MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten WoNa als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

soccer mommy - color theory (2020)

poster
3,5
Voor mij is Color Theory de kennismaking met Soccer Mommy, een naam die bij mij direct een vergeten herinnering aan een park langs de Missouri in Grand Falls, Montana, vol met afgezette voetbalvelden, honderden kinderen en tientallen soccer mommies naar bovenbracht en de prickly pears die daar groeiden in de tijd van Lewis & Clark.

De plaat is een uiterst prettige. Op een bepaalde manier is het alsof Sophie Allison los staat van wat er om haar heen gebeurt. Haar manier van zingen roept dat op, zoals ook bij DIIV's laatste plaat 'Delayer'. In de berichten om de plaatrelease heen gaat het over depressies en donkere dagen en het valt me op hoeveel ik dat in de laatste weken heb gelezen bij andere artiesten. Als er dan een positieve kant is aan dit alles, dan is het dat het een mooie, geïnspireerde plaat heeft opgeleverd. Hopelijk geeft het feit dat zij anderen blij kan maken met haar muziek en waar nodig steun verleent, ook verlichting en steun aan zichzelf.

Hoe donker de wereld kan zijn, blijkt uit dit citaat van Bandcamp: "blue, representing sadness and depression; yellow, symbolizing physical and emotional illness; and, finally, gray, representing darkness, emptiness and loss", waarin Soccer Mommy de achtergrond/inspiratie van/voor de plaat weergeeft. Wat een verschil. Blauw is mijn favoriete kleur, bij geel denk ik aan de zon en een veld vol zonnebloemen in de zomer en grijs, ja, wat moet je er mee? Dat is middelmaat in mijn ogen.

Het zal duidelijk zijn dat Color Theory geen album is dat geluk uitstraalt. Allison zingt ook niet op zo'n manier en toch straalt regelmatig de schoonheid van het album af. Het is puur en dat is niet iets wat veel platen van andere artiesten kunnen zeggen.

Dit is een bewerking van een Engelstalig post op WoNoBloG.

Sofie Winterson - Sophia Electric (2018)

poster
3,5
Het kan gebeuren, dat ik het idee heb, Sofie Winterson in een voorprogramma gezien heb in Leiden, maar me er niets meer van kan herinneren. Dat zal ditmaal anders zijn. Als voorprogramma van Amber Arcades in Amsterdam bleek zij een ideale opstart te zijn. Elektronisch met net genoeg analoge bijdrages, soms heerlijk verrassend, om de aandacht er volkomen bij te houden. Dat nodigde mij uit om toch serieus naar haar nieuwe plaat te luisteren, die ik aanvankelijk vrij snel opzij had gelegd.

Dat bleek al snel onterecht. Sophia Electric kent een aantal mooie songs die balanceren tussen warm en koud, afhoudend en omarmend. In dit spanningsveld begeeft Sofia Winterson zich met haar stem. Ook die laveert tussen afstandelijkheid en zich rechtstreeks tot de luisteraar richten, zoals in het mooiste nummer 'Sweet Heart'.

De manier waarop zij zingt, bracht steeds een herinnering boven die ik niet kon plaatsen. Dat gebeurde pas toen ik op aanraden van een vriend naar Sade's versie van 'Why Can't We Live Together' luisterde, a-ha. Waarbij ik kan aantekenen dat Sophia live een stuk beter zingt dan Sade in het filmpje dat ik op You Tube tegenkwam.

De plaattitel dekt de lading goed. Elektronica, beats, het vormt de basis van dit album. Daar overheen speelt een keyboard, soms een elektrische gitaar of bas, die een iets meer menselijk maat aanbrengen. De overgang van beats naar percussie/drums geven zeker live nummers een enorme boost. De balans tussen deze twee maten heeft Sofia Winterson diverse malen goed getroffen op haar nieuwe album. Een positieve beoordeling valt haar, aanvankelijk totaal onverwacht, ten deel.

Deze bijdrage is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

SONS - Family Dinner (2019)

poster
4,0
Heel veel bands worden in het laatste jaar vergeleken met Shame. Dat zegt heel veel over de status die het debuut van die band, 'Songs Of Praise', heeft bereikt in korte tijd. Tot nu toe haalt niet een band het bij dat album in mijn oren. Tot dat ik Family Dinner voor het eerst hoorde. Niet dat de twee platen nu direct zoveel met elkaar van doen hebben, juist niet zou ik zeggen, op één element na: de ongelofelijke energie die van de plaat uitgaat.

Sons ligt daarbij voor op Shame, omdat de band zoveel veelzijdiger is. Waar Shame toch vrij een-dimensionaal op Britse (post-)punk teruggrijgt, weet Sons door middel van dynamiek in hun stevige rock een veelzijdig palet te creëren van geluiden en sounds.

Alleen al het begin van de plaat. Het titelnummer zet in met een stevig drumritme, niet voor even maar een aantal seconden voordat de band volgt. Dat laatste woord is alles bepalend voor het nummer. Eigenlijk zou je de drums hier het lead instrument kunnen noemen, omdat dit instrument er steeds het meeste uitspringt. De rest is er omheen gebouwd als het ware. Dat is leuk en aardig natuurlijk, ware het niet dat er direct zoveel stuwende energie uitgaat van het ritme, dat ik al gevangen was voordat de band inzette.

Als de band in 'Ricochet', dat ingezet wordt met een bas "solo", ook nog laat zien dat Sons uit de weg kan met melodieën, koortjes en een vleugje pop, was mijn kostje gekocht. Dit album zou niet meer stuk mogen gaan en dat gaat het ook niet. Een eindeloze stroom energie wordt over mij heen gestort en net als bij Shame ben ik een plaat lang volkomen content.

Dit is bewerking van een Engelstalig post op WoNoBloG.

Sophia - As We Make Our Way (2016)

Alternatieve titel: (Unknown Harbours)

poster
4,5
Verpletterd door de schoonheid van Sophia, een band die ik volkomen uit het oog en oor was verloren. In mijn collectie staat een cd, 'People Are Like Seasons', een plaat die ik bijzonder en soms mooi vond, maar niet alles omvattend. Alles wijst er op dat As We Make Our Own Way dat is. De eerste luisterbeurten overtuigden direct.

