MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten erwinz als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Camp Cope - Running with the Hurricane (2022)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Camp Cope - Running With The Hurricane - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Camp Cope - Running With The Hurricane
Camp Cope maakte in 2018 met How To Socialise & Make Friends een over het hoofd geziene klassieker, maar laat op haar nieuwe en wat meer ingetogen album horen dat dit zeker geen toevalstreffer was

Aan het eind van 2019 ontdekte ik via een album van ene Georgia Maq met flinke vertraging een van de beste albums van 2018. De Australische band Camp Cope heeft, mede door de coronapandemie, lang gewerkt aan de opvolger van dit album en keert deze week terug met Running With The Hurricane. Het is een album dat kiest voor een verzorgder en wat meer ingetogen geluid, maar de dynamiek van de geweldige voorganger is gebleven. Die dynamiek komt vooral van de fantastische stem van frontvrouw Georgia McDonald, die ook nog eens tekent voor fraai gitaarwerk. Een ritmesectie met een vleugje postpunk en een serie uitstekende songs maken het af.

Aan het eind van 2019 kreeg ik Pleaser van de Australische singer-songwriter Georgia Maq in handen. Het bleek een bijzonder aangenaam album met invloeden uit de folk, rock en synthpop, maar Georgia Maq maakte vooral diepe indruk met haar krachtige stem. Via het eerste soloalbum van Georgia Maq ontdekte ik ook haar band Camp Cope, die in 2018 het werkelijk fantastische How To Socialise & Make Friends uitbracht.

De krachtige stem van Georgia Maq, die in Camp Cope overigens Georgia McDonald heet, deed het in de rockmuziek van Camp Cope nog veel beter, zeker wanneer ze de zang hier en daar uit haar tenen liet komen en het af en toe uitschreeuwde. How To Socialise & Make Friends van Camp Cope kreeg in 2018 helaas niet al teveel aandacht, maar het is een weergaloos album, dat ik nog altijd met enige regelmaat uit de kast trek. Deze week keert Camp Cope terug met haar derde album, Running With The Hurricane. Het is een album waar ik met torenhoge verwachtingen aan begon en Camp Cope heeft me zeker niet teleurgesteld.

Op het derde album van de band kiezen zangeres en gitarist Georgia McDonald, bassist Kelly-Dawn Hellmrich en drummer Sarah Thompson voor een wat meer ingetogen geluid, waarin meer aandacht is besteed aan de productie. Voor deze productie tekende de band deels zelf, waarna ook de onder andere van Courtney Barnett bekende Anna Laverty nog aanschoof, wat het aandeel van vrouwen op dit album nog wat verder vergroot. Courtney Barnett speelt zelf overigens ook nog een riedeltje mee.

Het derde album van Camp Cope opent behoorlijk ingetogen, maar vrijwel onmiddellijk is er de krachtige stem van Georgia McDonald, die je meteen bij de strot grijpt. Camp Cope klinkt op Running With The Hurricane wat gepolijster dan op haar vorige album, maar de dynamiek die How To Socialise & Make Friends zo bijzonder maakte is er nog steeds, al is deze dynamiek wel wat subtieler.

In de meeste songs op het album bouwt de band uit Melbourne de spanning in muzikaal opzicht redelijk subtiel op en Georgia McDonald doet met haar zang hetzelfde. Hier en daar wordt het gaspedaal net wat dieper ingetrapt en komt Camp Cope in de buurt van het geluid van haar vorige album, maar de extremen blijven uit. De echte ruwe randjes ontbreken dit keer en dat vond ik bij eerste beluistering eerlijk gezegd best jammer, maar uiteindelijk bevallen het wat verzorgdere geluid op het derde album van Camp Cope en de bijna ingehouden spanning me wel.

Ook op Running With The Hurricane is het vooral de stem van Georgia McDonald die indruk maakt. De Australische muzikante doet me met haar stem nog steeds met enige regelmaat denken aan Everything But The Girl’s Tracey Thorn, maar dan wel met een stevige rockinjectie. Ook in muzikaal opzicht valt er veel te genieten. Het gitaarwerk van Georgia McDonald is fraai, het drumwerk van Sarah Thompson degelijk en de diepe bassen van Kelly-Dawn Hellmrich voorzien het indierock geluid van Camp Cope van een vleugje postpunk.

Het is misschien niet de mokerslag van How To Socialise & Make Friends, maar nu ik het nieuwe album van Camp Cope wat vaker heb gehoord, vind ik Running With The Hurricane anders, maar zeker niet minder. Hoogste tijd dat deze geweldige band voet aan de grond krijgt in Nederland. Erwin Zijleman

Canvas Blanco - Call Me Lucky, Fat or Skinny (2015)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Canvas Blanco - Call Me Lucky, Fat Or Skinny - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

“Ik ben Jozua Koffeman (1980) taartjesbakker en singer-songwriter afkomstig uit Urk, een voormalig eiland ergens in het epicentrum van Nederland (voor ons Urkers dan). Ik wil graag een avontuurlijk, kleurrijk en speels album maken; “Call Me Lucky, Fat Or Skinny” onder de naam Canvas Blanco. Zonder megahits maar wel met kleine kunstwerkjes. Een album over pionieren, ravotten, hutten bouwen, ongenadige kerkklokken en ongepolijst geloof, fantasie, vette & magere jaren, goudzoeken, verliefd zijn op Tom' Sawyer's Becky, en jaloers op stoere cowboymannen als Lucky Luke, Arendsoog en natuurlijk cowboy Billie Boem van de kleuterschool (door de boeven zeer gevreesd!). Kortom: Americana met een flinke dosis fantasie”.

Met deze opvallende tekst startte Jozua Koffeman (ook bekend van Lorrainville en Brown Feather Sparrow) een tijd geleden een crowdfunding campagne. Deze leverde snel het gewenste resultaat op zodat Koffeman samen met Robbert Deurloo en Arjan de Wit kon beginnen aan het opnemen van het debuut van Canvas Blanco. Dat debuut is inmiddels verschenen en is een ijzersterke plaat geworden.

Het is een plaat geworden die inderdaad kan worden omschreven als Americana met een flinke dosis fantasie, al propt de band haar muziek zelf inmiddels in het hokje Europicana. Call Me Lucky, Fat Or Skinny staat vol met intieme songs die mooie verhalen vertellen. Het zijn aansprekende verhalen die wel doen denken aan de muziek van Sparklehorse, maar het debuut van Canvas Blanco valt ook op door zeer knap in elkaar stekende songs, die me meer dan eens doen denken aan het wat stekeligere solowerk van Paul McCartney.

Call Me Lucky, Fat Or Skinny staat vol met het soort popliedjes dat je al bij eerste beluistering wilt omarmen, maar die na vele luisterbeurten nog steeds niet alle geheimen hebben prijsgegeven. Wereldhits zijn inderdaad niet terug te vinden op het debuut van Canvas Blanco, maar de beloofde kunststukjes hebben we gekregen. En in ruime mate.

Maar liefst 11 kunststukjes zijn er te vinden op het debuut van Canvas Blanco en ze zijn allemaal anders. Het ene moment klinkt Canvas Blanco als Sparklehorse, het volgende moment als McCartney, maar wanneer een klarinet wordt ingezet ligt ook de vergelijking met Calexico op de loer en zo kan ik nog wel wat namen noemen.

Het zijn allemaal vergelijkingen die maar even mee gaan, want uiteindelijk doet Canvas Blanco nadrukkelijk haar eigen ding en dat is knap. Call Me Lucky, Fat Or Skinny bevat 11 mooie luisterliedjes, maar het zijn ook popliedjes vol dynamiek en avontuur. Het zijn popliedjes die zich genadeloos opdringen, maar het zijn ook popliedjes die je op het verkeerde been durven te zetten. Het rijke instrumentarium en de prima zang op de plaat doen de rest.

Als een Amerikaanse band op de proppen was gekomen met deze plaat had dit zomaar superlatieven van Pitchfork op kunnen leveren, maar Canvas Blanco moet het vooralsnog doen met bescheiden aandacht. Dat de band veel meer verdient zal na het lezen van het bovenstaande echter meer dan duidelijk zijn. Erwin Zijleman

Canvas Blanco - Exilio (2019)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Canvas Blanco - Exilio - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Canvas Blanco maakte met haar debuut al indruk, maar levert nu een waar meesterwerk af dat maar blijft verbazen

De Nederlandse band Canvas Blanco leverde ruim vier jaar geleden een bijzonder debuut af, waarop het de Europicana introduceerde. Die Europicana wordt nu de toekomst in getrokken met onder andere elektronische impulsen en zoveel verassende wendingen dat het je soms duizelt. Exilio verdient absoluut een prijs voor een van de mooiste verpakkingen van vinyl die ik ooit heb gezien, maar ook in muzikaal opzicht is de tweede van de Nederlandse band een album om in te lijsten. Canvas Blanco roept 1001 associaties op en voegt steeds weer andere ingrediënten toe aan haar muziek. Met iedere noot groeit de bewondering voor dit wonderschone album.

Canvas Blanco is een Nederlandse band, die alweer ruim 4 jaar geleden verraste met het uitstekende Call Me Lucky, Fat Or Skinny. Het debuut van de band rond Jozua Koffeman, die eerder aan de weg timmerde met Lorrainville en Brown Feather Sparrow, was volgens de band zelf te omschrijven als “Americana met een flinke dosis fantasie”, oftewel Europicana.

Ik vergeleek de muziek op het debuut van Canvas Blanco vooral met de albums van Sparklehorse en Calexico, al hoorde ik ook wel wat van het net wat avontuurlijkere werk van Paul McCartney. Het debuut van de Nederlandse band werd geprezen in meerdere recensies, maar uiteindelijk viel de aandacht voor het eerste album van Canvas Blanco me toch wat tegen. Albums als deze moet immers iedere muziekliefhebber horen.

Eerder deze maand bracht de band een nieuw album uit, Exilio. Ik heb het prachtig groen gekleurde vinyl al een tijdje in huis en kan inmiddels concluderen dat Canvas Blanco haar zo terecht geprezen debuut heeft weten te overtreffen. De band had na een geslaagde crowdfunding campagne acht dagen de beschikking over een studio en nam in die acht dagen maar liefst 18 songs op. Het levert ruim 70 minuten muziek op, verdeeld over twee LP’s.

Canvas Blanco heeft ervoor gekozen om het album pas later dit jaar uit te brengen via de streaming media diensten. Ik kan daar aan de ene kant begrip voor opbrengen, want de schoorsteen moet ook roken, maar aan de andere kant maakt een band die niet meegaat met diensten als Spotify en Apple Music het zichzelf extra moeilijk. Het zou doodzonde zijn wanneer Exilio door de voorlopige afwezigheid op de streaming media platforms tussen wal en schip valt, want Canvas Blanco heeft een prachtig en bijzonder fascinerend album afgeleverd.

Het is een album dat zich deels in het zelf gecreëerde hokje Europicana laat duwen, maar de Nederlandse band slaat op haar nieuwe album ook talloze andere wegen in. Exilio is volgens de band zelf “een futuristisch verhaal over het net niet correct gekloonde wonderkind Sam Towyer, die een uitweg zoekt uit een keurslijf van digitale maakbaarheid”. Een echte conceptplaat dus, waarvan je het futuristische aspect terug hoort in de muziek.

Ook op Exilio verkent Canvas Blanco de grenzen van de Europicana, maar de band heeft ook meer elektronica toegevoegd aan haar muziek. Na de openingstrack vol elektronica en spoken word, combineert Canvas Blanco op fraaie en bijzondere wijze invloeden uit de Americana met 1001 andere invloeden.

Op een of andere manier heb ik meer dan eens associaties met de muziek van Talkings Heads, maar Exilio is de plaat die Talking Heads nooit gemaakt heeft. Het ene moment klinkt het rootsy of folky, het volgende moment hoor je flarden Radiohead, Wilco of toch weer iets heel anders. Het knappe is dat Exilio een album is dat zowel rootsliefhebbers als liefhebbers van indie-pop moet kunnen aanspreken.

Ik hou persoonlijk wel van albums die organische geluiden combineren met elektronica en die zich graag in meerdere genres bewegen, maar zo goed als Exilio van Canvas Blanco heb ik er niet veel. Canvas Blanco mikt op haar nieuwe album een heleboel nogal uiteenlopende ingrediënten bij elkaar en maakt muziek uit het verleden en muziek uit de toekomst. Het is muziek die op zich niet onconventioneel klinkt, maar ondertussen doet Canvas Blanco alles net wat anders.

Je moet altijd maar afwachten hoe dat uitpakt, maar in het geval van Exilio levert het een fascinerend album op dat de smaakpapillen op alle mogelijke manieren aangenaam prikkelt. Echt veel te mooi om over het hoofd te zien deze tweede van Canvas Blanco. Erwin Zijleman

Caoilfhionn Rose - Awaken (2018)

poster
4,5
recensie op de krenten uit de pop
De krenten uit de pop: Caoilfhionn Rose - Awaken - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Britse singer-songwriter met een moeilijke naam levert een plaat af waarbij het heerlijk wegdromen is, maar die ook hopeloos intrigeert

Het debuut van de uit Manchester afkomstige Caoilfhionn Rose sneeuwde een paar maanden geleden helaas totaal onder, maar wat is het debuut van de jonge Britse singer-songwriter een mooie en bijzondere plaat. Caoilfhionn Rose neemt je meer terug naar de hoogtijdagen van de Britse folk, maar durft ook te experimenteren en sleept haar bijzondere muziek vervolgens op indrukwekkende wijze het heden in. Awaken valt op door een hele mooie instrumentatie vol fraaie accenten, maar het is de prachtige stem van Caoilfhionn Rose die haar debuut uiteindelijk naar grote hoogten tilt.

Caoilfhionn Rose is een singer-songwriter met een op het eerste gezicht ingewikkelde voornaam, die echter vrij makkelijk uit te spreken is als “Keelin”.

De singer-songwriter uit Manchester is vooralsnog vooral bekend vanwege haar bijdrage aan een alweer vier jaar oude plaat van The Durutti Column, maar het afgelopen jaar bracht Caoilfhionn Rose ook haar solodebuut Awaken uit.

De plaat is in al het releasegeweld van het afgelopen najaar helaas wat ondergesneeuwd, maar toen ik de plaat de afgelopen week oppikte, was ik direct onder de indruk van de muziek van de jonge singer-songwriter uit Manchester.

Dit is voor een belangrijk deel de verdienste van de prachtige stem van Caoilfhionn Rose, die herinneringen oproept aan de grote Britse folkzangeressen uit de late jaren 60, onder wie Sandy Denny. Awaken bevat ook wel wat invloeden uit de folk, maar het is zeker geen 13 in een dozijn folkplaat.

Caoilfhionn Rose heeft haar debuut voorzien van sfeervolle en dromerige klanken en het zijn klanken die prachtig samenvloeien met haar lome vocalen. In de wat meer folk-georiënteerde songs op de plaat schuurt de Britse singer-songwriter dicht tegen Britse folk uit vervlogen tijden aan, maar Awaken kan ook opschuiven richting de romantische popsongs zoals die in de jaren 50 werden gemaakt, of richting de folkpop uit het heden, om maar eens drie van de uitersten te noemen.

Het knappe van het debuut van Caoilfhionn Rose is dat ze een plaat heeft gemaakt die aan de ene kant doet denken aan muziek van een aantal decennia geleden, maar via een tussenstop bij de muziek van folkies als Beth Orton, staat de jonge singer-songwriter uit Manchester ook met minstens één been in het heden.

Zeker bij beluistering met de koptelefoon valt op hoeveel aandacht Caoilfhionn Rose heeft besteed aan de instrumentatie op haar debuut. Het geluid op de plaat is mooi opgebouwd en zit vol smaakvolle details. Awaken valt door de sfeervolle en vaak wonderschone klanken als een warme deken om je heen, waarna de bijzonder mooie stem van Caoilfhionn Rose de verleiding compleet maakt.

