Hier kun je zien welke berichten wizard als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Nachtmystium - Assassins: Black Meddle Pt. I (2008)

3,5
0
geplaatst: 8 april 2014, 16:21 uur
De aanleiding om dit album te gaan beluisteren, kan ik me niet meer herinnneren. Ik neem aan dat het goede reviews kreeg. Wellicht was het de hier en daar geclaimde combinatie van metal met Pink Floyd die me nieuwsgierig maakte. Een album dat ik veel draai, is Assassins: Black Meddle pt.1 echter nooit geworden.
Het Pink Floyd-gehalte op dit album is niet zo groot als ik verwacht had. Zeker, het openingsnummer One of these Nights is een knipoog richting Gilmour en kornuiten, en ook de saxofoonsolo in Seasick pt.3 had van Dark Side of the Moon kunnen komen, maar dat is het ook wel zo’n beetje. Dat wil niet zeggen dat Nachtmystium op dit album niet nadrukkelijk laat horen op zoek te zijn geweest naar invloeden van buiten de black metal. Zo duiken er hier en daar spacy aandoende synthesizers op, bijvoorbeeld in Assassins (toch al een van de sterkere nummers op dit album) die naar mijn mening een verrijking zijn. Ook wordt er hier en daar gas terug genomen om een wat psychedelische sfeer te kunnen scheppen.
Ondanks de mooi verwerkte invloeden en de veelal goede nummers, heeft Assassins: Black Meddle me helaas (nog?) niet helemaal weten te overtuigen. De zang is daar deels debet aan, maar ook mis ik nummers die me écht grijpen. In mijn hoofd weet ik dat ik naar een goed album zit te luisteren, maar mijn hart springt niet op.
Ik twijfel dan ook hoe ik dit album moet beoordelen: Nachtmystium heeft een prima album gemaakt met een aantal uitstekende stukken muziek, maar ik voel eigenlijk zelden de behoefte dit album op te zetten. Nu ik dit album zo’n twee weken dagelijks heb beluisterd, in de hoop dat het album zou groeien, blijft echt enthousiasme uit. Vandaar dat ik voor 3.5 ster ga. Een dikke drie en een half, en wellicht dat het kwartje ooit nog eens valt.
3.5*
Het Pink Floyd-gehalte op dit album is niet zo groot als ik verwacht had. Zeker, het openingsnummer One of these Nights is een knipoog richting Gilmour en kornuiten, en ook de saxofoonsolo in Seasick pt.3 had van Dark Side of the Moon kunnen komen, maar dat is het ook wel zo’n beetje. Dat wil niet zeggen dat Nachtmystium op dit album niet nadrukkelijk laat horen op zoek te zijn geweest naar invloeden van buiten de black metal. Zo duiken er hier en daar spacy aandoende synthesizers op, bijvoorbeeld in Assassins (toch al een van de sterkere nummers op dit album) die naar mijn mening een verrijking zijn. Ook wordt er hier en daar gas terug genomen om een wat psychedelische sfeer te kunnen scheppen.
Ondanks de mooi verwerkte invloeden en de veelal goede nummers, heeft Assassins: Black Meddle me helaas (nog?) niet helemaal weten te overtuigen. De zang is daar deels debet aan, maar ook mis ik nummers die me écht grijpen. In mijn hoofd weet ik dat ik naar een goed album zit te luisteren, maar mijn hart springt niet op.
Ik twijfel dan ook hoe ik dit album moet beoordelen: Nachtmystium heeft een prima album gemaakt met een aantal uitstekende stukken muziek, maar ik voel eigenlijk zelden de behoefte dit album op te zetten. Nu ik dit album zo’n twee weken dagelijks heb beluisterd, in de hoop dat het album zou groeien, blijft echt enthousiasme uit. Vandaar dat ik voor 3.5 ster ga. Een dikke drie en een half, en wellicht dat het kwartje ooit nog eens valt.
3.5*
Nahemah - A New Constellation (2009)

3,5
0
geplaatst: 8 april 2014, 16:40 uur
Sinds mijn vorige bericht bij dit album (lang geleden), heb ik dit album nauwelijks meer geluisterd. Nu ik het zo weer beluister, bevalt het me eigenlijk wel. In ieder geval stukken beter dan ik me kan herinneren.
A New Constellation is dus een hele aardige plaat, dat in de wat progressievere deathmetalhoek geplaatst kan worden. In vergelijking met Opeth (daar gaan we weer...) vind ik dit album wat lichter klinken: het luistert wat makkelijker weg. Bij Opeth heb ik vaak het gevoel naar een of ander zwaar werkstuk te luisteren. A New Constellation is makkelijker te behappen, wellicht ook omdat het niet zo eng perfect is als de beste Opethalbums. Zo vind ik bijvoorbeeld het drumwerk op het eerste stuk van The Perfect Depths of the Mermaids wat onbeholpen klinken, terwijl de synthintro van Smoke’s Men mij net iets te cheesy is.
Het idee van een regel cleane zang na een regel grunt, doet me, in combinatie met de cleane zanglijnen, soms een beetje nu-metalachtig aan (maar dat kan aan mij liggen).
Slecht wordt dit album nergens. Echt knallen doet het echter ook nauwelijks. In dat opzicht springt Reaching the Stars er voor mij bovenuit. Onder de streep blijft dan een heel degelijk album over, dat ik eigenlijk wat vaker moet luisteren dan ik nu doe, maar dat mijn interesse in eerdere albums van Nahemah niet weet te wekken.
3.5*
A New Constellation is dus een hele aardige plaat, dat in de wat progressievere deathmetalhoek geplaatst kan worden. In vergelijking met Opeth (daar gaan we weer...) vind ik dit album wat lichter klinken: het luistert wat makkelijker weg. Bij Opeth heb ik vaak het gevoel naar een of ander zwaar werkstuk te luisteren. A New Constellation is makkelijker te behappen, wellicht ook omdat het niet zo eng perfect is als de beste Opethalbums. Zo vind ik bijvoorbeeld het drumwerk op het eerste stuk van The Perfect Depths of the Mermaids wat onbeholpen klinken, terwijl de synthintro van Smoke’s Men mij net iets te cheesy is.
Het idee van een regel cleane zang na een regel grunt, doet me, in combinatie met de cleane zanglijnen, soms een beetje nu-metalachtig aan (maar dat kan aan mij liggen).
Slecht wordt dit album nergens. Echt knallen doet het echter ook nauwelijks. In dat opzicht springt Reaching the Stars er voor mij bovenuit. Onder de streep blijft dan een heel degelijk album over, dat ik eigenlijk wat vaker moet luisteren dan ik nu doe, maar dat mijn interesse in eerdere albums van Nahemah niet weet te wekken.
3.5*
Necromandus - Live (2005)

4,0
0
geplaatst: 10 april 2014, 22:36 uur
Dit album zag ik, op bezoek in Cambridge, staan in een van de bakken op een markt. Van Necromandus kende ik Necrothology al, dus ik hoefde niet lang te twijfelen of ik dit live-album mee moest nemen. Voor de prijs hoefde ik het al helemaal niet te laten.
Om maar met het zwakste punt van dit album te beginnen: de geluidskwaliteit. De kwaliteit is niet bepaald kraakhelder. Het geluid is eerder dat van een goede bootleg. Daar eenmaal doorheen geluisterd, laat dit album een band horen die op elkaar ingespeeld is en die zich niet beperkt tot het een op een naspelen van de studioversies van hun nummers. Zo wordt Gypsy Dancer opgerekt tot bijna 10 minuten. Necromandus’ muziek klinkt veel overtuigender, strakker en intenser op dit live-album dan in de studio. Het extreemste voorbeeld hiervan vind ik Nightjar, dat op deze live-uitgave bijna uitnodigt tot headbangen terwijl ik op de studioversie niet in beweging kom.
Doe mij Necromandus dus maar in de liveversie.
4.0*
Om maar met het zwakste punt van dit album te beginnen: de geluidskwaliteit. De kwaliteit is niet bepaald kraakhelder. Het geluid is eerder dat van een goede bootleg. Daar eenmaal doorheen geluisterd, laat dit album een band horen die op elkaar ingespeeld is en die zich niet beperkt tot het een op een naspelen van de studioversies van hun nummers. Zo wordt Gypsy Dancer opgerekt tot bijna 10 minuten. Necromandus’ muziek klinkt veel overtuigender, strakker en intenser op dit live-album dan in de studio. Het extreemste voorbeeld hiervan vind ik Nightjar, dat op deze live-uitgave bijna uitnodigt tot headbangen terwijl ik op de studioversie niet in beweging kom.
Doe mij Necromandus dus maar in de liveversie.
4.0*
Necromandus - Necrothology (1999)

3,5
0
geplaatst: 8 april 2014, 09:30 uur
Necromandus was een Engelse (hard)rockband, die ik alleen maar ken omdat ik de naam tegenkwam in een boek over Black Sabbath. Volgens mij is die connectie met Sabbath ook zo’n beetje de enige reden waarom deze band nog niet helemaal vergeten is.
In het begin van de jaren ’70 nam Black Sabbath mee op tournee, produceerde Tony Iommi het album Orexis of Death (opgenomen in 1973 volgens mij) en speelde daarop ook mee. Het album werd echter pas in 1999 uitgebracht. Dit Necrothology is een verzamelalbum, dat volgens mij bestaat uit Orexis of Death, alternatieve versies van zowel het titelnummer van dat album als Nightjar, en een livenummer (Curly Sea Slug) dat niet op Necromandus' live album stond.
Of het een groot gemis is dat Necromandus nooit is doorgebroken, betwijfel ik, maar toch is dit album de moeite waard. De muziek die Necromandus brengt, is harde rock, dat hier en daar een beetje spookachtig klinkt. De zang is het zwakke punt: ik vind het wat vlak. De beste nummers op dit album zijn voor mij Nightjar, de ballad I’'ve Been Evil en Stillborn Beauty.
Overigens schijnt de tweede versie van Nightjar een cover te zijn door het spaanse The Tempter. Die versie is wat trager, en klinkt daardoor wat meer doomy, maar klinkt voor de rest weinig anders dan het origineel.
Hemelbestormend wordt het nergens, maar leuk is Necrothology wel. Ik houd in ieder geval mjn ogen open, voor het geval ik Orexis of Death ooit nog eens op de kop kan tikken.
3.5*
In het begin van de jaren ’70 nam Black Sabbath mee op tournee, produceerde Tony Iommi het album Orexis of Death (opgenomen in 1973 volgens mij) en speelde daarop ook mee. Het album werd echter pas in 1999 uitgebracht. Dit Necrothology is een verzamelalbum, dat volgens mij bestaat uit Orexis of Death, alternatieve versies van zowel het titelnummer van dat album als Nightjar, en een livenummer (Curly Sea Slug) dat niet op Necromandus' live album stond.
Of het een groot gemis is dat Necromandus nooit is doorgebroken, betwijfel ik, maar toch is dit album de moeite waard. De muziek die Necromandus brengt, is harde rock, dat hier en daar een beetje spookachtig klinkt. De zang is het zwakke punt: ik vind het wat vlak. De beste nummers op dit album zijn voor mij Nightjar, de ballad I’'ve Been Evil en Stillborn Beauty.
Overigens schijnt de tweede versie van Nightjar een cover te zijn door het spaanse The Tempter. Die versie is wat trager, en klinkt daardoor wat meer doomy, maar klinkt voor de rest weinig anders dan het origineel.
Hemelbestormend wordt het nergens, maar leuk is Necrothology wel. Ik houd in ieder geval mjn ogen open, voor het geval ik Orexis of Death ooit nog eens op de kop kan tikken.
3.5*
Nefilim - Zoon (1996)

