Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
David Sylvian - Secrets of the Beehive (1987)

4,0
0
geplaatst: 22 juni 2010, 22:21 uur
David Sylvian presenteert zich weer eens als groot zanger.
Muzikale omlijsting klinkt sober.
Al valt er genoeg te beleven.
Minimalisme dat reikt tot maximaal resultaat.
Een bouwwerk dat zich steen voor steen ontwikkeld.
Sylvian is de bouwvakker.
Zijn stem het cement.
Instrumenten als gereedschap.
Doordacht als een architekt.
Ik heb Secrets Of The Beehive altijd ervaren als een lang nummer.
Gevoelsmatig kabbelt het heerlijk voort.
Als een warme zomeravond.
Zittend op een zeilschip.
Voetjes in het heldere rivierwater.
Ondertussen de aardappelen aan het schillen.
Voor een heerlijke maaltijd.
Juist hierdoor wordt een stuk schoonheid gemist.
Sluit jezelf af van de buitenwereld.
Hoofdtelefoon op.
Liggend op bed.
Bewustwording van de vele geheimen.
Laat je niet weg zweven.
Ontwaak voor de diepe rust zijn intrede doet.
Slapen kan altijd nog.
Natuurlijk ben ik bevoorrecht.
Als liefhebber van Japan is dit de logische volgende stap.
Voor mij was Ghost eigenlijk al de aankondiging.
Deze zanger durfde het aan.
De keuze voor een eigen carrière.
Waarbij hier alles op zijn plek valt.
Muzikale omlijsting klinkt sober.
Al valt er genoeg te beleven.
Minimalisme dat reikt tot maximaal resultaat.
Een bouwwerk dat zich steen voor steen ontwikkeld.
Sylvian is de bouwvakker.
Zijn stem het cement.
Instrumenten als gereedschap.
Doordacht als een architekt.
Ik heb Secrets Of The Beehive altijd ervaren als een lang nummer.
Gevoelsmatig kabbelt het heerlijk voort.
Als een warme zomeravond.
Zittend op een zeilschip.
Voetjes in het heldere rivierwater.
Ondertussen de aardappelen aan het schillen.
Voor een heerlijke maaltijd.
Juist hierdoor wordt een stuk schoonheid gemist.
Sluit jezelf af van de buitenwereld.
Hoofdtelefoon op.
Liggend op bed.
Bewustwording van de vele geheimen.
Laat je niet weg zweven.
Ontwaak voor de diepe rust zijn intrede doet.
Slapen kan altijd nog.
Natuurlijk ben ik bevoorrecht.
Als liefhebber van Japan is dit de logische volgende stap.
Voor mij was Ghost eigenlijk al de aankondiging.
Deze zanger durfde het aan.
De keuze voor een eigen carrière.
Waarbij hier alles op zijn plek valt.
Daydream Three - The Lazy Revolution (2021)

3,5
0
geplaatst: 11 oktober 2021, 17:48 uur
Daydream Nation van Sonic Youth uit 1988 is toch wel De Heilige Graal van de noiserock. In de schaduw van de verlichtende kaars op de albumhoes werken bands stilletjes aan een soortgelijk geluid. Nirvana gebruikte Teen Age Riot als inspiratiebron voor Smells like Teen Spirit en opent als portierwachter de voordeur van de hard/zacht gitaarcombinatie van de rockmuziek. Grunge is het hieraan gekoppelde modieuze toverwoord, al wordt die magie uiteraard veel breder gedragen. Ook de rockscene uit Italië zweert bij het baanbrekende werk welke vanaf eind jaren tachtig de ingedutte wereld als het ware wakker schudt.
Rond de eeuwwisseling begint de uit Sicilië afkomstige Enzo Pepi zijn werkzaamheden als noise gitarist bij formaties als Twig Infection en het naar hem genoemde The Pepiband. In 2019 brengt hij als eenmansproject Daydream een gelijknamige plaat uit, nu gevolgd door The Lazy Revolution. De bandnaam is uiteraard een verwijzing naar de titel van het Sonic Youth album. Daydream is ondertussen uitgegroeid tot een waar gezelschap en heeft als toevoeging Three gekregen. Met Christian Cutrufo (Twig Infection) op bas en Vincenzo Arisco (Walmus Brothers) achter het drumstel mag je nu gerust spreken van een trio. Op muzikaal gebied ligt The Lazy Revolution sterk in het verlengde van de voorganger.
Achter de zware deprimerende emo sound verschuilt zich een zoektocht naar de kleine gelukzalige momenten in het leven. De starheid van het grijze regenachtige door Seattle beïnvloedde geluid wordt onderbroken door de donkerbruine oktober herfsttinten van Autumn Afternoon. Het jaargetijde etaleert de wijsheid en ouderdom in de vergaanbaarheid van het leven. De nieuwe lente van het memorabele 1992 doorbreekt die verstikkende sluier en bewerkstelligt de definitieve opkomst van de gitaarrock. De geruite houthakkersblouse generatie met kapot gelopen legerkistjes, zichzelf verborgen houdend achter gezicht bedekkende beharing. The Lazy Revolution, zinloos toekijken hoe de decadente wereld opgeslokt wordt door een overwoekerend Twin Peaks landschap.
Daydream Three wroet in die modderige doorregende ondergrond, speurende naar de onderliggende schoonheid van het bestaan, de glazige leegte bestrijdend. Ver voorbij die kleverige zwarte zielenkern welke als een druiperige nicotinevlek de pijnlijke littekens markeert met aardedonkere gitaarakkoorden. The Lazy Revolution heeft een grimmige ondertoon. Een slopend feest van herkenning waar je noodgedwongen voortijdig de lichten moet doven. De eenzaamheid van verspilde warmte, uitzichtloos als kapot gesprongen lampen met een neerwaartse spiraal van zuinige verspeelde energie.
Daydream Three - The Lazy Revolution | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Rond de eeuwwisseling begint de uit Sicilië afkomstige Enzo Pepi zijn werkzaamheden als noise gitarist bij formaties als Twig Infection en het naar hem genoemde The Pepiband. In 2019 brengt hij als eenmansproject Daydream een gelijknamige plaat uit, nu gevolgd door The Lazy Revolution. De bandnaam is uiteraard een verwijzing naar de titel van het Sonic Youth album. Daydream is ondertussen uitgegroeid tot een waar gezelschap en heeft als toevoeging Three gekregen. Met Christian Cutrufo (Twig Infection) op bas en Vincenzo Arisco (Walmus Brothers) achter het drumstel mag je nu gerust spreken van een trio. Op muzikaal gebied ligt The Lazy Revolution sterk in het verlengde van de voorganger.
Achter de zware deprimerende emo sound verschuilt zich een zoektocht naar de kleine gelukzalige momenten in het leven. De starheid van het grijze regenachtige door Seattle beïnvloedde geluid wordt onderbroken door de donkerbruine oktober herfsttinten van Autumn Afternoon. Het jaargetijde etaleert de wijsheid en ouderdom in de vergaanbaarheid van het leven. De nieuwe lente van het memorabele 1992 doorbreekt die verstikkende sluier en bewerkstelligt de definitieve opkomst van de gitaarrock. De geruite houthakkersblouse generatie met kapot gelopen legerkistjes, zichzelf verborgen houdend achter gezicht bedekkende beharing. The Lazy Revolution, zinloos toekijken hoe de decadente wereld opgeslokt wordt door een overwoekerend Twin Peaks landschap.
Daydream Three wroet in die modderige doorregende ondergrond, speurende naar de onderliggende schoonheid van het bestaan, de glazige leegte bestrijdend. Ver voorbij die kleverige zwarte zielenkern welke als een druiperige nicotinevlek de pijnlijke littekens markeert met aardedonkere gitaarakkoorden. The Lazy Revolution heeft een grimmige ondertoon. Een slopend feest van herkenning waar je noodgedwongen voortijdig de lichten moet doven. De eenzaamheid van verspilde warmte, uitzichtloos als kapot gesprongen lampen met een neerwaartse spiraal van zuinige verspeelde energie.
Daydream Three - The Lazy Revolution | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Dayglow - People in Motion (2022)

3,0
0
geplaatst: 4 november 2022, 01:23 uur
Het muzikantenleven is een onuitputbaar creatief leerproces met alle speelruimte om jezelf op instrumenten uit te leven. Grappig dus dat een artiest als Sloan Struble zichzelf juist beter leert kennen als hij met het eenmansproject Dayglow aan de gang gaat. Dayglow is een optimistische naam, waarbij ikzelf aan fel verwarmend ochtendzonlicht moet denken. Dan straalt zijn eigen naam Sloan Struble zoveel meer mysterie uit, maar dat is zijn keuze. Laten we het zo stellen, de uit Texas afkomstige multi-instrumentalist smult zichtbaar van alles wat op zijn pad komt. Waarom in deze tijd een zwaarmoedige plaat maken als je ook weer van zoveel moois mag en kan genieten. Zijn derde plaat People In Motion bevecht de starheid van het bestaan. Na de stilstand is het moment aangebroken om weer in beweging te komen. Laten we weer gaan stappen, het verstand op nul, en dansen tot het ochtendgloren een einde aan de nacht maakt.
People In Motion is zijn zelfredzaamheidsdagboek waarbij het verslavende effect van muziekbeleving een grote rol speelt. Methodisch positief reflecterend elke dag met een glimlach opstarten. Niks Second Nature, dansen is juist een eerste levensbehoefte, we hebben die vrijheid nodig om te overleven. Sloan Struble heeft gewoon gelijk, hoe belangrijk is het om alles los te kunnen laten, dan komt de rest vanzelf wel. Radio staat symbool voor die verbondenheid van het gezamenlijk naar dezelfde programma’s luisteren. Vroeger waren er maar een paar zenders, en hadden we niks meer nodig. De files waren draagbaar doordat de ramen van de auto’s wijd geopend waren. We neurieden allemaal hetzelfde deuntje mee, luisterden allemaal naar dezelfde diskjockeys en hadden op de maandagochtend hetzelfde verhaal bij het koffiezetapparaat te vermelden. Saai? Vast wel, maar die tijd verbroederde ook gigantisch. Niet voor niets grijpt Dayglow terug naar het popgeluid uit de jaren tachtig. Veel pop, een beetje swingbeat en een hoog new wave gehalte. Alleen Turn Around wijkt met zijn gruizige gitaarakkoorden van dit principe af.
Wat blijft er over als je dit alles ontneemt? Then It All Goes Away is de leegte, maar vooral de alwetende onwetende How Do You Know? twijfel als niet alles vanzelfsprekend meer is. Dayglow als de afterglow, het vuur is gedoofd, herinneringen gloeien nog een beetje na om vervolgens als asresten vertrapt te worden. De tekstuele verbittering spoelen we met nietszeggende zorgeloosheid weg, daaronder zit de weggedrukte passie, het ontplooibare energielevel, het vlammetje dat maar niet meer dat ontbrandingspunt bereikt. Soms moet je tot het uiterste Deep End gaan om verder te komen. Tegen de stromingen in zwemmen, kopje ondergaan, en herboren terugslaan. Zo zit het leven in elkaar, tegenspoed leidt tot verrijking. De Stops Making Sense titel is een vette knipoog naar de onlogica van het logisch denken van Talking Heads voorman David Byrne. De complexiteit eenvoudig en begrijpend maken. Waarom moeilijk doen? Omdat gemakkelijk handelen zo voorspelbaar is.
De liedjes schrijven zichzelf en als ze eenmaal klaar zijn worden ze al snel een gemeenschappelijk goed. Het vormt de lichtgewicht postpunk basis van Someone Else, zo werkt het nou eenmaal. De een haalt er kracht uit, de ander verdriet, hoop of geluk. Een songwriter schenkt en vraagt er enkel luisterbeurten voor terug, in de wetenschap dat het financieel ook nog wat oplevert. Like She Does is de muzikale uitverkoop, uithongeren en jezelf goedkoop aanbieden. Muzikale uitbuiting en muzikale prostitutie, een kritisch protestliedje dat zich tegen de grote platenbazen richt, verpakt ik suikerrijke zoetigheid. Is het een zoektocht naar het licht? Schijnbaar wel. Het is typische Amerikaans om met een feel good American dream nummer te eindigen. Talking to Light past volledig in dit concept. Het is allemaal zo vanzelfsprekend, zo gewoontjes en normaal. Eigenlijk is People In Motion dat ook, te gewoontjes en te normaal, zonder uitschieters naar boven of naar onder. Eigenlijk moeten we dus niks meer verlangen, gewoon een lekkere plaat met herkenbare eighties invloeden. Je moet het alleen wel begrijpen en voor open staan.
Dayglow - People In Motion | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
People In Motion is zijn zelfredzaamheidsdagboek waarbij het verslavende effect van muziekbeleving een grote rol speelt. Methodisch positief reflecterend elke dag met een glimlach opstarten. Niks Second Nature, dansen is juist een eerste levensbehoefte, we hebben die vrijheid nodig om te overleven. Sloan Struble heeft gewoon gelijk, hoe belangrijk is het om alles los te kunnen laten, dan komt de rest vanzelf wel. Radio staat symbool voor die verbondenheid van het gezamenlijk naar dezelfde programma’s luisteren. Vroeger waren er maar een paar zenders, en hadden we niks meer nodig. De files waren draagbaar doordat de ramen van de auto’s wijd geopend waren. We neurieden allemaal hetzelfde deuntje mee, luisterden allemaal naar dezelfde diskjockeys en hadden op de maandagochtend hetzelfde verhaal bij het koffiezetapparaat te vermelden. Saai? Vast wel, maar die tijd verbroederde ook gigantisch. Niet voor niets grijpt Dayglow terug naar het popgeluid uit de jaren tachtig. Veel pop, een beetje swingbeat en een hoog new wave gehalte. Alleen Turn Around wijkt met zijn gruizige gitaarakkoorden van dit principe af.
Wat blijft er over als je dit alles ontneemt? Then It All Goes Away is de leegte, maar vooral de alwetende onwetende How Do You Know? twijfel als niet alles vanzelfsprekend meer is. Dayglow als de afterglow, het vuur is gedoofd, herinneringen gloeien nog een beetje na om vervolgens als asresten vertrapt te worden. De tekstuele verbittering spoelen we met nietszeggende zorgeloosheid weg, daaronder zit de weggedrukte passie, het ontplooibare energielevel, het vlammetje dat maar niet meer dat ontbrandingspunt bereikt. Soms moet je tot het uiterste Deep End gaan om verder te komen. Tegen de stromingen in zwemmen, kopje ondergaan, en herboren terugslaan. Zo zit het leven in elkaar, tegenspoed leidt tot verrijking. De Stops Making Sense titel is een vette knipoog naar de onlogica van het logisch denken van Talking Heads voorman David Byrne. De complexiteit eenvoudig en begrijpend maken. Waarom moeilijk doen? Omdat gemakkelijk handelen zo voorspelbaar is.
De liedjes schrijven zichzelf en als ze eenmaal klaar zijn worden ze al snel een gemeenschappelijk goed. Het vormt de lichtgewicht postpunk basis van Someone Else, zo werkt het nou eenmaal. De een haalt er kracht uit, de ander verdriet, hoop of geluk. Een songwriter schenkt en vraagt er enkel luisterbeurten voor terug, in de wetenschap dat het financieel ook nog wat oplevert. Like She Does is de muzikale uitverkoop, uithongeren en jezelf goedkoop aanbieden. Muzikale uitbuiting en muzikale prostitutie, een kritisch protestliedje dat zich tegen de grote platenbazen richt, verpakt ik suikerrijke zoetigheid. Is het een zoektocht naar het licht? Schijnbaar wel. Het is typische Amerikaans om met een feel good American dream nummer te eindigen. Talking to Light past volledig in dit concept. Het is allemaal zo vanzelfsprekend, zo gewoontjes en normaal. Eigenlijk is People In Motion dat ook, te gewoontjes en te normaal, zonder uitschieters naar boven of naar onder. Eigenlijk moeten we dus niks meer verlangen, gewoon een lekkere plaat met herkenbare eighties invloeden. Je moet het alleen wel begrijpen en voor open staan.
Dayglow - People In Motion | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
De Baron - BenBiri (2020)

3,5
1
geplaatst: 5 oktober 2020, 13:07 uur
Nederland is toe aan een nieuw eigenzinnig geluid, en het Utrechtse De Baron doet een gewaagde eerste gooi naar deze positie. Heerlijk als een band het aandurft om in de moerstaal te zingen, zeker als muzikaal juist de landelijke afbakening wordt getrotseerd. De Baron is net als de attractie in De Efteling een avontuurlijke trip, alleen hoef je hiervoor niet zo lang in de rij te staan, en is het moment van genieten mooi over twee plaatlengtes uitgesmeerd.
Het vinyl is alleen al een reden om Ben Biri aan te schaffen. Een prachtige door Douwe Dijksta geïllustreerde zeemeermin kijkt je als een betoverende serene aan. Gevalletje stoere zeemanstatoeage, om indruk mee te maken; geschetst in de ruwe branding. Vreemd genoeg heeft de band geen directe betrokkenheid met de zee, terwijl dit wel de eerste indruk is als je het artwork naast de tracks legt.
Deze Utrechtenaren kijken een stuk verder dan hun ankerplaats, met ruige verhalen over inheemse plekken, mythische figuren en veroorloofde ontdekkingsreizen. Geprikkelde specerijen en andere snuisterijen vormen de voedingsbodem waarin een tikkeltje Klezmer, een uitgeschoten dosis Balkan en een mespuntje Ska is toegevoegd, en die smeltkroes aan ingrediënten een pruttelende salsasoep vormt.
Rauw moet het klinken, zo puur mogelijk. Alle stadse elementen zijn tot een minimum teruggebracht. Ondanks de jeugdige leeftijd weerklinkt er voornamelijk ervarenheid. Niet vreemd overigens, deze jonge gasten werken al een paar jaar aan hun debuutplaat. Door flink wat werkplezier op te doen in het landelijke clubcircuit hebben ze mondjesmaat een positie opgebouwd waarmee nu genadeloos wordt toegeslagen.
De Baron laat van zich horen, en spreekt zijn volgelingen luidkeels toe. Door de blaasinstrumenten zo duister en bezwerend mogelijk te laten weerklinken wagen ze zich over de landsgrenzen. Zeker als daar de Oosterse percussie van gastmuzikant Steven Brezet een buikdans opwekkende swingende saus overheen giet.
Nacht is de aankondiging van een sprookje van Duizend-en-een-nacht, een volwassen slaapkamervertelling welke niet gericht is aan de jonge luisteraars. Een aangename kennismaking, al sturen de vocalisten Niek-Jan Lathouwers en Pascal van Hulst hiermee het vlaggenschip De Baron wel roekeloos hetzelfde vaarwater in als de grootmeesters van de Zaanse fanfarepunk. Het is ze vergeven, vat het gerust op als een mooi compliment en respectvol eerbetoon.
Koortsig wordt je op reis meegenomen in het met praatrap opgehitste Zee. De ultieme tocht naar het exotische oord van de vintage Bounty reclame. Prachtige dreigende exotica waarbij tekstueel speels geflirt wordt met licht erotische gedachtes. Het gezelschap laat de benauwende diepgang ademen door af te wisselen met feestende liederen, gebracht alsof ze al jaren tot het culturele erfgoed behoren.
Zo spoelen ze met Maar Jij als absorberend wrakhout aan in het bloeiende jaren twintig vintage Charleston tijdperk wat toen domineerde in de Verenigde Staten. Door er een stevige rockversnelling aan toe te voegen, heeft het net die eigenheid die het verdiend. Aangenaam hoe de zanger je hier als een leidende gastheer door de dans heen manoeuvreert, en daarin helemaal zichzelf durft te zijn.
De Amerikaanse invloeden zijn ook te herleiden bij het verstillende mondharmonicapartijen in het broeierige Botten en Haren, welke met zijn warme opbouw en mooi gedempte vocalen het hoogtepunt van Ben Biri vormt. Door zich zo openlijk in de wereldmuziek te plaatsen, drukken ze meer dan genoeg een eigen stempel op de songs. Een perfecte basis om verder vanuit op hongerig stropers pad te gaan. Hijs de zeilen, De Baron is in aantocht!
De Baron - BenBiri | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Het vinyl is alleen al een reden om Ben Biri aan te schaffen. Een prachtige door Douwe Dijksta geïllustreerde zeemeermin kijkt je als een betoverende serene aan. Gevalletje stoere zeemanstatoeage, om indruk mee te maken; geschetst in de ruwe branding. Vreemd genoeg heeft de band geen directe betrokkenheid met de zee, terwijl dit wel de eerste indruk is als je het artwork naast de tracks legt.
Deze Utrechtenaren kijken een stuk verder dan hun ankerplaats, met ruige verhalen over inheemse plekken, mythische figuren en veroorloofde ontdekkingsreizen. Geprikkelde specerijen en andere snuisterijen vormen de voedingsbodem waarin een tikkeltje Klezmer, een uitgeschoten dosis Balkan en een mespuntje Ska is toegevoegd, en die smeltkroes aan ingrediënten een pruttelende salsasoep vormt.
Rauw moet het klinken, zo puur mogelijk. Alle stadse elementen zijn tot een minimum teruggebracht. Ondanks de jeugdige leeftijd weerklinkt er voornamelijk ervarenheid. Niet vreemd overigens, deze jonge gasten werken al een paar jaar aan hun debuutplaat. Door flink wat werkplezier op te doen in het landelijke clubcircuit hebben ze mondjesmaat een positie opgebouwd waarmee nu genadeloos wordt toegeslagen.
De Baron laat van zich horen, en spreekt zijn volgelingen luidkeels toe. Door de blaasinstrumenten zo duister en bezwerend mogelijk te laten weerklinken wagen ze zich over de landsgrenzen. Zeker als daar de Oosterse percussie van gastmuzikant Steven Brezet een buikdans opwekkende swingende saus overheen giet.
Nacht is de aankondiging van een sprookje van Duizend-en-een-nacht, een volwassen slaapkamervertelling welke niet gericht is aan de jonge luisteraars. Een aangename kennismaking, al sturen de vocalisten Niek-Jan Lathouwers en Pascal van Hulst hiermee het vlaggenschip De Baron wel roekeloos hetzelfde vaarwater in als de grootmeesters van de Zaanse fanfarepunk. Het is ze vergeven, vat het gerust op als een mooi compliment en respectvol eerbetoon.
Koortsig wordt je op reis meegenomen in het met praatrap opgehitste Zee. De ultieme tocht naar het exotische oord van de vintage Bounty reclame. Prachtige dreigende exotica waarbij tekstueel speels geflirt wordt met licht erotische gedachtes. Het gezelschap laat de benauwende diepgang ademen door af te wisselen met feestende liederen, gebracht alsof ze al jaren tot het culturele erfgoed behoren.
Zo spoelen ze met Maar Jij als absorberend wrakhout aan in het bloeiende jaren twintig vintage Charleston tijdperk wat toen domineerde in de Verenigde Staten. Door er een stevige rockversnelling aan toe te voegen, heeft het net die eigenheid die het verdiend. Aangenaam hoe de zanger je hier als een leidende gastheer door de dans heen manoeuvreert, en daarin helemaal zichzelf durft te zijn.
De Amerikaanse invloeden zijn ook te herleiden bij het verstillende mondharmonicapartijen in het broeierige Botten en Haren, welke met zijn warme opbouw en mooi gedempte vocalen het hoogtepunt van Ben Biri vormt. Door zich zo openlijk in de wereldmuziek te plaatsen, drukken ze meer dan genoeg een eigen stempel op de songs. Een perfecte basis om verder vanuit op hongerig stropers pad te gaan. Hijs de zeilen, De Baron is in aantocht!
De Baron - BenBiri | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De Kift - Bal (2017)

