MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten aERodynamIC als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Gabby Young & Other Animals - One Foot in Front of the Other (2014)

poster
5,0
Dat ik de muziek van Gabby Young heb leren kennen door Stephen Ellis (haar partner) zal niemand hier verbazen. Buiten dat ze hun leven samen delen speelt Stephen ook in haar band en is hij zeker op dit nieuwe album behoorlijk aanwezig als producer en mede-componist van de nummers.

Prachtige nummers kan ik wel zeggen.

Toen Stephen vorige maand huiskamerconcerten gaf liet hij mij thuis twee nummers van dit album horen: hij was er zo enthousiast over en de moderne techniek stond het toe dat ik even heerlijk kon wegdromen op de mooie klanken van Fear of Flying en Another Ship met naast me een glunderende Stephen.
Wat me opviel aan deze nummers was de melancholie. Dat de zang van de klassiek geschoolde Gabby sterk is wist ik al wel maar dit was toch een wat andere kant die ik hier te horen kreeg.
Zou het dan toch minder circus-swing zijn geworden deze keer?! Het is bijna ondenkbaar want het hoort bij Gabby, net als de schitterende jurken en rode haar.

Ik keek enorm uit naar One Foot in Front of the Other. Niet omdat de vorige albums torenhoge favorieten waren (ik vind ze geweldig daar niet van; ze hebben mijn muzikale leven niet veranderd zeg maar) maar juist deze twee nummers maakten we enorm nieuwsgierig. Dit moest wel bijzonder gaan worden!
En dat is dus ook het geval.

One Foot in Front of the Other is een enorm afwisselend album geworden dat start met het jazzy walsje Sur la Lune (... a French Ditty). Alsof je in een oude zwart-wit foto van Parijs bent terecht gekomen waar alles opeens tot leven komt. Romantiek ten top en dat druipt van dit nummer af: een welkome binnenkomer.

We gaan gelijk door naar de warme sound van Time en dat doet deze Zita Swoon-liefhebber goed: ik hoor de vibe die te horen was op albums als Big City en Big Blueville maar dan krijgen we al snel die zo kenmerkende Gabby schwung toegevoegd waar de blazers een enorme hoofdrol toebedeeld krijgen. Wie hier niet vrolijk van wordt kan maar beter heel ver van dit album wegblijven en dat zou dom zijn, heel dom. Ik krijg hier zeer goede zin van.

Fear of Flying dat hierna volgt is zo'n ongelooflijk mooi en kleingehouden liedje..... lieflijk van klank en met een loepzuivere Gabby in de hoofdrol. Ze heeft echt niet altijd toeters en bellen nodig. Oh wat ben ik van dit liedje gaan houden en wat zal ik dat de komende tijd (en hopelijk voor altijd) ook blijven doen. Zo hoor ik ze graag.

'Pay attention' voor I've Improved met de Caribische invloeden. Deze vrolijke single is het album al voorgegaan en heeft een mooie videoclip waar de albumcover van afgeleid is.
Herbeluistering binnen dit hele album zorgde ervoor dat ik veel dingen ontdekte die ik niet eerder hoorde: geluiden, instrumenten, loopjes en gelijk besefte ik hoe goed haar nummers in elkaar zitten.
Dit gaat de komende tijd nog een flinke ontdekkingsreis worden denk ik zo.

Another Ship is een ballad waar de akoestische gitaar een grote rol speelt. Voor het eerst komt de naam Revere naar boven maar Gabby is zo'n sterke zangeres dat dat gevoel ook snel weer verdwijnt. Een prachtig nummer met een mooi outro. Meer kan ik er niet van maken en meer is ook niet nodig om mij in vervoering te doen geraken.

De titelsong One Foot in Front of the Other kenmerkt zich door de schitterende samenzang en de gospel-vibe die er in zit. Piano en subtiele blazers plus geweldige opbouw maken van dit nummer iets heel bijzonders. Je voelt dat de uitbarsting komt en die krijgen we aan het einde dan ook. Wat een hemels mooi nummer!

Ook Saviour gaat rustig van start: Gabby en akoestische gitaar zijn voldoende om de aandacht al snel te vangen. Kleingehouden liedjes als deze passen ook perfect bij Gabby en wat doen de vocalen hier goed hun werk: de stem als instrument, de samenzang, de zwierigheid..... het kan zo mooi zijn.

'I'm in the choir and you were running a cathedral' zo opent The Devil Has Moved In onder begeleiding van de viool. Al heel snel geraak je in een wervelwind Gabby Young & Other Animals genaamd. Als groot Marc Almond liefhebber hoor ik hier een stijl die deze artiest ook soms hanteert. Hij had het zo kunnen zingen. U snapt dat dit dan gelijk extra punten oplevert

Back of the Car kent ook een behoorlijk akoestische opzet met wederom zeer fijne muzikale toevoegingen, niet al te nadrukkelijk de hoofdrol opeisend maar perfect opgaand in het geheel en dat is de kracht van dit hele album. Waar het op de vorige twee soms een beetje too much was daar blijft het hier allemaal wat beter in kaders en dat maakt de nummers extra krachtig.

Smile ben ik vaker in live-versies tegengekomen. Het is de vrolijkheid die we kennen van de vorige albums. Nummers die veel mensen die ik over deze band hoor toch wat minder vinden. Misschien zijn wij Nederlanders toch wat te nuchter hiervoor? Houden we meer van deprimerende muziek? Geen idee. Het is in elk geval kleurrijk en het verpest mijn humeur zeer zeker niet. Ja die Smile komt er al snel als ik dit hoor.

Back When We Started is heerlijke zomerse swing. Zie een tropische eiland vol blije mensen. Het leven is goed en er mag genoten worden. Dit nummer is een heerlijk feestje en verkent weer een nieuwe weg die goed bij deze band past. Op Facebook verscheen een behoorlijke tijd geleden al een filmpje waar Stephen aan het stoeien was in de studio en dat was dit nummer. Ik kan concluderen dat het goed is uitgepakt. Wat een heerlijkheid. Ik snap dat niet iedereen dit geweldig zal vinden: te feestelijk, te uitbundig wellicht maar het kan echt geen kwaad je hier aan over te geven.

Jessica is een bonustrack gestript van alle opsmuk. Het klinkt als een demo (is het wellicht ook). Gabby puur. Een echte bonus. Even bijkomen van het schitterende avontuur dat je net hebt meegemaakt.

iTunes levert nog een Cajita Remix van I've Improved. Leuk, maar dit soort remixen voelen voor mij vaak wat misplaatst op albums. Een leuk kadootje zullen we maar zeggen.
Hoe dan ook zorgt dit nieuwe album van Gabby Young & Other Animals voor een enorme smile op mijn gezicht en lost ze mijn hooggespannen verwachtingen zeker in.
Nu heb ik nog meer zin in haar optreden op 13 april in Tivoli's Spiegelbar (Utrecht).

Gabriel Garzón-Montano - Agüita (2020)

poster
4,0
Eerlijk is eerlijk: voorganger Jardín is niet erg blijven hangen. Een echte 3,5* plaat die niet verder heeft weten te groeien en in de vergetelheid is geraakt. Zo'n prima album met net iets te weinig prikkels.

Als je dan met een hoes komt die mij aan Lovesexy van Prince doet denken lukt het toch om de aandacht op je te vestigen. Dan is het hopen dat er deze keer wat meer blijft hangen of in elk geval weet te prikkelen.

Dat lukt al goed met opener Tombs: strijkers, een lieflijk melodietje met een venijnig gitaargeluid erdoorheen gewoven.
With a Smile is wat meer r&b met een tegendraadsheid die me doet denken aan de aanpak van Moses Sumney.

Wat volgt is een rijk avontuur vol reggaeton, latin hip-hop, en jazzy-akoestisch getinte nummers met een twist.
Het blijkt een rollercoaster waarin je alle kanten op geschud wordt en waar Gabriel je toch aan boord weet te houden doordat het klankpalet goed op elkaar aansluit, hoe divers de stijlen ook zijn.

Het is geen makkelijk album en je moet er even voor gaan zitten en het op je in laten werken. Zelfs de wat uitbundig, zomers klinkende klanken zijn gelaagder dan je denkt.

Agüita maakt indruk met net als bijvoorbeeld bij Moses Sumney het probleem dat je er voor in de stemming moet zijn. De ene keer valt je mond open van verbazing over het gebodene, de andere keer irriteert en schuurt het net iets te veel.

Het zijn lastige albums, waarvan de tijd leert of ze blijven hangen. Zou deze in tegenstelling tot Jardín wel langer blijven hangen bij mij? Zo op het eerste gehoor een stap voorwaarts wat mij betreft.

Gaïsha - Ana Aïcha (2023)

poster
4,0
Nederland kent Altin Gün, een Nederlands / Turkse band. Ook No Blues is met hun arabicana niet onbekend.

België kent Natacha Atlas, een Belgische zangeres met wortels in Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Maar België kent ook Gaïsha. Aïcha Haskal heeft Marokkaanse wortels en werkt op Ana Aïcha samen met muzikanten uit de Belgische muziek scene, en ik als Nederlander blijf die scene toch bewonderen. Ja, we hebben genoeg moois in ons land, maar het lijkt of de Belgen op dat vlak net even wat meer in huis hebben. In elk geval meer dat mijn muzikale hart sneller doet kloppen.

De hoes van dit album trekt mijn aandacht. Het nodigt uit. Toch was het niet de hoes. Ook niet die bijzondere samenwerking. Het is, in kort tijdsbestek, alweer deze site die me een duwtje geeft. Deze keer gaan de credits naar Kronos die goed aanvoelt dat Ana Aïcha mij zou kunnen bevallen. Want dat doet het.

