Hier kun je zien welke berichten aERodynamIC als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Levi Kreis - The Gospel According to Levi (2006)

3,0
0
geplaatst: 12 januari 2011, 20:09 uur
Waar Ricky Martin er nogal lang over deed om uit de kast te komen daar doet Levi Kreis er niet moeilijk over en daarmee wordt hij snel in het hokje gay-artiesten gestopt en dat pakt vaak niet zo best uit. Het is geen genre op zich dus waarom dat hokje bedenken?
Aan de andere kant zie ik veel van dit soort artiesten er ook wel een beetje mee koketeren. Kijk maar eens wie er matchen met Kreis op Last.fm en je ziet een veelvoud aan gespierde en vooral blote torso's voorbijkomen. Het zal nodig zijn, want in het toch wel puriteinse Amerika verspeel je wel de kans om echt heel groots te worden op deze manier en nu kun je misschien nog scoren in de gay-scene (voor zover die Lady Gaga, Kylie en Madonna even links willen laten liggen uiteraard).
Gelukkig gaat het niet voor alle gay-artiesten op. Er zijn er genoeg die goed scoren.
Laat ik maar naar het album gaan. The Gospel According to Levi begint met een frivool, vrolijk popnummer genaamd The Reckoning. Leuk, maar niet opzienbarend en hoe verrassend is dan ineens de stijlwisseling op het tweede nummer Say It Out Loud en dan opeens weer een Bruce Springsteen-achtig nummer dat in het nummer zelf omslaat naar tiener poprock. Makkelijk, maar ook wel een beetje simpel, zeker ook door het semi-dansbare geluid dat hij het nummer mee wil geven. Ik ben ook niet zo heel erg te spreken over zijn stemgeluid: niet erg krachtig en er zit wat snerpends in wat ik niet mooi vind. En opeens weet ik aan wie het me een beetje doet denken: Georgie Davies (dat lang vergeten soundmixshow sterretje dat op Stevie Wonder leek, maar mmm, daar lijkt Kreis dan weer niet op).
En zo schommelt het album een beetje heen en weer. De soul op In the Name of God is op momenten best lekker, de liedjes zijn behoorlijk van amerikaanse snit, maar ik mis gewoon iets. Ik heb ook de indruk dat Kreis niet zo goed weet welke stijl hem nu echt goed past. Te veel overdreven show om zwakheden te verbergen (Futurelove, te veel gevalletjes net niet. Het is geen rock, het is geen soul, het is pop met een vreemd ruikend sausje op elk nummer dat onze aandacht wat moet afleiden.
Nee, ik snap wel waarom dit soort artiesten niet zo groots worden als bijvoorbeeld een Rufus Wainwright. Talent is het toverwoord. Waar Wainwright een enorm talent heeft, daar kan Kreis leuke muziekjes schrijven zoals zovelen dat kunnen. Leuk als je 15 bent en je niet zo erg in muziek verdiept, maar verder doet het een veelvraat als ikzelf vrij weinig. Lauwe soep... ober mag ik wat pittigers?
Aan de andere kant zie ik veel van dit soort artiesten er ook wel een beetje mee koketeren. Kijk maar eens wie er matchen met Kreis op Last.fm en je ziet een veelvoud aan gespierde en vooral blote torso's voorbijkomen. Het zal nodig zijn, want in het toch wel puriteinse Amerika verspeel je wel de kans om echt heel groots te worden op deze manier en nu kun je misschien nog scoren in de gay-scene (voor zover die Lady Gaga, Kylie en Madonna even links willen laten liggen uiteraard).
Gelukkig gaat het niet voor alle gay-artiesten op. Er zijn er genoeg die goed scoren.
Laat ik maar naar het album gaan. The Gospel According to Levi begint met een frivool, vrolijk popnummer genaamd The Reckoning. Leuk, maar niet opzienbarend en hoe verrassend is dan ineens de stijlwisseling op het tweede nummer Say It Out Loud en dan opeens weer een Bruce Springsteen-achtig nummer dat in het nummer zelf omslaat naar tiener poprock. Makkelijk, maar ook wel een beetje simpel, zeker ook door het semi-dansbare geluid dat hij het nummer mee wil geven. Ik ben ook niet zo heel erg te spreken over zijn stemgeluid: niet erg krachtig en er zit wat snerpends in wat ik niet mooi vind. En opeens weet ik aan wie het me een beetje doet denken: Georgie Davies (dat lang vergeten soundmixshow sterretje dat op Stevie Wonder leek, maar mmm, daar lijkt Kreis dan weer niet op).
En zo schommelt het album een beetje heen en weer. De soul op In the Name of God is op momenten best lekker, de liedjes zijn behoorlijk van amerikaanse snit, maar ik mis gewoon iets. Ik heb ook de indruk dat Kreis niet zo goed weet welke stijl hem nu echt goed past. Te veel overdreven show om zwakheden te verbergen (Futurelove, te veel gevalletjes net niet. Het is geen rock, het is geen soul, het is pop met een vreemd ruikend sausje op elk nummer dat onze aandacht wat moet afleiden.
Nee, ik snap wel waarom dit soort artiesten niet zo groots worden als bijvoorbeeld een Rufus Wainwright. Talent is het toverwoord. Waar Wainwright een enorm talent heeft, daar kan Kreis leuke muziekjes schrijven zoals zovelen dat kunnen. Leuk als je 15 bent en je niet zo erg in muziek verdiept, maar verder doet het een veelvraat als ikzelf vrij weinig. Lauwe soep... ober mag ik wat pittigers?
Levi Robin - Where Night Meets Day (2020)

4,0
0
geplaatst: 15 maart 2020, 22:16 uur
Groeidiamantjes..... ze bestaan nog. Where Night Meets Day van Levi Robin is er zo één.
Een album waar Levi een aantal jaar over gedaan heeft om te maken zoals het er nu is en zijn inspiratie was het chassidische jodendom en kabbala.
Hij doet dit blijkbaar op een manier waar een hoop luisteraars toch wat mee kunnen. Ik vind dat vooralsnog moeilijk te bepalen omdat ik me in het begin nooit zo sterk op teksten focus.
Zijn stem klinkt doorleefd zonder oud over te komen, zijn nummers traditioneel met een fris gevoel van nu. Een degelijk begeleiding en sterke composities die je meermaals moet horen om beter tot je door te laten dringen. Een moeilijk album? Welnee. Maar waar het in het begin misschien overkomt als 'been there, done that' ervaar ik bij elke nieuwe draaibeurt juist nieuwe dingen, een nieuw gevoel.
Dat blijken vaak de leukste albums. Ik hoop dan ook dat dit nog even door blijft gaan. Levi Robin verdient toch echt heel wat meer aandacht dan dat hij nu krijgt. Laat je niet afschrikken door die baard en hoed, deins niet terug voor de invloeden waar hij over spreekt, maar laat je onderdompelen in schitterende nummers met een lichte country-feel. Je gaat er geen spijt van krijgen.
Het einde van How Can You Sleep doet mij trouwens aan Sigur Rós denken: How Can You Sleep - YouTube
In deze bange tijden weet Levi Robin een troostend gevoel te geven en dat is mooi, dat is wat muziek kan doen.
Een album waar Levi een aantal jaar over gedaan heeft om te maken zoals het er nu is en zijn inspiratie was het chassidische jodendom en kabbala.
Hij doet dit blijkbaar op een manier waar een hoop luisteraars toch wat mee kunnen. Ik vind dat vooralsnog moeilijk te bepalen omdat ik me in het begin nooit zo sterk op teksten focus.
Zijn stem klinkt doorleefd zonder oud over te komen, zijn nummers traditioneel met een fris gevoel van nu. Een degelijk begeleiding en sterke composities die je meermaals moet horen om beter tot je door te laten dringen. Een moeilijk album? Welnee. Maar waar het in het begin misschien overkomt als 'been there, done that' ervaar ik bij elke nieuwe draaibeurt juist nieuwe dingen, een nieuw gevoel.
Dat blijken vaak de leukste albums. Ik hoop dan ook dat dit nog even door blijft gaan. Levi Robin verdient toch echt heel wat meer aandacht dan dat hij nu krijgt. Laat je niet afschrikken door die baard en hoed, deins niet terug voor de invloeden waar hij over spreekt, maar laat je onderdompelen in schitterende nummers met een lichte country-feel. Je gaat er geen spijt van krijgen.
Het einde van How Can You Sleep doet mij trouwens aan Sigur Rós denken: How Can You Sleep - YouTube
In deze bange tijden weet Levi Robin een troostend gevoel te geven en dat is mooi, dat is wat muziek kan doen.
Lia Ices - Grown Unknown (2011)

4,0
0
geplaatst: 8 januari 2011, 23:02 uur
Alleen al de naam van de zangeres: ik denk zonder wat gehoord te hebben gelijk aan wat ijle zang onder begeleiding van piano.
Een beetje Cocteau Twins, een snufje Joanna Newsom.... en dan zie ik de hoes en denk 'verdomd, dit gaat Bebel Gilberto worden!'.
In zulke gevallen kun je maar beter gewoon gaan luisteren naar Grown Unknown. Het eerste album op het Jagjaguwar label van deze uit Brooklyn afkomstige zangeres.
En zoals je normaal gesproken doet start je met nummer één. Love Is Won.
Dus toch........... het stijltje dat het de laatste tijd goed doet. Een Agnes Obel achtig sfeertje maar dan veel voller van sound, Bat for Lashes en ik weet niet hoeveel andere artiesten ik nu kan gaan opnoemen. Moet ik niet doen en moet ik niet willen. In elk geval een sterk begin van dit album dat nieuwsgierig doet verlangen naar de rest dat zich laat horen in de vorm van het schitterende Daphne waar de strijkers heel subtiel worden toegevoegd en akoestische gitaar de bodem legt. Voeg daar de Dolores O'Riordan-achtige zang aan toe (voor de niet-kenners: de zangeres van The Cranberries) en je kunt een beetje een beeld krijgen van de stijl. Enigszins koeltjes en tegelijkertijd hartverwarmend, met leuke wendingen in het nummer, waar de toevoeging van mannelijke achtergrondzang er zeker één van is (die zang is afkomstig van niemand minder dan Justin 'Bon Iver' Vernon). De tweede helft van het nummer geeft mij mede hierdoor zelfs een beetje een Midlake-vibe.
Little Marriage heeft ook iets onderkoelds zoals we dat vorig jaar hoorden bij bijvoorbeeld Beach House. Dit is minder spacey maar heeft op mij wel eenzelfde soort hypnotiserend effect. Ook hier subtiele muzikale begeleiding: klokkenspel, orgeltje, tamboerijn en vingergeknip. Nu niet denken aan een hippie-nummer maar aan een lieflijk mooi nummer waar Lia haar stem het werk laat doen. Het enige minpuntje aan het nummer is misschien het abrupte einde die je uit je droom helpt.
Gelukkig is daar Bag of Wind die je verder wiegt en de gelukzalige droom laat voortduren. Na een minuut krijgt de electrische gitaar een folk-achtige rol en bouwt het nummer zich op om vervolgens ook weer rustig neer te gaan liggen. Het zijn dit soort golfbewegingen die het album spannend houden. Een prachtig, ontroerend nummer in elk geval.
Op titeltrack Grown Unknown keert de O'Riordan snik terug, evenals nu het handjeklap-voetjestamp (na eerder het vingergeknip). De akoestische gitaar voorziet het van een onderhuidse spanning die nergens explodeert, alhoewel de strijkers voor een mooie twist zorgen.
After Is Always Before heeft iets meeslepends in zich. Armen in elkaar haken en meedeinen, maar dan op een sophisticated manier. Het nummer is afwisselend en kent een prachtige instrumentatie. Over de stem van Lia Ices hoef ik het verder niet meer te hebben: kristalhelder en tegelijkertijd ook iets afstandelijks wat het intrigrerend maakt.
Ice Wine gaat weer wat meer naar Bat of Lashes achtige nummers, alhoewel ik besef dat het een gevaarlijke vergelijking is want ik vind dit vele malen mooier en de vergelijking is absoluut niet waterdicht. En oh, wat zijn die viool en cello toch hemeltergend mooi hier! Misschien wel het hoogtepunt van dit album.
Lilac heeft een beetje een Sinéad O'Connor-achtig begin. Eenzelfde frasering en ook dat haast fluisterende in de muzikale begeleiding doet er een beetje aan denken. Ik heb er in elk geval geen moeite mee, want ik heb goede herinneringen aan Sinéad ten tijde van haar debuut en tweede album.
New Myth wordt geintroduceerd door blazers. Niet zo'n volvette soulpartij, maar heel subtiel als begeleiding (subtiel lijkt het sleutelwoord op dit album). Vervolgens krijgt het een haast feeërieke wending om daarna weer die blazers de begeleiding terug te geven. Het om en om spelletje ja, maar godallemachtig wat gebeurt dat toch fraai zeg.
Fraai is zeker een term die mag opgaan voor wat mij betreft het eerste album dit jaar dat er echt toe doet. De eerste release waarvan ik overtuigd ben dat het de komende maanden en langer gaat overleven. Dit is heel erg mooi en zeer warm aanbevolen door mij.
Ik hoop dat ik anderen ervan kan overtuigen dit in elk geval een kans te geven!
Een beetje Cocteau Twins, een snufje Joanna Newsom.... en dan zie ik de hoes en denk 'verdomd, dit gaat Bebel Gilberto worden!'.
In zulke gevallen kun je maar beter gewoon gaan luisteren naar Grown Unknown. Het eerste album op het Jagjaguwar label van deze uit Brooklyn afkomstige zangeres.
En zoals je normaal gesproken doet start je met nummer één. Love Is Won.
Dus toch........... het stijltje dat het de laatste tijd goed doet. Een Agnes Obel achtig sfeertje maar dan veel voller van sound, Bat for Lashes en ik weet niet hoeveel andere artiesten ik nu kan gaan opnoemen. Moet ik niet doen en moet ik niet willen. In elk geval een sterk begin van dit album dat nieuwsgierig doet verlangen naar de rest dat zich laat horen in de vorm van het schitterende Daphne waar de strijkers heel subtiel worden toegevoegd en akoestische gitaar de bodem legt. Voeg daar de Dolores O'Riordan-achtige zang aan toe (voor de niet-kenners: de zangeres van The Cranberries) en je kunt een beetje een beeld krijgen van de stijl. Enigszins koeltjes en tegelijkertijd hartverwarmend, met leuke wendingen in het nummer, waar de toevoeging van mannelijke achtergrondzang er zeker één van is (die zang is afkomstig van niemand minder dan Justin 'Bon Iver' Vernon). De tweede helft van het nummer geeft mij mede hierdoor zelfs een beetje een Midlake-vibe.
Little Marriage heeft ook iets onderkoelds zoals we dat vorig jaar hoorden bij bijvoorbeeld Beach House. Dit is minder spacey maar heeft op mij wel eenzelfde soort hypnotiserend effect. Ook hier subtiele muzikale begeleiding: klokkenspel, orgeltje, tamboerijn en vingergeknip. Nu niet denken aan een hippie-nummer maar aan een lieflijk mooi nummer waar Lia haar stem het werk laat doen. Het enige minpuntje aan het nummer is misschien het abrupte einde die je uit je droom helpt.
Gelukkig is daar Bag of Wind die je verder wiegt en de gelukzalige droom laat voortduren. Na een minuut krijgt de electrische gitaar een folk-achtige rol en bouwt het nummer zich op om vervolgens ook weer rustig neer te gaan liggen. Het zijn dit soort golfbewegingen die het album spannend houden. Een prachtig, ontroerend nummer in elk geval.
Op titeltrack Grown Unknown keert de O'Riordan snik terug, evenals nu het handjeklap-voetjestamp (na eerder het vingergeknip). De akoestische gitaar voorziet het van een onderhuidse spanning die nergens explodeert, alhoewel de strijkers voor een mooie twist zorgen.
After Is Always Before heeft iets meeslepends in zich. Armen in elkaar haken en meedeinen, maar dan op een sophisticated manier. Het nummer is afwisselend en kent een prachtige instrumentatie. Over de stem van Lia Ices hoef ik het verder niet meer te hebben: kristalhelder en tegelijkertijd ook iets afstandelijks wat het intrigrerend maakt.
Ice Wine gaat weer wat meer naar Bat of Lashes achtige nummers, alhoewel ik besef dat het een gevaarlijke vergelijking is want ik vind dit vele malen mooier en de vergelijking is absoluut niet waterdicht. En oh, wat zijn die viool en cello toch hemeltergend mooi hier! Misschien wel het hoogtepunt van dit album.
Lilac heeft een beetje een Sinéad O'Connor-achtig begin. Eenzelfde frasering en ook dat haast fluisterende in de muzikale begeleiding doet er een beetje aan denken. Ik heb er in elk geval geen moeite mee, want ik heb goede herinneringen aan Sinéad ten tijde van haar debuut en tweede album.
New Myth wordt geintroduceerd door blazers. Niet zo'n volvette soulpartij, maar heel subtiel als begeleiding (subtiel lijkt het sleutelwoord op dit album). Vervolgens krijgt het een haast feeërieke wending om daarna weer die blazers de begeleiding terug te geven. Het om en om spelletje ja, maar godallemachtig wat gebeurt dat toch fraai zeg.
Fraai is zeker een term die mag opgaan voor wat mij betreft het eerste album dit jaar dat er echt toe doet. De eerste release waarvan ik overtuigd ben dat het de komende maanden en langer gaat overleven. Dit is heel erg mooi en zeer warm aanbevolen door mij.
Ik hoop dat ik anderen ervan kan overtuigen dit in elk geval een kans te geven!
Lia Ices - Necima (2008)

