Hier kun je zien welke berichten aERodynamIC als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Jon Bryant - Twenty Something (2016)

4,0
0
geplaatst: 6 maart 2016, 20:04 uur
Album nummer drie en nog niet vertegenwoordigd op deze site: wat is er aan de hand?
Een verborgen pareltje wat mij betreft als ik deze nieuwe van de Canadese Jon Bryant hoor.
Een album waarbij je kunt denken aan Bon Iver, Jeff Buckley en William Fitzsimmons. Nieuw? Nee dus. Mooi? Ik vind van wel.
Een album met een vrij lichte toon, prachtige arrangementen en een stem die mij snel weet te grijpen.
Albums zoals er meer van zijn maar wel eentje die toch positief weet op te vallen. Een album waar elk nummer wel weer raak is. Genoeg liefhebbers hiervoor, dat weet ik wel zeker. Of ik ze weet te bereiken? Ik hoop het. Probeer het uit zou ik zeggen.
Het kan via zijn bandcamp site: Two Coasts for Comfort | Jon Bryant - jonbryant.bandcamp.com
Een verborgen pareltje wat mij betreft als ik deze nieuwe van de Canadese Jon Bryant hoor.
Een album waarbij je kunt denken aan Bon Iver, Jeff Buckley en William Fitzsimmons. Nieuw? Nee dus. Mooi? Ik vind van wel.
Een album met een vrij lichte toon, prachtige arrangementen en een stem die mij snel weet te grijpen.
Albums zoals er meer van zijn maar wel eentje die toch positief weet op te vallen. Een album waar elk nummer wel weer raak is. Genoeg liefhebbers hiervoor, dat weet ik wel zeker. Of ik ze weet te bereiken? Ik hoop het. Probeer het uit zou ik zeggen.
Het kan via zijn bandcamp site: Two Coasts for Comfort | Jon Bryant - jonbryant.bandcamp.com
Jon Campbell - About a Boy E.P. (2016)

4,5
0
geplaatst: 2 maart 2016, 17:49 uur
Veel mensen weten inmiddels wel dat ik een groot liefhebber ben van The Irrepressibles en dan is de link naar Jon Campbell snel gemaakt.
Waarom? Allereerst is Jon de vriend van Irrepressibles-zanger Jamie (die inmiddels onder de naam jamie Irrepressible optreedt, recentelijk nog met Röyksopp).
Jon geeft aan dat zonder Jamie deze EP nooit van de grond zou zijn gekomen en dat niet alleen; Jamie is ook verantwoordelijk voor het platenlabel waar het op uitgebracht is en hij nam de productie voor zijn rekening. Dat hij dan ook op één nummer meezingt is niet zo vreemd natuurlijk.
Laat ik eens met dat nummer, About a Boy beginnen want er valt gelijk al iets op. Waar Jamie bekend staat om zijn hoge stem (tenor/counter tenor) daar heeft Jon juist een ongelooflijk warme bariton en deze twee markante stemmen ontmoeten elkaar op deze titeltrack.
Het nummer is een eenvoudig country-getint nummer waarop Jon zichzelf begeleidt op akoestische gitaar om vervolgens hun beider stemmen het werk te laten doen. Dit volstaat. De pure eenvoud laat deze twee stemmen schitteren en meer is gewoon niet nodig. Ook mooi om te horen is dat Jamie de hoofdrol niet opeist. Het nummer ontvouwt zijn pracht als de cello erbij komt met piano als extra ondersteuning. Je hebt aan het einde nauwelijks door dat het nummer zo'n rustig opbouwende twist heeft doorgemaakt. Barok-country? Het maakt niet uit. Het is mooi. Misschien ook wel het prijsnummer van deze EP. Schitterend!
Terug naar de opener van de EP: The Gayest Picture, een triest klinkend nummer met Jamie op piano en Chloe Treacher (bandlid van The Irrepressibles) op cello. Will Harvey horen we op viool.
Jon is duidelijk in zijn teksten. Hij is gay en schaamt zich daar totaal niet voor. En zo hoort het. Het nummer weet mij al gelijk te raken en dat is voor een album opener van groot belang. Mooier kan een EP niet beginnen!
In My Dreams is al eerder als single verschenen en recentelijk is er ook een videoclip bij gemaakt. De warme, lage stem van Jon en een speelgoedpiano. Meer is niet nodig voor dit nummer waar Jon in goud verandert in zijn dromen.
Hierna volgt Dumb welke ook als single verscheen. Het nummer waar ik kennismaakte met deze artiest. Hij laat horen van alle markten thuis te zijn. De term gay-country zanger heb ik regelmatig voorbij zien komen en daar kan dit nummer wel eens verantwoordelijk voor zijn. Een nummer waar een mens alleen maar vrolijk van kan worden. 'Faces that make me think you're as queer as me' en even later 'God grant me the strength not to sing his name or tell him how bad I want to fuck his brains out'. Het kan maar duidelijk gemaakt worden nietwaar.
Op Gaydar's Got a Glitch krijgen we de dansbare kant van Jon te horen in dit elektropop getinte nummer. Koel en vrij monotoon dendert dit nummer over je heen. Dit moet de invloed van Berlijn zijn, de stad waar Jon alweer een tijd woont.
Omdat Jon al een tijd woonachtig is in Berlijn spreekt hij ook Duits en het nummer Zu Sonderbaren Zeiten is dan ook volledig in het Duits gezongen. Het is een duidelijk solo-nummer waar Jon op gitaar te horen is met aanvulling van elektronische geluiden. Opvallend is dat ook dit nummer wat koeler klinkt als de andere op deze EP. Toch die Berlijn invloed? Hoe afwisselend de nummers ook mogen zijn: ze sluiten naadloos op elkaar aan en dat is bijzonder te noemen.
Fall Away sluit deze EP af met een terugkeer naar de emotionele barok sound. Een schitterend kwartet van gitaar, piano, cello en altviool. In nummers als deze komt de warme stem van Jon het beste tot zijn recht. Eigenlijk heel sober en nergens een noot te veel of te weinig.
About a Boy belooft heel wat voor de toekomst. Ik hoop dat het een vervolg kan krijgen in de vorm van een volwaardig album, want dit is al heel bijzonder. Het blijkt hier om een veelzijdig muzikant te gaan die ook nog op andere gebieden weet uit te blinken, zoals te zien in zijn schilderkunst.
Dit soort artiesten moeten we koesteren!
Waarom? Allereerst is Jon de vriend van Irrepressibles-zanger Jamie (die inmiddels onder de naam jamie Irrepressible optreedt, recentelijk nog met Röyksopp).
Jon geeft aan dat zonder Jamie deze EP nooit van de grond zou zijn gekomen en dat niet alleen; Jamie is ook verantwoordelijk voor het platenlabel waar het op uitgebracht is en hij nam de productie voor zijn rekening. Dat hij dan ook op één nummer meezingt is niet zo vreemd natuurlijk.
Laat ik eens met dat nummer, About a Boy beginnen want er valt gelijk al iets op. Waar Jamie bekend staat om zijn hoge stem (tenor/counter tenor) daar heeft Jon juist een ongelooflijk warme bariton en deze twee markante stemmen ontmoeten elkaar op deze titeltrack.
Het nummer is een eenvoudig country-getint nummer waarop Jon zichzelf begeleidt op akoestische gitaar om vervolgens hun beider stemmen het werk te laten doen. Dit volstaat. De pure eenvoud laat deze twee stemmen schitteren en meer is gewoon niet nodig. Ook mooi om te horen is dat Jamie de hoofdrol niet opeist. Het nummer ontvouwt zijn pracht als de cello erbij komt met piano als extra ondersteuning. Je hebt aan het einde nauwelijks door dat het nummer zo'n rustig opbouwende twist heeft doorgemaakt. Barok-country? Het maakt niet uit. Het is mooi. Misschien ook wel het prijsnummer van deze EP. Schitterend!
Terug naar de opener van de EP: The Gayest Picture, een triest klinkend nummer met Jamie op piano en Chloe Treacher (bandlid van The Irrepressibles) op cello. Will Harvey horen we op viool.
Jon is duidelijk in zijn teksten. Hij is gay en schaamt zich daar totaal niet voor. En zo hoort het. Het nummer weet mij al gelijk te raken en dat is voor een album opener van groot belang. Mooier kan een EP niet beginnen!
In My Dreams is al eerder als single verschenen en recentelijk is er ook een videoclip bij gemaakt. De warme, lage stem van Jon en een speelgoedpiano. Meer is niet nodig voor dit nummer waar Jon in goud verandert in zijn dromen.
Hierna volgt Dumb welke ook als single verscheen. Het nummer waar ik kennismaakte met deze artiest. Hij laat horen van alle markten thuis te zijn. De term gay-country zanger heb ik regelmatig voorbij zien komen en daar kan dit nummer wel eens verantwoordelijk voor zijn. Een nummer waar een mens alleen maar vrolijk van kan worden. 'Faces that make me think you're as queer as me' en even later 'God grant me the strength not to sing his name or tell him how bad I want to fuck his brains out'. Het kan maar duidelijk gemaakt worden nietwaar.
Op Gaydar's Got a Glitch krijgen we de dansbare kant van Jon te horen in dit elektropop getinte nummer. Koel en vrij monotoon dendert dit nummer over je heen. Dit moet de invloed van Berlijn zijn, de stad waar Jon alweer een tijd woont.
Omdat Jon al een tijd woonachtig is in Berlijn spreekt hij ook Duits en het nummer Zu Sonderbaren Zeiten is dan ook volledig in het Duits gezongen. Het is een duidelijk solo-nummer waar Jon op gitaar te horen is met aanvulling van elektronische geluiden. Opvallend is dat ook dit nummer wat koeler klinkt als de andere op deze EP. Toch die Berlijn invloed? Hoe afwisselend de nummers ook mogen zijn: ze sluiten naadloos op elkaar aan en dat is bijzonder te noemen.
Fall Away sluit deze EP af met een terugkeer naar de emotionele barok sound. Een schitterend kwartet van gitaar, piano, cello en altviool. In nummers als deze komt de warme stem van Jon het beste tot zijn recht. Eigenlijk heel sober en nergens een noot te veel of te weinig.
About a Boy belooft heel wat voor de toekomst. Ik hoop dat het een vervolg kan krijgen in de vorm van een volwaardig album, want dit is al heel bijzonder. Het blijkt hier om een veelzijdig muzikant te gaan die ook nog op andere gebieden weet uit te blinken, zoals te zien in zijn schilderkunst.
Dit soort artiesten moeten we koesteren!
Jon Campbell - Sirens (2019)

4,5
3
geplaatst: 20 september 2019, 18:17 uur
Drie jaar geleden verscheen de EP About a Boy. Voor mij een bijzondere release. Het ging hier om muziek waarop ook de zanger van The Irrepressibles, Jamie Irrepressible, te horen is.
Niet heel vreemd, gezien het feit dat beide heren een relatie hebben gehad. Voor mij was dit wel de reden om in aanraking te komen met het werk van Jon, die naast zijn muzikantenbestaan ook schildert (of andersom).
Die EP vond ik erg fraai en ik mocht toen een interview met Jon afnemen voor de blog waar ik toen reviews voor schreef. Op zo'n moment voel je je net wat meer verbonden met een artiest uiteraard.
Ik keek dan ook reikhalzend uit naar zijn volwaardige debuut, Sirens genaamd.
Het album opent met Francis, een nummer dat al op single verschenen is. Het zet direct de toon voor dit album: de warme stem van Jon, de kabbelende gitaarakkoorden en vooral de prachtige omlijsting in de vorm van strijkers. Hoeveel mooier wil je een album laten beginnen?!
Ook Rebels Without a Cause is al eerder als single verschenen. Op dit nummer horen we The Pet Shop Bears Choir. Een koor vol homo-mannen. Niet heel opmerkelijk, daar Jon ook heel helder is over zijn eigen geaardheid. Een goede zaak. Of het voor mij daarom ook wat dichterbij komt?! Uiteraard. Het koor geeft dit nummer net even een extra zetje, maar ook hier valt mij vooral de muzikale inkleuring op. Hier blijkt Jon heer en meester in te zijn.
Dumb is ook niet onbekend voor mij. Op dit album is het een remaster van het origineel. Jon gaat met zijn stem aardig de diepte in. Het nummer zelf klinkt luchtig en vrolijk, qua tekst gaat het net weer even wat verder. 'Explicit' noemen ze dat dan als je het digitaal koopt.
Op About a Boy horen we Jamie. Twee karakteristieke stemmen die elkaar wonderlijk aanvullen. Het nummer was al te vinden op de EP en horen we hier terug als een remaster. Voor mij voelt dit een beetje als Kings of Convenience. Verslavend om naar te luisteren en altijd goed.
Titeltrack Sirens bevat een bijdrage van Malte Schiller. Het doet me denken aan Kate Bush. En ja, het is net zo betoverend mooi als haar werk. Sereen en kristalhelder. Door Schiller krijgt het nummer een jazz-twist (Schiller is een Duitse jazzmuzikant).
Black Widow is behoorlijk akoestisch getint. Mede door de warme klankkleur van Jon's stem is dit een uitermate fijn nummer voor de herfst. Melancholie is hier duidelijk een sleutelwoord. Akoestische gitaar, cello en viool: de perfecte combinatie instrumenten voor mij. Het is het op één-na-langste nummer van dit album en Jon neemt er dan ook de tijd voor, waardoor het een schitterende opbouw krijgt met hier en daar wat prikkelende geluiden om het meer dan slechts een zoveelste folknummer te laten zijn. Wat mij betreft het hoogte- en zwaartepunt van Sirens.
Lior is vrij recent uitgebracht als single en kent een opvallende videoclip. Het is een vrij sober en bijna hypnotiserend nummer. Tegendraads ook.
Op Broke Me staat de piano centraal. Ook dit klinkt heel sober en de bijdrage van Caroline Potter zorgt ervoor dat ik er een beetje een Rufus Wainwright / Kate & Anna McGarrigle gevoel bij krijg (en dat mag u als uiterst positief beschouwen). Met weinig middelen weet Jon hier een hemelse sfeer neer te zetten. 'Less is more' zeggen ze niet voor niets. Schitterend!
Work Boy is wat luchtiger, maar ook hier is de muzikale inkleuring zo ontroerend mooi. Wederom slaagt hij erin een nummer een rustige, maar zeer fraaie opbouw mee te geven.
Afsluiter The Gayest Picture is wederom geen onbekende (want te vinden op de EP). Nog steeds heb ik geen genoeg van dit nummer. Zoet, wiegend, maar inhoudelijk een stuk scherper.
Wat moet ik nog zeggen van dit debuut?! Het lijkt me wel duidelijk. Sirens is een prachtig album dat gehoord dient te worden. Ik ben zeker ook van plan om daar mijn bijdrage aan te leveren zoals met deze review. Hopelijk weten de mensen die mij hier volgen wat ze te doen staat. Luisteren is het devies! Dat verdient dit album absoluut.
Ik ben diep onder de indruk......
Niet heel vreemd, gezien het feit dat beide heren een relatie hebben gehad. Voor mij was dit wel de reden om in aanraking te komen met het werk van Jon, die naast zijn muzikantenbestaan ook schildert (of andersom).
Die EP vond ik erg fraai en ik mocht toen een interview met Jon afnemen voor de blog waar ik toen reviews voor schreef. Op zo'n moment voel je je net wat meer verbonden met een artiest uiteraard.
Ik keek dan ook reikhalzend uit naar zijn volwaardige debuut, Sirens genaamd.
Het album opent met Francis, een nummer dat al op single verschenen is. Het zet direct de toon voor dit album: de warme stem van Jon, de kabbelende gitaarakkoorden en vooral de prachtige omlijsting in de vorm van strijkers. Hoeveel mooier wil je een album laten beginnen?!
Ook Rebels Without a Cause is al eerder als single verschenen. Op dit nummer horen we The Pet Shop Bears Choir. Een koor vol homo-mannen. Niet heel opmerkelijk, daar Jon ook heel helder is over zijn eigen geaardheid. Een goede zaak. Of het voor mij daarom ook wat dichterbij komt?! Uiteraard. Het koor geeft dit nummer net even een extra zetje, maar ook hier valt mij vooral de muzikale inkleuring op. Hier blijkt Jon heer en meester in te zijn.
Dumb is ook niet onbekend voor mij. Op dit album is het een remaster van het origineel. Jon gaat met zijn stem aardig de diepte in. Het nummer zelf klinkt luchtig en vrolijk, qua tekst gaat het net weer even wat verder. 'Explicit' noemen ze dat dan als je het digitaal koopt.
Op About a Boy horen we Jamie. Twee karakteristieke stemmen die elkaar wonderlijk aanvullen. Het nummer was al te vinden op de EP en horen we hier terug als een remaster. Voor mij voelt dit een beetje als Kings of Convenience. Verslavend om naar te luisteren en altijd goed.
Titeltrack Sirens bevat een bijdrage van Malte Schiller. Het doet me denken aan Kate Bush. En ja, het is net zo betoverend mooi als haar werk. Sereen en kristalhelder. Door Schiller krijgt het nummer een jazz-twist (Schiller is een Duitse jazzmuzikant).
Black Widow is behoorlijk akoestisch getint. Mede door de warme klankkleur van Jon's stem is dit een uitermate fijn nummer voor de herfst. Melancholie is hier duidelijk een sleutelwoord. Akoestische gitaar, cello en viool: de perfecte combinatie instrumenten voor mij. Het is het op één-na-langste nummer van dit album en Jon neemt er dan ook de tijd voor, waardoor het een schitterende opbouw krijgt met hier en daar wat prikkelende geluiden om het meer dan slechts een zoveelste folknummer te laten zijn. Wat mij betreft het hoogte- en zwaartepunt van Sirens.
Lior is vrij recent uitgebracht als single en kent een opvallende videoclip. Het is een vrij sober en bijna hypnotiserend nummer. Tegendraads ook.
Op Broke Me staat de piano centraal. Ook dit klinkt heel sober en de bijdrage van Caroline Potter zorgt ervoor dat ik er een beetje een Rufus Wainwright / Kate & Anna McGarrigle gevoel bij krijg (en dat mag u als uiterst positief beschouwen). Met weinig middelen weet Jon hier een hemelse sfeer neer te zetten. 'Less is more' zeggen ze niet voor niets. Schitterend!
Work Boy is wat luchtiger, maar ook hier is de muzikale inkleuring zo ontroerend mooi. Wederom slaagt hij erin een nummer een rustige, maar zeer fraaie opbouw mee te geven.
Afsluiter The Gayest Picture is wederom geen onbekende (want te vinden op de EP). Nog steeds heb ik geen genoeg van dit nummer. Zoet, wiegend, maar inhoudelijk een stuk scherper.
Wat moet ik nog zeggen van dit debuut?! Het lijkt me wel duidelijk. Sirens is een prachtig album dat gehoord dient te worden. Ik ben zeker ook van plan om daar mijn bijdrage aan te leveren zoals met deze review. Hopelijk weten de mensen die mij hier volgen wat ze te doen staat. Luisteren is het devies! Dat verdient dit album absoluut.
Ik ben diep onder de indruk......
Jon Campbell - Still Life with Motion Sickness (2024)

