MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten Ronald5150 als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

The Who - Live at Leeds (1970)

poster
4,0
"Live at Leeds" is een heerlijke rauwe liveplaat van The Who. Niks geen franjes of nuances, gewoon hard rocken. Alle instrumenten staan op het hoogste volume en een muur van geluid neemt je in zijn greep. Bassist John Entwistle dreunt je hoofd binnen met zijn agressieve stuwende baslijnen. Keith Moon voorziet het geheel van beukende drums en Pete Townshend maakt het geluid compleet met zijn stevige riffs maar zeer bluesy klinkende solo's. Dat laatste hoor ik vooral terug op "Shakin' All Over" en "Magic Bus". Ook het ruim vijftien minuten durende "My Generation" is een instrumentaal hoogtepunt. Stevige rock, maar met een ongekend dansbare groove om het maar zo te zeggen. "Live at Leeds" is gewoon recht-door-zee, geen gedoe, geen pretenties, maar het klinkt allemaal verdomd lekker en heel urgent. Gecontroleerde chaos is de meest treffende associatie die bij me opkomt, en dat bedoel ik dus positief.

The Who - Who's Next (1971)

poster
4,0
Dit is een geweldig album, waar de nodige klassiekers op staan. Dat begint al direct met het stevig rockende ”Baba O’Riley”. Een direct herkenbaar liedje, en niet alleen van de CSI reeks, al heeft die wel voor een revival van de muziek van The Who gezorgd. Het album als geheel vind ik behoorlijk gevarieerd. Het is niet alleen maar stevig rocken zoals in ”Bargain”, maar er is een mooie balans tussen de hardere en zachte liedjes. Ook binnen de nummers wordt er mooi afgewisseld tussen elektrisch en akoestisch. Het gitaarspel van Townsend is natuurlijk om door een ringetje te halen. De stem van Daltrey is fantastisch en de ritmesectie Moon en Entwistle swingt de pan uit. De ballad (met mooie stevige climax overigens) ”Behind Blue Eyes” is heel mooi en het afsluitende ”Won’t Get Fooled Again” vind ik een van de beste liedjes van The Who, vooral muzikaal is dat liedje fantastisch opgebouwd. ”Who’s Next” is een van die must have rockalbums en behoort wat mij betreft tot het beste wat de jaren 70 te bieden heeft. Tijdloos!

The Wombats - A Guide to Love, Loss & Desperation (2007)

poster
3,0
Deze plaat wordt eigenlijk gedragen door een aantal perfect gecomponeerde nummers. Ik doel hier met name op het aanstekelijke en onweerstaanbare "Moving to New York", het ironische "Let's Dance to Joy Division" (alleen de titel al!) en in mindere mate "Backfire at the Disco". Deze tracks verbloemen enigszins het feit dat in mijn beleving de andere nummers toch echt een klasse minder zijn. Dat maakt ze zeker niet slecht, want ik vind "A Guide to Love, Loss and Desperation" behoorlijk aanstekelijk. Soms wekt het de indruk wat puberaal te zijn, maar de energie, het speelplezier en het enthousiasme spat ervan af. Gewoon een degelijke plaat met een aantal onbetwiste hoogtepunten.

Thelonious Monk Quartet - Monk's Dream (1963)

poster
3,5
"Monk's Dream" vind ik een heel prettige jazzplaat om naar te luisteren. Ik hoor een mooie balans tussen blazers en toetsen en ik vind de variatie voldoende om geboeid te blijven. Ik hoor geen revolutionaire aanpak, maar dat vind ik ook niet nodig. Jazz vind ik muziek om heerlijk op te ontspannen en daar slaag Thelonious Monk op "Monk's Dream" prima in. Vooral "Bright Mississippi" vind ik een lekkere compositie. Verder vind ik niet dat er echte uitschieters op staan, en het geheel klinkt coherent en niet te moeilijk of vergezocht. Vrij toegankelijk jazz dus. Prima, niets mis mee, en dus lekker naar luisteren.