4,0
0
geplaatst: 24 februari 2018, 13:37 uur
Hoor je bij het nieuwe album van De Kift nog wat terug van hun samenwerking met Rats On Rafts?
In eerste instantie denk ik van niet, maar het klinkt voor mijn gevoel weer net wat puntiger en sneller.
Opener Bal is strijdbaar, alsof een stel jonge honden met gebalde vuist en stenen klaar staan op de barricades.
Misschien zelfs wel meer jaren 80 dan Rats On Rafts.
Het roept het muffe, stinkende, drank vermengd met urine gevoel op van de kraakpanden uit andere tijden.
Toen idealisme nog door linkse populisten werd verwoord, en pamfletten nog illegaal in de late avonduren op school werden gedrukt; besmeurd met spreuken van activisten, met onderaan een aankondiging van de een of andere vage band.
Als je dit al bereikt in het eerste nummer, dan heb je dus mijn aandacht.
Verder blijft De Kift De Kift, hun huwelijk tussen punk en fanfare houdt al jaren stand, en de scheuren zijn nog niet zichtbaar.
Het verhalende is nog steeds sterk aanwezig, maar klinkt hier zelfs swingender, muzikaler zelfs.
Minder kleinkunstig en als een hoorspel, meer dan ooit is het een echte plaat, die ook zonder de voordracht in je achterhoofd, heerlijk weg luistert.
En hoe zullen ze dit live brengen?
Ik zal het vanavond samen met Bardt1980 ervaren.
In eerste instantie denk ik van niet, maar het klinkt voor mijn gevoel weer net wat puntiger en sneller.
Opener Bal is strijdbaar, alsof een stel jonge honden met gebalde vuist en stenen klaar staan op de barricades.
Misschien zelfs wel meer jaren 80 dan Rats On Rafts.
Het roept het muffe, stinkende, drank vermengd met urine gevoel op van de kraakpanden uit andere tijden.
Toen idealisme nog door linkse populisten werd verwoord, en pamfletten nog illegaal in de late avonduren op school werden gedrukt; besmeurd met spreuken van activisten, met onderaan een aankondiging van de een of andere vage band.
Als je dit al bereikt in het eerste nummer, dan heb je dus mijn aandacht.
Verder blijft De Kift De Kift, hun huwelijk tussen punk en fanfare houdt al jaren stand, en de scheuren zijn nog niet zichtbaar.
Het verhalende is nog steeds sterk aanwezig, maar klinkt hier zelfs swingender, muzikaler zelfs.
Minder kleinkunstig en als een hoorspel, meer dan ooit is het een echte plaat, die ook zonder de voordracht in je achterhoofd, heerlijk weg luistert.
En hoe zullen ze dit live brengen?
Ik zal het vanavond samen met Bardt1980 ervaren.
De Kift - Bidonville (2014)

3,5
0
geplaatst: 6 oktober 2015, 21:52 uur
Bidonville is voor mij een verslag van hoe het 25 jaar geleden begon.
Op de puinhopen van de punk lopen een paar verdwaalde fanfare muzikanten een kraakpand binnen.
De geur van pis, rattenkeutels en alles wat naar verrotting ruikt overheerst.
Sluit je aan bij deze alternatieve Bremer stadmuzikanten.
Samen zullen we Nederland rond zwerven.
Wetend dat er dagen bij zijn dat je amper genoeg verdiend voor een kale beschimmelde boterham.
Slapend in een lekkende schuur, drinkend van het regenwater wat naar beneden drupt.
De romantiek van de anarchie.
Schijt aan de wereld om je heen.
Idealisme is het toverwoord.
Toch moet ik tot de conclusie komen dat ik het allemaal al wel eens eerder heb gehoord.
De Kift begint zichzelf te herhalen.
Iets waar ze zich altijd tegen verzet hebben.
Maar zelfs De Kift valt voor het conservatisme.
Op de puinhopen van de punk lopen een paar verdwaalde fanfare muzikanten een kraakpand binnen.
De geur van pis, rattenkeutels en alles wat naar verrotting ruikt overheerst.
Sluit je aan bij deze alternatieve Bremer stadmuzikanten.
Samen zullen we Nederland rond zwerven.
Wetend dat er dagen bij zijn dat je amper genoeg verdiend voor een kale beschimmelde boterham.
Slapend in een lekkende schuur, drinkend van het regenwater wat naar beneden drupt.
De romantiek van de anarchie.
Schijt aan de wereld om je heen.
Idealisme is het toverwoord.
Toch moet ik tot de conclusie komen dat ik het allemaal al wel eens eerder heb gehoord.
De Kift begint zichzelf te herhalen.
Iets waar ze zich altijd tegen verzet hebben.
Maar zelfs De Kift valt voor het conservatisme.
De Kift - Brik (2011)

4,0
0
geplaatst: 14 maart 2011, 23:19 uur
Kift verlaat de krankzinnige stad.
Gevlucht over de landweg.
Rauwe geluiden voor landelijke sfeerbeelden.
Slide gitaar doet zijn intrede.
Americana elementen in het spel.
Zelfs oude blues is hoorbaar.
Beetje als de westerse Rowwen Heze.
Gedurfde andere aanpak.
Opzwepende klanken maken het geheel vrolijker.
Een vernieuwde Kift?
Nee, een verrijking van het geluid.
Hierdoor is de rol van de verhaallijnen meer naar de achtergrond verdwenen.
Je hebt door de muzikale aanpak al een ruimtelijke invulling.
Vanuit de plattelandswals naar de Caribische tango.
Het lijkt alsof ze de rust opgezocht hebben.
Schijn bedriegt.
Hoe verder het album vordert, hoe meer de koortsige kenmerkende sound weder keert.
Toch is het een gepolijster geheel.
Zonder dat het glad of gekunsteld klinkt.
Toegankelijker is het zeker.
Ideaal album om in te stappen.
De Kift is definitief volwassen geworden.
Al blijft het avontuurlijke sprookjesachtige aanwezig.
Gevlucht over de landweg.
Rauwe geluiden voor landelijke sfeerbeelden.
Slide gitaar doet zijn intrede.
Americana elementen in het spel.
Zelfs oude blues is hoorbaar.
Beetje als de westerse Rowwen Heze.
Gedurfde andere aanpak.
Opzwepende klanken maken het geheel vrolijker.
Een vernieuwde Kift?
Nee, een verrijking van het geluid.
Hierdoor is de rol van de verhaallijnen meer naar de achtergrond verdwenen.
Je hebt door de muzikale aanpak al een ruimtelijke invulling.
Vanuit de plattelandswals naar de Caribische tango.
Het lijkt alsof ze de rust opgezocht hebben.
Schijn bedriegt.
Hoe verder het album vordert, hoe meer de koortsige kenmerkende sound weder keert.
Toch is het een gepolijster geheel.
Zonder dat het glad of gekunsteld klinkt.
Toegankelijker is het zeker.
Ideaal album om in te stappen.
De Kift is definitief volwassen geworden.
Al blijft het avontuurlijke sprookjesachtige aanwezig.
De Kift - Hoofdkaas (2008)

4,0
1
geplaatst: 6 oktober 2020, 16:44 uur
In 2008 verschijnt de opvolger van 7. De artistieke creativiteit van De Kift levert weer een prachtig boekwerk op bij hun achtste album Hoofdkaas. Voor de liefhebbers met ruimtegebrek is er een mooi rood velours exemplaar. Wil je er net als bij de vorige albums een kunstwerk aan toevoegen, dan is er als kookboek een prachtig uitgewerkte editie te verkrijgen. De Kift is al een hele tijd het rommelige punkidealisme ontgroeid, en besteden steeds meer aandacht aan alle bijzaken van de presentatie die nog verder reikt dan de steeds verrassende vormgeving.
Terecht dat de band de nodige subsidie mag ontvangen. Als we het hebben over Nationaal Cultuurgoed, dan horen deze heren daar met hun eigenzinnige muziek zeker bij. Het geeft ze de mogelijkheid om de ideeën mooier uit te werken. Werd er bij Rolfie al de nodige aandacht besteed bij de clip, de artistieke video van Beguine kwam zelfs tot de voorselectie van Het Gouden Kalf. Ook bij de Mexicaanse variant hiervan werd deze heugelijk ontvangen. Deze stijlvolle samenwerking met Festina Lente Media en Douwe Dijkstra is de moeite waard om te bekijken.
Zo onverstoord chaotisch ze van start gaan in het vrijwel niet te volgen Knoeck, zo toegankelijk en afgewerkt laten ze de rest van Hoofdkaas op je af komen. Er is geen duidelijke verbintenis tussen de nummers, waardoor ze gezien kunnen worden als los van elkaar staande poëtische hoofdstukken. Het is dus allemaal een stuk losser en ontspannen. Thematisch komt het eten en drinken wel aan bod, maar het vormt niet het hoofdgerecht. Nieuwe gerechten ontstaan door alles wat er in huis voor handen is te mixen tot een smakelijk allegaartje.
Door het ontbreken van de samenhang loopt het net iets minder soepel. We zijn verwend door de hoorspelachtige verhaallijnen, en hier wordt er duidelijk gekozen voor een vernieuwende benadering. De live ervaring is dat de tracks zich gemakkelijker tussen het oudere werk laten plaatsen, waar voorheen in het theater lastiger af te wijken was van het strakke patroon van de vorige platen. Wim ter Weele ontwikkelt zich door zijn cabareteske voordrachten steeds meer tot een belangrijk podiumdier. Op de momenten dat Ferry Heijne tot adem probeert te komen gaat de aandacht naar hem toe. Zijn drang om alles aan te kleden zal in het vervolg zich nog meer ontwikkelen tot een bijna ontembare allesverslindende creatie.
Net zoals op de overige albums ligt met regelmaat de basis in klassieke dan wel Zuid-Amerikaanse dansstijlen wat helemaal naar typerende De Kift maatstaven gearrangeerd wordt. Het vervreemdende Eeuwige Bewonderaars valt met de gejaagde raceautogeluiden wat buiten de overige tracks. Die jazzy benadering komt meer tot zijn recht bij het trieste trompetspel van Portiek. Het accent op het gitaargerichte Heisa-ho ligt sterker in de rock, en minder in de punk. De blazersongs zijn nog grootser van opzet, zoals in het prachtige afsluitende titelnummer. Ze bewegen zich voort als een processie waar Ferry als een soort van geestelijke voorganger ceremonieus wordt ingezet om de aandacht op te eisen. Het gemeenschappelijke dorpse gevoel krijgt zijn vorm in volkse liederen, die zo in het straatbeeld van een eeuw eerder thuis horen. Natuurlijk komt dat door de traditionals die op De Kift passende wijze bewerkt worden.
Hoofdkaas is een minder kenmerkende De Kift plaat, waar ze wat zoekende lijken te zijn naar een verbreding van het geluid. Bij hun twintigjarige bestaan wordt stil gestaan bij de mogelijkheden om niet in herhaling te vallen. De vreugde spettert er van af, waardoor blijkt dat ze nog lang niet op elkaar uitgekeken zijn.
De Kift - Hoofdkaas | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Terecht dat de band de nodige subsidie mag ontvangen. Als we het hebben over Nationaal Cultuurgoed, dan horen deze heren daar met hun eigenzinnige muziek zeker bij. Het geeft ze de mogelijkheid om de ideeën mooier uit te werken. Werd er bij Rolfie al de nodige aandacht besteed bij de clip, de artistieke video van Beguine kwam zelfs tot de voorselectie van Het Gouden Kalf. Ook bij de Mexicaanse variant hiervan werd deze heugelijk ontvangen. Deze stijlvolle samenwerking met Festina Lente Media en Douwe Dijkstra is de moeite waard om te bekijken.
Zo onverstoord chaotisch ze van start gaan in het vrijwel niet te volgen Knoeck, zo toegankelijk en afgewerkt laten ze de rest van Hoofdkaas op je af komen. Er is geen duidelijke verbintenis tussen de nummers, waardoor ze gezien kunnen worden als los van elkaar staande poëtische hoofdstukken. Het is dus allemaal een stuk losser en ontspannen. Thematisch komt het eten en drinken wel aan bod, maar het vormt niet het hoofdgerecht. Nieuwe gerechten ontstaan door alles wat er in huis voor handen is te mixen tot een smakelijk allegaartje.
Door het ontbreken van de samenhang loopt het net iets minder soepel. We zijn verwend door de hoorspelachtige verhaallijnen, en hier wordt er duidelijk gekozen voor een vernieuwende benadering. De live ervaring is dat de tracks zich gemakkelijker tussen het oudere werk laten plaatsen, waar voorheen in het theater lastiger af te wijken was van het strakke patroon van de vorige platen. Wim ter Weele ontwikkelt zich door zijn cabareteske voordrachten steeds meer tot een belangrijk podiumdier. Op de momenten dat Ferry Heijne tot adem probeert te komen gaat de aandacht naar hem toe. Zijn drang om alles aan te kleden zal in het vervolg zich nog meer ontwikkelen tot een bijna ontembare allesverslindende creatie.
Net zoals op de overige albums ligt met regelmaat de basis in klassieke dan wel Zuid-Amerikaanse dansstijlen wat helemaal naar typerende De Kift maatstaven gearrangeerd wordt. Het vervreemdende Eeuwige Bewonderaars valt met de gejaagde raceautogeluiden wat buiten de overige tracks. Die jazzy benadering komt meer tot zijn recht bij het trieste trompetspel van Portiek. Het accent op het gitaargerichte Heisa-ho ligt sterker in de rock, en minder in de punk. De blazersongs zijn nog grootser van opzet, zoals in het prachtige afsluitende titelnummer. Ze bewegen zich voort als een processie waar Ferry als een soort van geestelijke voorganger ceremonieus wordt ingezet om de aandacht op te eisen. Het gemeenschappelijke dorpse gevoel krijgt zijn vorm in volkse liederen, die zo in het straatbeeld van een eeuw eerder thuis horen. Natuurlijk komt dat door de traditionals die op De Kift passende wijze bewerkt worden.
Hoofdkaas is een minder kenmerkende De Kift plaat, waar ze wat zoekende lijken te zijn naar een verbreding van het geluid. Bij hun twintigjarige bestaan wordt stil gestaan bij de mogelijkheden om niet in herhaling te vallen. De vreugde spettert er van af, waardoor blijkt dat ze nog lang niet op elkaar uitgekeken zijn.
De Kift - Hoofdkaas | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De Kift - Hoogriet (2020)

4,5
2
geplaatst: 3 augustus 2020, 15:47 uur
Ferry Heijne is een gevoelsdier, een energiek podiumbeest dat vol met passie en overgave de interactie opzoekt tussen De Kift en het trouwe publiek. Wat er buiten de optredens in hem omgaat hield hij voor lange tijd op uitzondering van zijn vrienden en familie verborgen.
Al in de indrukwekkende persoonlijke documentaire Water Wieg Me hoorden we een emotionele geraakte zanger praten over de zichtbare aftakeling door de ouderdom die langzaam als een ongewenste gast binnensluipt in het leven van Jan Heijne en hem totaal afhankelijk maakt van de behulpzame omgeving. Ook wordt van gepaste afstand de voormalige trompettist door de band luidkeels toegezongen als Corona het onmogelijk maakt om hem in het verzorgingshuis te bezoeken. Het is bijzonder om zo dichtbij het gezin Heijne te komen, een oprechte openheid die gedeeld wordt met heel Nederland. We zitten allemaal in datzelfde stuurloze bootje, ver verwijderd van de geliefde medemens.
De observerende verhalenverteller geeft zijn eigen invulling aan beminde schrijvers en legendarische poëten. Ook hier wordt weer flink in die schatkist van gedichten en boekwerken gegraven om tot Hoogriet te komen. Met een groot verschil, de relatie met zijn vader vormt schijnbaar onbewust de rode draad op de plaat. Dat de hechtheid van een goede vriendengroep nauw aansluit bij de band met de bloedverwanten bewijst wel de indrukwekkende lijst aan gastmuzikanten. Marc Koppen en Onno Kortland van Stuurbaard Bakkebaard als onverwoestbaar ritmisch slagschip en de Achterhoekse Bourgondiërs Rocco Ostermann en Wout Kemkens van Donnerwetter voor de onstuimige gitaarexplosies.
De vader die langs het water worstelt met de natuurlijke hindernissen volgt zijn ambitieuze zoon die in alle rust de rivieren in een stabiel vaartuig trotseert. Samen op weg naar het eindpunt de zee, de een sterk en zorgeloos, de ander onzeker en angstig. Hoogriet is de liefde van de onderlinge band tussen twee krachtige persoonlijkheden, waarbij de een geniet van de onbeperkte vrijheid, terwijl de ander gevangen zit in zijn eigen lichaam, en sinds een paar maanden ook tussen vier hoge muren. Hoe gepast is het om de release niet verder vooruit te schuiven. In alles is Hoogriet een album van deze tijd.
Al golvend op de rustgevende klanken van sleutelnummer Hoogriet dobber je de Zaanse omgeving af, waarbij de mannen en vrouwen van De Kift als gidsen je de juiste koers laten varen. Het is een onstuimige tocht die je laat leiden langs de onverteerbare nostalgische resten van punkhol Villa Zuid in Wormer en de plaatselijke fanfares, samengevat in onuitwisbare herinneringen. Die onweerstaanbare gejaagdheid van voorheen krijgt een orkestrale injectie in de bigbandpunk van Fantoom.
Ik Ken is een eenzame ontdekkingstocht naar de eigen persoonlijkheid. Vluchtig met wanhoop in de ogen jezelf herhalend overhoren als zelfbescherming, terwijl het geheugen als een door Noordzeewater aangetast zandkasteel steeds verder afbrokkelt. Verdrinken in verdringende gedachtes in de opzuigende draaikolk in Kolken. Zichzelf vastklampen aan het laatste stukje vastigheid om vervolgens in de beangstigende eeuwigdurende diepte te verdwijnen.
De feeststemming is regelmatig in neerslachtig mineur afgestemd, al nodigt ze nog steeds uit om te bewegen. Wilde ritmische regendansen vormen de basis in het met praatzang opgesierde Regen. Ook het van Water Wieg Me bekende Vla is uitgewerkt tot een sterk ophitsend gebeuren. Vernieuwend zijn de olifanten ska wals van Baragouine en het door de Britpop beïnvloede Feest van het hondsvot.
Een mooie vrouwenrol is al weggelegd in het gesproken Lievelingsboom, maar werkt naar een hoogtepunt toe in het prachtige in overvloedig alcohol doordrenkte duet Engelenkoor waar saxofonist Roos Janssens laat horen dat ze zich vocaal prima staande houdt naast een breekbare goudeerlijke Ferry Heijne, die vriend en vijand weet te ontroeren met een pure brok aan ouderwets kippenvel. Zo mooi en pakkend heeft hij nooit eerder geklonken. Het Hoogriet aan de horizon is niet het eindstation, maar een tijdelijk toevluchtsoord. De reis zal zich uiteindelijk weer vervolgen.
De Kift - Hoogriet | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Al in de indrukwekkende persoonlijke documentaire Water Wieg Me hoorden we een emotionele geraakte zanger praten over de zichtbare aftakeling door de ouderdom die langzaam als een ongewenste gast binnensluipt in het leven van Jan Heijne en hem totaal afhankelijk maakt van de behulpzame omgeving. Ook wordt van gepaste afstand de voormalige trompettist door de band luidkeels toegezongen als Corona het onmogelijk maakt om hem in het verzorgingshuis te bezoeken. Het is bijzonder om zo dichtbij het gezin Heijne te komen, een oprechte openheid die gedeeld wordt met heel Nederland. We zitten allemaal in datzelfde stuurloze bootje, ver verwijderd van de geliefde medemens.
De observerende verhalenverteller geeft zijn eigen invulling aan beminde schrijvers en legendarische poëten. Ook hier wordt weer flink in die schatkist van gedichten en boekwerken gegraven om tot Hoogriet te komen. Met een groot verschil, de relatie met zijn vader vormt schijnbaar onbewust de rode draad op de plaat. Dat de hechtheid van een goede vriendengroep nauw aansluit bij de band met de bloedverwanten bewijst wel de indrukwekkende lijst aan gastmuzikanten. Marc Koppen en Onno Kortland van Stuurbaard Bakkebaard als onverwoestbaar ritmisch slagschip en de Achterhoekse Bourgondiërs Rocco Ostermann en Wout Kemkens van Donnerwetter voor de onstuimige gitaarexplosies.
De vader die langs het water worstelt met de natuurlijke hindernissen volgt zijn ambitieuze zoon die in alle rust de rivieren in een stabiel vaartuig trotseert. Samen op weg naar het eindpunt de zee, de een sterk en zorgeloos, de ander onzeker en angstig. Hoogriet is de liefde van de onderlinge band tussen twee krachtige persoonlijkheden, waarbij de een geniet van de onbeperkte vrijheid, terwijl de ander gevangen zit in zijn eigen lichaam, en sinds een paar maanden ook tussen vier hoge muren. Hoe gepast is het om de release niet verder vooruit te schuiven. In alles is Hoogriet een album van deze tijd.
Al golvend op de rustgevende klanken van sleutelnummer Hoogriet dobber je de Zaanse omgeving af, waarbij de mannen en vrouwen van De Kift als gidsen je de juiste koers laten varen. Het is een onstuimige tocht die je laat leiden langs de onverteerbare nostalgische resten van punkhol Villa Zuid in Wormer en de plaatselijke fanfares, samengevat in onuitwisbare herinneringen. Die onweerstaanbare gejaagdheid van voorheen krijgt een orkestrale injectie in de bigbandpunk van Fantoom.
Ik Ken is een eenzame ontdekkingstocht naar de eigen persoonlijkheid. Vluchtig met wanhoop in de ogen jezelf herhalend overhoren als zelfbescherming, terwijl het geheugen als een door Noordzeewater aangetast zandkasteel steeds verder afbrokkelt. Verdrinken in verdringende gedachtes in de opzuigende draaikolk in Kolken. Zichzelf vastklampen aan het laatste stukje vastigheid om vervolgens in de beangstigende eeuwigdurende diepte te verdwijnen.
De feeststemming is regelmatig in neerslachtig mineur afgestemd, al nodigt ze nog steeds uit om te bewegen. Wilde ritmische regendansen vormen de basis in het met praatzang opgesierde Regen. Ook het van Water Wieg Me bekende Vla is uitgewerkt tot een sterk ophitsend gebeuren. Vernieuwend zijn de olifanten ska wals van Baragouine en het door de Britpop beïnvloede Feest van het hondsvot.
Een mooie vrouwenrol is al weggelegd in het gesproken Lievelingsboom, maar werkt naar een hoogtepunt toe in het prachtige in overvloedig alcohol doordrenkte duet Engelenkoor waar saxofonist Roos Janssens laat horen dat ze zich vocaal prima staande houdt naast een breekbare goudeerlijke Ferry Heijne, die vriend en vijand weet te ontroeren met een pure brok aan ouderwets kippenvel. Zo mooi en pakkend heeft hij nooit eerder geklonken. Het Hoogriet aan de horizon is niet het eindstation, maar een tijdelijk toevluchtsoord. De reis zal zich uiteindelijk weer vervolgen.
De Kift - Hoogriet | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De Kift - Koper (2001)