4,0
2
geplaatst: 21 maart 2024, 23:54 uur
Dat Jon Campbell mij muzikaal wel weet te raken moge inmiddels bekend zijn. Ik ben dan ook blij dat zijn derde album, Still Life with Motion Sickness, inmiddels verschenen is. Vooralsnog alleen digitaal.
Zonde eigenlijk als je weet dat Jon kunstenaar in hart en nieren is en zijn emoties niet alleen in muziek weet om te zetten, maar dat hij ook schildert zoals te zien is op het artwork. Dan is een kille mp3 te weinig eer voor een artiest. Maar ja, het laten persen van je muziek op vinyl of cd kost ook wat en dan zou het fijn zijn als er genoeg van verkocht kan worden.
We moeten het er maar even mee doen (voorganger Wolfen verscheen alleen op cassette, het debuut Sirens is wel verkrijgbaar op vinyl).
Liefhebbers van Jon's muziek weten inmiddels een beetje wat ze kunnen verwachten: zijn aangename, warme stem wordt ondersteund door akoestische gitaar en blazers.
Bijzonder dat het nummer Wolfen niet op het gelijknamige album stond maar op Still Life with Motion Sickness is terechtgekomen.
We vinden de singles Fool's Gold en Edward terug op dit album. Op het laatste nummer doet Luminous Crush mee.
Op dit album is Jon wederom openhartig en neemt geen blad voor de mond. Niet alleen over zijn geaardheid, maar ook politiek (Ukrainian Blood). Dat schuurt soms best wel eens, want als luisteraar voel je je dan af en toe een soort voyeur. Maar door de schitterende muzikale setting waarin deze teksten geplaatst worden gaan de scherpe randjes er toch weer onopgemerkt vanaf.
En die muzikale randjes zijn heel fraai. Zoals gezegd zijn er blazers en die bezorgen de nummers een warm bad. Het zijn arrangementen die de nummers net fraaier maken. Echt, het is voor mij weer enorm genieten.
Ik gun Jon een groot publiek, maar ik vrees dat het ook deze keer weer voor een klein clubje fijnproevers gaat zijn. Het zij zo.
Zonde eigenlijk als je weet dat Jon kunstenaar in hart en nieren is en zijn emoties niet alleen in muziek weet om te zetten, maar dat hij ook schildert zoals te zien is op het artwork. Dan is een kille mp3 te weinig eer voor een artiest. Maar ja, het laten persen van je muziek op vinyl of cd kost ook wat en dan zou het fijn zijn als er genoeg van verkocht kan worden.
We moeten het er maar even mee doen (voorganger Wolfen verscheen alleen op cassette, het debuut Sirens is wel verkrijgbaar op vinyl).
Liefhebbers van Jon's muziek weten inmiddels een beetje wat ze kunnen verwachten: zijn aangename, warme stem wordt ondersteund door akoestische gitaar en blazers.
Bijzonder dat het nummer Wolfen niet op het gelijknamige album stond maar op Still Life with Motion Sickness is terechtgekomen.
We vinden de singles Fool's Gold en Edward terug op dit album. Op het laatste nummer doet Luminous Crush mee.
Op dit album is Jon wederom openhartig en neemt geen blad voor de mond. Niet alleen over zijn geaardheid, maar ook politiek (Ukrainian Blood). Dat schuurt soms best wel eens, want als luisteraar voel je je dan af en toe een soort voyeur. Maar door de schitterende muzikale setting waarin deze teksten geplaatst worden gaan de scherpe randjes er toch weer onopgemerkt vanaf.
En die muzikale randjes zijn heel fraai. Zoals gezegd zijn er blazers en die bezorgen de nummers een warm bad. Het zijn arrangementen die de nummers net fraaier maken. Echt, het is voor mij weer enorm genieten.
Ik gun Jon een groot publiek, maar ik vrees dat het ook deze keer weer voor een klein clubje fijnproevers gaat zijn. Het zij zo.
Jon Campbell - Wolfen (2021)

4,5
4
geplaatst: 8 april 2021, 22:45 uur
Hoe moeilijk is het om iets over een album te schrijven als de maker ervan zelf al zo ongelooflijk open vertelt over wat dit album voor hem betekent.
Laat ik dat stuk dan ook maar aan hemzelf. Het is hier allemaal terug te lezen: 7lb Records
Wat is de impact op mijzelf? Groot, heel groot. Dat was bij voorgangers About a Boy EP (2016) en Sirens uit 2019 al enorm. Niet omdat ik zijn ervaringen deel, integendeel. Goed, we vallen allebei op mannen en daar houdt het eigenlijk wel mee op. Nee, het is de emotie die de muziek uitstraalt. Het is allemaal zo puur: blazers, akoestische gitaar, strijkers en dat allemaal zo natuurlijk samengesmolten door de warme stem van Jon. Echt, dan weet je mij te raken. En mij niet alleen. Veel muziekliefhebbers die ik dit persoonlijk aanraad en een beetje dezelfde muzieksmaak delen als ik worden ook geraakt, homo of hetero. Muziek is en blijft universeel.
Jon's liefde voor Joni Mitchell (hij noemt zelf Blue en Ladies of the Canyon, niet geheel toevallig ook behorend tot mijn favoriete Joni albums waar ik zelf Court and Spark nog aan toevoeg) is goed terug te horen. Ook muziek die weet te raken en te ontroeren.
De breekbaarheid, de kwetsbaarheid en vooral de openheid..... het maakt Jon een artiest om van te houden en te koesteren. Ik gun het hem om gehoord te worden.
Laat je betoveren door de magische klanken, zijn schitterende stem en probeer je in te leven in zijn verhaal. Het is misschien niet altijd even fraai: het laat zien dat het leven zoveel kanten heeft en al die kanten lijken samen te komen op Wolfen.
Laat ik dat stuk dan ook maar aan hemzelf. Het is hier allemaal terug te lezen: 7lb Records
Wat is de impact op mijzelf? Groot, heel groot. Dat was bij voorgangers About a Boy EP (2016) en Sirens uit 2019 al enorm. Niet omdat ik zijn ervaringen deel, integendeel. Goed, we vallen allebei op mannen en daar houdt het eigenlijk wel mee op. Nee, het is de emotie die de muziek uitstraalt. Het is allemaal zo puur: blazers, akoestische gitaar, strijkers en dat allemaal zo natuurlijk samengesmolten door de warme stem van Jon. Echt, dan weet je mij te raken. En mij niet alleen. Veel muziekliefhebbers die ik dit persoonlijk aanraad en een beetje dezelfde muzieksmaak delen als ik worden ook geraakt, homo of hetero. Muziek is en blijft universeel.
Jon's liefde voor Joni Mitchell (hij noemt zelf Blue en Ladies of the Canyon, niet geheel toevallig ook behorend tot mijn favoriete Joni albums waar ik zelf Court and Spark nog aan toevoeg) is goed terug te horen. Ook muziek die weet te raken en te ontroeren.
De breekbaarheid, de kwetsbaarheid en vooral de openheid..... het maakt Jon een artiest om van te houden en te koesteren. Ik gun het hem om gehoord te worden.
Laat je betoveren door de magische klanken, zijn schitterende stem en probeer je in te leven in zijn verhaal. Het is misschien niet altijd even fraai: het laat zien dat het leven zoveel kanten heeft en al die kanten lijken samen te komen op Wolfen.
Jonas Winterland - Mensen Zijn Gemaakt van Dun Papier (2013)

4,0
0
geplaatst: 26 februari 2013, 22:27 uur
Kijkend naar de hoes denk ik 'Jacques Brel', recensies lezend zie ik de naam Leonard Cohen voorbij komen én dan ook nog eens een cover van dEUS (Maak Me Wakker Voor Ik Slaap, Wake Me Up Before I Sleep van het album In a Bar, Under the Sea): dat moet iets bijzonders zijn.
En dat is het: ontroerend mooie, kleine liedjes gezongen door een haast fluisterend zingende Winterland (mooie naam voor een vertolker van dit soort nummers).
Al vanaf de eerste seconden van opener De Figurant hang ik aan zijn lippen en trekt deze debuterende zanger mij een andere wereld binnen.
Dertig jaar en dan debuteren; het is misschien wat aan de late kant maar ik ben blij dat deze in Leuven woonachtige zanger het gedaan heeft ('Tegen wil en dank moet ik gaan zingen voor mensen die ik helemaal niet ken' zingt hij in Dagen Zonder Lief)
Tien keer is het raak. Tien keer voel ik de muziek echt. Tien keer weet hij me diverse emoties te ontlokken.
Soberheid gelardeerd met hier en daar wat schitterende orkestrale verrijkingen met slechts één nadeel: het album duurt gewoon veel te kort. Maar misschien is dat ook wel de kracht van dit lieve, mooie, poëtische album. Je hoeft niet altijd veel tijd te nemen om mensen te raken. Niet voor niets doet persoonlijke favoriet Antony's I Am a Bird Now dat ook in een half uurtje.
Zal ik het dan ook maar kort houden en zeggen dat dit juweeltje door veel meer mensen ontdekt mag worden? Ook in Nederland en voor mijn part ver daarbuiten?!
En dat is het: ontroerend mooie, kleine liedjes gezongen door een haast fluisterend zingende Winterland (mooie naam voor een vertolker van dit soort nummers).
Al vanaf de eerste seconden van opener De Figurant hang ik aan zijn lippen en trekt deze debuterende zanger mij een andere wereld binnen.
Dertig jaar en dan debuteren; het is misschien wat aan de late kant maar ik ben blij dat deze in Leuven woonachtige zanger het gedaan heeft ('Tegen wil en dank moet ik gaan zingen voor mensen die ik helemaal niet ken' zingt hij in Dagen Zonder Lief)
Tien keer is het raak. Tien keer voel ik de muziek echt. Tien keer weet hij me diverse emoties te ontlokken.
Soberheid gelardeerd met hier en daar wat schitterende orkestrale verrijkingen met slechts één nadeel: het album duurt gewoon veel te kort. Maar misschien is dat ook wel de kracht van dit lieve, mooie, poëtische album. Je hoeft niet altijd veel tijd te nemen om mensen te raken. Niet voor niets doet persoonlijke favoriet Antony's I Am a Bird Now dat ook in een half uurtje.
Zal ik het dan ook maar kort houden en zeggen dat dit juweeltje door veel meer mensen ontdekt mag worden? Ook in Nederland en voor mijn part ver daarbuiten?!
Jonathan Jeremiah - A Solitary Man (2011)

4,0
0
geplaatst: 10 april 2011, 23:52 uur
Tom Jones die Nick Drake liedjes vertolkt met Van Morrison als toezichthouder.
Jonathan Jeremiah zal wel weer zo'n oude ziel in een jong lichaam hebben. Anderen zullen A Solitary Man simpelweg 'ouwelullenzooi' noemen.
Dat maakt allemaal niet uit. Op dit album horen we helemaal niets vernieuwends, maar dat hoeft ook niet als je als zanger zo'n geweldige stem hebt en als je zo'n verdomd fijne sfeer kunt neerzetten.
Wat maakt het dan uit dat je het gevoel hebt naar een album uit vervlogen tijden te luisteren? Sterker; dat je het gevoel hebt naar een klassieker uit de muziekgeschiedenis luistert terwijl dit toch echt uit 2011 komt?!
Voor mij is A Solitary Man heerlijk zwijmelen op de sfeer die de violen neerzetten en hou ik enorm van de kitschy randjes die sommige nummers een beetje hebben zoals ik dat ook hoor bij de eerste albums van Scott Walker. En geloof me, dat is voor mij een groot pluspunt.
Dit zijn typisch van die albums die kunnen aanslaan bij een zeer breed publiek: van de echte muziekliefhebbers die ook wel eens wat makkelijks willen horen tot aan de moeders die dit over een paar weken met moederdag kado gaan krijgen.
Jonathan Jeremiah zal weinig kwaad kunnen doen bij een grote groep mensen. De liefhebbers die hem onlangs in de kleine zaal van Paradiso hebben gezien kunnen later ongetwijfeld vol trots zeggen dat zij erbij waren want ik verwacht wel wat van deze man. Als je met zo'n heerlijk debuut komt wek je hoge verwachtingen. Hopelijk gaat hij deze waarmaken in de toekomst.
Voor nu is het in elk geval volop genieten van deze heerlijke cd. Retro of niet.
Genietbaar voor liefhebbers van: Scott Walker, Nick Drake, Cat Stevens, Van Morrison en Tom Jones.
Jonathan Jeremiah zal wel weer zo'n oude ziel in een jong lichaam hebben. Anderen zullen A Solitary Man simpelweg 'ouwelullenzooi' noemen.
Dat maakt allemaal niet uit. Op dit album horen we helemaal niets vernieuwends, maar dat hoeft ook niet als je als zanger zo'n geweldige stem hebt en als je zo'n verdomd fijne sfeer kunt neerzetten.
Wat maakt het dan uit dat je het gevoel hebt naar een album uit vervlogen tijden te luisteren? Sterker; dat je het gevoel hebt naar een klassieker uit de muziekgeschiedenis luistert terwijl dit toch echt uit 2011 komt?!
Voor mij is A Solitary Man heerlijk zwijmelen op de sfeer die de violen neerzetten en hou ik enorm van de kitschy randjes die sommige nummers een beetje hebben zoals ik dat ook hoor bij de eerste albums van Scott Walker. En geloof me, dat is voor mij een groot pluspunt.
Dit zijn typisch van die albums die kunnen aanslaan bij een zeer breed publiek: van de echte muziekliefhebbers die ook wel eens wat makkelijks willen horen tot aan de moeders die dit over een paar weken met moederdag kado gaan krijgen.
Jonathan Jeremiah zal weinig kwaad kunnen doen bij een grote groep mensen. De liefhebbers die hem onlangs in de kleine zaal van Paradiso hebben gezien kunnen later ongetwijfeld vol trots zeggen dat zij erbij waren want ik verwacht wel wat van deze man. Als je met zo'n heerlijk debuut komt wek je hoge verwachtingen. Hopelijk gaat hij deze waarmaken in de toekomst.
Voor nu is het in elk geval volop genieten van deze heerlijke cd. Retro of niet.
Genietbaar voor liefhebbers van: Scott Walker, Nick Drake, Cat Stevens, Van Morrison en Tom Jones.
Jonathan Jeremiah - Gold Dust (2012)