Them Crooked Vultures - Them Crooked Vultures (2009)

poster
4,0
Als drie grote namen, en ook nog eens namen die feitelijk drie generaties rockmuziek vertegenwoordigen, zich verenigen, dan zijn de verwachtingen torenhoog gespannen. Zeker als daar dan ook nog het predikaat supergroep op wordt gepakt, dan werkt dit eerder het nadeel dan in het voordeel. Bij Them Crooked Vultures ligt de lat al onmogelijk hoog, voordat er nog meer een noot muziek is geproduceerd. Destijds heb ik de hype een beetje aan me voorbij laten gaan. Of dat bewust is geweest of niet weet ik niet zo goed, maar als ik nu met enige afstand en objectiviteit (voor zover dat kan bij muziek) naar ”Them Crooked Vultures” luister, dan moet ik vaststellen dat de muzikaliteit er vanaf spat en dat dit een album is dat ik binnen het rockgenre best eigenzinnig vind. Termen als standaard, voorspelbaar of niet origineel kan ik dan ook niet zo goed plaatsen. Eerlijk gezegd ken ik geen andere band die klinkt als Them Crooked Vultures. Natuurlijk zijn er invloeden waar te nemen uit eerder muzikale avonturen van de heren Grohl, Homme en Jones, maar nergens vind ik het een kopie van pak hem beet Nirvana, Queens of the Stone Age of Led Zeppelin. Ik vind de instrumentbeheersing fantastisch. Grohl drumt zoals in zijn beste tijden bij Nirvana, de energie, de ritmiek en de tempowisselingen zijn indrukwekkend. Josh Homme is een verdienstelijk gitarist. Ik vind hem geen virtuoos, maar hij weet hoe een goede riff moet klinken en daar strooit hij op ”Them Crooked Vultures” dan ook kwistig mee. John Paul Jones is voor mijn gevoel de lijm die alles bij elkaar houdt. Hij strooit met smaakvolle basloopjes en hanteert een scala aan toetsen en andere vernuftigheden om me regelmatig te verrassen. ”Them Crooked Vultures” zal vermoedelijk niet de muziekgeschiedenis ingaan als een legendarisch album, maar ik vind het een sterk album. Wat mij betreft mag hier een vervolg aan gegeven worden. Of dat ooit gebeurd zullen we af moeten wachten, maar dit smaakt zeker naar meer.

Thievery Corporation - The Richest Man in Babylon (2002)

poster
2,5
Ik ben geen liefhebber van elektronica en dance. Toch zijn er bepaalde dance acts die me wel weten te overtuigen, bijvoorbeeld Portishead of Faithless. Ik werd daarom ook gewezen op deze "Richest Man in Babylon" van Thievery Corporation. In tegenstelling tot een Portishead of Faithless weet Thievery Corporation me toch een stuk minder te boeien. Soms vind ik het allemaal iets te dromerig en dan is dit een behoorlijk lange zit. Ook de vocalen zijn soms erg onduidelijk, waardoor ik al snel mijn aandacht verlies. "Richest Man in Babylon" kent zeker zijn momenten, maar vind ik over de gehele linie onvoldoende interessant.

Thin Lizzy - Live and Dangerous (1978)

poster
3,5
"Live and Dangerous" van Thin Lizzy is niet alleen een lekkere liveplaat, maar laat vooral horen wat een geweldige frontman en bassist Phil Lynott eigenlijk was. Zijn stem is heerlijk rauw, maar tegelijkertijd heel melodieus. Ik vind zijn baslijnen lekker kort, fel, venijnig en passen precies in de classic rock van Thin Lizzy. Ook de gitaristen Scott Gorham en Brian Robertson zijn heerlijk op dreef. Lekkere riffs en gierende solo's. Kortom: "Live and Dangerous" is een live classic rock plaat die alle juiste ingrediënten bevat. Knaag er dan iets? Ja een beetje, want hoe live is "Live and Dangerous" nu precies? Daarover gaan allerlei verhalen de ronden en er schijnt in de studio nog veel bewerkt te zijn. Uiteindelijk zou het om de muziek moeten gaan, en dat klinkt prima op "Live and Dangerous", maar er blijft altijd een stemmetje in mijn achterhoofd die me op deze discussie blijft wijzen. Daarnaast zijn alle composities, hoe enthousiast en vakkundig ook gespeeld, niet allemaal even sterk. "Live and Dangerous" is de enige Thin Lizzy plaat die ik heb, en is voor mij vooral een aandenken aan Phil Lynott.

