Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.
Grease (1978)

3,5
0
geplaatst: 24 juni 2011, 23:57 uur
Mijn eerste echte elpee.
Er waren al albums gekocht van Disney tunes en Vader Abraham en de Smurfen.
Maar ik wilde de muziek hebben die aan de andere kant van de muur gedraaid werd.
Boven mijn bed hing op het plafond een vergeelde uitgescheurde poster uit de Micro gids.
Op de kermis gewonnen buttons op een goedkoop spijkerjasje.
Grease is the word.
Hoe leg je als vijfjarige kleuter nou uit welke muziek je wilt hebben.
Daar had ik toch echt het oudere buurmeisje voor nodig.
Samen naar de lokale platenboer.
Trots op mijn eerste aankoop.
Al was het geld door ouders toe gestopt.
Olivia en John waren mijn idolen.
De meest coole personen op aarde.
Overal klonk muziek uit deze film.
Bij de slager, kapper en bakker.
Iedereen zong het mee.
Een nieuwe wereld openbaarde zich.
Het ultieme universele gevoel.
John Travolta was mijn Elvis Presley.
Frankie Valli opper Beatle John Lennon.
Rock & Roll op kleuterschool nivo.
Er was nog geen K3 of Justin Bieber.
Het toneelstukje werd nog opgevoerd door echte acteurs.
Dit zijn de eerste stappen.
Nog regelmatig zou ik vallen.
De ene tieneridool na de andere.
Dolly Dots, Madonna, Paul Young, Doe Maar en Duran Duran.
Allen staarden naar mij.
Vanuit de muren van een kinderkamer.
Oorsprong van de verslaving van een muziekliefhebber.
Er waren al albums gekocht van Disney tunes en Vader Abraham en de Smurfen.
Maar ik wilde de muziek hebben die aan de andere kant van de muur gedraaid werd.
Boven mijn bed hing op het plafond een vergeelde uitgescheurde poster uit de Micro gids.
Op de kermis gewonnen buttons op een goedkoop spijkerjasje.
Grease is the word.
Hoe leg je als vijfjarige kleuter nou uit welke muziek je wilt hebben.
Daar had ik toch echt het oudere buurmeisje voor nodig.
Samen naar de lokale platenboer.
Trots op mijn eerste aankoop.
Al was het geld door ouders toe gestopt.
Olivia en John waren mijn idolen.
De meest coole personen op aarde.
Overal klonk muziek uit deze film.
Bij de slager, kapper en bakker.
Iedereen zong het mee.
Een nieuwe wereld openbaarde zich.
Het ultieme universele gevoel.
John Travolta was mijn Elvis Presley.
Frankie Valli opper Beatle John Lennon.
Rock & Roll op kleuterschool nivo.
Er was nog geen K3 of Justin Bieber.
Het toneelstukje werd nog opgevoerd door echte acteurs.
Dit zijn de eerste stappen.
Nog regelmatig zou ik vallen.
De ene tieneridool na de andere.
Dolly Dots, Madonna, Paul Young, Doe Maar en Duran Duran.
Allen staarden naar mij.
Vanuit de muren van een kinderkamer.
Oorsprong van de verslaving van een muziekliefhebber.
Green Day - American Idiot (2004)

3,5
0
geplaatst: 26 juni 2010, 21:44 uur
Wat een genot dat vader en zoon Bush president zijn geweest.
Ik ben ze voor eeuwig dankbaar.
Dankzij hun een mooie opleving in de punk.
Pa Bush die Bad Religion wakker schudde.
NOFX die spontaan de puberteit afsloot.
The Decline als voorbode.
En nu dan Green Day.
Masturbatie fase voorbij.
Beleid van zoon Bush afkeurend.
Zoals men van mij verwacht een persoonlijke kijk op American Idiot.
Amerikaanse troepen in Afghanistan.
Jimmy die zich vrijwillig inschrijft bij het leger.
Lekker naar Zuid Azië.
Het ultieme vakantiegevoel.
Zonnen en ondertussen eventjes de chaos herstellen.
Op handen gedragen door het thuisfront.
Groot afscheidsfeest.
Gevoel van heiligverklaring.
Ego groter dan dat Jezus.
De held van een kleine voorstad.
In gedachten al bezig met de vreedzame afloop.
Situaties veranderen.
Meer body bags dan eervol ontslag.
Medaillons postuum overgedragen aan treurende jonge weduwes.
Terwijl de gekte op het slagveld overheerst.
Via You Tube op de hoogte van anti demonstraties.
Lukraak om zich heen schietend.
Slachtoffers aan beide zijdes.
Grootste vijand is het verkeerd gecreëerd zelfbeeld.
Aangepraat vanuit een hoge positie in een groot Wit Huis.
Verkrachting en zelfmoord percentages verdubbelen.
Drugsgebruik om te vergeten.
Strijdend tegen de laatste maanden.
Deadline eind September.
Geen groots ontvangst bij thuiskomst.
Verzet tegen het beleid.
Schuldige vingers die kleineren.
Niet meer terug te draaien keuze.
Met minimaal resultaat.
Was het dit waard?
Billie Joe als dagboekgetuige.
Mee kijkend over de schouder van Jimmy.
Beschermengel als roepende rockster.
Onderschepte brieven die inslaan als een bom.
Samengevat in een muzikaal verslag.
Green Day die samen met deze soldaat ongewild volwassen wordt.
Ik ben ze voor eeuwig dankbaar.
Dankzij hun een mooie opleving in de punk.
Pa Bush die Bad Religion wakker schudde.
NOFX die spontaan de puberteit afsloot.
The Decline als voorbode.
En nu dan Green Day.
Masturbatie fase voorbij.
Beleid van zoon Bush afkeurend.
Zoals men van mij verwacht een persoonlijke kijk op American Idiot.
Amerikaanse troepen in Afghanistan.
Jimmy die zich vrijwillig inschrijft bij het leger.
Lekker naar Zuid Azië.
Het ultieme vakantiegevoel.
Zonnen en ondertussen eventjes de chaos herstellen.
Op handen gedragen door het thuisfront.
Groot afscheidsfeest.
Gevoel van heiligverklaring.
Ego groter dan dat Jezus.
De held van een kleine voorstad.
In gedachten al bezig met de vreedzame afloop.
Situaties veranderen.
Meer body bags dan eervol ontslag.
Medaillons postuum overgedragen aan treurende jonge weduwes.
Terwijl de gekte op het slagveld overheerst.
Via You Tube op de hoogte van anti demonstraties.
Lukraak om zich heen schietend.
Slachtoffers aan beide zijdes.
Grootste vijand is het verkeerd gecreëerd zelfbeeld.
Aangepraat vanuit een hoge positie in een groot Wit Huis.
Verkrachting en zelfmoord percentages verdubbelen.
Drugsgebruik om te vergeten.
Strijdend tegen de laatste maanden.
Deadline eind September.
Geen groots ontvangst bij thuiskomst.
Verzet tegen het beleid.
Schuldige vingers die kleineren.
Niet meer terug te draaien keuze.
Met minimaal resultaat.
Was het dit waard?
Billie Joe als dagboekgetuige.
Mee kijkend over de schouder van Jimmy.
Beschermengel als roepende rockster.
Onderschepte brieven die inslaan als een bom.
Samengevat in een muzikaal verslag.
Green Day die samen met deze soldaat ongewild volwassen wordt.
Green Day - Dookie (1994)

4,0
0
geplaatst: 1 mei 2010, 14:35 uur
Green Day in Doornroosje Nijmegen.
Mei 1994.
De vooravond van de grote doorbraak.
Longview komt de Tipparade binnen.
Geen kaartje gekocht.
Op goed geluk naar Nijmegen.
Niet eens uitverkocht.
Zover ik weet hun enige concert rond die tijd in Nederland.
Geweldig concert.
Strak spelende band.
Dankzij de toegift nog een mooie reis voor de boeg.
15 kilometer wandelen in de buitenlucht.
Vanwege het bewust missen van de laatste bus.
Maar ik heb het er voor over.
Dookie is het logische vervolg op Kerplunk.
Wat al een favoriet was bij de punk minded klasgenoten.
Het sterkste nummer Welcome To Paradise past in de vernieuwde versie prima op Dookie.
Zelfs Ernie van Sesamstraat is een groot fan.
En verleent zijn medewerking door te poseren voor de achterkant van de albumhoes.
De nummers zijn allemaal pakkend.
Vreemd genoeg wordt Longview de eerste single.
Terwijl de albumversie met intro Chump veel sterker is.
Het leek mij een verkeerde keuze.
Je valt nu zo halverwege binnen.
Zonder kloppen de deur openen.
Het slaat echter in als een bom.
Succes dat vervolgt wordt met Basket Case.
Pas daarna wordt pas het hoogtepunt op single gezet.
When I Come Around.
De toon is een stuk serieuzer.
Voor mij zal dit een klassieker blijven.
De herinnering aan die voettocht van een kleine drie uur.
Eenzaam midden in de nacht.
Bij het volgende Nederlandse optreden in de Melkweg zou de VPRO opnames maken.
Billy Joe Armstrong scheurde echter na het spelen van drie zijn enkelbanden toen hij over een technicus struikelde.
Einde concert.
Mei 1994.
De vooravond van de grote doorbraak.
Longview komt de Tipparade binnen.
Geen kaartje gekocht.
Op goed geluk naar Nijmegen.
Niet eens uitverkocht.
Zover ik weet hun enige concert rond die tijd in Nederland.
Geweldig concert.
Strak spelende band.
Dankzij de toegift nog een mooie reis voor de boeg.
15 kilometer wandelen in de buitenlucht.
Vanwege het bewust missen van de laatste bus.
Maar ik heb het er voor over.
Dookie is het logische vervolg op Kerplunk.
Wat al een favoriet was bij de punk minded klasgenoten.
Het sterkste nummer Welcome To Paradise past in de vernieuwde versie prima op Dookie.
Zelfs Ernie van Sesamstraat is een groot fan.
En verleent zijn medewerking door te poseren voor de achterkant van de albumhoes.
De nummers zijn allemaal pakkend.
Vreemd genoeg wordt Longview de eerste single.
Terwijl de albumversie met intro Chump veel sterker is.
Het leek mij een verkeerde keuze.
Je valt nu zo halverwege binnen.
Zonder kloppen de deur openen.
Het slaat echter in als een bom.
Succes dat vervolgt wordt met Basket Case.
Pas daarna wordt pas het hoogtepunt op single gezet.
When I Come Around.
De toon is een stuk serieuzer.
Voor mij zal dit een klassieker blijven.
De herinnering aan die voettocht van een kleine drie uur.
Eenzaam midden in de nacht.
Bij het volgende Nederlandse optreden in de Melkweg zou de VPRO opnames maken.
Billy Joe Armstrong scheurde echter na het spelen van drie zijn enkelbanden toen hij over een technicus struikelde.
Einde concert.
Green Day - Revolution Radio (2016)

2,5
0
geplaatst: 7 oktober 2016, 00:44 uur
Het punkgeluid is op zich wel weer aanwezig, maar Green Day heeft het niet meer nodig om tegen de politiek aan te schoppen (American Idiot), of om de masturberende puber uit te hangen (Dookie).
Rond de twintig jaar vond ik dit wel leuk, maar nu vraag ik mij af of de wereld eigenlijk nog wel behoefte heeft aan Green Day.
Eigenlijk hetzelfde wat ik ervaarde bij Heideroosjes; die leden werden ook volwassen, kregen kinderen en hadden meer behoefte aan een andere invulling van het leven.
Alleen de zanger geloofde er nog in; dat gevoel heb ik hier ook steeds sterker.
Jaren 90 punkrock was vooral leuk in de jaren 90, en wat heb ik er toen van genoten, maar tegenwoordig vraag ik mij steeds meer af of er nog een markt is voor deze bands, en dan noem ik ook NOFX en The Offspring.
De geweldige opleving van Green Day in 2004 was hier een uitzondering op, maar dat konden ze niet vast houden.
Dat is wat Revolution Radio mij op een pijnlijke manier duidelijk maakt.
Rond de twintig jaar vond ik dit wel leuk, maar nu vraag ik mij af of de wereld eigenlijk nog wel behoefte heeft aan Green Day.
Eigenlijk hetzelfde wat ik ervaarde bij Heideroosjes; die leden werden ook volwassen, kregen kinderen en hadden meer behoefte aan een andere invulling van het leven.
Alleen de zanger geloofde er nog in; dat gevoel heb ik hier ook steeds sterker.
Jaren 90 punkrock was vooral leuk in de jaren 90, en wat heb ik er toen van genoten, maar tegenwoordig vraag ik mij steeds meer af of er nog een markt is voor deze bands, en dan noem ik ook NOFX en The Offspring.
De geweldige opleving van Green Day in 2004 was hier een uitzondering op, maar dat konden ze niet vast houden.
Dat is wat Revolution Radio mij op een pijnlijke manier duidelijk maakt.
Green on Red - Gas Food Lodging (1985)

3,5
0
geplaatst: 15 april 2017, 01:47 uur
The Dream Syndicate, Camper Van Beethoven en Green on Red ontstonden rond dezelfde tijd, ergens rond begin jaren 80.
Deze bands nooit live gezien, maar wel frontmannen van deze bands; David Lowery, Steve Wynn en Chuck Prophet, die dus ook ouder werk lieten horen.
Toch wel degelijk onderlinge verschillen, maar ook veel raakvlakken.
Toen werd het al snel Paisley Underground genoemd, het heeft raakvlakken met The Byrds en Buffalo Springfield, vanwege hun samenzang en country en rock invloeden met de nodige dosis psychedelica.
The Rolling Stones waren ook op hun best toen ze deze invloeden in hun muziek verwerkten, dus je mag het best breder zien.
Sea of Cortez; is die titel afgeleid van Cortez The Killer van Neil Young?
Lijkt mij wel logisch, ook het gitaarspel doet er aan denken.
Hierbij hoor je in het orgeltje ook The Doors invloeden terug.
Eigenlijk is het gewoon prima gitaarmuziek, bands als R.E.M. en The Bangles werden succesvol, en hadden steeds minder met dit geluid te maken.
Bij Gas Food Lodging van Green On Red hoor je veel herhalende riffs, mooi gitaarspel met eigenlijk een veel breder en warmer geluid, bijna folk achtig.
De sfeer die hier wordt neer gezet, hoor ik later weer terug bij Out Of Time van R.E.M., en dan is de cirkel weer rond.
Ik heb het idee dat Gas Food Lodging best een invloedrijke plaat is geweest, ook voor latere bands als Mazzy Star en Soul Asylum.
Deze bands nooit live gezien, maar wel frontmannen van deze bands; David Lowery, Steve Wynn en Chuck Prophet, die dus ook ouder werk lieten horen.
Toch wel degelijk onderlinge verschillen, maar ook veel raakvlakken.
Toen werd het al snel Paisley Underground genoemd, het heeft raakvlakken met The Byrds en Buffalo Springfield, vanwege hun samenzang en country en rock invloeden met de nodige dosis psychedelica.
The Rolling Stones waren ook op hun best toen ze deze invloeden in hun muziek verwerkten, dus je mag het best breder zien.
Sea of Cortez; is die titel afgeleid van Cortez The Killer van Neil Young?
Lijkt mij wel logisch, ook het gitaarspel doet er aan denken.
Hierbij hoor je in het orgeltje ook The Doors invloeden terug.
Eigenlijk is het gewoon prima gitaarmuziek, bands als R.E.M. en The Bangles werden succesvol, en hadden steeds minder met dit geluid te maken.
Bij Gas Food Lodging van Green On Red hoor je veel herhalende riffs, mooi gitaarspel met eigenlijk een veel breder en warmer geluid, bijna folk achtig.
De sfeer die hier wordt neer gezet, hoor ik later weer terug bij Out Of Time van R.E.M., en dan is de cirkel weer rond.
Ik heb het idee dat Gas Food Lodging best een invloedrijke plaat is geweest, ook voor latere bands als Mazzy Star en Soul Asylum.
Greg Dulli - Greg Dulli's Amber Headlights (2005)