4,0
2
geplaatst: 25 augustus 2020, 01:38 uur
Als De Kift in september 2001 alweer 12,5 jaar actief is, willen ze dit feit memorabel vieren. Ze kiezen hierbij niet voor de gemakkelijkste weg door een verzamelaar uit te brengen. Het vijfde album Koper staat uiteraard voor het koperen huwelijk in groepsverband, maar kan ook gezien worden als een ode aan de koperen muziekinstrumenten. De blazers nemen een steeds prominentere rol op zich, en zijn min of meer hun handelskenmerk geworden.
Ook nu weten ze het publiek te verrassen met een ludieke actie. Aansluitend op de verzamelkoorts van voetbalplaatjes krijg je bij de cd een plaatjesboek met plakplaatjes. Om het boek compleet te krijgen kun je zakjes kopen met de overige afbeeldingen. Internet begint een steeds grotere rol te spelen, en online wordt er dan ook gehandeld in de afbeeldingen. De band met het punkverleden blijft sterk aanwezig. Jos Kley, die de zang verzorgt bij The Ex, is mede verantwoordelijk voor de illustraties. Ook keyboardspeler Frank van den Bos is na een afwezigheid van drie jaar weer terug bij het gezelschap.
Koper is een passend vervolg op Vlaskoorts. Met prachtige ontspannen dansbare songs die de plaat introduceren ontstaat de illusie dat het daadwerkelijk een feestplaat geworden is voor in de zwoele zomerzon. Dat publieksliefhebber Nauwe Mijter zo hoog in De Kift Top 30 is geëindigd is niet zo vreemd. Met lawaaierige blikken percussie word je enthousiast door elkaar geschud om het verslag van deze hechte vriendengroep te vervolgen.
Nog steeds heeft het verhalende iets sprookjesachtigs in zich, al ligt de nadruk steeds meer op kant en klare liedjes. Het hoorspelachtige karakter is meer verdrongen en heeft plaatsgemaakt voor meer traditionele volksmuziek. Door de mystiek doet het denken aan verloren gegane sages en legendes van een eeuw eerder die hier opnieuw worden uitgevoerd. Dit vat De Kift het beste samen; hoe muziek zich ook zal blijven ontwikkelen, ze weten het begrip tijdloze muziek een vernieuwende definitie te geven.
Werd de inspiratie op de vorige drie platen al meer gezocht in de Oost-Europese, en voornamelijk Russische literatuur, nu komt daar steeds meer ook de culturele omlijsting uit die landen bij kijken. Dit allemaal met volle overtuiging gebracht. Het warme De Molenaar roept niet voor niks beelden op van eindeloze stranden en doorzichtige blauwe zeeën. De basis hiervoor is een van oudsher Griekse compositie, in passend maatpak gesneden door de mannen van De Kift. Ook Tabee, wat een bewerking is van werk van reggae-artiest John Holt laat een breder georiënteerde band horen.
Er wordt geproost op het leven, genoten van de muzikale specerijen. Na het plechtige opgeleukte begin wordt er in de hoekjes van de zaal al op de achtergrond geroddeld. Hoe meer drank er vloeit, des te luidruchtiger de gedachtegang. Ferry Heijne deelt als observator zijn gemeende kronkelende gedachten. Zijn teksten lijken zich vooral in zijn hoofd af te spelen, om niet gemeenschappelijk geopenbaard te worden. De zwarte kant van het bestaan blijft aanwezig. Het is een trieste vrolijkheid, de lach en de traan, vooral veel tranen.
Bij het wrange Ceremoniemeester wordt de hoofdspreker aangemoedigd door veelal vrouwelijke gasten, die als een dameskoor tegengas geven. Steeds verder raakt hij van het pad, de voorbereide speech is vervaagd door gemorste drank, waardoor boosaardig improvisatie de sfeer omslaat van vriendelijk en gemoedelijk tot drukkend en sinister. Als buitenstaander maak je langzaamaan kennis met de karakters van Koper, en steeds meer verlang je om voortijdig deze op papier heugelijke avond te verlaten. De dreiging leid tot opgekropte waanzin, die zich in Vorstin tot een luguber hoogtepunt ontwikkelt.
De stiltes die volgen worden alleen maar onderbroken door dolgedraaide percussie. Blazers staan hun plaats af aan de terug kerende Frank van den Bos die met zijn pianospel nogmaals benadrukt dat deze kracht eigenlijk niet gemist kan worden. Door het contrast met het begin mag Koper overduidelijk gezien worden als de meest donkere plaat van De Kift. Wat een uitnodigende viering van het jubileum had moeten worden, ontaard in een gigantische puinhoop. Precies zoals deze band het gewild heeft.
De Kift - Koper | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Ook nu weten ze het publiek te verrassen met een ludieke actie. Aansluitend op de verzamelkoorts van voetbalplaatjes krijg je bij de cd een plaatjesboek met plakplaatjes. Om het boek compleet te krijgen kun je zakjes kopen met de overige afbeeldingen. Internet begint een steeds grotere rol te spelen, en online wordt er dan ook gehandeld in de afbeeldingen. De band met het punkverleden blijft sterk aanwezig. Jos Kley, die de zang verzorgt bij The Ex, is mede verantwoordelijk voor de illustraties. Ook keyboardspeler Frank van den Bos is na een afwezigheid van drie jaar weer terug bij het gezelschap.
Koper is een passend vervolg op Vlaskoorts. Met prachtige ontspannen dansbare songs die de plaat introduceren ontstaat de illusie dat het daadwerkelijk een feestplaat geworden is voor in de zwoele zomerzon. Dat publieksliefhebber Nauwe Mijter zo hoog in De Kift Top 30 is geëindigd is niet zo vreemd. Met lawaaierige blikken percussie word je enthousiast door elkaar geschud om het verslag van deze hechte vriendengroep te vervolgen.
Nog steeds heeft het verhalende iets sprookjesachtigs in zich, al ligt de nadruk steeds meer op kant en klare liedjes. Het hoorspelachtige karakter is meer verdrongen en heeft plaatsgemaakt voor meer traditionele volksmuziek. Door de mystiek doet het denken aan verloren gegane sages en legendes van een eeuw eerder die hier opnieuw worden uitgevoerd. Dit vat De Kift het beste samen; hoe muziek zich ook zal blijven ontwikkelen, ze weten het begrip tijdloze muziek een vernieuwende definitie te geven.
Werd de inspiratie op de vorige drie platen al meer gezocht in de Oost-Europese, en voornamelijk Russische literatuur, nu komt daar steeds meer ook de culturele omlijsting uit die landen bij kijken. Dit allemaal met volle overtuiging gebracht. Het warme De Molenaar roept niet voor niks beelden op van eindeloze stranden en doorzichtige blauwe zeeën. De basis hiervoor is een van oudsher Griekse compositie, in passend maatpak gesneden door de mannen van De Kift. Ook Tabee, wat een bewerking is van werk van reggae-artiest John Holt laat een breder georiënteerde band horen.
Er wordt geproost op het leven, genoten van de muzikale specerijen. Na het plechtige opgeleukte begin wordt er in de hoekjes van de zaal al op de achtergrond geroddeld. Hoe meer drank er vloeit, des te luidruchtiger de gedachtegang. Ferry Heijne deelt als observator zijn gemeende kronkelende gedachten. Zijn teksten lijken zich vooral in zijn hoofd af te spelen, om niet gemeenschappelijk geopenbaard te worden. De zwarte kant van het bestaan blijft aanwezig. Het is een trieste vrolijkheid, de lach en de traan, vooral veel tranen.
Bij het wrange Ceremoniemeester wordt de hoofdspreker aangemoedigd door veelal vrouwelijke gasten, die als een dameskoor tegengas geven. Steeds verder raakt hij van het pad, de voorbereide speech is vervaagd door gemorste drank, waardoor boosaardig improvisatie de sfeer omslaat van vriendelijk en gemoedelijk tot drukkend en sinister. Als buitenstaander maak je langzaamaan kennis met de karakters van Koper, en steeds meer verlang je om voortijdig deze op papier heugelijke avond te verlaten. De dreiging leid tot opgekropte waanzin, die zich in Vorstin tot een luguber hoogtepunt ontwikkelt.
De stiltes die volgen worden alleen maar onderbroken door dolgedraaide percussie. Blazers staan hun plaats af aan de terug kerende Frank van den Bos die met zijn pianospel nogmaals benadrukt dat deze kracht eigenlijk niet gemist kan worden. Door het contrast met het begin mag Koper overduidelijk gezien worden als de meest donkere plaat van De Kift. Wat een uitnodigende viering van het jubileum had moeten worden, ontaard in een gigantische puinhoop. Precies zoals deze band het gewild heeft.
De Kift - Koper | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De Kift - Krankenhaus (1993)

4,0
0
geplaatst: 23 juni 2010, 22:16 uur
Krankenhaus.
Het gekkenhuis van De Kift.
Soldaten in een legerziekenhuis.
Stinkende pestslachtoffers.
Etterende wonden en het risico tot uitbreiding.
Epidemie die zich verspreid als een zieke leugen.
Binnen een dag het hele dorp rond.
Verhalen die de waarheid verdraaien.
Alcohol en koorts leiden tot een delirium.
Op de grens van leven en dood.
Drank tegen de pijn.
Het enige medicijn om te overleven.
Verdwalende demente leger officieren.
De weg helemaal kwijt.
Verantwoordelijk voor het handelen van onderdanen.
Het Amerika van Ronald Reagan in het klein.
Plaatsgevonden in een ander tijdsbeeld.
Stervensproces onbewust mee maken.
Niet wetend dat de ziel al dagen dolende is.
Lichamen in slagvelden achter gelaten.
Gesneuveld door totale waanzin.
De albums van De Kift zijn hoorspelen.
Met de hele familie rond de radio.
Je waant je in een andere tijd.
Opeens sta je tussen het zwetende, smerige volk.
Verziekt door het eten van vlees.
Dat vergiftigend zichzelf voortplant.
Het vieze rioolwater.
Waarin gebaden en gescheten wordt
Een tijdmachine die je heen en weer slingert.
Fanfare en punkgitaar.
Orde en chaos.
Zang en geschreeuw.
Alles is mogelijk.
Onwaarschijnlijk harmonisch geheel.
Live altijd indrukwekkend.
Het gekkenhuis van De Kift.
Soldaten in een legerziekenhuis.
Stinkende pestslachtoffers.
Etterende wonden en het risico tot uitbreiding.
Epidemie die zich verspreid als een zieke leugen.
Binnen een dag het hele dorp rond.
Verhalen die de waarheid verdraaien.
Alcohol en koorts leiden tot een delirium.
Op de grens van leven en dood.
Drank tegen de pijn.
Het enige medicijn om te overleven.
Verdwalende demente leger officieren.
De weg helemaal kwijt.
Verantwoordelijk voor het handelen van onderdanen.
Het Amerika van Ronald Reagan in het klein.
Plaatsgevonden in een ander tijdsbeeld.
Stervensproces onbewust mee maken.
Niet wetend dat de ziel al dagen dolende is.
Lichamen in slagvelden achter gelaten.
Gesneuveld door totale waanzin.
De albums van De Kift zijn hoorspelen.
Met de hele familie rond de radio.
Je waant je in een andere tijd.
Opeens sta je tussen het zwetende, smerige volk.
Verziekt door het eten van vlees.
Dat vergiftigend zichzelf voortplant.
Het vieze rioolwater.
Waarin gebaden en gescheten wordt
Een tijdmachine die je heen en weer slingert.
Fanfare en punkgitaar.
Orde en chaos.
Zang en geschreeuw.
Alles is mogelijk.
Onwaarschijnlijk harmonisch geheel.
Live altijd indrukwekkend.
De Kift - Vlaskoorts (1999)

4,0
0
geplaatst: 14 maart 2011, 23:22 uur
Mijn eerste kennismaking met De Kift was het nummer De Maan.
Staande op het als sigarenkistje uitgebrachte Krankenhaus.
Deze eerste liefde is nooit overtroffen.
Al ben ik ze altijd blijven volgen.
De zang doet me sterk denken aan die van Andre Manuel.
Liefhebbers van deze sound moeten De Kraaien van hem eens beluisteren.
Vanaf de eerste tonen van Almanak heb ik het beeld van een dorpsomroeper voor me.
Iemand die op een groot plein het plaatselijke nieuws verkondigd.
Geboortes, huwelijken, sterfte door de pest.
Maar de pest is toch niet meer van deze tijd?
Wanen we ons in de middeleeuwen?
Dat gevoel krijg ik wel.
Op andere albums van De Kift is het punkgitaartje meer op de voorgrond.
Waardoor het gevoel van de krakerbeweging van begin jaren 80 opsteekt.
Nu is het puur een sfeergevend element.
Prima passend in het gecreëerde tijdsbeeld van vroeger.
Alsof het een eeuwenoud instrument is.
Ondanks het mooie verhalende effect van Vlaskoorts is dat tevens het grootste gemis.
Weg is de anarchie van voorheen.
Bijtende scherpe klanken die in je ziel kerven.
Maken plaats voor een in hout gesneden liefdesverklaring.
Romantiek in plaats van krankzinnigheid.
Verhalend past het zeker in de lijn van Krankenhaus.
Al had die een sterker effect als meeslepend hoorspel.
Onder het luisteren is er ruimte voor huishoudelijke karweitjes.
Natuurlijk blijven we een band als De Kift koesteren.
Ze zijn uniek in hun benadering.
Achtergrondmuziek bij een spannend ongeschreven theaterstuk.
Wachtend in het achterste van iemands brein.
Wachtend om geopenbaard te worden.
Staande op het als sigarenkistje uitgebrachte Krankenhaus.
Deze eerste liefde is nooit overtroffen.
Al ben ik ze altijd blijven volgen.
De zang doet me sterk denken aan die van Andre Manuel.
Liefhebbers van deze sound moeten De Kraaien van hem eens beluisteren.
Vanaf de eerste tonen van Almanak heb ik het beeld van een dorpsomroeper voor me.
Iemand die op een groot plein het plaatselijke nieuws verkondigd.
Geboortes, huwelijken, sterfte door de pest.
Maar de pest is toch niet meer van deze tijd?
Wanen we ons in de middeleeuwen?
Dat gevoel krijg ik wel.
Op andere albums van De Kift is het punkgitaartje meer op de voorgrond.
Waardoor het gevoel van de krakerbeweging van begin jaren 80 opsteekt.
Nu is het puur een sfeergevend element.
Prima passend in het gecreëerde tijdsbeeld van vroeger.
Alsof het een eeuwenoud instrument is.
Ondanks het mooie verhalende effect van Vlaskoorts is dat tevens het grootste gemis.
Weg is de anarchie van voorheen.
Bijtende scherpe klanken die in je ziel kerven.
Maken plaats voor een in hout gesneden liefdesverklaring.
Romantiek in plaats van krankzinnigheid.
Verhalend past het zeker in de lijn van Krankenhaus.
Al had die een sterker effect als meeslepend hoorspel.
Onder het luisteren is er ruimte voor huishoudelijke karweitjes.
Natuurlijk blijven we een band als De Kift koesteren.
Ze zijn uniek in hun benadering.
Achtergrondmuziek bij een spannend ongeschreven theaterstuk.
Wachtend in het achterste van iemands brein.
Wachtend om geopenbaard te worden.
De Kift - Yverzucht (1989)

