Hier kun je zien welke berichten aERodynamIC als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
S.T. Mikael - In Harmony (2008)

3,5
0
geplaatst: 5 januari 2009, 20:15 uur
Lekkere psychedelische rock alsof we regelrecht uit een tijdmachine stappen in een wereld die lang achter ons is gelaten.
Misschien niet zo vreemd als je bedenkt dat de maker, Mikael Sundtsröm, goede maatjes is met Fredrik Björling en Reine Fiske van Dungen die op dit album meedoen. Zodra een nummer in het zweeds wordt gezongen is het dan ook net of je naar die band zit te luisteren (alleen jammer dat op Vill du Följa Med?, het nummer in kwestie, de Dungen-sound weer een stuk minder is
). Maar op zich heeft hij deze twee mannen niet nodig voor zijn faam die in Zweden nogal groot schijnt te zijn en toen waren de twee Dungen-mannen waarschijnlijk nog ukken.
Toch weet Dungen meer met me te doen dan eenmansproject S.T. Mikael: het gebröbel op Electric Sitar Raga met inderdaad een sitar duurt gewoon veel te lang en je moet er waarschijnlijk flink stoned voor zijn wil dit aanslaan maar Higher daarentegen mag van mij dan weer wel lekker lang doorgaan.
Voor degenen die dit dan ook eerst willen uitproberen alvorens te kopen is het handig om dit album streaming te beluisteren via de site van Subliminal Sounds zelf.
Hoe dan ook: mits in de juiste mood een erg fijne trip terug in de tijd en ook wel een album dat je vaker moet beluisteren want het is een feit dat ik er telkens nieuwe dingen in hoor. Het mag dan net als bij Dungen geen spetterende liefde op het eerste gezicht zijn: een opbloeiende liefde zou goed mogelijk zijn en de start met 3,5* is zo verkeerd nog niet. Ik ga dit dus nog vaker horen.
Wordt vervolgd!
Misschien niet zo vreemd als je bedenkt dat de maker, Mikael Sundtsröm, goede maatjes is met Fredrik Björling en Reine Fiske van Dungen die op dit album meedoen. Zodra een nummer in het zweeds wordt gezongen is het dan ook net of je naar die band zit te luisteren (alleen jammer dat op Vill du Följa Med?, het nummer in kwestie, de Dungen-sound weer een stuk minder is
). Maar op zich heeft hij deze twee mannen niet nodig voor zijn faam die in Zweden nogal groot schijnt te zijn en toen waren de twee Dungen-mannen waarschijnlijk nog ukken.Toch weet Dungen meer met me te doen dan eenmansproject S.T. Mikael: het gebröbel op Electric Sitar Raga met inderdaad een sitar duurt gewoon veel te lang en je moet er waarschijnlijk flink stoned voor zijn wil dit aanslaan maar Higher daarentegen mag van mij dan weer wel lekker lang doorgaan.
Voor degenen die dit dan ook eerst willen uitproberen alvorens te kopen is het handig om dit album streaming te beluisteren via de site van Subliminal Sounds zelf.
Hoe dan ook: mits in de juiste mood een erg fijne trip terug in de tijd en ook wel een album dat je vaker moet beluisteren want het is een feit dat ik er telkens nieuwe dingen in hoor. Het mag dan net als bij Dungen geen spetterende liefde op het eerste gezicht zijn: een opbloeiende liefde zou goed mogelijk zijn en de start met 3,5* is zo verkeerd nog niet. Ik ga dit dus nog vaker horen.
Wordt vervolgd!
S10 - Ik Besta voor Altijd Zolang Jij aan Mij Denkt (2022)

4,5
3
geplaatst: 28 oktober 2022, 00:50 uur
Je kan zeggen wat je wilt van S10: ze heeft een behoorlijk muzikaal avontuur achter de rug. Van haar eerste EP's via de twee volwaardige albums uitkomend bij Ik Besta voor Altijd Zolang Jij aan Mij Denkt.
Een reis waar het Songfestival op haar pad kwam, veel optredens met Froukje en duidelijk een ander geluid.
Wat bij die optredens opviel was het dansbare geluid zoals te horen op Wat Als Niemand op Mij Wacht en Dans Mij Naar Huis. Ook op het duet met Froukje hoor je dit terug. Nooit Meer Spijt was live al een enorm succes en ook hier valt het op.
Haar samenwerking met BLØF is best gedurfd. Wat?! Nou, ze raakt haar street credibility er ongetwijfeld mee kwijt bij velen. Uitverkoop, voor de massa, blah blah... je kan het zo uittekenen. Maar het toont ook de eigenwijsheid van Stien aan: ze doet waar ze zich fijn bij voelt en dit was blijkbaar een wens van haar.
Daarmee kunnen we dit album een beetje indelen in drie categorieën: de dansnummers met elektronische beats (Soms, welke iets weg heeft van London Grammar, Dans Mij Naar Huis, De Straten Versieren Met Bloemen), de wat meer toegankelijker popliedjes (De Diepte, Adem Je In, Laat Me Los) en nog een heeeeel klein vleugje hip-hop (De Ergste Dag met dank aan Mula B.), maar die invloed is verder toch echt wel verdwenen. De hoofdmoot is de elektronische kant en niet eens altijd van de dansbare soort (dat zijn meer bepaalde momenten), en de akoestische gitaar heeft z'n weg duidelijk gevonden naar dit album.
Zoekt S10 daarmee het grote publiek op? Ongetwijfeld. Dat deed ze al door mee te doen aan het Songfestival. Moeten we dit uitverkoop of een knieval naar het grote publiek noemen? Absoluut niet. S10 is toch best uniek te noemen en weet ondanks haar toegankelijker geluid wel degelijk wat stekeligheden toe te voegen aan haar muziek. Past ze steeds meer in het rijtje zangeressen die momenteel succes hebben (denk aan Meau, Froukje, Eefje enzovoort)? Jazeker, ze schuift een meer op naar het midden. Daarmee zal ze ongetwijfeld bewonderaars van het eerste uur gaan verliezen, maar er zeker ook nieuwe bij winnen.
Ik ben niet vies van dat midden. Ik Besta voor Altijd Zolang Jij aan Mij Denkt bevalt mij zelfs heel goed. Kort, maar krachtige liedjes die laten horen waar S10 momenteel staat. Ze lijkt een stuk zelfverzekerder en misschien ook wel sterker in het leven te staan. Het is haar gegund, zoals de liefhebbers van betere Nederlandstalige liedjes op hun beurt S10 gegund is. Ik reken mezelf daartoe.
Ik kijk alvast uit naar de albumpresentatie in Rotterdam later vandaag!
Een reis waar het Songfestival op haar pad kwam, veel optredens met Froukje en duidelijk een ander geluid.
Wat bij die optredens opviel was het dansbare geluid zoals te horen op Wat Als Niemand op Mij Wacht en Dans Mij Naar Huis. Ook op het duet met Froukje hoor je dit terug. Nooit Meer Spijt was live al een enorm succes en ook hier valt het op.
Haar samenwerking met BLØF is best gedurfd. Wat?! Nou, ze raakt haar street credibility er ongetwijfeld mee kwijt bij velen. Uitverkoop, voor de massa, blah blah... je kan het zo uittekenen. Maar het toont ook de eigenwijsheid van Stien aan: ze doet waar ze zich fijn bij voelt en dit was blijkbaar een wens van haar.
Daarmee kunnen we dit album een beetje indelen in drie categorieën: de dansnummers met elektronische beats (Soms, welke iets weg heeft van London Grammar, Dans Mij Naar Huis, De Straten Versieren Met Bloemen), de wat meer toegankelijker popliedjes (De Diepte, Adem Je In, Laat Me Los) en nog een heeeeel klein vleugje hip-hop (De Ergste Dag met dank aan Mula B.), maar die invloed is verder toch echt wel verdwenen. De hoofdmoot is de elektronische kant en niet eens altijd van de dansbare soort (dat zijn meer bepaalde momenten), en de akoestische gitaar heeft z'n weg duidelijk gevonden naar dit album.
Zoekt S10 daarmee het grote publiek op? Ongetwijfeld. Dat deed ze al door mee te doen aan het Songfestival. Moeten we dit uitverkoop of een knieval naar het grote publiek noemen? Absoluut niet. S10 is toch best uniek te noemen en weet ondanks haar toegankelijker geluid wel degelijk wat stekeligheden toe te voegen aan haar muziek. Past ze steeds meer in het rijtje zangeressen die momenteel succes hebben (denk aan Meau, Froukje, Eefje enzovoort)? Jazeker, ze schuift een meer op naar het midden. Daarmee zal ze ongetwijfeld bewonderaars van het eerste uur gaan verliezen, maar er zeker ook nieuwe bij winnen.
Ik ben niet vies van dat midden. Ik Besta voor Altijd Zolang Jij aan Mij Denkt bevalt mij zelfs heel goed. Kort, maar krachtige liedjes die laten horen waar S10 momenteel staat. Ze lijkt een stuk zelfverzekerder en misschien ook wel sterker in het leven te staan. Het is haar gegund, zoals de liefhebbers van betere Nederlandstalige liedjes op hun beurt S10 gegund is. Ik reken mezelf daartoe.
Ik kijk alvast uit naar de albumpresentatie in Rotterdam later vandaag!
Sade - Soldier of Love (2010)

3,5
0
geplaatst: 29 januari 2010, 17:25 uur
Sade........... ik heb het nooit verder geschopt dan een Best of.
In de jaren '80 konden haar hits mij altijd wel bekoren maar echt grote interesse in volledige albums heb ik nooit gehad.
Soldier of Love is dus de eerste volwaardige Sade waar ik kennis mee heb gemaakt en zoals verwacht: rustige, typische Sade nummers. Beetje glad soms maar ook weer niet té dat het ergerlijk wordt.
Toch merk ik wel dat haar bekende nummers uit de jaren '80 wat meer met me deden dan dit album en eigenlijk is dat ook helemaal niet zo vreemd te noemen: toen was die stijl opvallend omdat ik er verder niet naar luisterde in die tijd (het bleef bij Sade). Nu, vele jaren later, heb ik zo ontzettend veel albums gehoord die geschikt zijn voor die o zo bekende luie zondagmiddag, het warme strandgevoel of het etentje met vrienden en familie. Ja, en dan springt dit er gewoon minder uit dan toen ik tiener was en het net even anders was dan waar ik doorgaans naar luisterde.
Ik luister dus met andere oren naar Sade zullen we maar zeggen. Toch bevalt het gebodene die oren wel. Het klinkt prima en het is ergens wel een fijn idee dat Sade er nog is en blijkbaar nog steeds goede muziek kan maken. Het doet me een beetje denken aan de laatste cd van Grace Jones. Verschil is wel dat ik die veel avontuurlijker vond en dat ik dat album heel veel gedraaid heb en dat nog steeds graag doe. Met Soldier of Love moet ik dat nog even afwachten.
Verder gewoon een mooi en heerlijk relaxed album.
In de jaren '80 konden haar hits mij altijd wel bekoren maar echt grote interesse in volledige albums heb ik nooit gehad.
Soldier of Love is dus de eerste volwaardige Sade waar ik kennis mee heb gemaakt en zoals verwacht: rustige, typische Sade nummers. Beetje glad soms maar ook weer niet té dat het ergerlijk wordt.
Toch merk ik wel dat haar bekende nummers uit de jaren '80 wat meer met me deden dan dit album en eigenlijk is dat ook helemaal niet zo vreemd te noemen: toen was die stijl opvallend omdat ik er verder niet naar luisterde in die tijd (het bleef bij Sade). Nu, vele jaren later, heb ik zo ontzettend veel albums gehoord die geschikt zijn voor die o zo bekende luie zondagmiddag, het warme strandgevoel of het etentje met vrienden en familie. Ja, en dan springt dit er gewoon minder uit dan toen ik tiener was en het net even anders was dan waar ik doorgaans naar luisterde.
Ik luister dus met andere oren naar Sade zullen we maar zeggen. Toch bevalt het gebodene die oren wel. Het klinkt prima en het is ergens wel een fijn idee dat Sade er nog is en blijkbaar nog steeds goede muziek kan maken. Het doet me een beetje denken aan de laatste cd van Grace Jones. Verschil is wel dat ik die veel avontuurlijker vond en dat ik dat album heel veel gedraaid heb en dat nog steeds graag doe. Met Soldier of Love moet ik dat nog even afwachten.
Verder gewoon een mooi en heerlijk relaxed album.
Saeta - Else Another Light Might Go Out (2009)

4,0
0
geplaatst: 17 januari 2010, 19:10 uur
Seattle was toch de bakermat van grunge?
Met grunge heeft Saeta weinig van doen mogen we wel stellen. De heren plus dame maken 'kamerpop' waar Matt Menovcik de vocalen op zich neemt evenals gitaar. Lesli Wood zingt mee op de achtergrond en speelt piano en Bob Smolenski geeft de sound een dramatische lading mee met het geluid van zijn cello.
Else Another Light May Go Out lijkt op het eerste gehoor heel droevig door de melancholische saus die het album kent maar is wel degelijk een album vol liefde en hoop.
Het begint vrij donker met Your Ghost, Cosenza om vervolgens een 40 minuten durende tocht te maken vol melancholiek met een lach en een traan. De combinatie van deze instrumenten toont aan dat er echt niet altijd gitaar, bas en drums nodig zijn om powerful over te komen. Ook op deze ingetogen wijze lukt het dus om krachtig naar buiten te treden, want elke noot is wat dat betreft raak.
Door het gedragen karakter van deze plaat is het geen lichte kost en moet je er moeite voor doen om je mee te laten voeren (waar dit soort muziek dat normaliter veel sneller doet bij mij).
Het maakt Saeta hierdoor wel een uiterst interessante ontdekking voor mij die aan de ene kant naadloos aansluit bij het soort muziek waar ik graag naar luister en wat aan de andere kant toch net weer even een andere richting op gaat. Een richting die mij wel bevalt moet ik zeggen en daarom ben ik voorlopig nog niet klaar hiermee.
Wie weet of er meer gaan volgen (ik denk dat er liefhebbers voor zijn). Het kan ook zijn dat mijn stem zo'n eenzame verdwaalde gaat zijn op musicmeter. Ik hoop van niet want ik gun Saeta toch wel wat meer dan dat.
Met grunge heeft Saeta weinig van doen mogen we wel stellen. De heren plus dame maken 'kamerpop' waar Matt Menovcik de vocalen op zich neemt evenals gitaar. Lesli Wood zingt mee op de achtergrond en speelt piano en Bob Smolenski geeft de sound een dramatische lading mee met het geluid van zijn cello.
Else Another Light May Go Out lijkt op het eerste gehoor heel droevig door de melancholische saus die het album kent maar is wel degelijk een album vol liefde en hoop.
Het begint vrij donker met Your Ghost, Cosenza om vervolgens een 40 minuten durende tocht te maken vol melancholiek met een lach en een traan. De combinatie van deze instrumenten toont aan dat er echt niet altijd gitaar, bas en drums nodig zijn om powerful over te komen. Ook op deze ingetogen wijze lukt het dus om krachtig naar buiten te treden, want elke noot is wat dat betreft raak.
Door het gedragen karakter van deze plaat is het geen lichte kost en moet je er moeite voor doen om je mee te laten voeren (waar dit soort muziek dat normaliter veel sneller doet bij mij).
Het maakt Saeta hierdoor wel een uiterst interessante ontdekking voor mij die aan de ene kant naadloos aansluit bij het soort muziek waar ik graag naar luister en wat aan de andere kant toch net weer even een andere richting op gaat. Een richting die mij wel bevalt moet ik zeggen en daarom ben ik voorlopig nog niet klaar hiermee.
Wie weet of er meer gaan volgen (ik denk dat er liefhebbers voor zijn). Het kan ook zijn dat mijn stem zo'n eenzame verdwaalde gaat zijn op musicmeter. Ik hoop van niet want ik gun Saeta toch wel wat meer dan dat.
Salvador Sobral - Excuse Me (2016)

3,5
0
geplaatst: 21 mei 2017, 17:57 uur
Salvador Sobral won zeer terecht het Songfestival 2017.
Vorig jaar heeft hij dit album, Excuse Me genaamd, uitgebracht. Het winnende lied staat er niet op. Het zal hem waarschijnlijk niet eens iets kunnen schelen.
In Portugal bereikte het album een tiende plaats in de album charts en het staat er nu 11 weken in, maar daarmee nog geen doorslaand succes blijkbaar.
Misschien komt het door het eigenzinnige karakter ervan: tijdloze jazzy klanken met een klein poprandje. Als er één iemand gelijk in mijn gedachten komt is dat Jamie Cullum wel en ander Wouter Hamel. Zelfde soort liedjes, zelfde jazzy randje.
Niet spannend genoeg om er lyrisch over te worden (wat ik wel ben over het winnende Songfestival nummer), maar lekker genoeg om gewoon van te kunnen genieten, zoals ik dat op z'n tijd ook van Jamie doe.
In de vorm van Nem Eu hebben we in elk geval al wel een soortgelijk nummer als Amar Pelos Dois.
Hopelijk krijgen we ooit nog eens een wonderbaarlijk mooi album van hem en tot die tijd doen we het met deze vrolijke, luchtige jazz.
Graag de volgende keer alles in het Portugees.... het klinkt zoveel mooier!
Vorig jaar heeft hij dit album, Excuse Me genaamd, uitgebracht. Het winnende lied staat er niet op. Het zal hem waarschijnlijk niet eens iets kunnen schelen.
In Portugal bereikte het album een tiende plaats in de album charts en het staat er nu 11 weken in, maar daarmee nog geen doorslaand succes blijkbaar.
Misschien komt het door het eigenzinnige karakter ervan: tijdloze jazzy klanken met een klein poprandje. Als er één iemand gelijk in mijn gedachten komt is dat Jamie Cullum wel en ander Wouter Hamel. Zelfde soort liedjes, zelfde jazzy randje.
Niet spannend genoeg om er lyrisch over te worden (wat ik wel ben over het winnende Songfestival nummer), maar lekker genoeg om gewoon van te kunnen genieten, zoals ik dat op z'n tijd ook van Jamie doe.
In de vorm van Nem Eu hebben we in elk geval al wel een soortgelijk nummer als Amar Pelos Dois.
Hopelijk krijgen we ooit nog eens een wonderbaarlijk mooi album van hem en tot die tijd doen we het met deze vrolijke, luchtige jazz.
Graag de volgende keer alles in het Portugees.... het klinkt zoveel mooier!
Salvador Sobral - Paris, Lisboa (2019)

4,5
3
geplaatst: 9 april 2019, 22:08 uur
Toen Portugal in 2017 Salvador Sobral naar het Songfestival zond met Amar Pelos Dois was ik onmiddellijk verkocht. Een tijdloos nummer dat erin hakte, ook al verstond ik er geen woord van. Nooit heb ik een sms-je gestuurd om op mijn favoriete nummer te stemmen. Die keer wel. Ik wilde persé dat het zou winnen en ik vond dat ik daar aan mee moest helpen (terwijl ik het er eigenlijk niet zo op heb om mijn geld daaraan te besteden: ik koop liever de muziek). Het heeft geholpen, want Salvador won terecht het Songfestival 
En toen werd het stil rondom de zanger, die een ingrijpende hartoperatie moest ondergaan. Eind vorig jaar is hij getrouwd met de Belgische actrice Jenna Thiam en nu is er dan eindelijk een nieuw album.
Er was al een album uit van hem, Excuse Me genaamd, met daarop poppy jazz in de stijl zoals ook Jamie Cullum en Wouter Hamel het hanteren. Leuk, maar niet de magie die ik ervoer op het Songfestival.
Die magie hoor ik wel bij de opener van zijn nieuwe album Paris, Lisboa. 180, 181 (Catarse) heeft iets spannends en weet wel te raken, anders dan op het Songfestival nummer, maar toch.
Tijdens Presságio is het ook heerlijk genieten. Het doet me gek genoeg een beetje denken aan de bassist Avishai Cohen, wanneer deze de pop-kant opgaat. Lekker losjes en toch heel vernuftig in elkaar gezet.
Alles wat volgt heeft vaak iets magisch in een ontspannen sfeer. Nergens ervaar ik de toch wat makkelijke jazzpop van de voorganger. Dit gaat wat dieper zonder moeilijk of ingewikkeld te worden. Echt het album waar ik op hoopte, met nog wel dezelfde kritiek als bij de voorganger: behoud de magie door in het Portugees te zingen Salvador, die Engelse liedjes hoeven niet voor mij (Frans is leuk, maar hoeft ook niet... lekker in het Portugees blijven doen).
Sobral is in staat om zijn gevoel goed over te brengen zoals hij dat ook zo grandioos deed op het Eurovisie podium. En niet alleen zijn zang valt op; muzikaal zit het sterk in elkaar. Wat een sterke begeleiders heeft ie om zich heen verzameld.
Bossa Nova, jazz, klassiek (Grandes Illusiones) en soul zijn duidelijk terug te herkennen in de twaalf liedjes, en dat Sobral fan is van Chet Baker idem.
Paris, Lisboa is een aangename verrassing. Een verrassing waar de liefhebbers op hoopten denk ik en ze krijgen wat ze willen: Sobral is terug!