4,0
0
geplaatst: 9 januari 2011, 14:58 uur
Wat doe je als je een artiest ontdekt die een nieuwe cd op stapel heeft staan die je erg waardeert en waarvan je weet dat er eentje aan vooraf is gegaan? Uiteraard het debuut opzoeken en beluisteren.
Necima was verplicht voer nu ik het nog uit te komen album Grown Unknown van Lia Ices zo waardeer.
Haar stem doet me soms denken aan die van Sinéad O'Connor en Dolores O'Riordan van The Cranberries. Gelukkig ook geen kopie waardoor Ices iets eigens blijft behouden.
Dat gaat ook op voor haar muziek die tegelijkertijd warm overkomt door met name het gebruik van natuurlijke instrumenten als o.a. piano en die daarnaast iets afstandelijks heeft, waardoor er een mysterieus sfeertje ontstaat. Haar muziek is op tijden een beetje ongrijpbaar hierdoor zonder dat het ingewikkeld of moeilijk wordt.
Natuurlijk zijn er meer die binnen dit kader opereren, en daardoor is het extra knap als je alsnog weet op te vallen.
Nu ik Necima ook gehoord heb kan ik concluderen dat opvolger Grown Unknown voortborduurt op dit debuut. Misschien is Necima iets puurder, iets meer basic, waar Grown Unknown wat zijwegen inslaat en daardoor soms wat spannende, tegendraadse randjes kent.
Hoe dan ook is het moeilijk kiezen tussen deze twee en dat mag een groot compliment heten, want het betekent dat ik voor beide albums een zwak heb en daarmee dus ook voor de artiest Lia Ices die voor mij een ontdekking is, daar ik nooit eerder van haar gehoord had.
Wie dol is op wat mysterieus klinkende zangeressen met ietwat onderkoelde, beheerste liedjes waar piano en strijkers een grote rol spelen is aan het goede adres bij deze cd.
Tip voor liefhebbers van: Fiona Apple, Sinéad O'Connor, Tori Amos, Agnes Obel, Kate Bush
Necima was verplicht voer nu ik het nog uit te komen album Grown Unknown van Lia Ices zo waardeer.
Haar stem doet me soms denken aan die van Sinéad O'Connor en Dolores O'Riordan van The Cranberries. Gelukkig ook geen kopie waardoor Ices iets eigens blijft behouden.
Dat gaat ook op voor haar muziek die tegelijkertijd warm overkomt door met name het gebruik van natuurlijke instrumenten als o.a. piano en die daarnaast iets afstandelijks heeft, waardoor er een mysterieus sfeertje ontstaat. Haar muziek is op tijden een beetje ongrijpbaar hierdoor zonder dat het ingewikkeld of moeilijk wordt.
Natuurlijk zijn er meer die binnen dit kader opereren, en daardoor is het extra knap als je alsnog weet op te vallen.
Nu ik Necima ook gehoord heb kan ik concluderen dat opvolger Grown Unknown voortborduurt op dit debuut. Misschien is Necima iets puurder, iets meer basic, waar Grown Unknown wat zijwegen inslaat en daardoor soms wat spannende, tegendraadse randjes kent.
Hoe dan ook is het moeilijk kiezen tussen deze twee en dat mag een groot compliment heten, want het betekent dat ik voor beide albums een zwak heb en daarmee dus ook voor de artiest Lia Ices die voor mij een ontdekking is, daar ik nooit eerder van haar gehoord had.
Wie dol is op wat mysterieus klinkende zangeressen met ietwat onderkoelde, beheerste liedjes waar piano en strijkers een grote rol spelen is aan het goede adres bij deze cd.
Tip voor liefhebbers van: Fiona Apple, Sinéad O'Connor, Tori Amos, Agnes Obel, Kate Bush
Liam Singer - Dislocatia (2010)

4,0
0
geplaatst: 2 november 2010, 23:16 uur
Piano die dit album opent en ik ben al verkocht. On Earth a Wandering Stranger Was I Born is voor mij al reden genoeg om te beseffen dat dit helemaal mijn ding is.
Voeg daar de engelen-achtergrondzang (Sufjan Stevens; iemand?) aan toe in een nummer als Leave the World to Those Who Care en ik ben dan ook echt voor 100% verkocht. Dat niet alleen: het klinkt zo lekker dramatisch allemaal. Niet voor niets kunnen we op zijn MySpace lezen dat hier de termen 'Folk / Experimental / Klassiek, Opera en Zang' opgaan. Dat klassieke moeten we denk ik in het pianospel zoeken (Erik Satie zou een mooie referentie kunnen zijn) en de opera.... nou ja, die achtergrondzang dan die ik zo leuk omschrijf met de term engelen (alhoewel er toch een nummer is waarin gezongen wordt dat ze niet bestaan). Folk hoor ik terug in de manier van zingen door Liam: ik hoor er een echo Elliott Smith in terug.
Opmerkelijk dat ik niet eerder van deze artiest heb gehoord omdat dit niet zijn debuut is. The Empty Heart of the Chameleon en Our Secret Lies Beneath The Creek (Tell-All) gingen Dislocatia al voor.
Dislocatia zou ook op kunnen vallen vanwege de Cat Power-cover Cross Bones Style (van het album Moon Pix).
Voor mij is het toch vooral die combinatie van zijdezachte Elliott Smith-achtige folk die hier fraaie toevoegingen krijgt in de vorm van dwarrelende violen (ik kan soms Sopor Aeternus & The Ensemble of Shadows niet uit mijn hoofd krijgen terwijl dat toch duidelijk anders is), de al eerder genoemde achtergrondkoortjes, klokkenspel en toch zeker ook die piano.
Tel daar bij op dat er soms wat vervreemdende songstructuren aan worden toegevoegd (Morton Feldman Holding Notes for Eternity is eigenlijk best vermoeiend) en je hebt een spannend album van een artiest die zeker niet iedereen zal aanspreken maar ongetwijfeld velen weet te boeien en daar is zeker wat voor te zeggen.
'Een beetje vreemd, maar wel lekker' zullen we dan maar weer eens van stal halen.
Uit te proberen door liefhebbers van: Elliott Smith, Sufjan Stevens, Sopor Aeternus & The Ensemble of Shadows, Othon, The Irrepressibles, Erik Satie.
O ja: die randjes op de hoes horen erbij mocht u soms twijfelen
Voeg daar de engelen-achtergrondzang (Sufjan Stevens; iemand?) aan toe in een nummer als Leave the World to Those Who Care en ik ben dan ook echt voor 100% verkocht. Dat niet alleen: het klinkt zo lekker dramatisch allemaal. Niet voor niets kunnen we op zijn MySpace lezen dat hier de termen 'Folk / Experimental / Klassiek, Opera en Zang' opgaan. Dat klassieke moeten we denk ik in het pianospel zoeken (Erik Satie zou een mooie referentie kunnen zijn) en de opera.... nou ja, die achtergrondzang dan die ik zo leuk omschrijf met de term engelen (alhoewel er toch een nummer is waarin gezongen wordt dat ze niet bestaan). Folk hoor ik terug in de manier van zingen door Liam: ik hoor er een echo Elliott Smith in terug.
Opmerkelijk dat ik niet eerder van deze artiest heb gehoord omdat dit niet zijn debuut is. The Empty Heart of the Chameleon en Our Secret Lies Beneath The Creek (Tell-All) gingen Dislocatia al voor.
Dislocatia zou ook op kunnen vallen vanwege de Cat Power-cover Cross Bones Style (van het album Moon Pix).
Voor mij is het toch vooral die combinatie van zijdezachte Elliott Smith-achtige folk die hier fraaie toevoegingen krijgt in de vorm van dwarrelende violen (ik kan soms Sopor Aeternus & The Ensemble of Shadows niet uit mijn hoofd krijgen terwijl dat toch duidelijk anders is), de al eerder genoemde achtergrondkoortjes, klokkenspel en toch zeker ook die piano.
Tel daar bij op dat er soms wat vervreemdende songstructuren aan worden toegevoegd (Morton Feldman Holding Notes for Eternity is eigenlijk best vermoeiend) en je hebt een spannend album van een artiest die zeker niet iedereen zal aanspreken maar ongetwijfeld velen weet te boeien en daar is zeker wat voor te zeggen.
'Een beetje vreemd, maar wel lekker' zullen we dan maar weer eens van stal halen.
Uit te proberen door liefhebbers van: Elliott Smith, Sufjan Stevens, Sopor Aeternus & The Ensemble of Shadows, Othon, The Irrepressibles, Erik Satie.
O ja: die randjes op de hoes horen erbij mocht u soms twijfelen

Liesa Van der Aa - Troops (2012)

4,5
0
geplaatst: 5 februari 2012, 00:03 uur
Een eerste luisterbeurt via de bandcamp pagina van Lisa van der Aa vroeg om een tweede beluistering via een kwalitatief goede koptelefoon want deze muziek bleef door mijn hoofd spoken, het knaagde, het schuurde, het jeukte..... het had me in zijn macht.
Dit moest nog eens ondergaan worden en dan helemaal afgesloten van wat dan ook. Geen afleiding maar complete overgave aan deze intrigerende muziek.
En ja hoor Louisa's Bolero klonk nu nog spannender: kolkend, bruisend, als een donkere inktzwarte lucht die komt opzetten om ons vervolgens te overladen met een stortbui en na afloop te doen alsof er niets aan de hand is terwijl je alles nog hoort nadruppelen. Natuurgeweld verpakt in muziek. Lisa kan het.
Als Tom Waits wat knapper geweest was, vrouw en viool speelde dan had Low Man's Land van hem kunnen zijn. Stompend zonder te grommen en toch zeker wel keihard binnenkomen. Theatraal fladderend horen we er dan een engeltje doorheen zweven die de boel bij elkaar houdt. Ome Tom groots? Dan Lisa ook!
Into the Foam is gruizig en heeft scherpe randjes in een donker, haast jazzy nummer. De viool klinkt spookachtig en geeft het geheel iets om van te huiveren maar laten het nu juist angstaanjagende dingen zijn die vaak zo aantrekken. De sirene lokt ons allen. DAAU doet mee op dit album en ik heb op dit moment nog geen idee op welke nummers maar het lijkt me duidelijk dat dit er eentje is. Geweldig nummer!
Dat dames als Tori Amos of Kate Bush niet vies zijn van wat experiment en waar piano en viool een hoofdrol spelen zal niet onbekend zijn. Lisa Van der Aa doet me op Lou wat aan deze dames denken: experimenteel maar tegelijkertijd ook luchtig speels waardoor het goed behapbaar blijft. Het toont de kracht van dit album: het mag dan een heel bijzondere trip zijn maar tegelijkertijd klinkt alles ook wel weer vertrouwd en zal het nergens echt vervreemden. Je moet wel heel groot zijn om dat voor elkaar te krijgen. Wat een ongelooflijk hoogtepunt alweer; en dat einde...... dat einde!!!!!!!!
PJ Harvey een stoer wijf? Luister maar eens naar Lost Souvenir. Liesa kan er ook wat van en doet dat schijnbaar nonchalant met de meest heldere zang denkbaar en dat met een grommende laag die zwaar rockt.
Sigur Rós staat bekend om het kunnen creëren van langerekte ijzige sferen. Ze hebben er een concurrent uit België bij. Birds in Berlin was vanavond mijn kennismaking, met dank aan user kemm, in het topic 'Maak kennis met 2012'. Een kennismaking was het: het heeft me de hele avond niet los weten te laten. Dit nummer bleef maar door mijn hoofd spoken. Is het omdat het zo goed past bij de ijzige kou die ons land zo in de greep heeft op dit moment? Het zou kunnen. Wel is het zo dat dit nummer na ruim 3 minuten opeens een omwenteling krijgt waarin Liesa probeert de kou te verdrijven met een warme gloed. Dat lukt zeker maar tegelijkertijd blijft de kou hangen en schept het een vreemd soort afstand tussen luisteraar en muzikant. Heel knap want buiten Sigur Rós ken ik er niet veel die dat zo goed kunnen. Wat een magistrale trip is dit weer. Eigenlijk is het allemaal zo overweldigend dat je een adempauze zou moeten nemen om jezelf even wat rust te gunnen maar die rust wil je helemaal niet: altijd weer benieuwd naar wat komen gaat.
Er zijn al aardig wat bekende namen ter vergelijk langsgekomen maar laat ik duidelijk stellen dat deze alleen maar dienen om een beetje een indruk te krijgen. Deze artieste staat wat mij betreft compleet op zichzelf. Zo denk ik bij Our Place aan de sfeer die Nick Cave ook weet te scheppen. Dreigende (of zijn het nu deinende?!) violen die dansen rondom een donker en simpel piano-thema. Het geeft een unheimisch gevoel maar is wel degelijk bloedstollend mooi.
My Love is het kortste nummer op Troops. Kort maar krachtig gaat zeker op in dit geval. Haast hypnotiserend gaat van der Aa te werk: simpel maar doeltreffend een mooie brug vormend naar het volgende nummer Visitor genaamd. Hier keert de 'gekkigheid' terug. Speels en dartelend d.m.v. samenzang krijgen we een aanstekelijk nummer voorgeschoteld dat onderbroken wordt door wat gehoest en gesnuif vanuit het toilet (?) met op de achtergrond het feestje dat maar doorgaat. Na de opfrisbeurt gaat de deur weer open en bevinden we ons weer middenin het feestje waar niet iedereen even helder meer blijkt te zijn.
Toch hebben we het titelnummer Troops nog tegoed; een prachtig sfeervol nummer in de sfeer waar ik toch altijd weer van hou: Nick Cave vermengd met toch wel een klein beetje het geluid dat ik ken van Marc Almond's 'Mother Fist' album en ja dan zit je al snel goed bij mij. Een betere afsluiter dan dit kon ik niet wensen.
Wat een overweldigende ervaring was dit toch. Wat een ontdekking. Ik ben in heel korte tijd enorm verliefd geworden op dit album. Een bestelling was dan ook makkelijk en snel de deur uit (Ik wil nog steeds albums op cd in bezit hebben) en ik kijk al uit naar het moment dat dit de cd-speler in kan met vele vele draaibeurten waar ik ongetwijfeld nog veel hoop te ontdekken want daar leent deze muziek zich perfect voor.
Absoluut geen 'moeilijk album'. Overtuig jezelf als je nog je bedenkingen hebt of als je vindt dat ik veel te lang van stof ben: Troops | Liesa Van der Aa - liesavanderaa.bandcamp.com.
Wie weet wat het vervolg gaat zijn voor dit album want ik sluit niet uit dat dit ooit de volle mep van 5* gaat krijgen.

Dit moest nog eens ondergaan worden en dan helemaal afgesloten van wat dan ook. Geen afleiding maar complete overgave aan deze intrigerende muziek.
En ja hoor Louisa's Bolero klonk nu nog spannender: kolkend, bruisend, als een donkere inktzwarte lucht die komt opzetten om ons vervolgens te overladen met een stortbui en na afloop te doen alsof er niets aan de hand is terwijl je alles nog hoort nadruppelen. Natuurgeweld verpakt in muziek. Lisa kan het.
Als Tom Waits wat knapper geweest was, vrouw en viool speelde dan had Low Man's Land van hem kunnen zijn. Stompend zonder te grommen en toch zeker wel keihard binnenkomen. Theatraal fladderend horen we er dan een engeltje doorheen zweven die de boel bij elkaar houdt. Ome Tom groots? Dan Lisa ook!
Into the Foam is gruizig en heeft scherpe randjes in een donker, haast jazzy nummer. De viool klinkt spookachtig en geeft het geheel iets om van te huiveren maar laten het nu juist angstaanjagende dingen zijn die vaak zo aantrekken. De sirene lokt ons allen. DAAU doet mee op dit album en ik heb op dit moment nog geen idee op welke nummers maar het lijkt me duidelijk dat dit er eentje is. Geweldig nummer!
Dat dames als Tori Amos of Kate Bush niet vies zijn van wat experiment en waar piano en viool een hoofdrol spelen zal niet onbekend zijn. Lisa Van der Aa doet me op Lou wat aan deze dames denken: experimenteel maar tegelijkertijd ook luchtig speels waardoor het goed behapbaar blijft. Het toont de kracht van dit album: het mag dan een heel bijzondere trip zijn maar tegelijkertijd klinkt alles ook wel weer vertrouwd en zal het nergens echt vervreemden. Je moet wel heel groot zijn om dat voor elkaar te krijgen. Wat een ongelooflijk hoogtepunt alweer; en dat einde...... dat einde!!!!!!!!
PJ Harvey een stoer wijf? Luister maar eens naar Lost Souvenir. Liesa kan er ook wat van en doet dat schijnbaar nonchalant met de meest heldere zang denkbaar en dat met een grommende laag die zwaar rockt.
Sigur Rós staat bekend om het kunnen creëren van langerekte ijzige sferen. Ze hebben er een concurrent uit België bij. Birds in Berlin was vanavond mijn kennismaking, met dank aan user kemm, in het topic 'Maak kennis met 2012'. Een kennismaking was het: het heeft me de hele avond niet los weten te laten. Dit nummer bleef maar door mijn hoofd spoken. Is het omdat het zo goed past bij de ijzige kou die ons land zo in de greep heeft op dit moment? Het zou kunnen. Wel is het zo dat dit nummer na ruim 3 minuten opeens een omwenteling krijgt waarin Liesa probeert de kou te verdrijven met een warme gloed. Dat lukt zeker maar tegelijkertijd blijft de kou hangen en schept het een vreemd soort afstand tussen luisteraar en muzikant. Heel knap want buiten Sigur Rós ken ik er niet veel die dat zo goed kunnen. Wat een magistrale trip is dit weer. Eigenlijk is het allemaal zo overweldigend dat je een adempauze zou moeten nemen om jezelf even wat rust te gunnen maar die rust wil je helemaal niet: altijd weer benieuwd naar wat komen gaat.
Er zijn al aardig wat bekende namen ter vergelijk langsgekomen maar laat ik duidelijk stellen dat deze alleen maar dienen om een beetje een indruk te krijgen. Deze artieste staat wat mij betreft compleet op zichzelf. Zo denk ik bij Our Place aan de sfeer die Nick Cave ook weet te scheppen. Dreigende (of zijn het nu deinende?!) violen die dansen rondom een donker en simpel piano-thema. Het geeft een unheimisch gevoel maar is wel degelijk bloedstollend mooi.
My Love is het kortste nummer op Troops. Kort maar krachtig gaat zeker op in dit geval. Haast hypnotiserend gaat van der Aa te werk: simpel maar doeltreffend een mooie brug vormend naar het volgende nummer Visitor genaamd. Hier keert de 'gekkigheid' terug. Speels en dartelend d.m.v. samenzang krijgen we een aanstekelijk nummer voorgeschoteld dat onderbroken wordt door wat gehoest en gesnuif vanuit het toilet (?) met op de achtergrond het feestje dat maar doorgaat. Na de opfrisbeurt gaat de deur weer open en bevinden we ons weer middenin het feestje waar niet iedereen even helder meer blijkt te zijn.
Toch hebben we het titelnummer Troops nog tegoed; een prachtig sfeervol nummer in de sfeer waar ik toch altijd weer van hou: Nick Cave vermengd met toch wel een klein beetje het geluid dat ik ken van Marc Almond's 'Mother Fist' album en ja dan zit je al snel goed bij mij. Een betere afsluiter dan dit kon ik niet wensen.
Wat een overweldigende ervaring was dit toch. Wat een ontdekking. Ik ben in heel korte tijd enorm verliefd geworden op dit album. Een bestelling was dan ook makkelijk en snel de deur uit (Ik wil nog steeds albums op cd in bezit hebben) en ik kijk al uit naar het moment dat dit de cd-speler in kan met vele vele draaibeurten waar ik ongetwijfeld nog veel hoop te ontdekken want daar leent deze muziek zich perfect voor.
Absoluut geen 'moeilijk album'. Overtuig jezelf als je nog je bedenkingen hebt of als je vindt dat ik veel te lang van stof ben: Troops | Liesa Van der Aa - liesavanderaa.bandcamp.com.
Wie weet wat het vervolg gaat zijn voor dit album want ik sluit niet uit dat dit ooit de volle mep van 5* gaat krijgen.

