MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Ronald5150 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Joan Armatrading - Into the Blues (2007)

poster
3,5
Een bluesalbum van Joan Armatrading. Dat is op voorhand al interessant. Joan kiest op "Into the Blues" niet voor de traditionele bluesaanpak. De invloeden van de blues zijn overduidelijk hoorbaar, maar daarnaast mix Joan Armatrading er een flinke portie jazz, soul en pop/rock doorheen. Hoewel dit enerzijds een interessant geluid oplevert. is het soms ook een beetje wispelturig. Zelfs binnen een liedje wisselt ze van stijl, waardoor het af en toe best lastig is de rode draad te ontdekken. Daarentegen is het gitaarspel werkelijk om van te smullen. Productietechnisch zou het iets minder overdadig kunnen, er zijn redelijk veel overdubs her en der, maar dit zijn slechts kleine smetjes op een verder prima en gedurfde bluesplaat.

Joan Baez - Joan Baez (1960)

poster
2,5
Op "Joan Baez" staan mooie folk liedjes. Sober maar functioneel uitgevoerd. Vele van deze liedjes zijn veelvuldig door anderen uitgevoerd, maar de uitvoeringen van Joan Baez zijn minstens zo effectief, misschien juist wel effectiever. Mijn probleem is echter haar stem. Net als bij een Joni Mitchell houd ik gewoon niet van de stem van Joan Baez. Ik vind het typisch zo'n stem waar je van houdt of niet. Er lijkt geen middenweg te zijn. De liedjes zijn verre van slecht, ze zijn zelfs goed, alleen op de manier waarop ze vocaal worden vertolkt haak ik af. Kwestie van smaak zullen we maar zeggen.

Joanne Shaw Taylor - Almost Always Never (2012)

poster
4,0
"Almost Always Never" is het derde album van deze jonge Britse gitariste/zangeres. Het is een verademing om weer eens een vrouw te horen die snapt hoe de blues gespeeld moet worden. Dit liet ze gelijk horen op haar debuut en die lijn trok ze door op haar tweede plaat. Deze derde is de volgende stap in haar toch al indrukwekkende carrière. De plaat klinkt volwassen van begin tot eind, niet alleen muzikaal maar ook tekstueel. De blues sijpelt door in elke song en Joanne Shaw Taylor is een uitzonderlijk goede gitariste. Of dit nu is een slowblues (bijvoorbeeld het prachtige "Jealousy") of in de meer rockende nummers ("Tied & Bound"), ze beheerst de gitaar tot in de puntjes. Heerlijk om te horen hoe ze spannend en gevarieerd soleert. De tweede helft van deze plaat is pas echt goed. De nummers zijn lekker uitgesponnen en zo nu en dan vermengt ze de blues en rock met psychedelische invloeden. Naast het fantastische gitaarwerk bevat deze plaat ook heerlijk toetsenwerk die een extra laag aan de muziek toevoegt. "Almost Always Never" is een hele fijne plaat van een van de talentvolste muzikanten van deze generatie.

Joe Bonamassa - A New Day Yesterday (2000)

poster
4,5
Dit is Joe Bonamassa's debuutplaat, en wat voor een zeg. Direct is duidelijk wat een talent deze man is. Na de Rory Gallagher cover "Cradle Rock" komen er direct vier hoogtepunten voorbij in "Walk My Shadows", "A New Day Yesterday", "I Know Where I Belong" en "Miss You, Hate You" (en dan niet de rock radio mix, maar de originele volledige opname). Het gitaarspel van Bonamassa is spetterend qua techniek en emotie. Het is knap hoe Bonamassa op zijn debuut direct al laat horen dat hij een van de toekomstige vaandeldragers van de blues zal blijken te zijn. Op "A New Day Yesterday" is rock de basis, maar blues is onmiskenbaar te horen, vooral op het fantastische "If Heartaches Were Nickels", waar Bonamassa bijgestaan wordt door Leslie West op gitaar en zang en door legende Gregg Allman op toetsen en zang. Deze song is voor mij het hoogtepunt van de plaat, al is het alleen maar door de zinssnede "If heartaches were nickels, I'd be the richest fool alive". Als dat geen blues is, weet ik het niet meer. "A New Day Yesterday" markeert het begin van het Joe Bonamassa tijdperk, en wat mij betreft het beginpunt van de wederopstand van de moderne blues.

Joe Bonamassa - An Acoustic Evening at the Vienna Opera House (2013)

poster
4,0
Op "An Acoustic Evening at the Vienna Opera House" verlegt Joe Bonamassa opnieuw zijn grenzen. Deze keer kiest hij een volledige akoestische setting voor zijn nummers die over het algemeen toch elektrisch worden vertolkt. Hij daagt zich hierbij uit om in een kalere en intieme bezetting toch spannend te klinken. Wat mij betreft is hij daar goed in geslaagd. Joe Bonamassa kiest er niet voor om de studioversies klakkeloos akoestisch na te spelen. Nee in veel gevallen kiest hij voor iets andere arrangementen en door de keuze van niet alledaagse instrumenten krijgen de meeste nummers een totaal andere feel. Ook op de akoestische gitaar is Bonamassa een fenomeen. Dit was eigenlijk al bekend, daar hij live vaak "Woke Up Dreaming" akoestisch speelt. Maar ook in een volledige akoestische atmosfeer verbaast Bonamassa met mooi en spannend gitaarwerk. Maar de echt hoofdrol op deze plaat is Bonamassa's stem. In deze setting wordt hij gedwongen om zijn stem nog beter aan te wenden en dat doet hij met verve. Regelmatig zijn er kippenvelmomenten als zijn stem een liedje van begin tot eind draagt en nog meer kracht bijzet aan de intensiteit van het nummer. Ik heb Joe Bonamassa zelf live gezien in een vergelijkbare setting op North Sea Jazz 2012, zij het met een kortere setlist, aangezien men op NSJ slechts een beperkte speeltijd heeft. Ik vond het destijds al een van mijn favoriete live-ervaringen van Bonamasssa, juist omdat het anders was. "An Acoustic Evening at the Vienna Opera House" is een mooie herinnering aan dat optreden en wederom het bewijs dat Joe Bonamassa een van de meest veelzijdige gitaristen van zijn generatie is en niet bang is om van de geëffende paden af te stappen. Lof en hulde!