Tim Knol - Tim Knol (2010)

poster
3,5
Met zijn debuut album profileert Tim Knol zich direct uitstekend. De liedjes op dit titelloze album klinken ondanks Knol’s jonge leeftijd opvallend volwassen. Die volwassenheid komt mijn inziens mede ook door de invloeden uit de folk en country. De stem van Tim Knol klinkt soepel en erg prettig in het gehoor. De liedjes zijn afwisselend uptempo en ingetogen. Die ingetogenheid komt ook tot uiting in het gitaarspel, maar deze klinkt tegelijkertijd erg smaakvol en bijzonder mooi. Met name in de sobere rustige liedjes hoor ik regelmatig een lapsteel gitaar die het eerdergenoemde countrygevoel versterkt. Op een dergelijk debuut kan Tim Knol trots zijn ,en ik denk dat we zonder twijfel kunnen vaststellen dat Nederlands een talent rijker is.

Tired Pony - The Ghost of the Mountain (2013)

poster
4,5
Dit tweede album van Tired Pony vind ik prachtig. Alleen de titel al, "The Ghost of the Mountain" is een hele mooie en heeft een mystieke lading. Daarnaast is de hoes ook nog eens heel mooi. Net als op het eerste album klinkt de muziek vrij rootsy aan en bevatten deze invloeden uit de country. Het gebruik van genuanceerde geluidseffecten is "The Ghost of the Mountain" wat minder dan op "The Place We Ran From" en daarom doet het geheel van "The Ghost of The Mountain" wat traditioneler aan. De liedjes gaan duidelijk boven de vorm. De stem van Gary Lightbody is overduidelijk herkenbaar en de link met Snow Patrol is dan ook onvermijdelijk. Ook muzikaal vind ik de vergelijking met Snow Patrol logisch, maar ik vind "The Ghost of the Mountain" in alle opzichten toch een slag beter dan elk Snow Patrol album. Het is denk ik de sfeer dat me zo aantrekt op dit album. "The Ghost of the Mountain" heeft een ongelooflijk visueel effect op me. De hoes spreekt wat dat betreft dan ook boekdelen. Naast de mooie muzikale aankleding vind ik de tweede stem van de zangeres hemels mooi en tilt het geheel van het album naar een hoger niveau. Ik ben blij dat dit tweede album van Tired Pony er is gekomen. Ik meende ergens in een interview te hebben gelezen dat men dat eigenlijk niet zag zitten nadat hun eerste album, "The Place We Ran From" commercieel gezien verre van succesvol was. Nou ik ben blij dat de mannen van Tired Pony hun artistieke drive boven de commerciële belangen hebben geplaatst, want "The Ghost of the Mountain" gaat hoog eindigen in mijn jaarlijstje van 2013. Prachtplaat!

Tired Pony - The Place We Ran From (2010)

poster
4,0
Tired Pony is een op voorhand interessant samenwerkingsverband tussen o.a. Gary Lightbody van Snow Patrol, Peter Buck van R.E.M. en Richard Colburn van Belle & Sebastian. Nog twee leden van Snow Patrol maken de band compleet. Daarnaast zijn de gastbijdragen van o.a. Zooey Deschanel en Tom Smith van echte toegevoegde waarde. Tired Pony komt op mij over als een soort mix van alternatieve country, roots en americana. Bij het luisteren van "The Place We Ran From" zie ik direct de weidsheid van Noord-Amerika voor me. De stem van Gary Lightbody past goed in de composities en wordt eigenlijk nergens saai, maar dat komt ook doordat de vocalen af en toe worden afgewisseld met gastbijdragen. Zo is de samenzang met Zooey Deschanel hemels mooi en is de vocale bijdrage van Tom Smith van Editors direct een van de hoogtepunten van het album. Gitarist Peter Buck van R.E.M. bewijst dat zijn gitaarspel uitermate goed past in deze roots setting. Buck speelt ingetogen en gevarieerd en zijn gitaarspel is sfeerbepalend. "The Place We Ran From" vind ik een zeer geslaagd album met mooie liedjes die een desolaat gevoel bij me opwekken, intrigerend en meeslepend dus. Het is wel een groeialbum en wordt mooier naarmate je hem vaker luistert. Geslaagd project wat mij betreft en de opvolger nadert de releasedatum. Door "The Place We Ran From" kijk ik daar in ieder geval naar uit.