3,5
0
geplaatst: 6 februari 2015, 09:39 uur
Waar Elizium overkwam als een aangename, langzaam voorbijglijdende droom, is Zoon de nachtmerrie die qua gevoelens in alles het tegenovergestelde is van Elizium. Maar goed, hier staat ook een bijna geheel nieuwe band. Zanger Carl McCoy is de enige die op Elizium van de partij was. Bovendien is er een nieuwe naam (Nefilim), hoewel die voldoende op de oude lijkt om een continuiteit te suggereren.
De muziek op Zoon gaat richting industrial. Weg is het grootse, galmende geluid van Elizium. In de plaats daarvoor komt een duister, beklemmend geluid, dat mij als luisteraar naar een hoek van de kamer wil drijven. McCoy heeft zich een grom aangemeten die uitstekend past bij het door monotone drums voortgedreven geluid. Op sommige nummers (Shine, Zoon pt.1) lijkt Nefilim op twee gedachten te hinken, wat resulteert in nummers die qua sfeer van eerder werk lijken te komen, maar gespeeld worden met het nieuwe geluid. Deze nummers weten mij maar matig te overtuigen. Echt sterk wordt het als Nefilim er vol gas ingaat met mechanisch beukende drums en boze riffs zoals op Penetration, of Black Rain. Hier slaagt de band er echt in om te overtuigen, en een beklemmende, nihilistische sfeer neer te zetten. Hier en daar zorgen intermezzo’s ervoor dat het album niet monotoon wordt.
De afgelopen weken heb ik gemerkt dat Zoon een album is dat ik niet te vaak moet horen, maar dat in de juiste dosis een prima luisterervaring is. Zo blijft er ook nog wat tijd over om andere albums te beluisteren
.
4.0*
De muziek op Zoon gaat richting industrial. Weg is het grootse, galmende geluid van Elizium. In de plaats daarvoor komt een duister, beklemmend geluid, dat mij als luisteraar naar een hoek van de kamer wil drijven. McCoy heeft zich een grom aangemeten die uitstekend past bij het door monotone drums voortgedreven geluid. Op sommige nummers (Shine, Zoon pt.1) lijkt Nefilim op twee gedachten te hinken, wat resulteert in nummers die qua sfeer van eerder werk lijken te komen, maar gespeeld worden met het nieuwe geluid. Deze nummers weten mij maar matig te overtuigen. Echt sterk wordt het als Nefilim er vol gas ingaat met mechanisch beukende drums en boze riffs zoals op Penetration, of Black Rain. Hier slaagt de band er echt in om te overtuigen, en een beklemmende, nihilistische sfeer neer te zetten. Hier en daar zorgen intermezzo’s ervoor dat het album niet monotoon wordt.
De afgelopen weken heb ik gemerkt dat Zoon een album is dat ik niet te vaak moet horen, maar dat in de juiste dosis een prima luisterervaring is. Zo blijft er ook nog wat tijd over om andere albums te beluisteren
.4.0*
Neil Young - After the Gold Rush (1970)

3,5
0
geplaatst: 6 oktober 2014, 17:59 uur
Al jaren heb ik bij dit album vier sterren staan, terwijl After the Gold Rush tegelijkertijd vrijwel nooit voorbij komt in huize wizard.
Nu ik het album een paar keer beluisterd heb, weet ik ook weer waarom: de combinatie van de stem van Neil Young met een paar wat mindere nummers maken dit album voor mij wat minder interessant, ook al omdat ik eigenlijk een voorkeur heb voor de trieste Neil Young van On the Beach of de op z’n gitaar raggende Neil Young. Over die stem is hier al genoeg geschreven, maar inderdaad, ik vind Neil Young hier op sommige nummers ook wat zeurderig uit de hoek komen.
Dat betekent niet dat er niks te genieten valt op After the Goldrush. Behalve het titelnummer, vind ik Tell Me Why en Southern Man (niet vreemd, gezien de prominentere rol van Young’s electrische gitaar op dat nummer) erg de moeite waard. When You Dance I Can Really Love You is het hoogtepunt van het tweede deel van de plaat, die ik al met al stukken minder vind dan wat op de LP van mijn vader de A-kant is. Oh Lonesome Me gaat ten onder aan Young’s (of is het Don Gibson’s?) zelfmedelijden, terwijl Birds me maar half weet te overtuigen, net als I Believe in You. Daarnaast doen de twee korte nummers, Till The Morning Comes en Cripple Creek Ferry wellicht bedoeld om het album wat luchtig te houden, voor mij eigenlijk alleen maar afbreuk doen aan de sfeer. De eerste paar keren vond ik die nummers best grappig tussendoor, maar intussen is de grap wel uitgewerkt.
Kortom, die vier sterren die ik hier al jaren heb staan, is misschien toch een half sterretje teveel.
3.5*
Nu ik het album een paar keer beluisterd heb, weet ik ook weer waarom: de combinatie van de stem van Neil Young met een paar wat mindere nummers maken dit album voor mij wat minder interessant, ook al omdat ik eigenlijk een voorkeur heb voor de trieste Neil Young van On the Beach of de op z’n gitaar raggende Neil Young. Over die stem is hier al genoeg geschreven, maar inderdaad, ik vind Neil Young hier op sommige nummers ook wat zeurderig uit de hoek komen.
Dat betekent niet dat er niks te genieten valt op After the Goldrush. Behalve het titelnummer, vind ik Tell Me Why en Southern Man (niet vreemd, gezien de prominentere rol van Young’s electrische gitaar op dat nummer) erg de moeite waard. When You Dance I Can Really Love You is het hoogtepunt van het tweede deel van de plaat, die ik al met al stukken minder vind dan wat op de LP van mijn vader de A-kant is. Oh Lonesome Me gaat ten onder aan Young’s (of is het Don Gibson’s?) zelfmedelijden, terwijl Birds me maar half weet te overtuigen, net als I Believe in You. Daarnaast doen de twee korte nummers, Till The Morning Comes en Cripple Creek Ferry wellicht bedoeld om het album wat luchtig te houden, voor mij eigenlijk alleen maar afbreuk doen aan de sfeer. De eerste paar keren vond ik die nummers best grappig tussendoor, maar intussen is de grap wel uitgewerkt.
Kortom, die vier sterren die ik hier al jaren heb staan, is misschien toch een half sterretje teveel.
3.5*
Neil Young - Comes a Time (1978)

2,5
0
geplaatst: 11 september 2014, 09:20 uur
Zodra Neil Young niet gekweld is, zoals op On the Beach, of zodra hij Crazy Horse op stal laat staan en ontspannen schommelstoelmuziek begint te maken, wordt het voor mij al snel minder interessant (een enkele uitzondering daargelaten). Op Comes a Time komen daar nog eens countryinvloeden bij die er wel heel dik bovenop liggen. Dat maakt het album er voor mij nog een beetje minder.
Toch weet het album me aanvankelijk nog best te boeien. Nummers als Goin’ Back, Comes a Time en ook Look Out For My Love vind ik eigenlijk best goed. Daarna vind ik het album steeds minder worden, totdat op Already One en Field of Opportunity het dieptepunt is bereikt. Het eerstgenoemde nummer doet mij nogal kitscherig aan, terwijl op Field of Opportunity alle landbouwmetaforen mij snel teveel worden.
De laatste twee nummers op het album zijn dan weer iets beter, maar kunnen er niet voor zorgen dat Comes a Time een positieve indruk op me achterlaat.
Kortom, een degelijke A-kant, en een B-kant die naar mijn mening onder de maat is. Ik twijfel tussen drie sterren, of een half sterretje minder. Ik houd het toch maar bij die tweede optie. Het zijn de twee zwakke nummers die de balans daarnaartoe doen omslaan.
2.5*
Toch weet het album me aanvankelijk nog best te boeien. Nummers als Goin’ Back, Comes a Time en ook Look Out For My Love vind ik eigenlijk best goed. Daarna vind ik het album steeds minder worden, totdat op Already One en Field of Opportunity het dieptepunt is bereikt. Het eerstgenoemde nummer doet mij nogal kitscherig aan, terwijl op Field of Opportunity alle landbouwmetaforen mij snel teveel worden.
De laatste twee nummers op het album zijn dan weer iets beter, maar kunnen er niet voor zorgen dat Comes a Time een positieve indruk op me achterlaat.
Kortom, een degelijke A-kant, en een B-kant die naar mijn mening onder de maat is. Ik twijfel tussen drie sterren, of een half sterretje minder. Ik houd het toch maar bij die tweede optie. Het zijn de twee zwakke nummers die de balans daarnaartoe doen omslaan.
2.5*
Neil Young - Decade (1977)

3,5
0
geplaatst: 5 september 2014, 08:46 uur
Normaal gesproken ben ik niet zo van de verzamelalbums. Hoe Decade tussen mijn cd’s beland is, weet ik dan ook niet helemaal meer zeker. Ik vermoed dat het een verjaardagscadeau van een paar jaar geleden is.
Van Neil Young’s werk uit de periode die dit album beslaat, vind ik de ditch-trilogie het interessantst. Die drie albums zijn bepaald niet goed vertegenwoordigd op Decade. Dat is eigenlijk wel fijn: het maakt deze verzamelaar voor mij tot een mooi overzicht van Young’s andere werk tot 1977, zonder dat ik alle studioalbums hoef te kopen (Harvest heb ik overigens wel in de platenkast staan). Van Everybody Knows This Is Nowhere staan de drie beste nummers op Decade, van American Stars ‘n’ Bars heeft eigenlijk alleen Like A Hurricane me weten te boeien, en die vind ik hier ook terug. Naar aanleiding van de eerste nummers op cd1 heb ik nog eens geprobeerd me door een paar albums van Buffalo Springfield te worstelen. Dat was eens en nooit meer. Ik heb genoeg aan wat op Decade staat.
Neil Young heeft zich nooit vastgepind op één stijl, en dat is op Decade goed terug te horen. Van harde rock met Crazy Horse tot countryrock, alles komt hier terug. Dat is meteen een klein nadeel van dit album: doordat de muziek zo verschillend is, klinkt Decade soms nogal fragementarisch. Maar goed, daar is het ook een verzamelalbum voor.
Winterlong kon ik niet terugvinden op de Neil Young-LPs die mijn vader in de kast heeft staan. Ik vind het een van de beste nummers op dit album.
Een mooi overzichtsalbum, waar ik nog altijd blij mee ben.
3.5*
Van Neil Young’s werk uit de periode die dit album beslaat, vind ik de ditch-trilogie het interessantst. Die drie albums zijn bepaald niet goed vertegenwoordigd op Decade. Dat is eigenlijk wel fijn: het maakt deze verzamelaar voor mij tot een mooi overzicht van Young’s andere werk tot 1977, zonder dat ik alle studioalbums hoef te kopen (Harvest heb ik overigens wel in de platenkast staan). Van Everybody Knows This Is Nowhere staan de drie beste nummers op Decade, van American Stars ‘n’ Bars heeft eigenlijk alleen Like A Hurricane me weten te boeien, en die vind ik hier ook terug. Naar aanleiding van de eerste nummers op cd1 heb ik nog eens geprobeerd me door een paar albums van Buffalo Springfield te worstelen. Dat was eens en nooit meer. Ik heb genoeg aan wat op Decade staat.
Neil Young heeft zich nooit vastgepind op één stijl, en dat is op Decade goed terug te horen. Van harde rock met Crazy Horse tot countryrock, alles komt hier terug. Dat is meteen een klein nadeel van dit album: doordat de muziek zo verschillend is, klinkt Decade soms nogal fragementarisch. Maar goed, daar is het ook een verzamelalbum voor.
Winterlong kon ik niet terugvinden op de Neil Young-LPs die mijn vader in de kast heeft staan. Ik vind het een van de beste nummers op dit album.
Een mooi overzichtsalbum, waar ik nog altijd blij mee ben.
3.5*
Neil Young - Harvest (1972)

