Hier kun je zien welke berichten Marco van Lochem als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Steven Wilson - To the Bone (2017)

5,0
1
geplaatst: 20 augustus 2017, 13:27 uur
Steven Wilson is een muzikale duizendpoot die erg actief is in het muziekwereldje. Vooral de liefhebbers van progressieve rock zullen zijn naam kennen, maar hij maakt ook muziek voor een breder publiek, samen met Aviv Geffen in Blackfield. Een andere naam die onlosmakelijk met hem verbonden is, is Porcupine Tree. Met die band maakte hij sinds 1992 10 studio-albums die elke keer weer een hogere kwaliteit aan songmateriaal lieten horen. Na “THE INCIDENT” in 2009 werd Porcupine Tree in de ijskast gezet en richtte Wilson zich meer op zijn solo carrière. In 2008 verscheen zijn eerste solo album en met “TO THE BONE” brengt de nu 49 jarige in Kingston Upon Thames in Londen geboren zanger/componist/mulit-instrumentalist, zijn 5e album uit. Na 2 experimentele albums (“ISURGENTES” en “GRACE FOR DOWNING”), 2 progressieve rockalbums (“THE RAVEN THAT REFUSED TO SING” en “HAND, CANNOT ERASE”) heeft Steven Wilson met “TO THE BONE” misschien wel zijn meest commerciële album in zijn carrière gemaakt. De songs zijn korter dan gebruikelijk in het progressieve rock genre, hebben regelmatig goed in het gehoor liggende melodieën en slechts af en toe wordt er stevig gerockt. Het is een prachtig album geworden van een man die zoveel muzikaliteit in zich heeft zitten, wat in elke song goed te horen is. Het is een combinatie geworden van de melodieuze korte songs van Blackfield, de rock van Porcupine Tree en af en toe het experimentele van zijn eerste solo albums. In tegenstelling tot zijn voorgaande platen heeft Wilson meer zelf ingespeeld, waardoor bijvoorbeeld de soms wat vreemde gitaarsolo’s van Gowan Guthrie niet te horen zijn. Dat maakt het album ook wel toegankelijker. Met “TO THE BONE” heeft Steven Wilson weer een pareltje aan zijn meer en meer uitdijende oeuvre toegevoegd en dat het deze keer misschien iets commerciëler is, is hem vergeven. Want de klasse druipt er gewoon van af!!
Stevie Wonder - Fulfillingness' First Finale (1974)

4,0
0
geplaatst: 18 augustus 2022, 11:45 uur
Van wonderkind naar superster, dat was de weg die de blinde "Little" Stevie Wonder bewandelde in de jaren zestig. In het decennium dat volgde werd zijn status pas echt groot en daar zorgden een reeks van vijf fenomenale albums in de jaren 1972 tot en met 1976 voor.
Stevland Hardaway Morris van 13 mei 1950 leerde zichzelf meerdere instrumenten bespelen, ontwikkelde zich als songwriter en zijn karakteristieke stem deed de rest. De jaren zeventig gingen voor hem van start met de albums "SIGNED, SEALED & DELIVERED" in 1970 en "WHERE I'M COMING FROM" in 1971, die lieten horen dat de in Saginaw Michigan USA geboren muzikant zich bleef ontwikkelen. Daarna volgden de reeds genoemde vijf klassiekers. Het vierde album in deze "classic period" is "FULFILLINGNESS' FIRST FINALE", kwam uit op 22 juli 1974 en was de opvolger van het bijna een jaar daarvoor verschenen "INNERVISIONS". Met een aantal mede muzikanten en vocalisten nam hij het album op, waarop hij de meeste instrumenten bespeelt en natuurlijk de lead vocalen voor zijn rekening neemt.
In tien nummer en 42 en een halve minuut laat Wonder horen waarom hij toentertijd tot de grootheden in de muziekwereld werd gerekend. “SMILE PLEASE” begint met een jazzy westcoast sfeertje en is een midtempo liedje, met achtergrondvocalen van Denise Williams, die later een succesvolle zangeres werd. Michael Sembello, die in 1983 een wereldhit scoorde met “MANIAC” is één van die mede muzikanten die op het album te horen is, in dit nummer als gitarist. Eén van de topnummers is “HEAVEN IS 10 ZILLION LIGHT YEARS AWAY”. Het begint rustig, ingetogen, maar het werkt langzaam toe naar een soort climax. Die komt tegen het einde als een koorzang het nummer het juiste slotakkoord geeft. In de ballad “TOO SHY TO SAY” laat Stevie horen dat hij in dit soort nummers zijn stem perfect beheerst. Hij houdt het klein als daarom gevraagd wordt, tegen het einde gaat hij iets meer los, maar ook dit doet hij beheerst passend. “BOOGIE ON REGGAE WOMAN” is een typische Stevie Wonder uptempo track. Soul, disco en jazzinvloeden komen samen in een pakkend dansbaar nummer. De mondharmonica geeft het nummer nog wat extra’s met een paar solo’s. Het tempo zakt in het sfeervolle “CREEPIN’”, waarin zangeres Minni Ripperton als achtergrondzangeres te horen is. Zij scoorde in Nederland in 1975 een hit met “LOVIN’ YOU”, een nummer dat door Stevie Wonder geproduceerd werd en waarop hij als pianist te horen is. “CREEPIN’” is een heerlijk sfeervol nummer met een prachtige melodie en weer met mooie mondharmonica bijdragen.
“YOU HAVEN’T DONE NOTHIN’” heeft een karakteristiek Stevie Wonder begin en is uitgegroeid tot een klassieker in zijn oeuvre. Geweldige blazers partijen, een pakkend ritme dat steeds spannender wordt en achtergrondzang die verzorgd wordt door de Jackson 5 is mooi. In ”IT AIN’T NO USE” zakt het tempo weer en deze ballad is ook weer van grote schoonheid. Het hoogtepunt, wat mij betreft, is het bijna zes minuten durende “THEY WON’T GO WHEN I GO”. Wat een geweldig mooie compositie, dat volledig ingespeeld en gezongen is door de maestro zelf. De melodie is hemels, het wordt geweldig gezongen en het houdt de spanning vast die je gedurende het gehele nummer voelt. George Michael bracht een eveneens geweldige ode aan Stevie Wonder op zijn als “LISTEN WITHOUT PREJUDICE VOL. 1”, door dit nummer briljant te coveren. Het bijna vier minuten duren “BIRD OF BEAUTY” is weer zo’n uptempo track, waarbij je niet stil kunt blijven zitten. De Portugese tekst in dit nummer is geschreven door Sergio Mendes, waardoor Stevie kon “spreken” met de mensen in Mozambique en Brazilië, aldus de informatie op de albumhoes. Ook “PLEASE DON’T GO” bevat alle ingrediënten van een Stevie Wonder track. Pakkend tempo, heerlijke melodie, een prachtige mondharmonica solo en koorachtige samenzang.
“FULFILLINGNESS’ FIRST FINALE” was de opmaat naar het magnum opus uit de carrière van de Amerikaan, “SONGS IN THE KEY OF LIFE”, dat ruim twee jaar later verscheen. Daar werd het allemaal nog een fractie beter en ingenieuzer gedaan, terwijl dit album al een topper is. In deze periode maakte Stevie Wonder zijn beste albums, de beste songs en was hij op zijn best en gelukkig kunnen we daar nog steeds optimaal van genieten.
Stevland Hardaway Morris van 13 mei 1950 leerde zichzelf meerdere instrumenten bespelen, ontwikkelde zich als songwriter en zijn karakteristieke stem deed de rest. De jaren zeventig gingen voor hem van start met de albums "SIGNED, SEALED & DELIVERED" in 1970 en "WHERE I'M COMING FROM" in 1971, die lieten horen dat de in Saginaw Michigan USA geboren muzikant zich bleef ontwikkelen. Daarna volgden de reeds genoemde vijf klassiekers. Het vierde album in deze "classic period" is "FULFILLINGNESS' FIRST FINALE", kwam uit op 22 juli 1974 en was de opvolger van het bijna een jaar daarvoor verschenen "INNERVISIONS". Met een aantal mede muzikanten en vocalisten nam hij het album op, waarop hij de meeste instrumenten bespeelt en natuurlijk de lead vocalen voor zijn rekening neemt.
In tien nummer en 42 en een halve minuut laat Wonder horen waarom hij toentertijd tot de grootheden in de muziekwereld werd gerekend. “SMILE PLEASE” begint met een jazzy westcoast sfeertje en is een midtempo liedje, met achtergrondvocalen van Denise Williams, die later een succesvolle zangeres werd. Michael Sembello, die in 1983 een wereldhit scoorde met “MANIAC” is één van die mede muzikanten die op het album te horen is, in dit nummer als gitarist. Eén van de topnummers is “HEAVEN IS 10 ZILLION LIGHT YEARS AWAY”. Het begint rustig, ingetogen, maar het werkt langzaam toe naar een soort climax. Die komt tegen het einde als een koorzang het nummer het juiste slotakkoord geeft. In de ballad “TOO SHY TO SAY” laat Stevie horen dat hij in dit soort nummers zijn stem perfect beheerst. Hij houdt het klein als daarom gevraagd wordt, tegen het einde gaat hij iets meer los, maar ook dit doet hij beheerst passend. “BOOGIE ON REGGAE WOMAN” is een typische Stevie Wonder uptempo track. Soul, disco en jazzinvloeden komen samen in een pakkend dansbaar nummer. De mondharmonica geeft het nummer nog wat extra’s met een paar solo’s. Het tempo zakt in het sfeervolle “CREEPIN’”, waarin zangeres Minni Ripperton als achtergrondzangeres te horen is. Zij scoorde in Nederland in 1975 een hit met “LOVIN’ YOU”, een nummer dat door Stevie Wonder geproduceerd werd en waarop hij als pianist te horen is. “CREEPIN’” is een heerlijk sfeervol nummer met een prachtige melodie en weer met mooie mondharmonica bijdragen.
“YOU HAVEN’T DONE NOTHIN’” heeft een karakteristiek Stevie Wonder begin en is uitgegroeid tot een klassieker in zijn oeuvre. Geweldige blazers partijen, een pakkend ritme dat steeds spannender wordt en achtergrondzang die verzorgd wordt door de Jackson 5 is mooi. In ”IT AIN’T NO USE” zakt het tempo weer en deze ballad is ook weer van grote schoonheid. Het hoogtepunt, wat mij betreft, is het bijna zes minuten durende “THEY WON’T GO WHEN I GO”. Wat een geweldig mooie compositie, dat volledig ingespeeld en gezongen is door de maestro zelf. De melodie is hemels, het wordt geweldig gezongen en het houdt de spanning vast die je gedurende het gehele nummer voelt. George Michael bracht een eveneens geweldige ode aan Stevie Wonder op zijn als “LISTEN WITHOUT PREJUDICE VOL. 1”, door dit nummer briljant te coveren. Het bijna vier minuten duren “BIRD OF BEAUTY” is weer zo’n uptempo track, waarbij je niet stil kunt blijven zitten. De Portugese tekst in dit nummer is geschreven door Sergio Mendes, waardoor Stevie kon “spreken” met de mensen in Mozambique en Brazilië, aldus de informatie op de albumhoes. Ook “PLEASE DON’T GO” bevat alle ingrediënten van een Stevie Wonder track. Pakkend tempo, heerlijke melodie, een prachtige mondharmonica solo en koorachtige samenzang.
“FULFILLINGNESS’ FIRST FINALE” was de opmaat naar het magnum opus uit de carrière van de Amerikaan, “SONGS IN THE KEY OF LIFE”, dat ruim twee jaar later verscheen. Daar werd het allemaal nog een fractie beter en ingenieuzer gedaan, terwijl dit album al een topper is. In deze periode maakte Stevie Wonder zijn beste albums, de beste songs en was hij op zijn best en gelukkig kunnen we daar nog steeds optimaal van genieten.
Stevie Wonder - Innervisions (1973)

