MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten aERodynamIC als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

The Doors - The Doors (1967)

poster
5,0
Lang heb ik er over getwijfeld om aan dit album een wat langer verslag te wijden.
Waarom? Wat valt er in hemelsnaam nog te zeggen over een klassieker? En dan ook nog eens de wetenschap dat 13.729 gebruikers over je schouders meelezen en allen zo hun eigen gedachten hebben over dit album.
Een beetje koudwatervrees dus, maar ik moet me maar eens vermannen en mijn lofzang op dit album gestalte geven.

Break on Through: al bij de eerste tonen herken je het nummer. Die ongelooflijke energie knalt er echt de eerste seconden al uit. Alsof de broek te strak gespannen zat en er toch echt even een knoopje los moest. De woorden worden er uit gespuwd en het orgel rammelt er vet op los. Hoe veel overtuigender wil je een album van start horen gaan? Haast onmogelijk lijkt me.
Hoe anders klinkt Soul Kitchen in eerste instantie dan toch. Ik zou haast lieflijk zeggen: vooral het orgel is daar verantwoordelijk voor, maar de zang weet zich ook aardig aan te passen. Totdat de minuut ruim gepasseerd is dan krijgen we toch nog de uithalen die weliswaar weer snel ingetoomd worden, maar het is al voldoende om goed geprikkeld te worden. Het kunstje wordt dan ook snel nog eens herhaald en daarna gevolgd door een heerlijke gitaar-solo. Wat weet deze band toch een eigen sound ten gehore te brengen: fantastisch. Tot op de dag van vandaag vind ik de nummers van dit album heel eigen klinken.
En dan is het adem happen voor aERo. Misschien wel het allermooiste nummer van The Doors treedt aan: The Crystal Ship. Dit nummer heeft een zekere onderkoeldheid die later overgoten gaat worden door een fantastisch sausje op piano/orgel die de boel snel doet smelten. Smelten doet dan ook mijn hart bij het horen van al dit moois. Dit nummer is zo godvergeten mooi dat ik niet eens weet hoe ik dat moet uiten, en dan hebben we natuurlijk een echte klassieker te pakken die op alle fronten weet te raken. Als je iets echt niet meer weet te omschrijven omdat het te mooi voor woorden is dan zijn daar op internet de smiley's voor uitgevonden:
Na al dat moois is het even bijkomen op Twentienth Century Fox, een catchy nummer met een rhythm & blues ondertoon. Ik zou dit een 'cool' nummer willen noemen. En dat na 40 jaar! Daar kunnen geen hedendaagse koele arctische apen tegenop.
Terug naar decadente Berlijnse cabaret-tijden in de vorm van Alabama Song. Het is kitsch zonder kitsch te zijn (volgt u hem nog?). In eerste instantie zou je denken met een vullertje van doen te hebben, maar daarmee doe je het nummer ernstig tekort. Ik vind het een typische Doors-song en ik hou van het stijltje.
Ik geef het toe: het intro van Light My Fire komt me soms de strot uit. Ik kan het bijna niet meer horen (wegens overdosis). Maar toch, maar toch: dan zet je door en dan weet het nummer je al heel snel in te palmen en besef je dat dit gewoon een geweldig nummer is, ook al heb je het te vaak voorbij horen komen. Dit is zo'n nummer dat eigenlijk iedereen wel kent, dus ook die 13.731 gebruikers van deze site (verrek: tijdens dit schrijven zijn er al weer twee bij gekomen).
Met Back Door Man is altijd wat raars aan de hand bij mij. Het is typisch zo'n nummer waar ik me even niet kan inbeelden om welk nummer het gaat als ik alleen de titel zie staan. Het is zelfs zo erg dat ik het nummer niet eens zo snel op dit album zou plaatsen. Heel vreemd natuurlijk, omdat ik dit album door en door ken.
Toch is het een geweldig nummer met prima gitaarwerk. Het duwt zichzelf wat minder hard naar voren dan andere songs op dit album, het straalt wat meer bescheidenheid uit en daardoor heeft het bij elke beluistering weer dat frisse gevoel wat ik bij Light of Fire een beetje ben gaan missen.
I Looked At You heeft het zwierige wat veel nummers op het album Waiting for the Sun ook hebben. Het heeft iets zonnigs. Velen zien dit nummer als een wat mindere God op dit album, maar ik denk daar anders over (ik ben ook een groot liefhebber van Waiting for the Sun).
Het is wat minder scherp of gruizig misschien, maar dat maakt het feest er niet minder om.
End Of The Night blijft een heerlijk, spannend nummer telkens weer. Het donkere sfeertje maakt het helemaal af. Buiten dat het donker klinkt vind ik het ook iets geils uitstralen. Krachtig nummer dit End of the Night. Ik ben er verzot op.
Het poppy, luchtige keert terug op Take It As It Comes. Poppy? Ja, maar dan wel van het bezwerende soort. Hoe heerlijk is het om helemaal op te gaan in de orgel-solo's. Neem je liefste bij de hand, sleur hem/haar de dansvloer op, handen in elkaar en draaien maar. Draaien tot je er dronken bij neer valt. Dans alsof het de laatste dans van je leven is.
En wat valt er verder nog te zeggen over de lange afsluiter The End? Ik kan mezelg quoten bijvoorbeeld:
aERodynamIC schreef:
The End.

Henk Schiffmacher zei ooit in een interview dat dit zijn crematie / begrafenis-nummer moest worden.

De reden ? Het duurt zo lekker lang "en die mensen maar wachten tot het eindelijk echt over is".

Altijd leuk zo'n quote, maar dat hadden de 13.732 gebruikers (ja ja er is er weer eentje bij gekomen) ook op pagina 1 al kunnen lezen.
Wat anders bedenken dan..........mmmm........misschien dat het simpelweg een ongelooflijk, spannende afsluiting is misschien? Cliché cliché. Ja dan weet ik het eigenlijk ook niet.
Dit zijn gewoon The Doors op hun best. Laten de users na mij bij dit album maar vertellen waarom dit zo'n sterk nummer is. Ik kan het niet: ik heb er gewoon geen worden voor en soms moet je dingen gewoon onbesproken laten.
Ik heb dat niet gedaan als het gaat om mijn gedachtengang rondom dit 5* album. Misschien slaken velen zelfs een zucht van verlichting na al dit gewauwel. Tegen hen, maar ook tegen anderen wil ik zeggen: zet deze klassieker gewoon nog eens op en laat elke nieuwe generatie na jou kennis maken met het fenomeen The Doors en dan met name dit fantastische debuut dat na 40 jaar nog steeds van enorme klasse is en staat als een huis. Het zal het over nog eens 40 jaar beslist nog steeds doen.
Laat nu de muziek het maar weer lekker overnemen. Ik draai deze nog gewoon nog een keer...........Break on Through..........!!!!

The Doors - The Soft Parade (1969)

poster
4,5
Nooit heb ik kunnen begrijpen waarom men dit als een minder Doors-album beschouwt.
Knieval voor de massa? Welke massa? Geen Doors-gevoel? Wat is dat dan?
Misschien dat ik een andere versie van The Soft Parade heb, want ik vind het allemaal machtig mooi.

Alleen al zo lekker majestueus openen met Tell All the People. Kom op zeg, met die lekkere vette blazerspartijen..... daar smelt je toch gewoon van? Dit is toch puur genieten? Ik hoor hier geen knieval in, ik hoor een band die zijwegen ingaat en wel degelijk hun eigen sound er nog even sterk doorheen weet te weven.
Ik vrees dat het mijn voorliefde voor pompeus gedrag in muziek is. Het mag af en toe best wat cheesy van mij, ik smul er van. Ongetwijfeld de reden dat anderen zich er van af wenden.
Ook Touch Me gaat er in als koek bij mij. De blazers vind ik wel degelijk wat toevoegen en de strijkers maken het misschien wat zoetig maar ook dat deert me niet. Dit swingt als een trein en volgens mij vind de massa dit helemaal niks dus het verhaal van een commerciëlere koers volg ik niet zo. Ze wijzigen hun koers ja, dat hoor ik zeker, een koers die ik niet beter of slechter vind; een koers die ik gewoon weet te waarderen.
Shaman's Blues is wat meer 'oude sound' en dat is er eentje die ik dus prima smaak. Bovendien zorgt het voor wat afwisseling: het is niet alleen maar blazers en strijkers. De gitaar eist hier wat meer de hoofdrol op en dat doet ze goed.
Do It is een energiek hoogtepuntje op dit album. Drums en orgel zijn wederom magnifiek en Jim is in vorm. Hier krijg ik dus een positieve stoot energie van.
Nummers als Easy Ride zijn op meerdere Doors-albums wel te vinden: wat luchtiger en in eerste instantie wat filler-neigingen totdat je het vaker hoort en beseft dat je met die gedachten er gewoon naast zit. Dit soort nummers zijn haast onontbeerlijk voor Doors-albums.
Funky en swingend: een combi die mij altijd goed bevalt, zo ook hier.
Wild Child is een ijzersterk nummer met een slepend en vaak wat tegendraads ritme. Hoezo voor een breed publiek??? En echt: ik hoor niet zo goed waarom dit nu zoveel minder is dan het voorgaande Doors-werk. Ik hoor een sterk nummer, niet meer en niet minder.
Runnin' Blue krijgt wederom een blazers-toevoeging en is muzikaal gezien een mengeling van van alles en nog wat. Gedurfd en redelijk goed geslaagd ook. Misschien is het wennen aan een sax in een Doors-song, maar bij heeft het nooit een gewenningsperiode nodig gehad. De feel had ik al gelijk te pakken.
Wishful, Sinful is gewoon een mooi nummer. Jim zingt het schitterend, de strijkers weten het op te pimpen tot net nog even mooier en beter. Helemaal niks op aan te merken.
The Soft Parade is wederom een afsluiter met een behoorlijke lengte. Mad Jim opent het met een monoloog en hierna start het langzaam op om te verworden tot een nummer dat alle kanten opgaat, alle zijwegen even inloopt en vervolgens weer evensnel verlaat.
Hierdoor is het een ietwat gek nummer geworden maar wel eentje vol avontuur en durf.
En de term avontuur wil ik dit hele album eigenlijk meegeven, wat anderen dus zien als inferieur of een diepe buiging naar het grote publiek (nogmaals: ik hoor het er echt niet in, althans niet meer of minder dan de eerdere albums).
Normaliter is mijn toon bij het beschrijven van lievelingsalbums wat neutraler en vooral wat minder verdedigend, maar ik vind het jammer dat mensen het album zo makkelijk wegstrepen, dus een ander geluid leek me gewenst. Het is ieders goed recht negatiever te zijn (sterker: die geluiden zijn eigenlijk bij ieder album op de site gewenst) en het geeft daardoor wel een beter en algemener beeld van een album. Of het terecht is of niet moeten de mensen die het n.a.v. alle reacties uitproberen uiteraard zelf bepalen.
Laat ik dan de zonnige kant van de reacties zijn en bepaal zelf maar in welk 'kamp' je gaat zitten. Ik heb in elk geval mijn best gedaan om het zonnetje boven dit album te laten stralen