3,5
0
geplaatst: 7 november 2014, 11:49 uur
Harvest was het eerste album van Neil Young waaraan ik verslingerd raakte (daarvoor had ik Life en This Note’s For You al beluisterd). Een jaar of tien geleden luisterde ik dit album zo’n beetje dagelijks. Liefst meerdere keren per dag. Naarmate ik meer Neil Youngalbums luisterde, begon mijn enthousiasme voor Harvest wat minder te worden. Dat laatste kan uiteraard ook komen doordat het als 18-jarige voelde dat dit album speciaal voor mij gemaakt was en dat de teksten over mij gingen, terwijl ik dat later wat beter in perspectief kon zien. Intussen is Harvest geen dagelijkse kost meer, maar het blijft een goed album. Dat is dan uiteraard ook weer deels omdat Harvest nu de herinnering aan die 18-jarige mij in zich meedraagt.
Het album is een mooi mengsel van countryrock (is dat de goede term voor nummers als Harvest en Heart of Gold?) en iets meer gespierde rock zoals op Alabama en Words (Between the Lines of Age). Als geheel vind ik de A-kant wat beter, consistenter, hoewel de B-kant mijn favoriete nummer herbergt: Words.
Helaas passen A Man Needs A Maid en There’s A World slecht in dat mengsel. Die nummers, met hun orkestpartijen, passen slecht bij de bescheiden en soms erg minimale (zoals de drums op Out on the Weekend, overigens een van mijn favoriete nummers op Harvest) instrumentatie en sfeer van de rest van het album. Ook The Needle and the Damage Done heeft mij nooit echt kunnen overtuigen. De overige nummers zouden van mij allemaal een geel sterretje met ‘favoriete track’ kunnen krijgen.
Harvest is, naast jeugdsentiment, ook de entree tot het oeuvre van Neil Young geweest. Achteraf geen slecht idee om dit album uit mijn vaders platenkast te vissen.
4.0*
Het album is een mooi mengsel van countryrock (is dat de goede term voor nummers als Harvest en Heart of Gold?) en iets meer gespierde rock zoals op Alabama en Words (Between the Lines of Age). Als geheel vind ik de A-kant wat beter, consistenter, hoewel de B-kant mijn favoriete nummer herbergt: Words.
Helaas passen A Man Needs A Maid en There’s A World slecht in dat mengsel. Die nummers, met hun orkestpartijen, passen slecht bij de bescheiden en soms erg minimale (zoals de drums op Out on the Weekend, overigens een van mijn favoriete nummers op Harvest) instrumentatie en sfeer van de rest van het album. Ook The Needle and the Damage Done heeft mij nooit echt kunnen overtuigen. De overige nummers zouden van mij allemaal een geel sterretje met ‘favoriete track’ kunnen krijgen.
Harvest is, naast jeugdsentiment, ook de entree tot het oeuvre van Neil Young geweest. Achteraf geen slecht idee om dit album uit mijn vaders platenkast te vissen.
4.0*
Neil Young - Harvest Moon (1992)

3,5
0
geplaatst: 12 september 2014, 09:58 uur
Harvest Moon komt in huize wizard regelmatig voorbij de cd-speler, omdat vriendinlief dit album heeft. Wellicht dat ik daardoor een beetje bevooroordeeld ben, maar voor mij is Harvest Moon mijn favoriete schommelstoelalbum van Neil Young. Minder overdreven country in vergelijking met Comes a Time en gewoon beter dan Prairie Wind.
Harvest Moon is, zeker na Ragged Glory, een heel erg ontspannen en gepolijst album, soms een beetje te zoetsappig misschien. Nummers als Unknown Legend en From Hank to Hendrix, War of Man en Dreamin’ Man vind ik erg sterk. Old King had daarentegen van dit album weggelaten mogen worden. Qua stemming vind ik het nummer niet echt passen, en los daarvan vind ik het ook gewoon een minder nummer. Natural Beauty is ook wat een vreemde eend in de bijt. Ik zie het altijd maar als een soort bonusnummer. Op die manier is het een goede afsluiter van het album.
De hoes belooft niet veel goeds (ik vind het, zelfs voor Neil Youngbegrippen) een lelijke hoes, alsof iemand het artwork onder de kopieermachine heeft gelegd en de kopie als voorkant van het album heeft gebruikt, maar gelukkig zegt de verpakking niks over de inhoud.
3.5*
Harvest Moon is, zeker na Ragged Glory, een heel erg ontspannen en gepolijst album, soms een beetje te zoetsappig misschien. Nummers als Unknown Legend en From Hank to Hendrix, War of Man en Dreamin’ Man vind ik erg sterk. Old King had daarentegen van dit album weggelaten mogen worden. Qua stemming vind ik het nummer niet echt passen, en los daarvan vind ik het ook gewoon een minder nummer. Natural Beauty is ook wat een vreemde eend in de bijt. Ik zie het altijd maar als een soort bonusnummer. Op die manier is het een goede afsluiter van het album.
De hoes belooft niet veel goeds (ik vind het, zelfs voor Neil Youngbegrippen) een lelijke hoes, alsof iemand het artwork onder de kopieermachine heeft gelegd en de kopie als voorkant van het album heeft gebruikt, maar gelukkig zegt de verpakking niks over de inhoud.
3.5*
Neil Young - Hawks & Doves (1980)

2,5
0
geplaatst: 2 september 2014, 09:57 uur
Ik had dit album erg lang niet gehoord voor ik het deze week weer een paar keer luisterde. In mijn herinnering was dit een verschrikkelijk album. Dat bleek toch niet helemaal te kloppen.
Hoewel ik de folk/country-kant van Neil Young over het algemeen weinig interessant vind, zijn de eerste paar nummers van Hawks & Doves nog best heel aardig. Vooral Little Wing en The Old Homestead. De tweede kant van het album vind ik dan weer niet al te best. Is Union Man grappig bedoeld? Ik vind het nogal een pijnlijk nummer. Comin’ Apart at Every Nail is niet veel beter. Het titelnummer tenslotte staat me vooral tegen vanwege de simpele en onbeschaamd patriottische tekst. Ik vind het nummer daardoor nogal lastig uit te houden.
Kortom, een paar aardige nummers, en een paar die ik echt de moeite niet waard vind. Neil Young’s werk uit de jaren ’80 is nogal wisselend van kwaliteit (This Note’s for You vind ik het eerste echt overtuigende album), en met Hawks & Doves begint hij het decennium in ieder geval in mineur.
2.5*
Hoewel ik de folk/country-kant van Neil Young over het algemeen weinig interessant vind, zijn de eerste paar nummers van Hawks & Doves nog best heel aardig. Vooral Little Wing en The Old Homestead. De tweede kant van het album vind ik dan weer niet al te best. Is Union Man grappig bedoeld? Ik vind het nogal een pijnlijk nummer. Comin’ Apart at Every Nail is niet veel beter. Het titelnummer tenslotte staat me vooral tegen vanwege de simpele en onbeschaamd patriottische tekst. Ik vind het nummer daardoor nogal lastig uit te houden.
Kortom, een paar aardige nummers, en een paar die ik echt de moeite niet waard vind. Neil Young’s werk uit de jaren ’80 is nogal wisselend van kwaliteit (This Note’s for You vind ik het eerste echt overtuigende album), en met Hawks & Doves begint hij het decennium in ieder geval in mineur.
2.5*
Neil Young - Landing on Water (1986)

3,0
0
geplaatst: 8 juli 2009, 19:56 uur
Landing on Water klinkt niet als iets dat je van Neil Young zou verwachten (ook al slingert zijn oeuvre alle kanten op), het geluid is ontzettend jaren '80 (iets waar ik normaal niet van houd), maar om de een of andere reden vind ik deze plaat gewoon leuk.
Dat is niet iets wat ik echt kan verklaren, maar het kan ermee te maken hebben dat ik liever iets heb dat echt anders klinkt dan alle andere albums uit NYs catalogus dan het zoveelste album dat een beetje aan Harvest of Zuma of een andere klassieker doet denken, maar kwalitatief minder is. En Landing on Water voldoet wel aan dat criterium.
Verder zijn de teksten hier en daar ook nog best de moeite waard. En, zoals Harm1985 hierboven al zei, de clips zijn het aanzien ook best waard. Wellicht omdat ze enigszins knulig overkomen. Tenminste, wat ik er tot nu toe van heb gezien.
Misschien is dat wel de reden waarom ik Landing on Water leuk vind, bedenk ik me al typend: Het is een beetje een knullig album: Neil Young probeert krampachtig hip en jaren'80 over te komen, maar is het stiekem niet.
3* kan ik hier wel kwijt. Maar ook niet meer.
Dat is niet iets wat ik echt kan verklaren, maar het kan ermee te maken hebben dat ik liever iets heb dat echt anders klinkt dan alle andere albums uit NYs catalogus dan het zoveelste album dat een beetje aan Harvest of Zuma of een andere klassieker doet denken, maar kwalitatief minder is. En Landing on Water voldoet wel aan dat criterium.
Verder zijn de teksten hier en daar ook nog best de moeite waard. En, zoals Harm1985 hierboven al zei, de clips zijn het aanzien ook best waard. Wellicht omdat ze enigszins knulig overkomen. Tenminste, wat ik er tot nu toe van heb gezien.
Misschien is dat wel de reden waarom ik Landing on Water leuk vind, bedenk ik me al typend: Het is een beetje een knullig album: Neil Young probeert krampachtig hip en jaren'80 over te komen, maar is het stiekem niet.
3* kan ik hier wel kwijt. Maar ook niet meer.
Neil Young - Live at Massey Hall 1971 (2007)

4,0
0
geplaatst: 3 oktober 2014, 08:44 uur
Dit album had ik een paar jaar geleden al eens beluisterd, en redelijk snel aan de kant gelegd als ‘saai’ en ‘voortkabbelend’. Toch goed dat ik het onlangs nog maar weer eens een kans heb gegeven. Live at Massey Hall bleek stukken beter dan ik me had herinnerd.
Neil Young werkt zich met gitaar en piano, door een set bestaand uit vooral (destijds) nieuwe nummers die in de loop van de jaren ’70 allemaal uit zouden komen. In deze akoestische setting vind ik de nummers erg goed tot hun recht komen. Zelfs nummers van Everybody Knows This Is Nowhere, een album dat allesbehalve akoestisch is, blijven hier prima overeind. Samen met de nummers van albums als After the Gold Rush en Harvest, twee albums die beide ook een ander geluid hebben, weet Neil Young de nummers hier als een consistent geheel te brengen. Doordat het alleen maar Neil Young met z’n gitaar en piano is, en vanwege het kraakheldere geluid, klinkt dit album erg intiem. Neil Young’s commentaren tussen de nummers door versterken dat gevoel nog. Wat me nog het meest opviel, was dat hij bijna verlegen klinkt. Dat kan aan mij liggen uiteraard. Ik had het niet verwacht van iemand die al een paar jaar opgetreden had (hoewel Young’s grote doorbraak uiteraard pas een jaar later kwam).
De enige minpuntjes op dit album vind ik de A Man Needs a Maid/Heart of Gold suite en Dance Dance Dance. Hoewel de eerste niet slecht is, vind ik het minder dan de rest van het album. Dance Dance Dance tenslotte heeft niet zoveel om het lijf.
Een aangename verrassing, en een album dat ik vaker moet draaien.
4.0*
Neil Young werkt zich met gitaar en piano, door een set bestaand uit vooral (destijds) nieuwe nummers die in de loop van de jaren ’70 allemaal uit zouden komen. In deze akoestische setting vind ik de nummers erg goed tot hun recht komen. Zelfs nummers van Everybody Knows This Is Nowhere, een album dat allesbehalve akoestisch is, blijven hier prima overeind. Samen met de nummers van albums als After the Gold Rush en Harvest, twee albums die beide ook een ander geluid hebben, weet Neil Young de nummers hier als een consistent geheel te brengen. Doordat het alleen maar Neil Young met z’n gitaar en piano is, en vanwege het kraakheldere geluid, klinkt dit album erg intiem. Neil Young’s commentaren tussen de nummers door versterken dat gevoel nog. Wat me nog het meest opviel, was dat hij bijna verlegen klinkt. Dat kan aan mij liggen uiteraard. Ik had het niet verwacht van iemand die al een paar jaar opgetreden had (hoewel Young’s grote doorbraak uiteraard pas een jaar later kwam).
De enige minpuntjes op dit album vind ik de A Man Needs a Maid/Heart of Gold suite en Dance Dance Dance. Hoewel de eerste niet slecht is, vind ik het minder dan de rest van het album. Dance Dance Dance tenslotte heeft niet zoveel om het lijf.
Een aangename verrassing, en een album dat ik vaker moet draaien.
4.0*
Neil Young - Living with War (2006)