En toen werd het stil rondom de zanger, die een ingrijpende hartoperatie moest ondergaan. Eind vorig jaar is hij getrouwd met de Belgische actrice Jenna Thiam en nu is er dan eindelijk een nieuw album.
Er was al een album uit van hem, Excuse Me genaamd, met daarop poppy jazz in de stijl zoals ook Jamie Cullum en Wouter Hamel het hanteren. Leuk, maar niet de magie die ik ervoer op het Songfestival.
Die magie hoor ik wel bij de opener van zijn nieuwe album Paris, Lisboa. 180, 181 (Catarse) heeft iets spannends en weet wel te raken, anders dan op het Songfestival nummer, maar toch.
Tijdens Presságio is het ook heerlijk genieten. Het doet me gek genoeg een beetje denken aan de bassist Avishai Cohen, wanneer deze de pop-kant opgaat. Lekker losjes en toch heel vernuftig in elkaar gezet.
Alles wat volgt heeft vaak iets magisch in een ontspannen sfeer. Nergens ervaar ik de toch wat makkelijke jazzpop van de voorganger. Dit gaat wat dieper zonder moeilijk of ingewikkeld te worden. Echt het album waar ik op hoopte, met nog wel dezelfde kritiek als bij de voorganger: behoud de magie door in het Portugees te zingen Salvador, die Engelse liedjes hoeven niet voor mij (Frans is leuk, maar hoeft ook niet... lekker in het Portugees blijven doen).
Sobral is in staat om zijn gevoel goed over te brengen zoals hij dat ook zo grandioos deed op het Eurovisie podium. En niet alleen zijn zang valt op; muzikaal zit het sterk in elkaar. Wat een sterke begeleiders heeft ie om zich heen verzameld.
Bossa Nova, jazz, klassiek (Grandes Illusiones) en soul zijn duidelijk terug te herkennen in de twaalf liedjes, en dat Sobral fan is van Chet Baker idem.
Paris, Lisboa is een aangename verrassing. Een verrassing waar de liefhebbers op hoopten denk ik en ze krijgen wat ze willen: Sobral is terug!
Sam Amidon - I See the Sign (2010)

4,0
0
geplaatst: 21 maart 2010, 15:12 uur
Samamidon, Sam Amidon; de best man maakt er met zijn naam een potje van. Gelukkig niet met zijn muziek en laat ik gelijk met de deur in huis vallen: I See the Sign is toch even wennen als je de kalme folk-songs van de vorige albums gewend bent. Dit komt o.a. door toevoeging van de strijkersarrangementen van Nico Muhly (ja, die van Antony & the Johnsons).
Al op opener How Come That Blood wordt er een blik IJslandse strijkers opengetrokken o.l.v. Valgeir Sigurðsson. Het is een spannend begin van dit album waar zelfs wat electronica aan toegevoegd is. Wennen? Ja, wennen, maar daardoor gelijk wel heel erg boeiend wat mij betreft.
Op Way Go Lily komt Amidon met zijn stemgeluid griezelig dicht in de buurt van wijlen Nick Drake. Ook hier verlaat hij het rustige pad door toevoeging van de strijkers. Je herkent hier duidelijk de hand van Nico Muhly in terug. Beth Orton is ook te horen op dit nummer maar doet dat redelijk bescheiden op de achtergrond. Bescheiden is sowieso een term die ik erg passend vind bij deze artiest en 'zijn' liedjes.
Ook op You Better Mind horen we Beth Orton en hier is er meer sprake van een duet. De strijkers zijn hier goed aanwezig zonder opdringerig te worden. Er zit een mooie spanningsopbouw in het nummer en het zijn niet alleen de strijkers die de aandacht opeisen; ook de blazers doen volop mee waardoor het een rijkelijk gearrangeerd nummer is in een toch vrij traditioneel nummer.
Titelsong I See the Sign is een stuk soberder. Toch dwarrelen de strijkers en fluit hier ook onopvallend doorheen. De combinatie lijkt apart en dat is het ook. Je verwacht dit gewoon niet bij muziek als deze. Sam Amidon heeft duidelijk geprobeerd er iets bijzonders van te maken. Dat kan gevaarlijk uitpakken omdat het gekunsteld gaat worden en misschien zullen sommigen dat ook wel vinden. Ik heb er geen moeite mee. Overigens zijn het bijna allemaal traditionele folk-nummers op dit album en misschien daarom is de combinatie wel zo opvallend te noemen.
Johanna the Row-di ligt wat meer in de lijn van Amidons ouder werk: het is een fijn kabbelend nummer waarop Beth Orton wederom meedoet. De liefhebbers van de vorige albums worden blijkbaar niet vergeten.
Pretty Fair Damsel is een original die ik niet ken maar ik denk dat hij hier redelijk dicht bij het origineel gebleven is en wat mooi zijn de arrangementen hier toch weer. Qua sfeer doet het wederom soms denken aan Nick Drake.
Kedron is een hemels nummer in al zijn eenvoud: rustige folk, mooie ietwat hese vocalen en een sausje orkest maakt het af. Heel subtiel trouwens in dit nummer waardoor het zo ongelooflijk goed over weet te komen.
Rain and Snow is zoals bekend ook een traditional en Sam schijnt het een geheel eigen draai gegeven te hebben. Het nummer is tot op het bot gestript en opnieuw opgebouwd en vertaald naar nu. Resultaat is een desolaat klinkend nummer dat al je aandacht weet op te eisen totdat er opeens drums klinken die de piano, gespeeld door Nico Muhly, aankondigt en die daarmee een tweede hoofdrol opeist naast de vocalen. Het geeft het nummer een onderkoelde spanning met zich mee.
Climbing High Mountains is oorspronkelijk een gospel. Sam Amidon maakt er een heel wat soberder nummer van alhoewel je er de gospel wel in terug kunt horen. Shahzad Ismaily is verantwoordelijk voor het 'humming' gedeelte maar dat niet alleen: hij is eigenlijk op alle nummers vertegenwoordigd. Bas, percussie, gitaar; het maakt niet uit want de man is breed inzetbaar. Liefhebbers van Bonnie 'Prince' Billy, Laura Veirs en Faun Fables zullen vast wel eens van hem gehoord hebben.
Het nummer loopt naadloos over in het enige niet traditionele nummer op deze cd namelijk Relief, een ongereleased nummer van R Kelly! Het is maar goed dat je deze info er bij krijgt want ik denk dat anders niemand deze link gelegd zou hebben. Het orkestje krijgt weer een grotere rol, de stem neigt weer erg naar Nick Drake en Beth Orton mag op de achtergrond meedoen, en zo vallen alle puzzelstukjes weer perfect in elkaar op deze track.
Afsluiter Red is wat soberder en gaat wat meer richting werk van artiesten als Bonnie 'Prince' Billy.
Deze vierde cd van Sam Amidon (zijn debuut en dit album verschijnen onder deze naam, zijn vorige twee onder Samamidon) is behoorlijk verrassend te noemen, en ik denk dat Nico Muhly en Valgeir Sigurðsson daar behoorlijk verantwoordelijk voor genoemd kunnen worden. Ik vind het een uiterst bijzondere meerwaarde hebben voor al deze traditionele typisch Amerikaanse muziek. Het maakt het broeierig en uitdagend.
Het is een uiterst verrassend album waar ik voorlopig nog wel even zoet mee ben en wat tevens een bijzondere status zou kunnen verkrijgen binnen dit genre.
Well done Sam Amidon!
Al op opener How Come That Blood wordt er een blik IJslandse strijkers opengetrokken o.l.v. Valgeir Sigurðsson. Het is een spannend begin van dit album waar zelfs wat electronica aan toegevoegd is. Wennen? Ja, wennen, maar daardoor gelijk wel heel erg boeiend wat mij betreft.
Op Way Go Lily komt Amidon met zijn stemgeluid griezelig dicht in de buurt van wijlen Nick Drake. Ook hier verlaat hij het rustige pad door toevoeging van de strijkers. Je herkent hier duidelijk de hand van Nico Muhly in terug. Beth Orton is ook te horen op dit nummer maar doet dat redelijk bescheiden op de achtergrond. Bescheiden is sowieso een term die ik erg passend vind bij deze artiest en 'zijn' liedjes.
Ook op You Better Mind horen we Beth Orton en hier is er meer sprake van een duet. De strijkers zijn hier goed aanwezig zonder opdringerig te worden. Er zit een mooie spanningsopbouw in het nummer en het zijn niet alleen de strijkers die de aandacht opeisen; ook de blazers doen volop mee waardoor het een rijkelijk gearrangeerd nummer is in een toch vrij traditioneel nummer.
Titelsong I See the Sign is een stuk soberder. Toch dwarrelen de strijkers en fluit hier ook onopvallend doorheen. De combinatie lijkt apart en dat is het ook. Je verwacht dit gewoon niet bij muziek als deze. Sam Amidon heeft duidelijk geprobeerd er iets bijzonders van te maken. Dat kan gevaarlijk uitpakken omdat het gekunsteld gaat worden en misschien zullen sommigen dat ook wel vinden. Ik heb er geen moeite mee. Overigens zijn het bijna allemaal traditionele folk-nummers op dit album en misschien daarom is de combinatie wel zo opvallend te noemen.
Johanna the Row-di ligt wat meer in de lijn van Amidons ouder werk: het is een fijn kabbelend nummer waarop Beth Orton wederom meedoet. De liefhebbers van de vorige albums worden blijkbaar niet vergeten.
Pretty Fair Damsel is een original die ik niet ken maar ik denk dat hij hier redelijk dicht bij het origineel gebleven is en wat mooi zijn de arrangementen hier toch weer. Qua sfeer doet het wederom soms denken aan Nick Drake.
Kedron is een hemels nummer in al zijn eenvoud: rustige folk, mooie ietwat hese vocalen en een sausje orkest maakt het af. Heel subtiel trouwens in dit nummer waardoor het zo ongelooflijk goed over weet te komen.
Rain and Snow is zoals bekend ook een traditional en Sam schijnt het een geheel eigen draai gegeven te hebben. Het nummer is tot op het bot gestript en opnieuw opgebouwd en vertaald naar nu. Resultaat is een desolaat klinkend nummer dat al je aandacht weet op te eisen totdat er opeens drums klinken die de piano, gespeeld door Nico Muhly, aankondigt en die daarmee een tweede hoofdrol opeist naast de vocalen. Het geeft het nummer een onderkoelde spanning met zich mee.
Climbing High Mountains is oorspronkelijk een gospel. Sam Amidon maakt er een heel wat soberder nummer van alhoewel je er de gospel wel in terug kunt horen. Shahzad Ismaily is verantwoordelijk voor het 'humming' gedeelte maar dat niet alleen: hij is eigenlijk op alle nummers vertegenwoordigd. Bas, percussie, gitaar; het maakt niet uit want de man is breed inzetbaar. Liefhebbers van Bonnie 'Prince' Billy, Laura Veirs en Faun Fables zullen vast wel eens van hem gehoord hebben.
Het nummer loopt naadloos over in het enige niet traditionele nummer op deze cd namelijk Relief, een ongereleased nummer van R Kelly! Het is maar goed dat je deze info er bij krijgt want ik denk dat anders niemand deze link gelegd zou hebben. Het orkestje krijgt weer een grotere rol, de stem neigt weer erg naar Nick Drake en Beth Orton mag op de achtergrond meedoen, en zo vallen alle puzzelstukjes weer perfect in elkaar op deze track.
Afsluiter Red is wat soberder en gaat wat meer richting werk van artiesten als Bonnie 'Prince' Billy.
Deze vierde cd van Sam Amidon (zijn debuut en dit album verschijnen onder deze naam, zijn vorige twee onder Samamidon) is behoorlijk verrassend te noemen, en ik denk dat Nico Muhly en Valgeir Sigurðsson daar behoorlijk verantwoordelijk voor genoemd kunnen worden. Ik vind het een uiterst bijzondere meerwaarde hebben voor al deze traditionele typisch Amerikaanse muziek. Het maakt het broeierig en uitdagend.
Het is een uiterst verrassend album waar ik voorlopig nog wel even zoet mee ben en wat tevens een bijzondere status zou kunnen verkrijgen binnen dit genre.
Well done Sam Amidon!
Sam Brookes - Black Feathers (2020)

4,0
3
geplaatst: 22 oktober 2020, 22:28 uur
Er was een tijd waar ik dit soort muziek verslond: getormenteerde zang, beetje dramatisch. Heerlijk!
Sam Brookes is voor mij al die tijd onder de radar gebleven, want Black Feathers is niet zijn debuut. Het heeft sowieso zes jaar geduurd voordat hij dit album heeft uitgebracht.
Dat schijnt zijn redenen te hebben: hij heeft in die tijd zijn vader verloren, een lange relatie die op de klippen liep en het overlijden van een goede vriend.
Niet voor niets dat hij Black Feathers als een 'mediation on grief' ziet. Daarbij is hij in 2017 begonnen aan dit album en heeft er dus de tijd voor genomen.
Mijn eerste gedachte was de sfeer die And the Golden Choir (Tobias Siebert) weet neer te zetten, maar dat zal de zang zijn, want Brookes klinkt net wat aardser.
Black Feather staat vol met melancholieke nummers, dank aan de zang, en schitterende arrangementen. Het is warm, bijna soul en je voelt je er heel snel mee vertrouwd.
Een aangename kennismaking wat mij betreft en muziek waar ik rustig van word.
Sam Brookes is voor mij al die tijd onder de radar gebleven, want Black Feathers is niet zijn debuut. Het heeft sowieso zes jaar geduurd voordat hij dit album heeft uitgebracht.
Dat schijnt zijn redenen te hebben: hij heeft in die tijd zijn vader verloren, een lange relatie die op de klippen liep en het overlijden van een goede vriend.
Niet voor niets dat hij Black Feathers als een 'mediation on grief' ziet. Daarbij is hij in 2017 begonnen aan dit album en heeft er dus de tijd voor genomen.
Mijn eerste gedachte was de sfeer die And the Golden Choir (Tobias Siebert) weet neer te zetten, maar dat zal de zang zijn, want Brookes klinkt net wat aardser.
Black Feather staat vol met melancholieke nummers, dank aan de zang, en schitterende arrangementen. Het is warm, bijna soul en je voelt je er heel snel mee vertrouwd.
Een aangename kennismaking wat mij betreft en muziek waar ik rustig van word.
Sam Brown - Of the Moment (2007)

3,5
0
geplaatst: 13 april 2008, 15:01 uur
Sam Brown heeft een stem die je een beetje moet liggen. Zelf vind ik het de ene keer prachtig en de andere keer irriteert het me wat.
Op dit album valt dat redelijk de positieve kant op en dat komt waarschijnlijk door de composities, composities die je volgens mij onder de knie moet krijgen want het moet langzaam groeien. Tijdens de eerste luisterbeurt was het album nog een grote brij voor mij, maar daarna kan het ontrafelen beginnen en toen ontdekte ik dat het erg sterk in elkaar zit. Haar stem past perfect binnen dit tempo dat over het algemeen vrij laag ligt op dit album. Zodra het tempo een beetje omhoog gaat zoals op Walk with Me dan verdwijnt de glans een beetje en verslapt mijn aandacht ietwat.
Het zal even doorzetten gaan worden wil ik dit album helemaal in mijn hart sluiten, maar ik heb zo het vermoeden dat het moet lukken mits er maar wat doorzettingsvermogen aanwezig is en dat kan ik niet garanderen want er is al zo veel moois en dit jaar verschijnen er wel heel erg veel prachtige albums. Hierdoor zou dit wel eens in de vergetelheid kunnen geraken iets wat voor Sam Brown toch wel een beetje opgaat op deze site en dat is niet terecht.
Dit Of the Moment is best een bijzonder album te noemen!
Op dit album valt dat redelijk de positieve kant op en dat komt waarschijnlijk door de composities, composities die je volgens mij onder de knie moet krijgen want het moet langzaam groeien. Tijdens de eerste luisterbeurt was het album nog een grote brij voor mij, maar daarna kan het ontrafelen beginnen en toen ontdekte ik dat het erg sterk in elkaar zit. Haar stem past perfect binnen dit tempo dat over het algemeen vrij laag ligt op dit album. Zodra het tempo een beetje omhoog gaat zoals op Walk with Me dan verdwijnt de glans een beetje en verslapt mijn aandacht ietwat.
Het zal even doorzetten gaan worden wil ik dit album helemaal in mijn hart sluiten, maar ik heb zo het vermoeden dat het moet lukken mits er maar wat doorzettingsvermogen aanwezig is en dat kan ik niet garanderen want er is al zo veel moois en dit jaar verschijnen er wel heel erg veel prachtige albums. Hierdoor zou dit wel eens in de vergetelheid kunnen geraken iets wat voor Sam Brown toch wel een beetje opgaat op deze site en dat is niet terecht.
Dit Of the Moment is best een bijzonder album te noemen!
Sam Fender - People Watching (2025)

4,0
1
geplaatst: 23 februari 2025, 21:35 uur
Sam Fender....ik zal wel te veel in mijn eigen bubbel gezeten hebben want ik kende niks van Sam.
Het is dat de hoes van People Watching mijn aandacht trok en dat het op de voorpagina van deze site stond waardoor ik er nog meer naar toe trok. Dan kom je hier terecht en zie je de kenners negatief reageren. Moet ik er dan wel aan beginnen? Er is immers genoeg dat ik kan beluisteren.
Toch gewoon gedaan zonder enig vergelijk met de voorgangers. The War On Drugs is het eerste dat me bij het opzetten van het album te binnen schoot, niet vreemd want dat lees ik meer. Niet erg origineel, maar dat vind ik The War On drugs ook niet.
Wat vind ik dan wel van dit album? Makkelijke muziek. Niet heel bijzonder, maar dat is zo veel muziek niet meer. Prima nummers, geen vervelende zang, maar ook geen zang die me echt weet te raken. Van die typisch binnen de lijntjes kleurende nummers en behoorlijk veilig. Maar hier zit me dat helemaal niet in de weg. Ik vind de nummers wel erg fraai binnen die lijnen gekleurd. De muzikale omlijsting is mooi en klinkt aangenaam.
Misschien is het feit dat ik de voorgangers niet ken (en blijkbaar ook niet de hit Seventeen Going Under) wel een pré om er misschien wat meer van te genieten dan al degenen die wat negatiever zijn nu. Mijn blik is nog fris en die frisse blik (of beter: frisse gehoor) ervaart eenvoudige, maar goed uitgevoerde liedjes. Niet spannend, maar dat hoeft nu ook niet altijd. Daarmee is People Watching voor mij eigenlijk best wel een lekker album. Een album van een artiest waar ik voorheen nog nooit van gehoord had (ja mensen: dat kan dus echt!).
Het is dat de hoes van People Watching mijn aandacht trok en dat het op de voorpagina van deze site stond waardoor ik er nog meer naar toe trok. Dan kom je hier terecht en zie je de kenners negatief reageren. Moet ik er dan wel aan beginnen? Er is immers genoeg dat ik kan beluisteren.
Toch gewoon gedaan zonder enig vergelijk met de voorgangers. The War On Drugs is het eerste dat me bij het opzetten van het album te binnen schoot, niet vreemd want dat lees ik meer. Niet erg origineel, maar dat vind ik The War On drugs ook niet.
Wat vind ik dan wel van dit album? Makkelijke muziek. Niet heel bijzonder, maar dat is zo veel muziek niet meer. Prima nummers, geen vervelende zang, maar ook geen zang die me echt weet te raken. Van die typisch binnen de lijntjes kleurende nummers en behoorlijk veilig. Maar hier zit me dat helemaal niet in de weg. Ik vind de nummers wel erg fraai binnen die lijnen gekleurd. De muzikale omlijsting is mooi en klinkt aangenaam.
Misschien is het feit dat ik de voorgangers niet ken (en blijkbaar ook niet de hit Seventeen Going Under) wel een pré om er misschien wat meer van te genieten dan al degenen die wat negatiever zijn nu. Mijn blik is nog fris en die frisse blik (of beter: frisse gehoor) ervaart eenvoudige, maar goed uitgevoerde liedjes. Niet spannend, maar dat hoeft nu ook niet altijd. Daarmee is People Watching voor mij eigenlijk best wel een lekker album. Een album van een artiest waar ik voorheen nog nooit van gehoord had (ja mensen: dat kan dus echt!).
Sananda Maitreya - Return to Zooathalon (2013)