The Doors - Waiting for the Sun (1968)

poster
5,0
Als een album begint met Hello I Love You dan moet je toch al gelijk concluderen dat dat wederzijds is?!
Zodra de eerste tonen gespeeld worden komt er al een enorme glimlach tevoorschijn en is het heerlijk thuiskomen. Heel vertrouwd begroeten The Doors mij om me vervolgens mee te nemen aan de hand, een hand die me mee zal voeren langs diverse zeer toegankelijke liedjes.
Love Street is daar al een goed voorbeeld van. Het is verbazingwekkend licht en luchtig zonder dat het goedkoop is. Pop-Doors optima forma. Ze komen er zeer goed mee weg als je het mij vraagt, want dit mag toch zeker een klassiek nummer genoemd worden.
Not To Touch The Earth verlaat dat pad enigszins en klinkt spannender. De manier van spelen werkt haast hypnotiserend en het orgel krijgt weer een grote rol. Magisch nummer en nog steeds erg sterk ondanks dat ik het wel erg vind passen in die jaren '60.
Het ietwat melancholische Summer's Almost Gone is minder mysterieus maar het heeft iets triestigs over zich. Maar juist hierdoor raakt het mij behoorlijk en is het uitgegroeid tot een van mijn favoriete nummers van dit album. Prachtig gespeeld en ingetogen gezongen.
Misschien vreemd, maar Wintertime Love is misschien wel mijn favoriete song van dit album. Hoe vaak de stereo qua volume omhoog is gegaan als dit nummer zich aandiende durf ik niet meer te zeggen. Het nummer weet me telkens weer mee te sleuren in zijn enthousiasme en wat is dat intermezzo na ongeveer anderhalve minuut toch zalig.
The Unknown Soldier is natuurlijk ook een klassieker te noemen. Het trieste is natuurlijk dat het tekstueel nog even actueel is als toen en ik vrees dat het altijd wel actueel zal blijven.
Hoe dan ook een ijzersterk nummer.
Spanish Caravan gaat weer een totaal andere kant op. Wat dat aan gaat is dit album dan ook heel divers. Het flamenco gitaarspel van Krieger is goed en uiteraard zeer passend hier en hoe mooi als dan opeens de electrische gitaar in combi met het orgel inzet: dat is wel een zeer mooi stuk in deze kleine 3 minuten die het nummer duurt.
Over My Wild Love heb ik lang bedenkingen gehad en heeft er voor gezorgd dat dit album de 5* niet kreeg. Inmiddels ben ik daar overheen en vind ik dit bezwerende stuk perfect passen binnen de diversiteit van alle nummers.
We Could Be So Good Together heeft de poppy inslag van de eerste nummers op dit album. Vrolijk en opbeurend. Degelijk uitgevoerd en er valt dan ook niets negatiefs over te melden alhoewel ik me kan voorstellen dat veel fans met nummers als deze niet zo heel erg veel kunnen.
Yes, The River Knows vind ik na ik weet niet hoe veel draaibeurten nog even betoverend als toen ik het voor het eerst hoorde. Naar Doors-maatstaven erg rustig gespeeld en gezongen.
Ik kan er heerlijk in opgaan.
Afsluiter Five To One is misschien wel het meest vertrouwde Doors nummer. Geen uitstapje, geen frutsels of fratsen: gewoon de Doors zoals we ze kennen van b.v. hun debuut album. Uitstekend gitaarwerk, herkenbaar orgelgeluid en Jim die al zijn demonen zijn lijf uit probeert te zingen.
Ik besef heel goed dat puur bekeken dit album te veel allerlei kanten op springt, dat het misschien wel te veel zwalkt en dat het daardoor niet snel uitgeroepen zal worden tot beste Doors-album.
Toch heb ik er in de loop der tijd een bijzondere band mee gekregen en zie ik het samen met het debuut wel degelijk als persoonlijke favoriet. Maar ja; hebben The Doors überhaupt wel een slecht album afgeleverd? Nee, dat dacht ik ook niet.

The Dumplings - No Bad Days (2014)

poster
3,5
The Dumplings.... zei me helemaal niks toen ik dit vandaag op lp cadeau kreeg.

Een bijzonder cadeau trouwens. Na zo'n tien jaar contact te hebben met een Roemeen, inmiddels woonachtig in Polen was er vandaag dan eindelijk een ontmoeting in Amsterdam.
Ik leerde hem kennen zoals zoveel MuM-maatjes: door muziek. In dit geval via Last.fm.

Een herkenbare muzieksmaak en daarna ook persoonlijke herkenning zorgde voor een inmiddels tienjarig contact. MSN, Skype, Facebook: allemaal mooie middelen, maar niets zo mooi als een real life ontmoeting met wederzijdse partners, drankjes en goed eten. En als je dan een verrassing uit Polen krijgt in de vorm van deze lp is dat vanaf nu een mooie herinnering aan wat muziek ook met mensen kan doen: verbinden.

Ik blijf erbij dat echte muziekliefhebbers zoals ook op deze site toch een bepaald slag mensen zijn die elkaar weten te vinden door wederzijdse muziekliefde.

The Dumplings maken pop met een alternatief randje. De meeste nummers gezongen in het Engels, maar een aantal ook in het Pools. De zangeres heeft een fijne stem, de nummers klinken niet al te zwaar, maar zijn zeker ook geen huppelpop. Toegankelijk en vriendelijk.

Zelf zou ik het misschien links hebben laten liggen, maar toch past het ook wel bij me (gek genoeg voel ik een soort Songfestival randje, alhoewel dat onterecht is), en door de hele geschiedenis is het een plaat om te koesteren: vier de muziek en vier vriendschappen. Daar staat No Bad Days nu voor wat mij betreft. En het was zeer zeker geen slechte dag vandaag!

The Early Years - The Early Years (2006)

poster
4,5
Er zijn van die momenten dat je snakt naar een pracht-debuut en opeens is er dan weer zo een.
The Early Years debuteren met een album zonder titel.
De single en opener All Ones And Zeros laat al horen dat dit wel eens een heel mooi album zou kunnen gaan worden. Prachtige psychedelische gitaar-kronkels met daaroverheen de bezwerende zang van David Malkinson wat langzaam overgaat in de beheerste bak met herrie zoals een band als Ride dat ook zo mooi kan.
En dan gaat Things van start met wederom die zoetgevooisde stem van Malkinson. Hoe mooi, hoe mooi....... zoals de mannen de spanning kunnen opbouwen in een nummer (soms valt het nummer zelfs bijna stil en dan voel je de onderhuidse spanning).
En dan langzaamaan kruipen ze naar boven, langzaamaan met breed uitwaaiende gitaar-patronen zwelt het nummer aan en dan denk je: nu gaat het komen, en dan net niet, heel pesterig maakt Malkinson het nummer zacht af. Prachtig!!!
Simple Solution start wat directer met een lekker drum-ritme, waar weer die prachtige gitaarpartijen overheen gedrapeert worden. Het nummer dendert ruim 4 minuten als een sneltrein over je heen. En die gitaar: weer eist die alle aandacht op, ik kan er geen genoeg van krijgen. Drie hoogtepunten op een rij: kun je je een mooiere start van een album bedenken? Enig minpuntje van dit nummer is het einde, dat had wel iets fraaier gemogen dan dit botte weg editten.
Brown Hearts opent haast fluisterend in zowel zang als muziek. Honingzoet. Hemels. Dit nummer bezorgt me koude rillingen, wat een genot om te horen. En na 3 en een halve minuut is het uit met de pret, dan zullen we weten dat er gerockt kan worden. Een lekkere uitsmijter aan het einde dus. Doet me een beetje aan de band Doves denken (Doves en Ride zijn sowieso de 2 namen die me dit hele album niet los weten te laten).
Het dik 7 minuten durende Song for Elizabeth eindigt redelijk psychedelisch met prachtige soundscapes. En zo staat de teller al op 5 enorme hoogtepunten aan songs, en daarmee zit de helft van dit album er op.
De tweede helft begint met Muzik der Fruhen Jahre. Een speels nummer waarin we allerlei jaren '70-achtig geexperimenteer horen. Dit wederom verweven in gitaar-soundscapes. Dromerig, broeierig, dit nummer heeft het allemaal in zich. Geen zang deze keer, en pas als het nummer is afgelopen besef ik het pas.
Single nummer twee So Far Gone laat een net even ander geluid horen. Het doet me terugdenken aan begin jaren '90 waarin bands als de Stone Roses groot waren.
Heerlijk en knap ook dat de band niet langzaamaan verdrinkt in zijn eigen geschapen geluid, maar ons gewoon bij de les weet te houden door net even weer een andere richting op te slaan. Een richting die overigens niet storend is, want het past perfect binnen de lijntjes van dit album.
High Times and Low Lives is wederom een voltreffer. Een nummer dat wederom alle kanten op gaat van zacht naar hard, van ingetogen naar opgewonden. En toch blijft het telkens weer iets ingehoudens hebben. Ride is wederom een band waar ik snel aan moet denken bij een nummer als dit.
Harmonic Interlude, de naam zegt het al, is een instrumentaal opvullertje. Horen we nu iets negatiefs? Beetje wel. Ik heb het nooit zo op interludes in welke vorm dan ook. Gelukkig duren ze nooit zo lang en kunnen we snel door naar de afsluiter This Ain't Happiness. Een mooi nummer wat erg lijkt op een nummer waar ik maar niet op kan komen. Maar hoe dan ook schitterend.

Ik heb het vermoeden dat dit album waarschijnlijk aan ieders neus voorbij zal gaan. Ik ben blij dat ik het heb weten op te pikken, want het behoort nu al tot een van de mooiste cd's van dit jaar en het maakt grote kans om heel hoog te eindigen in mijn eindejaars top 10.
Laat ik dus hopen dat musicmeter het ook gaat oppikken, want ik weet nl. zeker dat hier liefhebbers voor zijn.

Een hele dikke 4,5*.