Awaken is een plaat om heerlijk bij weg te dromen, maar de plaat is minstens even mooi wanneer je de muziek van de Britse muzikante probeert te ontrafelen. Dan pas hoor je hoe invloeden uit de folk, de psychedelica, de wereldmuziek bijzonder om elkaar heen draaien en met een subtiel laagje elektronica aan elkaar zijn geplakt. Dan pas hoor je ook dat Caoilfhionn Rose niet alleen zoekt naar zoete verleiding, maar ook durft te experimenteren.

Ik was zoals gezegd direct onder de indruk van de muziek van Caoilfhionn Rose, maar Awaken is ook een plaat die je vaker gehoord moet hebben voordat alles op zijn plek valt. Wanneer dat gebeurd is zal duidelijk zijn dat we met zijn allen een prachtplaat hebben gemist de afgelopen herfst. Erwin Zijleman

Caoilfhionn Rose - Constellation (2024)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Caoilfhionn Rose - Constellation - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Caoilfhionn Rose - Constellation
Caoilfhionn Rose maakte met Awaken en Truly al twee uitstekende en terecht geprezen albums, maar legt de lat met het betoverend mooie en bij vlagen sprookjesachtig klinkende derde album Constellation nog wat hoger

Het is knap hoe de uit Manchester afkomstige muzikante Caoilfhionn Rose op haar tweede album Truly uit 2021 het folky geluid van haar debuutalbum transformeerde en verrijkte. Op haar derde album Constellation zet Caoilfhionn Rose nog wat grotere stappen. Invloeden uit de folk zijn slechts een van de vele invloeden die zijn te horen op een album dat naast invloeden uit de jazz flink wat invloeden uit de neoklassieke muziek en de ambient bevat. Constellation is in muzikaal opzicht een fascinerend album, dat vol staat met beeldende en avontuurlijke klanken, maar het is ook een album waarop Caoilfhionn Rose laat horen dat ze een geweldige zangeres en muzikante en een groot songwriter is.

Ondanks twee werkelijk uitstekende albums kan ik de voornaam van de van oorsprong Ierse muzikante Caoilfhionn Rose nog altijd niet intypen zonder een paar keer te moeten spieken. De voornaam van de overigens in het Britse Manchester geboren en getogen muzikante, die je uitspreekt als “Keelin”, werpt misschien hoge barrières op, maar haar muziek doet dat tot dusver zeker niet.

Caoilfhionn Rose debuteerde in 2018 met het prachtige Awaken, waarop ze invloeden uit de Britse folk van weleer verlengde met uiteenlopende andere invloeden. Awaken was in muzikaal opzicht een fascinerend album, maar maakte uiteindelijk toch de meeste indruk met de prachtige stem van Caoilfhionn Rose, die herinneringen opriep aan een aantal roemruchte Britse folkzangeressen uit het verleden.

Awaken werd in 2021 gevolgd door het nog veel betere Truly, waarop Caoilfhionn Rose wederom imponeerde als zangeres en bovendien verraste met een bijzonder mooi geluid, waarin invloeden uit de folk werden gecombineerd met invloeden uit onder andere de jazz, ambient, elektronica en psychedelica. Het album viel ook in positieve zin op door de bijzondere productie van Kier Stewart van The Durutti Column, die tekende voor zeer sfeervolle klanken.

Ook het deze week verschenen Constellation is voorzien van een fascinerende en wonderschone productie. Jazzmuzikant Aaron Wood heeft het album, samen met Caoilfhionn Rose, voorzien van een opvallend rijk, wat zweverig en bovenal bijzonder mooi geluid. Caoilfhionn Rose kon via haar platenbaas Matthew Halsall van het aansprekende Gondwana Records beschikken over meerdere uitstekende jazzmuzikanten, onder wie saxofonist Jordan Smith van Mammal Hands, maar ook John Ellis van The Cinematic Orchestra is van de partij.

De nieuwe songs van de muzikante uit Manchester bevatten zeker invloeden uit de jazz, maar het album wordt gedomineerd door piano en keyboards en door invloeden uit de neoklassieke muziek en de ambient. De songs op Constellation zijn voorzien van wonderschone klanken die deels bestaan uit soundscapes en samples, maar de songs van Caoilfhionn Rose zijn ook spannend en slaan steeds weer nieuwe wegen in.

Op haar derde album is Caoilfhionn Rose nog wat verder verwijderd geraakt van de folk die ze op haar debuutalbum nog redelijk stevig omarmde en maakt ze sprookjesachtige en beeldende muziek, die direct bij eerste beluistering van het album diepe indruk maakt. Dat doet Caoilfhionn Rose ook met haar stem, want de zang op Constellation is nog wat mooier dan op Awaken en Truly. De zang is over het algemeen aangenaam dromerig en past perfect bij de weelderige klanken op het album.

Het is bijzonder knap hoe Caoilfhionn Rose haar muziek weer een andere draai geeft en nu drie flink verschillende albums op haar naam heeft staan. Hoewel Awaken en Truly me zeer dierbaar zijn, vind ik Constellation het mooist. In muzikaal opzicht is het tien songs lang smullen en ook de zang op het album is van een bijzondere schoonheid. Constellation is ook een album waarbij het bijzonder aangenaam wegdromen is, al is het ook een album waarop zoveel te horen en ontdekken valt dat het je zeker bij eerste beluisteringen duizelt.

Het Britse Gondwana Records brengt tot dusver vooral jazzalbums uit voor een redelijk selectief publiek, maar met Constellation van Caoilfhionn Rose kan het sympathieke Britse label wel eens goud in handen hebben. Het is nog (veel) te vroeg voor (half)jaarlijstjes, maar dit is echt en heel bijzonder album. Erwin Zijleman

Caoilfhionn Rose - Truly (2021)

poster
4,0
Volledige recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Caoilfhionn Rose - Truly - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Het debuut van Caoilfhionn Rose was van een bijzondere schoonheid, maar haar deze week verschenen tweede album is nog mooier en ook nog eens veelzijdiger en eigentijdser

Door het grote aantal releases van het moment valt het niet mee om op te vallen met een nieuw album, maar het tweede album van de Britse muzikante Caoilfhionn Rose is echt veel te mooi en bijzonder om buiten de boot te vallen. Vergeleken met haar debuutalbum hebben invloeden uit de folk wat aan terrein verloren en gezelschap gekregen van een bont palet aan invloeden. De instrumentatie klinkt al even veelzijdig en is bovendien wonderschoon. Omdat het allemaal ook nog eens prachtig kleurt bij de prachtige stem van Caoilfhionn Rose en de songs de fantasie maar blijven prikkelen, durf ik Truly best een van de meest opvallende releases van deze week te noemen.

Cape Sleep - Video Days (2024)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Cape Sleep - Video Days - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Cape Sleep - Video Days
Cape Sleep is het nieuwe project van de Nederlandse muzikant Kim Janssen, die eerder indruk maakte met fraaie singer-songwriters albums en dat nu doet met een bont gekleurde, tijdloze en razend knappe popplaat

Cousins, het derde album van singer-songwriter Kim Janssen, is al bijna zeven jaar oud en dus werd het wel weer eens tijd voor een nieuw album. De Nederlandse muzikant duikt deze week op met zijn nieuwe project Cape Sleep en levert met Video Days een geweldig album af. Het is dit keer geen singer-songwriter album geworden, maar een (fantasie)rijk ingekleurd popalbum. Kim Janssen sleept er, bijgestaan door een waslijst aan gastmuzikanten, van alles bij op zijn nieuwe album en maakt uit vele lagen bestaande muziek die aan van alles en nog wat doet denken maar uiteindelijk nergens echt op lijkt. Het is een album dat genadeloos vermaakt, continu verrast en vaak verbaast. Kim Janssen overtreft zichzelf met Video Days van Cape Sleep en dat zegt wat.

De Nederlandse singer-songwriter Kim Janssen maakte met The Truth Is, I Am Always Responsible uit 2009 en Ancient Crime uit 2012 twee behoorlijk ingetogen singer-songwriter albums, die terecht konden rekenen op zeer positieve recensies van de Nederlandse muziekpers. Het waren zeker geen dertien in een dozijn singer-songwriter albums, want de in Azië opgegroeide Kim Janssen voegde hier en daar fraaie klassieke orkestraties toe aan zijn songs.

Deze bijzondere orkestraties waren nog wat nadrukkelijker aanwezig op het in 2017 verschenen Cousins, waarop een voller en ook met elektronica verrijkt bandgeluid was te horen. Het bij vlagen sprookjesachtige geluid deed af en toe denken aan de muziek van Sigur Rós, wat mede de verdienste was van de bijdrage van de arrangeur Erikur Orri Ólaffson, die ook werkte met de IJslandse band.

De afgelopen jaren was het helaas stil rond Kim Janssen, maar deze week keert hij terug met een nieuw project, Cape Sleep. Met het debuutalbum van Cape Sleep slaat Kim Janssen weer net wat andere wegen in. Video Days laat een nog uitbundiger, met meer synths ingekleurd en ook wat meer pop georiënteerd geluid horen dan op zijn vorige album, al keren een aantal ingrediënten van dat album terug op het eerste album van Cape Sleep.

Ook op Video Days zijn immers fraaie orkestraties te horen, waarvoor het Metropole Orkest en het Berlijnse orkest Stargaze werden ingeschakeld en waarvoor bovendien een beroep werd gedaan door de onder andere van Father John Misty bekende Paul Jacob Cartwright. De fraaie orkestraties voegen een extra dimensie toe aan de songs op Video Days, waaraan ook werd bijgedragen door onder andere Marien Dorleijn van Moss, toetsenist Roy van Roosendaal, de harp van Remy van Kesteren en zangeressen Ella van der Woude en Tessa Douwstra. Ook de mooie stem van Kim Janssen zorgt voor een bekend ingrediënt op Video Days, al zijn de vocalen wel wat meer uitgesproken dan op zijn soloalbums.

Nieuw in de muziek van Cape Sleep zijn de invloeden uit de jaren 70 singer-songwriter pop en de meer elektronisch getinte popmuziek uit de jaren 80, die op bijzondere wijze combineren met de mooie songs van Kim Janssen, met de bijzondere orkestraties en met de sprookjesachtige momenten. Ook invloeden uit andere decennia hebben overigens hun weg gevonden naar het bonte geluid op Video Days, dat op een of andere manier vertrouwd klinkt, zonder dat je er echt de vinger op kunt leggen.

Video Days van Cape Sleep is ver verwijderd van de eerste twee soloalbum van Kim Jansen, maar ze delen een bijzondere schoonheid, die ook was te horen op Cousins. Net als op Cousins bestaat de muziek van Cape Sleep op Video Days uit meerdere lagen, die allemaal iets toevoegen aan het bijzondere geluid op het album. Luister maar eens hoe er opeens een pedal steel opduikt vanuit de wolken synths en dit is maar een van talloze voorbeelden.

De albums van Kim Janssen zijn altijd aan de korte kant geweest en ook Video Days telt nog geen dertig minuten. Met name de vroege albums van de Nederlandse muzikant werden na een aantal songs wel wat eenvormig, maar het debuutalbum van Cape Sleep had van mij best twee keer zo lang mogen duren. Of drie keer zo lang, want de wereld lijkt echt een beetje mooier als Video Days uit de speakers komt.

Kim Janssen bewees al eerder dat hij over heel veel talent beschikt, maar met Video Days zet hij nog een aantal extra stappen. Het levert een in muzikaal, vocaal en compositorisch hoogstaand album op dat ongelooflijk veel mooist heeft verstopt in een klein half uur muziek. 2023 was een prachtig jaar voor de Nederlandse popmuziek en mede dankzij Cape Sleep ligt de lat ook in 2024 weer torenhoog. Erwin Zijleman

Car Seat Headrest - Making a Door Less Open (2020)

poster
3,5
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Car Seat Headrest - Making A Door Less Open - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Car Seat Headrest - Making A Door Less Open
Car Seat Headrest komt helaas niet op de proppen met Teens Of Denial Volume 2, maar toont wel veel lef op een album dat alle kanten op schiet en hier en daar flink tegen de haren instrijkt

Liefhebbers van de betere gitaarplaten hadden Making A Door Less Open waarschijnlijk al met potlood opgeschreven voor de jaarlijst over 2020, maar kunnen de gum er bij pakken. Will Toledo heeft de muziek van zijn band voorzien van een stevige elektronische impuls en heeft zich bovendien opengesteld voor uiteenlopende genres. Making A Door Less Open is hier en daar mijlenver verwijderd van Teens Of Denial, maar is af en toe ook opeens heel dichtbij. Car Seat Headrest strijkt zo nu en dan flink tegen de haren in, maar maakt minstens net zo vaak indruk met songs vol experiment en bravoure.

Car Seat Headrest kwam vier jaar geleden voor velen, en in ieder geval voor mij, uit het niets op de proppen met een fantastische gitaarplaat. Teens Of Denial was de beste gitaarplaat van 2016 en misschien wel de beste gitaarplaat van het afgelopen decennium. Teens Of Denial bleek zeker niet het eerste wapenfeit van de band uit Leesburg, Virginia. Op de bandcamp pagina van Car Seat Headrest was nog een flink aantal eerdere albums te vinden. Stuk voor stuk niet zo goed als Teens Of Denial, maar zeker interessant.

De enorme productiviteit van voorman Will Toledo kreeg door het succes van Teens Of Denial een flinke knauw. Car Seat Headrest stond de afgelopen jaren wereldwijd op het podium, waardoor de tijd ontbrak voor het maken van de opvolger van het doorbraakalbum. De afgelopen vier jaar moesten we het daarom doen met een (overigens uitstekende) remake van een vroeg album van de band en met een live-album, maar vorige week verscheen dan eindelijk een nieuw album van Car Seat Headrest.

Het is een album waar ik met hoge verwachtingen naar uit heb gekeken, maar bij eerste beluistering viel Making A Door Less Open me vies tegen. Heel vies tegen zelfs. Will Toledo heeft het geluid van zijn band op het nieuwe album niet alleen verrijkt met flink wat elektronica, maar heeft verder de lange tracks die Teens Of Denial zo typeerden en zo interssant maakten vaarwel gezegd. Making A Door Less Open bevat 11 songs en heeft hier 47 minuten voor nodig, terwijl Teens Of Denial maar liefst 70 minuten uit trok voor 12 songs. Bij eerste beluistering hoorde ik maar weinig terug van de band die in 2016 zoveel indruk maakte, maar het gekke is dat er na een paar luisterbeurten zoveel op zijn plek viel dat ik Making A Door Less Open inmiddels ervaar als een redelijk typisch Car Seat Headrest album, al is het maar vanwege de zang van Will Toledo.

Het nieuwe album van de Amerikaanse band bevat een aantal songs die toegankelijker zijn dan die op de vorige albums. In de meest toegankelijke songs op het album klinkt de band als een wat rauwere versie van The Strokes, maar dan wel een versie van The Strokes die duizendmaal urgenter klinkt dan op het onlangs verschenen nieuwe album van de New Yorkse band en een versie die het gitaargeweld hier en daar niet schuwt. Making A Door Less Open is inderdaad voorzien van flink wat elektronische impulsen, maar liefhebbers van het gitaargeluid van de band komen ook nog steeds ruimschoots aan hun trekken.

Car Seat Headrest heeft een album gemaakt met toegankelijkere momenten, maar het grootste deel van het Making A Door Less Open bevat compromisloze muziek die overloopt van eigenzinnigheid. Car Seat Headrest heeft ook een album vol uitersten afgeleverd. Van een stomvervelend niemendalletje (Hollywood) naar ongrijpbaar experiment (Hymn) naar een poging tot elektronische dansmuziek (Deadliness). En zo is het iedere track weer afwachten wat er gebeurt.De uitersten op Making A Door Less Open zijn zeker niet de beste momenten van het album, al bevatten ook de genoemde tracks uitstapjes die herinneren aan de band die zo imponeerde met Teens Of Denial. Bijna alle tracks tussen de uitersten zijn veel beter. Van akoestische songs tot puntige popsongs met een hoog The Strokes gehalte of stiekem toch songs die herinneren aan de geweldige voorganger.