3,5
0
geplaatst: 24 september 2014, 09:40 uur
De Amerikaanse (+coalitie) inval in ligt alweer ruim tien jaar achter ons, dus dat maakt het makkelijk om Living With War af te schrijven als een gedateerd album dat gerust op de mestvaalt van de geschiedenis gegooid kan worden. Dat vind ik iets te makkelijk.
De teksten handelen in meerderheid inderdaad over de oorlog in Irak, en de bijbehorende termen als ‘Shock and Awe’ en ‘Mission accomplished’ en de geluidsfragmenten van Bush in Let’s Impeach the President maken het album in die zin wel gedateerd: Living with War is geen universeel anti-oorlogsalbum. Daar staat tegenover dat sommige andere nummers, zoals The Restless Consumer (voor mij een van de beste nummers op het album), niet direct de oorlog in Irak behandelen en ook in andere situaties van toepassing zijn.
Belangrijker dan dat vind ik dat Living with War ook tien jaar na dato nog steeds een gevoel van urgentie bij me weet op te wekken, een gevoel van iets te moeten doen, of in ieder geval mijn stem te laten horen. Daarnaast vind ik het album nog steeds erg boos klinken. Neil Youngs woede komt nog steeds oprecht over, en lijkt na twaalf jaar na de inval nog steeds relevant, niet in de minste plaats gezien de toestand in Irak op dit moment. Bij die woede en urgentie vind ik het onaffe, het afgeraffelde van deze cd eigenlijk perfect passen. Geen tijd voor een gepolijst geluid, voor piekfijn uitgewerkte nummers, of zelfs maar wat afwisselende drumpartijen.
Dat wil niet zeggen dat ik alle nummers de moeite waard vind. Vanaf The Restless Consumer vind ik het album pas overtuigend worden, en na Let’s Impeach the President zakt het niveau ook weer een beetje. America the Beautiful vind ik een draak, die een voldoende goede reden vormt om Living with War af te zetten. Daarnaast viel me op dat ik dit album vooral sterk vind als ik het niet al te vaak draai. Zet ik het een paar keer per week op, dan begint het me toch snel te vervelen.
Living with War is voor mij een album dat nog steeds overtuigend overkomt, mits met mate beluisterd. Of, in sterren uitgedrukt: 3.5*
De teksten handelen in meerderheid inderdaad over de oorlog in Irak, en de bijbehorende termen als ‘Shock and Awe’ en ‘Mission accomplished’ en de geluidsfragmenten van Bush in Let’s Impeach the President maken het album in die zin wel gedateerd: Living with War is geen universeel anti-oorlogsalbum. Daar staat tegenover dat sommige andere nummers, zoals The Restless Consumer (voor mij een van de beste nummers op het album), niet direct de oorlog in Irak behandelen en ook in andere situaties van toepassing zijn.
Belangrijker dan dat vind ik dat Living with War ook tien jaar na dato nog steeds een gevoel van urgentie bij me weet op te wekken, een gevoel van iets te moeten doen, of in ieder geval mijn stem te laten horen. Daarnaast vind ik het album nog steeds erg boos klinken. Neil Youngs woede komt nog steeds oprecht over, en lijkt na twaalf jaar na de inval nog steeds relevant, niet in de minste plaats gezien de toestand in Irak op dit moment. Bij die woede en urgentie vind ik het onaffe, het afgeraffelde van deze cd eigenlijk perfect passen. Geen tijd voor een gepolijst geluid, voor piekfijn uitgewerkte nummers, of zelfs maar wat afwisselende drumpartijen.
Dat wil niet zeggen dat ik alle nummers de moeite waard vind. Vanaf The Restless Consumer vind ik het album pas overtuigend worden, en na Let’s Impeach the President zakt het niveau ook weer een beetje. America the Beautiful vind ik een draak, die een voldoende goede reden vormt om Living with War af te zetten. Daarnaast viel me op dat ik dit album vooral sterk vind als ik het niet al te vaak draai. Zet ik het een paar keer per week op, dan begint het me toch snel te vervelen.
Living with War is voor mij een album dat nog steeds overtuigend overkomt, mits met mate beluisterd. Of, in sterren uitgedrukt: 3.5*
Neil Young - Prairie Wind (2005)

3,0
0
geplaatst: 24 september 2014, 09:42 uur
De eerste twee nummers op dit album doen me vaak afvragen waarom ik Prairie Wind ook alweer beschouwde als het mindere broertje van Harvest Moon. Het antwoord laat meestal niet lang op zich wachten in de vorm van de volgende nummers. Een enkele uitzondering nagelaten, zakt Prairie Wind na die eerste twee nummers in elkaar als een te zoet, te glad en te sentimenteel album over wasgoed waaiend in de wind en langs de prairiehorizon accellererende treinen, inclusief schelle violen om het geheel nog wat kracht bij te zetten.
Mijn aandacht verslapt snel, hoewel er een deel irritatie overblijft bij me. He was the King weet me weer bij de les te betrekken, maar vooral in een negatieve zin: ik vind het nummer slecht passen bij de rest van de muziek, tekstueel verre van de moeite en bovendien te lang opgerekt. Neil Young mijmert daarna nog even door, ik denk alvast aan wat steviger muziek om te luisteren.
3.0*
Mijn aandacht verslapt snel, hoewel er een deel irritatie overblijft bij me. He was the King weet me weer bij de les te betrekken, maar vooral in een negatieve zin: ik vind het nummer slecht passen bij de rest van de muziek, tekstueel verre van de moeite en bovendien te lang opgerekt. Neil Young mijmert daarna nog even door, ik denk alvast aan wat steviger muziek om te luisteren.
3.0*
Neil Young - Time Fades Away (1973)

4,0
0
geplaatst: 12 september 2014, 09:29 uur
Time Fades Away blijft voor mij een fascinerend album. Ik heb het al minstens acht jaar (op mp3, wacht nog steeds op de cd-heruitgave), draai het weinig, maar elke keer dat ik het luister, realiseer ik me dat ik dit een heel erg sterk album vind, zonder eigenlijk te weten waarom. Het album klinkt niet goed, de muzikanten klinken alsof ze maar wat doen, Neil Young zingt zelfs voor zijn doen slecht. In tegenstelling tot de foto op de voorkant van de hoes, klinkt het album alsof het ergens in een donkere bar die tot laat in de nacht is geopend, is opgenomen. Op een moment vlak voor sluitingstijd, wel te verstaan.
Neil Young & co klinken op Time Fades Away alsof ze compleet ontspoord zijn. Toch, midden in alle chaos blijft het songmateriaal probleemloos overeind. Voor mij springen L.A., Don’t Be Denied en Last Dance eruit als de beste nummers, maar de overige nummers mogen er zeker ook zijn. Enkel Love in Mind klinkt is zo kort, dat het klinkt alsof het nummer maar half gespeeld wordt of zo.
Ik denk dat dat Time Fades Away zo fascinerend maakt: op het eerste gezicht lijkt het allemaal nergens op, maar al snel blijkt dat dit album veel meer kwaliteit brengt dan aanvankelijk vermoed. Wellicht omschrijft Neil Young dit album zelf als zijn slechtste (voor mij is bijna elk album uit de jaren ’80 minder), voor mij is het een van z’n beste.
4.0*
Neil Young & co klinken op Time Fades Away alsof ze compleet ontspoord zijn. Toch, midden in alle chaos blijft het songmateriaal probleemloos overeind. Voor mij springen L.A., Don’t Be Denied en Last Dance eruit als de beste nummers, maar de overige nummers mogen er zeker ook zijn. Enkel Love in Mind klinkt is zo kort, dat het klinkt alsof het nummer maar half gespeeld wordt of zo.
Ik denk dat dat Time Fades Away zo fascinerend maakt: op het eerste gezicht lijkt het allemaal nergens op, maar al snel blijkt dat dit album veel meer kwaliteit brengt dan aanvankelijk vermoed. Wellicht omschrijft Neil Young dit album zelf als zijn slechtste (voor mij is bijna elk album uit de jaren ’80 minder), voor mij is het een van z’n beste.
4.0*
Neil Young - Trans (1982)

2,5
0
geplaatst: 24 september 2014, 09:43 uur
Het zal in de jaren ’80 niet altijd even leuk zijn geweest om Neil Youngfan te zijn. Na Hawks and Doves en Re-Ac-Tor is dit alweer het derde mindere album op een rij. Gelukkig ben ik pas ergens rond 2005 begonnen me te interesseren voor het werk van Neil Young, dus ik was voorbereid toen ik aan Trans begon.
Hoewel het ver van z’n beste werk ligt, vind ik nummers als Computer Age, Transformer Man en Sample and Hold eigenlijk best leuk. De stem van Neil Young door de vocoder is even wennen, net als het elektronische geluid, maar als experiment vind ik Trans eigenlijk best geslaagd. Wat echter afbreuk doet aan het resultaat, is dat Neil Young op twee gedachten heeft gelijkt te hinken, door het experiment wat halfhartig door te voeren. Little Thing Called Love en Like an Inca klinken weer veel meer als klassieke Neil Youngnummers, weliswaar niet van klassieke kwaliteit, die daarmee Trans wat een allegaartje doen lijken. Dat gevoel wordt nog versterkt door de heopname van Mr. Soul, die op mij als vulling overkomt, en duidelijk maakt hoe goed het origineel eigenlijk is.
Kortom, een inconsequent doorgevoerd experiment. Met wat meer consistentie had ik hier nog wel drie sterren van kunnen maken, maar dat wordt hem net niet.
2.5*
Hoewel het ver van z’n beste werk ligt, vind ik nummers als Computer Age, Transformer Man en Sample and Hold eigenlijk best leuk. De stem van Neil Young door de vocoder is even wennen, net als het elektronische geluid, maar als experiment vind ik Trans eigenlijk best geslaagd. Wat echter afbreuk doet aan het resultaat, is dat Neil Young op twee gedachten heeft gelijkt te hinken, door het experiment wat halfhartig door te voeren. Little Thing Called Love en Like an Inca klinken weer veel meer als klassieke Neil Youngnummers, weliswaar niet van klassieke kwaliteit, die daarmee Trans wat een allegaartje doen lijken. Dat gevoel wordt nog versterkt door de heopname van Mr. Soul, die op mij als vulling overkomt, en duidelijk maakt hoe goed het origineel eigenlijk is.
Kortom, een inconsequent doorgevoerd experiment. Met wat meer consistentie had ik hier nog wel drie sterren van kunnen maken, maar dat wordt hem net niet.
2.5*
Neil Young / Crazy Horse - Live Rust (1979)

3,5
0
geplaatst: 16 september 2014, 09:24 uur
Met dit live album laat Neil Young beide kanten van z’n muzikantschap horen door met een akoestisch deel te starten, en daarna de electrische gitaar erbij te pakken. Wellicht was dit album daarom een mooi overzicht van Neil Young’s beste werk uit de jaren ’60 en ’70. Voor mij, als iemand die decennia nadat Young op z’n hoogtepunt was, zijn muziek leerde kennen, voegt dit album echter niet veel toe. Het electrische werk met Crazy Horse wordt naar mijn mening veel intenser gebracht op Weld, terwijl Massey Hall veel indringender het akoestische werk van Neil Young voor het voetlicht brengt. Dat maakt Live Rust voor mij een goed, maar enigszins overbodig album.
Bovendien vind ik het album ontsierd wordt door het einde van Cortez the Killer (waar al het een en ander over is bediscussieerd bij dit album) en ook het ‘no rain’ stuk voor The Needle and the Damage Done verstoort de flow van het album, niet in de minste plaats omdat het voor mij als luisteraar niet duidelijk is in wat voor context ik dat stuk moet plaatsen.
Ik luister liever andere live-albums van Neil Young, hoewel hier ook een aantal erg sterke nummers opstaat.
3.5*
Bovendien vind ik het album ontsierd wordt door het einde van Cortez the Killer (waar al het een en ander over is bediscussieerd bij dit album) en ook het ‘no rain’ stuk voor The Needle and the Damage Done verstoort de flow van het album, niet in de minste plaats omdat het voor mij als luisteraar niet duidelijk is in wat voor context ik dat stuk moet plaatsen.
Ik luister liever andere live-albums van Neil Young, hoewel hier ook een aantal erg sterke nummers opstaat.
3.5*
Neil Young & Cra·zy Horse - Re·ac·tor (1981)
Alternatieve titel: Reactor