Liesbeth List - Verloren en Gewonnen (2009)

3,0
0
geplaatst: 25 november 2009, 15:36 uur
Van Liesbeth List ken ik alleen haar werk met Ramses Shaffy en dat bevalt me regelmatig zeer goed: franse chansons he..... doet het altijd wel lekker bij mij.
Ik had geen idee wat ik hier van moest verwachten. Na de toch wat lichte teleurstelling over de eerste cd in het nederlands gezongen door Ellen ten Damme was ik nu al wat meer op mijn hoede. Zou de grande dame me beter weten te raken?
Het antwoord is ja en nee. Ik ben gecharmeerd van haar stem, de nummers zitten prima in elkaar maar tegelijkertijd is het ook allemaal wel erg gewoontjes en zelfs saai. Tekstueel gezien erger ik me hier niet zoals bij ten Damme (ik maak de vergelijking doordat ik deze twee albums kort achter elkaar heb leren kennen).
Ik mis echt de spanning: het is zo ongelooflijk radio 2-veilig. Waar een Boudewijn de Groot me altijd wel weet te verrassen of raken daar is dit net wat te veel kraak noch smaak en ik had deze dame meer gegund dan dat. Haar oude werk met Shaffy toont immers ook aan dat ze er toe in staat is.
Dit is leuk voor als oma op visite komt en je dan iets hebt wat je op de achtergrond voort kan laten kabbelen en het is altijd nog beter dan Frankse of Guus waar oma vast ook wel dol op zal zijn.
Toch kan ik het niet over mijn hart verkrijgen dit als onvoldoende te bestempelen (ik draai op z'n tijd ook wel graag Paul de Leeuw en daar doet het soms wel wat aan denken qua composities).
De mooi stem van List redt de boel aardig en ach, soms is het lekker om niet te veel te hoeven nadenken bij muziek en dan is dit album eigenlijk best mooi om naar te luisteren. De gastartiesten zijn leuke toevoegingen (zo zingt Frank Boeijen mee op de cover van zijn eigen nummer en mag Ramses Shaffy een 'gesproken woord' meedoen).
Volgende keer wat meer pit en ik word fan (of heeft ze al van dat soort albums en kan iemand mij die dan aanraden?).
Ik had geen idee wat ik hier van moest verwachten. Na de toch wat lichte teleurstelling over de eerste cd in het nederlands gezongen door Ellen ten Damme was ik nu al wat meer op mijn hoede. Zou de grande dame me beter weten te raken?
Het antwoord is ja en nee. Ik ben gecharmeerd van haar stem, de nummers zitten prima in elkaar maar tegelijkertijd is het ook allemaal wel erg gewoontjes en zelfs saai. Tekstueel gezien erger ik me hier niet zoals bij ten Damme (ik maak de vergelijking doordat ik deze twee albums kort achter elkaar heb leren kennen).
Ik mis echt de spanning: het is zo ongelooflijk radio 2-veilig. Waar een Boudewijn de Groot me altijd wel weet te verrassen of raken daar is dit net wat te veel kraak noch smaak en ik had deze dame meer gegund dan dat. Haar oude werk met Shaffy toont immers ook aan dat ze er toe in staat is.
Dit is leuk voor als oma op visite komt en je dan iets hebt wat je op de achtergrond voort kan laten kabbelen en het is altijd nog beter dan Frankse of Guus waar oma vast ook wel dol op zal zijn.
Toch kan ik het niet over mijn hart verkrijgen dit als onvoldoende te bestempelen (ik draai op z'n tijd ook wel graag Paul de Leeuw en daar doet het soms wel wat aan denken qua composities).
De mooi stem van List redt de boel aardig en ach, soms is het lekker om niet te veel te hoeven nadenken bij muziek en dan is dit album eigenlijk best mooi om naar te luisteren. De gastartiesten zijn leuke toevoegingen (zo zingt Frank Boeijen mee op de cover van zijn eigen nummer en mag Ramses Shaffy een 'gesproken woord' meedoen).
Volgende keer wat meer pit en ik word fan (of heeft ze al van dat soort albums en kan iemand mij die dan aanraden?).
Lilian Hak - Lust Guns & Dust (2013)

4,0
0
geplaatst: 4 februari 2013, 00:11 uur
Lilian Hak leerde ik kennen met haar vorige album Old Powder New Guns. En ineens is daar een nieuwe die je rustig als concept album kunt bestempelen.
De spaghetti-western staat centraal: verwacht dus een hoop toeters en bellen en een sound die zo in een Tarantino-soundtrack terecht zou kunnen komen.
Niet alles is western dat de klok slaat, daarvoor is Hak te veelzijdig. Verrassend is ook de samenwerking met Ozark Henry die met zijn stemgeluid toch weer een andere twist aan dit album geeft.
Overigens doet er nog een gast mee in de vorm van Fay Lovsky die mondharp speelt in You Kept Me waiting.
Ik hou van deze dramatiek zoals we te horen krijgen op Lust Gubs & Dust. Hak speelt de femme fatale met verve en dat mag in ons kikkerlandje best geprezen worden.
Weg met alle nuchterheid: lekker dit album draaien!
De spaghetti-western staat centraal: verwacht dus een hoop toeters en bellen en een sound die zo in een Tarantino-soundtrack terecht zou kunnen komen.
Niet alles is western dat de klok slaat, daarvoor is Hak te veelzijdig. Verrassend is ook de samenwerking met Ozark Henry die met zijn stemgeluid toch weer een andere twist aan dit album geeft.
Overigens doet er nog een gast mee in de vorm van Fay Lovsky die mondharp speelt in You Kept Me waiting.
Ik hou van deze dramatiek zoals we te horen krijgen op Lust Gubs & Dust. Hak speelt de femme fatale met verve en dat mag in ons kikkerlandje best geprezen worden.
Weg met alle nuchterheid: lekker dit album draaien!
Lilian Hak - Old Powder New Guns (2010)

4,0
0
geplaatst: 11 oktober 2010, 23:05 uur
Na Caro Emerald zou ook Lilian Hak zomaar eens kunnen scoren met muziek die voorzien is van een nostalgisch randje (lees jazzy pop).
Toch is Old Powder New Guns net even wat spannender: meer kleine twists en broeieriger. Ik zal niet zeggen beter, want Emerald is binnen haar soort ook zo slecht nog niet en petje af voor haar succes.
Een succes dat Hak niet snel zal evenaren denk ik maar dat is niet erg. Ik ben blij dat er momenteel aardige muziek van eigen bodem komt. Dat het vervolgens goed weet te scoren door programma's als DWDD is dan meegenomen (tenzij je heel erg vies bent van albums die een groter publiek weten te bereiken maar dat vind ik altijd enorme flauwekul: goed is goed).
Old Powder New Guns heeft iets filmisch in zich en doet daardoor ergens een beetje denken aan Hooverphonic of Portishead ondanks het feit dat dit niet helemaal te vergelijken valt qua stijl. Het is meer de 'feel', de ' vibe' die het uistraalt, ongetwijfeld mede dankzij de elfkoppige band die haar hier begeleidt. En ja, dat is een enorm compliment aan zowel de band als zangeres Lilian Hak zelf.
Wat ik erg knap vind aan dit album is dat de sfeer dan weliswaar oud is, er nergens een spruitjesgeur aan hangt. Dit knalt op geheel eigen wijze. Het zijn vooral de strijkers die net even die aparte sfeer meegeven waardoor het album met beide benen in twee verschillende tijden staat. Heden en verleden mengen perfect. Dit zal ongetwijfeld ook wel komen door de manier van samplen.
Als je Gone With the Wind hoort dan is het toch echt alsof je op een gure nederlandse winteravond 's avonds laat over straat dwaalt...........
Nee, Old Powder New Guns is gewoon on-nederlands goed.
He, getverdemme, laten we daar maar eens mee stoppen zeg.
Opnieuw: Old Powder New Guns is een fantastisch album van eigen bodem en daar gaan we gewoon eens lekker trots op wezen!
Luisteren dus.
O ja, u moet de groeten van Hak hebben
Toch is Old Powder New Guns net even wat spannender: meer kleine twists en broeieriger. Ik zal niet zeggen beter, want Emerald is binnen haar soort ook zo slecht nog niet en petje af voor haar succes.
Een succes dat Hak niet snel zal evenaren denk ik maar dat is niet erg. Ik ben blij dat er momenteel aardige muziek van eigen bodem komt. Dat het vervolgens goed weet te scoren door programma's als DWDD is dan meegenomen (tenzij je heel erg vies bent van albums die een groter publiek weten te bereiken maar dat vind ik altijd enorme flauwekul: goed is goed).
Old Powder New Guns heeft iets filmisch in zich en doet daardoor ergens een beetje denken aan Hooverphonic of Portishead ondanks het feit dat dit niet helemaal te vergelijken valt qua stijl. Het is meer de 'feel', de ' vibe' die het uistraalt, ongetwijfeld mede dankzij de elfkoppige band die haar hier begeleidt. En ja, dat is een enorm compliment aan zowel de band als zangeres Lilian Hak zelf.
Wat ik erg knap vind aan dit album is dat de sfeer dan weliswaar oud is, er nergens een spruitjesgeur aan hangt. Dit knalt op geheel eigen wijze. Het zijn vooral de strijkers die net even die aparte sfeer meegeven waardoor het album met beide benen in twee verschillende tijden staat. Heden en verleden mengen perfect. Dit zal ongetwijfeld ook wel komen door de manier van samplen.
Als je Gone With the Wind hoort dan is het toch echt alsof je op een gure nederlandse winteravond 's avonds laat over straat dwaalt...........
Nee, Old Powder New Guns is gewoon on-nederlands goed.
He, getverdemme, laten we daar maar eens mee stoppen zeg.
Opnieuw: Old Powder New Guns is een fantastisch album van eigen bodem en daar gaan we gewoon eens lekker trots op wezen!
Luisteren dus.
O ja, u moet de groeten van Hak hebben

Linda Thompson - Versatile Heart (2007)

4,0
0
geplaatst: 17 december 2008, 23:29 uur
Ook al is Antony wederom van de partij als gastvocalist dan is dat voor mij een zeer goede reden om eens te luisteren of het wat is.
Het album opent met het instrumentale door zoon Teddy geschreven en gespeelde Stay Bright. En dan zien we al snel dat het cirkeltje snel rond zal zijn, want Teddy Thompson is goed bevriend met Rufus en Martha Wainwright en Rufus weer met Antony.
Versatile Heart is een heerlijk nummer geschreven door Teddy die ook de gitaarpartij voor zijn rekening neemt.
The Way I Love You is typisch Linda Thompson: heerlijk melancholiek. Zeer geschikt voor de grauwe dagen die ons regelmatig teisteren in de donkere decembermaand. Beetje mist er bij en het beeld is compleet. Teddy Thompson speelt hier piano en gitaar en op de achtergrond horen we Martha Wainwright meezingen.
En dan dus het nummer waarop Antony meedoet genaamd Beauty (en dat is het). Het is gelijk een hoogtepunt van het album. De rol van Antony is nog redelijk bescheiden. Linda neemt hier voldoende ruimte om zichzelf het nummer toe te eigenen. Rufus Wainwright heeft het geschreven en dat is ook wel een beetje te horen aan de barokke invloeden hierop. Veel strijkers en een zweverige sfeer.
Katy Cruel is een traditionele folksong en dat is ook wel te horen. Daardoor is het zeker geen minder nummer. Integendeel. Mooie, harmonieuze samenzang (allemaal Linda zelf) is ons deel.
Nice Cars is geschreven door Kamila Thompson die we ook horen zingen. Misschien heel vreemd maar hier denk ik me telkens de stem van Marianne Faithfull bij in. Ze zou het zo kunnen zingen met haar rauwe stem en dan zal het nummer ongetwijfeld anders klinken dan nu maar het zou dus best passen. Gelukkig is Linda Thompson ook een geweldige zangeres waardoor dit een mooi nummer is.
Met de country-folk van Do Your Best for Rock 'N Roll heb ik iets minder. Teddy Thompson schrijft wel vaker van dit soort nummers en dat zorgt er voor dat ik de man toch altijd net even een slag minder vind dan zijn bevriende collega's als zijnde de Wainwright familie.
Day after Tomorrow is een nummer van Tom Waits en Kathleen Brennan. Tom Waits horen we hier niet meedoen. Ondanks dat zijn gegrom dus afwezig blijft en vervangen is door de engelenzang van Thompson herken je toch wel het stijltje van Waits op dit uiterst sobere nummer. Maar ik geef toe: het is dat ik dat wist
Op Blue & Gold is Richard Thompson vertegenwoordigd als schrijver van de tekst (samen met Linda), zoon Teddy is verantwoordelijk voor de muzikale inkleuring. Het is een allercharmanst folknummer waar de zon spontaan door het grauwe wolkendek door gaat breken.
Give Me a Sad Song is wederom wat meer country-folk. Hierop horen we Teddy wat duidelijker aanwezig omdat hij de gastvocalen verzorgt. Normaal gesproken zou dat een pré moeten zijn maar met dit nummer heb ik toch net even wat minder. Niet slecht, maar het raakt me een heel stuk minder dan veel andere nummers op dit album.
Go Home is door z'n pure eenvoud gewoon een mooi nummer. Zang en akoestische gitaar (Larry Campbell): dat kan al genoeg zijn voor ruim 4 minuten genieten.
Whiskey, Bob Copper and Me is een fijn nummer dat me doet afdwalen naar dat schitterende album met Richard Thompson I Want to See the Bright Lights Tonight.
Als slotakkoord krijgen we nog een moppie strijkers voor onze kiezen (Stay Bright) en dat vind ik altijd wel prettig.
Al met al een uitstekend album van Linda Thompson waar het hoogtepunt gevormd wordt door de samenwerking met twee van mijn grootste muzikale helden van dit moment: Antony en Rufus.
Dank u heren, maar vooral dank u Linda Thompson voor dit mooie werk.
Het album opent met het instrumentale door zoon Teddy geschreven en gespeelde Stay Bright. En dan zien we al snel dat het cirkeltje snel rond zal zijn, want Teddy Thompson is goed bevriend met Rufus en Martha Wainwright en Rufus weer met Antony.
Versatile Heart is een heerlijk nummer geschreven door Teddy die ook de gitaarpartij voor zijn rekening neemt.
The Way I Love You is typisch Linda Thompson: heerlijk melancholiek. Zeer geschikt voor de grauwe dagen die ons regelmatig teisteren in de donkere decembermaand. Beetje mist er bij en het beeld is compleet. Teddy Thompson speelt hier piano en gitaar en op de achtergrond horen we Martha Wainwright meezingen.
En dan dus het nummer waarop Antony meedoet genaamd Beauty (en dat is het). Het is gelijk een hoogtepunt van het album. De rol van Antony is nog redelijk bescheiden. Linda neemt hier voldoende ruimte om zichzelf het nummer toe te eigenen. Rufus Wainwright heeft het geschreven en dat is ook wel een beetje te horen aan de barokke invloeden hierop. Veel strijkers en een zweverige sfeer.
Katy Cruel is een traditionele folksong en dat is ook wel te horen. Daardoor is het zeker geen minder nummer. Integendeel. Mooie, harmonieuze samenzang (allemaal Linda zelf) is ons deel.
Nice Cars is geschreven door Kamila Thompson die we ook horen zingen. Misschien heel vreemd maar hier denk ik me telkens de stem van Marianne Faithfull bij in. Ze zou het zo kunnen zingen met haar rauwe stem en dan zal het nummer ongetwijfeld anders klinken dan nu maar het zou dus best passen. Gelukkig is Linda Thompson ook een geweldige zangeres waardoor dit een mooi nummer is.
Met de country-folk van Do Your Best for Rock 'N Roll heb ik iets minder. Teddy Thompson schrijft wel vaker van dit soort nummers en dat zorgt er voor dat ik de man toch altijd net even een slag minder vind dan zijn bevriende collega's als zijnde de Wainwright familie.
Day after Tomorrow is een nummer van Tom Waits en Kathleen Brennan. Tom Waits horen we hier niet meedoen. Ondanks dat zijn gegrom dus afwezig blijft en vervangen is door de engelenzang van Thompson herken je toch wel het stijltje van Waits op dit uiterst sobere nummer. Maar ik geef toe: het is dat ik dat wist

