MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten aERodynamIC als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

Boaz Mauda - Boaz Mauda (2009)

Alternatieve titel: בועז מעודה‎

poster
4,0
Boaz Mauda deed in 2008 mee aan het Eurovisie Songfestival en wat mij betreft stak hij daar met kop en schouders boven uit.
Keilu Kan (the Fire in Your Eyes) werd schitterend gezongen in de halve finale en de sobere maar doeltreffende voordracht, mede ook zijn niet onaantrekkelijke voorkomen, deden deze outsider opvallen en zorgde er voor dat hij de finale haalde om daar niet onverdienstelijk 9e te worden.
Zijn schitterend hoge stem viel bij mij in de smaak en het duurde niet lang eer ik ook de andere nummers van Boaz uit de voorronde in Israel zelf te pakken had.
Heel lang heb ik het daar mee moeten doen want er kwam maar geen album. Het heeft dus ruim een jaar moeten duren, maar afgelopen zomer was het dan zo ver en we krijgen wat we kunnen verwachten: schitterende popsongs gezongen met die opvallend hoge stem gemengd met oosterse tintjes.
Wat ik wel jammer vind is dat een aantal nummers uit de voorronde hier niet terug te vinden zijn en dat mijn Boaz-favoriet Masa Hayai (Journey of my life) hier in een andere versie terug is gekeerd. Gelukkig kan ik die ook prima waarderen.
Misschien wat kitscherig allemaal, maar liefhebbers van het genre (ik noem bijvoorbeeld Ofra Haza) kunnen hier wel wat mee.
Ook al is dat langverwachte debuut wat aan de korte kant; aangevuld met de andere nummers die ik al van hem ken en heb is het soms heerlijk zwelgen met een aantal mooie Boaz songs.

Bob Sumner - Some Place to Rest Easy (2024)

poster
4,0
Country.... het is nooit echt een favoriet genre geweest. Zo af en toe, maar dat was het dan. De vader van een goede vriend die ik al mijn hele leven ken was fan. Ik zie hem nog lopen met zijn cowboyhoed en laarzen. Vond het als kind wat apart en tegelijkertijd fascinerend maar ik kon niks met de muziek.

Ook later als serieuze muziekliefhebber bleef het genre een beetje in het verdomhoekje. Dat is de laatste jaren wel wat veranderd en wellicht in een stroomversnelling beland door mijn vakantietrip naar o.a. Nashville afgelopen zomer.

En zo grijp ik tips dan ook veel makkelijker aan om me er echt aan te wagen. Deze keer was het Ducoz die het vermoeden had dat dit tweede album van Bob Sumner wel eens wat voor me zou kunnen zijn. Bob is onderdeel van de Sumner Brothers, een Canadees country duo die hij samen met zijn broer Brian vormt.

Opener Bridges pakt gelijk al. Het heeft een beetje een Bruce Springsteen vibe, maar vooral zijn stem valt op: warm. En die warme stem wordt de volgende nummers omringd door strijkers, fiddle, steel-gitaar of dobro. De ene keer puur country, de andere keer wat meer Americana of folk.

Some Place to Rest Easy zou zo uit Nashville afkomstig kunnen zijn, maar het is dus Canada. Een fraai album waar je heerlijk in kunt verdwalen en waar het vooral genieten is van de stem van Sumner en de gedegen composities. Saai? Welnee, dit soort nummers moet je rustig tot je laten komen om vervolgens e constateren dat dit klinkt als een goed glas wijn.

Boeijen Hofstede Vrienten - Aardige Jongens (2008)

poster
4,5
Drie mannen die vakmanschap hoog in het vaandel hebben. Drie mannen die ik apart al hoog heb zitten dus hoe moet dat dan als ze de handen ineenslaan (wat ze op zich in het verleden al vaker gedaan hebben)?
Ieder nummer draagt toch wel het stempel van één van de drie: je hoort duidelijke Vrienten-nummers, je herkent het melancholische van Boeijen en het avontuurlijke van Hofstede. En daardoor merk je ook wat een ongelooflijk sterke muzikanten het zijn. Het leuke aan dit album is dat zo'n typisch henny Vrienten nummer toch ook lichte invloeden van Boeijen en Hofstede krijgt toegevoegd en zo gaat dat voor ieder individu op.
Is het dan geen versnipperde plaat geworden waar ieder zijn ding doet met telkens medewerking van de andere twee? Nee, ondanks dat je toch duidelijk verschil in de nummers hoort en ze telkens goed te herleiden zijn naar de kenmerkende stijl van ieder van hen is het toch ook een gezamenlijk project. Ze kleuren elkaars liedjes schitterend in en vormen een welkome aanvulling op elkaar en op de een of andere manier vormen de nummers tesamen toch een mooi geheel, hoe verschillend ze soms ook zijn.
Ik was over het project Nacht van Henny Vrienten al erg enthousiast, een project waar meerdere artiesten van eigen bodem hun krachten bundelden en ik kan het nu weer zijn over een produkt van eigen bodem ook nog eens gezongen in onze eigen taal.
Het mogen dan oude rotten zijn: ze flikken het toch weer.... Boeijen, Hofstede en Vrienten zijn gewoon leveranciers van een oerdegelijk, wonderschoon nederlandstalig stukje kunst met een grote hoofdletter K.
En die aangevinkte nummers? Dat hadden ook de andere 9 kunnen zijn want hier gaat echt het 'alle 12 goed' op (okee, met een eervolle vermelding voor De Bruid wat ik echt een ongelooflijk mooi liedje vind).

Bohren & Der Club of Gore - Dolores (2008)

poster
3,0
Lin maakte me helemaal gek indertijd: ik moest en zou naar Black Earth gaan luisteren. Volgens mij maakte ze meer mensen gek toen want het werd wel een klein succesje hier op musicmeter.
Bij mij sloeg het niet zo heel erg aan: ik vond het best goed maar veel te langdradig (zei hij die niet vies is van Sigur Rós).
Toen ik de hoes van dit album zag werd ik er op de een of andere manier toch weer naar toe getrokken en heb me gewaagd aan deze nieuwe genaamd Dolores.
Staub gaat op bekende wijze dit album openen: traag, tergend, sinister en zwoel tegelijk. Niets nieuws volgens mij; toch wel weer intrigrerend.
Ook Karin is loom en heeft jazz in zich. Toch begint me bij dit nummer weer goed te dagen waarom ik Black Earth uiteindelijk ook niet super vond: ik mis wat spanning, ik mis opbouw, het kabbelt mij te lang voort en verdwijnt te snel naar de achtergrond. Eén nummer? Heerlijk, maar 2 achter elkaar is al wat teveel van het goede, laat staan een heel album.
Ach ja, bijtje Maja.... wie van mijn generatie kent haar niet?! Schwarze Biene (Black Maja) fladdert niet vrolijk rond, maar sluipt over de grond en weet zich ongemerkt voort te bewegen zonder echt op te vallen.
Op Unkerich horen we de mooie saxofoon terug. Maar ondanks dat veer ik niet op uit mijn stoel: ik dommel eerder weg.
De sax horen we ook op Still Am Sresen. Misschien dat sax beter vervangen kan worden door sex, want daar is dit album volgens mij wel geschikt voor
Welk, Von Schanälbeln, Urgelblut, Faul en Welten: allemaal dezelfde opmerkingen. Ja ik maak me er wat makkelijk van af, maar wat kan ik er anders van zeggen?! Elk nummer heeft dezelfde kenmerken en vormen samen één grote luistertrip. Fraai gedaan, alleen kan ik er wederom niet zo heel erg veel mee. Ik vind het zalig als achtergrondmuziek alleen wil ik niet geloven dat dat de bedoeling er van is..... of toch wel?

Bon Homme - Bon Homme (2010)

poster
3,0
Die hoes! Bon Homme is iets van plan en het lijkt erop dat het weinig goeds voorspelt. A Clockwork Orange komt gelijk opzetten en op zich zou deze muziek er nog bij passen ook: enigszins kil en afstandelijk en ergens ook iets 'kneuterigs warms'. Verwarrend in elk geval.

De man achter Bon Homme is de Deense Tomas Høffding, bandlid van WhoMadeWho, en dit album is zijn solodebuut dat hij in z'n eentje heeft opgenomen 'on the road' en in zijn eigen studio.
Het is electro-pop zoals we het een aantal jaar geleden nogal eens tegenkwamen en daarbij denk ik een beetje aan bands als Zoot Woman waar WhoMadeWho ook wel sterk mee op één lijn ligt.
Toch klinkt dit in mijn oren net even wat frisser en pakt het me meer dan de bandjes uit de revival hoogtijdagen van een aantal jaar terug. Misschien omdat er hier en daar een electro-disco sausje overheen is gegaan.
Verder kan ik het weinig verrassend noemen en zijn dit soort acts inmiddels een beetje over hun hype-top heen. Misschien dat Bon Homme het voor elkaar krijgt de boel weer een beetje op te schudden, want ondanks dat het niet wereldschokkend klinkt is het wel degelijk een alleraardigst plaatje.

Bon Iver - 22, A Million (2016)

poster
4,0
Pretentieus of avontuurlijk? Bedacht of spontaan?

Het is me wat met dit soort titels en dan hoor je de vooruitgesnelde nummers en is het toch echt even bedenken wat daar nu van te vinden.

En aanvankelijk pakt dat uit als 'pretentieus'. Maar los vooruitgesnelde nummers kunnen misleidend zijn en worden uit hun verband getrokken. Dat verband is 22, A Million. Dus hoe klinken de nog geen 35 minuten dan achter elkaar? Titels hoor je niet in muziek. Het zijn slechts namen. Daar kan ik me makkelijk overheen zetten.

