels" wel als minder dan de "Trio" albums die Dolly Parton met Emmylou Harris en Linda Ronstadt opnam.

Album werd geproduceerd door Steve Buckingham & Dolly Parton
Recorded at Nightingale Recording Studio, Masterfonics & The Doghouse, Nashville, Tennessee

Lori McKenna - Bittertown (2004)

poster
4,0
sterk album van deze uit Massachusetts afkomstige singer/songwriter. verwacht geen mainstream country maar prima americana/alt.country met af en toe een vleugje blues zoals op "Pour" of Appalachian folk invloeden op het mooie, breekbare "My Sweetheart".

als het gaat om de kwaliteit van de liedjes dan zit dat aspect wel goed bij deze Lori McKenna, die vele nummers schreef die hits werden in de versies van anderen (o.a. Faith Hill en Tim McGraw), een bewijs van haar talent als songwriter.

fraaie ballads als "One Man", "Stealing Kisses", het eerder genoemde "My Sweetheart" en "Silver Bus" worden bescheiden ingekleurd met o.a. akoestische gitaar, piano/orgel en pedal steel gitaar, nummers die mijn voorkeur hebben.

daar staan fijne mid-tempo nummers als "The Bible Song", "Lone Star", "Monday Afternoon" en "One Kiss Tonight" tegenover die voor de nodige variatie zorgen.

haar stevige rootsrock songs als "Mr. Sunshine" en "Cowardly Lion" komen minder goed uit de verf.
ook het bluesy "Pour" en "The Ledge" ervaar ik als mindere tracks. blijven 9 memorabele liedjes over. vandaar 4 sterren.

Buddy Miller verzorgde de backing vocals op "Bible Song" en Kevin Barry excelleert met zijn spel op elektrische gitaar, slide gitaar en pedal steel.

op het onafhankelijke Signature label werden ook albums uitgebracht van o.a. Mary Gauthier, Chris Smither, Eilen Jewell, Kris Delmhorst en Caroline Herring.

liefhebbers van die artiesten, maar ook van bij voorbeeld Patty Griffin of Lucinda Williams zouden best eens aangenaam verrast kunnen worden met dit album van de inmiddels 56-jarige Lori McKenna.

Album werd geproduceerd door Lorne Entress
(All songs by Lori McKenna)

Los Lobos - Just Another Band from East L.A. (1993)

Alternatieve titel: A Collection

poster
4,0
een fraaie verzamelaar van het onvolprezen Los Lobos gezelschap. voor wie het weten wil deze is als volgt samengesteld:

Disc 1 (1 t/m 22)

1. "Volver, Volver" een live versie van deze Tex Mex klassieker
2,3,4 van het album "Los Lobos del Este de Los Angeles" (1978)
5,6 van de EP "and a Time to Dance" (1983)
7 t/m 10 van "How Will the Wolf Survive" (1984)
11 t/m 16 van "By the Light of the Moon" (1987)
14 "Carabina 30-30" een live track
17,18 van de soundtrack "La Bamba" (1987)
19,20,21 van "La Pistola y el Corazon" (1988)
22 "The Monkey Song" van de Disney verzamelaar "Stay Awake" (1988)

Disc 2 (23 t/m 41)

23. "Someday" niet eerder uitgebrachte "outtake" van het album "The Neighborhood"
24 t/m 28 van "The Neighborhood" (1990)
29. "Bertha" (R. Hunter/J. Garcia) een live uitvoering. de studio versie verscheen eerder op "Deadicated: A Tribute to Grateful Dead" (1991)
30 t/m 35 van "Kiko" (1992)
36 "Bella Maria de Mi Alma" van soundtrack "The Mambo Kings" (1991)
37. live versie van "What's Going On" (Marvin Gaye)
38,39 niet eerder uitgebracht van de t.v. film "The Wrong Man"
40. "Politician" (Jack Bruce/Pete Brown) live versie
41. "New Zandu" niet eerder uitgebracht

voor de Los Lobos liefhebber die de studio albums al in huis heeft zijn de extra's van "nieuwe" nummers wat karig. los van de live uitvoeringen van nummers van die albums, bestaan die o.a. uit een live versie van "Volver, Volver" en een aantal niet eerder uitgebrachte nummers, zoals de outtake "Someday", het instrumentale "Wrong Theme" dat als typische filmmuziek klinkt, het bluesy lekker weg luisterende "Blue Moonlight" beide nummers van de t.v. film "The Wrong Man" en het stevig rockende "New Zandu".