Tom Waits - Franks Wild Years (1987)

Alternatieve titel: Un Operachi Romantico in Two Acts

poster
3,0
Laat ik beginnen met te stellen dat Tom Waits eigenlijk niet echt mijn smaak is. Maar verdomd, wat gaan een aantal van de liedjes op "Franks Wild Years" onder je huid zitten zeg. Als geheel vind ik "Franks Wild Years" niet echt memorabel, maar tracks als "Yesterday is Here" en "Way Down in the Hole" zijn toch wel top hoor. De schuurpapieren, doorrookte, whiskey-gesmeerde stem van Tom Waits is bij tijd en wijlen toch wel overdonderend. Je bent geneigd te geloven wat de beste man vertelt. En dan het instrumentarium; dat is alles behalve conventioneel. Ik heb het idee dat Waits alle objecten gebruikt die hij voor handen heeft, van potten en pannen tot bestek, autobandventieldopjes en ga zo maar door. Een soort van A-team onder de muzikanten zeg maar. Waits is in staat om overal een nuttige toepassing voor te vinden binnen zijn liedjes die ons meenemen in de donkere krochten van zijn ziel. Moeilijk om hier nu echt een label op te plakken, dus iets in de trend van "een beetje vreemd, maar wel lekker" is wel gepast. Maar wel met mate.

Tom Waits - Rain Dogs (1985)

poster
3,0
Tom Waits valt bij mij in de categorie: een beetje vreemd, maar wel lekker. Als ik naar zijn albums luister vind ik sommige liedjes prachtig, en andere weer helemaal niks. Datzelfde gevoel heb ik ook met "Rain Dogs". Hier moet je van houden zo te zeggen. Ik vind "Rain Dogs" tegen het einde toe beter worden. Vooral omdat het meer echte liedjes zijn zoals het prachtige "Blind Love" en "Walking Spanish". "Rain Dogs" is zoals elk album van Tom Waits intrigerend en best boeiend. Of ik het over de gehele linie mooi vind, dat is weer een ander verhaal. Eigenzinnig is de kwalificatie die wat mij betreft nog het meest passend is.

Tom Waits - Swordfishtrombones (1983)

poster
3,0
Net als de andere albums die ik van Tom Waits ken ervaar ik ”Swordfishtrombones” als een beetje vreemd maar wel lekker. In ieder geval boeiend en intrigerend. Aan de andere kant zijn er ook nummers die ik helemaal niets vind. Tom Waits is voor mij dan ook iemand van uitersten. Zijn albums vind ik dan ook als een achtbaan van geweldige liedjes, maar ook in mijn ogen rammelige en rommelige lo-fi gepiel. ”Shore Leave” vind ik in ieder geval geweldig. Wat een dreiging gaat daarvan uit zeg. Heerlijk gewoon. Tom Waits is niet een artiest waar ik een groot fan van zal worden. Wat dat betreft, en dat geef ik ruiterlijk toe, ben ik meer van de conventionele aanpak. Desalniettemin respecteer ik de eigenzinnige aanpak van Waits, zo ook op ”Swordfishtrombones”.

Tommy Castro and The Painkillers - The Devil You Know (2014)

poster
4,0
Tommy Castro levert met ”The Devil You Know” een swingend bluesalbum af. Castro is een hele fijne gitarist en zijn totaalgeluid is een mooie mix van blues en rock. Blues heeft absoluut de overhand, maar van wat stevig gitaarwerk is Tommy Castro niet vies. De bonga en percussie ondersteunen het drumgeluid en zorgt voor een zomers tintje. Dat Castro resideert in Miami wordt zo dan ook nog eens versterkt. ”The Devil You Know” staat bol van de gastartiesten. Zo scheurt Joe Bonamassa heerlijk mee op ”I’m Tired”. Daarnaast wordt Castro regelmatig bijgestaan door een zangeres. Tasha Taylor zorgt voor zwoele vocalen op ”The Whale Have Swallowed Me”. Een heerlijk nummer, dat ik ook ken in een andere uitvoering van de eerder genoemde Joe Bonamassa. Deze versie is compleet anders, maar zeker niet minder fraai. Ook Marcia Ball en Samantha Fish leveren erg waardevolle bijdragen. Over het algemeen vind ik de combinatie tussen Castro en een zangeres wat beter uitpakken dan de mannelijke vocalisten. Niets ten nadele van die songs, die zijn namelijk prima en orde, maar de dynamiek in de liedjes met zangeressen is net even wat beter. ”The Devil You Know” bevat de nodige verwijzingen naar de klassieke bluesstreken van Amerika. ”When I Cross The Mississippi” spreekt voor zich en ”Mojo Hannah” verhaalt over Louisiana en refereert aan Muddy Waters. Castro’s band The Pain Killers is een groovende bluesmachine. De ritmesectie is strak en de bas is lekker zwaar en vet. Daar hou ik van, vooral in de blues. Naast de eerder genoemde percussie ronkt er ook met grote regelmatig een Hammond B3 orgeltje op de achtergrond en dat zorgt voor dat extra vollere totaalgeluid. Samenvattend is ”The Devil You Know” een klasse bluesalbum vol gevarieerde liedjes waar de verschillende nuances binnen het bluesgenre allemaal wel even aan bod komen.