3,5
0
geplaatst: 3 juni 2013, 19:02 uur
Sananda Maitreya.... wie kent hem niet? Of beter: wie kent hem nog?
Voorheen Terence Trent d'Arby gebruikte de naam op zijn album Wildcard! uit 2003 al in kleine letters om er vervolgens in z'n geheel voor te gaan. Geen TTD dus maar Sananda Maitreya.
Het succes van de beste man was na zijn debuut al tanende maar de albums onder zijn nieuwe naam doen maar weinig mensen bellen rinkelen.
Hoe dan ook; Return to Zooathalon is zijn nieuwste worp en die stem is en blijft onmiskenbaar d'Arby, eh, Maitreya.
Hij is nog steeds niet vies want wat avontuur en vermengt aardig wat stijlen tot een dampende pop/rock/funk pot.
Toch vind ik de speelduur te lang, zeker ook omdat niet alles even sterk is.
Hij zal er zelf inmiddels wel niet mee zitten. Wat dat aan gaat is meneer ego van het debuut eigenzinnig genoeg om zijn eigen plan te trekken ongeacht het succes dat het oplevert.
Return to Zooathalon is een leuk album met slecht als kanttekening z'n lengte. Hij verdient absoluut meer aandacht dan dat ie nu krijgt en dat is jammer.
Overtuig jezelf en probeer dit nieuwe album eens zou ik zeggen.
Voorheen Terence Trent d'Arby gebruikte de naam op zijn album Wildcard! uit 2003 al in kleine letters om er vervolgens in z'n geheel voor te gaan. Geen TTD dus maar Sananda Maitreya.
Het succes van de beste man was na zijn debuut al tanende maar de albums onder zijn nieuwe naam doen maar weinig mensen bellen rinkelen.
Hoe dan ook; Return to Zooathalon is zijn nieuwste worp en die stem is en blijft onmiskenbaar d'Arby, eh, Maitreya.
Hij is nog steeds niet vies want wat avontuur en vermengt aardig wat stijlen tot een dampende pop/rock/funk pot.
Toch vind ik de speelduur te lang, zeker ook omdat niet alles even sterk is.
Hij zal er zelf inmiddels wel niet mee zitten. Wat dat aan gaat is meneer ego van het debuut eigenzinnig genoeg om zijn eigen plan te trekken ongeacht het succes dat het oplevert.
Return to Zooathalon is een leuk album met slecht als kanttekening z'n lengte. Hij verdient absoluut meer aandacht dan dat ie nu krijgt en dat is jammer.
Overtuig jezelf en probeer dit nieuwe album eens zou ik zeggen.
Sand Snowman - Two Way Mirror (2009)

3,5
0
geplaatst: 21 maart 2009, 19:54 uur
aERodynamIC schreef:
de 2 nummers die op dit album te vinden zijn smaken naar meer..... heel veel meer!
de 2 nummers die op dit album te vinden zijn smaken naar meer..... heel veel meer!
En dat moet uiteraard dan ook een vervolg krijgen.
Zodra het mijmerende The Butcher's Hook van start gaat weet ik het weer. Ja, deze muzikanten vond ik toen leuk klinken op myspace. Stom dat de cd daarna eigenlijk een beetje was blijven liggen maar dat is toch goed gekomen.
Tegelijkertijd hoor ik er ook wel die kenmerkende tinkelende folk in die b.v. een gezelschap als Espers laat horen en eigenlijk wel meer van dit soort bandjes.
Het is allemaal heel liefjes, wiegend en troostend maar echt nieuw is het ook niet en juist omdat deze muziek niet iets is wat ik elke dag op kan zetten is het ook een beetje oppassen dat het niet langzaam wegzakt in het grote lieflijke folkmoeras.
Maar let op: zo tegen het einde krijgt de bas iets dwingends en lijkt het alsof dat lieflijke diertje toch iets minder lieflijk is en best kan bijten.
I Spy is geen cover van de band Pulp. Op dit nummer treden de mannelijke vocalen de vrouwelijke bij die vervolgens om elkaar dwarrelen wat door de akoestische, tokkelende gitaar nog eens extra versterkt wordt. Het probleem met dit soort nummers is toch wel dat het allemaal best mooi klinkt maar tegelijkertijd ook wat schetsmatig.
Faded Flowers loopt ook niet over van de spanning (alhoewel het wel aparte, kleine wendingen in zich heeft) maar dat is ook niet nodig want de triestigheid en melancholie druipt er van af zonder klef te worden. De meerstemmige zang valt in dit nummer behoorlijk op want het geeft de triestigheid toch iets hoopvols mee.
Het deed me denken aan Elliott Smith.....
Redelijk onopgemerkt loopt het nummer over in A Vision on the Green. Een apart instrumentaal nummer dat onderhuids broeit en daardoor iets dreigends heeft. Behoorlijk donker.
Ook dt nummer gaat naadloos over in Matryoshka, Muse of Misrule waar de gitaren wild tokkelend op hun eigen manier een partijtje willen headbangen. Zo akoestisch als wat en toch wild. Er zullen er genoeg zijn die er de zenuwen van krijgen. Zelf kan ik er eerlijk gezegd ook niet zo veel mee.
Dan volgt het ruim 8 minuten durende, instrumentale Mirrors die alle eerdere lieflijkheid keihard van tafel veegt. Het is donker geworden en de sfeer is er niet bepaald vrolijk door. Piano, bas en drums gaan een subtiele strijd met elkaar aan en in de verte horen we soms wat vervormde zang dat meer als instrument dient.
Riverrun gaat weer terug naar het wat lichtere en dat werkt wel even prettig na die lange duistere minuten.
Neurotic Zoo warmt de boel nog verder op en het lijkt wel of we op een zomers Braziliaans feestje beland zijn maar dan nog wel met een geheel eigen twist a la Sand Snowman.
Ook dit nummer gaat langzaamaan over in het volgende: Kites waar de zomerse vrolijkheid al weer achterblijft en omgezet wordt in een verdrietig klinkend nummer met piano in de hoofdrol.
De mooie hoes trok me naar dit album toe maar in tegenstelling tot het verleden heeft het deze keer geen persoonlijke klassieker opgeleverd. Daarvoor vind ik het soms te lastig om mijn volledige aandacht er bij te kunnen houden. Dit gaat er ook niet eentje worden die ik nu eens vaak zal gaan opzetten helaas. Desalnietemin hoor ik wel de kwaliteit en dat wil ik zeker ook belonen.
Sarah Brightman - Dreamchaser (2013)

2,5
0
geplaatst: 20 januari 2013, 13:48 uur
Ooit was ik een liefhebber van Sarah Brightman die als bijnaam The Angel of Music heeft. Waarschijnlijk voortkomend uit haar bijdrage aan The Phantom of the Opera.
Dat mevrouw kan zingen daar twijfel ik niet aan. Ik heb haar live gezien en dat klopt wel, ze weet er bovendien een waar spektakel van te maken.
Toch kwam er op haar laatste albums de klad in en werd ik haar een beetje beu. Elke keer van die covers.......
Maar toch zorgt dit verleden er voor dat ik nieuwsgierig was naar Dreamchaser dat met een hoop bombarie werd aangekondigd door het feit dat Sarah als particulier de ruimte in gaat.
Die moeten we natuurlijk onthouden want er kan bij een slotconclusie rekening mee worden gehouden
Angel was de eerste single en dus kennismaking met dit nieuwe album. Alles volgens beproefd recept. Precies wat je van haar kunt verwachten. Aardig nummer maar veel te veel van hetzelfde.
En sinds deze week is het album uitgekomen in Japan inclusief bonustrack Kaze No Toorimichi. De rest van de wereld zal moeten wachten tot april eer dit album uitkomt.
Het gekke is dat de tweede single geheel aan me voorbij is gegaan, ook wel een beetje door desinteresse.
En toen kwam het voorbij tijdens beluistering. Ik viel van mijn stoel. Dit is One Day Like This van Elbow. Een blik op de verdere tracklist leerde me dat er meer opvallende covers op staan: Lento E Largo van mijn favoriete klassieke album ooit (3e Symfonie van Henryk Gorecki), Breathe Me van Sia, Eperdu van Cocteau Twins, Venus and Mars van Paul McCartney & Wings en Glósóli van Sigur Rós.
Mijn mond viel er van open: ze durft wel. Voor de fans van Brightman zullen het ongetwijfeld onbekende nummers zijn waardoor alles 'nieuw' lijkt. Hoe dan ook zijn haar keuzes spannender dan die van Susan Boyle die in hetzelfde hoekje opereert.
Maar zijn de uitvoeringen ook spannend? U raadt het al: ik kan volmondig nee zeggen.
Alles krijgt dezelfde zouteloze saus waardoor enorme persoonlijke favorieten voor mijn gevoel vernacheld worden.
Natuurlijk doet ze niets anders dan voorheen maar nummers van Sigur Rós zijn gewoon heilig voor mij, daar moet je maar vanaf blijven of doe er iets heel bijzonders mee.
Sia's Breathe Me vind ik één van de meest emotionele nummers die ik ken en heeft meerwaarde gekregen door te figureren als slotnummer van mijn favoriete serie ooit (Six Feet Under). En hier is alle emotie eruit gehaald. Brightman doet braaf haar ding maar dat mag je zo'n nummer niet aandoen.
He zweverige van het Cocteau Twins nummer Éperdu is hier voor een deel weg maar gek genoeg stoor ik me aan deze versie dan weer wat minder.
Tja en dan de Gorecki vertolking van Lento e Largo from Symphony No.3, op.36........ zo'n nummer heeft iets goddelijks gezongen door Dawn Upshaw. Sarah komt niet eens in de buurt daarvan. Laat de fans maar Hallelujah kraaien, ik doe daar niet aan mee.
Voor wat betreft Ave Maria die ze al vaker vertolkt heeft: dit is een compossitie van Sally Herbert en Mike Hedges. Niet het standaard nummer dat altijd en overal wel ergens opduikt.
Probeer ik het geheel even los te zien van de originelen dan blijft er een album over zoals we ze al jaren kennen van Sarah Brightman. Eigenlijk niks nieuws ondeer de zon (of moet ik nu maan zeggen).
Het is en blijft mierzoet maar tegen soms jezelf volproppen met snoep is ook weer niet al te veel in te brengen. Af en toe mag dat wel.
En die eindconclusie met die opmerking over haar ruimtereis? Laat ik dat maar gewoon zitten.
Musicmeter is sowieso niet een podium voor artiesten als deze
Dat mevrouw kan zingen daar twijfel ik niet aan. Ik heb haar live gezien en dat klopt wel, ze weet er bovendien een waar spektakel van te maken.
Toch kwam er op haar laatste albums de klad in en werd ik haar een beetje beu. Elke keer van die covers.......
Maar toch zorgt dit verleden er voor dat ik nieuwsgierig was naar Dreamchaser dat met een hoop bombarie werd aangekondigd door het feit dat Sarah als particulier de ruimte in gaat.
Die moeten we natuurlijk onthouden want er kan bij een slotconclusie rekening mee worden gehouden

Angel was de eerste single en dus kennismaking met dit nieuwe album. Alles volgens beproefd recept. Precies wat je van haar kunt verwachten. Aardig nummer maar veel te veel van hetzelfde.
En sinds deze week is het album uitgekomen in Japan inclusief bonustrack Kaze No Toorimichi. De rest van de wereld zal moeten wachten tot april eer dit album uitkomt.
Het gekke is dat de tweede single geheel aan me voorbij is gegaan, ook wel een beetje door desinteresse.
En toen kwam het voorbij tijdens beluistering. Ik viel van mijn stoel. Dit is One Day Like This van Elbow. Een blik op de verdere tracklist leerde me dat er meer opvallende covers op staan: Lento E Largo van mijn favoriete klassieke album ooit (3e Symfonie van Henryk Gorecki), Breathe Me van Sia, Eperdu van Cocteau Twins, Venus and Mars van Paul McCartney & Wings en Glósóli van Sigur Rós.
Mijn mond viel er van open: ze durft wel. Voor de fans van Brightman zullen het ongetwijfeld onbekende nummers zijn waardoor alles 'nieuw' lijkt. Hoe dan ook zijn haar keuzes spannender dan die van Susan Boyle die in hetzelfde hoekje opereert.
Maar zijn de uitvoeringen ook spannend? U raadt het al: ik kan volmondig nee zeggen.
Alles krijgt dezelfde zouteloze saus waardoor enorme persoonlijke favorieten voor mijn gevoel vernacheld worden.
Natuurlijk doet ze niets anders dan voorheen maar nummers van Sigur Rós zijn gewoon heilig voor mij, daar moet je maar vanaf blijven of doe er iets heel bijzonders mee.
Sia's Breathe Me vind ik één van de meest emotionele nummers die ik ken en heeft meerwaarde gekregen door te figureren als slotnummer van mijn favoriete serie ooit (Six Feet Under). En hier is alle emotie eruit gehaald. Brightman doet braaf haar ding maar dat mag je zo'n nummer niet aandoen.
He zweverige van het Cocteau Twins nummer Éperdu is hier voor een deel weg maar gek genoeg stoor ik me aan deze versie dan weer wat minder.
Tja en dan de Gorecki vertolking van Lento e Largo from Symphony No.3, op.36........ zo'n nummer heeft iets goddelijks gezongen door Dawn Upshaw. Sarah komt niet eens in de buurt daarvan. Laat de fans maar Hallelujah kraaien, ik doe daar niet aan mee.
Voor wat betreft Ave Maria die ze al vaker vertolkt heeft: dit is een compossitie van Sally Herbert en Mike Hedges. Niet het standaard nummer dat altijd en overal wel ergens opduikt.
Probeer ik het geheel even los te zien van de originelen dan blijft er een album over zoals we ze al jaren kennen van Sarah Brightman. Eigenlijk niks nieuws ondeer de zon (of moet ik nu maan zeggen).
Het is en blijft mierzoet maar tegen soms jezelf volproppen met snoep is ook weer niet al te veel in te brengen. Af en toe mag dat wel.
En die eindconclusie met die opmerking over haar ruimtereis? Laat ik dat maar gewoon zitten.
Musicmeter is sowieso niet een podium voor artiesten als deze

Sarah Brightman - Hymn (2018)

2,5
0
geplaatst: 9 december 2018, 18:39 uur
Er was een tijd dat ik geen genoeg kon krijgen van dit soort artiesten waar Sarah Brightman en Josh Groban de scepter zwaaiden. Kitsch op en top, maar ik hield er van. Daar kwam de klad in en het begon me allemaal tegen te staan. Het is net als met snoep: heerlijk als je begint, maar na verloop van tijd word je er misselijk van als je niet oplet.
En zo gebeurde het dat ik naar de laatste albums van Groban en Brightman niet echt meer kon luisteren, laat staan dat ik soortgelijke artiesten ben gaan beluisteren. Einde van een tijdperk zullen we maar zeggen.
Toch wist Josh Groban me eerder dit jaar weer eens positief te verrassen. Zijn album vond ik eigenlijk best wel weer leuk. Dus waarom dan ook Sarah geen kans geven?! Ik wist allereerst niet eens dat er na vijf jaar een nieuw album aan zat te komen. Dat zegt ook wel iets over mijn bekoelde relatie met La Brightman.
Allereerst: wat doet Time to Say Goodbye hier op? Dat nummer is inmiddels compleet doodgedraaid (en dat bedoel ik niet eens sarcastisch, omdat het veel te horen is op begrafenissen en crematies). En dan mag dit wel een wat soberder versie zijn; was het echt nodig? Een album van vijfenveertig minuten was ook prima geweest, daar hadden we deze toevoeging niet voor nodig.
Sogni is ook al zo'n nummer dat we tot in den treuren in allerlei versies voorbij hebben horen komen. Brightman voegt er samen met de franse tenor Vincent Niclo weinig aan toe. Plastic pop-klassiek. Nu is dat niet nieuw van haar, maar we weten het onderhand echt wel. Daar hebben we niet vijf jaar voor hoeven wachten lijkt me.
En zo komen er wel meer van die plastic nummers voorbij. Zodra ze wat meer de poptoer opgaat is het gewoon strontvervelend en dat heeft ze in het verleden toch echt beter gedaan. Nu is het gewoon irritant om naar te luisteren.
Is het de bekoelde liefde die ook nu niet meer opnieuw gaat vlammen? Of is het gewoon een slag minder dan voorheen? Ik vind het moeilijk te zeggen. Ik weet alleen dat ook dit album het niet meer gaat worden voor mij. Ik luister dan toch liever naar de nieuwe Josh Groban welke eerder dit jaar uitkwam. Niks mis met mierzoete pop, maar dit is me soms iets te veel kitsch en de terugkeer van Frank Peterson helpt er niet aan om Brightman opnieuw in mijn armen te sluiten.
En zo gebeurde het dat ik naar de laatste albums van Groban en Brightman niet echt meer kon luisteren, laat staan dat ik soortgelijke artiesten ben gaan beluisteren. Einde van een tijdperk zullen we maar zeggen.
Toch wist Josh Groban me eerder dit jaar weer eens positief te verrassen. Zijn album vond ik eigenlijk best wel weer leuk. Dus waarom dan ook Sarah geen kans geven?! Ik wist allereerst niet eens dat er na vijf jaar een nieuw album aan zat te komen. Dat zegt ook wel iets over mijn bekoelde relatie met La Brightman.
Allereerst: wat doet Time to Say Goodbye hier op? Dat nummer is inmiddels compleet doodgedraaid (en dat bedoel ik niet eens sarcastisch, omdat het veel te horen is op begrafenissen en crematies). En dan mag dit wel een wat soberder versie zijn; was het echt nodig? Een album van vijfenveertig minuten was ook prima geweest, daar hadden we deze toevoeging niet voor nodig.
Sogni is ook al zo'n nummer dat we tot in den treuren in allerlei versies voorbij hebben horen komen. Brightman voegt er samen met de franse tenor Vincent Niclo weinig aan toe. Plastic pop-klassiek. Nu is dat niet nieuw van haar, maar we weten het onderhand echt wel. Daar hebben we niet vijf jaar voor hoeven wachten lijkt me.
En zo komen er wel meer van die plastic nummers voorbij. Zodra ze wat meer de poptoer opgaat is het gewoon strontvervelend en dat heeft ze in het verleden toch echt beter gedaan. Nu is het gewoon irritant om naar te luisteren.
Is het de bekoelde liefde die ook nu niet meer opnieuw gaat vlammen? Of is het gewoon een slag minder dan voorheen? Ik vind het moeilijk te zeggen. Ik weet alleen dat ook dit album het niet meer gaat worden voor mij. Ik luister dan toch liever naar de nieuwe Josh Groban welke eerder dit jaar uitkwam. Niks mis met mierzoete pop, maar dit is me soms iets te veel kitsch en de terugkeer van Frank Peterson helpt er niet aan om Brightman opnieuw in mijn armen te sluiten.
Sarah McCoy - Blood Siren (2019)