4,0
1
geplaatst: 23 maart 2019, 10:20 uur
De inmiddels 68 jarige Stevie Wonder is een legendarische artiest, die al op 12 jarige leeftijd bekend werd met zijn eerste hitsingle “I CALL IT PRETTY MUSIC BUT THE OLD PEOPLE CALL IT THE BLUES PART 1”, dat hij in 1962 uitbracht. In 1963 verscheen “FINGERTIPS PART 1” en daarmee bereikte hij de eerste plaats in de Amerikaanse Billboard Hot 100 en was zijn zijn gevestigd. De blind geboren Stevland Hardaway Judkins werd op 13 mei 1950 te vroeg geboren in Saginaw Michigan USA, wat de oorzaak van zijn blindheid is. Hij ontwikkelt zijn aangeboren muzikale talent in rap tempo, leert instrumenten te bespelen, zingen en componeren. Als de jaren ’70 aanbreken heeft hij al veel hit succes in de sixties gehad, maar hij wil meer. In oktober 1972 verschijnt “TALKING BOOK” en dat zou je het eerste van de vier toppers in de jaren ’70 van Stevie Wonder kunnen beschouwen. Nummer 2 in die reeks in “INNERVISIONS”, dat op 3 augustus 1973 uitgebracht wordt. Een werkelijk briljant album, waarop Wonder zich opnieuw overtreft. De 9 tracks zijn typische Stevie Wonder songs, maar het geheel vormt een concept waarop hij zijn kritische blik op de wereld anno 1973 laat horen. Met het voor de gevaren van drugs waarschuwende “TOO HIGH” opent het album, in “LIVING IN THE CITY” wordt de rol van de zwarte man in New York onder loep genomen en in die ruim 7 minuten durende track worden discriminatie en onderdrukking van de de Afro-Amerikaan als grote problemen genoemd. Helaas is er wat dat betreft nog niet veel verandert, anno 2019. Met de later gecoverde songs “HIGHER GROUND” (onder andere door Red Hot Chili Peppers) en “DON’T YOU WORRY ‘BOUT A THING” (hit voor Incognito in 1992) komt het 44 minuten durende album aan bij het slotakkoord, “HE’S MISSTRA KNOW-IT-ALL”, een mooi verbloemde aanklacht tegen de president van Amerika in die jaren, Richard Nixon. Na “INNERVISIONS” verscheen “FULFILLINGNESS’ FIRST FINALE” in 1974 en zijn absolute meesterwerk “SONGS IN THE KEY OF LIFE” in 1976. De jaren ’70 waren voor Stevie Wonder zijn meest creatieve jaren en die albums klinken nog steeds en “INNERVISIONS” is daarop geen uitzondering.
Stevie Wonder - Talking Book (1972)

4,0
2
geplaatst: 22 augustus 2020, 12:29 uur
In 1972 vierde Stevie Wonder zijn 10 jarig jubileum in de muziek, want in 1962 bracht hij zijn eerste singles en albums uit. Er was echter al wel veel veranderd sinds de jaren ’60. Wonder ging zich steeds meer richten op het maken van het perfecte album in plaats van het scoren van een hit in de diverse hitlijsten. Dat zoiets ook goed samen kon gaan bewees de als Stevland Hardaway Morris geboren blinde zanger. “TALKING BOOK” verscheen op 28 oktober 1972, een half jaar na het prachtige “MUSIC OF MY MIND”. Zijn label Tamla had zich neergelegd bij de verandering in de muzikale richting van Stevie Wonder en dat bleek een goede zet. “TALKING BOOK” zou je het begin kunnen noemen van de artistieke topperiode die Wonder beleefde en met “SONGS IN THE KEY OF LIFE” het absolute hoogtepunt bereikte. Op “TALKING BOOK” staan 10 weergaloos mooie liedjes, die van pop naar funk naar soul en naar disco gaan. Stevie Wonder, wonderkind en multi-instrumentalist, bespeelt bijna alle instrumenten, krijgt vocale hulp van onder andere Jim Gilstrap en Deniece Williams en van muzikanten als Ray Parker Jr., David Sanborn en Jeff Beck. Het album gaat poppy van start met “YOU ARE THE SUNSHINE IN MY LIFE”, “MAYBE YOUR BABY” is erg funky, zonder dat het helemaal los komt, “YOU AND I” is een prachtige ballad, “TUESDAY HEARTBREAK” is een meer sixties Motown liedje, prachtige melodie en mooie blazers bijdragen en “YOU’VE GOT IT BAD GIRL” is een midtempo popliedje met mooie vocale arrangementen. Ook dit nummer heeft een bepaalde dreigende sfeer, waardoor ik gefascineerd blijf luisteren. “SUPERSTITIOUS” is één van de klassiekers van Stevie Wonder en dit nummer is zo ongelofelijk aanstekelijk, heeft een prachtige melodie en heerlijke blazers bijdragen die het nummer dragen. “BIG BROTHER” heeft door de mondharmonica een beetje een country feel, zij het wel met een typsiche Stevie Wonder twist, “BLAME IT ON THE SUN” is een prachtige ballad, “LOOKING FOR ANOTHER PURE LOVE” is een midtempo ballad met subtiel gitaarwerk van onder andere Jeff Beck en met het gospelachtige “I BELIEVE (when i fall in love it will be forever)” komt het album met alweer een hoogtepunt tot een einde. Met “TALKING BOOK” schreef Stevie Wonder popgeschiedenis en dat kunstje herhaalde hij in de daaropvolgende jaren nog een aantal keer. Virtuoos, legendarisch, briljant, wat een muzikant!!
Sting - ...Nothing Like the Sun (1987)