4,0
1
geplaatst: 6 oktober 2020, 17:16 uur
De Kift rammelt in eerste instantie voort met een sterk anarchopunkgeluid, dat beïnvloed is door de vaandeldragers The Ex, Balthasar Gerards Kommando en Svätsox. Die laatste band heeft tevens later boegbeeld Ferry Heijne in de gelederen. Vanuit de gekraakte voormalige directeurswoning van een papierfabriek in Wormer, Villa Zuid, broeien leden van The Ex en Svätsox op hun creatieve uitwerpselen waarmee ze het jonge anarchistische publiek hopen te besmetten tot uiting van onvrede tegen de kapitalistische maatschappij en hen toe zetten tot daden. Nadat The Ex zich steeds meer ging richten op de hoofdstad Amsterdam, blijft Ferry Heijne trouw aan zijn Zaanse geboortegrond. In 1987 richt hij De Kift op, waarvan twee jaar later het rauwe Yverzucht verschijnt.
Met de van Rondos en The Ex afkomstige creatief kunstenaar Wim ter Weele en zijn kenmerkende dravende drumspel, schreeuwlelijkerd Maarten Oudshoorn die zijn teksten over het publiek heen spuugt en de strak over de bassnaren heen wandelende Jacco Butter vormen ze de basiseenheid. Ferry richt zich voornamelijk nog op het gitaarspel. Sporadisch haalt hij de trompet te voorschijn en eist nog niet de rol van theatrale frontman op. Nog voordat het debuut het licht ziet brengen ze een jaar eerder een single uit die hun bandnaam draagt. Alleen Nat & Stinkend Stroo zal de release van Yverzucht halen. De Dag en Haat vallen uiteindelijk af. Nat & Stinkend Stroo is nog echt een klassieke punksong, met het schelle gitaargeluid en dreigende opzwepende drums. Maarten Oudshoorn bewijst een bovengemiddelde punkzanger te zijn, waarbij de logica in de voordracht duidelijk terug te horen is. De Kift wil verstaanbaar de boodschap overbrengen; iets waar ze gedurende hun carrière standvastig achter blijven staan. Al zal het in het vervolg een minder negatief beeld schetsen, de teksten op Yverzucht sluiten perfect aan op de idealen van de anarchistische beweging, gericht tegen de decadente teleurgang van het Westen, met licht communistische verwijzingen.
Code het alfabet ramt er hard op los. Hier wordt de ruimte al ingevuld door de later oh zo belangrijke blazers. Hier zijn ze actief als verlengstuk van de punk. Swingend weten ze net als bij de skabeweging een extra dimensie aan toe te voegen maar de band is nog een flinke stap verwijderd van het latere fanfaregeluid. Het zaadje is geplant, en het ontkiemingsproces wordt in gang gezet. De onstuitbare energie vormt het belangrijkste terugkerende basiselement. Het tegenstrijdige geklooi in Vlijt is de voorbode van wat er nog zal volgen. Met Staal op staal hoor je voor de eerste keer de latere richting duidelijk terug. Een herhalende groove van drum en bas met daaroverheen al de fanfareklanken en krassend gitaarspel van Ferry Heijne. Doordat hij zich nog niet op de zang hoeft te concentreren krijgt hij alle ruimte om zijn muzikale verleden te laten horen.
De vervolgens totaal uit het zicht verdwenen Jacco Butter mag met zijn trillende basloopje Blind naar zich toe trekken. Het enigszins ontstemde gitaargeweld mag hierbij tegengas geven. De gemeende boosheid van de zanger krijgt vorm in zijn krachtige uithalen. Sokke met gaten is vervreemdend, met op de achtergrond het krolse aanwezige blaaswerk als gapende, vervelende toeschouwers. De muzikale pamfletten die Dwars bewoorden gaan ondersteund door de psychobilly weer terug naar de oerkern van het punkverleden. Ook het rammelende snelle Ademnood ligt geheel in de verlenging van de voorganger, met vurige verlangens naar eerdere punkidealen waar zware legerkistjes in een-twee-drie tempo het ritme aangeven.
Bokke ze neer is waarschijnlijk wel de bekendste track van Yverzucht. Met duistere fanfareklanken van een orkest dat voor de duivel lijkt te spelen is dit de absolute voorbode van het latere zo kenmerkende geluid. Alsof er na de ochtendmis flink wordt doorgezakt in de plaatselijke kroeg om vervolgens grimmig aan de wekelijkse verplichtingen te voldoen. Een huilende trompet begeleidt het zootje ongeregeld naar de rand van de afgrond. Wat moet er door de hoofden van de bandleden heen zijn gegaan toen ze het nummer voltooid hadden? Hebben ze het besef gehad dat dit een bloeiende periode van alweer dertig jaar oplevert? De totale gekte van de Hollandsche salsa in Adrenaline overdosis laat de onverschillige schijt aan de wereld mentaliteit nogmaals horen. Hiermee laat De Kift horen dat in het koude Nederland ook exotische nummers gemaakt kunnen worden, lomp, snel en eerlijk.
Met (Hartstikke) gek wordt vanuit akoestische gejam naar overspannen gefreak toegewerkt. Opvallend zijn hier de geschoolde blazers die gearrangeerd een vet tussenstuk verzorgen. Met een heuse tornado aan percussie-instrumenten waait De passie van de slager tegen alle windrichtingen in. Boven deze oorverdovende explosies ratelt Maarten Oudshoorn in volle vertrouwen door met zijn gemeende voordracht terwijl slager Wim ter Weele hem alle hoeken van de studio laat zien. Het griezelige intro van (Hou je) oren (open) overstijgt het punkverleden. Doordreunende baspartijen krijgen ondersteuning van gitaar en blazers, werkend tot aan een spannende climax. Dit korte hoorspel is een treffend eindstuk van de plaat. Yverzucht is vanwege het zoekende karakter misschien wel de meest veelzijdigste plaat van De Kift, al klinkt deze ook het meest gedateerd. De noodgedwongen groei die ze ondergaan na het wegvallen van de leadzanger zal hun kenmerkende sound tot gevolg hebben.
De Kift - Yverzucht | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Met de van Rondos en The Ex afkomstige creatief kunstenaar Wim ter Weele en zijn kenmerkende dravende drumspel, schreeuwlelijkerd Maarten Oudshoorn die zijn teksten over het publiek heen spuugt en de strak over de bassnaren heen wandelende Jacco Butter vormen ze de basiseenheid. Ferry richt zich voornamelijk nog op het gitaarspel. Sporadisch haalt hij de trompet te voorschijn en eist nog niet de rol van theatrale frontman op. Nog voordat het debuut het licht ziet brengen ze een jaar eerder een single uit die hun bandnaam draagt. Alleen Nat & Stinkend Stroo zal de release van Yverzucht halen. De Dag en Haat vallen uiteindelijk af. Nat & Stinkend Stroo is nog echt een klassieke punksong, met het schelle gitaargeluid en dreigende opzwepende drums. Maarten Oudshoorn bewijst een bovengemiddelde punkzanger te zijn, waarbij de logica in de voordracht duidelijk terug te horen is. De Kift wil verstaanbaar de boodschap overbrengen; iets waar ze gedurende hun carrière standvastig achter blijven staan. Al zal het in het vervolg een minder negatief beeld schetsen, de teksten op Yverzucht sluiten perfect aan op de idealen van de anarchistische beweging, gericht tegen de decadente teleurgang van het Westen, met licht communistische verwijzingen.
Code het alfabet ramt er hard op los. Hier wordt de ruimte al ingevuld door de later oh zo belangrijke blazers. Hier zijn ze actief als verlengstuk van de punk. Swingend weten ze net als bij de skabeweging een extra dimensie aan toe te voegen maar de band is nog een flinke stap verwijderd van het latere fanfaregeluid. Het zaadje is geplant, en het ontkiemingsproces wordt in gang gezet. De onstuitbare energie vormt het belangrijkste terugkerende basiselement. Het tegenstrijdige geklooi in Vlijt is de voorbode van wat er nog zal volgen. Met Staal op staal hoor je voor de eerste keer de latere richting duidelijk terug. Een herhalende groove van drum en bas met daaroverheen al de fanfareklanken en krassend gitaarspel van Ferry Heijne. Doordat hij zich nog niet op de zang hoeft te concentreren krijgt hij alle ruimte om zijn muzikale verleden te laten horen.
De vervolgens totaal uit het zicht verdwenen Jacco Butter mag met zijn trillende basloopje Blind naar zich toe trekken. Het enigszins ontstemde gitaargeweld mag hierbij tegengas geven. De gemeende boosheid van de zanger krijgt vorm in zijn krachtige uithalen. Sokke met gaten is vervreemdend, met op de achtergrond het krolse aanwezige blaaswerk als gapende, vervelende toeschouwers. De muzikale pamfletten die Dwars bewoorden gaan ondersteund door de psychobilly weer terug naar de oerkern van het punkverleden. Ook het rammelende snelle Ademnood ligt geheel in de verlenging van de voorganger, met vurige verlangens naar eerdere punkidealen waar zware legerkistjes in een-twee-drie tempo het ritme aangeven.
Bokke ze neer is waarschijnlijk wel de bekendste track van Yverzucht. Met duistere fanfareklanken van een orkest dat voor de duivel lijkt te spelen is dit de absolute voorbode van het latere zo kenmerkende geluid. Alsof er na de ochtendmis flink wordt doorgezakt in de plaatselijke kroeg om vervolgens grimmig aan de wekelijkse verplichtingen te voldoen. Een huilende trompet begeleidt het zootje ongeregeld naar de rand van de afgrond. Wat moet er door de hoofden van de bandleden heen zijn gegaan toen ze het nummer voltooid hadden? Hebben ze het besef gehad dat dit een bloeiende periode van alweer dertig jaar oplevert? De totale gekte van de Hollandsche salsa in Adrenaline overdosis laat de onverschillige schijt aan de wereld mentaliteit nogmaals horen. Hiermee laat De Kift horen dat in het koude Nederland ook exotische nummers gemaakt kunnen worden, lomp, snel en eerlijk.
Met (Hartstikke) gek wordt vanuit akoestische gejam naar overspannen gefreak toegewerkt. Opvallend zijn hier de geschoolde blazers die gearrangeerd een vet tussenstuk verzorgen. Met een heuse tornado aan percussie-instrumenten waait De passie van de slager tegen alle windrichtingen in. Boven deze oorverdovende explosies ratelt Maarten Oudshoorn in volle vertrouwen door met zijn gemeende voordracht terwijl slager Wim ter Weele hem alle hoeken van de studio laat zien. Het griezelige intro van (Hou je) oren (open) overstijgt het punkverleden. Doordreunende baspartijen krijgen ondersteuning van gitaar en blazers, werkend tot aan een spannende climax. Dit korte hoorspel is een treffend eindstuk van de plaat. Yverzucht is vanwege het zoekende karakter misschien wel de meest veelzijdigste plaat van De Kift, al klinkt deze ook het meest gedateerd. De noodgedwongen groei die ze ondergaan na het wegvallen van de leadzanger zal hun kenmerkende sound tot gevolg hebben.
De Kift - Yverzucht | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De Marion - Down the Road of Mainstream I Saw You, Canzone (2019)

3,0
0
geplaatst: 6 oktober 2020, 16:20 uur
Met een heerlijk gevoel van tegendraadsheid weet De Marion zich te onderscheiden van het suffige karakter van de nieuwe singer-songwriter generatie. Het veredelde solo project van Dario Serra schuurt en stuwt van alle kanten en gooit er de nodige experimenteerdrift tussen waarmee deze Italiaan een totaal eigen geluid laat horen. Nou ja, eigen? Door de inmenging van alleskunner Danilo Garro is het duidelijk een duo project. Hij volgt met zijn sferisch geklooi van afwijkende keyboardklanken en passende beats.
Hier staat een brok aan ervaring, beide muzikanten zijn al ruim twintig jaar actief in het wereldje. Vanuit Sicilië weet Danilo Garro met zijn collega rockers van Mashrooms al vier platen lang indruk te maken met een stevige instrumentale aanpak. Net zo chaotisch, maar met de volumeknop op een meer gangbare stand ingesteld laat Dario Serra van zich horen met zijn band Suzanne’Silver. Met dezelfde geboortegrond als basis, is het eenvoudig voor te stellen dat deze in elkaars vaarwater opererende groepen elkaar regelmatig treffen.
De Marion is wat minder dynamisch, het tweetal weet een ingetogener geluid neer te zetten. Met die afwijkende aanpak past Down the Road of Mainstream I Saw You, Canzone tussen de thuis knutsel projecten die zich vanaf de jaren negentig onder de noemer lo-fi rock aan de man gebracht werden. Zonder druk van buitenaf een beetje heen rommelen, waarbij kant en klaar songs worden afgewisseld met onaffe probeerseltjes. Er wordt hierdoor een ongedwongen sfeer geschept waarin alles mogelijk lijkt te zijn.
Er wordt soms zelfs te krampachtig geprobeerd om een anti-product te maken. Schijnbaar bewust zetten ze al vanaf het begin een rommelige sfeer neer. Het wekt de indruk dat ze in hoog tempo de studio aan het opruimen zijn, om er een nog onoverzichtelijke puinhoop van te maken. Als de druggy, slepende vocalen van Serra zijn werk hebben verricht worden er vervolgens freakende jams tussen gegooid om het energietempo weer omhoog te pushen.
Daarna volgen weer de nodige geluidscollages die op het ene moment verzachtend werken om vervolgens weer de irritatiegrens op te zoeken. Het eenvoudige pulserende ritme van Sun Distorted You krijgt een prima piano ondersteuning, maar blijft een evenwichtige voortkabbelend geheel. Pas als het overstuurd en vals gaat klinken gebeurd er wat, al werkt dit niet in zijn voordeel. Datzelfde lot ondergaan ook Gangbang Disco White waar de kinderachtige nekkende Fuck Me samplers horen te zijn om te shockeren, maar daar is in Anno 2019 wel wat meer voor nodig.
Niet alles werkt dus evengoed. Maar als het dan wel geslaagd is, dan is het wel verrekte lekker allemaal. Het in slow motion dans voortbewegende Sburramento Fulmineo in la Minore heeft krachtige blues als basis. Met fragmentarisch gitaarspel en gruizend, krakend jazzy slagwerk wordt hier een mooi uitgangspunt gevormd. De gestoordheid van deze verknipte muzikanten maakt het spannender en gedurfder, al wordt schijnbaar bewust ervoor gekozen om het niet af te ronden tot een nummer. De songopbouw is te complex en vervreemdend om van een echte track te spreken.
Het triphoppende Danny Boy is ritmisch beresterk, en ook hier is daar die blues weer welke ze als geen ander beheersen. Prachtige dromerige gitaar slaapliedjesakkoorden weten van Spoon een aangenaam soulvol hoogtepunt te maken. Toch lijkt de angst om iets moois neer te zetten te vaak leiden tot schrikbarende zelfvernedering. Grains roept met zijn door dreunende klankenerupties een migraine op. Waarom Wasted Time with Nonchalance met vals gitaarspel moet beginnen om vervolgens mooie orkestrale begeleiding te krijgen is mij niet duidelijk. Door dit breekbaar en zuiver op te bouwen zou het een prachtige afsluiter zijn.
Voor een beginnende band zou Down the Road of Mainstream I Saw You, Canzone een album zijn welke nog duidelijk in de oefenfase verkeerd. Deze ervaren teamspelers zouden meer in hun mars moeten hebben. Die overtuiging weten ze te weinig op te roepen, maar de momenten waarop ze dit doen, werken wel in het voordeel.
Hier staat een brok aan ervaring, beide muzikanten zijn al ruim twintig jaar actief in het wereldje. Vanuit Sicilië weet Danilo Garro met zijn collega rockers van Mashrooms al vier platen lang indruk te maken met een stevige instrumentale aanpak. Net zo chaotisch, maar met de volumeknop op een meer gangbare stand ingesteld laat Dario Serra van zich horen met zijn band Suzanne’Silver. Met dezelfde geboortegrond als basis, is het eenvoudig voor te stellen dat deze in elkaars vaarwater opererende groepen elkaar regelmatig treffen.
De Marion is wat minder dynamisch, het tweetal weet een ingetogener geluid neer te zetten. Met die afwijkende aanpak past Down the Road of Mainstream I Saw You, Canzone tussen de thuis knutsel projecten die zich vanaf de jaren negentig onder de noemer lo-fi rock aan de man gebracht werden. Zonder druk van buitenaf een beetje heen rommelen, waarbij kant en klaar songs worden afgewisseld met onaffe probeerseltjes. Er wordt hierdoor een ongedwongen sfeer geschept waarin alles mogelijk lijkt te zijn.
Er wordt soms zelfs te krampachtig geprobeerd om een anti-product te maken. Schijnbaar bewust zetten ze al vanaf het begin een rommelige sfeer neer. Het wekt de indruk dat ze in hoog tempo de studio aan het opruimen zijn, om er een nog onoverzichtelijke puinhoop van te maken. Als de druggy, slepende vocalen van Serra zijn werk hebben verricht worden er vervolgens freakende jams tussen gegooid om het energietempo weer omhoog te pushen.
Daarna volgen weer de nodige geluidscollages die op het ene moment verzachtend werken om vervolgens weer de irritatiegrens op te zoeken. Het eenvoudige pulserende ritme van Sun Distorted You krijgt een prima piano ondersteuning, maar blijft een evenwichtige voortkabbelend geheel. Pas als het overstuurd en vals gaat klinken gebeurd er wat, al werkt dit niet in zijn voordeel. Datzelfde lot ondergaan ook Gangbang Disco White waar de kinderachtige nekkende Fuck Me samplers horen te zijn om te shockeren, maar daar is in Anno 2019 wel wat meer voor nodig.
Niet alles werkt dus evengoed. Maar als het dan wel geslaagd is, dan is het wel verrekte lekker allemaal. Het in slow motion dans voortbewegende Sburramento Fulmineo in la Minore heeft krachtige blues als basis. Met fragmentarisch gitaarspel en gruizend, krakend jazzy slagwerk wordt hier een mooi uitgangspunt gevormd. De gestoordheid van deze verknipte muzikanten maakt het spannender en gedurfder, al wordt schijnbaar bewust ervoor gekozen om het niet af te ronden tot een nummer. De songopbouw is te complex en vervreemdend om van een echte track te spreken.
Het triphoppende Danny Boy is ritmisch beresterk, en ook hier is daar die blues weer welke ze als geen ander beheersen. Prachtige dromerige gitaar slaapliedjesakkoorden weten van Spoon een aangenaam soulvol hoogtepunt te maken. Toch lijkt de angst om iets moois neer te zetten te vaak leiden tot schrikbarende zelfvernedering. Grains roept met zijn door dreunende klankenerupties een migraine op. Waarom Wasted Time with Nonchalance met vals gitaarspel moet beginnen om vervolgens mooie orkestrale begeleiding te krijgen is mij niet duidelijk. Door dit breekbaar en zuiver op te bouwen zou het een prachtige afsluiter zijn.
Voor een beginnende band zou Down the Road of Mainstream I Saw You, Canzone een album zijn welke nog duidelijk in de oefenfase verkeerd. Deze ervaren teamspelers zouden meer in hun mars moeten hebben. Die overtuiging weten ze te weinig op te roepen, maar de momenten waarop ze dit doen, werken wel in het voordeel.
De Niemanders - De Niemanders (2020)

4,0
1
geplaatst: 4 oktober 2020, 22:19 uur
Op 13 Januari 1968 vindt er op muzikaal gebied een bijzondere gebeurtenis plaats. Johnny Cash bezoekt de Folsom State Prison in Californië en treedt daar op voor de gedetineerden. Een indrukwekkende registratie volgt, die nog steeds gezien mag worden als een van de mooiste live concerten ooit.
De van Shaking Godspeed en Donnerwetter afkomstige gitarist Rocco Ostermann is een groot bewonderaar van The Man In Black, en maakt in binnen- en buitenland veel indruk door zijn vertolkingen van het American Recordings repertoire van Johnny Cash. Samen met medebandlid Wout Kemkens vervolgt hij vijftig jaar later in 2019 een soortgelijke weg, waarbij hij in de Nederlandse gevangenissen op zoek gaat naar de verhalen achter De Niemanders. Mensen die door verkeerde keuzes en handelingen zijn weggestopt, en afgesloten van de maatschappij zich tekstueel en instrumentaal verwoorden.
Doordat ze in het dankwoord met voornaam genoemd worden zijn de inspirators al gelijk meer dan een anoniem nummer in de samenleving. Om privacy redenen wordt er begrijpelijk geen achternaam genoemd, maar staan ze wel als volwaardige muzikanten geregistreerd. Juist op het moment nu de vrijheid zo ter discussie staat lanceert De Niemanders een paar dagen voor Bevrijdingsdag dit bijzondere project. Er wordt uitgegaan van een uitzichtloze leegte en opgekropte frustraties die versterkt worden tussen de vier muren. Als omlijsting is er gekozen voor een agressieve swingende funkbeat. Juist door aan de rand van de rocksound te opereren voorkomen ze dat het te zwaar en verstikkend wordt.
Het is een bruisend, verbroederend geheel geworden, waarbij het vertrouwen in elkaar en het samen tot iets moois komen de centrale ijkpunten vormen. Na de chaotische introductie in het gejaagde fastlife Skycrasher is er ruimte voor de harde realiteit. Geen romantisch beeld, maar confronterende woorden. Ik viel als kind in een ketel pep weerklinkt er in Van Niets naar Iets, later gevolgd door Dit is mijn leven, dit is mijn pijn, ben in de bajes, dat is de realiteit. Wegvluchten in drugs om jezelf staande te houden in de keiharde wereld. Duidelijke taal, prachtig verwoord door taalgeweldenaars die ongestraft de inkt gebruiken als het bloed, de zweet en de tranen die in het verleden gevloeid hebben. Verhalen die verteld en gedeeld moeten worden.
Hiermee bewijzen ze dat ze nog weldegelijk meetellen in de maatschappij. De sfeer is overheersend duister en grimmig, en als buitenstaander volg je onbevooroordeeld deze prachtige geslaagde verslaglegging. Het is geen berouwvolle vrijspraak om zichzelf beter op de kaart te plaatsen, en dat maakt het juist zo goed en treffend. Hoe bijzonder de verschillende achtergronden gesmeed worden tot een soepel in elkaar overlopende smeltkroes aan verschillende stijlen is uniek. Ondanks dat er geen onderscheid is gemaakt tussen Nederlandse en Engelstalige teksten, zijn het wel de eigen straattaalsongs die door de begrijpbare directheid het hardste binnen komen. Tevens een meer dan geslaagde uitdaging voor Rocco en Wout, die mijlenver verwijderd blijven van het smerige ruige geluid van het overdonderende Shaking Godspeed, maar wel de donkere invloeden van Donnerwetter laten domineren. Dit vraagt om een vervolg!
De Niemanders - De Niemanders | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
De van Shaking Godspeed en Donnerwetter afkomstige gitarist Rocco Ostermann is een groot bewonderaar van The Man In Black, en maakt in binnen- en buitenland veel indruk door zijn vertolkingen van het American Recordings repertoire van Johnny Cash. Samen met medebandlid Wout Kemkens vervolgt hij vijftig jaar later in 2019 een soortgelijke weg, waarbij hij in de Nederlandse gevangenissen op zoek gaat naar de verhalen achter De Niemanders. Mensen die door verkeerde keuzes en handelingen zijn weggestopt, en afgesloten van de maatschappij zich tekstueel en instrumentaal verwoorden.
Doordat ze in het dankwoord met voornaam genoemd worden zijn de inspirators al gelijk meer dan een anoniem nummer in de samenleving. Om privacy redenen wordt er begrijpelijk geen achternaam genoemd, maar staan ze wel als volwaardige muzikanten geregistreerd. Juist op het moment nu de vrijheid zo ter discussie staat lanceert De Niemanders een paar dagen voor Bevrijdingsdag dit bijzondere project. Er wordt uitgegaan van een uitzichtloze leegte en opgekropte frustraties die versterkt worden tussen de vier muren. Als omlijsting is er gekozen voor een agressieve swingende funkbeat. Juist door aan de rand van de rocksound te opereren voorkomen ze dat het te zwaar en verstikkend wordt.
Het is een bruisend, verbroederend geheel geworden, waarbij het vertrouwen in elkaar en het samen tot iets moois komen de centrale ijkpunten vormen. Na de chaotische introductie in het gejaagde fastlife Skycrasher is er ruimte voor de harde realiteit. Geen romantisch beeld, maar confronterende woorden. Ik viel als kind in een ketel pep weerklinkt er in Van Niets naar Iets, later gevolgd door Dit is mijn leven, dit is mijn pijn, ben in de bajes, dat is de realiteit. Wegvluchten in drugs om jezelf staande te houden in de keiharde wereld. Duidelijke taal, prachtig verwoord door taalgeweldenaars die ongestraft de inkt gebruiken als het bloed, de zweet en de tranen die in het verleden gevloeid hebben. Verhalen die verteld en gedeeld moeten worden.
Hiermee bewijzen ze dat ze nog weldegelijk meetellen in de maatschappij. De sfeer is overheersend duister en grimmig, en als buitenstaander volg je onbevooroordeeld deze prachtige geslaagde verslaglegging. Het is geen berouwvolle vrijspraak om zichzelf beter op de kaart te plaatsen, en dat maakt het juist zo goed en treffend. Hoe bijzonder de verschillende achtergronden gesmeed worden tot een soepel in elkaar overlopende smeltkroes aan verschillende stijlen is uniek. Ondanks dat er geen onderscheid is gemaakt tussen Nederlandse en Engelstalige teksten, zijn het wel de eigen straattaalsongs die door de begrijpbare directheid het hardste binnen komen. Tevens een meer dan geslaagde uitdaging voor Rocco en Wout, die mijlenver verwijderd blijven van het smerige ruige geluid van het overdonderende Shaking Godspeed, maar wel de donkere invloeden van Donnerwetter laten domineren. Dit vraagt om een vervolg!
De Niemanders - De Niemanders | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
De Niemanders - II (2024)