4,0
1
geplaatst: 13 februari 2019, 22:26 uur
Een stem die al snel weet te raken door het rauwe randje, en het bijna klassieke pianospel maakt het af. Dat laatste is niet zo gek, aangezien McCoy een klassieke opleiding heeft genoten.
De sfeer is duister, maar door de piano blijft er toch een wat lichte toon in zitten waardoor je het album goed kunt uitzitten. Kleine details maken het spannend.
Niet iets wat je elke dag makkelijk opzet, maar wel zeer boeiend. Qua zang moet ik af en toe denken aan een ingetogen Adele (ja, dat zal wel weer tegen het zere been van puristen zijn, maar ik hoor het er af en toe toch wel in) en soms een klein beetje Kovacs. Door de setting van de nummers zal niet iedereen het zo ervaren.
Het zegt verder niks over de richting waarin je dit moet zoeken. Het is namelijk best lastig om dit goed te duiden. Blues noir duikt regelmatig op.... ik weet niet... voor mij weer wat misleidend. Soul? Mwoah. Je het ademt soul, maar het past niet in het hokje.
Een nummer als Someday doet mij denken aan de sfeer in films van Tim Burton.
Dat is waarschijnlijk het mooie van Blood Siren: niet echt goed te categoriseren, terwijl het toch ook niet vreemd aanvoelt. Een bijzondere prestatie. Bijzonder album!
De sfeer is duister, maar door de piano blijft er toch een wat lichte toon in zitten waardoor je het album goed kunt uitzitten. Kleine details maken het spannend.
Niet iets wat je elke dag makkelijk opzet, maar wel zeer boeiend. Qua zang moet ik af en toe denken aan een ingetogen Adele (ja, dat zal wel weer tegen het zere been van puristen zijn, maar ik hoor het er af en toe toch wel in) en soms een klein beetje Kovacs. Door de setting van de nummers zal niet iedereen het zo ervaren.
Het zegt verder niks over de richting waarin je dit moet zoeken. Het is namelijk best lastig om dit goed te duiden. Blues noir duikt regelmatig op.... ik weet niet... voor mij weer wat misleidend. Soul? Mwoah. Je het ademt soul, maar het past niet in het hokje.
Een nummer als Someday doet mij denken aan de sfeer in films van Tim Burton.
Dat is waarschijnlijk het mooie van Blood Siren: niet echt goed te categoriseren, terwijl het toch ook niet vreemd aanvoelt. Een bijzondere prestatie. Bijzonder album!
Sarah Slean - Night Bugs (2002)

4,0
0
geplaatst: 11 april 2010, 23:21 uur
Natuurlijk is het makkelijk om Sarah Slean te vergelijken met Tori Amos zoals het indertijd makkelijk was om Tori Amos te vergelijken met Kate Bush.
Maar ja: smachtende zang en piano, dat wil wel natuurlijk.
Neem Eliot nu als voorbeeld: dan kun je toch echt niet helemaal om de vergelijking heen natuurlijk. Uiteraard geeft Slean er een eigen ietwat jazzy randje aan mee, maar de manier waarop ze zingt en het zwelgende die haar compositie oproept doet mij toch echt aan Miss Amos denken. Maar vind ik dat erg dan? Welnee, want waar Tori de laatste albums meer en meer een sound ontwikkelt waar ik minder goed in mee kan daar is dit nummer juist de stijl die ik wel waardeer. Daarbij hoor ik in Book Smart, Street Stupid weer wat Martha Wainwright terug (voor wat het waard is en daarbij toevoegend dat Martha pas een paar jaar later met haar debuut kwam).
Gelukkig voegt Slean genoeg 'eigen dingen' toe waardoor Night Bugs toch ook op zichzelf kan staan en niet de geschiedenis in hoeft te gaan als 'kloon van'. Op Weight is dat heel licht te horen. Misschien komt dit wel door de invloed van co-producer Hawksley Workman.
En zo staat dit album vol met prachtige piano-georiënteerde nummers die behoorlijk zelfverzekerd overkomen en een heerlijk uitbundig gevoel meegeven waar ik zeker niet ongevoelig voor ben.
Wat dat aan gaat komen er toch echt wel een hoop zeer boeiende artiesten uit Canada. Ik wil daar Sarah Slean zeker toe rekenen.
Maar ja: smachtende zang en piano, dat wil wel natuurlijk.
Neem Eliot nu als voorbeeld: dan kun je toch echt niet helemaal om de vergelijking heen natuurlijk. Uiteraard geeft Slean er een eigen ietwat jazzy randje aan mee, maar de manier waarop ze zingt en het zwelgende die haar compositie oproept doet mij toch echt aan Miss Amos denken. Maar vind ik dat erg dan? Welnee, want waar Tori de laatste albums meer en meer een sound ontwikkelt waar ik minder goed in mee kan daar is dit nummer juist de stijl die ik wel waardeer. Daarbij hoor ik in Book Smart, Street Stupid weer wat Martha Wainwright terug (voor wat het waard is en daarbij toevoegend dat Martha pas een paar jaar later met haar debuut kwam).
Gelukkig voegt Slean genoeg 'eigen dingen' toe waardoor Night Bugs toch ook op zichzelf kan staan en niet de geschiedenis in hoeft te gaan als 'kloon van'. Op Weight is dat heel licht te horen. Misschien komt dit wel door de invloed van co-producer Hawksley Workman.
En zo staat dit album vol met prachtige piano-georiënteerde nummers die behoorlijk zelfverzekerd overkomen en een heerlijk uitbundig gevoel meegeven waar ik zeker niet ongevoelig voor ben.
Wat dat aan gaat komen er toch echt wel een hoop zeer boeiende artiesten uit Canada. Ik wil daar Sarah Slean zeker toe rekenen.
Satellites - Satellites.04: Glitch (2016)

4,0
0
geplaatst: 29 augustus 2016, 19:30 uur
Voor mij nog een grote onbekende, maar deze EP (deel 3 uit de serie van het label Final 500 records) bevalt me goed. Een warm geluid, mooie stem en indringende teksten.
Hoe is deze EP ontstaan?
De moeder van Johnny Vic kreeg net voor kerst een beroerte, en wat doen veel artiesten dan? Ze zetten hun emoties om in muziek.
Johnny Vic, die onder de naam Satellites zijn muziek uitbrengt, had al twee albums uitgebracht en vorig jaar had hij net zijn derde album afgerond (Satellites.03: LaLa). Toen overkwam Vic het persoonlijke drama wat hem tijd gaf om nieuwe muziek te maken wat uitmondde in deze EP, Satellites.04: Glitch.
Een storing in het hart van zijn moeder werd tevens de titel ervan.
Het avontuurlijke label Final 500 Records wilde dit uitbrengen en zo krijgen de leden deze schitterende muziek op hun deurmat geleverd (de EP is ook los te koop).
De teksten zijn zoals te verwachten persoonlijk en gaan niet over een vrolijk onderwerp.
Overload klinkt ondanks dat best nog uptempo en heeft bijna iets vrolijks; de tegenstrijdige gevoelens die Vic wellicht in zich had in die periode?! Gek genoeg doet me dit nummer een beetje denken aan de scene in België die ook dit soort avontuurlijke muziek kent.
Saints & Sinners gaat een tandje omlaag in tempo en dan valt de warme stem van Vic op. Ik hoor hier een beetje het geluid in van Jay-Jay Johanson maar dat kan komen door de elektronische elementen en het timbre van hun beider stemmen. Ook doet het me denken aan And the Golden Choir, en dat misschien door het ietwat volle en barokke geluid.
Faith & I kent een schitterende opbouw doordrenkt van melancholie waar John Grant zich ook niet voor zou hoeven te schamen.
Square Wheels lijkt aanvankelijk een stuk kleiner gehouden en hier speelt de piano een grote rol, de piano waarop de nummers in het huis van zijn moeder zijn gecomponeerd om de tijd te doden (het huis moest verkocht worden om de ziekenhuis kosten te betalen). Maar dan ineens barst het nummer open door toevoeging van gitaren om even snel daarna een soort dance track te worden. Hoe avontuurlijk wil je het hebben?
Just Pull Over heeft wat van de elektronica in zich die het de laatste tijd goed doet (ik denk aan Låpsley bijvoorbeeld): melancholiek verpakt in een dun elektronisch laagje waar de natuurlijke instrumenten ook nog rijkelijk ademen. Het zorgt voor een schitterend nummer waar de emoties voelbaar zijn.
Unforgiven kan zich best meten met de rustiger Radiohead nummers. Een broeierig nummer, met galm gezongen, en gewoon ongelooflijk bloedmooi. Dit soort nummers moet je ondergaan. Luister zeker ook naar de tekst die je als luisteraar niet onbewogen laat.
Glitch is een instrumentaal nummer dat haast neigt naar nummers van Chopin. Er wordt ook niet op gezongen. Is ook niet nodig. Het pakt onmiddellijk.
DNR heeft iets berustends. De inkijk in het persoonlijke leven van Johnny Vic is bijna te lastig voor ons luisteraars. Willen we wel zo diep meegezogen worden in de man's ellende. Ja, als het dit soort kunstwerkjes oplevert. Want een kunstwerkje is het. De melancholie druipt ervan af, maar wordt nergens klef.
Photograph sluit de ruim 36 minuten en negen nummers tellende EP af. Het klinkt wat luchtiger, alsof er toch nog licht aan het einde van de tunnel gloort. Get Well Soon levert soms ook van dit soort nummers af en qua zang lijkt het er ook best wel op en dat is een groot compliment. Het vormt een sterke afsluiting van een sterke EP.
Een hoop 'namedropping' wellicht, maar ik vind het nodig om te laten zien dat dit echt de moeite waard is en dat iedereen een beetje weet welke richting dit op gaat.
Final 500 Records is een sympathiek initiatief. Om de paar maanden krijg je als lid een EP op de deurmat geleverd (Revere en Crying Boys Cafe waren de nummers 1 en 2). Het is dus telkens weer spannend wat je nu weer voorgeschoteld krijgt. Voor mij waren Revere en Crying Boys Cafe niet bepaald onbekend, maar nu was het dus voor de eerste keer echt helemaal blanco er in op gaan. En de heren van het label hebben iets heel moois binnengehaald. Nu weet ik dat de smaak van één van de twee dicht bij die van mij ligt, maar toch.......
De Satellites.04: Glitch EP is een prachtig stuk muziek geworden waar je ademloos naar kunt luisteren. Het weet je heel direct te raken en dat is mooi. Heel mooi!
Hoe is deze EP ontstaan?
De moeder van Johnny Vic kreeg net voor kerst een beroerte, en wat doen veel artiesten dan? Ze zetten hun emoties om in muziek.
Johnny Vic, die onder de naam Satellites zijn muziek uitbrengt, had al twee albums uitgebracht en vorig jaar had hij net zijn derde album afgerond (Satellites.03: LaLa). Toen overkwam Vic het persoonlijke drama wat hem tijd gaf om nieuwe muziek te maken wat uitmondde in deze EP, Satellites.04: Glitch.
Een storing in het hart van zijn moeder werd tevens de titel ervan.
Het avontuurlijke label Final 500 Records wilde dit uitbrengen en zo krijgen de leden deze schitterende muziek op hun deurmat geleverd (de EP is ook los te koop).
De teksten zijn zoals te verwachten persoonlijk en gaan niet over een vrolijk onderwerp.
Overload klinkt ondanks dat best nog uptempo en heeft bijna iets vrolijks; de tegenstrijdige gevoelens die Vic wellicht in zich had in die periode?! Gek genoeg doet me dit nummer een beetje denken aan de scene in België die ook dit soort avontuurlijke muziek kent.
Saints & Sinners gaat een tandje omlaag in tempo en dan valt de warme stem van Vic op. Ik hoor hier een beetje het geluid in van Jay-Jay Johanson maar dat kan komen door de elektronische elementen en het timbre van hun beider stemmen. Ook doet het me denken aan And the Golden Choir, en dat misschien door het ietwat volle en barokke geluid.
Faith & I kent een schitterende opbouw doordrenkt van melancholie waar John Grant zich ook niet voor zou hoeven te schamen.
Square Wheels lijkt aanvankelijk een stuk kleiner gehouden en hier speelt de piano een grote rol, de piano waarop de nummers in het huis van zijn moeder zijn gecomponeerd om de tijd te doden (het huis moest verkocht worden om de ziekenhuis kosten te betalen). Maar dan ineens barst het nummer open door toevoeging van gitaren om even snel daarna een soort dance track te worden. Hoe avontuurlijk wil je het hebben?
Just Pull Over heeft wat van de elektronica in zich die het de laatste tijd goed doet (ik denk aan Låpsley bijvoorbeeld): melancholiek verpakt in een dun elektronisch laagje waar de natuurlijke instrumenten ook nog rijkelijk ademen. Het zorgt voor een schitterend nummer waar de emoties voelbaar zijn.
Unforgiven kan zich best meten met de rustiger Radiohead nummers. Een broeierig nummer, met galm gezongen, en gewoon ongelooflijk bloedmooi. Dit soort nummers moet je ondergaan. Luister zeker ook naar de tekst die je als luisteraar niet onbewogen laat.
Glitch is een instrumentaal nummer dat haast neigt naar nummers van Chopin. Er wordt ook niet op gezongen. Is ook niet nodig. Het pakt onmiddellijk.
DNR heeft iets berustends. De inkijk in het persoonlijke leven van Johnny Vic is bijna te lastig voor ons luisteraars. Willen we wel zo diep meegezogen worden in de man's ellende. Ja, als het dit soort kunstwerkjes oplevert. Want een kunstwerkje is het. De melancholie druipt ervan af, maar wordt nergens klef.
Photograph sluit de ruim 36 minuten en negen nummers tellende EP af. Het klinkt wat luchtiger, alsof er toch nog licht aan het einde van de tunnel gloort. Get Well Soon levert soms ook van dit soort nummers af en qua zang lijkt het er ook best wel op en dat is een groot compliment. Het vormt een sterke afsluiting van een sterke EP.
Een hoop 'namedropping' wellicht, maar ik vind het nodig om te laten zien dat dit echt de moeite waard is en dat iedereen een beetje weet welke richting dit op gaat.
Final 500 Records is een sympathiek initiatief. Om de paar maanden krijg je als lid een EP op de deurmat geleverd (Revere en Crying Boys Cafe waren de nummers 1 en 2). Het is dus telkens weer spannend wat je nu weer voorgeschoteld krijgt. Voor mij waren Revere en Crying Boys Cafe niet bepaald onbekend, maar nu was het dus voor de eerste keer echt helemaal blanco er in op gaan. En de heren van het label hebben iets heel moois binnengehaald. Nu weet ik dat de smaak van één van de twee dicht bij die van mij ligt, maar toch.......
De Satellites.04: Glitch EP is een prachtig stuk muziek geworden waar je ademloos naar kunt luisteren. Het weet je heel direct te raken en dat is mooi. Heel mooi!
Saule - Western (2009)

3,5
0
geplaatst: 26 december 2009, 18:51 uur
Een vriendelijk plaatje: zo wil ik dit album wel noemen.
Ik had nog nooit van Saule gehoord totdat hij onlangs optrad met Stef kamil Carlens van Zita Swoon. Samen brachten ze het uiterst swingende KDO Song ten gehore. Ook de begeleidingsband Les Pleureurs was hierbij aanwezig.
Verwar deze Saule overigens niet met de uit Brussel afkomstige Xavier Garcia Bardon die ook onder de naam Saule bekend is.
Baptiste Lalieu is de echte naam van deze Saule (volgt u hem nog?) en live zijn ze dus bekend als Saule et Les Pleureurs die allerlei hoeken van de muziek (voornamelijk met een wereldsausje) op uiterst sympathieke wijze als één geheel weet te brengen. Het doet een beetje denken aan de werkwijze van de latere Zita Swoon, maar die vind ik net iets scherper. Zelfs Manu Chao durf ik te noemen maar ook die klinken venijniger.
Dit album van Saule (et Les Pleureurs) klinkt toegankelijker maar het speelplezier spat er wel van af.
Op deze cd staat ook een cover van de jaren '80 hit Wonderful Life gezongen door Black. Het is daarmee het enige engelstalige nummer en je herkent het in eerste instantie niet terug door de reggae-achtige invloed (het lijkt haast Doe Maar wel, en nu ik die naam zo noem herken ik soms wel wat terug van deze band in Saul).
Als ik deze laatste cd zo hoor krijg ik al weer helemaal zin in de zomer en zie ik de laatste resten sneeuw liever nu dan morgen wegsmelten en mogen de winterse maanden die vast nog gaan komen helemaal overgeslagen worden.
Ik had nog nooit van Saule gehoord totdat hij onlangs optrad met Stef kamil Carlens van Zita Swoon. Samen brachten ze het uiterst swingende KDO Song ten gehore. Ook de begeleidingsband Les Pleureurs was hierbij aanwezig.
Verwar deze Saule overigens niet met de uit Brussel afkomstige Xavier Garcia Bardon die ook onder de naam Saule bekend is.
Baptiste Lalieu is de echte naam van deze Saule (volgt u hem nog?) en live zijn ze dus bekend als Saule et Les Pleureurs die allerlei hoeken van de muziek (voornamelijk met een wereldsausje) op uiterst sympathieke wijze als één geheel weet te brengen. Het doet een beetje denken aan de werkwijze van de latere Zita Swoon, maar die vind ik net iets scherper. Zelfs Manu Chao durf ik te noemen maar ook die klinken venijniger.
Dit album van Saule (et Les Pleureurs) klinkt toegankelijker maar het speelplezier spat er wel van af.
Op deze cd staat ook een cover van de jaren '80 hit Wonderful Life gezongen door Black. Het is daarmee het enige engelstalige nummer en je herkent het in eerste instantie niet terug door de reggae-achtige invloed (het lijkt haast Doe Maar wel, en nu ik die naam zo noem herken ik soms wel wat terug van deze band in Saul).
Als ik deze laatste cd zo hoor krijg ik al weer helemaal zin in de zomer en zie ik de laatste resten sneeuw liever nu dan morgen wegsmelten en mogen de winterse maanden die vast nog gaan komen helemaal overgeslagen worden.
Savath + Savalas - Golden Pollen (2007)