Joe Bonamassa - Black Rock (2010)

poster
4,0
Wat is Joe Bonamassa toch productief. Hij presteert het om minimaal een album per jaar uit te brengen, soms meerdere, al dan niet in combinatie met zijn andere projecten als Black Country Communion, of zijn samenwerking met zangeres Beth Hart. En dan tussendoor ook nog touren! Het knapste van dit alles is, dat het totaal niet ten koste gaat van de kwaliteit.

Ook deze "Black Rock" is weer een ijzersterke plaat. Wel moet ik bekennen dat het even duurde, voordat ik dat in zag. In eerste instantie was ik wat teleurgesteld. Ik miste op deze plaat de prachtige slow blues nummers van Joe Bonamassa. Voor mij zijn dit de nummer waarop zijn stem en prachtige gitaarspel het mooiste tot uiting komen. Op "Black Rock" kiest Bonamassa over de gehele linie voor de wat meer stevigere approach. Daarom miste ik de rustpunten, al is de Leonard Cohen cover van "Bird on a Wire" heel mooi gedaan.

De meeste andere nummers zijn uptempo en rockend, met aan de basis onvervalste blues. Het album klinkt wat donkerder, al denk ik dat dit meer productietechnisch is. Het geheel komt daardoor wat harder over. De eerste drie nummers nemen je direct op sleeptouw. Stuwende en energieke bluesrock, waarop Joe met hartelust zijn gitaar laat zingen en scheuren. In het begin vond ik het gebruik van traditionele Griekse instrumenten (het album is in Griekenland opgenomen) overbodig en soms zelfs storend. Nu heb ik dat een stuk minder, al voegt het voor mij persoonlijk aan de beleving van de nummers niet veel toe.

Het nummer "Night Life" samen met B.B. King is absoluut een hoogtepunt van deze plaat. Het bevat die typische B.B. groove en de heren wisselen onderling smaakvolle blueslicks uit. Ook het Led Zeppelin-achtige "Blue and Evil" met die "kashmir"-achtige Zep sound is om van te smullen.

Wederom puik werk van workaholic Joe Bonamassa. Zulke muzikanten moeten worden gekoesterd. Joe Bonamassa houdt de blues anno nu levend door de traditionele bluestradities te eren en deze te voorzien van zijn eigen hedendaagse interpretatie. Diep respect!

Joe Bonamassa - Blues Deluxe (2003)

poster
4,5
Absoluut een van mijn favoriete Joe Bonamassa platen. Op "Blues Deluxe" put Bonamassa uit zijn inspiratiebronnen. Een aantal bluesklassiekers krijgen die typische Bonamassa behandeling en klinken ineens fris en eigentijds, maar nog steeds respectvol naar het origineel. Maar boven alles ademt het van begin tot eind de blues. "Long Distance Call" is daarvan een treffend voorbeeld. Ook het akoestische hoogstandje "Woke Up Dreaming" is fantastisch en laat horen dat Bonamassa ook zonder electriciteit een virtuoos is. Maar het absolute hoogtepunt van deze plaat, en een persoonlijke favoriet in Bonamassa's oeuvre, is de titeltrack "Blues Deluxe". Wat begint met een mooie ingetogen slow blues, ontwikkelt zich tot een intens en meeslepend gitaarorgasme. Deze plaat was mijn kennismaking met Joe Bonamassa, en is wat mij betreft een mijlpaal in de moderne blues.

Joe Bonamassa - Different Shades of Blue (2014)

poster
4,5
Het begint bijna een gewoonte te worden dat Joe Bonamassa met meerdere releases op de proppen komt. In 2014 is dat niet anders. Ik kan me voorstellen dat het af en toe neigt naar overkill, maar Joe Bonamassa levert constante hoge kwaliteit en heeft mij nog nooit teleurgesteld. Eerder dit jaar verscheen de live registratie van zijn concertreeks samen met Beth Hart in Carré Amsterdam. Ook was daar de release van de indrukwekkende ”Tour de Force” reeks in Londen, waar Joe Bonamassa over vier avonden vier verschillende setlists afwerkte op vier verschillende locaties. Daarnaast verscheen ook nog het live album van Rock Candy Funk Party. Met dit gezelschap bewijst Joe Bonamassa zijn veelzijdigheid. Na al dat live geweld volgt dan nu de opvolger van ”Driving Towards the Daylight”.

Zijn nieuwste telg heet ”Different Shades of Blue”. In de aanloop van dit album, kondigde Joe Bonamassa aan dat dit zijn meest experimentele album zou worden. Nu valt dat met die experimenteerdrift wel mee, maar ”Different Shades of Blue” waaiert wel behoorlijk uit binnen het spectrum van de blues. Ook is dit het eerste album van Joe Bonamassa waar uitsluitend eigen composities op staan. Dit is op zich best een risico, aangezien Joe Bonamassa een meester is in het eigen maken van andermans werk. Het pakt allemaal uitstekend uit, want de gebruikelijke covers mis ik eigenlijk nergens.

Zoals gezegd vind ik de diversiteit, weliswaar binnen het blues genre, het sterke punt van dit album. Stevige gitaar liedjes worden afgewisseld met meer funky klinkende nummers, waarbij met name de blazers erg lekker klinken. De midtempo nummers klinken het meest meeslepend. Joe Bonamassa richt zich dan met name op prachtige intense gitaarsolo's. Een mooi voorbeeld daarvan is het titelnummer dat klinkt als een rockballad, maar onderhuids een echte bluesgevoel heeft. Ik vind de laatste vier nummers allemaal raak, en laten goed de diversiteit horen van ”Different Shades of Blue”. Het afsluitende ”So, What Would I Do” is een hemels mooie piano slowblues dat onmiddellijk voor kippenvel zorgt.