4,0
0
geplaatst: 19 oktober 2012, 17:04 uur
Gold Dust én met het Metropole orkest samenwerken..... waar hebben we dat recentelijk eerder gehoord?! Juist ja. Tori Amos bracht een paar weken terug een album uit met dezelfde titel en ook opgenomen met het Metropole Orkest.
Toevallig?
Verder houdt de overeenkomst wel op. Waar Tori oudere nummers herbewerkt daar heeft Jonathan een nieuw album geschreven als opvolger van het vooral in Nederland zeer populaire debuut A Solitary Man.
Hij schijnt zijn nummers in korte tijd geschreven en opgenomen te hebben in tegendeel tot het debuut waar hij jaren over gedaan heeft.
Maar goed, wel met een groot orkest en dan ook nog eentje van eigen bodem. Jeremiah heeft een goede band met ons landje.
Wat valt er te horen? Meer nummers zoals op het debuut maar dan wat voller en rijker aangezet door toedoen van het orkest.
Ik was van tevoren bang dat het te pompeus zou worden en dat juist die wat kleinere liedjes nu zouden verdrinken in een grote poel van geluid maar dat valt me alleszins mee.
Natuurlijk klinkt het allemaal net even anders maar Jeremiah is eigenlijk vrij gemakkelijk bij z'n debuut gebleven qua sound. Hij klinkt losjes en soms haast nonchalant en dat werkt in z'n voordeel omdat het Metropole daardoor echt ondersteunend blijft en er geen wedstrijd ontstaat tussen de twee.
Zelfs het Nick Drake gevoel komt nog een keer terug op een nummer als All We Need Is a Motorway.
Vond je het debuut niks dan hoef je hier niet aan te beginnen en was je daar wel degelijk van gecharmeerd zoals ondergetekende dan kun je dit blindelings aanschaffen. Natuurlijk zal bij velen de voorkeur naar het debuut uitgaan door de misschien net wat pakkender nummers of door de afwezigheid van een orkest. Zelf heb ik daar geen last van.
Gold Dust is ongecompliceerde pop-folk-rock, verre van origineel en zeer geschikt voor alle huisvrouwen in ons land en daarbuiten (dat zei ik bij het debuut ook al) maar er valt ook genoeg te beleven voor de wat serieuzere muziekliefhebbers die soms zin hebben in wat makkelijker albums die toch kwaliteit bevatten en waar het speelplezier vanaf druipt.
Jeremiah verstaat zijn vak en of je dat dan ook kunt waarderen is een ander ding.
Ik hoor tot de groep waardeerders
Toevallig?
Verder houdt de overeenkomst wel op. Waar Tori oudere nummers herbewerkt daar heeft Jonathan een nieuw album geschreven als opvolger van het vooral in Nederland zeer populaire debuut A Solitary Man.
Hij schijnt zijn nummers in korte tijd geschreven en opgenomen te hebben in tegendeel tot het debuut waar hij jaren over gedaan heeft.
Maar goed, wel met een groot orkest en dan ook nog eentje van eigen bodem. Jeremiah heeft een goede band met ons landje.
Wat valt er te horen? Meer nummers zoals op het debuut maar dan wat voller en rijker aangezet door toedoen van het orkest.
Ik was van tevoren bang dat het te pompeus zou worden en dat juist die wat kleinere liedjes nu zouden verdrinken in een grote poel van geluid maar dat valt me alleszins mee.
Natuurlijk klinkt het allemaal net even anders maar Jeremiah is eigenlijk vrij gemakkelijk bij z'n debuut gebleven qua sound. Hij klinkt losjes en soms haast nonchalant en dat werkt in z'n voordeel omdat het Metropole daardoor echt ondersteunend blijft en er geen wedstrijd ontstaat tussen de twee.
Zelfs het Nick Drake gevoel komt nog een keer terug op een nummer als All We Need Is a Motorway.
Vond je het debuut niks dan hoef je hier niet aan te beginnen en was je daar wel degelijk van gecharmeerd zoals ondergetekende dan kun je dit blindelings aanschaffen. Natuurlijk zal bij velen de voorkeur naar het debuut uitgaan door de misschien net wat pakkender nummers of door de afwezigheid van een orkest. Zelf heb ik daar geen last van.
Gold Dust is ongecompliceerde pop-folk-rock, verre van origineel en zeer geschikt voor alle huisvrouwen in ons land en daarbuiten (dat zei ik bij het debuut ook al) maar er valt ook genoeg te beleven voor de wat serieuzere muziekliefhebbers die soms zin hebben in wat makkelijker albums die toch kwaliteit bevatten en waar het speelplezier vanaf druipt.
Jeremiah verstaat zijn vak en of je dat dan ook kunt waarderen is een ander ding.
Ik hoor tot de groep waardeerders

Jonathan Wilson - Rare Birds (2018)

3,0
0
geplaatst: 28 februari 2018, 21:58 uur
Beetje brave plaat. Keurig tussen de lijntjes. The War On Drugs, maar dan met een iets andere toevoeging, dusdanig weinig anders waardoor je de associatie niet uit de weg kunt gaan.
Buiten dat het braaf klinkt, vind ik het ook wat klinisch. TL-lampen in plaats van groezelige straatlantarens. Brave baardmans met lang haar met wie je makkelijk een biertje gaat drinken i.p.v. dat je denkt 'daar moet ik een beetje voor oppassen'. Muzikaal de jaren '80 kant die ik eigenlijk nooit zo leuk vond.
Het zal mede hierdoor ongetwijfeld goed gaan scoren, want dit is nu helemaal je van het. Ik ben inmiddels wel klaar in deze hoek met die ongevaarlijke deunen die veel te lang voortkabbelen. Beetje een te weeïge lucht die hier omheen hangt. Jammer.
Niet slecht. Wel saai en niet erg opwindend. Daar hoort een brave 3* bij.
Buiten dat het braaf klinkt, vind ik het ook wat klinisch. TL-lampen in plaats van groezelige straatlantarens. Brave baardmans met lang haar met wie je makkelijk een biertje gaat drinken i.p.v. dat je denkt 'daar moet ik een beetje voor oppassen'. Muzikaal de jaren '80 kant die ik eigenlijk nooit zo leuk vond.
Het zal mede hierdoor ongetwijfeld goed gaan scoren, want dit is nu helemaal je van het. Ik ben inmiddels wel klaar in deze hoek met die ongevaarlijke deunen die veel te lang voortkabbelen. Beetje een te weeïge lucht die hier omheen hangt. Jammer.
Niet slecht. Wel saai en niet erg opwindend. Daar hoort een brave 3* bij.
Joni Mitchell - At Newport (2023)

3,5
5
geplaatst: 29 juli 2023, 10:58 uur
Niemand had gedacht Joni ooit nog op het podium te zien, maar het gebeurde op 24 juli 2022 op het Newport Folk Festival.
Dat optreden is nu uitgebracht als album. Een emotioneel optreden en daarom ook enorm bewierookt. Als Joni fan zijnde was het ook voor mij ontroerend Joni terug te zien. Het had immers anders voor haar kunnen aflopen in 2015 na haar hersenaneurysma.
Het optreden is een feestje waar Joni centraal staat temidden van allerlei artiesten die haar bewonderen en dit alles op initiatief van Brandi Carlisle. Een feestje dat gewoon een lange jam is (de Joni jam) met tussendoor wat praatjes en lachjes van Joni en begeleiders.
Is het de moeite waard? Als document absoluut! Dit was een bijzonder optreden. Fijn dat het nu ook in huis te halen valt. Maar eerlijk is eerlijk: als ik het neutraal beluister en alle emoties achterwege laat dan blijft er een album over wat leuk is om eens te horen (of beter: zoek de beelden op) en meer ook niet. Soms voelt het zelfs een beetje ongemakkelijk, al die Joni verering die soms een beetje over de top lijkt te gaan.
Als ik Joni echt wil eren dan draai ik haar schitterende albums wel. Maar verder is dit natuurlijk wel een zeer bijzondere liveplaat waar de liefde voor Joni van afspat en dat is terecht. Zelf vond ze het in elk geval 'so fun'.
Dat optreden is nu uitgebracht als album. Een emotioneel optreden en daarom ook enorm bewierookt. Als Joni fan zijnde was het ook voor mij ontroerend Joni terug te zien. Het had immers anders voor haar kunnen aflopen in 2015 na haar hersenaneurysma.
Het optreden is een feestje waar Joni centraal staat temidden van allerlei artiesten die haar bewonderen en dit alles op initiatief van Brandi Carlisle. Een feestje dat gewoon een lange jam is (de Joni jam) met tussendoor wat praatjes en lachjes van Joni en begeleiders.
Is het de moeite waard? Als document absoluut! Dit was een bijzonder optreden. Fijn dat het nu ook in huis te halen valt. Maar eerlijk is eerlijk: als ik het neutraal beluister en alle emoties achterwege laat dan blijft er een album over wat leuk is om eens te horen (of beter: zoek de beelden op) en meer ook niet. Soms voelt het zelfs een beetje ongemakkelijk, al die Joni verering die soms een beetje over de top lijkt te gaan.
Als ik Joni echt wil eren dan draai ik haar schitterende albums wel. Maar verder is dit natuurlijk wel een zeer bijzondere liveplaat waar de liefde voor Joni van afspat en dat is terecht. Zelf vond ze het in elk geval 'so fun'.
Joni Mitchell - Shine (2007)

4,0
1
geplaatst: 21 september 2007, 17:14 uur
Ze is terug en dat mag gezegd worden. Zoals gezegd wilde Joni Mitchell geen nieuwe albums meer maken, maar de oorlog in Irak deed haar anders besluiten waardoor dit Shine nu uiteindelijk het levenslicht ziet.
Het album opent nog redelijk luchtig met het instrumentale One Week Last Summer. Het is heerlijk, herkenbaar Joni en qua zang is het slechts beperkt tot wat achtergrond 'gehum'. Uiterst smaakvol gedaan en hierdoor een apart maar o zo fijn begin.
This Place volgt. Het is een rustig nummer waar Joni nu eens niet met haar penseel over het doek strijkt, maar allerlei instrumenten tot bloei laat komen. Het zijn hier vooral de blazers die de hoofdkleur vormen in dat ietwat jazzy nummer met country-feel.
If I Had A Heart is donker en klinkt somber. Tekstueel gezien is het al helemaal kommer en kwel. Joni houdt zich duidelijk bezig met alle ellende in deze wereld. Van mij mag ze als dat schitterende nummers als deze weet op te leveren. Een treurnummer voor onze planeet die duidelijk ten onder gaat....
Hana heeft een steviger ritme als ondertoon, maar ook hier toch wel weer een jazzy sfeer met name door de blazer (sopraan-sax?).
Onmiskenbaar een Mitchell-compositie. M.a.w. sterk
Achter de piano gezeten opent Joni Bad Dreams. Door die piano-begeleiding komt haar stem nog mooier uit vind ik want ik geef toe dat ik me in de voorgaande nummers soms een klein beetje stoor aan de blazers. Dit is wederom een prachtige ballade waar de teloorgang van moeder aarde bezongen wordt.
Big Yellow Taxi is en blijft een heerlijke hit, dus ik was benieuwd hoe Big Yellow Taxi (2007) zou gaan klinken. Redelijk akoestisch dus met een hoofdrol voor de accordeon. Het is geen overbodige versie, want het wijkt behoorlijk af van het origineel en ze brengt het met verve.
Night Of The Iguana gaat spannend van start en klinkt wat luchtiger van toon. Vrolijk wordt het nergens, maar het is een uitermate volwassen pop-song zoals ik ze graag hoor.
Op Strong And Wrong wederom een hoofdrol voor piano maar ze kleurt het verder vooral in met synths (de blazers krijgen een wat subtielere rol op dit nummer).
Shine is een prachtig geschilderd landschap met een zeer melancholieke ondertoon. Dat we blij mogen zijn dat La Mitchell toch weer nieuw werk heeft opgenomen bewijzen prachtnummers als deze nog eens goed. Zeer ontroerend.
Afsluiter If is gebaseerd op een gedicht van Rudyard Kipling. Het schijn haar favoriete gedicht te zijn en ze weet er een fraai nummer omheen te bouwen.
Joni Mitchell laat met dit album zien nog steeds tot de top te behoren en laat de jonkies van nu zien wie hier de baas is.
Voor mij was dit 3 kwartier genieten van één van de allerbeste vrouwelijke artiesten die onze door haar zo geweeklaagde planeet rijk is!
Het album opent nog redelijk luchtig met het instrumentale One Week Last Summer. Het is heerlijk, herkenbaar Joni en qua zang is het slechts beperkt tot wat achtergrond 'gehum'. Uiterst smaakvol gedaan en hierdoor een apart maar o zo fijn begin.
This Place volgt. Het is een rustig nummer waar Joni nu eens niet met haar penseel over het doek strijkt, maar allerlei instrumenten tot bloei laat komen. Het zijn hier vooral de blazers die de hoofdkleur vormen in dat ietwat jazzy nummer met country-feel.
If I Had A Heart is donker en klinkt somber. Tekstueel gezien is het al helemaal kommer en kwel. Joni houdt zich duidelijk bezig met alle ellende in deze wereld. Van mij mag ze als dat schitterende nummers als deze weet op te leveren. Een treurnummer voor onze planeet die duidelijk ten onder gaat....
Hana heeft een steviger ritme als ondertoon, maar ook hier toch wel weer een jazzy sfeer met name door de blazer (sopraan-sax?).
Onmiskenbaar een Mitchell-compositie. M.a.w. sterk

Achter de piano gezeten opent Joni Bad Dreams. Door die piano-begeleiding komt haar stem nog mooier uit vind ik want ik geef toe dat ik me in de voorgaande nummers soms een klein beetje stoor aan de blazers. Dit is wederom een prachtige ballade waar de teloorgang van moeder aarde bezongen wordt.
Big Yellow Taxi is en blijft een heerlijke hit, dus ik was benieuwd hoe Big Yellow Taxi (2007) zou gaan klinken. Redelijk akoestisch dus met een hoofdrol voor de accordeon. Het is geen overbodige versie, want het wijkt behoorlijk af van het origineel en ze brengt het met verve.
Night Of The Iguana gaat spannend van start en klinkt wat luchtiger van toon. Vrolijk wordt het nergens, maar het is een uitermate volwassen pop-song zoals ik ze graag hoor.
Op Strong And Wrong wederom een hoofdrol voor piano maar ze kleurt het verder vooral in met synths (de blazers krijgen een wat subtielere rol op dit nummer).
Shine is een prachtig geschilderd landschap met een zeer melancholieke ondertoon. Dat we blij mogen zijn dat La Mitchell toch weer nieuw werk heeft opgenomen bewijzen prachtnummers als deze nog eens goed. Zeer ontroerend.
Afsluiter If is gebaseerd op een gedicht van Rudyard Kipling. Het schijn haar favoriete gedicht te zijn en ze weet er een fraai nummer omheen te bouwen.
Joni Mitchell laat met dit album zien nog steeds tot de top te behoren en laat de jonkies van nu zien wie hier de baas is.
Voor mij was dit 3 kwartier genieten van één van de allerbeste vrouwelijke artiesten die onze door haar zo geweeklaagde planeet rijk is!
Jono McCleery - Here I Am and There You Are (2020)