Mysterieus vermengd met nuchterheid. Andere talen dan altijd maar weer het Engels. Het oosten die met het westen een dans aangaat. Opzwepend en tijdloos. Quentin Tarantino verpakt in een ruime 35 minuten muziek.

Ingrediënten die Ana Aïcha tot een geweldige bonte grabbelton maakt waar alles op zijn plaats valt en mij alleen maar met een enorme glimlach achterlaat.

Gavin Friday - Adam 'n' Eve (1992)

poster
4,0
Gavin Friday valt voor mij in de categorie 'theatrale artiesten', een hoek waar ik ook een Marc Almond onder schaar.
Dit album is iets minder spannend dan Each Man Kills the Thing He Loves maar het mag er zeker wezen.
Opener I Want to Live doet wat dat betreft al wonderen. Het werd een bescheiden hitje en terecht.
Falling off the Edge of the World begint al wat donkerder en heeft ook wat meer drama in zich: doet het altijd goed bij mij. Vooral het orgeltje geeft er een lekker tintje aan mee en als ik dan ook Maria McKee op de achtergrond hoor kan mijn geluk niet op (ze doet ook mee op I Want to Live). Wel verdwijnt het donkere wat het aanvankelijk beloofde naar de achtergrond, maar ach ik klaag niet met Maria als vocaliste.
King of Trash laat een soort Bono-geluid horen en de U2-link is gemaakt. Het heeft ook wel een U2-sausje maar mooi dat Gavin het op zijn album heeft staan want het is een sterk nummer.
Why Say Goodbye doet me telkens weer aan Blur denken maar in dit geval moet ik dan zeggen dat Blur blijkbaar geluisterd heeft naar Gavin Friday. Een wat luchtig popnummer maar wederom een sterke.
Saint Divine klinkt ook toegankelijker en heeft iets zwoels in zich, een combinatie die je niet snel maakt met Friday. Ik kan het hier niet laten.
Op Melancholy Baby horen we dan eindelijk dat theatrale waar ook een Almond niet vies van is. Ik ben dat ook niet want ik beschouw het zeker als een van de betere nummers op dit album.
Fun and Experience heeft weer zo'n britpop-geluid wat ik ook in het al eerder genoemde Blur terug hoor. Poppy en vrolijk: het is wennen maar dat deed het al snel bij mij.
The Big No! No! is wat experimenteler en heeft leuke wendingen en Where in the World vind ik dan weer wat meer teruggrijpen naar het vorige album en klinkt wat meer 80's (ook al is het dat niet).
Het melancholische Wind and Rain bevat meer synths maar komt toch erg warm over. Ik vind dit zo'n typische albumsluiter en het had dan ook stuivertje mogen wisselen met Eden, een nummer waar ik nooit goed hoogte van heb kunnen krijgen.
Wat mij betreft leverde Gavin Friday met wederom hulp van The Man Seezer een sterk album af!

Gavin Friday - catholic (2011)

poster
4,0
Shag Tobacco dateert van 1995...... wie had ooit kunnen denken dat er nog eens een nieuw album zou komen en dan ook nog eens met zo'n opvallende titel en hoes?!

Laat ik beginnen te zeggen dat ik een groot Gavin Friday liefhebber ben. Ik hou van zijn pathos en zijn donkere kanten.
Ik weet dat hij flirt met Bono en het is dan ook niet verbazingwekkend dat opener Able een behoorlijk groot U2-sausje heeft gekregen. Erg? Nee. Het valt een beetje in de categorie Angel van het album Shag Tobacco. Niks mis mee, maar ook niet bepaald verrassend. Heeft ie daar nu 16 jaar over moeten doen? Prima popnummer trouwens met het kenmerkende Friday geluid. Ik hou er blijkbaar nog steeds van.
Land on the Moon is een rustig nummer waar het ietwat hese stemgeluid goed tot zijn recht komt. Amy Odell, dochter van producer Ken Thomas, vertolkt hier de vrouwelijke vocalen en vraag me niet waarom maar ik moest denken aan het duet Don't Give Up van Peter Gabriel en Kate Bush. Het lijkt er verder totaal niet op. Het sfeertje misschien?
A Song That Hurts doet me erg denken aan de muziek van Aqualung. Het zal ongetwijfeld de manier van zingen op dit nummer zijn die daar voor zorgt. Ietwat mysterieus sfeertje er omheen en de vergelijking is te begrijpen voor degenen die bekend zijn met Aqualung. Sfeervol en mysterieus met een hoge dosering electronica zonder dat het koud en kil wordt. Filmisch? Jazeker, niet zo verwonderlijk als je weet dat Gavin Friday zich daar de laatste jaren ook mee bezig heeft gehouden.
The Only One verlaat het mysterieuze pad en ontvouwt zich als een mooi midtempo popnummer. U2 ligt weer sterk op de loer maar zolang het pareltjes als deze oplevert kan mij dat niet schelen. Die connectie is er trouwens wel vaker geweest dus dat mag geen verrassing heten.
Blame gaat van start als een Mark Lanegan-achtig nummer. Beetje slepend, donker en het heeft iets licht rauws in zich, minder rauw dan Lanegan want daarvoor herbergt dit nummer ook weer wat liefs.
The Sun & the Moon & the Stars is wederom een midtempo nummer. Wat dat aan gaat kent catholic wel een bepaalde flow en daar past dit nummer uitstekend in. Het ademt een beetje de sfeer van Cocteau Twins wat niet raar is omdat Ken Thomas die band ook onder zijn hoede heeft genomen in het verleden.
It's All Ahead of You vind ik een prachtig sfeervol nummer vol gracieuze momenten op uiterst subtiele wijze uitgevoerd. Het is een uiterst knuffelbaar nummer ook. Nergens venijnig maar wel lief zonder klef te worden.
Bij Perfume gaat het tempo eindelijk wat omhoog en krijgen we wat meer ritme. Hoe heerlijk grauwt Friday hier door het nummer heen om daarna weer vrolijk mooi verder te zingen. Je zou haast aan Tricky gaan denken als je dit hoort. Lekker nummertje dat goed in elkaar zit en heerlijke wendingen kent met allerlei geluidjes op de achtergrond in zowel vocalen als muzikale begeleiding.
Epilogue is niet het einde van dit album. Het had gekund nadat een kerkklok het vorige heeft uitgeluid maar het is niet zo. 'The Best is yet to come' zingt mister Friday repeterend en dan ben ik benieuwd of dat ook zo is want het gebodene was tot nu toe al niet mis.
Where'd Ya Go? Gone mag dat als eerste gaan bewijzen. Het begint al een beetje spooky als een echo in de duisternis. Haast fluisterend, bezwerend wurmt Friday zich ruim 4 minuten lang door dit nummer. De instrumentatie draagt hier zeker ook aan bij. Zeker een prachtig nummer met een uitstekende opbouw (die wederom wat aan het betere U2 werk doet denken).
Afsluiter Lord I'm Coming heeft Moya Brennan als gast. Het is een perfecte afsluiter: haast devoot (hoe kan het ook anders met zo'n titel die met een kleine c moet worden geschreven).

Met catholic weet Gavin Friday mij absoluut niet te verrassen en ergens misschien maar goed ook. Na zo'n lange tijd hoop je gewoon op wederom een mooi album van de man en die krijgen we zeer zeker. Het is geen Shag Tobacco of Each Man Kills the Thing He Loves maar dat maakt niet uit omdat catholic gewoon een uitstekend album is dat een bepaalde midtempo flow heeft gekregen die ondanks dat niet gaat vervelen.
Het heeft even mogen duren maar ik ben blij dat ie terug is, voor zover hij überhaupt weg was uiteraard.

Gavin Friday - Shag Tobacco (1995)

poster
4,5
c-moon schreef:
Cabaret! Tongue-in-cheek-plastic pop.... camp....

Maar...
Ook... en vooral...


.....een ijzersterk album van een artiest waar ik een zwak voor heb zoals ik een zwak heb voor de meeste artiesten die balanceren tussen kunst & kitsch.