4,0
0
geplaatst: 4 januari 2025, 12:52 uur
De voltooiing van het eerste De Niemanders project moet zoveel voldoening geven dat Rocco Ostermann en Wout Kemkens daar meer dan genoeg op kunnen teren. Ze hebben de bajesklanten een stem gegeven en de aandacht op deze groep uit de maatschappij geplaatste outsiders gericht. Helaas wankelt de positie van de asielzoekers ook, zeker nu er onder de huidige regering de vraag gesteld wordt of er in Nederland nog plek voor hen is. Het duo geeft deze personae non gratae een naam en past een omgekeerd inburgeringsprogramma toe door zich ondergeschikt op te stellen. Het draait om De Niemanders, de buitenstaanders. Het zou vreemd zijn als het tweetal hen opnieuw de vrijheid zou ontnemen; er is immers al een reden waarom er in het thuisland slechts een onzeker onveilig bestaan voor deze vluchtelingen mogelijk is. En dan druk ik mij nog behoorlijk voorzichtig uit.
Bewapend met het woord, ontwapenend door de muziek. Rocco Ostermann en Wout Kemkens benutten hun spaarzame tijd om in Het spel deze lichting Niemanders te introduceren. Een rotbenaming, die de vinger op de zere plek legt en die daarmee tegelijkertijd wel zo doeltreffend is. Deze keer heeft producer Rick Wiegerinck zo’n grote rol in het proces dat zijn aandeel evenredig aan dat van de overige twee is. Juist de multiculturele aanpak vraagt om een overkoepelend orgaan, dat het vermogen bezit om de achtergronden goed samen te laten smelten. Rick Wiegerinck is hiervoor de geschikte persoon.
Toch is de plaat slechts een gedeelte van dit plan, dat verder uit een soort van opgezet mondiaal internetmagazijn bestaat, een pamflet met daarop nog meer ruimte voor de schrijnende trieste levensverhalen. Er bestaat zelfs de mogelijk om de artikelen in elke taal te lezen, wat het wereldse karakter nogmaals versterkt. Rocco Ostermann verzorgt hierbij het voorwoord; zijn beeldende manier van schrijven combineert zijn maatschappelijke visie met een komische toets, iets dat we van zijn columns gewend zijn.
Daar valt ook genoeg over te vertellen, maar ik hou het dus bij het tweede album. Het eerder genoemde Het spel heeft de typische Nederlandse anarchistische punkgedachte van The Ex, gecombineerd met de spannende kleinkunst van Krang, een gesproken Def P-achtige rapvoordracht en het luchtige ritmische van Doe Maar. Op de achtergrond dringt de exotica zich op, om je vervolgens in de greep te houden. Rocco Ostermann opent als verhalenverteller het eerste hoofdstuk van dit nieuwe muzikale boekwerk, waarbij hij zich dus door de verslagen van anderen laat inspireren en meevoeren. Rocco Ostermann in topvorm, maar dan dus in ondergeschikte rol.
Miss Information haakt in op het naar buiten brengen van misleidende feiten, achtergehouden feiten en irrelevante feiten in. We leven in een wereld waarin iedereen bereikbaar is en waar er teveel non-informatie in de lucht hangt. Het risico bestaat dat we op de verkeerde stoorzender afstemmen en ons teveel door anderen laten leiden. Oorlogskind wordt prachtig op illustratieve surfgitaar triphopklanken gedragen. Het is de uit Syrië afkomstige KaisR die het afgebroken geluksmoment met ons deelt. Het tijdstip dat het oorlogstrauma het kind de jeugd ontneemt en alleen verdriet schenkt. Het verleden sluit zich, de blik richt zich enkel op de toekomst. Hoop, daar draait het om, en hoe kan je hier een positieve twist aangeven. Je draagt jouw levenservaringen in een koffer mee, weggestopt onder de primaire levensbehoeftes.
Ismail Mohamed is de grote man achter Ismaipmusic. In principe biedt hij artiesten tevens de mogelijkheid om zich te etaleren. Zo laten ze deze rasmuzikant de dromerige reggae-schetsen van Soloman inkleuren. Het wekt de indruk dat Rocco Ostermann en Wout Kemkens hier als sessiemuzikanten aansluiten, om het hemelse relaas van kracht te voorzien. Ze zijn echter weldegelijk de hofleveranciers van de muzikale omlijsting. Ismail Mohamed heeft het voorrecht om meerdere tracks van zang te voorzien. Zo past hij geniaal in de raggamuffin kruidenmix van het opzwepende I’m Rising. Ook de vocalen in de groots aangezette ritmische trukendoostrack Mermaid Song zijn van zijn hand.
De Iraanse bluesrap Marsi is reeds op single verschenen. Hier verzorgt freestyle rapper Q_Mars de lyrics en bespeelt Hamid Reza Behzadian de mondharp. De achtergrondzang van Sylvana Djoemat en Dewi Lopulalan maakt het af. De Niemanders hebben goud in handen en brengen hier meerdere culturen samen. Een van de vele hoogtepunten op de plaat. Ook multi-instrumentalist Hamid Reza Behzadian heeft Iraanse roots. Hij is al vanaf 2011 woonachtig in Nederland en studeerde in 2022 cum laude af aan het Codarts conservatorium te Rotterdam. Hij is met zijn Indiase slide gitaar een veel geziene gast bij VPRO’s Vrije Geluiden; dat instrument heeft ook een prominente rol in de uitvoering van het hier aanwezige Ashegh.
De sociaal activist Guy-El Mabiala is afkomstig uit Congo. Om zijn visie op rechtvaardigheid te promoten, wijkt hij noodgedwongen naar Duitsland uit. Vervolgens belandt hij in Nederland, brengt in de tussentijd nog de indrukwekkende Death by the Ocean single uit en mag vervolgens op Niemanders II het spits afbijten. Nalembi is een rustgevend ritmisch spektakel, met dampende funkende baslijnen en soulvol toetsenwerk. Hij is tevens de smaakmaker van het zomerse uptempo Le Mal. Het is een voorbode voor de Kimuntu albumrelease. De waarheid komt hard binnen: het blijkt dat Guy-El Mabiala ondertussen het land uitgezet is en dit heuglijke nieuws niet kan meemaken. Dan word je toch wel even duidelijk op de feiten gedrukt en die liegen er niet om.
This Phonecall Made Me So High bewijst dat stadse seventies disco, Motown gospelsoul, en Oosterse psychedelica prima samengaan. Belle du Jour heeft dat absurde van Rocco Ostermann en is bijna filmisch. Het Beloofde Land aan de horizon, als een Titanic vaart het schip de ondergang tegemoet. Het is een stil gebed voor een betere toekomst, eenzaam en verlaten, zonder familie, zonder perspectieven. Het valt mij op dat De Niemanders II ondanks de zware ondertoon zoveel speelplezier uitstraalt. Eventjes vergeten en verdwalen in een veilige eigen, zelf geschapen wereld.
De Niemanders - II | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Bewapend met het woord, ontwapenend door de muziek. Rocco Ostermann en Wout Kemkens benutten hun spaarzame tijd om in Het spel deze lichting Niemanders te introduceren. Een rotbenaming, die de vinger op de zere plek legt en die daarmee tegelijkertijd wel zo doeltreffend is. Deze keer heeft producer Rick Wiegerinck zo’n grote rol in het proces dat zijn aandeel evenredig aan dat van de overige twee is. Juist de multiculturele aanpak vraagt om een overkoepelend orgaan, dat het vermogen bezit om de achtergronden goed samen te laten smelten. Rick Wiegerinck is hiervoor de geschikte persoon.
Toch is de plaat slechts een gedeelte van dit plan, dat verder uit een soort van opgezet mondiaal internetmagazijn bestaat, een pamflet met daarop nog meer ruimte voor de schrijnende trieste levensverhalen. Er bestaat zelfs de mogelijk om de artikelen in elke taal te lezen, wat het wereldse karakter nogmaals versterkt. Rocco Ostermann verzorgt hierbij het voorwoord; zijn beeldende manier van schrijven combineert zijn maatschappelijke visie met een komische toets, iets dat we van zijn columns gewend zijn.
Daar valt ook genoeg over te vertellen, maar ik hou het dus bij het tweede album. Het eerder genoemde Het spel heeft de typische Nederlandse anarchistische punkgedachte van The Ex, gecombineerd met de spannende kleinkunst van Krang, een gesproken Def P-achtige rapvoordracht en het luchtige ritmische van Doe Maar. Op de achtergrond dringt de exotica zich op, om je vervolgens in de greep te houden. Rocco Ostermann opent als verhalenverteller het eerste hoofdstuk van dit nieuwe muzikale boekwerk, waarbij hij zich dus door de verslagen van anderen laat inspireren en meevoeren. Rocco Ostermann in topvorm, maar dan dus in ondergeschikte rol.
Miss Information haakt in op het naar buiten brengen van misleidende feiten, achtergehouden feiten en irrelevante feiten in. We leven in een wereld waarin iedereen bereikbaar is en waar er teveel non-informatie in de lucht hangt. Het risico bestaat dat we op de verkeerde stoorzender afstemmen en ons teveel door anderen laten leiden. Oorlogskind wordt prachtig op illustratieve surfgitaar triphopklanken gedragen. Het is de uit Syrië afkomstige KaisR die het afgebroken geluksmoment met ons deelt. Het tijdstip dat het oorlogstrauma het kind de jeugd ontneemt en alleen verdriet schenkt. Het verleden sluit zich, de blik richt zich enkel op de toekomst. Hoop, daar draait het om, en hoe kan je hier een positieve twist aangeven. Je draagt jouw levenservaringen in een koffer mee, weggestopt onder de primaire levensbehoeftes.
Ismail Mohamed is de grote man achter Ismaipmusic. In principe biedt hij artiesten tevens de mogelijkheid om zich te etaleren. Zo laten ze deze rasmuzikant de dromerige reggae-schetsen van Soloman inkleuren. Het wekt de indruk dat Rocco Ostermann en Wout Kemkens hier als sessiemuzikanten aansluiten, om het hemelse relaas van kracht te voorzien. Ze zijn echter weldegelijk de hofleveranciers van de muzikale omlijsting. Ismail Mohamed heeft het voorrecht om meerdere tracks van zang te voorzien. Zo past hij geniaal in de raggamuffin kruidenmix van het opzwepende I’m Rising. Ook de vocalen in de groots aangezette ritmische trukendoostrack Mermaid Song zijn van zijn hand.
De Iraanse bluesrap Marsi is reeds op single verschenen. Hier verzorgt freestyle rapper Q_Mars de lyrics en bespeelt Hamid Reza Behzadian de mondharp. De achtergrondzang van Sylvana Djoemat en Dewi Lopulalan maakt het af. De Niemanders hebben goud in handen en brengen hier meerdere culturen samen. Een van de vele hoogtepunten op de plaat. Ook multi-instrumentalist Hamid Reza Behzadian heeft Iraanse roots. Hij is al vanaf 2011 woonachtig in Nederland en studeerde in 2022 cum laude af aan het Codarts conservatorium te Rotterdam. Hij is met zijn Indiase slide gitaar een veel geziene gast bij VPRO’s Vrije Geluiden; dat instrument heeft ook een prominente rol in de uitvoering van het hier aanwezige Ashegh.
De sociaal activist Guy-El Mabiala is afkomstig uit Congo. Om zijn visie op rechtvaardigheid te promoten, wijkt hij noodgedwongen naar Duitsland uit. Vervolgens belandt hij in Nederland, brengt in de tussentijd nog de indrukwekkende Death by the Ocean single uit en mag vervolgens op Niemanders II het spits afbijten. Nalembi is een rustgevend ritmisch spektakel, met dampende funkende baslijnen en soulvol toetsenwerk. Hij is tevens de smaakmaker van het zomerse uptempo Le Mal. Het is een voorbode voor de Kimuntu albumrelease. De waarheid komt hard binnen: het blijkt dat Guy-El Mabiala ondertussen het land uitgezet is en dit heuglijke nieuws niet kan meemaken. Dan word je toch wel even duidelijk op de feiten gedrukt en die liegen er niet om.
This Phonecall Made Me So High bewijst dat stadse seventies disco, Motown gospelsoul, en Oosterse psychedelica prima samengaan. Belle du Jour heeft dat absurde van Rocco Ostermann en is bijna filmisch. Het Beloofde Land aan de horizon, als een Titanic vaart het schip de ondergang tegemoet. Het is een stil gebed voor een betere toekomst, eenzaam en verlaten, zonder familie, zonder perspectieven. Het valt mij op dat De Niemanders II ondanks de zware ondertoon zoveel speelplezier uitstraalt. Eventjes vergeten en verdwalen in een veilige eigen, zelf geschapen wereld.
De Niemanders - II | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De Staat - I_CON (2013)

3,5
0
geplaatst: 16 september 2013, 23:38 uur
Hoe zouden de Red Hot Chili Peppers klinken als ze de meer experimentele kant van Give It Away zouden ontwikkelen?
Dit is het antwoord.
De Staat heeft meer soul en funk in zich dan menigeen grote act.
Stelt de laatste Queens Of The Stone Age teleur, omdat je als een Sudoku van 5 sterren de laagjes moet ontdekken, bij De Staat zijn deze al bij de eerste luisterbeurt hoorbaar.
Volgens mij komt er in Built That, Buy That al een heuse blokfluit voorbij.
Devil’s Blood heeft de samenzang die vergelijkbaar is met die van Red Hot Chili Peppers, al klinken Flea en Frusciante niet altijd even zuiver, hier is dat wel het geval.
Het gaat om het gevoel, bullshit natuurlijk.
Ik hoor dan liever een harmonisch geheel.
Het maakt mij dan ook niks uit dat het outro klinkt als Golden Brown van The Stranglers.
Vervolgens een vreemd soort van hakken in Witch Doctor, waarbij er zelfs aan een Urban Dance Squad en Gotcha! gedacht wordt.
Outkast is ook zo'n naam die in mij op komt.
Maar ook dit geeft enigszins een vertekend beeld.
Dit is De Staat, en laat ik nu maar gewoon stoppen met het zoeken van vergelijkingen.
Waarom het mijzelf moeilijk en lastig maken.
Gewoon verder je mond houden, en verder luisteren naar de trots uit Nijmegen.
Go Back To The Zoo?
Die mogen de apennootjes pellen van deze band.
Prachtige plaat!
Dit is het antwoord.
De Staat heeft meer soul en funk in zich dan menigeen grote act.
Stelt de laatste Queens Of The Stone Age teleur, omdat je als een Sudoku van 5 sterren de laagjes moet ontdekken, bij De Staat zijn deze al bij de eerste luisterbeurt hoorbaar.
Volgens mij komt er in Built That, Buy That al een heuse blokfluit voorbij.
Devil’s Blood heeft de samenzang die vergelijkbaar is met die van Red Hot Chili Peppers, al klinken Flea en Frusciante niet altijd even zuiver, hier is dat wel het geval.
Het gaat om het gevoel, bullshit natuurlijk.
Ik hoor dan liever een harmonisch geheel.
Het maakt mij dan ook niks uit dat het outro klinkt als Golden Brown van The Stranglers.
Vervolgens een vreemd soort van hakken in Witch Doctor, waarbij er zelfs aan een Urban Dance Squad en Gotcha! gedacht wordt.
Outkast is ook zo'n naam die in mij op komt.
Maar ook dit geeft enigszins een vertekend beeld.
Dit is De Staat, en laat ik nu maar gewoon stoppen met het zoeken van vergelijkingen.
Waarom het mijzelf moeilijk en lastig maken.
Gewoon verder je mond houden, en verder luisteren naar de trots uit Nijmegen.
Go Back To The Zoo?
Die mogen de apennootjes pellen van deze band.
Prachtige plaat!
De Staat - Machinery (2011)

3,5
0
geplaatst: 14 maart 2011, 23:25 uur
Station Nijmegen.
Stap in de sneltrein van De Staat.
Ah, I See dendert voorbij.
Gelijk al in volle kracht.
Geen noodrem in Machinery.
Iets wat ik nog eens miste bij Wait For Evolution.
Te laag speeltempo.
Maniakaal gitaargeweld overheerst hier.
Tevens ruimte voor de gekte zoals een Outkast dat kan brengen.
Zoals hoorbaar bij Sweatshop.
Het lijkt alsof de muzikale opleving van Nijmegen bands probeert te overtroeven.
Na het debuut van De Staat werden ze qua populariteit gepasseerd door Go Back To The Zoo.
Het weerhoud ze niet om zich verder te ontwikkelen.
Juist de Stoner Rock sound wordt niet verder geëvolueerd.
Maar het element funk wordt geïntroduceerd.
Prince als nieuwe muzikale voorbeeld toegevoegd aan het geheel.
Hierdoor is het net allemaal een stuk dansbaarder.
Samenzang in Keep Me Home waarbij ik aan de grootste hit van Queen moet denken.
Al heeft het nog niet het nivo van deze Koninklijke grootheden.
Het vele toeren levert genoeg ruimte voor nieuwe ideeën.
Bandleden zijn beter op elkaar ingespeeld.
Enige gemis is de percussie.
Ondanks dat het meer als een geheel klinkt ontbreekt voor mij Rocco Bell.
Live is hij zeker een van de sterkste elementen.
Helaas is zijn aandeel hier beperkt.
Met hun tweede album houdt De Staat zich duidelijk staande.
Het proces tot ontwikkeling is duidelijk nog niet afgerond.
Benieuwd wat de toekomst hun zal brengen.
Stap in de sneltrein van De Staat.
Ah, I See dendert voorbij.
Gelijk al in volle kracht.
Geen noodrem in Machinery.
Iets wat ik nog eens miste bij Wait For Evolution.
Te laag speeltempo.
Maniakaal gitaargeweld overheerst hier.
Tevens ruimte voor de gekte zoals een Outkast dat kan brengen.
Zoals hoorbaar bij Sweatshop.
Het lijkt alsof de muzikale opleving van Nijmegen bands probeert te overtroeven.
Na het debuut van De Staat werden ze qua populariteit gepasseerd door Go Back To The Zoo.
Het weerhoud ze niet om zich verder te ontwikkelen.
Juist de Stoner Rock sound wordt niet verder geëvolueerd.
Maar het element funk wordt geïntroduceerd.
Prince als nieuwe muzikale voorbeeld toegevoegd aan het geheel.
Hierdoor is het net allemaal een stuk dansbaarder.
Samenzang in Keep Me Home waarbij ik aan de grootste hit van Queen moet denken.
Al heeft het nog niet het nivo van deze Koninklijke grootheden.
Het vele toeren levert genoeg ruimte voor nieuwe ideeën.
Bandleden zijn beter op elkaar ingespeeld.
Enige gemis is de percussie.
Ondanks dat het meer als een geheel klinkt ontbreekt voor mij Rocco Bell.
Live is hij zeker een van de sterkste elementen.
Helaas is zijn aandeel hier beperkt.
Met hun tweede album houdt De Staat zich duidelijk staande.
Het proces tot ontwikkeling is duidelijk nog niet afgerond.
Benieuwd wat de toekomst hun zal brengen.
Deacon Blue - Riding on the Tide of Love (2021)

4,0
1
geplaatst: 4 februari 2021, 15:21 uur
Het Schotse muziekklimaat uit de jaren tachtig leverde geweldige resultaten op. De grauwheid van regenstad Glasgow en de weidse geschiedenis van het berggebied vormde genoeg inspiratiestof. Aan de ene kant de stoerdere hoopvolle new wave sound van Simple Minds, Big Country, The Waterboys en Texas, gevolgd door meer melancholische jazzy soul acts als Aztec Camera en The Blue Nile. Tot die laatste groep mag Deacon Blue zich rekenen.
De band van vocalisten Lorraine McIntosh en Ricky Ross weten al gelijk met hun prachtige debuutsingle Dignity te ontroeren. Achteraf gezien een van de indrukwekkendste nummers uit de jaren tachtig. Het nummer ademt alles uit; verdriet, hoop, werkeloosheid en vooral de nostalgie naar de gepasseerde jeugdjaren. Ze weten vervolgens met het Raintown album sterk te overtuigen, waarna het meer rockende pop en white soul gerichte When the World Knows Your Name verschijnt. Met wisselend succes gaat de band door, totdat er na het tegenvallende Homesick in 2001 en het overlijden van gitarist Graeme Kelling in 2004 de stekker uit de band wordt getrokken.
In 2012 is daar de wederopstanding met The Hipsters. Na het onverwachte succes van het vorig jaar aan de toppen van de Britse albumlijsten piekende verschenen City Of Love, wordt het verloren jaar 2020 benut om het restmateriaal verder uit te werken. De mogelijkheid om te touren ontbreekt, en de creativiteit is volop aanwezig. Riding On The Tide Of Love is meer dan een aanvulling op City Of Love, je mag spreken van een volwaardige gelijkwaardige EP welke stukje na stukje is opgenomen, omdat Corona niet de mogelijkheid bied om gelijktijdig in de studio aanwezig te zijn.
Er wordt een heerlijk samenhorig bijna John Lennon achtig gezellig kroegsfeertje neergezet in de aftrap van Riding On The Tide Of Love. Corona is hier gewoon een biertje wat op vrijdagavond onder het genot van bevriende gasten gedronken wordt, terwijl men stil staat bij het wel en wee van de afgelopen week. Ondanks dat Ricky Ross hier absoluut in vorm is, zijn het toch die hemelse hoge vocalen van Lorraine McIntosh die hier de show stelen. Al die voorbij gevlogen jaren hebben vrijwel geen invloed gehad op de nog steeds met jeugdigheid gevormde stemkwaliteiten van de twee zangers, en oh wat is het stiekem toch wel weer zalig om ze samen in actie te horen.
Op het klankenspel van She Loved The Snow hoor je de heimwee en het verlangen terug naar de vertrouwde geboortegrond. Opeens sta je weer met beiden voeten in de jaren tachtig van Raintown, waar de sneeuw de herinneringen conserveert en beschermt tegen de wegspoelende regen. Het is allemaal meer folky en sfeervoller, zelfs een bluestrack als Send A Note Out netselt zich er met gemak tussen.
Na de popsound en de daaropvolgende soulinvloeden lijkt het erop dat de band nu zijn definitieve vorm gevonden heeft. Alsof een zoekende ziel zich uiteindelijk heeft bekeerd tot het juiste geloof. De kwetsbaarheid van het sterfelijke leven is op het punt van berusting gekomen. Het geluk zit hem in de kleine dingen om je heen, amen. Met deze intieme benadering kan Deacon Blue voor een geselecteerd kleiner publiek nog jaren vooruit. Topsport!
Deacon Blue - Riding on the Tide of Love | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
De band van vocalisten Lorraine McIntosh en Ricky Ross weten al gelijk met hun prachtige debuutsingle Dignity te ontroeren. Achteraf gezien een van de indrukwekkendste nummers uit de jaren tachtig. Het nummer ademt alles uit; verdriet, hoop, werkeloosheid en vooral de nostalgie naar de gepasseerde jeugdjaren. Ze weten vervolgens met het Raintown album sterk te overtuigen, waarna het meer rockende pop en white soul gerichte When the World Knows Your Name verschijnt. Met wisselend succes gaat de band door, totdat er na het tegenvallende Homesick in 2001 en het overlijden van gitarist Graeme Kelling in 2004 de stekker uit de band wordt getrokken.
In 2012 is daar de wederopstanding met The Hipsters. Na het onverwachte succes van het vorig jaar aan de toppen van de Britse albumlijsten piekende verschenen City Of Love, wordt het verloren jaar 2020 benut om het restmateriaal verder uit te werken. De mogelijkheid om te touren ontbreekt, en de creativiteit is volop aanwezig. Riding On The Tide Of Love is meer dan een aanvulling op City Of Love, je mag spreken van een volwaardige gelijkwaardige EP welke stukje na stukje is opgenomen, omdat Corona niet de mogelijkheid bied om gelijktijdig in de studio aanwezig te zijn.
Er wordt een heerlijk samenhorig bijna John Lennon achtig gezellig kroegsfeertje neergezet in de aftrap van Riding On The Tide Of Love. Corona is hier gewoon een biertje wat op vrijdagavond onder het genot van bevriende gasten gedronken wordt, terwijl men stil staat bij het wel en wee van de afgelopen week. Ondanks dat Ricky Ross hier absoluut in vorm is, zijn het toch die hemelse hoge vocalen van Lorraine McIntosh die hier de show stelen. Al die voorbij gevlogen jaren hebben vrijwel geen invloed gehad op de nog steeds met jeugdigheid gevormde stemkwaliteiten van de twee zangers, en oh wat is het stiekem toch wel weer zalig om ze samen in actie te horen.
Op het klankenspel van She Loved The Snow hoor je de heimwee en het verlangen terug naar de vertrouwde geboortegrond. Opeens sta je weer met beiden voeten in de jaren tachtig van Raintown, waar de sneeuw de herinneringen conserveert en beschermt tegen de wegspoelende regen. Het is allemaal meer folky en sfeervoller, zelfs een bluestrack als Send A Note Out netselt zich er met gemak tussen.
Na de popsound en de daaropvolgende soulinvloeden lijkt het erop dat de band nu zijn definitieve vorm gevonden heeft. Alsof een zoekende ziel zich uiteindelijk heeft bekeerd tot het juiste geloof. De kwetsbaarheid van het sterfelijke leven is op het punt van berusting gekomen. Het geluk zit hem in de kleine dingen om je heen, amen. Met deze intieme benadering kan Deacon Blue voor een geselecteerd kleiner publiek nog jaren vooruit. Topsport!
Deacon Blue - Riding on the Tide of Love | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Dead Can Dance - Anastasis (2012)