4,0
1
geplaatst: 25 november 2020, 22:08 uur
De in Rotterdam woonachtige Brit Jono McCleery flikt het weer hoor: het afleveren van een ijzersterk album.
Ik heb het geluk gehad hem live in een kleine setting mogen mee te maken: eenmaal in Rotterdam tijdens een PopUp 010 optreden en een keer in nog veel kleinere setting: de huiskamer van reptile71.
Een pure artiest die het voor elkaar krijgt om op vrij eenvoudige wijze het hart van menig muziekliefhebber te kunnen veroveren. De mijne in elk geval en dat is nu niet anders.
Hoe jammer dat de man toch onder de radar blijft. Ook nu weer: ik wist als enthousiast liefhebber niet eens dat er dit jaar een EP en zelfs nieuw album verschenen waren. Dat album is dus Here I Am and There You Are.
Het is een veelzijdig album geworden met invloeden uit de folkhoek, zoals te verwachten, maar ook soul mag best als invloed genoemd worden (Call Me). In zulke gevallen moet ik een beetje aan José James denken. Soul, met een jazz-twist dus en dat in de folk-hoek. En het klink zo natuurlijk als wat.
Uiteraard heeft zijn prettig in het gehoor liggende zang daar mee te maken, maar ook de losjes klinkende composities en de warmte die daarmee gepaard gaat.
Een nummer als To Watch the World Slip Away heeft ene licht bossanova briesje en daarmee komt Kings of Convenience gelijk bij me naar boven borrelen. En wat is Promise of Spring toch een fijn hoogtepunt.
Je zou een somber album verwachten in deze akelige tijden, maar Here I Am and There You Are klinkt eigenlijk heel licht en hoopvol en dat is fijn in een jaargetijde waar de winter nog van start moet gaan en de vooruitzichten op betere tijden nog een eind weg lijken.
Here I Am and There You Are is het hoopvolle lichtje in duistere tijden. Nu maar hopen dat meer mensen dat lichtje kunnen vinden. Het zou niet meer dan terecht zijn.
Ik heb het geluk gehad hem live in een kleine setting mogen mee te maken: eenmaal in Rotterdam tijdens een PopUp 010 optreden en een keer in nog veel kleinere setting: de huiskamer van reptile71.
Een pure artiest die het voor elkaar krijgt om op vrij eenvoudige wijze het hart van menig muziekliefhebber te kunnen veroveren. De mijne in elk geval en dat is nu niet anders.
Hoe jammer dat de man toch onder de radar blijft. Ook nu weer: ik wist als enthousiast liefhebber niet eens dat er dit jaar een EP en zelfs nieuw album verschenen waren. Dat album is dus Here I Am and There You Are.
Het is een veelzijdig album geworden met invloeden uit de folkhoek, zoals te verwachten, maar ook soul mag best als invloed genoemd worden (Call Me). In zulke gevallen moet ik een beetje aan José James denken. Soul, met een jazz-twist dus en dat in de folk-hoek. En het klink zo natuurlijk als wat.
Uiteraard heeft zijn prettig in het gehoor liggende zang daar mee te maken, maar ook de losjes klinkende composities en de warmte die daarmee gepaard gaat.
Een nummer als To Watch the World Slip Away heeft ene licht bossanova briesje en daarmee komt Kings of Convenience gelijk bij me naar boven borrelen. En wat is Promise of Spring toch een fijn hoogtepunt.
Je zou een somber album verwachten in deze akelige tijden, maar Here I Am and There You Are klinkt eigenlijk heel licht en hoopvol en dat is fijn in een jaargetijde waar de winter nog van start moet gaan en de vooruitzichten op betere tijden nog een eind weg lijken.
Here I Am and There You Are is het hoopvolle lichtje in duistere tijden. Nu maar hopen dat meer mensen dat lichtje kunnen vinden. Het zou niet meer dan terecht zijn.
Jono McCleery - Seeds of a Dandelion (2018)

4,0
0
geplaatst: 26 januari 2018, 20:14 uur
Wat blijf ik Jono McCleery een geweldige artiest vinden. Ook live maakt hij indruk. En dan is er nu een album vol covers... en dat is altijd een gevaarlijke onderneming.
Jono doet wat veel andere artiesten ook doen: soms een nummer redelijk eigen maken en soms heel dicht bij het origineel blijven. Soms pakt het geweldig uit en soms voegt het niet veel toe.
Maar waarom waardeer ik het dan toch zo hoog? Heel eenvoudig: omdat hij me weet te ontroeren en omdat hij hier heel nadrukkelijk een strijkersensemble inzet.
Opener Gabriel van Roy Davis Jr. klinkt vrij rauw, ondanks de inzet van de strijkers. Het doet me gek genoeg denken aan hoe Frédérique Spigt dat in het verleden wel eens deed. Zou het komen door de stad Rotterdam waar beide artiesten wonen? Wel heel gedurfd om een dance-track om te bouwen op deze wijze. Een avontuurlijke start van een bijzonder album....
Brand New Start van Paul Weller is dan categorie 'veilig', maar dat boeit me niet omdat het gewoon heel mooi en puur klinkt. Dank u strijkers en piano.
Know Who You Are at Every Age staat op het Cocteau Twins album Four-Calendar Café en is daarmee toch ook best een opvallende keuze. Nog opvallender is de jazzy saus die het nummer hier krijgt en dat past wonderwel heel goed.
En dan krijgt Rufus Wainwright een ode in de vorm van Dinner at Eight. Als groot Rufus-fan kan ik alleen maar zeggen 'goed gedaan zeg'. Het nummer is wat kaler dan het origineel en waar Rufus z'n zang soms wat lastig doorkomen is, daar maakt Jono het aardser. De cello die de hoofdrol krijgt geeft het een warme gloed.
Morning Theft weet ook enorm binnen te komen bij mij. Velen zullen dit kennen in de versie van Jeff Buckley.
Ingenue is een cover van Thom Yorke. Wederom een elektronische track die een andere aanpak krijgt. Geslaagd wat mij betreft.
Minder geslaagd vind ik God Bless the Child. Niemand kan Billie Holiday evenaren in dit nummer wat mij betreft. Ook Jono niet. Het is wel op een aparte manier benaderd, maar het weet me veel minder te raken.
Single Halo, een cover van Beyoncé vind ik dan weer een stuk beter uitpakken, met name omdat de begeleiding hier ongelooflijk mooi klinkt, en zijn zang krijgt hier alle ruimte om de show te stelen.
Op Old Man's Back Again blijft Jono redelijk dicht bij het origineel van Scott Walker. Nu behoort Scott 4 tot mijn favoriete albums en dan wordt het toch wat lastig, zeker als er niet heel veel afwijkends wordt gedaan met het nummer. Niet erg, het past goed tussen al de nummers op het album, maar valt wel wat minder op.
Wild Is the Wind is meerdere malen gecovered, o.a. door David Bowie, Nina Simone en George Michael. De eerste versie stamt uit 1957 en is afkomstig van Johnny Mathis voor de gelijknamige film. Misschien vind ik die versie nog steeds het leukst, ook al ben ik gek op die van Bowie en Simone. Jono doet het niet onverdienstelijk, maar heeft te veel bekende voorgangers.
Dream Letter is van Tim Buckley, een zanger met een uitgesproken eigen geluid. Dan is dat best lastig, maar Jono slaagt erin om dit prachtig neer te zetten met een huiveringwekkend ijzige sfeer.
Het laatste nummer is wederom een verrassende keuze. Sébastien Tellier schreef La Ritournelle wat een fijne elektronische poptrack is waar strijkers ook een grote rol hebben en hier juist niet. Hier is het een heel klein en kort nummer dat dit album waardig afsluit.
Jono McCleery is erin geslaagd om een prachtig album af te leveren waar hij nummers van anderen met groot respect benadert. De sfeer is soms betoverend en nergens overdadig. Bijzondere keuzes maken het geheel tot een zeer aangename plaat en dan maakt het mij niet uit dat het om een cover-album gaat. Hiermee is het wachten tot zijn volgende eigen album heel goed te doen.
Jono doet wat veel andere artiesten ook doen: soms een nummer redelijk eigen maken en soms heel dicht bij het origineel blijven. Soms pakt het geweldig uit en soms voegt het niet veel toe.
Maar waarom waardeer ik het dan toch zo hoog? Heel eenvoudig: omdat hij me weet te ontroeren en omdat hij hier heel nadrukkelijk een strijkersensemble inzet.
Opener Gabriel van Roy Davis Jr. klinkt vrij rauw, ondanks de inzet van de strijkers. Het doet me gek genoeg denken aan hoe Frédérique Spigt dat in het verleden wel eens deed. Zou het komen door de stad Rotterdam waar beide artiesten wonen? Wel heel gedurfd om een dance-track om te bouwen op deze wijze. Een avontuurlijke start van een bijzonder album....
Brand New Start van Paul Weller is dan categorie 'veilig', maar dat boeit me niet omdat het gewoon heel mooi en puur klinkt. Dank u strijkers en piano.
Know Who You Are at Every Age staat op het Cocteau Twins album Four-Calendar Café en is daarmee toch ook best een opvallende keuze. Nog opvallender is de jazzy saus die het nummer hier krijgt en dat past wonderwel heel goed.
En dan krijgt Rufus Wainwright een ode in de vorm van Dinner at Eight. Als groot Rufus-fan kan ik alleen maar zeggen 'goed gedaan zeg'. Het nummer is wat kaler dan het origineel en waar Rufus z'n zang soms wat lastig doorkomen is, daar maakt Jono het aardser. De cello die de hoofdrol krijgt geeft het een warme gloed.
Morning Theft weet ook enorm binnen te komen bij mij. Velen zullen dit kennen in de versie van Jeff Buckley.
Ingenue is een cover van Thom Yorke. Wederom een elektronische track die een andere aanpak krijgt. Geslaagd wat mij betreft.
Minder geslaagd vind ik God Bless the Child. Niemand kan Billie Holiday evenaren in dit nummer wat mij betreft. Ook Jono niet. Het is wel op een aparte manier benaderd, maar het weet me veel minder te raken.
Single Halo, een cover van Beyoncé vind ik dan weer een stuk beter uitpakken, met name omdat de begeleiding hier ongelooflijk mooi klinkt, en zijn zang krijgt hier alle ruimte om de show te stelen.
Op Old Man's Back Again blijft Jono redelijk dicht bij het origineel van Scott Walker. Nu behoort Scott 4 tot mijn favoriete albums en dan wordt het toch wat lastig, zeker als er niet heel veel afwijkends wordt gedaan met het nummer. Niet erg, het past goed tussen al de nummers op het album, maar valt wel wat minder op.
Wild Is the Wind is meerdere malen gecovered, o.a. door David Bowie, Nina Simone en George Michael. De eerste versie stamt uit 1957 en is afkomstig van Johnny Mathis voor de gelijknamige film. Misschien vind ik die versie nog steeds het leukst, ook al ben ik gek op die van Bowie en Simone. Jono doet het niet onverdienstelijk, maar heeft te veel bekende voorgangers.
Dream Letter is van Tim Buckley, een zanger met een uitgesproken eigen geluid. Dan is dat best lastig, maar Jono slaagt erin om dit prachtig neer te zetten met een huiveringwekkend ijzige sfeer.
Het laatste nummer is wederom een verrassende keuze. Sébastien Tellier schreef La Ritournelle wat een fijne elektronische poptrack is waar strijkers ook een grote rol hebben en hier juist niet. Hier is het een heel klein en kort nummer dat dit album waardig afsluit.
Jono McCleery is erin geslaagd om een prachtig album af te leveren waar hij nummers van anderen met groot respect benadert. De sfeer is soms betoverend en nergens overdadig. Bijzondere keuzes maken het geheel tot een zeer aangename plaat en dan maakt het mij niet uit dat het om een cover-album gaat. Hiermee is het wachten tot zijn volgende eigen album heel goed te doen.
Jónsi - First Light (2024)

3,0
0
geplaatst: 29 augustus 2024, 19:01 uur
First Light is een verrassing, want ik had helemaal niet in de gaten dat Jónsi met een nieuw solo-album zou komen.
Toen ik de hoes zag dacht ik gelijk aan het Nick Cave album Ghosteen, niet mijn favoriete Cave.
En dan de vraag: wat gaat ie ons nu weer brengen?! Nou, orkestrale nummers een beetje voortbordurend op de laatste Sigur Rós, maar dan zonder Jónsi want die horen we hier niet zingen. Een zegen voor de mensen die zijn 'zang' niet trekken, maar ik vind het toch wel een gemis.
Misschien leuke muziek voor in de wachtkamer van je yoga-lerares, maar zo voor mij in huis heb ik er niet zo veel mee.
Ja, ik vind dit net wat prettiger dan zijn ambient albums; dat is omdat ik wat meer heb met bombast en orkestraal, maar dat wil niet zeggen dat ik dan laaiend enthousiast ben. Kwetterende vogels zijn het niet voor mij. Zeker, 3* is voldoende, en het is een prima album om een beetje op weg te dromen, maar ik hoor er geen meesterwerk in. Het kabbelt lekker voort zullen we maar zeggen. En aangezien ik niet aan yoga doe moet het maar gewoon thuis gedraaid worden. Of dat heel veel gaat gebeuren valt te betwijfelen. Ik hou van kitsch, maar dit is met iets té kitscherig allemaal. Het lijkt of Jónsi het paradijs wil uitbeelden in muziek of zo, en laat ik daar nou niet zo veel mee hebben.
Toen ik de hoes zag dacht ik gelijk aan het Nick Cave album Ghosteen, niet mijn favoriete Cave.
En dan de vraag: wat gaat ie ons nu weer brengen?! Nou, orkestrale nummers een beetje voortbordurend op de laatste Sigur Rós, maar dan zonder Jónsi want die horen we hier niet zingen. Een zegen voor de mensen die zijn 'zang' niet trekken, maar ik vind het toch wel een gemis.
Misschien leuke muziek voor in de wachtkamer van je yoga-lerares, maar zo voor mij in huis heb ik er niet zo veel mee.
Ja, ik vind dit net wat prettiger dan zijn ambient albums; dat is omdat ik wat meer heb met bombast en orkestraal, maar dat wil niet zeggen dat ik dan laaiend enthousiast ben. Kwetterende vogels zijn het niet voor mij. Zeker, 3* is voldoende, en het is een prima album om een beetje op weg te dromen, maar ik hoor er geen meesterwerk in. Het kabbelt lekker voort zullen we maar zeggen. En aangezien ik niet aan yoga doe moet het maar gewoon thuis gedraaid worden. Of dat heel veel gaat gebeuren valt te betwijfelen. Ik hou van kitsch, maar dit is met iets té kitscherig allemaal. Het lijkt of Jónsi het paradijs wil uitbeelden in muziek of zo, en laat ik daar nou niet zo veel mee hebben.
Jónsi - Go (2010)

4,5
0
geplaatst: 3 maart 2010, 22:49 uur
Jónsi wist de spanning goed op te bouwen bij mij. Mondjesmaat verschenen er nummers van Go en wist ik een kaartje te bemachtigen voor zijn optreden in Paradiso deze zomer, wat een hele happening schijnt te gaan worden en waar ik menig bevriend user van last.fm/MusicMeter ga zien 
Zoals gezegd heb ik het nooit zo erg op solo-projecten van artiesten uit favoriete bands en al helemaal niet van zangers die zo'n uitgesproken stempel drukken op het geluid van zo'n band.
Jónsi is er daar zo eentje van. Maar wat was ik aangenaam verrast door Boy Lilikoi waar ik zo enorm vrolijk van werd, waar ik bij wijze van spreken al dansend de tafel op sprong, zwierend aan de lampen zoals Treat Williams deed in de filmversie van de musical Hair.
Het deed tevens denken aan Gobbledigook van het Sigur Rós album Með Suð Í Eyrum Við Spilum Endalaust, ook al zo'n vrolijk uptempo nummer dat heel erg wennen was maar uiteindelijk wist te pakken en zeker live.
De naam Sufjan Stevens schoot ook telkens door mijn hoofd en dan kan het haast niet meer stuk, en het verhaal dat dit soort artiesten beter maar niet solo kunnen gaan ging al niet meer op.
Zeker toen Go Do verscheen: ook al zo'n heerlijk nummer. Hoezo verliefd op de schitterende Sigur Rós melancholie? Blijkbaar schijnt de zon ook in IJsland en laat ik nu net even helemaal genoeg hebben van wijdse vlakten en ijs. Ik wil lente. IJslandse lente is ook prima.
Die lente lijkt gelijk wel over te gaan in zomer op het uiterst opzwepende Animal Arithmatic. Tjongejone: ik dacht dat Boi Lilikoi al zo'n heerlijke stuiterplaat was, dit is het misschien nog wel meer.
Op Tornado verwacht je dan een nog hogere versnelling maar dat zit er niet in. Wel is het een nummer waar de onderhuidse spanning broeit en groeit. De hoge, ijle uithalen zijn zo herkenbaar als wat en dit gaat al wat meer richting het werk met zijn maatjes.
Het is een mooi, warm nummer. Zomergloed is de eerste associatie die ik met dit nummer leg; je kent het wel: zo'n dagje na het strand waar je zo heerlijk rozig van bent geworden.
Sinking Friendships zal voor de niet Sigur Rós fans geen vooruitgang zijn. Het blijft toch een beetje 'pierdepiep' voor niet getrainde Jónsi oortjes. Ik geloof dat ik de term 'krolse kat' menigmaal voorbij heb zien komen. Ik kan er wel inkomen, alleen gaat het voor mij niet op: dit is een uiterst originele stem die zijn werk mag doen in een sprookjesachtige muzikale omgeving. Want hoe je het ook went of keert. Jónsi solo of met band: in beide gevallen is het een avontuurlijk IJslands sprookje. Solo is het minder melancholisch zoals op dit nummer, maar nog steeds net zo betoverend en ook hier weet hij me met open mond te laten luisteren. Waar haalt deze man het toch vandaan allemaal?!
Kolniður heeft er ook al aardig wat draaibeurten opzitten en bij dit nummer proefde ik weer wat meer Sigur Rós sfeer. Misschien door het melancholische karakter en de strijkers. Maar godallemachtig wat vind ik dit toch een schitterend nummer. Dit doet in geen enkel opzicht onder voor zijn werk met Sigur Rós. Wel moet ik er eerlijkheidshalve bij vermelden dat ik dan met name Með Suð Í Eyrum Við Spilum Endalaust of Takk bedoel. Het latere werk dus.....
Around Us kende ik al in een akoestische versie en die vond ik erg mooi. Wat dat aan gaat kijk ik erg uit naar de dvd Go Quiet die er ook aan zit te komen. Deze versie is wederom uptempo en klinkt vrij luchtig. Ik ervaar dat niet als storend; het is anders maar ik geniet er des te meer van. Wie nu nog niet vrolijk is geworden van Jónsi solo zal dat ook wel nooit meer gaan worden ook. En dan de taal: velen vinden het erg dat er in het engels gezongen wordt. Maar dit is engels wat volgens mij niemand goed kan volgen, ik althans niet dus wat boeit het dan nog?!
Grow Till Tall is ook al wat langer bekend en klinkt als een lieflijk slaapliedje. Het is het nummer dat denk ik nog het dichtst bij Sigur Rós ligt. Heel zoet, heel lief en vooral heel erg Jónsi. En ook dit nummer ontkomt niet aan een haast epische opbouw zoals we gewend zijn van Sigur eh Jónsi.
Hengilas is nummer negen op deze cd en helaas ook al weer het einde. Het gaat gedragen en orkestraal van start alsof de lente ook zo weer bedreigd wordt door het staartje van de winter. Pas op, het is nog pril en koning winter kan alsnog toeslaan zo blijkt op dit nummer. Het is een erg mooi nummer waar de melancholie volledig is teruggekeerd. Blijkbaar kan Jónsi het toch niet laten en kruipt het bloed terug naar waar het altijd al heeft gestroomd. Hiermee vormt dit nummer wel een perfect slot van deze cd.
Een cd die ik snel in mijn hart kan sluiten en die er voor zorgt dat ik trappel van ongeduld eer het 2 juni is: Paradiso here I come!
En Go? Ga ik het doen? Ga ik weer de volle mep uitdelen aan mijn grote held?
Ach, wtf, ik doe het later gewoon. Nu al een welverdiende 4,5*. Als een artiest het voor elkaar krijgt mij heel intens te laten genieten van zijn muzikale baby dan verdient ie het gewoon en laat mij maar lekker euforisch wezen.
Die tafel lonkt nu wel heel erg, en die lamp..... zal ik?
Weet je wat: ik start gewoon deze cd weer opnieuw!