Verrassend is Joe Bonamassa al lang niet meer. Je kunt je zelfs afvragen of hij ooit verrassend is geweest. De blues is wat dat betreft een ondankbaar genre. Maar wat Joe Bonamassa keer op keer doet, getuigt niet alleen van een diepgewortelde passie van de blues, maar ook nog eens van een ongekend niveau van vakmanschap. Voor mij persoonlijk is ”Different Shades of Blue” daarvan nogmaals de bevestiging.

Joe Bonamassa - Driving Towards the Daylight (2012)

poster
4,5
Daar is ie weer, Joe Bonamassa met alweer een nieuwe plaat. Kort na zijn fantastische soloplaat "Dust Bowl" en memorabele samenwerking met Beth Hart op "Don't Explain" presenteert Bonamassa nu "Driving Towards the Daylight". En het is wederom een geweldige plaat geworden. Joe Bonamassa is zeker niet vernieuwend, maar iedere keer klinken zijn platen net weer anders, zodat ondanks zijn hoge productiviteit er geen herhalingsoefeningen ontstaan. Er is geen enkel signaal dat de klad erin begint te raken.

Op "Driving Towards the Daylight" laat Bonamassa een iets harder geluid horen dan op zijn vorige soloplaat "Dust Bowl". Er staan wat minder slow blues nummers op. Aan de andere kant zijn het ook niet allemaal stevige rockers, maar vooral midtempo nummers met een ongekend bluesgevoel eronder. Uiteraard komen er weer de nodige covers voorbij, waarbij met name de versies van Robert Johnson's "Stones in My Passway" en Howlin' Wolf's "Who's Been Talkin'" fenomenaal zijn.

Op het titelnummer laat Bonamassa van een wat meer mainstream kant horen. Het is een rockballad geworden, maar wel eentje van het hoogste niveau. Na een eerste luisterbeurt vond ik de track wat gewoontjes, maar hoe vaker je hem hoort, hoe mooier hij wordt. Nu is het een van mijn favorieten. De zang van Joe eist absoluut een hoofdrol voor zich op. Kippenvel. Dergelijke momenten komen overigens vaker voorbij op deze plaat (alleen al het fantastische "A Place in My Heart"), waarbij vooral de afsluitende drie nummers een absolute apotheose vormen. "New Coat of Paint" is donker en dreigend. "Somewhere Trouble Don't Go" heeft een onweerstaanbare riff die je maar niet uit je hoofd krijgt en het afsluitende "To Much Ain't Enough Love" is een fantastische samenwerking met zanger Jimmy Barnes. Deze laatste heeft een schuurpapieren stem van de grofste korrel en de combinatie met het gitaarspel van Joe Bonamassa is perfect.

Op deze plaat laat Joe Bonamassa zich wederom bijstaan door een groep uitstekende muzikanten. Met sommige heeft hij al eerder en vaker samengewerkt, anderen zijn nieuw, bijvoorbeeld Aerosmith gitarist Brad Whitford. Hierdoor bijft Joe scherp en levert hij keer op keer een klasseplaat af. Het gevoel van deze plaat verwoord Joe het beste in het openingsnummer "Dislocated Boy" met de zinsnede "All I Need is My Old Guitar, to Play You the Best Damn Blues". En zo is het maar net; niets meer en niets minder!

Joe Bonamassa - Dust Bowl (2011)

poster
4,5
"Dust Bowl" is wederom een geweldig album van Joe Bonamassa. Het begint al met de hoes die direct een onheilspellende sfeer uitademt. Deze sfeer komt ook terug in de meeste van de nummers op "Dust Bowl" Alleen op de nummers waarin hij samenwerkt met John Hiatt ("Tennessee Plates"), Glenn Hughes ("Heartbreaker") en Vince Gill ("Sweet Rowena") wijken qua sfeer hiervan af. Eigenlijk wel een beetje jammer, maar het zijn op zich nog steeds prima nummers.

Opener "Slow Train" zet direct de toon. Bonamassa en zijn band imiteren met hun instrumenten een op gang komende stoomtrein en is een denderend begin van een fantastische plaat. Het titelnummer "Dust Bowl" schroeft het tempo wat terug en roept onmiddelijk weer die onheilspellende sfeer van de hoes op. Bonamassa kiest er op "Dust Bowl" voor om weer terug te gaan naar de essentie van de blues en dat verwoord hij perfect in "The Meaning of the Blues", waar hij een van zijn beste gitaarsolo's van de laatse jaren laat horen.

Een ander hoogtepunt komt met "The Last Matador of Bayonne". Een prachtige slow blues, een van die nummers waarom ik zo'n ontzettende liefhebber ben van Bonamassa. Mooie stem, fantastisch gitaarspel, kippenvel solo en de originele combinatie tussen trompet en gitaar maken het helemaal af. Ook "No Love on the Street" is een absolute topper. Hierop is de eerste prille samenwerking tussen Joe en Beth Hart te horen, wat later zou resulteren in de plaat "Don't Explain". De afsluitende song "Prisoner" is een cover van Barbara Streisand. Een niet voor de hand liggende keuze, maar Joe zet de song volledig naar zijn hand en maakt er een intense bluesballad van.

"Dust Bowl" is een van mijn favoriete Joe Bonamassa platen, maar eigenlijk heeft Bonamassa nog geen slechte plaat afgeleverd. Iedere keer ben ik weer verbaasd over het hoge niveau, ondanks dat de platen elkaar in hoog tempo opvolgen. Respect!