22 (OVER S∞∞N) is niet eens zo'n afwijkende start. Pas als 10 D E a T H B R E a S T ⚄ ⚄ van start gaat begint het pas echt. Hier slaat Bon Iver een behoorlijk nieuwe weg in. Een weg die het album al mocht voorgaan. Een weg die mij in vertwijfeling bracht. Dit is een beetje Björk gekte, en heb ik met Björk niet altijd een haat-liefde verhouding?! Simpelweg: ik wist gewoon niet wat ik er van moest vinden. Als losstaand nummer was het een vreemde eend in de bijt. Pretentieus? Wellicht. Maar nu dit een plaats krijgt in nog geen 35 minuten 22, A Million past het. Klopt het. Voelt het eigenlijk best avontuurlijk. Ja, pretentieus is dus toch avontuurlijk geworden.

En ineens voelt het allemaal anders. Het James Blake-achtige 715 CR∑∑KS mag dan overkomen als een soort interlude waar de stemvervormer wel heel erg een hoofdrol krijgt toebedeeld, het is toch een bijzondere overgang naar 33 GOD, waar diezelfde vocoder ook weer volop ruimte krijgt, maar waar zich een intrigerend nummer ontvouwt. Broeierig en spannend. Hier komt bij mij het besef naar boven dat het juist goed is dat Bon Iver deze weg inslaat. Ik had waarschijnlijk wel genoeg gehad aan de albums For Emma, Forever Ago en Bon Iver, Bon Iver en nu is er een rijke aanvulling, geen makkelijke. Vervreemdend, maar het pakt wel. Pakkend op een wat gekke manier. Vinden we allemaal een beetje gekte af en toe niet machtig interessant?!

29 #Strafford APTS komt dan ineens helemaal niet zo gek over. Het voelt wel lekker eigenlijk. Vraag me niet waarom, maar ik hoor hier een soort Prince-Sign-o'-the Times-achtige schoonheid (of zou dat komen door het stemmetje dat Justin af en toe opzet?).

666 ʇ (leve de copy-paste met dit soort titels), borduurt naadloos voort op 29 #Strafford APTS.

Waar ik de lengte van de laatste albums van James Blake en Frank Ocean te lang vind, wat toch ten koste gaat van de beleving, daar maakt Bon Iver de juiste keuze door een kort album vol scherpe, stekelige nummers af te leveren dat nergens te lang door neuzelt, waardoor het blijft boeien en niet tegen gaat staan. Kwestie van op de juiste manier doseren en dat gebeurt hier volop. Hierdoor hoor je een album waarover je je kunt verwonderen, waar je van kunt genieten, maar wat ook kan afstoten. Het doet iets met je en nergens word je afgeleid door een te grote hoeveelheid aan nummers of een lengte die niet helemaal juist voelt. Het blijft krachtig.

21 M◊◊N WATER is al halverwege eer ik besef dat we gestart zijn met het nummer. Op Sigur Rós-achtige wijze horen we nauwelijks een liedje, maar meer een collage. Wederom een interlude-gevoel.

Een opmaat naar het langste nummer 8 (Circle). Het gaat al prachtig van start en ineens klinkt er zelfs 'natuurlijke zang'. Ik voel de onderhuidse spanning die ik ook hoor op Mezzanine van Massive Attack. En dat voelt goed. Heel goed. De eerste luisterbeurt werd ik er even stil van, de tweede en derde was het al uitkijken naar. Dit vind ik gewoon bloedmooi. Dacht ik dat er op Bowie's ★ bijzondere nummers stonden; dit album heeft er toch ook eentje te pakken. Geweldig!

____45_____ vormt haast een logisch vervolg op 8 (Circle). Wederom voelt het als een soort verbinding, een opmaat naar een volgend nummer.

Dat nummer is afsluiter 00000 Million. Zo klinkt Bon Iver toch eigenlijk best wel weer vertrouwd. Een passend, enigszins statig, einde van een half uur toch behoorlijk aparte muziek die je krijgt voorgeschoteld.

22, A Million is voor mij daarom een album dat op de langere termijn wel eens heel bijzonder zou kunnen uitpakken en 'hoe fout zat ik met mijn eerste gevoelens na de eerste twee vrijgegeven nummers.......... dit is een rijk avontuur. Een avontuur dat zal aanslaan of niet. Ik ben er al een paar keer ingedoken, en dat zal nog vele malen meer gaan gebeuren.

Bongeziwe Mabandla - Umlilo (2012)

poster
4,0
Prachtige combinatie van folk, electronic en wat meer traditionele invloeden uit de regio waar Bongeziwe Mabandla (Zuid-Afrika) vandaan komt.

Akoestische gitaar, af en toe strijkers. Lome ritmes met een fijne twist. Wow, wat is dit fijn zeg. Er schijnt nieuw werk aan te komen en daar kijk ik wel naar uit.

Een tip van zanger Nakhane Touré. Geweldig, mag ie vaker doen. we hebben eenzelfde muzieksmaak en dat blijkt hier ook wel uit. Wel een pad die ik zelf nooit bewandeld zou hebben, maar ik had dit niet willen missen.

En toeval bestaat niet: hij staat deze week op de homepage van Musicmeter door zijn bijdrage aan het nummer Nguwe van Clap! Clap! Echt puur toeval.

Geschikt voor mensen die het album van Geoffrey Gurrumul Yunupingu houden. Het doet me er een beetje aan denken, alleen is de orkestratie iets rijker op dit album.

Bonnie "Prince" Billy - Lie Down in the Light (2008)

poster
4,0
Zo onverwacht als ik deze cd op het net tegenkwam, zo onverwacht was het dat deze nog niet toegevoegd was (hij was immers al bijna uit!), nog onverwachter zijn de kritieken die ik lees van de twee stemmers en ook zo onverwacht vonden de heren van de platenzaak deze release toen ik hem afrekende.
Of ik het wat vond vroegen ze me gelijk (ze hadden hem zelf nog niet opgezet). Ach, jongens ik ben er net binnen 1 minuut doorheen gezapt en dat had ik niet hoeven doen. Dit lijkt me wederom wel weer wat, dus haal het maar uit de speler want ik koop het gewoon. En verdomd: wat een heerlijke cd is dit toch geworden.
Heerlijk om het thuis in de cd-speler te stoppen en lekker door de boxen te laten schallen. Want ja, daar leent Bonnie zich ook wel voor moet ik zeggen.
Al bij nummer 1 valt de 'luchtigheid' me op. En ik moet zeggen dat ik een vrolijke grijns op mijn gezicht blijf houden, de hele cd lang.
Of dat nu de bedoeling was kan me niet schelen. In elk geval geniet ik vooral van de schitterende instrumentatie. Subtiel, verwarmend en vooral schitterend aan alle kanten.
Potverdikkeme wat een aangename verrassing is dit zeg! Blijkbaar kan er onaangekondigd een hoop moois uit de hemel komen vallen en daar mogen wij stervelingen wel dankbaar voor zijn.

Bony Man - Cinnamon Fields (2021)

poster
5,0
In IJsland weten ze wel hoe ze goede muziek moeten maken, genoeg namen die genoemd kunnen worden. Daar kan Bony Man nu aan toegevoegd worden.

Guðlaugur Jón Árnason komt uit een muzikale familie, dus dat helpt zeker ook.

Maar wat is Cinnamon Fields een hemeltergend mooi album geworden: zijn aangename stemgeluid, sterke teksten en de breekbare nummers, afgewisseld met wat grotere, orkestrale momenten.

Name-droppen is altijd gevaarlijk en doet een artiest misschien geen recht, maar als ik er wat aandacht mee kan vangen dan doe ik dat: denk aan Roo Panes, een naam die mij gelijk te binnen schoot.

Bony Man weet zijn nummers schitterend op te bouwen: akoestische gitaar en een schitterend stemgeluid welke dan aangevuld worden met strijkers. Nummers die al heel snel weten te ontroeren.
Ja, op dit gebied is er meer muziek te ontdekken en je kan Cinnamon Fields overslaan als je op zoek bent naar iets nieuws of hips, maar dan mis je toch echt iets heel erg moois.

In een wat mager muziekjaar is Bony Man voor mij een ontdekking waar ik op zat te wachten. Ik dacht dat er nooit meer van zou komen... maar hier is dan Cinnamon Fields, een album waar ik nog heel lang plezier aan ga beleven en ik hoop anderen ook.