De, in mijn gedachten want lang niet beluisterd, doom en gloom van "People Are Like Seasons', stond voor mij de echte omarming in de weg. Niet hier. Robin Proper-Sheppard weet met lichte toetsen de zon te laten schijnen op een niet persé mooi landschap en zo de magie ervan naar voren te halen. De dynamiek van de plaat als geheel en binnen in de nummers is werkelijk prachtig.

As We Make Our Own Way staat genoteerd voor de jaarlijstjes en wordt zeker mijn eerst volgende vinyl aanschaf. Echt zo'n plaat om op de late avond intensief naar te luisteren voor het slapen gaan. De wisseling van stemmingen op de plaat zijn prachtig en een opmaat naar een groots, zacht einde.

Na zeven lange jaren, voor mij twaalf, is Sophia terug. En hoe!

Het hele verhaal staat hier op WoNo Magazine.

Sophie Hunger - Halluzinationen (2020)

poster
4,5
Ik volg Sophie Hunger sinds eind 2012, misschien januari 2013. Sinds die tijd zijn er vier albums voorbij gekomen en heb ik haar talrijke keren zien spelen en mij eigenlijk telkens verbaasd dat de stap naar een grotere zaal niet gezet kan worden. Zowel platen als optredens zijn zo goed.

Ook viel mij op dat Sophie Hunger zich met de plaat ontwikkelde en een andere kant van haarzelf laat zien. Dat is op Halluzonationen, een Duitse titel. Geeft dat aan dat zij een doorbraak buiten Duitstalige landen heeft opgegeven?. niet zo. Mijn indruk is dat zij terugkijkt op haar inmiddels 14 jarige carrière en zich door haar verleden heeft laten inspireren.

Dat gebeurt dan ook op grootste wijze. Nummers met een spookachtige kwaliteit komen voorbij, mysterieus, maar zo goed. De elektronica komt van stal, maar er is ook gewoon Sophie, haar instrument en de opname studio. Met een overkoepelend verhaal: (van mij dan) het is zo goed. Halluzinationen is consistent, intelligent en lijkt bijna meer dan alleen muziek. Het heeft een eigen sfeer en die is muzikaal gezien spannend. Wat komt er nog meer?, vroeg ik mij bij een aantal nummers af. Het soort plaat waar ik over 20 jaar nog een nieuw geluidje of instrument in kan ontdekken, gewoon omdat mijn gehoorfocus er nooit bij gelegen heeft.

Met haar nieuwe plaat lijkt de Zwitserse diplomatendochter een pas op de plaats te maken. Ze maakt echter opnieuw een reuzenstap.

Dit is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Sorry - 925 (2020)

poster
4,0
Wat een prettige verrassing deze plaat, zelfs een aangenaam avontuur. Sorry neemt zijn luisteraars mee op een muzikaal avontuur of in ieder geval mij. Mijn eerste indruk was dat 925 zeker een aardige plaat is, maar niet heel bijzonder. Eigenlijk klinkt er bij eerste beluistering een zekere verveling door. Zeker is dat Sorry niet de indruk wekt dat het volkomen voor zichzelf gaat op het debuut. Dat is raar, want de eerste plaat bepaalt een heleboel in de carrière van een startende band.

Het waren niet alleen de juich recensies die mij deden besluiten verder te luisteren. Dat zat toch echt in de songs zelf. Die maakten wel benieuwd. Zo kwam ik erachter dat achter de orenschijnlijke verveling, een enorm boeiende plaat verscholen zit. Er gebeurt zoveel op 925. Eenmaal echt aan het luisteren kwam de plaat tot leven. Naast de boeiende samenzang, kent de plaat een eindeloos aantal fraaie vondsten, citaten en melodieën.

Wat de luisteraar bij de kennismaking op het verkeerde oor kan zetten, is dat Sorry als alternatieve indie rockband zich graag in het midtempo segment ophoudt. Daarnaast is de band ook niet bang om de voet van het vervormingsapparaat te houden. Kortom, inhouden, daar is de band heel goed in. De momenten waarop het dan wel los gaat, zijn des te indrukwekkender. Om dat te er- en onderkennen is geduld nodig. Ik ben heel blij dat ik die heb opgebracht, zodat er binnenkort een prachtig nieuw debuut zich bij mijn collectie gaat scharen.

Ik ben nog niet zo ver dat ik het album supergoed of briljant noem, maar ik sluit verdere groei zeker niet uit. Beter, ik zal teleurgesteld zijn als dat niet gebeurt.

Dit is een bewerking van een Engelstalig post op WoNoBloG.

Soulwax - Much Against Everyone's Advice (1998)

poster
5,0
Het heeft iets langer geduurd, maar het antwoord is ja. Destijds deed ik er drie jaar over om aan het album te wennen (en te kopen, meteen met een fraaie bonus cd). Dat proces verliep via twee cd singles. Wat zijn dat ook al weer? Als ik de plaat nu af en toe draai is het een groot feest van herkenning en nog steeds het ontdekken van weer een nieuw geluidje ergens in de mix. Echt een geweldige plaat. Misschien wel de beste ooit bij onze zuiderburen gemaakt. De manier waarop de band organische muziek en elektronica mixt is niet alleen goed gedaan, af en toe is het verbijsterend dat een mooie melodie mogelijk blijft. Continue scheert Soulwax langs de rand van diepe kloven en hoge toppen om perfect op het smalle pad te blijven. Iedere song heeft zijn eigen momenten en is op zijn manier raak. Kortom, een verdiende *****

Soup - Remedies (2017)

poster
4,5
De fascinatie voor dit album begon met de hoes. En terecht, want dit is een van de mooiste ooit. Eenmaal het album (en de EP) in handen, gaat het artwork maar door. Toch, als de muziek niets was geweest had een poster aan de muur kunnen volstaan. Dat is geenszins het geval. Wat een overdonderende plaat, waarin het beste van Pink Floyd en 'Misplaced Childhood' van Marillion samenkomen.