Het broeierige Shag Tobacco is gelijk al een schot in de roos. Maar weinigen zijn het gegeven om zo geil, zwoel en tergend pesterig te kronkelen. Massive Attack kan het als geen ander en dit is op z'n Fridays. Heerlijk.
Als ik de titel Caruso zie moet ik elke keer weer denken aan Pavarotti maar daar heeft deze Caruso niks mee van doen. Ook dit nummer heeft iets looms in zich maar klinkt scherper en grootser dan de opener en mist daardoor het broeierige en krijgt er juist dat kitscherige voor terug waar ik meestal zo dol op ben.
Single Angel is een wat zoeter nummer en ik snap ook wel dat dit als single is uitgebracht. Het is vrij poppy en heeft de Bono-galm waar Friday ook niet vies van is. Het wordt hem wel eens verweten dat hij te veel loopt te koketteren met zijn vriendschap met Bono. Ik weet niet of dat terecht is, wel horen we invloeden terug in zijn werk maar ik denk dat dit zeker ook andersom is en dat vergeten velen vrees ik.
Little Black Dress heeft een funky sausje meegekregen door de sax en hierdoor gaat het een beetje richting namen als Cousteau, Tindersticks e.d. maar zeker ook U2 begin jaren '90 klinkt er sterk in door.
The Slider lijkt wat experimenteler en heeft een hoop in zich wat ik (en mijn voorgangers) al eerder te melden hadden: emo - rock met een druppeltje weltschmarz van de bovenste plank, cabaret! tongue-in-cheek-plastic pop.... camp.... en denk ook eens aan een David Bowie. Jammer dat het nummer wat abrupt stopt.
Dolls klinkt weer aanvankelijk weer wat geiler: dit door het gefluister en spannende begeleiding. Toch weet Friday zich al snel niet in te houden en komen er instrumenten en koortjes bij die dit gevoel dan weer achter je laten wat wel een spannend nummer oplevert.
Mr. Pussy klinkt mij meer als Bowie in de oren dan Bono maar dat zal het cabaret-gehalte van dit nummer wel zijn. Het had ook zo een Marc Almond-song kunnen wezen. Geweldig nummer!
You, Me And World War Three is het popniveau van Angel. Redelijk hitgevoelig maar daardoor ook net even wat minder spannend. Beslist geen slecht nummer want het bevat genoeg scherpe randjes maar het valt wel wat meer op tussen de andere nummers.
Kitchen Sink Drama is in een warm bad stappen, jezelf onderdompelen en even weg van de wereld zijn. Een beheerste, rustig voortgaande popsong.
My Twentieth Century borduurt voort op het vorige nummer: een relaxte popsong waar niets mis mee is en wat iets minder freakerig is.
Cabaret keert terug op The Last Song I'll Ever Sing mede door de zwierige viool die het nummer ondersteunt en het wiegende karakter.
Le Roi d'Amour is een instrumentale afsluiter die mij altijd wat minder opvalt maar toch langzaam onder m'n huid weet te kruipen.
Hiermee levert Gavin Friday een enorm meesterwerk af en weet het Each man Kills the Thing He Loves bijna te evenaren. Dat album blijft een lichte voorkeur genieten maar dat is in sterretjes al niet meer uit te drukken dus op dat gebied verkeert het op dezelfde hoogte.

Gavin Friday & The Man Seezer - Each Man Kills the Thing He Loves (1989)

poster
4,5
Dat ik een voorliefde heb voor muziek met donkere en of kitscherige randjes mag wel bekend zijn getuige mijn voorliefde voor artiesten als Marc Almond of Nick Cave.
Onvermijdelijk natuurlijk dat ik ooit ook in aanraking kwam met dit album.

Zo doet Each Man Kills the Thing He Loves al gelijk denken aan die ene held van mij (Marc Almond). Lekkere pop met barokke en zwierige kantjes. Donker? Nee dat niet. Lekker? Dat zeker. Het avontuur mag rustig verder gaan: we zijn binnen.
Binnen in een donker en duister nachtcafé met allerlei vage figuren die tegelijkertijd afstoten en aantrekken. Het Bowie-achtige Tell Tale Heart vormt daarbij een perfecte soundtrack. De band Pulp moet hier zeker ook naar geluisterd hebben want hun sound is hier zeker in terug te vinden.
Apologia doet denken aan de broeierige jaren '30 sfeer in cabaret-stijl. Dansen op de vulkaan was het, want het feest zou al snel over zijn. Liefhebbers van dit nummer verwijs ik graag door naar Marc Almond's Mother Fist and Her Five Daughters. Ontroerend nummer.
Dazzle and Delight is ook donker. Friday zingt vol smart maar gaat nergens over het randje. Dit nummer heeft zelfs wat rauws. Een zanger als Peter Hammill kan dit ook zo goed. Je voelt de spanning je aderen binnenslippen.
Next lijkt gespeeld te worden in een zeemans-café waar de hoeren grote lol beleven met de dronken matrozen. De sfeer is groezelig en de helderheid van zijn bezoekers ver te zoeken. Resultaat voor ons luisteraars is een bijzondere cover van Jacques Brel Au Suivant (Next).
Op You Take Away the Sun keert de rust wat terug. Pure melancholie gepropt in ruim vier minuten. Schitterend nummer dat voor mij een hoogtepunt vormt van dit album.
Hierin is het heerlijk pathetisch zwelgen.
Death Is Not The End is uiteraard een zeer bekend nummer die we in meerdere uitvoeringen kennen (tot eentje van Freek de Jonge aan toe). Gavin doet het niet overdienstelijk. Het is een Cave-achtige vertolking geworden (die het zelf later ook nog eens gedaan heeft).
He Got What He Wanted is ook een nummer in wat rustiger vaarwater. Ook hier moet ik gelijk weer aan Pulp denken (kan iemand me vertellen of Jarvis Cocker een fan is?).
Man of Misfortune rockt wat meer. Echt ruig is het niet te noemen want daarvoor is de muziek van Friday net iets te soft. Wel een boeiend nummer met uitstekende (achtergrond-) vocalen.
Rags to Riches kent weer dat cabaretesque. Expressief en romantiek van de donkerste soort. Welkom in de wereld van Gavin Friday dames en heren.
The Next Thing to Murder start wonderschoon als ballad. Dit blijft niet tot het einde toe het geval. Hierdoor kent het nummer een bijzondere spanningsboog en gaat het nooit vervelen.
Love Is Just A Word blijft wel hangen in dat rustige tempo. Het lijkt romantische maar het klinkt op de een of andere manier tock gitzwart. Wederom zo'n Peter Hammill-achtige song.
Another Blow On The Bruise vormt de schitterende, theatrale afsluiter van een album dat we eigenlijk dezelfde omschrijving kunnen meegeven.
Ik zal wel altijd een zwak voor dit soort muziek blijven houden. Je moet er van houden, dat wel.

Gazpacho - Demon (2014)

poster
4,5
Groots en smachtend start Demon in de vorm van I've Been Walking (part 1) en dan weet ik al weer dat Gazpacho het wederom flikt zonder dat ik de rest nog gehoord heb. Is dat raar om zo snel voor jezelf zo'n conclusie te trekken? Wellicht. Maar de combinatie van klaagzang, rockende gitaren, orgel, gitaar en zangeres in de openingstrack zorgen voor een prachtig episch gevoel zoals ook Muse dat vroeger kon. Muse ja, maar dit is minder hijgerig en Gazpacho neemt meer de tijd. Niet voor niets zijn het wederom van die lange stukken.

The Wizard Of Altai Mountain klinkt in de eerste tonen daarna opvallend fris. Lieflijk zelfs (dank klokkenspel). Het oosterse klezmer sausje dat razendsnel volgt geeft het haast een 'gezellig sfeertje' en dat is opvallend te noemen. Er gebeurt verdomde veel in deze muzikale carousel mogen we wel zeggen. Het is in elk geval een kort ritje want het volgende nummer staat al te trappelen.

I've Been Walking krijgt een vervolg inclusief de ingrediënten van deel 1 die dat nummer zo ongelooflijk mooi maken. Ruim 12 minuten vakmanschap krijgen we hier voorgeschoteld. De stem van Jan-Henrik Ohme heeft iets troostends en de gitaarpartijen voelen als een warme deken waar je nooit meer onder vandaan wilt komen. Het is apart om te merken hoe snel je na het uitstapje van The Wizard Of Altai Mountain terug kunt komen in deze wereld. Gooi er een viool in en ik ben dan al snel gelukkig te maken en dat gebeurt hier dus ook. Prachtig nummer op de bekende Gazpacho manier.

Vier nummers is natuurlijk niet veel maar dat zijn we wel van ze gewend. Toch duurt het album 3 kwartier en dat is goed. Nog 2 van die lange tracks had gekund maar doet het album teniet denk ik.
Death Room heeft de eer Demon af te sluiten. Als het start verwacht je een sinister sprookje dat zich zal gaan ontvouwen. Krassend en schurend start het op. Het voelt een stuk ongemakkelijker dan de vorige nummers. Een nummer ook waardoor ik niet meegesleept raak maar dat me wel weet te pakken. Pas na 8 minuten begint dat gevoel wel te komen. Dan slaat geboeidheid om in meegezogen worden in het grootse en warme Gazpacho-geluid. Als ik de viool-solo hoor krijg ik opeens even het gevoel dat ze het er ook wel een beetje om doen, te bedacht wellicht, maar wat geeft het als het z'n effect heeft?! En als de teller op 10 minuten staat en de vreugdevolle carousel weer van start gaat weet ik dat Gazpacho er op dit album helemaal in slaagt om mij te bieden wat muziek voor mij zo geweldig maakt en waardoor ik niet zonder kan: vreugde, verdriet, verwondering, angst; alles dat het leven zo bijzonder maakt.
Deze band verpakt dit alles in 45 minuten muziek waar je u tegen zegt.

Niet iedereen zal u zeggen tegen Demon. Het kan te stroperig overkomen (toch misschien dat dik erop liggende af en toe), misschien te lang voor sommigen en je moet niet vies zijn van lang uitgesponnen nummers en ook de zang van Ohme is wellicht niet aan iedereen besteed (te dramatisch?!).
Maar ik zeg met een welgemeende buiging en oprecht applaus volmondig ja tegen Demon.

Gazpacho wist me ten tijde van Night voor zich te winnen (met dank aan MusicMeter) en bleek een blijvertje waar ik wel het gevoel kreeg dat ze me een beetje aan het kwijtraken waren de laatste 2 albums.
Demon zorgt ervoor dat ik weer één en al oor ben en voor mij persoonlijk leveren ze hier hun beste album af.

Gazpacho - Night (2007)

poster
4,0
Eigenlijk wist ik een tijdlang niet goed hoe ik dit album onder woorden moest gaan brengen. Ik begin steeds beter te begrijpen waarom niet......