"El Cuchipe", "La Feria de la Flores" en "Sabor A Mi" van het moeilijk verkrijgbare album "Los Lobos del Este de Los Angeles" zijn een 3-tal Tex Mex pareltjes. ook "Carabina 30-30" past in die categorie. de rockende covers van "What's Going On", "Politician" en hun eigen "New Zandu" beklijven een stuk minder.

wellicht biedt de box-set "El Cancionero: Mas Y Mas" (2000) een grotere meerwaarde dan deze verzamelaar.

Los Lobos - La Pistola y el Corazon (1988)

poster
4,5
heerlijke, vrolijke, zomerse klanken op dit mini album van het Mexicaans/Amerikaanse gezelschap Los Lobos. geen Latin of chicano rock, maar merendeels Mexicaanse traditionele liedjes, gespeeld in verschillende regionale stijlen (huapango, jarabe, son huasteco, ranchera, son jaracho en een wals (track 7).

het gaat te ver om die stijlen hier verder toe te lichten, maar de eigen nummers van Cesar Rosas (track 5) en David Hidalgo/Louie Perez) (track 9) sluiten naadloos aan bij de aanstekelijke, razendknap uitgevoerde muziek.

alle 9 goed. een album dat al 35 jaar, en dan met name in de zomer, de weg naar mijn speler weet te vinden. liefhebbers van dit album zullen ook het 1e gelijknamige album van de gelegenheidsformatie "Los Super Seven" met als leden o.a. David Hidalgo en Cesar Rosas kunnen waarderen. de muziek op dat album verschilt niet of nauwelijks van "La Pistola y el Corazon".

Album werd geproduceerd door Los Lobos
Recorded at Sunset Sound Factory, Los Angeles, California

David Hildalgo: lead vocal, accordion, hidalgarron, nylon stringed guitar, requinto jarocho, violin, vocals
Cesar Rosas: lead vocal, bajo sexto, huapanguera, nylon stringed guitar
Louie Perez: brushes, jarana, sonor floor tom, sonor snare drum, vihuela, vocals
Conrad Lozano: guitarron, upright bass
Steve Berlin: soprano saxophone, sonajas

de liner notes van Louie Perez:

"After touring as much as we had, it sure was a welcome change sitting around Cesar's house banging out old tunes on acoustic guitars. The stories and recollections themselves were well worth the time and effort it took getting the songs in shape for the recording. Anyway, this is what came out after all the talking, remembering, and playing. So call some friends, crank up the stereo, and I hope you enjoy it as much as we did"

Los Super Seven - Los Super Seven (1998)

poster
5,0
dit meesterlijke album beland al 25 jaar lang ieder voorjaar/zomer in mijn speler. ook nu met dit grijze najaarsweer haal je met deze muziek van Los Super Seven het zonnetje in huis. geen "supergroep" maar eerder een gelegenheidsformatie of muziekcollectief destijds bijeengebracht door manager Dan Goodman. het gaat voornamelijk om vertolkingen van authentieke Mexicaanse volksmuziek ofwel regionale stijlen van volksmuziek (bolero, huapango, jarocho en norteno) uitgevoerd door Amerikaanse muzikanten van Mexicaanse komaf en 1 Amerikaan (Joe Ely). traditionele Mexicaanse muziek die de muzikanten in hun jeugd op straat oppikten. het enthousiasme en spelplezier spat uit de speakers. Cesar Rosas en David Hidalgo van Los Lobos zijn de drijvende krachten achter dit album. helaas is de magie van dit 1e album op het 2e album "Canto" waarop o.a. ook Cubaanse en andere invloeden zijn te horen, grotendeels verdwenen. het 3e en laatste album "Heard It on the X" zonder inbreng van Los Lobos is een allegaartje van stijlen en ronduit teleurstellend. van de leden spelen alleen Ruben Ramos en Rick Trevino op alle 3 albums mee.
zoals hierboven opgemerkt, inderdaad muziek om warm van te worden.