4,0
0
geplaatst: 4 februari 2016, 01:06 uur
Vandaag voor het eerst gehoord, en wat is dit weer een heerlijk product van Greg Dulli.
Het opent behoorlijk energiek; zelfs wat heavy.
De soul is zoals altijd aanwezig in zijn stem, maar ook nu is er behoorlijk veel swing aanwezig.
Zelfs dansbaar.
Eigenlijk gaan we op deze toon verder.
Greg Dulli is een volksheld, net als Andre Hazes.
Iemand die over de zelfkant zingt; mislukte relaties, drank misbruik, en alles wat daar bij in de buurt komt.
Er zit een geloofwaardigheid en zijn toch wel zware onderwerpen, waardoor je hem wilt omarmen, en hem als trouwe blindengeleidehond de juiste richting op probeert te duwen.
De sympathie voor de angst die velen van ons hebben, het bewandelen van de verkeerde kant van het maatschappelijk vastgesteld denkbeeldig lijntje.
Amber Headlights is eigenlijk de opvolger van het debuut van The Twilight Singers, maar het lijkt dat Dulli uiteindelijk liever in groepsverband verder ging, misschien doordat dan wat minder de nadruk op hem persoonlijk komt te liggen, maar dat hij een element van de band is.
Een teamspeler; geen spits.
Dit album ontbreekt nog in mijn verzameling, maar zou er prima tussen passen.
Dulli heeft mij nooit teleur gesteld; en ook nu niet.
Het opent behoorlijk energiek; zelfs wat heavy.
De soul is zoals altijd aanwezig in zijn stem, maar ook nu is er behoorlijk veel swing aanwezig.
Zelfs dansbaar.
Eigenlijk gaan we op deze toon verder.
Greg Dulli is een volksheld, net als Andre Hazes.
Iemand die over de zelfkant zingt; mislukte relaties, drank misbruik, en alles wat daar bij in de buurt komt.
Er zit een geloofwaardigheid en zijn toch wel zware onderwerpen, waardoor je hem wilt omarmen, en hem als trouwe blindengeleidehond de juiste richting op probeert te duwen.
De sympathie voor de angst die velen van ons hebben, het bewandelen van de verkeerde kant van het maatschappelijk vastgesteld denkbeeldig lijntje.
Amber Headlights is eigenlijk de opvolger van het debuut van The Twilight Singers, maar het lijkt dat Dulli uiteindelijk liever in groepsverband verder ging, misschien doordat dan wat minder de nadruk op hem persoonlijk komt te liggen, maar dat hij een element van de band is.
Een teamspeler; geen spits.
Dit album ontbreekt nog in mijn verzameling, maar zou er prima tussen passen.
Dulli heeft mij nooit teleur gesteld; en ook nu niet.
Greg Sage - Straight Ahead (1985)

4,0
0
geplaatst: 25 april 2007, 16:47 uur
Heerlijke muziek, wel wat anders dan Wipers, terwijl dat toch ook merendeel het project is van Greg Sage. Een aanrader voor mensen die van rustige gitaarpop houden. Ik vergelijk het zelfs met Lucky Jim van The Gun Club. Ook vrij onbekend, maar lekker relaxed.
Ik kan het zelfs aan raden om eerst dit album te beluisteren, en vervolgens de overstap naar Wipers te maken.
Zweverig, maar toch met een punk randje.
Wat had ik deze muziek graag wat eerder leren kennen.
Geeft die man eigenlijk nog concerten??
Lijkt mij live ook de moeite waard.
Ik kan het zelfs aan raden om eerst dit album te beluisteren, en vervolgens de overstap naar Wipers te maken.
Zweverig, maar toch met een punk randje.
Wat had ik deze muziek graag wat eerder leren kennen.
Geeft die man eigenlijk nog concerten??
Lijkt mij live ook de moeite waard.
Gregory Alan Isakov - Appaloosa Bones (2023)

4,0
4
geplaatst: 30 augustus 2023, 20:20 uur
Hoe mooi is het als je van een hobby je beroep kan maken. Bij Gregorius Alan Isakov zit het zelfs nog wat aangenaam complexer in elkaar. Zijn liefde voor de tuinbouw brengt hem bij de idealistische Naropa University te Boulder. Deze volgens de boeddhistische visie opgezette leerschool staat vooral bij het spirituele immateriële aspect stil. Niet vreemd dus dat hij de opbrengst van de Big Black Car song voor een McDonald’s commercial aan non-profitorganisaties doneert die duurzame landbouw projecten opzetten. Want daar ligt die andere interesse van deze sociaal bewogen activist in ruste, bij het maken van muziek.
De van oorsprong Zuid Afrikaanse singer-songwriter verhuist op zeer jeugdige leeftijd naar het zeer muzikale ingestelde Philadelphia waar hij als jonge indiefolky aan de slag gaat. De carrière van deze gitarist verloopt zeker in het begin wat moeizaam, waardoor Gregorius Alan Isakov genoodzaakt zijn platen in eigen beheer uitbrengt en het onafhankelijke Suitcase Town Music label opstart. Hoe bijzonder is het dat zijn Evening Machines plaat als beste folk album voor een Grammy Award genomineerd wordt en dat hij de mogelijkheid krijgt om met het Colorado Symphony orkest te werken. Zijn volwaardige zesde studioschijf Appaloosa Bones verschijnt onder het toeziende oog van de MNRK Muziekgroep en doorbreekt de vijfjarige stilte hiaat.
In de tussentijd is hij in Colorado op zijn biologische boerderij actief, bezorgt hij als leverancier zijn consumptie producten bij de plaatselijke winkels en richt hij zich tevens op de sociaal minde gestelde gemeenschap door goederen aan de voedselbank te schenken. Het levert hem genoeg rijke levenservaringen, ontroerende verhalen en overige bezieling op die hij op Appaloosa Bones in songs omzet. Het is aan de ene kant hierdoor niet zijn meest persoonlijke plaat geworden, anderzijds staat het juist heel dicht bij zijn maatschappelijke betrokkenheid. Hier ligt zijn toewijding, zijn hart waardoor je juist nog meer inzicht in de persoon Gregorius Alan Isakov krijgt. Op Appaloosa Bones brengt hij ruim vijfendertig geschreven nummers tot een overzichtelijk elftal terug. Het is de kracht en waardige taak van Andrew Berlin om dit te coördineren, en in zijn studioschuur met de juiste bevriende muzikanten die landelijke sfeer te creëren.
Het vanuit de gospel opbouwende The Fall staat bij het moment stil dat de wereldeconomie in elkaar dondert en het onstuimige klimaat niet meer beheersbaar is. Als zelfstandige boer is Gregorius Alan Isakov afhankelijk van de export, en als grondstoffen door de pandemie niet meer aangeleverd worden heeft dit verregaande gevolgen voor deze hardwerkende agrariër. Probeer je dan nog maar staande te houden. Vallen en langzaam weer opstaan, opnieuw vallen en opnieuw overeind krabbelen. De instrumentatie bouwt zich rond onstuimig pianospel en hard neerslaande drumslagen op. Gregorius Alan Isakov wisselt hoge falsetto zangpartijen met de krachtig verhalende diepte van zijn stem af.
Gedirigeerde woeste oceanen vloedgolven keren zich in het slepende trage Mistakes tegen de mensheid. De wiegende One Day wals is de rustgevende tegenreactie als het wassende water zich bij eb verliezend terugtrekt, de wind perst er nog een laatste zucht uit. De link naar de Bijbelse plagen die Egypte teisteren is gemakkelijk te weerleggen, ook nu speelt de aarde met onze destructieve overheersende zelfvoorzieningsmacht. De verstoorde natuur heeft tevens zijn neerslag op het persoonlijke bestaan van Gregorius Alan Isakov. Uitgehongerde coyotes vallen in Watchman zijn schapenkudde aan. Verzachtende keuvelende banjopartijen staan voor de nietsvermoedende dieren welke door beestachtig hard postpunk gitaargeweld overvallen worden. Het is de taak van pianist Leif Vollebekk om deze dwarse tegenstrijdigheden dichter bij elkaar te brengen.
De relativerende onheilspellende Before the Sun verdoemenis heeft die traditionele country vibe waarin zijn banjospel de hoofdrol opeist. Je kan niet in een zwervende spokende Silver Bell pelgrimstocht aan de werkelijkheid ontsnappen, blijven ontvluchten in de hoop dat je de dreigende ellende voor blijft. De botten van een versleten zachtaardig vriendelijk westernpaard dragen je in het Appaloosa Bones titelnummer naar huis. Te moe om te reizen, te oud voor een nieuw onzeker avontuur. Het geeft perfect dat strijdende gevoel van die kansloze verharde cowboy overlevingsdrang weer. Een publieksfavoriet welke live al een tijdje gespeeld wordt. De wereldsteden staan in brand en voeden zich met haat en afgunst. In het beschouwende Feed Your Horses soulgospel bekijkt Gregorius Alan Isakov die dramatische ontwikkeling vanuit een beschouwende afstand, keert deze de rug toe en gaat rustig verder met het voeren van zijn paarden.
Gastvocalist Aoife O’Donovan trekt nomade track Miles To Go naar haar toe, samen met die noemenswaardige andere achtergrondzangeres Bonnie Paine krijgt ze genoeg momenten toegedeeld om te schitteren. Toch is het lapsteel gitarist Danny Black die in het eenzame heimweeverlangen hierbij de jammerende sfeertragiek voor zijn rekening neemt. Sweet Heat Lightning benoemd de leegte van het ouderlijke huis. Onbewoonbaar verklaard voor de naar nostalgie hunkerende Gregorius Alan Isakov. Het is prachtig hoe hij die Terlingua natuurromantiek vorm geeft. Ja, dan moet je wel iets met de flora en fauna hebben, anders krijg je het niet klaar om die beeldende reactie op te roepen. De fluwelen strijkers raken de song amper aan, maar geven het net die liefhebbende aanraking mee. Die subtiliteit vat de sobere begeleidende Appaloosa Bones Americana countryfolk kern mooi samen.
Gregory Alan Isakov - Appaloosa Bones | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
De van oorsprong Zuid Afrikaanse singer-songwriter verhuist op zeer jeugdige leeftijd naar het zeer muzikale ingestelde Philadelphia waar hij als jonge indiefolky aan de slag gaat. De carrière van deze gitarist verloopt zeker in het begin wat moeizaam, waardoor Gregorius Alan Isakov genoodzaakt zijn platen in eigen beheer uitbrengt en het onafhankelijke Suitcase Town Music label opstart. Hoe bijzonder is het dat zijn Evening Machines plaat als beste folk album voor een Grammy Award genomineerd wordt en dat hij de mogelijkheid krijgt om met het Colorado Symphony orkest te werken. Zijn volwaardige zesde studioschijf Appaloosa Bones verschijnt onder het toeziende oog van de MNRK Muziekgroep en doorbreekt de vijfjarige stilte hiaat.
In de tussentijd is hij in Colorado op zijn biologische boerderij actief, bezorgt hij als leverancier zijn consumptie producten bij de plaatselijke winkels en richt hij zich tevens op de sociaal minde gestelde gemeenschap door goederen aan de voedselbank te schenken. Het levert hem genoeg rijke levenservaringen, ontroerende verhalen en overige bezieling op die hij op Appaloosa Bones in songs omzet. Het is aan de ene kant hierdoor niet zijn meest persoonlijke plaat geworden, anderzijds staat het juist heel dicht bij zijn maatschappelijke betrokkenheid. Hier ligt zijn toewijding, zijn hart waardoor je juist nog meer inzicht in de persoon Gregorius Alan Isakov krijgt. Op Appaloosa Bones brengt hij ruim vijfendertig geschreven nummers tot een overzichtelijk elftal terug. Het is de kracht en waardige taak van Andrew Berlin om dit te coördineren, en in zijn studioschuur met de juiste bevriende muzikanten die landelijke sfeer te creëren.
Het vanuit de gospel opbouwende The Fall staat bij het moment stil dat de wereldeconomie in elkaar dondert en het onstuimige klimaat niet meer beheersbaar is. Als zelfstandige boer is Gregorius Alan Isakov afhankelijk van de export, en als grondstoffen door de pandemie niet meer aangeleverd worden heeft dit verregaande gevolgen voor deze hardwerkende agrariër. Probeer je dan nog maar staande te houden. Vallen en langzaam weer opstaan, opnieuw vallen en opnieuw overeind krabbelen. De instrumentatie bouwt zich rond onstuimig pianospel en hard neerslaande drumslagen op. Gregorius Alan Isakov wisselt hoge falsetto zangpartijen met de krachtig verhalende diepte van zijn stem af.
Gedirigeerde woeste oceanen vloedgolven keren zich in het slepende trage Mistakes tegen de mensheid. De wiegende One Day wals is de rustgevende tegenreactie als het wassende water zich bij eb verliezend terugtrekt, de wind perst er nog een laatste zucht uit. De link naar de Bijbelse plagen die Egypte teisteren is gemakkelijk te weerleggen, ook nu speelt de aarde met onze destructieve overheersende zelfvoorzieningsmacht. De verstoorde natuur heeft tevens zijn neerslag op het persoonlijke bestaan van Gregorius Alan Isakov. Uitgehongerde coyotes vallen in Watchman zijn schapenkudde aan. Verzachtende keuvelende banjopartijen staan voor de nietsvermoedende dieren welke door beestachtig hard postpunk gitaargeweld overvallen worden. Het is de taak van pianist Leif Vollebekk om deze dwarse tegenstrijdigheden dichter bij elkaar te brengen.
De relativerende onheilspellende Before the Sun verdoemenis heeft die traditionele country vibe waarin zijn banjospel de hoofdrol opeist. Je kan niet in een zwervende spokende Silver Bell pelgrimstocht aan de werkelijkheid ontsnappen, blijven ontvluchten in de hoop dat je de dreigende ellende voor blijft. De botten van een versleten zachtaardig vriendelijk westernpaard dragen je in het Appaloosa Bones titelnummer naar huis. Te moe om te reizen, te oud voor een nieuw onzeker avontuur. Het geeft perfect dat strijdende gevoel van die kansloze verharde cowboy overlevingsdrang weer. Een publieksfavoriet welke live al een tijdje gespeeld wordt. De wereldsteden staan in brand en voeden zich met haat en afgunst. In het beschouwende Feed Your Horses soulgospel bekijkt Gregorius Alan Isakov die dramatische ontwikkeling vanuit een beschouwende afstand, keert deze de rug toe en gaat rustig verder met het voeren van zijn paarden.
Gastvocalist Aoife O’Donovan trekt nomade track Miles To Go naar haar toe, samen met die noemenswaardige andere achtergrondzangeres Bonnie Paine krijgt ze genoeg momenten toegedeeld om te schitteren. Toch is het lapsteel gitarist Danny Black die in het eenzame heimweeverlangen hierbij de jammerende sfeertragiek voor zijn rekening neemt. Sweet Heat Lightning benoemd de leegte van het ouderlijke huis. Onbewoonbaar verklaard voor de naar nostalgie hunkerende Gregorius Alan Isakov. Het is prachtig hoe hij die Terlingua natuurromantiek vorm geeft. Ja, dan moet je wel iets met de flora en fauna hebben, anders krijg je het niet klaar om die beeldende reactie op te roepen. De fluwelen strijkers raken de song amper aan, maar geven het net die liefhebbende aanraking mee. Die subtiliteit vat de sobere begeleidende Appaloosa Bones Americana countryfolk kern mooi samen.
Gregory Alan Isakov - Appaloosa Bones | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Greys - Age Hasn't Spoiled You (2019)