Het sluimert langzaam in je hoofd, het kruipt tergend langzaam je muzikale aderen in, het hypnotiseert.
En dat alles gaat langzaam, zeer langzaam, zo langzaam als de pulserende beat op dit magistrale album.
Na verloop van tijd wordt je week, ben je bedwelmd en voel je je als een verslaafde die niet meer weet hoe er aan te ontsnappen.
Droomwereld of waarheid: het is een balans die moeilijk te vinden is. Alles is mistig rondom dit album, maar het geeft je een dusdanig goed gevoel dat niets er meer toe doet.
Bij dit soort bezwerende klanken kun je gerust alles laten voor wat het is. Laat je meevoeren op de stem van Jan Ohme, laat je meenemen naar oorden die voorheen niet leken te bestaan, laat je bloed volpompen met de klanken van Thomas Andersen, Robert Johansen, Mikael Krømer, Jon-Arne Vilbo en Kristian Olav Torp. En geniet. Genieten van muziek die weet te betoveren en tegelijkertijds zo aards is.
Nog steeds weet ik dus niet goed hoe je deze muziek onder woorden moet brengen, maar soms zijn woorden ook gewoonweg te veel en is het beter te zwijgen. Bij deze.............

Maar dan zet ik wel nog even Night op en geniet nog een keer opnieuw.

Gazpacho - Tick Tock (2009)

poster
4,0
Net zo'n eerlijk album als Night. Die betoverde me volledig en dat gebeurde bij meer mensen bleek wel want het was zo'n typische 'musicmeter-ontdekking': nooit van gehoord maar wat een stemgemiddelde en wat een lovende reacties, dat moet je dan wel gaan beluisteren (dank u allen daarvoor). Tick Tock doet dat misschien iets minder maar pakt me weer op geheel andere wijze.
Nog steeds hoor ik Marillion maar ik denk dat dat een stempel is dat we gewoon los moeten laten want ik hoor op sommige momenten in het nummer Desert Flight soms zelfs wat Muse-bombast.
Gazpacho heeft genoeg eigens om ook als dusdanig beluisterd te worden en dat doe ik weer met veel plezier want wederom is het een genot om die viool terug te horen als baken van rust in woelige gitaar-oceanen.
De lange nummers (The Walk is in 2 stukken verdeeld en de titeltrack in 3) weten telkens doorlopend de aandacht vast te houden en dat is ook niet zo verwonderlijk: de viool trekt de aandacht, het koor in Tick Tock en elk nummer is daarmee een avontuur op zich. Daarbij ademt Gazpacho ook op dit album toch die hemelse sfeer van het Marillion album Marbles en laat dat nu toevallig een cd zijn die ik heel erg hoog heb zitten.
Misschien is de impact nu wat minder groot dan bij Night (ik ken de rest niet) maar het doet er wat mij betreft niet echt voor onder.
Tick Tock is een zeer sfeervolle cd die gekoesterd moet worden! Dit zet je niet 'zomaar even op'; hier neem je de tijd voor, je laat je onderdompelen in een warm bad om daar na ruim 3 kwartier gelouterd weer uit te stappen.

Geoffrey Gurrumul Yunupingu - Gurrumul (2008)

poster
4,0
'Björk, Peter Gabriel en Antony zijn al fan......' dat was wat ik in de cd-zaak Plato las om dit album een beetje extra te pushen naar eventuele kopers toe.
Misschien wel goed ook want het trok toch mijn aandacht die het anders niet gekregen zou hebben.
Want dat Geoffrey Gurrumil Yunupingy ooit lid was van Yothu Yindi die ik ken van hun hitje Treaty is nu niet direct een reden om mijn oren te spitsen.
Maar noem deze namen en zeg er bij dat hij een engelenstem heeft die nauwelijks engels spreekt en het daarom doet in Gälpu, Gumatj en Djambarrpuynu dan trekt me dat wel degelijk en ik ben blij dat dat gebeurde want dit is van een bijzondere schoonheid.
Superlatieven te over bij zowel liefhebbers als pers maar ik wil er dan toch een heel kleine kanttekening bij plaatsen; hoe mooi de soberheid ook is, hoe melancholiek ook, mede door de wat kale omlijsting is het hele album aan één stuk beluisteren meestal net even iets te veel van het goede voor mij. Om er in een dromerige sfeer van te raken is het zeer geschikt, maar ik wil ook helemaal in een album op kunnen gaan, er in kunnen kruipen, en dat lukt met Gurrumul net niet genoeg om er een magistraal meesterwerk van te maken (ik ervaar dit album een beetje zoals ik die van Annouar Brahem beleef), maar dat het een mooi album is geworden moge duidelijk zijn.

George Ezra - Did You Hear the Rain? (2013)

poster
4,0
Zeer fijne EP van deze nog jonge artiest met een stem die je niet verwacht bij een 19-jarige. Een belofte? Laat ik zeggen dat ik zeker erg nieuwsgierig ben naar zijn debuut dat ergens in juni moet uitkomen.

Op opener Budapest komt de stem van Ezra zeer goed naar voren met een warme soul-gloed (ik moest een beetje aan Michael Kiwanuka denken die Jake Bugg laat meedoen).
Lekker, denk je dan en vervolgens krijgen we een soort van Nick Cave/Mark Lanegan-achtige stamper in de vorm van single Did You Hear the Rain?. Een grappige combinatie (of eerder tegenstelling) tussen die warme stem en toch wel het furieuze, bluesy dat dit nummer in zich heeft. Heel wat rauwer dan het eerste nummer.
Vervolgens krijgen we Benjamin Twine waarop je haast de neiging krijgt om lekker mee te klappen. Ezra gaat hier helemaal in op om dan vervolgens met het semi-akoestische Angry Hill af te sluiten: een prachtig ingetogen nummer waar zijn stem centraal staat: die oude ziel in dat jonge lijf.

Vier nummers die nogal van elkaar verschillen en daar zit wellicht ook het 'probleem' want vooralsnog weten we niet echt waar Ezra nu voor staat. Ik ben benieuwd wat op zijn debuut straks de hoofdmoot gaat worden.
Aan de andere kant zou dat afwisselende ook wel eens de kracht kunnen gaan worden.
Hoe dan ook een artiest om in de gaten te houden.

George Ezra - Wanted on Voyage (2014)

poster
3,5
Toen ik Budapest voor de eerste keer hoorde wist ik: dit gaat een hit worden! Toen ik George Ezra er snel daarna bij zag wist ik: deze jongen gaat groot worden!

Budapest ligt lekker in het gehoor en de stem van Ezra is opvallend en toch niet storend en als dan blijkt dat het hier om een nog zeer jonge artiest gaat stijgt de verbazing alleen maar, en meneer heeft een lekker smoeltje dus dat scoort zeker ook wel.

Niet zo moeilijk om dus in een vroeg stadium te roepen dat we hier een hit hebben, maar dat het zo snel zou gaan had ik ook niet gedacht: Ezra wordt goed in de markt gezet en dat helpt er zeker aan bij.
Ezra gaat groot worden: de jonge, ietwat alternatieve meiden zwijmelen erbij weg en hun mama's doen fijn mee. En wij, de 'liefhebbers van de betere muziek'? Wij zullen hem al snel helemaal beu zijn. Aan commercieel doen we natuurlijk niet en mooiboys zijn er om te wantrouwen.

Maar daar trek ik me persoonlijk dus niets van aan (ik vind 21 van Adele immers ook nog steeds geweldig) maar ik geef toe: Wanted on Voyage is typisch zo'n album dat ik over een tijd misschien wel eens helemaal beu kan zijn, niet omdat ik er op de radio mee doodgegooid ga worden, want daar luister ik nooit naar, maar meer om dat het op een gegeven moment allemaal net even te veel in hetzelfde straatje ligt (wellicht daar zijn vrij monotone stemgeluid) en ik zomerse deuntjes als Listen to the Man simpelweg te lichtvoetig vind.
Cassy O' is leuk maar begint toch ook al wel een beetje te irriteren.

Het is even afwachten hoe dit album op de lange termijn gaat uitpakken en hoe groot hij daadwerkelijk gaat worden.
In elk geval klinkt het allemaal fijn voor dit jaargetijde, dus een soundtrack voor de zomer van 2014 zou het kunnen worden.
Of dat genoeg is voor de lange termijn, laat staan klassiekerstatus, moeten we even afwachten maar dan nog; George Ezra is jong en kan nog ver komen.
Nu maar hopen dat ie niet te snel uitgekotst gaat worden.

Georgia Mooney - Full of Moon (2023)

poster
4,0
De Australische Georgia Mooney wordt regelmatig in één adem met Kate Bush genoemd. Slimme marketingstrategie of zit er ook wat in?

Lastige. Het gevoel is er wel vanwege de orkestrale klanken en de droomwereld waarin Mooney zich lijkt te begeven. Wellicht ook een wat opvallende stem waar je een beetje tegen moet kunnen, maar verder gaat de vergelijking dan weer mank en zou je kunnen zeggen dat het slim is om dit album met deze vergelijking in de schijnwerpers te krijgen.

Dat zal overigens nog niet meevallen. Fysiek is het album vooralsnog alleen verkrijgbaar via haar bandcamp pagina en dan weet je dat je extra kosten gaat betalen bij het importeren. Nu is de prijs niet heel erg hoog, maar daar komen dan verzendkosten bij plus de extra heffing (als je pech hebt). Is dat iets om er voor over te hebben?!