Ik weet nog steeds niet wat ik precies moet denken van dit album. Het is zeker niet zo goed als Teens Of Denial, maar ook zeker niet zo slechts al hier en daar wordt beweerd. Laten we het er maar op houden dat Car Seat Headrest haar eigenzinnigheid nog maar eens heeft onderstreept. Erwin Zijleman

Car Seat Headrest - Teens of Denial (2016)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Car Seat Headrest - Teens Of Denial - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

Er wordt momenteel heel erg druk gedaan over Teens Of Denial van de Amerikaanse band Car Seat Helderst.

Na beluistering van de plaat kan ik alleen maar concluderen dat dit volkomen terecht is en dat zelfs aanprijzingen als ‘de gitaarplaat van het jaar’ niet heel erg overdreven zijn (al wordt de balans natuurlijk pas in december opgemaakt).

Car Seat Headrest is de band of het project van muzikant en songwriter Will Toledo uit Williamsburg, Virginia. De band bracht de afgelopen vier jaar al een dozijn (!) platen uit via haar bandcamp pagina (https://carseatheadrest.bandcamp.com), maar debuteerde vorig jaar met de compilatie Teens Of Style op het legendarische Matador label. Teens Of Denial is de eerste plaat met nieuw materiaal die daadwerkelijk in de winkel ligt, maar het is wat vreemd om over het debuut van de band te spreken.

Teens Of Denial van Car Seat Headrest maakt 70 minuten lang een onuitwisbare indruk met 12 songs die bol staan van de invloeden. Bij eerste beluistering van Teens Of Denial hoorde ik veel van Pavement, Pixies, Talking Heads, Guided By Voices, R.E.M., Radiohead, Television, Nirvana, Pearl Jam, Sonic Youth, Eels, The Strokes en The Cars, maar bij volgende luisterbeurten kwamen er zoveel namen bij dat vergelijken vrijwel zinloos is.

Car Seat Headrest stopt haar songs vol met invloeden uit een aantal decennia rockmuziek, maar slaagt er desondanks in om een eigen geluid te laten horen. Het is een geluid dat gruizig kan rocken of heerlijk kan rammelen, maar Will Toledo verrast ook met tijdloze popsongs, onweerstaanbare gitaarloopjes, melodieën om te zoenen, heerlijke blazers of Beach Boys achtige koortjes.

Teens Of Denial laat zich beluisteren als een ambitieuze conceptplaat over de weg naar volwassenheid van tiener Joe, maar het is net zo goed een verzameling tijdloze popsongs. In eerste instantie word je nog wat overdonderd door de veelheid aan goede ideeën of juist afgeleid door het bij vlagen erg rammelende karakter van de plaat, maar wanneer je eenmaal gewend bent aan de muziek van Car Seat Headrest overheerst de bewondering voor deze razend knappe plaat.

Teens Of Denial is een plaat die steeds weer nieuwe dingen laat horen en ook steeds meer indruk maakt. In technisch en muzikaal opzicht mankeert er van alles aan, maar wat is het een krachtig statement en wat bevat de plaat veel momenten die de muziekliefhebbers zielsgelukkig maken. Wat een geweldige plaat! Erwin Zijleman

Car Seat Headrest - Twin Fantasy (Face to Face) (2018)

poster
4,5
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Car Seat Headrest - Twin Fantasy - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

Car Seat Headrest leverde in de lente van 2016 met Teens Of Denial de beste gitaarplaat van het betreffende jaar en misschien wel de beste gitaarplaat van de afgelopen tien jaar af.

Voor de release van Teens Of Denial bracht de band rond, of feitelijk het alter ego van, muzikant en songwriter Will Toledo uit Williamsburg, Virginia al stapels platen uit via de bandcamp pagina van de band.

Deze heb ik na het sensationele Teens Of Denial vrijwel allemaal beluisterd, maar ik vond ze allemaal een stuk minder dan de plaat waarop in 2016 alles samen kwam.

Dat ook de eerdere platen van Car Seat Headrest zeer de moeite waard zijn, is te horen op het deze week verschenen Twin Fantasy. Twin Fantasy is niet de echte opvolger van Teens Of Denial, maar een remake van de gelijknamige plaat die in 2011 via de bandcamp pagina van Car Seat Headrest werd uitgebracht.

Will Toledo was pas 19 toen hij de eerste versie van Twin Fantasy maakte en worstelde flink met zichzelf. Het resulteerde in 2011 in een aantal zeer persoonlijke songs vol persoonlijk leed en vol onzekerheid.

Dat Will Toledo ook in 2011 al briljante rocksongs schreef is te horen op de oorspronkelijke versie van Twin Fantasy, maar is nog veel beter te horen op de nu verschenen remake. De 2018 versie van Twin Fantasy heeft al het geniale dat Teens Of Denial heeft, maar is ook een fragmentarische en lang niet altijd even toegankelijke plaat.

In de toegankelijkste songs op de plaat is Twin Fantasy net zo onweerstaanbaar als Teens Of Denial en maakt Car Seat Headrest muziek waarvan The Strokes alleen maar konden dromen. En ook dit keer klinkt de muziek van de band als een omgevallen platenkast, waar ook dit keer platen van Pavement, Pixies, Talking Heads, Guided By Voices, R.E.M., Radiohead, Television, Nirvana, Pearl Jam, Sonic Youth, Franz Ferdinand, Eels, The Strokes en The Cars bovenop liggen.

De remake van de plaat uit 2011 kan ook flink ontsporen. Twin Fantasy klinkt dan een stuk rauwer en stekeliger dan Teens Of Denial en houdt zich bovendien niet aan de conventies van de lekker in het gehoor liggende rocksong door songs lang uit te smeren, in het meest extreme geval tot ruim 16 minuten, of door zang te vervangen door spoken word of in zichzelf gekeerd geprevel.

Twin Fantasy kan het oor pijnigen met uit de bocht vliegende gitaarmuren, maar komt net zo makkelijk met een behoorlijk ingetogen folksong op de proppen. Je hoort in alles dat Will Toledo op Twin Fantasy nog niet zo ver was als hij twee jaar geleden op Teens Of Denial was, maar vergeleken met de oorspronkelijke versie zijn de songs flink opgepoetst en is Twin Fantasy goed genoeg om de concurrentie met de andere gitaarplaten van het moment makkelijk aan te kunnen.

De eerder deze week verschenen nieuwe plaat van Car Seat Headrest strijkt, zeker bij eerste beluistering, wat meer tegen de haren in dan Teens Of Denial, maar na een paar keer horen was ik weer verkocht. Twin Fantasy bevat voor mij inmiddels een aantal songs die ik niet meer wil missen en bevat hiernaast nog flink wat songs die ik tot de laatste noot wil ontrafelen.

Inmiddels is het hierdoor 70 minuten genieten van heerlijk gitaarwerk dat alle kanten op schiet, flarden van briljante songs, echo's uit het verleden, onweerstaanbare refreinen en inkijkjes in het brein van een muzikant die bulkt van het talent maar die zich ook kwetsbaar durft op te stellen.

Will Toledo kan vrijwel alle platen die hij voor Teens Of Denial maakte naar een niveau tillen dat flink boven het maaiveld uitsteekt, maar hopelijk vindt hij ook de tijd om de echte opvolger van Teens Of Denial te maken. Dat is de plaat waar ik uiteindelijk het meest naar uit kijk, maar dat wil niet zeggen dat ik niet heb genoten van Twin Fantasy. Integendeel. De remake van de plaat uit 2011 is vooralsnog met afstand de beste gitaarplaat van 2018 en ik weet bijna zeker dat hij de komende weken alleen maar beter wordt. Wat een talent! Erwin Zijleman

Caravan - It's None of Your Business (2021)

poster
4,5
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Caravan - It's None Of Your Business - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Caravan - It's None Of Your Business
Oude helden uit de symfonische rock gaan momenteel vooral hard op hun bek, maar de Britse band Caravan komt zo’n 50 jaar na haar beste albums op de proppen met een geweldig album

Over de grootste verrassing van deze week hoef ik geen moment na te denken. Die komt van de Britse band Caravan. Ik was bij de aankondiging van het album vooral verrast dat de band nog bestaat, maar verwachte natuurlijk helemaal niets van It’s None Of Your Business. Het nieuwe album van Caravan is echter een heerlijk album. Het is een album dat het roemruchte Caravan geluid uit de vroege jaren 70 heeft getransformeerd in een fris klinkend progrock geluid, dat geen moment onder doet voor dat van de huidige smaakmakers in het genre. Het is een aangename verrassing voor een ieder die de band decennia geleden uit het oog is verloren, maar ook jonge honden met liefde voor progrock moeten dit horen.

Er zijn helaas niet heel veel oude muzikale helden die decennia na hun gloriejaren nog met interessante muziek op de proppen komen. Vorige week was het nieuwe album van Yes een vooral uiterst pijnlijke luisterervaring en van het deze week verschenen nieuwe album van de Britse band Caravan had ik niet veel meer en eerlijk gezegd nog veel minder verwacht.

De Britse band, die moet worden gerekend tot de vaandeldragers van de zogenaamde Canterbury Scene, beleefde haar gloriejaren immers aan het eind van de jaren 60 en het begin van de jaren 70 met legendarische albums als het titelloze debuut (1968), If I Could Do It All Over Again I'd Do It All Over You (1970), In The Land Of Grey And Pink (1971), Waterloo Lily (1972) en For Girls Who Grow Plump In The Night (1973). Het zijn de enige albums die ik ken van de Britse band en het zijn volgens de bronnen die ik heb geraadpleegd ook met afstand de beste albums.

De Canterbury Scene dankt haar naam aan de in het zuidoosten van Engeland gelegen stad Canterbury, maar het is ook een synoniem voor een muziekstroming waarin invloeden uit de symfonische rock, jazz, psychedelica en folk met elkaar werden vermengd. Soft Machine, Gong, Egg, Hatfield And The North, National Health en Caravan zijn de belangrijkste bands in de scene van laatstgenoemde band verscheen deze week een nieuw album, It’s None Of Your Business.

Caravan werd in 1968 geformeerd, dus het is niet zo gek dat de samenstelling van de band 53 jaar later wat is veranderd. Lid van het eerste uur Pye Hastings is nog steeds van de partij, maar ook Geoff Richardson is al sinds de vroege jaren 70 aan boord en ook de meeste andere leden zijn zeker geen nieuwkomers.

Voor It’s None Of Your Business koos de Britse band voor een wat ouderwetse aanpak. Caravan huurde anderhalve week een studio, stelde de bandleden in een kring op om gezamenlijk muziek te maken, om na 11 dagen met een compleet album uit de studio te komen. Het is een album dat me zoals gezegd zeer aangenaam heeft verrast en dat behoorlijk wat indruk maakt.

Caravan borduurt op It’s None Of Your Business zeker niet fantasieloos voort op de bovengenoemde topalbums van de band, die overigens helaas geen van allen zijn te vinden op de streaming media platforms. De Britse band heeft wel elementen uit haar vertrouwde geluid behouden, maar heeft dit geluid de 21e eeuw in gesleept.

It’s None Of Your Business is een eigentijds klinkend progrock album met hier en daar wat invloeden uit de gloriejaren van de Canterbury Scene. Caravan klinkt in 2021 verrassend toegankelijk, maar laat ook een mooi geluid horen, met een hoofdrol voor flink wat keyboards, maar uiteraard ook de viool van Geoff Richardson en dit keer ook de fluit van Jimmy Hastings en hier en daar een heerlijke gitaarsolo.

Pye Hastings heb ik nooit gerekend tot mijn favoriete zangers, maar op de vocalen op It’s None Of Your Business heb ik echt niets aan te merken. Waar het laatste album van Yes na een redelijke start compleet in elkaar zakt, wordt het nieuwe album van Caravan alleen maar leuker en sprankelender. Ik geloof niet dat ik dit jaar een beter progrock album heb gehoord en dat dit album van Caravan komt is een daverende verrassing. Hoogste tijd voor het opnieuw uitbrengen van de beste albums van de band, maar It’s None Of Your Business is een fantastisch toetje. Op naar meer. Erwin Zijleman

Cari Cari - Anaana (2018)

poster
5,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Cari Cari - ANAANA - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Oostenrijks duo levert een plaat af die mijn muzikale universum compleet op zijn kop zet. Een wereldplaat uit Wenen
Cari Cari is een opmerkelijk duo uit Wenen. Stephanie Widmer zingt, drumt en haalt af en toe de didgeridoo tevoorschijn, terwijl Alexander Köck niet alleen zingt, maar ook geweldige bluesriffs uit zijn gitaren tovert. In de openingstrack klinkt het nog even als The Xx, maar al snel sleurt Cari Cari je films van Quentin Tarantino of spaghettiwesterns in. Het duo uit Wenen kan vervolgens alle kanten op. Blues, rock, Americana, triphop, psychedelica; je hoort het allemaal op ANAANA, maar geen enkel hokje is treffend genoeg om plaats te bieden aan het debuut van Cari Cari. Wereldplaat durf ik al wel te zeggen.



Ik heb in de bijna tien jaar dat deze BLOG bestaat nog niet veel aandacht besteed aan popmuziek uit Oostenrijk. Ik kom tot precies een handvol Oostenrijkse platen, waarvan er ook nog eens drie werden gemaakt door Soap&Skin.

Een week na de release van de derde plaat van Soap&Skin komt er weer een plaat van Oostenrijkse makelij uit de speakers en laat ik maar met de deur in huis vallen, dit is er een die absoluut mijn jaarlijstje gaat halen.

Het gaat om ANAANA, het debuut van het Oostenrijkse duo Cari Cari. Het duo dat bestaat uit Stephanie Widmer en Alexander Köck werd geformeerd in Wenen, maar het Oostenrijkse tweetal woonde de afgelopen jaren ook in Hamburg en Londen en werkte in alle rust aan het debuutalbum van Cari Cari.

Stephanie Widmer tekent op dit debuut voor de drums en de vocalen en bespeelt hiernaast de didgeridoo. Ook Alexander Köck tekent voor de vocalen en bespeelt hiernaast de gitaren die op ANAANA zijn te horen. Het geluid van het duo is nog wat verder verrijkt met spaarzaam ingezette elektronica.

Op basis van de instrumenten die worden ingezet en de samenstelling van het duo had ik direct associaties met The White Stripes. In een deel van de tracks op het debuut van Cari Cari hoor ik ook in muzikaal opzicht wel wat van de muziek van Meg en Jack White, al is het maar omdat ook Alexander Köck in zijn gitaarspel een voorliefde heeft voor blues. Over het algemeen genomen blijft Cari Cari echter ver verwijderd van de muziek van The White Stripes en zorgt het Oostenrijkse duo voor een uniek eigen geluid.

Het is een vaak beeldend geluid dat zo zou kunnen worden ingezet als soundtrack voor wat duisterdere films. De Oostenrijkse muzikanten beweerden ooit dat ze muziek zijn gaan maken om in een Quentin Tarantino film terecht te komen (de eerste EP van het duo opende vier jaar geleden met de track Dear Mr. Tarantino) en dat lijkt me inmiddels een kansrijke optie.

Cari Cari maakt muziek die zich buitengewoon lastig laat omschrijven en niet in een hokje laat duwen. Het gitaarwerk op de plaat is meestal ingetogen, maar soms opeens uitbundig en bluesy. Het drumwerk is eenvoudig, maar heeft uiteindelijk toch meer invloed op het geluid van Cari Cari dan je bij eerste beluistering zal vermoeden.