3,0
0
geplaatst: 30 maart 2007, 22:19 uur
Soms heb je van die cd's waarvan je de bandnaam ziet en denkt: wie????
Dat had ik een beetje bij Savath & Savalas. Fascinerend hoesje erbij en dan is het de moeite waard om het eens nader te verkennen.
Het In Tro belooft een goede zomer. Zeebranding, ronddwarrelende fluit, akoestische gitaar en wat vaag gezang die wegwaait met de wind.
Het blijft een intro zullen we maar zeggen.
Pas over het eerste echte nummer Apnea Obstructiva valt echt iets zinnigs te zeggen. Voor de nieuwsgierigen onder jullie: het is te beluisteren op de myspace pagina.
Als je dit hoort gaat het inderdaad een lekkere zomer worden. Luchtig, zuidelijk en zwoel. Zweverig is ook een term die goed van toepassing is. Bij nummers als deze is het erg verleidelijk om te gaan spreken over roseetjes, hangmat, zee en weet ik het wat. Maar ja, daar nodigt deze muziek dan ook toe uit. Zoek het in de hoek van b.v. Bebel Gilberto.
Paisaje klinkt wat spannender in het begin, maar al snel neemt het lome ritme en dito gezang het weer over. Helemaal niks mis mee want het is smaakvol gedaan.
Concreto is net even wat spannender dan dat dit soort zon-zee-strand-muziek normaliter is. Het is misschien net even te pittig voor onze hippe strandtenten zullen we maar zeggen. Toch is het de zang die me net even te veel irriteert. Dan heb ik toch echt liever zwoele, mooie dames-stemmen dan dit wel erg neutrale gezang.
Maar het zit dus wel verdomde goed in elkaar. Het is ook nooit goed.....
Mi Hijo heeft dus hetzelfde euvel als het vorige nummer: kwalitatief erg goed en verfrissend t.o.v. bestaande albums in dit genre, maar de zang maakt het voor mij toch echt wat te suf allemaal. Het lijkt wel of we vaag over moeten komen om het beter te doen lijken.
Instrumentaal, nogmaals, vind ik het erg sterk en boeiend.
Te Amo...Por Que Me Odias experimenteert zeker in het intro weer lekker verder, maar dan is het onvermijdelijk dat er op een gegeven moment weer wat dreinerig gezang bij komt. Ik besef wel dat ook juist de zang het ietwat bevreemdende effect verzorgt waardoor dit alles net even anders dan anders klinkt. De My Bloody Valentine van de latin-pop wellicht???
Op Estrella De Dos Caras speelt José González mee. En dat merk je gelijk. Het is een nummer dat uitstekend op zijn eigen album had kunnen staan. Neveneffect is wel dat het hierdoor wel wat aan spanning moet inleveren.
Olhas is een kort intermezzo op akoestische gitaar en vormt een mooie overgang naar El Solitario. Ook dit nummer heeft als basis de akoestische gitaar en krijgt als ondersteuning allerlei flarden instrumenten die bescheiden op de achtergrond meedoen. Minder vreemd, maar wel mooi en uiterst relaxed.
Het intro van Faltamos Palabras doet even vermoeden dat we hier flink gaan experimenteren, maar dat blijkt als snel mee te vallen. Wederom een rustig tempo en wederom de neuzelige zang. Oppassen geblazen nu want het begint een beetje saai te worden zo.
Era Tu heeft hier en daar wat dwarse tegenritmes, maar het is net even te subtiel om daardoor te spreken van experimenteerdrift.
Vidas Animadas is uiterst aangenaam als je inmiddels in slaap bent gevallen in je hangmatje tussen de palmbomen. Ik ben nl. het spoor een beetje bijster omdat het nu echt te veel op elkaar begint te lijken, voorgrond is nu duidelijk achtergrond geworden.
Tormenta De La Flor doet niet al te veel moeite om daarvan af te komen helaas. Hierdoor heb ik geen idee meer in welk nummer ik nu zit. Het zit echt prima in elkaar, dat hoor ik ook wel, maar mijn gevoel zegt dat het album gewoon eerder had moeten stoppen want ze gaan nu te lang door op deze manier.
Op Ya Verdad stoort de zang me gek genoeg een stuk minder. De Engineers gaan latin of zoiets. Er zitten hier en daar wat kleine electronic toevoegingen, maar die zijn zo minimaal dat je nauwelijks kunt spreken van electronic zoals ik hier en daar wel ben tegengekomen.
Tiempo is een nog geen minuut durend intermezzo en vormt de opmaat voor het eveneens kort durende End waar de akoestische gitaar is verdwenen en we ook geen zang meer te horen krijgen.
Misschien omdat het maart is en ik nog niet echt een zomer-vibe ervaar, misschien omdat het toch niet genoeg boeide moet ik concluderen dat ik de plaat na een paar nummers te veel naar een grote brei vind afzakken. Dat is best jammer, want volgens mij kan dit best een goed bandje zijn.
Nu kom ik uit op een heel iel drietje. Misschien dat wanneer de zomer echt volle toeren gaat draaien ik wat bijtrek. We zullen zien.
Dat had ik een beetje bij Savath & Savalas. Fascinerend hoesje erbij en dan is het de moeite waard om het eens nader te verkennen.
Het In Tro belooft een goede zomer. Zeebranding, ronddwarrelende fluit, akoestische gitaar en wat vaag gezang die wegwaait met de wind.
Het blijft een intro zullen we maar zeggen.
Pas over het eerste echte nummer Apnea Obstructiva valt echt iets zinnigs te zeggen. Voor de nieuwsgierigen onder jullie: het is te beluisteren op de myspace pagina.
Als je dit hoort gaat het inderdaad een lekkere zomer worden. Luchtig, zuidelijk en zwoel. Zweverig is ook een term die goed van toepassing is. Bij nummers als deze is het erg verleidelijk om te gaan spreken over roseetjes, hangmat, zee en weet ik het wat. Maar ja, daar nodigt deze muziek dan ook toe uit. Zoek het in de hoek van b.v. Bebel Gilberto.
Paisaje klinkt wat spannender in het begin, maar al snel neemt het lome ritme en dito gezang het weer over. Helemaal niks mis mee want het is smaakvol gedaan.
Concreto is net even wat spannender dan dat dit soort zon-zee-strand-muziek normaliter is. Het is misschien net even te pittig voor onze hippe strandtenten zullen we maar zeggen. Toch is het de zang die me net even te veel irriteert. Dan heb ik toch echt liever zwoele, mooie dames-stemmen dan dit wel erg neutrale gezang.
Maar het zit dus wel verdomde goed in elkaar. Het is ook nooit goed.....
Mi Hijo heeft dus hetzelfde euvel als het vorige nummer: kwalitatief erg goed en verfrissend t.o.v. bestaande albums in dit genre, maar de zang maakt het voor mij toch echt wat te suf allemaal. Het lijkt wel of we vaag over moeten komen om het beter te doen lijken.
Instrumentaal, nogmaals, vind ik het erg sterk en boeiend.
Te Amo...Por Que Me Odias experimenteert zeker in het intro weer lekker verder, maar dan is het onvermijdelijk dat er op een gegeven moment weer wat dreinerig gezang bij komt. Ik besef wel dat ook juist de zang het ietwat bevreemdende effect verzorgt waardoor dit alles net even anders dan anders klinkt. De My Bloody Valentine van de latin-pop wellicht???
Op Estrella De Dos Caras speelt José González mee. En dat merk je gelijk. Het is een nummer dat uitstekend op zijn eigen album had kunnen staan. Neveneffect is wel dat het hierdoor wel wat aan spanning moet inleveren.
Olhas is een kort intermezzo op akoestische gitaar en vormt een mooie overgang naar El Solitario. Ook dit nummer heeft als basis de akoestische gitaar en krijgt als ondersteuning allerlei flarden instrumenten die bescheiden op de achtergrond meedoen. Minder vreemd, maar wel mooi en uiterst relaxed.
Het intro van Faltamos Palabras doet even vermoeden dat we hier flink gaan experimenteren, maar dat blijkt als snel mee te vallen. Wederom een rustig tempo en wederom de neuzelige zang. Oppassen geblazen nu want het begint een beetje saai te worden zo.
Era Tu heeft hier en daar wat dwarse tegenritmes, maar het is net even te subtiel om daardoor te spreken van experimenteerdrift.
Vidas Animadas is uiterst aangenaam als je inmiddels in slaap bent gevallen in je hangmatje tussen de palmbomen. Ik ben nl. het spoor een beetje bijster omdat het nu echt te veel op elkaar begint te lijken, voorgrond is nu duidelijk achtergrond geworden.
Tormenta De La Flor doet niet al te veel moeite om daarvan af te komen helaas. Hierdoor heb ik geen idee meer in welk nummer ik nu zit. Het zit echt prima in elkaar, dat hoor ik ook wel, maar mijn gevoel zegt dat het album gewoon eerder had moeten stoppen want ze gaan nu te lang door op deze manier.
Op Ya Verdad stoort de zang me gek genoeg een stuk minder. De Engineers gaan latin of zoiets. Er zitten hier en daar wat kleine electronic toevoegingen, maar die zijn zo minimaal dat je nauwelijks kunt spreken van electronic zoals ik hier en daar wel ben tegengekomen.
Tiempo is een nog geen minuut durend intermezzo en vormt de opmaat voor het eveneens kort durende End waar de akoestische gitaar is verdwenen en we ook geen zang meer te horen krijgen.
Misschien omdat het maart is en ik nog niet echt een zomer-vibe ervaar, misschien omdat het toch niet genoeg boeide moet ik concluderen dat ik de plaat na een paar nummers te veel naar een grote brei vind afzakken. Dat is best jammer, want volgens mij kan dit best een goed bandje zijn.
Nu kom ik uit op een heel iel drietje. Misschien dat wanneer de zomer echt volle toeren gaat draaien ik wat bijtrek. We zullen zien.
Say Hi - The Wishes and the Glitch (2008)

3,5
0
geplaatst: 1 februari 2008, 17:09 uur
Nivel schreef:
Jammer dat deze band zo onbekend is.
Jammer dat deze band zo onbekend is.
Zal ik dan maar een bijdrage leveren en daar proberen wat aan te doen?

Waar er eerst hallo tegen mam gezegd werd daar is dat nu een welgemeend hallo voor iedereen die het wil horen. Ik wilde die hallo best in ontvangst nemen, daar hielp user Nivel wel een handje aan mee.
Al bij Northwestern Girls beginnen mijn hersens te kraken alsof het de Rock ID Contest is. Waar ken ik dit toch van? Ook de stem komt me bekend voor.
Doet er niet toe, zolang het maar een goede binnenkomer is want binnenkomers zijn belangrijk voor de eerste indruk van een album en die is vooralsnog goed te noemen. Klinkt lekker indie en is poppy genoeg voor mij om mijn hoofd er bij te houden want veel indie college-achtige bandjes zijn best leuk maar weten mijn aandacht niet zo lang vast te houden. Dit nummer doet dat wel, maar er volgen er natuurlijk nog wat zoals Shakes Her Shoulders dat een stuwend ritme heeft meegekregen. De ietwat nasale zang kan ik nog steeds niet plaatsen en komt me toch zo bekend voor. Het past prima in dit luchtige nummer met handjeklap.
Toil and Trouble bevat poppy electronica en klinkt erg hoekig. Het nummer an sich is niet eens zo spannend, maar toch gaat er wel iets hypnotiserends van uit.
Back Before We Were Brittle helpt me nog steeds niet af van dat 'waar ken ik dit toch van' gevoel. Daar zou ik onderhand ook eens mee moeten stoppen, want dit is gewoon Say Hi. Say Hi, een bandje met catchy nummers die net iets te veel missen om ze de term grote klasse mee te geven, maar die wel degelijk de moeite waard zijn zoals dit nummer.
Oboes Bleat and Triangles Tink pakt me dan wat sneller met een wat tegendraads ritme (ik noemde al het hoekige). Dit is typisch zo'n nummer dat bij elke draaibeurt leuker gaat worden. Het leven is zonnig, de mensen gelukkig en we zeggen allemaal Hi!
Magic Beans and Truth Machines is wederom een fijn liedje. Toch moet ik ook toegeven dat de stem van de zanger net even dat beetje meerwaarde mist en dat het hier en daar de liedjes wat afzwakt of kleurlozer maakt. Dit vind ik toch wel een minpuntje.
Nogmaals: aan de composities ligt het niet want ook Bluetime heeft iets aparts en weet te boeien.
Spiders klinkt iets minder pop en komt wat somberder over. Opeens moet ik bij de uithalen denken aan Søren Huss van Saybia. Nu doet Huss dat sterker en beter maar het heeft er wat van weg. Spiders deint overigens lekker weg.
Zero to Love is indiepop optima forma. Handjeklap, redelijk transparant en de meisjes zullen er blij van worden. Dit jongentje kan er overigens ook prima mee uit de voeten.
Apples for the Innocent bevat leuke bliepjes en piepjes die nergens storend op de voorgrond worden geduwd. Eric Elbogen (de zanger) zeurt toch net even iets te veel door maar gelukkig heeft dit nummer prima wendingen om gewoon door te gaan met luisteren.
Doorgaan? We zijn al weer aangekomen bij het laatste nummer We Lost the Albatross. Synths domineren dit popwerkje en roepen de vraag op of ik vaker Hi wil zeggen tegen dit album.
Ik kan daar wel een ja op antwoorden. Het is allemaal niet hemelbestormend. Ik ervaar geen sensationele tintelingen, maar ik heb wel degelijk kennis gemaakt met een sympathiek bandje en wat dat aan gaat is het zeker geen slecht idee als meer mensen dit ontdekken.
Laat ik dan maar weer met dezelfde quote afsluiten:
Nivel schreef:
Jammer dat deze band zo onbekend is.
Jammer dat deze band zo onbekend is.
Saybia - Eyes on the Highway (2007)

4,5
0
geplaatst: 19 augustus 2007, 13:58 uur
De nieuwe Saybia.... toen het debuut uitkwam was het niet meer dan een leuke ontdekking. Ik kende de band niet en het scheen wel goed te moeten zijn. Wat bleek? Ik raakte verslaafd aan het album (het heeft ook een tijd in mijn top 10 gestaan). Nog steeds beschouw ik dit album als een enorme favoriet: prachtige, eenvoudige nummers op fantastische wijze uitgevoerd. Waar Coldplay met hun derde er voor zorgde dat ik die groep (Saybia wordt er continue mee vergeleken) wat minder ben gaan waarderen daar is Saybia dat nog niet overkomen. Hun tweede album was natuurlijk wel zo'n moment waar ik enorm naar uitkeek en die niet teleurstelde. Nu zijn we verder in de tijd en kan ik concluderen dat het tweede album het net niet haalt bij het debuut. En nu dus de nieuwe derde..... wederom een album waar ik naar uitkeek maar toch niet meer zo heftig als indertijd bij de tweede. Misschien toch angst voor het 'Coldplay-effect'. Of weten de heren uit Denemarken dat te vermijden?
Het album begint rustig met On Her Behalf. De verhalen deden de ronde dat dit album ruiger zou worden en nieuwe wegen zou inslaan. Daar is hier niks van te merken. Wederom een prachtig en eenvoudig liedje op de manier waarop Saybia dat zou goed kan. De muzikale begeleiding is warm met een subtiel orgel op de achtergrond en zwierige viool-arrangementen die nergens bombastisch aandoen en keurig binnen de lijntjes blijven.
De titelsong Eyes on the Highway begint op piano en lijkt heel even een ruiger toontje te krijgen wat al snel mee blijkt te vallen. Wat mij nu opvalt is dat de zang wat minder zeurderig (velen vinden het jankerig) klinkt. Of ligt dit aan mij? Ben ik er al zo aan gewend geraakt dan? Het is een keurig pop-rock nummer. Je hoort helemaal niks verrassends maar je krijgt wel een degelijk nummer voorgeschoteld. Saai? Voorspelbaar? Voor velen ongetwijfeld. Ik vind het wederom gewoon heerlijk klinken en soms is het fijn om niet te veel moeilijkdoenerij aan je hoofd te hebben. Die zogenaamde ruigere weg die ze zouden zijn ingegaan hoor ik er nog steeds niet echt in terug overigens.
Angel zit er bij mij al helemaal in. Het was al een tijdje op de myspace-pagina te beluisteren. Zo simpel en o zo mooi: een klein en ontroerend piano-liedje waar prachtige violen aan toegevoegd zijn en waar die heerlijke gitaar-solo's van Sebastian Sandstrøm zo heerlijk los gaan. 'Meer van hetzelfde' werd heel hard door mijn partner geroepen waarop ik vroeg of het dan ook minder leuk was. 'Nee hoor, mooi liedje, ze zullen er geen nieuwe mensen mee bereiken'. En dat uit de mond van een muziek-leek. Ik bedoel maar. Het klopt wel overigens: nieuwe mensen zullen ze er niet mee bereiken (alhoewel de populaire zenders het wel behoorlijk schijnen op te pikken, getuige ook het integraal draaien van dit album).
Godspeed Into the Future opent wederom relaxed. Søren Huss lijkt mooier dan tevoren te zingen. Langzaam kruipt het nummer naar een voller geluid toe om daarna weer gas terug te nemen. Dit gaat vlekkeloos en maakt het nummer uiterst plezierig om naar te luisteren. Wat is dit toch weer een ongeloflijk mooi liedje. Liefhebbers van avontuurlijke muziek zullen nu ongetwijfeld afvragen wat ik nu toch aan deze pathetische zwijmelmuziek vind. Ik moet het antwoord schuldig blijven, maar mag ik aanraden om het hele nummer uit te zitten, want halverwege gebeuren er heerlijke dingen in de break. Dit is dus wat ze bedoelden met het feit dat Saybia wat 'nieuwe' wegen zou ingaan. Niet nieuw in de zin van dit hebben we nog nooit gehoord maar wel nieuw in het werk van deze band. Schitterend nummer!!!!
Bij The Odds denk ik gelijk al aan nummers als het prachtige I Surrender van de voorganger. Het lijkt er niet op, maar het is wel weer typisch zo'n nummer met het Saybia-stempel. Ondanks dat dit weer zo'n typisch nummer voor deze band is krijg ik wel de indruk dat de band heel goed in hun vel zit. Niet zo verwonderlijk na al het touren en met 2 uitstekende albums als voorganger. Het klinkt gevoelsmatig ook wat minder geforceerd allemaal. Niet zo'n hoogtepunt als het vorige nummer, maar wel een prima nummertje.
Romeo heeft 24 uur op myspace gestaan en is daardoor ook een nummer dat ik al kende. Het klinkt meer poppy dan we van ze gewend zijn. Ik schreef al eerder dat het wat afwijkender was van hetgeen we al kenden. Dit geldt dan wel in zeer lichte mate. Het orgelgeluid valt me wat meer op (ook al is het niet prominent aanwezig). Ook met dit nummer is niet veel mis, misschien doet het piano-loopje soms wat te veel denken aan Clocks van Coldplay, maar doordat dit loopje hier een minder grote rol speelt als op Clocks is het goed te doen zonder irritatie (vanwege imitatie
).
Het zevende nummer Pretender gaat weer op bekende wijze van start: akoestisch gitaartje, zang van Huss met wederom een orkestraal achtergrond geluid in de vorm van de strijkers. Toch belanden we hier ook zonder dat we het zelf in de gaten hebben gekregen heel even in een wat ruiger gitaar-momentje. Maar net zo snel als je met je ogen kunt knipperen is dat ook weer voorbij. Mensen die nog steeds hopen op een radicale koerswijziging weten bij dit nummer nu ook wel dat dat wel heel erg minimaal te noemen valt. Naar mijn idee is de band zich hier gewoon sterk aan het uitkristalliseren, want ook Gypsy laat weinig nieuws horen. Ik kan me wel voorstellen dat dit voor sommige liefhebbers van de eerste cd's wat gaat opbreken; misschien ontbreekt het toch te veel aan nieuwe dingen. Aan de andere kant hoor ik die toch wel degelijk. Het is alleen zo op het eerste gehoor niet goed te merken. De band is zich aan het consolideren en doet dat eigenlijk best sterk. Dat avontuur een band soms erg goed kan doen is een feit, maar als ik nummers als deze hoor denk ik ook wel dat het verder prima is zo. Dan maar gewoon een uitstekende voortzetting van waarin ze goed zijn. Bij fans gaat dit er in als koek omdat ze het nog steeds sterk voor het voetlicht brengen en de mensen die behoren tot de categorie 'dit is jankenbalkenmuziek' zullen dit nog steeds vinden en nemen mag ik aannemen niet eens meer de moeite om dit te beluisteren.
A Way Out krijgt een heel licht symfonisch tintje mee. De Huss-galm is hier weer wel volop aanwezig en het volle geluid van dit nummer past hier uitstekend bij.
A Walk in the Park opent ook daadwerkelijk met geluiden uit een park. Pak de akoestische gitaar er maar weer bij en start het nummer. Dit klinkt dan weer wel minder galmend en ik vind het wat puurder en directer overkomen dan wat we normaliter te horen krijgen.
At the End of Blue mag de cd gaan afsluiten. Zijn er nog mensen in de zaal die denken dat we een nieuwe koers gaan horen? Dat het geluid ruiger is geworden? Nee natuurlijk. Leuk om de media in te slingeren maar in de praktijk blijkt het niet erg te kloppen allemaal. Zo ook voor wat betreft dit mooie nummer. Toch begin ik, zeker bij dit nummer, te beseffen dat het toch niet helemaal hetzelfde klinkt als op het debuut. Het is wel uiterst herkenbaar, maar op de een of andere manier komt het allemaal wat rijper over. Waar ze op het tweede album misschien wel probeerden een ander, volwassener geluid neer te zetten daar pakte het misschien niet altijd even sterk uit waardoor de liedjes op het debuut het op lange termijn uiteindelijk wonnen bij mij. Maar met goed uitgebalanceerde nummers als dit At the End of Blue merk ik toch wel degelijk dat de band vooruitgang boekt en dit gaat voor de hele cd op: ze zullen er geen nieuwe liefhebbers mee bereiken tenzij het mensen zijn die nog nooit van de band gehoord hebben, maar voor degenen die Saybia graag horen zal dit zeer zeker geen teleurstelling zijn. Okee, ik moet voor mezelf spreken natuurlijk: waar ik een beetje bang voor het Coldplay-effect was daar kan ik bij Saybia opgelucht adem halen. De heren hebben een prachtig album afgeleverd wat absoluut niet spectaculair te noemen valt laat staan verrassend, maar waar het wederom heerlijk genieten is van de manier waarop ze spelen en nummers weten te schrijven. Dan maar geen harder geluid, dan maar geen nieuwe wegen verkennen, dan mag Saybia gewoon blijven doen waar ze goed in zijn namelijk het maken van eenvoudige maar voor mij wel degelijk ontroerende liedjes.
Het album begint rustig met On Her Behalf. De verhalen deden de ronde dat dit album ruiger zou worden en nieuwe wegen zou inslaan. Daar is hier niks van te merken. Wederom een prachtig en eenvoudig liedje op de manier waarop Saybia dat zou goed kan. De muzikale begeleiding is warm met een subtiel orgel op de achtergrond en zwierige viool-arrangementen die nergens bombastisch aandoen en keurig binnen de lijntjes blijven.
De titelsong Eyes on the Highway begint op piano en lijkt heel even een ruiger toontje te krijgen wat al snel mee blijkt te vallen. Wat mij nu opvalt is dat de zang wat minder zeurderig (velen vinden het jankerig) klinkt. Of ligt dit aan mij? Ben ik er al zo aan gewend geraakt dan? Het is een keurig pop-rock nummer. Je hoort helemaal niks verrassends maar je krijgt wel een degelijk nummer voorgeschoteld. Saai? Voorspelbaar? Voor velen ongetwijfeld. Ik vind het wederom gewoon heerlijk klinken en soms is het fijn om niet te veel moeilijkdoenerij aan je hoofd te hebben. Die zogenaamde ruigere weg die ze zouden zijn ingegaan hoor ik er nog steeds niet echt in terug overigens.
Angel zit er bij mij al helemaal in. Het was al een tijdje op de myspace-pagina te beluisteren. Zo simpel en o zo mooi: een klein en ontroerend piano-liedje waar prachtige violen aan toegevoegd zijn en waar die heerlijke gitaar-solo's van Sebastian Sandstrøm zo heerlijk los gaan. 'Meer van hetzelfde' werd heel hard door mijn partner geroepen waarop ik vroeg of het dan ook minder leuk was. 'Nee hoor, mooi liedje, ze zullen er geen nieuwe mensen mee bereiken'. En dat uit de mond van een muziek-leek. Ik bedoel maar. Het klopt wel overigens: nieuwe mensen zullen ze er niet mee bereiken (alhoewel de populaire zenders het wel behoorlijk schijnen op te pikken, getuige ook het integraal draaien van dit album).
Godspeed Into the Future opent wederom relaxed. Søren Huss lijkt mooier dan tevoren te zingen. Langzaam kruipt het nummer naar een voller geluid toe om daarna weer gas terug te nemen. Dit gaat vlekkeloos en maakt het nummer uiterst plezierig om naar te luisteren. Wat is dit toch weer een ongeloflijk mooi liedje. Liefhebbers van avontuurlijke muziek zullen nu ongetwijfeld afvragen wat ik nu toch aan deze pathetische zwijmelmuziek vind. Ik moet het antwoord schuldig blijven, maar mag ik aanraden om het hele nummer uit te zitten, want halverwege gebeuren er heerlijke dingen in de break. Dit is dus wat ze bedoelden met het feit dat Saybia wat 'nieuwe' wegen zou ingaan. Niet nieuw in de zin van dit hebben we nog nooit gehoord maar wel nieuw in het werk van deze band. Schitterend nummer!!!!
Bij The Odds denk ik gelijk al aan nummers als het prachtige I Surrender van de voorganger. Het lijkt er niet op, maar het is wel weer typisch zo'n nummer met het Saybia-stempel. Ondanks dat dit weer zo'n typisch nummer voor deze band is krijg ik wel de indruk dat de band heel goed in hun vel zit. Niet zo verwonderlijk na al het touren en met 2 uitstekende albums als voorganger. Het klinkt gevoelsmatig ook wat minder geforceerd allemaal. Niet zo'n hoogtepunt als het vorige nummer, maar wel een prima nummertje.
Romeo heeft 24 uur op myspace gestaan en is daardoor ook een nummer dat ik al kende. Het klinkt meer poppy dan we van ze gewend zijn. Ik schreef al eerder dat het wat afwijkender was van hetgeen we al kenden. Dit geldt dan wel in zeer lichte mate. Het orgelgeluid valt me wat meer op (ook al is het niet prominent aanwezig). Ook met dit nummer is niet veel mis, misschien doet het piano-loopje soms wat te veel denken aan Clocks van Coldplay, maar doordat dit loopje hier een minder grote rol speelt als op Clocks is het goed te doen zonder irritatie (vanwege imitatie
).Het zevende nummer Pretender gaat weer op bekende wijze van start: akoestisch gitaartje, zang van Huss met wederom een orkestraal achtergrond geluid in de vorm van de strijkers. Toch belanden we hier ook zonder dat we het zelf in de gaten hebben gekregen heel even in een wat ruiger gitaar-momentje. Maar net zo snel als je met je ogen kunt knipperen is dat ook weer voorbij. Mensen die nog steeds hopen op een radicale koerswijziging weten bij dit nummer nu ook wel dat dat wel heel erg minimaal te noemen valt. Naar mijn idee is de band zich hier gewoon sterk aan het uitkristalliseren, want ook Gypsy laat weinig nieuws horen. Ik kan me wel voorstellen dat dit voor sommige liefhebbers van de eerste cd's wat gaat opbreken; misschien ontbreekt het toch te veel aan nieuwe dingen. Aan de andere kant hoor ik die toch wel degelijk. Het is alleen zo op het eerste gehoor niet goed te merken. De band is zich aan het consolideren en doet dat eigenlijk best sterk. Dat avontuur een band soms erg goed kan doen is een feit, maar als ik nummers als deze hoor denk ik ook wel dat het verder prima is zo. Dan maar gewoon een uitstekende voortzetting van waarin ze goed zijn. Bij fans gaat dit er in als koek omdat ze het nog steeds sterk voor het voetlicht brengen en de mensen die behoren tot de categorie 'dit is jankenbalkenmuziek' zullen dit nog steeds vinden en nemen mag ik aannemen niet eens meer de moeite om dit te beluisteren.
A Way Out krijgt een heel licht symfonisch tintje mee. De Huss-galm is hier weer wel volop aanwezig en het volle geluid van dit nummer past hier uitstekend bij.
A Walk in the Park opent ook daadwerkelijk met geluiden uit een park. Pak de akoestische gitaar er maar weer bij en start het nummer. Dit klinkt dan weer wel minder galmend en ik vind het wat puurder en directer overkomen dan wat we normaliter te horen krijgen.
At the End of Blue mag de cd gaan afsluiten. Zijn er nog mensen in de zaal die denken dat we een nieuwe koers gaan horen? Dat het geluid ruiger is geworden? Nee natuurlijk. Leuk om de media in te slingeren maar in de praktijk blijkt het niet erg te kloppen allemaal. Zo ook voor wat betreft dit mooie nummer. Toch begin ik, zeker bij dit nummer, te beseffen dat het toch niet helemaal hetzelfde klinkt als op het debuut. Het is wel uiterst herkenbaar, maar op de een of andere manier komt het allemaal wat rijper over. Waar ze op het tweede album misschien wel probeerden een ander, volwassener geluid neer te zetten daar pakte het misschien niet altijd even sterk uit waardoor de liedjes op het debuut het op lange termijn uiteindelijk wonnen bij mij. Maar met goed uitgebalanceerde nummers als dit At the End of Blue merk ik toch wel degelijk dat de band vooruitgang boekt en dit gaat voor de hele cd op: ze zullen er geen nieuwe liefhebbers mee bereiken tenzij het mensen zijn die nog nooit van de band gehoord hebben, maar voor degenen die Saybia graag horen zal dit zeer zeker geen teleurstelling zijn. Okee, ik moet voor mezelf spreken natuurlijk: waar ik een beetje bang voor het Coldplay-effect was daar kan ik bij Saybia opgelucht adem halen. De heren hebben een prachtig album afgeleverd wat absoluut niet spectaculair te noemen valt laat staan verrassend, maar waar het wederom heerlijk genieten is van de manier waarop ze spelen en nummers weten te schrijven. Dan maar geen harder geluid, dan maar geen nieuwe wegen verkennen, dan mag Saybia gewoon blijven doen waar ze goed in zijn namelijk het maken van eenvoudige maar voor mij wel degelijk ontroerende liedjes.
Saybia - No Sound from the Outside (2015)