4,0
1
geplaatst: 7 oktober 2020, 07:57 uur
Greys maakt met Age Hasn’t Spoiled You een kamikazesprong zonder parachute. De overstuurde explosie van A-440 zet je gelijk al op het verkeerde spoor. Waar hebben we hier in hemelsnaam mee te maken? Deze uit Toronto afkomstige rockers zoeken met gestrekt been hard de confrontatie op. Al piepend wordt de gehoorgang bloot gelegd aan nagalmende herrie, om vervolgens over te gaan in het trage tegen de Nu-Metal nieuwe stijl aanleunende laag gestemde basklanken van Arc Light. Ondanks het motorolievette industriële geluid willen ze verantwoord heerlijk log om zich heen slaan. Dat hun muzikale catalogus verder rijkt dan minder toegankelijke metal is al direct hoorbaar. Het wil allemaal net een tikkeltje meer grooven en funken in het potige, druggy Constant Pose. Op het moment dat je de band netjes denk in te delen tussen zompige, Amerikaanse metal bands, distantiëren ze zich van deze sound door met These Things Happen via big beat aansluiting te vinden bij harmonieuze meerstemmige Britpop.
Ego trippend laten ze vervolgens horen waartoe ze verder nog allemaal toe in staat blijken te zijn. Zit je als luisteraar nog beklemmend gevangen in de psychedelica, dan heeft Greys alweer een flinke stap gemaakt. Dit is als schaken met voorkennis. Onnavolgbaar wordt er een spelletje op het zintuigelijke gehoorvermogen uitgevoerd. Met vooruitziende blik wordt de waarneming bedrogen. Met gemak wordt het tempo opgevoerd tot een hoog beats per minute gehalte, zonder enige aarzeling in het slagtreffende drumwerk van Kill Appeal. Deze postpunk benadering wordt relaxed afgeremd door dromerige gitaarstukken, om vervolgens onverwachts helemaal los te gaan. Met het toegankelijke poppy dreampop Western Guilt lassen ze een verdiende rustpauze in.
Dat dit nodig is blijkt uit de ontlading in Aphantasia. Net zo gemakkelijk wordt er omgeschakeld tussen dansbare new wave en meer gewelddadige noise. Dat hier zelfs plotseling nog wat triphop en hoge vocalen aan toegevoegd wordt, lijkt voor de band vanzelfsprekend. De overdosering aan lome Madchester arrogantie verwoord in pretentieuze zang maakt van Tangerine weer een nieuw hoofdstuk op deze lastige, maar meesterlijke plaat. Met de nodige expressie gaat het met stevige gitaaruithalen Burning Chrome van start. De minimalistische coldwave van Shelley Duvall in 3 Women gaat met drammerige precisie over in vervreemdende exotische Oosterse new wave. Na zoveel verrassende wendingen valt Static Beach wat tegen. Dit drijfzandlied lijkt steeds dieper weg te zakken. Drumsticks als toereikende reddingsboeien willen het niet tot een waardige afsluiter naar boven trekken. Neemt niet weg dat de muziekwereld verrijkt wordt door dit soort eigenzinnige bands.
Greys - Age Hasn't Spoiled You | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Ego trippend laten ze vervolgens horen waartoe ze verder nog allemaal toe in staat blijken te zijn. Zit je als luisteraar nog beklemmend gevangen in de psychedelica, dan heeft Greys alweer een flinke stap gemaakt. Dit is als schaken met voorkennis. Onnavolgbaar wordt er een spelletje op het zintuigelijke gehoorvermogen uitgevoerd. Met vooruitziende blik wordt de waarneming bedrogen. Met gemak wordt het tempo opgevoerd tot een hoog beats per minute gehalte, zonder enige aarzeling in het slagtreffende drumwerk van Kill Appeal. Deze postpunk benadering wordt relaxed afgeremd door dromerige gitaarstukken, om vervolgens onverwachts helemaal los te gaan. Met het toegankelijke poppy dreampop Western Guilt lassen ze een verdiende rustpauze in.
Dat dit nodig is blijkt uit de ontlading in Aphantasia. Net zo gemakkelijk wordt er omgeschakeld tussen dansbare new wave en meer gewelddadige noise. Dat hier zelfs plotseling nog wat triphop en hoge vocalen aan toegevoegd wordt, lijkt voor de band vanzelfsprekend. De overdosering aan lome Madchester arrogantie verwoord in pretentieuze zang maakt van Tangerine weer een nieuw hoofdstuk op deze lastige, maar meesterlijke plaat. Met de nodige expressie gaat het met stevige gitaaruithalen Burning Chrome van start. De minimalistische coldwave van Shelley Duvall in 3 Women gaat met drammerige precisie over in vervreemdende exotische Oosterse new wave. Na zoveel verrassende wendingen valt Static Beach wat tegen. Dit drijfzandlied lijkt steeds dieper weg te zakken. Drumsticks als toereikende reddingsboeien willen het niet tot een waardige afsluiter naar boven trekken. Neemt niet weg dat de muziekwereld verrijkt wordt door dit soort eigenzinnige bands.
Greys - Age Hasn't Spoiled You | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Grian Chatten - Chaos for the Fly (2023)

3,5
1
geplaatst: 29 juni 2023, 16:22 uur
Het kost de nodige krachtinspanning om het vaderlandsverdriet op je tengere schouders te dragen. Fontaines D.C. opent de beerput van het beschamende Ierse verleden, vecht het gesplitste regiem aan, en legt die chauvinistische trots op een in rood tilt doorslaande balansschaal. Grian Chatten is het woedende geweten van de verloren gewaande stuurloze post pandemie generatie, welke ten onder aan cocaïne verheerlijking en uitbarstende dance escapisme dreigt te gaan. Als selfmade postpunker verteld hij in pamflet slogans zinnen het verslag van een ondergeschikte gemeenschap welke zich altijd ten opzichte het machtige Britse imperium telkens opnieuw moet bewijzen. Maar sinds de Brexit deze sappige vruchtbaarheid vergiftigd en het rottingsproces versneld in werking stelt, keert Ierland zich tegen de grootmachten waarbij ze zichzelf dus ook niet sparen. Grian Chatten verlaat zijn trouwe hulpeloze volgelingen in de strijd tegen de onmacht. Hoe ironisch is het dat hij nu al Londen als zijn nieuwe muzikale hoofdstad beschouwd, waarmee hij al een stukje Ierse mentaliteit in de uitverkoop gooit. Het voelt wel een beetje als verraad aan.
Grian Chatten heeft het strategisch uitgewerkt verhaal verteld. Op dit moment is de behoefte aan een nieuw Fontaines D.C. hoofdstuk geen noodzaak. Een overdaad leidt hoe dan ook tot afzwakking, daar is de frontman zich daadwerkelijk bewust van. Door die gefrustreerde woede loopt Grian Chatten zichzelf voorbij. Hij zoekt zijn heil in de omgeving van de populaire vakantieoord Skerries, daar in die kustplaats liggen zijn roots. Hier is hij gewoon die zoon van het Chatten gezin, welke als muzikant zijn geld verdient. Deze nuchtere doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg houding houdt hem staande, ver weg van de ontsluimerende sterallures. Vastgelegde jeugd herinneringen ophalen en weggestopte groeipijn herinneringen conserveren. Oké, een andere invalshoek dus. Maar dat dit diepzwarte traditionele folk depressies zijn welke in die lijn van de sixties Leonard Cohen hoek liggen verwacht je niet. Toch heeft het poëtische drukkende The Score muzikaal verbazingwekkend veel vergelijkingen met dat meesterlijke voortrekkerswerk.
Grian Chatten is vermoeid geraakt, kapot gestreden. Geen felle uitspattingen, maar juist fluisterende zachtheid. De tol van de roem vreet hem van binnen op. Hoeveel geknapte slachtoffers van het zwaarwegende succes gingen hem voor. Behoorlijk beangstigend allemaal. De uptempo gespeelde Fairlies jazz schept met de wervelwind aan strijkers tevens een beeld van vervreemding, verwarring, duivelse verlokkingen en een definitieve uitvlucht naar Amerika spookt door zijn hoofd. Dit voelt niet goed, nee zelfs de vooruit geplande singles voelen niet goed aan. Een gekmakende wanhoopsdaad. Het psychedelische zomerse dagdromerige East Coast Bed spoelt die opdringende zekerheden weg, in gedachte heeft hij de overstap naar het beloofde vasteland der Verenigde Staten al gemaakt. De Salt Throwers Off a Truck folk handelt indirect ook al over de naderende kustlijn van New York, een schrikbeeld waar ik liever niet naar uitkijk.
Het beetje bij beetje stukjes nostalgie bij elkaar sprokkelen. Een Coney Island achtig verval met seventies glamlounge Bob’s Casino gokaddictie en luilekkerland drankholen. Zijn we niet allemaal een beetje aan het randleven verslaafd, de zelfkant, de opdringerige herhalende drang om deze op te zoeken en over die wankele scheidingslijn te tuimelen. Gelukkig schept het Damon Albarn getinte Last Time Every Time Forever postpunk triphop een iets positiever beeld. Het valt hoe dan ook op hoeveel raakvlakken de stem van Grian Chatten met die van de Blur frontman heeft. Eigenlijk moet de Dublinse punkzanger het vooral van zijn woede en frustraties hebben, deze mijmerende aanpak ligt de geharde straatvechter stukken minder, daarvoor is zijn stemvermogen net te vlak.
Grian Chatten heeft behoefte aan liefde om de eenzaamheid te vergeten. Vatten deze drie eerder verschenen The Score, Last Time Every Time Forever en Fairlies tracks Chaos for the Fly samen? Ik vrees van wel. Ook een Matt Berninger van The National heeft een solo release nodig om zich te hervatten, en wat denk je van Finn Andrews van The Veils? Hetzelfde verhaal, jezelf hervinden om vervolgens doeltreffend hard in groepsverband terug te slaan. Die binding ervaar je minimaal in I Am So Far, waar zijn Fontaines D.C. maatje Georgie Jesson aanschuift. Het is allemaal net te voorzichtig, soms zelfs wat saai. Erg leuk allemaal, die inspirerende strandwandelingen, maar laat het daar in het vervolg bij.
Chaos for the Fly, een kamikazeval zonder vangnet zekerheid. Er heerst wanorde in zijn kleine zelf gecreëerde Lord of the Flies randmaatschappij. Die boegbeeld van de maatschappij positie wringt echter van alle kanten pijnlijk. Van de drukte ontdaan pakt hij kaal de opbouwende All of the People pianoballad op. Een prachtige track welke zeker niet tot een Fontaines D.C. song te transformeren valt. Hij krijgt het alleen wel klaar om te ontroeren, en daar leent dit instrument zich het beste voor. Het is gewoon een kwestie van wennen, zonder de vocale venijn blijft er vooral kwetsbaarheid over. In het afsluitende Season for Pain bouwt Grian Chatten wel de spanning op, toch vergeet hij om echt door te pakken. Chaos for the Fly is absoluut geen slechte plaat, ik ben er minder gecharmeerd van. Het bevestigd nogmaals dat in Fontaines D.C. de kracht toch wel in de som der delen ligt.
Grian Chatten - Chaos for the Fly | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Grian Chatten heeft het strategisch uitgewerkt verhaal verteld. Op dit moment is de behoefte aan een nieuw Fontaines D.C. hoofdstuk geen noodzaak. Een overdaad leidt hoe dan ook tot afzwakking, daar is de frontman zich daadwerkelijk bewust van. Door die gefrustreerde woede loopt Grian Chatten zichzelf voorbij. Hij zoekt zijn heil in de omgeving van de populaire vakantieoord Skerries, daar in die kustplaats liggen zijn roots. Hier is hij gewoon die zoon van het Chatten gezin, welke als muzikant zijn geld verdient. Deze nuchtere doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg houding houdt hem staande, ver weg van de ontsluimerende sterallures. Vastgelegde jeugd herinneringen ophalen en weggestopte groeipijn herinneringen conserveren. Oké, een andere invalshoek dus. Maar dat dit diepzwarte traditionele folk depressies zijn welke in die lijn van de sixties Leonard Cohen hoek liggen verwacht je niet. Toch heeft het poëtische drukkende The Score muzikaal verbazingwekkend veel vergelijkingen met dat meesterlijke voortrekkerswerk.
Grian Chatten is vermoeid geraakt, kapot gestreden. Geen felle uitspattingen, maar juist fluisterende zachtheid. De tol van de roem vreet hem van binnen op. Hoeveel geknapte slachtoffers van het zwaarwegende succes gingen hem voor. Behoorlijk beangstigend allemaal. De uptempo gespeelde Fairlies jazz schept met de wervelwind aan strijkers tevens een beeld van vervreemding, verwarring, duivelse verlokkingen en een definitieve uitvlucht naar Amerika spookt door zijn hoofd. Dit voelt niet goed, nee zelfs de vooruit geplande singles voelen niet goed aan. Een gekmakende wanhoopsdaad. Het psychedelische zomerse dagdromerige East Coast Bed spoelt die opdringende zekerheden weg, in gedachte heeft hij de overstap naar het beloofde vasteland der Verenigde Staten al gemaakt. De Salt Throwers Off a Truck folk handelt indirect ook al over de naderende kustlijn van New York, een schrikbeeld waar ik liever niet naar uitkijk.
Het beetje bij beetje stukjes nostalgie bij elkaar sprokkelen. Een Coney Island achtig verval met seventies glamlounge Bob’s Casino gokaddictie en luilekkerland drankholen. Zijn we niet allemaal een beetje aan het randleven verslaafd, de zelfkant, de opdringerige herhalende drang om deze op te zoeken en over die wankele scheidingslijn te tuimelen. Gelukkig schept het Damon Albarn getinte Last Time Every Time Forever postpunk triphop een iets positiever beeld. Het valt hoe dan ook op hoeveel raakvlakken de stem van Grian Chatten met die van de Blur frontman heeft. Eigenlijk moet de Dublinse punkzanger het vooral van zijn woede en frustraties hebben, deze mijmerende aanpak ligt de geharde straatvechter stukken minder, daarvoor is zijn stemvermogen net te vlak.
Grian Chatten heeft behoefte aan liefde om de eenzaamheid te vergeten. Vatten deze drie eerder verschenen The Score, Last Time Every Time Forever en Fairlies tracks Chaos for the Fly samen? Ik vrees van wel. Ook een Matt Berninger van The National heeft een solo release nodig om zich te hervatten, en wat denk je van Finn Andrews van The Veils? Hetzelfde verhaal, jezelf hervinden om vervolgens doeltreffend hard in groepsverband terug te slaan. Die binding ervaar je minimaal in I Am So Far, waar zijn Fontaines D.C. maatje Georgie Jesson aanschuift. Het is allemaal net te voorzichtig, soms zelfs wat saai. Erg leuk allemaal, die inspirerende strandwandelingen, maar laat het daar in het vervolg bij.
Chaos for the Fly, een kamikazeval zonder vangnet zekerheid. Er heerst wanorde in zijn kleine zelf gecreëerde Lord of the Flies randmaatschappij. Die boegbeeld van de maatschappij positie wringt echter van alle kanten pijnlijk. Van de drukte ontdaan pakt hij kaal de opbouwende All of the People pianoballad op. Een prachtige track welke zeker niet tot een Fontaines D.C. song te transformeren valt. Hij krijgt het alleen wel klaar om te ontroeren, en daar leent dit instrument zich het beste voor. Het is gewoon een kwestie van wennen, zonder de vocale venijn blijft er vooral kwetsbaarheid over. In het afsluitende Season for Pain bouwt Grian Chatten wel de spanning op, toch vergeet hij om echt door te pakken. Chaos for the Fly is absoluut geen slechte plaat, ik ben er minder gecharmeerd van. Het bevestigd nogmaals dat in Fontaines D.C. de kracht toch wel in de som der delen ligt.
Grian Chatten - Chaos for the Fly | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Grinderman - Grinderman (2007)