Openingstrack Summer Sun klinkt als The Xx met een psychedelische injectie van een didgeridoo, totdat het gitaarwerk wat steviger put uit de blues en het tempo wordt opgevoerd. Het bijzondere klankentapijt wordt gecombineerd met ingetogen vocalen, waarbij met name die van Stephanie Widmer zich steeds makkelijker en nadrukkelijker opdringen.

In de titeltrack van de plaat worden de drums wat steviger aangezet en hoor ik voor het eerst iets van The White Stripes, maar Cari Cari schiet uiteindelijk meerdere kanten op. De beeldende klanken van het Oostenrijkse duo roepen afwisselend associaties op met duistere voodoo praktijken en spaghettiwesterns, hetgeen nog eens illustreert wat een vat vol tegenstrijdigheden ANAANA is.

In Mapache komt Alexander Köck opeens met surfgitaren op de proppen, wat vervolgens ook weer prima lijkt te combineren met Oosterse klanken en wat overstuurde zang. Het debuut van Cari Cari is dan pas drie tracks oud, maar wat heeft het Oostenrijkse duo me al vaak verrast en wat steekt de muziek van het tweetal bijzonder in elkaar.

Het kan nog veel meer kanten op, want ANAANA sluit af en toe ook aan bij donkere en weemoedige Americana. Het is Americana waarin het bluesy gitaarspel van Alexander Köck zich opeens nadrukkelijk laat inspireren door Jimi Hendrix en Stephanie Widmer met flink wat meer passie zingt. Maar in een volgende track kan de muziek van het duo ook zomaar de kant van de onderkoelde triphop of de veelkleurige wereldmuziek op schieten, met hier en daar een vleugje My Baby.

ANAANA is een plaat vol beeldende muziek, maar het is ook bezwerende muziek, die je direct vanaf de eerste keer horen in een wurggreep houdt. Het is muziek waarbij ik geen moment aan Wenen moet denken. Cari Cari maakt muziek die thuishoort aan de oevers van de Mississippi en in de woestijn in Arizona, waar de verdwaalde Australische didgeridoo geweldig klinkt. Aan de oevers van de Mississippi of in de Woestijn in Arizona klinkt de muziek van Cari Cari vervolgens wel buitenaards, want geen enkele Amerikaanse band klinkt als het Oostenrijkse duo.

Ik ken ook geen Europese band die klinkt als Stephanie Widmer en Alexander Köck, wat van ANAANA een unieke plaat maakt. Het is een fantastische plaat die ik direct heb omarmd en waarvan ik inmiddels zielsveel houd. Jaarlijstjesmateriaal dus, maar dat heb ik aan het begin van deze recensie al verklapt. Erwin Zijleman

Cari Cari - One More Trip Around the Sun (2025)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: Cari Cari - One More Trip Around The Sun - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Review: Cari Cari - One More Trip Around The Sun
Cari Cari is in Nederland helaas niet heel bekend, maar het Oostenrijkse duo laat ook op haar derde album One More Trip Around The Sun weer horen dat het elders wel wordt onthaald als een sensatie, en terecht

Bij Cari Cari denk ook ik altijd nog in eerste instantie aan het geweldige debuutalbum ANAANA uit 2018, dat ik reken tot de allerbeste albums van dat jaar. Ook het tweede album van het duo uit Wenen was echter bovengemiddeld goed en ook over het deze week verschenen derde album van Cari Cari ben ik weer zeer te spreken. One More Trip Around The Sun is wat aan de korte kant, maar wat gebeurt er veel. Stephanie Widmer en Alexander Köck gaan op het derde album verder waar het tweede album ophield, maar het Oostenrijkse duo verlegt ook dit keer haar grenzen en verbreedt haar muzikale horizon. Iedereen die Cari Car niet kent mist inmiddels drie fantastische albums.

Het Oostenrijkse duo Cari Cari leverde aan het eind van 2018 een ware wereldplaat af met haar debuutalbum ANAANA. Stephanie Widmer en Alexander Köck lieten op hun debuutalbum een fascinerend geluid horen, dat zeer uiteenlopende invloeden wist te combineren in een geluid dat in ieder geval mijn wereld op zijn kop zette.

ANAANA van Cari Cari blies me van mijn sokken aan het eind van 2018 met bluesy gitaarakkoorden en surfgitaren, stuwende ritmes en hier en daar een didgeridoo. Hier en daar leek het wel wat op de muziek die My Baby in haar begindagen maakte, maar Cari Cari voegde genoeg bijzondere ingrediënten toe om te spreken van een uniek eigen geluid.

Het tweetal uit Wenen wist met ANAANA de top 10 van mijn jaarlijstje te halen en vanaf dat moment volgde ik de muzikale verrichtingen van Stephanie Widmer en Alexander Köck nauwgezet. ANAANA werd in de herfst van 2022 gevolgd door Welcome To Kookoo Island. Natuurlijk kon Cari Cari met haar tweede album niet zo verrassen als met het sensationele debuutalbum, maar in muzikaal opzicht was Welcome To Kookoo Island nog wat veelzijdiger dan zijn voorganger, bijvoorbeeld door ook nog wat invloeden uit de woestijnblues toe te voegen aan het al zo bezwerende geluid van het Oostenrijkse duo.

De twee uitstekende albums hebben Cari Cari helaas nog niet wereldberoemd gemaakt, al was de band naar verluidt wel een sensatie op het Primavera Sound Festival in Barcelona, waardoor ook het deze week verschenen derde album van het Weense tweetal in ieder geval in Nederland een vrij anonieme plek inneemt in de releaselijsten van deze week.

Zelf had ik natuurlijk wel direct aandacht voor One More Trip Around The Sun, wat een treffende titel is voor een album van Cari Cari, want een trip is het absoluut en zonnestralen zijn nooit ver weg. Voor een ieder die de muziek van Stephanie Widmer en Alexander Köck kent voelt het derde album direct vertrouwd. Direct in de openingstracks duikt de didgeridoo weer op en ook de wat bluesy gitaarakkoorden laten niet lang op zich wachten.

Invloeden uit de psychedelica nemen een wat voornamere plek in op het album, wat de muziek van Cari Cari ook een jaren 60 hippie vibe geeft, tot de stuwende ritmes de muziek van het Oostenrijkse duo toch weer het heden in duwen. De wat dromerige zang versterkt het lome en bezwerende karakter van het album, dat mij weer direct te pakken had.

Omdat One More Trip Around The Sun, net als voorganger Welcome To Kookoo Island, direct bekend in de oren klinkt voor iedereen die het debuutalbum van het tweetal kent, ontbreekt ook dit keer de totale verrassing van dit debuutalbum, maar ook op haar derde album klinkt Cari Cari weer lekker eigenzinnig en vooral ook bijzonder aangenaam. One More Trip Around The Sun lijkt gemaakt voor broeierige zomerdagen en haalt deze dagen alvast binnen met lome en meer dan eens bedwelmende of hypnotiserende klanken.

“An ethereal, hypnotic sonic kaleidoscope that floats in the ether like a delicate silken veil” lees ik in een van de schaarse recensies van het album en mooier kan ik het niet zeggen. Bij Oostenrijk denk je misschien niet direct aan goede popmuziek en al helemaal niet aan vernieuwende popmuziek, maar het Weense duo Cari Cari laat ook op album nummer drie weer horen dat het echt verschrikkelijk goed is. Erwin Zijleman

Cari Cari - Welcome to Kookoo Island (2022)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Cari Cari - Welcome To Kookoo Island - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Cari Cari - Welcome To Kookoo Island
Cari Cari borduurt op Welcome To Kookoo Island voort op het droomdebuut van het Oostenrijkse duo, maar zet ook stappen, wat wederom een fantastisch album vol bezwering oplevert

ANAANA van het uit Wenen afkomstige tweetal Cari Cari kwam vier jaar geleden als een donderslag bij helder hemel. Stephanie Widmer en Alexander Köck maakten diepe indruk met een bonte mix van invloeden en songs met een bijna hypnotiserende werking. AANANA was een onbetwiste jaarlijstjesplaat, die helaas veel te weinig aandacht kreeg. Ook met Welcome To Kookoo Island zal het Oostenrijkse duo waarschijnlijk niet heel veel aandacht gaan trekken, maar ook het tweede album van Cari Cari is een geweldig album. Het recept is grotendeels gelijk gebleven, maar er zijn met succes een aantal nieuwe ingrediënten ingepast, waardoor Cari Cari alleen maar beter is geworden. Het levert wederom een wereldplaat op.

Bijna vier jaar geleden werd ik compleet weggeblazen en vervolgens ook nog eens verpletterd door ANAANA, het debuutalbum van het Oostenrijkse duo Cari Cari. Stephanie Widmer en Alexander Köck imponeerden op dit album met een unieke mix van invloeden en een serie geweldige songs, die stuk voor stuk goed waren voor een gevoel van euforie. ANAANA van Cari Cari haalde uiteindelijk de achtste plek in mijn jaarlijstje over 2018, maar had achteraf bezien nog wel een paar plaatsen hoger mogen eindigen.

Ondanks het sensationele debuut verdween Cari Cari de afgelopen jaren weer wat uit mijn geheugen, tot een paar weken geleden eindelijk de opvolger van het zo memorabele debuutalbum werd aangekondigd. Sindsdien waren mijn verwachtingen rond deze opvolger tot grote hoogten gestegen, maar een week of drie geleden kreeg ik het album dan eindelijk in handen. Het is goed dat ik de tijd heb kunnen nemen voor het vormen van mijn oordeel, want zeker bij eerste beluistering bleek dat mijn verwachtingen onrealistisch hoog waren.

Welcome To Kookoo Island opent met een uptempo track die niet had misstaan op een van de vroege albums van de Nederlandse band My Baby. Daar is natuurlijk helemaal niets mis mee, integendeel zelfs, maar op een of andere manier had ik meer verwacht van Cari Cari. Dit gevoel van lichte teleurstelling had ik bij meer songs op het nieuwe album van het Oostenrijkse duo, dat natuurlijk onmogelijk zo hard kan aankomen als het geweldige debuutalbum. Het is een gevoel van teleurstelling dat al snel als sneeuw voor de zon is verdwenen en plaats heeft gemaakt voor de euforie van bijna vier jaar geleden.

Cari Cari gaat op Welcome To Kookoo Island deels verder waar ANAANA vier jaar geleden ophield. Ook op het tweede album van het duo verwerken Stephanie Widmer en Alexander Köck zeer uiteenlopende invloeden. Psychedelica, Surf, blues en woestijnrock drukken het meest nadrukkelijk hun stempel op de muziek van het tweetal uit Wenen, maar ook invloeden uit de wereldmuziek, pop en rock en dance hebben hun weg gevonden naar de unieke muziek van Cari Cari, die ook nog eens is overgoten met een voodoo sausje.

In de uptempo songs schuren Stephanie Widmer en Alexander Köck dicht tegen de muziek van het al eerder genoemde My Baby aan, maar op Welcome To Kookoo Island domineren de wat lome en broeierige songs. Het gitaarwerk is net als op het debuutalbum van Cari Cari prachtig en ondanks of juist dankzij alle associaties niet of nauwelijks in een hokje of een tijdperk te duwen, wat overigens ook geldt voor de songs van Stephanie Widmer en Alexander Köck, die net zo makkelijk uit de Afrikaanse woestijn als van de oevers van de Mississippi kunnen komen, lof toch zo van de dansvloer.

Cari Cari creëert ook op haar tweede album een geheel eigen muzikaal universum en het is er een vol betovering en bezwering. In muzikaal opzicht trekt een bonte lappendeken voorbij, maar ook in vocaal opzicht staat het weer als een huis. Stephanie Widmer en Alexander Köck dragen allebei stevig bij aan de zang op het album, wat het veelkleurige karakter van de muziek van Cari Cari nog wat versterkt.

Welcome To Kookoo Island is natuurlijk niet de mokerslag van ANAANA dat echt uit het niets kwam, maar nu ik het nieuwe album flink wat keren heb gehoord, vind ik Welcome To Kookoo Island zeker niet minder dan het debuutalbum, dat mijn wereld vier jaar geleden zo op zijn kop zette. Oostenrijk heeft geen rijke traditie wanneer het gaat om goede popmuziek, maar met Cari Cari heeft het land iets sensationeel goeds in handen. Wat een waanzinnig album weer van dit bijzondere duo. Erwin Zijleman

Caribou - Suddenly (2020)

poster
3,5
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Caribou - Suddenly - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Caribou - Suddenly
Suddenly van Caribou is deze weken te vinden in nogal wat jaarlijstjes en hoewel het normaal gesproken niet helemaal mijn ding is, begrijp ik alle lof voor de Canadese muzikant inmiddels wel

Elektronica, dance; het zijn niet de genres waar ik normaal gesproken warm voor loop, maar ik moest toch eens gaan luisteren naar Suddenly van Caribou. Het is een album dat zo nu en dan uitstekend dienst kan doen als soundtrack voor een ontspannen zomeravond, maar het is veel meer dan dat. Caribou maakt er een fascinerende tijdreis van die het ene moment nostalgisch kan klinken, maar je het volgende moment het heden of zelfs de toekomst in sleept. Van loom, zonnig en toegankelijk tot eclectisch, zweverig en experimenteel en dat vaak binnen een paar noten. Mijn favoriete genre zal het nooit worden, maar dat is een razendknappe plaat is kan ik alleen maar bevestigen.

Suddenly van Caribou is een vaste waarde in veel van de jaarlijstjes die de afgelopen weken zijn gepubliceerd. Zelf heb ik het album van de Canadese muzikant Dan Snaith echter laten liggen. De muzikant die eerder muziek maakte als Manitoba opereert immers in het hokje elektronica en dat is een hokje waarop ik lang niet altijd gek ben.

De vroege albums van Caribou vond ik nog wel interessant, maar de Canadese muzikant schoof steeds meer op richting de dansvloer en dat is muziek die ik thuis maar zelden beluister en daarbuiten overigens ook niet. Door de hoge notering in flink wat aansprekende jaarlijstjes, was ik echter toch wel nieuwsgierig naar het nieuwe album van Caribou en hoewel Suddenly zeker niet helemaal mijn ding is bevalt het album me wel en bovendien bevalt het me iedere keer weer net wat beter.

Suddenly schuift hier en daar inderdaad op richting de dansvloer, maar Suddenly bevat ook een aantal fraaie ingetogen tracks die sober openen, maar vervolgens op bijzondere wijze worden vervormd door steeds meer elektronica. Hiernaast schakelt het album met enige regelmaat terug naar een veel lager tempo, wat je doet verlangen naar een zorgeloze zomer (zou die dan volgend jaar echt komen?).

Caribou schakelt op Suddenly tussen toegankelijke of zelfs hitgevoelige passages en momenten waarop het experiment de overhand neemt in zijn muziek. Zeker de tracks die zijn voorzien van zang verleiden mij makkelijk met zwoele en zomerse klanken. Die zang krijgt er in flink wat recensies stevig van langs, maar mij bevalt het wel. De wat lome zang voorziet de muziek van Caribou van de nodige rust en die is hard nodig ook.

Wanneer de Canadese muzikant los gaat met elektronica, beats en samples schiet de muziek van Caribou werkelijk alle kanten op. Soms grijpt Dan Snaith terug op oude soul en klinkt Suddenly direct vertrouwd, maar de Canadese muzikant kan ook uit de voeten met de elektronische popmuziek uit de jaren 70, met moderne elektronische popmuziek, met muziek voor de dansvloer en met flink wat experiment.

Het is knap hoe Suddenly steeds weer kan betoveren met dromerige en zonnige klanken, om je het volgende moment alle kanten op te slingeren met meer tegendraads klinkende muziek. Door de greep uit de doos met oude samples klinkt Suddenly met enige regelmaat zwoel en nostalgisch, maar een paar noten later schiet je weer de toekomst in met kille elektronische klanken.