Joe Bonamassa - Had to Cry Today (2004)

poster
4,0
Na het door blues gedomineerde "Blues Deluxe" laat Joe Bonamassa op "Had to Cry Today" weer een stevige mix horen van rock en blues. Dit album, vernoemd naar het gelijknamige Blind Faith nummer, klinkt daardoor zwaarder en steviger dan zijn voorganger. Zoals te doen gebruikelijk bij Joe Bonamassa is het gitaarspel fantastisch. Zoals gezegd overheerst het rock geluid, als de blues voorbij komt is het een soort van speed blues die klinkt als rock, maar het gevoel en de ritmiek van de blues benaderd. Even gaat het tempo naar beneden op "Reconsider Baby". Deze slowblues is het hoogtepunt van deze plaat als je het mij vraagt. Naast het vele elektrische werk, komt ook regelmatig de akoestische gitaar voorbij. Op "Te River" levert dit een mooi samenspel op door enerzijds de intro akoestisch te spelen (het klinkt daardoor als authentieke blues), maar anderzijds al snel te ontpoppen in een heerlijke elektrische bluesrocker. Op de instrumentale afsluiter "Faux Mantini" laat Bonamassa horen dat hij akoestisch net zoveel virtuositeit in huis heeft als elektrisch. De titelsong "Had to Cry Today" kan zich goed meten met het origineel van Eric Clapton's en Steve Winwood's Blind Faith, maar ik vind de versie van Joe Bonamassa vocaal wat minder. Dit is een klein smetje op een verder meer dan uitstekende bluesrock plaat. Joe Bonamassa zet zijn opmars voort, wederom zonder teleur te stellen.

Joe Bonamassa - Live from Nowhere in Particular (2008)

poster
4,5
Ondanks alle prachtige en klasse albums die Joe Bonamassa uitbrengt komt hij live veelal het beste tot zijn recht. Dat bewijst deze fantastische liveregistratie onder de titel "Live From Nowhere In Particular". De setlist is een mooie uitgebalanceerde verzameling van tracks die variëren van rockend naar ongekende blues. Het is een mooie afspiegeling van zijn albumwerk tot aan "Sloe Gin". Live spint Bonamassa de nummers uit tot lange meeslepende composities en boezemt zijn gitaarwerk nog meer kracht in, met name in de bluesballads spat de intensiteit er vanaf. Joe Bonamassa verwerkt subtiel verwijzingen naar The Beatles en Led Zeppelin in zijn nummers en bewijst zo eer aan zijn voorbeelden. "Live From Nowhere In Particular" is genieten van begin tot eind, de opnamekwaliteit is fantastisch en het doet je hunkeren naar een van zijn concerten. In heb de eer al eens gehad om dat mee te maken, en deze plaat brengt die herinneringen direct weer boven.

Joe Bonamassa - Sloe Gin (2007)

poster
4,0
Op "Sloe Gin" horen we een mooie dynamiek tussen akoestische en elektrische stukken. De ene keer is een nummer geheel akoestisch of elektrisch, een andere keer hoor je die dynamiek binnen een liedje. Dit levert genoeg variatie op om de plaat van begin tot eind spannend te houden. Daarnaast bewijst het weer de diversiteit binnen het gitaarspel van deze moderne bluesheld. De blues spat weer van deze plaat af. Hoogtepunt is de bloedstollende titeltrack "Sloe Gin"; wat een meeslepend nummer is dat. Ongekende klasse. Joe Bonamassa vervalt nooit in herhaling, en dat is knap gezien zijn toch al omvattende oeuvre en de dichtheid waarmee hij platen uitbrengt. Wederom hoogstaand!

Joe Bonamassa - So, It's Like That (2002)

poster
3,5
Dit is van alle Joe Bonamassa platen degene die me het minst weet te boeien. Is het daarmee een slechte plaat? Nee, verre van zelfs. Bonamassa kiest op "So, It's Like That" voor een met name op rock gebaseerde aanpak. Op deze plaat zijn weinig echte blues songs (met uitzondering van het titelnummer) te vinden. Het lijkt erop alsof hij het blues idioom van zich af wil schudden en gewoon een rockplaat wil maken. Dat doet hij overigens met verve, maar ik hou van de bluesman in Joe Bonamassa. Ook qua gitaarwerk is het de blues stijl waarin hij mij het meest weet te overtuigen. Het gitaarwerk is overigens op "So, It's Like That" prima in orde, alleen al afgaand op het meeslepende en ruim 10 minuten durende "Pain and Sorrow". Voor Joe Bonamassa begrippen is "So, It's Like That" een gewone rockplaat. Maar gewoon in de wereld van Joe Bonamassa levert toch een meer dan voldoende plaat op.

Joe Bonamassa - The Ballad of John Henry (2009)

poster
4,5
Wat is dit een steengoede plaat zeg. Joe Bonamassa is een zegen voor de blues. Hij weet er een eigen draai aan te geven en hij eert oude blueshelden op een waardige manier. Zo zijn de covers op deze plaat weer vol respect naar het origineel, maar Bonamassa zet het altijd naar zijn hand, en dat is knap. Ook het gitaarwerk is weer om van te smullen. Hij speelt de blues met een flinke teug rock en funk. Zijn kwaliteiten komen naar mijn mening het beste tot zijn recht in de slow blues nummers. De prachtige donkere en warme tonen van Bonamassa's gitaar sleuren je terug in de tijd en snijden door je ziel als zachte boter. Prachtig, meeslepend en intens. Dit wordt het beste duidelijk in het meesterlijke hoogtepunt "The Great Flood". Bonamassa is een artiest om te koesteren en hij bewijst dat de blues ook nu nog spannend kan zijn. Althans voor diegenen die het willen horen.

Joe Bonamassa - Tour de Force - Hammersmith Apollo (2014)

poster
4,0
In het voorjaar van 2013, als afronding van zijn Europese tour, levert Joe Bonamassa een prestatie van formaat. Hij besluit om vier concerten te geven in London, op vier verschillende locaties met vier verschillende bands en met vier verschillende setlists. De betreffende optredens staan voor de diverse stadia van Bonamassa’s loopbaan en de verschillende genres die zijn oeuvre rijk is. Deze serie optredens worden omgedoopt tot ”Tour de Force, Live in London” en als locaties worden The Borderline, Shepherd’s Bush Empire, Hammersmith Apollo en Royal Albert Hall gekozen.

Het eerste optreden, in The Borderline, representeert de begindagen van Bonamassa’s carrière. The Borderline is een kleine club en Bonamassa speelt in een trio bezetting. Waar Bonamassa normaalgesproken in kostuum optreedt, steekt hij zich in The Borderline gewoon in een spijkerbroek en een t-shirt. Het tweede concert, in Shepherd’s Bush Empire, draait om de blues. De derde avond, in Hammersmith Apollo, staat in het teken van de meer rock georiënteerde liedjes in het arsenaal van Bonamassa. Tenslotte is het vierde en laatste optreden een dwarsdoorsnede van de man’s gehele oeuvre en verandert de samenstelling van de band gedurende het concert. Eerder verschenen deze vier optredens op DVD en Blue-Ray, en zijn dan nu ook op CD en LP uitgebracht.