4,0
0
geplaatst: 29 juni 2012, 16:46 uur
Anastasis begint broeierig.
Een kruistocht van hippiekinderen die door de verbrandende zon een weg terug naar het aardse proberen te vinden.
Getergd door de warmte, waardoor de bloemen in de haren verdorren tot een troosteloos geheel.
Het tempo wordt bepaald door de man met de gong.
Brendan Perry als een hedendaagse rattenvanger van Hamelen.
Zijn muzikale creaties werken hypnotiserend.
We sluiten aan bij de kinderen van de zon.
De stoet wordt langzaamaan steeds groter.
Volgelingen die jarenlang gewacht hebben op het antwoord op Spiritchaser.
Worden we verleid om deel te nemen op de Ark van Perry; of worden we klaargestoomd om te strijden als Gladiator voor het hemelrijk van Lisa Gerrard.
Gelukkig is dit beide niet het geval.
Dead Can Dance is gewoon weer terug.
Het sluit perfect aan op de Oosterse richting die ooit is ingeslagen.
De balans is zelfs meer aanwezig, dan op hun laatste albums.
Dus achteraf is het geen verkeerde keuze om een langdurige sabbatical in te lassen.
Het grote licht is herrezen.
De verbrande bloemen zijn juist het gevolg door een positieve openbaring.
Vreugdevuur, welk een grauw landschap achter laat.
De puinhopen na een geslaagd feest.
En de zaden die zich verschuilen in de grond, zullen uiteindelijk zich kleurrijk aan de wereld vertonen.
Een aankondiging tot een meer productieve periode?
Laten we het hopen.
Geslaagde come-back.
Een kruistocht van hippiekinderen die door de verbrandende zon een weg terug naar het aardse proberen te vinden.
Getergd door de warmte, waardoor de bloemen in de haren verdorren tot een troosteloos geheel.
Het tempo wordt bepaald door de man met de gong.
Brendan Perry als een hedendaagse rattenvanger van Hamelen.
Zijn muzikale creaties werken hypnotiserend.
We sluiten aan bij de kinderen van de zon.
De stoet wordt langzaamaan steeds groter.
Volgelingen die jarenlang gewacht hebben op het antwoord op Spiritchaser.
Worden we verleid om deel te nemen op de Ark van Perry; of worden we klaargestoomd om te strijden als Gladiator voor het hemelrijk van Lisa Gerrard.
Gelukkig is dit beide niet het geval.
Dead Can Dance is gewoon weer terug.
Het sluit perfect aan op de Oosterse richting die ooit is ingeslagen.
De balans is zelfs meer aanwezig, dan op hun laatste albums.
Dus achteraf is het geen verkeerde keuze om een langdurige sabbatical in te lassen.
Het grote licht is herrezen.
De verbrande bloemen zijn juist het gevolg door een positieve openbaring.
Vreugdevuur, welk een grauw landschap achter laat.
De puinhopen na een geslaagd feest.
En de zaden die zich verschuilen in de grond, zullen uiteindelijk zich kleurrijk aan de wereld vertonen.
Een aankondiging tot een meer productieve periode?
Laten we het hopen.
Geslaagde come-back.
Dead Can Dance - Dead Can Dance (1984)

4,0
0
geplaatst: 27 mei 2010, 16:07 uur
Gekwelde zwarte raven.
Verstrikt geraakt in netten.
Gefaalde pogingen om te snoepen.
Afgedekt fruit op landbouwgronden.
Hun laatste treurzang.
Bebloede veren die voor een laatste stuiptrekking zich spreiden.
De vogelverschrikker die grijnzend toelacht.
The Fatal Impact.
The Trial.
God kijkt neer.
Het boetekleed dragend.
Door hem gecreëerde mensheid ontspoord.
Misdaden leiden tot oorlogen.
Duizenden jaren aan werk vernietigd.
Koninkrijk ontmaskerd.
Vertekend schouwspel.
Plaats des onheil.
Sporen van bloed.
Misselijkmakende geuren.
Aanwijzingen gewist.
Trots van een ongrijpbare moordenaar.
Frontier.
Lisa Gerrard in de rol van slachtoffer.
Haar laatste gedachtegang.
Fortune leidt tot hebzucht.
Koortsachtig op zoek.
Omgang met eigen geluk is bemoeilijkt.
Omdat er altijd een verlangen naar meer zal zijn.
Ocean.
Klaagzang van halfgod Sirene.
Onwetende zeelieden in ecstasy.
Lokt ze het onheil in.
Betoverd door de stem.
Ademloos.
Hun levenskracht weggezogen.
East Of Eden.
De donkere kant van het paradijs.
Landgoed der slangen.
Heersers over verboden vruchten.
Overvolle arena’s.
Pijn als vermaak.
Kansloze slachtoffers.
Treshold.
Grenslijn tussen verschillende muzikale stromingen.
Dead Can Dance is nergens te plaatsen.
Tijdsloze muziek.
Plaatsbaar in alle eeuwen.
Passage In Time.
De vlucht van Icarus.
Het gevoel gouden vleugels te hebben.
Zoekend naar een betere overlevingsplaats.
Het leven opofferend.
Wild In The Woods.
Het scheppen van een eigen kleine maatschappij.
Afgesloten van de boze buitenwereld.
Musica Eternal.
Lisa Gerrard klaar voor haar nieuwe rol.
Sprookjesachtig buitenaards stemgeluid.
Op het eerste album in ontplooiing.
Om te volgroeien in het vervolg.
Helaas ook ten koste gaan van het aandeel van Brendan Perry.
Twee grootheden in een band.
Verstrikt geraakt in netten.
Gefaalde pogingen om te snoepen.
Afgedekt fruit op landbouwgronden.
Hun laatste treurzang.
Bebloede veren die voor een laatste stuiptrekking zich spreiden.
De vogelverschrikker die grijnzend toelacht.
The Fatal Impact.
The Trial.
God kijkt neer.
Het boetekleed dragend.
Door hem gecreëerde mensheid ontspoord.
Misdaden leiden tot oorlogen.
Duizenden jaren aan werk vernietigd.
Koninkrijk ontmaskerd.
Vertekend schouwspel.
Plaats des onheil.
Sporen van bloed.
Misselijkmakende geuren.
Aanwijzingen gewist.
Trots van een ongrijpbare moordenaar.
Frontier.
Lisa Gerrard in de rol van slachtoffer.
Haar laatste gedachtegang.
Fortune leidt tot hebzucht.
Koortsachtig op zoek.
Omgang met eigen geluk is bemoeilijkt.
Omdat er altijd een verlangen naar meer zal zijn.
Ocean.
Klaagzang van halfgod Sirene.
Onwetende zeelieden in ecstasy.
Lokt ze het onheil in.
Betoverd door de stem.
Ademloos.
Hun levenskracht weggezogen.
East Of Eden.
De donkere kant van het paradijs.
Landgoed der slangen.
Heersers over verboden vruchten.
Overvolle arena’s.
Pijn als vermaak.
Kansloze slachtoffers.
Treshold.
Grenslijn tussen verschillende muzikale stromingen.
Dead Can Dance is nergens te plaatsen.
Tijdsloze muziek.
Plaatsbaar in alle eeuwen.
Passage In Time.
De vlucht van Icarus.
Het gevoel gouden vleugels te hebben.
Zoekend naar een betere overlevingsplaats.
Het leven opofferend.
Wild In The Woods.
Het scheppen van een eigen kleine maatschappij.
Afgesloten van de boze buitenwereld.
Musica Eternal.
Lisa Gerrard klaar voor haar nieuwe rol.
Sprookjesachtig buitenaards stemgeluid.
Op het eerste album in ontplooiing.
Om te volgroeien in het vervolg.
Helaas ook ten koste gaan van het aandeel van Brendan Perry.
Twee grootheden in een band.
Dead Can Dance - Dionysus (2018)

4,0
4
geplaatst: 27 september 2020, 16:18 uur
De ontwikkeling van Dead Can Dance is bijna bovenaards te noemen. Als beginnende post-punk band met eigen karakter lieten ze al en sterke indruk achter met het voor mij onovertroffen In Power We Entrust the Love Advocated met Brendan Perry op zang. Al zal hiermee veel liefhebbers voor de kop gestoten worden, die meer hebben met de engelachtige zang, want zo moet dat wezen wel klinken, van Lisa Gerrard in het Magnus Opus genaamd The Host of Seraphim. De track maakte hier voornamelijk indruk bij het geslaagde einde van The Mist, eem film die verder tegenviel. Dead Can Dance die zich ondertussen verder ontwikkelde via een meer traditioneel Middeleeuws geluid en vervolgens kennis liet maken met de samenvlechting van meer Oosterse culturen tot weer een prachtig geheel. Na zestien jaar van stilte het geboortekaartje afleverde van een nakomeling genaamd Anastasis, behoorlijk broeierig, maar oh zo sfeervol.
Nu, weer ruim vijf jaar later is er dan vrij onverwachts Dionysus, die minder verrassend werkt, wat zeker met het volgende te maken heeft. Dead Can Dance maakte live veel indruk door de veelzijdigheid van instrumenten op het podium, hier weten ze dat geluid, duidelijk hoorbaar op een kunstmatige manier te produceren. Met behulp van drumcomputer, keyboard, synthesizer en andere elektronische hulpmiddelen. Van veel bands kan je dit prima hebben, maar bij een act als Dead Can Dance, waar de echtheid een grote rol speelde, heb ik hier veel meer moeite mee. Dionysus is een plaat die bestaat uit twee tracks, welke weer onderverdeeld zijn in meerdere stukken.
Dionysus is een mythische Griekse God met een behoorlijk menselijk karakter. De mengeling van zwakheid en moed, van weelderigheid en kracht komt vooral naar boven; gesymboliseerd in de druif. Net als bij Bacchus staan de door alcohol overheersende (wijn)feesten centraal. Niet alleen de positieve effecten van dit genotsmiddel staan komen aan bod, ook zijn er in zijn omzwervingen genoeg negatieve gevolgen bekend. Het uitbundige, bijna manische feestgevoel hoor je terug, maar ook is er genoeg ruimte voor de meer donkere kanten van zijn geschiedenis.
De puurheid zit gevangen in een gouden kooitje, en de kunstmatige vogelgeluiden werken niet in het voordeel. De keizer van het sprookje De Chinese Nachtegaal verlangde uiteindelijk ook naar het originele gefluit, en niet naar het mechanische blikken geluid. Bij het begin van Liberator Of Minds moet ik hier heel sterk aan denken, de tekstloze klaagzang van Gerrard roept een wanhopig sfeertje op, als rouwende vrouwen die treuren om hun stervende leider. Eigenlijk vat dit lied Dionysus het beste samen. De behoefte naar echtheid is sterk aanwezig, al is het verder een behoorlijke goede plaat. Je hoort wel alle genoemde invloeden hier in terug; het Oosterse sabeldans achtige, het meer statische Middeleeuwse theatrale, en zelfs het trieste zware post-punk.
Al snel tijdens opener Sea Born komt dit gemis pijnlijk naar boven drijven; het repeterende drumgeluid klinkt net niet krachtig genoeg, zelfs wat aan de vlakke kant, zonde, want verder heeft het een prima spannende opbouw. Ook de ondersteunende menselijke klanken lijken door de blender gehaald te zijn gevormd tot een smoothie in de nog experimentele fase; wel lekker, maar niet luchtig genoeg, te zoet, en er mist een onderscheidend ingrediënt, welke het net wat pittiger hoort te maken. Volgens mij zijn het allemaal bestaande sample fragmenten van andere songs, waar Gerrard haar kunsten laat horen. Na meerdere luisterbeurten pakt het mij wel, maar het blijft even wennen. Het einde is heerlijk duister en mysterieus.
Dance Of The Bacchantes zou gebruikt kunnen worden als dansbewegingen voor een inheemse gevechtssport, waar het eerbied hebben voor je tegenstander op de voorgrond staat. Een mix tussen tribal, trance en zelfs toegankelijke nineties industrial, door de vrolijke klanken is het allemaal een wat minder zwaar muzikaal hoogstandje. Tot hier toe de a-kant, Act 1 genaamd.
Was er daar nog sprake van het gevoel van een nazomer, bij Act 2 duiken we wel gelijk de deprimerende herfst in. The Mountain heeft een prachtige opbouw, maar echt warm van binnen wordt je toch pas als je Brendan Perry eindelijk hoort zingen. Vervolgens valt ook Lisa Gerrard in, maar je hoort dan dat ouderdom misschien wel de voorbede is voor meer wijsheid, ook hier hoor je slijtage in haar stem. Weg is het engelengeluid, daarvoor is het meer hulpeloze breekbare in de plaats gekomen. Even slikken, maar vervolgens heb je er wel vrede mee. Zo aards heeft ze nog nooit eerder geklonken, en opeens hebben we te maken met een medemens; en niet met een overkoepelende kracht, meer herkenning.
Bij The Invocation gaat ze daar mee door, maar hier klinkt het net allemaal wat meer Oost Europees, al is hier het zelfvertrouwen wel aanwezig. Eigenlijk heeft dit wel wat, ze domineert de achtergrondkoortjes, die nog jong en fris klinken; alsof er een betrouwbare oudere hogepriesteres ze langzaam in hypnose wiegt.
Als in een goed huwelijk worden de rollen gelijkwaardig verdeeld, dus bij The Forest wordt de microfoon weer overhandigd aan Perry, die wel nog net zo jeugdig klinkt als vijfendertig jaar geleden. Wat blijft het een genot om zijn rustgevende diepe stem te horen.
Afsluiter Psychopomp heeft net een te lang intro, en het duurt hierdoor een hele tijd voordat er echt wat gebeurd, zonder Perry zou het ook een heel stuk minder scoren bij mij. Ook hier geeft zijn geluid een warme mediterende werking, die je doet verlangen naar eenheid met lichaam en geest. Dit klinkt wat spiritueel, maar anders is het niet te verwoorden. Gerrard zit hier mooi verwerkt in de achtergrond, en rond het als in een cirkel perfect af.
Werd er bij de a-kant nog behoorlijk aan het fake gebeuren gestoord, bij de b-kant is dit gevoel echter totaal niet aanwezig. Het zal dan toch te maken hebben met de zang, die hier weer prominent aanwezig is. Dead Can Dance heeft twee zangers, met beide een eigenzinnig geluid. Gerrard moet haar beperkingen inzien en het een waarde oordeel geven en concluderen dat Perry beter past in zijn rol als leadzanger. Bij hem is nog steeds groei mogelijk, maar eerst moet dat zelfbeeld onder controle zijn, en de acceptatie er zijn van de muzikale partner.
Dead Can Dance - Dionysus | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Nu, weer ruim vijf jaar later is er dan vrij onverwachts Dionysus, die minder verrassend werkt, wat zeker met het volgende te maken heeft. Dead Can Dance maakte live veel indruk door de veelzijdigheid van instrumenten op het podium, hier weten ze dat geluid, duidelijk hoorbaar op een kunstmatige manier te produceren. Met behulp van drumcomputer, keyboard, synthesizer en andere elektronische hulpmiddelen. Van veel bands kan je dit prima hebben, maar bij een act als Dead Can Dance, waar de echtheid een grote rol speelde, heb ik hier veel meer moeite mee. Dionysus is een plaat die bestaat uit twee tracks, welke weer onderverdeeld zijn in meerdere stukken.
Dionysus is een mythische Griekse God met een behoorlijk menselijk karakter. De mengeling van zwakheid en moed, van weelderigheid en kracht komt vooral naar boven; gesymboliseerd in de druif. Net als bij Bacchus staan de door alcohol overheersende (wijn)feesten centraal. Niet alleen de positieve effecten van dit genotsmiddel staan komen aan bod, ook zijn er in zijn omzwervingen genoeg negatieve gevolgen bekend. Het uitbundige, bijna manische feestgevoel hoor je terug, maar ook is er genoeg ruimte voor de meer donkere kanten van zijn geschiedenis.
De puurheid zit gevangen in een gouden kooitje, en de kunstmatige vogelgeluiden werken niet in het voordeel. De keizer van het sprookje De Chinese Nachtegaal verlangde uiteindelijk ook naar het originele gefluit, en niet naar het mechanische blikken geluid. Bij het begin van Liberator Of Minds moet ik hier heel sterk aan denken, de tekstloze klaagzang van Gerrard roept een wanhopig sfeertje op, als rouwende vrouwen die treuren om hun stervende leider. Eigenlijk vat dit lied Dionysus het beste samen. De behoefte naar echtheid is sterk aanwezig, al is het verder een behoorlijke goede plaat. Je hoort wel alle genoemde invloeden hier in terug; het Oosterse sabeldans achtige, het meer statische Middeleeuwse theatrale, en zelfs het trieste zware post-punk.
Al snel tijdens opener Sea Born komt dit gemis pijnlijk naar boven drijven; het repeterende drumgeluid klinkt net niet krachtig genoeg, zelfs wat aan de vlakke kant, zonde, want verder heeft het een prima spannende opbouw. Ook de ondersteunende menselijke klanken lijken door de blender gehaald te zijn gevormd tot een smoothie in de nog experimentele fase; wel lekker, maar niet luchtig genoeg, te zoet, en er mist een onderscheidend ingrediënt, welke het net wat pittiger hoort te maken. Volgens mij zijn het allemaal bestaande sample fragmenten van andere songs, waar Gerrard haar kunsten laat horen. Na meerdere luisterbeurten pakt het mij wel, maar het blijft even wennen. Het einde is heerlijk duister en mysterieus.
Dance Of The Bacchantes zou gebruikt kunnen worden als dansbewegingen voor een inheemse gevechtssport, waar het eerbied hebben voor je tegenstander op de voorgrond staat. Een mix tussen tribal, trance en zelfs toegankelijke nineties industrial, door de vrolijke klanken is het allemaal een wat minder zwaar muzikaal hoogstandje. Tot hier toe de a-kant, Act 1 genaamd.
Was er daar nog sprake van het gevoel van een nazomer, bij Act 2 duiken we wel gelijk de deprimerende herfst in. The Mountain heeft een prachtige opbouw, maar echt warm van binnen wordt je toch pas als je Brendan Perry eindelijk hoort zingen. Vervolgens valt ook Lisa Gerrard in, maar je hoort dan dat ouderdom misschien wel de voorbede is voor meer wijsheid, ook hier hoor je slijtage in haar stem. Weg is het engelengeluid, daarvoor is het meer hulpeloze breekbare in de plaats gekomen. Even slikken, maar vervolgens heb je er wel vrede mee. Zo aards heeft ze nog nooit eerder geklonken, en opeens hebben we te maken met een medemens; en niet met een overkoepelende kracht, meer herkenning.
Bij The Invocation gaat ze daar mee door, maar hier klinkt het net allemaal wat meer Oost Europees, al is hier het zelfvertrouwen wel aanwezig. Eigenlijk heeft dit wel wat, ze domineert de achtergrondkoortjes, die nog jong en fris klinken; alsof er een betrouwbare oudere hogepriesteres ze langzaam in hypnose wiegt.
Als in een goed huwelijk worden de rollen gelijkwaardig verdeeld, dus bij The Forest wordt de microfoon weer overhandigd aan Perry, die wel nog net zo jeugdig klinkt als vijfendertig jaar geleden. Wat blijft het een genot om zijn rustgevende diepe stem te horen.
Afsluiter Psychopomp heeft net een te lang intro, en het duurt hierdoor een hele tijd voordat er echt wat gebeurd, zonder Perry zou het ook een heel stuk minder scoren bij mij. Ook hier geeft zijn geluid een warme mediterende werking, die je doet verlangen naar eenheid met lichaam en geest. Dit klinkt wat spiritueel, maar anders is het niet te verwoorden. Gerrard zit hier mooi verwerkt in de achtergrond, en rond het als in een cirkel perfect af.
Werd er bij de a-kant nog behoorlijk aan het fake gebeuren gestoord, bij de b-kant is dit gevoel echter totaal niet aanwezig. Het zal dan toch te maken hebben met de zang, die hier weer prominent aanwezig is. Dead Can Dance heeft twee zangers, met beide een eigenzinnig geluid. Gerrard moet haar beperkingen inzien en het een waarde oordeel geven en concluderen dat Perry beter past in zijn rol als leadzanger. Bij hem is nog steeds groei mogelijk, maar eerst moet dat zelfbeeld onder controle zijn, en de acceptatie er zijn van de muzikale partner.
Dead Can Dance - Dionysus | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Dead Can Dance - Into the Labyrinth (1993)