album werd geproduceerd door Steve Berlin (lid van Los Lobos) en Dan Goodman
Recorded at Cedar Creek Recording, Austin, Texas

Los Super Seven:
David Hidalgo: lead vocals, guitar, drums, bass, percussion, requinto hidalguera
Cesar Rosas: lead vocals, bajo sexto guitar, guitarron, jarana
Flaco Jimenez: lead vocals, accordion
Freddy Fender: lead vocals, acoustic bass, background vocals
Rick Trevino: lead vocals, guitar, background vocals
Joe Ely: guitar, lead vocals
Ruben Ramos: lead vocals, background vocals

Supporting artists:
Joel Guzman: vocals, percussion, accordion, piano, organ, background vocals
Max Baca: bajo sexto, bass, drums. background vocals
Gilbert Isais: fender electric bass
Ricardo Ramirez: upright bass
Doug Sahm: vocals (track 12)
Sarah Fox: background vocals
Megan Levin: harp
Campanas de America: violins, trumpets, jarana, guitarron, background vocals

uit de liner notes:
quote
"Before the advent of radio, MTV and automotive cd players, music travelled on the fingers and lips of the musicians themselves"

"We didn't have streetlights in San Benito then" says Freddy Fender. "I would hear the music and sneak out onto the street and see these little fireflies of light, which were the cigarettes in the hands of the players, and that was where it was happening. These were just home guys - they picked cotton or whatever and then they'd come home and play the hell out of these old songs". Songs were passed ear to ear, verses added and changed, melodies altered according to the ability and imagination of the players, arrangements shifting as instruments varied, - the musicians' world was an ever-expanding jam session. I learned the chords watching guys' fingers", says Fender. "Most of them never recorded - they just played for the love of it".
unquote

Lou Reed - Sally Can't Dance (1974)

poster
wellicht off-topic maar bij deze een anecdote uit mijn jeugd. als gozertje van 17 bezocht ik in mei 1974 een concert van Lou Reed in de Doelen, Rotterdam. Lou Reed stond toen bekend als de grootste junk van de wereld. het publiek dat voornamelijk bestond uit junks, drop-outs, autonomen en andere afvalligen wachtte in spanning de komst van de opperjunk af. en toen kwam Lou Reed het podium op met een fel geblondeerd kapsel met daaronder een lijkbleek gezicht. de begintonen van Sweet Jane werden ingezet en de reeds vooraf opgefokte sfeer ging naar een climax toen de gitaarriffs alsmaar vuiger werden gespeeld. later volgden o.a. nog I'm Waiting for the Man met als climax op het eind "Rock 'n Roll". Lou Reed stond er bij en keek er naar. hij was duidelijk onder invloed van bedwelmende middelen (destijds was met name LSD in zwang) maakte weinig contact met het publiek. af en toe iiet hij een satanisch glimlachje zien a la Charles Bronson. van dit mijns inziens mindere album van hem (los van Kill Your Sons en Billy) stond destijds alleen het titelnummer Sally Can't Dance op de setlist. het waren heel andere tijden. Take A Walk On The Wild Side. Tja.

Lou Rhodes - One Good Thing (2010)

poster
3,0
kan het enthousiasme hierboven niet helemaal delen. Lou Rhodes is de muzikale wederhelft van het Britse trip-hop/electronic duo Lamb (met Andy Barlow) wat niet mijn genre is. aangezien ik bij de platenhandelaar te horen kreeg, dat dit een soort van vrouwelijk "Nick Drake" album zou zijn, was mijn nieuwsgierigheid gewekt.