Zoals gezegd heb ik het nooit zo erg op solo-projecten van artiesten uit favoriete bands en al helemaal niet van zangers die zo'n uitgesproken stempel drukken op het geluid van zo'n band.
Jónsi is er daar zo eentje van. Maar wat was ik aangenaam verrast door Boy Lilikoi waar ik zo enorm vrolijk van werd, waar ik bij wijze van spreken al dansend de tafel op sprong, zwierend aan de lampen zoals Treat Williams deed in de filmversie van de musical Hair.
Het deed tevens denken aan Gobbledigook van het Sigur Rós album Með Suð Í Eyrum Við Spilum Endalaust, ook al zo'n vrolijk uptempo nummer dat heel erg wennen was maar uiteindelijk wist te pakken en zeker live.
De naam Sufjan Stevens schoot ook telkens door mijn hoofd en dan kan het haast niet meer stuk, en het verhaal dat dit soort artiesten beter maar niet solo kunnen gaan ging al niet meer op.
Zeker toen Go Do verscheen: ook al zo'n heerlijk nummer. Hoezo verliefd op de schitterende Sigur Rós melancholie? Blijkbaar schijnt de zon ook in IJsland en laat ik nu net even helemaal genoeg hebben van wijdse vlakten en ijs. Ik wil lente. IJslandse lente is ook prima.
Die lente lijkt gelijk wel over te gaan in zomer op het uiterst opzwepende Animal Arithmatic. Tjongejone: ik dacht dat Boi Lilikoi al zo'n heerlijke stuiterplaat was, dit is het misschien nog wel meer.
Op Tornado verwacht je dan een nog hogere versnelling maar dat zit er niet in. Wel is het een nummer waar de onderhuidse spanning broeit en groeit. De hoge, ijle uithalen zijn zo herkenbaar als wat en dit gaat al wat meer richting het werk met zijn maatjes.
Het is een mooi, warm nummer. Zomergloed is de eerste associatie die ik met dit nummer leg; je kent het wel: zo'n dagje na het strand waar je zo heerlijk rozig van bent geworden.
Sinking Friendships zal voor de niet Sigur Rós fans geen vooruitgang zijn. Het blijft toch een beetje 'pierdepiep' voor niet getrainde Jónsi oortjes. Ik geloof dat ik de term 'krolse kat' menigmaal voorbij heb zien komen. Ik kan er wel inkomen, alleen gaat het voor mij niet op: dit is een uiterst originele stem die zijn werk mag doen in een sprookjesachtige muzikale omgeving. Want hoe je het ook went of keert. Jónsi solo of met band: in beide gevallen is het een avontuurlijk IJslands sprookje. Solo is het minder melancholisch zoals op dit nummer, maar nog steeds net zo betoverend en ook hier weet hij me met open mond te laten luisteren. Waar haalt deze man het toch vandaan allemaal?!
Kolniður heeft er ook al aardig wat draaibeurten opzitten en bij dit nummer proefde ik weer wat meer Sigur Rós sfeer. Misschien door het melancholische karakter en de strijkers. Maar godallemachtig wat vind ik dit toch een schitterend nummer. Dit doet in geen enkel opzicht onder voor zijn werk met Sigur Rós. Wel moet ik er eerlijkheidshalve bij vermelden dat ik dan met name Með Suð Í Eyrum Við Spilum Endalaust of Takk bedoel. Het latere werk dus.....
Around Us kende ik al in een akoestische versie en die vond ik erg mooi. Wat dat aan gaat kijk ik erg uit naar de dvd Go Quiet die er ook aan zit te komen. Deze versie is wederom uptempo en klinkt vrij luchtig. Ik ervaar dat niet als storend; het is anders maar ik geniet er des te meer van. Wie nu nog niet vrolijk is geworden van Jónsi solo zal dat ook wel nooit meer gaan worden ook. En dan de taal: velen vinden het erg dat er in het engels gezongen wordt. Maar dit is engels wat volgens mij niemand goed kan volgen, ik althans niet dus wat boeit het dan nog?!
Grow Till Tall is ook al wat langer bekend en klinkt als een lieflijk slaapliedje. Het is het nummer dat denk ik nog het dichtst bij Sigur Rós ligt. Heel zoet, heel lief en vooral heel erg Jónsi. En ook dit nummer ontkomt niet aan een haast epische opbouw zoals we gewend zijn van Sigur eh Jónsi.
Hengilas is nummer negen op deze cd en helaas ook al weer het einde. Het gaat gedragen en orkestraal van start alsof de lente ook zo weer bedreigd wordt door het staartje van de winter. Pas op, het is nog pril en koning winter kan alsnog toeslaan zo blijkt op dit nummer. Het is een erg mooi nummer waar de melancholie volledig is teruggekeerd. Blijkbaar kan Jónsi het toch niet laten en kruipt het bloed terug naar waar het altijd al heeft gestroomd. Hiermee vormt dit nummer wel een perfect slot van deze cd.
Een cd die ik snel in mijn hart kan sluiten en die er voor zorgt dat ik trappel van ongeduld eer het 2 juni is: Paradiso here I come!
En Go? Ga ik het doen? Ga ik weer de volle mep uitdelen aan mijn grote held?
Ach, wtf, ik doe het later gewoon. Nu al een welverdiende 4,5*. Als een artiest het voor elkaar krijgt mij heel intens te laten genieten van zijn muzikale baby dan verdient ie het gewoon en laat mij maar lekker euforisch wezen.
Die tafel lonkt nu wel heel erg, en die lamp..... zal ik?

Weet je wat: ik start gewoon deze cd weer opnieuw!
Jónsi - Go Live (2010)

4,5
0
geplaatst: 30 november 2010, 18:35 uur
Joristus schreef:
Ik durf hier eigenlijk direct 4,5* voor te geven.
Ik durf hier eigenlijk direct 4,5* voor te geven.
Daar heb ik ook geen moeite mee.
Maakt zoveel meer indruk dat het normale album.
Daar was ik ook gelijk al helemaal mee in mijn nopjes toen het uitkwam dus dat gaat bij mij niet op
Stars In Still Water, Icicle Sleeves, Saint Naive, New Piano Song en Sticks And Stones zijn allemaal bonusjes/b-sides die totaal niet onder doen aan de kwaliteit van de rest van de songs. Prachtig.
Die nummers maakte ook op mij eerder al indruk en dat is live overeind gebleven.
Live-albums: ik heb er zelden wat mee, maar zo heel af en toe is er toch eentje die het heel erg goed doet en daar mag Go Live aan toegevoegd gaan worden.
Natuurlijk ben ik een zeer groot Jónsi liefhebber en is mijn bril behoorlijk gekleurd, maar tot nu toe heeft de man mij nog niet teleurgesteld zowel met zijn band Sigur Rós als solo (en daar zijn de meningen wat meer over verdeeld). Alleen zijn project met vriend Alex, Riceboy Sleeps, doet me minder en dat gaat ook op voor de nummers die in omloop zijn onder de naam Frakkur.
Het was dus niet meer dan logisch dat ik zijn solo-live-optreden in Paradiso eerder dit jaar ben gaan zien. De intieme sfeer, de prachtige setlist en de zeer mooie effecten met een zinderend slot zorgde ervoor dat dit concert me nog lang zal heugen en kan worden bijgeschreven als één van de indrukwekkendste live-performances die ik heb mogen aanschouwen. Alles klopte die avond en het was zeker ook de drummer die enorme indruk maakte.
Volgende logische stap is dan de aanschaf van deze cd/dvd. De film is opgenomen tijdens één van de eerste optredens in maart dit jaar: de 'final dress rehearsal' volgens de bijgeleverde informatie. Ik moet er nog even op wachten totdat het in mijn brievenbus terechtkomt, maar het zal visueel ongetwijfeld weer dik in orde zijn.
De cd zelf bevat het complete optreden als ik het goed heb begrepen. De nummers zijn bijna allemaal opgenomen in Ancienne Belgique op 29 mei en track 1 , 11 en 13 in Brighton (The Dome) op 14 september.
Uiteraard verplicht voer voor de concertgangers, en al helemaal die uit België maar voor andere muziekliefhebbers zeker ook de moeite waard om te beluisteren.
Door de serene sfeer die het concert uitstraalde heb je weinig last van gillend publiek of hard meezingende mensen en dat is een prettige bijkomstigheid vind ik zelf.
Daarbij doet het, zoals eerder al gequote, zeker niet onder voor de studio-cd Go, en daarmee levert Jónsi wederom muziek af die ik als het betere in een muziekjaar beschouw.
Jónsi - Shiver (2020)

4,0
1
geplaatst: 1 oktober 2020, 17:43 uur
De opvolger van Go. Wat een prachtplaat was dat en het bijbehorende optreden in Paradiso helemaal.
Ik keek dus wel uit naar Shiver. Vooruit: de bijdrage van Elizabeth Fraser was wat summier, dat had veel groter mogen zijn, maar verder is Cannibal wel een mooi nummer. Ook Exhale en Swill vond ik niet verkeerd.
Maar wat velen met de nieuwe Sufjan hebben, heb ik nu juist met de nieuwe Jónsi: ik vind het soms wat geforceerd, chaotisch en ik mis de schoonheid die ik in Go hoorde.
Het komt hard en agressief over en ik vind de elektronische beukmomenten zoals in bijvoorbeeld Kórall helemaal niet veel toevoegen.
Ook het nummer met Robyn overtuigt mij totaal niet. Het is allemaal een beetje Björk ten tijde van Volta.
De twee afsluitende nummers zijn dromerig, maar weten me vooralsnog niet echt te ontroeren, iets dat Jonsí meestal toch wel lukt met dit soort werkjes.
Gek genoeg vind ik de singles losstaand prettiger dan nu op een album waar het nogal van dik hout zaagt men planken is geworden. Dan vind ik die nummers ook ineens wat vermoeiend worden.
Jonsí lijkt zich met Shiver wat verder te willen verwijderen van zijn werk met Sigur Rós of dat met zijn partner Alex. Dat mag, is misschien goed ook. Maar waar ik Go gelijk in mijn hart sloot, daar voel ik nu nog een kille afstand tot Shiver. Misschien komt het in een later stadium nog goed. Voorlopig blijf ik voor de experimentele elektronische kantjes momenteel wel even bij de nieuwe Sufjan welke mij beter weet te pakken.
Hopelijk heeft dit album tijd nodig en ontvouwt het alsnog zijn kracht en schoonheid. In dat geval kom ik hier zeker op terug. Want net als bij de laatste Sufjan: ergens ook wel lekker dat het wat wringt. Het daagt uit zal ik maar zeggen
Ik keek dus wel uit naar Shiver. Vooruit: de bijdrage van Elizabeth Fraser was wat summier, dat had veel groter mogen zijn, maar verder is Cannibal wel een mooi nummer. Ook Exhale en Swill vond ik niet verkeerd.
Maar wat velen met de nieuwe Sufjan hebben, heb ik nu juist met de nieuwe Jónsi: ik vind het soms wat geforceerd, chaotisch en ik mis de schoonheid die ik in Go hoorde.
Het komt hard en agressief over en ik vind de elektronische beukmomenten zoals in bijvoorbeeld Kórall helemaal niet veel toevoegen.
Ook het nummer met Robyn overtuigt mij totaal niet. Het is allemaal een beetje Björk ten tijde van Volta.
De twee afsluitende nummers zijn dromerig, maar weten me vooralsnog niet echt te ontroeren, iets dat Jonsí meestal toch wel lukt met dit soort werkjes.
Gek genoeg vind ik de singles losstaand prettiger dan nu op een album waar het nogal van dik hout zaagt men planken is geworden. Dan vind ik die nummers ook ineens wat vermoeiend worden.
Jonsí lijkt zich met Shiver wat verder te willen verwijderen van zijn werk met Sigur Rós of dat met zijn partner Alex. Dat mag, is misschien goed ook. Maar waar ik Go gelijk in mijn hart sloot, daar voel ik nu nog een kille afstand tot Shiver. Misschien komt het in een later stadium nog goed. Voorlopig blijf ik voor de experimentele elektronische kantjes momenteel wel even bij de nieuwe Sufjan welke mij beter weet te pakken.
Hopelijk heeft dit album tijd nodig en ontvouwt het alsnog zijn kracht en schoonheid. In dat geval kom ik hier zeker op terug. Want net als bij de laatste Sufjan: ergens ook wel lekker dat het wat wringt. Het daagt uit zal ik maar zeggen

Jónsi & Alex - Riceboy Sleeps (2009)

3,5
0
geplaatst: 8 mei 2009, 01:10 uur
Jón Þór Birgisson (ja, de zanger van Sigur Rós) vormt met zijn vriend/partner Alex Somers het duo Riceboy Sleeps.
Ze maken visuele kunst en dus ook muziek. Dit was al te horen op hun zogenaamde picturebook en ze hebben 2 singles uitgebracht die ook op dit debuutalbum te vinden zijn, namelijk Daniell in the Sea en All the Big Trees.
Misschien nog wel bekender is hun bijdrage aan het Dark Was the Night project: Happiness, dat hier in een iets langere versie te beluisteren valt als openingsnummer van dit titelloze debuutalbum. Een openingsnummer dat gelijk al aangeeft dat we hier te maken hebben met een ambient-achtige sprookjessfeer dat enigszins in het verlengde ligt van grote broer Sigur Rós, maar dat net een stapje verder gaat.
Dromerig zet dit album zich voort in de daaropvolgende 8 tracks.
Normaal heb ik het niet zo heel erg op dit soort muziek en de tracks die ik al kende van dit duo deden me op zichzelf staand ook niet zo heel erg veel. Toch betrapte ik me er op dat het album als geheel wel degelijk wat met me deed. Langzaamaan kwam ik in een soort verdovende toestand, vergelijkbaar met het lome gevoel dat je soms overkomt na een paar glazen heerlijke wijn.....
De strijkers van Amiina versterken dit gevoel alsmede de 'engelenzang' van het Kópavogsdætur koor.
Niet een album dat je zomaar even opzet. Ook niet een album dat geschikt is voor elk moment van de dag. Maar als je het dan op het juiste moment op hebt staan loop je de kans hetzelfde te ondergaan als wat ik ervaarde de eerste luisterbeurt en dat was zeer aangenaam.
Laat de naam Sigur Rós je niet misleiden: fans van hun avontuurlijke kant zullen dit denk ik wel waarderen (en ik geef eerlijk toe daar zelf niet toe te behoren), maar anderen moeten voorbereid zijn op toch een ietwat andere trip dan ze gewend zijn van Jonsi.
Zelf heb ik dit ervaren als een warm bad en ik wil dat graag meerdere malen ondergaan maar ik zal daar dan toch echt het juiste tijdstip zorgvuldig voor moeten uitzoeken.
Ze maken visuele kunst en dus ook muziek. Dit was al te horen op hun zogenaamde picturebook en ze hebben 2 singles uitgebracht die ook op dit debuutalbum te vinden zijn, namelijk Daniell in the Sea en All the Big Trees.
Misschien nog wel bekender is hun bijdrage aan het Dark Was the Night project: Happiness, dat hier in een iets langere versie te beluisteren valt als openingsnummer van dit titelloze debuutalbum. Een openingsnummer dat gelijk al aangeeft dat we hier te maken hebben met een ambient-achtige sprookjessfeer dat enigszins in het verlengde ligt van grote broer Sigur Rós, maar dat net een stapje verder gaat.
Dromerig zet dit album zich voort in de daaropvolgende 8 tracks.
Normaal heb ik het niet zo heel erg op dit soort muziek en de tracks die ik al kende van dit duo deden me op zichzelf staand ook niet zo heel erg veel. Toch betrapte ik me er op dat het album als geheel wel degelijk wat met me deed. Langzaamaan kwam ik in een soort verdovende toestand, vergelijkbaar met het lome gevoel dat je soms overkomt na een paar glazen heerlijke wijn.....
De strijkers van Amiina versterken dit gevoel alsmede de 'engelenzang' van het Kópavogsdætur koor.
Niet een album dat je zomaar even opzet. Ook niet een album dat geschikt is voor elk moment van de dag. Maar als je het dan op het juiste moment op hebt staan loop je de kans hetzelfde te ondergaan als wat ik ervaarde de eerste luisterbeurt en dat was zeer aangenaam.
Laat de naam Sigur Rós je niet misleiden: fans van hun avontuurlijke kant zullen dit denk ik wel waarderen (en ik geef eerlijk toe daar zelf niet toe te behoren), maar anderen moeten voorbereid zijn op toch een ietwat andere trip dan ze gewend zijn van Jonsi.
Zelf heb ik dit ervaren als een warm bad en ik wil dat graag meerdere malen ondergaan maar ik zal daar dan toch echt het juiste tijdstip zorgvuldig voor moeten uitzoeken.
Jools Holland & Marc Almond - A Lovely Life to Live (2018)