Ik denk het wel eigenlijk. Mooney levert een album af dat helemaal in mijn straatje past: het is kitscherig, zwierig en vooral orkestraal. Hier kan ik warm voor lopen en dat doe ik dan ook.

Toch zou het kunnen zijn dat ik nu net wat te hoog inzet en er bestaat een kans dat het na verloop van tijd allemaal iets te veel gaat worden. Té zoet, té kitscherig of dat gewoonweg de verveling gaat toeslaan. Het kan dus nog alle kanten op.

Maar tjonge, nu heeft ze me wel even in een ijzeren luistergreep. De tijd moet dan maar gaan uitwijzen of dit blijvend is of dat mijn enorme enthousiasme wat gaat afkalven. Full of Moon weet te betoveren, te intrigeren en klinkt desondanks nog vrij gemakkelijk in het oor. Het mist daardoor wellicht net wat scherpe randjes, maar dat bevalt me hier wel. Hierdoor wordt het nergens potsierlijk of pretentieus.

Andere vergelijkingen zijn wat mij betreft vleugjes Dolly Parton, ABBA en Katie Melua.

Fraai debuut!

Get Well Soon - Love (2016)

poster
3,5
De o zo herkenbare stem van Konstantin Gropper is terug. Het heeft vier jaar geduurd sinds het laatste album, maar in 2014 verschenen er nog vier EP's (samen goed voor 16 nieuwe nummers) dus echt een tijdje weggeweest is ie nu ook niet.

Ik merkte dat mijn liefde voor Get Well Soon elke keer een beetje minder werd. Nog steeds puike werkjes, maar het hartverwarmende gevoel leek steeds verder weg.
Als ik It's a Catalogue hoor komt dat gevoel ook niet terug. Het klinkt allemaal zo gewoontjes, of beter: zoveel andere bands hebben dit al gedaan. Een psychedelisch sausje en meerstemmige zang. Mij iets te weeïg, maar goed, dat is slechts één nummer. Er zijn er nog tien andere.

Die tien andere zijn niet verkeerd, maar blazen me ook niet echt omver. Prima alternatieve popliedjes met die heerlijke, warme stem, alleen kabbelt het mij iets te veel voort allemaal.
Ik krijg er het gevoel bij dat ik ook met de laatste Tindersticks heb: ik kom er niet goed in. Wat dat betreft ligt dat dus geheel aan mij. Ik mis een beetje de magie die ik op de eerste albums wel hoorde.

Als er dan een album overblijft waar je vakmanschap hoort, maar waar de vakman het hart niet heel makkelijk weet te bereiken wordt het toch wat lastiger. Dan blijft er een prima plaatje over waarvan ik hoop dat die beleving nog wel gaat verbeteren. Zo niet, dan is het nog steeds een aardig album. Maar meer ook niet.

Get Well Soon - The Horror (2018)

poster
4,0
Met het vorige album en de laatste EP's verslapte mijn aandacht voor Get Well Soon (Konstantin Gropper). Nog steeds beschouw ik zijn optreden in Rotown (2008) als één van de betere waar ik ooit bij geweest ben, maar heel erg warm lopen voor nieuw werk is er niet meer bij.

Enigszins sceptisch begon ik dus ook aan The Horror. Maar het filmische Future Ruins met prachtige bijdrage van Ghalia Benali schudde me even helemaal wakker. Klassieke muziek zorgt hier wel voor een flinke injectie en dat in combinatie met een filmsoundtrack-achtige sfeer.

Die sfeer slaat tijdens het titelnummer om in grootse jazz-klanken. Nog even en je verwacht dat Frank Sinatra zal gaan zingen, want aan zijn stijl moet je hier toch echt wel denken, een stijl die regelmatig terugkeert. De jaren '30, '40 en '50 zijn ineens niet ver weg meer. La La Land in Duitsland.

En dat orkest blijft een grote rol spelen op het hele album dat oude muziektijden lijkt te willen eren. Groot-groter-grootst. Het is een beetje een gevaar, want Gropper heeft veel ideeën en wil ze allemaal in één nummer proppen. Dat ene nummer is eigenlijk een aaneenrijging van twaalf. Het zou zo een musical kunnen wezen.

Twaalf vrij uitputtende tracks waar niet iedereen even goed mee uit de voeten zal kunnen. Maar aangezien ik altijd wel dol ben op bombast kom ik hier goed aan mijn trekken en vind ik dit weer een fijne voortgang t.o.v. zijn vorige album.

Get Well Soon - The Scarlet Beast o' Seven Heads (2012)

poster
4,0
De impact die debuut Rest Now, Weary Head! You Will Get Well Soon met bijbehorend optreden in Rotown op mij had zal waarschijnlijk wel nooit meer geëvenaard worden. Punt.

Zo dat is er alvast uit.

Vexations was een mooi sfeervol album. Zeer degelijk en ik hoopte dat The Scarlet Beast O' Seven Heads dat ook zou gaan worden.
En dat is dus ook zo. Wederom schotelt Konstantin Gropper ons warme, broeierige en soms licht exotische muzikale landschapjes voor.
De verrassing is misschien weg maar de bloedstollende nummers zeker niet.
The Scarlet Beast O' Seven Heads staat vol zwierige nummers meestal in mid-tempo. Alsof je in een romantische carousel zit die dan ook nog eens vertraagd rondjes draait: beelden worden wazig, kleuren vloeien in elkaar over en de tijd lijkt weg te vallen. Het leven in slow motion. Nostalgie alom.
Van The Scarlet Beast O' Seven Heads komen romantische gevoelens naar boven en romantiek is tijdloos.

Doet u mij nog maar een rondje....

Get Well Soon - Vexations (2010)

poster
4,0
Nieuwstad schreef:
Op het eerste gezicht een beetje een tegenvaller.

Toen ik deze opmerking las dacht ik 'oei, dat zou zomaar kunnen'.
5 Steps / 7 Swords is een uitstekend nummer maar zelf schreef ik er al wel het volgende over:
aERodynamIC schreef:
Op myspace is al wat te horen van dit album (5 Steps / 7 Swords) en dat bevalt me weer prima (wel een beetje meer van hetzelfde).

Mijn hoop was dus dat de rest toch voor verrassingen zou zorgen en als ik dan zo'n opmerking lees vrees ik het ergste. Maar is het heel erg? Is een album met meer van hetzelfde vervelend? In sommige gevallen heb ik daar geen last van (de nieuwe Kings of Convenience eerder dit jaar is een goed voorbeeld), maar meestal waardeer ik het wel als er wat 'vernieuwende elementen' worden toegevoegd hoe klein ook. Juist bij uitgesproken muziek als die van Get Well Soon. Muziek die ik enorm ben gaan waarderen en waar hun live-optreden in de zomer van 2008 flink aan bijgedragen heeft (ik vond het geweldig). Ik was opeens erg onzeker over deze release.