4,5
0
geplaatst: 7 maart 2020, 10:55 uur
Gordon Matthew Thomas Sumner werd op 2 oktober 1951 geboren in Wallsend Northumberland Engeland en kreeg internationale bekendheid als de frontman van The Police. Als Sting wist hij met zijn krachtige basspel en karakteristieke stemgeluid een stempel te drukken op de reggae/ska/pop van het trio dat in 1978 zijn eerste album uitbracht. In 1983 verscheen het laatste album van The Police, “SYNCHRONICITY”, waarvan de single “EVERY BREATH YOU TAKE” de grootste hit van band werd. In 1985 verscheen de tweede solo single van Sting, “IF YOU LOVE SOMEBODY SET THEM FREE” (de eerste verscheen al in 1982 en kwam uit de film “BRIMSTONE & TREACLE”) en met het verschijnen van die single werd eigenlijk het doodsvonnis getekend voor The Police. De opvolger was “LOVE IS THE SEVENTH WAVE” waarin een stukje “EVERY BREATH YOU TAKE” zit en het eerste album van de nu 68 jarige Sting verscheen in juni 1985, “THE DREAM OF TH EBLUE TURTLES”. Sting combineerde op deze plaat pop met jazz invloeden en album was een groot succes. Ruim 2 jaar later verscheen “…NOTHING LIKE THE SUN” en de pop/jazz van het vorige album komt nog beter tot zijn recht in de 12 tracks en 55 minuten klasse muziek. Vier songs van dit schijfje werden hits, het poppy ‘WE’LL BE TOGETHER”, het lome jazzy “ENGLISHMAN IN NEW YORK”, de ballad “FRAGILE” en de klassieker “THEY DANCE ALONE”. De overige 8 tracks zijn ook stuk voor stuk erg goed. Van de heerlijke swingende opener “THE LAZARUS HEART”, het rustige jazzy “BE STILL MY BEATING HEART”, het politiek geladen “HISTORY WILL TEACH US NOTHING”, het vrolijke met een folky ondertoon “STRAIGHT TO MY HEART”, de prachtige baspartijen in “ROCK STEADY”, het beklemmende zeer jazzy “SISTER MOON”, de prachtige Jimi Hendrix cover “LITTLE WING” en het klein gehouden slotakkoord “THE SECRET MARRIAGE”. Met een vaste band, zoals toetsenist Kenny Kirkland, drummer Manu Katché en saxofonist Branford Marsalis is er muzikaal ongelofelijk veel te genieten, want er wordt op hoog niveau gemusiceerd. Opvolger “THE SOUL CAGES” liet lang op wachten, Sting had last van een writersblock, maar ondanks dat was het ook weer genieten van dat album. Daarna is het wat mij betreft allemaal wel wat minder geworden, maar de kwaliteiten van de albums die in de jaren ’90 verschenen is nog steeds hoog. In 2007 kwam The Police nog een keer bij elkaar voor een zeer geslaagde reünie tour, maar nieuwe muziek zat er helaas niet meer in. Sting heeft zich met The Police, maar zeker solo een definitief plaatsje verworven in de geschiedenis van de popmuziek en daar heeft “…NOTHING LIKE THE SUN” voor een groot deel aan bijgedragen.
Sting - The Bridge (2021)

3,0
2
geplaatst: 2 december 2021, 07:17 uur
Zanger, componist en bassist Sting leerden we eind jaren zeventig kennen door de geweldige band The Police, waarmee hij prachtige en succesvolle singles en albums uitbracht. Zijn karakteristieke stem leende hij uit aan diverse artiesten. Zo zong hij mee op songs bij Phil Collins, Dire Straits en Arcadia en was hij te horen op hits van Sugababes en Craig David. Het mooiste van Sting is dat hij ten allen tijde herkenbaar is, met die wat hoge, schelle, maar fijne stem.
Hij werd als Gordon Matthew Thomas Sumner geboren op 2 oktober 1951 in Wallsend, Northumberland Engeland en bereikte dit jaar de prachtige leeftijd van 70. Met The Police maakte hij 5 albums, de eerste was "OUTLANDOS D'AMOUR" uit 1978, de laatste "SYNCHRONICITY" dat in 1983 verscheen. Na een uitgebreide wereldtournee richtte de blonde zanger zich op een solo carrière en in 1985 verscheen "THE DREAM OF THE BLUE TURTLES". De muziek was wel anders dan met zijn band, meer jazzy invloeden en de teksten waren ook meer politiek getint. Goed voorbeeld daarvan is de hit "RUSSIANS". Sting ging na het succes van zijn eerste solo album alleen verder en scoorde eigenlijk met elk album goed, de één was succesvoller dan de ander, maar hij bleef erg populair. In het nieuwe decennium probeerde hij het ook met niet pop albums en zou je misschien kunnen zeggen dat zijn nieuwste album, pas het derde popalbum is sinds "BRAND NEW DAY" uit 1999.
"THE BRIDGE" is het vijftiende studioalbum van Sting en wat betreft albums met nieuw materiaal, de opvolger van "57TH & 9TH" uit 2016. Op het album staan 10, op de deluxe editie, 13 liedjes, waarvan op één na alles door Sting zelf geschreven is. Ze hebben ook allemaal een typische Sting feel, het geluid waar hij bekend en beroemd mee geworden is. “RUSHING WATER” opent het album, een strakke, heerlijke uptempo song met een echt Sting geluid. Het lichtgewichte “IF IT’S LOVE” is een wat minder nummer, waarin hij het begin van een dag bezingt. Niet slecht, maar ook niet hoogstaand. In “THE BOOK OF NUMBERS” gaat het tempo omlaag, het liedje heeft een jazzy feel en in het refrein vallen de drums in, waardoor de nodige variatie aanwezig is. Sting is een meester in ballads, nummers die ingetogen zijn en blijven, daar valt wat mij betreft “LOVING YOU” ook onder. Het prijsnummer van het album, spannend, mooie arrangementen, heerlijk gezongen en de vocale arrangementen tegen het einde maken het geheel af. “HARMONY ROAD” heeft de sfeer die je ook op “THE DREAM OF THE BLUE TURTLES” aantreft. Dit heeft ongetwijfeld te maken met de saxofoonsolo van Branford Marsalis, die het op zich niet bijzonder nummer iets extra’s meegeeft.
“FOR HER LOVE” is weer een Sting ballad, zoals hij die al vaker heeft gemaakt. In diverse reviews wordt het vergeleken met “SHAPE OF MY HEART” van “TEN SUMMONER’S TALES” uit 1993 en dat heeft dan met name te maken met het gitaarspel van Dominic Miller. Het is een mooi liedje. “THE HILLS OF THE BORDER” is weer een rustig nummer, een folky liedje waarbij de toevoeging van de viool goed gevonden is. “CAPTAIN BATEMAN” is gebaseerd op een traditional uit de vijftiende eeuw, “LORD BATEMAN”. Sting heeft hier een zeer interessant liedje van gemaakt, rustig begin, in het refrein meer tempo, smakelijke instrumentarium, één van de betere liedjes op “THE BRIDGE”. Het jazzy “THE BELLS OF ST. THOMAS” is een smaakvol nummer, dat ook weer perfect past in het oeuvre van de Engelsman. Het titelnummer valt ook weer onder de rustige nummers, waardoor de balans wat dat betreft scheef is, meer ballads dan uptempo. Het nummer komt niet echt op gang, maar dat is door zijn korte speeltijd geen probleem, want in 2 en een halve minuut is het voorbij. Van de 3 bonustracks is de cover van Otis Reddings “(sittin’ on) THE DOCK OF THE BAY” aardig, de andere 2 pakken mij iets minder.
Als geheel is “THE BRIDGE” een aardig album, op hetzelfde niveau als “57TH & 9TH”. Een album dat enkele hoogtepuntjes heeft, maar op geen enkele wijze kan concurreren met zijn toppers uit de jaren tachtig en begin jaren negentig. Maar Sting blijft door zijn geweldige en imposante carrière een grootheid, daar doet een minder album op geen enkele wijze afbreuk aan.
Hij werd als Gordon Matthew Thomas Sumner geboren op 2 oktober 1951 in Wallsend, Northumberland Engeland en bereikte dit jaar de prachtige leeftijd van 70. Met The Police maakte hij 5 albums, de eerste was "OUTLANDOS D'AMOUR" uit 1978, de laatste "SYNCHRONICITY" dat in 1983 verscheen. Na een uitgebreide wereldtournee richtte de blonde zanger zich op een solo carrière en in 1985 verscheen "THE DREAM OF THE BLUE TURTLES". De muziek was wel anders dan met zijn band, meer jazzy invloeden en de teksten waren ook meer politiek getint. Goed voorbeeld daarvan is de hit "RUSSIANS". Sting ging na het succes van zijn eerste solo album alleen verder en scoorde eigenlijk met elk album goed, de één was succesvoller dan de ander, maar hij bleef erg populair. In het nieuwe decennium probeerde hij het ook met niet pop albums en zou je misschien kunnen zeggen dat zijn nieuwste album, pas het derde popalbum is sinds "BRAND NEW DAY" uit 1999.
"THE BRIDGE" is het vijftiende studioalbum van Sting en wat betreft albums met nieuw materiaal, de opvolger van "57TH & 9TH" uit 2016. Op het album staan 10, op de deluxe editie, 13 liedjes, waarvan op één na alles door Sting zelf geschreven is. Ze hebben ook allemaal een typische Sting feel, het geluid waar hij bekend en beroemd mee geworden is. “RUSHING WATER” opent het album, een strakke, heerlijke uptempo song met een echt Sting geluid. Het lichtgewichte “IF IT’S LOVE” is een wat minder nummer, waarin hij het begin van een dag bezingt. Niet slecht, maar ook niet hoogstaand. In “THE BOOK OF NUMBERS” gaat het tempo omlaag, het liedje heeft een jazzy feel en in het refrein vallen de drums in, waardoor de nodige variatie aanwezig is. Sting is een meester in ballads, nummers die ingetogen zijn en blijven, daar valt wat mij betreft “LOVING YOU” ook onder. Het prijsnummer van het album, spannend, mooie arrangementen, heerlijk gezongen en de vocale arrangementen tegen het einde maken het geheel af. “HARMONY ROAD” heeft de sfeer die je ook op “THE DREAM OF THE BLUE TURTLES” aantreft. Dit heeft ongetwijfeld te maken met de saxofoonsolo van Branford Marsalis, die het op zich niet bijzonder nummer iets extra’s meegeeft.
“FOR HER LOVE” is weer een Sting ballad, zoals hij die al vaker heeft gemaakt. In diverse reviews wordt het vergeleken met “SHAPE OF MY HEART” van “TEN SUMMONER’S TALES” uit 1993 en dat heeft dan met name te maken met het gitaarspel van Dominic Miller. Het is een mooi liedje. “THE HILLS OF THE BORDER” is weer een rustig nummer, een folky liedje waarbij de toevoeging van de viool goed gevonden is. “CAPTAIN BATEMAN” is gebaseerd op een traditional uit de vijftiende eeuw, “LORD BATEMAN”. Sting heeft hier een zeer interessant liedje van gemaakt, rustig begin, in het refrein meer tempo, smakelijke instrumentarium, één van de betere liedjes op “THE BRIDGE”. Het jazzy “THE BELLS OF ST. THOMAS” is een smaakvol nummer, dat ook weer perfect past in het oeuvre van de Engelsman. Het titelnummer valt ook weer onder de rustige nummers, waardoor de balans wat dat betreft scheef is, meer ballads dan uptempo. Het nummer komt niet echt op gang, maar dat is door zijn korte speeltijd geen probleem, want in 2 en een halve minuut is het voorbij. Van de 3 bonustracks is de cover van Otis Reddings “(sittin’ on) THE DOCK OF THE BAY” aardig, de andere 2 pakken mij iets minder.
Als geheel is “THE BRIDGE” een aardig album, op hetzelfde niveau als “57TH & 9TH”. Een album dat enkele hoogtepuntjes heeft, maar op geen enkele wijze kan concurreren met zijn toppers uit de jaren tachtig en begin jaren negentig. Maar Sting blijft door zijn geweldige en imposante carrière een grootheid, daar doet een minder album op geen enkele wijze afbreuk aan.
Sting - The Dream of the Blue Turtles (1985)