2,0
0
geplaatst: 5 september 2014, 08:56 uur
Een paar jaar geleden heb ik dit album een tijdje met enige regelmaat gehoord. Toen ik Re-ac-tor deze week weer hoorde, riepen de songtitels geen associaties op, maar toen ik de muziek hoorde, herinnerde ik me het album al snel weer.
Neil Young met Crazy Horse weet me vaak wel te boeien (Ragged Glory en Rust Never Sleeps vind ik erg sterk), maar op Re-ac-tor begin ik me snel te vervelen. Qua muziek kan het nog wel enigszins door de beugel, maar in combinatie met de nogal simplistische teksten ben ik snel uitgeluisterd op dit album. Commentaar op het wagenpark van de Amerikaanse bevolking? Nee, bedankt. Dieptepunt is voor mij T-bone. Wat een interessant gitaarnummer had kunnen zijn, wordt door de ‘tekst’ volledig om zeep geholpen.
De enige nummers op dit album die ik een voldoende zou geven, zijn Opera Star, Surfer Joe en Shots.
2.0*
Neil Young met Crazy Horse weet me vaak wel te boeien (Ragged Glory en Rust Never Sleeps vind ik erg sterk), maar op Re-ac-tor begin ik me snel te vervelen. Qua muziek kan het nog wel enigszins door de beugel, maar in combinatie met de nogal simplistische teksten ben ik snel uitgeluisterd op dit album. Commentaar op het wagenpark van de Amerikaanse bevolking? Nee, bedankt. Dieptepunt is voor mij T-bone. Wat een interessant gitaarnummer had kunnen zijn, wordt door de ‘tekst’ volledig om zeep geholpen.
De enige nummers op dit album die ik een voldoende zou geven, zijn Opera Star, Surfer Joe en Shots.
2.0*
Neil Young & Crazy Horse - Weld (1991)

4,0
0
geplaatst: 11 september 2014, 12:04 uur
Dit album had ik lang niet gehoord, toen ik hem vorige week weer eens opzette. Onbegrijpelijk eigenlijk, want het is een erg sterk album. Een rockende Neil Young (met Crazy Horse) spreekt me altijd wel aan, maar op dit live-album wordt er nog een schepje bovenop gedaan.
Wat uiteraard meehelpt, is sterk songmateriaal, en daarvan heeft Neil Young door de jaren heen genoeg gemaakt. Hey Hey, My Me, Cortez the Killer, Powderfinger, Rockin’ in the Free World en Like a Hurricane behoren tot mijn favoriete nummers van Neil Young. Op dit album vind ik die nummers krachtiger klinken dan op de studioalbums. Met name Crime in the City klinkt op Weld veel gemeender en bozer dan hoe het op Freedom stond.
De nummers van Ragged Glory die op dit album staan, verschillen in uitvoering weinig van hoe ze op dat studioalbum stonden. Toch komen die nummers op Weld meer tot leven. Het alsof er meer emotie in zit, en meer dynamiek.
Voor mij heeft dit album twee keer twee minpunten. Ten eerste vind ik het tweetal Blowin’ in the Wind en Welfare Mothers weinig geslaagd. De Bob Dylancover is naar mijn mening wat te langzaam, en past niet zo goed bij de rest van de nummers. Welfare Mothers vind ik te lang opgerekt. Ten tweede vind ik Tonight’s the Night en Roll Another Number (het zullen toegiften zijn geweest) qua sfeer niet erg goed passen bij een op harde rock gefocuste set, die, althans dat was het gevoel dat ik bij dit album kreeg, in een stadion of een grote zaal gespeeld wordt. Een beetje een anticlimax aan het eind dus.
Dat laat onverlet dat dit een erg sterk album is, en voor mij een goed overzicht van de beste nummers van Neil Young & Crazy Horse (minus Down by the River en Cowgirl in the Sand dan).
Vier dikke sterren.
Wat uiteraard meehelpt, is sterk songmateriaal, en daarvan heeft Neil Young door de jaren heen genoeg gemaakt. Hey Hey, My Me, Cortez the Killer, Powderfinger, Rockin’ in the Free World en Like a Hurricane behoren tot mijn favoriete nummers van Neil Young. Op dit album vind ik die nummers krachtiger klinken dan op de studioalbums. Met name Crime in the City klinkt op Weld veel gemeender en bozer dan hoe het op Freedom stond.
De nummers van Ragged Glory die op dit album staan, verschillen in uitvoering weinig van hoe ze op dat studioalbum stonden. Toch komen die nummers op Weld meer tot leven. Het alsof er meer emotie in zit, en meer dynamiek.
Voor mij heeft dit album twee keer twee minpunten. Ten eerste vind ik het tweetal Blowin’ in the Wind en Welfare Mothers weinig geslaagd. De Bob Dylancover is naar mijn mening wat te langzaam, en past niet zo goed bij de rest van de nummers. Welfare Mothers vind ik te lang opgerekt. Ten tweede vind ik Tonight’s the Night en Roll Another Number (het zullen toegiften zijn geweest) qua sfeer niet erg goed passen bij een op harde rock gefocuste set, die, althans dat was het gevoel dat ik bij dit album kreeg, in een stadion of een grote zaal gespeeld wordt. Een beetje een anticlimax aan het eind dus.
Dat laat onverlet dat dit een erg sterk album is, en voor mij een goed overzicht van de beste nummers van Neil Young & Crazy Horse (minus Down by the River en Cowgirl in the Sand dan).
Vier dikke sterren.
Neil Young + Crazy Horse - Ragged Glory (1990)
Alternatieve titel: Smell the Horse

4,0
0
geplaatst: 12 augustus 2010, 19:32 uur
Dit was het eerste album van Neil Young dat ik heb gekocht, een paar jaar geleden. Ik was toen van plan 's mans hele oeuvre aan te schaffen, maar dat plan is na 8 albums in de ijskast beland.
Mij maakt het niet veel uit wat Neil Young doet, rocken of akoestische albums maken. Wat ik het liefst hoor, hangt van mijn stemming af. Maar als er gerockt moet worden, is dit een plaat die ik graag opzet.
Het album begint meteen met de beste nummers: Country Home en White Line. Rauwe, gruizige nummers die me het gevoel geven over een hobbelige prairieweg te rijden. Goed, ik ben dan in Nederland, geen wegen met hobbels in de buurt, laat staan een prairie. Maar toch.
De volgende 3 nummers rocken net zo hard en slepen tegelijkertijd lang door. Van mij had het korter gemogen, er kon vast een stukje af zonder dat ik het gevoel zou hebben iets te missen, maar ik stoor me absoluut niet aan muziekstukken van 8-10 minuten. De tijd vliegt om.
Farmer John is het eerste minpuntje van het album. Iets teveel geschreeuw, en te weinig muziek naar mijn mening. Mansion on the Hill is weer prima. Een licht melancholisch nummer dat schuilgaat onder een dikke laag distortion. Door dit nummer moest ik even terugdenken aan het album Nebraska van Bruce Springsteen. Daarop staat ook een nummer dat Mansion on the Hill draagt. Ook al zo'n liedje met herinneringen aan een verleden tijd.
Days that Used to Be gaat ook over vroeger, vrienden van vroeger, die hun idealen hebben ingeruild voor een huis in suburbia met een gezinsauto voor de deur. Tenminste, zo vat ik het op.
Het album sluit af Love and Only Love. Alweer zo'n slepend nummer dat gekenmerkt wordt door het herkenbare geluid van Crazy Horse.
Ok, eigenlijk komt daarna nog Natural Anthem, maar dat sla ik meestal over. Ik vind het niet in de sfeer van het album liggen, en ik houd van die jengelende koren op de achtergrond. Qua boodschap ben ik het hier wel met meneer Young eens, maar als het in zo'n uitvoering moet, dan geloof ik het wel.
Een paar minpuntjes dus op een verder uitstekend album. Voor mij het beste wat Neil Young sinds 1979 (Rust Never Sleeps) heeft uitgebracht.
4.0*
Mij maakt het niet veel uit wat Neil Young doet, rocken of akoestische albums maken. Wat ik het liefst hoor, hangt van mijn stemming af. Maar als er gerockt moet worden, is dit een plaat die ik graag opzet.
Het album begint meteen met de beste nummers: Country Home en White Line. Rauwe, gruizige nummers die me het gevoel geven over een hobbelige prairieweg te rijden. Goed, ik ben dan in Nederland, geen wegen met hobbels in de buurt, laat staan een prairie. Maar toch.
De volgende 3 nummers rocken net zo hard en slepen tegelijkertijd lang door. Van mij had het korter gemogen, er kon vast een stukje af zonder dat ik het gevoel zou hebben iets te missen, maar ik stoor me absoluut niet aan muziekstukken van 8-10 minuten. De tijd vliegt om.
Farmer John is het eerste minpuntje van het album. Iets teveel geschreeuw, en te weinig muziek naar mijn mening. Mansion on the Hill is weer prima. Een licht melancholisch nummer dat schuilgaat onder een dikke laag distortion. Door dit nummer moest ik even terugdenken aan het album Nebraska van Bruce Springsteen. Daarop staat ook een nummer dat Mansion on the Hill draagt. Ook al zo'n liedje met herinneringen aan een verleden tijd.
Days that Used to Be gaat ook over vroeger, vrienden van vroeger, die hun idealen hebben ingeruild voor een huis in suburbia met een gezinsauto voor de deur. Tenminste, zo vat ik het op.
Het album sluit af Love and Only Love. Alweer zo'n slepend nummer dat gekenmerkt wordt door het herkenbare geluid van Crazy Horse.
Ok, eigenlijk komt daarna nog Natural Anthem, maar dat sla ik meestal over. Ik vind het niet in de sfeer van het album liggen, en ik houd van die jengelende koren op de achtergrond. Qua boodschap ben ik het hier wel met meneer Young eens, maar als het in zo'n uitvoering moet, dan geloof ik het wel.
Een paar minpuntjes dus op een verder uitstekend album. Voor mij het beste wat Neil Young sinds 1979 (Rust Never Sleeps) heeft uitgebracht.
4.0*
Neil Young and Crazy Horse - Crazy Horse at the Fillmore 1970 (2006)
Alternatieve titel: Live at the Fillmore East

3,5
0
geplaatst: 24 september 2014, 09:41 uur
Bij beluistering van een live-album verwacht ik het gevoel te krijgen dat ik bij een concert aanwezig ben. Dat mis ik op Live at the Fillmore East. In plaats daarvan voelt dit album, met z’n slechts zes nummers waarvan eentje al op Tonight’s The Night stond, als een collage van liveopnamen die een deel van een concert zouden kunnen zijn. Ondanks de fantastische uitvoeringen van Down by the River en Cowgirl in the Sand heb ik daarom nooit echt enthousiast kunnen worden over dit album. Dat komt ook doordat ik Wonderin' niet een geweldig nummer vind, en de uitvoering van Winterlong die op dit album staat voegt naar mijn mening ook weinig toe aan de studioversie.
Bij het beluisteren van Live at the Fillmore East bekruipt me vaak het gevoel dat er meer in dit album had gezeten. Vanwege de twee langste nummers zitten hier nog net drie en een halve ster in.
3.5*
Bij het beluisteren van Live at the Fillmore East bekruipt me vaak het gevoel dat er meer in dit album had gezeten. Vanwege de twee langste nummers zitten hier nog net drie en een halve ster in.
3.5*
Neil Young with Crazy Horse - Broken Arrow (1996)