4,0
0
geplaatst: 4 mei 2010, 14:58 uur
Bij opener Yulunga (Spirit Dance) gaan mijn gedachtes naar Jeruzalem.
Mensen voor de Klaagmuur prevelen gebeden.
In de hoop op vergeving.
Het zalven van wonden.
Dan komt er in de verte een vrouw in een turquoise gewaad aan lopen.
Ze knielt in het stoffige ondergrond.
Er wordt houvast gezocht in zandkorrels.
Waar echter geen grip op te krijgen is.
De sluier voor haar ogen verraad een droevig gezicht.
De kenmerken in haar gelaat laten een zwaar leven zien.
Littekens tekenen haar ziel.
Ze opent haar mond.
Een overvloed aan klanken vervult de woestijn.
Vogels vliegen verschrikt weg.
De pijn trekt door in hun vleugels.
De oproep naar het lijden.
Niet alleen Christus wordt aanbeden.
Het verdriet van de dwaze moeders uit Argentinië.
Kindsoldaten uit Sierra Leone.
Conflict in Darfur.
Lisa Gerrard bevind zich hier in het Midden Oosten.
Haar reisgenoot is Brendan Perry.
Als nomaden trekken ze voort.
Inheemse volkeren nodigen hun uit.
Bruiloften, rituelen en begrafenissen laten een diepe indruk achter.
Geloofsovertuigingen die leiden tot oorlogen.
Ierse pelgrims op zoek naar het echte Beloofde Land.
Culturen die samengaan tot een muzikale smeltkroes.
Op Into The Labyrinth is de terugkeer naar het geluid van de Middeleeuwen grotendeels verdwenen.
Nieuwe invalshoeken werden op gezocht.
Het verleden mengt zich met het heden.
De voltooide zoektocht.
Een band met hun roots in de duistere variant van New Wave heeft zich volledig ontplooit.
De rust is dan ook terug te horen.
Afsluiting van een ontdekkingsreis.
Mensen voor de Klaagmuur prevelen gebeden.
In de hoop op vergeving.
Het zalven van wonden.
Dan komt er in de verte een vrouw in een turquoise gewaad aan lopen.
Ze knielt in het stoffige ondergrond.
Er wordt houvast gezocht in zandkorrels.
Waar echter geen grip op te krijgen is.
De sluier voor haar ogen verraad een droevig gezicht.
De kenmerken in haar gelaat laten een zwaar leven zien.
Littekens tekenen haar ziel.
Ze opent haar mond.
Een overvloed aan klanken vervult de woestijn.
Vogels vliegen verschrikt weg.
De pijn trekt door in hun vleugels.
De oproep naar het lijden.
Niet alleen Christus wordt aanbeden.
Het verdriet van de dwaze moeders uit Argentinië.
Kindsoldaten uit Sierra Leone.
Conflict in Darfur.
Lisa Gerrard bevind zich hier in het Midden Oosten.
Haar reisgenoot is Brendan Perry.
Als nomaden trekken ze voort.
Inheemse volkeren nodigen hun uit.
Bruiloften, rituelen en begrafenissen laten een diepe indruk achter.
Geloofsovertuigingen die leiden tot oorlogen.
Ierse pelgrims op zoek naar het echte Beloofde Land.
Culturen die samengaan tot een muzikale smeltkroes.
Op Into The Labyrinth is de terugkeer naar het geluid van de Middeleeuwen grotendeels verdwenen.
Nieuwe invalshoeken werden op gezocht.
Het verleden mengt zich met het heden.
De voltooide zoektocht.
Een band met hun roots in de duistere variant van New Wave heeft zich volledig ontplooit.
De rust is dan ook terug te horen.
Afsluiting van een ontdekkingsreis.
Dead Can Dance - Spleen and Ideal (1985)

4,0
0
geplaatst: 1 december 2008, 07:56 uur
Helaas ben ik het met velen niet eens.
Hun eerste album vind ik schitterend, maar hier stoor ik me toch wel aan Lisa Gerrard, die er als een dwaze moeder haar verhaal aan een klaagmuur kwijt moet. Ik zie haar stem dan ook meer als een instrument, en Brendan Perry als de eigenlijke zanger.
Bij een album als Into the Labyrinth werkt de stem van Gerrard echter wel goed. Muzikaal zit Spleen And Ideal wel zeer sterk in elkaar.
Ik zie wel een lijn tussen de albums; ontwikkeling kan ik het niet noemen; klinkt te positief. Het is niet zo dat de latere Oosterse invloeden zo uit de lucht komen vallen, ze zijn hier ook al in mindere mate hoorbaar.
Hun eerste album vind ik schitterend, maar hier stoor ik me toch wel aan Lisa Gerrard, die er als een dwaze moeder haar verhaal aan een klaagmuur kwijt moet. Ik zie haar stem dan ook meer als een instrument, en Brendan Perry als de eigenlijke zanger.
Bij een album als Into the Labyrinth werkt de stem van Gerrard echter wel goed. Muzikaal zit Spleen And Ideal wel zeer sterk in elkaar.
Ik zie wel een lijn tussen de albums; ontwikkeling kan ik het niet noemen; klinkt te positief. Het is niet zo dat de latere Oosterse invloeden zo uit de lucht komen vallen, ze zijn hier ook al in mindere mate hoorbaar.
Dead Kennedys - Fresh Fruit for Rotting Vegetables (1980)

3,5
0
geplaatst: 14 maart 2011, 23:27 uur
De Elvis van de punkscene.
Versleten Blue Suede Shoes.
Blauwe afgetrapte Dr. Martens.
Jello Biafra klinkt zoals Sid Vicious wilde klinken.
Tijdens de opnames van de clip van My Way.
Dit is DE punkcrooner.
Viva Las Vegas.
Hij stopt persoonlijk de Rock & Roll als extra element toe.
Zonder hem zou Dead Kennedys gewoon doorsnee zijn geweest.
Ideale soundtrack bij een foute B film.
Seksistische horror met veel bloot.
Buitencategorie.
Voor mij in dezelfde hoek als The Cramps.
Erfgenamen van Dick Dale.
Die met zijn surfgitaar misschien wel een van de eerste punkers was.
Schijt aan de wereld.
Gewoon je eigen ding doen.
Verder onderscheid dit album zich door de manier van schrijven.
Biafra die met zijn humor juist de kritische luisteraar bereikt.
Want daarachter is de boodschap hoorbaar.
Misschien wel de beste methode.
Je kunt wel eeuwig kwaad blijven.
Schoppen tegen de heilige huisjes.
Maak het verschil.
Iedereen kent Holiday in Cambodia.
Zo ook California Über Alles.
Biafra wist verrekte goed waar hij mee bezig was.
Versleten Blue Suede Shoes.
Blauwe afgetrapte Dr. Martens.
Jello Biafra klinkt zoals Sid Vicious wilde klinken.
Tijdens de opnames van de clip van My Way.
Dit is DE punkcrooner.
Viva Las Vegas.
Hij stopt persoonlijk de Rock & Roll als extra element toe.
Zonder hem zou Dead Kennedys gewoon doorsnee zijn geweest.
Ideale soundtrack bij een foute B film.
Seksistische horror met veel bloot.
Buitencategorie.
Voor mij in dezelfde hoek als The Cramps.
Erfgenamen van Dick Dale.
Die met zijn surfgitaar misschien wel een van de eerste punkers was.
Schijt aan de wereld.
Gewoon je eigen ding doen.
Verder onderscheid dit album zich door de manier van schrijven.
Biafra die met zijn humor juist de kritische luisteraar bereikt.
Want daarachter is de boodschap hoorbaar.
Misschien wel de beste methode.
Je kunt wel eeuwig kwaad blijven.
Schoppen tegen de heilige huisjes.
Maak het verschil.
Iedereen kent Holiday in Cambodia.
Zo ook California Über Alles.
Biafra wist verrekte goed waar hij mee bezig was.
Dead or Alive - Youthquake (1985)

3,0
1
geplaatst: 15 januari 2011, 22:38 uur
Aan het eind van een doodlopende weg.
Verlaten fabriekshallen.
Maar schijn bedriegt.
Als je goed luistert hoor je muziek.
Steeds weer hetzelfde melodietje.
Ruimtes verdeeld in kleinere kamertjes.
Would Be artiesten in ijzeren kooitjes.
Weggeplukt in slecht draaiende discotheken.
Uitgerangeerde aan lager wal rakende zangers.
Sterallures in overvloed inbegrepen.
Ergens in een hoekje stapelen de geflopte soapsterretjes zich op.
Hopend op een nieuw bestaan.
Wat ouder wordende kalende mannen achter een mengpaneel.
Proberen de nieuwe Boney M uit te vinden.
Vluchtig contact met Frank Farian.
Stock, Aitken & Waterman in hun zoektocht naar de nieuwe supersterren.
Besluiten om een heel leger op ons los te laten.
Dead Or Alive moet de wereld al vast wakker schudden.
Frontman als biseksuele zeerover.
Als een soort van Eva concurreren met Adam Ant.
Als gothic georiënteerd bandje niet aan de slag komen.
Wayne Hussey heeft deze Piet Piraat al verlaten.
Maar de kapitein verlaat pas als laatste een zinkend schip.
Pete Burns klopt wanhopig aan bij een stel producers.
Die beloven om van hem een idool te maken.
En zo het geschiedde.
You Spin Me Round slaat gelijk aan.
Dansvloeren raken overbevolkt.
Youthquake is echter continue herhaling.
Een deuntje wat maar blijft binnen dringen.
Maar wel een prettig deuntje.
Achteraf bleek de wereld nog niet klaar te zijn voor Dead Or Alive.
Al snel raakten ze weer op de achtergrond.
Terwijl het muzikale brein hun imperium steeds verder uitbreiden.
Strategische zetten.
Schaakmat voor Stock, Aitken & Waterman.
Via Bananarama met Venus volgde blijvende naamsbekendheid.
Pete Burns schopte het Big Brother kandidaat.
Het leven als marionet bleef zich herhalen.
Weer een product van een poppenspeler.
Die achter de schermen aan de touwtjes trekt.
Verlaten fabriekshallen.
Maar schijn bedriegt.
Als je goed luistert hoor je muziek.
Steeds weer hetzelfde melodietje.
Ruimtes verdeeld in kleinere kamertjes.
Would Be artiesten in ijzeren kooitjes.
Weggeplukt in slecht draaiende discotheken.
Uitgerangeerde aan lager wal rakende zangers.
Sterallures in overvloed inbegrepen.
Ergens in een hoekje stapelen de geflopte soapsterretjes zich op.
Hopend op een nieuw bestaan.
Wat ouder wordende kalende mannen achter een mengpaneel.
Proberen de nieuwe Boney M uit te vinden.
Vluchtig contact met Frank Farian.
Stock, Aitken & Waterman in hun zoektocht naar de nieuwe supersterren.
Besluiten om een heel leger op ons los te laten.
Dead Or Alive moet de wereld al vast wakker schudden.
Frontman als biseksuele zeerover.
Als een soort van Eva concurreren met Adam Ant.
Als gothic georiënteerd bandje niet aan de slag komen.
Wayne Hussey heeft deze Piet Piraat al verlaten.
Maar de kapitein verlaat pas als laatste een zinkend schip.
Pete Burns klopt wanhopig aan bij een stel producers.
Die beloven om van hem een idool te maken.
En zo het geschiedde.
You Spin Me Round slaat gelijk aan.
Dansvloeren raken overbevolkt.
Youthquake is echter continue herhaling.
Een deuntje wat maar blijft binnen dringen.
Maar wel een prettig deuntje.
Achteraf bleek de wereld nog niet klaar te zijn voor Dead Or Alive.
Al snel raakten ze weer op de achtergrond.
Terwijl het muzikale brein hun imperium steeds verder uitbreiden.
Strategische zetten.
Schaakmat voor Stock, Aitken & Waterman.
Via Bananarama met Venus volgde blijvende naamsbekendheid.
Pete Burns schopte het Big Brother kandidaat.
Het leven als marionet bleef zich herhalen.
Weer een product van een poppenspeler.
Die achter de schermen aan de touwtjes trekt.
Deadbeat & Camara - Trinity Thirty (2019)

2,5
0
geplaatst: 6 oktober 2020, 22:12 uur
Wil je als band zijnde de nodige aandacht op je richten, dan zal dit zeker lukken door een eigen draai aan een album van een andere artiest te geven. Beck deed dit in het verleden regelmatig met zijn Record Club. Klassiekers van Velvet Underground, Leonard Cohen en INXS kregen een oppoetsbeurt. Eerlijk gezegd heeft dit weinig indruk gemaakt. Fluct wist met het Zuid Amerikaans klinkende All the World Is Green de songs van Tom Waits tot een jazzy zomercarnaval om te dopen. Behoorlijk leuk, en soms ook nog serieus geslaagd. Nu probeert elektro producer Scot Monteith samen met Fatima Camara hun Canadese landgenoten van Cowboy Junkies te eren met hun benadering van het magische kerkgebouw product The Trinity Sessions. Margo Timmins heeft zo’n heerlijk lazy gevoelig stemgeluid, en het live gevoel wat deze charismatische meesterlijke plaat uitademt is lastig te evenaren. Want hoe verwoord je de kilte van een statisch koud opnamegebouw met de warmte en onzekerheid van deze persoonlijkheid? Voor dat eerste wordt de elektronische klanken van Deadbeat ingezet. Camara offert zichzelf op als vocalist.
Het aangename country sfeertje vervalt door de aanwezige beats. Mining For Gold wil positief van start gaan. Door de aangename ruis en de hemelse zang heeft het iets overstijgends. Feit is hierbij wel dat de vocalen soms op het randje zit, maar nog net wat vaker er net overheen duikelt. Hierbij is het prima om je kwetsbaar op te stellen, maar als gelijk al bij de openingstrack valse noten domineren, dan maak je het jezelf lastig om vervolgens te revengeren. Qua muzikale begeleiding is er niks mis mee. Misguided Angel krijgt een synthetisch souljasje aan, wat net nonchalant te ruim aanvoelt. Ook nu is Camara pijnlijk gezien een erg zwakke rammelende schakel. Zonde, dat hier overheersend de aandacht naar toe wordt getrokken. Met het aardedonkere Blue Moon Revisited (Song for Elvis) wanen we ons op het Graceland kerkhof, wenend naast de kenmerkende grafsteen van De King Of Rock. Te sentimenteel weerklinkt de roep van de vocalist die net zoveel indruk weet te maken als het gejammer van een oude vrijster.
De prachtige triphop van I Don’t Get It After Midnight (Medley) wekt je nieuwsgierigheid. Schijnbaar heeft Scot Monteith bij dezelfde slechthorende gepensioneerde zanglerares les gehad als zijn muzikale partner. Wat is dit zo jammer, de sfeerbepalende omlijsting is namelijk zo treffend gevormd. Zelfs Cowboy Junkies spitte met hun Hank Williams cover van I’m So Lonesome I Could Cry al erg diep in de heilige grond, maar wist daar op een wonderbaarlijke manier een schoonheid aan toe te voegen. Deadbeat schept recht door de vergaande botten heen, en beseft niet dat ze hiermee bijna aan heiligschennis doen. Pas met To Love Is to Bury valt het warempel aardig op zijn plek. De zangkwaliteiten zijn net enigszins acceptabel en vervullen voldoende diepgang. Of het gehoor is er ondertussen aan gewend geraakt. Met medelijden luister ik naar de geniale kwaliteiten van Scot Monteith. Hij weet een sprookjesachtig goed bedoeld landschap neer te zetten; waar Camara zinloos met te grote zevenmijlslaarzen doorheen zwalkt.
Welke strafrechtelijke boete staat op het onrecht wat ze Dreaming My Dreams with You aandoet. Voor drama kan ik hier de enige ruime voldoende toekennen. Want wat is dit een drama. De zang wil nergens goed uit de verf komen. Uit armoe wordt Monteith weer naar voren geschoven om 200 More Miles als een verschrikte nachtkaars uit te laten doven. De Oosterse triestheid van het mysterieuze Working on a Building past prima in een aangename spaghettiwestern, met in de hoofdrol een ladderzat cowboystel. Bij Postcard Blues komt voor de zoveelste keer de gedachte op dat dit een prachtig geheel zou zijn geweest als ze het instrumentaal hadden gehouden. Dan klopt het gewoon, en hiermee zou Deadbeat elke sollicitatie als soundtrackproducent met goed resultaat kunnen voltooien. Hier zit zoveel meer in. Om in de filmwereld vervolgens af te sluiten. Sweet Jane wist zoveel indruk te maken bij Natural Born Killers. Bij deze uitvoering zullen Woody Harrelson en Juliette Lewis zweren om hun leven als geheelonthouder te vervolgen. De kater dendert nog dagen door in hun zieke geesten. Ik kan niet echt een positieve switch aan het verhaal geven, ondanks dat hier de stemmen nog het meest evenwichtig klinken.
Deadbeat & Camara - Trinity Thirty | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com
Het aangename country sfeertje vervalt door de aanwezige beats. Mining For Gold wil positief van start gaan. Door de aangename ruis en de hemelse zang heeft het iets overstijgends. Feit is hierbij wel dat de vocalen soms op het randje zit, maar nog net wat vaker er net overheen duikelt. Hierbij is het prima om je kwetsbaar op te stellen, maar als gelijk al bij de openingstrack valse noten domineren, dan maak je het jezelf lastig om vervolgens te revengeren. Qua muzikale begeleiding is er niks mis mee. Misguided Angel krijgt een synthetisch souljasje aan, wat net nonchalant te ruim aanvoelt. Ook nu is Camara pijnlijk gezien een erg zwakke rammelende schakel. Zonde, dat hier overheersend de aandacht naar toe wordt getrokken. Met het aardedonkere Blue Moon Revisited (Song for Elvis) wanen we ons op het Graceland kerkhof, wenend naast de kenmerkende grafsteen van De King Of Rock. Te sentimenteel weerklinkt de roep van de vocalist die net zoveel indruk weet te maken als het gejammer van een oude vrijster.
De prachtige triphop van I Don’t Get It After Midnight (Medley) wekt je nieuwsgierigheid. Schijnbaar heeft Scot Monteith bij dezelfde slechthorende gepensioneerde zanglerares les gehad als zijn muzikale partner. Wat is dit zo jammer, de sfeerbepalende omlijsting is namelijk zo treffend gevormd. Zelfs Cowboy Junkies spitte met hun Hank Williams cover van I’m So Lonesome I Could Cry al erg diep in de heilige grond, maar wist daar op een wonderbaarlijke manier een schoonheid aan toe te voegen. Deadbeat schept recht door de vergaande botten heen, en beseft niet dat ze hiermee bijna aan heiligschennis doen. Pas met To Love Is to Bury valt het warempel aardig op zijn plek. De zangkwaliteiten zijn net enigszins acceptabel en vervullen voldoende diepgang. Of het gehoor is er ondertussen aan gewend geraakt. Met medelijden luister ik naar de geniale kwaliteiten van Scot Monteith. Hij weet een sprookjesachtig goed bedoeld landschap neer te zetten; waar Camara zinloos met te grote zevenmijlslaarzen doorheen zwalkt.
Welke strafrechtelijke boete staat op het onrecht wat ze Dreaming My Dreams with You aandoet. Voor drama kan ik hier de enige ruime voldoende toekennen. Want wat is dit een drama. De zang wil nergens goed uit de verf komen. Uit armoe wordt Monteith weer naar voren geschoven om 200 More Miles als een verschrikte nachtkaars uit te laten doven. De Oosterse triestheid van het mysterieuze Working on a Building past prima in een aangename spaghettiwestern, met in de hoofdrol een ladderzat cowboystel. Bij Postcard Blues komt voor de zoveelste keer de gedachte op dat dit een prachtig geheel zou zijn geweest als ze het instrumentaal hadden gehouden. Dan klopt het gewoon, en hiermee zou Deadbeat elke sollicitatie als soundtrackproducent met goed resultaat kunnen voltooien. Hier zit zoveel meer in. Om in de filmwereld vervolgens af te sluiten. Sweet Jane wist zoveel indruk te maken bij Natural Born Killers. Bij deze uitvoering zullen Woody Harrelson en Juliette Lewis zweren om hun leven als geheelonthouder te vervolgen. De kater dendert nog dagen door in hun zieke geesten. Ik kan niet echt een positieve switch aan het verhaal geven, ondanks dat hier de stemmen nog het meest evenwichtig klinken.
Deadbeat & Camara - Trinity Thirty | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com
DEADLETTER - Hysterical Strength (2024)