Zeker bij beluistering met de koptelefoon hoor je goed hoe knap het allemaal in elkaar steekt en hoe makkelijk de muziek van Caribou van kleur verschiet. Caribou is enerzijds de soundtrack van een broeierige en zorgeloze zomeravond, maar het is ook een album dat continu wil transformeren in iets anders en daar nog in slaagt ook.

Zeker wanneer de klanken atmosferisch zijn en langzaam maar zeker steeds verder worden verrijkt zit ik op het puntje van de stoel, maar ook als Caribou het tempo opvoert en langzaam opschuift richting de dansvloer ga ik nog mee. Ik moet een beetje uit mijn comfort zone komen om te genieten van Suddenly van Caribou, maar nu ik dat steeds net wat vaker doe, begrijp ik wel waarom dit album in zoveel jaarlijstjes opduikt de afgelopen weken. Erwin Zijleman

Carl Broemel - 4th of July (2016)

poster
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carl Broemel - 4th Of July - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

Carl Broemel verdiende zijn sporen in de popmuziek tot dusver voornamelijk als gitarist. De muzikant uit Indiana speelt met zijn gitaarspel een cruciale rol binnen het geluid van My Morning Jacket, maar was de afgelopen jaren ook een graag geziene gast in de studio.

Omdat My Morning Jacket voorman Jim James na My Morning Jacket’s The Waterfall weer even tijd nam voor zijn solocarrière, kreeg ook Carl Broemel tijd voor een soloplaat (overigens al zijn derde).

4th Of July verscheen in de Verenigde Staten een paar maanden geleden al en dat is een logischere keuze dan een release in november. De soloplaat van Carl Broemel ademt immers de sfeer van een mooie zomeravond.

In de openingstrack hoor je niet alleen de vogeltjes fluiten, maar verrast Carl Broemel ook direct met dromerig en laid-back gitaarspel en al even dromerige en lome vocalen. Het levert een bijzonder sfeertje op, dat je aan de ene kant mee terug neemt naar de zomers van de grote singer-songwriters uit de jaren 70, maar aan de andere kant ook het zompige en broeierige heeft van de rootsmuziek uit het Zuiden van de Verenigde Staten.

4th Of July laat absoluut flarden Harry Nilsson en vooral Paul McCartney horen, maar Carl Broemel is ook niet bang voor een song van ruim tien minuten, waarin de gitaren af en toe flink los mogen gaan en er volop ruimte is voor experiment.

Carl Broemel verrast op 4th Of July zoals gezegd met aangename vocalen, die nog eens worden versterkt door de fraaie accenten van onder andere Neko Case en Laura Veirs, die iets terug doen voor het fraaie gitaarwerk van Carl Broemel op hun eigen platen. Het zijn vocalen die fraai kleuren bij de vaak zomers en zorgeloos klinkende instrumentatie.

Zeker wanneer de gitaren wat meer ruimte krijgen en Carl Broemel zich niet focust op het perfecte popliedje, heeft zijn muziek wat weg van de vroege platen van Daniel Lanois en de muziek van Robbie Robertson, maar ook wanneer de Amerikaan kiest voor mooie popliedjes graaft hij dieper dan op de meeste platen gebruikelijk is.

4th Of July staat vol muziek die aangenaam vermaakt, stevig intrigeert en inmiddels ook al een flinke tijd groeit, waardoor 4th Of July bij mij is uitgegroeid van een aangename plaat op de achtergrond tot één van de betere platen van het moment.

Het is niet eens zo makkelijk uit te leggen wat er zo goed is aan deze plaat, maar wanneer je hem voor de zoveelste keer beluistert, weer nieuwe dingen hoort en steeds meer verslaafd raakt aan het aangename geluid en het fantastische gitaarspel, weet je dat Carl Broemel een plaat heeft gemaakt die het verdient om gekoesterd te worden, al is het maar omdat 4th Of July in een week waarin de temperaturen onder nul zakken nog even de zomer in huis haalt. Erwin Zijleman

Carla Bruni - A L'Olympia (2014)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carla Bruni - A L'Olympia - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

Het is in Frankrijk één van de grootste releases van het moment, maar in Nederland negeren we A L’Olympia van Carla Bruni tot dusver vrijwel volledig.

Sinds Carla Bruni mevrouw Sarkozy werd, is het gedaan met de lovende woorden van weleer en dat is jammer. Ook in muzikaal opzicht blijft Carla Bruni immers een interessante verschijning.

Ik ben ook zeker geen fan van Sarkozy, maar moet ik de muziek van Carla Bruni daarop afrekenen? Ik vind van niet. Ik heb daarom genoten van A L’Olympia; een in het roemruchte Parijse theater L'Olympia opgenomen live-registratie.

Nu zijn liveoptredens van Carla Bruni de afgelopen jaren redelijk zeldzaam. Dat zal ook wel zo blijven nu een Amerikaanse tour vanwege een chronisch gebrek aan belangstelling is geannuleerd. Trouwen met een Franse president geeft de carrière van een talentvolle singer-songwriter geen boost, dat is zeker.

En Carla Bruni is absoluut talentvol. Voor het concert in L’Olympia had ze wat te besteden, waardoor ze een aantal geweldige muzikanten om zich heen heeft verzameld. Het zijn muzikanten die prachtig ingetogen kunnen spelen en die bovendien steeds net wat andere accenten leggen, waardoor de live-set van Carla Bruni zeker niet eentonig klinkt. Het is bovendien een prachtig open geluid met veel ruimte voor Carla Bruni.

Carla Bruni hoeft vervolgens alleen maar wat akoestische gitaar te spelen en te zingen en met name dat laatste doet ze op bijzonder fraaie wijze. Carla Bruni werd op basis van haar debuut ooit eens in de categorie Franse zuchtmeisjes geduwd, maar de van oorsprong Italiaanse singer-songwriter laat op A L’Olympia horen dat ze veel meer is dan dat. Bruni vertolkt haar songs tijdens deze fraaie live-set op warme en emotievolle wijze en sluit meer aan bij de grootheden van het Franse chanson dan bij de inmiddels al weer bijna vergeten zuchtmeisjes van een paar jaar geleden. Het is als je het mij vraagt niet zo heel ver verwijderd van de meer ingetogen songs van Zaz, die terecht wordt gezien als het grootste Franse talent van het moment.

Op A L’Olympia kiest Carla Bruni een fraaie dwarsdoorsnede uit haar werk, dat inmiddels bestaat uit vier bovengemiddeld goede cd’s. Het is niet verbazingwekkend dat A L’Olympia vooral Franstalige tracks laat horen, maar Bruni zingt tijdens haar live-set ook een song in het Italiaans en een aantal Engelse tracks, waaronder een cover van John Prine’s All The Best, dat vooral bekend is van Marianne Faithfull, die Carla Bruni vocaal bijstaat; een opvallende combinatie, die ik persoonlijk minder geslaagd vind. De stem van Carla Bruni komt wat mij betreft toch het best tot zijn recht in de gloedvolle en gepassioneerde Franstalige songs en deze domineren gelukkig op de plaat.

A L’Olympia is verkrijgbaar op cd, op DVD/Blu-Ray en op cd plus DVD. Ik heb persoonlijk genoeg aan de muziek, al is het geen straf om Carla Bruni live aan het werk te moeten zien. A L’Olympia krijgt in Nederland tot dusver zoals gezegd nauwelijks aandacht, maar dat heeft echt helemaal niets te maken met de kwaliteit van deze prima live-plaat. Erwin Zijleman

Carla dal Forno - Come Around (2022)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carla dal Forno - Come Around - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carla dal Forno - Come Around
De Australische muzikante Carla dal Forno combineert ook op Come Around weer op bijzondere en zeer fraaie wijze bassen en drums uit de postpunk met atmosferische elektronica en ijle vocalen

Ruim drie jaar geleden verraste de Australische muzikante Carla del Forno met een behoorlijk eigenzinnig geluid. Het is een geluid dat wat minimalistisch klonk, dat schatplichtig was aan de postpunk en new wave van lang geleden, maar dat ook verrassend eigentijds klonk. Op het deze week verschenen Come Around borduurt Carla dal Forno voort op het geluid van haar vorige album, maar laat ze ook subtiele veranderingen horen, waaronder een zeer aangenaam en trefzeker snufje dub. Come Around is misschien niet zo verrassend als zijn voorganger, maar de Australische muzikante heeft haar geluid wel wat verder geperfectioneerd, wat wederom een bijzondere luistertrip oplevert.

Net iets meer dan drie jaar geleden maakte ik voor het eerst kennis met de muziek van de Australische muzikante Carla dal Forno. De muzikante uit Melbourne, die via Berlijn in Londen was terecht gekomen, liet op Look Up Sharp, haar tweede album, een opvallend eigen geluid horen. Look Up Sharp combineerde zweverige en atmosferische elektronica en postpunk bassen en drums met wat ijle en onderkoelde vocalen. Het leverde een bijzonder en bij vlagen bijna minimalistisch geluid op, waarvoor ik drie jaar geleden het debuutalbum en de zwanenzang van Young Marble Giants, enkele albums van Nico en een willekeurige David Lynch soundtrack aandroeg als vergelijkingsmateriaal.

De Australische muzikante keert deze week terug met haar derde album, Come Around. Wanneer de eerste noten van het album uit de speakers komen lijkt er weinig veranderd. Ook het derde album van Carla dal Forno opent met diepe bassen en monotone drums, die niet zouden hebben misstaan op een postpunk album. Het ritme van drums en bas wordt ook dit keer gecombineerd met atmosferische en wat zweverig aandoende elektronica en met de ijle zang van de Australische muzikante, die haar songs ook dit keer sober of zelfs minimalistisch heeft ingekleurd. Meer van hetzelfde dus, maar ik vind het ook dit keer weer erg mooi.

Carla dal Forno varieert weliswaar niet al teveel met haar eigen geluid, maar het is nog altijd een geluid dat zich niet makkelijk laat vergelijken met de muziek van anderen. Fantasieloos voortborduren op haar vorige album doet de muzikante, die weer is teruggekeerd naar Australië, om precies te zijn naar Castlemaine, overigens zeker niet, want ze legt op Come Around wel wat andere accenten dan op haar vorige album.

Het derde album van de Australische muzikante schuift net wat dichter tegen de postpunk en new wave van de late jaren 70 en vroege jaren 80 aan en voegt ook nog wat invloeden van de ook destijds zeer populaire dub toe. De instrumentatie is ook dit keer behoorlijk sober, maar omdat Carla dal Forno experiment met klanken en texturen is Come Around zeker geen monotoon of saai album.

Door de bijzondere combinaties van klanken, waaraan dit keer wat vaker bijzondere ritmes en nog wat breder uitwaaiende tapijten van elektronica zijn toegevoegd, en de ijle maar ook mooi dromerige stem van Carla dal Forno, is Come Around een album dat absoluut de fantasie prikkelt, maar het is ook een album waarbij het zeer aangenaam wegdromen is.

Wat ik misschien nog wel het knapst vind aan de muziek van Carla dal Forno is dat ze er in is geslaagd om haar muziek terug te brengen tot de essentie, zonder dat dit resulteert in kaal klinkende muziek. Ze doet het in haar eigen songs, maar ook in haar versie van The Garden of Earthly Delights van de elektronica pioniers The United States of America, dat op fascinerende wijze het heden in wordt gesleept.

Net als voorganger Look Up Sharp inspireerde ook Come Around me tot het weer eens uit de kast trekken van Colossal Youth, het fenomenale debuutalbum van Young Marble Giants uit 1980 en alleen dat is al een goede reden om naar de muziek van Carla dal Forno te luisteren. Op haar volgende album mag de Australische muzikante van mij best een net wat andere weg in slaan, maar op Come Around bevalt het vertrouwde geluid me nog prima. Erwin Zijleman

Carla dal Forno - Look Up Sharp (2019)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carla dal Forno - Look Up Sharp - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carla dal Forno - Look Up Sharp
Carla dal Forno maakt bijzondere muziek vol invloeden die zowel minimalistisch als veelkleurig kan klinken en steeds weer nieuwe dingen laat horen

De Australische muzikante Carla dal Forno vermengt bijzondere elektronische klanken met diepe bassen en onderkoelde vocalen. Het levert bezwerende muziek op die je aangenaam naar dromenland brengt, maar die ook zoveel fraaie details bevat dat alle aandacht geboden is. Het is muziek vol invloeden, maar al deze invloeden zijn op organische wijze aan elkaar gesmeed tot een bijzonder geheel. Het levert een buitengewoon intrigerende maar ook wonderschone luistertrip op, die bij herhaalde beluistering steeds meer geheimen en steeds meer schoonheid prijs geeft.

Look Up Sharp is mijn eerste kennismaking met de muziek van Carla dal Forno en het is een zeer intrigerende kennismaking geworden.

Carla dal Forno is een Australische singer-songwriter en multi-instrumentalist, die een jaar of drie geleden debuteerde met het goed ontvangen You Know What’s It Like en die hiervoor muziek maakte met de bands F ingers, Mole House en Tarcar. Het zegt me allemaal niets, maar ik ben zeer gecharmeerd met het tweede soloalbum van de muzikante uit Melbourne, die tegenwoordig Londen als thuisbasis heeft en hiervoor een tijdje vanuit Berlijn opereerde.

Look Up Sharp opent met diepe bassen en drums die zo lijken weggelopen uit de postpunk, wat vervolgens fraai wordt gecombineerd met sfeervolle synths en de ijle vocalen van Carla dal Forno. Het uit meerdere lagen opgebouwde elektronische geluid zoekt een weg tussen ambient en elektronica, maar door de diepe bassen gaat het geluid op Look Up Sharp ook de kant van de darkwave of chillwave op.

Carla dal Forno maakt muziek vol tegenstrijdigheden. De engelachtige en wat onderkoelde vocalen en de atmosferische synths geven de muziek van de Australische muzikante iets rustgevends, maar de meer tegendraadse elektronica en de stuwende bassen staan hier weer lijnrecht tegenover. De muziek van Carla dal Forno is lief en dromerig, maar net zo makkelijk avontuurlijk en tegendraads.

Het is muziek die de aandacht ook makkelijk vast houdt wanneer de vocalen achterwege worden gelaten, maar gelukkig is meer dan helft van de songs op Look Up Sharp voorzien van de mooie vocalen van de singer-songwriter uit Londen.

De muziek van Carla dal Forno is muziek die je bij voorkeur met de koptelefoon moet beluisteren. De Australische muzikante heeft haar muziek voorzien van een buitengewoon knap en avontuurlijk klankentapijt. Het is een klankentapijt dat uit meerdere lagen bestaat en dat naast invloeden uit de postpunk, ambient en elektronica ook invloeden uit de dub, de tri-hop en de folk bevat. Look Up Sharp is een op zeer subtiele en hier en daar zelfs bijna minimalistische wijze ingekleurd, maar ondanks de spaarzame klanken gebeurt er van alles op het albums.

De songs, die zich in de meeste gevallen langzaam voortslepen, worden gedragen door de mooie en heldere stem van Carla dal Forno, die weer wordt opgetild door alle subtiele accenten in de instrumentatie. Het maakt van Look Up Sharp een album dat aan de ene kant uiterst geschikt is voor wegdromen, maar waarvan aan de andere kant geen noot mag ontsnappen.

Ik heb inmiddels ook naar de andere muziek van Carla dal Forno geluisterd, maar heb zelf een voorkeur voor de subtiele klanken op haar nieuwe album. Carla dal Forno vermengt op haar tweede soloalbum invloeden die wel vaker worden gecombineerd, maar Look Up Sharp klinkt toch anders dan de vergelijkbare albums die ik ken en is in het aanbod van deze week een oase van rust en schoonheid.