5,0
0
geplaatst: 8 juli 2017, 18:42 uur
Sting was al een gearriveerde muzikant toen hij op 1 juni 1985 zijn eerste solo album “THE DREAM OF THE BLUE TURTLES” uitbracht. De als Gordon Matthew Thomas Sumner geboren Engelsman had naam gemaakt als zanger/bassist van het legendarische trio The Police. Met die band bracht hij 5 albums die allemaal de gouden en platina status veroverden. In 1983 verscheen “SYNCHRONICITY” met daarop één van de grootste hits uit de korte carrière van The Police, "EVERY BREATH YOU TAKE” en na de tour n.a.v. dat album, focuste Sting zich op een solo album. Dat werd “THE DREAM OF THE BLUE TURTLES” waarop hij pop, reggae, ska, jazz en rock met elkaar vermengd met een verbluffend resultaat als gevolg. De tweede single “LOVE IS THE SEVENTH WAVE” heeft zelfs een knipoog richting zijn vroegere bandje The Police, als hij tijdens de fade-out kort “EVERY BREATH YOU TAKE” zingt. Tevens staat er een uptempo versie op van het op The Police album “ZENYATTA MONDATTA” op dit prachtige album. Met “RUSSIANS” kent het album zijn grootste hit in Nederland en laat Sting zich van zijn maatschappij betrokken kant zien. Dat komt ook naar voren in songs als “CHILDREN’S CRUSADE” (Eerste Wereldoorlog) en “WE WORK THE BLACK SEAM” (mijnwekers stakingen in Engeland ‘84/’85). Muzikaal zit het ook goed, want Sting krijgt hulp van onder andere drummer Omar Hakim, bassist Darryl Jones (tegenwoordig bij de Rolling Stones) en saxofonist Branford Marsalis. Dit album was de opmaat tot een uiterst succesvolle solo carrière en betekende tevens dat The Police definitief verleden tijd waren, op een eenmalig wereldtour in 2007 en 2008 na, maar een nieuw album heeft er niet in gezeten. Sting maakte die wel en scoorde vooral met de opvolger van “THE DREAM OF THE BLUE TURTLES”, “NOTHING LIKE THE SUN” uit 1987, “THE SOUL CAGES” uit 1991 en “TEN SUMMONER’S TALES” uit 1993. Daarna werd het succes langzaam minder, maar optreden doet hij nog steeds en vorig jaar bracht hij nog weer een nieuw album uit, “57TH & 9TH”, zijn 12e studio-album. Sting hoort bij de grootheden in de popmuziek en dat begon bij The Police, maar zijn definitieve stap naar de top werd ingezet met dit album…alleen om die reden al een klassieker.
Stray Cats - 40 (2019)

3,5
0
geplaatst: 1 juni 2019, 11:07 uur
Ze denderden eind 1980 de Top 40 binnen met aanstekelijke rockabilly en ze zagen er opvallend uit. Drie vetkuiven, tatoeages en ruige kleding. De Stray Cats maakten dus niet alleen muzikaal indruk. “RUNAWAY BOYS”, “ROCK THIS TOWN” en “STRAY CAT STRUT” waren de hits in 1981 en in 1983 deden ze het nog 1 keer, het scoren van een Nederlandse Top 40 hit, “(SHE’S) SEXY AND 17” bereikte de top 10. Het in 1979 opgerichte trio bestaat al 40 jaar en de belangrijkste leden zijn zanger/gitarist Brian Setzer, bassist Lee Rocker en drummer Slim Jim Phantom. In 1981 brachten ze hun debuut- en titelloze album uit en scoorden hits met genoemde songs. Ze bleven nadien albums maken, traden veel op, maar sinds 1993 werd het stil rondom de “zwerfkatten” uit Long Island New York. “40” laat zeker één ding horen en dat is dat ze nog steeds rockabilly kunnen maken volgens het bekende recept: gitaar, bas en drums. Het swingt, er zijn heerlijke snerpende gitaarsolo’s en het ritmetandem zorgt voor een stabiele en stevige basis. Misschien klinkt zanger Setzer iets minder hoog dan in zin begin jaren, maar de oprichter van de Brian Setzer Orchestra is inmiddels 60 en daardoor is er iets meer slijtage in zijn stem te horen. Doet niets af aan dit ruim 35 minuten durende album, want elke van de 12 tracks is de moeite meer dan waard. Een terechte en geslaagde come-back!
Sturgill Simpson - A Sailor's Guide to Earth (2016)

4,0
0
geplaatst: 30 juni 2016, 09:59 uur
De nu 38 jarige in Jackson Kentucky USA geboren Sturgill Simpson heeft recent zijn derde album uitgebracht. Simpson werd muzikaal gevormd in verschillende bands, maar lijkt solo zijn eigen geluid nu pas gevonden te hebben. De eerste 2 albums, “HIGH TOP MOUNTAIN” uit 2013 en “METAMODERN SOUNDS IN COUNTRY MUSIC” laten nog een groot country gevoel achter, maar op “A SAILOR’S GUIDE TO EARTH” is het variatie dat als een rode draad door de 9 tracks loopt. Wel met zijn country stem en geluid hoor je in de songs soul, rhythm & blues, Bruce Springsteen invloeden en nog veel meer. Simpson heeft een klasse plaat uitgebracht, want ondanks de vele stijlen is het een eenheid geworden, waarin zelfs de Nirvana cover “IN BLOOM” prima tussen past. Een cross-over plaat, die van country naar andere muziekstijlen gaat en het klinkt allemaal even goed en gedreven!
Styx - Crash of the Crown (2021)