Nieuwsgierig geworden? Momenteel te beluisteren op de luisterpaal van 3voor12

The Electric Pop Group - Seconds (2010)

poster
3,5
Het uit Santa Barbara, Californië afkomstige label Matinée komt weer op de proppen met een bandje uit het hoge noorden van Europa die put uit de gitaarpop van de jaren '80.
Met het uit Denemarken afkomstige Northern Portrait wordt The Smiths wel heel erg nadrukkelijk tot leven geroepen en The Electric Pop Group is afkomstig uit Zweden en heeft met Seconds hun tweede album uitgebracht op dat Amerikaanse label.
Het gaat om het duo Erik Aamot (gitaar en vocalen) en Martin Aamot (gitaar, bas, keyboards, drum, vocalen). Broers dus die er live op het podium een bassist bij halen.
Ondanks dat de heren uit het koele Zweden komen passen ze qua muziek veel beter bij het label uit het zonnige Cailfornië, want hun sprankelende gitaarliedjes klinken uiterst zonnig, evenals hun warme vocalen (zeker als ze samen zingen). De poppy Jesus & the Mary Chain mengen aardig met, alweer, The Smiths plus wat Stone Roses en er is ook wel wat Stereolab in terug te horen. Niet bepaald origineel dus maar verder best smaakvol gedaan moet ik zeggen.
Terug naar die vocalen: zeker in de samenzang is het warm maar tegelijkertijd vind ik Erik Aamot ook wel beperkt in zijn zangkunsten. Hij klinkt monotoon en soms onvast, wat op den duur een beetje dreinerig gaat worden. Hierdoor beginnen de nummers in de loop van het album ook hun aanvankelijke kracht te verliezen omdat het een beetje een grote brei begint te worden en je niet meer weet bij welk nummer je ook al weer bent aangekomen. Eigenlijk is dat best jammer omdat de liedjes gewoon pure nostalgie zijn en heerlijk om naar te luisteren. Ik zie me zo al rondlopen deze lente: voor het eerst zonder jas met dit duo op de iPod. Puur genieten denk ik zo. Nu die zang nog.....
Toch weerhoudt het er mij niet van om genoeg te genieten van deze cd, en ik denk dat ik het nog best vaak zal gaan beluisteren ook.
Misschien dat het van invloed gaat zijn op de beoordeling na verloop van tijd.

The Family - The Family (1985)

poster
3,5
The Family............... wederom zo'n bandje van Prince. Een leuke uitlaadklep voor al het werk dat hij niet op eigen albums kwijt kon of wilde. Het grappige is dat veel nummers van dit titelloze debuut ook bekend zijn als outtakes van Prince zelf. De nummers wijken dan nauwelijks af van deze versies. Het is dan alleen de zang die dan door Prince zelf verzorgd wordt.
Dit bandje kwam voort uit The Time. Morris Day had de groep in 1984 verlaten om aan een solo-carriere te werken en hierdoor nam gitarist Jesse Johnson het over. Op advies van Prince werd zanger Paul Peterson erbij gehaald. Johson was daar geen voorstander van en pakte ook al snel zijn biezen om aan solo-werk te beginnen.
Hierdoor bleef er van The Time niet veel meer over. Prince besloot dan ook om er maar een andere band van te maken genaamd The Family. Peterson werd St. Paul, Susannah Melvoin (de tweelingzus van Wendy) werd erbij gehaald evenals saxofonist Eric Leeds. De overgebleven Time-leden die wel mee wilden doen waren Jellybean Johnson en Jerome Benton.
High Fashion is jazzy Prince-funk waar de sax van Leeds een grote rol speelt. Duidelijk een erg sterk nummer met slechts 1 nadeel: de matige zang van St. Paul. Ik blijf de versie waarop Prince zingt de voorkeur geven. Sterk nummer.
Ook Mutiny is ijzersterke Prince-funk. Het werd dan ook regelmatig live vertolkt door Prince zelf tijdens de tour in 1986. Party party party, dat is wat dit nummer is. Maar ja, die zang he. Gelukkig zag Prince dat zelf ook in en hij zong er gewoon d.m.v. overdub overheen. Je krijgt hierdoor wel een beetje een hol effect wat het niet echt fraaier maakt.
Screams of Passion verscheen op single en er werd ook een video bij gemaakt waarin we daadwerkelijk konden zien wie de leden van The Family nu waren. Ook dit nummer is typisch Prince: de geluiden die we hier horen waren ook terug te vinden op b-kanten als 17 Days en She's Always in My Hair.
Dat Prince duidelijk veel te veel goede nummers op de plank had liggen is wel duidelijk als je dit zo hoort. Goed dat het via een omweg dus alsnog het levenslicht zag. Grappig is ook dat de oerschreeuw die Prince nogal eens slaakt ook in dit nummer terug te horen is en hoe zwoel en tegendraads klinken die strijkers toch. Smullen geblazen.
Het instrumentale Yes heeft wat weg van de nummers die terechtkwamen op The Black Album. Rauwe funk met een jazz ondertoon. Madhouse is misschien nog wel een betere referentie. De Galgenwaard-gangers uit 1987 herinneren zich dat bandje vast nog wel.
River Run Dry was het enige nummer dat niet door Prince werd geschreven. Voor dit nummer was Revolution-drummer Bobby Z verantwoordelijk. Aardig, maar ook wel een beetje zeikerig. Te niemandallerig helaas.
Over Nothing Compares 2 U heb ik niet veel meer te vertellen dan in mijn post hierboven. Nogmaals: het is inferieur aan de Sinéad O' Connor versie en ook Prince zelf heb ik dat nummer nog niet beter horen uitvoeren.
Susannah's Pajamas gaat weer een beetje op de Madhouse-toer. Instrumentale jazzy funk. Niet zo heel erg bijzonder overigens.
De afsluiter Desire is bij de grote fans ook wel bekend als Prince-outtake met Prince zelf op zang. Ik vind het een lekker nummer. Niet heel bijzonder maar lekker poppy en voor dit album zeker geschikt.
Over het geheel genomen een beetje een ratjetoe aan nummers met lelijke vocalen, maar op een aantal composities valt niet veel af te dingen. Leuk voor Prince-fans, niet zo heel boeiend voor niet-liefhebbers.

The Family Crest - Beneath the Brine (2014)

poster
4,5
Revere, Asaf Avidan, The Irrepressibles, Radical Face, Stuart Warwick.... nee niet namen die van doen hebben met The Family Crest maar allemaal bands/artiesten die ik enorm heb lopen promoten omdat ik er zo van genoot en vond dat het gedeeld moest worden. Bands/artiesten bij wie het ook gelukt is (een enorm veelvoud daarvan is op deze site terechtgekomen op de afdeling vergeten MusicMeter hoekjes).

Vaak ontdek ik ze bij toeval zelf maar ook regelmatig krijg ik ze getipt door mensen die mijn smaak kennen en weten dat dit absoluut wat voor me moet zijn. User muziekobsessie is er daar eentje van. Hij is hofleverancier geweldige vergeten pareltjes en soms komt ie ook met iets nieuws aanzetten zoals The Family Crest.

Ik was verbaasd dat het nog niet op de site stond, daar het (tweede) album van dit bonte gezelschap al aan het begin van dit jaar is uitgebracht. Laat ik daarom maar weer eens mijn loftrompet steken over deze ontdekking in de hoop dat er meer mensen volgen zoals bij de eerder genoemde namen. Dat stoffige, vergeten MusicMeter hoekje met straks 2 stemmen van muziekobsessie en mij zou onterecht zijn!

Opener Beneath the Brine hakt er al gelijk in. Rijkelijk georchestreerd met een vurige cello die dit prachtwerkje opent. Onmiddellijk moet ik denken aan Lost in the Trees met hun zwierige barokfolk. De levenslust straalt van dit nummer af en als Liam McCormick zijn mond opendoet kan het toch niemand ontgaan dat zijn manier van zingen enorm lijkt op die van Jeff Buckley.
Op deze manier wandel ik direct een muzikaal sprookje in..... en sprookje dat nog wel even gaat duren....

The Word zet het avontuur voort op een manier waarop Arcade Fire dat ook doet: catchy, rijk georkestreerd en behoorlijk wat samenzang. Kijk voor de grap eens op de website van de band en dan onder het kopje 'The Family'. Die is behoorlijk uitgebreid: 'We believe that anyone is musical when given the opportunity. That’s why we’ve invited musicians of all experience levels to join us for live performances and recordings. We call this amazing group our “extended family” and are proud to have shared stages and sound booths with them.' En als je zin hebt doe je gewoon lekker mee: 'If you are interested in joining the family, let us know on Facebook or Twitter.'.
De vreugde druipt er vanaf en dit soort muziek brengt mij in elk geval in een zeer goede stemming.

Love Don't Go valt op door de blazers en mag ook in de categorie 'zwieresque pop' gezet worden. De zanglijn van McCormick wordt regelmatig overgenomen door het koor en de strijkers, blazers en andere akoestisch getinte instrumenten verwarmen dit nummer enorm. Hierdoor ontstaat er iets meeslepends waar ik maar geen genoeg van kan krijgen. Voeg daar die Buckley-snik aan toe en het is helemaal af.

William's Dirge lijkt te openen op de manier waarop Queen's Innuendo dat doet maar gaat gelijk een heel andere richting op, namelijk de circus-swing waar Gabby Young & Other Animals ook bekend om staan en dat zet zich na 1 minuut voort in Howl: Vaudeville pop/rock die de pan uit swingt. Jazzy blazers geven het een tintje uit lang vervlogen tijden mee en het feestje is compleet.
Als je zin hebt in depressieve muziek is dit nummer niet aan te raden want dit pept op en maakt je aan het dansen.

The Water's Fine krijgt juist weer een zuidelijk tintje mee. Warm, maar ergens toch wel met een wat donkere schaduw. Het nummer dreigt haast een draaikolk te worden waarin je opgezogen wordt. Alles buitelt in een razend tempo om elkaar heen zonder te ontsporen. Accordeon en cello eindigen weer net zo innig als dat ze het nummer opgestart hebben.

I Am the Winter heeft in het intro wel wat weg van Midlake en hier komt de folk-kant van de band naar boven. Het nummer ademt wat meer dan de voorgangers en komt wat soberder over. Gewoon een mooi melodisch nummer met een hoofdrol voor de dwarsfluit.

She Knows My name is een licht klinkend nummer waarbij Lost in the Trees toch wel door mijn hoofd blijft spoken. Prachtig van klank met droevig getinte momenten (het intro) maar vooral ook euforische. Het ligt dicht bij elkaar in dit nummer. De grootste klank die op dit album goed wordt neergezet is in dit nummer erg goed voelbaar. Geweldig hoe ze dit doen. Belle & Sebastian maar dan voller en rijker.

As We Move Forward dwarrelt en dendert je huiskamer in op de opzwepende manier waarop Arcade Fire dat ook kan. Het nummer heeft iets dwingends wat ervoor zorgt dat ik geboeid blijf luisteren en ik me volledig over kan geven aan de klanken die tot me komen. De zang is af en toe snerpend wat het juist extra kracht geeft.

When the Light Goes out heeft een wat langer intro en klinkt wat mysterieuzer. Het vormt een mooi rustpuntje waar de nadruk meer ligt op McCormick en zijn gitaar, voeg daar de vrouwelijke vocalen aan toe en langzaam aan ontvouwt dit nummer zich dan tot een monumentaal wiegelied. Schitterend!