4,0
0
geplaatst: 21 januari, 03:03 uur
Dat het al een tijdje niet meer echt botert tussen Nick Cave en Mick Harvey is tijdens het concert in het World Forum Theater te Den Haag in 2006 pijnlijk zichtbaar. The Bad Seeds spelen hard en agressief en er is weinig sprake van echte interactie. Niet vreemd dus dat Mick Harvey vervolgens The Bad Seeds verlaat om zich op zijn rol als sessiemuzikant bij andere artiesten te richten. Na het verwachte afscheid van Blixa Bargeld in 2003 is door deze aderlating The Bad Seeds zodanig geamputeerd dat er van de oorspronkelijke basis slechts alleen Nick Cave overblijft.
Het voortbestaan van The Bad Seeds hangt dus aan een zijden draadje, zeker als Nick Cave, de spin in het web, een ander project aankondigt, Grinderman genaamd. Door het gebrek aan echte gitaristen zien Warren Ellis, Martyn P. Casey en zelfs Nick Cave zich genoodzaakt die partijen voor hun rekening te nemen. Doordat deze stoelendans de bandsetting verandert, verschuift het accent naar een unieke garagerock gitaarsound. Een koortsachtige bluespunk-energie die we voornamelijk in de beginjaren van The Birthday Party hoorden. De basis bestaat verder uit percussionist Jim Sclavunos. Deze viereenheid werkt trouwens in diezelfde periode ook met Marianne Faithfull aan haar comebackplaat Before the Poison.
Het gezelschap verhuist voor een korte vijfdaagse opnamevakantie tijdelijk naar de Metropolis Studios te Londen. De naam Grinderman is van het Memphis Slim nummer Grinder Man Blues afgeleid. Nick Cave laat zich net als in de eerste The Bad Seeds jaren door oude bluesmuzikanten inspireren. Daar ligt in principe tevens de basis van de rock, de kern van The Bad Seeds. Grinderman is rommelig, maar wel oprecht gemeend rommelig. Het speelplezier is weer terug, zeker nu de druk van het kolossale monster The Bad Seeds eraf is.
De eerste single Get It On komt twee maanden voor het album van Grinderman uit en wordt bejubelend ontvangen. Het is vooral Nick Cave die met zijn sexy gitaarwerk herinneringen aan The Birthday Party bassist Tracy Pew oproept. Misschien is zijn snor zelfs een mooi eerbetoon aan deze vroeg overleden flamboyante persoonlijkheid, al is de gelijkenis met filmster Jack Nicholson treffender. Nick Cave dwaalt naar de krochten van zijn ziel af. Daar in de kelder treft hij zijn evenbeeld Grinderman. Opnieuw gaat hij de strijd met zijn innerlijke demonen aan. Al is het nu niet zozeer de verslavingsdrang die de hoofdrol opeist, het is eerder het verraad van zijn voormalige teamleden die hem op het moment van scoren verlaten.
De spacerock van Honey Bee (Lets Fly to Mars) klinkt als Sonic Youth on acid. When My Love Comes Down sluit bij de manische funkfreak van het dan zeer populaire alternatieve Belgische rockscene aan. Met het elektronische bouzouki van Warren Ellis in Electric Alice onderscheiden ze zich in de doem-postpunkstroming die weer in opkomst is. De jankende Love Bomb cross-over bezit dat repeterende jammende waar ooit Velvet Underground naam mee maakt. Alleen het melancholische, sobere, voor zijn vroeg overleden vader geschreven Man in the Moon is nog enigszins naar het latere werk van The Bad Seeds te herleiden. Nou vooruit; het avondschemerige I Don’t Need You (To Set Me Free) mag je gerust als voorwerk van Jubilee Street beschouwen.
No Pussy Blues ligt qua structuuropbouw bangelijk dicht in het verlengde van Papa Won’t Leave You, Henry, een van de prijsnummers van Henry’s Dream. Tekstueel handelt het zelfspotnummer over de frustraties van een midlife crisis als iemand vanwege zichtbare toenemende ouderdomskwalen afgewezen wordt. Het is Nick Cave zelf die zichzelf smerig rockend op gitaar prominent op de voorgrond plaatst. Grinderman is het personage dat je laat in de avond niet in donkere steegjes wilt tegenkomen. De nachtmerrie van verontruste ouders waarvan de dochter het nachtleven ontdekt.
Zo vreemd is die eerder genoemde Jack Nicholson vergelijking dus niet. De huisman die in The Shining in een zieke psychopaat verandert. Nick Cave heeft die zelfkant geleefd en dreigt ook hier vanwege de omstandigheden daarin weg te zakken. De Grinderman noiserock is een moordaanslag op Nick Cave & The Bad Seeds die de betrokkenen ternauwernood overleven. Het is de plaat die ze moeten maken om zichzelf weer te rangschikken. Een ruwe uitlaatklep die een paar jaar later nog een vervolg in Grinderman II krijgt.
Grinderman - Grinderman | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Het voortbestaan van The Bad Seeds hangt dus aan een zijden draadje, zeker als Nick Cave, de spin in het web, een ander project aankondigt, Grinderman genaamd. Door het gebrek aan echte gitaristen zien Warren Ellis, Martyn P. Casey en zelfs Nick Cave zich genoodzaakt die partijen voor hun rekening te nemen. Doordat deze stoelendans de bandsetting verandert, verschuift het accent naar een unieke garagerock gitaarsound. Een koortsachtige bluespunk-energie die we voornamelijk in de beginjaren van The Birthday Party hoorden. De basis bestaat verder uit percussionist Jim Sclavunos. Deze viereenheid werkt trouwens in diezelfde periode ook met Marianne Faithfull aan haar comebackplaat Before the Poison.
Het gezelschap verhuist voor een korte vijfdaagse opnamevakantie tijdelijk naar de Metropolis Studios te Londen. De naam Grinderman is van het Memphis Slim nummer Grinder Man Blues afgeleid. Nick Cave laat zich net als in de eerste The Bad Seeds jaren door oude bluesmuzikanten inspireren. Daar ligt in principe tevens de basis van de rock, de kern van The Bad Seeds. Grinderman is rommelig, maar wel oprecht gemeend rommelig. Het speelplezier is weer terug, zeker nu de druk van het kolossale monster The Bad Seeds eraf is.
De eerste single Get It On komt twee maanden voor het album van Grinderman uit en wordt bejubelend ontvangen. Het is vooral Nick Cave die met zijn sexy gitaarwerk herinneringen aan The Birthday Party bassist Tracy Pew oproept. Misschien is zijn snor zelfs een mooi eerbetoon aan deze vroeg overleden flamboyante persoonlijkheid, al is de gelijkenis met filmster Jack Nicholson treffender. Nick Cave dwaalt naar de krochten van zijn ziel af. Daar in de kelder treft hij zijn evenbeeld Grinderman. Opnieuw gaat hij de strijd met zijn innerlijke demonen aan. Al is het nu niet zozeer de verslavingsdrang die de hoofdrol opeist, het is eerder het verraad van zijn voormalige teamleden die hem op het moment van scoren verlaten.
De spacerock van Honey Bee (Lets Fly to Mars) klinkt als Sonic Youth on acid. When My Love Comes Down sluit bij de manische funkfreak van het dan zeer populaire alternatieve Belgische rockscene aan. Met het elektronische bouzouki van Warren Ellis in Electric Alice onderscheiden ze zich in de doem-postpunkstroming die weer in opkomst is. De jankende Love Bomb cross-over bezit dat repeterende jammende waar ooit Velvet Underground naam mee maakt. Alleen het melancholische, sobere, voor zijn vroeg overleden vader geschreven Man in the Moon is nog enigszins naar het latere werk van The Bad Seeds te herleiden. Nou vooruit; het avondschemerige I Don’t Need You (To Set Me Free) mag je gerust als voorwerk van Jubilee Street beschouwen.
No Pussy Blues ligt qua structuuropbouw bangelijk dicht in het verlengde van Papa Won’t Leave You, Henry, een van de prijsnummers van Henry’s Dream. Tekstueel handelt het zelfspotnummer over de frustraties van een midlife crisis als iemand vanwege zichtbare toenemende ouderdomskwalen afgewezen wordt. Het is Nick Cave zelf die zichzelf smerig rockend op gitaar prominent op de voorgrond plaatst. Grinderman is het personage dat je laat in de avond niet in donkere steegjes wilt tegenkomen. De nachtmerrie van verontruste ouders waarvan de dochter het nachtleven ontdekt.
Zo vreemd is die eerder genoemde Jack Nicholson vergelijking dus niet. De huisman die in The Shining in een zieke psychopaat verandert. Nick Cave heeft die zelfkant geleefd en dreigt ook hier vanwege de omstandigheden daarin weg te zakken. De Grinderman noiserock is een moordaanslag op Nick Cave & The Bad Seeds die de betrokkenen ternauwernood overleven. Het is de plaat die ze moeten maken om zichzelf weer te rangschikken. Een ruwe uitlaatklep die een paar jaar later nog een vervolg in Grinderman II krijgt.
Grinderman - Grinderman | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Gruff Rhys - Pang! (2019)