Lou Rhodes heeft een prachtige stem, maar helaas ontbreekt het haar liedjes aan goede, sterke melodieen.
de spaarzaam geinstrumenteerde muziek (Lou Rhodes: vocals & guitar) wordt aangevuld met strijkers, Rhodes piano en bass drums bespeeld door Andy Barlow en een enkele keer een cello (track 10).

een aangenaam luisteralbum, maar zoals gezegd ontbreekt het naar mijn mening aan memorabele liedjes. zou de wat eentonige muziek niet saai noemen, maar iets meer afwisseling had dit album goed gedaan. er zijn muzikale collega's in dit genre als bij voorbeeld Josienne Clarke of Katherine Priddy die dat beter doen en bovendien betere liedjes schrijven.

zij droeg dit album op ...."in loving memory of my sister Janey (January 1963 - April 2007)".

Album werd geproduceerd door Lou Rhodes & Andy Barlow
All songs written by LR

Loudon Wainwright III - History (1992)

poster
4,0
ben niet zo bekend met het werk van de inmiddels 78-jarige Loudon Wainwright, sterker nog dit is het enige album dat ik van hem ken.

dit album trapt fraai af met het up-tempo "People in Love", waarna relatief veel ingetogen, rustige nummers volgen. "The Picture" met het prachtige vioolspel van David Mansfield is inderdaad ontroerend mooi.

favoriete tracks, het aanstekelijke "The Doctor" en het komisch/tragische "I'd Rather Be Lonely" beide nummers met o.a. de Canadese folkmuzikant Chaim Tannenbaum (banjo, harmonica, vocals) die op veel albums van de McGarrigle Sisters meespeelde. ook de klein gehouden nummers "Hitting You", "4 x 10" en "Sometimes I Forget" overtuigen. op "Between" horen we de man solo a-capella zingen en "Talking New Bob Dylan" is een heerlijke Dylan pastiche.

prijsnummers zijn verder de prachtmelodie van "So Many Songs" met backing vocals van wijlen zijn 1e echtgenote Kate McGarrigle, haar zus Anna en het vocale zangtrio The Roches en een heerlijke pedal steel partij van de gerenommeerde sessiemuzikant David Mansfield. de laatste legt wederom prachtige viool accenten op het ingetogen "A Father & a Son", dat Loudon schreef voor zijn zoon Rufus.

wellicht heeft ouwekock gelijk dat dit 1 van zijn allermooiste is. dit jaar (2025) verscheen een nieuw live album "Loudon Live in London" dat op MuMe nog zonder stemmen bleef. de kwaliteit van "History" vraagt wel om verdere verdieping van zijn omvangrijke oeuvre. Tja, waar te beginnen.....

Loudon Wainwright III - Last Man on Earth (2001)

poster
4,5
behalve zijn album "History" is dit het enige album, dat ik van de inmiddels 78-jarige oorspronkelijk uit North Carolina afkomstige Loudon Wainwright ken.

inderdaad een "folk/roots" juweeltje met goede songs, sterke melodieën, rake teksten met diepgang en in een uitstekende productie. hierboven is al eerder vermeld waar dit album thematisch over gaat. persoonlijk hoor ik er weinig tot geen country of country rock in terug.

teveel favoriete nummers om hier op te noemen, maar "White Winos" over de witte wijntjes die zijn moeder graag dagelijks dronk, "I'm Not Gonna Cry", "Donations", "Graveyard", het titelnummer en "Homeless" raken allemaal een gevoelige snaar. zijn serieuze teksten ontbreekt het hier merendeels aan de van hem bekende humor en gaan meer over zelfreflectie, hoewel liedjes als o.a. "I'm Not Gonna Cry", "Donations" en "Last Man on Earth" niet volledig van humor gespeend zijn, maar toch een serieuze ondertoon hebben.

Loudon Wainwright (vocals, guitar, 5-string banjo) is op dit voornamelijk rustige, ingetogen "folky" album uitstekend bij stem en de muzikale omlijsting is prachtig met topmuzikanten als David Mansfield (fiddle, viola, mandolin, dulcimer, guitar), Steuart Smith (electric & acoustic guitar, piano, organ, accordion, bass, harmonica) en Dick Connette (piano, spinet, celeste, harmonium) die voor een fraai klankentapijt zorgen.