There's a Thunder start groots en majestueus alsof Polyphonic Spree van de partij is. Hallelujah mensen laten we dansen, liefhebben en genieten van het leven. Dit soort nummers pompen een enorme stoot energie in mijn lijf en dat is soms zo hard nodig en wat kan muziek dan toch mooi zijn.

Make Me a Boat is het slotstuk van dit overrompelende album en leunt sterk op de vocale capriolen van zanger McCormick. Ook dit klinkt groots en meeslepend zoals dit album ook gewoon hoort te eindigen.
Als het afgelopen is wil ik alleen maar meer (er is nog een debuut waar ik maar eens naar op zoek moet gaan).

Man, man, man wat is dit een geweldig album. Je moet niet vies zijn van een portie drama (mensen die mij volgen kennen mijn muzikale smaak onderhand wel). Zoek je lieve kleine luisterliedjes dan ben je hier niet aan het juiste adres.
Voor wie dan wel? Voor iedereen die het weer aandurft om mij te volgen in mijn enthousiasme en wie gek is op bands als Arcade Fire, Lost in the Trees, Jeff Buckley, Gabby Young, Belle and Sebastian of Patrick Wolf om er maar eens een paar te noemen.

The Fault in Our Stars (2014)

poster
3,5
Deze vakantie had ik mijn nichtjes uit de VS op bezoek: ze moesten en zouden in Amsterdam 'het bankje uit de film' zien. Welke film? The Fault in Our Stars.

Ik herinnerde me wel dat ik daar een artikel over had gelezen maar de film zei me niets. De meiden wisten me te vertellen dat ze flink hadden gehuild en dat de hele zaal dat deed. 'Okay, puberfilm, niks voor mij dus' dacht ik gelijk maar als brave oom zoeken we dat bankje wel.
Dat lukte doordat andere mensen ons aanspraken in de bewuste straat en het ons vroegen waar het was, toeval dus. Wij wisten het ook niet exact maar ze hadden een krantenartikel met foto bij zich en dan wordt het wat makkelijker.

Goed, genoeg blijdschap natuurlijk om een gewoon suf bankje.

Toen bleek dat de film net draaide in mijn woonplaats dus ik vroeg of ze zin hadden om de film nog een keer te zien (van de ondertiteling moesten ze zich maar niks aantrekken).
En zo gebeurde. Inderdaad heel veel snotterende mensen in de zaal en ik moet toegeven dat het gewoon een leuke film was (een zakdoek was voor mij dan weer niet nodig) maar dat niet alleen: ik genoot ook wel van de muziekkeuzes en die zijn op deze soundtrack dus terug te vinden.

Het oudste nichtje (11) is dol op dit soort muziek dus die gaat al helemaal de goede kant op wat mij betreft en tijdens al onze uitstapjes deze zomervakantie is het album flink gedraaid in de auto.

Een uitstekende collectie nummers die mooi op elkaar aansluiten. Alleen Afasi & Filthy's Boomfalleralla valt uit de toon (Zweedse rap) maar speelt in de film weer een belangrijke rol

The Forest & the Trees - The Forest & the Trees (2010)

poster
3,5
Opgewekte popsongs uit Zweden met een lichte folky inslag. Jongentje-meisje en samen komen ze er wel uit. Het lijkt ondertussen haast een beproefd recept dat succes garandeert.
Tegelijkertijd is het ook steeds lastiger om met dit soort albums de grote aandacht te genereren. The Forest & the Trees is aangenaam om naar te luisteren en je wordt er vrij snel vrolijk van, maar tegelijkertijd besef je ook dat dit album niet voor de eeuwigheid is. Dit zou tijdens de jaarlijstjes bij wijze van spreken al weer compleet vergeten kunnen zijn.
Op zich is dat jammer en misschien gaat het niet voor iedereen op, want een nummer als The Barber wordt toch wel erg lekker kreunerig gezongen door Linnea Edin met dito bijpassende muzikale begeleiding van haar man Joel.
Ja, dit is een koppel waar de biografie zo leuk schrijft dat They live in an apartment outside of Stockholm where they sleep, eat and create music.. Schattig toch?! Zo ook dit nummer.
En afsluiter By the Trees is toch wel erg lekker wegdromen zo.
En er staat genoeg leuks tussen het gebodene kan ik wel zeggen.
Mocht je niet overtuigd zijn van dit schrijven maar wel nieuwsgierig genoeg om het te willen gaan beluisteren dan kan dat. Het duo laat dit album in zijn geheel streaming horen op The Forest & The Trees | The Forest & The Trees - theforestandthetrees.se

Veel plezier ermee!

The Frames - For the Birds (2001)

poster
4,0
The Frames leerde ik pas kennen door hun album Burn the Maps. Opvolger The Cost deed me zo mogelijk nog net even meer en ik ervaarde de echte schoonheid van deze muziek door het album van Glen Hansard met Markéta Irglová en de daaruit voortvloeiende film Once.
Puur, ontroerend, recht naar het hart zonder poespas of wat voor opsmuk ook. Dat maakt deze band ook wel erg aantrekkelijk voor mij.
Dit album was de derde die ik leerde kennen en wederom flikten ze het om mijn ziel te raken met hun melodieën die een rijkdom bevatten waar een mens alleen maar gelukkig van kan worden.
Dit is voer voor de romantici onder ons zonder klef te zijn. Daarbij is het ook geschikt voor de minder romantischer mens die het leven wat nuchterder bekijkt: ook zij zullen ontroerd worden door Hansard en zijn mannen.

The Gay Blades - Ghost (2007)

poster
3,0
In 2008 een re-release gekregen met gewijzigde tracklist:

1. O Shot
2. Bob Dylan's 115th Nightmare
3. Hey She Say
4. Dog Day Afternoon
5. NHDN
6. We Wear Mittens
7. Robots Can Fuck Your Shit Up
8. Why Can't I Grow A Beard?
9. Compliments Can Kill
10. Prologue For the Pure of Heart
11. O Shot - Person Remix
12. Compliments Can Kill - Matt Haick Remix

Drums, gitaar en zang: aan meer doet dit duo niet en meer hebben ze ook helemaal niet nodig. Trashpop noemen ze het zelf en daar kan ik wel een beetje inkomen (het is pop met een ruiger randje gemengd met rock). Neem de Person remix van O Shot maar eens (ook te beluisteren op hun myspace pagina); dat swingt toch als een trein op een lekker rauwe manier. Alsof Daft Punk even goed wild gaat.
Ik moet het voorlopig maar even met myspace doen want deze remix is niet te vinden op de originele release uit 2007 die ik ken. Hier is O Shot een rocker die weinig opsmuk kent.
Verder horen we prima rock and roll gemengd met poppy nummers. Nergens verbijsterend maar regelmatig simpelweg erg lekker of het nu rock is of juist de melodramatische haast jazzy ballads met een knipoog.
Recht voor z'n raap en recht naar het hart, nou ja, bij wijze van dan (want zo sterk is het album nu ook weer niet ). Dat doen ze toch maar eventjes met 2 man.
Toch gaat het naar het einde toe wat saai worden en daarom een krappe 3,5*, nee 3*, of toch maar 3,5*, nee 3* gaat het worden (meer van die remixen was fijner geweest).

The Ghost of a Saber Tooth Tiger - Acoustic Sessions (2010)

poster
3,5
Fijne, lieve, warme liedjes die werken als een haardvuur tijdens natte herfstavonden.
Het klinkt cliché maar het dekt voor mijn gevoel toch de lading als het gaat om Acoustic Sessions van The Ghost of a Saber Tooth Tiger die ik ben gaan beluisteren door het enthousiasme van user muziekobsessie. Een enthousiasme dat ik deels met hem deel, want hoe mooi ook; ik werd er vooralsnog niet door van mijn sokken geblazen. Maar dat is tegenwoordig ook niet meer zo makkelijk met al die bandjes die elke dag om je oren vliegen.
Toch denk ik wel dat mijn enthousiasme nog zou kunnen gaan groeien zoals een ander akoestisch getint album, dat van Philip Selway, dat ook deed. Ik begrijp de aanbeveling voor deze cd ook wel: folk (doet me soms wat aan Elliott Smith denken), ondanks de soberheid toch een rijk geluid..... ingrediënten die mij er wel toe kunnen aanzetten om dit langzaamaan in mijn muzikale armen te gaan sluiten. Het zijn die subtiele muzikale toevoegingen die het hem doen op dit album.
muziekobsessie schreef:
Echt prachtige verrassende samenzang met spooky Tim Burton achtige toetsen

Die voelde ik heel soms ook wel. Het deed me een beetje denken aan het album London Town van The Magic Theatre.

Ondanks dat het niet hemelbestormend is en ik niets nieuws hoor is dit wel degelijk een uitstekende tip en ik ben dan ook erg benieuwd naar wat de toekomst dit bandje gaat brengen.

The Great Dictators - Killers (2015)

poster
4,5
Bij toeval ontdekte ik het clipje behorende bij Strange Ways. Leuk nummertje, meer niet. De clip ging in eerste instantie wat aan me voorbij. En toen ik echt eens goed ging kijken zag ik dat Putin voor gek werd gezet. Wacht, even opnieuw.... en nu ook luisterend naar de tekst. Het werd me gelijk duidelijk: dit was opkomen voor de LGBT gemeenschap. Een hart onder riem steken, dat is wat de Deense heren hier doen.

Heren die zelf niet tot de doelgroep behoren volgens mij (de gitarist is niet lang geleden nog getrouwd met een dame).
Stoere mannen met het hart op de juiste plaats dus!

En dan is mijn interesse toch wel gewekt, te beginnen met het debuut. Een fijn debuut waar The National gerust genoemd mag worden als vergelijkingsmateriaal.
Interessant wordt het dan om te luisteren of we dat bij hun tweede, Killers genaamd, weer terug horen.

Ja, de stem heeft een zelfde timbre maar op Killers beginnen ze toch meer een eigen sound te ontwikkelen. Wat luchtiger zoals op de single Strange Ways maar ook met wat aangename toevoegingen zoals de trompet op We Don't Have Sound of In the Name of the Father bijvoorbeeld of piano hier en daar. Die trompet fladdert sowieso wel vaker voorbij. Nummers die me aan Get Well Soon doen denken.

Grappig zijn de kleine Faith No More-achtige uitspattingen in Holy Creatures, Vote for Me en Baby Skull Ring als in een oerschreeuw. Stelt niet veel voor als je het naast Faith No More legt, maar het doet me er toch even aan denken.

Killers is toch wel een stap vooruit, ook al vond ik het debuut al best sterk. Een album dat misschien wel eens verder kan gaan uitgroeien als het wat beter in mijn muzikale aderen is gaan nestelen.
Killers is gewoon een zeer fijn plaatje en dit bandje heeft ineens mijn volle aandacht.

Heerlijk!

Voer voor liefhebbers van The National, The Slow Show, Get Well Soon e.d.