3,0
0
geplaatst: 5 oktober 2020, 22:07 uur
Zeg je Gruff Rhys, dan gaat er waarschijnlijk niet snel een lichtje branden. Noem je Super Furry Animals, dan zal een verstokte Britpop liefhebber zeker opveren. De frontman heeft wel degelijk het besef dat deze periode reeds passé is, en reikt zijn blik veel verder dan het prachtige inspiratiegebied van Wales. Hij durft muzikaal de overstap te maken naar andere continenten, maar laat daarbij verrassend genoeg Europa links liggen. Deze muzikale wereldreiziger trekt direct door naar het ritmisch bruisende Zuid Amerika. Of die immigratiedrang het gevolg is door de dreigende Brexit, zou goed mogelijk kunnen zijn.
Pang! is ondertussen alweer zijn zesde soloplaat. Het titelnummer swingt als een folky backpacker die om in zijn toeristische voorzieningen te voldoen, bijbeunt als straatmuzikant, terwijl de hossende menigte rond hem heen geniet van een hitsige zomercarnaval. Het valt niet eens op dat de voerstaal Keltisch blijft. Door de twist in het presenteren zou je geloven dat je in een gebied beland bent, waar jaren geleden missionarissen behalve het geloof ook de Westerse spreektaal er doorheen probeerden te drukken. Het is allemaal net zo dansbaar als Spaanse flamencomuziek, al verraad de Europese tongval soms een andere achtergrond.
Na dit kleine feestje gaat het over in het net ze beweeglijke Bae Bae Bae, die met de exotische instrumenten het inheemse jungle gevoel nog meer benadrukt. Druk en broeierig getriggerd door de klanken van een zomerregen. De blazers gooien er nog een overschot aan Mexicaanse cultuur doorheen. Die muzikanten staan ook vooraan bij Digidigol, wat vervolgens een meer dromerige kant van de Welshman laat horen. Met behulp van een eenvoudig gedateerde keyboardje en een met weinig mogelijkheden bezittende drumcomputer vervolgt het vlotte Ara Deg (Ddaw’r Awen) zijn weg. Een nostalgische hunkering naar eighties New Wave die de mogelijkheden van de afrobeat ontdekten.
Het sterk verbeeldende Eli Haul sluit aan bij de achtergrond van de zanger. Een verhalenverteller in hart en nieren, die je terug meeneemt naar zijn roots. Met de repeterende versnelde beats en lazy trompetspel in Niwl O Anwiredd verlaat hij de geboortegrond alweer. De kerkelijke koortjes benadrukken eventjes nog de Christelijke geloofsovertuiging. Het is mooi om te ervaren dat dit niet afstoot, maar juist genoeg toevoegt.
De experimenteerdrift in Taranau Mai laat nog wat zien waar zijn doorbraak met Super Furry Animals het gevolg van was. Hypnotiserende Oosterse tinten bevolken de song, die eventjes aan het succes van voorheen laat ruiken. Dat Ôl Bys / Nodau Clust hier op aansluit is niet verrassend. Wel dat de oer instrumenten zijn vervangen door breaks en samplers. De zoemende elektronica overheerst maar laat genoeg ruimte over voor de meerstemmige zangpartijen. De blazers mogen het afmaken in Annedd I’m Danedd, al strijden de hiphopbeats ook voor dit voorrecht.
Alle exotica is aanwezig om hier een goede plaat van te maken. Al wordt er net voordat het geserveerd wordt snel eventjes de gepeperde kruiden uit gevist om het gerecht wat hapklaar te maken. Het mist dat stukje pittigheid, waardoor het geen topproduct op de menukaart zal worden.
Gruff Rhys - Pang! | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Pang! is ondertussen alweer zijn zesde soloplaat. Het titelnummer swingt als een folky backpacker die om in zijn toeristische voorzieningen te voldoen, bijbeunt als straatmuzikant, terwijl de hossende menigte rond hem heen geniet van een hitsige zomercarnaval. Het valt niet eens op dat de voerstaal Keltisch blijft. Door de twist in het presenteren zou je geloven dat je in een gebied beland bent, waar jaren geleden missionarissen behalve het geloof ook de Westerse spreektaal er doorheen probeerden te drukken. Het is allemaal net zo dansbaar als Spaanse flamencomuziek, al verraad de Europese tongval soms een andere achtergrond.
Na dit kleine feestje gaat het over in het net ze beweeglijke Bae Bae Bae, die met de exotische instrumenten het inheemse jungle gevoel nog meer benadrukt. Druk en broeierig getriggerd door de klanken van een zomerregen. De blazers gooien er nog een overschot aan Mexicaanse cultuur doorheen. Die muzikanten staan ook vooraan bij Digidigol, wat vervolgens een meer dromerige kant van de Welshman laat horen. Met behulp van een eenvoudig gedateerde keyboardje en een met weinig mogelijkheden bezittende drumcomputer vervolgt het vlotte Ara Deg (Ddaw’r Awen) zijn weg. Een nostalgische hunkering naar eighties New Wave die de mogelijkheden van de afrobeat ontdekten.
Het sterk verbeeldende Eli Haul sluit aan bij de achtergrond van de zanger. Een verhalenverteller in hart en nieren, die je terug meeneemt naar zijn roots. Met de repeterende versnelde beats en lazy trompetspel in Niwl O Anwiredd verlaat hij de geboortegrond alweer. De kerkelijke koortjes benadrukken eventjes nog de Christelijke geloofsovertuiging. Het is mooi om te ervaren dat dit niet afstoot, maar juist genoeg toevoegt.
De experimenteerdrift in Taranau Mai laat nog wat zien waar zijn doorbraak met Super Furry Animals het gevolg van was. Hypnotiserende Oosterse tinten bevolken de song, die eventjes aan het succes van voorheen laat ruiken. Dat Ôl Bys / Nodau Clust hier op aansluit is niet verrassend. Wel dat de oer instrumenten zijn vervangen door breaks en samplers. De zoemende elektronica overheerst maar laat genoeg ruimte over voor de meerstemmige zangpartijen. De blazers mogen het afmaken in Annedd I’m Danedd, al strijden de hiphopbeats ook voor dit voorrecht.
Alle exotica is aanwezig om hier een goede plaat van te maken. Al wordt er net voordat het geserveerd wordt snel eventjes de gepeperde kruiden uit gevist om het gerecht wat hapklaar te maken. Het mist dat stukje pittigheid, waardoor het geen topproduct op de menukaart zal worden.
Gruff Rhys - Pang! | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Gruff Rhys - Seeking New Gods (2021)

4,0
1
geplaatst: 22 mei 2021, 13:30 uur
Was Pang! nog een mooie toeristische reis door de bruisende tropicana van Zuid Amerika, op Seeking New Gods wordt de inspiratie gezocht in het Oost-Aziatische gebied. Inderdaad een ontdekkingstocht waarbij kennis wordt gemaakt met nieuwe culturen en gewoontes, en wat een totaal andere plaat oplevert, alleen Taranau Mai verwijst al naar de te volgen koers die ingeslagen wordt.
Gruff Rhys vind de rust in meer mediterende songs, waarbij de door sneeuw bedekte mythologische Mount Paektu vulkaan symbool staat voor de eeuwigheid, maar tevens gevoed wordt door innerlijke onrust die explosief staat te wachten om tot uitbarsting te komen. De magische kracht van deze berg wordt versterkt door het feit dat de stichter van het eerste Koreaanse rijk, koning Tangun en ook de latere leider Kim Jong I in deze streek geboren is.
Het gaat vervolgens eigenlijk allemaal vanzelf. Gedurende de Amerikaanse tournee werd het merendeel van de plaat al geschreven, vervolgens klopt Gruff Rhys in Los Angeles aan bij de van The Beastie Boys bekende producer Mario C en het opnameproces wordt in werking gezet. Met zijn relaxte hiphop en reggae achtergrond weet Mario C de juiste werksfeer te creëren. De voormalige The Flaming Lips drummer Kliph Scurlock zorgt voor de ritmische ondersteuning. Deze percussionist is geen onbekende van Gruff Rhys, hij was al een ondersteunend bandlid tijdens de American Interior tournee.
De ritmische licht psychedelische pianoballad Mausoleum of My Former Self is het startpunt van de innerlijke ontdekkingstocht, waarbij de oudheid van het bestaan centraal staat. Tevens is het te herleiden tot de pieken en dalen in het leven die men moet trotseren om een stap verder te komen. Die berg wordt beklommen om uiteindelijk als ultiem geluksmoment die top te bereiken. De Mexicaanse blazers staan aanmoedigend op de grond paraat en zwaaien nogmaals de sound van voorganger Pang! uit.
Het beheerste Can’t Carry On wordt vervolgd door de futuristische krautrock klanken van de retro soft glamrocker Loan Your Loneliness. Een mooi contrast waarmee een geslaagde avontuurlijke zijweg wordt ingeslagen. Gruff Rhys heeft de landingsplaats bereikt op het prachtig melodieuze gezongen soulvolle titelstuk Seeking New Gods met een lekker new wave einde, waar hij de gegronde zelfverzekerde vocalen afwisselt met hemelse hoge uithalen. Een song waarbij de zanger de aarde verlaat en de het kosmos op zoek gaat naar andere leefvormen. Een heerlijke trippende ruimtereis door het universum, wegzwevend van de wereldse problematiek.
Er wordt ouderwets stevig gerockt in het spacende Hiking in Lightning, al remt de ingetogen zang het geheel wel aardig af. Gelukkig revancheert hij zich op dit vlak sterk in het zachte breekbare Holiest of the Holy Men. Het aansluitende The Keep begint met dezelfde sensitiviteit, waarna schurende blazers het overnemen. Het filmische orkestrale Everlasting Joy is lomp en zwaarder waarbij de rol van drummer Kliph Scurlock zeer bepalend is en een mooie ritmische basis neerlegt, waar de pianotoetsen eigenwijs overheen wandelen.
Het lijkt er in eerste instantie op dat Gruff Rhys met Distant Snowy Peaks zijn eindbestemming bereikt heeft. De track roept daadwerkelijk een Oosters new age gevoel op, en eigenlijk is dit nummer nog het beste te plaatsen in de totale opzet van Seeking New Gods. Stiekem hoop ik dat dit juist het startpunt is van een te vervolgen nieuwe weg; het hoogtepunt van de plaat.
Gruff Rhys - Seeking New Gods | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Gruff Rhys vind de rust in meer mediterende songs, waarbij de door sneeuw bedekte mythologische Mount Paektu vulkaan symbool staat voor de eeuwigheid, maar tevens gevoed wordt door innerlijke onrust die explosief staat te wachten om tot uitbarsting te komen. De magische kracht van deze berg wordt versterkt door het feit dat de stichter van het eerste Koreaanse rijk, koning Tangun en ook de latere leider Kim Jong I in deze streek geboren is.
Het gaat vervolgens eigenlijk allemaal vanzelf. Gedurende de Amerikaanse tournee werd het merendeel van de plaat al geschreven, vervolgens klopt Gruff Rhys in Los Angeles aan bij de van The Beastie Boys bekende producer Mario C en het opnameproces wordt in werking gezet. Met zijn relaxte hiphop en reggae achtergrond weet Mario C de juiste werksfeer te creëren. De voormalige The Flaming Lips drummer Kliph Scurlock zorgt voor de ritmische ondersteuning. Deze percussionist is geen onbekende van Gruff Rhys, hij was al een ondersteunend bandlid tijdens de American Interior tournee.
De ritmische licht psychedelische pianoballad Mausoleum of My Former Self is het startpunt van de innerlijke ontdekkingstocht, waarbij de oudheid van het bestaan centraal staat. Tevens is het te herleiden tot de pieken en dalen in het leven die men moet trotseren om een stap verder te komen. Die berg wordt beklommen om uiteindelijk als ultiem geluksmoment die top te bereiken. De Mexicaanse blazers staan aanmoedigend op de grond paraat en zwaaien nogmaals de sound van voorganger Pang! uit.
Het beheerste Can’t Carry On wordt vervolgd door de futuristische krautrock klanken van de retro soft glamrocker Loan Your Loneliness. Een mooi contrast waarmee een geslaagde avontuurlijke zijweg wordt ingeslagen. Gruff Rhys heeft de landingsplaats bereikt op het prachtig melodieuze gezongen soulvolle titelstuk Seeking New Gods met een lekker new wave einde, waar hij de gegronde zelfverzekerde vocalen afwisselt met hemelse hoge uithalen. Een song waarbij de zanger de aarde verlaat en de het kosmos op zoek gaat naar andere leefvormen. Een heerlijke trippende ruimtereis door het universum, wegzwevend van de wereldse problematiek.
Er wordt ouderwets stevig gerockt in het spacende Hiking in Lightning, al remt de ingetogen zang het geheel wel aardig af. Gelukkig revancheert hij zich op dit vlak sterk in het zachte breekbare Holiest of the Holy Men. Het aansluitende The Keep begint met dezelfde sensitiviteit, waarna schurende blazers het overnemen. Het filmische orkestrale Everlasting Joy is lomp en zwaarder waarbij de rol van drummer Kliph Scurlock zeer bepalend is en een mooie ritmische basis neerlegt, waar de pianotoetsen eigenwijs overheen wandelen.
Het lijkt er in eerste instantie op dat Gruff Rhys met Distant Snowy Peaks zijn eindbestemming bereikt heeft. De track roept daadwerkelijk een Oosters new age gevoel op, en eigenlijk is dit nummer nog het beste te plaatsen in de totale opzet van Seeking New Gods. Stiekem hoop ik dat dit juist het startpunt is van een te vervolgen nieuwe weg; het hoogtepunt van de plaat.
Gruff Rhys - Seeking New Gods | Pop | Written in Music - writteninmusic.com
Gruppo di Pawlowski - In Inhuman Hands (2017)

2,5
0
geplaatst: 25 april 2017, 02:14 uur
Behoorlijk duister plaatje.
Alsof een gefrustreerde houthakker met een elektrische zaag net de verkeerde toppen van hoge sparren vakkundig verwijdert uit de wouden van Twin Peaks.
Niet de genialiteit van de dEUS albums, daarvoor is het net allemaal te lomp en onvoorspelbaar.
Meer in de lijn van My Sister = My Clock, waar Mauro niet eens aan mee deed.
Geslaagde composities die afgestraft worden door zinloze tussendoortjes.
Het zal op experimenteel gebied wel 100% verantwoord zijn, maar hier had meer in gezeten.
Tom Barman is een dirigent, Mauro meer een gemiddelde deelnemer van het AVRO TROS programma Maestro.
Alsof een gefrustreerde houthakker met een elektrische zaag net de verkeerde toppen van hoge sparren vakkundig verwijdert uit de wouden van Twin Peaks.
Niet de genialiteit van de dEUS albums, daarvoor is het net allemaal te lomp en onvoorspelbaar.
Meer in de lijn van My Sister = My Clock, waar Mauro niet eens aan mee deed.
Geslaagde composities die afgestraft worden door zinloze tussendoortjes.
Het zal op experimenteel gebied wel 100% verantwoord zijn, maar hier had meer in gezeten.
Tom Barman is een dirigent, Mauro meer een gemiddelde deelnemer van het AVRO TROS programma Maestro.
Guided by Voices - Crystal Nuns Cathedral (2022)