Nausea opent als een sprookje dat zich afspeelt in het bos (met dank aan de vertelster). Efteling-achtige harp luidt een feeërieke sfeer in. Dromerig zie je de trollen en elfjes in het woud dansen en darren (ja dames en heren: Eftelings Droomvlucht is hier niet ver weg). En ondanks dat het slechts een kleine 3 minuten duurt is het Konstantin Gropper gelukt mij zijn wereld in te trekken.
Seneca's Silence zorgt er voor dat ik nog veel verder verdwijn uit de wereld van vandaag, mede dankzij de koptelefoon op mijn hoofd waardoor alles nog beter tot zijn recht komt. Alle instrumenten gaan een perfecte dans met elkaar aan: violen, xylofoon en blazers. Het Beirut-sfeertje dat ik op de voorganger nog wel eens hoorde blijft hier wat achterwege ondanks dat we uiteraard nog steeds een beetje in dezelfde vijver blijven vissen evenals die van Arcade Fire. Het is en blijft vrij barokke muziek.
We Are Free klinkt redelijk luchtig en dat valt me tot nu toe toch al wel op: waar het vorige album soms behoorlijk dichtgeplamuurd was daar valt dat hier tot nu toe mee. En dat is heel knap, want er wordt wel degelijk met aardig wat muzikanten gewerkt en de sfeer is nog steeds orkestraal. Heerlijk nummer trouwens met een haast Belle & Sebastian-achtige vrolijkheid. Ik raad ieder aan om dit zeker ook met een koptelefoon op te beluisteren want dan ontvouwen zich een hoop mooie dingen.
Red Nose Day valt vooral op door de zang van Gropper die als begeleiding schitterende backing vocals heeft gekozen o.a. in de vorm van opera-achtige zang. Heel ingehouden en heel betoverend. Nergens de bombast die we toch wel kennen van Get Well Soon, maar een eenvoud aan ingehoudenheid waarmee een tijdloze sfeer ontstaat. Het zou een perfecte soundtrack kunnen zijn van het boek De Schaduw van de Wind, geschreven door Carlos Ruiz Zafón. Vraag me niet waarom maar ik moet daar bij dit nummer aan denken en dat beeld laat me niet los. Schitterend!
Opeens valt 5 Steps / 7 Swords voor mij dan toch een beetje uit de toon. Dit nummer had zo op Rest Now Weary Head! You Will Get Well Soon kunnen staan. Dat is op zich niet erg maar het zorgde dus wel voor die door mij genoemde nerveusheid over het al dan niet aanslaan van dit album. Dat even loslatend is dit wel degelijk een zeer goed nummer dat prima in elkaar steekt. De verrassing is een beetje weg, maar goed, dat komen we vaker tegen zullen we dan maar zeggen.
We Are Still zorgt nog even voor een kerstgevoel (niet heel vreemd, want Get Well Soon heeft al vaker gezongen over kerst). Het is een intermezzo dat snel overgaat in A Voice in the Louvre waar de banjo tevoorschijn wordt getoverd. Ook hier weer een ingetogen sfeer die een soort onderhuidse spanning met zich meebrengt. Of moet ik zeggen onderkoeld?! Er hangt ook iets zeemans-achtigs in. Ook dit nummer komt erg filmisch op me over en dan vooral uit vervlogen tijden. Hoe mooi is het dan ook als er halverwege een lichte cadens optreedt die eigenlijk nooit tot volle bloei komt (vandaar ook dat ingehoudene). Juist door de boel strak te houden weet het nummer op te vallen en ontvouwt het zich als een rijpe song die misschien met de tijd alleen maar mooier kan worden.
Werner Herzog Gets Shot zorgt er bij mij ook weer voor dat er een gloed over het album komt die me qua kleur doet denken aan de film The Illusionist waar Edward Norton de hoofdrol vertolkt. Sprookjesachtig? Misschien. Ik zie het ook een beetje als lang vervlogen romantiek zonder dat het zoet of klef wordt.
That Love klinkt donker en desolaat en lijkt bijna 'spoken word' onder begeleiding van een bijna jazz-achtig geluid (misschien door het gebruik van de drum brushes. Groppers donkere stem lijkt hier zwaarder dan ooit en de blazers geven het een plechtige toon mee. Zodra de cello de hoofdrol krijgt wordt het nummer gelijk meegesleept naar nog hogere hoogtes.
Bij Aureate! keert de romantiek terug. Kastelen, jonkheren, jonkvrouwen; het passeert allemaal in mijn gedachten totdat het nummer na anderhalve minuut wat 'ruigheid' krijgt toegevoegd. Pats daar gaat het beeld en ik sta weer met beide benen op de grond om na twee en een halve minuut weer net zo makkelijk terug getrokken te worden in diezelfde fantasie wederom snel onderbroken door de ruwere sound. Zo slinger je heen en weer in één nummer. Een klein avontuurtje dus.
We Are Ghosts komt in het intro van ver aanzetten en gaat eenmaal aangekomen in een rustig tempo van start. De strijkers geven het nummer een zwierige toon mee en de blazers doen er een schepje bovenop. Toch moet ik ook hier zeggen dat met name die blazers veel minder orkestraal zijn dan we kennen van Get Well Soon alhoewel bombast op sommige momenten wel degelijk aanwezig is ('Hè lekker').
Hoe dan ook blijft het goed binnen de perken allemaal, want ook A Burial At Sea is een redelijk ingetogen nummer met allerlei subtiele toevoegingen. Het is een vrij lang nummer dat toch goed weet te boeien, maar ik kan me voorstellen dat sommigen dit misschien te slepend vinden. Zelf vind ik dat dus niet omdat er genoeg leuke dingen in zitten zoals de zeemansballade tegen het einde aan.
Angry Young Man doet zijn titel al eer aan als je de eerste seconden hoort, maar dat blijkt misleidend te zijn. Wel krijgen we hier te maken met wat meer up-tempo. En daarmee horen we een Arcade Fire-achtige gejaagdheid die deze band zo bijzonder maakt. Get Well Soon mag de vergelijking dan wel aan zijn broek krijgen van mij maar eigenlijk is dat niet helemaal fair omdat ze qua geluid toch wel veel verschillen van elkaar en Get Well Soon de vergelijking ook niet echt nodig heeft. Beschouw het maar als richtgeving van mijn kant. Het is in elk geval een lekker poppy nummer dat daardoor best wel opvalt op dit album.
Het laatste nummer heet We Are the Roman Empire en vormt door z'n sfeer een mooi slot van Vexations. Dromerig en meerstemig gezongen komt er een einde aan een sprookje van een uur. Het is echt even wakker worden en beseffen dat je toch wel degelijk in een andere tijd leeft als de koptelefoon wordt afgezet.

Kom ik terug bij de angst voor een 'tegenvaller' mede veroorzaakt door het berichtje van user Nieuwstad en mijn eigen conclusie n.a.v. 5 Steps / 7 Swords.
Moet ik het nog toelichten? Ik dacht het niet. De door mij gewaardeerde user likeahurricane is ook niet misselijk in zijn beoordeling en dat stelde me al wat gerust (ik deel zijn muzieksmaak graag) en ik kan dan ook alleen maar zeggen dat Get Well Soon voorlopig nog wel even tot mijn favoriete nieuwe bandjes zal blijven behoren want Vexations is een waar meesterwerkje geworden.
Het wachten is nu op de cd zelf (deluxe versie) die ongetwijfeld in bestelling gaat met daarbij een extra cd 'Music For / From Films'. Want dat Get Well Soon zeer beeldende muziek weet voort te brengen is voor mij een vaststaand gegeven.

Ghost Funk Orchestra - An Ode to Escapism (2020)

poster
3,5
An Ode to Escapism; de titel kon niet beter gekozen worden in deze roerige tijden. Tijden waarin we veel moeten inleveren en waar de onzekerheid als een grauwe sluier over ons heen trekt.

We doen er momenteel van alles aan om toch even te ontsnappen aan die sombere werkelijkheid. We wandelen er op los in de natuurgebieden, oude hobby's komen weer bovendrijven en we lezen weer meer boeken, kijken ons suf naar allerhande tv-series en voor de muziekverzamelingen hebben we net even mer tijd. Alles om even te kunnen ontsnappen.

Ghost Funk Orchestra maakt het ons makkelijk met zo'n titel. Maar ook inhoudelijk doet dit gezelschap dat wel. De psychedelische saus die dit album heeft doet me denken aan de soms prachtige beelden van succesvolle Netflix series die momenteel te zien zijn.

Alsof Tarantino weer eens los is gegaan in zijn platenkast. Terug de tijd in. In deze woelige tijden voelt dat juist extra fijn. terug naar tijden toen 'alles nog gewoon was'.
Zoals hippe lounge-muziek het zo'n twintig jaar geleden voor elkaar kreeg, zo zou Ghost Funk Orchestra dat ook moeten kunnen anno nu.

Zet An Ode to Escapism op, ga verder met je puzzel, lees je boek, neem je headset mee bij je wandeling in het park. Op de achtergrond kan goed, wat meer op de voorgrond kan ook: worden de huishoudelijke klusjes misschien net wat draaglijker.

Spannend? Welnee! Fijn om even een beetje bij tot rust te komen. Die lounge-ceedeetjes kan ik nu immers ook wel dromen.

Oh, als je braaf bent neem dan het advies van de band ter harte: doe je ogen dicht en luister dit album in het donker, krijg je er mooi hun opmerking You’re doing great. Are your eyes still closed? Don't forget to breath voor terug.

Giles Corey - Giles Corey (2011)

poster
3,5
Zou Giles Corey soms het naargeestige broertje zijn van Radical Face? Donkerder en vooral ondoorgrondelijker. Angstaanjagend soms.
Nergens de pop-invloeden van Radical Face, nee Giles Corey treedt buiten de paden en is niet in de mood om mensen te pleasen. What You hear is what you get.

Giles Corey zal dan ook wel nooit gebruikt (misbruikt) worden in een reclamespot. Daarvoor is dit te ontoegankelijk.

Ik vind het zelf een behoorlijke zit. Een zware zit bij tijd en wijlen. Je moet dit echt ondergaan en dat is niet iets wat altijd op elk gewenst moment gedaan kan worden.
Boeiend is het zeer zeker. Geen idee wat voor effect dit op mij gaat hebben op de langere termijn: of het bekruipt me en zal me niet meer loslaten of het vraagt toch te veel inzet en verdwijnt snel naar de achtergrond.....

Gina Été - Prosopagnosia (2025)

poster
4,0
Gina Été staat dit najaar in het voorpgramma van Goodwin. Wie en wie?

Goodwin is de zanger van The Slow Show die binnenkort een solo-album uitbrengt en daarmee ook solo gaat toeren. Gina is dan het voorprogramma. En zo kwam ik er achter dat deze dame al eerder werk heeft uitgebracht waaronder haar laatste album eerder dit jaar.

Een aangename verrassing moet ik zeggen: sferische nummers met een fijne flow, genoeg kleine prikkels om het geheel interessant te houden en niet de zweverige kant op te gaan.

La Joie (Au Bout D'un Moment) heeft wat weg van het laatste FKA twigs album en ik hoor ook wel wat flarden Björk: het zou dus mensen moeten kunnen aanspreken zou je denken.
Maar misschien dat de verschillende talen wat tegenhouden?!

Benieuwd hoe dit live zal gaan overkomen. Prosopagnosia is een album dat meerdere draaibeurten vraagt om je te pakken (bij mij deden de strijkersarrangementen al veel goeds in het begin).

Giovanni Caccamo - Eterno (2018)

poster
4,0
Soms heb je van die films waar je tijdens de aftiteling net even wat langer blijft zitten omdat het nummer zo lekker klinkt.

Dat gebeurde recentelijk weer eens bij het zien van Puoi Baciare Lo Sposo (My Big Gay Italian Wedding), een film die me matig wist te boeien, maar waar ik de herkenbaarheid van de omgeving wel leuk vond: het stadje Bagnaregio in Umbrië (ooit bezocht tijdens een vakantie), en waar ik het nummer ter afsluiting dus vond opvallen.