Suzzy Roche, de moeder van zijn dochter/singer-songwriter Lucy Wainwright Roche (halfzus van zijn kinderen Martha en Rufus) bekend van het vocale zangtrio The Roches, zingt mee op nummers 11 en 12.

de (althans voor mij) iets "mindere" nummers ("Bridge" en "Bed") weerhouden mij ervan om 5 sterren te geven. vandaar 4,5. dit is wellicht 1 van de beste albums van Loudon Wainwright die meer dan 30 albums op zijn naam heeft staan en nodigt uit tot verdere verdieping van zijn oeuvre, rekening houdend met de opmerking van liefhebber ouwekock dat zijn beste periode tussen 1983 en 2005 ligt.

Album werd geproduceerd door Stewart Lerman
Recorded at Shinebox Studios, New York City

Lowell George - Thanks I'll Eat It Here (1979)

poster
4,0
een lichte tegenvaller dit solo album van wijlen grootheid Lowell George, een geweldige songwriter, (slide) gitarist en een uitstekende zanger.

zeker een gevarieerd album, maar jammer dat het songmateriaal en de wat gladde, gepolijste productie te wensen over laat. van zijn covers van 1) "What Do You Want the Girl to Do", 4) "I Can't Stand the Rain" en 6) "Easy Money" prefereer ik de originele versies van 1) Allen Toussaint, 4) de uitvoering van soulzangeres Ann Peebles en 6) Rickie Lee Jones. en wat doet de vreemde eend in de bijt "Himmler's Ring" (van Jimmy Webb) een soort van dixieland/vaudeville nummer, dat doet denken aan het album "Discover America" van Van Dyke Parks, op dit album. samen met het matige "Honest Man" (Lowell George/Fred Tackett) 5 nummers met 3 sterren.

de sterkhouders op dit album zijn het drietal "Cheek to Cheek" (LG, Martin F. Kibbee/Van Dyke Parks), "20 Million Things" (LG, J. Levy) en "Find a River"(Fred Tackett) , wat mij betreft 5 sterren nummers.

verder 4 sterren voor zijn solo versie van "Two Trains" (bekend van de Little Feat band versie op hun album "Dixie Chicken") met een heerlijke slide gitaar van de man zelf en de demo track, de met wijlen Valerie Carter gezongen ballad "Heartache".

"Thanks I'll Eat It Here" had een "fiver" kunnen zijn, met iets meer liedjes van de kwaliteit van bij voorbeeld "I've Been the One" (van het Little Feat debuutalbum) of "Trouble" (van "Sailin' Shoes), maar helaas ontbreken die op dit al met al wisselvallige album.

Album werd geproduceerd door Lowell George

het lijstje met muzikanten die aan dit album meewerkten is indrukwekkend, o.a. Jim Keltner, Jeffrey Porcaro, Chuck Rainey, Fred Tackett, David Paich, Bill Payne, Steve Bruton, Jerry Jumonville, Jim Price, Jim Gordon, John Phillips, J.D. Souther, Herb Pedersen, Bonnie Raitt, etc etc

Lucinda Williams - Blessed (2011)

poster
4,0
album nummer 10 van Lucinda Williams. lange tijd niet beluisterd, maar "Blessed" bleek toch wel een "return to form" te zijn na de teleurstellende voorganger "Little Honey" (2008).

americana (country, folk, rock) of hoe je het noemen wil op zijn best met merendeels mid-tempo songs als "Buttercup" en het prachtige titelnummer "Blessed" en ballads als het lieflijke "I Don't Know How You're Livin", het treurige "Copenhagen" over de dood van een vriend, "Sweet Love", "Ugly Truth" en het indringende protestliedje "Soldier's Song", in een bescheiden muzikale setting zoals ik haar het liefst hoor, prachtig gezongen met die weemoedige snik in haar stem die alle ruimte krijgt.