4,0
1
geplaatst: 8 maart 2022, 19:12 uur
Een tweede jeugd? Jezelf opnieuw uitvinden? Wat is dat toch met dat Guided by Voices. Terwijl andere bands na een tiental jaren op elkaar uitgekeken raken, last de band in 2005 een pauze voor een aantal jaren in, om vervolgens keihard en zeer productief in herziende samenstelling terug te slaan. En de kwaliteit? Ja, die is gewoon nog steeds top. Vorig jaar leverde de band onder andere het meesterlijke Earth Man Blues af. Bijna niet te overtreffen, maar ze flikken het wel om met It’s Not Them. It Couldn’t Be Them. It Is Them! daar bangelijk aardig bij in de buurt te komen, Toe maar! En voor de afwisseling werken ze onder het Cub Scout Bowling Pins zusterschip aan Clang Clang Ho, en dat is dus alleen maar 2021, laten we het maar niet hebben over de meer dan vijftig albums die Robert Pollard heeft uitgebracht, onder het Guided by Voices vlaggenschip, solo of andere aliassen. Ach, wat zit ik toch te zeuren, de wereld verandert op dit moment zo snel dat ze bij elke fase een nieuwe soundtrack opvraagt, en welke band dan Guided by Voices kan beter aan deze vraag voldoen, denk daar maar eens over na.
Maar goed, we zitten ondertussen alweer in maart, en het wordt ondertussen wel weer eens tijd voor een nieuwe plaat. Crystal Nuns Cathedral is de eerste van 2022, en het zou onderhand vreemd zijn als het dit jaar daarbij zou blijven. De eeuwige zoektocht naar verfijning van hun rocksound heeft weer een klassieker afgeleverd, zonder het vertrouwde rockgeluid uit het oog te verliezen. De typische Guided By Voices ironie heeft grotendeels plaats gemaakt voor punkrock ideologie, politiek bewustzijn en maatschappelijke diepgang. De historische bestorming van het Capitool als katalyserend triggerpoint in het afsluitende Crystal Nuns Cathedral titelstuk .
Eye City is een duidelijk slepend punkrock statement, een aanklacht tegen het presidentiële hanengevecht en het opkomende geaardheidsdifferentiatie. Accepteer de mens nou eens gewoon als unieke persoonlijkheid en laat die seksuele voorkeuren en kleur (hoe dan ook in dit opzicht een rotwoord) buiten beschouwing. De verkiezingsstrijd als real life soap, waarbij de winnaar de rotzooi van de voorganger mag opruimen, om vervolgens de boel zelf opnieuw te vervuilen. Muzikaal weer heerlijk vermorzelend met dreigende grunge riffs en een ingehouden Robert Pollard die wijs beleerd de woorden tot de luisteraar richt. Tekstueel zou het prima op de laatste van Bob Mould plaat Blue Hearts passen, maar het blijft Guided by Voices. Het onbegrip en verschil zit hem in de verwarring zaaiende aanvallende strijkers en de breed uithuilende gitaarlijnen. Een voortreffelijke geniale eigenzinnige keuze.
Nou, ga daar dan nog maar eens overheen! Zekers, dat flikken ze gewoon! Het heldentocht verhalende akoestisch aangezette slagschip Re-Develop bevaart de woeste golven van de rockmuziek en trotseert de valkuilen uit het verleden, afwachtend als toeslaande mijnenvelden. Sociale disconnectie hergroeperen tot universele betrokkenheid, de begeleidende muzikanten als kwetsbaar koeienoogschietschijf bovenop de barricades. Een hoog progrock gehalte, maar bij Robert Pollard en zijn vriendengroep kun je van alles verwachten. Uiteindelijk raken de kronkelingen weer uit de knoop en levert hij weer een juweeltje af.
In het seventies theatrale Climbing a Ramp zijn daar die strijkers weer. Het blijft verbazend hoe deze band zichzelf blijft vernieuwen, zelfs de hier doorheen solerende new wave of British heavy metal hardrockgitaren klinken als vanouds. De fade out is vrijwel het enige smetvlekje, dit hadden ze beter onderhoudend uit kunnen werken. Schijnbaar zat Robert Pollard met zijn hoofd alweer halverwege de toegankelijke vintage Guided by Voices Never Mind the List powerpop. Dat ze veelal onder de drie minuten kant en klaar songs afleveren is tevens een klein mespuntje van kritiek, soms krijg je de indruk dat de ideeën net niet voldoende uitgebalanceerd op plaat verschijnen.
Wat doet ook een song als Birds in the Pipe mij verlangen naar dat typerende jaren negentig indierock geluid, waarbij prompt op de voorgrond de luid afgestemde gitaar zijn aandacht opeist. Een track om thuis uit te nodigen om er verliefd op te worden. Wankelende do it yourself lyrics onderschept door productioneel strak gecoördineerd gitaarwerk. Ook het stevige Come North Together en het heerlijk wegstuiterende Excited Ones ademen dat oldschool gevoel uit, en stiekem is dit toch stukken leuker dan die mijmerende uitgerekte hippe Americana moeilijkdoenerij van tegenwoordig. Het klein maar fijn krachtpatserige rockopera tweeluik miniatuurtje Forced to Sea en Huddled heeft een soortgelijke opbouw, tegen de stroming inzwemmende psychedelische Paisley Underground slow movers met een door dwars gitaargeweld overschreeuwende emotioneel klinkende Robert Pollard.
De wapperende gitaarnoise van het stevig aangezette Eyes of Your Doctor wordt door lichte tintelende windbriesjes onderbroken. De storm is op komst, afwachtend in de luwte. Het donkere Mad River Man is een kop en staart nummer zoals ik ze het liefste hoor. Dreigende opbouw, vernietigende na-echoënde gitaarexplosies en een in balans zijnde met een donderslag eindigende afbouw. Een sombere Robert Pollard blikt terug op zijn primaire jeugdjaren, een vredige periode, zonder de onbegrijpelijke destructieve vernietigingsdrang van de mensheid. Crystal Nuns Cathedral is veel meer dan de zoveelste Guided by Voices plaat. Het is een verruimende kritische blik op een stuurloos 2022.
Guided by Voices - Crystal Nuns Cathedral | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Maar goed, we zitten ondertussen alweer in maart, en het wordt ondertussen wel weer eens tijd voor een nieuwe plaat. Crystal Nuns Cathedral is de eerste van 2022, en het zou onderhand vreemd zijn als het dit jaar daarbij zou blijven. De eeuwige zoektocht naar verfijning van hun rocksound heeft weer een klassieker afgeleverd, zonder het vertrouwde rockgeluid uit het oog te verliezen. De typische Guided By Voices ironie heeft grotendeels plaats gemaakt voor punkrock ideologie, politiek bewustzijn en maatschappelijke diepgang. De historische bestorming van het Capitool als katalyserend triggerpoint in het afsluitende Crystal Nuns Cathedral titelstuk .
Eye City is een duidelijk slepend punkrock statement, een aanklacht tegen het presidentiële hanengevecht en het opkomende geaardheidsdifferentiatie. Accepteer de mens nou eens gewoon als unieke persoonlijkheid en laat die seksuele voorkeuren en kleur (hoe dan ook in dit opzicht een rotwoord) buiten beschouwing. De verkiezingsstrijd als real life soap, waarbij de winnaar de rotzooi van de voorganger mag opruimen, om vervolgens de boel zelf opnieuw te vervuilen. Muzikaal weer heerlijk vermorzelend met dreigende grunge riffs en een ingehouden Robert Pollard die wijs beleerd de woorden tot de luisteraar richt. Tekstueel zou het prima op de laatste van Bob Mould plaat Blue Hearts passen, maar het blijft Guided by Voices. Het onbegrip en verschil zit hem in de verwarring zaaiende aanvallende strijkers en de breed uithuilende gitaarlijnen. Een voortreffelijke geniale eigenzinnige keuze.
Nou, ga daar dan nog maar eens overheen! Zekers, dat flikken ze gewoon! Het heldentocht verhalende akoestisch aangezette slagschip Re-Develop bevaart de woeste golven van de rockmuziek en trotseert de valkuilen uit het verleden, afwachtend als toeslaande mijnenvelden. Sociale disconnectie hergroeperen tot universele betrokkenheid, de begeleidende muzikanten als kwetsbaar koeienoogschietschijf bovenop de barricades. Een hoog progrock gehalte, maar bij Robert Pollard en zijn vriendengroep kun je van alles verwachten. Uiteindelijk raken de kronkelingen weer uit de knoop en levert hij weer een juweeltje af.
In het seventies theatrale Climbing a Ramp zijn daar die strijkers weer. Het blijft verbazend hoe deze band zichzelf blijft vernieuwen, zelfs de hier doorheen solerende new wave of British heavy metal hardrockgitaren klinken als vanouds. De fade out is vrijwel het enige smetvlekje, dit hadden ze beter onderhoudend uit kunnen werken. Schijnbaar zat Robert Pollard met zijn hoofd alweer halverwege de toegankelijke vintage Guided by Voices Never Mind the List powerpop. Dat ze veelal onder de drie minuten kant en klaar songs afleveren is tevens een klein mespuntje van kritiek, soms krijg je de indruk dat de ideeën net niet voldoende uitgebalanceerd op plaat verschijnen.
Wat doet ook een song als Birds in the Pipe mij verlangen naar dat typerende jaren negentig indierock geluid, waarbij prompt op de voorgrond de luid afgestemde gitaar zijn aandacht opeist. Een track om thuis uit te nodigen om er verliefd op te worden. Wankelende do it yourself lyrics onderschept door productioneel strak gecoördineerd gitaarwerk. Ook het stevige Come North Together en het heerlijk wegstuiterende Excited Ones ademen dat oldschool gevoel uit, en stiekem is dit toch stukken leuker dan die mijmerende uitgerekte hippe Americana moeilijkdoenerij van tegenwoordig. Het klein maar fijn krachtpatserige rockopera tweeluik miniatuurtje Forced to Sea en Huddled heeft een soortgelijke opbouw, tegen de stroming inzwemmende psychedelische Paisley Underground slow movers met een door dwars gitaargeweld overschreeuwende emotioneel klinkende Robert Pollard.
De wapperende gitaarnoise van het stevig aangezette Eyes of Your Doctor wordt door lichte tintelende windbriesjes onderbroken. De storm is op komst, afwachtend in de luwte. Het donkere Mad River Man is een kop en staart nummer zoals ik ze het liefste hoor. Dreigende opbouw, vernietigende na-echoënde gitaarexplosies en een in balans zijnde met een donderslag eindigende afbouw. Een sombere Robert Pollard blikt terug op zijn primaire jeugdjaren, een vredige periode, zonder de onbegrijpelijke destructieve vernietigingsdrang van de mensheid. Crystal Nuns Cathedral is veel meer dan de zoveelste Guided by Voices plaat. Het is een verruimende kritische blik op een stuurloos 2022.
Guided by Voices - Crystal Nuns Cathedral | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Earth Man Blues (2021)

4,0
0
geplaatst: 29 april 2021, 21:46 uur
Het lijkt wel alsof Guided By Voices volgens het u vraagt, wij spelen principe werkt. Gooi er twintig cent in en de meest onwaarschijnlijke prachtige nummers komen tevoorschijn. De band is niet genre gebonden, maar wordt al snel onder de noemer indie geplaatst. En als je dan toch tijdens de pandemie thuis zit kun je de tijd het beste benutten door restmateriaal door te pluizen. Naast de honderden tracks die de afgelopen tien jaar verschenen zijn blijkt nog een schat aan afdankertjes te bestaan, welke nu dienst doen als een volwaardige afgerond geheel.
Want laten we duidelijk zijn; Earth Man Blues is een rasechte Guided By Voices plaat geworden, die niet onder doet voor het overige aanbod. Sterker nog, voor een thuis in elkaar geknutselde plaat voelt het totaal niet lo-fi aan. Robert Pollard is zorgvuldig te werk gegaan en heeft weer wat moois afgeleverd. Guided by Voices staat erom bekend dat ze zich niet aan stromingen of hypes koppelen, dus die logische lijn ontbreekt ook nu. Het zijn inwisselbare songs, maar dan wel met een gouden gelabelde kwaliteitsstempel erbovenop.
Er wordt flink afgeweken van die basissound van de indiepop uit de jaren tachtig. De surfpunker Made Man mag toepasselijk het startsein afgeven en herplaatst zich naar de vooravond van de Amerikaanse gitaarrock invasie welke begin jaren negentig de muziekmarkt overspoelt. Heerlijke rammelende gitaren, blikken drumpartijen en een doordenderende bas en halverwege nog eventjes die dwarse gekte met een orkestrale knipoog naar The Fab Four. Het mag duidelijk zijn dat The Beatles hierin een grote rol vervullen, hun experimentele vernieuwingsdrang drukt een overduidelijke stempel op Earth Man Blues.
Robert Pollard haalt de inspiratie vooral uit zijn jeugd. De gekte herplaatst zich naar de zwaar rockende jaren zeventig. Earth Man Blues balanceert tussen een hedendaagse parodie op een orkestrale rockopera en een gefrustreerde afgewezen schoolmusical song als het duister croonende How Can a Plumb Be Perfected?. Lekkere verknipte op het randje muziek.
Sentimentele uitgerangeerde Las Vegas rock and roll sterallures in The Disconnected Citizen, van een voormalig idool die elke avond datzelfde podium betreedt. Lights Out in Memphis Egypt opent als een zware grunge track om vervolgens met die kronkelende wendingen alle kanten uit te schieten. Dan weer lomp basic rock stampend in Sunshine Girl Hello en onberekend afwijkend in het retro Ant Repellent. Heerlijk!
Ondanks die tevens tekstuele onnavolgbare uitspattingen overheerst het rauwe gitaargeluid van een eigenzinnige indieband die zich ontwikkeld heeft tot een gedreven powerpop gezelschap. Een scherpe rockmachine die met het nodige krachtvoer een explosieve indruk achterlaat en nog lang niet uitgespeeld is. Afgewezen nummers? Daar doet Guided By Voices dus niet aan!
Guided by Voices - Earth Man Blues | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Want laten we duidelijk zijn; Earth Man Blues is een rasechte Guided By Voices plaat geworden, die niet onder doet voor het overige aanbod. Sterker nog, voor een thuis in elkaar geknutselde plaat voelt het totaal niet lo-fi aan. Robert Pollard is zorgvuldig te werk gegaan en heeft weer wat moois afgeleverd. Guided by Voices staat erom bekend dat ze zich niet aan stromingen of hypes koppelen, dus die logische lijn ontbreekt ook nu. Het zijn inwisselbare songs, maar dan wel met een gouden gelabelde kwaliteitsstempel erbovenop.
Er wordt flink afgeweken van die basissound van de indiepop uit de jaren tachtig. De surfpunker Made Man mag toepasselijk het startsein afgeven en herplaatst zich naar de vooravond van de Amerikaanse gitaarrock invasie welke begin jaren negentig de muziekmarkt overspoelt. Heerlijke rammelende gitaren, blikken drumpartijen en een doordenderende bas en halverwege nog eventjes die dwarse gekte met een orkestrale knipoog naar The Fab Four. Het mag duidelijk zijn dat The Beatles hierin een grote rol vervullen, hun experimentele vernieuwingsdrang drukt een overduidelijke stempel op Earth Man Blues.
Robert Pollard haalt de inspiratie vooral uit zijn jeugd. De gekte herplaatst zich naar de zwaar rockende jaren zeventig. Earth Man Blues balanceert tussen een hedendaagse parodie op een orkestrale rockopera en een gefrustreerde afgewezen schoolmusical song als het duister croonende How Can a Plumb Be Perfected?. Lekkere verknipte op het randje muziek.
Sentimentele uitgerangeerde Las Vegas rock and roll sterallures in The Disconnected Citizen, van een voormalig idool die elke avond datzelfde podium betreedt. Lights Out in Memphis Egypt opent als een zware grunge track om vervolgens met die kronkelende wendingen alle kanten uit te schieten. Dan weer lomp basic rock stampend in Sunshine Girl Hello en onberekend afwijkend in het retro Ant Repellent. Heerlijk!
Ondanks die tevens tekstuele onnavolgbare uitspattingen overheerst het rauwe gitaargeluid van een eigenzinnige indieband die zich ontwikkeld heeft tot een gedreven powerpop gezelschap. Een scherpe rockmachine die met het nodige krachtvoer een explosieve indruk achterlaat en nog lang niet uitgespeeld is. Afgewezen nummers? Daar doet Guided By Voices dus niet aan!
Guided by Voices - Earth Man Blues | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - It's Not Them. It Couldn't Be Them. It Is Them! (2021)