3,5
0
geplaatst: 22 november 2018, 18:26 uur
Jools Holland en Marc Almond zijn behoorlijk aan elkaar verbonden: Marc treedt regelmatig op als vaste gastartiest voor Jools en zijn orchestra.
Niet zo verwonderlijk dat er eens een keer een album van deze twee heren aan zat te komen, dat is dus A Lovely Life to Live geworden.
Het is een album met nieuwe nummers, o.a. I Lost My City, Workhouse Blues en London You Were My Lover, waar ze hun liefde voor Londen tentoon spreiden, maar er staat ook een herbewerking op van de Soft Cell hit Tainted Love. Daarnaast horen we bigband herbewerkingen van bekende en wat minder bekende nummers.
Het is de bedoeling dat op dit album het spelplezier van de liveshows naar voren komt. Dat lukt zeer goed. Alleen al de knallende opener Gipsy Rover is er eentje waar je alleen maar vrolijk van kunt worden. Titeltrack A Lovely Life to Live is me iets te cheesy. Ik krijg dan opeens Ron Brandsteder op mijn netvlies met zijn showbizzquiz.
Dat wordt er niet veel beter op als It's My Life Baby van start gaat. Van die partyjazzrockandroll. Marc zingt zoals we de laatste jaren gewend zijn weer geweldig, maar ik vind hem niet zo geschikt voor dit soort nummers. Het orkest maakt het ook allemaal overvol, waardoor je juist de subtiele nuance die je in het solowerk van Almond hoort zo gaat missen. Maar ja, het is The Rhythm & Blues Orchestra en dat zullen we weten ook. Dit nummer is oorspronkelijk van Bobby Bland.
Het jazzy I Lost My City klinkt gelukkig dan wel weer wat subtieler. De crooner, nachtclub zanger Marc kan hier z'n gang gaan. Het neigt wat naar kitsch, maar dat is nu ook weer niet zo vreemd bij het zien van de naam Marc Almond.
Workhouse Blues: de titel zegt genoeg. Blues a la Jools. Ik ben geen groot liefhebber, maar maak graag een uitzondering voor de oude blues-knakkers, en dat is Marc dus niet. Een combinatie waar ik niet veel mee kan verder. Maar eerlijk is deze vergelijking niet natuurlijk. Het nummer is duidelijk een feest-variant. Leuk voor in een musical of op een podium in Las Vegas. Oh ja, Jools speelt zoals altijd een lekker moppie piano.
London You Were My Lover bevat lekkere blazers en is rock and roll met een jazz sausje. Koortjes erbij, Marc swingt lekker weg en we hebben een aardig deuntje te pakken. Gezellig hoor. De productie is sterk, met het nummer zelf... ach ja.... het is best leuk, maar meer ook niet.
Hymne à l'amour is een evergreen die we kennen van Édith Piaf en in versies van andere (Franse) artiesten. André Hazes had het ook kunnen opnemen.
Dirk Bogarde and Me (Take Tea) huppelt wat voorbij en On My Soul vind ik dan weer beter opvallen. Almond kan hier lekker galmen, het orkest mag voluit met de blazers en een gitaarsolo. Vol en vet, maar hier wel te doen. Ik weet nu ook dat de piano van Jools me soms wat irriteert (ik beledig nu ongetwijfeld veel mensen), maar ik kan het hier goed hebben.
Big Black Mercedes 600 is weer van die rock and roll kitsch waar ik weinig mee heb. Next!
How Deep Is the Ocean: jazzy kitsch uit lang vervlogen tijden. De blazers mogen weer voluit (kan live misschien wel leuk uitpakken). Lekker orgeltje. Ja prima hoor, maar liever dan toch met een andere zanger uit lang vervlogen tijden, niet mijn Marc.
Tainted Love is de eeuwige verplichting tijdens ieder concert van Marc en blijkbaar ook als gastvocalist bij Jools. Kon hier niet ontbreken natuurlijk. Het was in deze versie al te horen op de verzamelaar Hits & Pieces uit 2017, recentelijk nog op vinyl uitgebracht, maar daar hebben ze wijselijk dit nummer achterwege gelaten. Ja natuurlijk is het origineel van Gloria Jones veel meer deze stijl en Gloria komt Marc wel eens vergezellen op het podium, maar doe mij die overbekende versie maar.
I'll Take Care of You is ook van Bobby Bland. Bland brengt uitstekende blues, maar deze cover is me weer te veel een Hazes-achtige smartlap. Nu is daar niks mis mee, altijd leuk meegalmen met Hazes, maar hier hoeft het niet zo. Ik moet wel toegeven dat Marc hier een prima eigen draai aan geeft met zijn vocalen.
En wie kent When the Saints Go Marching In nou niet?! Het duikt te pas en onpas overal wel weer eens op. Zo'n nummer dat iedereen wel mee kan hummen. Maar mij toch echt te cheesy, ook hier.
Als ik dit zo allemaal teruglees dan proef ik een zurige toon. Is dat wel eerlijk?! Ik ben nooit een groot Jools-fan geweest. Ik heb de concerten met Marc in Nederland altijd links laten liggen (ik ga niet naar melige Jools omdat Marc drie nummertjes meezingt, inclusief het altijd weer terugkerende Tainted Love in een versie die ik niet zo kan waarderen). Ik wist dat het zo'n album zou worden. Op zich heb ik niet zo'n moeite met deze kant van Marc, op zijn latere solo-albums hoor ik de stijl ook wel terug, maar dan wel met het verschil dat het wat minder overvol klinkt. En dat gebeurt hier vaker dan me lief is. Misschien moet ik het gewoon heel vaak horen en ga ik het dan beter waarderen.
En uitgerekend nu, door deze release (het album was nog niet uit) heb ik een kaartje voor het optreden van Marc en Jools in Paradiso op 26 april gekocht. Ik hou mijn hart vast. Ik ben ooit bij een concert van Jools in Paradiso naar binnen gepiept toen het programma in de kleine zaal voorbij was (ik meen Susanne Susanne Sundfør in 2015) en ik was ook snel weer buiten.
Maar ik wil Marc gewoon weer live aan het werk zien. Laat ik mijn verstand maar op nul zetten en vrolijk meedeinen op het gebodene...............
A Lovely Life to Live zit goed in elkaar, laat dat maar aan de mannen over. Het is gewoon niet echt mijn ding. Laat ik toch nog lief zijn en over mijn hart strijken (ik wil toch wel een beetje lol hebben eind april): 3*.
Niet zo verwonderlijk dat er eens een keer een album van deze twee heren aan zat te komen, dat is dus A Lovely Life to Live geworden.
Het is een album met nieuwe nummers, o.a. I Lost My City, Workhouse Blues en London You Were My Lover, waar ze hun liefde voor Londen tentoon spreiden, maar er staat ook een herbewerking op van de Soft Cell hit Tainted Love. Daarnaast horen we bigband herbewerkingen van bekende en wat minder bekende nummers.
Het is de bedoeling dat op dit album het spelplezier van de liveshows naar voren komt. Dat lukt zeer goed. Alleen al de knallende opener Gipsy Rover is er eentje waar je alleen maar vrolijk van kunt worden. Titeltrack A Lovely Life to Live is me iets te cheesy. Ik krijg dan opeens Ron Brandsteder op mijn netvlies met zijn showbizzquiz.
Dat wordt er niet veel beter op als It's My Life Baby van start gaat. Van die partyjazzrockandroll. Marc zingt zoals we de laatste jaren gewend zijn weer geweldig, maar ik vind hem niet zo geschikt voor dit soort nummers. Het orkest maakt het ook allemaal overvol, waardoor je juist de subtiele nuance die je in het solowerk van Almond hoort zo gaat missen. Maar ja, het is The Rhythm & Blues Orchestra en dat zullen we weten ook. Dit nummer is oorspronkelijk van Bobby Bland.
Het jazzy I Lost My City klinkt gelukkig dan wel weer wat subtieler. De crooner, nachtclub zanger Marc kan hier z'n gang gaan. Het neigt wat naar kitsch, maar dat is nu ook weer niet zo vreemd bij het zien van de naam Marc Almond.
Workhouse Blues: de titel zegt genoeg. Blues a la Jools. Ik ben geen groot liefhebber, maar maak graag een uitzondering voor de oude blues-knakkers, en dat is Marc dus niet. Een combinatie waar ik niet veel mee kan verder. Maar eerlijk is deze vergelijking niet natuurlijk. Het nummer is duidelijk een feest-variant. Leuk voor in een musical of op een podium in Las Vegas. Oh ja, Jools speelt zoals altijd een lekker moppie piano.
London You Were My Lover bevat lekkere blazers en is rock and roll met een jazz sausje. Koortjes erbij, Marc swingt lekker weg en we hebben een aardig deuntje te pakken. Gezellig hoor. De productie is sterk, met het nummer zelf... ach ja.... het is best leuk, maar meer ook niet.
Hymne à l'amour is een evergreen die we kennen van Édith Piaf en in versies van andere (Franse) artiesten. André Hazes had het ook kunnen opnemen.
Dirk Bogarde and Me (Take Tea) huppelt wat voorbij en On My Soul vind ik dan weer beter opvallen. Almond kan hier lekker galmen, het orkest mag voluit met de blazers en een gitaarsolo. Vol en vet, maar hier wel te doen. Ik weet nu ook dat de piano van Jools me soms wat irriteert (ik beledig nu ongetwijfeld veel mensen), maar ik kan het hier goed hebben.
Big Black Mercedes 600 is weer van die rock and roll kitsch waar ik weinig mee heb. Next!
How Deep Is the Ocean: jazzy kitsch uit lang vervlogen tijden. De blazers mogen weer voluit (kan live misschien wel leuk uitpakken). Lekker orgeltje. Ja prima hoor, maar liever dan toch met een andere zanger uit lang vervlogen tijden, niet mijn Marc.
Tainted Love is de eeuwige verplichting tijdens ieder concert van Marc en blijkbaar ook als gastvocalist bij Jools. Kon hier niet ontbreken natuurlijk. Het was in deze versie al te horen op de verzamelaar Hits & Pieces uit 2017, recentelijk nog op vinyl uitgebracht, maar daar hebben ze wijselijk dit nummer achterwege gelaten. Ja natuurlijk is het origineel van Gloria Jones veel meer deze stijl en Gloria komt Marc wel eens vergezellen op het podium, maar doe mij die overbekende versie maar.
I'll Take Care of You is ook van Bobby Bland. Bland brengt uitstekende blues, maar deze cover is me weer te veel een Hazes-achtige smartlap. Nu is daar niks mis mee, altijd leuk meegalmen met Hazes, maar hier hoeft het niet zo. Ik moet wel toegeven dat Marc hier een prima eigen draai aan geeft met zijn vocalen.
En wie kent When the Saints Go Marching In nou niet?! Het duikt te pas en onpas overal wel weer eens op. Zo'n nummer dat iedereen wel mee kan hummen. Maar mij toch echt te cheesy, ook hier.
Als ik dit zo allemaal teruglees dan proef ik een zurige toon. Is dat wel eerlijk?! Ik ben nooit een groot Jools-fan geweest. Ik heb de concerten met Marc in Nederland altijd links laten liggen (ik ga niet naar melige Jools omdat Marc drie nummertjes meezingt, inclusief het altijd weer terugkerende Tainted Love in een versie die ik niet zo kan waarderen). Ik wist dat het zo'n album zou worden. Op zich heb ik niet zo'n moeite met deze kant van Marc, op zijn latere solo-albums hoor ik de stijl ook wel terug, maar dan wel met het verschil dat het wat minder overvol klinkt. En dat gebeurt hier vaker dan me lief is. Misschien moet ik het gewoon heel vaak horen en ga ik het dan beter waarderen.
En uitgerekend nu, door deze release (het album was nog niet uit) heb ik een kaartje voor het optreden van Marc en Jools in Paradiso op 26 april gekocht. Ik hou mijn hart vast. Ik ben ooit bij een concert van Jools in Paradiso naar binnen gepiept toen het programma in de kleine zaal voorbij was (ik meen Susanne Susanne Sundfør in 2015) en ik was ook snel weer buiten.
Maar ik wil Marc gewoon weer live aan het werk zien. Laat ik mijn verstand maar op nul zetten en vrolijk meedeinen op het gebodene...............
A Lovely Life to Live zit goed in elkaar, laat dat maar aan de mannen over. Het is gewoon niet echt mijn ding. Laat ik toch nog lief zijn en over mijn hart strijken (ik wil toch wel een beetje lol hebben eind april): 3*.
Jorane - Une Sorcière Comme Les Autres (2011)

4,0
0
geplaatst: 2 februari 2011, 23:04 uur
Franstalig en cello............ dat is een combinatie die op papier/scherm al smullen is voor mij.
Tel daar bij op dat 2011 van start is gegaan met de dames absoluut aan de macht, en je kunt je voorstellen dat Jorane grote kans maakte, zonder maar één noot te hebben gehoord, snel uit te groeien tot een favorietje.
En Pleine Face lost de verwachtingen al goed in: sobere muzikale setting in de vorm van het door mij meest geliefde instrument, de cello, en fraai gezongen; Jorane heeft een aangename stem om naar te luisteren.
En dit nummer zet gelijk de lijnen uit voor de rest van dit album. Waar ik franstalig erg waardeer maar tegelijkertijd soms ook wat zijig vind overkomen (zeker bij zangers), daar overtuigen zangeressen me meestal sneller en beter. Daar komt nog eens bij dat de stem van Jorane perfect samenvloeit met haar cello: stem en instrument vormen één geheel en daarmee straalt Une Sorcière Comme Les Autres een warme gloed uit die je warm van binnen maakt. Zonder al te veel opsmuk, poespas of acrobatiek zet Jorane een prachtig staaltje muziek neer waar het heel erg op genieten is. Bescheiden genieten. Een extra chique wijntje, een verzorgd culinaire verrassing en dan in de vorm van een zangeres, haar stem en cello, subtiel ondersteund door andere instrumenten die nergens die hoofdrol willen opeisen.
Iets wat Jorane met dit album ook niet lijkt te willen doen . Het zou eigenlijk wel moeten, want het is verdomde zonde als dit zo'n album met slechts enkele stemmen gaat blijven.
Ja, ik weet het. Ik heb gisteren nog de mexicaanse Graciela Maria onder de aandacht gebracht, maar Jorane verdient diezelfde aandacht. Het is wat lichter van toon maar daardoor niet minder mooi en dat dramatische is toch erg fijn van tijd tot tijd. Ik ben niet voor niets liefhebber van Jacques Brel.
Enige kritiekpuntje: stop eens met het coveren van Leonard Cohens Suzanne dames en heren artiesten. Mooi gedaan, maar nu weten we het wel met dit nummer.
Ik ga hetzelfde doen wat ik gisteren deed:
Tel daar bij op dat 2011 van start is gegaan met de dames absoluut aan de macht, en je kunt je voorstellen dat Jorane grote kans maakte, zonder maar één noot te hebben gehoord, snel uit te groeien tot een favorietje.
En Pleine Face lost de verwachtingen al goed in: sobere muzikale setting in de vorm van het door mij meest geliefde instrument, de cello, en fraai gezongen; Jorane heeft een aangename stem om naar te luisteren.
En dit nummer zet gelijk de lijnen uit voor de rest van dit album. Waar ik franstalig erg waardeer maar tegelijkertijd soms ook wat zijig vind overkomen (zeker bij zangers), daar overtuigen zangeressen me meestal sneller en beter. Daar komt nog eens bij dat de stem van Jorane perfect samenvloeit met haar cello: stem en instrument vormen één geheel en daarmee straalt Une Sorcière Comme Les Autres een warme gloed uit die je warm van binnen maakt. Zonder al te veel opsmuk, poespas of acrobatiek zet Jorane een prachtig staaltje muziek neer waar het heel erg op genieten is. Bescheiden genieten. Een extra chique wijntje, een verzorgd culinaire verrassing en dan in de vorm van een zangeres, haar stem en cello, subtiel ondersteund door andere instrumenten die nergens die hoofdrol willen opeisen.
Iets wat Jorane met dit album ook niet lijkt te willen doen . Het zou eigenlijk wel moeten, want het is verdomde zonde als dit zo'n album met slechts enkele stemmen gaat blijven.
Ja, ik weet het. Ik heb gisteren nog de mexicaanse Graciela Maria onder de aandacht gebracht, maar Jorane verdient diezelfde aandacht. Het is wat lichter van toon maar daardoor niet minder mooi en dat dramatische is toch erg fijn van tijd tot tijd. Ik ben niet voor niets liefhebber van Jacques Brel.
Enige kritiekpuntje: stop eens met het coveren van Leonard Cohens Suzanne dames en heren artiesten. Mooi gedaan, maar nu weten we het wel met dit nummer.
Ik ga hetzelfde doen wat ik gisteren deed:

Jorane - Vent Fou (1999)

3,5
0
geplaatst: 9 februari 2011, 23:51 uur
In het begin snapte ik niet zo goed waarom ik de naam Tori Amos voorbij zag komen als er een referentiekader werd geschapen voor Jorane.
Nu ik debuut Vent Fou ken snap ik het wel: de manier van zingen is soms redelijk herkenbaar in de stijl van Tori Amos. Vervang de piano door de cello en we hebben een klassiek klinkende zangeres die het experiment niet schuwt.
En dat doet Jorane op dit debuut zeer zeker niet. Het is geen licht verteerbare kost (wat dat aan gaat is haar laatste album Une Sorcière Comme Les Autres misschien wel het meest toegankelijk).
Op Vent Fou gaat ze behoorlijk de diepte in en haar cello begeleidt haar daarbij: het is emotioneel, avontuurlijk, soms gemeen, soms zoet, agressief en dan weer troostend.
Dat zijn meestal niet de makkelijke albums en als je voor makkelijk gaat raad ik haar nieuwe album dus aan. Vent Fou is dat niet en is zelfs even doorbijten af en toe; iets waar muziekliefhebbers graag voor gaan, dus ik zou zeggen: probeer dit album zeker eens uit.
Nu ik debuut Vent Fou ken snap ik het wel: de manier van zingen is soms redelijk herkenbaar in de stijl van Tori Amos. Vervang de piano door de cello en we hebben een klassiek klinkende zangeres die het experiment niet schuwt.
En dat doet Jorane op dit debuut zeer zeker niet. Het is geen licht verteerbare kost (wat dat aan gaat is haar laatste album Une Sorcière Comme Les Autres misschien wel het meest toegankelijk).
Op Vent Fou gaat ze behoorlijk de diepte in en haar cello begeleidt haar daarbij: het is emotioneel, avontuurlijk, soms gemeen, soms zoet, agressief en dan weer troostend.
Dat zijn meestal niet de makkelijke albums en als je voor makkelijk gaat raad ik haar nieuwe album dus aan. Vent Fou is dat niet en is zelfs even doorbijten af en toe; iets waar muziekliefhebbers graag voor gaan, dus ik zou zeggen: probeer dit album zeker eens uit.
Jorane - Vers à Soi (2007)

3,5
0
geplaatst: 5 februari 2011, 15:27 uur
Het nieuwe album Une Sorcière Comme Les Autres van Jorane ademt iets 'klassiekerigs' in de letterlijke zin van het woord, maar ook in de zin van wat traditionelere chansons.
Op Vers à Soi gaat ze iets experimenteler aan het werk. Niet dat je hier allerlei ingewikkelde fratsen te horen krijgt, maar ik denk hier meer aan het werk van bijvoorbeeld Joan As Police Woman. Het heeft iets ongrijpbaars af en toe.
Nu ben ik daar een zeer groot liefhebber van maar dit album van Jorane pakt me toch net even iets minder dan Une Sorcière Comme Les Autres. Ik mis het feit dat ze mee weet te voeren, ik mis de nadrukkelijke aanwezigheid van de cello. Natuurlijk is die hier wel aanwezig, maar de rol lijkt iets minder dwingend.
Ik kan me voorstellen dat er users zijn die dit album aparter en daardoor leuker zullen vinden. Het heeft iets onderzoekends en tegelijkertijd weet het toch broeierigheid te bewaren. Voor haar doen wat meer experimentjes denk ik, voor mij te veel momenten waardoor ik niet iets te veel de aandacht verlies. Het kabbelt te veel voort in mijn oren.
Neemt niet weg, dat het wel degelijk een mooi album is en het feit dat het franstalig is helpt er ook wel aan mee.
Op Vers à Soi gaat ze iets experimenteler aan het werk. Niet dat je hier allerlei ingewikkelde fratsen te horen krijgt, maar ik denk hier meer aan het werk van bijvoorbeeld Joan As Police Woman. Het heeft iets ongrijpbaars af en toe.
Nu ben ik daar een zeer groot liefhebber van maar dit album van Jorane pakt me toch net even iets minder dan Une Sorcière Comme Les Autres. Ik mis het feit dat ze mee weet te voeren, ik mis de nadrukkelijke aanwezigheid van de cello. Natuurlijk is die hier wel aanwezig, maar de rol lijkt iets minder dwingend.
Ik kan me voorstellen dat er users zijn die dit album aparter en daardoor leuker zullen vinden. Het heeft iets onderzoekends en tegelijkertijd weet het toch broeierigheid te bewaren. Voor haar doen wat meer experimentjes denk ik, voor mij te veel momenten waardoor ik niet iets te veel de aandacht verlies. Het kabbelt te veel voort in mijn oren.
Neemt niet weg, dat het wel degelijk een mooi album is en het feit dat het franstalig is helpt er ook wel aan mee.
Jordan Davis - Learn the Hard Way (2025)

4,0
0
geplaatst: 14 augustus 2025, 22:24 uur
Jordan Davis: Amerikaanser kan je het niet krijgen, zoals er zoveel zijn in deze country-vijver. USA USA, God hier en daar en vooral family first.
Muziek waar ik ver weg van zou moeten blijven
Maar ik heb er dus wel degelijk een zwak voor (net als voor die andere mannen uit deze vijver). Vorig jaar was het Charles Wesley Godwin, mede dankzij twee geweldige optredens in de Grand Ole Opry in Nashville en een eigen optreden in New Orleans (en ja: ook daar kon het niet Amerikaanser).
Jordan heb ik de vorige keer dat ie in Nederland was gemist, maar het zou zomaar kunnen dat ie in maart in Rotterdam staat. Zijn hele Europese tour is bekend gemaakt, en alleen de laatste twee optredens zijn tot nu toe geblurd, maar als je goed kijkt zie je Rotterdam en Berlijn staan. En laat ik nu net weer zin hebben in zo'n mannemacho country feestje. Ik kruis mijn vingers en al helemaal als het inderdaad Rotterdam gaat worden.
Dit nieuwe album kan ik alleen al daarvoor niet aan me voorbij laten gaan uiteraard, zoals ik dat ook niet deed met zijn vorige albums en EP's.
Misschien is het dat ik sinds vorig jaar meer en meer in deze hoek beluister, maar gevoelsmatig pakt dit Jordan Davis album me het best. Het is country pop-rock volgens het boekje, verre van spannend, maar ik vind het wel erg lekker allemaal.
Clichés of niet, ik kan er aan voorbij luisteren en daarmee concluderen dat Learn the Hard Way zeer waarschijnlijk nu al mijn favoriete Davis-album is.
Muziek waar ik ver weg van zou moeten blijven

Maar ik heb er dus wel degelijk een zwak voor (net als voor die andere mannen uit deze vijver). Vorig jaar was het Charles Wesley Godwin, mede dankzij twee geweldige optredens in de Grand Ole Opry in Nashville en een eigen optreden in New Orleans (en ja: ook daar kon het niet Amerikaanser).
Jordan heb ik de vorige keer dat ie in Nederland was gemist, maar het zou zomaar kunnen dat ie in maart in Rotterdam staat. Zijn hele Europese tour is bekend gemaakt, en alleen de laatste twee optredens zijn tot nu toe geblurd, maar als je goed kijkt zie je Rotterdam en Berlijn staan. En laat ik nu net weer zin hebben in zo'n mannemacho country feestje. Ik kruis mijn vingers en al helemaal als het inderdaad Rotterdam gaat worden.
Dit nieuwe album kan ik alleen al daarvoor niet aan me voorbij laten gaan uiteraard, zoals ik dat ook niet deed met zijn vorige albums en EP's.
Misschien is het dat ik sinds vorig jaar meer en meer in deze hoek beluister, maar gevoelsmatig pakt dit Jordan Davis album me het best. Het is country pop-rock volgens het boekje, verre van spannend, maar ik vind het wel erg lekker allemaal.
Clichés of niet, ik kan er aan voorbij luisteren en daarmee concluderen dat Learn the Hard Way zeer waarschijnlijk nu al mijn favoriete Davis-album is.
Jordan Klassen - Big Intruder (2017)

4,0
0
geplaatst: 24 september 2017, 11:59 uur
Jordan Klassen leerde ik kennen met zijn album Repentance. Dat was pats-boem raak. Wat een heerlijke charmante, ietwat naïeve barokpop was dat toch. Zo heb ik ze graag.
Opvolger Javelin was er eentje om naar uit te kijken, maar viel me toch wat tegen. Het was goed, maar pakte me toch wat minder. Het verloor gaandeweg wat aan kracht helaas.
En nu is er Big Intruder, een album waarop Klassen wat volwassener is geworden. Zijn muziek lijkt ook wat serieuzer. Er hangt wat meer rust in de lucht. Maar de instrumentatie blijft schitterend.
Big Intruder lijkt een album te gaan worden wat de luisteraar langzaam zal gaan inpakken. De eerste indruk is een zeer solide 'goed', maar ik voel nu al dat dit wel eens met de tijd kan gaan groeien.
De wat meer volwassen aanpak en ietwat meer pop wellicht doen zijn muziek goed.
Er zitten mooie laagjes verstopt onder de aanvankelijk wat meer oppervlakkig lijkende nummers. Puike Beatle-esque pop (Vitamin), en het Belle and Sebastian-achtige naïeve is gelukkig ook gebleven (Hotshot Runaway) en juist de combinatie van verschillende soorten aanpak op Big Intruder maken dit tot wederom een intrigrerend album vol fijne nummers.
Jordan Klassen weet me wederom te verrassen en lijkt een blijvertje te worden.
Opvolger Javelin was er eentje om naar uit te kijken, maar viel me toch wat tegen. Het was goed, maar pakte me toch wat minder. Het verloor gaandeweg wat aan kracht helaas.
En nu is er Big Intruder, een album waarop Klassen wat volwassener is geworden. Zijn muziek lijkt ook wat serieuzer. Er hangt wat meer rust in de lucht. Maar de instrumentatie blijft schitterend.
Big Intruder lijkt een album te gaan worden wat de luisteraar langzaam zal gaan inpakken. De eerste indruk is een zeer solide 'goed', maar ik voel nu al dat dit wel eens met de tijd kan gaan groeien.
De wat meer volwassen aanpak en ietwat meer pop wellicht doen zijn muziek goed.
Er zitten mooie laagjes verstopt onder de aanvankelijk wat meer oppervlakkig lijkende nummers. Puike Beatle-esque pop (Vitamin), en het Belle and Sebastian-achtige naïeve is gelukkig ook gebleven (Hotshot Runaway) en juist de combinatie van verschillende soorten aanpak op Big Intruder maken dit tot wederom een intrigrerend album vol fijne nummers.
Jordan Klassen weet me wederom te verrassen en lijkt een blijvertje te worden.
Jordan Klassen - Javelin (2016)

3,5
0
geplaatst: 18 februari 2016, 17:43 uur
Eind 2015 ontdekt doordat een nummer van Jordan Klassen gebruikt werd in een film die ik waardeerde. Het album snel opgezocht en bleek een schot in de roos.
Nu is er de opvolger Javelin. Lekker snel na die ontdekking, wat logisch is daar Repentance uit 2013 kwam.
Een iets ander geluid, maar toch ook wel herkenbaar Klassen. Moeilijk om hem in een hokje te plaatsen. Een nummer als Gargoyles doet me denken aan Andrew Bird. Ik hoor hier en daar in de verte een echo Vampire Weekend en qua stem gek genoeg een beetje Sufjan Stevens. Op andere momenten doet hij me weer denken aan Kishi Bashi.
Pure zang, pure instrumenten. Een album dat ademt, bruist, leeft.
Klassen weet mij makkelijk te raken. Is het het breekbare karakter van zijn muziek? Wellicht. Ik heb daar altijd wel wat mee. Waarschijnlijk ook omdat hij de kunst verstaat een rijk album af te leveren zonder het al te vol te proppen. Neem zo'n schitterend nummer als No Salesman. Dat raakt gewoon. Het zwierige barok karakter doet de rest.
Een artiest waarvan ik hoop dat hij meet dit album nu wel opgepikt gaat worden. Er zijn ook op deze site genoeg liefhebbers te vinden buiten muziekobsessie en mezelf. Daarom: sla je slag en ontdek deze prachtige muziek van Jordan Klassen!
Nu is er de opvolger Javelin. Lekker snel na die ontdekking, wat logisch is daar Repentance uit 2013 kwam.
Een iets ander geluid, maar toch ook wel herkenbaar Klassen. Moeilijk om hem in een hokje te plaatsen. Een nummer als Gargoyles doet me denken aan Andrew Bird. Ik hoor hier en daar in de verte een echo Vampire Weekend en qua stem gek genoeg een beetje Sufjan Stevens. Op andere momenten doet hij me weer denken aan Kishi Bashi.
Pure zang, pure instrumenten. Een album dat ademt, bruist, leeft.
Klassen weet mij makkelijk te raken. Is het het breekbare karakter van zijn muziek? Wellicht. Ik heb daar altijd wel wat mee. Waarschijnlijk ook omdat hij de kunst verstaat een rijk album af te leveren zonder het al te vol te proppen. Neem zo'n schitterend nummer als No Salesman. Dat raakt gewoon. Het zwierige barok karakter doet de rest.
Een artiest waarvan ik hoop dat hij meet dit album nu wel opgepikt gaat worden. Er zijn ook op deze site genoeg liefhebbers te vinden buiten muziekobsessie en mezelf. Daarom: sla je slag en ontdek deze prachtige muziek van Jordan Klassen!
José James - 1978 (2024)