op het up-tempo "Seeing Black" is het genieten van het gitaarspel van Greg Leisz en Val McCallum, maar ook het gospelachtige "Convince Me" dat naar een heerlijke climax toewerkt is doorspekt met fraaie gitaarriffs.
jammer dat het album op het eind wat inzakt met het lange, atmosferische "Awakening" en het wat mindere, iets te zoete "Kiss Like Your Kiss".

haalt qua kwaliteit van de songs n.m.m. niet het niveau van haar klassiekers "CWoaGR" en "Essence" en is minder consistent, maar bevalt mij nu vele jaren later een stuk beter dan hoe die eerder in mijn (muzikale) geheugen zat.

opvallend is dat van haar toenmalige band de gitaristen Doug Pettibone en Chet Lyster (ex Eels) die op "Little Honey" te horen waren het veld moesten ruimen, terwijl de ritme sectie van Butch Norton (drums, eveneens ex Eels) en David Sutton (bass) wel in tact bleef.

Album werd geproduceerd door Don Was, Eric Liljestrand & Thomas Overby
Recorded at Capitol Studios, Los Angeles, California

Lucinda Williams - Car Wheels on a Gravel Road (1998)

poster
5,0
het zwaar bewierookte vijfde album van Lucinda Williams, dat vele prijzen in de wacht sleepte, haar commerciële doorbraak betekende en door velen als haar beste album wordt beschouwd. conformeer mezelf niet aan algemeenheden, maar in mijn persoonlijke beleving van dit album is dat m.i. volledig terecht.

i.t.t. wat anderen hier soms vermelden, ervaar ik de productie juist als energiek, fris en sprankelend.
13 ijzersterke liedjes, waarvan 1 co-written "Still I Long For Your Kiss" met vroeger bandlid/gitarist Duane Jarvis en "Can't Let Go" een nummer van de Amerikaanse singer/songwriter Randy Weeks.

ballads als "Lake Charles" met een heerlijke accordeon partij van Roy Bittan, het weemoedige "Greenville" met een harmony vocal van Emmylou Harris, en het kippenvel bezorgende "Jackson" worden met zoveel zeggingskracht door Lucinda Williams gezongen, dat ze mij nog steeds ontroeren. songs die diep raken, tenzij je daar als luisteraar helemaal niet ontvankelijk voor ben. dat kan uiteraard.

van de iets meer up-tempo nummers ervaar ik de titeltrack, "Can't Let Go" en het rockende, stuwende "Joy" met geweldig gitaarwerk als de krakers, maar feitelijk staat er geen enkel "zwak" nummer op dit weergaloze album. "Concrete and Barbed Wire" bevat een harmony vocal met mede producer Steve Earle.

een klassieker in het roots/americana genre dat na al die jaren nog steeds staat als een huis. ik zou niet zo gauw weten wie in dit genre dit album later zou overtreffen. ook zijzelf heeft de kwaliteit van dit album moeilijk kunnen evenaren en maakte met dit album een tijdloze klassieker.

de DVD "Live From Austin Texas" die begint met "Pineola" en eindigt met "Can't Let Go" bevat veel nummers van "Car Wheels on a Gravel Road" en is het beluisteren/zien meer dan waard met Lucinda Williams op de top van haar kunnen en een geweldige backing band

Lucinda Williams - Down Where the Spirit Meets the Bone (2014)

poster
4,5
(dubbel) album nr. 11 van Lucinda Wiliams, waarop zij wederom bewijst een singer/songwriter van de buitencategorie te zijn met 20 merendeels bovengemiddeld goede songs (10 songs per album). een prestatie op zich.

geweldige americana met wortels voornamelijk in de blues en rock & roll en minder in de country of folk. herken me niet in woorden als vlakke productie, eerder lekker rauw met alle ruimte voor de muzikanten, met name de gitaristen en haar expressieve stem, dat alles in dienst van haar songs. Lucinda laat zich op dit album vooral als een prima blues zangeres gelden en dat bevalt prima.

vanaf het begin de akoestische opener "Compassion" tot het eind, de prachtige, lang uitgesponnen afsluiter "Magnolia" is het genieten geblazen.