Op Blue & Gold is Richard Thompson vertegenwoordigd als schrijver van de tekst (samen met Linda), zoon Teddy is verantwoordelijk voor de muzikale inkleuring. Het is een allercharmanst folknummer waar de zon spontaan door het grauwe wolkendek door gaat breken.
Give Me a Sad Song is wederom wat meer country-folk. Hierop horen we Teddy wat duidelijker aanwezig omdat hij de gastvocalen verzorgt. Normaal gesproken zou dat een pré moeten zijn maar met dit nummer heb ik toch net even wat minder. Niet slecht, maar het raakt me een heel stuk minder dan veel andere nummers op dit album.
Go Home is door z'n pure eenvoud gewoon een mooi nummer. Zang en akoestische gitaar (Larry Campbell): dat kan al genoeg zijn voor ruim 4 minuten genieten.
Whiskey, Bob Copper and Me is een fijn nummer dat me doet afdwalen naar dat schitterende album met Richard Thompson I Want to See the Bright Lights Tonight.
Als slotakkoord krijgen we nog een moppie strijkers voor onze kiezen (Stay Bright) en dat vind ik altijd wel prettig.
Al met al een uitstekend album van Linda Thompson waar het hoogtepunt gevormd wordt door de samenwerking met twee van mijn grootste muzikale helden van dit moment: Antony en Rufus.
Dank u heren, maar vooral dank u Linda Thompson voor dit mooie werk.
Lindstrøm - Six Cups of Rebel (2012)

3,5
0
geplaatst: 6 januari 2012, 00:30 uur
Met zo'n pompeus begin kan ik alleen maar weer begrijpen dat ik me op een of andere wijze toch telkens weer tot Lindstrøm's muziek aangetrokken voel terwijl het niet helemaal mijn genre is.
No release is één lang gerekt intro lijkt het wel: de opmars voor wat komen gaat. Tromgeroffel want de spanning stijgt. 'dames en heren welkom in circus Lindstrøm' om vervolgens in een funky party terecht te komen met De Javu. Is het raar als ik zeg dat de sfeer die hier neergezet wordt me een beetje doet denken aan die van Underworld? Ik vind die single dus wel degelijk erg lekker en het zorgde ervoor om alweer naar een volledig album van Lindstrøm te luisteren. Lindstrøm is verantwoordelijk voor de vocalen op deze track en net als bij Underworld zijn die wat dunnetjes maar passen ze perfect in het nummer. Een nummer met funky invloeden trouwens wat ook gezegd kan worden voor Magik. Het swingt lekker weg. Een beetje chaotisch en toch strak in banen geleid. Ik hou er van! En dan in hoge versnelling doorstomen naar Quiet Place to Live. Het lijkt haast wel een duizelingwekkende rollercoaster zo snel gaat het allemaal. Dat het nog vrij lange nummers zijn merk je totaal niet.
Vervolgens krijg je even een korte adempauze omdat er nu enkele seconden rust is tussen 2 nummers door en Call Me Anytime heeft even tijd nodig om op gang te komen. Maar na 1 minuut is het alweer gedaan met de rust en slaat de chaos toe. Alles dwarrelt door elkaar heen, alsof alles klaargezet moet worden voor de volgende act die Lindstrøm uiteindelijk weer onder controle krijgt. En met de titeltrack Six Cups of Rebel blijft het tempo moordend. Ook dit is weer zo'n track dat een rockpubliek wel moet aanspreken met die funkende baspartij. Mooi zoals het nummer opeens bijna lijkt stil te vallen tegen het einde maar toch telkens weer opstaat: waggelend maar niet verslagen.
En voor je het weet ben je al bij track 7 genaamd Hina, het langste nummer op dit album met een heerlijk stuiterende sound.
Ja, dit nieuwe album doet het goed bij mij.
No release is één lang gerekt intro lijkt het wel: de opmars voor wat komen gaat. Tromgeroffel want de spanning stijgt. 'dames en heren welkom in circus Lindstrøm' om vervolgens in een funky party terecht te komen met De Javu. Is het raar als ik zeg dat de sfeer die hier neergezet wordt me een beetje doet denken aan die van Underworld? Ik vind die single dus wel degelijk erg lekker en het zorgde ervoor om alweer naar een volledig album van Lindstrøm te luisteren. Lindstrøm is verantwoordelijk voor de vocalen op deze track en net als bij Underworld zijn die wat dunnetjes maar passen ze perfect in het nummer. Een nummer met funky invloeden trouwens wat ook gezegd kan worden voor Magik. Het swingt lekker weg. Een beetje chaotisch en toch strak in banen geleid. Ik hou er van! En dan in hoge versnelling doorstomen naar Quiet Place to Live. Het lijkt haast wel een duizelingwekkende rollercoaster zo snel gaat het allemaal. Dat het nog vrij lange nummers zijn merk je totaal niet.
Vervolgens krijg je even een korte adempauze omdat er nu enkele seconden rust is tussen 2 nummers door en Call Me Anytime heeft even tijd nodig om op gang te komen. Maar na 1 minuut is het alweer gedaan met de rust en slaat de chaos toe. Alles dwarrelt door elkaar heen, alsof alles klaargezet moet worden voor de volgende act die Lindstrøm uiteindelijk weer onder controle krijgt. En met de titeltrack Six Cups of Rebel blijft het tempo moordend. Ook dit is weer zo'n track dat een rockpubliek wel moet aanspreken met die funkende baspartij. Mooi zoals het nummer opeens bijna lijkt stil te vallen tegen het einde maar toch telkens weer opstaat: waggelend maar niet verslagen.
En voor je het weet ben je al bij track 7 genaamd Hina, het langste nummer op dit album met een heerlijk stuiterende sound.
Ja, dit nieuwe album doet het goed bij mij.
Lisa Gerrard - The Black Opal (2009)

4,0
1
geplaatst: 14 november 2009, 12:16 uur
Lisa Gerrard maakt muziek die ik niet makkelijk 1-2-3 opzet. Ik moet er echt voor in de stemming zijn en zelfs dan overkomt het me vaak dat ik een cd halverwege al weer afzet of het nu een soloproject is of Dead Can Dance.
Dat klinkt raar uit de mond van iemand die er wel degelijk regelmatig hoge scores aan geeft.
Aan de andere kant is het zo raar nog niet: Gerrard levert zware kost af die donker overkomt en je niet in een vrolijke huppelstemming weet te brengen. Gelijkmatig doseren is dus het geval.
Op dit album werkt ze nauw samen met Michael Edwards alsmede Patrick Cassidy, Pieter Bourke en James Orr en zoals iedereen kan zien is het haar eerste release op haar eigen label Gerrard records.
Niet alles wat ze als solo-artiest of in samenwerking op cd zet bevalt me altijd even goed (Dead Can Dance vormt een uitzondering).
Maar toen ik opener Red Horizon voor het eerst hoorde wisten de magische klanken me weer volledig in haar greep te krijgen. Geen ambient-geneuzel zoals op The Silver Tree in elk geval maar hemelse klanken waar de zang van Gerrard wederom het aangename middelpunt van vormt. The Messenger is dat wat minder maar die moet het vooral van sfeer hebben. Hier is de zang dan ook meer instrument en onderdeel van het geheel dan dat het de hoofdrol opeist. Het lijkt aangenaam weg te kabbelen hier en daar (mede dankzij de electronica) maar ik wil hier wel gelijk achteraan zeggen dat het nummer zich uitstekend leent om in een muzikale roes te geraken.
Tell It from the Mountain kent wel het etherische van Dead Can Dance zoals te horen op hun album Spirit Chaser: een hoop wereldklanken vermengd met het donkere kenmerkende geluid dus.
In Search of Lost Innocence doet me denken aan de doomy sfeer zoals die te horen was op Immortal Memory, nog steeds een zeer geliefde cd in huize aERo.
Ook The Crossing is vooral een sferisch nummer te noemen waar de zang als instrument wordt ingezet. Wereldse klanken zijn ons deel maar tegelijkertijd horen we een naargeestig en angstaanjagende ondertoon die maar moeilijk los te laten valt.
Met zijn kleine 3 minuten in elk geval kort maar krachtig.
Redemption daarentegen is het langste nummer van de cd met z'n ruime 8 minuten. Acht minuten lang triestigheid alsof we terecht zijn gekomen in een door woesternij vernietigd landschap waar een enorme desolaatheid slechts je deel kan zijn. Vrolijk word je hier niet van. Lisa Gerrard-kenners weten denk ik wel waar ik het over heb: ze heeft meer van dit soort werken (wederom denk ik hier aan nummers van Immortal Memory). Hier is het natuurlijk mooi om de titel er als vergelijk bij te halen: opaal kan ook een behoorlijk donkere steen zijn en dat straalt dit nummer volledig uit. Ze heeft het niet voor niets over de donkere variant er van.
Een schitterend nummer in al zijn somberheid!
Hoe anders komt The Serpent & the Dove op mij over: alsof de lucht klaart en er hoop in doorklinkt. Lisa zet haar stem ook anders in: haast transparant in tegenstellling tot het soms opgezwollen, klassieke geluid dat ze meestal laat horen. Licht en helder onder begeleiding van een akoestische gitaar en rondfladderende celli of viool.
Deze stijl bevalt me eigenlijk wel: het laat de veelzijdigheid van haar vocalen goed horen (Lisa kan zich ook inhouden). Dit is wel een favoriet van mij.
Ook op Black Forest zet ze haar stem anders in. Dit doet me qua sfeer zelfs een beetje denken aan het debuut van Goldfrapp. Ook het lijzige van Beth Gibbons (Portishead) hoor ik in de verte terug en dat gaat idem voor de sfeer er van op.
Wederom een nummer dat het erg goed bij mij doet. Misschien omdat het me weet te verrassen en ik een kant van haar hoor waar ik nog niet zo bekend mee was.
Is All Along the Watchtower hét nummer? Jazeker, dit is het nummer van Bob Dylan, ook onsterfelijk gemaakt door Jimi Hendrix.
Jimi heeft het nummer wat mij betreft tot grote hoogte weten te brengen en het origineel doen vergeten en dat is iets wat Gerrard minder doet. Het is een mooie versie geworden maar ook niet meer dan dat. Verheffend is het zeker niet: een lekker triphop-achtig nummer misschien wel. Prima ritme, prima sferische ondersteuning van strijkers en daarmee doet het me wederom denken aan de hoek Portishead, Goldfrapp e.d., niet bepaald namen waar je gelijk aan denkt als je het over Lisa Gerrard hebt.
Ik moet zeggen dat ik het niet erg vind. Het houdt het album luchtig en afwisselend zonder dat het goedkoop gaat worden (alhoewel ik me kan voorstellen dat zware Gerrard-addicten dit twijfelachtiger zullen vinden).
Fijn voor die addicten om te kunnen zeggen dat Solace dan weer de donkere kant laat horen met die galmende klanken. Misschien ietwat meer van hetzelfde maar daardoor niet minder lekker en zeker na de afwisseling op dit album eigenlijk heel goed te behappen allemaal. Een kleine flits van de film Gladiator doemt ook weer even op en ik kan weer voort.
Natuurgeluiden starten The Maharaja en de akoestische gitaar wordt weer omgegespt. Lisa past haar vocalen hier gelijk op aan en zo blijkt maar weer dat ze er echt veel mee kan. Ze zet haar stem hier echt op andere wijze in. Het heeft iets rokerigs, iets nachtclub-achtigs maar uiteindelijk absoluut ook weer niet, en dat komt door het gebruik van de strijkers en de galm die in het nummer verwerkt is. Qua sfeer moest ik gelijk denken aan die hier op de site onbekende Katarina Kovac (en ja, het is ongetwijfeld eerder andersom dat Katarina Lisa Gerrard als invloed heeft maar dat terzijde: ga haar ontdekken via last.fm zou ik zeggen). Natuurgeluiden luiden het nummer weer gepast uit.
Sleep is de afsluiter van The Black Opal en sluit naadloos aan op het vorige nummer. Gerrard behoudt dezelfde manier van zingen onder begeleiding van piano en daarmee weet ze me weer heel goed te pakken op een manier die ze nooit eerder gedaan heeft. Zo ken ik haar niet. Ik ken de zangeres die we ook op dit album af en toe te horen krijgen: haast klassiek getint, voluit en soms lekker galmend. Hier hoor ik heel wat anders: ingetogen, jazzy maar vooral heel erg boeiend.
Een schitterend einde van een uitermate boeiende cd. The Black Opal kwam voor mij als een kleine verrassing omdat ik de bewegingen van deze zangeres niet nauwgezet volg. Ik had geen idee dat er wat nieuws aan zat te komen en als dan blijkt dat dit een veelzijdig album is waar ik niets geforceerds hoor (wat soms toch wel een beetje bij haar hoort) dan kan ik alleen maar zeggen dat ik hier dolgelukkig mee ben en kan vaststellen dat Lisa Gerrard er wat mij betreft nog steeds toe doet. Met The Black Opal weet ze mij in elk geval stevig tegen zich aan te drukken.
Dat klinkt raar uit de mond van iemand die er wel degelijk regelmatig hoge scores aan geeft.
Aan de andere kant is het zo raar nog niet: Gerrard levert zware kost af die donker overkomt en je niet in een vrolijke huppelstemming weet te brengen. Gelijkmatig doseren is dus het geval.
Op dit album werkt ze nauw samen met Michael Edwards alsmede Patrick Cassidy, Pieter Bourke en James Orr en zoals iedereen kan zien is het haar eerste release op haar eigen label Gerrard records.
Niet alles wat ze als solo-artiest of in samenwerking op cd zet bevalt me altijd even goed (Dead Can Dance vormt een uitzondering).
Maar toen ik opener Red Horizon voor het eerst hoorde wisten de magische klanken me weer volledig in haar greep te krijgen. Geen ambient-geneuzel zoals op The Silver Tree in elk geval maar hemelse klanken waar de zang van Gerrard wederom het aangename middelpunt van vormt. The Messenger is dat wat minder maar die moet het vooral van sfeer hebben. Hier is de zang dan ook meer instrument en onderdeel van het geheel dan dat het de hoofdrol opeist. Het lijkt aangenaam weg te kabbelen hier en daar (mede dankzij de electronica) maar ik wil hier wel gelijk achteraan zeggen dat het nummer zich uitstekend leent om in een muzikale roes te geraken.
Tell It from the Mountain kent wel het etherische van Dead Can Dance zoals te horen op hun album Spirit Chaser: een hoop wereldklanken vermengd met het donkere kenmerkende geluid dus.
In Search of Lost Innocence doet me denken aan de doomy sfeer zoals die te horen was op Immortal Memory, nog steeds een zeer geliefde cd in huize aERo.
Ook The Crossing is vooral een sferisch nummer te noemen waar de zang als instrument wordt ingezet. Wereldse klanken zijn ons deel maar tegelijkertijd horen we een naargeestig en angstaanjagende ondertoon die maar moeilijk los te laten valt.
Met zijn kleine 3 minuten in elk geval kort maar krachtig.
Redemption daarentegen is het langste nummer van de cd met z'n ruime 8 minuten. Acht minuten lang triestigheid alsof we terecht zijn gekomen in een door woesternij vernietigd landschap waar een enorme desolaatheid slechts je deel kan zijn. Vrolijk word je hier niet van. Lisa Gerrard-kenners weten denk ik wel waar ik het over heb: ze heeft meer van dit soort werken (wederom denk ik hier aan nummers van Immortal Memory). Hier is het natuurlijk mooi om de titel er als vergelijk bij te halen: opaal kan ook een behoorlijk donkere steen zijn en dat straalt dit nummer volledig uit. Ze heeft het niet voor niets over de donkere variant er van.
Een schitterend nummer in al zijn somberheid!
Hoe anders komt The Serpent & the Dove op mij over: alsof de lucht klaart en er hoop in doorklinkt. Lisa zet haar stem ook anders in: haast transparant in tegenstellling tot het soms opgezwollen, klassieke geluid dat ze meestal laat horen. Licht en helder onder begeleiding van een akoestische gitaar en rondfladderende celli of viool.
Deze stijl bevalt me eigenlijk wel: het laat de veelzijdigheid van haar vocalen goed horen (Lisa kan zich ook inhouden). Dit is wel een favoriet van mij.
Ook op Black Forest zet ze haar stem anders in. Dit doet me qua sfeer zelfs een beetje denken aan het debuut van Goldfrapp. Ook het lijzige van Beth Gibbons (Portishead) hoor ik in de verte terug en dat gaat idem voor de sfeer er van op.
Wederom een nummer dat het erg goed bij mij doet. Misschien omdat het me weet te verrassen en ik een kant van haar hoor waar ik nog niet zo bekend mee was.
Is All Along the Watchtower hét nummer? Jazeker, dit is het nummer van Bob Dylan, ook onsterfelijk gemaakt door Jimi Hendrix.
Jimi heeft het nummer wat mij betreft tot grote hoogte weten te brengen en het origineel doen vergeten en dat is iets wat Gerrard minder doet. Het is een mooie versie geworden maar ook niet meer dan dat. Verheffend is het zeker niet: een lekker triphop-achtig nummer misschien wel. Prima ritme, prima sferische ondersteuning van strijkers en daarmee doet het me wederom denken aan de hoek Portishead, Goldfrapp e.d., niet bepaald namen waar je gelijk aan denkt als je het over Lisa Gerrard hebt.
Ik moet zeggen dat ik het niet erg vind. Het houdt het album luchtig en afwisselend zonder dat het goedkoop gaat worden (alhoewel ik me kan voorstellen dat zware Gerrard-addicten dit twijfelachtiger zullen vinden).
Fijn voor die addicten om te kunnen zeggen dat Solace dan weer de donkere kant laat horen met die galmende klanken. Misschien ietwat meer van hetzelfde maar daardoor niet minder lekker en zeker na de afwisseling op dit album eigenlijk heel goed te behappen allemaal. Een kleine flits van de film Gladiator doemt ook weer even op en ik kan weer voort.
Natuurgeluiden starten The Maharaja en de akoestische gitaar wordt weer omgegespt. Lisa past haar vocalen hier gelijk op aan en zo blijkt maar weer dat ze er echt veel mee kan. Ze zet haar stem hier echt op andere wijze in. Het heeft iets rokerigs, iets nachtclub-achtigs maar uiteindelijk absoluut ook weer niet, en dat komt door het gebruik van de strijkers en de galm die in het nummer verwerkt is. Qua sfeer moest ik gelijk denken aan die hier op de site onbekende Katarina Kovac (en ja, het is ongetwijfeld eerder andersom dat Katarina Lisa Gerrard als invloed heeft maar dat terzijde: ga haar ontdekken via last.fm zou ik zeggen). Natuurgeluiden luiden het nummer weer gepast uit.
Sleep is de afsluiter van The Black Opal en sluit naadloos aan op het vorige nummer. Gerrard behoudt dezelfde manier van zingen onder begeleiding van piano en daarmee weet ze me weer heel goed te pakken op een manier die ze nooit eerder gedaan heeft. Zo ken ik haar niet. Ik ken de zangeres die we ook op dit album af en toe te horen krijgen: haast klassiek getint, voluit en soms lekker galmend. Hier hoor ik heel wat anders: ingetogen, jazzy maar vooral heel erg boeiend.
Een schitterend einde van een uitermate boeiende cd. The Black Opal kwam voor mij als een kleine verrassing omdat ik de bewegingen van deze zangeres niet nauwgezet volg. Ik had geen idee dat er wat nieuws aan zat te komen en als dan blijkt dat dit een veelzijdig album is waar ik niets geforceerds hoor (wat soms toch wel een beetje bij haar hoort) dan kan ik alleen maar zeggen dat ik hier dolgelukkig mee ben en kan vaststellen dat Lisa Gerrard er wat mij betreft nog steeds toe doet. Met The Black Opal weet ze mij in elk geval stevig tegen zich aan te drukken.
Lisa Gerrard & Marcello de Francisci - Departum (2010)