4,0
1
geplaatst: 5 november 2021, 16:28 uur
Net als je denkt dat Robert Pollard een definitieve doorstart maakt met Cub Scout Bowling Pins, komt dan toch de langverwachte opvolger van het eerder dit jaar uitgebrachte Earth Man Blues uit. Het is onderhand de gewoonte dat er elk jaar minimaal drie lo-fi albums van zijn hand verschijnen, en ook het al eerder aangekondigde It’s Not Them. It Couldn’t Be Them. It Is Them! met wijdbeense rock and roll hoes maakt de nodige indruk. Kwaliteitsvervaging? Daar hebben ze hier nog nooit van gehoord, al hebben we onderhand wel te maken met een Guided By Voices inflatie. Jammer eigenlijk, want ook deze powerpop plaat is mij net zo dierbaar als het eerder verschenen werk.
Ondertussen duikt Robert Pollard alweer vijf jaar lang met dezelfde groep rasmuzikanten de studio in, en heeft hij in deze samenstelling zo’n 13 albums afgeleverd waar menige band jaloers op zal zijn. Robert Pollard heeft inclusief zichzelf, oudgediende Doug Gillard en redelijk vers bloed Bobby Bare Jr., drie totaal verschillende meesterlijke gitaristen in het gezelschap. Aangevuld met nieuwkomer Mark Shue op bas en de al eerder actieve drummer Kevin March duiken we de rockgeschiedenis in. Vernieuwend is het nergens, maar wat zijn het weer 15 heerlijke rockdeuntjes geworden. Het is maar een topje van de ijsberg als we alle frontman projecten bij elkaar optellen, maar laten we het voor het gemak maar houden op de 34e Guided By Voices plaat.
Spanish Coin mengt de inspirerende The Doors psychedelica met de zigeuner folk oerkracht van Love. Er wordt gelinkt naar de Breaking Bad drugsconnecties, en de grensmuur die het afstervende Mexico van de Verenigde Staten amputeert. Een naar de huidige tijd getrokken spaghettiwestern filmscenario in de lijn liggende van de dramatische Sergio Leone klassieker Once Upon a Time in the West. De treurnis van de mariachi-trompetten staat gelijk aan het weggejaagde volk, welke als rondreizende nomaden verplicht zijn om telkens weer datzelfde rondje te doorlopen. Een dieptrieste erfenis die Donald Trump de inwoners daar had willen schenken. Het anarchistische licht opruiende People Need Holes is een publieke uitnodiging om deze belofte te breken. Op maatschappelijk vlak zit het dus ook weer helemaal goed bij Robert Pollard die de eenvoud van zijn teksten misbruikt voor maximaal eindresultaat.
Deze indrukwekkende opener wordt opgevolgd door het stevige High in the Rain. Een stortvloed aan noise vaagt de overwinnaarsmentaliteit van de track weg. Een hoog staaltje aan klassieke jaren negentig Guided By Voices rock met georkestreerde strijkers die nergens gedateerd aanvoelt. Het donkere Seattle geluid van Dance of Gurus wordt onderbroken door verfrissende honky-tonk koebel ritmes. Die afwisseling tussen afstotende ruwheid en innemende vitaliteit staat tevens centraal in het grauw twinkelende Flying Without a License. Zou daarin zich dan die kracht van Guided By Voices bevinden? Er gebeurt altijd iets magisch als de uit Ohio afkomstige indierockers tegenstrijdige stijlen met elkander laten inmengen. Bij vrijwel elke andere band ontstaat er dan een diepzwart geluid, terwijl Robart Pollard juist een lilapaars Paisley Underground kleurenpalet creëert.
Het trippende hypnotiserende Psycho House, de grillige spookstadsong Maintenance Man of the Haunted House, de dronken waanzin van Razor Bug, en het rammelende ketting rock einde van Chain Gang Island zijn horrorliedjes, die net genoeg aan de eigen verbeelding overlaten. Die typische old school Guided By Voices beleving wordt opgeroepen door het uptempo I Share a Rhythm, het luie Cherub and the Great Child Actor, de springstok luchtigheid van My (Limited) Engagement en de stevige collegerock van Black and White Eyes in a Prism, terwijl het ritmische I Wanna Monkey verzuipt in dromerige Sonic Youth Daydream Nation nostalgie.
It’s Not Them. It Couldn’t Be Them. It Is Them! is een vrij ernstige plaat, de humor is subtiel aanwezig, als de krakende ruis in The Bell Gets Out of the Way afgewisseld wordt met een Burt Bacharach blazersarrangement. Ik probeer Guided By Voices te betrappen op saaiheid en automatische pilootnummers, maar moet weer concluderen dat de verveling nog steeds niet heeft toegeslagen. Wat een lekkere plaat weer! Kunnen ze zichzelf na al die jaren nog overtreffen? Nee, dat niet, maar ze evenaren hiermee wel Earth Man Blues.
Guided by Voices - It's Not Them. It Couldn't Be Them. It Is Them! | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Ondertussen duikt Robert Pollard alweer vijf jaar lang met dezelfde groep rasmuzikanten de studio in, en heeft hij in deze samenstelling zo’n 13 albums afgeleverd waar menige band jaloers op zal zijn. Robert Pollard heeft inclusief zichzelf, oudgediende Doug Gillard en redelijk vers bloed Bobby Bare Jr., drie totaal verschillende meesterlijke gitaristen in het gezelschap. Aangevuld met nieuwkomer Mark Shue op bas en de al eerder actieve drummer Kevin March duiken we de rockgeschiedenis in. Vernieuwend is het nergens, maar wat zijn het weer 15 heerlijke rockdeuntjes geworden. Het is maar een topje van de ijsberg als we alle frontman projecten bij elkaar optellen, maar laten we het voor het gemak maar houden op de 34e Guided By Voices plaat.
Spanish Coin mengt de inspirerende The Doors psychedelica met de zigeuner folk oerkracht van Love. Er wordt gelinkt naar de Breaking Bad drugsconnecties, en de grensmuur die het afstervende Mexico van de Verenigde Staten amputeert. Een naar de huidige tijd getrokken spaghettiwestern filmscenario in de lijn liggende van de dramatische Sergio Leone klassieker Once Upon a Time in the West. De treurnis van de mariachi-trompetten staat gelijk aan het weggejaagde volk, welke als rondreizende nomaden verplicht zijn om telkens weer datzelfde rondje te doorlopen. Een dieptrieste erfenis die Donald Trump de inwoners daar had willen schenken. Het anarchistische licht opruiende People Need Holes is een publieke uitnodiging om deze belofte te breken. Op maatschappelijk vlak zit het dus ook weer helemaal goed bij Robert Pollard die de eenvoud van zijn teksten misbruikt voor maximaal eindresultaat.
Deze indrukwekkende opener wordt opgevolgd door het stevige High in the Rain. Een stortvloed aan noise vaagt de overwinnaarsmentaliteit van de track weg. Een hoog staaltje aan klassieke jaren negentig Guided By Voices rock met georkestreerde strijkers die nergens gedateerd aanvoelt. Het donkere Seattle geluid van Dance of Gurus wordt onderbroken door verfrissende honky-tonk koebel ritmes. Die afwisseling tussen afstotende ruwheid en innemende vitaliteit staat tevens centraal in het grauw twinkelende Flying Without a License. Zou daarin zich dan die kracht van Guided By Voices bevinden? Er gebeurt altijd iets magisch als de uit Ohio afkomstige indierockers tegenstrijdige stijlen met elkander laten inmengen. Bij vrijwel elke andere band ontstaat er dan een diepzwart geluid, terwijl Robart Pollard juist een lilapaars Paisley Underground kleurenpalet creëert.
Het trippende hypnotiserende Psycho House, de grillige spookstadsong Maintenance Man of the Haunted House, de dronken waanzin van Razor Bug, en het rammelende ketting rock einde van Chain Gang Island zijn horrorliedjes, die net genoeg aan de eigen verbeelding overlaten. Die typische old school Guided By Voices beleving wordt opgeroepen door het uptempo I Share a Rhythm, het luie Cherub and the Great Child Actor, de springstok luchtigheid van My (Limited) Engagement en de stevige collegerock van Black and White Eyes in a Prism, terwijl het ritmische I Wanna Monkey verzuipt in dromerige Sonic Youth Daydream Nation nostalgie.
It’s Not Them. It Couldn’t Be Them. It Is Them! is een vrij ernstige plaat, de humor is subtiel aanwezig, als de krakende ruis in The Bell Gets Out of the Way afgewisseld wordt met een Burt Bacharach blazersarrangement. Ik probeer Guided By Voices te betrappen op saaiheid en automatische pilootnummers, maar moet weer concluderen dat de verveling nog steeds niet heeft toegeslagen. Wat een lekkere plaat weer! Kunnen ze zichzelf na al die jaren nog overtreffen? Nee, dat niet, maar ze evenaren hiermee wel Earth Man Blues.
Guided by Voices - It's Not Them. It Couldn't Be Them. It Is Them! | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - La La Land (2023)

3,5
0
geplaatst: 27 januari 2023, 15:41 uur
Moeten we nu echt bij elke nieuwe Guided By Voices plaat stilstaan? Jazeker, zolang de over productieve Robert Pollard en zijn manschappen goede lo-fi eigen beheer albums uitbrengen, blijf ik dat doen. Popmuzikanten hebben gewoon een dagelijkse baan, tenminste zo ziet meneer Pollard dat. Je gaat naar het werk, neemt een liedje op, en gaat eind van de dag weer naar huis. En toch ervaar ik bij La La Land een beetje inspiratie armoede. Na het meer dan voortreffelijke Earth Man Blues, It’s Not Them. It Couldn’t Be Them. It Is Them!, Crystal Nuns Cathedral, Tremblers and Goggles by Rank en het Cub Scout Bowling Pins project is La La Land een klein stapje terug. Niet alle ideeën zijn gebalanceerd uitgewerkt, smetplekken niet goed gereinigd of weggepoetst . Maar het blijft Guided By Voices en die doen niet aan verwachte compromissen. Robert Pollard is spaarzaam in zijn poëtische woordkeuzes, en La La Land is stukken duisterder dan de voorgangers.
De zuigende stofzuiger Another Day to Heal punkrocksong laat een optimaal functionerende band op topsnelheid horen. Toch is Robert Pollard hier niet de bepalende factor, maar meesterdrummer Kevin March die met zijn tegendraadse ritmes genoeglijke verstrooiing en prettige verwarring in het spel brengt. Typerende Guided By Voices gekte, met rommelig afgesteld apparatuur. Het loopt smetteloos in de Paisley Underground Released Into Dementia surf folk over waarbij slangenbezweerders orgelhypnose je volledig zen laat worden. Op het evenwichtige Ballroom Etiquette merseybeat ontspoort Robert Pollard soms wat in zijn aan elkaar gehaakte emotie frustraties. De tekst verharding geeft aan dat je er bij het eeuwige afscheid als levensspel makelaar er helemaal alleen voor staat. Uiteindelijk dirigeert iemand anders de uitvaart, en ben je de enige toeschouwer bij die laatste onemanshow.
Het venijnige donkere Instinct Dwelling is een hard rockende postpunkstamper met de nodige huilende alarmerende gitaaruithalen. Altijd fijn als deze net op het randje in het rood eindigen, en de versterkers vertroetelend ruw masseren. Jammer dat de fade out afronding wat slordig is. Het bewust ontstemde Queen of Spaces intro irriteert een beetje, maar een tweede luisterbeurt schetst een ander beeld. Juist die oneffen soberheid geeft een sterk zingend invallende Robert Pollard een breder raakvlak. Slowly on the Wheel is een langdradige poging om de gitaar in de juiste toonhoogte te stemmen. Guided By Voices zijn de helden van de korte vluchtige songs, die zich vrijwel nooit aan epische songstructuren wagen. Kan Robert Pollard alles? Nee, deze halfslachtige rockopera poging valt net wat nadelig uit. Het mist strakke overgangen, en de tempowisselingen worden te traag in gang gezet.
Het gifgroene Cousin Jackie blenderdrankje heeft een bittere nasmaak. Het is mij te stroef, te stroperig, de muzikale voedingsstoffen zijn niet genoeg opgelost, waardoor het een dikke vastzittende brei wordt. Guided By Voices is geniaal in veelzijdigheid, maar mix in het vervolg geen meerdere afstotende genres met elkaar en plaats Angus Young van AC/DC nooit tegenover Led Zeppelins Jimmy Page in de ring. Een gevalletje Black Dog Eat Dog. Wild Kingdom gaat ook ten onder aan roekeloos radiozendergedraai, waardoor je opeens in een vlaag van verstandsverbijstering rocking songbook klassiekers voorbij hoort denderen.
Het korte Caution Song speelt met Robert Pollards melancholische vrije dichtkunsten, soms heb je amper twee minuten nodig om een verhaal te vertellen. Face Eraser is ouderwets Guided By Voices werk. Heerlijke Do It Yourself indie pop, met puberaal stekende punkrock uitspattingen. De frontman is zowat de pensioenleeftijd gepasseerd, maar heeft de eeuwige jeugd in zich dus dat deert hem niet. Het gevoel voor humor bezit hij nog steeds, het komische Pockets is een waardige afsluiter. Toch liggen mijn verwachtingen bij La La Land stiekem iets hoger, maar waarschijnlijk trekt het later dit jaar te verschijnen Welshpool Frillies dat wel weer recht.
Guided by Voices - La La Land | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De zuigende stofzuiger Another Day to Heal punkrocksong laat een optimaal functionerende band op topsnelheid horen. Toch is Robert Pollard hier niet de bepalende factor, maar meesterdrummer Kevin March die met zijn tegendraadse ritmes genoeglijke verstrooiing en prettige verwarring in het spel brengt. Typerende Guided By Voices gekte, met rommelig afgesteld apparatuur. Het loopt smetteloos in de Paisley Underground Released Into Dementia surf folk over waarbij slangenbezweerders orgelhypnose je volledig zen laat worden. Op het evenwichtige Ballroom Etiquette merseybeat ontspoort Robert Pollard soms wat in zijn aan elkaar gehaakte emotie frustraties. De tekst verharding geeft aan dat je er bij het eeuwige afscheid als levensspel makelaar er helemaal alleen voor staat. Uiteindelijk dirigeert iemand anders de uitvaart, en ben je de enige toeschouwer bij die laatste onemanshow.
Het venijnige donkere Instinct Dwelling is een hard rockende postpunkstamper met de nodige huilende alarmerende gitaaruithalen. Altijd fijn als deze net op het randje in het rood eindigen, en de versterkers vertroetelend ruw masseren. Jammer dat de fade out afronding wat slordig is. Het bewust ontstemde Queen of Spaces intro irriteert een beetje, maar een tweede luisterbeurt schetst een ander beeld. Juist die oneffen soberheid geeft een sterk zingend invallende Robert Pollard een breder raakvlak. Slowly on the Wheel is een langdradige poging om de gitaar in de juiste toonhoogte te stemmen. Guided By Voices zijn de helden van de korte vluchtige songs, die zich vrijwel nooit aan epische songstructuren wagen. Kan Robert Pollard alles? Nee, deze halfslachtige rockopera poging valt net wat nadelig uit. Het mist strakke overgangen, en de tempowisselingen worden te traag in gang gezet.
Het gifgroene Cousin Jackie blenderdrankje heeft een bittere nasmaak. Het is mij te stroef, te stroperig, de muzikale voedingsstoffen zijn niet genoeg opgelost, waardoor het een dikke vastzittende brei wordt. Guided By Voices is geniaal in veelzijdigheid, maar mix in het vervolg geen meerdere afstotende genres met elkaar en plaats Angus Young van AC/DC nooit tegenover Led Zeppelins Jimmy Page in de ring. Een gevalletje Black Dog Eat Dog. Wild Kingdom gaat ook ten onder aan roekeloos radiozendergedraai, waardoor je opeens in een vlaag van verstandsverbijstering rocking songbook klassiekers voorbij hoort denderen.
Het korte Caution Song speelt met Robert Pollards melancholische vrije dichtkunsten, soms heb je amper twee minuten nodig om een verhaal te vertellen. Face Eraser is ouderwets Guided By Voices werk. Heerlijke Do It Yourself indie pop, met puberaal stekende punkrock uitspattingen. De frontman is zowat de pensioenleeftijd gepasseerd, maar heeft de eeuwige jeugd in zich dus dat deert hem niet. Het gevoel voor humor bezit hij nog steeds, het komische Pockets is een waardige afsluiter. Toch liggen mijn verwachtingen bij La La Land stiekem iets hoger, maar waarschijnlijk trekt het later dit jaar te verschijnen Welshpool Frillies dat wel weer recht.
Guided by Voices - La La Land | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Nowhere to Go but Up (2023)