4,5
4
geplaatst: 24 juni 2021, 18:36 uur
Styx werd in 1972 opgericht in Chicago en zal volgend jaar zijn 50e verjaardag gaan vieren. Dat doen ze met een nieuw album en daarop klinken ze vitaal, gedreven en kwalitatief erg goed.
De tweeling Chuck (basgitaar) en John (drums) Panozzo stonden aan de wieg van Styx samen met hun buurjongen Dennis DeYoung, de zanger en toetsenist die een groot deel van het geluid van de band bepaalde. Hardrock gitarist James “JY” Young zorgde ervoor dat de progressieve/poprock van Styx “ballen” kreeg en met eveneens gitarist John Curulewski maakten ze 5 albums. Een doorbraak werd niet gerealiseerd, maar daarin bracht de wissel Curulewski eruit en zanger/gitarist Tommy Shaw erin een verandering.
Met de schrijverskwaliteiten van Shaw kwam er meer melodie en pop in de muziek en dat was op “CRYSTAL BALL” uit 1975 voor het eerst te horen. Alle kwaliteiten werden optimaal benut op de 2 klassiekers die daarop volgden, “THE GRAND ILLUSION” uit 1977 en “PIECES OF EIGHT” uit 1978. Een perfecte combinatie van goed in het gehoor liggende pop/rock met een progressief/symfonisch sausje. In 1978 bereikte het erg poppy “SING FOR THE DAY” zelfs de Top 40. Albums volgden, af en toe een single succes, vooral in Amerika en na “KILLROY WAS HERE” in 1983 was het door muzikale meningsverschillen afgelopen en ging het vijftal zijn eigen weg.
In 1990 kwam zonder Tommy Shaw het eerste comeback album uit, “EDGE OF THE CENTURY”, een redelijk succesvol album met een grote Amerikaanse hit in de vorm van “SHOW ME THE WAY”. Midden jaren negentig kwam de succesbezetting van de tweede helft jaren zeventig en eerste helft van de jaren tachtig weer bij elkaar voor een serie come-back optredens. Deze waren overigens zonder de originele drummer John Panozzo, die in 1996 overleed aan de gevolgen van overmatig drankgebruik. Een album volgde, de ruzies kwamen ook weer terug en sinds het nieuwe millennium zijn er 3 album verschenen, waarvan er 1 een cover album was. Zonder Dennis DeYoung die uit de band is gewerkt, maar nog steeds met Shaw, Young en op een enkele track Chuck Panozzo kwam Styx 4 jaar geleden op indrukwekkende wijze terug met “THE MISSION”.
Met de inmiddels vaste ritmesectie Ricky Phillips (bas) en drummer Todd Sucherman en zanger/toetsenist Lawrence Gowan had de band voldoende inspiratie voor een snelle opvolger. De songs waren voor de corona crisis al geschreven en tijdens de lock-down werden de songs opgenomen die uiteindelijk op “CRASH OF THE CROWN” zijn gezet. Het is het 17e album en het eerste album waarop geen enkel nummer boven de 4 minuten klokt en dat mag best opmerkelijk genoemd worden. Vijftien songs, iets meer dan 43 minuten en het is een geweldige trip om het album keer op keer af te spelen. De insteek van het album lijkt een aanklacht tegen de huidige Amerikaanse samenleving en je zou er ook uit op kunnen maken dat de heren de voormalige Amerikaanse president, de heer Donald Trump bedoelen. En dan de muziek, die is fantastisch. Veel uptempo, mooie toetsenpartijen, regelmatig een heerlijke gitaarsolo, geweldig gevarieerde solo zangers en de van Styx bekende koortjes.
Van de 15 tracks zijn er 2 heel kort, de rest klokt van 1.54 tot 3.59. “A MONSTER” is een afwisselende track met een mooie toetsensolo, “REVERIES” vind ik een typische Styx rocker, het titelnummer heeft Queen invloeden en de 3 leadzangers nemen allemaal een deel voor hun rekening, uniek in de Styx geschiedenis. “OUR WONDERFUL LIFE” grijpt qua sound een beetje terug op “SING FOR THE DAY” uit 1978, mooie melodieuze song. “LONG LIVE THE KING” heeft een iets afwijkende sound, maar is een pakkende rocker van 2 en een halve minuut met prachtige samenzang! “COMING OUT THE OTHER SIDE” is een prachtige midtempo poprocker, mooie percussie, dito solo en geweldig gezongen door Gowan. “TO THOSE” is weer zo’n heerlijke rocker en daarmee heb ik hier een aantal songs eruit gelicht, maar doe ik daar eigenlijk de rest mee tekort.
Het album moest indalen, landen, maar nu dat is gebeurt kan ik concluderen dat het album het door mij bejubelde “THE MISSION” weet te overtreffen. De oudjes doen het dus nog steeds goed met een briljante Sucherman, die de songs de juiste power, maar ook finesse geeft, waardoor het allemaal net een fractie beter is geworden. “CRASH OF THE CROWN” is niets minder dan een geweldige plaat geworden, die aan het eind van 2021 in mijn jaarlijstje zal staan, want deze hoort ongetwijfeld bij de beste 10 albums van dit jaar…ik kroon deze tot een topper!
De tweeling Chuck (basgitaar) en John (drums) Panozzo stonden aan de wieg van Styx samen met hun buurjongen Dennis DeYoung, de zanger en toetsenist die een groot deel van het geluid van de band bepaalde. Hardrock gitarist James “JY” Young zorgde ervoor dat de progressieve/poprock van Styx “ballen” kreeg en met eveneens gitarist John Curulewski maakten ze 5 albums. Een doorbraak werd niet gerealiseerd, maar daarin bracht de wissel Curulewski eruit en zanger/gitarist Tommy Shaw erin een verandering.
Met de schrijverskwaliteiten van Shaw kwam er meer melodie en pop in de muziek en dat was op “CRYSTAL BALL” uit 1975 voor het eerst te horen. Alle kwaliteiten werden optimaal benut op de 2 klassiekers die daarop volgden, “THE GRAND ILLUSION” uit 1977 en “PIECES OF EIGHT” uit 1978. Een perfecte combinatie van goed in het gehoor liggende pop/rock met een progressief/symfonisch sausje. In 1978 bereikte het erg poppy “SING FOR THE DAY” zelfs de Top 40. Albums volgden, af en toe een single succes, vooral in Amerika en na “KILLROY WAS HERE” in 1983 was het door muzikale meningsverschillen afgelopen en ging het vijftal zijn eigen weg.
In 1990 kwam zonder Tommy Shaw het eerste comeback album uit, “EDGE OF THE CENTURY”, een redelijk succesvol album met een grote Amerikaanse hit in de vorm van “SHOW ME THE WAY”. Midden jaren negentig kwam de succesbezetting van de tweede helft jaren zeventig en eerste helft van de jaren tachtig weer bij elkaar voor een serie come-back optredens. Deze waren overigens zonder de originele drummer John Panozzo, die in 1996 overleed aan de gevolgen van overmatig drankgebruik. Een album volgde, de ruzies kwamen ook weer terug en sinds het nieuwe millennium zijn er 3 album verschenen, waarvan er 1 een cover album was. Zonder Dennis DeYoung die uit de band is gewerkt, maar nog steeds met Shaw, Young en op een enkele track Chuck Panozzo kwam Styx 4 jaar geleden op indrukwekkende wijze terug met “THE MISSION”.
Met de inmiddels vaste ritmesectie Ricky Phillips (bas) en drummer Todd Sucherman en zanger/toetsenist Lawrence Gowan had de band voldoende inspiratie voor een snelle opvolger. De songs waren voor de corona crisis al geschreven en tijdens de lock-down werden de songs opgenomen die uiteindelijk op “CRASH OF THE CROWN” zijn gezet. Het is het 17e album en het eerste album waarop geen enkel nummer boven de 4 minuten klokt en dat mag best opmerkelijk genoemd worden. Vijftien songs, iets meer dan 43 minuten en het is een geweldige trip om het album keer op keer af te spelen. De insteek van het album lijkt een aanklacht tegen de huidige Amerikaanse samenleving en je zou er ook uit op kunnen maken dat de heren de voormalige Amerikaanse president, de heer Donald Trump bedoelen. En dan de muziek, die is fantastisch. Veel uptempo, mooie toetsenpartijen, regelmatig een heerlijke gitaarsolo, geweldig gevarieerde solo zangers en de van Styx bekende koortjes.
Van de 15 tracks zijn er 2 heel kort, de rest klokt van 1.54 tot 3.59. “A MONSTER” is een afwisselende track met een mooie toetsensolo, “REVERIES” vind ik een typische Styx rocker, het titelnummer heeft Queen invloeden en de 3 leadzangers nemen allemaal een deel voor hun rekening, uniek in de Styx geschiedenis. “OUR WONDERFUL LIFE” grijpt qua sound een beetje terug op “SING FOR THE DAY” uit 1978, mooie melodieuze song. “LONG LIVE THE KING” heeft een iets afwijkende sound, maar is een pakkende rocker van 2 en een halve minuut met prachtige samenzang! “COMING OUT THE OTHER SIDE” is een prachtige midtempo poprocker, mooie percussie, dito solo en geweldig gezongen door Gowan. “TO THOSE” is weer zo’n heerlijke rocker en daarmee heb ik hier een aantal songs eruit gelicht, maar doe ik daar eigenlijk de rest mee tekort.
Het album moest indalen, landen, maar nu dat is gebeurt kan ik concluderen dat het album het door mij bejubelde “THE MISSION” weet te overtreffen. De oudjes doen het dus nog steeds goed met een briljante Sucherman, die de songs de juiste power, maar ook finesse geeft, waardoor het allemaal net een fractie beter is geworden. “CRASH OF THE CROWN” is niets minder dan een geweldige plaat geworden, die aan het eind van 2021 in mijn jaarlijstje zal staan, want deze hoort ongetwijfeld bij de beste 10 albums van dit jaar…ik kroon deze tot een topper!
Styx - Pieces of Eight (1978)