3,0
0
geplaatst: 12 september 2014, 10:25 uur
Voor mij is Broken Arrow een album met twee gezichten. Het eerste gezicht is er een van trage nummers, die volledig gericht zijn op de gitaren, zozeer zelfs dat de stem van Neil Young naar de achtergrond gemixt is. Nummers als Big Time en Slip Away brengen je in een bepaalde flow, net als Loose Change en Scattered trouwens. Het andere gezicht is er eentje van wat onbestemde nummers, die niet echt rocken of diezelfde flow hebben als de nummers waarmee Broken Arrow begint. Vooral Changing Highways vind ik maar matig tussen Slip Away en Scattered passen, maar ook This Town en, in mindere mate, Music Arcade doen me niet echt veel.
En dan is er ook nog een livenummer in de vorm van Baby What You Want Me To Do Dat nummer komt een beetje achter het album aanhobbelen zoals Natural Beauty deed op Harvest Moon, en Mother Earth op Ragged Glory. Baby What... vind ik totaal niet op dit album passen, en het doet een beetje aan als vulling om het album over de drie kwartier te krijgen.
Hoewel dit album niet in de buurt komt van Neil Young & Crazy Horse’s beste werk, blijft Broken Arrow toch een lekker album om zo nu en dan eens te horen. Vooral vanwege de eerste drie nummers. Met uitzondering van Scattered is het daarna helaas een beetje een kwestie van het album uitluisteren (of afzettten, maar dat doe ik met bijna geen enkel album).
3.0*
En dan is er ook nog een livenummer in de vorm van Baby What You Want Me To Do Dat nummer komt een beetje achter het album aanhobbelen zoals Natural Beauty deed op Harvest Moon, en Mother Earth op Ragged Glory. Baby What... vind ik totaal niet op dit album passen, en het doet een beetje aan als vulling om het album over de drie kwartier te krijgen.
Hoewel dit album niet in de buurt komt van Neil Young & Crazy Horse’s beste werk, blijft Broken Arrow toch een lekker album om zo nu en dan eens te horen. Vooral vanwege de eerste drie nummers. Met uitzondering van Scattered is het daarna helaas een beetje een kwestie van het album uitluisteren (of afzettten, maar dat doe ik met bijna geen enkel album).
3.0*
Neurosis - Souls at Zero (1992)

3,0
0
geplaatst: 11 april 2014, 13:35 uur
Na The Eye of Every Storm ben ik nog geen ander werk van Neurosis tegengekomen dat dezelfde indruk op me wist te maken als dat album. Ook op Souls at Zero lukt dat niet. Bij lange na niet zelfs.
Ik heb het idee dat de heren van Neurosis en ik op een verschillende golflengte zitten. Neurosis maakt metal die uitnodigt tot introspectie, om onder je eigen huid te kruipen (om de titel van het openingsnummer maar te gebruiken) en te graven in de chaos aldaar. En wellicht om jezelf te veranderen? Ik heb geen bezwaar tegen op reis gaan in mezelf. Alleen heb ik op zo’n reis Neurosis liever niet als reisleider: te dwingend, te sturend, te weinig ruimte overlatend aan mezelf.
Muzikaal is het alsof Neurosis een hele bak met geluiden, indrukken en sferen over me heen uitkiepert. Soms komt er een mooi stuk voorbij, of een trompetje die de boel openbreekt, of een paar strijkers. Los daarvan krijg ik vaak een ongemakkelijk gevoel bij de muziek, bij de gesproken stukken die hier en daar in de muziek geplakt zijn (om het meer diepgang te geven?) en bij de zang, die me niet aanstaat. De speelduur van dit album maakt het bovendien niet veel beter.
Souls at Zero is voor mij dus meer een (te) lange rit met de bus dan een spannende reis. Teveel indrukken, waarbij slechts delen me écht weten te boeien. Ik geeft drie sterren, omdat dit album me nergens écht tegenstaat, en op sommige plekken toch wel intrigeert.
3.0*
Ik heb het idee dat de heren van Neurosis en ik op een verschillende golflengte zitten. Neurosis maakt metal die uitnodigt tot introspectie, om onder je eigen huid te kruipen (om de titel van het openingsnummer maar te gebruiken) en te graven in de chaos aldaar. En wellicht om jezelf te veranderen? Ik heb geen bezwaar tegen op reis gaan in mezelf. Alleen heb ik op zo’n reis Neurosis liever niet als reisleider: te dwingend, te sturend, te weinig ruimte overlatend aan mezelf.
Muzikaal is het alsof Neurosis een hele bak met geluiden, indrukken en sferen over me heen uitkiepert. Soms komt er een mooi stuk voorbij, of een trompetje die de boel openbreekt, of een paar strijkers. Los daarvan krijg ik vaak een ongemakkelijk gevoel bij de muziek, bij de gesproken stukken die hier en daar in de muziek geplakt zijn (om het meer diepgang te geven?) en bij de zang, die me niet aanstaat. De speelduur van dit album maakt het bovendien niet veel beter.
Souls at Zero is voor mij dus meer een (te) lange rit met de bus dan een spannende reis. Teveel indrukken, waarbij slechts delen me écht weten te boeien. Ik geeft drie sterren, omdat dit album me nergens écht tegenstaat, en op sommige plekken toch wel intrigeert.
3.0*
Neurosis - The Eye of Every Storm (2004)

3,5
0
geplaatst: 19 mei 2014, 15:00 uur
Dit album was een paar jaar geleden het eerste van Neurosis dat ik hoorde. Na een paar luisterbeurten was ik erg onder de indruk. Niet veel later heb ik het album in huis gehaald, maar mijn interesse in dit album verdween daarna ook al snel weer.
Als ik The Eye of Every Storm nu hoor, vind ik het nog steeds een speciaal album. Ondanks dat de muziek redelijk simpel en traag klinkt, zit er toch erg veel emotie in. Het is alsof alle verschillende gevoelens die de andere Neurosisalbums die ik ken, kenmerken, hier zijn ingedikt tot een veel consistenter geheel bestaand uit paar gitaren en zang. Er zijn veel gevoelens in dit album verwerkt, maar ze sluimeren onder het oppervlak.
Toch ben ik niet alleen maar enthousiast over The Eye of Every Storm. Hoewel dit een cd is om aandachtig naar te luisteren, weten niet alle nummers me te overtuigen. I Can See You heb ik eigenlijk nooit echt sterk gevonden, en het voorlaatste nummer (Bridges) is me een beetje te lang, hoewel het einde van dat nummer wel weer veel goedmaakt. Ook de zang ligt me niet helemaal: soms vind ik het wat geforceerd/geconstipeerd klinken.
Dat alles maakt The Eye of Every Storm tot een album dat ik nog zelden draai. Wellicht zou het iets meer aandacht verdienen, maar of dat mijn waardering voor dit album zou vergroten, betwijfel ik.
3.5*
Als ik The Eye of Every Storm nu hoor, vind ik het nog steeds een speciaal album. Ondanks dat de muziek redelijk simpel en traag klinkt, zit er toch erg veel emotie in. Het is alsof alle verschillende gevoelens die de andere Neurosisalbums die ik ken, kenmerken, hier zijn ingedikt tot een veel consistenter geheel bestaand uit paar gitaren en zang. Er zijn veel gevoelens in dit album verwerkt, maar ze sluimeren onder het oppervlak.
Toch ben ik niet alleen maar enthousiast over The Eye of Every Storm. Hoewel dit een cd is om aandachtig naar te luisteren, weten niet alle nummers me te overtuigen. I Can See You heb ik eigenlijk nooit echt sterk gevonden, en het voorlaatste nummer (Bridges) is me een beetje te lang, hoewel het einde van dat nummer wel weer veel goedmaakt. Ook de zang ligt me niet helemaal: soms vind ik het wat geforceerd/geconstipeerd klinken.
Dat alles maakt The Eye of Every Storm tot een album dat ik nog zelden draai. Wellicht zou het iets meer aandacht verdienen, maar of dat mijn waardering voor dit album zou vergroten, betwijfel ik.
3.5*
Nevermore - Dead Heart in a Dead World (2000)

4,5
1
geplaatst: 16 juni 2012, 14:58 uur
Jammer dat er nog zo weinig reacties bij dit album zijn (en dat het grootste deel van de discussie gaat over veertienjarige skaters), want dit album verdient meer aandacht dan het tot dusverre heeft gekregen.
Samen met Dreaming Neon Black is dit het laatste album van Nevermore dat ik ben gaan luisteren. Samen met DNB is het ook de cd waarbij het het langst duurde voordat ik het hem begon te waarderen. Nevermore's eerste 2 albums zitten voor mijn gevoel makkelijker in elkaar en zijn meer gitaargeorienteerd, terwijl albums als This Godless Endeavor gewoon bruut klinken en daarom al bij de eerste paar luisterbeurten indruk maken.
Naar Dead Heart dan.
Het album heeft relatief veel rustigere nummers (om ze nou ballads te noemen is een beetje overdreven), die prima ingepast worden tussen de hardere nummers. Waar ik de voorgangers van dit album vooral (overigens uitstekende) verzamelingen van losse nummers vind, klinkt dit album als een gebalanceerd geheel. Daardoor klinkt het aanvankelijk misschien een beetje als een 'lange brei' zoals jasper1991 boven me vindt. Voor mij bleek de remedie tegen dat gevoel simpel: nog een keer draaien, en nog een keer, totdat ik het album goed leerde kennen.
Dit album is een van de weinige die ik heb waarbij ik bij bijna elk nummer dacht 'dit is het beste nummer van het album'. Alleen bij de openingstrack, Believe in Nothing en het titelnummer is die gedachte me nog niet door het hoofd geschoten. Toch zijn ook dat prima nummers.
Kortom, een aanrader als je houdt van metal die niet precies binnen de lijntjes van een genre past (nou ja, misschien is progressieve thrash met een bij vlagen groovend randje en geschifte zang wel een genre intussen) en van de zang van Warrel Dane houdt.
Samen met Politics of Ecstacy het beste Nevermore-album: 4.5*
Samen met Dreaming Neon Black is dit het laatste album van Nevermore dat ik ben gaan luisteren. Samen met DNB is het ook de cd waarbij het het langst duurde voordat ik het hem begon te waarderen. Nevermore's eerste 2 albums zitten voor mijn gevoel makkelijker in elkaar en zijn meer gitaargeorienteerd, terwijl albums als This Godless Endeavor gewoon bruut klinken en daarom al bij de eerste paar luisterbeurten indruk maken.
Naar Dead Heart dan.
Het album heeft relatief veel rustigere nummers (om ze nou ballads te noemen is een beetje overdreven), die prima ingepast worden tussen de hardere nummers. Waar ik de voorgangers van dit album vooral (overigens uitstekende) verzamelingen van losse nummers vind, klinkt dit album als een gebalanceerd geheel. Daardoor klinkt het aanvankelijk misschien een beetje als een 'lange brei' zoals jasper1991 boven me vindt. Voor mij bleek de remedie tegen dat gevoel simpel: nog een keer draaien, en nog een keer, totdat ik het album goed leerde kennen.
Dit album is een van de weinige die ik heb waarbij ik bij bijna elk nummer dacht 'dit is het beste nummer van het album'. Alleen bij de openingstrack, Believe in Nothing en het titelnummer is die gedachte me nog niet door het hoofd geschoten. Toch zijn ook dat prima nummers.
Kortom, een aanrader als je houdt van metal die niet precies binnen de lijntjes van een genre past (nou ja, misschien is progressieve thrash met een bij vlagen groovend randje en geschifte zang wel een genre intussen) en van de zang van Warrel Dane houdt.
Samen met Politics of Ecstacy het beste Nevermore-album: 4.5*
Nevermore - Dreaming Neon Black (1999)