4,0
0
geplaatst: 24 juli 2010, 11:10 uur
Lisa blijft betoveren en doet dat nu ook weer. Verrassen is een ander ding. Dit album in samenwerking met Marcello De Francisci komt regelmatig behoorlijk 'toegankelijk' over. Uiteraard moet je dit in persepectief zien want het werk van deze zangeres is nooit echt enorm toegankelijk.
De instrumentatie is mooi en ik geniet weer volop met toch een kleine kanttekening: een paar nummers komen wat schetsmatig over op mij, alsof het niet helemaal af is. Ik mis op zulke momenten een beetje 'diepte' lijkt het wel.
De meeste nummers duren dan ook niet erg lang waardoor het telkens korte brokjes lijken en daardoor misschien dat gevoel van mij. Wie weet trekt dit nog wel bij want er staan weer verdomd mooie dingen tussen.
Het 'luchtigere' vind ik dan ook wel weer eens lekker, en wat doet Cor Nobilis - "The Gentle Ones" me toch denken aan haar Gladiator-soundtrack bijdrage: schitterend!
Gewoon een prima nieuw werk in de langer wordende rij en daar is niks mis mee. Een echt meesterwerk volgt vast wel weer een keer. Ik word van Departum toch wel gelukkig want Lisa blijkt nog steeds in staat om mij onder te dompelen in muzikaal geluk
edit: vergelijkend met voorgaand werk toch de conclusie dat er een halfje bij hoort.
De instrumentatie is mooi en ik geniet weer volop met toch een kleine kanttekening: een paar nummers komen wat schetsmatig over op mij, alsof het niet helemaal af is. Ik mis op zulke momenten een beetje 'diepte' lijkt het wel.
De meeste nummers duren dan ook niet erg lang waardoor het telkens korte brokjes lijken en daardoor misschien dat gevoel van mij. Wie weet trekt dit nog wel bij want er staan weer verdomd mooie dingen tussen.
Het 'luchtigere' vind ik dan ook wel weer eens lekker, en wat doet Cor Nobilis - "The Gentle Ones" me toch denken aan haar Gladiator-soundtrack bijdrage: schitterend!
Gewoon een prima nieuw werk in de langer wordende rij en daar is niks mis mee. Een echt meesterwerk volgt vast wel weer een keer. Ik word van Departum toch wel gelukkig want Lisa blijkt nog steeds in staat om mij onder te dompelen in muzikaal geluk

edit: vergelijkend met voorgaand werk toch de conclusie dat er een halfje bij hoort.
Lisa Lois - Smoke (2009)

3,0
0
geplaatst: 27 november 2009, 23:14 uur
Dat het geen album zou worden met spannende of scherpe randjes had ik ook niet verwacht en dat is het dus ook niet.
Maar wat moet aERo met Lisa Lois? Heel simpel: ik volgde het hele programma waar ze aan mee deed niet maar toen ik bezoek had van vrienden werd me de finale avond vriendelijk doch dringend gevraagd om de tv aan te zetten want ze wilden weten wie er zou gaan winnen. Groot was mijn verbazing dat de uiteindelijk tweede geworden dame niet geheel onbekend was maar het was toch Lisa die ik aardig vond zingen. Ze had mijn voorkeur, ook al had ik de hele reeks verder niet gezien, en er werd me aangeraden vooral op haar te letten.
Ze won. Hallelujah werd een hit en ik vond het zo slecht nog niet en dat terwijl ik een groot liefhebber ben van Jeff Buckley's versie en nog wat andere versies van andere artiesten (het origineel van Leonard Cohen zelf doet me minder).
En dan dit album waar ik gewoon uit nieuwsgierigheid naar ben gaan luisteren..... het is zoals gezegd niet spannend en geschikt voor de 'massa' wat niet echt erg is. Lisa zingt prima en doet me soms een beetje voorkomen als het minder hysterische zusje van Anastacia. Het probleem wat ik er mee heb is dat het na verloop van tijd een ietwat te grote brei begint te worden voor mij. Ik hoor dat er een prima zangeres bezig is maar verder is het allemaal zo kleurloos. Leuk als achtergrond, niet slecht gedaan, met de hoop op meer in de toekomst. Wie weet.....
Maar wat moet aERo met Lisa Lois? Heel simpel: ik volgde het hele programma waar ze aan mee deed niet maar toen ik bezoek had van vrienden werd me de finale avond vriendelijk doch dringend gevraagd om de tv aan te zetten want ze wilden weten wie er zou gaan winnen. Groot was mijn verbazing dat de uiteindelijk tweede geworden dame niet geheel onbekend was maar het was toch Lisa die ik aardig vond zingen. Ze had mijn voorkeur, ook al had ik de hele reeks verder niet gezien, en er werd me aangeraden vooral op haar te letten.
Ze won. Hallelujah werd een hit en ik vond het zo slecht nog niet en dat terwijl ik een groot liefhebber ben van Jeff Buckley's versie en nog wat andere versies van andere artiesten (het origineel van Leonard Cohen zelf doet me minder).
En dan dit album waar ik gewoon uit nieuwsgierigheid naar ben gaan luisteren..... het is zoals gezegd niet spannend en geschikt voor de 'massa' wat niet echt erg is. Lisa zingt prima en doet me soms een beetje voorkomen als het minder hysterische zusje van Anastacia. Het probleem wat ik er mee heb is dat het na verloop van tijd een ietwat te grote brei begint te worden voor mij. Ik hoor dat er een prima zangeres bezig is maar verder is het allemaal zo kleurloos. Leuk als achtergrond, niet slecht gedaan, met de hoop op meer in de toekomst. Wie weet.....
Little Annie - Songs from the Coal Mine Canary (2006)

4,5
0
geplaatst: 10 december 2007, 19:16 uur
Op de MySpace van Marc Almond zag ik in de vriendenlijst ene Little Annie en zo kwam ik terecht bij deze bijzondere artieste.
Dat klonk goed: theatrale muziek zoals ik dat ook wel herken in Almond of Gavin Friday. Nog meer interesse kreeg ik toen ik zag op welk label het is uitgebracht, nl. Durtro, ook wel bekend van Current 93, ze speelde samen met Baby Dee en als klap op de vuurpijl zag ik dat ene Antony hier pianist is.
Tja...............
Maar is het dan ook wat?
Jazeker: dit album doet me ook denken aan albums van Fiona Apple of Christine Smith. Ik denk zelfs dat liefhebbers van dit soort zangeressen hier nog meer mee kunnen dan die van Antony. Soms hoor ik zelfs het sleazy geluid van Amy Winehouse.
Strange Love heeft dat een beetje en misschien kennen sommigen dit van een Levi's reclame (!).
Het jazzy nummer Diamonds Made Of Glassine doet me dan gelijk weer denken aan de Vlaamse band Dez Mona. Jazz horen we ook terug in afsluiter End is Near.
Cabaret-achtige jazz-nachtclubs, rokerige kroegen en allerhande 'leven-in-de-goot-romantiek'..... het zijn van die inmiddels bekende steekwoorden.
Het stemgeluid van Little Annie, ook wel bekend als Little Annie Anxiety Bandez of Annie Anxiety, is goed te behappen (soms wat pesterig en donker als die van Marianne Faithfull) en muzikaal zit het goed in elkaar en klinkt het redelijk toegankelijk ondanks zijn grillige vormen hier en daar. Dit mede door de heldere productie van Antony Hegarty en Joe Budenholzer.
Ik denk dat veel mensen dit wel eens een zeer goed album zullen gaan vinden (en mocht je Antony niet zien zitten laat je dan zeker niet afschrikken, want zijn pianospel en soms wat lichte, nauwelijks te horen, achtergrondzang is alles wat we van de man op dit album hore).
Kan ik je zo niet overtuigen? Op MySpace staan 3 nummers van dit album plus een pracht-uitvoering van Jacques Brels Ne Me Quitte Pas, If You Go Away, van het nog te verschijnen album When Good Things Happen to Bad Pianos (samen met Paul Wallfisch).
Gloeiende, gloeiende #@$$*** dat ik dit veel te laat ontdekt heb!
Gelukkig haal ik de schade nu ruimschoots in want dat het een verslavende werking op mij heeft is een feit. Deze muziek zit momenteel in al mijn muzikale aderen en het zal er voorlopig niet uit verdwijnen........... lekker hoor
Dat klonk goed: theatrale muziek zoals ik dat ook wel herken in Almond of Gavin Friday. Nog meer interesse kreeg ik toen ik zag op welk label het is uitgebracht, nl. Durtro, ook wel bekend van Current 93, ze speelde samen met Baby Dee en als klap op de vuurpijl zag ik dat ene Antony hier pianist is.
Tja...............
Maar is het dan ook wat?
Jazeker: dit album doet me ook denken aan albums van Fiona Apple of Christine Smith. Ik denk zelfs dat liefhebbers van dit soort zangeressen hier nog meer mee kunnen dan die van Antony. Soms hoor ik zelfs het sleazy geluid van Amy Winehouse.
Strange Love heeft dat een beetje en misschien kennen sommigen dit van een Levi's reclame (!).
Het jazzy nummer Diamonds Made Of Glassine doet me dan gelijk weer denken aan de Vlaamse band Dez Mona. Jazz horen we ook terug in afsluiter End is Near.
Cabaret-achtige jazz-nachtclubs, rokerige kroegen en allerhande 'leven-in-de-goot-romantiek'..... het zijn van die inmiddels bekende steekwoorden.
Het stemgeluid van Little Annie, ook wel bekend als Little Annie Anxiety Bandez of Annie Anxiety, is goed te behappen (soms wat pesterig en donker als die van Marianne Faithfull) en muzikaal zit het goed in elkaar en klinkt het redelijk toegankelijk ondanks zijn grillige vormen hier en daar. Dit mede door de heldere productie van Antony Hegarty en Joe Budenholzer.
Ik denk dat veel mensen dit wel eens een zeer goed album zullen gaan vinden (en mocht je Antony niet zien zitten laat je dan zeker niet afschrikken, want zijn pianospel en soms wat lichte, nauwelijks te horen, achtergrondzang is alles wat we van de man op dit album hore).
Kan ik je zo niet overtuigen? Op MySpace staan 3 nummers van dit album plus een pracht-uitvoering van Jacques Brels Ne Me Quitte Pas, If You Go Away, van het nog te verschijnen album When Good Things Happen to Bad Pianos (samen met Paul Wallfisch).
Gloeiende, gloeiende #@$$*** dat ik dit veel te laat ontdekt heb!
Gelukkig haal ik de schade nu ruimschoots in want dat het een verslavende werking op mij heeft is een feit. Deze muziek zit momenteel in al mijn muzikale aderen en het zal er voorlopig niet uit verdwijnen........... lekker hoor

Little Annie & Baby Dee - State of Grace (2012)

4,5
0
geplaatst: 20 november 2012, 17:48 uur
Na haar twee albums met Paul Wallfisch is Little Annie terug met een nieuwe ‘partner in crime’; niemand minder dan Baby Dee. Twee excentrieke dames die elkaar gevonden hebben op het album State of Grace. Twee dames die ik al tijden volg en enorm waardeer. Dames die zich ook bewegen in een kring met artiesten als Antony, David Tibet (Current 93) en Marc Almond.
Op dit album kunnen we er een bijzondere gastartiest aan toevoegen: Bonnie ‘Prince’ Billy die meedoet op het geweldige nummer State of Grace, tevens albumtitel en wat later op het album terugkeert (maar dan met Baby Dee).
De rol van Baby Dee is net als die van Paul Wallfisch indertijd meer te zien als begeleidend muzikant. Je hoort haar meezingen op het cabareteske Pain Check en ze heeft de lead-vocals op de tweede versie van het nummer State of Grace.
Naast Bonnie ‘Prince’ Billy horen we o.a. ook violist Jordan Hunt van The Hidden Cameras en The Irrepressibles (ook te zien in de videoclip behorend bij het Irrepressibles-nummer Arrow) en Chris Cundy (Guillemots en Cold Specks).
State of Grace laat Little Annie weer in volle glorie schijnen zoals op haar laatste albums met Wallfisch. Liefde, verlies, afscheid nemen en algehele verwarring in deze roerige tijden vormen het thema van dit schitterende album dat ongetwijfeld wel weer alleen terechtkomt bij een selectief clubje liefhebbers. Dat is jammer want we horen hier tien juweeltjes die regelrecht je hart in weten te gaan.
Natuurlijk moet je tegen het krakerige stemgeluid van Little Annie kunnen en het is dat Baby Dee haar mond hier niet veel opentrekt want ook haar stemgeluid is niet altijd even gemakkelijk en toegankelijk voor iedereen.
Ik ervaar weer die rokerige achteraf kroegjes, verlaten cabaret-clubs, alcohol-walm en op dat kleine podium een tengere dame die zingt over het leven zoals het vaak is: mooi in al zijn triestigheid.
State of Grace is zo aan het einde van het jaar een release om je vingers bij af te likken en ik hoop van harte dat ze deze keer meer aandacht weet te genereren dan bij haar vorige albums puur door die ene gastartiest: Bonnie ‘Prince’ Billy.
Liefhebbers van haar samenwerking met Paul Wallfisch kunnen dit ongehoord aanschaffen. Er staat nu slechts een andere naam op de cover: Baby Dee vormt een perfecte nieuwe partner in crime. Om van te houden die twee.
Op dit album kunnen we er een bijzondere gastartiest aan toevoegen: Bonnie ‘Prince’ Billy die meedoet op het geweldige nummer State of Grace, tevens albumtitel en wat later op het album terugkeert (maar dan met Baby Dee).
De rol van Baby Dee is net als die van Paul Wallfisch indertijd meer te zien als begeleidend muzikant. Je hoort haar meezingen op het cabareteske Pain Check en ze heeft de lead-vocals op de tweede versie van het nummer State of Grace.
Naast Bonnie ‘Prince’ Billy horen we o.a. ook violist Jordan Hunt van The Hidden Cameras en The Irrepressibles (ook te zien in de videoclip behorend bij het Irrepressibles-nummer Arrow) en Chris Cundy (Guillemots en Cold Specks).
State of Grace laat Little Annie weer in volle glorie schijnen zoals op haar laatste albums met Wallfisch. Liefde, verlies, afscheid nemen en algehele verwarring in deze roerige tijden vormen het thema van dit schitterende album dat ongetwijfeld wel weer alleen terechtkomt bij een selectief clubje liefhebbers. Dat is jammer want we horen hier tien juweeltjes die regelrecht je hart in weten te gaan.
Natuurlijk moet je tegen het krakerige stemgeluid van Little Annie kunnen en het is dat Baby Dee haar mond hier niet veel opentrekt want ook haar stemgeluid is niet altijd even gemakkelijk en toegankelijk voor iedereen.
Ik ervaar weer die rokerige achteraf kroegjes, verlaten cabaret-clubs, alcohol-walm en op dat kleine podium een tengere dame die zingt over het leven zoals het vaak is: mooi in al zijn triestigheid.
State of Grace is zo aan het einde van het jaar een release om je vingers bij af te likken en ik hoop van harte dat ze deze keer meer aandacht weet te genereren dan bij haar vorige albums puur door die ene gastartiest: Bonnie ‘Prince’ Billy.
Liefhebbers van haar samenwerking met Paul Wallfisch kunnen dit ongehoord aanschaffen. Er staat nu slechts een andere naam op de cover: Baby Dee vormt een perfecte nieuwe partner in crime. Om van te houden die twee.
Little Annie & Paul Wallfisch - Genderful (2010)