Het lukte snel om te achterhalen dat het hier de akoestische versie van Puoi Fidarti di Me betrof, gezongen door Giovanni Caccamo die dit jaar meedeed aan het San Remo festival met het nummer Eterno.
De winnaar van dat festival gaat doorgaans ook naar het Eurovisie Songfestival. Dat werd dus niet Giovanni maar het duo Ermal Meta & Fabrizio Moro met "Non mi avete fatto niente”, mijn favoriete nummer dit jaar, maar dat terzijde.

Eterno dus. Een kort, typisch Italiaans album. Warm, passioneel en heerlijk om wat bij weg te zwijmelen. Misschien iets te zoet, maar snoepen we allemaal niet graag op z'n tijd?! En er is verschil tussen zoet en mierzoet, want dat laatste is Eterno zeker niet. De meeste nummers zijn vrij sober van opzet en worden klein gehouden en dat is de kracht ervan. Waar ik veel Italiaanse muziek net iets te vaak uit de bocht vind vliegen, daar blijft Eterno keurig binnen de lijnen.

Acht mooie nummers waar zang en piano de hoofdmoot vormen met hier en daar wat strijkers en orkest. Het negende nummer, te horen in de film, is een leuke bonus. Sfeervol en door de korte lengte heel goed aan te horen zodat de repeatknop snel te vinden is, want dit vind ik gewoon mooi.

Girls - Album (2009)

poster
3,5
Aaaaawwwww.... zijn het geen schatjes deze 'meiden' uit San Francisco.
Het label Matador tekent ze op grond van één single en vervolgens zijn ze talk of town bij een heleboel bloggers.
Girls is overigens geen band enkel bestaande uit vrouwen, het is een dromerig, rammelig indiepoprock bandje met Christopher Owens als leading....eh....man.
Deze meneer heeft best wel een irritant zeikerige stem maar dat komen we wel vaker tegen bij dit soort bandjes.
'Dat klinkt wel mopperig aERo' zullen velen denken. 'Je luistert naar genoeg zeikerds als we je stemlijstjes doorlopen'. En ja daar moet ik iedereen gelijk in geven. Het is ook niet zo erg mopperig bedoeld want de liedjes klinken lieflijk en hebben heel in de verte wel wat shoegaze-invloeden alhoewel ik dat behoorlijk overdreven vind worden op diverse sites. Okay, sommige tracks hebben het duidelijker, vooruit dan maar....... shoegaze-eticketje mag er op geplakt worden. De term zomers is er dan wel eentje waar ik me goed in kan vinden. Maar goed, de Californische zon zal zeker zijn invloed hebben op dit gezelschap dat ook een lichte vorm van psychedelia niet schuwt. En daarmee kunnen we een kleine link leggen naar de jaren '60 dat nieuw leven wordt ingeblazen op deze manier. Ze doen het leuk moet ik zeggen maar ik lees ook regelmatig dat we deze groep in de gaten moeten houden omdat ze wel eens groot kunnen worden. Ruik ik daar een hype?
Tegenwoordig is alles al snel een hype te noemen dankzij de snelheid van het internet met als gevolg dat veel van die voorspellingen nooit uitkomen. In het geval van deze Girls weet ik het niet helemaal zeker. Geef het genoeg aandacht, prijs het volledig de hemel in en het zou zomaar kunnen. Juiste tijd, juiste plek weet u wel.
Het is redelijk opvallende muziek in het huidige muzikale landschap ook al is het zoals tegenwoordig zo vaak een grote melting pot van van alles en nog wat.
Ik wacht af, ben sceptisch over de grootse toekomst die velen ze voorspellen, maar zal ook niet geheel verbaasd zijn als het bewaarheid gaat worden.
In dat geval kan ik achteraf zeggen dat ik stemmer nummer 3 op musicmeter was en dat ik van start ging met een veilige 3,5* (wat echt nog kan uitgroeien naar 4*) en dat Girls wel heel erg aangenaam over een Headache zingen alsof Jens Lekman op vakantie is in het zonnige San Francisco.

Voor de liefhebbers: morgen in Rotown, Rotterdam (*twijfeldetwijfeldetwijfel*) en de 28e in Paradiso, Amsterdam.

Girls - Broken Dreams Club (2010)

poster
4,0
Ah; Girls, dat bandje met die opvallende videoclip waarin de zanger van Hunx and His Punx een 'belangrijke' rol speelde.
Laten we hopen dat deze hardcore video niet bepalend gaat zijn voor Girls en dat ze er voor altijd een eeuwig aan herinnerd zullen worden. Aan de andere kant weet je zelf ook wel dat wanneer je zo'n stunt uithaalt dit altijd wel een belangrijk stempel op je carrière zal drukken.

Gaat het wat worden dan met de carrière van Girls? Je zou denken dat dit gezelschap potentie heeft om door te groeien. Was het debuut vooral een hoop fun met een hoog rammelgehalte, daar is deze EP een stuk volwassener: meer toegevoegde instrumenten en ook de zang vind ik ietwat anders.
Het zijn stuk voor stuk melancholische liedjes die me regelmatig aan Pulp doen denken en dat is zeker geen verkeerde vergelijking uiteraard.
Als ze zo doorgaan en straks met een tweede volwaardig album op de proppen komen zou dat best wel eens een ijzersterk album kunnen gaan worden. Broken Dreams Club doet in elk geval genoeg vermoeden dat ze meer in hun mars hebben dan alleen maar een hoop fun.

Girls - Father, Son, Holy Ghost (2011)

Alternatieve titel: Record 3

poster
4,0
De EP die hier aan vooraf ging beviel me meer dan goed. Okee, het klonk wat gepolijster allemaal maar dat deed de band geen kwaad.
Het bandje van dé clip (piemel van de zanger van Hunx and His Punx als microfoon, u weet het nu wel) leek te zijn opgegroeid van rammelrock naar volwaardige indieband.

Op Father, Son Holy Ghost borduren ze daar op voort: nog steeds charmant rammelig maar wel in banen geleid en genoeg afwisseling om het leuk te houden.
Vomit mag dan een bijzonder voorproefje geweest zijn met z'n Pink Floyd invloed, het zet niet de toon voor dit album in z'n geheel want daarvoor is het gewoon te afwisselend.
Rammelrock naast epische Pink Floyd bombast naast een ouderwets rockende jaren '70 stamper als Die of haast hippie-achtige flower power California surf in de vorm van Saying I Love You (ik moest hier denken aan The Thrills). Zelfs gospel-soul horen we terug (Love Like a River).

Het kan allemaal op dit album en dat maakt Girls een steeds interessanter wordende band. Want dit is niet alleen maar flauwekullerige onderbroeken rammelrock: deze band kan meer en laat dat hier horen.
Verrassend is dus zeker het magische woord voor de nieuwe Girls. Nee, geen nieuwe geluiden want daarvoor laten ze zich beinvloeden door een hoop muziekgeschiedenis maar ze weten het wel te verpakken in hun eigen sound en dat werkt erg goed.

Gizelle Smith & The Mighty Mocambos - This Is (2009)

poster
4,0
Mooi stuk Reijersen: mijn interesse had je al gewekt en ik ben er eens naar gaan luisteren.
Laat ik beginnen te zeggen dat ik allang niet meer de funkliefhebber ben die ik in de hoogtijdagen van Prince wel was en in die periode zat ik veel vaker in deze hoek. Dat is dus gewoon niet meer zo en daardoor kan ik ook niet meer zuiver beoordelen of iets goed is ja of nee. Ik moet gewoon op mijn eigen oren afgaan en bepalen of ik het leuk vind of niet. Vergelijken heeft dan weinig zin.
Dat heeft een nadeel want ik ben immers geen kenner (meer); het voordeel is dat ik er fris tegenaan kan gaan. En er fris tegenaan gaan doet Gizelle Smith & The Mighty Mocambos zelf al, of misschien juist ook wel niet want dit klinkt lekker oldschool en dan heb je mijn aandacht wel te pakken want dat doet me tenminste nog iets.
Het dampt, het funkt, het swingt en het is gewoon één groot feestje. Elk jaar komt er wel zoiets bij mij terecht (vorig jaar was dat Raphael Saadiq) en nu dus dit album waar heerlijke nummers als Love Alarm op staan. Geweldig die blazers!
Als ik zoiets hoor dan neem ik me telkens weer voor om terug de tijd in te gaan en meer binnen dit genre te beluisteren. Elk jaar kan ik ook weer concluderen dat het er weer niet van gekomen is.
Erg? Voor Reijersen wel denk ik Voor mij is het goed om af en toe met het toefje slagroom in aanraking te komen waar ik dan lekker van kan snoepen. Het snoepje van dit jaar heet This Is Gizelle Smith & the Mighty Mocambos.

Glen Hansard - Between Two Shores (2018)

poster
4,0
De twee vorige solo-albums vond ik mooi, maar de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik ze nauwelijks nog beluister. Hetzelfde lot zou Between Two Shores beschoren kunnen zijn (dat moet de tijd maar aan gaan tonen). Want eigenlijk is dit net als de voorgangers gewoon een goed album, maar ergens weet het me ook weer niet in euforische stemming te brengen of zo.

Neem opener On Slow met die heerlijke blazers, gitaarsolo en rauwe zang. Heerlijk, maar ik heb het al zo vaak gehoord in allerlei varianten. Dan wordt het toch al een stuk moeilijker om goed te beklijven. Maar lekker? Ja, absoluut. Een fijne binnenkomer. Beetje Bruce Springsteen misschien.

Het soul-geluid is ook te horen in Why Woman en dan schiet er toch vooral maar één naam bij me te binnen: Van Morrison.