4,0
1
geplaatst: 4 januari 2025, 12:27 uur
Met een opgefokte politieke houding, overstuurd gestemde gitaren, dreigende diepe vocalen en een kolkende moshpit presenteert de nieuwe lichting postpunk bands zich tegenwoordig aan het publiek. Live vaak een sensationeel feestje. Dat het ook anders kan bewijst het uit Yorkshire afkomstige Deadletter. Niet toevallig dus dat het stemgeluid van Zac Lawrence overeenkomsten vertoont met de gedragen voordracht van een jonge uit dezelfde omgeving afkomstige Justin Sullivan van New Model Army. Je hoort vlagen van die anarchistische punk onvrede in de zanger terug. Je kan het slechter treffen. Veel New Model Army dus, maar ook de verbitterde wanhoop die Mark Burgess van The Chameleons zo goed kan verwoorden.
Drummer Alfie Husband trakteert ons op sneltrein jazzritmes en bassist George Ullyott bezit de gedrevenheid van een metalbassist. Gitaristen Will King en Sam Jones onderwerpen de luisteraar aan een breed scala aan hoekige riffs, maar in alles straalt Credit to Treason ook het krautrock verleden uit. Het is echter saxofonist Poppy Richler die het verschil maakt en die doodleuk net voor de Hysterical Strength release aankondigt dat het Deadletter verhaal voor haar op dit punt stopt. Een grote domper, al wordt haar plek live ondertussen door een vervanger, Nathan genaamd, ingenomen. De fraaie bijdrages van Poppy Richler staan in ieder geval gedoseerd op het funkende debuut Hysterical Strength gedocumenteerd, dat neemt niemand haar meer af.
Zac Lawrence haalt de inspiratie voor Credit to Treason uit een afkeurende blik naar zijn innerlijke gevoelens. Met de nodige zelfspot bekritiseert hij de overwoekerende walging die diep in hem woedt. Het is zo gemakkelijk om met een wijzend vingertje de maatschappij als schuldige aan te wijzen, het is zo dapper om juist de eigen fouten te erkennen en daarmee aan de slag te gaan. Hiermee help je iemand verder, juist door het zo puur mogelijk te houden. De boodschap richt zich op het zelfredzaamheidsprogramma en niet op voorgekauwde geschiedenisboeken met gepasseerd lesmateriaal. Kortom, verbeter de wereld, begin bij jezelf.
More Heat! rechtvaardigt het Deadletter bestaansrecht. De pijnpunten van deze track liggen in de pandemie onvrede waar opgelegde regels en wetgevingen de creativiteit monddood maken. De zinloosheid van de stilstand wakkert het vuurtje aan. More Heat! staat voor de ingehouden opwinding, geen woede, maar de drang om van niets iets te creëren. Het vluchtige It Flies gefreak heeft zijn roots ook bij dat stilstaande isolement. De angst om de grip op de tijd te verliezen. Het verlies van de opgespaarde momenten die nu als los zand door de handen glippen. Hier ontspoort Deadletter en geven de muzikanten zich aan het muzikale geweld over.
De dood slaat toe en eist Bygones op. Het onbegrip, het onrealistische onverklaarbare gevoel. Verdoofd, onmacht en boosheid. Primaire emoties die bij het plotselinge sterven horen. De impact is onvatbaar groot. Een heleboel on-woorden, terwijl de omstanders juist in off stand verkeren en functieloos de dagen verslijten. Net als bij de Mere Mortal tragiek staat het onbegrip centraal. Hoe kan je verdriet een plek geven als je het verlies niet kan accepteren?
Het dromerig mijmerende Mother handelt over de onvoorwaardelijke moederliefde voor haar kind. We dansen de problemen weg en doen net alsof er niks aan de hand is. Een manipulerende schijnvertoning om de harde waarheid te verzachten. Poppy Richler in de rol van de sussende moederfiguur die berustend aansprekend Zac Lawrence op zijn plek wijst. Geïnspireerd op de gelijknamige film van Bong Joon Ho, krijgt de gestoordheid uiteindelijk vrij spel en zwikt zelfs Poppy Richler voor de panische opruiende breakbeat chaos. Het is de soortgelijke geloofswaanzin die de slapeloze Practise Whilst You Preach nachten beheerst en het exorcistische gevecht met de demonen die de hogere macht op je afstuurt.
Het wrange argwanende Deus Ex Machina verzet zich tegen de loze Brexit beloftes en de complotdenkwijze van de bezorgde burger; het is de meest duistere song van de plaat. Het observerende A Haunting geeft de wereld een kleur mee. We hopen op regenboogtinten maar krijgen asgrauwe grijsheid voorgeschoteld. De Auntie Christ (antichrist?) zwartgalligheid verwelkomt de dag des oordeels, de Apocalyps. Het einde der tijden mag Hysterical Strength afsluiten. Hoe passend is het dan dat Poppy Richler hier haar laatste adem uitblaast?
Deze mentale aftakeling waakt over Hysterical Strength. Tot waar reikt ons fysieke vermogen voor de rek eruit is en knapt? Dit elastieken breekpunt krijgt een storm aan gitaarexplosies over zich heen. Het toeval wil dat de relaxte rustfactor Poppy Richler juist ervoor kiest om deze druk te ontwijken. Doordacht en behoedzaam drukt ze hier nog de stempel op het ritmisch aangezette Hysterical Strength titelstuk. Hoe treffend is het dat juist Relieved deze grens zo perfect weergeeft. Tot hier en niet verder.
Deadletter - Hysterical Strength | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Drummer Alfie Husband trakteert ons op sneltrein jazzritmes en bassist George Ullyott bezit de gedrevenheid van een metalbassist. Gitaristen Will King en Sam Jones onderwerpen de luisteraar aan een breed scala aan hoekige riffs, maar in alles straalt Credit to Treason ook het krautrock verleden uit. Het is echter saxofonist Poppy Richler die het verschil maakt en die doodleuk net voor de Hysterical Strength release aankondigt dat het Deadletter verhaal voor haar op dit punt stopt. Een grote domper, al wordt haar plek live ondertussen door een vervanger, Nathan genaamd, ingenomen. De fraaie bijdrages van Poppy Richler staan in ieder geval gedoseerd op het funkende debuut Hysterical Strength gedocumenteerd, dat neemt niemand haar meer af.
Zac Lawrence haalt de inspiratie voor Credit to Treason uit een afkeurende blik naar zijn innerlijke gevoelens. Met de nodige zelfspot bekritiseert hij de overwoekerende walging die diep in hem woedt. Het is zo gemakkelijk om met een wijzend vingertje de maatschappij als schuldige aan te wijzen, het is zo dapper om juist de eigen fouten te erkennen en daarmee aan de slag te gaan. Hiermee help je iemand verder, juist door het zo puur mogelijk te houden. De boodschap richt zich op het zelfredzaamheidsprogramma en niet op voorgekauwde geschiedenisboeken met gepasseerd lesmateriaal. Kortom, verbeter de wereld, begin bij jezelf.
More Heat! rechtvaardigt het Deadletter bestaansrecht. De pijnpunten van deze track liggen in de pandemie onvrede waar opgelegde regels en wetgevingen de creativiteit monddood maken. De zinloosheid van de stilstand wakkert het vuurtje aan. More Heat! staat voor de ingehouden opwinding, geen woede, maar de drang om van niets iets te creëren. Het vluchtige It Flies gefreak heeft zijn roots ook bij dat stilstaande isolement. De angst om de grip op de tijd te verliezen. Het verlies van de opgespaarde momenten die nu als los zand door de handen glippen. Hier ontspoort Deadletter en geven de muzikanten zich aan het muzikale geweld over.
De dood slaat toe en eist Bygones op. Het onbegrip, het onrealistische onverklaarbare gevoel. Verdoofd, onmacht en boosheid. Primaire emoties die bij het plotselinge sterven horen. De impact is onvatbaar groot. Een heleboel on-woorden, terwijl de omstanders juist in off stand verkeren en functieloos de dagen verslijten. Net als bij de Mere Mortal tragiek staat het onbegrip centraal. Hoe kan je verdriet een plek geven als je het verlies niet kan accepteren?
Het dromerig mijmerende Mother handelt over de onvoorwaardelijke moederliefde voor haar kind. We dansen de problemen weg en doen net alsof er niks aan de hand is. Een manipulerende schijnvertoning om de harde waarheid te verzachten. Poppy Richler in de rol van de sussende moederfiguur die berustend aansprekend Zac Lawrence op zijn plek wijst. Geïnspireerd op de gelijknamige film van Bong Joon Ho, krijgt de gestoordheid uiteindelijk vrij spel en zwikt zelfs Poppy Richler voor de panische opruiende breakbeat chaos. Het is de soortgelijke geloofswaanzin die de slapeloze Practise Whilst You Preach nachten beheerst en het exorcistische gevecht met de demonen die de hogere macht op je afstuurt.
Het wrange argwanende Deus Ex Machina verzet zich tegen de loze Brexit beloftes en de complotdenkwijze van de bezorgde burger; het is de meest duistere song van de plaat. Het observerende A Haunting geeft de wereld een kleur mee. We hopen op regenboogtinten maar krijgen asgrauwe grijsheid voorgeschoteld. De Auntie Christ (antichrist?) zwartgalligheid verwelkomt de dag des oordeels, de Apocalyps. Het einde der tijden mag Hysterical Strength afsluiten. Hoe passend is het dan dat Poppy Richler hier haar laatste adem uitblaast?
Deze mentale aftakeling waakt over Hysterical Strength. Tot waar reikt ons fysieke vermogen voor de rek eruit is en knapt? Dit elastieken breekpunt krijgt een storm aan gitaarexplosies over zich heen. Het toeval wil dat de relaxte rustfactor Poppy Richler juist ervoor kiest om deze druk te ontwijken. Doordacht en behoedzaam drukt ze hier nog de stempel op het ritmisch aangezette Hysterical Strength titelstuk. Hoe treffend is het dat juist Relieved deze grens zo perfect weergeeft. Tot hier en niet verder.
Deadletter - Hysterical Strength | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Death and Vanilla - Are You a Dreamer? (2019)

4,0
0
geplaatst: 6 oktober 2020, 19:34 uur
Dat het steeds lastiger wordt om bij Zweden te denken aan donkere dreampop, waarbij de indruk gewekt wordt dat je verdwaalt in de woeste wouden aldaar, hebben we aan IKEA te danken. Tegenwoordig leg je de associatie bij Songesand, Bostrak en andere mysterieuze productnamen. Het bosrijke gebied wordt steeds meer uitgedund om onze steriele huiskamers stijlvol op te vrolijken. En toch is daar nog steeds ergens ruimte voor het vanuit Malmö afkomstige Death And Vanilla, die ons al verschillende keren trakteert op aangename sprookjesmuziek, welke zich leent voor de lugubere verhalen van Hans Christian Andersen. Marleen Nilsson verleid je met haar feeërieke vocalen en lokt je steeds dieper haar onheilspellende wereld in. Samen met Anders Hansson is ze mede verantwoordelijk voor de score van Roman Polanski’s The Tenant. Are You A Dreamer? is de opvolger van het tweede album To Where the Wild Things Are….. In de studio werd het duo bijgestaan door het sfeervolle slagwerk van drummer Måns Wikenmo.
Met een heerlijke triphop ruis op de achtergrond gaat A Flaw in the Iris van start. Door veel galm aan de zang van Marleen Nilsson toe te voegen en mooi snaarinstrument gepingel creëer je een warm ruimtelijk geluid. De luide duistere klanken gaan heerlijk samen met de hoge vogel tonen. Dat ze hiermee het koude, altijd in beweging zijnde landschap van het moederland verwoorden, lijkt een logische verklaring. Met het fabelachtige Let’s Never Leave Here weten ze de sages en legendes van het bosrijke omgeving op te roepen. Dat dit de inspiratiebron is voor de vele mooie geschiedenisvertellers die dit gebied rijk is. De invulling is zoet en speels met een hoog kosmisch jaren zeventig gehalte.
Een stuk avontuurlijker weerklinkt Mercier, waar de vocalen van Marleen Nilsson bijna verdrinken in het moeras van overweldigende stemeffecten. Hierbij hoor je overduidelijk de filmische achtergrond van Death And Vanilla terug. Een stukje aantrekkelijke sfeerbepaling met dromerige gitaarlijnen. Eye Bath overstijgt de triphop door niet van een sobere basis uit te gaan. De sprankelende uptempo beats geven het een aangename positieve dansbare vibe. Zelfs het gebruik van dubs en claps wordt toegepast om er een gave clubsound aan te geven. Door de uitgewerkte mix lijkt het net alsof je een obscure maxisingle uit de jaren tachtig in handen hebt.
Met het gothic werkstuk The Hum blijven we in hetzelfde tijdsbeeld hangen, maar begeven we ons op het volgroeide bospad ergens tussen Dead Can Dance en Cocteau Twins in. Met aan de ene kant onkruid, en aan de andere zijde verwilderde bloemen. Death and Vanilla weet er een eigen invulling aan te geven, waardoor ze niet het gevaar lopen van plagiaat te worden beschuldigd. Het toegankelijkere Nothing Is Real wordt begeleid door fraaie zuigende postpunk bas en holle drums, om vervolgens er een verlichtende helderheid aan te geven met new wave synthesizers eindigend met een mooie fade out.
Het dieper gezongen Vesperine laat een meer zwoelere Marleen Nilsson horen. Met de bijna tegen het hese aanleunende stemmige vocalen maakt ze er een regenboog dagdroom van, waarin alle wensen in vervulling kunnen gaan. Wallpaper weet zelfs nog fragmenten shoegazer te verwerken in een New Age achtige setting. De ijle wegzwevende keyboard akkoorden geven het een bijpassend klankbedje. Are You A Dreamer is een hedendaagse Scandinavische opvatting van waar dreampop daar voor staat. Door de groene natuurlijke omgeving heeft het een andere voedingsbodem dan de treurnis van de door zure regen aangetaste klassiekers in dit genre.
Death and Vanilla - Are You a Dreamer? | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Met een heerlijke triphop ruis op de achtergrond gaat A Flaw in the Iris van start. Door veel galm aan de zang van Marleen Nilsson toe te voegen en mooi snaarinstrument gepingel creëer je een warm ruimtelijk geluid. De luide duistere klanken gaan heerlijk samen met de hoge vogel tonen. Dat ze hiermee het koude, altijd in beweging zijnde landschap van het moederland verwoorden, lijkt een logische verklaring. Met het fabelachtige Let’s Never Leave Here weten ze de sages en legendes van het bosrijke omgeving op te roepen. Dat dit de inspiratiebron is voor de vele mooie geschiedenisvertellers die dit gebied rijk is. De invulling is zoet en speels met een hoog kosmisch jaren zeventig gehalte.
Een stuk avontuurlijker weerklinkt Mercier, waar de vocalen van Marleen Nilsson bijna verdrinken in het moeras van overweldigende stemeffecten. Hierbij hoor je overduidelijk de filmische achtergrond van Death And Vanilla terug. Een stukje aantrekkelijke sfeerbepaling met dromerige gitaarlijnen. Eye Bath overstijgt de triphop door niet van een sobere basis uit te gaan. De sprankelende uptempo beats geven het een aangename positieve dansbare vibe. Zelfs het gebruik van dubs en claps wordt toegepast om er een gave clubsound aan te geven. Door de uitgewerkte mix lijkt het net alsof je een obscure maxisingle uit de jaren tachtig in handen hebt.
Met het gothic werkstuk The Hum blijven we in hetzelfde tijdsbeeld hangen, maar begeven we ons op het volgroeide bospad ergens tussen Dead Can Dance en Cocteau Twins in. Met aan de ene kant onkruid, en aan de andere zijde verwilderde bloemen. Death and Vanilla weet er een eigen invulling aan te geven, waardoor ze niet het gevaar lopen van plagiaat te worden beschuldigd. Het toegankelijkere Nothing Is Real wordt begeleid door fraaie zuigende postpunk bas en holle drums, om vervolgens er een verlichtende helderheid aan te geven met new wave synthesizers eindigend met een mooie fade out.
Het dieper gezongen Vesperine laat een meer zwoelere Marleen Nilsson horen. Met de bijna tegen het hese aanleunende stemmige vocalen maakt ze er een regenboog dagdroom van, waarin alle wensen in vervulling kunnen gaan. Wallpaper weet zelfs nog fragmenten shoegazer te verwerken in een New Age achtige setting. De ijle wegzwevende keyboard akkoorden geven het een bijpassend klankbedje. Are You A Dreamer is een hedendaagse Scandinavische opvatting van waar dreampop daar voor staat. Door de groene natuurlijke omgeving heeft het een andere voedingsbodem dan de treurnis van de door zure regen aangetaste klassiekers in dit genre.
Death and Vanilla - Are You a Dreamer? | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Death Bells - New Signs of Life (2020)

4,0
1
geplaatst: 3 oktober 2020, 17:48 uur
Vanuit hun middelbare schooltijd in Sydney smeden de jeugdvrienden Will Canning en Remy Veselis al op jonge leeftijd plannen om samen een new wave band te beginnen. Waarschijnlijk hebben ze ooit ergens een flinke doos beschimmeld jaren tachtig vinyl albums op de kop getikt, of op een druilerige zondagmiddag de platencollectie van hun ouders doorgespit. Het debuut Standing at the Edge of the World van het Australische Death Bells is namelijk in alles terug te herleiden naar de sound die zich veertig jaar geleden vanuit het Verenigde Koninkrijk als een zwartgrijze schaduw over de wereld verspreidde. Des te verwonderlijk is het dat dit Australische duo zich vervolgens in de Verenigde Staten vestigt en niet uitwijkt naar Europa.
Aan de andere kant is het ook wel begrijpelijk. Terwijl de hedendaagse postpunk scene steeds meer de keiharde maatschappij kritische kant van de punk opzoekt, blijft Death Bells hangen in die psychedelische druggy new wave romantiek. Daar zouden ze een buitenbeentje zijn, omdat op New Signs of Life veel sterker het dromerige verlangen naar de gloriedagen van de new wave centraal staat. Los Angeles mag alweer voor een langere periode gezien worden als ideale uitvalsbasis voor de retro postpunkbands. Het nachtleven daar staat open voor de liefhebbers van de duistere jaren tachtig muziek, waarbij de nadruk op de illustratieve sprookjesachtige sfeer ligt. Een ideale plek dus om de jacht op dolende zieltjes te vervolgen.
Zwaarmoedige gothic baspartijen doorkruizen met sprankelend gitaarspel de lichte typische Britse zeurderige klaagzang van Will Canning, die de basis vormt voor New Signs of Life. De troebele dreampop invloeden van het debuut zijn vervangen door een steviger geluid, maar ook nu halen ze de inspiratie nog steeds overduidelijk uit die navel starende sub scene. Het zijn allemaal prachtige schitterende doempareltjes, die met gemak veertig jaar terug in de tijd te herplaatsen zijn. Bij de sfeervolle benadering ligt de nadruk voor de afwisseling niet zozeer bij de synths, die sporadisch als waterige specerijen wat extra voedingsbodem toedienen, maar overduidelijk bij de pittige echoënde gitaarakkoorden en doordringend drumwerk. Het is een mooie tussenweg die de idealistische hoopvolle vooruitstrevendheid combineert met de starre deprimerende toekomst verwachtingen.
Toch veroorzaakt hier het conservatieve nostalgische tijdsbeeld ook de nodige armoede, omdat er weinig eigenheid en variatie toegevoegd wordt. Voor de vasthoudende oudere postpunker is het een overweldigend feest van herkenning, maar bij mij komt het net wat oubollig over. Toch stelt New Signs of Life nergens echt teleur, maar gaat Death Bells kopje onder door de veilige weg die ingeslagen wordt. Het is een luchtige kleurige cocktail van de grote helden die vooral begin jaren tachtig het alternatieve klimaat bepaalden, waarbij het verfrissende schijfje limoen ontbreekt.
Death Bells - New Signs of Life | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Aan de andere kant is het ook wel begrijpelijk. Terwijl de hedendaagse postpunk scene steeds meer de keiharde maatschappij kritische kant van de punk opzoekt, blijft Death Bells hangen in die psychedelische druggy new wave romantiek. Daar zouden ze een buitenbeentje zijn, omdat op New Signs of Life veel sterker het dromerige verlangen naar de gloriedagen van de new wave centraal staat. Los Angeles mag alweer voor een langere periode gezien worden als ideale uitvalsbasis voor de retro postpunkbands. Het nachtleven daar staat open voor de liefhebbers van de duistere jaren tachtig muziek, waarbij de nadruk op de illustratieve sprookjesachtige sfeer ligt. Een ideale plek dus om de jacht op dolende zieltjes te vervolgen.
Zwaarmoedige gothic baspartijen doorkruizen met sprankelend gitaarspel de lichte typische Britse zeurderige klaagzang van Will Canning, die de basis vormt voor New Signs of Life. De troebele dreampop invloeden van het debuut zijn vervangen door een steviger geluid, maar ook nu halen ze de inspiratie nog steeds overduidelijk uit die navel starende sub scene. Het zijn allemaal prachtige schitterende doempareltjes, die met gemak veertig jaar terug in de tijd te herplaatsen zijn. Bij de sfeervolle benadering ligt de nadruk voor de afwisseling niet zozeer bij de synths, die sporadisch als waterige specerijen wat extra voedingsbodem toedienen, maar overduidelijk bij de pittige echoënde gitaarakkoorden en doordringend drumwerk. Het is een mooie tussenweg die de idealistische hoopvolle vooruitstrevendheid combineert met de starre deprimerende toekomst verwachtingen.
Toch veroorzaakt hier het conservatieve nostalgische tijdsbeeld ook de nodige armoede, omdat er weinig eigenheid en variatie toegevoegd wordt. Voor de vasthoudende oudere postpunker is het een overweldigend feest van herkenning, maar bij mij komt het net wat oubollig over. Toch stelt New Signs of Life nergens echt teleur, maar gaat Death Bells kopje onder door de veilige weg die ingeslagen wordt. Het is een luchtige kleurige cocktail van de grote helden die vooral begin jaren tachtig het alternatieve klimaat bepaalden, waarbij het verfrissende schijfje limoen ontbreekt.
Death Bells - New Signs of Life | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