4,5
3
geplaatst: 4 april 2024, 18:47 uur
Invloeden variërend van Prince, Marvin Gaye en Stevie Wonder. Hiermee is het jazz-karakter dus ietwat minder, maar daar dreef James sowieso op zijn laatste albums al wat vanaf, ondanks het feit dat het altijd wel aanwezig is. Iets minder op de voorgrond in elk geval.
Toch hoor je de jazz-vibe zeker wel op 1978, alsmede de hip-hop invloeden die James altijd wel inbrengt.
1978 Is vooral een zwoel klinkend album, waar ik van de genoemde voorbeelden dan toch het meest Marvin Gaye invloeden ervaar. Maar eigenlijk is dit vooral een typisch José James album en dat valt te prijzen.
James heeft een zeer herkenbare eigen sound wat te danken is aan zijn warme stemgeluid, en zijn geweldige begeleiders stuwen het op naar een hoger niveau.
Geweldige muziek om bij te relaxen, maar ook om je er volledig door in te laten onderdompelen. Het is zelfs mogelijk er een voorzichtig dansje op te wagen (Planet Nine) en een nummer als Dark Side of the Sun met Baloji heeft een ongelooflijk lekkere flow, waar Trayvon door de cello een zeer warm en emotioneel geluid krijgt.
Het voelt als een warm bad; herkenbaar en toch voelt het nergens als een kopie ergens van. Met 1978 levert José James wederom kwaliteit. Kwaliteit die voelbaar is in elke groef van het album en het zou mij dan ook niet verbazen wanneer dit album nog beter tot me is doorgedrongen de beoordeling ook een beetje opgeschroefd gaat worden.
Toch hoor je de jazz-vibe zeker wel op 1978, alsmede de hip-hop invloeden die James altijd wel inbrengt.
1978 Is vooral een zwoel klinkend album, waar ik van de genoemde voorbeelden dan toch het meest Marvin Gaye invloeden ervaar. Maar eigenlijk is dit vooral een typisch José James album en dat valt te prijzen.
James heeft een zeer herkenbare eigen sound wat te danken is aan zijn warme stemgeluid, en zijn geweldige begeleiders stuwen het op naar een hoger niveau.
Geweldige muziek om bij te relaxen, maar ook om je er volledig door in te laten onderdompelen. Het is zelfs mogelijk er een voorzichtig dansje op te wagen (Planet Nine) en een nummer als Dark Side of the Sun met Baloji heeft een ongelooflijk lekkere flow, waar Trayvon door de cello een zeer warm en emotioneel geluid krijgt.
Het voelt als een warm bad; herkenbaar en toch voelt het nergens als een kopie ergens van. Met 1978 levert José James wederom kwaliteit. Kwaliteit die voelbaar is in elke groef van het album en het zou mij dan ook niet verbazen wanneer dit album nog beter tot me is doorgedrongen de beoordeling ook een beetje opgeschroefd gaat worden.
José James - Blackmagic (2010)

4,0
0
geplaatst: 14 januari 2010, 19:09 uur
Dat José James bij velen een potje kan breken moge duidelijk zijn. Niet alleen hier op musicmeter maar ook elders was men lovend over het debuut, een debuut dat mij opviel door de cover die deed denken aan Miles Davis.
Mijn beleving van dat album slingerde (en slingert) sterk heen en weer: de ene keer voelt het als een warm bad waarvan ik hoop dat het nooit zal afkoelen en het andere moment is dat bad net even te lauw waardoor ik er ook weer snel uitstap.
Ik denk dat het met Blackmagic niet veel anders zal gaan. Dat is overigens niet eens negatief bedoeld omdat het aan mij zelf ligt.
Blackmagic doet kwalitatief niet erg veel onder voor The Dreamer. Het bevat nu wat meer soul maar dat maakt voor mij niet zo heel veel uit. Wederom is het zeer aangenaam om naar te luisteren en is de stem van James een waar genot.
Maar zoals gezegd zal ik de beleving ervan waarschijnlijk wisselend ervaren: de ene keer is het een heerlijk lange luistertrip, de andere keer zal het rustig voortkabbelen op de achtergrond en ben ik er niet zo voor in de stemming om er intensief naar te luisteren. Daarvoor is mijn interesse in deze muziekhoek waarschijnlijk ook te veel achteruit gegaan de laatste jaren.
Hoe dan ook is het weer een goede cd, en denk ik dat velen er weer net zo enthousiast over zullen zijn als over de vorige (of gaan die balen van het hogere soul-gehalte?!).
Favoriete track tot nu toe: Warrior.
Mijn beleving van dat album slingerde (en slingert) sterk heen en weer: de ene keer voelt het als een warm bad waarvan ik hoop dat het nooit zal afkoelen en het andere moment is dat bad net even te lauw waardoor ik er ook weer snel uitstap.
Ik denk dat het met Blackmagic niet veel anders zal gaan. Dat is overigens niet eens negatief bedoeld omdat het aan mij zelf ligt.
Blackmagic doet kwalitatief niet erg veel onder voor The Dreamer. Het bevat nu wat meer soul maar dat maakt voor mij niet zo heel veel uit. Wederom is het zeer aangenaam om naar te luisteren en is de stem van James een waar genot.
Maar zoals gezegd zal ik de beleving ervan waarschijnlijk wisselend ervaren: de ene keer is het een heerlijk lange luistertrip, de andere keer zal het rustig voortkabbelen op de achtergrond en ben ik er niet zo voor in de stemming om er intensief naar te luisteren. Daarvoor is mijn interesse in deze muziekhoek waarschijnlijk ook te veel achteruit gegaan de laatste jaren.
Hoe dan ook is het weer een goede cd, en denk ik dat velen er weer net zo enthousiast over zullen zijn als over de vorige (of gaan die balen van het hogere soul-gehalte?!).
Favoriete track tot nu toe: Warrior.
José James - Love in a Time of Madness (2017)

3,5
0
geplaatst: 24 februari 2017, 18:05 uur
Goed, Always There wist me niet te pakken maar blijkt op dit album in z'n geheel beter op zijn plaats te vallen. En datzelfde gaat op voor Closer.
Met angst en beven keek ik naar dit album uit, en de eerste berichten hier stemden niet hoopvol. Maar eerlijk is eerlijk: ik ben nooit een heel groot fan geweest dus wat bazel ik dan met mijn 'angst en beven'.
Yesterday I Had the Blues vind ik echt prachtig maar dat is niet te vergelijken met de rest van z'n albums. Duidelijk een uitstapje, maar wat voor eentje!
En dan beluister ik Love in a Time of Madness met de verwachting een heel slecht album te gaan horen en dan blijkt dat ik dat eigenlijk helemaal niet vind.
Top 40? Nou prima dan. Komt er ook eens iets goeds in te staan. En zo zouteloos kan ik dit toch echt niet vinden. Is de 'verrassing' er sowieso niet een beetje uit onderhand?! Hoe meer albums een artiest maakt hoe groter de kans dat het allemaal niet meer aanslaat en al helemaal niet als er wat nieuwe wegen bewandeld worden.
Ik snap dat de echte fans hier niet op zitten te wachten, maar aangezien ik nooit een echte fan ben geweest sta ik hier neutraler tegenover en moet ik zeggen dat ik dit gelukkig enorm vind meevallen.
Een prima r&b/soul album met wat poppy invloeden. Niks mis mee. Makkelijk en luchtig. Dat velen dan liever niet de naam José James op zo'n plaat zien staan is dan een ander ding. Mij boeit het in zijn geval niet
Met angst en beven keek ik naar dit album uit, en de eerste berichten hier stemden niet hoopvol. Maar eerlijk is eerlijk: ik ben nooit een heel groot fan geweest dus wat bazel ik dan met mijn 'angst en beven'.
Yesterday I Had the Blues vind ik echt prachtig maar dat is niet te vergelijken met de rest van z'n albums. Duidelijk een uitstapje, maar wat voor eentje!
En dan beluister ik Love in a Time of Madness met de verwachting een heel slecht album te gaan horen en dan blijkt dat ik dat eigenlijk helemaal niet vind.
Top 40? Nou prima dan. Komt er ook eens iets goeds in te staan. En zo zouteloos kan ik dit toch echt niet vinden. Is de 'verrassing' er sowieso niet een beetje uit onderhand?! Hoe meer albums een artiest maakt hoe groter de kans dat het allemaal niet meer aanslaat en al helemaal niet als er wat nieuwe wegen bewandeld worden.
Ik snap dat de echte fans hier niet op zitten te wachten, maar aangezien ik nooit een echte fan ben geweest sta ik hier neutraler tegenover en moet ik zeggen dat ik dit gelukkig enorm vind meevallen.
Een prima r&b/soul album met wat poppy invloeden. Niks mis mee. Makkelijk en luchtig. Dat velen dan liever niet de naam José James op zo'n plaat zien staan is dan een ander ding. Mij boeit het in zijn geval niet

José James - Yesterday I Had the Blues (2015)
Alternatieve titel: The Music of Billie Holiday

4,0
0
geplaatst: 3 juni 2015, 21:25 uur
Laat ik eerst maar beginnen met de ondertitel The Music of Billie Holiday. Duidelijker kan het niet zijn. De man met de warme stem, bekend van albums The Dreamer en While You Were Sleeping brengt zijn vijfde album uit dat bestaat uit covers van Billie Holiday of nummers die door haar bekend zijn geworden.
Konden we de voorgangers rustig voorzien van stickertjes als soul of funk, daar is hier sprake van pure, warme, jazz. Alleen de hoes al is kenmerkend voor het platenlabel Blue Note (de foto is vlakbij Paradiso in Amsterdam gemaakt). Natuurlijk hoorden we ook jazz op z’n eerdere albums, maar hier is het teruggebracht naar de essentie. De nummers worden geen geweld aangedaan wat ook niet zo verwonderlijk is daar James op zoek ging naar muzikanten die groot liefhebber zijn van Billie Holiday, waardoor hij uitkwam bij pianist Jason Moran, bassist John Patitucci en drummer Eric Harland met Don Was als producer.
Volgens José James zelf leerde hij de muziek van Holiday kennen in zijn tienerjaren die in het teken stonden van bands als Nirvana, De La Soul en A Tribe Called Quest. Duidelijk andere koek, maar het was de stem van Holiday die hem op een veel dieper niveau wist te brengen. Het heeft ongetwijfeld z’n sporen nagelaten, want de man’s eigen werk is zeker ook niet verkeerd maar daar gaat het hier op dit album niet om.
Op Yesterday I Had the Blues staat Billie Holiday centraal en José James behandelt dat werk op pure wijze. Hij is zelf ook in staat om met zijn ongedwongen stemgeluid mensen in vervoering te brengen en dat is op dit cover-album terug te horen. Zowel je oren als hart worden hier eens goed verwend en dat het dan om oude nummers gaat die niet door hemzelf zijn geschreven doet er verder niet toe.
Yesterday I Had the Blues is een schitterende hommage aan ‘Lady Day’ en mag niet ontbreken in de collectie van jazz-fans alsmede muziek-liefhebbers die van goede muziek houden. Of je dit nu op een druilerige zondagochtend als achtergrond muziek opzet of op een vrijdagavond met een wat harder geluidsniveau het weekend inluidend…. het kan allemaal. De kwaliteit van José James zal altijd hoorbaar blijven.
Stel je er voor open en geniet. Wie weet heb je na beluistering zin om nog even door te gaan met prachtige Holiday albums als Lady in Satin of Lady Sings the Blues. Jazz is geen suffe muziek voor bejaarden. Jazz is nog steeds ‘alive and kicking’.
José James - Yesterday I Had the Blues - liveliketom.com
Konden we de voorgangers rustig voorzien van stickertjes als soul of funk, daar is hier sprake van pure, warme, jazz. Alleen de hoes al is kenmerkend voor het platenlabel Blue Note (de foto is vlakbij Paradiso in Amsterdam gemaakt). Natuurlijk hoorden we ook jazz op z’n eerdere albums, maar hier is het teruggebracht naar de essentie. De nummers worden geen geweld aangedaan wat ook niet zo verwonderlijk is daar James op zoek ging naar muzikanten die groot liefhebber zijn van Billie Holiday, waardoor hij uitkwam bij pianist Jason Moran, bassist John Patitucci en drummer Eric Harland met Don Was als producer.
Volgens José James zelf leerde hij de muziek van Holiday kennen in zijn tienerjaren die in het teken stonden van bands als Nirvana, De La Soul en A Tribe Called Quest. Duidelijk andere koek, maar het was de stem van Holiday die hem op een veel dieper niveau wist te brengen. Het heeft ongetwijfeld z’n sporen nagelaten, want de man’s eigen werk is zeker ook niet verkeerd maar daar gaat het hier op dit album niet om.
Op Yesterday I Had the Blues staat Billie Holiday centraal en José James behandelt dat werk op pure wijze. Hij is zelf ook in staat om met zijn ongedwongen stemgeluid mensen in vervoering te brengen en dat is op dit cover-album terug te horen. Zowel je oren als hart worden hier eens goed verwend en dat het dan om oude nummers gaat die niet door hemzelf zijn geschreven doet er verder niet toe.
Yesterday I Had the Blues is een schitterende hommage aan ‘Lady Day’ en mag niet ontbreken in de collectie van jazz-fans alsmede muziek-liefhebbers die van goede muziek houden. Of je dit nu op een druilerige zondagochtend als achtergrond muziek opzet of op een vrijdagavond met een wat harder geluidsniveau het weekend inluidend…. het kan allemaal. De kwaliteit van José James zal altijd hoorbaar blijven.
Stel je er voor open en geniet. Wie weet heb je na beluistering zin om nog even door te gaan met prachtige Holiday albums als Lady in Satin of Lady Sings the Blues. Jazz is geen suffe muziek voor bejaarden. Jazz is nog steeds ‘alive and kicking’.
José James - Yesterday I Had the Blues - liveliketom.com
Josh Groban - All That Echoes (2013)

3,0
0
geplaatst: 30 januari 2013, 16:46 uur
Sarah Brightman, Ugo Farell, Emma Shapplin, Petra Berger, Andrea Bocelli en Josh Groban: allemaal namen die opeens razend populair werden. De één meer dan de ander en de één bleef dat ook langer dan de ander.
Een tijdje vond ik het allemaal wel lekker maar het waren Brightman en Groban die ik nog het langst bleef volgen. Het was toch allemaal te veel van hetzelfde en een overdosis zoetigheid is nooit goed geweest voor welk mens dan ook.
Brightman ging me met de laatste albums wat meer tegenstaan dan Groban maar ook die heeft bij mij steeds meer aan populariteit moeten inboeten: het is en blijft een aapje dat een trucje doet wat de grote fans ook mogen beweren.
Eén van die trucjes is het coveren van nummers. Op dit album komt er alweer een torenhoge favoriet voorbij (wat dat aan gaat weten deze artiesten de nummers wel uit te zoeken, beter dan Susan Boyle de laatste jaren doet in elk geval): Falling Slowly, dat hemeltergend mooie nummer van Glen Hansard en Markéta Irglová.
Deze versie blijft ver achter bij het origineel, hoe kan het ook anders, maar hij verneukt het nog niet en dat hoor ik Brightman op haar laatste album wel doen met favoriete nummers van mij.
Waarom dan toch iets meer hebben met Josh momenteel dan La Brightman? Mijn gevoel zegt dat Josh het iets minder plat aanpakt, toch met meer gevoel. Waar hij de vorige cd met Rick Rubin samenwerkte daar doet hij dat nu met Rob Cavallo (Green Day, Dave Matthews Band). Toch een bijzondere keuze voor dit soort muziek en misschien sijpelt dat door in de productie: iets eerlijker en oprechter.
Ook het warme stemgeluid van Groban blijf ik toch nog wel prettig vinden.
Verder is en blijft alles te veel volgens beproefd recept en dat is onderhand te veel uitgekauwd. Waarom evolueren deze artiesten echt voor geen centimeter?
Neemt niet weg dat ik het op z'n tijd nog steeds lekker vind om eens wat anders te luisteren en in dat opzicht is All That Echoes geen eens zo'n slechte keuze: verstand op nul en meer niet. Soms o zo fijn
Een tijdje vond ik het allemaal wel lekker maar het waren Brightman en Groban die ik nog het langst bleef volgen. Het was toch allemaal te veel van hetzelfde en een overdosis zoetigheid is nooit goed geweest voor welk mens dan ook.
Brightman ging me met de laatste albums wat meer tegenstaan dan Groban maar ook die heeft bij mij steeds meer aan populariteit moeten inboeten: het is en blijft een aapje dat een trucje doet wat de grote fans ook mogen beweren.
Eén van die trucjes is het coveren van nummers. Op dit album komt er alweer een torenhoge favoriet voorbij (wat dat aan gaat weten deze artiesten de nummers wel uit te zoeken, beter dan Susan Boyle de laatste jaren doet in elk geval): Falling Slowly, dat hemeltergend mooie nummer van Glen Hansard en Markéta Irglová.
Deze versie blijft ver achter bij het origineel, hoe kan het ook anders, maar hij verneukt het nog niet en dat hoor ik Brightman op haar laatste album wel doen met favoriete nummers van mij.
Waarom dan toch iets meer hebben met Josh momenteel dan La Brightman? Mijn gevoel zegt dat Josh het iets minder plat aanpakt, toch met meer gevoel. Waar hij de vorige cd met Rick Rubin samenwerkte daar doet hij dat nu met Rob Cavallo (Green Day, Dave Matthews Band). Toch een bijzondere keuze voor dit soort muziek en misschien sijpelt dat door in de productie: iets eerlijker en oprechter.
Ook het warme stemgeluid van Groban blijf ik toch nog wel prettig vinden.
Verder is en blijft alles te veel volgens beproefd recept en dat is onderhand te veel uitgekauwd. Waarom evolueren deze artiesten echt voor geen centimeter?
Neemt niet weg dat ik het op z'n tijd nog steeds lekker vind om eens wat anders te luisteren en in dat opzicht is All That Echoes geen eens zo'n slechte keuze: verstand op nul en meer niet. Soms o zo fijn