4,5
2
geplaatst: 6 oktober 2022, 11:52 uur
De hoogtijdagen van Styx lagen in de tweede helft van de jaren zeventig en de eerste van de jaren tachtig. Met "THE GRAND ILLUSION" uit de zomer van 1977 braken ze definitief door, het was het zesde album dat ze sinds 1972 hadden gemaakt. De opvolger van dat album werd "PIECES OF EIGHT" dat 1 september 1978 als releasedatum heeft.
Gedurende deze succesvolle periode bestond de band uit zanger en toetsenist Dennis DeYoung, James "JY" Young op zang en gitaar, Tommy Shaw zang, gitaar, mandoline en de autoharp, bassist Chuck Panozzo en zijn tweeling broer John Panozzo op drums. Met de komst van Shaw in 1976 werd het geluid iets commerciëler, meer toegankelijk en daardoor ook succesvoller. Het eerste album dat de uit Chicago USA afkomstige band maakte met Shaw was "CRYSTAL BALL", waarop hij meteen zijn stempel wist te drukken. Dat doet hij ook op "PIECES OF EIGHT", maar de samenwerking tussen het vijftal zorgt voor een perfect uitgebalanceerde plaat. Het album zorgde ook voor de eerste Top 40 hitnotering in Nederland, "SING FOR THE DAY" bereikte de zestiende plaats in het najaar van 1978.
Tien tracks, ruim 42 minuten muziek en de leadzang is verdeeld over de drie vocalisten. Dat zorgt voor een prettige variatie en dat gaat van start met het krachtige "GREAT WHITE HOPE". Die kracht en rauwheid komt tevens door de leadzang van James “JY” Young, zijn niet zo gepolijste stem geeft het nummer een meer heavy karakter. Twee nummers klokken richting de zes minuten en daar is “I’M OKAY” de eerste van. Een typische jaren zeventig Styx track. Leadzang van Dennis DeYoung, enkele tempowisselingen en altijd aandacht voor de melodie. Schitterend toetsenwerk, onder andere op een orgel en een puntige gitaarsolo door Tommy Shaw. Diezelfde Shaw eist de hoofdrol op in het reeds genoemde “SING FOR THE DAY”, een super commercieel nummer, lekker ritme en pakkende melodie. Het instrumentale “THE MESSAGE” leidt “LORDS OF THE RING” in. Dat begint met de karakteristieke samenzang van Styx, want de stemmen van DeYoung, Shaw en Young kleuren geweldig mooi samen. Opnieuw neemt Young de leadzang voor zijn rekening en in tegenstelling tot de opener is dit nummer minder heavy. Midtempo, fijne tempowisselingen, heerlijke toetsensolo en zowel Young als Shaw die de schijnwerpers eisen bij gitaarsolo’s.
Een klassieker in het oeuvre van Styx is het geweldige “BLUE COLLAR MAN (Long Night)”, waarin Shaw de leadzang verzorgd. Heerlijke melodie, pakkende gitaarriffs, samenzang van hoog niveau en het toetsenspel in leidend. Het hoogtepunt van “PIECES OF EIGHT” vind ik “QUEEN OF SPADES”. Een rustig intro, fenomenaal gezongen door DeYoung, subtiel gitaarwerk en dan vallen de toetsen in en verzorgen ze een mooi melodisch tapijtje. Rond de twee minuten gaat het tempo omhoog, tempowisselingen, solo’s op gitaar door Young, hemelse samenzang, alles wat ik in Styx bewonder komt in dit nummer samen. “RENEGADE” is weer een meer poppy nummer, dat begint met samenzang, waarna Shaw de microfoon opeist. Lekker ritme, toetsen en gitaar die de melodie perfect verzorgen, een gaaf nummer met solo gitaarwerk van Young, die daarmee een wat rauwer karakter aan het nummer geeft. Het titelnummer wordt vocaal verzorgd door DeYoung, het lead gitaarwerk door Shaw en in bijna vijf minuten krijg je weer passende tempowisselingen, een aanstekelijke melodie en geweldige zang en spel voorgeschoteld. Het instrumentale intermezzo halverwege het nummer is briljant gevonden, waarna Shaw zijn gitaar nog een keer laat janken. In net geen drie minuten komt met “AKU-AKU” het album tot een einde. Het nagenoeg instrumentale, rustige nummer, is niet echt pakkend en is wat mij betreft het minste nummer van het album.
Een album dat op bijna alle fronten meer dan overtuigd en was een perfecte, iets commerciëlere opvolger van het al even briljante “THE GRAND ILLUSION”. De commerciëlere richting kreeg steeds meer gevolg, want op de albums “CORNERSTONE” en “PARADISE THEATRE” is de toon iets meer gericht op het zogenaamde grote publiek.
Styx bestaat nog steeds, Shaw, Young en Chuck Panozzo maken nog steeds deel uit van de huidige formatie. Drummer John Panozzo overleed in 1996, Dennis DeYoung vertrok met ruzie in 1999 en maakt als solo artiest gelukkig ook nog steeds muziek, getuige twee albums in 2020 en 2021. Styx bracht vorig jaar het album “CRASH OF THE CROWN” uit, een prachtig album, maar wel ver verwijderd van de klassieke albums die ze in de jaren zeventig maakte en waarvan “PIECES OF EIGHT”, wat mij betreft de laatste was.
Gedurende deze succesvolle periode bestond de band uit zanger en toetsenist Dennis DeYoung, James "JY" Young op zang en gitaar, Tommy Shaw zang, gitaar, mandoline en de autoharp, bassist Chuck Panozzo en zijn tweeling broer John Panozzo op drums. Met de komst van Shaw in 1976 werd het geluid iets commerciëler, meer toegankelijk en daardoor ook succesvoller. Het eerste album dat de uit Chicago USA afkomstige band maakte met Shaw was "CRYSTAL BALL", waarop hij meteen zijn stempel wist te drukken. Dat doet hij ook op "PIECES OF EIGHT", maar de samenwerking tussen het vijftal zorgt voor een perfect uitgebalanceerde plaat. Het album zorgde ook voor de eerste Top 40 hitnotering in Nederland, "SING FOR THE DAY" bereikte de zestiende plaats in het najaar van 1978.
Tien tracks, ruim 42 minuten muziek en de leadzang is verdeeld over de drie vocalisten. Dat zorgt voor een prettige variatie en dat gaat van start met het krachtige "GREAT WHITE HOPE". Die kracht en rauwheid komt tevens door de leadzang van James “JY” Young, zijn niet zo gepolijste stem geeft het nummer een meer heavy karakter. Twee nummers klokken richting de zes minuten en daar is “I’M OKAY” de eerste van. Een typische jaren zeventig Styx track. Leadzang van Dennis DeYoung, enkele tempowisselingen en altijd aandacht voor de melodie. Schitterend toetsenwerk, onder andere op een orgel en een puntige gitaarsolo door Tommy Shaw. Diezelfde Shaw eist de hoofdrol op in het reeds genoemde “SING FOR THE DAY”, een super commercieel nummer, lekker ritme en pakkende melodie. Het instrumentale “THE MESSAGE” leidt “LORDS OF THE RING” in. Dat begint met de karakteristieke samenzang van Styx, want de stemmen van DeYoung, Shaw en Young kleuren geweldig mooi samen. Opnieuw neemt Young de leadzang voor zijn rekening en in tegenstelling tot de opener is dit nummer minder heavy. Midtempo, fijne tempowisselingen, heerlijke toetsensolo en zowel Young als Shaw die de schijnwerpers eisen bij gitaarsolo’s.
Een klassieker in het oeuvre van Styx is het geweldige “BLUE COLLAR MAN (Long Night)”, waarin Shaw de leadzang verzorgd. Heerlijke melodie, pakkende gitaarriffs, samenzang van hoog niveau en het toetsenspel in leidend. Het hoogtepunt van “PIECES OF EIGHT” vind ik “QUEEN OF SPADES”. Een rustig intro, fenomenaal gezongen door DeYoung, subtiel gitaarwerk en dan vallen de toetsen in en verzorgen ze een mooi melodisch tapijtje. Rond de twee minuten gaat het tempo omhoog, tempowisselingen, solo’s op gitaar door Young, hemelse samenzang, alles wat ik in Styx bewonder komt in dit nummer samen. “RENEGADE” is weer een meer poppy nummer, dat begint met samenzang, waarna Shaw de microfoon opeist. Lekker ritme, toetsen en gitaar die de melodie perfect verzorgen, een gaaf nummer met solo gitaarwerk van Young, die daarmee een wat rauwer karakter aan het nummer geeft. Het titelnummer wordt vocaal verzorgd door DeYoung, het lead gitaarwerk door Shaw en in bijna vijf minuten krijg je weer passende tempowisselingen, een aanstekelijke melodie en geweldige zang en spel voorgeschoteld. Het instrumentale intermezzo halverwege het nummer is briljant gevonden, waarna Shaw zijn gitaar nog een keer laat janken. In net geen drie minuten komt met “AKU-AKU” het album tot een einde. Het nagenoeg instrumentale, rustige nummer, is niet echt pakkend en is wat mij betreft het minste nummer van het album.
Een album dat op bijna alle fronten meer dan overtuigd en was een perfecte, iets commerciëlere opvolger van het al even briljante “THE GRAND ILLUSION”. De commerciëlere richting kreeg steeds meer gevolg, want op de albums “CORNERSTONE” en “PARADISE THEATRE” is de toon iets meer gericht op het zogenaamde grote publiek.
Styx bestaat nog steeds, Shaw, Young en Chuck Panozzo maken nog steeds deel uit van de huidige formatie. Drummer John Panozzo overleed in 1996, Dennis DeYoung vertrok met ruzie in 1999 en maakt als solo artiest gelukkig ook nog steeds muziek, getuige twee albums in 2020 en 2021. Styx bracht vorig jaar het album “CRASH OF THE CROWN” uit, een prachtig album, maar wel ver verwijderd van de klassieke albums die ze in de jaren zeventig maakte en waarvan “PIECES OF EIGHT”, wat mij betreft de laatste was.
Styx - The Grand Illusion (1977)

5,0
0
geplaatst: 9 februari 2019, 10:26 uur
Op 7 juli 1977 (7-7-77) verscheen het 7e (!) album van de uit Chicago afkomstige Amerikaanse rock band Styx. De in 1972 opgerichte band maakt een combinatie van rock, pop en symfonische muziek en is daar voornamelijk in eigen land erg succesvol mee. Ten tijde van de release van album nummer 7, “THE GRAND ILLUSION” heeft de band zijn meest succesvolle samenstelling. Dennis DeYoung (zang, toetsen), Tommy Shaw (zang, gitaar), James Young (zang, gitaar) en de broers Chuck Panozzo (bass) en John Panozzo (drums). Met “LADY” scoorde de band zijn eerste Amerikaanse top 10 hit in 1975 en de tweede keer dat dat gebeurt, is met een song van “THE GRAND ILLUSION”. Sinds de komst van Tommy Shaw in 1975 zijn de songs toegankelijker geworden, zonder dat de stijl en de herkenbaarheid van Styx verdwenen is. Album 6, “CRYSTAL BALL” was de eerste met Shaw en op “THE GRAND ILLUSION” borduurt de band verder op de op het vorige album ingeslagen weg. Het album opent met het titel nummer, dat met een marsachtig intro opent en dan klinkt de uit duizenden herkenbare stem van De Young in een song die verschillende tempo’s in zich heeft. Na deze krachtige opener gaat het verder met een Styx klassieker “FOOLING YOURSELF (angry young man)”, gezongen door Shaw. Dit popliedje heeft een prachtige keyboard intro, waarna het verder gaat in een lekker uptempo melodieuze song. “SUPERSTARS” is een relatief kort nummer, een poprock song met mooie samenzang. “COME SAIL AWAY” is ook een Styx klassieker en het meest symfonische werkje op dit album. Rustige opbouw en naar een climax toewerken. Mooie instrumentale passages en geweldig gezongen door Dennis DeYoung. “MISS AMERICA” is meest heavy liedje op het album. Zoals op meer albums van Styx, wordt dit gezongen (en geschreven) door James Young. Die met zijn wat aparte stemgeluid, daar een geheel eigen stempel op drukt. Ook hier is de samenzang prachtig. “MAN IN THE WILDERNESS” is een midtempo rocksong en wat mij betreft, samen met “COME SAIL AWAY”, het hoogtepunt van “THE GRAND ILLUSION”. Schitterende melodie en op een indrukwekkende wijze gezongen door Tommy Shaw. Het instrumentale tussenstuk geeft het nummer dat extra, waardoor het een topper is. “CASTLE WALLS” is een typische De Young song, op toetsen gebaseerd en schitterend gezongen. “THE GRAND FINALE” is het slot en daar keert het thema van het titelnummer in terug. Hierdoor is een soort conceptalbum, zonder dat er een overkoepelend thema is. Styx trad met dit album toe tot de groten in de Amerikaanse melodieuze rock. Het bereikte daar 3 keer platina en is voor meer rockbands een voorbeeld van een gevarieerd, maar toch ook toegankelijk rockalbum.
Styx - The Mission (2017)