Hier te beluisteren: Killers by The Great Dictators - Listen to music - soundcloud.com

The Great Dictators - Liars (2014)

poster
4,0
Ze duiken ineens overal op: zangers met van die donkere zware stemmen. Ja, misschien mogen we best in koor The National gaan roepen (doen we ook bij The Slow Show).

Is dat raar om deze Denen daar mee te vergelijken? Ik vind van niet. We praten over donkere melancholische nummers en de stem van Dragut Lugalzagosi lijkt behoorlijk op die van Matt Berninger. Ik denk zelfs dat Lugalzagosi, klinkt lekker Deens trouwens, wat meer kanten op kan met z'n stemgeluid.

Als je op zoek bent naar een unieke sound moet je hier niet wezen. Zoek je prachtige, donkere romantiek met hier en daar een bijtende ondertoon enn heb je net als ik een zwak voor bands uit Denemarken dan zou ik dit zeker eens gaan beluisteren.

Het is de moeite waard!

The Great Dictators - Women (2016)

poster
4,0
Ze zijn terug: de mannen rondom Dragut Lugalzagosi, oftewel The Great Dictators uit Kopenhagen.

Album nummer drie in drie jaar tijd. Een mooie trilogie. Elk jaar nieuwe muziek alsof het niks is.

Hoe leuk als je net even wat meer contact hebt met een band zoals hier het geval. Dragut zat in IJsland toen ik in Kopenhagen was. Gevalletje 'jammer' vonden we allebei. Voorlopig moet het biertje nog maar even in de ijskast staan en kan ik weer even vooruit met tien nieuwe tracks op het nieuwe album Women.

De sound is herkenbaar, de zang misschien nog wel meer. De drie albums liggen mooi op één lijn. Women lijkt iets lichter van klank. Misschien doordat de elektronische toevoegingen wat meer opvallen (alhoewel ze zeker geen hoofdrol krijgen toebedeeld).

Veel midtempo en slepende nummers. Niet sleazy, want daarvoor weten de heren de nummers net wat te veel pop-invloeden mee te geven. De koortjes zorgen er ook voor dat de toon niet al te zwaar wordt.

Women lijkt vooralsnog een grote knaller als 'Strange Ways' (van de voorganger Killers) te ontberen, maar de kristalheldere sound op bijvoorbeeld 'We're Almost Here' geven toch wel wat meerwaarde waardoor het opvalt.

The Great Dictators zijn niet de nieuwe wonderkinderen in pop- en rockland. Het feit dat ze uit Denemarken komen maken het in deze tijden der globalisering ook niet echt exotisch meer. Dat hoeft ook niet.
Women is gewoon een fijn alternatief rockalbum met wat popinvloeden en een zanger met een zeer kenmerkend geluid. En daar valt goed van te genieten.

Dat ik deze band wel een doorbraak in Nederland gun is niet meer dan logisch. Het is me al eens gelukt met een bandje in Londen. Ik blijf het ook gewoon proberen met dit bandje uit Kopenhagen. Je weet maar nooit.
Eens zal en moet ik ze zien op de Nederlandse podia. Tot die tijd geniet ik lekker van women, en dat klinkt toch wel bijzonder uit mijn mond

The Grus - Nest (2015)

poster
4,0
The Grus komt uit Rusland en maakt stemmige, dromerige down-beat nummers met vintage analoge synthesizers en donkere geluidsfragmenten. Vooral de vocalen van Alexandra Zhuravleva vallen op en vormen de kracht op dit album.

The Nest vormt een mooie collage en doet erg denken aan het debuut van Tricky, toch niet de minste om mee vergeleken te worden, maar ook Goldfrapp of Morcheeba komen in me op en als ik October Road hoor waan ik me in de sferen van films als The Piano of Amélie en daarmee geeft het zijn kracht al aan qua filmisch geluid dat dit album ademt.

Ik moet het allemaal nog wat beter op me in laten werken om te kijken of het ook maar enigszins in de buurt komt van een album als het fantastische Maxinquaye, maar dat The Nest een bijzonder album is geworden is wel helder. Extra bijzonder is het dan ook dat het nu eens uit een hoek komt waar ik niet zo heel erg bekend mee ben: de muziekscene van Rusland.

The Hidden Cameras - Age (2014)

poster
4,5
Even was ik bang dat The Hidden Cameras niets meer van zich zouden laten horen: 5 jaar wachten sinds Origin:Orphan is lang. Dat het een vrij kort album is geworden moet dan maar.....
Gelukkig is Age er dan nu eindelijk, dat vooraf gegaan werd door single Gay Goth Scene met de videoclip waarin pesten centraal gesteld werd, een probleem dat veel voorkomt en helaas al de nodige slachtoffers heeft veroorzaakt.

Skin & Leather is een stevige opener, spannend, waar de strijkers een grote rol spelen en dat doen op de rest van dit overdonderende album vol typische Hidden Cameras nummers maar toch ook net weer een beetje anders.
Gevoelsmatig klinkt het allemaal wat ruwer deze keer maar nergens hebben ze hun catchy manier van nummers schrijven verloren.

Age blijkt ondanks z'n geringe lengte een bonte carrousel waar je haast duizelig weer uitkomt als de rit voorbij is. Uptempo met strijkers doordrenkte popsongs wisselen met groot gemak een dub-reggae nummer af (Afterparty, alsof Ghost Town van The Specials weer tot leven komt maar dan in een andere gedaante. En dan is er ook nog een electronisch nummer met donkere wave-invloeden in de vorm van Carpe Jugular.

Eén en al afwisseling, voor elk wat wils en toch eenheid bewarend. Dat is knap.
Ik had het niet verwacht maar Age is een zeer sterk album geworden. Goed, ik geef toe dat ik een fanboy ben, maar dan toch. Hopelijk hoeven we er de volgende keer minder lang op te wachten......
Enige puntje van kritiek is dan toch de lengte. Ik heb niets tegen korte albums, integendeel, maar hier heb ik het gevoel dat het net iets aan de te korte kant is en misschien komt dat wel door de grote afwisseling in de nummers onderling. Het is razendsnel weer ten einde terwijl je er net lekker in zit. Het voelt alsof je nog wat nummers mist.

Voor wie heel nieuwsgierig is geworden: er is op moment van schrijven een stream te beluisteren via Pitchfork met bijzondere visuals (mooi gedaan): The Hidden Cameras: Age | Advance | Pitchfork

The Hidden Cameras - Origin:Orphan (2009)

poster
4,5
The Hidden Cameras blijven een favoriet bandje van mij.
Het vorige album AWOO liet horen dat ze ook een wat serieuzere kant hadden en dat mengden ze prima met de fun.
Op dit nieuwe album zetten ze die trend voort. Opener Ratify the New is zelfs even schrikken voor de liefhebbers van met name de eerste twee albums. Is dit wel dezelfde band die we hier horen? Ook de titelsong Origin:Orphan klinkt anders dan we gewend zijn: het lijkt of de experimenteerdrift is toegeslagen maar dan wel in beheerste vorm en wat levert het supersongs op!
Walk On liet eerder al een ander, zwaarder geluid horen en dat beviel me al goed dus ik kan wel zeggen dat ik in mijn nopjes ben.
Nu horen we ook een wat ouder 'jaren '80 geluid' terug in bijvoorbeeld de single In the NA en Underage en wie moet er nu niet denken aan Queen's I Want to Break Free als hij / zij Do I Belong? hoort??!!
Ik krijg in elk geval telkens de neiging om dat te gaan zingen bij het betreffende nummer.
Het zijn niet alleen maar nieuwe geluiden die we voorgeschoteld krijgen want ook de uptempo vrolijkheid is aanwezig en uiterst herkenbaar.
Ik vind dat deze band zich heel langzaam verder ontwikkelt en dat doen ze slim: ze lopen niet te hard van stapel, maar tegelijkertijd blijven ze ook niet stil staan en dat juich ik ten zeerste toe.
Niet alle liefhebbers zullen van dit nieuwe album gecharmeerd zijn maar ik zelf ga nu hetzelfde roepen als wat ik bij AWOO ook deed: dit kan op termijn wel eens mijn favoriete Hidden Cameras album gaan worden; avontuurlijker dan ooit en zeker behorend tot mijn lievelingetjes qua band in z'n algemeenheid en albums uit 2009. Ik zet in elk geval hoog in!
Nu maar hopen dat ik ze weer een keer live mag bewonderen want The Hidden Cameras moet je live meegemaakt hebben.

The Horrors - Skying (2011)

poster
3,5
Toen ik Still Life in het topic Maak Kennis Met 2011 voorbij hoorde komen noemde ik het 'opgewarmde jaren '80 prak'.
Daar sta ik nog steeds achter. Skying is gewoon opgewarmde jaren '80 prak. Ik hoor ze allemaal voorbij komen: Echo & the Bunnymen, Jesus and the Mary Chain, Simple Minds, Chameleons enzovoort.
Maar dan kan je de vraag stellen of dat erg is. Nee dus. Ik was een jaren '80 tiener en ik ben niet vies van deze muziekkant uit die jaren. Daarbij mengen The Horrors het met een dansbare begin jaren '90 jus en Skying is dan een prima resultaat.
Hoeveel artiesten grijpen niet terug op vroegere tijden? Precies. Zo erg is dat nu ook weer niet. Zeker als het goed gedaan wordt.

Toch voel ik nog enige afstand tussen mij en The Horrors. Misschien omdat de zang wat zwakjes is (alhoewel veel van mijn jaren '80 helden toch ook wel met dat euvel kampen). Misschien omdat ik geen jaren '80 tiener meer ben of misschien omdat het een prima album is maar zeker niet werelds of een meesterwerk.
Ook niet erg allemaal. Naar Skying luisteren is zeker geen straf.

The House of Love - The House of Love (1988)

poster
4,5
The eighties als muziekdecennium roept toch nog steeds vaak weerstand op bij veel muziekliefhebbers.
Goed, qua mode was het niet veel nee, maar muzikaal viel dat toch echt enorm mee. De focus ligt dan toch echt op de verkeerde muziek uit die tijd denk ik dan maar. Maar never gonna give you up.....

Want neem dit album van The House of Love. Alleen al bij opener Christine weet je dat je met iets heel moois te maken hebt. Natuurlijk, smaken verschillen, maar dit is gewoon geen slechte muziek. Sterker: ik vind dat The House of Love nog veel meer erkenning verdient. De band blijft net wat te veel in de schaduw van de grotere broertjes uit die jaren. Dat is jammer. Gelukkig genoeg mensen die de pracht van dit album (en zeker ook de opvolger hiervan) weten te waarderen.

Daarmee blijft het misschien ook wel het pareltje dat de liefhebbers kunnen koesteren. Geen top 2000 materiaal, maar gewoon heerlijk genieten als deze plaat weer eens uit de kast komt.... zoals vandaag........ puur genieten met het geluid even lekker hard.