In lange uitgesponnen nummers golft de muziek van de Noorse band Soup op en neer. Rustige stukken waarin de band ingetogen, gedegen en vol sfeer musiceert worden afgewisseld met sonische stormen waarin grenzen van wat mijn oren (nog) aankunnen worden bereikt. De grens van wat de opname apparatuur aankon, kan hier ook wel eens onder vallen. De band doet zijn naam eer aan als de soep in kwestie stevige erwten- of bonensoep betreft.

Ik ben over het algemeen niet van de prog en symfonische rock. Er zijn uitzonderingen, waar de melodieën het winnen van de techniek en het niet alleen maar om de fabuleuze wendingen en tromgeroffel gaat. Dat is op Remedies ruimschoots het geval.

Remedies is een van die zeldzame albums die direct binnenkomen en daarna alleen maar blijven groeien. Al een aantal maanden lang, sinds de recensie van erwinz mij onder ogen kwam en nu eindelijk ook op vinyl in mijn huiskamer. De plaat is bij het label in Duitsland gewoon te verkrijgen, waar ik via een grote digitale handelaar hier in het land, maanden voor niets heb zitten wachten. Die hoes op 12" formaat, daar gaat weinig tegen op.

Het enige waar de muziek op cd wellicht beter werkt, is dat de kerkorgel break dan echt in het midden staat en een cesuur is tussen de eerste twee nummers op kant 1, die mij als één nummer voorkomen en kant 2, die echt drie nummers kent (inclusief orgel). Die is bijgeleverd, de cd, maar nog niet beluisterd. De LP is te begeesterend.

Het hele verhaal staat hier op WoNoBlog.

Spain - Live at the Love Song (2017)

poster
3,5
Een plaat met een verhaal en een plaat die nooit als zodanig bedoeld was. Spain is gedurende een langere periode gaan toeren in eigen stad. Dat wil zeggen, dat zij een residency had in de Love Song waar de band één keer per week optrad en voornamelijk experimenteerde met haar eigen materiaal en af en toe een gast uitnodigde om mee te komen doen. Een soort van openbare repetities. Aan het applaus te horen, zat er af en toe nauwelijks meer dan de familie. Daarnaast is praten door het spelen niet noodzakelijkerwijs een Nederlandse ziekte, dus dat scheelt weer.

Er zijn vele opnames gemaakt en Glitterhouse heeft aangeboden daar een selectie van uit te brengen. Dat is ook precies wat op Live At The Love Song te horen is. Langgerekte stukken, meer jazzy dan pop, waarin de instrumenten om beurten de kans krijgen om hun ding te doen. Dat is de ene keer interessanter of meer to the point dan andere stukken waar grenzen worden verlegd. De basis is een Spain nummer, gezongen door frontman Josh Hayden, maar dient meer als vertrekpunt voor het avontuur, dan als ruggengraat van de song.

De band moet het naar de zin hebben gehad, wat aan de opnames is af te horen en wij, als luisteraars, kunnen meemaken wat voor de meesten van ons niet was weggelegd: op zo'n avond de Love Song inlopen en gewoon luisteren en het experiment ondergaan.

Dit album is er niet een die ik heel vaak zal spelen, maar wel met heel veel plezier, verbazing en verwondering heb zitten luisteren.

Het hele verhaal staat hier op WoNo Magazine.

Spain - Mandala Brush (2018)

poster
4,0
Vorig kwam een live plaat van Spain uit, Live At The Lovesong. Hierop stonden experimentele nummers opgenomen met gastmuzikanten tijdens de dinsdagavonden waarop Spain musiceerde in de Lovesong. Basisideeën en composities werden op die avonden helemaal van links naar rechts en van onder naar boven verkend. De musici hadden er duidelijk zin in. De ene compositie klonk bevlogener dan de andere of gewoon beter.

Josh Haden en zijn vaste begeleiders namen deze mentaliteit mee naar de studio. Ook hier verkent Spain een soms eenvoudig gegeven voorbij de normale conventies en komt als een winnaar naar binnen. Tussendoor staan prachtige "gewone" liedjes. Meer country gericht of op prachtige pop, nummers die prachtig in balans zijn en de balans op dit album sterk bewaken. Daar om heen rekt de band nummers gigantisch uit en eigenlijk verveelt het geen minuut, tot dat het nummer 'God Is Love' aanbreekt en alle conventies, op deze plaat doorbreekt, qua tijd, qua omzwaai. Daar haak ik af. Verder niets dan lof.

Haden zelf verkent de grenzen van zijn stembereik en volume ook een paar keer en dat is niet altijd een volledig genoegen, maar vooruit. Daar tegenover staan de prachtige stemmen van twee zusjes en hun viool en cello werk. Beide zijn een mooie versiering van de muziek op Mandala Brush.

Het album is een moedige plaat, maar vooral een geslaagde. Spain laat zien dat experiment in muziek niet eng hoeft te zijn. Sterker, gewoon erg goed kan zijn. Het fraaie geluid helpt hier zeker bij, maar is slechts een extraatje. Zonder de kwaliteit van de composities zou het nooit iets worden, ondanks dat mooie geluid. Een aanrader dus.

Deze bijdrage is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Spanking Charlene - Find Me Out (2020)

poster
4,0
CBGB's is al enkele jaren dicht. Het was een afzichtelijk soort gat in de muur in een van de minder goed aangeschreven buurten van New York City. De reputatie van het podium was gebaseerd op bands die daar rond 1975 speelden en daarna wereldwijd doorbraken of tenminste één plaat maakten die een reputatie voor het leven en wellicht voor daarna garandeert.

In het huidige New York loopt een band rond die door de Bowery is gaan zwerven om de laatste restjes inspiratie op te snuiven van de vieze, verbrokkelde straten en daar wonderwel in is geslaagd. Ik zou haast zeggen, waar anders dan op het Rum Bar label komt deze muziek met powerpop weer tot leven op zo'n geslaagde manier?

Spanking Charlene is een band rond zangeres Charlene McPherson, uitgebreid met producer/gitarist Eric 'Roscoe' Ambel. Het is hun derde plaat, maar de eerste sinds 2012. Dat is lang, maar als dat nodig was om tot dit resultaat te komen, was het het wachten voor de fans meer dan waard.