4,0
3
geplaatst: 25 juni 2017, 13:55 uur
Styx is één van die dinosaurussen die overgebleven zijn uit de bloeiende en succesvolle jaren ’70, een decennia waarin symfonische rock geliefd was bij een groot publiek. De band uit Chicago, opgericht in 1972, is niet een typische symfo-band, zoals Emerson, Lake & Palmer, Yes en Genesis wel waren, ze combineerden elementen daaruit met Amerikaanse melodieuze rock. In 1974 scoorden hun eerste Amerikaanse top 10 hit met het van “STYX II” afkomstige “LADY”, een door zanger/toetsenist/componist Dennis DeYoung gezongen pop/rock song. Met de komst van zanger/gitarist/componist Tommy Shaw in 1976 bij de band, veranderde de sound in die laatste jaren van de seventies langzaam van licht experimenteel, naar meer radiovriendelijke muziek, met als voorbeelden de hits “SING FOR THE DAY” van “PIECES OF EIGHT” uit 1978 en “BABE” van “CORNERSTONE” uit 1979. De eerste helft van de jaren ’80 waren voor Styx nog wel succesvol, maar de band viel uit elkaar halverwege dat decennium. Tommy Shaw en Dennis DeYoung probeerden een solo carrière op te zetten, maar erg succesvol was dat niet. In 1990 verscheen vrij onverwacht “EDGE OF THE CENTURY” dat met “SHOW ME THE WAY” weer een grote Amerikaanse hit in zich had. Dat album werd echter zonder Shaw gemaakt, die in die periode deel uitmaakte van de Damn Yankees. In 1996 gingen de heren in Amerika op tournee, zonder de originele drummer, John Panazzo, die door overmatig alcohol gebruik niet in staat was om mee te gaan en in juli van dat jaar overleed. Met de originele leden DeYoung, zanger/gitarist James Young, basisst (en broer van) Chuck Panazzo, Tommy Shaw en de nieuwe drummer Todd Suchermann doken de heren de studio in in 1999 verscheen het laatste album met Dennis DeYoung in de gelederen, “BRAVE NEW WORLD”. Ruzie met de zanger/toetsenist zorgde ervoor dat hij uit de band werd gezet en Styx in een andere samenstelling in het nieuwe millennium de wereld rond ging en 2 albums uitbracht. Het onsamenhangende “CYCLORAMA” in 2003 en een overbodige coverplaat 2 jaar later. Nu is er dan, na 14 jaar, een nieuw studio-album, ‘THE MISSION” en die klinkt ouderwets goed. Het is een conceptplaat over een missie naar Mars en dat hebben ze verdeeld over 14 tracks en vooral Lawrence Gowan, de ‘nieuwe’ Dennis DeYoung, heeft een hoofdrol op deze plaat. Stevig, prachtige vocale harmonieën en het gitaartandem Shaw en Young zijn ook in vorm. Vanwege ziekte wordt de originele basisst Chuck Panazzo bijgestaan door ex-Babys en ex-Bad English bassist Ricky Phillips en samen met drummer Suchermann zorgen ze voor een gedegen basis van de songs. Een geweldige en erg geïnspireerde plaat die ik niet meer had verwacht en dat zijn de leukste verrassingen!
Subsignal - La Muerta (2018)

4,5
0
geplaatst: 17 juni 2018, 16:28 uur
Rond 2008 is door Sieges Even leden Arno Menses en Markus Steffen het project Subsignal opgericht. Nadat Sieges Even uit elkaar ging, werd met andere muzikanten een definitieve band gevormd. “BEAUTIFUL & MONSTROUS” was in 2009 het debuutalbum van Subsignal en de groep werd in de hoek van progmetal gezet. Dat dekte de lading niet geheel, aangezien de zang van Menses zorgt voor toegankelijkheid en de songs doen dat ook. Stevige rock met metalrandjes, zo zou je de muziek kunnen omschrijven. “LA MUERTA”, "de doden" in het Spaans, is het vijfde album van Subsignal en die metalrandjes zijn nagenoeg helemaal verdwenen. Ze hebben plaatsgemaakt voor toegankelijke, melodieuze en pakkende rocksongs, met een aantal heerlijke oorwormpjes. De Duitsers zorgen ervoor dat je vanaf het eerste moment, het kort instrumentale “271 DAYS” dat over gaat in het titelnummer, weet wat je kunt verwachten. Dat titelnummer is één van de hoogtepunten met prachtige zanglijnen en geweldig refrein. Het album is verschenen op het Gentle Art Of Music label van de Duitse progressieve rockband RPWL en 2 leden van deze band, Yogi Lang en Karl Wallner hebben als producers voor een werkelijk prachtige klinkend resultaat gezorgd. Subsignal heeft met “LA MUERTA” een album uitgebracht dat bij één van de besten van 2018 hoort en in mijn jaarlijstje weleens in de top 10 kan komen te staan. Weergaloos mooi!!!
Suede - Night Thoughts (2016)

4,0
0
geplaatst: 6 augustus 2016, 11:08 uur
Suede is een Engelse band die in de periode 1989 tot 2003 5 studio albums uitbracht, uit elkaar ging en in 2010 weer met elkaar muziek ging maken, wat resulteerde in het geweldige album “BLOODSPORTS”. Van de oorspronkelijke formatie zijn alleen zanger Brett Anderson en bassist Mat Osman over en met 3 nieuwe leden hebben ze nu hun tweede album sinds de reünie gemaakt, “NIGHT THOUGHTS”. De zeer herkenbare en karakteristieke stem van Anderson is opnieuw leidend in de 12 tracks en bijna 48 minuten durende plaat. Voor de fans van Suede is er weer een heleboel te genieten op “NIGHT THOUGHTS”, uptempo, ballads en sfeervolle midtempo songs, alles komt voorbij en is met veel liefde en klasse gemaakt. Een topplaat van deze ooit in Londen geformeerde alternatieve band!
Suede - The Blue Hour (2018)

4,0
0
geplaatst: 29 september 2018, 15:36 uur
“THE BLUE HOUR” is het derde album van de Britse band Suede sinds hun come-back in 2010 en het geweldige album ‘BLOODSPORTS” in 2013. Suede werd in 1989 opgericht en zanger Brett Anderson en bassist Mat Osman zijn de enige die sinds het begin in deze pop rock band zit. Suede was vooral in Engeland erg succesvol in de jaren ’90, maar ook de Scandinavische landen liepen warm voor de muziek van de van oorsprong Londense band. Met het nieuwe album “THE BLUE HOUR” de trilogie beëindigd, dat dus begon in 2013 met “BLOODSPORTS”, met “NIGHT THOUGHTS” in 2016 zijn vervolg kreeg en nu dus wordt vervolmaakt met dit op 21 september jl. verschenen briljantje. Het is een album met de typische en van Suede bekende galmende, emotionele alternatieve rock, maar je zou het album ook als een conceptalbum kunnen betitelen. Er zit een duidelijke lijn in het album, er staan enkele gesproken delen op, enkele tracks lopen in elkaar over en dat geeft het album alleen maar meer kwaliteit. De zang van Anderson is en blijft een genot om naar te luisteren, al kan ik mij voorstellen dat er mensen zijn die zich gaan irriteren aan de wat klagende toon van zijn stem. Het past echter perfect bij de muziek van Suede. In iets meer dan 51 minuten en verdeeld over 14 songs komt er een album aan je voorbij dat je kan emotioneren, een perfecte balans heeft tussen groots én bombastisch en ingetogen én sfeervol. Na het iets mindere “NIGHT THOUGHTS” hebben de heren Brett Anderson, Mat Osman, Richard Oakes (gitaar), Simon Gilbert (drums), Neil Goding (toetsen) een topper in hun oeuvre uitgebracht. Het is hun achtste en zal in diverse jaarlijstjes in de top 10 staan, misschien bij die van mij ook…wat een heerlijke plaat!
Supertramp - Breakfast in America (1979)