Born to the Breed (2008)

Alternatieve titel: A Tribute to Judy Collins

poster
4,0
Tributes zijn vaak wisselvallig te noemen en bevatten meestal ook artiesten waar je nooit van gehoord hebt die dan tussen grootheden staan.
Bij dit album is het qua naamsbekendheid niet anders, maar dat kan ook zijn omdat ik niet voldoende in het genre bekend ben, laat staan met de artieste in kwestie. Judy Collins leer ik dus kennen d.m.v. dit tribute-album dat schitterend opent met Since You've Asked door Joan Baez wat gevolgd wordt door het even mooie Easy Times gezongen door Jim Lauderdale. Dolly Parton mag volgen met het vrolijke countrynummer The Fisherman Song.
Chrissie Hynde is blijkbaar ook nog steeds actief en covert hier My Father. Als ik haar hier zo hoor mag ze van mij best snel weer met wat eigen werk komen.
Secret Gardens is wederom een country nummer met melancholische zang en Song for Martin heeft door de trompet een jazzy inslag.
Born to Breed is volop country maar wel van het soort waar ik mee uit de voeten kan. Van de zangeres Amy Speace heb ik nog nooit gehoord.
En dan het nummer van de man die ik zeer hoog waardeer: Rufus Wainwright. Ik heb Wainwright meer nummers horen coveren, en het lukt hem deze keer weer om mij torenhoog kippenvel te bezorgen. Wat een ongelooflijk mooi liedje is Albatross toch en hoe heerlijk om hem zo te horen galmen onder begeleiding van sprankelend pianospel en cello. Na afloop was ik toch wel even stil en waren er wel wat emoties bij mij te bespeuren (maar misschien is dat ook omdat ik morgen naar een crematie van een dierbare moet die veel te jong is overleden).
Overigens zei Collins er zelf in een radioshow op de BBC het volgende over: "I love him and I love his songs, and I love his singing. When he chose 'Albatross', and then recorded it, I said to him, 'Now you own this song--this is your song."
Dan denk je even op adem te kunnen komen maar dan hakt Fortune of Soldiers van The Webb Sisters er ook wel in. Misschien omdat die mood zo is omgeslagen, maar misschien ook gewoon omdat het een mooi nummer is dat schitterend gezongen wordt.
Jimmy Webb zingt onder sobere begeleiding The Fallow Way: eenvoudig en doeltreffend. Gewoon mooi.
Trust Your Heart van Bernadette Peters is dan net even iets te klef. Het lijkt haast wel een musical-liedje en daar heb ik niks op tegen maar hier valt het een beetje uit de toon. Op zichzelfstaand overigens wel een prima nummer.
Dar Williams zingt loepzuiver het volgende nummer en Song for Sarajevo past ook mooi in de combinatie artiesten en songs op deze cd.
Che is opzwepender en doorbreekt een beetje het magische dat over dit album hangt, maar ik vind het wel een goed nummer.
Tot slot mag Leonard Cohen afsluiten met een 'spoken word' in de vorm van Since You've Asked.
Ja, dat was best een opmerkelijke kennismaking met een artiest die ik niet ken en eigenlijk nog steeds niet ken maar daar gaat verandering in komen want uiteraard heb ik op youtube Albatross opgezocht in haar eigen versie en die beviel mij ook uitermate goed waardoor ik het betreffende album maar eens moet gaan opzoeken (staan aardig wat covers op heb ik gezien en ook gehoord: hoe frappant dan weer).

Boudewijn de Groot - Maalstroom (1984)

poster
3,0
Oef.... de eerste klanken van Nooit Meer terug laten inderdaad gelijk al horen dat dit anders is dan we gewend zijn. Nu was ik daar al op voorbereid, maar toch was het even slikken. En bij Vreemde Gezichten werd het me niet makkelijker gemaakt moet ik zeggen. Te veel jaren '80 achtige synths. Dit nummer doet me dan ook helemaal niets.
Keerzijden is ook totaal anders dan wat we gewend zijn. Het is dat die stem uit duizenden te herkennen is. Met dit nummer ben ik er ook nog niet helemaal uit: aan de ene kant vind ik het wel wat hebben en aan de andere kant vind ik dit niks, maar in het laatste geval heb ik dan toch weer ouder werk in gedachten en ook albums als Een Nieuwe Herfst of Het Eiland in de Verte. Tja in dat geval is het lastig vergelijken. Hier gaat dus 'loslaten van ander werk' op en op zichzelf beoordelen. In dat geval kan het er eigenlijk wel mee door.
Vlucht in Werkelijkheid vind ik dan weer wel gelijk een mooi en pakkend liedje. Het klinkt ook puurder door het gebruik van de piano.
Draden heeft natuurlijk een mooie tekst (zie ook de toelichting op dit nummer in het begeleidende boekje), maar ook hier vind ik de muziek beter te pruimen. Door het achterwege laten van die overdadige synths is het gelijk ook niet zo gedateerd.
De Laatste Vrouw is ook een degelijk nummer. Ik mis wat magie die een hoop nummers van de Groot altijd zo kenmerken, maar het is zeker ook geen nummer die me verveelt of waar ik niets van moet hebben.
Titelnummer Maalstroom is dan weer een nummer dat mij totaal niets doet. Ik vind het niet sprankelen en het zeurt me wat te lang door.
Een Slag Zo Zwaar Verloren is gewoon weer een prima liedje. Niet heel opvallend, maar het bevat genoeg schoonheid om het in ere te houden en niet te bombarderen tot vast skip-moment.
Nachtschade vind ik een flauw, nietszeggend nummer, gelukkig duurt het niet al te lang.
Afsluiter Code is ook een nummer waar ik niet warm of koud van kan worden.
Hiermee kan ik de balans opmaken en zijn het gelukkig nog genoeg nummers die de boel flink optrekken, maar bevat het album ook wel de minste nummers van Boudewijn de Groot ooit aan vinyl of disc toevertrouwd.
Magere 3* dan maar.

Boudewijn de Groot - Nacht en Ontij (1969)

poster
4,0
Pssssstttttttt................ja jij..............kom maar dichterbij.............nog dichter............goed zo........

Neem me nu bij de hand, we gaan de duisternis in. Vrees niet het is slechts de duisternis van het bos.
Nee, ik weet de weg niet. Is dat erg dan? Bang voor het avontuur? Laat je gevoel en je nieuwsgierigheid je leiden. Het zal wel goed komen. Boudewijn zal ons leiden.

Wie Kan Me Nog Vertellen wat men in sprookjes altijd ten strengste afraadde? Inderdaad: niet van de hoofdweg afdwalen, altijd het grote pad rechtstreeks naar huis volgen. Maar ik ben eigenwijs, blijf mij maar volgen. De klanken van Boudewijn zullen ons vanzelf de weg wijzen.
Vergeet al die sagen en legenden, we gaan gewoon voort.
Wees een held, wees Aeneas Nu, je kunt het, we moeten verder.
Waarnaartoe? Stel geen vragen die ik ook niet kan beantwoorden al gaan we door tot Babylon. Het avontuur lonkt, laat je niet door alle griezelige geluiden afleiden. Hoor je daar een cello? Gewoon laten spelen. In donkere bossen kan nu eenmaal van alles gebeuren en we zijn nu eenmaal die kleine zijweg ingeslagen.
Totdat we op een open plek komen waar mos en morgendauw oplichten in de eerste stralen van de zon. Zie je wel? Spoken en heksen bestaan niet. Of het een droom is? Dat durf ik niet te zeggen, want we zijn niet thuis, verre van. Het einde is volgens mij nog niet in zicht. Sterker: het mystieke volk loert volgens mij vanachter de bomen........
En nu het noodweer losbarst begin ik toch ook wel ernstig te twijfelen. Dit ronddwalen zonder de weg te weten begint mij nu ook te beangstigen.
En voor we het weten zijn we terecht gekomen in een wondere wereld waar niemand ooit van kon vermoeden dat het bestond. Boudewijn heeft ons er in geluisd. Het is griezelig, het is beangstigend, maar tegelijkertijd is het zo ongelooflijk spannend en wil ik er meer van weten. Volg de stem van Boudewijn en we zullen het misschien ooit te weten komen. Is het een droom?
Kobolten, magiërs, heksen: ze komen tot leven. En dan die man op een vrouw gelijk die formules bezit waarmee een vrouw tot man werd, brrrrrrrrrrrrrrr..............
Maar we lopen stug door. Boudewijn wacht niet op ons. We komen ze allemaal tegen: de duivel en de koningin van de sabbath, goden en saters. Allen feestend als in een middeleeuws tafereel. Trompetgeschal maakt er een einde aan. En dan wijken allen voor hen die van verre kwamen en nieuw zijn. De nieuwgekomenen.
Langzaam aan lijkt het alsof we dit bos nooit meer uit zullen komen. We zijn beland in de hel. Het begint te tollen en te draaien, we raken buiten bewustzijn totdat de regen ons wakker maakt uit een roes.

Was het een droom?








Nacht en Ontij: mag ik u allen dit avontuur aanbevelen?!

Boudewijn de Groot - Waar Ik Woon en Wie Ik Ben (1975)

poster
3,0
Met mijn laatst aangeschafte Boudewijn de Groot albums is me wel duidelijk geworden dat ik de mindere goden blijkbaar tot het laatst heb bewaard. Ook dit Waar Ik Woon en Wie Ik Ben is duidelijk minder boeiend voor mij dan de meesterwerkjes uit het begin of die van recenter tijd.
Toch staat er genoeg op om het album te verhoeden voor het predikaat waardeloos. Een nummer als Moeder trekt de hele boel toch wel weer op.
En als ik een album als dit ga afzetten tegen b.v. een Borsato (die ik niet eens zo erg verfoei) dan moet er toch simpelweg geconcludeerd worden dat dit een degelijke plaat is. Alleen is het jammer dat het vergelijkingsmateriaal binnen de discografie iets te sterk is, en ach.............. iedere artiest heeft nu eenmaal ook wat mindere albums op naam.
Ook hier op dit album overigens weer Doe Maar-namen: Ernst Jansz, Piet Dekker en Henny Vrienten.