Hoewel alle vier de optredens van uitzonderlijke klasse zijn, steekt er persoonlijk voor mij toch eentje bovenuit. In hart en nieren is Joe Bonamassa een blues man, en het is dan ook niet verwonderlijk dat mijn voorkeur uitgaat naar de avond waarop de blues centraal staat, en dat is het optreden in Shepherd’s Bush Empire.

Ik verbaas me nog steeds over de arbeidsproductiviteit van Joe Bonamassa. Bijna elk jaar volgen er meerdere releases. Of dit nu zijn solowerk is, zijn andere projecten, of zijn samenwerking met Beth Hart, de muziek blijft maar komen, en altijd van ongekend hoog niveau. Het Tour de Force project past daar ook in en ze zijn alle vier absoluut de moeite waard.

Joe Bonamassa - Tour de Force - Royal Albert Hall (2014)

poster
4,0
In het voorjaar van 2013, als afronding van zijn Europese tour, levert Joe Bonamassa een prestatie van formaat. Hij besluit om vier concerten te geven in London, op vier verschillende locaties met vier verschillende bands en met vier verschillende setlists. De betreffende optredens staan voor de diverse stadia van Bonamassa’s loopbaan en de verschillende genres die zijn oeuvre rijk is. Deze serie optredens worden omgedoopt tot ”Tour de Force, Live in London” en als locaties worden The Borderline, Shepherd’s Bush Empire, Hammersmith Apollo en Royal Albert Hall gekozen.

Het eerste optreden, in The Borderline, representeert de begindagen van Bonamassa’s carrière. The Borderline is een kleine club en Bonamassa speelt in een trio bezetting. Waar Bonamassa normaalgesproken in kostuum optreedt, steekt hij zich in The Borderline gewoon in een spijkerbroek en een t-shirt. Het tweede concert, in Shepherd’s Bush Empire, draait om de blues. De derde avond, in Hammersmith Apollo, staat in het teken van de meer rock georiënteerde liedjes in het arsenaal van Bonamassa. Tenslotte is het vierde en laatste optreden een dwarsdoorsnede van de man’s gehele oeuvre en verandert de samenstelling van de band gedurende het concert. Eerder verschenen deze vier optredens op DVD en Blue-Ray, en zijn dan nu ook op CD en LP uitgebracht.

Hoewel alle vier de optredens van uitzonderlijke klasse zijn, steekt er persoonlijk voor mij toch eentje bovenuit. In hart en nieren is Joe Bonamassa een blues man, en het is dan ook niet verwonderlijk dat mijn voorkeur uitgaat naar de avond waarop de blues centraal staat, en dat is het optreden in Shepherd’s Bush Empire.

Ik verbaas me nog steeds over de arbeidsproductiviteit van Joe Bonamassa. Bijna elk jaar volgen er meerdere releases. Of dit nu zijn solowerk is, zijn andere projecten, of zijn samenwerking met Beth Hart, de muziek blijft maar komen, en altijd van ongekend hoog niveau. Het Tour de Force project past daar ook in en ze zijn alle vier absoluut de moeite waard.

Joe Bonamassa - Tour de Force - Shepherd's Bush Empire (2014)

poster
4,5
In het voorjaar van 2013, als afronding van zijn Europese tour, levert Joe Bonamassa een prestatie van formaat. Hij besluit om vier concerten te geven in London, op vier verschillende locaties met vier verschillende bands en met vier verschillende setlists. De betreffende optredens staan voor de diverse stadia van Bonamassa’s loopbaan en de verschillende genres die zijn oeuvre rijk is. Deze serie optredens worden omgedoopt tot ”Tour de Force, Live in London” en als locaties worden The Borderline, Shepherd’s Bush Empire, Hammersmith Apollo en Royal Albert Hall gekozen.

Het eerste optreden, in The Borderline, representeert de begindagen van Bonamassa’s carrière. The Borderline is een kleine club en Bonamassa speelt in een trio bezetting. Waar Bonamassa normaalgesproken in kostuum optreedt, steekt hij zich in The Borderline gewoon in een spijkerbroek en een t-shirt. Het tweede concert, in Shepherd’s Bush Empire, draait om de blues, maar daarover straks meer. De derde avond, in Hammersmith Apollo, staat in het teken van de meer rock georiënteerde liedjes in het arsenaal van Bonamassa. Tenslotte is het vierde en laatste optreden een dwarsdoorsnede van de man’s gehele oeuvre en verandert de samenstelling van de band gedurende het concert. Eerder verschenen deze vier optredens op DVD en Blue-Ray, en zijn dan nu ook op CD en LP uitgebracht.

Hoewel alle vier de optredens van uitzonderlijke klasse zijn, steekt er persoonlijk voor mij toch eentje bovenuit. In hart en nieren is Joe Bonamassa een blues man, en het is dan ook niet verwonderlijk dat mijn voorkeur uitgaat naar de avond waarop de blues centraal staat, en dat is het optreden in Shepherd’s Bush Empire. Deze avond wordt de band aangevuld met een blazerssectie en dat versterkt het bluesgevoel. Over de band gesproken: het zijn stuk voor stuk topmuzikanten die gezamenlijk klinken als een onvervalste stampende en dampende bluesmachine. Naast Bonamassa op zang en gitaar hoor je Carmine Rojas op bas, Tal Bergman op drums, Arlan Schierbaum op toetsen, Lee Thornburg op trompet, Sean Freeman op saxofoon en Mike Feltham op trombone.