Opvallend vind ik de gelijkenis met onze Shocking Blue of beter de zang van Mariska Veres. Spanking Charlene is in de meeste nummers veel directer dan Shocking Blue vanaf 'Venus'. Meer geïnspireerd door The Knack en The Romantics qua vorm. Meer 'Send Me A Postcard' dan 'Blossom Lady' dus.

Dat levert een heerlijk directe plaat op met goede melodieën, met een vreemde eend, het meer jazzy tussenstuk genaamd 'Can't Let You Go'. Een nummer dat de plaat op het juiste moment even onderbreekt. De rest gaat lekker rechttoe rechtaan. Prima bandje dat Spanking Charlene.

Dit is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Spidergawd - Spidergawd V (2019)

poster
4,0
Spidergawd, ooit opgestart met Bent Saether en toen Motorpsycho drummer Kenneth Kapstad in de gelederen, is inmiddels geheel Motorpsycho vrij. Het is een band die de urgentie voelt om muziek uit te brengen. Dit is het vijfde album sinds de oprichting in 2013 en het vierde sinds het debuut uit 2014.

Voor mij is V de kennismaking, maar als alles zo urgent is als de nummers die op dit album staan, dan is die urgentie volkomen terecht.

V begint heel verrassend. Enkel een saxofoon die staat te toeteren zoals sommige straatmuzikanten in hun eentje wat staan weg te blazen. Als na circa 40 seconden de band invalt, is het aarzelend, bijna onzeker. Dat duurt een paar seconden, waarna de hel losbreekt. Deze stopt pas met razen als de laatste seconde is uitgespeeld.

Deep Purple, Uriah Heep, Black Sabbath, maar ook Metallica en Guns 'N' Roses kunnen als invloeden worden bestempeld. Net als Motorpsycho, maar waar deze band vervolgens minuten lang het experiment induikt, daar gaat Spidergawd, stevig, rechtdoor, met de saxofoon als uiterst verrassend element in de hardrock.

Dit alles is mijn muziek niet echt, maar juist door het hoge melodische gehalte van deze nummers, kan ik er, net als bij de beste nummers van de eerder genoemde bands, volledig in op gaan. Sterker, niet een nummer op V stuit mij op wat voor een manier dan ook tegen de borst. Een geheel geslaagd album dus.

Dit is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Spinning Coin - Hyacinth (2020)

poster
3,5
Ik ken weinig platen die op een manier beginnen, dat als ik niet had geluisterd voorbij de eerste twee nummers, ik nooit had ontdekt hoe leuk ze zijn. Een heruitgave van Josephine Foster vorig jaar is zo'n voorbeeld. Spinning Coin begint Hyacinth al met een nogal hobbelig gezongen 'Avenues Of Spring', maar als, ik denk Sean Armstrong (Spinning Coin heeft twee zangers -en een zangeres) vocaal totaal uit de bocht vliegt, maar dan ook niet alleen tegen vals aan, maar ook nog eens alsof de nagels over het schoolbord getrokken worden, was ik eigenlijk klaar. De rillingen liepen niet alleen door mijn hersens heen, maar ook over mijn rug. Een fysieke, muzikale ervaring dus. Ook wel speciaal om mee te maken. Hiermee vergeleken zijn die diepe bas en bassdrum tijdens een concert wat gewoontjes.

Gelukkig luisterde ik wel verder, want muzikaal zit het gewoon goed onder de zang van Armstrong. Jaren van popmuziek worden door Spinning Coin, een band uit Glasgow en Berlijn, op een prettige en frisse manier aan elkaar gespeeld. Van The Smiths tot The Velvet Underground & Nico, het komt allemaal voorbij. Het feit dat Armstrong niet alles zingt, vergoedt ook veel. Een heel album geëxalteerde jubilatie zonder enige remming, had ik niet getrokken. De afwisseling maakt heel veel goed.

Een band die duidelijk ook een grote rol speelt in de muziek van Spinning Coin is Belle & Sebastian. Net als deze andere band uit Glasgow weet Spinning Coin bescheiden liedjes op een uiterst trefzekere en overtuigende wijze te brengen. Als vervolgens in de arrangementen, ondanks dat de plaat in twee dagen is opgenomen, allerlei prachtige details zich openbaren, is duidelijk dat Hyacinth een blijvertje is. Wel een voor doorbijters die niet direct opgeven.

Dit is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Spinvis - 7.6.9.6. (2020)

poster
4,0
Die stem van Erik de Jong of Spinvis zal altijd wel een dingetje blijven bij mij. De lijzige manier van zingen is niet echt waar ik normaal gesproken op zit te wachten. Het gevolg was dat ik niet lang naar de platen van Spinvis kon luisteren. Met zijn, nu voorlaatste plaat, 'Trein Vuur Dageraad', zette zich echter een kentering in. Ik kan niet echt uitleggen waarom, maar door de muziek op die plaat werd het luisteren naar de stem niet langer een straf. De nummers waren minder schetsmatig en te fragmentarisch naar mijn mening.

In 2017 zag ik de band live op Bevrijdingspop in Haarlem en was best onder de indruk van het muzikale niveau dat op het podium ten beste werd gegeven. Dat samen maakte dat ik best benieuwd was toen ik las dat er een nieuwe plaat werd aangekondigd. Welke kant zou het kwartje opvallen? Want een kwartje was Spinvis inmiddels wel geworden bij mij.

Getooid met een mysterieuze titel, 7.6.9.6., zette ik de plaat vol verwachting op. Die verwachtingen werden niet beschaamd. Maar eerst die titel. Wat schuilt daar achter? Helemaal niets blijkt, behalve voor mensen voor wie dit toevallig een pincode is, zoals de bio snedig opmerkt. Spreek het uit en je hoort een melodietje: hoog, laag, hoger, laag.

7.6.9.6. is, voor een deel, een coronaplaat. De basis was klaar toen we in intelligente lockdown gingen, maar de details niet. Stukjes muziek en achtergrond zang kwamen naar het e-mailadres van Erik de Jong toe, die alles in elkaar knutselde zoals hij dat bij zijn eerste plaat deed, die ook in splendid isolation tot stand kwam. Met één groot verschil: inmiddels zit iedereen op de nieuwe Spinvis te wachten.