Wheels on Fire ronkt wat meer. De blazers doen het hier weer goed. Rauw met met een ziel. De reden dat ik het album van Nathaniel Rateliff ook zo lekker vond.

Puur in alle eenvoud is Wreckless Heart. Hier klinkt het allemaal wel heel erg Americana en daar moet je van houden. Die trompet solo is in elk geval prachtig.

Het kan nog een tandje lager op Movin' On. De begeleiding is hier op z'n soberst zodat Glen zijn stemgeluid als grootste troef kan inzetten. "I’m tired of thinking about you baby, I’m moving on". Ik vind dit dan net weer iets té Amerikaans, hoe fraai het hammond orgel ook mag zijn als ondersteuning. Hier horen we de rauwe Springsteen-kant misschien wel het best naar voren komen. Absoluut indrukwekkend, maar bij weet het nog niet helemaal de juiste snaar te raken.

Setting Forth is een fijn en degelijk nummer en misschien is dat gelijk een beetje het probleem. Het is een wat onopvallende broeder op dit album. Niks aan de hand en dan is het weer voorbij. Maar de strijkers zijn bloedstollend mooi en in combinatie met de zang is dat toch wel weer zwelgen.

De blazers doen hun ding weer op Lucky Man. Het eeuwige gevecht met zichzelf. Mooi verpakt in dit nummer. Het orgel geeft het net dat beetje extra. Origineel? Verre van, maar daar is niks mis mee. Hansard verstaat zijn vak maar al te goed en weet je hier volledig mee te nemen.

One of Us Must Lose heeft een schitterend intro. Een mooi, desolaat nummer dat wat meer teruggrijpt naar zijn oudere werk en dus wat verder uit de Americana-buurt blijft.

Op Your Heart’s Not In It keert maatje Markéta Irglová terug samen met Dawn Landes. In combinatie met de rauwe zang van Hansard toch wel weer bijzonder te noemen ook al is de rol van de dames bescheiden.

Time Will Be the Healer is een uitstekende afsluiter waar Hansard met zijn zang af en toe de hoogte in gaat. Oerdegelijk, maar ook gewoon heel goed.

Degelijk is misschien wel de beste samenvatting voor dit album. Geen krampachtige pogingen om te vernieuwen. Hansard weet zijn verhalen, lief en leed, goed te verpakken in prima nummers. Het is allemaal al wel eerder gedaan, maar hij komt er gewoon goed mee weg. Daarvoor heeft de man al genoeg credits opgebouwd. Niks mis met een stevige portie degelijkheid. Daar houden wij nuchtere Nederlanders toch zo van?!

Glen Hansard - Rhythm and Repose (2012)

poster
4,0
Het Frames album The Cost is alweer 6 jaar oud en in de tussentijd konden we genieten van zijn werk met Markéta Irglová (ook wel onder de naam The Swell Season).
Op de soundtrack 'Once' kon je ook al luisteren naar die samenwerking inclusief nummers die Glen Hansard alleen zong.
Glen solo is dus niet nieuw voor ons muziekliefhebbers zoals ook de nummers op dit album allesbehalve nieuw klinken: gedegen folk/pop/rock nummers zoals we ze vaker horen bij andere artiesten. Niet meer of minder.
Toch heeft Glen een streepje voor bij mij vanwege zijn werk met The Frames en met Markéta Irglová.

Daarnaast heeft hij gewoon een zeer aangenaam stemgeluid en valt er op de composities niet veel aan te merken: een heerlijke relaxte vibe die het wel eens goed zou kunnen gaan doen in de zomer (als we die überhaupt weer eens een keertje mogen meemaken).

Toch moet ik bekennen de samenwerking met Markéta Irglová een beetje te missen: het was de wisselwerking tussen deze twee die het geheel net even specialer wist te maken (zeker op hun eerste The Swell Season genaamd).
Ze is nog wel te horen op dit nieuwe solo-album maar neemt een veel minder prominente plaats in.
Verder is Thomas Bartlett producer van deze cd (hij is bekend als Doveman en pianist bij o.a. Antony) en doen er meer bekende namen mee als Sam Amidon, Brad Albetta (bassist in de band van Rufus Wainwright en man/producer van diens zus Martha) en Nico Muhly. En zo kan ik er nog wel wat noemen.

Een schitterend album maar toch zou het ook wel weer eens goed zijn om een man met zo'n krachtige stem weer eens voluit te horen zingen en dan ook met een steviger rockgeluid. Tja, met The Frames dus.
Aan de andere kant vind ik het ook wel best zo want ik ben nooit vies van een beetje gezwijmel op z'n tijd.
En zwijmelen kun je op Rhythm and Repose af en toe uitstekend zonder dat het mierzoet gaat worden en dat is dan ook wel weer de kracht van dit album. Een nummer als Bird of Sorrow is daar een mooi voorbeeld van (rauw en teder tegelijk), een nummer dat dit album mooi samenvat wat mij betreft.

Rhythm and Repose: rauw en teder.....

Glissando - With Our Arms Wide Open We March Towards the Burning Sea (2008)

poster
3,5
Hallo Sigur Rós-mensjes. Hou je van treinen (iLiKETRAiNS)? Ook welkom. En ach als je gek bent op Godspeed You! Black Emperor, Low, Mogwai of Björk weest ook alert, want Glissando zou best wel eens wat kunnen zijn voor jullie allen.
We Are Depleting is al een mooie waarschuwings-oproep. Laat de trombone maar schallen en wek de aandacht tot wat volgt.
Want dit album gaat een glimlach opwekken als ook een traantje en dat start al op With a Kiss and a Tear wat een zware toonzetting kent door de piano en de ijle vocalen van Elly May Irving (de Liz Frazer van 2008?). Het nummer bouwt tergend traag op en aan het einde horen we een schitterende viool-partij. Niet bepaald muziek om vrolijk van te worden, maar als ik dat wil zet ik Kylie wel weer op.
Floods duurt bijna 14 minuten. En het nummer neemt dan ook alle tijd om een schitterende soundscape neer te zetten. Het blijft sober en somber en het kost zeker tijd om dit een beetje goed te doorgronden.
Op White Silence and the Fragile Reality opent Irving solo om al snel bijval te krijgen op piano (Richard Knox). Dit blijft het verdere nummer voortduren maar is uitermate intrigrerend en blijft vragen om herhaling.
Het lijkt wel of alles samenkomt tijdens Goodbye Red Rose! This Was Not for You waar het vorige nummer eindigde gaat het hier verder en zijn de vocalen niet helder meer maar slechts wat gemurmel.
Vervolgens komt het langste nummer op dit album, namelijk het ruim een kwartier durende Like Everything You See wat wederom één grote soundscape blijkt te zijn. Ik krijg het er soms benauwd van. Het werkt verstikkend en daardoor haast beangstigend.
Ook Always the Storm heeft een lange tijdsduur. Zweverig en tegelijkertijd werelds: je zult je er helemaal in onder moeten laten dompelen wil dit goed op je in kunnen werken, maar als het dat doet is dat een schitterende ervaring. De combinatie van viool en zang is zo puur als wat.
Grekken is redelijk recht to the point en doet door de mannelijke vocalen wat denken aan Kate Bush. Het komt zeer degelijk en sterk over: het straalt kracht uit.
Aan alle moois komt een eind maar gelukkig duurt het nog een ruime 9 minuten vooraleer het echt voorbij is. Our Flags Wave and Our Arms Are Around Another's Shoulders is een dromerige afsluiter. Alsof je langzaam naar de diepte wordt gezogen waar je jezelf helemaal aan overgeeft.
Hiermee zit er een bijzonder luisteravontuur op dat niet voor iedereen zal zijn weggelegd. Dit is muziek dat voornamelijk 's nachts goed tot zijn recht komt, dus ikzelf zet dit ook niet zomaar even op.
Hoe dan ook denk ik wel dat er een redelijk breed publiek voor moet bestaan op musicmeter dus het verbaasde me wat dat ik de eerste review moet schrijven plus de eerste beoordeling geef. Laten we zeggen dat die alvast positief uitvalt voor Glissando.

God Help the Girl - God Help the Girl (2009)

poster
4,0
Facedown schreef:
Het enige wat ik mis, is de stem van Stuart af en toe (hoewel hij hier en daar wel meezingt op een drietal tracks).

Dat heb ik ook en hoe gek het ook mag klinken: ondanks dat ik Stuart niet echt een goede zanger vind is hij blijkbaar erg bepalend voor de B&S sound. Zijn vocale bijdragen aan dit album zorgen er dan ook gelijk voor dat ik die nummers tot de leukere vind behorenhoe prima de zangeressen ook zijn (alleen zijn het niet zo veel Stuart-songs ). Het zal de herkenning wel zijn...
Verder is het gewoon een uitstekend plaatje met helemaal niets nieuws onder de Schotse zon. En ergens zit daar ook wel een beetje het venijn voor mij: het borduurt nu allemaal wel heel erg lang voort op dezelfde wijze en iets nieuwers zou ik wel willen verwelkomen eigenlijk. Okee, het is nu B&S met zangeressen of iets dergelijks (Catherine Ireton, Asya, Neil Hannon van the Divine Comedy, Belle and Sebastian leden en een 45 man sterk orkest).
Mooi plaatje, kan prima naast de rest van mijn B&S collectie staan, maar verder is het toch nét geen nieuwe B&S en valt het eerder in de catergorie 'Storytelling'. Die hoorde er ook zeker bij.
Ondanks wat kritieke puntjes toch wel een kleine 4* want het is en blijft lekker allemaal en het heerlijke lenteweer past er goed bij.