Tool - 10,000 Days (2006)

Alternatieve titel: 10000 Days

poster
4,0
Ook dit album van Tool is weer een spannende luisterervaring. ”10,000 Days” staat bol van aparte ritmes en tegendraadse melodieën en dat maakt het een intrigerende en meeslepende trip. Daarnaast varieert Tool uitstekend tussen hard en zacht en dat houdt ”10,000 Days” dynamisch van begin tot eind. Opener ”Vicarious” is geweldig en een van mijn favorieten van Tool. Wat een heerlijke riff! Met die riffs zit het op ”10,000 Days” sowieso wel goed. Dat is met name duidelijk in ”Jambi” (gevolgd door een heerlijke solo) en ”Rosetta Stoned”. Ook op dit Tool album is de sfeer weer donker en dreigend. Het tweeluik ”Wings for Marie (Part 1)” en ”10,000 Days (Wings Part 2)” illustreert dat het mooist. Je wordt constant bij de les gehouden en het dwingt je ook om moeite te doen. Even indutten is er niet bij, want telkens word ik verrast door een wending die ik niet had verwacht. Net als ”Lateralus” is ook ”10,000 Days” wederom een topper. Tool blijft eigenzinnige muziek maken binnen het rock en metal domein. Het draait niet alleen om de zware gitaren en loodzware riffs. Tool zoekt de grenzen op en varieert mooi met melodieën en originele ritmes, en dat is ook op ”10,000 Days” weer te horen. Ik ben benieuwd naar de opvolger.

Tool - Lateralus (2001)

poster
4,0
"Lateralus" is een meeslepend en intrigerend album. Tool manifesteert zich met een donker en dreigend geluid, waarbij een spannende dynamiek tussen hard en zacht wordt gehanteerd. De meeste nummers zijn van aanzienlijke lengte en dat draagt mede bij aan dat meeslepende karakter. De nummers zijn zorgvuldig opgebouwd, toewerkend naar een climax. Ik krijg het voel de hele tijd op de hielen te worden gezeten door Tool. Dat maakt "Lateralus" tot een spannende luisterervaring. Technisch is uiteraard ook alles meer dan in orde. Stevig gitaarwerk en beukende drums. Maar op de momenten dat het tempo wat naar beneden gaat worden er de nodige rustpunten gecreëerd, om je weer op te laden voor de volgende muzikale explosie. "Schism" vind ik een absoluut hoogtepunt, zo ook het tweeluik "Parabol" en "Parabola". Ook het epische "Reflection" is prachtig. De selectie van de nummers is nauwkeurig en uitgekiend, waardoor "Lateralus" wegluistert als een geheel. Ingenieuze plaat!

Tori Amos - The Beekeeper (2005)

poster
2,5
Als ik de tracklist van een plaat zie en ik zie dat deze uit 19 tracks bestaat, dan krijg ik direct een twijfelachtig gevoel. Slaagt Tori Amos erin me bijna anderhalf uur te boeien met haar muziek. Daar slaagt ze slechts gedeeltelijk in. Na verloop van tijd klinken de nummers inwisselbaar en soms zelfs eentonig. Ik denk dat Tori iets te ambitieus is geweest. Overigens heeft ze wel een heel herkenbare en mooie stem, en schrijft ze goede teksten. Muzikaal gezien haak ik echter voor de finish af.

Tracy Chapman - Tracy Chapman (1988)

poster
4,0
Het debuutalbum van Tracy Chapman is er eentje om in te lijsten. Deze dame heeft zo’n karakteristieke stem dat het bij een blanco luisterbeurt best moeilijk is om vast te stellen of het nu een man of vrouw is die zingt. Chapman’s stem is donker en warm, met een mooie diepe timbre. Dit geeft haar een uniek geluid. Zonder dat ze al teveel varieert, vind ik het nergens saai worden. Haar stem is ideaal voor haar melancholische liedjes. ”Fast Car” is de grote hit, en hoewel het een prachtig liedje is, vind ik persoonlijk ”Baby Can I Hold You” van intense schoonheid. Maar eigenlijk staan er geen slechte liedjes op ”Tracy Chapman”. Het zijn stuk voor stuk mooie luisterliedjes die na al die jaren nog gewoon staan als een huis.