Al diegenen die zich tot de wachtenden rekenden zijn op 2 oktober op hun wenken bediend. Ik zit te luisteren naar een aantal prachtige liedjes waarbinnen niets vanzelfsprekend is. De details buitelen over elkaar heen en maken de mid-tempo liedjes onnoemelijk levendig. De overdaad maakt 7.6.9.6. een genot om naar te luisteren. Er lijkt genoeg te gebeuren om 100 luisterbeurten later nog steeds nieuwe details te kunnen ontdekken. Die op de voorgrond zijn overduidelijk, maar er is zoveel meer.

Met dit werk lijkt De Jong een brug te slaan tussen kleinkunst en pop. Liedjes die in cabaret vrijwel geen andere rol zouden hebben dan een verhaal in een show te ondersteunen, worden hier uitgebouwd tot zelfstandige popnummers met zwierig melancholische arrangementen. De wereld van Spinvis is immers altijd in mineur en afwachtend, beschouwend van aard en sfeer. Tegelijkertijd pakt hij iedereen die hier bevattelijk voor is direct in.

Luisterend naar de nummers, lijkt het vrijwel onbestaanbaar dat er een moment geweest is, waarop Erik de Jong op zijn zolder of oefenruimte zat met alleen een akoestische gitaar en de liedjes die wij nu kunnen horen op 7.6.9.6. daaruit tevoorschijn toverde. Ze zijn zo vol en toch zo ruimtelijk en rijk, dat één man, één gitaar (of keyboard, vooruit) onbestaanbaar lijkt. Een gedachte die ik niet vaak heb, omdat het doorgaans heel bestaanbaar is bij artiesten die in liedjes doen. Sterker, dat ik ze zelf zou kunnen spelen, wat bij veel songs ook het geval is.

Kortom, op 7.6.9.6. gebeurt heel erg veel. Een plaat waar ik nog lang niet klaar mee ben. In de afgelopen dagen heb ik op zijn best eerste indrukken op kunnen doen, die allemaal zeggen: hier gebeurt iets bijzonders. Zelfs die stem past er helemaal bij. Het heeft er alle schijn van dat we elkaar gevonden hebben.

Het bovenstaande is ook gepubliceerd op WoNoBloG.

Spinvis - Trein Vuur Dageraad (2017)

poster
3,5
Voor iemand die nooit een Spinvis fan is geweest, bevalt zijn nieuwe album uitstekend. De lijzigheid van stem en muziek stond me altijd al na een nummer of drie zo zwaar tegen dat ik de plaat afzette lang voor het einde en het op een gegeven moment gewoon heb opgegeven. De muziek van Spinvis was niet voor mij.

Enter Trein Vuur Dageraad. Door dat kleine, pseudo 78 toeren nummer aan het begin, over een ver en onbereikbaar verlangen, werd ik het avontuur ingezogen. Stapte over die stem heen en bleek bij nummer 10 nog steeds aanwezig. Gelukkig maar, want het twaalfde nummer is een van de meest boeiende Nederlandstalige nummers die ik ooit hoorde. Wat een verfijning en gelaagdheid.

Tijdens het luisteren kwam steeds vaker de naam Boudewijn de Groot binnen drijven. Nu ben ik geen superfan en na 'Jimmy' hoef ik niets meer van hem te horen, maar deze plaat van Spinvis associeer ik met De Groot. Misschien omdat ik het idee heb dat Trein Vuur Dageraad uit net iets meer traditionele songs bestaat dan zijn voorgangers. Een andere verklaring heb ik niet, maar zo voelt het voor mij wel.

Een uiterst prettige plaat heeft Spinvis afgeleverd, met één song die het verdient om in de Top 2000 te gaan komen. Ja, er worden nog grootse songs gemaakt anno 2017. Luister ook eens naar het recente 'Life Song' van The Black Angels. Ook episch.

Het hele verhaal staat hier op WoNo Magazine.

Spooky Tooth - Spooky Two (1969)

poster
4,0
Herfst 1968 ontdekte ik de top 40 van Veronica. Vanaf dat moment werd op donderdag omgelopen op weg van school naar huis om op de Stadhoudersweg het nieuwe exemplaar op te halen. Zo leerde ik heel veel singles kennen, die zich in mijn derde en vierde klas lagere schoolbrein boorden. Een van die singles was 'That Was Only Yesterday'. Ik kon mij eigenlijk alleen het refrein herinneren, verder niets.

Een paar jaar terug ben ik op mijn muziekblog WoNoBlog de LPs gaan bespreken die bij die singles hoorden. Deze plaat wilde ik direct hebben en vond hem al snel 2e hands. Echt een prima plaat, gevarieerd en goed gemusiceerd. En een zanger met een lekkere rasp in zijn stem. Sommige platen in deze serie vielen zo enorm tegen, andere zoals deze echt niet.

Horen jullie ook de Jefferson Airplane invloed in 'Feeling Bad'? De massale zang, inclusief "een Grace Slick" en de muziek daaronder doet mij er in ieder geval erg aan denken. Voor mij een van de topnummers op dit album. De eerder genoemde single is overigens een prima nummer. De eindeloze akkoordenwisselingen onder het refrein? Ik vind het iets te ver doorgevoerd. Wel snap ik waarom het refrein me dus tientallen jaren is bijgebleven.

Conclusie? Een hele goede aanwinst die regelmatig uit de kast getrokken wordt.

SPRINTS - All That Is Over (2025)

poster
4,0
De tweede overtuigt in zijn geheel. Een 'Literary Mind' effect zit er meer dan waarschijnlijk niet meer in, maar dat neemt niet weg dag All That Is Over een meer dan prima album is. De band weet een spanningsboog in nummers op te bouwen, die al dan niet tot ontlading komt en weet geweldig te rocken. Met Karla Chubb die al de mogelijkheden die haar stembereik bezit etaleert. En dan komt de samenzang met de heren nog. SPRINTS kan wel eens een blijvertje worden.