5,0
1
geplaatst: 29 april 2018, 13:05 uur
Het zesde album van de Engelse band Supertramp verscheen op 29 maart 1979. Waar het in 1974 verschenen “CRIME OF THE CENTURY” uitgroeide tot een artistiek hoogtepunt, was “BREAKFAST IN AMERICA” met een verkoop van meer dan 20 miljoen exemplaren, het commerciële hoogtepunt van het 5-tal. In 1977 had Supertramp zijn eerste internationale hit gescoord, toen de van “EVEN IN THE QUIETEST MOMENTS” getrokken single “GIVE A LITTLE BIT” in verschillende landen in de top 10 kwam. Met dat succes in het achterhoofd, ging de band medio 1978 de studio in en kwam er eind van dat jaar uit met 10 nieuwe tracks. Songwriters Rick Davies en Roger Hodgson waren er in geslaagd een prima album bij elkaar te pennen, waarbij de harmonie tussen de verschillende songs ervoor zorgde dat het album als een geheel klinkt. De meer commerciëlere, door Hodgson geschreven songs (lees: singles) “THE LOGICAL SONG”, “TAKE THE LONG WAY HOME” en het titelnummer verschenen in de diverse hitparades, terwijl dat ook gold voor het door Davies geschreven “GOODBYE STRANGER”. De overige 6 tracks zijn als album zijn ook geweldig, zoals de opener “GONE HOLLYWOOD”, waarbij Davies en Hodgson de lead zang delen, “OH DARLING”, waar het typische Supertramp keyboardsound te prominent te horen is en door Davies prachtig gezongen wordt en de schitterende ballade “LORD IS IT MINE”, dat door Hodgson gezongen wordt en die doet dat op een werkelijk prachtige wijze. “JUST ANOTHER NERVOUS WRECK” en “CASUAL CONVERSATIONS” zijn weer Rick Davies songs, de eerste uptempo en uitgroeit tot een lekkere Supertramp rocker en de tweede een klein lief liedje is. Het slotakkoord is voor “CHILD OF VISION”, waar opnieuw het Supertramp keyboard geluid het nummer draagt en in zeven en een halve minuut neemt de band je mee in een boeiende en beklemmende progressieve rocksong van ongekende klasse met een niet te vergeten saxofoonpartij van John Anthony Helliwell. “BREAKFAST IN AMERICA” zorgde voor de grote internationale doorbraak en daar heeft de band niet lang van genoten. Na de tournee van de opvolger “FAMOUS LAST WORDS…” stapte Roger Hodgson uit de band en was het grote succes verdwenen en zou ook niet meer terug komen. Optreden hebben beide partijen nog jarenlang gedaan, Hodgson komt zelfs regelmatig naar Nederland voor concerten, waarbij nog regelmatig veel songs van dit album gespeeld worden…superplaat!!
Supertramp - Crime of the Century (1974)

5,0
1
geplaatst: 2 augustus 2017, 11:03 uur
De Engelse band Supertramp is een typisch “seventies album band”. De band begon eind jaren zestig met het tandem Rick Davies en Roger Hodgson dat zich snel ontwikkelde als belangrijkste songwriters. De eerste twee albums brengen niet het gewenste en gehoopte succes en de band trekt zich terug. In september 1974 wordt na 3 jaar stilte een nieuw album uitgebracht, met 3 nieuwe bandleden naast Davies/Hodgson en de songs worden gedomineerd door de grand piano, wurlizer piano en saxofoons. Het geluid is iets verandert en klinkt vol en de songs zijn van een grote kwaliteit op het album dat "CRIME OF THE CENTURY" is genoemd. Producer Ken Scott zorgt voor het beetje extra dat het album tot klassieker in het Supertramp genre doet uitgroeien en de tracks "SCHOOL" en "DREAMER" zijn de radio tracks van het ruim 44 minuten durende album. De zware, wat sombere songs die Davies zingt worden perfect afgewisseld met de vrolijke en luchtere Hodgson songs. Met nummers van ruim 3 minuten tot ruim 7 minuten (“RUDY”) is ook daarin de variatie te vinden. Dit is de wijze waarop de heren bleven werken. Met “GIVE A LITTLE BIT” scoren ze in 1977 zelfs een international hit en het album “BREAKFAST IN AMERICA” is een kaskraker. In 1982 verschijnt “FAMOUS LAST WORDS…” en dat is het laatste album met de succesformatie, want Roger Hodgson stapt uit de band en begint een solo carrière. Zowel hij als Supertramp brengen platen, maar het succes van de jaren ’70 en begin ’80 behalen ze niet meer. Tegenwoordig vecht Rick Davies tegen kanker en tourt Hodgson de wereld rond met zeer succesvolle live optredens. Met “CRIME OF THE CENTURY” begon dat allemaal…wat een plaat!
Supertramp - Even in the Quietest Moments... (1977)

5,0
4
geplaatst: 11 januari 2020, 18:10 uur
Het vijfde album van Supertramp, het derde nadat de groep zijn definitieve samenstelling had gekregen, verscheen op 10 april 1977 en zou de band zijn eerste grote single hit opleveren, “GIVE A LITTLE BIT”. “EVEN IN THE QUIETEST MOMENTS” was de opvolger van “CRISES? WHAT CRISES” waarop de Engelsen probeerden het succes van “CRIME OF THE CENTURY” uit 1974 een vervolg te geven. Dat lukte qua verkoopcijfers misschien wel, artistiek scoort het album iets minder dan die klassieker uit het oeuvre van Supertramp. Dit album uit 1977 scoort artistiek weer beter, voornamelijk door de legendarische afsluiter, “FOOL’S OVERTURE”. Dit epos, geschreven en gezongen door Roger Hodgson is een hoogtepunt op het album, bij concerten en scoort ook hoog in de Top 2000. De 7 tracks zijn stuk voor stuk prachtige songs, te beginnen bij het commerciële “GIVE A LITTLE BIT”, dat in Nederland de tweede plaats in de Top 40 wist te bereiken. “LOVER BOY” is een typische Rick Davies song, somberder, zwaarder, maar met een aanstekelijke melodielijn en geweldige gitaarbijdragen van Hodgson. Het titelnummer is weer van Hodgson, liefelijk begin, mooie opbouw die toewerkt naar een climax, die niet echt komt. De saxofoonbijdragen van John Anthony Helliwel zijn smaakvol. “DOWNSTREAM” is een solo nummer van Davies, alleen piano en zang…prachtig. “BABAJI” is een opgewekte Hodgson track met een mooie symfonisch tussenstuk. “FROM NOW ON” is ook een klassieker geworden, die tijdens concerten vaak op de setlist stond. Een song in traditie van “BLOODY WELL RIGHT” en “AIN’T NOBODY BUT ME” van de voorgaande albums. Prachtige opbouw, mooie gitaarpartijen, melodielijn die in hoofd blijft zitten en een orkestraal outro. “FOOL’S OVERTURE” is zoals gemeld het hoogtepunt van het album, schitterende opbouw, prachtige keyboard en piano partijen en de saxofoonpartij tegen het einde geeft het nummer net dat beetje extra. Een klein deel van de toespraak van de Engelse premier Winston Churchill op 4 juni 1940 in het House Of Commons is verwerkt in dit nummer…”Never Surrender”. De ritmesectie Bob Siebenberg (drummer) en Dougie Thomson (bassist) zorgen voor een degelijke basis en ook voor het typerende Supertramp geluid. De band ging uitgebreid op tournee met dit album en kwamen pas 2 jaar later met de opvolger, “BREAKFAST IN AMERICA”, waarmee het commerciële succes zou worden vergroot. Artistiek blijft dit album wat mij betreft hoger scoren, waarmee het voor mij ook een klassieker is….en blijft!
Suzan & Freek - Gedeeld door Ons (2019)

0
geplaatst: 5 oktober 2019, 11:52 uur
Het duo Suzan (Stortelder) & Freek (Rikkerink) maken al jaren samen muziek en hun cover van ‘DON’T LET ME DOWN” van The Chainsmokers ging in 2016 wereldwijd viraal en ze kregen daarvoor de complimenten van de band zelf. In 2017 brachten ze een EP uit, “GLASS HOUSE SESSIONS” met daarop 5 covers, zoals het van Shakira bekende “HIPS DON’T LIE” en “JOLENE” (Dolly Parton). Het uit respectievelijk Zieuwent en Harreveld afkomstige koppel bracht vorige jaar de zelfgeschreven song “ALS HET AVOND IS” uit en die prachtige song bereikte pas in de 17e week de eerste plaats in de Top 40. Na 29 weken verdween deze superhit uit de hitparade, maar inmiddels stond de opvolger al klaar, “BLAUWE DAG”. Deze song bivakkeert al 10 weken in de top 10 van de Top 40 en daarmee is het een geslaagde en succesvolle opvolger van “ALS HET AVOND IS”. Het eerste volledige studioalbum van het duo is nu uit en is getiteld “GEDEELD DOOR ONS”. Tien mooie, puur, catchy en een akoestisch aandoende liedjes met mooie teksten die verder gaan dan het simpele “ik hou van je en blijf je trouw”. Het merendeel van de songs is rustig, maar er staan ook enkele heerlijke uptempo tracks op, zoals "NOG EVEN DIT". Het geheel klokt net geen 30 minuten en dat is wel wat aan de korte kant. Als ze bij de opvolger de kwaliteit van de songs kunnen vasthouden, zo mooi blijven zingen zoals op “GEDEELD DOOR ONS” en iets meer songs kunnen aanleveren dan nu, dan komt het helemaal goed. Al dien ik daar wel bij aan te tekenen dat voor mij altijd kwaliteit vóór kwantiteit gaat, en dat is op dit debuut zeker van toepassing. We kunnen andermaal trots zijn op de Achterhoek!