Boy George - Cheapness & Beauty (1995)

poster
3,5
Boy George gaat van start op een manier die we niet van hem kennen: rock! Ja u leest het goed: de gitaren mogen scheuren en doen dat op het tweede nummer ook. Beetje glamrock, beetje suffe rock, beetje saaie rock, dat dan weer wel.
Dan denk je: ach, hierna zal het wel weer goedkomen maar dan, hoppa, nog eentje er achteraan, gevolgd door alweer zo'n nummer.
Ook nummer 5 is toch wel wat belegen rock 'n roll en dan is het moment om af te haken. Gelukkig klinken nog net op tijd de eerste tonen van If I Could Fly en de twijfel slaat toe om toch nog even door te zetten want dit nummer is gewoon mooi en past beter bij Boy George.
Dan volgt een poppy nummer met een lichte country-touch: Same Thing in Reverse is niet alles maar kan mijn goedkeuring toch nog net krijgen. Cheapness & Beauty heeft een beetje hetzelfde karakter en dat maakt dit album toch wel vreemd want na die eerste 5 nummers hebben we nu een middenstuk dat compleet anders is , maar ook onderling behoorlijk gelijkend.
Alsog hij dat zelf ook beseft, want de gitaren mogen weer omgegespt worden op Evil Is So Civilised en dat dendert door op het nummer dat volgt en daarna wederom hetzelfde (okee met een lichte dancebeat lijkt het).
Als toetje nog 2 schitterende nummers die ook te vinden zijn op het album U Can Never Be 2 Straight. En dat is nu net de pest: de mooiste nummers staan ook allemaal op dat album. Ik noem een If I Could Fly, Unfinished Business en Il Adore................tja, en dan is mijn keuze snel gemaakt. Dan hoor ik liever dat album, want die rockers geloof ik wel. Een vermakelijk plaatje, best wel hoor, maar laat die gitaren toch maar voor wat ze zijn beste jongen. Het zijn die mooie nummers die er nog een 2,5* van weten te maken, anders toch echt een halfje minder.

Boy George - Ordinary Alien (2010)

Alternatieve titel: The Kinky Roland Files

poster
2,5
De stem van Boy George blijf ik karakteristiek vinden, zelfs na zijn toch wat turbulente leven zullen we maar zeggen. Genoeg reden om dit 'nieuwe' album te beluisteren dat uitgebracht is in Zuid-Amerika en waar de rest van de wereld wat later zou moeten volgen.

The new album "Ordinary Alien" is already released in South America and will soon be available at your favourite online record store.

Ordinary Alien is available today though eBay sellers.


Aldus zijn eigen site. Tja, tegenwoordig is het niet meer zo dat er een wereldwijde release plaatsvindt en waarvoor je braaf naar de winkel gaat.

Ordinary Alien is een collectie nummers van Boy George in samenwerking met Kinky Roland en bestrijkt een periode van 2000 t/m 2009. Alle tracks geproduceerd en geremixed door Kinky Roland.
We horen ook de singles Yes We Can, Amazing Grace en Time Machine terug.
Het zal allemaal best: ik vind het eerlijk gezegd nogal flauwe pop-dance die me vrij weinig doet i.t.t. een ander solo album als U Can Never B 2 Straigth dat veel authentieker overkomt en waar die dancesaus goddank ontbreekt.
En die Fleetwood Mac-cover....pfffff.. en ik ben al geen fan van het origineel.

Misschien moeten we maar wachten op de Culture Club reunie die er in 2012 schijnt aan te komen. 30 April wordt als D-day omschreven door Boy Georde. Zoals het een echte Queen betaamt dus

Boy George - U Can Never B2 Straight (2002)

poster
4,0
Opener Ich Bin Kunst is misschien even schrikken, want dit is toch andere koek dan we van deze artiest kennen.
Vaudeville-cabaret; niet meer of minder en laat ik dat nu juist erg waarderen dus mijn aandacht was er gelijk bij.
Helaas een eenmalig bod van heer O'Dowd want de rest tapt uit een ander vaatje maar zeker geen minder vaatje. St. Christopher is jazzy/bluesy waar Boy George zich vocaal lekker kan uitleven en dat doet hij verder op alle nummers wel. Veel nummers hebben een akoestische ondertoon en dat vind ik hem beter staan dan de rock-uitbarstingen die hij laat horen op zijn andere album Cheapness & Beauty. De meestal popliedjes zijn niet hoogstaand maar wel relaxed.
Veel nummers zijn opnieuw opgenomen en stammen uit verschillende periodes. Zo komen Ich Bin Kunst, St. Christopher en Wrong uit de theatershow Taboo, is Bow Down Mister een bewerking van een Jesus Loves You-nummer en komen Cheapness and Beauty, If I Could Fly en Il Adore van het al genoemde album Cheapness & Beauty (en nee dit zijn niet die rockuitbarstingen waar ik het over had).
Die stem blijf ik geweldig vinden. Nu is het hopen op een zeer consistent album. Misschien moet hij zijn maatje Antony maar eens raadplegen.....

Boy George and Culture Club - Life (2018)

poster
4,0
Boy George & Culture Club is het nu geworden, gereduceerd tot 'begeleidingsband' of zoiets. Dat de heren het niet altijd goed met elkaar kunnen vinden weet bijna iedereen wel, dat bleek ook uit de documentaire Boy George and Culture Club: Karma to Calamity.

Het zal allemaal wel. Boy George is voor mij pure jaren '80 emotie, het herbeleven van mijn tienerjaren. Ik weet nog goed dat mijn moeder helemaal weg was van 'Do You Really Want to Hurt Me' en me aanspoorde te kijken naar de excentrieke verschijning die daarbij hoorde.

In tegenstelling tot sommige andere jaren '80 helden is Culture Club altijd een beetje blijven hangen in die jaren ook al vond ik Don't Mind If I Do uit 1999 eigenlijk best goed. Ook zijn solowerk vond ik af en toe prima te doen (dan heb ik het met name over Cheapness & Beauty uit 1995 en This Is What I Do uit 2013).

Boy George zou met een reünie tour beginnen, toen er een poliep op zijn stembanden werd gevonden waardoor dit weer in de ijskast terecht kwam. Ook het bijbehorende album Tribes zag het levenslicht niet. En nu gaat die tour dan toch echt van start. Ik vond dat het tijd werd hem eens live te zien, waarschuwingen van vrienden, die hem wel eens bij een 80's festival zagen optreden wat erg beroerd klonk, terzijde schuivend. Ik weet dat zijn stem rauwer is gaan klinken door zijn levensstijl. Ik wacht wel af. Ik hoop gewoon op een feestje.

Bij dat feestje hoort een nieuw album, Life genaamd, waar zijn oude makkers als toegevoegde band worden genoemd en dat nog wat restanten in een nieuw jasje van Tribes bevat.
Life gaat al heel sterk van start met het donkere, op Massive Attack gelijkende, God & Love. Dit is wel wat anders dan de feestpop uit de jaren '80.

Bad Blood lijkt een beetje op de disco rock van Queen (Another One Bites the Dust) en klinkt ook helemaal zo beroerd niet.

Op Human Zoo hoor je hoe zijn stem achteruit is gegaan in de loop der jaren: heser en zwaarder. Op zich niet erg, maar we weten allemaal wel dat ze in de studio een hoop goed werk kunnen verrichten. Hier op plaat boeit dat verder niet. Gewoon een lekker nummer.

Kennen we 'Everything I Own' nog? Dat was een behoorlijke solo-hit. Ook hier op Let Somebody Love You is het feest-pop-reggae dat de klok slaat. Ik moet eerlijk bekennen dat nooit zo geweldig te hebben gevonden, dus dat doe ik nu ook niet. Leuk deuntje hoor. Live ongetwijfeld erg gezellig, maar ik heb er weinig mee. Ik heb er ook weinig op tegen, dat dan ook wel weer.

De reggae-pop dendert nog even voort op What Does Sorry Mean?, wel in een wat rustiger tempo. De heren worden ook wat ouder he.

Runaway Train is wat meer soul en klinkt verdomde lekker met dank aan de blazers. Boy George moet volgens mij aardig zijn best doen om dit goed te laten klinken, maar zijn 'nieuwe' stemgeluid past prima in dit nummer. Een beetje rauw kan hier helemaal geen kwaad.

Resting Bitch Face kan een feestje op de dansvloer worden. Funky r&b soul en vooral heel erg sexy. Ook hier is de muzikale inkleuring een waar genot om naar te luisteren. Het gospelkoortje doet het nummer een hoop goeds.

De blazers en het koor op Different Man geven dit nummer de juiste soul-rand mee. Het lijkt wel of de band volwassen is geworden na al die jaren. Dat geeft met recht een plezierig gevoel bij mij. Het is niet alleen jaren '80 nostalgie, het is gewoon allemaal heel goed wat ze ons voorschotelen zonder dat ze ineens heel erg de diepte in gaan of hun oude roots compleet verloochenen.

Op Oil & Water wordt het tempo omlaag geschroefd. Strijkers en piano krijgen de hoofdrol. In het verleden vond ik dit soort nummers altijd hun beste. Denk aan Victims. Ook dit nummer is prachtig, misschien ietsje te klef in vergelijk met het schitterende Victims, maar daardoor niet minder lekker.

More Than Silence is absoluut een sterk nummer. Productioneel zit het hele album sowieso goed in elkaar. Het lijkt wel of alles klopt en dat komt hier extra duidelijk naar voren.

Als titelsong Life begint denk je heel even dat die ene grote hit gaat beginnen, maar dan hoor je die rauwe stem en weet je dat we in 2018 zijn beland. Gospel mengt met pop: ze doen het goed. Als ik dit nummer hoor snap ik wel dat Boy George hier apart genoemd wordt. Het voelt toch meer als een solo-nummer, hoe gek ook, want was het altijd al niet Boy George & Culture Club?!