4,5
0
geplaatst: 8 april 2010, 20:13 uur
Little Annie aka Annie Anxiety aka Annie Bandez is een excentrieke kunstenares die naast schilderijen ook muziek maakt en dat van zeer uiteenlopende aard.
Haar eerste samenwerking met Paul Wallfisch was het album When Good Things Happen to Bad Pianos dat erg goed aansloeg bij mij (een top 10 notering in 2008).
Het is dus niet zo verbazingwekkend dat ik dit album helemaal zag zitten toen ik erover hoorde. De clip behorende bij Because You're Gone Song wist me alvast weer uitstekend op te warmen dus kom maar op was mijn gedachte!
Helaas bleek er een vertraging te zijn bij platenmaatschappij Southern Records waardoor de cd waarschijnlijk pas komende maandag op de post gaat. Als goedmakertje hadden ze dan wel weer een download beschikbaar van Genderful, het vervolg op haar samenwerking met Paul Wallfisch dat van start gaat met gelijk het langste nummer van dit album genaamd Tomorrow Will Be. Hier horen we een klein beetje invloeden van haar oudere albums terug. Het klinkt vrij lichtvoetig en nauwelijks cabaretesque en zeker niet vergelijkbaar met het vorige album vol covers.
daar brengt Miss Annie Regrets gelijk verandering in, want dit ademt de sfeer van When Good Things Happen to Bad Pianos: een donkere nachtclub met een vaudeville-sfeer. Het nummer duurt helaas wel heel erg kort en voor je het weet verandert vaudeville in jazzy met een paar heerlijke strijkers die het een zwieresque sfeertje meegeven; Suitcase Full of Secrets is heerlijk zwijmelen met je geliefde op de dansvloer en dan wel in stijl uiteraard, want dat heeft dit nummer zelf ook namelijk.
Billy Martin's Requiem is zeker niet het bekende piano-georiënteerde werk dat we van dit duo kennen. Akoestische gitaar is hier dominant met daaroverheen een haast rappende Annie. Hiermee lijkt het haast wel of er een zon-zee-strand sfeertje ontstaat (zou Jack Johnson stiekem meedoen?!). Maar Little Annie is en blijft de excentrieke lady die ze is, en het nummer is stekelig genoeg om je niet aan het strand bij ondergaande zon in te beelden. Wel klinkt het behoorlijk toegankelijk, alleen zal haar stem voor velen een probleem zijn want die is nu eenmaal opvallend en in dit nummer laat ze daar veel kanten van horen. Ook tekstueel gezien een opvallend nummer over Billy Martin, New York Yankees manager (overleden op eerste kerstdag 1989).
In the Bar Womb is dan weer wel een piano-song. Het is toch een sfeertje waar ik vertrouwd mee ben als het gaat om de combinatie Annie-Wallfisch. Het zorgt in elk geval voor een uitstekende afwisseling.
Het nummer duurt niet lang en al snel gaat het over in alweer een door piano gedragen nummer genaamd Because You're Gone Song. Het is een hypnotiserend nummer waar we Wallfisch ook horen zingen op de achtergrond, maar het is Annie die de hoofdrol opeist. Het sfeertje met de strijkers hoor ik ook regelmatig terug bij Frédérique Spigt, en laat dat nu net één van mijn favoriete artiesten van eigen bodem zijn.
We blijven de nachtclubsfeer behouden op Cutesy Bootsies waar ik Litte Annie zo op het podium zie zitten met Paul achter de piano (op YouTube zwerven wat van die livebeelden rond). Lekker nummertje met een uistekende sfeer.
Het lijkt er op dat het duo de piano weer helemaal in ere hersteld heeft want Zexy Zen Like Zage borduurt naadloos voort op de vorige nummers. Het klinkt heel intiem, alsof ze hoogstpersoonlijk en alleen voor jou in je huiskamer staan te spelen.
Carried Away wordt in de promo-praatjes omschreven als 'art-house-cinema-soundtrack glamour' en ik kan me daar wel in vinden. Het nummer heeft wat zwierigs in zich en klinkt minder nachtclub-achtig. Het wist al snel mijn hart te veroveren.
God Song is een onderonsje tussen Little Annie en God. Je zou denken dat we dan met een gedragen nummer te maken hebben, of in elk geval een hoop soberheid op piano, maar niets van dat alles: dit nummer ademt Zuid-Amerika uit. Tropische klanken dus en een dansbaar nummer waar de blazers hun zonnigste kant laten horen. Zo kende ik haar nog niet!
Adrianna is de afsluiting van een ruime 40 minuten Genderful. Het nummer opent eens niet met zang van Little Annie maar ik neem aan die van Paul Wallfisch (heb de cd nog niet in handen, dus kan het nu niet verifiëren). We duiken met dit nummer nog eenmaal de cabaret-nachtclub in en de piano staat weer helemaal centraal.
Het is duidelijk dat dit album toch wel verschilt van de voorganger die vol stond met covers maar dan wel op uitmuntende wijze voorgedragen. Daar was het de piano en de piano alleen die het gezicht bepaalde.
Op Genderful waait het meerdere kanten op en weet het toch allemaal goed binnen een bepaald kader te blijven. Ze zorgen ervoor dat mijn liefde voor deze muziek nog wel even blijft voortduren.
Misschien iets minder hartveroverend dan When Good Things Happen to Bad Pianos (of is de verrassing er gewoon een beetje af?) en niet zo ongelooflijk verpletterend als Songs from the Coalmine Canary (alhoewel ook die tijd nodig had en dat mijn favoriete album uit 2006 werd net voor Real Life van Joan As Police Woman), maar zeker heel erg de moeite waard en tot nu toe zeker behordend tot het betere werk van dit jaar en qua beoordeling doet het er niet voor onder.
En het is het jaartje wel op deze manier: deze nieuwe Little Annie, onlangs een nieuwe Baby Dee, Marc Almond komt in juni met zijn Varieté en Antony schijnt dit najaar met zijn nieuwe album Swan Lights te komen. Allemaal artiesten die opereren in dezelfde muzikale hoek en die geregeld ook met elkaar het podium delen.
Haar eerste samenwerking met Paul Wallfisch was het album When Good Things Happen to Bad Pianos dat erg goed aansloeg bij mij (een top 10 notering in 2008).
Het is dus niet zo verbazingwekkend dat ik dit album helemaal zag zitten toen ik erover hoorde. De clip behorende bij Because You're Gone Song wist me alvast weer uitstekend op te warmen dus kom maar op was mijn gedachte!
Helaas bleek er een vertraging te zijn bij platenmaatschappij Southern Records waardoor de cd waarschijnlijk pas komende maandag op de post gaat. Als goedmakertje hadden ze dan wel weer een download beschikbaar van Genderful, het vervolg op haar samenwerking met Paul Wallfisch dat van start gaat met gelijk het langste nummer van dit album genaamd Tomorrow Will Be. Hier horen we een klein beetje invloeden van haar oudere albums terug. Het klinkt vrij lichtvoetig en nauwelijks cabaretesque en zeker niet vergelijkbaar met het vorige album vol covers.
daar brengt Miss Annie Regrets gelijk verandering in, want dit ademt de sfeer van When Good Things Happen to Bad Pianos: een donkere nachtclub met een vaudeville-sfeer. Het nummer duurt helaas wel heel erg kort en voor je het weet verandert vaudeville in jazzy met een paar heerlijke strijkers die het een zwieresque sfeertje meegeven; Suitcase Full of Secrets is heerlijk zwijmelen met je geliefde op de dansvloer en dan wel in stijl uiteraard, want dat heeft dit nummer zelf ook namelijk.
Billy Martin's Requiem is zeker niet het bekende piano-georiënteerde werk dat we van dit duo kennen. Akoestische gitaar is hier dominant met daaroverheen een haast rappende Annie. Hiermee lijkt het haast wel of er een zon-zee-strand sfeertje ontstaat (zou Jack Johnson stiekem meedoen?!). Maar Little Annie is en blijft de excentrieke lady die ze is, en het nummer is stekelig genoeg om je niet aan het strand bij ondergaande zon in te beelden. Wel klinkt het behoorlijk toegankelijk, alleen zal haar stem voor velen een probleem zijn want die is nu eenmaal opvallend en in dit nummer laat ze daar veel kanten van horen. Ook tekstueel gezien een opvallend nummer over Billy Martin, New York Yankees manager (overleden op eerste kerstdag 1989).
In the Bar Womb is dan weer wel een piano-song. Het is toch een sfeertje waar ik vertrouwd mee ben als het gaat om de combinatie Annie-Wallfisch. Het zorgt in elk geval voor een uitstekende afwisseling.
Het nummer duurt niet lang en al snel gaat het over in alweer een door piano gedragen nummer genaamd Because You're Gone Song. Het is een hypnotiserend nummer waar we Wallfisch ook horen zingen op de achtergrond, maar het is Annie die de hoofdrol opeist. Het sfeertje met de strijkers hoor ik ook regelmatig terug bij Frédérique Spigt, en laat dat nu net één van mijn favoriete artiesten van eigen bodem zijn.
We blijven de nachtclubsfeer behouden op Cutesy Bootsies waar ik Litte Annie zo op het podium zie zitten met Paul achter de piano (op YouTube zwerven wat van die livebeelden rond). Lekker nummertje met een uistekende sfeer.
Het lijkt er op dat het duo de piano weer helemaal in ere hersteld heeft want Zexy Zen Like Zage borduurt naadloos voort op de vorige nummers. Het klinkt heel intiem, alsof ze hoogstpersoonlijk en alleen voor jou in je huiskamer staan te spelen.
Carried Away wordt in de promo-praatjes omschreven als 'art-house-cinema-soundtrack glamour' en ik kan me daar wel in vinden. Het nummer heeft wat zwierigs in zich en klinkt minder nachtclub-achtig. Het wist al snel mijn hart te veroveren.
God Song is een onderonsje tussen Little Annie en God. Je zou denken dat we dan met een gedragen nummer te maken hebben, of in elk geval een hoop soberheid op piano, maar niets van dat alles: dit nummer ademt Zuid-Amerika uit. Tropische klanken dus en een dansbaar nummer waar de blazers hun zonnigste kant laten horen. Zo kende ik haar nog niet!
Adrianna is de afsluiting van een ruime 40 minuten Genderful. Het nummer opent eens niet met zang van Little Annie maar ik neem aan die van Paul Wallfisch (heb de cd nog niet in handen, dus kan het nu niet verifiëren). We duiken met dit nummer nog eenmaal de cabaret-nachtclub in en de piano staat weer helemaal centraal.
Het is duidelijk dat dit album toch wel verschilt van de voorganger die vol stond met covers maar dan wel op uitmuntende wijze voorgedragen. Daar was het de piano en de piano alleen die het gezicht bepaalde.
Op Genderful waait het meerdere kanten op en weet het toch allemaal goed binnen een bepaald kader te blijven. Ze zorgen ervoor dat mijn liefde voor deze muziek nog wel even blijft voortduren.
Misschien iets minder hartveroverend dan When Good Things Happen to Bad Pianos (of is de verrassing er gewoon een beetje af?) en niet zo ongelooflijk verpletterend als Songs from the Coalmine Canary (alhoewel ook die tijd nodig had en dat mijn favoriete album uit 2006 werd net voor Real Life van Joan As Police Woman), maar zeker heel erg de moeite waard en tot nu toe zeker behordend tot het betere werk van dit jaar en qua beoordeling doet het er niet voor onder.
En het is het jaartje wel op deze manier: deze nieuwe Little Annie, onlangs een nieuwe Baby Dee, Marc Almond komt in juni met zijn Varieté en Antony schijnt dit najaar met zijn nieuwe album Swan Lights te komen. Allemaal artiesten die opereren in dezelfde muzikale hoek en die geregeld ook met elkaar het podium delen.
Little Annie & Paul Wallfisch - When Good Things Happen to Bad Pianos (2008)

4,5
0
geplaatst: 27 december 2007, 20:22 uur
Of eerder, want meneertje ongeduld kon niet op de postbode wachten

Zoals gezegd is dit een album met favoriete nummers van het duo en gaat het slechts om zangeres Little Annie met Paul Wallfish op piano, hier en daar verrijkt door andere instrumenten waar niet de nadruk op ligt. Little Annie is overigens ook bekend als beeldend kunstenaar maar daar hoef ik hier verder niet op in te gaan.
It Was a Very Good Year is bekend van Frank Sinatra. Van de donkere stem van Annie moet je houden. Het heeft iets triestigs: ik kan het beeld van een eenzame, beetje dronken vrouw op een kruk begeleid door een pianist voor een halfvol klein zaaltje maar niet wegdrukken.
Triest is deze versie dan ook zeker. Hier en daar flarden synths en gitaar om de muzieksmaak wat te versterken. Maar wat een binnenkomer is dit. Van Sinatra ben ik niet zo'n liefhebber, maar hier smelt ik voor.
Song for You kennen we van Aretha Franklin. Aretha is natuurlijk een vakvrouw waar soul met vette hoofdletters op staat. Annie geeft er ook een soullading aan mee maar doet dat op geheel eigen wijze. Ze smacht zich door het nummer heen en weet het tot een goed einde te brengen.
Private Dancer hoef ik denk ik niet nader toe te lichten. Wie kent dit nummer van Tina Turner niet? Juist omdat het zo bekend is was dit erg wennen toen ik het voor het eerst hoorde. Deze versie heeft wat weg van een dronkenmanswals. Halverwege verlaten Little Annie en Wallfish de soberheid door er wat meer bombast tegenaan te gooien. Het pakt wonderwel uit: zelfs een trompet mag meedoen en aan het einde lijkt het wel of we bargeluiden horen.
One for my Baby and One More for the Road is een bekende jazz-song o.a. door Frank Sinatra uitgevoerd. Waan je in een klein theater waar je helemaal bij het optreden betrokken wordt door de intensiteit van de artiesten. Knap om dit sfeertje zo op cd te zetten.
If You Go Away is de vertaling van Jacques Brels 'Ne Me Quitte Pas'. Ik als Marc Almond-liefhebber ken deze vertaling uiteraard helemaal uit mijn hoofd (en niet alleen Almond heeft het in het engels gecovered). Het kent eenzelfde puurheid als de Almond-versies en dat kan ook haast niet anders met zo'n geweldige compositie. Prachtig. Hoe vaak ik dit nummer al gehoord heb en door wie dan ook: het blijft simpelweg prachtig.
Van wie Victim origineel is durf ik nu nog niet te zeggen: misschien dat als ik de cd zelf in bezit heb ik hier alsnog op terug kan komen. Doordat ik het nummer niet (her)ken beleef ik het gelijk ook anders. Ook hier verlaten Annie en Paul toch wel weer het gegeven zang+piano door subitel andere instrumenten toe te voegen. Ook zingt Wallfish met lage stem wat achtergrondkoortjes (ik ga er gemakshalve maar van uit dat hij het is). Een lekker nummer met wat minder jazzy of cabaret invloeden.
Yesterday When I Was Young is de hit van Charles Aznavour. Ook Marc Almond is dol op deze artiest en zo zitten we weer in dezelfde hoek. Little Annie treedt ook wel eens op met Almond, behoort tot de Current 93 familie om het zo maar eens te zeggen en staat ook met Baby Dee op het podium.
Deze uitvoering is sober en moet het vooral hebben van de zang in combinatie met het lekkere piano-spel.
The Summer Knows kan ik ook niet zo snel thuisbrengen. Het gaat hier om een sobere piano-ballad die halverwege mooi verrijkt wordt door een trompet. Eenvoudig. Kort. Krachtig. En vooral doeltreffend.
Wie kent U2's I Still Haven't Found What I’m Looking For niet? Het is net als bij Private Dancer dan ook even wennen in eerste instantie. Veel covers zaten van zichzelf al een beetje in de nachtclub/jazz-hoek en dit dus zeker niet.
Het is een rustige ballad geworden zonder gospelkoor of andere grootste U2-fratsen. Na meerdere draaibeurten weet deze versie goed onder mijn huid te kruipen en is het een echte Little Annie song geworden. You go girl!
Ach we zitten nog in de kerstsfeer dus valt afsluiter All I Want for Christmas niet eens zo erg op. Nee het is niet die Mariah Carey kraker. Een kort maar krachtig nummer dat een triestig kerstsfeertje meegeeft. Het valt niet eens uit de toon en dat is tevens mijn grootste compliment over dit album: het klinkt als één geheel en Little Annie en Paul Wallfish hebben de nummers eigen gemaakt en dat is toch wel een voorwaarde wil een cover-album goed uitpakken.
Na het laatste nummer horen we zelf zeggen: "That Was Pretty Good. That Was Slightly Perfect. Right?!" Ik kan dat alleen maar beamen.
Na de nieuwe Baby Dee nu dus de nieuwe Little Annie en daarmee gaat 2008 op grootste wijze van start op muzikaal gebied! Nu al twee enorme klappers en dat terwijl 2008 officieel nog van start moet gaan