4,5
0
geplaatst: 3 oktober 2015, 22:34 uur
Toen debuutalbum The Second You Sleep uitkwam wees user titan me op dit album als zijnde 'echt iets voor jou'. Allebei hielden we in die tijd wel van deze sound dus ik geloofde hem gelijk, en hij had het bij het rechte eind.
Dat debuut heeft me sindsdien niet meer losgelaten: het blijft prachtig. Mijn eerste concert van de band was in Rotown toen het album net uit was en sinsdien heb ik ze vaker live meegemaakt. Vaker dan menig andere band. Er is iets dat blijft trekken.
Ook de solo-albums van Søren Huss vind ik erg geslaagd. Huss heeft zelf moeilijke periodes in zijn leven gekend, en het heeft maar liefst 8 jaar geduurd voordat No Sound from the Outside verscheen. Misschien een wonder, want het leek erop of het een beetje gedaan was met de band, ook al kondigden ze menig maal een nieuw album aan. Het kwam er maar niet van. Leuk hoor om Nederland, hun tweede land lijkt het wel, tussendoor een paar keer aan te doen. Leuk ook om dat debuut integraal in Paradiso te vertolken; nieuw werk was toch wel iets waar ik als liefhebber naar uitkeek.
En dan is het daar, en is het er toch wel even flink inkomen. Zo op het eerste gehoor lijkt het album te veel voort te kabbelen en ontbreekt het aan memorabele 'hits'. Niet zo erg, want sfeer-albums zijn soms misschien nog wel mooier, maar ik ben er nog niet helemaal uit of dit wel zo'n album is.
Ja, ik hoor weer de warmte, maar echt ontroeren doet het me vooralsnog niet. En als dan de pakkende nummers ontbreken wordt het lastig om de drie voorgangers te overtreffen. Zelfs bij de solo-albums van Huss ervoer ik dat toch net even meer.
Nieuwe gitarist Kasper Rasmussen is een prima opvolger van Sebastian Sandstrom maar ergens mis ik zijn geluid toch wel een beetje.
Op vinyl is kant A de duidelijk sfeerkant en is kant B degene met wat meer variatie en waar het tempo licht wordt opgeschroefd hier en daar. Twee verschillende manieren van aanpak lijkt het wel.
Het album moet nog voldoende de kans krijgen te rijpen, dus helemaal zeker over de plaats in hun totale oeuvre ben ik nog niet. Zo na de eerste luisterbeurten lijkt het erop dat ik dit de minste van Saybia vind. Maar zelfs een mindere Saybia staat nog steeds garant voor prachtige muziek, want dat is wel degelijk te vinden op No Sound from the Outside.
Laat ik het als een fijn weerzien met oude muziekvrienden zien. Welkom terug Saybia en tot volgende week in een uitverkocht Paard van Troje. Het zal ongetwijfeld weer net zo fijn worden als de vorige keren.
Dat debuut heeft me sindsdien niet meer losgelaten: het blijft prachtig. Mijn eerste concert van de band was in Rotown toen het album net uit was en sinsdien heb ik ze vaker live meegemaakt. Vaker dan menig andere band. Er is iets dat blijft trekken.
Ook de solo-albums van Søren Huss vind ik erg geslaagd. Huss heeft zelf moeilijke periodes in zijn leven gekend, en het heeft maar liefst 8 jaar geduurd voordat No Sound from the Outside verscheen. Misschien een wonder, want het leek erop of het een beetje gedaan was met de band, ook al kondigden ze menig maal een nieuw album aan. Het kwam er maar niet van. Leuk hoor om Nederland, hun tweede land lijkt het wel, tussendoor een paar keer aan te doen. Leuk ook om dat debuut integraal in Paradiso te vertolken; nieuw werk was toch wel iets waar ik als liefhebber naar uitkeek.
En dan is het daar, en is het er toch wel even flink inkomen. Zo op het eerste gehoor lijkt het album te veel voort te kabbelen en ontbreekt het aan memorabele 'hits'. Niet zo erg, want sfeer-albums zijn soms misschien nog wel mooier, maar ik ben er nog niet helemaal uit of dit wel zo'n album is.
Ja, ik hoor weer de warmte, maar echt ontroeren doet het me vooralsnog niet. En als dan de pakkende nummers ontbreken wordt het lastig om de drie voorgangers te overtreffen. Zelfs bij de solo-albums van Huss ervoer ik dat toch net even meer.
Nieuwe gitarist Kasper Rasmussen is een prima opvolger van Sebastian Sandstrom maar ergens mis ik zijn geluid toch wel een beetje.
Op vinyl is kant A de duidelijk sfeerkant en is kant B degene met wat meer variatie en waar het tempo licht wordt opgeschroefd hier en daar. Twee verschillende manieren van aanpak lijkt het wel.
Het album moet nog voldoende de kans krijgen te rijpen, dus helemaal zeker over de plaats in hun totale oeuvre ben ik nog niet. Zo na de eerste luisterbeurten lijkt het erop dat ik dit de minste van Saybia vind. Maar zelfs een mindere Saybia staat nog steeds garant voor prachtige muziek, want dat is wel degelijk te vinden op No Sound from the Outside.
Laat ik het als een fijn weerzien met oude muziekvrienden zien. Welkom terug Saybia en tot volgende week in een uitverkocht Paard van Troje. Het zal ongetwijfeld weer net zo fijn worden als de vorige keren.
Saybia - The Second You Sleep (2002)

5,0
0
geplaatst: 26 mei 2007, 12:28 uur
In lang vervlogen tijden zat ik op een algemene site en daar zat titan ook. Daar al hielden we lijstjes bij en het profiel van ons beiden stond behoorlijk in het teken van muziek (en films, boeken).
Eén van die lijstjes was een actuele top 10 albums die op dat moment erg in de smaak vielen. Noem het de voorloper op de rotatielijst.
Nu keek ik regelmatig naar de muziek-bewegingen van titan omdat ik er vaak wat tussenuit kon pikken (en ik mag hopen hij van mij).
Zo zag ik daar een keer Saybia staan, een tot dan toe nog totaal onbekend bandje uit Denemarken. Ik begreep dat het iets Coldplay-achtigs moest zijn en die had ik in die tijd heel hoog zitten dus mijn interesse was al snel gewekt. Binnen korte tijd had ik het album in huis en ik was na de eerste luisterbeurt al om.
Toegankelijke, emotionele muziek die inderdaad in dezelfde hoek zat als Coldplay maar toch genoeg eigen smoel bevatte. Dat laatste merkte ik al helemaal bij hun optreden in Rotown dat snel volgde.
Het begint al bij Seven Demons wat akoestisch van start gaat en waar Søren Huss zijn kenmerkende stem al gelijk goed inzet. Het is een stem waar je wat mee hebt of niet. Velen vinden het namelijk jankerig of jengelend (probeer als leek het zeker ook niet na te doen want in Idols belandde je er snel in de afdeling 'hoe zet ik mezelf voor paal' mee).
Ook Fool's Corner kent een beetje hetzelfde recept: rustig van start gaan op zijdezachte manier om vervolgens de boel langzaam op te bouwen tot een mooi uitspattend rocknummer met een prachtige gitaarsolo van Sebastian Sandstrøm. Naast Huss de man die toch wel erg belangrijk te noemen is voor het kenmerkende Saybia-geluid.
En dan dat mooie nummer The Second You Sleep dat door Idols-kandidaten zo enorm werd afgebroken. Mensen: 'don't try this at home' is het advies. Blijft natuurlijk de vraag of Huss zelf dit wel voor elkaar kon krijgen op het podium. Wees gerust: dat kan hij.
Niet meer of minder dan een prachtige meebruller, zolang je dat meebrullen maar beperkt tot je eigen badkamer.
Voor mij blijft het een favoriet nummer van deze cd.
Snake-Tongued Beast gooit er wat meer ritme tegenaan en ontpopt zich daardoor tot een degelijk nummer dat gewoon lekker rockt. Nee, het is niet hemelbestormend. Nee, het is niet origineel. Ja, het is gewoon erg goed gedaan. Degelijk en kwalitatief; daar hoeft niks mis mee te zijn.
Joy is een nummer dat bij mij wat meer tijd nodig had om op te vallen. Maar juist daardoor wint het wel aan kracht en blijft dit nummer op lange termijn ook erg sterk overeind. Het is wat rustiger en ingetogener waardoor het juist misschien zo krachtig is.
Still Falling valt misschien ook wat minder op maar zorgt eigenlijk voor een rustig intermezzo op de cd als opmaat voor de hit The Day After Tomorrow, een nummer dat mij nog steeds niet weet te vervelen hoe vaak ik het ook gehoord heb. Live is dit nummer ook uitgegroeid tot een favoriet: de hele zaal anticipeert hier goed op.
Verder hoef ik er niet veel meer over te vertellen. We kennen het nummer en we hebben er allemaal onze mening over.
Een ander heel sterk nummer is In Spite Of. Ingetogen en broeierig. Het klinkt mischien wat simpel, maar het is dan ook de eenvoud die siert en dat gaat ook op voor Empty Stairs. Niet al te veel poespas maar gewoon een mooi liedje. Dat is ook de sterke kant van Saybia als je het mij vraagt: schrijven van mooie liedjes en verder niks.
Over het schrijven van mooie liedjes gesproken: Miracle In July is er ook zo eentje. Wederom met het bekende recept: opvallende zang, solide ritmesectie en mooi uitwaaiende gitaarsolo.
Met The One For You sluit dit album dan ook zeer waardig af. Het was geen avontuurlijke plaat. We hoorden niks vernieuwends, maar we hoorden wel een degelijke cd die na al die tijd nog steeds goed wegluistert. Het gaat mij nooit vervelen en mede daardoor kan ik spreken van een persoonlijk favoriet album, zelfs al heb ik deze sound een beetje achter me gelaten inmiddels......
Eén van die lijstjes was een actuele top 10 albums die op dat moment erg in de smaak vielen. Noem het de voorloper op de rotatielijst.
Nu keek ik regelmatig naar de muziek-bewegingen van titan omdat ik er vaak wat tussenuit kon pikken (en ik mag hopen hij van mij).
Zo zag ik daar een keer Saybia staan, een tot dan toe nog totaal onbekend bandje uit Denemarken. Ik begreep dat het iets Coldplay-achtigs moest zijn en die had ik in die tijd heel hoog zitten dus mijn interesse was al snel gewekt. Binnen korte tijd had ik het album in huis en ik was na de eerste luisterbeurt al om.
Toegankelijke, emotionele muziek die inderdaad in dezelfde hoek zat als Coldplay maar toch genoeg eigen smoel bevatte. Dat laatste merkte ik al helemaal bij hun optreden in Rotown dat snel volgde.
Het begint al bij Seven Demons wat akoestisch van start gaat en waar Søren Huss zijn kenmerkende stem al gelijk goed inzet. Het is een stem waar je wat mee hebt of niet. Velen vinden het namelijk jankerig of jengelend (probeer als leek het zeker ook niet na te doen want in Idols belandde je er snel in de afdeling 'hoe zet ik mezelf voor paal' mee).
Ook Fool's Corner kent een beetje hetzelfde recept: rustig van start gaan op zijdezachte manier om vervolgens de boel langzaam op te bouwen tot een mooi uitspattend rocknummer met een prachtige gitaarsolo van Sebastian Sandstrøm. Naast Huss de man die toch wel erg belangrijk te noemen is voor het kenmerkende Saybia-geluid.
En dan dat mooie nummer The Second You Sleep dat door Idols-kandidaten zo enorm werd afgebroken. Mensen: 'don't try this at home' is het advies. Blijft natuurlijk de vraag of Huss zelf dit wel voor elkaar kon krijgen op het podium. Wees gerust: dat kan hij.
Niet meer of minder dan een prachtige meebruller, zolang je dat meebrullen maar beperkt tot je eigen badkamer.
Voor mij blijft het een favoriet nummer van deze cd.
Snake-Tongued Beast gooit er wat meer ritme tegenaan en ontpopt zich daardoor tot een degelijk nummer dat gewoon lekker rockt. Nee, het is niet hemelbestormend. Nee, het is niet origineel. Ja, het is gewoon erg goed gedaan. Degelijk en kwalitatief; daar hoeft niks mis mee te zijn.
Joy is een nummer dat bij mij wat meer tijd nodig had om op te vallen. Maar juist daardoor wint het wel aan kracht en blijft dit nummer op lange termijn ook erg sterk overeind. Het is wat rustiger en ingetogener waardoor het juist misschien zo krachtig is.
Still Falling valt misschien ook wat minder op maar zorgt eigenlijk voor een rustig intermezzo op de cd als opmaat voor de hit The Day After Tomorrow, een nummer dat mij nog steeds niet weet te vervelen hoe vaak ik het ook gehoord heb. Live is dit nummer ook uitgegroeid tot een favoriet: de hele zaal anticipeert hier goed op.
Verder hoef ik er niet veel meer over te vertellen. We kennen het nummer en we hebben er allemaal onze mening over.
Een ander heel sterk nummer is In Spite Of. Ingetogen en broeierig. Het klinkt mischien wat simpel, maar het is dan ook de eenvoud die siert en dat gaat ook op voor Empty Stairs. Niet al te veel poespas maar gewoon een mooi liedje. Dat is ook de sterke kant van Saybia als je het mij vraagt: schrijven van mooie liedjes en verder niks.
Over het schrijven van mooie liedjes gesproken: Miracle In July is er ook zo eentje. Wederom met het bekende recept: opvallende zang, solide ritmesectie en mooi uitwaaiende gitaarsolo.
Met The One For You sluit dit album dan ook zeer waardig af. Het was geen avontuurlijke plaat. We hoorden niks vernieuwends, maar we hoorden wel een degelijke cd die na al die tijd nog steeds goed wegluistert. Het gaat mij nooit vervelen en mede daardoor kan ik spreken van een persoonlijk favoriet album, zelfs al heb ik deze sound een beetje achter me gelaten inmiddels......
Saybia - These Are the Days (2004)

4,5
0
geplaatst: 10 september 2004, 21:07 uur
Net uit en 5 sterren ? Ja.
Ik was al een groot fan van The Second You Sleep, en dan ga je vergelijken. En nee, bespaar me de Coldplay vergelijkingen, want die vond ik toen al niet terecht. Dit album kan dus met het grootste gemak vergeleken worden met dat schitterende debuut.
Saybia heeft (nog) meer een eigen geluid gekregen en wat voor één: mooie, gedragen songs, fantastisch gitaarwerk en uiteraard de zang van Søren Huss. Je moet er van houden dat wel, maar dat zit bij mij dus wel goed.
Saybia is in de tussentijd een aardig populair bandje in Nederland geworden (in thuisland Denemarken waren ze dat al): de langdurig staande ovatie op Pinkpop bewees dat ook wel.
Ik denk dan ook dat deze band met deze cd wel eens flink zou kunnen doorbreken. De concerten van de komende tour hier zijn inmiddels allemaal uitverkocht en tot die tijd moeten we de cd maar eens heel vaak gaan draaien om live extra te kunnen gaan genieten.
Goed, de cd zelf dan maar: opener is de single "Brilliant sky", een catchy pop-song, waar ik in het begin echt even aan moest wennen. "Bend the rules" is gelijk al het eerste hoogtepunt van het album, gevolgd door gelijk al het tweede hoogtepunt "I surrender", een rustig, slepend nummer. "Guardian angel" bevat een mooie gitaarsolo van gitarist Sebastian Sandstrøm. Op het debuut waren deze ook van hem afkomstig en naar mijn idee vrij kenmerkend voor het Saybia geluid. Door naar "We almost made it" waarin een accordeon naar voren komt. "Soul united" luistert lekker weg, evenals "Flags". Over "The haunted house on the hill" heb ik wel wat commentaar: dit neigt dus naar een Starsailor-ballad, en het is zeker niet slecht, maar het klinkt zo herkenbaar. Wel mooi dat er een trompet-solootje in voorkomt.
Dan volgt het werkelijk schitterende "Stranded". Een nummer over het verliezen van je dierbaren: "Tonight in me / your light will shine / In me now / your living in me / right in here at the bottom of my heart / with a beautiful sky above / I was reduced to being human".
Laatste nummer "It's ok love" is een nummer waar de piano de hoofdrol krijgt, en wat zeker ook een heel sterk nummer is: een van mijn persoonlijke favo's.
Dan volgt er een bonustrack van ruim 17 minuten. Een lang uitgerekt nummer dat een desolaat gevoel oproept. Verstilde schoonheid wil ik het wel noemen.
"These are the days" behoort voor mij nu al tot de mooiste albums van dit jaar.