Heel af en toe doet het me qua eenvoud en trefzekerheid en door de fraaie basloopjes denken aan de klassieker (en debuut en zwanenzang) die Young Marble Giants in 1980 afleverde (Colossal Youth), maar Look Up Sharp heeft toch vooral een eigen geluid, met hier en daar ook een vleugje Nico en een snufje van een David Lynch soundtrack. Het levert een even fascinerende als rustgevende luistertrip op die iedere keer weer nieuwe dingen laat horen en steeds meer betovert. Erwin Zijleman

Carla Geneve - Hertz (2023)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carla Geneve - Hertz - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carla Geneve - Hertz
De Australische muzikante Carla Geneve debuteerde vorig jaar veelbelovend, maar is nog veel beter op haar tweede album Hertz, dat een meer ingetogen geluid laat horen en indruk maakt met een aantal zeer persoonlijke songs

Carla Geneve is een muzikante uit het Australische Perth, die niet zo heel lang geleden hoorde dat ze een bipolaire stoornis heeft. Hierdoor viel er veel op zijn plek, maar de heftige diagnose moest ook een plek krijgen. Dat gebeurt in de songs op het nieuwe album van Carla Geneve, Hertz. Het is een album dat afstand neemt van het lekker stevige rockgeluid op het vorig jaar verschenen debuutalbum van de Australische muzikante. Op Hertz hebben invloeden uit de Americana en folk aan terrein gewonnen en kiest Carla Geneve voor een meer ingetogen geluid. Het pakt geweldig uit, want Hertz klinkt prachtig en maakt indruk met bijzonder mooie zang en indringende verhalen.

Carla Geneve is een singer-songwriter uit het Australische Perth, die vorig jaar debuteerde met het album Learn To Like It en een week of twee geleden haar tweede album Hertz uitbracht. Ik heb het debuutalbum van de Australische muzikante vorig jaar niet beluisterd, maar als ik dit wel had gedaan was ik zeker onder de indruk geweest van het album en had ik Carla Geneve vast een belofte voor de toekomst genoemd. Op Learn To Like It vermaakte Carla Geneve met een lekker ruwe en stevige mix van rootsrock en indierock en overtuigde ze als zangeres en als songwriter.

Overtuigen doet ze nog wat meer op haar tweede album Hertz, dat de belofte van haar debuutalbum helemaal waar maakt. Learn To Like It is nog geen anderhalf jaar oud, maar toch klinkt het nieuwe album van Carla Geneve duidelijk anders dan zijn voorganger. Op Hertz zijn de invloeden uit de rock wat naar de achtergrond verdwenen en verruild voor een veel minder stevig geluid. Het is een geluid waarin een akoestische basis fraai wordt gecombineerd met een wat broeierig en donker geluid, waarin verschillende invloeden zijn verwerkt.

De muziek van Carla Geneve kan met een beetje fantasie nog steeds worden omschreven als indierock, maar bevat dit keer veel meer invloeden uit de Americana en de folk. Het tempo ligt op Hertz beduidend lager en het gitaargeluid is een stuk subtieler dan op het debuutalbum. In veel songs op Hertz wordt de spanning prachtig opgebouwd, maar tot echte uitbarstingen komt het dit keer niet, wat de kracht van de songs op het album overigens alleen maar ten goede komt.

Wat is gebleven is de prima stem van Carla Geneve, die alleen maar mooier wordt wanneer ze wat meer ingetogen zingt. De Australische muzikante heeft een aangenaam warm geluid, wat wordt versterkt door het zeer sfeervolle gitaarwerk, maar ze zingt op haar nieuwe album ook met veel gevoel. Dat is niet zonder reden, want Hertz is een zeer persoonlijk album, waarop Carla Geneve vertelt hoe het is om te leven met een bipolaire stoornis. Ze kreeg de diagnose nog niet zo heel lang geleden, waardoor je de worsteling met deze nieuwe werkelijkheid hoort in haar songs. De muzikante uit Perth heeft haar stemmingswisselingen fraai verwerkt in haar songs, die zonnig en opgewekt kunnen klinken, maar die ook kunnen zijn voorzien van flink wat melancholie.

Carla Geneve bevindt zich ver van het epicentrum van de vrouwelijke indierock van het moment en even ver van Nashville dat hoor je. Waar veel jonge vrouwelijke singer-songwriters zich momenteel stevig laten beïnvloeden door de smaakmakers die vanuit Los Angeles of Nashville opereren, klinkt de muziek van Carla Geneve duidelijk anders, al verwerkt ze invloeden uit beide kampen in haar bijzondere muziek. Hertz zal zeker in de smaak vallen bij liefhebbers van de vrouwelijke indierock van het moment, maar liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek kunnen waarschijnlijk nog veel beter uit de voeten met het album.

Zeker nu ik het album wat vaker heb beluisterd ben ik onder de indruk van de groei die Carla Geneve in nog geen anderhalf jaar tijd heeft doorgemaakt. De ingetogen en kwetsbare songs op Hertz vragen veel meer van haar zang en voordracht dan de wat stevigere songs op haar debuutalbum, maar de Australische muzikante kan het makkelijk aan en maakt op Hertz veel indruk met een serie wonderschone maar ook intieme en persoonlijke songs, die nog lang aan kracht winnen. Erwin Zijleman

Carlton Jumel Smith - 1634 Lexington Avenue (2019)

poster
4,5
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carlton Jumel Smith - 1634 Lexington Avenue - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carlton Jumel Smith - 1634 Lexington Avenue
Carlton Jumel Smith uit Harlem, new York, komt voor mij uit het niets, maar steekt menig groot soulzanger naar de kroon met dit fantastische album

Carlton Jumel Smith maakt al een aantal decennia muziek vanuit zijn geboortestad New York en vanuit de wijk Harlem in het bijzonder, maar het zijn een Fins label en een Finse band die de Amerikaan op de kaart zetten als een groot soulzanger. 1634 Lexington Avenue klinkt als een vergeten klassieker uit de jaren 70 en laat een zanger horen die destijds met de besten mee had gekund. Dat geldt ook voor zijn Finse band, die de pannen van het dak speelt en een soulgeluid neerzet dat zowel authentiek als eigentijds klinkt. Er zijn de afgelopen jaren meerdere geweldige soulzangers opgestaan, maar zo goed als Carlton Jumel Smith hoor ik ze maar zelden.

Carlton Jumel Smith vierde afgelopen weekend zijn 59e verjaardag en heeft inmiddels een rijk muzikaal leven achter zich. De in de New Yorkse wijk Harlem geboren en getogen muzikant maakte deel uit van meerdere bands en liet in deze bands horen dat hij uit de voeten kan met alles tussen soul, funk en house.

Een jaar of tien geleden leek de Amerikaanse muzikant met een tweetal prima albums voet aan de grond te krijgen in de neo-soul beweging, maar de afgelopen jaren was het stil rond Carlton Jumel Smith.

Voor zijn nieuwe album moest de soulzanger zijn thuishaven in Harlem, New York, tijdelijk verruilen voor het Finse Helsinki. Het in deze stad gevestigde label Timmion, haalde Carlton Jumel Smith naar haar eigen studio in de Finse hoofdstad en koppelde de Amerikaan aan haar huisband Cold Diamond & Mink.

Nu associeer ik Helsinki met van alles en nog wat, maar niet direct met soul. Dat het Finse label en haar huisband uitstekend uit de voeten kunnen met het genre maakt Carlton Jumel Smith’s nieuwe album 1634 Lexington Avenue al na enkele noten duidelijk en vanaf dat moment is ook duidelijk dat de mij tot voor kort onbekende Amerikaanse muzikant een groot soulzanger is.

Het broeierige geluid op 1634 Lexington Avenue en de geweldige zang van Carlton Jumel Smith nemen je op het eerste gehoor onmiddellijk mee terug naar de hoogtijdagen van grote soulzangers als James Brown (die Carlton Jumel Smith als zijn grote voorbeeld ziet), Al Green, Sam Cooke en noem ze maar op. Net als deze grote soulzangers kan de muzikant uit New York geweldig doseren. Het ene moment houdt hij prachtig in, om op het volgende moment de noten uit zijn tenen te laten komen.

Zijn Finse band weet precies wat nodig is om de muziek op 1634 Lexington Avenue naar een nog wat hoger plan te tillen en speelt de pannen van het dak. Natuurlijk zijn er moddervette blazers, maar op mij maken vooral de keyboards en de geweldig spelende ritmesectie indruk. Het past allemaal prachtig bij de soulvolle strot van Carlton Jumel Smith, die in iedere track diepe indruk maakt.

Soul zoals die gemaakt werd in de hoogtijdagen van Motown en Stax speelt de hoofdrol op dit geweldige album, maar Cold Diamond & Mink voegt ook fraaie funky accenten toe aan de muziek op het album en flirt hier en daar met meer eigentijdse dansmuziek. Het is echter de vintage soul die me het stevigst bij de strot pakt. In muzikaal en productioneel opzicht doen de Finnen niet onder voor de grote Amerikaanse soulstudio’s uit het verre verleden, maar het is Carlton Jumel Smith die de show steelt met zang die continu garant staat voor kippenvel.

Het doet me af en toe ook wel wat denken aan de albums van de veel te vroeg overleden Charles Bradley, die een plekje heeft achtergelaten dat prachtig kan worden opgevuld door de minstens even getalenteerde Carlton Jumel Smith. Er zijn de afgelopen jaren nogal eens soulzangers die op latere leeftijd doorbreken naar een groot publiek. Vergeleken met deze soulzangers is Carlton Jumel Smith met zijn 59 jaar nog een jonkie, maar de doorbraak is hem van harte gegund en is niet meer dan terecht. En nu maar hopen dat deze geweldige soulzanger binnenkort op de Europese podia te zien is. Erwin Zijleman

Carly Johnson - Carly Johnson (2020)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Johnson - Carly Johnson - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Johnson - Carly Johnson
Carly Johnson debuteert met een warm en broeierig soulalbum dat in muzikaal opzicht fantastisch klinkt, maar dat wordt gedragen door haar imponerende soulstem

Luister naar het titelloze debuut van Carly Johnson en je hoort met enige regelmaat flarden Amy Winehouse. Die heb ik sinds de trieste dood van de Britse zangeres niet vaak meer gehoord, wat het debuut van de singer-songwriter uit Louisville, Kentucky, zeer welkom maakt. Het is een album waar lang aan is gewerkt en dat hoor je. Het debuut van Carly Johnson is een album vol muzikaal vuurwerk, waarna het vocale vuurwerk er nog een flinke schep bovenop doet. De Amerikaanse muzikante schrijft ook nog eens aansprekende songs en weet voldoende te variëren, waardoor dit debuut maar blijft vermaken en groeien. Een zeer memorabel debuut derhalve.

Deze week verscheen het debuut van de Amerikaanse singer-songwriter Carly Johnson. Het is een debuut waar lang aan is gewerkt en dat er niet zonder slag of stoot kwam. Carly Johnson is een klassiek geschoold jazzzangeres, die tijdens haar opleiding vooral onzeker was over haar bestaan als professioneel muzikant. Het is onzekerheid die nergens voor nodig is, want wanneer Carly Johnson begint te zingen blaast ze je binnen een paar noten compleet omver.

Invloeden uit de jazz zijn absoluut hoorbaar in de muziek van de singer-songwriter uit Louisville, Kentucky, maar die invloeden bewaart Carly Johnson toch vooral voor de jazzband waarvan ze ook nog deel uitmaakt. Het titelloze debuut van Carly Johnson is vooral een soulplaat en het is een hele goede soulplaat.

De Amerikaanse singer-songwriter laat zich op haar debuutalbum begeleiden door een soepel spelende band, die moeiteloos schakelt tussen verschillende soorten soul. De ene keer domineren de strijkers, de andere keer de blazers en het is ook nog eens een band die zowel ingetogen als voluit kan spelen, met geweldige achtergrondzangeressen als kers op de taart.

In muzikaal opzicht klinkt het allemaal fantastisch, maar na beluistering van het debuut van Carly Johnson blijft toch vooral haar stem je bij. Het is een stem die herinnert aan meerdere grote soulzangeressen, maar ik heb toch de meeste associaties met de muziek van Amy Winehouse, die ook ooit begon als jazzzangeres.

Waar Amy Winehouse haar favorieten uit de geschiedenis van de soulmuziek nadrukkelijk omarmde, kan Carly Johnson binnen de soulmuziek op een breed terrein uit de voeten. De uptempo songs blazen je direct van je sokken, maar de muzikante uit Louisville, Kentucky, schuwt ook een gevoelig duet met niemand minder van Bonnie “Prince” Billy (Will Oldham) niet.

Volgens de overlevering was Carly Johnson tijdens haar opleiding nog behoorlijk onzeker, maar op haar debuutalbum spat het zelfvertrouwen er af. De spetterende soul knalt op weergaloze wijze van haar stembanden, maar de Amerikaanse muzikante weet ook hoe ze moet doseren en kan ook uit de voeten met lome en broeierige soul.

De vocalen op het album zijn keer op keer weergaloos en ook in muzikaal opzicht klinkt het allemaal fantastisch. Het is al genoeg voor een geweldig soulalbum, maar ook de songwriting skills van Carly Johnson zijn dik in orde. Ze schrijft lekker in het gehoor liggende songs, die vooral tijdloos klinken en probleemloos uit de archieven van de grote soul labels hadden kunnen komen.

Net als de al eerder genoemde Amy Winehouse, slaagt Carly Johnson er ook nog eens in, om iets eigentijds toe te voegen aan de soulmuziek uit het verleden, al is het ook in het geval van de Amerikaanse singer-songwriter niet heel makkelijk om precies te omschrijven wat dit is.

Het titelloze debuut van Carly Johnson bevat 12 songs en duurt ruim 50 minuten. In die 50 minuten hang je ademloos aan de lippen van de Amerikaanse muzikante, maar ondertussen stijgt de binnentemperatuur ook nog een paar graden door de warme en soulvolle klanken en het vocale vuurwerk.

Hier en daar klinkt het misschien net wat te gelikt, maar de soul van Carly Johnson blijft oorspronkelijk klinken en zit ook vol met subtiele accenten. De Amerikaanse singer-songwriter heeft een beroerd moment gekozen voor de release van haar debuut, maar dit is een debuut dat niet onopgemerkt voorbij mag gaan. Erwin Zijleman

Carly Pearce - 29 (2021)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Pearce - 29 - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Pearce - 29
Een EP is meestal een tussendoortje, maar 29 is belangrijk voor Carly Pearce, die afrekent met een bijzonder ellendige periode en in muzikaal opzicht flinke stappen zet

Carly Pearce moest lang vechten om aan de bak te komen in Nashville, maar uiteindelijk kwam het succes. Na de hoge pieken kwamen de diepe dalen en die staan centraal op de EP 29. Het is een EP met prima country en countrypop, die me nieuwsgierig maakt naar het volgende werk van de Amerikaanse muzikante, maar die ook zeer aangenaam vermaakt.

Ik besteed op deze BLOG normaal gesproken geen aandacht aan EP’s, er zijn immers al albums genoeg, maar voor 29 van Carly Pearce maak ik graag een uitzondering. De naam Carly Pearce deed bij mij eerlijk gezegd geen belletje rinkelen, wat gezien het enorme aanbod uit Nashville ook niet zo gek is.

De Amerikaanse singer-songwriter werd geboren in Kentucky, maar zocht al op jonge leeftijd haar heil in Tennessee, eerst in het themapark Dollywood, een pretpark waar muziek een belangrijke rol speelt en hierna in Nashville.

In Nashville leek haar carrière maar niet van de grond te komen, maar op haar 26e keerde eindelijk het tij. De samenwerking met de in 2019 jong overleden producer busbee leverde twee million-sellers op met wat gepolijste, maar zeker niet oninteressante countrymuziek.

De EP 29 maakte Carly Pearce op haar 29e (ze is inmiddels 30) en het is een album dat gaat over de diepe dalen die volgden op het grote succes. Naast het overlijden van mentor en producer busbee was er ook nog eens het al na enkele maanden stranden van haar huwelijks met countryster Michael Ray, die de huwelijkse trouw niet heel serieus nam.