Live - Secret Samadhi (1997)

3,5
0
geplaatst: 7 april 2010, 17:22 uur
Ik ben altijd wat 'rommelig' door de discografie van Live geskipt. Toen in 1994 Throwing Copper verscheen was ik snel een liefhebber en nog steeds vind ik dat album erg goed. Ik bleef toen lang twijfelen over Mental Jewelry (in die tijd had je nog geen termen als 'pindakazen') en tot op de dag van vandaag heb ik dat album niet beluisterd.
Het album dat 5 jaar later pas volgde voor mij was The Distance to Here en V volgde daar netjes achteraan. Birds of Pray heb ik gelaten voor wat het was en toen kwam Songs from Black Mountain, dat me weinig meer deed.
Heel opmerkelijk dus dat pas na release van dat album Secret Samahdi volgde, want buiten de bekendere nummers had ik daar nog nooit wat van gehoord terwijl het toch nog redelijk te pruimen viel las ik her en der.
Het maakt verder ook niet zo veel uit natuurlijk: ik vind dit een prima album met aardig wat grote gebaren, maar daar heb ik op z'n tijd geen enkel probleem mee en ik behoor zeker niet tot het legioen Live-tegenstanders.
Het album dat 5 jaar later pas volgde voor mij was The Distance to Here en V volgde daar netjes achteraan. Birds of Pray heb ik gelaten voor wat het was en toen kwam Songs from Black Mountain, dat me weinig meer deed.
Heel opmerkelijk dus dat pas na release van dat album Secret Samahdi volgde, want buiten de bekendere nummers had ik daar nog nooit wat van gehoord terwijl het toch nog redelijk te pruimen viel las ik her en der.
Het maakt verder ook niet zo veel uit natuurlijk: ik vind dit een prima album met aardig wat grote gebaren, maar daar heb ik op z'n tijd geen enkel probleem mee en ik behoor zeker niet tot het legioen Live-tegenstanders.
Living Colour - Shade (2017)

3,5
1
geplaatst: 7 september 2017, 19:49 uur
Zit ik nog wel op een nieuwe Living Colour te wachten? De eerste drie albums waren enorme favorieten. In die tijd was ik echt fan. Maar toen kwam na jaren stilte er weer eens een album en dat viel toch wel tegen. Collideoscope was het gewoon niet. Alleen het nummer Flying wist me te bekoren.
The Chair in the Doorway was een lichte verbetering, maar voor mijn gevoel is Living Colour toch vooral een relikwie uit een ver verleden.
Of zou Shade daar verandering in kunnen gaan brengen?!
Neen. Het is allemaal zeer herkenbaar, maar ik vind de solo's van Vernon Reid soms gewoon wat vermoeiend en de zang van Corey Glover doet me minder dan tijdens de eerste drie.
Een beetje langdradig. Misschien live allemaal beter te pruimen, maar voor thuis is het categorie 'niet slecht, maar ik word er niet gillend gek van'.
Er staan ook best wat leuke dingen tussen. Zo heeft Come On iets broeierigs en dat mag ik wel. en Who Shot Ya neigt zelfs wat naar rap (kennen we Judgement Night nog?!). De blazers op Who's That geven het nummer een zeer fijne schwung mee. Maar de cover van Inner City Blues hadden ze van mij weg mogen laten.
Van de laatste drie voelt deze wel als de beste. Misschien ben ik hier een beetje overheen gegroeid en hoort dit gewoon tot mijn alternatieve periode begin jaren '90.
Een prima rockplaat, maar vooral geschikt voor veertigers als ik (of vijftigers) die nog even willen genieten van dat gave bandje van toen en er dan achter komen dat ze net zo goed die oude platen hadden kunnen opzetten
The Chair in the Doorway was een lichte verbetering, maar voor mijn gevoel is Living Colour toch vooral een relikwie uit een ver verleden.
Of zou Shade daar verandering in kunnen gaan brengen?!
Neen. Het is allemaal zeer herkenbaar, maar ik vind de solo's van Vernon Reid soms gewoon wat vermoeiend en de zang van Corey Glover doet me minder dan tijdens de eerste drie.
Een beetje langdradig. Misschien live allemaal beter te pruimen, maar voor thuis is het categorie 'niet slecht, maar ik word er niet gillend gek van'.
Er staan ook best wat leuke dingen tussen. Zo heeft Come On iets broeierigs en dat mag ik wel. en Who Shot Ya neigt zelfs wat naar rap (kennen we Judgement Night nog?!). De blazers op Who's That geven het nummer een zeer fijne schwung mee. Maar de cover van Inner City Blues hadden ze van mij weg mogen laten.
Van de laatste drie voelt deze wel als de beste. Misschien ben ik hier een beetje overheen gegroeid en hoort dit gewoon tot mijn alternatieve periode begin jaren '90.
Een prima rockplaat, maar vooral geschikt voor veertigers als ik (of vijftigers) die nog even willen genieten van dat gave bandje van toen en er dan achter komen dat ze net zo goed die oude platen hadden kunnen opzetten

Living Colour - The Chair in the Doorway (2009)

3,5
0
geplaatst: 19 september 2009, 19:19 uur
Even leek het er op dat Collideoscope een eenmalige opleving was van de band die ik ooit zo hoog had zitten. Tien jaar moesten we wachten op een cd die niet slecht was maar nogal bleek afkleurde bij de oudere albums.
Wederom hebben ze er even over gedaan: zes jaar om precies te zijn en wederom moet ik concluderen dat of ik gewoon klaar ben met Living Colour, klaar ben met de black crossover bandjes die begin jaren '90 zo populair waren of dat de band gewoonweg niet meer in staat is om met een enorme klapper te komen...... of slaat de twijfel nu toch toe en gaat die vlieger niet helemaal op?
Corey Glover brult nog steeds boos, de gitaren van Vernon Reid klinken hier en daar wat bedaarder maar zijn nog steeds aanwezig evenals het experiment dat de mannen ook op The Chair in the Doorway niet schuwen.
Waar voorganger Collideoscope soms wat te veel doorschoot in het experiment daar weten ze het nu beter binnen de lijntjes te houden en dat maakt dit nieuwe album net even iets plezieriger om naar te luisteren ook al moet je er wel degelijk wat moeite voor doen en het de tijd gunnen om te rijpen.
Of Living Colour na Stain had moeten stoppen vind ik een lastige vraag: anno 2009 verbaast de band niemand meer echt denk ik en is er misschien een minder groot publiek voor. Tegelijkertijd is Living Colour nog steeds een boeiende, niet alledaagse rockband die hier en daar wat zijpaden durft te bewandelen die andere groepen angstvallig mijden.
En ach, The Chair in the Doorway is zeker geen onvoldoende-album voor mij; ik vermaak me er prima mee.
Ben ik klaar met Living Colour? Nee, toch maar even niet......
Wederom hebben ze er even over gedaan: zes jaar om precies te zijn en wederom moet ik concluderen dat of ik gewoon klaar ben met Living Colour, klaar ben met de black crossover bandjes die begin jaren '90 zo populair waren of dat de band gewoonweg niet meer in staat is om met een enorme klapper te komen...... of slaat de twijfel nu toch toe en gaat die vlieger niet helemaal op?
Corey Glover brult nog steeds boos, de gitaren van Vernon Reid klinken hier en daar wat bedaarder maar zijn nog steeds aanwezig evenals het experiment dat de mannen ook op The Chair in the Doorway niet schuwen.
Waar voorganger Collideoscope soms wat te veel doorschoot in het experiment daar weten ze het nu beter binnen de lijntjes te houden en dat maakt dit nieuwe album net even iets plezieriger om naar te luisteren ook al moet je er wel degelijk wat moeite voor doen en het de tijd gunnen om te rijpen.
Of Living Colour na Stain had moeten stoppen vind ik een lastige vraag: anno 2009 verbaast de band niemand meer echt denk ik en is er misschien een minder groot publiek voor. Tegelijkertijd is Living Colour nog steeds een boeiende, niet alledaagse rockband die hier en daar wat zijpaden durft te bewandelen die andere groepen angstvallig mijden.
En ach, The Chair in the Doorway is zeker geen onvoldoende-album voor mij; ik vermaak me er prima mee.
Ben ik klaar met Living Colour? Nee, toch maar even niet......
Liz Brasher - Painted Image (2019)

4,0
2
geplaatst: 18 januari 2019, 22:35 uur
Is het flauw om Liz Brasher op één hoop te gooien met Amy Winehouse? Ja en nee. Vergelijken is altijd een kwestie van je op glas ijs begeven.
Ze is jong en veelbelovend en ze maakt soul op authentieke wijze. En dan houdt het verder wel op.
Laten we het op puur houden. Er zijn er meer die aan het soul-firmament verschijnen en Liz valt wellicht net een beetje meer op. Bij mij in elk geval zeker. Rauwe soul met een rockrandje. Ronkende sax, en de blues is ook niet heel ver weg. Liz trekt haar lijnen dus een heel stuk breder dan veel van haar collega's.
Dusty-achtige klanken in Every Day, maar wel met een Americana geluid (dank trompet), Otis Redding-achtige vibe op Cold Baby, folk met cello in de hoofdrol op Painted Image, de titeltrack en afsluiter, en zo herken je wel meer klassieke namen in de nummers.
Hierdoor zou je kunnen zeggen dat het Liz aan een eigen geluid ontbreekt. Dat zou kunnen (Amy bijvoorbeeld komt dan authentieker over), maar het gebodene bevalt me heel erg goed.
Painted Image heeft een hoes die mijn aandacht trok en een inhoud die me vast weet te houden. Het jaar begint ook in deze hoek erg fijn mag ik wel zeggen.
En dat onderscheiden? Dat doet Liz door de instrumentale aanpak in haar nummers: net even anders dan wat we gewend zijn uit het verleden en tegelijk toch met behoud van de natuurlijke aanpak. Dat ze ook een fijne stem heeft krijgen we er dan nog bij cadeau.
Ze is jong en veelbelovend en ze maakt soul op authentieke wijze. En dan houdt het verder wel op.
Laten we het op puur houden. Er zijn er meer die aan het soul-firmament verschijnen en Liz valt wellicht net een beetje meer op. Bij mij in elk geval zeker. Rauwe soul met een rockrandje. Ronkende sax, en de blues is ook niet heel ver weg. Liz trekt haar lijnen dus een heel stuk breder dan veel van haar collega's.
Dusty-achtige klanken in Every Day, maar wel met een Americana geluid (dank trompet), Otis Redding-achtige vibe op Cold Baby, folk met cello in de hoofdrol op Painted Image, de titeltrack en afsluiter, en zo herken je wel meer klassieke namen in de nummers.
Hierdoor zou je kunnen zeggen dat het Liz aan een eigen geluid ontbreekt. Dat zou kunnen (Amy bijvoorbeeld komt dan authentieker over), maar het gebodene bevalt me heel erg goed.
Painted Image heeft een hoes die mijn aandacht trok en een inhoud die me vast weet te houden. Het jaar begint ook in deze hoek erg fijn mag ik wel zeggen.
En dat onderscheiden? Dat doet Liz door de instrumentale aanpak in haar nummers: net even anders dan wat we gewend zijn uit het verleden en tegelijk toch met behoud van de natuurlijke aanpak. Dat ze ook een fijne stem heeft krijgen we er dan nog bij cadeau.
Lizz Wright - Fellowship (2010)

3,0
0
geplaatst: 26 september 2010, 10:54 uur
Vooral de eerste twee albums Salt en Dreaming Wide Awake deden het goed bij mij: jazzy albums met een portie soul en een snufje blues.
Het vorige album was ook prima te doen maar is ook wat in de vergetelheid geraakt t.o.v. die eerste twee albums.
Ik vrees dat het met Fellowship dezelfde kant op zal gaan. Jazz is nauwelijks meer een invloed te noemen. Het is hier voornamelijk gospel dat de toon zet. En hoe prachtig ik de stem van Lizz ook vind, ik hoor in dat geval dan liever iemand als Mavis Staples: doorleefder en rauwer.
Lizz en gospel gaat prima samen hoor; ze zal ongetwijfels haar roots hebben liggen in kerkkoren maar ik weet het niet. Ik word er soms wat weeig van. Gospel is leuk voor eventjes (en dan ook liever die swingende variant er van die hier te horen is in de vorm van een Gospel Medley), een heel album vol is een beetje too much.
Fellowship is een degelijk album, gezongen door een talent, maar talenten hebben we wel meer en een album moet je wel volledig kunnen raken en dat doet dit niet. Het luistert aardig weg maar ik denk dat ik toch eerder terug zal grijpen naar haar eerste twee albums.
En wanneer worden we nu eens verlost van dat eeuwige Amazing Grace??
Het vorige album was ook prima te doen maar is ook wat in de vergetelheid geraakt t.o.v. die eerste twee albums.
Ik vrees dat het met Fellowship dezelfde kant op zal gaan. Jazz is nauwelijks meer een invloed te noemen. Het is hier voornamelijk gospel dat de toon zet. En hoe prachtig ik de stem van Lizz ook vind, ik hoor in dat geval dan liever iemand als Mavis Staples: doorleefder en rauwer.
Lizz en gospel gaat prima samen hoor; ze zal ongetwijfels haar roots hebben liggen in kerkkoren maar ik weet het niet. Ik word er soms wat weeig van. Gospel is leuk voor eventjes (en dan ook liever die swingende variant er van die hier te horen is in de vorm van een Gospel Medley), een heel album vol is een beetje too much.
Fellowship is een degelijk album, gezongen door een talent, maar talenten hebben we wel meer en een album moet je wel volledig kunnen raken en dat doet dit niet. Het luistert aardig weg maar ik denk dat ik toch eerder terug zal grijpen naar haar eerste twee albums.
En wanneer worden we nu eens verlost van dat eeuwige Amazing Grace??
Lloyd Cole - Broken Record (2010)

3,5
0
geplaatst: 15 augustus 2010, 23:16 uur
Het is al weer 4 jaar geleden toen Antidepressant verscheen: een melancholisch herfstalbum vol fijne liedjes. Nee, het was geen Rattlesnakes maar dat hoeft ook niet: dat kan er toch maar eentje zijn.
Van Broken Record verwachtte ik eigenlijk hetzelfde als Antidepressant: mooie pop/rock liedjes dus.
En ja hoor: 11 vrij korte nummers die het album een lengte van 35 minuten geven. Het lijkt wat karig, maar ik vind het wel best zo.
Cole is er in geslaagd om afwisselende nummers te schrijven die tesamen een mooi geheel vormen. Het lijkt ook wel of z'n stem met de jaren mooier en rijper wordt.
Ga niet luisteren naar Broken Record als je aardverschuivingen in de hedendaagse muziek hoopt te horen; dat is dit album zeer zeker niet. Op zich kennen we dit soort nummers onderhand wel en zijn er veel artiesten voor hem geweest die het gedaan hebben en zullen er nog veel na hem komen die dit ook doen.
Het is de combinatie van de stem van Lloyd Cole, de klein maar fijne composities en het aangename sfeertje die het hem doen. Die er voor zorgen dat het album toch weet op te vallen in het enorm grote aanbod binnen 'het genre' met dank aan de vaste band op dit album met daarin o.a. Joan Wasser (Joan As Police Woman).
Net als de voorganger kan ik deze Lloyd Cole goed waarderen en zal ik altijd wel een zwak voor hem blijven houden. In elk geval heb ik nog 8 soloalbums te gaan, want Antidepressant was pas de eerste die ik gehoord heb na alle Lloyd Cole & the Commotions albums.
Van Broken Record verwachtte ik eigenlijk hetzelfde als Antidepressant: mooie pop/rock liedjes dus.
En ja hoor: 11 vrij korte nummers die het album een lengte van 35 minuten geven. Het lijkt wat karig, maar ik vind het wel best zo.
Cole is er in geslaagd om afwisselende nummers te schrijven die tesamen een mooi geheel vormen. Het lijkt ook wel of z'n stem met de jaren mooier en rijper wordt.
Ga niet luisteren naar Broken Record als je aardverschuivingen in de hedendaagse muziek hoopt te horen; dat is dit album zeer zeker niet. Op zich kennen we dit soort nummers onderhand wel en zijn er veel artiesten voor hem geweest die het gedaan hebben en zullen er nog veel na hem komen die dit ook doen.
Het is de combinatie van de stem van Lloyd Cole, de klein maar fijne composities en het aangename sfeertje die het hem doen. Die er voor zorgen dat het album toch weet op te vallen in het enorm grote aanbod binnen 'het genre' met dank aan de vaste band op dit album met daarin o.a. Joan Wasser (Joan As Police Woman).
Net als de voorganger kan ik deze Lloyd Cole goed waarderen en zal ik altijd wel een zwak voor hem blijven houden. In elk geval heb ik nog 8 soloalbums te gaan, want Antidepressant was pas de eerste die ik gehoord heb na alle Lloyd Cole & the Commotions albums.
Lloyd Cole - Guesswork (2019)