Ik was al een groot fan van The Second You Sleep, en dan ga je vergelijken. En nee, bespaar me de Coldplay vergelijkingen, want die vond ik toen al niet terecht. Dit album kan dus met het grootste gemak vergeleken worden met dat schitterende debuut.
Saybia heeft (nog) meer een eigen geluid gekregen en wat voor één: mooie, gedragen songs, fantastisch gitaarwerk en uiteraard de zang van Søren Huss. Je moet er van houden dat wel, maar dat zit bij mij dus wel goed.
Saybia is in de tussentijd een aardig populair bandje in Nederland geworden (in thuisland Denemarken waren ze dat al): de langdurig staande ovatie op Pinkpop bewees dat ook wel.
Ik denk dan ook dat deze band met deze cd wel eens flink zou kunnen doorbreken. De concerten van de komende tour hier zijn inmiddels allemaal uitverkocht en tot die tijd moeten we de cd maar eens heel vaak gaan draaien om live extra te kunnen gaan genieten.
Goed, de cd zelf dan maar: opener is de single "Brilliant sky", een catchy pop-song, waar ik in het begin echt even aan moest wennen. "Bend the rules" is gelijk al het eerste hoogtepunt van het album, gevolgd door gelijk al het tweede hoogtepunt "I surrender", een rustig, slepend nummer. "Guardian angel" bevat een mooie gitaarsolo van gitarist Sebastian Sandstrøm. Op het debuut waren deze ook van hem afkomstig en naar mijn idee vrij kenmerkend voor het Saybia geluid. Door naar "We almost made it" waarin een accordeon naar voren komt. "Soul united" luistert lekker weg, evenals "Flags". Over "The haunted house on the hill" heb ik wel wat commentaar: dit neigt dus naar een Starsailor-ballad, en het is zeker niet slecht, maar het klinkt zo herkenbaar. Wel mooi dat er een trompet-solootje in voorkomt.
Dan volgt het werkelijk schitterende "Stranded". Een nummer over het verliezen van je dierbaren: "Tonight in me / your light will shine / In me now / your living in me / right in here at the bottom of my heart / with a beautiful sky above / I was reduced to being human".
Laatste nummer "It's ok love" is een nummer waar de piano de hoofdrol krijgt, en wat zeker ook een heel sterk nummer is: een van mijn persoonlijke favo's.
Dan volgt er een bonustrack van ruim 17 minuten. Een lang uitgerekt nummer dat een desolaat gevoel oproept. Verstilde schoonheid wil ik het wel noemen.
"These are the days" behoort voor mij nu al tot de mooiste albums van dit jaar.

School Is Cool - Entropology (2011)

4,0
0
geplaatst: 19 oktober 2011, 22:01 uur
School Is Cool..... oeps, die naam heeft geen eeuwigheidswaarde zullen we maar zeggen maar het draait uiteindelijk om de muziek nietwaar?!
En die muziek? Daar valt niet veel op aan te merken. Natuurlijk kan niemand ontkennen dat Johannes Genard of op z'n minst één van de andere bandleden niet vies is van Arcade Fire.
We hebben meer bandjes gehoord die daar toch zeker enige invloed van hadden (Fanfarlo, Revere) maar ook die hadden genoeg eigen gezicht net als School Is Cool dat heeft.
Het albums bruist en we horen duidelijk jonge gasten die er helemaal voor gaan en als je dan zo'n heerlijk energiek album kunt afleveren waarbij je soms aan Arcade Fire moet denken kun je dat ook als compliment zien, dus België mag extra trots zijn over het feit dat School Is Cool ook voldoende eigen smoel heeft en wederom een band aflevert met enorme potentie. Want wat als het jonge honden gedrag straks wat meer structuur gaat krijgen en daarmee aan scherpte wint? Dan heb je een band die tot de top gaat behoren. Een band die op het niveau van een dEUS kan opereren.
Dat is allemaal ver op de feiten vooruit lopen en dat besef ik goed dus terug naar Entropology dat er voor zorgt dat je maar moeilijk stil kunt zitten, waar je geweldige liedjes hoort en waar je een gedreven band hoort die er voor gaat en wat ook daadwerkelijk overkomt op de luisteraar (je moet dan wel een beetje tegen het drukke stuitergedrag kunnen).
Daarbij bewandelen ze genoeg leuke zijwegen die de muziek boeiend weet te houden, hebben ze aardig wat leuke verfraaiingen om het fris te houden en hebben ze het allerbelangrijkste voor elkaar namelijk deze luisteraar weten te overtuigen (en uiteindelijk gaat het daar toch om
).
Ja, ik ga deze band in de gaten houden. Ze zijn leuk. Ze zijn goed en ze maken muziek waar ik heel blij van kan worden. Het leven kan soms zo mooi zijn. Daar heb je muziek als die op Entropology voor nodig. Zo simpel kan het zijn.
En die muziek? Daar valt niet veel op aan te merken. Natuurlijk kan niemand ontkennen dat Johannes Genard of op z'n minst één van de andere bandleden niet vies is van Arcade Fire.
We hebben meer bandjes gehoord die daar toch zeker enige invloed van hadden (Fanfarlo, Revere) maar ook die hadden genoeg eigen gezicht net als School Is Cool dat heeft.
Het albums bruist en we horen duidelijk jonge gasten die er helemaal voor gaan en als je dan zo'n heerlijk energiek album kunt afleveren waarbij je soms aan Arcade Fire moet denken kun je dat ook als compliment zien, dus België mag extra trots zijn over het feit dat School Is Cool ook voldoende eigen smoel heeft en wederom een band aflevert met enorme potentie. Want wat als het jonge honden gedrag straks wat meer structuur gaat krijgen en daarmee aan scherpte wint? Dan heb je een band die tot de top gaat behoren. Een band die op het niveau van een dEUS kan opereren.
Dat is allemaal ver op de feiten vooruit lopen en dat besef ik goed dus terug naar Entropology dat er voor zorgt dat je maar moeilijk stil kunt zitten, waar je geweldige liedjes hoort en waar je een gedreven band hoort die er voor gaat en wat ook daadwerkelijk overkomt op de luisteraar (je moet dan wel een beetje tegen het drukke stuitergedrag kunnen).
Daarbij bewandelen ze genoeg leuke zijwegen die de muziek boeiend weet te houden, hebben ze aardig wat leuke verfraaiingen om het fris te houden en hebben ze het allerbelangrijkste voor elkaar namelijk deze luisteraar weten te overtuigen (en uiteindelijk gaat het daar toch om
).Ja, ik ga deze band in de gaten houden. Ze zijn leuk. Ze zijn goed en ze maken muziek waar ik heel blij van kan worden. Het leven kan soms zo mooi zijn. Daar heb je muziek als die op Entropology voor nodig. Zo simpel kan het zijn.
Scissor Sisters - Magic Hour (2012)

3,5
0
geplaatst: 25 mei 2012, 19:28 uur
Goed dan, ik geef het toe: ik had dus echt een schurfthekel aan deze band tijdens hun debuut. Ik had hier helemaal niks mee. Dat irritante stemmetje, dat over the top gebeuren en die vervelende drenzende deuntjes......
I Don't Feel Like Dancin' vond ik opeens erg aanstekelijk en ik ben toen opnieuw begonnen aan de nichten glampop van Jake Shears en de zijnen.
Het vorige album Nightwork wist me dan toch echt helemaal over de streep te trekken en dat album vind ik nog steeds erg leuk. Er zitten ook goede vakantieherinneringen aan vast dus dat helpt er wel bij uiteraard.
En dan zie je dat Magic Hour er aankomt en dan toch weer de schouders erover optrekken. Maar goed, deze keer ben ik er toch anders naar gaan luisteren, dat dan weer wel.
Het abrupt ophoudende openingsnummer Baby Come Home doet met niet veel maar Keep Your Shoes blijkt wel iets spannends te hebben, iets tegendraads zoals ik ze niet eerder gehoord heb en dan blijkt Inevitable wel weer van die wat aalgladde glijerige disco.
En zo hopt het hele album eigenlijk behoorlijk heen en weer als een stuiterbal die niet meer onder controle gehouden kan worden.
Van poppy nummers als Only the Horses naar het Rufus Wainwright-achtige The Secret Life of Letters, van popfun (Let's Have a Kiki) naar wat Pet Shop Boys (Self Control); het gaat alle kanten op terwijl die kenmerkende Bee Gees-achtige sound toch overeind blijft.
Overigens doet Shady Love me enorm denken aan de nichtenpoprap van Cazwell (ook zo catchy as hell maar tegelijkertijd behoorlijk 'fout' en plat).
Zou het komen door de vele samenwerkingen die ze op dit album zijn aangegaan? Diplo, Boys Noize, Pharell Williams, Calvin Harris, Azealia Banks.
Het zou een verklaring kunnen zijn. Juist dat afwisselende is enerzijds de kracht van het album want het blijft daardoor wel boeiend en tegelijkertijd is het dan ook onvermijdelijk dat niet alles even goed aanslaat en tegelijkertijd vind ik sommige nummers gewoon wat te plat, maar volgens mij heb ik dat altijd al gevonden en was het mijn grote bezwaar in den beginne.
Hoe dan ook vind ik dit een uiterst vermakelijk album dat wederom zeer geschikt is voor de zomer. Misschien gaan er ook aan deze straks weer zomerherinneringen kleven (mijn New York 2012 soundtrack wellicht?!).
Een nieuwe Scissor Sisters is vanaf nu voor mij ook 'gewoon leuk'
I Don't Feel Like Dancin' vond ik opeens erg aanstekelijk en ik ben toen opnieuw begonnen aan de nichten glampop van Jake Shears en de zijnen.
Het vorige album Nightwork wist me dan toch echt helemaal over de streep te trekken en dat album vind ik nog steeds erg leuk. Er zitten ook goede vakantieherinneringen aan vast dus dat helpt er wel bij uiteraard.
En dan zie je dat Magic Hour er aankomt en dan toch weer de schouders erover optrekken. Maar goed, deze keer ben ik er toch anders naar gaan luisteren, dat dan weer wel.
Het abrupt ophoudende openingsnummer Baby Come Home doet met niet veel maar Keep Your Shoes blijkt wel iets spannends te hebben, iets tegendraads zoals ik ze niet eerder gehoord heb en dan blijkt Inevitable wel weer van die wat aalgladde glijerige disco.
En zo hopt het hele album eigenlijk behoorlijk heen en weer als een stuiterbal die niet meer onder controle gehouden kan worden.
Van poppy nummers als Only the Horses naar het Rufus Wainwright-achtige The Secret Life of Letters, van popfun (Let's Have a Kiki) naar wat Pet Shop Boys (Self Control); het gaat alle kanten op terwijl die kenmerkende Bee Gees-achtige sound toch overeind blijft.
Overigens doet Shady Love me enorm denken aan de nichtenpoprap van Cazwell (ook zo catchy as hell maar tegelijkertijd behoorlijk 'fout' en plat).
Zou het komen door de vele samenwerkingen die ze op dit album zijn aangegaan? Diplo, Boys Noize, Pharell Williams, Calvin Harris, Azealia Banks.
Het zou een verklaring kunnen zijn. Juist dat afwisselende is enerzijds de kracht van het album want het blijft daardoor wel boeiend en tegelijkertijd is het dan ook onvermijdelijk dat niet alles even goed aanslaat en tegelijkertijd vind ik sommige nummers gewoon wat te plat, maar volgens mij heb ik dat altijd al gevonden en was het mijn grote bezwaar in den beginne.
Hoe dan ook vind ik dit een uiterst vermakelijk album dat wederom zeer geschikt is voor de zomer. Misschien gaan er ook aan deze straks weer zomerherinneringen kleven (mijn New York 2012 soundtrack wellicht?!).
Een nieuwe Scissor Sisters is vanaf nu voor mij ook 'gewoon leuk'

Scissor Sisters - Night Work (2010)

4,0
0
geplaatst: 16 juni 2010, 14:35 uur
Scissor Sisters.......... brrrrrr............. wat heb ik daar lange tijd toch een enorme hekel aan gehad (en nee hoor; ik vind homo's eigenlijk wel leuk
).
Bee Gees hebben we wel gehad en dan die gruwelijke Pink Floyd cover. Nee, aan mij waren ze niet besteed.
Toch is er eens een soort omslag gekomen en begon ik ze wel vermakelijk te vinden. En zelfs die vermaledijde cover kan er anno nu wel mee door bij mij.
Hierdoor is het debuut uiteindelijk gekropen naar een 3,5* en de opvolger heeft het nog tot een 3* weten te schoppen.
Niet slecht voor een bandje dat ik eigenlijk niet moest.
Wat me altijd een beetje heeft doen twijfelen aan dit gezelschap is het gevoel dat ik er bij kreeg: een gevoel dat ze ergens ook een soort serieusheid wilden vertegenwoordigen: 'wij zijn heus niet alleen maar dat foute feestbandje'. Het is niet alleen maar fun dus, zoiets. En waarom ik dat zo ervaar kan ik niet goed uitleggen laat staan of dat ik weet hoe de Sisters daar zelf over denken of wat ze precies willen uitdragen.
Nu is er dan Night Work en YES! het gevoel is weg, want dit album staat vol ongecompliceerde disco-fun van het betere soort. Hierdoor komen ze totaal niet krampachtig meer op mij over en straalt dit album een luchtigheid uit die zeer aanstekelijk werkt. Relaxed, ontspannen muziek maken. Dansen zullen we (en zoals ik hierboven lees blijkbaar ook neuken, maar daar kan ik me wat minder bij voorstellen eigenlijk).
Dat de cover opvalt moge duidelijk zijn maar dat past dan wel weer bij Scissor Sisters en dat mag ik dan wel; dat heb ik altijd wel leuk gevonden aan Jake Shears en zijn maatjes.
Strak kontje? Zeker, maar ook zeer strakke disco-pop anno 2010 die zeer goed uit de verf komt en daarmee scoren ze wat mij betreft voor het eerst echt zoals ik ze graag zie scoren. Ik ben vanaf nu over de streep getrokken en dans fijn mee op het eerste Scissor Sisters album dat 4 discoglitters weet te scoren.
Zweten zullen we, en of je dat door het dansen, neuken of sidderen van deze muzek komt doet er verder niet toe! I feel like dancing!
).Bee Gees hebben we wel gehad en dan die gruwelijke Pink Floyd cover. Nee, aan mij waren ze niet besteed.
Toch is er eens een soort omslag gekomen en begon ik ze wel vermakelijk te vinden. En zelfs die vermaledijde cover kan er anno nu wel mee door bij mij.
Hierdoor is het debuut uiteindelijk gekropen naar een 3,5* en de opvolger heeft het nog tot een 3* weten te schoppen.
Niet slecht voor een bandje dat ik eigenlijk niet moest.
Wat me altijd een beetje heeft doen twijfelen aan dit gezelschap is het gevoel dat ik er bij kreeg: een gevoel dat ze ergens ook een soort serieusheid wilden vertegenwoordigen: 'wij zijn heus niet alleen maar dat foute feestbandje'. Het is niet alleen maar fun dus, zoiets. En waarom ik dat zo ervaar kan ik niet goed uitleggen laat staan of dat ik weet hoe de Sisters daar zelf over denken of wat ze precies willen uitdragen.
Nu is er dan Night Work en YES! het gevoel is weg, want dit album staat vol ongecompliceerde disco-fun van het betere soort. Hierdoor komen ze totaal niet krampachtig meer op mij over en straalt dit album een luchtigheid uit die zeer aanstekelijk werkt. Relaxed, ontspannen muziek maken. Dansen zullen we (en zoals ik hierboven lees blijkbaar ook neuken, maar daar kan ik me wat minder bij voorstellen eigenlijk).
Dat de cover opvalt moge duidelijk zijn maar dat past dan wel weer bij Scissor Sisters en dat mag ik dan wel; dat heb ik altijd wel leuk gevonden aan Jake Shears en zijn maatjes.
Strak kontje? Zeker, maar ook zeer strakke disco-pop anno 2010 die zeer goed uit de verf komt en daarmee scoren ze wat mij betreft voor het eerst echt zoals ik ze graag zie scoren. Ik ben vanaf nu over de streep getrokken en dans fijn mee op het eerste Scissor Sisters album dat 4 discoglitters weet te scoren.
Zweten zullen we, en of je dat door het dansen, neuken of sidderen van deze muzek komt doet er verder niet toe! I feel like dancing!
Scott Fagan - South Atlantic Blues (1968)