29, dat 7 tracks en 22 minuten muziek bevat, kan worden gezien als een breakup album, maar Carly Pearce heeft haar zaakjes inmiddels weer aardig op de rails. Ik ken de twee albums van Carly Pearce zoals gezegd niet, maar ik ben zeer gecharmeerd van deze EP.

Het is een EP met de countrypop zoals die in Nashville veel vaker wordt gemaakt, maar 29 ademt kwaliteit. De instrumentatie is verzorgd, maar niet al te gepolijst, waardoor de rootsmuziek domineert op 29.

Carly Pearce beschikt over een stem die gemaakt is voor country en countrypop, maar ze klinkt ook voldoende doorleefd. De jarenlange strijd om aan de bak te komen in Nashville en het dramatisch verlopen huwelijk heeft de Amerikaanse singer-songwriter getekend, waardoor de persoonlijke teksten puur en oprecht klinken.

29 bevat ook nog eens een aantal songs die tot de verbeelding spreken. Al met al een uitstekende EP, die doet uitzien naar het volgende album van de Amerikaanse muzikante. Niet alleen voor liefhebbers van Nashville countrypop, maar ook voor wat breder geïnteresseerde liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek. Erwin Zijleman

Carly Pearce - 29: Written in Stone (2021)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Pearce - 29: Written In Stone - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Pearce - 29: Written In Stone
Carly Pearce maakte eerder dit jaar indruk met de sterke EP 29, die ze nu heeft uitgebouwd tot het al even sterke album 29: Written In Stone, dat de scherven van het einde van haar huwelijk bij elkaar veegt

Iedereen die niet van Nashville countrypop houdt kan 29: Written In Stone van Carly Pearce laten liggen, maar voor een ieder met een zwak voor het genre is het nieuwe album van de muzikante uit Nashville een van de betere albums met het etiket countrypop op het moment. Carly Pearce verwerkte eerder dit jaar het einde van haar huwelijk en de dood van haar jonge producer met een EP, maar de geweldige songs verdienden meer. 29: Written In Stone is nu een compleet album en het is er een die indruk maakt met een mooi vol geluid, een blinkende productie, uitstekende zang en persoonlijke verhalen over de recente misère in het leven van Carly Pearce.

Ik besteed normaal gesproken geen aandacht aan EP’s op deze BLOG, er zijn immers al meer dan genoeg albums om uit te kiezen, maar voor 29 van Carly Pearce maakte ik eerder dit jaar een uitzondering. Op 29 verwerkte de oorspronkelijk uit Kentucky afkomstige muzikante, die via het pretpark Dollywood in Nashville terecht kwam, de trieste dood van haar producer busbee en het zeer snelle einde van haar huwelijk met countryster Michael Ray, die een geheel eigen definitie had van het begrip huwelijkse trouw.

Het leverde een intens breakup album en een fraai eerbetoon aan de veel te jong overleden producer op, maar het duurde helaas slechts 7 tracks en 22 minuten. Deze week keert Carly Pearce terug met 29: Written In Stone. De Amerikaanse muzikante is zelf kennelijk ook tot de conclusie gekomen dat er meer in zat dan slechts een EP en heeft daarom de zeven tracks die eerder dit jaar al werden uitgebracht aangevuld met acht nieuwe tracks, waardoor 29: Written In Stone nu ruim 50 minuten muziek bevat.

Carly Pearce laat op haar derde album niets aan het toeval over. Ze wordt bijgestaan door flink wat zwaargewichten uit de Nashville scene, die niet alleen tekenen voor een mooie volle instrumentatie en een blinkende productie, maar die bovendien hebben bijgedragen aan het schrijven van alle songs op het album.

Ik was eerder dit jaar zeer gecharmeerd van de EP 29 en ook het album 29: Written In Stone bevalt me zeer. Dat is best bijzonder, want ik ben lang niet altijd gek op de gepolijste countrypop zoals die momenteel in Nashville wordt gemaakt.

Carly Pearce hoort absoluut thuis in het hokje countrypop. Het geluid op haar nieuwe album is mooi, maar kleurt vrijwel uitsluitend binnen de lijntjes en is vaak wat aan de gladde kant. De songs op het album zullen het stuk voor stuk uitstekend doen op de countrypop radiostations in de Verenigde Staten en Carly Pearce beschikt over de stem waar de producers die het in Nashville voor het zeggen hebben een moord voor doen.

Carly Pearce weet zich wat mij betreft echter wel te onderscheiden van haar vele soortgenoten in Nashville. Ze is niet alleen een uitstekend zangeres, maar legt in tegenstelling tot veel jonge collega’s voldoende emotie in haar stem, waardoor haar songs puur en oprecht klinken. Het heeft ongetwijfeld te maken met de ellendige jaren die ze achter zich heeft, maar je moet het nog maar even doen.

29: Written In Stone is bovendien een album dat bijzonder lekker in het gehoor ligt. Het geluid op het album is misschien wat gepolijst, maar het is een geluid zonder al teveel toeters en bellen. De producers van het album hebben gelukkig geen bakken vol strijkers aan laten rukken en grijpen ook niet naar de elektronica of gadgets als de auto-tune.

29: Written In Stone is een eigentijds klinkend countrypop album uit Nashville, maar het is er een waarop je ook nog voldoende invloeden uit de country van weleer hoort. Nu had het natuurlijk zo kunnen zijn dat het sterke statement van de EP 29 alleen maar wordt verzwakt door extra ballast, maar dat is zeker niet het geval. De acht nieuwe songs zijn net zo sterk als de songs op de originele EP en bevestigen stuk voor stuk het talent van Carly Pearce.

29: Written In Stone is niet geschikt voor iedere liefhebber van Amerikaanse rootsmuziek, maar een ieder met een al dan niet voorzichtig zwak voor countrypop zal smullen, misschien wel meer dan van de laatste van Kacey Musgraves. Erwin Zijleman

Carly Pearce - hummingbird (2024)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Pearce - hummingbird - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Pearce - hummingbird
Het was een lange weg voor Carly Pearce, maar inmiddels behoort ze tot de smaakmakers van de countrypop, wat ze nog eens bevestigt met het meer tegen authentieke Amerikaanse rootsmuziek aanleunende hummingbird

Iedereen die op basis van haar eerste twee albums twijfelde over de talenten van Carly Pearce werd over de streep getrokken door het indrukwekkende breakup album 29: Written In Stone, waarmee ze zich schaarde onder de beteren binnen de Nashville countrypop. Met het deze week verschenen hummingbird laat Carly Pearce horen dat ze binnen de countrypop nog altijd met de besten mee kan, maar hummingbird is een album dat ook liefhebbers van wat authentieker klinkende Amerikaanse rootsmuziek aan moet kunnen spreken. Invloeden uit de pop hebben een flinke stap terug gedaan op een album dat zowel in muzikaal als in vocaal opzicht makkelijk overtuigt.

Carly Pearce wist al op hele jonge leeftijd dat haar hart bij de muziek lag. Ze speelde op haar elfde in een bluegrass band in Kentucky en liet op haar zestiende de schoolbanken achter zich om aan de slag te gaan als zangeres in het pretpark Dollywood. Op haar negentiende vertrok ze naar Nashville, waar het leven in eerste instantie zwaar was, maar vanaf 2016 begon het harde werken te lonen.

Haar door Busbee geproduceerde debuutalbum Every Little Thing werd in 2017 goed ontvangen in Nashville en ook het in 2020 verschenen titelloze album, tevens het laatste werk van producer Busbee voor zijn dood, deed het uitstekend in de Amerikaanse country kringen. Ik had destijds nog geen groot zwak voor countrypop, wat anders waren de albums destijds niet aan mijn aandacht ontsnapt. Carly Pearce maakte immers ook op haar eerste twee albums in kwalitatief opzicht uitstekende countrypop en het is countrypop waarin de balans niet doorslaat richting aalgladde Nashville pop.

Carly Pearce trok aan het begin van 2021 voor het eerst mijn aandacht met het door haar echtscheiding geïnspireerde mini-album 29, dat later dat jaar werd uitgebreid tot een volwaardig breakup album, 29: Written In Stone. Op het album was het aandeel van authentiek klinkende Amerikaanse rootsmuziek gegroeid, maar er zat ook nog altijd flink wat pop in de muziek van de singer-songwriter uit Nashville.

Vorig jaar verscheen nog een live-album met de tracks van 29, maar deze week duikt Carly Pearce op met een nieuw album. Het is een album waar ik met hoge verwachtingen aan begon, want vorig jaar ben ik definitief gevallen voor de charmes van de betere countrypop uit Nashville en in dit genre behoort Carly Pearce sinds 29: Written In Stone tot de smaakmakers.

Op hummingbird werkt de muzikante uit Nashville, net als op 29: Written In Stone, samen met producers Shane McAnally and Josh Osborne. Het nieuwe album ligt ook in het verlengde van zijn voorganger, al hebben invloeden uit de traditionele countrymuziek flink aan terrein gewonnen. Carly Pearce maakt nog altijd muziek die past in het hokje countrypop, maar de verhouding tussen country en pop is opgeschoven richting de wat authentieker klinkende Amerikaanse rootsmuziek.

De producers van het album hebben het album voorzien van een lekker vol geluid vol gitaren, mandoline, banjo, dobro, pedal steel, viool, orgels en keyboards en een strak spelende ritmesectie als basis. Met name door de belangrijke rol voor de viool klinkt hummingbird in muzikaal opzicht met grote regelmaat als een wat traditioneler klinkend countryalbum, maar de songs op het album neigen qua structuur misschien net wat meer richting de Nashville countrypop.

Rootspuristen hoeven zich echter zeker niet af te laten schrikken door het dunne laagje pop op het nieuwe album van Carly Pearce. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal fantastisch en ook de songs op het album zijn stuk voor stuk zeer aansprekend. Het wordt allemaal nog wat overtuigender door de zang van Carly Pearce, die beschikt over de gedroomde stem van een country(pop)zangeres. Ik heb het afgelopen jaar zoals gezegd een enorm zwak voor countrypop en dan vooral voor countrypop met veel meer country dan pop. Met hummingbird heb ik er een favoriet album in deze categorie bij. Erwin Zijleman

Carly Rae Jepsen - Dedicated (2019)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Rae Jepsen - Dedicated - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Rae Jepsen - Dedicated
Madonna deed de afgelopen week publiek troonafstand, maar gelukkig staat Carly Rae Jepsen klaar als nieuwe Queen of Pop

Je moet er van houden, maar als je er van houdt zijn de perfecte popalbums van Carly Rae Jepsen albums om in de gaten te houden. E-MO-TION werd eind 2015 terecht overladen met positieve recensies en ook het nu verschenen Dedicated is een heel goed popalbum. Carly Rae Jepsen werkte dit keer met meer dan 20 (!) producers, maar houdt zelf de regie op een album dat binnen de pop een breed spectrum verkent. De ene keer gaat de Canadese terug naar de jaren 70 en 80, de volgende keer staat ze met beide benen in het heden. Alles is even knap gemaakt, met de prima zang en de persoonlijkheid van Carly Rae Jepsen als bonus. Krachtvoer voor de liefhebber van pure pop.

Muziekliefhebbers die niet zijn uitgerust met een zwak voor goed gemaakte popmuziek kunnen na het lezen van deze zin direct afhaken, terwijl muziekliefhebbers met dit zwak juist de oren en ogen moeten spitsen. Vandaag gaat immers alle aandacht uit naar de Canadese Carly Rae Jepsen.

Deze Carly Rae Jepsen debuteerde in 2008 als jonge twintiger nog weinig succesvol, maar leverde in 2012 het zeer succesvolle Kiss af. Kiss dankte het wereldwijde succes vooral aan de wereldhit Call Me Maybe, maar was verder geen heel opzienbarend album, al was de belofte wel te horen.

Het aan het eind van 2015 verschenen E-MO-TION was wat mij betreft wel een opzienbarend album en maakte de belofte meer dan waar. Dat was deels de verdienste van een heel legioen aan hippe producers, maar de Canadese muzikante slaagde er wat mij betreft ook in om een eigen stempel op haar songs te drukken.

E-MO-TION stond vol met bijzonder lekker in het gehoor liggende popliedjes die de perfectie in het genre benaderden. Het waren ook nog eens popliedjes die niet alleen in het heden stonden, maar ook teruggrepen op aanstekelijke popmuziek uit de jaren 80 en Europese elektronische popmuziek uit de late jaren 90 en vroege jaren 00 (met Robyn als hoorbaar voorbeeld), terwijl Carly Rae Jepsen ook in tekstueel opzicht een persoonlijk tintje aan haar songs wist toe te voegen.

Bijna drieënhalf jaar na E-MO-TION is een een nieuw album, Dedicated, dat de lijn van zijn voorganger doortrekt. Om te genieten van het nieuwe album van de Canadese muzikante is een zwak voor pure pop zoals gezegd een vereiste, maar ook het ontbreken van een allergie voor een dichtgesmeerde en opgepoetste productie is een voorwaarde voor het kunnen genieten van het nieuwe album van de Canadese muzikante.

Ik ben zelf niet vies van pure pop en kan het af en toe wel waarderen als producers een grote en zeer goed gevulde trukendoos open trekken. Het gebeurt absoluut op Dedicated, dat werd gemaakt met meer dan 20 (!) verschillende producers. De meeste van deze producers duiken slechts in een van de 15 tracks op het album op en moeten in de meeste gevallen de credits nog delen ook. Alle reden dus om stevig uit te pakken en dat is te horen.

Dedicated is een stevig geproduceerd album en het is een album dat meerdere kanten op schiet. Invloeden uit de jaren 80 zijn net wat minder nadrukkelijk aanwezig dan op E-MO-TION, terwijl modernere elektronische popmuziek aan terrein heeft gewonnen. Hier laat Carly Rae Jepsen het niet bij, want ze sleept er ook wat jaren 70 disco bij en vindt bovendien aansluiting bij de popprinsessen van het moment.

Het knappe is dat ze ook dit keer buiten de lijntjes weet te kleuren. Dedicated heeft een aantal funky uitstapjes, biedt hier en daar ruimte aan een onverwacht instrument (als een saxofoon) en kan stuwende elektronische popmuziek moeiteloos afwisselen met buitengewoon lichtvoetige kauwgomballen pop, die herinnert aan Cyndi Lauper.

Over één ding heb ik het nog helemaal niet gehad en dat is over de zang van Carly Rae Jepsen. Die zang is prima. De Canadese muzikante kan in 1001 genres uit de voeten en trekt uiteindelijk vrijwel alle songs op het album over de streep. Of ik er heel vaak na ga luisteren weet ik niet, maar als ik behoefte heb aan goedgemaakte en in artistiek opzicht net wat interessantere hedendaagse popmuziek, weet ik Dedicated van Carly Rae Jepsen zeker te vinden. Erwin Zijleman

Carly Rae Jepsen - Dedicated Side B (2020)

poster
4,0
recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Rae Jepsen - Dedicated Side B - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Rae Jepsen - Dedicated Side B
Liefhebbers van pure pop kunnen al jaren niet om Carly Rae Jepsen heen en ook met een verzameling restjes is ze vele klassen beter dan de gemiddelde popprinses
Het wordt wel eens onderschat, maar het maken van een perfecte popplaat is volgens mij een van de lastigste klussen die er is. De Canadese muzikante Carly Rae Jepsen is er al jaren zeer bedreven in en laat nu horen dat haar restmateriaal ook nog steeds veel beter is dan bijna al het andere in het genre. Natuurlijk wordt ze bijgestaan door een legioen aan topproducers, maar ook op Dedicated Side B laat Carly Rae Jepsen horen dat ze knap in elkaar stekende songs schrijft en ze op aantrekkelijke wijze weet te vertolken. Ik ben er lang niet altijd voor in de stemming, maar zo af en toe klinkt het heerlijk en valt er veel te bewonderen.