Life is voorbij voordat je er erg in hebt en ik wil dan alleen maar één ding en dat is nog een keer. Ondanks dat ik naar het concert in Amsterdam ga, keek ik redelijk neutraal uit naar dit album, maar ik moet zeggen dat ik toch behoorlijk enthousiast ben over dit album. Life is een zeer sterk pop-album, geen klassieker in the making, maar gewoon heel aangenaam en het zit goed in elkaar. Dat Boy George niet meer de sterke zanger van weleer is mogen we hem best vergeven. Soms is dat rauwe randje juist wel aangenaam voor dit ietwat nieuwe geluid van de band. Nu maar hopen dat ze het de hele tour met elkaar kunnen uithouden en misschien wel zo enthousiast zijn geworden dat er nog eens een prachtig vervolg op dit album komt.

Culture Club is weer springlevend!

Boychik - Boychik (2022)

poster
4,0
Ben Levi Ross is een queer performer die bekend is van Tick, Tick...BOOM! (nog te zien op Netflix) en de musical Dear Evan Hansen.

Queer performers zijn steeds zichtbaarder dus dat is niet echt wennen, wel het feit dat we Boychik met hen/hun moeten aanspreken. Taaltechnisch is dat voor mij wel een ding. Verder niet. Sowieso niet, want het gaat hier om de muziek en die is geweldig.

Boychik heeft het album in het geheim opgenomen en het resultaat mag er uiteindelijk zijn: ik vind het een beetje een queer variant van Elliott Smith (vooral op nummers als Bombed Out Building en Jasmine Vine).

Er wordt veel gebruik gemaakt van strijkers die zorgen voor een barokke kant, een kant die ik altijd erg goed kan waarderen en er valt in elk nummer veel te ontdekken waardoor het per draaibeurt beter wordt.

Joods, queer, het was niet makkelijk voor Ben in zijn jeugd en dat reflecteert hij op dit album.

Ongetwijfeld dat veel mensen op voorhand al afhaken nu: het zal wel bombastisch en theatraal zijn. Ja, theater is geen vies woord als het gaat om Boychik, maar het blijft allemaal behoorlijk binnen de lijnen waardoor het niet over de top gaat.
Hierdoor is dit debuut een krachtig en persoonlijk statement met een flinke portie avontuur voor muziekliehebbers zoals ik die dit altijd wel kunnen waarderen.

Božo Vrećo - Pandora (2017)

poster
4,0
Weer eens wat anders. Broeierig, geweldige stem en uit Bosnië afkomstig waar hij een gevierde ster is.

Meneer is extravagant en niet vies zijn vrouwelijke kanten te etaleren en dan toch populair in een land waar machismo hoogtij viert. Prachtig vind ik zoiets.

En prachtig is ook dit album waar de stem van Božo Vrećo veel nadruk krijgt, soms zelfs met nauwelijks enige vorm van begeleiding. Etnische invloeden zijn zeker hoorbaar en daar moet je gevoelig voor zijn, maar het is ook niet opdringerig.

Pandora is mannelijk en vrouwelijk, glorieus en ingetogen, opwindend en ontroerend. Kortom: een aanrader als je op zoek bent naar weer eens iets anders.

Live volgens mij ook de moeite (hij was gisteren nog in Brussel): ROYAL STREET ORCHESTRA feat. BOZO VRECO - Crne Oci - (OFFICIAL TRACK) - YouTube

Bram Vermeulen - Rode Wijn (1988)

poster
3,5
Nederlandstalige albums lijden een ietwat zielig bestaan in mijn cd-kast. Die paar die ik in bezit heb zijn onderdeel van een kleine familie, zeker als je het gaat vergelijken met de grote Amerikaanse of Engelse broeders en zusters.
Maar soms dan leeft het weer even op en komen dat soort albums weer uit de schaduw tevoorschijn om even flink van het Nederlandse zonnetje te genieten. Dat moet snel gebeuren, want voor je het weet sta je weer in de grauwe schaduw. Het weer in de lage landen blijft immers grillig.
Boudewijn de Groot profiteert momenteel het meest van die zon. En zeg je Boudewijn dan zie je C-Moon al staan.
Per pm liet hij me weten content te zijn met mijn uibreiding van de discografie van Boudewijn de Groot.
Maar aangezien ik daar inmiddels alles van in bezit heb werd het tijd voor een nieuwe naam en Bram Vermeulen sprong me gelijk te binnen, want daar kende ik wel wat van, maar nog geen volledige albums.
C-Moon noemde wat titels waarvan Rode Wijn er eentje was. Ik keek naar mijn rode wijntje die me vergezelde bij het schrijven van stukjes voor deze site en dacht: 'die smaakt me meer dan goed, Rode Wijn van Bram moet de eerste gaan worden'.
En smaakt het goed die rode wijn van Bram Vermeulen?
Absoluut: mooie, warme nummers met ijzersterke teksten. Wat me voorlopig weerhoudt me aan te sluiten bij alle gulle gevers van 4,5* en 5* bij dit album is toch de stem van Vermeulen. Waar ik geniet van het warme geluid van die van de Groot, daar heb ik dat minder met het rasperige van Vermeulen (zie ook mijn vergelijking tussen de Doe Maar vedetten Ernst Jansz en Henny Vrienten).
Maar de tip is in elk geval aangekomen (en ik heb er Dans Met Mij gelijk ook bij gekocht). Daarvoor mijn dank.
Laten we hopen dat dat zonnetje boven mijn platenkast nog even blijft schijnen want voor je het weet sta ik weer Engelstalige nummers mee te zingen in huize aERo.

Brandi Carlile - Brandi Carlile (2005)

poster
4,0
*Ding Dong*.... pm.............

afz. chrismusic

Ehm.... o? Leuk! Soms is het musicmeter-wereldje eigenlijk heel knus en gezellig en soms vechten we elkaar uren de tent uit met een welles-nietes discussie of zanger A nu wel vals zingt of niet, of zangeres B er op 50 jarige leeftijd als een hoer bij zit op haar hoes of de jaren '80 nu wel of niet beter zijn dan de jaren '70 en of een bandje met 4226 punten op plaats 1 van gewoon maar een lijstje ergens op het internet terecht is ja of nee.

Goddomme: gaat het niet gewoon om muziek en is het eigenlijk niet geweldig als je van die onverwachte tips krijgt, zomaar out of the blue, en als je bij de eerste tonen denkt 'vriend, jij kunt het aardig inschatten allemaal!'?
Daar draait het toch allemaal om?! Kan jou het schelen dat B er als een del bij loopt op haar hoes, lekker belangrijk dat dat bandje zoveel punten heeft, laat zanger A toch vals zingen. Het gaat om gevoel, emoties en daar denkt iedereen nu eenmaal anders over.
Natuurlijk bestaat musicmeter er door, leeft het er van, maar ik leef nog veel meer van dit soort tips.
Ik zal het eerlijk toegeven; deze sentimentele vent (want dat is ie op dit moment gewoon even) hoorde op het juiste moment het juiste plaatje en dat is dus dit titelloze album van Brandi Carlile.
Ik las dat het om folk / rock ging maar ik vind het meer folk / country., maar wat voor een folk / country.
Een prachtige stem, mooie melodieën, simpele maar uiterst effectieve composities en daarmee een ontroerend sfeertje creeerend.
Natuurlijk als je dan ook nog eens in de juiste bui bent is de som snel gemaakt en klopt alles tot in details. So what? Ik werd er even zeer gelukkig van en dat is het mooie van muziek. Het wekt emoties op, het kan van alles met je doen zowel positief als negatief.
Over dit album hoef ik niet lang na te denken: het was een gouden tip. Het was puur genieten en ik hoop dat dit in de toekomst ook gaat gebeuren als ik in compleet andere stemmingen ben. Lukt dat dan hebben we een klein, onontdekt meesterwerkje die voor mij regelrecht uit het niets op mij neer kwam dalen (thanks chrismusic) en gaat er een halfje bij. Lukt dat dan niet meer dan hebben we hier hoe dan ook een ijzersterke cd die helaas aan de korte kant is, maar dat lossen we dan wel weer op met de repeat-knop.

O ja: ik ben nooit zo van de bonustracks, maar Tragedy [Austin Cello Version] had ik toch niet willen missen

Brandi Carlile - By the Way, I Forgive You (2018)

poster
4,0
Ik moet teruggaan naar 2008 waar ik het titelloze album van Brandi Carlile uit 2005 getipt kreeg. Het sloeg gelijk aan en daarna was het blijkbaar weer gedaan.

Ik zag haar naam regelmatig voorbijkomen, maar voelde nooit de noodzaak om een nieuw album te beluisteren.

En toen zag ik de Netflix film Joe Bell met Mark Wahlberg in de hoofdrol. Gebaseerd op een waargebeurd verhaal. Een verhaal dat me aangreep, zeker wetende dat het ook echt gebeurd is.
Mooie film, maar de aftiteling was toch wel even het brok in de keel moment. The Joke van Brandi Carlile aldus Shazam.
Een nummer waarvan de tekst de spijker op z'n kop slaat voor wat betreft de film.

Wat een prachtnummer: ja, met die vocalen en dito begeleiding (strijkers!) wil dat momentje wel komen hoor. Misschien wat dramatisch... dat hebben de makers van de film goed aangevoeld.

Dus het hele album opgezocht en wederom toch weer de bewondering. Heerlijke plaat. Misschien moet dit dan toch het startsein worden om meer albums van haar op te zoeken.
Ik krijg af en toe een Maria McKee gevoel en dat is voor mij alleen maar een pré.

Die stem....

Brendan Maclean - And the Boyfriends (2019)

poster
4,0
Brendan Maclean afficheert zichzelf als een 'queer Australian songwriter'.