Squeeze - East Side Story (1981)

poster
3,5
De plaat maar weer eens uit de kast getrokken. Ik twijfel tussen 3,5 en 4 *. Een aantal nummers komen mij anno 2025 teveel als een pastiche over. Country, rock en roll, (net geen) postpunk, het komt allemaal voorbij. Een aantal nummers steekt er met kop en schouders bovenuit. Vooral 'Is that Love?' is voor mij het topnummer. Het zit zo ontzettend goed in elkaar. Het werd geen hit destijds maar had het wel moeten zijn. 'Tempted' werd wel een hitje en is het Squeeze nummer geworden, maar ik heb altijd het idee dat Squeeze niet echt wist hoe het een goed einde aan het nummer moest breien. Het gaat uit als een nachtkaars en dat is jammer.

Verder luistert het van voor naar achter heerlijk weg. Dit was destijds een topband, waar nooit helemaal uit is gekomen wat er in zat of leek te zitten. De twee songschrijvers waren heel goed, bijna Lennon en McCartney waardig, maar zagen er niet goed genoeg uit denk ik, waarbij de start in de (post)punktijd niet hielp. De kwaliteit van songschrijven en zingen druipt ervan af.

Voor mij is en blijft East Side Story het album van Squeeze.

Squirrel Flower - I Was Born Swimming (2020)

poster
3,5
Meestal zet ik Spotify direct af als ik klaar ben met een plaat. Maar, als ik die plaat verder nog niet ken, kan het voorkomen dat er een nummer in dezelfde stijl voorbij komt. En heel af en toe ontstaat er een prikkeling in mijn brein die zegt: opletten. Dat was het geval toen 'Red Shoulder' van Squirrel Flower voorbij kwam.

In de dagen daarna ben ik de plaat vaker gaan afspelen en inmiddels staat hij op de nominatie om aangeschaft te gaan worden. Wat mij aanspreekt is de enorme lading die de plaat meekrijgt door de sfeer. Deze plaat is zo enorm ruimtelijk opgenomen. Zelfs de grootste marmeren badkamer lijkt nog te klein te zijn voor dit geluid. Er zit zoveel reverb en delay op dat Ella O'Connor Williams, de artiest achter de naam Squirrel Flower, de hele wereld lijkt in te nemen. Dat resulteert in een droomachtige toestand. Voor de oudere lezer, special agent Cooper in de 'Red Room'. Zoiets.

Dat zou allemaal niet interessant zijn, als de muziek niet goed is. Nu, de meeste nummers zijn meer dan o.k. Sterker het intrigeert enorm. Dit alles komt wel met een waarschuwing. Wie niet echt naar I Was Born Swimming luistert, zal niets horen. Op een enkele, welkome, uitbarsting na, 'Honey, Oh Honey', van nog geen twee minuten, is het heel rustig. Dat vergt aandacht en dan komen vele details naar voren. Je wordt echt beloond voor je tijd.

Voor wie Squirrel Flower wil kunnen plaatsen. Ze toerde voor de opnames van deze plaat met Soccer Mommy en Adrienne Lenker, nam op met de producer van laatstgenoemde, Gaby Wax. Persoonlijk vind ik deze plaat beter dan die van de twee voornoemde zangeressen.

Op dit moment nog een voorzichtige 3,5*, want ik wil zien of het album nog kan groeien.

Het bovenstaande is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Squirrel Flower - Planet (i) (2021)

poster
4,0
Haar debuut plaat vorig jaar was zeker aardig, maar niet hemelbestormend. Met deze nieuwe plaat zet Ella Williams de juiste stap. Veel directer, afwisselender en ook gewoon betere songs. Songs die verder gaan dan het tere tienerzieltje van de meeste nummers van haar eerste plaat. Ze heeft duidelijk meters gemaakt op diverse vlakken en dat komt door in de muziek op Planet (i).

Songs worden stevig aangezet, maar de begeleiding kan ook weg vallen. Zo sterk zelfs dat ik bij de eerste beluistering een, totaal misleid, gevoel over hield van een in tweeën gedeelde plaat. Een deel dat werd opgenomen voor en een deel na de lockdown., die zij in haar eentje voltooide. Herbeluistering liet niets van dat idee over. Het loopt allemaal dwars door elkaar heen. En juist dat maakt Planet (i) zo sterk.

De hoes deed me overigens direct aan de film 'The Martian' denken. Dat is niet heel gek, bleek mij later. De thematiek gaat over ruimte reizen, maar vanuit de invalshoek dat wij mensen er elders in het universum net zo zooi van zullen maken als hier. Zoals ik al schreef, er zijn stappen gemaakt op meerdere fronten.

Nu nog afwachten of de plaat iets langer beklijft dan 'I Was Born Swimming'. Ik schat die kans goed in.

Dit is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG:.

St. Thomas - I'm Coming Home (2002)

poster
3,5
Ik zat te luisteren naar de nieuwe single van The Oh Hellos, 'Boreas'. Door de stijl van de achtergrondzang moest ik meteen aan dit album denken. Maar hoe heet dat ene nummer ook al weer? Inmiddels zit ik voor het eerst sinds enige jaren te luisteren naar de melancholieke stem van Thomas Hansen en word weer geraakt door hem, net als in het begin van deze eeuw. Zo breekbaar, zo ongewoon en ongetwijfeld bijna vergeten 13 jaar na zijn, zeer voortijdige dood in 2007. Vrijwel ieder nummer weet me te raken. Altijd langzaam of mid-tempo, soms meer een bandgeluid, dan weer een stem en gitaar. En regelmatig die typische koortjes, waardoor ik werd getriggerd.

Ik heb nog een album in de kast staan, kwam ik achter, maar hier heb ik geen enkele herinnering aan. I'm Coming Home zal wel voor altijd mijn St. Thomas album blijven.

Folk, singer-songwriter muziek, uiterst melancholiek, uit Noorwegen met een zeer typische stem, schrijf ik er even bij, mocht iemand toevallig tegen deze plaat aanlopen. Wil je een vergelijking? Bonnie 'Prince' Billy, dat is de beste om mee te starten.