4,0
2
geplaatst: 5 augustus 2019, 18:45 uur
Rattlesnakes is en blijft voor mij één van de mooiste albums ooit en haalt steevast mijn albumlijstjes, de titeltrack trouwens ook. Dat gaat nooit meer geëvenaard worden.
Zo, weten we dat ook weer.
Ook solo ben ik Lloyd Cole blijven volgen, maar er zitten wel albums tussen die ik gemist heb. De liefde was na de jaren '80 gewoon een stukje minder geworden.
Guesswork stond ook op de skip-nominatie toen ik de reacties her en der las over de inhoud: elektronische toevoegingen?! Niks mis mee, maar die mooie, warme stem.... kan dat wel goed samengaan?
Ik hoor die prachtige zang gelukkig nog steeds terug en ik hoor jaren '80 Yazoo en Depeche Mode (ik zelf leg de link met Kraftwerk wat minder, gek genoeg, ook al herken ik het wel).
Niks mis mee, want Cole heeft zijn roots toch in die jaren liggen, maar toch schuurt het een beetje en ik weet nog niet zo goed waar dat aan ligt.
Ik denk dat het op den duur gewoon net wat te veel voortkabbelt. Een beetje saai wellicht. Maar ook niet saai genoeg om het af te zetten en te laten voor wat het is.
Tegelijkertijd denk ik ook dat ik hier over een poos enorm op terugkom en het heel anders beluister en dat is eigenlijk best positief: het prikkelt blijkbaar wel.
Guesswork is er dus eentje die nog wel een tijdje in mijn playlist blijft staan en dan ben ik benieuwd hoe ik er uiteindelijk echt over denk: blijf ik bij deze mening, of draait het bij?!
Zo, weten we dat ook weer.
Ook solo ben ik Lloyd Cole blijven volgen, maar er zitten wel albums tussen die ik gemist heb. De liefde was na de jaren '80 gewoon een stukje minder geworden.
Guesswork stond ook op de skip-nominatie toen ik de reacties her en der las over de inhoud: elektronische toevoegingen?! Niks mis mee, maar die mooie, warme stem.... kan dat wel goed samengaan?
Ik hoor die prachtige zang gelukkig nog steeds terug en ik hoor jaren '80 Yazoo en Depeche Mode (ik zelf leg de link met Kraftwerk wat minder, gek genoeg, ook al herken ik het wel).
Niks mis mee, want Cole heeft zijn roots toch in die jaren liggen, maar toch schuurt het een beetje en ik weet nog niet zo goed waar dat aan ligt.
Ik denk dat het op den duur gewoon net wat te veel voortkabbelt. Een beetje saai wellicht. Maar ook niet saai genoeg om het af te zetten en te laten voor wat het is.
Tegelijkertijd denk ik ook dat ik hier over een poos enorm op terugkom en het heel anders beluister en dat is eigenlijk best positief: het prikkelt blijkbaar wel.
Guesswork is er dus eentje die nog wel een tijdje in mijn playlist blijft staan en dan ben ik benieuwd hoe ik er uiteindelijk echt over denk: blijf ik bij deze mening, of draait het bij?!
Lloyd Cole & The Commotions - Rattlesnakes (1984)

5,0
0
geplaatst: 5 januari 2008, 19:28 uur
In de jaren '80 was het voornamelijk top 40 en Prince wat de klok sloeg bij mij.
Daarnaast werd er ook langzaamaan een lijn getrokken richting de wat 'moeilijkere muziek' (noem het alternatief want dat was het toen toch echt in het internetloze tijdperk). Een explosie van allerhande in mijn oren ruige acts als Living Colour en Pixies begonnen mijn landschap in sneltreinvaart te verruimen om er vervolgens voor te zorgen dat ik een tijd lang zelfs gruwde van top 40 en aanverwanten.
Die lijn die al in de jaren '80 zichtbaar werd uitte zich in het luisteren naar de Vara en VPRO op radio 3 (voorheen Hilversum 3).
Bands als The Cure en Echo & the Bunnymen deden het al erg goed bij mij en ik kan er nog vele noemen die goed in dit rijtje passen. Niet zwaar alternatief, ook niet in die tijd, maar wel een stuk verantwoorder zullen we maar zeggen. Het ging goed samen met die eerder genoemde smaak.
Lloyd Cole & the Commotions waren daar ook onderdeel van. Ze scoorden bescheiden hits die ik toen geweldig vond. De titeltrack van dit album was er eentje van. De liedjes van dit album sprankelden en bruisten en ik was er maar wat gek op.
Het leuke is dat in het huidige musicmeter-bestaan je uiting kunt geven aan hoe gek je van een album bent. Dat was niet moeilijk: het werden er 5*. Dan hebben we het wel over 2004: 20 jaar later dus!!! Deze muziek is me door al die jaren heen nooit gaan vervelen en momenteel draai ik dit album weer regelmatig en heeft het me ook achter die andere 2 albums van ze doen aangaan.
Het bruisende en sprankelende is totaal niet doodgeslagen en gaat nog steeds met een zelfde luchtige zaligheid omhoog waardoor ik met een enorme glimlach verder ga in dit leventje. Over nog eens 20 jaar zal ik dit schrijven denk ik gewoon kunnen quoten, want ik weet nu al dat deze muziek eeuwigheidswaarde heeft.
Mensen die de jaren '80 als het slechtste van alle decenia zien kunnen wat mij betreft de pot op. Er is een hoop moois gemaakt in die tijd, alleen moet je wel het juiste werk op weten te zoeken. Rattlesnakes is de naam
Daarnaast werd er ook langzaamaan een lijn getrokken richting de wat 'moeilijkere muziek' (noem het alternatief want dat was het toen toch echt in het internetloze tijdperk). Een explosie van allerhande in mijn oren ruige acts als Living Colour en Pixies begonnen mijn landschap in sneltreinvaart te verruimen om er vervolgens voor te zorgen dat ik een tijd lang zelfs gruwde van top 40 en aanverwanten.
Die lijn die al in de jaren '80 zichtbaar werd uitte zich in het luisteren naar de Vara en VPRO op radio 3 (voorheen Hilversum 3).
Bands als The Cure en Echo & the Bunnymen deden het al erg goed bij mij en ik kan er nog vele noemen die goed in dit rijtje passen. Niet zwaar alternatief, ook niet in die tijd, maar wel een stuk verantwoorder zullen we maar zeggen. Het ging goed samen met die eerder genoemde smaak.
Lloyd Cole & the Commotions waren daar ook onderdeel van. Ze scoorden bescheiden hits die ik toen geweldig vond. De titeltrack van dit album was er eentje van. De liedjes van dit album sprankelden en bruisten en ik was er maar wat gek op.
Het leuke is dat in het huidige musicmeter-bestaan je uiting kunt geven aan hoe gek je van een album bent. Dat was niet moeilijk: het werden er 5*. Dan hebben we het wel over 2004: 20 jaar later dus!!! Deze muziek is me door al die jaren heen nooit gaan vervelen en momenteel draai ik dit album weer regelmatig en heeft het me ook achter die andere 2 albums van ze doen aangaan.
Het bruisende en sprankelende is totaal niet doodgeslagen en gaat nog steeds met een zelfde luchtige zaligheid omhoog waardoor ik met een enorme glimlach verder ga in dit leventje. Over nog eens 20 jaar zal ik dit schrijven denk ik gewoon kunnen quoten, want ik weet nu al dat deze muziek eeuwigheidswaarde heeft.
Mensen die de jaren '80 als het slechtste van alle decenia zien kunnen wat mij betreft de pot op. Er is een hoop moois gemaakt in die tijd, alleen moet je wel het juiste werk op weten te zoeken. Rattlesnakes is de naam

Lo-Fang - Blue Film (2014)

3,5
0
geplaatst: 24 februari 2014, 19:09 uur
Een opvallend album van deze Lo-Fang: je hoort hippe hedendaagse R&B maar wel in een popjasje, dan weer met een electronica-laag en dan is het weer folk.
Computergestuurde geluiden vermengd met piano en/of viool en cello..... het levert een bijzondere combinatie op zonder dat het ontoegankelijk wordt. Het schijnt dat hij zelf verantwoordelijk is voor deze instrumenten daar hij een klassieke opleiding achter de rug heeft. Knap gedaan dus.
Jamie Woon, James Blake en misschien zelfs wel een snufje Sufjan Stevens als deze op de meer elektronische toer gaat..... maar dan in een veel lichter verteerbaarder jasje en dat op het 4AD label.
Toch weet het mijn muzikale hart niet helemaal vol te raken hoe graag ik dat ook zou willen gezien al het bovengenoemde.
Ergens blijft er afstand bestaan tussen Matthew Hemerlein en mij, de luisteraar, en die is niet helemaal te overbruggen. Het mist iets te veel warmte wellicht, het kan ook zijn dat het te netjes is, te klinisch. Ik mis rafels.
Neemt niet weg dat het een fijn plaatje is dat zeker niet snel weer naar de achtergrond zal verdwijnen en met misschien zelfs wel een beetje geluk toch meer van z'n schoonheid prijs gaat geven waardoor het me net even meer gaat raken dan nu het geval is. Een nummer als #88 doet op dat gebied in elk geval al wonderen.
Computergestuurde geluiden vermengd met piano en/of viool en cello..... het levert een bijzondere combinatie op zonder dat het ontoegankelijk wordt. Het schijnt dat hij zelf verantwoordelijk is voor deze instrumenten daar hij een klassieke opleiding achter de rug heeft. Knap gedaan dus.
Jamie Woon, James Blake en misschien zelfs wel een snufje Sufjan Stevens als deze op de meer elektronische toer gaat..... maar dan in een veel lichter verteerbaarder jasje en dat op het 4AD label.
Toch weet het mijn muzikale hart niet helemaal vol te raken hoe graag ik dat ook zou willen gezien al het bovengenoemde.
Ergens blijft er afstand bestaan tussen Matthew Hemerlein en mij, de luisteraar, en die is niet helemaal te overbruggen. Het mist iets te veel warmte wellicht, het kan ook zijn dat het te netjes is, te klinisch. Ik mis rafels.
Neemt niet weg dat het een fijn plaatje is dat zeker niet snel weer naar de achtergrond zal verdwijnen en met misschien zelfs wel een beetje geluk toch meer van z'n schoonheid prijs gaat geven waardoor het me net even meer gaat raken dan nu het geval is. Een nummer als #88 doet op dat gebied in elk geval al wonderen.
Logan Farmer - Still No Mother (2020)

4,0
1
geplaatst: 29 augustus 2020, 16:48 uur
Aan Emmet Tinley moest ik niet echt denken (maar ik snap de vergelijking), wel aan de sfeer die Roo Panes neer weet te zetten. En zo zal iedereen er wel iemand anders in terug horen.
Voor mij onderhand sowieso het 'probleem' met dit soort releases. Er is zoveel te ontdekken in deze hoek, maar echt onderscheidend is het niet meer.
Dat is niet erg, want Still No Mother is een fraai album. Verstild af en toe. Sober en puur.
Goed passend bij mijn huidige stemming: ik heb altijd moeite met deze periode waarin het weer eerder donker begint te worden en je voelt dat de herfst er aan zit te komen; dat is niet iets waar ik als zomermens naar uitkijk. Herfst en winter kunnen mij niet snel genoeg voorbij gaan.
Dit soort klanken vertalen dus wel een beetje mijn innerlijke gemoedstoestand van dit moment. Een periode waar ik even doorheen moet. Je zou kunnen zeggen dat ik dit soort melancholische muziek dus niet echt kan waarderen, maar het tegendeel is waar. Misschien helpt het me een beetje om langzaam weg te zinken in een verdovend, tijdloos gevoel. Voor ik het weet kan ik over een paar maande de eerste lente-zonnestralen verwelkomen
Laat Logan Farmer me dan maar muzikaal omarmen de komende tijd. Misschien ga ik me er wat behaaglijker door voelen.
Voor mij onderhand sowieso het 'probleem' met dit soort releases. Er is zoveel te ontdekken in deze hoek, maar echt onderscheidend is het niet meer.
Dat is niet erg, want Still No Mother is een fraai album. Verstild af en toe. Sober en puur.
Goed passend bij mijn huidige stemming: ik heb altijd moeite met deze periode waarin het weer eerder donker begint te worden en je voelt dat de herfst er aan zit te komen; dat is niet iets waar ik als zomermens naar uitkijk. Herfst en winter kunnen mij niet snel genoeg voorbij gaan.
Dit soort klanken vertalen dus wel een beetje mijn innerlijke gemoedstoestand van dit moment. Een periode waar ik even doorheen moet. Je zou kunnen zeggen dat ik dit soort melancholische muziek dus niet echt kan waarderen, maar het tegendeel is waar. Misschien helpt het me een beetje om langzaam weg te zinken in een verdovend, tijdloos gevoel. Voor ik het weet kan ik over een paar maande de eerste lente-zonnestralen verwelkomen

Laat Logan Farmer me dan maar muzikaal omarmen de komende tijd. Misschien ga ik me er wat behaaglijker door voelen.
Lola Kirke - Trailblazer (2025)

4,0
0
geplaatst: 20 maart 2025, 21:33 uur
Nashville. Inmiddels een mooie vakantieherinnering geworden. Zomer 2024 ws ik er en het wakkerde mijn interesse in country wel behoorlijk aan dat jaar.
Het is blijven hangen want ik blijf er ook nu nog steeds wat makkelijker maar op zoek (of kom het tegen zo u wilt).
Lola Kirke is een voor mij tot nu toe onbekende naam ondanks dat Trailblazer inmiddels haar derde album is.
Internet informatie leert me dat deze dame ook actrice is. Dat zal verder weinig van invloed zijn op haar muziek ga ik maar van uit. Wel hoor ik wat Kacy Musgraves invloed op dit album. Niet heel vreemd omdat Daniel Tashian een belangrijke meneer was achter Golden Hour en ook hier zijn stempel drukt.
Country met een poprandje dus en makkelijk toegankelijk. Dat vormt voor mij geen probleem want daardoor grijp ik er makkelijk op terug en verwacht ik dat dit de komende tijd vaak gaat gebeuren.
Het is blijven hangen want ik blijf er ook nu nog steeds wat makkelijker maar op zoek (of kom het tegen zo u wilt).
Lola Kirke is een voor mij tot nu toe onbekende naam ondanks dat Trailblazer inmiddels haar derde album is.
Internet informatie leert me dat deze dame ook actrice is. Dat zal verder weinig van invloed zijn op haar muziek ga ik maar van uit. Wel hoor ik wat Kacy Musgraves invloed op dit album. Niet heel vreemd omdat Daniel Tashian een belangrijke meneer was achter Golden Hour en ook hier zijn stempel drukt.
Country met een poprandje dus en makkelijk toegankelijk. Dat vormt voor mij geen probleem want daardoor grijp ik er makkelijk op terug en verwacht ik dat dit de komende tijd vaak gaat gebeuren.
Lola Kite - I Start to Believe You (2012)

4,0
0
geplaatst: 3 maart 2012, 14:10 uur
Suf momentje bij Spinvis een paar weken terug: ik zei tegen degene met wie ik daar was dat ik het voorprogramma wel lekker vond klinken. 'Dat is toch Lola Kite?' was het antwoord.
En toen pas viel het kwartje pas naar wie ik eigenlijk zat te kijken. Nu voelde ik me die avond grieperig maar of dat nu een excuus mag zijn??
Hoe dan ook: ze waren met 1 man meer vertegenwoordigd op het podium en ik vond het dus een leuk optreden.
Dat zorgde er gelijk voor dat ik heel wat nieuwsgieriger was geworden naar het nieuwe album dat overigens al snel na het debuut verschijnt.
En wat blijkt? Dit album vind ik eigenlijk nog leuker dan hun eerste. Alle nummers pakken me wel. Of het nu de synth-jaren '80-achtige dingen zijn of juist de chillwave-achtige rustmomentjes.
Het is allemaal goed geslaagd wat mij betreft. Ik bespeur geen zwakke momenten op I Start to Believe You. Vooral de rustiger nummers doen het erg goed bij mij.
Overigens schreef ik bij het vorige album dat ik nog maar moest afwachten of Lola Kite voor mij lang mee zou blijven gaan maar ik kan mededelen dat Lights nog steeds wel eens door de speakers schalt en met dit vervolg ben ik er zeker van dat het een bandje is waar mijn aandacht nog wel even naar uit blijft gaan.
En toen pas viel het kwartje pas naar wie ik eigenlijk zat te kijken. Nu voelde ik me die avond grieperig maar of dat nu een excuus mag zijn??
Hoe dan ook: ze waren met 1 man meer vertegenwoordigd op het podium en ik vond het dus een leuk optreden.
Dat zorgde er gelijk voor dat ik heel wat nieuwsgieriger was geworden naar het nieuwe album dat overigens al snel na het debuut verschijnt.
En wat blijkt? Dit album vind ik eigenlijk nog leuker dan hun eerste. Alle nummers pakken me wel. Of het nu de synth-jaren '80-achtige dingen zijn of juist de chillwave-achtige rustmomentjes.
Het is allemaal goed geslaagd wat mij betreft. Ik bespeur geen zwakke momenten op I Start to Believe You. Vooral de rustiger nummers doen het erg goed bij mij.
Overigens schreef ik bij het vorige album dat ik nog maar moest afwachten of Lola Kite voor mij lang mee zou blijven gaan maar ik kan mededelen dat Lights nog steeds wel eens door de speakers schalt en met dit vervolg ben ik er zeker van dat het een bandje is waar mijn aandacht nog wel even naar uit blijft gaan.