Voer voor liefhebbers van The Church, de latere Jesus and Mary Chain en vooruit: The Smiths.

The Invisible Hands - The Invisible Hands (2013)

poster
3,0
Hondengeblaf opent dit album van The Invisible Hands gevolgd door sirenes op de achtergrond en dan zet de Arabische oed in waarna al snel een akoestische gitaar het overneemt.
Welkom in de wereld van The Invisible Hands!

The Invisible Hands is de Engelse vertaling van El Ayadi El Khafeyya en is een project van Alan Bishop (bekend van Sun City Girls). Een album dat ook in het Arabisch verkrijgbaar is maar dan moet je zoeken in het Midden-Oosten.
Wij zullen het moeten doen met deze Engelse versie waarop muzikanten uit Cairo meedoen.

Is het wereldmuziek vermengd met westerse klanken zoals we meer bands horen doen? Nee, dat valt eigenlijk heel erg mee.
Het zijn psychedelische folkliedjes met soms een aardig hoog 'punkrammelgehalte' en de zang klinkt hier en daar zelfs wat dreigend (ik irriteer me soms aan de onvastheid ervan).

Wie dus uit is op exotische klanken komt aardig bedrogen uit. Zelf heb ik er soms wat moeite mee want het zijn juist de meer oosters getinte rustiger nummers als Dark Hall die me enigszins wat doen juist door het licht exotische randje verzorgd door de niet westerse instrumenten.
Toch is dit een leuke uitdaging voor muziekliefhebbers die zin hebben in een wat scherpere rand tussen oost en west en minder in lieflijke arabische klanken in een westers bedje.

Let vooral op de fraaie begeleiding in Soma.

The Irrepressibles - Mirror Mirror (2010)

poster
5,0
Jamie McDermott is de naam. Een naam die we hopelijk niet snel meer gaan vergeten in 2010.
Hij is de voornaamste man van The Irrepressibles, een gezelschap uit Londen dat naast McDermott nog bestaat uit 8 leden die instrumenten als piano, viool, altviool, cello, bas, dwarsfluit, klarinet en hobo bespelen.
Niet echt rock mogen we wel stellen. Baroque is het toverwoord, en wat blijkt zodra je dit album opzet? McDermott zingt als Antony Hegarty met een hoop vibrato en durft de hoogte in te gaan. Minder krachtig dan Antony (die blijft voorlopig niet te evenaren) maar het komt er wel in de buurt, net als de compositie zelf.
My Friend Jo ademt Antony & the Johnsons, alleen durft McDermott wat meer te gieren en uit te halen, en spelen The Irrepressibles misschien nog even wat heftiger dan The Johnsons.
Zo, deze binnenkomer zit. Een ruime 2 minuten waarmee duidelijk gemaakt wordt dat dit ballen heeft op geheel eigen wijze.
I'll Maybe Let You is als een sprookje met een naar trekje. Stoute kinderen die in de speeltuin dingen doen die mammie niet ziet. En hiermee kan ik wel zeggen dat The Irrepressibles misschien wel in het Antony-hokje gestopt mogen worden maar wel een geheel eigen kleur hebben, alhoewel............. ook McDermott is duidelijk over zijn homo-zijn en verkleed zich op aparte wijze (het heeft wat weg van Pierrot de clown).
Op In Your Eyes gaat zijn stem heen en weer van falsetto naar laag, onder begeleiding van een haast middeleeuwse begeleiding vertaald naar nu. Ik wil best geloven dat veel mensen dit te veel over the top vinden, te kitsch wellicht. Maar users die mij kennen weten dat ik daar altijd voor val. En mijn hemel wat is dit toch mooi. Kippenvel alom! Ik kan dit echt niet meer met woorden omschrijven. Dit moet je voelen. Herstel: ik hoop dat jullie lezers het ook gaan voelen.
Anvil start hierna lekker bombastisch. Alsof Antony Mika ten huwelijk vraagt en waar de Hidden Cameras zijn uitgenodigd om als huisorkest op te treden. Waar haalt de beste man deze inspiratie vandaan?! U zegt over the top? Ik antwoord ja, maar als je het dan doet doe het dan goed zoals in dit nummer.
Forget the Past start weer wat rustiger met piano in de hoofdrol. Juist op dit soort nummers valt op dat McDermott aardig zingt maar lang niet zo indringend als Antony en toch weet hij me te raken. Hij weet zijn stem alle kanten op te laten slingeren en durft er vol voor te gaan. En die strijkers maken het helemaal af. Baroque ten top: zwier lekker mee zou ik zeggen. De achtergrondzang is overigens ook heel mooi verweven binnen het nummer: het mag wel even vermeld worden.
Knife Song zit ingenieus in elkaar: baroque wordt hier gemengd met ietwat jazzy klanken. Hoe sterk kan muziek klinken zonder de aloude opstelling van gitaar, bas en drums. Dit is zeker net zo heftig alleen dan van een geheel andere orde.
Zei ik wat over gitaar? Okay, een akoestische gitaar duikt ook op en wel in My Witness. Het gaat rustig van start maar zoals op alle nummers hiervoor is dat maar van korte duur want al snel slingert het al tokkelend heen en weer tussen ingetogenheid en bombast wat een vervreemdend effect heeft. Een beetje vreemd maar wel lekker zeggen we dan.
Nuclear Skies gaat gewoon door. Misschien is dat wel een klein puntje van kritiek want zou het niet mooi zijn om hier nu juist een ontroerende, klein gehouden ballad te laten horen? Ik denk dat het effect van dit album dan nog veel harder zou aankomen. Het is wat 'gemopper in de marge' want op zich kan ik dit soort nummers voorlopig niet vaak genoeg horen. Maar goed: we moeten gaan oppassen voor overkill. Drama is in elk geval verzekerd.
Splish! Splash! Sploo! is een vrolijk getint nummer, haast clownesque. Op een nummer als dit zie ik het gezelschap al helemaal optreden in hun pakjes (hoe die er uit zien is d.m.v. google wel uit te vinden). Sowieso ben ik erg benieuwd hoe dit live klinkt. Buiten het clownesque hangt er ook een serieuzere toon in waar langzaam naar een climax toe gewerkt wordt. Alsof Freddie Mercury weer even op aarde is teruggekeerd en een potje meedoet.
The Tide opent majestueus. McDermott laat zich vocaal ook weer gaan en doet dat loepzuiver. Ook hier weer een licht jazzy ondertoon. Natuurlijk is er niet echt sprake van jazz want daarvoor plamuren de strijkers de boel te veel dicht maar ergens in de verte hangt er wel een dergelijke sfeer. Dit is tevens het eerste nummer waar alles redelijk in banen geleid blijft en daarmee kunnen we heel voorzichtig spreken van een rustpuntje op het album. Tijd om even op adem te komen dus. Op dit nummer mogen The Irrepressibles de achtergrondvocalen weer verzorgen en dit doen ze fantastisch d.m.v. de cadens aan het einde van het nummer.
Dit loopt gelijk over in het instrumentale Transition Instrumental waarmee het een brug vormt naar het slotakkoord van deze bijzondere cd genaamd In This Shirt.
Alsof de hoogmis van start gaat zo begint dit nummer op orgel. Je voelt de spanning langzaam opbouwen; de explosie kan er elk moment aan komen. Er wordt steeds meer toegevoegd aan instrumenten die het gevecht met de zanger aangaan die rustig door blijft zingen (opeens moet ik een beetje aan Jeff Buckley denken). En als dan de muziek even een seconde stilvalt denk je 'nu begint het', om vervolgens niet te exploderen maar rustig verder te gaan met opbouwen. Als in een soort echo ebt het nummer de laatste minuut weg. Geen explosie maar wel verbijstering bij deze luisteraar over het gebodene de afgelopen drie kwartier!

Dit album is flink aangekomen bij mij. Het was echt even bijkomen toen ik dit gehoord had. Ik kan me heel goed voorstellen dat dit heel veel controverse teweeg gaat brengen. Mensen gaan hier van gruwen of zijn er dol op. Meer nog dan bij genoemde Antony & the Johnsons, daar dit echt nog een stap verder gaat.
Dat Jamie McDermott durft lijkt me wel duidelijk en dat het een bijzondere man is blijkt ook uit zijn uitspraak over wat deze band voor hem betekent:
"For me The Irrepressibles is about two things and one is that really honest catharsis and letting that through, I wanted to try to express something about being gay and about being in love as a gay man in a way that people would understand even if they were straight, or that people would just appreciate, rather than it being sensational or it being a certain sort of style of music, and the other thing is about play, we're playing and we're performing, but it's like children playing and performing, it can't go to that level where it's very serious, I'm not really interested in that; I wanted to create something that a child can appreciate, but also something that someone who's really into music can appreciate, then also someone from the council estate where I'm from can get."

Hoe je het went of keert: dit album zorgt voor een wervelende start van het nog te komen 2010, en zal vele voor- en tegenstanders gaan vergaren.
Laat ik me alvast bij de voorstanders aansluiten dan

The Irrepressibles - Nude (2012)

poster
5,0
In juni 2011 trad Jamie McDermott met zijn Irrepressibles op tijdens het Holland Festival. Zijn performance kreeg de naam Human Beat Box. Een bijzonder optreden in meerdere opzichten bleek.
Allereerst was het haast onmogelijk voor fans om daar bij te zijn omdat het concert op voorhand al uitverkocht was door de vaste bezoekers van het festival. Gelukkig lukte het mij om via Marktplaats aan kaarten te komen en wat later had de band zelf nog enkele kaarten in de aanbieding.
Het optreden zelf was ook bijzonder te noemen: een aantal bezoekers (veelal van bejaarde leeftijd) hadden blijkbaar wat anders verwacht en vertrokken gedurende het optreden. Extra zuur dus wetende dat veel fans er niet bij konden zijn. Maar het was dan ook wel een optreden waar je helemaal in op kon gaan of waar je echt helemaal niks mee kon. In mijn gezelschap van 4 personen was er ook één die na afloop wist te melden er niks aan te hebben gevonden. Voor mij als fan was het ook wel even slikken om slechts 1 bekend nummer voorgeschoteld te krijgen: de culthit In This Shirt want verder waren het alleen maar nieuwe nummers van hun spoedig te verschijnen nieuwe album Nude.
Een krakend, ronddraaiend podium en zo’n anderhalf uur later stonden we buiten met nieuwe nummers rondzoemend in ons hoofd waarvan Prince mij het meest bijbleef.

We zijn bijna anderhalf jaar verder en met blijkbaar de nodige vertraging is daar dan eindelijk de opvolger van dat verpletterende debuut Mirror Mirror. Het past een beetje bij de rommeligheid van de band (waar ik als vrijwillige promo-man namens de band alles van weet maar jullie niet mee zal vermoeien).
Laat de band lekker muziek maken moet je maar denken; datgene waar ze echt goed in zijn.