Stephen Stills - Stephen Stills (1970)

poster
4,0
IK heb geen idee meer wanneer ik deze plaat tweede hands heb gekocht. Waarschijnlijk bij Elpee in Leiden, waar ik nogal wat V.S. jaren 70 werk tweede hands heb gescoord. Hij beviel me toen maar matig, met als gevolg dat ik plaat een paar tientallen jaren in de kast heb laten staan. Daar kwam hij gisteren bij half toeval uit naar voren. En hij beviel prima. Dat begint meteen met de single die heel af en toe nog wel eens ergens voorbij wil komen. Ook de meer ingetogen nummers en de spetterende werkjes doen het goed. Zelfs het akoestische nummer, wat is het verhaal achter José Cuervo Gold Label Tequila?, is prima en laat horen dat Stills een prima gitarist is. Verder is het een komen en gaan van grote namen of namen die groter zouden worden zoals drummer Barbata bij Jefferson Starship. 'Stephen Stills' is een staalkaart van 's mans kunnen en volgens mij is hij nooit meer beter geweest, met of zonder zijn oude makkers.

Stephen Stills / Manassas - Manassas (1972)

poster
4,5
De plaat op aanraden van teus weer eens uit de kast getrokken. Ja, van het begin tot het einde is dit genieten. Net als vroeger huiver ik een beetje als het echt 100% country wordt, maar dan hoor ik de samenzang, het vernuft en de liefde voor de muziek en wint het nummer het makkelijk van mijn lichte weerzin. De band overtuigt op alle fronten, in alle stijlen en de plaat als geheel. Ik sluit de volle mep dan ook niet uit, maar wil nog een paar luisterbeurten daarvoor doen om echt mijn besluit te nemen.

Dan te bedenken dat Al Perkins circa 35 jaar later een optreden gaf in een cd-uitleen aan het Levendaal in Leiden. Waarschijnlijk voor een maaltijd, gratis overnachting en een paar tientjes. Natuurlijk, hij speelt hier verdienstelijk mee en is niet verantwoordelijk voor de compositie. Het geeft wel aan hoe vergankelijk roem is voor hen in de marge van de popmuziek. Voor eeuwig roem bij kenners staat er tegenover, want dit is niet de minste plaat om op te staan. Wat Manassas aantoont, is dat Stills zonder Crosby en Nash (en Young) misschien wel tot meer in staat was en de kwaliteit samenzang is ook hier om de vingers bij af te likken.

Ik durf dit wel op te schrijven. Manassas is de sublimatie van de West Coast ontwikkelingen in pop en rock en het voorbeeld voor al dat er achteraan komt. Hierna kon alles.

Steve Forbert - Alive on Arrival (1978)

poster
4,0
Wat is het lang geleden dat ik deze plaat voor het eerst op de radio hoorde. 'Going Down To Laurel', dat weet ik zelfs nog zeker. Het aparte geluid van zijn stem, het ophemelen als "de nieuwe Bob Dylan", de doodskus voor iedere, jonge singer-songwriter in die dagen. Nee, ik vond het niet direct geweldig. Dat is met de jaren wel gekomen. Uiteindelijk heb ik de plaat rond 1990 schat ik tweedehands gekocht. Vanochtend kwam die voor het eerst sinds wie weet wanneer weer eens uit de kast. Ik vond hem beter dan ooit te voren. Alles klinkt zo goed en met Dylan heeft het welbeschouwd eigenlijk weinig te maken. Daarvoor is het te gelikt allemaal. Dan blijft over die rasp in zijn stem, dat is het wel. Echt zitten genieten van een zeer authentiek debuut.

Steven Wilson - 4 ½ (2016)

poster
3,0
Voorop gesteld, ik heb bijna niets met prog. Er zijn een paar uitzonderingen, maar "few and far apart" zoals dat in het Engels zo mooi gezegd wordt. Om een of andere reden bleef ik wel terugkomen naar 4 1/2. Waarschijnlijk in eerste instantie omdat delen van de muziek me aan Pink Floyd deed denken. Twee nummers worstel ik me doorheen, van andere geniet ik volop. Niet gehinderd door kennis van het origineel, geniet ik bijvoorbeeld, in tegenstelling tot crosskip van de bijdrage van Ninet Tayeb. Ze zingt prachtig.

Heel veel meer kan ik als niet -expert in prog niet bijdragen. 4 1/2 heeft elementen van jazz-prog-rock die rond 1978 populair was en een enkele overgang,, die ik de "Marillion overgang" noem, die mij niet aanspreken. Daarnaast vier nummers vol met muziek die gewoonweg goed is hoe we het ook besloten hebben te noemen. Waar het vakmanschap vanaf spat.

Het hele verhaal kun je hier lezen op WoNo Magazine.

Steven Wilson - To the Bone (2017)

poster
4,0
Prachtig album en waar velen hier boven bedenkingen hebben, zit de muziek op To The Bone voor mij precies aan de goede kant van de sympho/prog. Doorgaans krijg ik ernstige kriebels van het spierballen vertoon in die muziek.

Op To The Bone is veel in een perfecte balans, met perfect geluid en prachtige samenzang. Met stijgende verbazing heb ik het album zitten afluisteren de eerste keer, omdat ik steeds op het moment zat te wachten dat ik af zou haken. Dat gebeurde uiteindelijk wel, omdat ik het wat te lang vind duren, maar niet omdat de muziek mij niet aanstaat.

Waarom ik ben gaan luisteren? Omdat ik steeds lees en hoor van bekenden hoe goed Steven Wilson is. Dan geef ik het in ieder geval een kans. Ditmaal betaalde zich dat volledig uit. De diepgang, het uitdiepen van de ideeën in de nummers betaalt zich allemaal uit, maar ook durft Wilson nummers gewoon klein te houden en op de kracht van wat overblijft te vertrouwen.

En ja, de enige Marillionplaat waar ik doorheen kom, speelde steeds door mijn hoofd, met name 'Kayleigh'. Ik heb hem zelfs voor het eerst sinds jaren weer eens opgezet. Op de een of andere manier triggerde de muziek op To The Bone deze herinnering. Ook dank daarvoor.

Het hele verhaal staat hier op WoNoBlog.

Still Corners - The Last Exit (2021)

poster
4,0
In 2013 schreef ik bij mijn recensie van Still Corners' tweede plaat, dat de eerste in 2011 als allerlaatste was afgevallen voor een top 10 notering, maar dat ik hem totaal vergeten was. Ook schreef ik dat ik die tweede zo enorm waardeerde. Het is 2021 en ik ontvang de nieuwe Still Corners. Bij de tweede beluistering ben ik om. Wat een heerlijke plaat.