De setlist die avond is een uitgebalanceerde mix tussen opzwepende en swingende bluesnummers en intense en meeslepende slowblues. Vooral bij de uptempo liedjes worden de blazers van stal gehaald en dat zorgt voor extra warmte en groove. Ook het toetsenspel van Schierbaum levert hier een significante bijdrage aan. De slowblues liedjes zijn stuk voor stuk van hemelse schoonheid en dat zijn dan ook de liedjes die me het meeste raken. Met ”Midnight Blues” krijgt Gary Moore een mooi eerbetoon. Andere kippenvelmomenten zijn ”So Many Roads” , ”Chains & Things”, ”The Great Flood” en ”Asking Around for You”.

Het gitaarspel van Bonamassa behoeft eigenlijk geen uitleg, want ook hier is het weer van buitengewone klasse en adembenemende schoonheid. Of het nu in de snellere liedjes is, de midtempo nummers of in de slowblues liedjes, Bonamassa kan het allemaal. Zijn gitaarspel is sfeerbepalend en draagt het liedje van begin tot eind. In de gehele opbouw, van riff, tot lick tot solo, Bonamassa overtuigt tot en met. Maar ook zijn stem is het vermelden waard. Hij heeft hier duidelijk een ontwikkeling doorgemaakt en live komt dat volledig tot wasdom. Net als met zijn gitaarspel bepaalt Bonamassa ook met zijn stem de sfeer en beleving van het liedje.

Dit optreden in Shepherd’s Bush Empire, met deze setlist, maken dit concert voor mij tot het ultieme optreden van deze moderne bluesheld. In de blues is Bonamassa op zijn best en dat is ook uiteindelijk hoe ik hem het liefste hoor, hoe veelzijdig hij ook is. Ik verbaas me nog steeds over de arbeidsproductiviteit van Joe Bonamassa. Bijna elk jaar volgen er meerdere releases. Of dit nu zijn solowerk is, zijn andere projecten, of zijn samenwerking met Beth Hart, de muziek blijft maar komen, en altijd van ongekend hoog niveau. Het Tour de Force project past daar ook in en ze zijn alle vier absoluut de moeite waard. Maar als echte bluesliefhebber kan ik de DVD/Blue-Ray/CD/LP van het optreden in Shepherd’s Bush Empire van harte aanbevelen. Dit behoort wat mij betreft tot de beste (live) bluesreleases van 2014, maar ook van dit decennium. Joe Bonamassa laat horen dat de blues van alle tijden is!

Joe Bonamassa - Tour de Force - The Borderline (2014)

poster
4,0
In het voorjaar van 2013, als afronding van zijn Europese tour, levert Joe Bonamassa een prestatie van formaat. Hij besluit om vier concerten te geven in London, op vier verschillende locaties met vier verschillende bands en met vier verschillende setlists. De betreffende optredens staan voor de diverse stadia van Bonamassa’s loopbaan en de verschillende genres die zijn oeuvre rijk is. Deze serie optredens worden omgedoopt tot ”Tour de Force, Live in London” en als locaties worden The Borderline, Shepherd’s Bush Empire, Hammersmith Apollo en Royal Albert Hall gekozen.

Het eerste optreden, in The Borderline, representeert de begindagen van Bonamassa’s carrière. The Borderline is een kleine club en Bonamassa speelt in een trio bezetting. Waar Bonamassa normaalgesproken in kostuum optreedt, steekt hij zich in The Borderline gewoon in een spijkerbroek en een t-shirt. Het tweede concert, in Shepherd’s Bush Empire, draait om de blues. De derde avond, in Hammersmith Apollo, staat in het teken van de meer rock georiënteerde liedjes in het arsenaal van Bonamassa. Tenslotte is het vierde en laatste optreden een dwarsdoorsnede van de man’s gehele oeuvre en verandert de samenstelling van de band gedurende het concert. Eerder verschenen deze vier optredens op DVD en Blue-Ray, en zijn dan nu ook op CD en LP uitgebracht.

Hoewel alle vier de optredens van uitzonderlijke klasse zijn, steekt er persoonlijk voor mij toch eentje bovenuit. In hart en nieren is Joe Bonamassa een blues man, en het is dan ook niet verwonderlijk dat mijn voorkeur uitgaat naar de avond waarop de blues centraal staat, en dat is het optreden in Shepherd’s Bush Empire.

Ik verbaas me nog steeds over de arbeidsproductiviteit van Joe Bonamassa. Bijna elk jaar volgen er meerdere releases. Of dit nu zijn solowerk is, zijn andere projecten, of zijn samenwerking met Beth Hart, de muziek blijft maar komen, en altijd van ongekend hoog niveau. Het Tour de Force project past daar ook in en ze zijn alle vier absoluut de moeite waard.

Joe Bonamassa - You and Me (2006)

poster
5,0
Feitelijk zijn alle platen van Joe Bonamassa goed, maar als je het mij vraagt vind ik "You & Me" zijn beste. Persoonlijk vind ik Joe Bonamassa het beste tot zijn recht komen in de meer blues georiënteerde songs. Nu biedt "You & Me" daar een heel scala aan, maar verder is de combinatie tussen rock en blues op deze plaat tot in perfectie uitgewerkt.

De eerste vier tracks zijn gelijk een schot in de roos. "High Water Everywhere" is een regelrechte bluesklassieker van legende Charley Patton waar Bonamassa zijn eigen draai aan geeft. Het nummer heeft een ongekende swing en groove, ondanks de duistere ondertoon van de teksten. "Bridge to Better Days" is een eigen song van Bonamassa en bevat bluesy lead gitaarspel en funky onderliggende ritmes.

Na deze twee nummers gaat het tempo iets naar beneden. "Asking Around for You" neigt naar slowblues en heeft gevoelige teksten, waar je elke vrouw mee doet smelten; ik bedoel luister naar de tekst: "If I get to heaven, the first thing that I'll do, before I met my maker, I'm gonna ask around for you". Klaar, kat in het bakkie zo te zeggen. Echte slowblues horen we op "So Many Roads". Fantastisch gitaarspel, zulke mooie warme tonen, instant kippenvel.