Mensen kijken me vaak wat meewarig aan wanneer ik begin over mijn liefde voor goed gemaakte pop. Het is een genre dat meestal niet op de sympathie van de critici hoeft te rekenen en nogal eens wordt geassocieerd met kauwgomballen. Het ziet er misschien even leuk uit, maar het smaakt eigenlijk nergens naar, zeker niet als je er wat langer op hebt gekauwd.

Het geldt voor een (groot) deel van de hitgevoelige popmuziek, maar er zijn zeker uitzonderingen. Bovendien, is de popmuziek niet ooit uitgevonden voor het maken van aanstekelijk vermaak in twee à drie minuten?

De Canadese Carly Rae Jepsen is voor mij al enkele jaren een uitzondering wanneer het gaat om goed gemaakte popmuziek. Het begon een jaar of acht geleden voorzichtig met het veelbelovende Kiss, met hierop de hit Call Me Maybe (in Nederland voorgoed verpest door een parodie van iemand met aandrang). Met E-MO-TION uit 2015 en Dedicated uit 2019 maakte Carly Rae Jepsen vervolgens pas echt indruk. De twee albums stonden bol van de invloeden uit een aantal decennia popmuziek, maar klonken ook zeer eigentijds. Het zijn albums met makkelijk in het gehoor liggende popliedjes, maar de kwaliteit druipt er van af, als je het wilt horen tenminste.

Het deze week verschenen Dedicated Side B is niet de echte opvolger van Dedicated, maar is, zoals de titel ook al doet vermoeden, gevuld met restmateriaal van het terecht geprezen laatste album van Carly Rae Jepsen. Nu is het uitbrengen van restmateriaal meestal een zwaktebod, maar de Canadese muzikante schreef voor haar vorige albums zo’n 200 songs, waarvan er een flink aantal verder werden uitgewerkt met een handvol topproducers. Het verbaast me dan ook niet dat Dedicated Side B niet of nauwelijks onder doet voor het vorig jaar verschenen album en dat het een album is waarvan de gemiddelde popprinses alleen maar kan dromen.

Ook op deze verzameling restmateriaal laat Carly Rae Jepsen weer horen hoe bedreven ze is in het schrijven van nagenoeg perfecte popsongs. Het zijn popsongs die zich rijkelijk hebben laten inspireren door een aantal decennia popmuziek, maar Dedicated Side B is ook een album dat met beide benen in het heden staat en dat de blauwdruk zal vormen voor de popplaten van de komende jaren.

Natuurlijk leunt de Canadese muzikante zwaar op een aantal van de meest gewilde producers in het genre, maar ze schreef de twaalf songs op dit album zelf en laat ook dit keer horen dat ze niet alleen een geweldig songwriter is, maar ook een uitstekend zangeres. Natuurlijk kun je hier alleen van genieten als je niet allergisch bent voor uitermate commerciële popmuziek met een voorkeur voor heel veel glitters en een voorliefde voor de dansvloer. Ik ben zelf niet zo gek op glitters en evenmin op de dansvloer, maar de popliedjes van Carly Rae Jepsen gaan er in als koek.

In de productie staan alle schuiven open en wordt de ene laag elektronica op de andere lag gestapeld, maar Carly Rae Jepsen weet haar songs ook te voorzien van een eigen identiteit. Het klinkt lekker, zeker wanneer je toe bent aan zorgeloos vermaak, maar het zit allemaal ook ongelooflijk knap in elkaar. Natuurlijk draai ik dit zelf ook maar af en toe, maar als ik het doe is het ook dit keer weer genieten van de pure pop van Carly Rae Jepsen. Erwin Zijleman

Carly Rae Jepsen - E·MO·TION (2015)

Alternatieve titel: Emotion

poster
3,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Rae Jepsen - E-MO-TION - dekrentenuitdepop.blogspot.nl

Ruim drie jaar geleden besteedde ik als zijuitstapje aandacht aan een aantal popprinsessen en was ik best gecharmeerd van Kiss van de Canadese Carly Rae Jepsen.

Ik voorspelde destijds dat deze Carly Rae Jepsen in de toekomst nog wel eens een interessante plaat zou kunnen maken, waarbij ik haar adviseerde om het hele leger hippe producers en songwriters dat haar op Kiss bijstond overboord te zetten.

Het zijn woorden die ik eerder dit jaar al lang weer was vergeten toen Carly Rae Jepsen’s nieuwe plaat E-MO-TION verscheen. Nu ik de plaat zie opduiken in een aantal jaarlijstjes ben ik toch nieuwsgierig geworden of mijn voorspelling inderdaad is uitgekomen.

Dat blijkt ten dele het geval. Carly Rae Jepsen doet ook op E-MO-TION een beroep op een aantal gelouterde songwriters en producers, maar ze heeft ook een plaat gemaakt die er in haar segment met kop en schouders bovenuit steekt.

E-MO-TION grossiert in nagenoeg perfecte en voor de liefhebber onweerstaanbare popliedjes. Het zijn popliedjes die aansluiten bij die van de andere popprinsessen van het moment, maar Carly Rae Jepsen graaft ook in de muziekhistorie.

E-MO-TION is naar verluid geïnspireerd door platen van Cindy Lauper en Robyn, maar persoonlijk hoor ik ook heel veel van de muziek die popprinses Madonna in de jaren 80 maakte. E-MO-TION slaat op fraaie wijze en brug tussen aanstekelijke popmuziek uit de jaren 80 (waarin Carly Rae Jepsen zelf de kleuterschool doorliep), Europese elektronische popmuziek uit de late jaren 90 en vroege jaren 00 (Robyn, Annie) en hedendaagse popmuziek.

Door de bijdrage van gelouterde producers en songwriters klinkt het allemaal perfect en op de zang van Carly Rae Jepsen is helemaal niets aan te merken. Als liefhebber van goed geproduceerde popmuziek kan ik er zeker mee uit de voeten, al valt E-MO-TION nog wel in de categorie ‘guilty pleasures’.

Ook na beluistering van E-MO-TION blijf ik benieuwd wat Carly Rae Jepsen zelf kan en hoe ze klinkt als ze het moet doen zonder al die producers en songwriters. Ik heb nog steeds het idee dat dit een plaat op kan leveren die veel beter is dan E-MO-TION. Het talent van Carly Rae Jepsen is overduidelijk; nu nog de persoonlijke songs die je dieper raken dan de smakelijke en absoluut aangename kauwgomballenpop van deze plaat. Erwin Zijleman

Carly Rae Jepsen - The Loneliest Time (2022)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Rae Jepsen - The Loneliest Time - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Rae Jepsen - The Loneliest Time
Carly Rae Jepsen blijft de ongekroonde koningin van de pure pop op haar nieuwe album The Loneliest Time, dat eigentijds klinkt, maar ook invloeden verwerkt uit de popmuziek van de jaren 70, 80 en 90

Na het zeer succesvolle Dedicated uit 2019 en de opvallend sterke serie restjes op Dedicated Side B uit 2020, keert Carly Rae Jepsen terug uit de coronapandemie met The Loneliest Time. Op dit net wat persoonlijkere album gaat de Canadese muzikante deels verder waar ze op Dedicated ophield. Samen met een aantal topproducers maakt ze nog altijd aanstekelijke en zeer goed gemaakte eigentijdse popmuziek . Het is popmuziek die dit keer ook met enige regelmaat teruggrijpt op de succesvolle pop uit het verleden of die zich net wat buiten de gebaande paden van de elektronisch getinte popmuziek beweegt. Je moet er van houden, maar zo op zijn tijd is de perfect op van Carly Rae Jepsen lastig of niet te weerstaan.

De Amerikaanse muzikante Taylor Swift keert op het deze week verschenen Midnights terug naar de pop, na een uitstapje richting een wat alternatiever en meer folky geluid. Haar Canadese collega en generatiegenoot Carly Rae Jepsen heeft de pop nooit verlaten en laat op het deze week verschenen The Loneliest Time horen dat ze in het genre behoort tot de allerbesten.

Dat is geen grote verrassing, want ook met E-MO-TION uit 2015, Dedicated uit 2019 en Dedicated Side B uit 2020 liet Carly Rae Jepsen, die in 2012 opdook met de oorwurm Call Me Maybe, al horen dat ze de kunst van het maken van aanstekelijke en in kwalitatief opzicht hoogstaande popsongs uitstekend verstaat. Muziekliefhebbers die het nieuwe album van Taylor Swift toch net wat teveel pop vinden, moeten niet eens beginnen aan The Loneliest Time, want Carly Rae Jepsen maakt pure pop, waarop een aantal topproducers zich flink hebben uitgeleefd.

Op haar nieuwe album heeft de Canadese muzikante haar blik wel wat verruimd, want The Loneliest Time laat wat meer invloeden uit het verleden horen. Dat begint bij de disco en funk uit de jaren 70, maar ook de pop uit de jaren 80 (met name Madonna) en 90 (Janet Jackson, maar ook Kylie Minoque) hebben hun sporen nagelaten op het nieuwe album van Carly Rae Jepsen.

Waar Taylor Swift zich op haar laatste albums beperkt tot een of twee producers is voor The Loneliest Time weer een imposant blik gewilde producers open getrokken. Het zorgt er voor dat de songs van Carly Rae Jepsen allemaal net wat anders klinken, maar dankzij de focus op pure en over het algemeen gelikte pop is het toch weer een behoorlijk consistent album geworden.

De Canadese popster werkt op haar nieuwe album ook samen met een aantal muzikanten die normaal gesproken buiten de pure pop opereren, met het mierzoete duet met Rufus Wainwright als kers op de taart, waardoor The Loneliest Time zich heel af en toe weet te ontworstelen aan het keurslijf van de elektronisch ingekleurde popmuziek, maar meestal heeft de Canadese muzikante hier geen behoefte aan.

Wanneer je niet houdt van goed gemaakte maar ook wat zwaar geproduceerde popsongs, is het nieuwe album van Carly Rae Jepsen met zestien songs en bijna vijfenvijftig minuten muziek waarschijnlijk een lange en weinig bevredigende zit. Zelf hou ik wel van de knap gemaakte popmuziek van Carly Rae Jepsen en hoewel The Loneliest Time zeker geen album is dat ik heel vaak uit de kast ga trekken, is het wel een album dat zo af en toe precies op het juiste moment komt, al is het maar om de afwas bij te doen (blijft toch jammer dat de vaatwasser de 'muziek terwijl je afwast' momenten heeft weggenomen).

Carly Rae Jepsen heeft onder alle blinkende pop met invloeden uit een aantal decennia niet alleen subtiele uitstapjes buiten de gebaande paden verstopt, maar heeft ook wat persoonlijkere teksten gepend, waarin ook ruimte is voor de schaduwzijden van een bestaan in de spotlights. Het Canadese popicoon is verder een prima zangeres, die ook in de incidentele ballad moeiteloos overeind blijft.

Ik moet eerlijk toegeven dat ik popmuziek als deze liever net iets alternatiever hoor dan Carly Rae Jepsen maakt op haar nieuwe album, maar luister met net wat andere oren naar The Loneliest Time en het is weer oprecht smullen van al het vakwerk van de Canadese muzikante en het blik topproducers dat ze heeft geopend voor dit nieuwe album. Erwin Zijleman

Carly Rae Jepsen - The Loveliest Time (2023)

poster
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Carly Rae Jepsen - The Loveliest Time - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Carly Rae Jepsen - The Loveliest Time
Carly Rae Jepsen is niet de meest aanbeden popprinses, maar ook op The Loveliest Time laat de Canadese muzikante weer horen dat ze behoort tot het allerbeste dat de (indie)pop van het moment te bieden heeft

Carly Rae Jepsen lijkt de songs uit haar mouw te schudden, want na de release van The Loneliest Time een maand of negen geleden, bleken er nog stapels songs over voor een nieuw album. The Loveliest Time doet zeker niet onder voor zijn voorganger en is ook een wat ander album geworden. Carly Rae Jepsen flirt op haar nieuwe album wat minder met popmuziek uit het verre verleden en bekijkt het leven bovendien weer door een roze bril. Het zijn ook dit keer nagenoeg perfecte popsongs die Carly Rae Jepsen aflevert, maar haar songs schuren toch ook altijd wat tegen de indiepop aan. In muzikaal en productioneel opzicht is het weer hoogstaand en wat zingt de Canadese muzikante weer geweldig. Topkwaliteit.

Ik ben lang niet altijd gek op de mainstream popmuziek van de erkende popprinsessen van het moment, maar ik ben tot dusver eigenlijk altijd onder de indruk van de albums van Carly Rae Jepsen. De Canadese muzikante brak alweer elf jaar geleden door met de oorwurm Call Me Maybe, maar liet op het bijbehorende album Kiss horen dat ze een uitstekend gevoel had voor aanstekelijke popsongs met een indie twist.

Kiss pikte ik nog op als een ‘guilty pleasure’, maar E·MO·TION uit 2015, Dedicated uit 2019, Dedicated Side B uit 2020 en het vorig jaar verschenen The Loneliest Time waren wat mij betreft 24-karaat popalbums, die behoorden tot het beste dat in het genre is gemaakt. The Loneliest Time is nog geen jaar oud, maar toch duikt Carly Rae Jepsen deze week alweer op met een nieuw album.

Op haar vorige album grossierde de Canadese muzikante in popsongs met zowel invloeden uit de jaren 70, 80 en 90 als invloeden uit het verleden en stopte ze bovendien wat meer melancholie in haar teksten. Het leverde bijna een uur nagenoeg perfecte popmuziek af, waarin verrassend vaak werd geflirt met 70s disco. Op het deze week verschenen The Loveliest Time moeten we het doen met drie kwartier muziek, maar het niveau ligt zoals altijd hoog.

Zoals de titel van het album al doet vermoeden is The Loveliest Time een ‘companion album’ bij The Loneliest Time, maar het nieuwe album van Carly Rae Jepsen klinkt, net als Dedicated Side B uit 2020, zeker niet als een verzameling restjes. Net als op haar vorige album werkt de Canadese muzikante op haar nieuwe album samen met een goed gevuld blik met producers. Dat levert meestal nogal fragmentarische albums op, maar ook op The Loveliest Time weet Carly Rae Jepsen de consistentie te bewaken.

Vergeleken met haar vorige album klinkt de Canadese popprinses op haar nieuwe album weer net wat opgewekter, wat op zich beter past bij de blinkende popmuziek die ze maakt. Het is popmuziek die ook op The Loveliest Time weer is ingekleurd met een flinke bak elektronica, maar de muziek van Carly Rae Jepsen klinkt ook dit keer warm. Waar Carly Rae Jepsen op The Loneliest Time flink flirtte met popmuziek uit het verleden, maakt de Canadese muzikante op haar nieuwe album weer vooral popmuziek van dit moment.

Muziekliefhebbers die niets hebben met pure pop vinden ook op The Loveliest Time weer niets van hun gading, maar een ieder met een zwak voor goed gemaakte popmuziek met een vleugje indie, zal ook weer genieten van het nieuwe album van Carly Rae Jepsen. In productioneel opzicht is het een album vol hoogstandjes, maar ook in muzikaal opzicht is het, mede door het brede klankenpalet, een interessant album. Carly Rae Jepsen laat tenslotte ook op The Loveliest Time weer horen dat ze een uitstekende zangeres is, die behoort tot de besten in het genre.

Ik ben al met al weer zeer te spreken over de perfecte pop van Carly Rae Jepsen, die laat horen dat ook tussen haar tweede keuze een aantal geweldige popsongs zitten. Ik ben inmiddels wel heel benieuwd hoe een samenwerking tussen Carly Rae Jepsen en Jack Antonoff of zelfs Aaron Dessner zou uitpakken, maar ook als de Canadese muzikante blijft doen wat ze inmiddels al een aantal jaren doet is ieder nieuw album van Carly Rae Jepsen een album om naar uit te kijken. Een maand of negen na The Loneliest Time had ik nog geen nieuw album van haar verwacht, maar ook The Loveliest Time is weer een voltreffer. Erwin Zijleman