And the Boyfriends is zijn debuutalbum, na wat eerder uitgebrachte EP's. Het staat vol met fijne popnummers waar lichte snufjes uit andere genres aan toegevoegd worden. De jaren '80 lijken niet ver weg, maar daarmee doe ik het tekort, want And the Boyfriends is scherpe pop met beide benen in het nu. Dat hij echte synths gebruikt uit die jaren doet er niet aan af. Talking Heads meets Robyn samen in de blender met Arcade Fire en LCD Soundsystem, of zoiets.

Spannend, opwindend, maar niet gevaarlijk (ook al zullen een hoop mensen 'queer' nog steeds heel gevaarlijk vinden).

Is Brendan de zoveelste homo-artiest? Ik denk dat we dat stadium inmiddels wel gepasseerd zijn toch? Ook al zijn ze er open over. 'Whatever' zeggen we dan in 2019. Toch?!

Lekker fris en verrassend plaatje. Uptempo wisselt wat triestere liedjes af en daardoor blijft het leuk.

Brendan Perry - Ark (2010)

poster
4,0
Is het heel raar als ik zeg dat juist Brendan Perry mij altijd het serene Dead Can Dance gevoel wist te geven? Op de één of andere manier heeft zijn stem iets rustgevends waar die van Lisa Gerrard juist avontuurlijker is. Ook zij weet mij soms rust te geven maar toch anders.
Misschien omdat mannenstemmen dit sowieso wat makkelijker voor elkaar krijgen bij mij.
Het heeft elf jaar geduurd eer Perry met een opvolgend solo-album op de proppen kwam en zelfs nu is het nog niet makkelijk om aan Ark te geraken. Een officiële release datum moet nog steeds komen, maar het album is in elk geval al te koop bij zijn optredens.

Zodra Babylon van start gaat verkeer ik al weer in etherische sferen zoals dat bij Dead Can Dance ook wel eens voorkomt, en met deze mededeling vertel ik natuurlijk gelijk dat Ark behoorlijk dicht tegen Dead Can Dance zelf aanschuurt.
Toch heeft Ark ook genoeg 'eigens'. Electronica wordt hier heel mooi ingezet en geeft het gek genoeg soms een Massive Attack-achtig sfeertje mee en dat is goed te horen op The Bogus Man.
Het ademt iets mysterieus zoals ook Massive Attack dat doet. Het is de stem van Perry die zorgt voor de bekende sfeer die je doet beseffen dat het geen Massive Attack is. Knap natuurlijk, en het laat horen dat zijn stem een enorm stempel drukt op het geheel. Een stempel? Een lakzegel! Het is majestueus genoeg.
Op Wintersun merk ik opeens wat nu de kracht was van Dead Can Dance: afwisseling en wisselwerking tussen Perry en Gerrard. Hoe mooi ik de stem van Perry ook mag vinden; het begint op dit nummer opeens te veel van het goede te worden lijkt het wel. Ik wil Lisa horen! Het klinkt ernstiger dan het is natuurlijk, want ook dit nummer is mooi, maar ik raak in een soort roes bij dit nummer. Dat kan fijn zijn, maar hier dwaal ik langzaam ietwat af.
De afleiding duurt maar even want Utopia ademt ergens een oosters sfeertje als je het intro hoort. Al snel horen we Perry een Dead Can Dance-achtig nummer zingen. Heel erg mooi en vooral uiterst sfeervol. Het is een knappe combinatie: het ietwat onderkoelde gezang tegenover een warme muzikale sfeer. Heerlijk nummer dus.
Inferno klinkt een stuk electronischer en heeft een duister sfeertje. Reptile71 is het op zijn album ook gelukt om een soortgelijke sfeer neer te zetten die ik erg waardeer.
Als je dit nummer hoort besef je ook dat het album ondanks zijn duidelijke sfeer toch diverse stijlen bevat. Dit is zwaar uitgedrukt, maar zet dit nummer tegenover een paar voorgangers en je hoort het wel degelijk. Ook dit nummer vind ik weer ijzersterk.
This Boy lijkt heel even iets jazzy-achtigs te krijgen maar dat wordt snel omgebogen door de synths die er een oosters tintje aan geven terwijl de basis van het nummer wederom donker en onderkoeld is en zelfs vrij monotoon te noemen. Ook hier laat Massive Attack me niet geheel los, ook al ligt het er niet heel erg dicht bij om van een invloed te spreken (laat staan dat Perry zich daardoor überhaupt zou laten beinvloeden).
The Devil and the Deep Blue Sea klinkt gelijk al aardig electronisch: de basis geeft het een sombere sfeer maar daarover juist flarden lichtere synths die het juist een verhelderende toon mee weten te geven. De term 'luchtig' kan vermeden worden, want dat is het zeker niet, maar het is wel een bijzondere gewaarwording.
Crescent is het achtste en laatste nummer van Ark. Het gaat dromerig van start. Ook hier horen we oosterse elementen terug waarmee de Dead Can Dance-link weer sprekend is geworden.
Er zit door het hele nummer een mooie opbouw die uiterst subtiel is maar wel degelijk voelbaar. Nergens krijgen we een explosie of uitbarsting; wel een uiterst fraai stukje muziek aan het einde. Het lijkt haast een aparte song in een song.

Ik ben behoorlijk onder de indruk van dit solo-album en moet beschamend toegeven zijn vorige niet te kennen. Waar ik Lisa Gerrard wel meer ben blijven volgen daar ben ik Brendan Perry blijkbaar uit het oog (of moet ik zeggen oor) verloren.
Hoe dan ook heb ik dat met beluistering naar Ark vast weer goedgemaakt en kan ik zeggen dat het een zeer mooie cd is geworden.

Brett Anderson - Black Rainbows (2011)

poster
3,5
Brett Anderson kan een potje bij mij breken. Niet voor niets staat hij in mijn top 10 met zijn makkers van Suede en ook hun andere albums waardeer ik enorm.
Glitter, drama, theatrale gebaren en bombast.... mij kun je er altijd warm voor krijgen.

Hoe anders waren zijn solo-albums: ingetogen miniatuurtjes die ik ongelooflijk goed vond, waarvan zijn laatste, Slow Attack, zelfs nog een halfje meer kreeg. Wat bloedstollend mooi was dat toch.
Ik hield een beetje mijn hart vast toen ik hoorde dat Black Rainbows wat meer uptempo zou worden en meer richting het geluid van Suede zou gaan.
Laat ik die laatste Suede albums nu net wat mindere wapenfeiten vinden.... maar goed het is nog steeds Brett solo dus laten we niet te vroeg conclusies trekken zonder ook maar iets gehoord te hebben.

De conclusie na beluistering van dit album is er inderdaad eentje van 'ja, het rockt ietsje meer dan op de voorgangers en ja het gaat meer richting Suede'.
Toch is het geen poging geweest om een Suede-achtig album te maken. Ik mag hopen dat ze dat bewaren voor hun comeback album die er aan schijnt te komen als we de geruchten mogen geloven. Nee, dit is Brett die wat minder melancholisch is dan voorheen en die stem is nu eenmaal kenmerkend zeker als het ingebed is in de stijl die we op dit album horen.

Het is een prima album geworden dat tussen de 3,5* en 4* zit en daarmee zou ik het tot nu toe onderaan mijn Brett-solo lijstje plaatsen. Ik viel enorm voor de sobere sound en die horen we hier niet (wat niet erg is, want een herhaling van zetten zou ook niet gewenst zijn).
Black Rainbows is zeker een fijn album, laat ik dat benadrukken, maar het doet me nu juist verlangen naar Suede en daar ben ik dan juist weer een beetje bang voor. Er zijn maar weinig bands die hun oude glorie-jaren kunnen evenaren laat staan verbeteren en zangers van dit kaliber zijn solo hoe dan ook toch wel vaak net ietsje minder dan met de band waar ze groot mee zijn geworden. Brett Anderson past ook wel in dat rijtje.

Black Rainbows is af en toe net iets te veel Suede-light (wat zijn vorige solo albums niet waren omdat ze er te veel van afweken).
Maar zelfs een Suede-light kan heel prettig zijn en zelfs prettiger dan Head Music (wat ik de minste Suede vind).

Brett Anderson - Brett Anderson (2007)

poster
4,0
Suede........... wat moet ik daar nog over zeggen? Geweldige band. Tears? Was zo slecht nog niet. Staan nu even op een lager pitje. En dan nu Anderson solo.
Laat ik dit album maar eens onder de loep gaan nemen, want de negatieve berichten op het web liegen er niet om en dan zijn het ook nog eens de fans. Positief? Nou, niet bepaald!
Hoe ondergaat deze jongen dit album? Wel, als volgt:

Het album opent met het gevoelige Love is Dead. Wat een heerlijk nummer is dit toch. Het is al te beluisteren op myspace en ik heb het dan ook al tot in den treure beluisterd en iedere keer weer kan ik helemaal opgaan in de schoonheid van dit nummer. Dit is Brett Anderson op zijn sterkst: zo hoor ik hem graag. Dat het dan wat meer pop klinkt kan mij totaal niet boeien. Ik vind het een geweldige terugkeer van de man. Hier heeft hij Bernard Buttler niet voor nodig. Zoetsappig? Ja? En? Is daar wat mis mee dan? Noem het wat u wilt, ik zwijmel nog wel even door op dit nummer.
De eerste tonen op One Lazy Morning doen al vermoeden dat ook dit nummer een beetje zal gaan blijven hangen in het wat softere segment. Minder scherpe randjes en zeker minder spannend als het werk op b.v. Dog Man Star. Maar waarom krampachtig proberen dat terug te halen. Dat zit er gewoon niet in. Dus dan is het zo slecht nog niet om het eens in een wat andere hoek te zoeken (de softe soft-rock hoek). Vergeet Suede even, laat ook even geen traan om Tears, maar probeer dit eens met open vizier tegemoet te treden. Dan hoor je een prima popnummer. Niet de kracht die Love is Dead had, maar gewoon aangename pop voor de momenten waarop je even geen zin hebt in moeilijkdoenerij.
Dust and Rain probeert een iets ruiger randje toe te voegen maar slaagt daar niet echt in. Een beetje te veel terug willen keren naar de Suede hoogtij-dagen en dat lijkt me niet nodig, want daar is Butler dan toch weer wel voor nodig (alhoewel................. Coming Up was natuurlijk ook zeer goed en daar was ook geen Butler aanwezig). Dit klinkt dus als een aardige b-kant van Suede. Nu waren die vaak ook niet verkeerd te noemen, maar hier is het er toch eentje die misschien valt in de categorie 'met wat meer schaafwerk was het beter geworden'. Toch vind ik het persoonlijk een lekker nummer. Blijkbaar ben ik de enige in Suede-fan-land die wel wat kan met deze solo-uiting van Brett Anderson. Of ik ben op leeftijd aan het raken en vind soft al prima genoeg.
Heel onopgemerkt gaat het nummer over in Intimacy. Misschien is dit wat de fans tegen de borst stuit: het lijkt wat te veel op elkaar allemaal. Is het dan toch mijn wijntje die nu naar mijn hoofd is gestegen waardoor ik makkelijk de flow van dit soort nummers oppik? Allicht, want ook hier vind ik weinig mis mee.
Op To The Winter keren de Love is Dead-strijkers terug. En ja, het is weer een midtempo nummer als de voorgangers. Softer dan soft rock ja. En ja, ik vind het helemaal niet erg. Beetje zoet, beetje klef. Wie lust er op zijn tijd geen roseetje? Nou dan? Is soms niks mis mee. Gewoon niet vergelijken met die superieure rode wijn die je ook in de kast hebt staan. Die bewaren we dan wel voor de speciale momenten. Dit gaat er gewoon makkelijk in. Lekker hoor.
Ook Scorpio Rising is al wat langer te horen en staat op myspace. Net als Love is Dead wist dit nummer mij gelijk goed te pakken en dat doet het na een flink aantal draaibeurten nog steeds. Ondanks het gemis aan scherpe randjes of spannende twists is het in mijn oren simpelweg een mooi en vooral aangenaam nummer. Het klinkt misschien heel naar in de oren van de grote fans: maar ook een George Michael is meester in het maken van dit soort songs. Ik vrees dat velen nu afgehaakt zijn na deze vergelijking en dat is jammer dan. Voor diegenen die nog bij me blijven: hallo allemaal. We gaan lekker door naar het volgende nummer The Infinite Kiss. Gezellig he, wel wat knusser zo nu een hoop mensen zijn afgevallen.
Want ook dit nummer gaat lekker door in de flow van het hele album. Nu kun je deze meneer ook eens opzetten in gezelschap die niet zo veel van je 'alternatieve spul' moet weten. Want dit is ook weer lekker mierzoet en glijdt lekker beide oren in. Glibberig? Glad? Misschien. Die termen mogen de mensen na mij best gebruiken. De teleurgestelden onder ons zullen het vast niet kunnen laten (maar die zijn als het goed is nu al afgehaakt en zij krijgen na mij volop de ruimte hun mening te spuien, of moet ik zeggen hun gal?).
Het zij zo, ik ga vrolijk door met Colour Of The Night. Pianospel verzorgt het intro en de galm van Anderson volgt. Het ontpopt zich als een klein gehouden nummer met toevoeging van een cello en akoestische gitaar. Misschien ben ik gewoon in een romantische dromerige bui op moment van schrijven, maar ik vind dit dus echt een mooi liedje. Klein maar fijn en o zo lief.
The More We Possess The Less We Own Of Ourselves begint melancholisch en borduurt daarmee mooi voort op Colour of the Night. Zwierig zetten de strijkers in. Doet u mee op dit walsje? Dan zwieren we samen de nacht in. Er hangt romantiek in de lucht en dat vieren we. Hier is aERo wel dol op! Mooie opbouw ook: goed gedaan jochie!
Ebony is weer wat meer rechttoe rechtaan pop/rock. O nee, softer dan soft rock. Maar ook hier is het voor mij gewoon verstand op nul en simpelweg wegdromen bij deze simpele maar toch zeker doeltreffende klanken.
Ook afsluiter Song For My Father is niet van plan om eens flink de pan uit te rocken of eens lekker extreem te gaan. Het sluit naadloos aan bij de 10 voorgangers. Hiermee komt het eerste solo-werk van Brett Anderson ten einde en wel op een zeer mooie manier.

Misschien is de wijn me naar het hoofd gestegen bij het schrijven van dit stuk, want ik denk dat maar weinig Suede-liefhebbers mee zullen gaan in mijn relaas.
Nu kan mij dat geen ruk schelen. Dan ben ik maar de enige die dit hoog weet te waarderen (krik ik de beoordeling nog wat op tenminste).
Ik snap heel goed dat mensen teleurgesteld zijn. Mag ik iedereen die hier nog aan moet beginnen dan de tip meegeven dit te beluisteren zonder die magistrale band in het achterhoofd.
Schrik je van een naam als George Michael die opdook halverwege mijn stuk, laat dat dan een hint zijn. Natuurlijk is dit geen George. Maar dit heeft wel een soort zelfde portie zoetigheid over zich en daar moet je van houden.
Ik hou er wel degelijk van en kan dit dus ook meer dan goed waarderen. Het kan best zijn dat in de toekomst te veel zoetigheid zijn tol gaat eisen bij mij en in dat geval is er altijd nog een knop om mijn waardering bij te stellen naar beneden. Voor nu kan ik alleen maar zeggen dat ik dit een meer dan heerlijk album vind om naar te luisteren en dat ik niet in alle negatieve verhalen die ik al gelezen heb mee kan gaan.

Brett Anderson - Slow Attack (2009)

poster
4,5
Het regent fijne releases dit najaar. Nadat ik recentelijk al wild enthousiast kon zijn over de nieuwe cd van The Swell Season kunnen we nu ook naar een nieuwe 'herfstplaat' luisteren van mijn oude held Brett Anderson genaamd Slow Attack.
De beste man leverde met Suede een paar geweldige cd's af en de periode erna was het van alles wat met inmiddels al 3 albums op rij in 3 jaar tijd.

Hymn heeft het al in de titel: dit is een lofstuk op muziek voor mij; gedragen piano, prachtig door Brett gezongen en een wonderschone begeleiding. Heel ingetogen en toch op een eigen manier uitbundig. Zo wil ik Brett horen en hij stelt me niet teleur.
Het kan niet op, want Wheatfields is ook zo'n nummer dat mijn goedkeuring kan verdragen. Het nummer heeft een ietwat oosters tintje meegekregen zonder gebruik te maken van de instrumenten dan dan gangbaar zouden zijn (sitar bijvoorbeeld). Ook hier valt op hoe mooi Brett zingt maar waar ik zelf nog veel gevoeliger voor ben is de werkelijk kippenvel bezorgende instrumentatie. Dit is echt heel erg mooi. Nergens over de top of bombastisch en toch ook weer niet minimaal of kaal zoals we hem op de vorige solo-albums ook mee konden maken en wat zeker ook heel goed was.
The Hunted heeft een serene sfeer (of is het mijn zondagochtendgevoel?!). Ook dit is wederom een ijzersterke compositie en het toont aan dat Brett nog lang niet afgeschreven mag worden en dat hij zijn band Suede of Tears niet eens nodig heeft. Als je een mooi gedragen nummer als dit kunt schrijven met halverwege een spannend intermezzo dan hoor je nog steeds tot de grootsten wat mij betreft.
Frozen Roads wordt gedragen door piano. Dat is iets waar ik toch al dol op ben maar ook hier zijn het weer die schitterende klassiek getinte toevoegingen die me heel veel doen. Toen ik dit voor het eerst hoorde ervaarde ik het gelukzalige gevoel dat ook een Antony mij kan bezorgen met zijn nummers. Dit is echt om te huilen zo mooi en het doet me beseffen dat muziek zo veel met je kan doen.
Dit is een absoluut hoogtepunt van het album en een traantje ligt erg dicht op de loer (okee, okee, ze waren er bijna).
U zei dat alleen Antony & the Johnsons dit soort dingen naar buiten kunnen brengen? Ik zeg Antony eat your heart out!
Summer heeft ook een zwaarmoedige toonzetting en klinkt donker terwijl je dat met zo'n titel niet zou vermoeden. Vanaf nu kan ik denk ik alleen nog maar in herhalingen vallen: ik val echt van de ene in de andere verbazing en ik hoor maar geen enkel minpuntje. Dit is de muziek waar ik de laatste jaren zo van ben gaan houden en hoe fijn is het dan dat juist een oude held deze snaar weer weet te raken. Gedragen, ingetogen en vooral heel erg mooi gespeeld en gezongen. Geen noot te veel, geen noot te weinig: alles heeft z'n plek.
Pretty Widows is ook een nummer dat door de piano wordt gedragen waar Anderson helderder dan ooit overheen zingt. Heel subtiel krijgt het begeleiding van allerlei instrumenten: alsof je de herfstblaadjes tinkelend hoort vallen.
Dat tinkelende hoor je ook terug op het wat luchtiger The Swans.
Alhoewel luchtig een niet echt juiste term is. Dit is mist die langzaam verdrijft, mist die het beeld langzaam teruggeeft aan de mensen en het leven langzaam doet ontwaken. Wederom een meeslepend nummer en wat is de begeleidende zang ver op de achtergrond hier mooi zeg! Engeltjes die in je oren piesen zeggen ze toch?! Overigens doet het outro me een beetje denken aan Tower of Strength van The Mission.
Ashes of Us is zeer herkenbaar qua zang: hier komt de 'klagerige' Brett naar voren zoals we hem in de loop der jaren hebben leren kennen. Het combineert mooi met de muziek waardoor het nergens gaat irriteren. Maar wat wil je als je zo'n prachtige cello er doorheen hoort dwarrelen.
Scarecrows and Lilacs gaat van start op gitaar en die draagt het hele nummer. Je wordt er een beetje triestig van en als ik dan naar de hoes kijk dan denk ik 'die past het best bij dit nummer'. Het is een vrij kaal nummer, maar dat past juist goed binnen het hele album want ook hier vergeet Brett niet om er uiterst bescheiden andere instrumenten aan toe te voegen die sfeerverhogend werken zoals piano, blazers en cello. Heel knap dat hij overdreven sentiment weet te vermijden laat staan bombast en dat hij met kleine middelen zo groots weet uit te pakken.
Julian's Eyes moeten een stel zijn om in te verdrinken. Als je nummers als deze weet te schrijven dan moet de inspiratiebron groot geweest zijn. Het nummer klinkt hoopvol, zeker na alle desolate nummers die we hiervoor konden horen.
Tien nummers geweest en nog geen enkele die me minder deed of die me niet wisten te raken op de een of andere manier.
Leave Me Sleeping brengt daar geen verandering in. De piano zorgt er voor dat ik helemaal niet wil slapen. Ik wil dit album nog een keer horen en nog een keer en nog een keer.
Geen idee wat de inspiratiebron is geweest voor deze geweldige artiest maar ik weet wel dat ik zwaar onder de indruk ben.