"I Don't Believe" is een heerlijke bluesrocker, opzwepend, venijnig en scherp gitaarspel. Helemaal niets mis mee. Op "Tamp Em Up Solid" bewijst Joe Bonamassa zijn veelzijdigheid. Prachtig akoestisch fingerpicking aangevuld met mooi akoestisch slide gitaarspel. Bonamassa beheerst met het grootste gemak alle stijlen. Op het instrumentale "Django" eert hij een van de grootste gitaristen; Django Reinhardt. Een van de mooiste instrumentals ooit wat mij betreft met hartverscheurend spel.

"Tea for One" is het epische hoogtepunt van deze plaat. Na de eerste keer naar deze song te hebben geluisterd kwamen direct associaties met Led Zeppelin boven. Na bestudering van de credits bleek dit niet ongegrond, aangezien "Tea for One" een nummer is van Robert Plant en Jimmy Page. Bonamassa geeft er weer zijn eigen interpretatie aan. Elke cover die de beste man ooit op plaat heeft gezet is nergens een naspeel oefening, maar het worden bijna eigen composities. Ontzettend knap. Op "Tea For One" richt Bonamassa zich volledig op zijn gitaarspel en worden de vocalen voor rekening genomen van Doug Henthorn. Bonamassa laveert hier tussen mooi blues gedreven gitaarspel en stevige rock riffs, met licht psychedelische trekjes.

"Palm Trees Helicopters and Gasoline" is een akoestische instrumental die wederom de genialiteit van Bonamassa op de gitaar onderstreept. De plaat sluit af met twee bluesrockers in de vorm van Sonny Boy Williamson's "Your Funeral and My Trial" en de eigen compositie (samen met Gregg Sutton) "Tore Down".

Naast dat Joe Bonamassa excelleert op "You & Me", ook aandacht voor zijn band. Samen met producer Kevin Shirley heeft hij echt een superband om zich heen verzameld: Jason Bonham op drums (ja, zoon van Jon Bonham van Led Zeppelin), Carmine Rojas op bas en Rick Mellick op piano en orgel. Samen met deze klasbakken van muzikanten levert Joe Bonamassa met "You & Me" zijn meest veelzijdige, intense, en meest consistente mix van blues en rock af. Wereldklasse!

Joe Cocker - Hymn for My Soul (2007)

poster
2,0
Joe Cocker lijkt veroordeeld tot het coveren van liedjes van anderen. Ook "Hymn for My Soul" is weer zo'n plaat. Ik kan de stem van Joe Cocker goed verdragen, maar uiteindelijk is dat te weinig om dit album te dragen. De composities zijn gewoon niet sterk genoeg. Ik heb het dan niet over het origineel, maar over de versies op "Hymn for My Soul". Het klinkt ongeïnspireerd en futloos. De bewerking van "Long as I Can See the Light" van Creedence Clearwater Revival is tenenkrommend slecht. En zo komen er wel meer van dat soort momenten voorbij. Nee, Joe Cocker klinkt op "Hymn for My Soul" vooral uitgeblust en dat is eigenlijk best wel een pijnlijke constatering.

Joe Louis Walker - Hellfire (2012)

poster
4,0
De blues van Joe Louis Walker is vuig Dat komt omdat Walker een flinke portie rock in zijn muziek verwerkt. Met name in de solo's zijn de rockinvloeden het meest merkbaar. Hij doet me qua gitaarspel (in de solo's dan) soms aan Joe Perry denken. Daarnaast heeft zijn gitaartoon een lekkere sustain, waardoor het een rauw randje krijgt. Dat rauwe randje is ook goed te horen in Walker's stem. Naast de blues en rock hoor ik ook duidelijk invloeden uit de soul en gospel terug op "Hellfire". Dit komt met name door het warme en gloedvolle orgelspel. Deze nuanceert de rauwheid en vuigheid een beetje. Ook in de slowblues nummers klinkt het allemaal wat subtieler, waardoor de talenten van Walker mijn inziens wat beter naar voren komen. De uptempo nummers zijn energiek, maar verbloemen aan de andere kant wel de schoonheid van zijn stem en gitaarspel. Dit is een slechts een klein puntje van kritiek op een verder prima plaat.

Joe Louis Walker - Hornet's Nest (2014)

poster
4,0
”Hornet’s Nest” van Joe Louis Walker is een lekker rockend bluesalbum. Het gitaarwerk is stevig te noemen en de stem van Walker is lekker rauw, maar soulvol tegelijk. Ook gooit Walker er af en toe een beetje funk en gospel tegenaan. ”Hornet’s Nest” bewandelt daarmee geen nieuwe paden, maar klinkt vooral vertrouwd. Persoonlijke favorieten zijn ”As the Sun Goes Down”, ”Love Enough”, ”Ramblin’ Soul” en ”I’m Gonna Walk Outside”. De muziek van Joe Louis Walker kun je nog het best beschrijven als de elektrische Chicago blues van weleer. Wellicht met iets minder harmonica, maar verder net zo energiek, swingend en rockend. Gewoon een lekker album dus, geen poespas, maar gewoon recht-toe-recht-aan elektrische blues.

Joe Satriani - Live in San Francisco (2001)

poster
3,5
"Live in San Francisco" is bijna tweeëneenhalf uur gitaargeweld van meestergitarist Joe Satriani. Technisch nagenoeg perfect en met veel energie en gedrevenheid gespeeld. Joe Satriani beheerst het allemaal en de setlist is een mooie dwarsdoorsnede van zijn werk. Niet alle nummers vind ik even geslaagd, maar er staan op "Live in San Francisco" echt hele mooie uitvoeringen van "Flying in a Blue Dream", "Cool #9", "Summer Song", "The Mystical Potato Head Groove Thing", en "Rubina". Toch is tweeëneenhalf instrumentaal gitaarwerk me iets teveel van het goede. Ik mis de dynamiek van de vocalen. Daarom vind ik "Big Bad Moon" een hele welkome afwisseling. Dat is strikt persoonlijk, ik weet het, maar daarom draai ik "Live in San Francisco" zelden in zijn geheel. Dit doet niets af van het feit dat Joe Satriani een fantastische gitarist is en dit live album bevestigt dat zonder enige twijfel.