Train - Drops of Jupiter (2001)

poster
2,0
Train is typisch zo'n bandje dat prima te beluisteren is op de radio. Maar een heel album is gewoonweg niet spannend en gevarieerd genoeg. De hit "Drops of Jupiter" heb ik inmiddels al te vaak gehoord en gaat daardoor nu snel vervelen. De andere tracks blijken bij een eerste luisterbeurt best aardige rock/pop tracks te zijn, maar ook hiervoor geldt dat op termijn de inwisselbaarheid toeneemt, en neemt krijgt het gevoel van saaiheid de overhand. Hap-slik-weg muziek zou ik dit willen noemen. Het ene oor in, het andere oor uit.

Trampled Under Foot - Badlands (2013)

poster
4,0
"Badlands" is gewoon een heel mooi blues- en rootsalbum. Op basis van een tip van forumcollega Broem heb ik Trampled Under Foot ontdekt. Tot voor kort voor mij totaal onbekend, op uitzondering van het gelijknamige liedje van Led Zeppelin dan, maar dat heeft helemaal niets met deze band te maken. Hart van Trampled Under Foot zijn de gebroeders (Kris en Nick) en zus (Danielle) Schnebelen. Deze muzikale familie brengt lekker in het gehoor klinkende blues. Niks vernieuwend, maar wel bijzonder lekker uitgevoerd. De stem van zangeres Danielle doet me erg denken aan Susan Tedeschi (daar refereerde Broem ook al aan toen hij me hierover tipte). Haar stem is mooi warm en met een rauw randje. Ook de samenzang is uitstekend. Gitarist Nick heeft een prettig gitaargeluid. Hij is geen virtuoos, maar weet precies hoe blues hoort te klinken en hij speelt dus met verve. Drummer Nick zorgt samen met zus Danielle (naast zang ook op bas) voor een solide ritmesectie. Ook hier geen excessen, maar wel gewoon goed. "Badlands" bevat een aantal mooie liedjes. Zo zijn "Bad Bad Feeling", "Pain in My Mind", "I Didn't Try", "Down to the River" en "Two Go Down" gewoon uitstekende composities. "Badlands" is een positieve verrassing en een zeer prettige luisterervaring.

Transatlantic - Bridge Across Forever (2001)

poster
2,5
Technisch is "Bridge Across Forever" van hoogstaand niveau. Maar met techniek alleen kom je er niet. Dit grijpt me niet. De nummers zijn veel te lang. Composities van over de 25 minuten moeten wel van een zeer hoog niveau zijn om de aandachtsboog gespannen te houden. Ik mis de kop en de staart van de nummers. Het waaiert in te veel richtingen. Transatlantic is een band met uitsluitende muzikanten, maar ik twijfel of de som van het geheel de individuele talenten overstijgt. In dit geval zou ik willen: hou het kort en krachtig en vermijdt de overdaad.

Travis - The Man Who (1999)

poster
4,0
Wat is "The Man Who" van Travis een prachtige gitaarpopplaat! Mooie gitaarlijnen, melancholische melodieën en dito zang. De muziek is sfeervol en over het algemeen dromerig. Je wordt er helemaal in meegezogen, het is bijna verslavend zo mooi. "Writing to Reach You" en "The Fear" zijn direct al prachtige liedjes aan het begin van "The Man Who". Ook de opbouw van "As You Are" is prachtig. Het nummer werkt langzaam toe aan die gave beheerste gitaareruptie aan het eind. Het echte hoogtepunt, en een van de mooiste nummers uit de jaren 90, is "Why Does It Always Rain on Me?". De akoestische gitaarlijn wordt mooi omlijnd door warme strijkers en dan de golvende zang eroverheen zorgt ervoor dat dit liedje zich tussen je oren nestelt en je niet meer los laat. Ik ben geen grote kenner van het Travis oeuvre, maar "The Man Who" vind ik een hele mooie meeslepende plaat. Heerlijk om naar te luisteren en op weg te dromen.

TV on the Radio - Dear Science (2008)

poster
3,0
Ik luister niet bijzonder vaak naar muziek van bands als TV on the Radio, maar de plaat "Dear Science" gaat na een aantal luisterbeurten onder je huid zitten. Het nestelt zich tussen je oren. Dat vind ik knap, zeker omdat "Dear Science" niet meteen het genre is waar ik warm voor loop. Toch is dit een intrigerende plaat.