4,0
0
geplaatst: 8 januari 2011, 15:17 uur
Toen ik het intro van opener In My Head voor het eerste hoorde dacht ik even dat Midlake Je t'aime... moi non plus ging spelen. Maar dat gevoel verdween al snel toen de blazers zich aan het nummer gingen toevoegen. Dit nummer heeft soul op de manier zoals ook Van Morrison dat kan laten horen (nu heb ik met die zanger soms wat moeite).
User muziekobsessie schreef dat hij moest wennen aan het stemgeluid van Scott Fagan, dus ik was ingesteld op iets heel aparts, maar ik hoor dat totaal niet. Niks mis of opmerkelijks te horen wat mij betreft.
Misschien bij Nickels and Dimes, maar nee hoor: lekkere pop op Doors-achtige wijze, minus de enorme aanwezigheid van het orgeltje. De blazers geven het een ongelooflijk lekkere schwung mee en daarmee durf ik wel te stellen dat ook deze artiest blijkbaar op miraculeuze wijze niet groots is geworden.
Waarom ik het dan nu ontdek is dankzij muziekobsessie en ik vind het grappig te lezen dat het deze hoes was die het deed opvallen in de grote hoeveelheid waar hij blijkbaar doorheen is gegaan. Ik zou exact hetzelfde hebben gehad namelijk. Er is iets aan deze foto dat het doet opvallen. Is het de uitstraling? Een beetje dat Jeff Buckley gevoel waar ik dat ook heb als ik zijn foto's zie?
Crying is ook al zo'n ongelooflijk mooi en warm nummer. Volgens mij ook absoluut geschikt voor user Reijersen. 'Tis geen soul' schrijft muziekobsessie. Maar wat is het dan? Dit heeft voor mijn gevoel enorme soul en is het in mijn oren ook wel. Reijersen: aan jou de taak dit te beantwoorden
The Carnival Is Ended is dan weer van die kenmerkende pop die we veel hoorden eind jaren '60. Denk de blazers weg en we horen het debuut van David Bowie. Hij had dit nummer zo kunnen zingen denk ik. Opvallend in dit nummer is het gebruik van steel drums. Het geeft aan dat dit een artiest is die opvallende twists aan zijn songs durfde toe te voegen. Misschien de reden dat hij daardoor niet zo bekend is geworden, alhoewel ik dat niet denk. Gewoon een kwestie van pech vrees ik.
South Atlantic Blues is de titelsong. Blues? Nee. Gloedvolle pop met wat tegendraadse lijntjes er in. Heel subtiel, waardoor het nergens echt opvalt laat staan stoort.
Ook Nothing But Love is pop met heerlijke blazers en in Tenement Halls hoor ik misschien nog wel het meest oude Bowie stijl terug (in dit geval zelfs het gebruik van zijn stem). De blazers doen een flinke duit in het zakje waardoor het nummer opvalt omdat het iets psychedelisch heeft, gecombineerd met soul en zelfs een snufje jazz op enkele momenten (als het nummer even dreigt te ontsporen om daarna vervolgens doodleuk verder te gaan waar het gebleven is).
In Your Hands heeft ook wel een Bowie-echo in mijn oren (of ben ik daar nu misschien iets te veel op gefocust?). Het is in elk geval wel lekker meeslepend en daar gaat het om.
Op Crystal Ball laat Bowie me ook niet los. Het nummer is wat cheesier dan de meeste anderen op dit album en juist dan kom je wel uit bij het debuut van Bowie. Het mag geen verbazing meer heten dat de blazers ook op dit album een grote rol hebben.
Afsluiter Madam - Moiselle is een heerlijke popsong zoals je ze vaker hoorde in die tijd. Ik denk hierbij een beetje aan de band Love. Niet de minste vergelijking.
Scott Fagan is een absolute ontdekking voor mij geweest: heel erg geslaagd.Stephin Merritt is overigens de zoon van Fagan, dus het muzikale bloed is blijkbaar doorgegeven. Overigens heeft Merritt zijn vader nooit ontmoet wat wel zou kunnen overigens. Op Facebook is Fagan ook terug te vinden alleen zou zijn foto me daar absoluut niet uitnodigen naar hem te luisteren: we zien een overjarige hippie met slordige baard waar hij staartjes in heeft weten te draaien.
Maar ach, wat doet dat er verder toe?! South Atlantic Blues heeft een meer dan uitstekende indruk achtergelaten en zo hoort het met goede muziek.
User muziekobsessie schreef dat hij moest wennen aan het stemgeluid van Scott Fagan, dus ik was ingesteld op iets heel aparts, maar ik hoor dat totaal niet. Niks mis of opmerkelijks te horen wat mij betreft.
Misschien bij Nickels and Dimes, maar nee hoor: lekkere pop op Doors-achtige wijze, minus de enorme aanwezigheid van het orgeltje. De blazers geven het een ongelooflijk lekkere schwung mee en daarmee durf ik wel te stellen dat ook deze artiest blijkbaar op miraculeuze wijze niet groots is geworden.
Waarom ik het dan nu ontdek is dankzij muziekobsessie en ik vind het grappig te lezen dat het deze hoes was die het deed opvallen in de grote hoeveelheid waar hij blijkbaar doorheen is gegaan. Ik zou exact hetzelfde hebben gehad namelijk. Er is iets aan deze foto dat het doet opvallen. Is het de uitstraling? Een beetje dat Jeff Buckley gevoel waar ik dat ook heb als ik zijn foto's zie?
Crying is ook al zo'n ongelooflijk mooi en warm nummer. Volgens mij ook absoluut geschikt voor user Reijersen. 'Tis geen soul' schrijft muziekobsessie. Maar wat is het dan? Dit heeft voor mijn gevoel enorme soul en is het in mijn oren ook wel. Reijersen: aan jou de taak dit te beantwoorden

The Carnival Is Ended is dan weer van die kenmerkende pop die we veel hoorden eind jaren '60. Denk de blazers weg en we horen het debuut van David Bowie. Hij had dit nummer zo kunnen zingen denk ik. Opvallend in dit nummer is het gebruik van steel drums. Het geeft aan dat dit een artiest is die opvallende twists aan zijn songs durfde toe te voegen. Misschien de reden dat hij daardoor niet zo bekend is geworden, alhoewel ik dat niet denk. Gewoon een kwestie van pech vrees ik.
South Atlantic Blues is de titelsong. Blues? Nee. Gloedvolle pop met wat tegendraadse lijntjes er in. Heel subtiel, waardoor het nergens echt opvalt laat staan stoort.
Ook Nothing But Love is pop met heerlijke blazers en in Tenement Halls hoor ik misschien nog wel het meest oude Bowie stijl terug (in dit geval zelfs het gebruik van zijn stem). De blazers doen een flinke duit in het zakje waardoor het nummer opvalt omdat het iets psychedelisch heeft, gecombineerd met soul en zelfs een snufje jazz op enkele momenten (als het nummer even dreigt te ontsporen om daarna vervolgens doodleuk verder te gaan waar het gebleven is).
In Your Hands heeft ook wel een Bowie-echo in mijn oren (of ben ik daar nu misschien iets te veel op gefocust?). Het is in elk geval wel lekker meeslepend en daar gaat het om.
Op Crystal Ball laat Bowie me ook niet los. Het nummer is wat cheesier dan de meeste anderen op dit album en juist dan kom je wel uit bij het debuut van Bowie. Het mag geen verbazing meer heten dat de blazers ook op dit album een grote rol hebben.
Afsluiter Madam - Moiselle is een heerlijke popsong zoals je ze vaker hoorde in die tijd. Ik denk hierbij een beetje aan de band Love. Niet de minste vergelijking.
Scott Fagan is een absolute ontdekking voor mij geweest: heel erg geslaagd.Stephin Merritt is overigens de zoon van Fagan, dus het muzikale bloed is blijkbaar doorgegeven. Overigens heeft Merritt zijn vader nooit ontmoet wat wel zou kunnen overigens. Op Facebook is Fagan ook terug te vinden alleen zou zijn foto me daar absoluut niet uitnodigen naar hem te luisteren: we zien een overjarige hippie met slordige baard waar hij staartjes in heeft weten te draaien.
Maar ach, wat doet dat er verder toe?! South Atlantic Blues heeft een meer dan uitstekende indruk achtergelaten en zo hoort het met goede muziek.
Scott Matthew - Adorned (2020)

3,0
1
geplaatst: 14 mei 2020, 22:41 uur
Het is het jaar waarin mijn favoriete artiesten met een nieuw album komen. Artiesten die wel eens een 5* hebben gescoord en artiesten met een flinke roze rand zullen we maar zeggen.
Perfume Genius, Heiðrik, Morrissey, Marc Almond, Jeremiah Lloyd Harmon, een EP van Duncan Laurence en dan komt The Irrepressibles eind deze maand nog plus Rufus Wainwright deze zomer. Het kan niet op voor mij.
Toch had ik bij deze 'nieuwe' Scott wel de nodige twijfels. Zit ik te wachten op herbewerkingen? En die twee singles The Wish en Abandoned? Ik weet het niet.
Aan de andere kant: een soortgelijke, bebaarde artiest als William Fitzsimmons deed ooit iets soortgelijks op zijn album Derivatives en dat beviel me heel goed. Een eerlijke kans verdient mijn held Scott dus wel.
Het album gaat van start met de twee singles waar ik Abandoned toch echt een verminking vind van de originele, breekbare versie. Is het echt nodig om zo'n perfect nummer zo toe te takelen? Voor mij bijna een reden om nu al af te haken en dan zitten we pas bij nummer twee op het album. Leuk hoor om met producer Jens Gad in zee te gaan, maar dit hoeft echt niet voor mij (zou ik hier later ooit nog op terug komen???).
Een galm op Where I Come From, wat electronic op For Dick, een lounge-beat op mijn grote favoriet White Horse. Goed, ik weet dat Scott van vele markten thuis is, maar het zijn toch de warme nummers en die kenmerkende stem waar ik altijd voor smelt. Hier verdrinkt die zang in galm en vervelende toevoegingen die voor mij niets te bieden hebben. Ik vind het ook allemaal vrij lelijk klinken.
Nogmaals: dit had heel goed uit kunnen pakken (zie mijn verwijzing naar William Fitzsimmons), maar dit is het niet voor mij. De eerste keer dat ik teleurgesteld ben in een nieuwe worp van Scott.
De hoes is schitterend, zijn composities blijven sterk, maar de verpakking had ik anders gedaan.
Gelukkig hoef ik dit niet helemaal als een nieuw album te beschouwen. Het is een gedurfd experiment. Kan twee kanten op gaan. Ik ben benieuwd wie hier totaal anders over denkt. En wie weet kom ik ooit nog eens terug op dit stuk. Misschien is het even een ontgoocheling, misschien zijn er al twee meer dan schitterende albums verschenen van andere helden (Perfume Genius, Heiðrik) waar hij niet mee kan wedijveren..... de tijd zal het leren hoe mijn verhouding met dit album echt gaat uitpakken.
Voor nu is het even: jammer, maar helaas. Dit had niet gehoeven.
Perfume Genius, Heiðrik, Morrissey, Marc Almond, Jeremiah Lloyd Harmon, een EP van Duncan Laurence en dan komt The Irrepressibles eind deze maand nog plus Rufus Wainwright deze zomer. Het kan niet op voor mij.
Toch had ik bij deze 'nieuwe' Scott wel de nodige twijfels. Zit ik te wachten op herbewerkingen? En die twee singles The Wish en Abandoned? Ik weet het niet.
Aan de andere kant: een soortgelijke, bebaarde artiest als William Fitzsimmons deed ooit iets soortgelijks op zijn album Derivatives en dat beviel me heel goed. Een eerlijke kans verdient mijn held Scott dus wel.
Het album gaat van start met de twee singles waar ik Abandoned toch echt een verminking vind van de originele, breekbare versie. Is het echt nodig om zo'n perfect nummer zo toe te takelen? Voor mij bijna een reden om nu al af te haken en dan zitten we pas bij nummer twee op het album. Leuk hoor om met producer Jens Gad in zee te gaan, maar dit hoeft echt niet voor mij (zou ik hier later ooit nog op terug komen???).
Een galm op Where I Come From, wat electronic op For Dick, een lounge-beat op mijn grote favoriet White Horse. Goed, ik weet dat Scott van vele markten thuis is, maar het zijn toch de warme nummers en die kenmerkende stem waar ik altijd voor smelt. Hier verdrinkt die zang in galm en vervelende toevoegingen die voor mij niets te bieden hebben. Ik vind het ook allemaal vrij lelijk klinken.
Nogmaals: dit had heel goed uit kunnen pakken (zie mijn verwijzing naar William Fitzsimmons), maar dit is het niet voor mij. De eerste keer dat ik teleurgesteld ben in een nieuwe worp van Scott.
De hoes is schitterend, zijn composities blijven sterk, maar de verpakking had ik anders gedaan.
Gelukkig hoef ik dit niet helemaal als een nieuw album te beschouwen. Het is een gedurfd experiment. Kan twee kanten op gaan. Ik ben benieuwd wie hier totaal anders over denkt. En wie weet kom ik ooit nog eens terug op dit stuk. Misschien is het even een ontgoocheling, misschien zijn er al twee meer dan schitterende albums verschenen van andere helden (Perfume Genius, Heiðrik) waar hij niet mee kan wedijveren..... de tijd zal het leren hoe mijn verhouding met dit album echt gaat uitpakken.
Voor nu is het even: jammer, maar helaas. Dit had niet gehoeven.
Scott Matthew - Gallantry's Favorite Son (2011)

4,5
0
geplaatst: 6 juni 2011, 22:30 uur
Hooggestemde verwachtingen en de hoop dat er snel een concert in ons landje zal worden aangekondigd; Scott Matthew kan bij mij al niet meer stuk toen ik hem voor het eerst zag als zichzelf in de film Shortbus. Het debuut was een voltreffer en de tweede met de lange titel beschouw ik als een klassieker. En zijn optreden in de kleine zaal van Paradiso twee jaar terug gaf het beslissende zetje om de man volledig te omarmen.
Ondanks dat alles verwachtte ik dat niet van deze derde, afgaande op de samples. Wat ik in die korte fragmenten hoorde bracht niet heel veel nieuws en ik hoorde daar zelfs wat meer 'happy songs'. Helemaal niet erg, zeker als je beseft dat hij recentelijk in een interview het volgende zei: “Ik heb nooit enige vorm van muzikale training gehad. Ik doe maar wat”.
“Deze keer was ik veel bezig met de wens dat het album goed ontvangen zou worden. De afgelopen vijf jaar van mijn leven waren namelijk zo leuk, dat ik niet wil dat het ophoudt," aldus deze vriendelijke baardmans.
"En als dat wel gebeurt zou ik niet weten wat ik moet doen. Ik heb namelijk helemaal geen andere kwaliteiten.” Dat doet Matthew vrezen dat zijn inspiratie ooit op zal drogen. “Ik heb constant de angst dat ik geen nieuw liedje meer kan schrijven.”
Het zal allemaal wel. Voorlopig kunnen we gaan genieten van het derde album met dat prachtige artwork. Zou Scott me wederom kunnen ontroeren met die Bowie-achtige stem? Met die banjo (die hij veel is gaan bespelen doordat hij het niet lang volhoudt zijn gitaar te hanteren door een straatroof in New York waar hij slachtoffer van was)? Zijn de composities weer zo sterk ook als er meer vrolijker nummers tussen staan?
Laat ik dan maar beginnen te zeggen dat opener Black Bird gelijk al een voltreffer is in de stijl van White Horse van het vorige album. Damn wat is dit weer ontroerend mooi mede dankzij die schitterende cello (nog steeds mijn favoriete instrument). Heel subtiel allemaal en recht naar het hart.
Al snel blijkt dat samples (lang of kort) verneukeratief zijn: ze schetsen enigszins een beeld van wat gaat komen maar meer ook niet. Je mist de finesses, de sfeer, het totaalplaatje en dat is op Gallantry's Favorite Son gewoon weer helemaal in orde.
Scott Matthew is op dit moment één van de weinige artiesten die mij nog voor de volle 100% weet te raken en dat is gelukkig nog niet over bij beluistering van dit derde album.
Het staat vol met mooie nummers zoals we van hem gewend zijn en zelfs de wat meer uptempo nummers zijn heerlijk om te horen; ze zorgen voor de afwisseling en maken van dit meesterwerkje niet één groot tranendal. Er mag ook gelachen worden in het leven en als je Matthew meemaakt op het podium dan ervaar je die levenslust ook: het is een grappige artiest die wel van een babbeltje houdt en met een fles rode wijn in zijn nabijheid is ie op z'n best,
Leuk nieuwigheidje op dit album is dat hij zijn stem inzet als blaasinstrument (op No Place Called Hell). Niet nieuw maar hij weet het effectief toe te passen.
Gallantry's Favorite Son kan voor de liefhebbers een blinde aanschaf gaan worden en voor de fanboys waaronder ik mezelf absoluut reken gaat dit gewoon weer de volle mep worden.
Dit album stemt me vreugdevol, ontroert me en doet me echt wat. Dat het allemaal niks nieuws is (ook niet voor Scott Matthew begrippen) kan me verder niet boeien. Emotionele albums die weten te raken mogen ook op die manier beoordeeld worden zo af en toe. Dan mogen de andere, objectievere luisteraars er uiteindelijk wat nuances in gaan aanbrengen.
Hoogtepuntjes volop, maar mag ik de aandacht voor opener Black Bird en het haast Middeleeuws aandoende Duet (Scott Matthew de troubadour van deze tijd)? Het hemelse Buried Alive met engelenkoor is ook schitterend (lijkt alleen wat meer op wat ouder werk).
Seedling is zwaarder van toon en leunt op piano maar oh wat mooi.
Dat zijn inspiratie voorlopig nog niet zal opdrogen.....
Album van het jaar? Album van het jaar! En daarmee drie albums in de ere-gallerij: 5*.
Ondanks dat alles verwachtte ik dat niet van deze derde, afgaande op de samples. Wat ik in die korte fragmenten hoorde bracht niet heel veel nieuws en ik hoorde daar zelfs wat meer 'happy songs'. Helemaal niet erg, zeker als je beseft dat hij recentelijk in een interview het volgende zei: “Ik heb nooit enige vorm van muzikale training gehad. Ik doe maar wat”.
“Deze keer was ik veel bezig met de wens dat het album goed ontvangen zou worden. De afgelopen vijf jaar van mijn leven waren namelijk zo leuk, dat ik niet wil dat het ophoudt," aldus deze vriendelijke baardmans.
"En als dat wel gebeurt zou ik niet weten wat ik moet doen. Ik heb namelijk helemaal geen andere kwaliteiten.” Dat doet Matthew vrezen dat zijn inspiratie ooit op zal drogen. “Ik heb constant de angst dat ik geen nieuw liedje meer kan schrijven.”
Het zal allemaal wel. Voorlopig kunnen we gaan genieten van het derde album met dat prachtige artwork. Zou Scott me wederom kunnen ontroeren met die Bowie-achtige stem? Met die banjo (die hij veel is gaan bespelen doordat hij het niet lang volhoudt zijn gitaar te hanteren door een straatroof in New York waar hij slachtoffer van was)? Zijn de composities weer zo sterk ook als er meer vrolijker nummers tussen staan?
Laat ik dan maar beginnen te zeggen dat opener Black Bird gelijk al een voltreffer is in de stijl van White Horse van het vorige album. Damn wat is dit weer ontroerend mooi mede dankzij die schitterende cello (nog steeds mijn favoriete instrument). Heel subtiel allemaal en recht naar het hart.
Al snel blijkt dat samples (lang of kort) verneukeratief zijn: ze schetsen enigszins een beeld van wat gaat komen maar meer ook niet. Je mist de finesses, de sfeer, het totaalplaatje en dat is op Gallantry's Favorite Son gewoon weer helemaal in orde.
Scott Matthew is op dit moment één van de weinige artiesten die mij nog voor de volle 100% weet te raken en dat is gelukkig nog niet over bij beluistering van dit derde album.
Het staat vol met mooie nummers zoals we van hem gewend zijn en zelfs de wat meer uptempo nummers zijn heerlijk om te horen; ze zorgen voor de afwisseling en maken van dit meesterwerkje niet één groot tranendal. Er mag ook gelachen worden in het leven en als je Matthew meemaakt op het podium dan ervaar je die levenslust ook: het is een grappige artiest die wel van een babbeltje houdt en met een fles rode wijn in zijn nabijheid is ie op z'n best,
Leuk nieuwigheidje op dit album is dat hij zijn stem inzet als blaasinstrument (op No Place Called Hell). Niet nieuw maar hij weet het effectief toe te passen.
Gallantry's Favorite Son kan voor de liefhebbers een blinde aanschaf gaan worden en voor de fanboys waaronder ik mezelf absoluut reken gaat dit gewoon weer de volle mep worden.
Dit album stemt me vreugdevol, ontroert me en doet me echt wat. Dat het allemaal niks nieuws is (ook niet voor Scott Matthew begrippen) kan me verder niet boeien. Emotionele albums die weten te raken mogen ook op die manier beoordeeld worden zo af en toe. Dan mogen de andere, objectievere luisteraars er uiteindelijk wat nuances in gaan aanbrengen.
Hoogtepuntjes volop, maar mag ik de aandacht voor opener Black Bird en het haast Middeleeuws aandoende Duet (Scott Matthew de troubadour van deze tijd)? Het hemelse Buried Alive met engelenkoor is ook schitterend (lijkt alleen wat meer op wat ouder werk).
Seedling is zwaarder van toon en leunt op piano maar oh wat mooi.
Dat zijn inspiratie voorlopig nog niet zal opdrogen.....
Album van het jaar? Album van het jaar! En daarmee drie albums in de ere-gallerij: 5*.