Joe Satriani - The Extremist (1992)

poster
3,5
Ik ben geen uitgesproken liefhebber van instrumentale albums, en al helemaal als het puur gitaargedreven muziek betreft. Het neigt vaak te ontaarden in gitaargefreak en "kijk eens hoeveel noten ik in een minuut kan spelen en hoe snel ik met mijn vingers over het fretbord ga". Joe Satriani is tot op zekere hoogte een prettige uitzondering hierop. Naast het feit dat Satriani een gitarist van wereldformaat is, kan hij ook bijzondere mooie composities schrijven. En dat hoor ik terug op "The Extremist". Geen uitgesproken gitaarpatserij, maar goed gitaarspel, soms rustig en ingetogen, de andere keer rockend en fel. De solo's en de ritmepartijen zijn prima en sluiten uitstekend op elkaar aan. Toch vind ik het een klein beetje jammer dat het alleen maar instrumentaal is. Ik vind dat (goede) teksten bijdragen aan de diepgang. Satriani ondervangt dit dan wel weer goed door met veel emotie te spelen en niet alleen op zijn techniek te vertrouwen. Dus ondanks de nodige scepsis vooraf is dit een prima plaat van een fantastische gitarist.

Joep Pelt - I'm Off! (2010)

poster
3,0
Moeilijk, moeilijk, moeilijk. Wat moet ik nu precies van "I'm Off" van Joep Pelt vinden. Pelt heeft me allang overtuigd van zijn kunnen met zijn blues/rock albums en zijn samenwerkingen met Afrikaanse bluesmuzikanten. Op "I'm Off" verbreedt Pelt zijn blikveld, maar met wisselend resultaat wat mij betreft. De blues georiënteerde nummers zijn uiteraard dik in orde, maar zijn flirts met andere genres pakken toch echt minder uit. "I'm Off" haalt het met de hakken over de sloot, maar dat is meer te wijten aan mijn respect voor Joep Pelt en zijn muzikale kwaliteiten dan aan de consistentie van dit album.

Joep Pelt - Show Me the Way (2014)

poster
4,5
Joep Pelt is vermoedelijk bij het grote publiek niet heel erg bekend. Bij de ingewijden staat hij echter bekend als een van de meest gerespecteerde zangers en gitaristen binnen de roots en met name de blues. Of het nu traditionele Amerikaanse of Afrikaanse blues is, Joep Pelt draait er zijn hand niet voor om. Daarnaast weet Pelt er iedere keer weer zijn eigen draai aan te geven. Waar het in zijn muzikale carrière behoorlijk voor de wind ging, kreeg hij privé nogal wat te verstouwen. Bij een auto ongeluk in Afrika verloor hij zijn vrouw en overleefde hijzelf ternauwernood het ongeval. Na een lange tijd van herstel en revalidatie volgt met ”Show Me the Way” zijn eerste album sinds lange tijd. Wederom verkent Pelt de grenzen van de blues en mengt hij diverse stijlen tot een lekkere cocktail. Ook zingt en speelt Pelt de persoonlijke ellende van zich af. Met name in de langzame liedjes wordt pijnlijk duidelijk wat deze man heeft moeten doorstaan. Mooie voorbeelden hiervan zijn ”Bad Luck”, ”Let Go”, ”Don’t Leave Me Now” en ”Amsterdam”. Het gitaarspel van Pelt is niet per se fenomenaal te noemen, maar wel bijzonder divers en volledig in dienst van het liedje. Daarnaast weet hij met zijn gitaar de juiste emotionele lading aan een liedje mee te geven. ”Show Me the Way” is waarschijnlijk zo'n album dat een beetje in de underground blijft hangen. Aan de ene kant past het wel een beetje bij Joep Pelt, maar aan de andere kant verdient deze pionier van de Nederlandse blues veel meer aandacht en waardering. ”Show Me the Way” is een album dat bij die status gehoord en kun je best indrukwekkend noemen.

Joep Pelt & Lobi Traoré - I Yougoba! (2008)

poster
4,0
Wow, dit is een lekkere plaat zeg. Joep Pelt en Lobi Traore combineren op "I Yougoba!" Afrikaanse blues met westerse blues. En dat blijkt een uitermate smakelijke mix te zijn. Er wordt afwisselend Engels en Afrikaans gezongen, maar mijn gebrekkige kennis van de Afrikaanse taal blijkt zowaar nergens een belemmering te zijn. Joep Pelt geniet in Nederland te weinig aandacht, maar is een muzikaal talent van jewelste. Pelt begrijpt de blues en samen met Afrikaanse bluesheld Traore levert hij met "I Yougoba!" een pracht van een plaat af. Dit album brengt twee totaal verschillende culturen samen en bewijst dat blues een universele taal is.

Johan - 4 (2009)

Alternatieve titel: Four

poster
3,5
Het laatste album van Johan is een waardige afsluiting van een van Nederlandse beste bands als je het mij vraagt. Ook op ”4” brengt Johan melancholische en melodieuze gitaarpop zoals we dat van Jacob de Greeuw en consorten gewend zijn. Wel heb ik het idee dat het geluid op sommige tracks wat zwaarder klinkt dan dat ik van Johan gewend ben. Het kan aan mijn geheugen liggen, maar de gitaren klinken her en der wat ruiger. Geen ramp overigens hoor, de melodie staat bij Johan altijd voorop en dat is op ”4” ook weer het geval. Jacob de Greeuw is en blijft een goede liedjesschrijver en ook dat is op ”4” weer terug te horen. ”Pergola” blijft mijn favoriete album van Johan, maar feitelijk zijn al hun albums meer dan de moeite waard en in alle gevallen een dikke voldoende. ”4” is wat dat betreft niet anders.

Johan - Johan (1996)

poster
3,5
Op Johan's debuutplaat staat hele fijne gitaarpop met een rauw randje. Wederom slaagt het Excelsior label de grote talenten van Nederland een podium te bieden. "Johan" is een mooi debuut dat al goed laat horen waar de band toe in staat zal blijken te zijn. Hun latere album "Pergola" zal uitgroeien tot een klassieker, maar "Johan" plaveit de weg. Knappe liedjes voorzien van mooie muzikale omlijsting. Niets mis mee. Hadden we maar meer van dit soort bands.