4,0
0
geplaatst: 25 april 2014, 18:34 uur
Een enkele uitzondering daargelaten (Enemies of Reality) is Nevermore behoorlijk consistent: ze brengen eigenlijk alleen maar goede albums uit. Misschien ook wel geholpen door het feit dat ze hun eigen muzikale niche hebben gevormd. Ik had altijd in mijn hoofd dat dit album, samen met The Politics of Ecstacy en Dead Heart in a Dead World, het beste werk van Nevermore is.
Nu ik dit album de afgelopen weken intensief heb beluisterd, moet ik mijn waardering voor Dreaming Neon Black toch een beetje bijstellen. Naar beneden, helaas. Het album begint weliswaar sterk met Beyond Within en I am the Dog als uitschieters, maar verzandt uiteindelijk een beetje in ballads. Vaak weet Nevermore goede ballads te schrijven. Hier lukt dat minder: Cenotaph bloedt langzaam dood, en ook Forever is een weinig interessante afsluiter (waarna er een lange stilte volgt en dan nog 6 seconden wat geluid - super irritant). Ook het titelnummer vind ik maar matig geslaagd. Het mist wat pit, en is (daardoor) te lang.
Toch zijn er voldoende sterke nummers te vinden op Dreaming Neon Black. Behalve de al eerder genoemde Beyond Within en I am the Dog springen ook Poison Godmachine en No More Will eruit.
Als dit album een paar ballads minder had gehad, was er een topscore uitgerold. Nu houd ik het op vier sterren.
4.0*
Nu ik dit album de afgelopen weken intensief heb beluisterd, moet ik mijn waardering voor Dreaming Neon Black toch een beetje bijstellen. Naar beneden, helaas. Het album begint weliswaar sterk met Beyond Within en I am the Dog als uitschieters, maar verzandt uiteindelijk een beetje in ballads. Vaak weet Nevermore goede ballads te schrijven. Hier lukt dat minder: Cenotaph bloedt langzaam dood, en ook Forever is een weinig interessante afsluiter (waarna er een lange stilte volgt en dan nog 6 seconden wat geluid - super irritant). Ook het titelnummer vind ik maar matig geslaagd. Het mist wat pit, en is (daardoor) te lang.
Toch zijn er voldoende sterke nummers te vinden op Dreaming Neon Black. Behalve de al eerder genoemde Beyond Within en I am the Dog springen ook Poison Godmachine en No More Will eruit.
Als dit album een paar ballads minder had gehad, was er een topscore uitgerold. Nu houd ik het op vier sterren.
4.0*
Nevermore - Enemies of Reality (2003)

2,5
0
geplaatst: 10 april 2014, 22:15 uur
Enemies of Reality was helaas mijn kennismaking met Nevermore. Al snel na aankoop werd dit album een teleurstelling, en daarmee heeft het even geduurd voor ik andere albums van Nevermore ging luisteren.
Vorig jaar heb ik uit nieuwsgierigheid de remix van Andy Sneap gekocht. Die mix geeft de verschillende instrumenten, en vooral de zang, veel meer de ruimte. Tegelijkertijd kan een remix (uiteraard) matig songmateriaal niet omtoveren tot een meesterwerk, of tot iets dat op hetzelfde niveau ligt als de meeste andere albums die Nevermore op de mensheid heeft losgelaten.
Het probleem met dit album is voor mij vooral dat het songmateriaal zo simpel overkomt. Bestrijken andere albums van Nevermore vaak een breed palet aan emoties, hier is het vooral boosheid wat de klok slaat. Daarbij is er weinig afwisseling binnen de nummers: het is óf vol gas vooruit, óf een rustig nummer zonder plotselinge geweldsuitbarstingen. Alle rustige nummers op Enemies of Reality, met Noumenon als uitschieter, zijn bovendien missers.
Het is niet alleen maar ellende: het titelnummer, I, Voyager en Seed Awakening zijn best leuk. Drie goede nummers is alleen niet genoeg om een album te redden.
2.5*
Vorig jaar heb ik uit nieuwsgierigheid de remix van Andy Sneap gekocht. Die mix geeft de verschillende instrumenten, en vooral de zang, veel meer de ruimte. Tegelijkertijd kan een remix (uiteraard) matig songmateriaal niet omtoveren tot een meesterwerk, of tot iets dat op hetzelfde niveau ligt als de meeste andere albums die Nevermore op de mensheid heeft losgelaten.
Het probleem met dit album is voor mij vooral dat het songmateriaal zo simpel overkomt. Bestrijken andere albums van Nevermore vaak een breed palet aan emoties, hier is het vooral boosheid wat de klok slaat. Daarbij is er weinig afwisseling binnen de nummers: het is óf vol gas vooruit, óf een rustig nummer zonder plotselinge geweldsuitbarstingen. Alle rustige nummers op Enemies of Reality, met Noumenon als uitschieter, zijn bovendien missers.
Het is niet alleen maar ellende: het titelnummer, I, Voyager en Seed Awakening zijn best leuk. Drie goede nummers is alleen niet genoeg om een album te redden.
2.5*
Nevermore - In Memory (1997)

3,5
0
geplaatst: 10 april 2014, 21:56 uur
Uitgekomen tussen The Politics of Ecstacy en Dreaming Neon Black is het makkelijk om deze EP over het hoofd te zien. Toen ik zelf op ontdekkingstocht ging door het oeuvre van Nevermore, heb ik dit album ook overgeslagen. In Memory is nog steeds een werkje dat ik niet veel luister: ik vind het simpelweg niet goed genoeg, in vergelijking met andere albums van deze heren uit Seattle.
Optimist or Pessimist klinkt als een typisch agressief Nevermorenummer. Een prima start van deze EP. Ook Matricide mag er zijn. In Memory is een typische Nevermoreballad met een mooie melodielijn in het refrein, maar het tempo van het nummer is mij net wat te laag om de hele 7 minuten te kunnen boeien. Silent Hedges/Double Dare is een medley van twee Bauhauscovers. Ik ken de originelen niet goed genoeg om een goede vergelijking te kunnen maken, maar wat ik hoor, bevalt me best redelijk. The Sorrowed Man is weer een ballade, die ik nogal abrupt vind eindigen. Weliswaar niet slecht, maar ik hoor liever een feller en bozer Nevermore.
In Memory bevat geen nummers die ik tot Nevermore’s beste zou rekenen. Bovendien wordt er hier naar mijn smaak wat teveel geleund op (niet hele sterke) ballads. Kortom, een aardig tussendoortje, maar niet essentieel.
3.5*
Optimist or Pessimist klinkt als een typisch agressief Nevermorenummer. Een prima start van deze EP. Ook Matricide mag er zijn. In Memory is een typische Nevermoreballad met een mooie melodielijn in het refrein, maar het tempo van het nummer is mij net wat te laag om de hele 7 minuten te kunnen boeien. Silent Hedges/Double Dare is een medley van twee Bauhauscovers. Ik ken de originelen niet goed genoeg om een goede vergelijking te kunnen maken, maar wat ik hoor, bevalt me best redelijk. The Sorrowed Man is weer een ballade, die ik nogal abrupt vind eindigen. Weliswaar niet slecht, maar ik hoor liever een feller en bozer Nevermore.
In Memory bevat geen nummers die ik tot Nevermore’s beste zou rekenen. Bovendien wordt er hier naar mijn smaak wat teveel geleund op (niet hele sterke) ballads. Kortom, een aardig tussendoortje, maar niet essentieel.
3.5*
Nevermore - The Politics of Ecstasy (1996)

4,5
0
geplaatst: 11 maart 2012, 19:19 uur
Jammer dat een band als Nevermore nauwelijks aandacht krijgt op MuMe (even afgaand op het aantal commentaren en stemmen bij hun albums). Aan de muziek kan het toch niet liggen volgens mij.
Dit Politics of Ecstacy is vernoemd naar een boek van Timothy Leary, LSD-voorvechter/onderzoeker. Het boekje ziet er ook uit alsof je er van zou moeten gaan trippen qua kleurgebruik en tekeningen. Daarnaast komen drugs, of LSD in het bijzonder nog meerdere keren naar voren in de teksten. This Sacrament beschrijft over het eenworden met ‘the flow’ en refereert aan Lucy in the Sky van the Beatles. 42147 lijkt een korte beschrijving van een trip.
Sowieso vind ik de meeste teksten van Nevermore interessanter dan wat veel andere metalbands schrijven. Het afsluitende nummer gaat over computers en het bewustzijn van deze apparaten. Tegenwoordig wellicht een beetje een afgestompt thema, computers, nu we allemaal eentje in huis hebben, maar dit album werd gemaakt rond de tijd dat de PC en het internet hun intrede deden in huiskamers. Of in de ‘computerkamer’ natuurlijk.
Dat doet me denken aan de eerste computer die mijn ouders kochten, ook midden jaren ’90. Een spelcomputer met een scherm dat geen kleuren weer kon geven en 3 spelletjes: een schietspel, een motorracespel en een spel dat ik niet snapte. Fascinerend was dat. Maar ik sprak nog geen Engels, kon derhalve de teksten op het scherm niet lezen of het niveau van de computer-tegenstanders veranderen en verloor mijn interesse in het ding dus al snel.
Even los daarvan blijft het een interessante vraag of computers een bewustzijn zouden kunnen ontwikkelen en of mensen in staat zijn computers en mensen uit elkaar te houden (zie de bijna levensechte robots die in Japan ontwikkeld worden).
Het eerste hoofdstuk van Leary’s boek draagt dezelfde titel als het openingsnummer van dit album. Geheel toevallig uiteraard. The Seven Tongues of God is meteen een van de betere nummers van het album. Het laat zien dat Nevermore na het wat zoekende debuutalbum zijn draai heeft gevonden. De band heeft z’n eigen genre gecreeërd: virtuoze en snoeiharde metal, met veel ruimte voor de eigenzinnige zanglijnen en speciale stem van Warrel Dane. Het wordt vaak omschreven als ‘progressive thrash’, maar die omschrijving doet mij enerzijds denken aan ellenlange solo’s, anderzijds aan snel gespeelde, redelijk simpele composities. Beide zijn niet van toepassing op Nevermore.
Op This Sacrament is het wederom Warrel Dane die opvalt, en ook de licht tegendraadse drumpartij mag er zijn. In Next in Line zitten een paar vloeiende overgangen in hoogte tussen refrein en couplet, Passenger is een aardige Nevermoreballad.
Meestal als Warrel Dane boos is, komen er mooie dingen op zilveren schijfjes op ons af, maar op het titelnummer van dit album is een uitzondering. Niet omdat Warrel niet boos is en het toch een mooi nummer is, maar andersom. Warrel is wel degelijk boos. Op de hele wereld, maar vooral op politici die de wereld vernielen en voor ongerechtige wetten zorgen. Zal iets te maken hebben met de door Slaemperayreon hierboven genoemde vriend die vastzat wegens drugsbezit. Het nummer begint traag, te traag, weet niet te boeien en komt pas tegen de 3 minuten los, maar zakt al snel weer weg. Teveel geschreeuw, te weinig mooie melodiën en riffs.
Daarna wordt het album eigenlijk alleen maar beter, waarbij 42147 en het afsluitende The Learning eruit springen. Met name dat laatste nummer is een van de beste nummers die Nevermore ooit geschreven heeft. Het begint als een ballade, maar eindigt als een behoorlijk zwaar nummer met een majesteitelijke riff.
The Politics of Ecstacy is de eerste van de drie elkaar opvolgende hoogtepunten uit Nevermore’s carriere, en ook de hardste van die drie.
Slechts een misser, en verder constant van een indrukwekkend hoog niveau.
4.5*
Dit Politics of Ecstacy is vernoemd naar een boek van Timothy Leary, LSD-voorvechter/onderzoeker. Het boekje ziet er ook uit alsof je er van zou moeten gaan trippen qua kleurgebruik en tekeningen. Daarnaast komen drugs, of LSD in het bijzonder nog meerdere keren naar voren in de teksten. This Sacrament beschrijft over het eenworden met ‘the flow’ en refereert aan Lucy in the Sky van the Beatles. 42147 lijkt een korte beschrijving van een trip.
Sowieso vind ik de meeste teksten van Nevermore interessanter dan wat veel andere metalbands schrijven. Het afsluitende nummer gaat over computers en het bewustzijn van deze apparaten. Tegenwoordig wellicht een beetje een afgestompt thema, computers, nu we allemaal eentje in huis hebben, maar dit album werd gemaakt rond de tijd dat de PC en het internet hun intrede deden in huiskamers. Of in de ‘computerkamer’ natuurlijk.
Dat doet me denken aan de eerste computer die mijn ouders kochten, ook midden jaren ’90. Een spelcomputer met een scherm dat geen kleuren weer kon geven en 3 spelletjes: een schietspel, een motorracespel en een spel dat ik niet snapte. Fascinerend was dat. Maar ik sprak nog geen Engels, kon derhalve de teksten op het scherm niet lezen of het niveau van de computer-tegenstanders veranderen en verloor mijn interesse in het ding dus al snel.
Even los daarvan blijft het een interessante vraag of computers een bewustzijn zouden kunnen ontwikkelen en of mensen in staat zijn computers en mensen uit elkaar te houden (zie de bijna levensechte robots die in Japan ontwikkeld worden).
Het eerste hoofdstuk van Leary’s boek draagt dezelfde titel als het openingsnummer van dit album. Geheel toevallig uiteraard. The Seven Tongues of God is meteen een van de betere nummers van het album. Het laat zien dat Nevermore na het wat zoekende debuutalbum zijn draai heeft gevonden. De band heeft z’n eigen genre gecreeërd: virtuoze en snoeiharde metal, met veel ruimte voor de eigenzinnige zanglijnen en speciale stem van Warrel Dane. Het wordt vaak omschreven als ‘progressive thrash’, maar die omschrijving doet mij enerzijds denken aan ellenlange solo’s, anderzijds aan snel gespeelde, redelijk simpele composities. Beide zijn niet van toepassing op Nevermore.
Op This Sacrament is het wederom Warrel Dane die opvalt, en ook de licht tegendraadse drumpartij mag er zijn. In Next in Line zitten een paar vloeiende overgangen in hoogte tussen refrein en couplet, Passenger is een aardige Nevermoreballad.
Meestal als Warrel Dane boos is, komen er mooie dingen op zilveren schijfjes op ons af, maar op het titelnummer van dit album is een uitzondering. Niet omdat Warrel niet boos is en het toch een mooi nummer is, maar andersom. Warrel is wel degelijk boos. Op de hele wereld, maar vooral op politici die de wereld vernielen en voor ongerechtige wetten zorgen. Zal iets te maken hebben met de door Slaemperayreon hierboven genoemde vriend die vastzat wegens drugsbezit. Het nummer begint traag, te traag, weet niet te boeien en komt pas tegen de 3 minuten los, maar zakt al snel weer weg. Teveel geschreeuw, te weinig mooie melodiën en riffs.
Daarna wordt het album eigenlijk alleen maar beter, waarbij 42147 en het afsluitende The Learning eruit springen. Met name dat laatste nummer is een van de beste nummers die Nevermore ooit geschreven heeft. Het begint als een ballade, maar eindigt als een behoorlijk zwaar nummer met een majesteitelijke riff.
The Politics of Ecstacy is de eerste van de drie elkaar opvolgende hoogtepunten uit Nevermore’s carriere, en ook de hardste van die drie.
Slechts een misser, en verder constant van een indrukwekkend hoog niveau.
4.5*
Nevermore - This Godless Endeavor (2005)