De muziek dus. Drie nummers gingen het album vooraf en wat opviel was de toevoeging van electronica. Het was toch even wennen moet ik eerlijk zeggen.
Time Passing is geen onbekend nummer want het is al langer te beluisteren via Soundcloud. Het is een dromerig instrumentaal nummer waar lome strijkers een wat donkere toon neerzetten. Niks electronica: de klassieke kant keert gewoon terug en zorgt voor een fijn begin.
Een begin dat zijn vervolg krijgt in het ijzersterke Pale Sweet Healing waar Jamie de essentie van Nude al weergeeft: “Take of your clothes I want to see you naked... and give me your hands to touch, I know you've longed to be here. Because, we've come here to heal, because we want to be free, we want to be”. Duidelijk. Jamie windt er geen doekjes om. Het nummer kent een mooie opbouw waar naar een climax toegewerkt wordt en gelijk al viel me op dat het electronica gehalte ook hier niet erg naar voren komt. Het heeft nog steeds de kenmerkende barokke kant maar dan een stuk somberder van toon. Ingetogen haast.
New World verscheen al als single en zal voor de liefhebbers dus geen onbekende zijn. Het nummer heeft ook een videoclip die als opvolger van Arrow gezien mag worden.
Het heeft iets onderkoelds en staat me nog goed bij van het optreden in Amsterdam. Hier speelt vooral de zang van McDermott een grote rol. Van zijn falsetto moet je houden en zeker op dit nummer waar het haast als instrument gebruikt wordt. Voor het eerst krijgen de electronische klanken een belangrijkere rol maar het gebeurt nog vrij subtiel en doet het nummer alleen maar goed. Je krijgt er bijna een ' Ultravox Vienna’ gevoel bij.
Na twee zeer sterke nummers volgt er alweer een nummer dat dienst mag doen als opmaat: Tears Interlude. Vreemd genoeg zal Tears niet het nummer zijn dat hierna volgt. In elk geval is ook dit een sfeerschets. Cement tussen de bouwstenen van Nude. En ook hier draait het weer om de stem van Jamie.
Wat volgt is het bekende Prince dat inmiddels een andere titel heeft gekregen namelijk Two Men in Love. Hier zal binnenkort een videoclip bij verschijnen n.a.v. een oproep op Facebook waarin gevraagd werd een zoen met je geliefde op te nemen om dat te laten gebruiken voor de clip. Hetero, homo, het maakt niet uit ook al laat de titel niets te wensen over. Dit nummer bezorgde me live torenhoog kippenvel en voor mij was dit een nieuw hoogtepunt à la In This Shirt. Een trage bloedstollende opbouw, spaarzaam begeleid door piano dat zich langzaam naar een climax weet te ontvouwen. Een climax waar Jamie eindigt door ontelbare malen ‘I’m in love’ te scanderen. In Amsterdam ging het perfect samen met een ronddraaiend podium. Hij bleef maar rondtollen leek het wel. Een prachtig nieuw hoogtepunt in het werk van deze band!
Is er na zo’n nummer dan wel ruimte om even op adem te komen? Nee, want To Be is wederom een prachtig hoogtepunt.
“I'm born by time and race. I long to find a face. In love I am alive... These fears I cannot hide...”. Een akoestisch nummer dat ondanks zijn ingetogenheid haast uit je boxen knalt. Jamie omhelst je als een warme deken dat zou doen. Eigenlijk heeft hij helemaal niet veel nodig om krachtig over te komen. Een nummer dat raakt in al zijn naaktheid.
Arrow daarentegen weet vooral met zijn clip te ontroeren. Een clip die al snel onder de kuisheidsknop van YouTube verdween want ja: een homokusje is en blijft nu eenmaal heel erg eng voor veel mensen.
Dit nummer zorgde aanvankelijk toch wel voor wat gefronste wenbrauwen van mijn kant. Eigenlijk vond ik de electronische klanken lelijk botsen met de sound van de band. Alsof het een slecht huwelijk betrof. Inmiddels gaat het beter maar 100% overtuigd ben ik nog steeds niet. Ik hou meer van de live versie waar ik vorig jaar mee in aanraking kwam: puurder wat mij betreft. Iets minder geforceerd ook.
Voor Tears ging aanvankelijk hetzelfde verhaal op maar daar raakte ik toch sneller aan gewend en vond ik het allemaal wat beter samengaan. Het nummer kent iets uitbundigs. De treurigheid van het album lijkt wat naar achteren verdrongen en er mag ook best gelachen worden ook al gaat het om de tranen van een clown.
The Opening is wederom als interlude te beschouwen en vormt daarmee de opmaat voor alweer het laatste nummer van Nude.
Die afsluiter heet Ship en ook dat nummer zorgde gelijk voor herkenning omdat het in Amsterdam gespeeld werd.
Het vormt een redelijk opgewekte afsluiter wat we misschien ook wel nodig hadden. Gelukkig eindigt het album niet in mineurstemming. Niets mis met wat levensvreugde en die is hier duidelijk voelbaar.

Dat Nude voor mij persoonlijk misschien wel het album was waar ik het meest reikhalzend naar uitkeek dit jaar zal niemand verbazen. Het is ook niet voor niets dat ik tot de fans hoorde die gevraagd werd om wat promowerk voor de band te verrichten (wat ik uiteindelijk ook ben gaan doen samen met user sanquin).
Is een mening van mijn kant dan nog objectief te noemen?! Dat is natuurlijk erg moeilijk te bepalen. Als ik echt helemaal in muziek op kan gaan dan gaat mijn enthousiasme wel eens met me op de loop maar het maakt niet uit wat mijn binding met de artiest in kwestie is. Als muziek me raakt dan draag ik dat graag uit. Dat ik dan te lang van stof ben gaat daar regelmatig mee samen. Gelukkig is niemand verplicht het te lezen denk ik dan maar. Voor wat betreft de objectiviteit het volgende; Mirror Mirror is voor mij een hedendaagse klassieker. Nude is dat niet. Hoe mooi een nummer als Two Men in Love ook is. In This Shirt blijft onvergetelijk.
Ik was vooraf best bang voor de nieuwe koers en ik kan gerust ademhalen. Het valt allemaal wel mee. Het album leunt meer op sfeer dan zijn voorganger en is wat aan de korte kant zeker als je beseft dat 3 nummers meer overgangscomposities zijn. Uiteraard in dienst van het album maar als er dan 7 tracks overblijven is dat wat karig. Tel daarbij op dat ik het huwelijk tussen de barokke klassieke stijl en electro op Arrow niet volledig geslaagd vind dan kan geconcludeerd worden dat ik er deze keer niet de volledig mep van 5* voor over heb. De aanloop naar dit album bleek lang en moeizaam en misschien heeft het te maken met die bekende moeilijke tweede.
Een moeilijke tweede die wat mij betreft nog steeds schitterend genoemd mag worden maar het is wel een stijl die niet voor iedereen is weggelegd wat ook voor het debuut gold.
Jamie overtreft zichzelf niet maar weet zijn stijl wel te consolideren en durft te veranderen. Dat valt te prijzen.

Nude is daarom een zeer geslaagd vervolg op Mirror Mirror.

The Irrepressibles - Nude : Landscapes (2013)

poster
4,5
Er zijn van die bandjes die me enorm dierbaar zijn. The Irrepressibles is er zo eentje. Het persoonlijke contact met zanger Jamie McDermott maakt dat alleen maar intenser natuurlijk. Een emotionele man die z'n hele ziel en zaligheid in zijn muziek legt.
MusicMeter heeft er inmiddels ook kennis mee kunnen maken en nummers als In This Shirt en Two Men in Love zijn nummers die het goed doen op deze site.

Gisteren is deel 1 van 3 EP's uitgekomen Nude: Landscapes genaamd (de andere 2 volgen begin 2014).

Elf nummers met de nadruk op de akoestische kant van de band (alle electronica van Nude is er uit gehaald).
Schitterende live versies in de vorm van New World, in deze kaalheid misschien nog wel intenser dan het origineel en Two Men in Love een nummer dat in elke versie gewoon weergaloos mooi is en blijft zo ook deze live versie waarop Jamie zichzelf begeleidt op piano.

Ook staan er nieuwe tracks op waaronder The Boy in the Lake, voor grote fans waaronder ikzelf geen nieuw nummer overigens, Needing Release from You dat puur is in al zijn eenvoud, Our World It Fell So Quietly met de nadruk op een donkere sfeer en de cover Always on My Mind. Valt er aan dat nummer nog wat toe te voegen met al die bestaande covers? Ja! Dit is een prachtige piano ballade geworden waar de zang van Jamie wederom centraal staat.

Nude: Landscapes is een fantastische toevoeging aan het album Nude en is met z'n bijna 36 minuten een zeer aangename EP te noemen waar je weer heerlijk van kunt genieten als je The Irrepressibles een warm hart toedraagt.

The Irrepressibles - Nude : Viscera (2014)

poster
4,5
De tweede uit een serie van 3 EP's, genaamd Nude: Viscera is onderdeel van het tonen van alle facetten rondom het in 2012 uitgekomen album Nude.

Nude: Landscapes liet de minimale kant horen. Piano, gitaar, viool, cello en vocalen. Puur in al z'n eenvoud, opgenomen in kerkjes en andere intieme gelegenheden.
Opvolger Viscera klinkt wat ruiger, ruwer en bestaat uit voornamelijk nieuwe nummers.
Het derde en laatste deel dat later dit jaar verschijnt (Forbidden) zal electronisch klinken.

Zoals gezegd klinkt Viscera wat ruiger en dat hoor je terug in een nummer als Raise My Soul. Het is de rockkant van Jamie McDermott maar zijn stem blijft onmiskenbaar Jamie en zorgt ervoor dat het nu niet bepaald een rock EP is geworden. Het zit hem echt in het gevoel dat het oplevert. Mooi om deze kant ook eens wat beter te verkennen maar buiten dat klinkt het soms ook wat exotisch (Changing Times).

De hoes toont een jonge Jamie en op het schijfje vinden we 7 schitterende aanvullingen op de vorige Ep alsook het album Nude.
Een interessante artiest die opkomt voor gelijkheid en homorechten en die zijn hele ziel en zaligheid bloot durft te leggen. Het was op Nude al niet anders en de EP's borduren daar op voort.

Deze trilogie is vooral erg geschikt voor de fans en grote liefhebbers van dit gezelschap. Ben je onbekend met deze band dan raad ik aan om te beginnen met de twee reguliere albums.
Niet dat dit nu zo enorm anders klinkt allemaal maar het is meer een prachtige aanvulling op een basis die je moet kennen. Althans, zo voelt dat voor mij.

Ik heb voorlopig nog lang niet genoeg van The Irrepressibles!