tussendoor veel mid-tempo nummers met als uitschieters op kant 1 "Burning Bridges", "East Side of Town" en "West Memphis" met o.a. Tony Joe White op gitaar en harmonica. nummers als de blues ballad "Cold Day in Hell", het mid-tempo "Wrong Number" en de heerlijke melodie van "Stand Right by Each Other" met fraai spel van Greg Leisz op elektrische gitaar en lap steel doen er nauwelijks voor onder.

de tweede helft opent sterk met het swingende, bluesy "Something Wicked This Way Comes" en zakt daarna iets in met een aantal wat eenvormige songs als "When I Look at the World" en "Temporary Nature", maar eindigt met een 4-tal prachtige nummers, "This Old Heartache" met een heerlijke pedal steel partij van Greg Leisz, het melodieuze "Stowaway in Your Heart", de tranentrekker "One More Day" met fraaie accenten van sax en trompet en het geweldig uitgevoerde J.J. Cale nummer "Magnolia".

onder de (sessie) muzikanten bevinden zich o.a. de vermaarde Bob Glaub (bass), Ian McLagan (Wurlitzer, piano) ex Small Faces, Faces & Stones), Pete Thomas (drums) van Elvis Costello's band The Attractions en Davey Faragher (bass) die lange tijd in de band van John Hiatt speelde.

de glansrollen op dit album zijn n.m.m. vooral weggelegd voor de gitaristen, multi-instrumentalist Greg Leisz, jazz gitarist Bill Frisell, aangevuld door o.a. Val McCallum en Doug Pettibone (bekend van haar live band).

Album werd geproduceerd door Tom Overby, Greg Leisz en Lucinda Williams
Recorded at Dave's Room, North Hollywood, California

All songs written by Lucinda Williams, except "Compassion" words by Miller Williams & additional words by LW & "Magnolia" (written by J.J. Cale)

de liner notes van "Compassion" (een gedicht van haar vader)

"Have compassion for everyone you meet
even if they don't want it. What seems conceit,
bad manners, or cynicism is always a sign
of things no ears have heard, no eyes have seen.
You do not know what wars are going on
down there where the spirit meets the bone"
(Miller Williams)

Lucinda Williams - Essence (2001)

poster
5,0
het zesde album met 11 Lucinda Williams originals, waarop zij wederom bewees een singer/songwriter van de buitencategorie te zijn. de muziek is wat intiemer, soberder, soms op het tedere af zoals in "Lonely Girls" "Blue" en een andere tearjerker als "Reason to Cry" dan op voorganger "Car Wheels on a Gravel Road", maar wat zijn de songs weer van buitengewone kwaliteit, prachtig gezongen met die wat hese, ietwat rauwe stem van haar.

de muzikale invulling is vrij spaarzaam en wordt op meerdere nummers o.a. ingekleurd met de viool klanken van de onvolprezen David Mansfield, die de weemoed van een nummer als "I Envy the Wind" extra versterken. "Bus to Baton Rouge" heeft diezelfde broeierige, weemoedige sfeer kenmerkend voor dit album.

up-tempo nummers als het bluesy "Out of Touch", de titeltrack "Essence" en de funky gospel "Get Right with God" zorgen voor een fijne afwisseling.

wat opvalt is dat gitarist/multi-instrumentalist Gurf Morlix die nadrukkelijk aanwezig was op haar vorige albums ontbreekt. gitarist, sessiemuzikant en eveneens m/i Charlie Sexton bekend van zijn werk met Bob Dylan is wel prominent aanwezig. verder speelden o.a. Jim Keltner (drums), Bo Ramsey (electric guitar) en Reese Wynans (Hammond B-3 organ) op dit album mee en zijn de fraaie backing vocals wederom van singer/songwriter Jim Lauderdale afkomstig.

twijfel tussen 4,5 of 5 sterren. toch maar een 5 voor dit coherente album, dat een heerlijke flow heeft waarbij de songs naadloos op elkaar aansluiten.

Album werd geproduceerd door Charlie Sexton en Lucinda Williams
(basic tracks produced by Bo Ramsey & Tom Tucker)
Recorded at Mastermix Studios, Minneapolis, Minnesota