In de tussentijd heb ik twee platen gemist en ben ik letterlijk iedere herinnering aan de twee platen uit mijn inleiding vergeten. Opgelost in het grote digitale labyrint van externe harde schijven. Ik heb me afgevraagd hoe dat komt, maar ik heb uiteindelijk geen idee, want kennelijk vond ik de platen echt goed en toch zijn zij volledig uit mijn geheugen verdwenen. Ik kom niet verder dan dat het enorm moeilijk is om een relatie op te bouwen met MP3s. Pas als ik een fysiek exemplaar heb, komt een relatie dichterbij. En zelf dan.

Terug naar Still Corners' nieuwste, The Last Exit. In mijn herinnering waren de eerste twee platen elektronischer, maar die herinnering is niet veel waard. Zie boven. Vanaf de tweede beluistering hoor ik de gitaar steeds meer. En niet zo maar een gitaar, maar die van Chirs Isaaks' vroege werk. Gitarist Wilsey's, overleden in 2018, sound waart over de hele plaat heen, met zijn ijle, in vibrato, echo en reverb ondergedoopte sound. De mannelijke helft van dit duo komt uit Arizona en ik hoor de woestijnwind geregeld door de muziek heen. Het geeft The Last Exit een heel eigen sfeer, die mij in ieder geval prima bevalt. Dat kan braaf genoemd worden, maar als het zo speels gebeurt als hier, dan wordt het ook weer avontuurlijk.

Dus hoe zal het zijn in 2023/24 als de volgende Still Corners uitkomt? Zal ik deze dan weer helemaal vergeten zijn? We gaan het merken.

Het bovenstaande is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Stop Calling Me Frank - Haberdashed (2020)

poster
3,5
Heren op leeftijd, inmiddels loodgieter, leraar, advocaat en wie wat nog meer pakken dik 30 jaar na dato hun instrumenten weer op en maken Boston en omgeving af en toe weer onveilig. Inmiddels is dit hun tweede LP en opnieuw bijzonder sympathiek en gewoon goed.

Alle elementen die vanaf The Kingsmen's 'Louie Louie' in garage rock en de betere pop in muziek zijn verweven, komen terug op Haberdashed. Stop Calling Me Frank stopt een hele lading energie in hun nieuwe plaat en als luisteraar heb je geen enkel probleem om het op te vangen en verwerkt terug te sturen. Haberdashed is gewoon big fun, all time rock and roll. Een stevige mondharmonica solo, een saxofoon en stevig gitaarwerk. Het maakt dat Haberdashed een heerlijke plaat is. De ruige strot van Lenny Donahue maakt het helemaal af. Het koor gaat voor in wat de (Ierse) pub als geheel kan doen: meeblèren tot de kelen ruw aanvoelen.

Ik zal niet beweren dat dit de beste plaat is die ooit is gemaakt. Natuurlijk niet, maar wie van een rock en roll feestje houdt, zit hier tien nummers lang goed. Te beginnen met de glorieuze eerste single en opener 'South Of Somewhere'. Zo open je je nieuwe plaat.

Dit is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG.

Stop Calling Me Frank - Spider in My Beer and Other Songs (2018)

poster
3,5
Ha, wat een titel, wat een bandnaam. Moet ik dit serieus nemen? Nee, natuurlijk niet. Maar, deze heren van een zekere leeftijd komen niet voor niets na 30 jaar of zo weer bij elkaar. Van een prettige cover band in de 80s naar een band met prima eigen materiaal in de late 10s.

Op ieder jazzfestival kom je bands als dit tegen, die weggepropt in een hoekje van een van lokale kroegen in de binnenstad blues, rock and roll en classic rock hits staan weg te spelen tot groot genoegen van de aanwezigen, die er toch de hele tijd doorheen staan te kletsen en schreeuwen. Stop Calling Me Frank, hey, Henry, how you're doing?, smeedt al die invloeden dooreen en komt met een eigen mix die onweerstaanbaar is. Strak en toch speels, ruig waar het kan en ingetogener als het moet. 13 Liedjes die op hun eigen manier allemaal raak zijn, zonder pretenties alle 13 goed.

Rum Bar Records geeft artiesten die ieder hun kans lang geleden gemist hebben of niet eens gepakt, om nu een plaat uit te brengen in genres die net zo lang geleden al over hun hoogtepunt heen raakten. Het levert een aantal neo-klassiekers op. Zover wil ik met Spiders In My Beer ... niet gaan, maar dit is zeker een plaat waar de lol van afstraalt, zonder de kwaliteit uit het oog te verliezen. Heerlijk feestplaatje dus.

Dit is een bewerking van een Engelstalige post op WoNoBloG

Sturgill Simpson - A Sailor's Guide to Earth (2016)

poster
4,0
Opvallend wat een plaat kan losmaken, lezend door het bovenstaande. Bij mij is het eerder omgekeerd. Ik werd niet overtuigd door zijn tweede plaat. (De eerste ken ik niet.) Na een aantal luisterbeurten gaf ik het op. Het is bij deze plaat dat ik de zaken prima op zijn plaats vind vallen. De mix van country, southern rock en soul zorgt bij beurten voor een verzorgd en dan weer ruig geluid, waarmee de plaat aan diverse emoties raakt. Zijn ruige stem gedijd uitstekend in dit werk, waarbij het koper vuurwerk de sfeer telkens verder verhoogd.

Simpson laat op deze plaat diverse kanten van zijn muzikale zelf zien en overtuigt. Van een country soul nummer als 'All Around You', dat, als we de pedal steel weglaten, zo op een plaat van Otis Redding had kunnen staan, tot de perfecte eind song van plaat en concert, 'Call To Arms',, waarin alles loos gaat, staat het. Het grotere budget van een major is wellicht "de schuld" van alles breder aanpakken en het loslaten van authenticiteit, Sturgill Simpson doet het in ieder geval groots en meeslepend. Het pakken van kansen, dat is waar het om gaat in het leven. Geslaagd major debuut derhalve.

Het hele verhaal staat hier op WoNo Magazine