The Irrepressibles - Self Love & Acceptance (2023)

poster
4,5
Jamie is een open boek naar zijn luisteraars toe. Zo laat hij weten regelmatig met depressies en angststoornissen te kampen.
Hij is hiervoor in therapie gegaan en als muzikale terugblik heeft hij de nummers van de EP Self Love & Acceptance geschreven. De titel ervan zegt al genoeg.
Voor hem waren deze nummers een vorm van meditatie of processen waarvan hij later besefte dat ze goed genoeg waren om openbaar te maken.

Wij als luisteraars krijgen daarom een half uur met de meest prachtige muziek voorgeschoteld zoals we gewend zijn van Jamie. Op deze EP vormt de piano de kern van de composities. In tegenstelling tot zijn laatste album waar elektronische pop de rode draad was, gaat hij hier weer meer terug naar zijn debuut Mirror Mirror uit 2010.

Toch is er wel een verschil: kon je de nummers op dat album als kamerpop of barokpop omschrijven daar is de toon hier iets klassieker, organischer.

Opener Self Love laat gelijk al horen dat de piano hier de dienst uitmaakt. Heel spaarzaam aangevuld met strijkers en natuurlijk de zo kenmerkende zang van Jamie. De titel behoeft geen uitleg. 'I shall become your friend and as the waves come crashing I’ll hold you'.

Dan volgt een instrumentale track, The Awakening to Self Love. Een nummer met drie pianos plus een strijkers trio. Het gaat over het feit dat zelfliefde natuurlijk is als de natuur zelf. Wat ook opvalt is het artwork voor deze EP en de singles. Kit Boyd is hier verantwoordelijk voor.

Vervolgens een voor mij eerste enorm hoogtepunt in de vorm van Healing the Inner Child. Dit ademt de kracht die we ook hoorden op nummers als Two Men in Love en In This Shirt. Dit soort nummers zorgen wel voor waterige ogen. Een nummer dat heel hard binnenkomt als je je er voor openstelt.

Learning to Take Care of Within is het tweede instrumentale nummer. Jamie op de piano, Becca Thomas op cello, Charlie Stock op altviool en Elliot Lyte op viool.

Jamie gaat ook op tour met deze muzikanten. Helaas is er vooralsnog geen interesse vanuit Europa dus blijft het bij het Verenigd Koninkrijk. Bijzonder detail is dat Jamie deze tour voorlopig voor de laatste keer zijn oudere werk live zal uitvoeren. Hij wil als artiest vooruitkijken en nieuwe wegen verkennen, iets wat hij al liet horen op het derde album Superheroes van drie jaar geleden.

Dan volgt hoogtepunt nummer twee: The Transformation of Acceptance. Hier heeft Jamie's broer Joel Ryan McDermott een schitterende videoclip bij gemaakt. Ook dit is weer zo'n nummer waar het moeilijk is om je ogen droog te houden. Jamie blijkt wederom in staat om zo'n geweldige sfeer te scheppen. Ook qua tekst zal dit voor veel mensen herkenning opleveren. Het thema dit nummer is 'Become you, be free!'
Leer jezelf te accepteren is een belangrijke les. Geen makkelijke voor een grote groep mensen, maar het nummer is een hart onder de riem. Accepteer jezelf waardoor je vrij kunt zijn. Schitterend nummer in alle opzichten!

Het tien minuten repeterende nummer The Inner Child sluit deze wonderschone EP af. De cirkel is rond.

Is er dan geen kritiek te leveren op de EP. Nee. Of toch: een half uur van al dit moois is te weinig. Maar daar hebben we de repeatknop voor. Jamie is er wederom in geslaagd mij te betoveren en mee te voeren in zijn wereld, zijn emoties. Ik vind het knap.

Is er dan echt geen promotor die hem naar ons land wil halen?

The Irrepressibles - Superheroes (2020)

poster
4,0
Wie de barokke sound verwacht van debuut Mirror Mirror zal bedrogen uitkomen. Op Nude speelde jamie al een beetje met elektronische klanken, maar hier gaat hij echt een stap verder.

Hij bracht eerder al het nummer EGO! uit en dat was vrij extreem. De overgang kon niet groter zijn. Apart genoeg is dat nummer nergens meer terug te zien (er was een videoclip bij). Op dit album staat wel The Abandonment of EGO!, maar dat is niet hetzelfde nummer. Het werd ook moeizaam ontvangen, dus misschien speelt dat een rol dat we dit niet meer terug kunnen vinden.

Voorafgaand aan Superheroes verschenen al singles die duidelijk aangaven welke richting dit derde album op zou gaan. ANXIETY, International, DOMINANCE en Submission wisten ons luisteraars al veel eerder te bereiken, nummers die teruggaan tot 2018.

Maar wat kan je verwachten? Duidelijk invloeden van de tijd waarin Jamie in Berlijn woonde (en daar ook zijn voormalige partner Jon Campbell, hier rijkelijk goed vertegenwoordigd leerde kennen). Dat hij met Röyksopp heeft gewerkt verklaart misschien ook wel wat: avant-garde elektronische pop, kraut-rock en vooral heel duidelijk in zijn teksten.

Zelf heeft hij het over “a love story about masculinity, mental health, and homosexual love set in Berlin” en is hij op zoek naar “awakening, and the transformation and healing of the inner-child through love and acceptance.”

Het album als geheel is volgens hem “a fantasy concept album that discusses the connection between fantasy that is built in the brain through isolation of a part of oneself that cannot be expressed and how through deep love we enter that space in each other.”

Het is duidelijk dat deze nummers bij elkaar horen, als losstaande singles werkten ze een stuk minder voor mij, met uitzondering van het nummer Let Go (Everybody Move Your Body Listen to Your Heart), een pakkend nummer dat ook goed aansloeg bij een groter en vooral jonger publiek, en waar ik een beetje een Depeche Mode-gevoel bij krijg. Een geweldig nummer, ook losstaand van dit album.

Ik bewonder het lef dat Jamie hier toont. Hij volgt zijn hart en neemt risico's. Voor mij is Superheroes wat afstandelijker dan de voorgangers, maar dat is door de stijl misschien wel onvermijdelijk.
Zijn zang is hier ook slechts onderdeel van de sfeer en treedt totaal niet op de voorgrond, wat bijzonder is omdat hij juist zo'n schitterende stem heeft.

Ondanks dat ik een groot deel van de nummers al kende, ben ik benieuwd hoe dit als geheel nu op me in gaat werken de komende tijd, want het is zeker avontuurlijk en weet te raken, alleen op geheel andere wijze dan voorheen.

Voor de liefhebbers van de oude sound is er overigens wel te vermelden dat er hierna snel een vervolg gaat komen die daar weer meer op teruggrijpt. Afwachten dus. Tot die tijd mogen we ons vermaken met Superheroes en dat is zeker geen straf.

The Irrepressibles - Yo Homo (2024)

poster
4,5
Toen bekend werd dat het nieuwe album van The Irrepressibles een punkrock attitude zou hebben was ik een beetje huiverig. Voorganger Superheroes was ook een duidelijke stijlbreuk met de eerste twee albums en daar duurde het even voordat ik het album volledig op waarde kon schatten.
Dat ik Superheroes uiteindelijk kon waarderen betekende niet dat ik dezelfde emoties ervaarde als bij die magistrale eerste twee. De vervoering en ontroering ontbrak, maar het had wel een paar ijzersterke (dansbare) tracks.

Op de laatste EP Self Love & Acceptance kwam die ontroering weer wat meer terug en dat is nu op Yo Homo ook het geval. De voornaamste reden? De wat meer prominente rol voor de strijkers (zoals in de begintijd dus) en toch ook wel de nummers an sich. Nee, hier staat geen Two Men in Love of In This Shirt op, maar nu hebben we Ecstacy Homosexuality.

Ja, er zitten wat ruige elementen tussen in de vorm van wat meer gitaargeweld (op In the Rhythm goed hoorbaar), maar het blijft The Irrepressibles: de strijkers ondersteunen dat geweld en de kenmerkende stem van Jamie is en blijft zacht van aard. Hierdoor ontstaat voor mij een spannende en boeiende tegenstelling. Een tegenstelling die ervoor zorgt dat ik het nu wel kan toejuichen dat Jamie wederom voor een andere weg heeft gekozen. Blijven voortborduren op je succesformule werkt meestal ook niet echt dus nieuwe dingen proberen valt toe te juichen. Dan kan het gebeuren dat je dat als fan waardeert of dat je er niet goed in mee kan gaan.

Yo Homo bevalt me wel. Ik moet de eerste twee albums blijven koesteren en zal dat altijd blijven doen en met dit album gaat de blik vooruit en mag ik blij zijn dat Jamie nog steeds wat te melden heeft.

The Jesus and Mary Chain - Damage and Joy (2017)

poster
4,0
Is het nog mogelijk om een torenhoge favoriet (Darklands) te evenaren? Vast niet. Ik liet The Jesus and Mary Chain dan ook links liggen na Honey's Dead. Geen woord van kritiek op dat album trouwens. Heerlijk.
Maar daarna was de belangstelling gewoon verdwenen. Een relikwie uit de jaren '80.

Pas heel veel later werd ik nieuwsgierig naar Stoned & Dethroned en Munki. Viel eigenlijk best nog wel mee. Dus deze keer was ik wel degelijk nieuwsgierig naar de opvolger van hun jaren '90 albums.
Wat??!!! Jazeker. Er zit bijna 20 jaar tussen Munki en Damage and Joy. Waar blijft de tijd.

Nou, die tijd stond blijkbaar gewoon stil, want Damage and Joy laat niet zo heel veel verrassends horen. Het gruizige stofzuiger geluid van Psychocandy is ook hier niet terug te horen, maar ik vind dit veel meer richting Darklands en Automatic gaan en dat is zeker niet vervelend.

Want wat staan hier toch lekkere nummers op. BRMC vulde het gat een tijd even heel leuk op, maar het is niet meer nodig. The Jesus and Mary Chain zijn terug in vorm. Voor liefhebbers van het debuut zal dit wel te netjes klinken, maar dat waren de nummers twee en drie dan ook al wel (over de albums daarna heb ik het dan nog niet eens).
Ik hou hier wel van. De teletijdmachine instappen en even terug naar lang vervlogen tijden terwijl het nog heel goed uitpakt als je weer terug bent in 2017 met de heerlijke drive nog in je hele lijf.

Wat nog het meest opvalt zijn de vrouwelijke vocalen. Toen ik The Two of Us hoorde dacht ik bijna naar een Belle and Sebastian nummer te luisteren. En dan blijkt dat Isobel Campbell, Sky Ferreira en het jongere zusje Linda te horen zijn op een aantal nummers. Ja, dat verklaart dan een hoop.

Damage and Joy klinkt best fris, niet urgent, maar wie had dat überhaupt in gedachten. De mannen zijn ouder, de muziek heeft zich er enigszins op aangepast, wat alleen maar goed is, want zo krijgen we geen geforceerde toestanden. Ik kan hier wel blij van worden.