4,0
0
geplaatst: 17 april 2012, 00:06 uur
Een flinke stap voorwaarts na het zwakke Enemies of Reality. Nevermore heeft op dit This Godless Endeavor zijn zaakjes weer voor elkaar. Mede dankzij de vele juichende reviews die ik over dit album heb gelezen, dacht ik dat het zich zou ontwikkelen tot mijn favoriete Nevermore album toen het voor de eerste keren beluisterde.
Welnu, dat is het niet geworden. Eerder een middenmoter, hoewel dat in het geval van Nevermore nog steeds een behoorlijk goed album is. De typische Nevermore-elementen zijn op dit album weer aanwezig: strakke, harde stukken en meer balladachtige nummers, met het uitstekende gitaarwerk van Jeff Loomis (en Steve Smyth in dit geval) en de typische zang van Warrel Dane.
Opener Born is als een vuurwerkbom die in je gezicht uit elkaar knalt. Een droomstart voor het album, met dank aan producer Andy Sneap. Het effect van Born werkte de eerste paar luisterbeurten verdovend, met als gevolg dat ik geen zwakke punten op dit album kon bekennen.
Final Product en My Acid Words zijn uitstekende nummers, maar daarna wordt het toch wat minder. Met name het stuk van Sentient 6 tot Sell My Heart for Stones vind ik redelijk zwak. De nummers gaan nergens de diepte in zoals ik van Nevermore gewend ben en hoewel ze degelijk in elkaar zitten, begin ik hier snel te verlangen naar een volgend nummer: Sentient 6 is een zwakke ballad, The Holocaust of Thought een redelijk grijs instrumentaal nummer, dat gelukkig maar kort is, en ook Sell My Heart for Stones sleept zich voort, kennelijk zonder bestemming.
Daarna gaat het niveau van de nummers weer omhoog, culminerend in het titelnummer, dat mijns inziens een van Nevermore’s beste nummers is.
Kortom, als het effect van de harde productie eenmaal uitgewerkt is, beginnen de minpuntjes van dit album op te vallen. Na zo’n 25 luisterbeurten (volgens last.fm, het zijn er meer) is het tijd om dit album van sterren te voorzien. Het worden er net zoveel zoals ik twee en een halve maand geleden verwachtte te zullen geven: 4.
4.0*
En wellicht ligt het een mij, maar de hoes van dit album doet me steeds weer denken aan die van Into the Mirror Black, de vorige band van Warrel Dane en Jim Shepperd.
Welnu, dat is het niet geworden. Eerder een middenmoter, hoewel dat in het geval van Nevermore nog steeds een behoorlijk goed album is. De typische Nevermore-elementen zijn op dit album weer aanwezig: strakke, harde stukken en meer balladachtige nummers, met het uitstekende gitaarwerk van Jeff Loomis (en Steve Smyth in dit geval) en de typische zang van Warrel Dane.
Opener Born is als een vuurwerkbom die in je gezicht uit elkaar knalt. Een droomstart voor het album, met dank aan producer Andy Sneap. Het effect van Born werkte de eerste paar luisterbeurten verdovend, met als gevolg dat ik geen zwakke punten op dit album kon bekennen.
Final Product en My Acid Words zijn uitstekende nummers, maar daarna wordt het toch wat minder. Met name het stuk van Sentient 6 tot Sell My Heart for Stones vind ik redelijk zwak. De nummers gaan nergens de diepte in zoals ik van Nevermore gewend ben en hoewel ze degelijk in elkaar zitten, begin ik hier snel te verlangen naar een volgend nummer: Sentient 6 is een zwakke ballad, The Holocaust of Thought een redelijk grijs instrumentaal nummer, dat gelukkig maar kort is, en ook Sell My Heart for Stones sleept zich voort, kennelijk zonder bestemming.
Daarna gaat het niveau van de nummers weer omhoog, culminerend in het titelnummer, dat mijns inziens een van Nevermore’s beste nummers is.
Kortom, als het effect van de harde productie eenmaal uitgewerkt is, beginnen de minpuntjes van dit album op te vallen. Na zo’n 25 luisterbeurten (volgens last.fm, het zijn er meer) is het tijd om dit album van sterren te voorzien. Het worden er net zoveel zoals ik twee en een halve maand geleden verwachtte te zullen geven: 4.
4.0*
En wellicht ligt het een mij, maar de hoes van dit album doet me steeds weer denken aan die van Into the Mirror Black, de vorige band van Warrel Dane en Jim Shepperd.
November - 6:e November (1972)

3,0
0
geplaatst: 11 april 2014, 13:06 uur
6:e November is niet het zesde, maar derde album van deze Zweedse band. Omdat ik, vooral doordat ik dat album als cadeautje kreeg, nog steeds erg blij ben met November’s debuutalbum En Ny Tid Är Här, was ik wel nieuwsgierig naar dit album.
Op dit album brengt November ook weer bluesrock, waarbij de invloed van Cream duidelijk aanwezig is. Stevige bluesrock dus, met veel gesoleer (met wahwah), en een knorrende bas. Februari en Jorden Gråter passen niet in dat patroon. Het zijn rustige liedjes, die mij persoonlijk weinig doen. Så Svårt Att Lämna Dig is instrumental, met veel ruimte voor piano. De beste nummers vind ik toch de vette bluesrocknummers, waarbij met name Runt i Cirklar er voor mij uitspringt.
In vergelijking met En Ny Tid Är Här, vind ik dit album toch de mindere: de wat rustiger nummers weten weinig indruk op me te maken, en het soort Creamachtige bluesrock waar November hier mee komt, boeit me in het algemeen maar matig.
3.0*
Op dit album brengt November ook weer bluesrock, waarbij de invloed van Cream duidelijk aanwezig is. Stevige bluesrock dus, met veel gesoleer (met wahwah), en een knorrende bas. Februari en Jorden Gråter passen niet in dat patroon. Het zijn rustige liedjes, die mij persoonlijk weinig doen. Så Svårt Att Lämna Dig is instrumental, met veel ruimte voor piano. De beste nummers vind ik toch de vette bluesrocknummers, waarbij met name Runt i Cirklar er voor mij uitspringt.
In vergelijking met En Ny Tid Är Här, vind ik dit album toch de mindere: de wat rustiger nummers weten weinig indruk op me te maken, en het soort Creamachtige bluesrock waar November hier mee komt, boeit me in het algemeen maar matig.
3.0*
November - En Ny Tid är Här... (1970)

3,5
0
geplaatst: 12 januari 2010, 00:32 uur
Deze cd heb ik gekregen toen ik vorig jaar, na een half jaar in Zweden te hebben gestudeerd, weer terugging naar Nederland.
Mijn kantoorgenote had deze cd voor me gekocht, omdat ze wist dat ik groot Black Sabbathfan was, en deze cd vond ze als Sabbath klinken. Met dat laatste ben ik het bijna een half jaar na dato nog steeds niet eens. Ik hoor hier vooral bluesrock. Met Zweedse teksten dus, maar dat mag duidelijk zijn na het bekijken van de songtitels.
November werd in 1969 in Stockholm opgericht door Christer Stålbrandt (bas, zang), Richard Rolf (gitaar) en Björn Inge (drums, zang), en bracht tot 1972 3 albums uit. In 1993 en 2007 werden reünie-optredens gespeeld.
Aangezien ik geen bluesrockexpert ben, heb ik geen idee hoe deze muziek zich verhoudt tot tijdgenoten, maar ik geniet elke keer weer van deze plaat. De 3 heren brengen een stevig potje bluesrock, met En annan värld, Varje gång... en Ta ett steg i sagans land voor mij als hoogtepunten, hoewel er, buiten Balett Blues, geen echt zwakken nummers op deze plaat staan. Op Lek att du är barn igen en Ta ett steg in i sagans land praat/zingt een vrouwen(meisjes) mee, wat vanwege het vreemde stemgeluid voor mij eerst even wennen was, maar nu een lekker vervreemdend effect heeft.
Alleen al vanwege de leuke herinneringen aan Zweden krijgt deze cd een hoop sterren, maar muzikaal staat dit album ook als een huis. En daarnaast vind ik Zweeds gewoon een mooie taal om naar te luisteren.
4*
Mijn kantoorgenote had deze cd voor me gekocht, omdat ze wist dat ik groot Black Sabbathfan was, en deze cd vond ze als Sabbath klinken. Met dat laatste ben ik het bijna een half jaar na dato nog steeds niet eens. Ik hoor hier vooral bluesrock. Met Zweedse teksten dus, maar dat mag duidelijk zijn na het bekijken van de songtitels.
November werd in 1969 in Stockholm opgericht door Christer Stålbrandt (bas, zang), Richard Rolf (gitaar) en Björn Inge (drums, zang), en bracht tot 1972 3 albums uit. In 1993 en 2007 werden reünie-optredens gespeeld.
Aangezien ik geen bluesrockexpert ben, heb ik geen idee hoe deze muziek zich verhoudt tot tijdgenoten, maar ik geniet elke keer weer van deze plaat. De 3 heren brengen een stevig potje bluesrock, met En annan värld, Varje gång... en Ta ett steg i sagans land voor mij als hoogtepunten, hoewel er, buiten Balett Blues, geen echt zwakken nummers op deze plaat staan. Op Lek att du är barn igen en Ta ett steg in i sagans land praat/zingt een vrouwen(meisjes) mee, wat vanwege het vreemde stemgeluid voor mij eerst even wennen was, maar nu een lekker vervreemdend effect heeft.
Alleen al vanwege de leuke herinneringen aan Zweden krijgt deze cd een hoop sterren, maar muzikaal staat dit album ook als een huis. En daarnaast vind ik Zweeds gewoon een mooie taal om naar te luisteren.
4*