De titel van het album is Slow Attack en dat is zeer treffend bedacht in dit geval: deze sublieme cd was een slow attack op mijn gemoedstoestand. Ik werd langzaam veroverd, betoverd en overvallen. Brett Anderson heeft hier zijn beste solo-album mee afgeleverd en bewijst dat hij er nog steeds toe doet. Het is geen Suede. Het is geen Dog Man Star. Het is Slow Attack, een album dat regelrecht mijn hart veroverd heeft!

4,5* ........ dik verdiend, met een grote kans op een halfje extra op langere termijn.

Brett Anderson - Wilderness (2008)

poster
4,0
Een bijzonder project dit nieuwe album van Brett Anderson.
Als je een ticket koopt voor zijn concert in London's Mermaid Theatre op 7 juli a.s. dan krijg je dit album er gratis bij op een usb stick.
Vanaf 21 juli zal het album dan op cd uitgebracht worden.
En is het wat? Me dunkt!
De bezetting is minimaal: Anderson speelt piano en soms wat gitaar en de begeleiding bestaat uit die van cellist Amy Langley en zangeres Emmanuelle Seigner verzorgt de gastvocalen op de openingstrack Back to You. Beiden zullen Anderson ook begeleiden tijdens die show waar het publiek dus live kennis maakt met dit schitterende album.
Als je net als ik dol bent op cello en piano dan is dit minimale album zeker wat, maar ik kan me ook voorstellen dat het drama-gehalte misschien wat te hoog is hier en daar. Het zal ongetwijfeld veel fans verder van hem af drijven en er zullen er wel wat aanhaken. Ik blijf de man voorlopig nog wel even volgen want ik kan prima uit de voeten met dit soort werkjes.

Bridget Hayden and the Apparitions - Cold Blows the Rain (2025)

poster
3,5
Als er één perfecte soundtrack bestaat voor het weer van de afgelopen weken (grauw, grijs, nat en geen enkele zon) dan zou het Cold Blows the Rain moeten zijn.

Oude folkliedjes die opnieuw tot leven gewekt worden door Bridget Hayden met haar begeleidingstrio The Apparitions.

De begeleidende promo rept over traditionele volksliederen gevormd door het land en het weer. Mist en motregen in de heuvels rond Todmorden, West Yorkshire in het noorden van Engeland vormen het decor.

Daar valt niets aan toe te voegen: er kan met honderd procent zekerheid gezegd worden dat Bridget geslaagd is om dit te vertalen naar muziek.

Het is een zit, ook al duurt het album maar drie kwartier, en je moet er wel voor in de stemming zijn. Eerlijk is eerlijk: ik ben dat grauwe weer echt helemaal zat en dan helpt het niet om dit dan ook nog eens muzikaal naar binnen te halen, maar prachtig is het zeker wel.

Bright Eyes - Cassadaga (2007)

poster
4,0
Bright Eyes heb ik eigenlijk nooit zo op de voet gevolgd. Ik kon I'm Wide Awake, It's Morning erg goed waarderen, maar verder heb ik nooit zo heel veel belangstelling voor de man getoond.
Ik heb eigenlijk geen idee waarom niet want op zich is het muziek die wel in mijn straatje past.
Maar goed, Cassadaga weet mijn aandacht te trekken en dus mag het ook wel wat aandacht op de site van mijn kant ontvangen. Bij deze.

Een op hol geslagen radio (gesproken tekst, symfonie-orkest) verzorgt de eerste tonen van dit album om vervolgens over te gaan in een country getint, akoestisch nummer. Bevalt me al heel goed moet ik zeggen vooral als het omslaat in een hoop bombast en het nummer haast uit zijn voegen dreigt te scheuren. Gooi alle registers maar open meneer Oberst!
Four Winds klinkt lekker luchtig mede door de country-viool. Hier en daar doet het me een klein beetje denken aan Lloyd Cole & the Commotions, die hadden ook van die doeltreffende liedjes.
If The Brakeman Turns My Way is simpelweg een fantastische song. Het weet me goed mee te slepen en is daardoor zeker een favoriet nummer. Ik moet zeggen dat ik tot nu toe nog weinig saais heb gehoord. Misschien is het allemaal wat degelijker, maar dat vind ik eerlijk gezegd wel zo okee.
Hot Knives is wederom een prima pakkend nummertje, nergens experimenteel of moeilijk doenerig, maar gewoon uitstekende kwaliteit. Een beetje het vakmanschap in het schrijven van liedjes zoals een band als Belle & Sebastian dat ook kan (ook al lijkt het er niet op).
Make A Plan To Love Me heeft een schitterend intro. Lieflijk en romantisch zou ik het haast wel willen noemen. Misschien bedoelen anderen dat nu juist met saai, maar ik ervaar dat dus geheel anders. Misschien ietwat te zoet, maar ik ben dol op zoetigheid, dus kom maar op. Heerlijk nummer.
Soul Singer In A Session Band valt weer in de categorie: lekker liedje dat zich snel in je hoofd nestelt. En meedeinen maar. Oei, moet ik dit nu wel zo zeggen? Gaan mensen nu hun wenkbrauwen fronsen? Zou best kunnen, maar ik vind dit dus gewoon heel erg prettig om naar te luisteren.
Classic Cars is degelijk maar wel iets minder opvallend. Een nummer dat misschien nog moet rijpen of dat ik na langere tijd als skipnummer ga beschouwen.
Het akoestisch getinte Middleman behoort niet tot die categorie. Ik ben al blij dat de viool weer zo'n hoofdrol speelt. Ook dat is wel een pré op dit album denk ik, ik ben er dol op als dit instrument een grote rol toebedeeld krijgt in muziek.
Cleanse Song is op zich een uitstekend nummer, maar vooralsnog weet het me nog iets minder te grijpen ondanks de kleine leuke zijwegen die het nummer instrumentaal gezien soms begaat. Als dit de nummers zijn waar de aandacht van mijn mume-collega's wat verslapt dan kan ik daar enigszins inkomen waarmee ik niet zeg dat het een minder of slecht nummer is overigens.
No One Would Riot For Less heeft een melancholische ondertoon en kabbelt wat voort. En net als je denkt nu sukkelt het te veel in dan krijgt het nummer toch nog een impuls waardoor het gelukkig op de (gehoor-)weg weet blijven te hangen.
Coat Check Dream Song valt ook wat minder op en zorgt voor het eerst voor het gevaar waar mijn voorgangers ook al op wezen. De aandacht kan hier verslappen. Op zich zitten er genoeg spannende momenten in het nummer, maar op de een of andere manier is het gewoon oppassen geblazen dat je niet te veel afgeleid gaat worden.
I Must Belong Somewhere is een degelijk en vrolijk up-tempo nummer. Badly Drawn Boy vind ik ook zo'n artiest die schitterende nummers schrijft maar die op de een of andere manier toch ook weer niet heel erg goed beklijven. Dit nummer van Bright Eyes is er ook zo eentje. Ik vind het een prima nummer, maar het gaat ook een klein beetje aan me voorbij af en toe. Er lijkt een soort vermoeidheid op te treden bij mij.
Gelukkig sluit Lime Tree uitstekend af en heeft het haast iets Damien Rice-achtigs (Bright Eyes fans die niet van deze vergelijking willen horen vergeef het mij).
Hiermee valt de balans zeer zeker positief uit voor dit album. Op sommige momenten hoor ik nummers die echt een dikke 4,5 waard zijn en op andere momenten lukt dat wat minder en kom ik uit op drietjes. Alles wikkend en wegend beoordeel ik dit album dan ook met een kleine 4*. En laten we eerlijk zijn: dat is niet bepaald slecht te noemen.