4,0
0
geplaatst: 11 december 2023, 16:45 uur
Elke Guided By Voices plaat is een feestje, al loopt het overaanbod de laatste jaren bijna de spuigaten uit, waardoor er onderhand een allergische Guided By Voices oververmoeidheid ontstaat. Toch levert Robert Pollard met Nowhere to Go but Up weer een ijzersterke plaat af, waarbij vooral de eerste helft zeer aan hun jaren negentig platen memoreert. Sterker nog, kwalitatief niks aan hun hoogtijdagen onderdoen en waarmee ze zich definitief uit die na sudderende schaduw plaatsen. De frontman kiest uiteraard niet voor de gemakkelijkste weg en schuift het minder toegankelijke zwaar psychedelische For the Home als aankondigende recht toe recht aan single naar voren, terwijl er zoveel meer en betere geschikte kandidaten zijn. Nowhere to Go but Up is na La La Land en Welshpool Frillies het derde Guided By Voices album van 2023, en dan benoem ik nog niet eens de Circus Devils plaat Squeeze the Needle, een van de vele sideprojecten van Robert Pollard welke amper een maand geleden verschijnt.
Kerstbellen luiden The Race Is On, the King Is Dead in, gevolgd door de herkenbare glamrockende powerpop gitaren. Een ouderwetse traditionele rocker volgens de Guided By Voices principes. De sound is net een tikkeltje voller, glazuur gepolijst bijna, maar wel zo passende in de tijd van het jaar. Niet vreemd dus dat de albumrelease vrijwel gelijk met Thanksgiving Day samenvalt. We zegenen de nieuwe oogst en kijken met goede voornemens de toekomst tegemoet. Alles verandert en alles blijft hetzelfde, zelfs het stemgeluid van Robert Pollard vertoont nergens slijtage. Alles verandert en alles blijft hetzelfde, het maatschappijkritische Local Master Airplane kan net zo goed een aanklacht tegen het eerste Bush Senior beleid zijn. In het cynisch verdwalende We’re going the wrong way in Paisley Underground psychedelica is hij de trouwe volgeling, als we onszelf dan toch de vernieling in helpen, doe het dan als eenheid.
Zijn er zoveel liedjes nodig om te concluderen dat je uiteindelijk geen stap verder komt? In het geval van Guided By Voices dus wel. Het is hun erfenis, elk jaar weer datzelfde kerstcadeau, maar steeds met datzelfde gelukzalige gevoel. Sterker nog, de presentjes worden eind november gewoon steeds weer opnieuw ingepakt, omdat dit moment van nagenieten zo leuk blijft. Superlijm songs die altijd blijven plakken, en altijd sterk zijn. Puncher’s Parade, een strijdlied voor de eeuwige underdog, welke het verliezen tot kunst verheft. De creeps en weirdo’s uit de jaren negentig die nu volgroeide mislukkelingen zijn. Het grimmige Stabbing at Fractions is een verregende najaar depressie, actief non-actief functionerend en sluit daar feilloos op aan.
De aan The Who en seventies hardrock memorerende Love Set heeft een prachtige groots opgestarte opbouw, de anticlimax na de te vroeg ingezette climax. Typische Guided By Voices ongein. Robert Pollard bezit het vermogen om een doldwaze rockopera te schrijven, maar breng hem niet op dit rare idee, alstublieft zeg! Misschien is Nowhere to Go but Up wel de Tommy van Guided by Voices, al werken ze daar naar het hoogtepunt toe, en benut Robert Pollard juist de kansen om net mis te grijpen. In het droom mijmerende How Did He Get Up There stelt Robert Pollard zich tevreden met die eerder aangehaalde underdogpositie. Door deze acceptatie ontstaan er continu doorgroeimogelijkheden. Maar hij is tevens de bange criticus die in het van de omgeving vervreemdende Cruel for Rats angstig tegen de toekomst aankijkt. Jack of Legs, de comeback kid, klappen investeren, onderuit gaan en nogmaals klappen investeren. De lo-fi volksheld, met het catchy vakmanschap om telkens in die laatste minuut net niet te scoren. Song and Dance als uitgerekende genadeslag. Guided by Voices in topvorm.
Guided by Voices - Nowhere to Go but Up | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Kerstbellen luiden The Race Is On, the King Is Dead in, gevolgd door de herkenbare glamrockende powerpop gitaren. Een ouderwetse traditionele rocker volgens de Guided By Voices principes. De sound is net een tikkeltje voller, glazuur gepolijst bijna, maar wel zo passende in de tijd van het jaar. Niet vreemd dus dat de albumrelease vrijwel gelijk met Thanksgiving Day samenvalt. We zegenen de nieuwe oogst en kijken met goede voornemens de toekomst tegemoet. Alles verandert en alles blijft hetzelfde, zelfs het stemgeluid van Robert Pollard vertoont nergens slijtage. Alles verandert en alles blijft hetzelfde, het maatschappijkritische Local Master Airplane kan net zo goed een aanklacht tegen het eerste Bush Senior beleid zijn. In het cynisch verdwalende We’re going the wrong way in Paisley Underground psychedelica is hij de trouwe volgeling, als we onszelf dan toch de vernieling in helpen, doe het dan als eenheid.
Zijn er zoveel liedjes nodig om te concluderen dat je uiteindelijk geen stap verder komt? In het geval van Guided By Voices dus wel. Het is hun erfenis, elk jaar weer datzelfde kerstcadeau, maar steeds met datzelfde gelukzalige gevoel. Sterker nog, de presentjes worden eind november gewoon steeds weer opnieuw ingepakt, omdat dit moment van nagenieten zo leuk blijft. Superlijm songs die altijd blijven plakken, en altijd sterk zijn. Puncher’s Parade, een strijdlied voor de eeuwige underdog, welke het verliezen tot kunst verheft. De creeps en weirdo’s uit de jaren negentig die nu volgroeide mislukkelingen zijn. Het grimmige Stabbing at Fractions is een verregende najaar depressie, actief non-actief functionerend en sluit daar feilloos op aan.
De aan The Who en seventies hardrock memorerende Love Set heeft een prachtige groots opgestarte opbouw, de anticlimax na de te vroeg ingezette climax. Typische Guided By Voices ongein. Robert Pollard bezit het vermogen om een doldwaze rockopera te schrijven, maar breng hem niet op dit rare idee, alstublieft zeg! Misschien is Nowhere to Go but Up wel de Tommy van Guided by Voices, al werken ze daar naar het hoogtepunt toe, en benut Robert Pollard juist de kansen om net mis te grijpen. In het droom mijmerende How Did He Get Up There stelt Robert Pollard zich tevreden met die eerder aangehaalde underdogpositie. Door deze acceptatie ontstaan er continu doorgroeimogelijkheden. Maar hij is tevens de bange criticus die in het van de omgeving vervreemdende Cruel for Rats angstig tegen de toekomst aankijkt. Jack of Legs, de comeback kid, klappen investeren, onderuit gaan en nogmaals klappen investeren. De lo-fi volksheld, met het catchy vakmanschap om telkens in die laatste minuut net niet te scoren. Song and Dance als uitgerekende genadeslag. Guided by Voices in topvorm.
Guided by Voices - Nowhere to Go but Up | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Scalping the Guru (2022)

3,5
0
geplaatst: 1 november 2022, 01:48 uur
Een nieuwe Guided by Voices, we kijken er ondertussen al niet meer van op. Is het een gimmick? Een Robert Pollard geintje om zijn fans weer een overdosis aan songs te schenken? Het grappigste van dit alles is echter dat er telkens kwalitatief niks aan op te merken valt. Sterker nog de creatieve leider verkeert in bloedvorm, dus stiekem kijk ik nog steeds hoopvol naar de releases uit. Scalping the Guru bevat echter geen recent werk, maar grijpt terug naar het succesvolle Bee Thousand tijdperk uit 1994, misschien wel de bekendste en hoogst gewaardeerde plaat van Guided by Voices. Ook toen was er al sprake van een zeer productieve periode. Het harmonieuze rammelende indiepop restmateriaal vindt bescheiden de weg naar de alles verzamelende fanboys. Deze collector items krijgen tegenwoordig een mythisch waarde etiket opgeplakt, en zeker voor een EP als Static Airplane Jive moet je flink in de buidel tasten. Het is natuurlijk prachtig dat deze nu samen met tracks van Get Out of My Stations, Fast Japanese Spin Cycle en Clown Prince of the Menthol Trailer EP’s als Scalping the Guru gebundeld wordt.
De nadruk ligt dus echter op de legendarische Static Airplane Jive EP, die hier volledig op terug te vinden is. Van de Clown Prince of the Menthol Trailer EP missen we echter het dreigende donkere Broadcastor House. Bij Get Out of My Stations ontbreken het beangstigende Queen of Second Guessing en het lekkere traag opbouwende Blue Moon Fruit. Bij het bekaaid aanwezige Fast Japanese Spin Cycle precies datzelfde verhaal, geen 3rd World Birdwatching pianotrack, geen uptempo akoestische Snowman, geen stevig pompende Marchers in Orange, geen Dusted grunge en geen duidelijk in demofase verkerende Kisses to the Crying Cooks. Jammer want hierdoor komt de verzamelaar wat incompleet over. Genoeg leuk materiaal dus wat er gemakkelijk op past. Maar goed, ik ben uiterst tevreden met wat Scalping the Guru te bieden heeft. 20 tracks in 33 minuten, het blijft lachen met Guided by Voices.
Het Clown Prince of the Menthol Trailer aandeel is dus behoorlijk groot. Matter Eater Lad gaat terug naar de jeugdige DC Comics liefde van Robert Pollard, waar de allesverslindende superheld de hoofdrol vertolkt. Die typische Guided by Voices gekte ontbreekt hier uiteraard niet. Heerlijk gevuld met kapot slaande percussie en tekstuele humoristische absurdisme. Met het verhalende Johnny Appleseed eren ze de legendarische Amerikaanse volksicoon. Het rauwe Hunter Complex is nog onnavolgbaarder, Pink Gun is een kort punkrocknummer, het lompe Grandfather Westinghouse kenmerkt zich door de breed uitlijnende gezongen fraaie melodielijnen en de voorbij tikkende percussie. De titeltrack Scalping the Guru werd door de band al eerder als werktitel voor de Alien Lanes plaat gebruikt, en is in principe niet veel meer dan een inspiratie opwekkende jam.
Op de psychedelische sixties getinte Get Out of My Stations lo-fi EP ligt de nadruk op de geschrapte en nooit verschenen Back to Saturn X plaat en de Propeller left-overs, en is met het Paisley Underground achtige Scalding Creek, het in dezelfde lijn liggende Melted Pat, het duistere met de bas op de voorgrond geplaatste Dusty Bushworms en het dromerige Spring Tiger ruim vertegenwoordigd. Het zwaar rockende Mobile stamt uit dezelfde periode en teert op een onheilspellend psychocountry deuntje. Het is spijtig dat ze niks aan de krakkemikkige geluidskwaliteiten hebben gedaan, een dun filtertje eroverheen zou zeker in het voordeel werken. Blijkbaar kiest de band ervoor om een zo puur mogelijke benadering van dat werkproces perfect weer te geven. Och het blijft Guided By Voices, en dat siert ze. Van Fast Japanese Spin Cycle halen helaas alleen het indrukwekkende maatschappijkritische My Impression Now, de spacende duistere gitaartrack Volcano Divers en het ultrakorte Indian Fables de uiteindelijke setlist.
De kant en klare Static Airplane Jive songs overstijgen een aantal songs toch wel het overige niveau en doen deze zeker niet onder voor het Bee Thousand werk. Vocaal is de EP overduidelijk door The Beatles beïnvloedt. Damn Good Mr. Jam is oorspronkelijk nog voor de Back to Saturn X plaat bedoeld, en heeft een aangename rauwe toetsing. De uptempo oldschool punkrock van Glow Boy Butlers zou je nog het beste als een liefdesliedje kunnen omschrijven. Gelatin, Ice Cream, Plum speelt in op de wanhopige onmacht van een onbereikbare liefde, en het geniale sterke Big School wordt als introducerende single vooruitgeschoven. Het is jammer dat Hey Aardvark en de emo schreeuw van Rubber Man zo kort zijn, hier valt nog behoorlijk wat winst uit te halen. Al met al een prima aanvulling, en voor de ware liefhebbers een leuk hebbedingetje.
Guided by Voices - Scalping the Guru | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
De nadruk ligt dus echter op de legendarische Static Airplane Jive EP, die hier volledig op terug te vinden is. Van de Clown Prince of the Menthol Trailer EP missen we echter het dreigende donkere Broadcastor House. Bij Get Out of My Stations ontbreken het beangstigende Queen of Second Guessing en het lekkere traag opbouwende Blue Moon Fruit. Bij het bekaaid aanwezige Fast Japanese Spin Cycle precies datzelfde verhaal, geen 3rd World Birdwatching pianotrack, geen uptempo akoestische Snowman, geen stevig pompende Marchers in Orange, geen Dusted grunge en geen duidelijk in demofase verkerende Kisses to the Crying Cooks. Jammer want hierdoor komt de verzamelaar wat incompleet over. Genoeg leuk materiaal dus wat er gemakkelijk op past. Maar goed, ik ben uiterst tevreden met wat Scalping the Guru te bieden heeft. 20 tracks in 33 minuten, het blijft lachen met Guided by Voices.
Het Clown Prince of the Menthol Trailer aandeel is dus behoorlijk groot. Matter Eater Lad gaat terug naar de jeugdige DC Comics liefde van Robert Pollard, waar de allesverslindende superheld de hoofdrol vertolkt. Die typische Guided by Voices gekte ontbreekt hier uiteraard niet. Heerlijk gevuld met kapot slaande percussie en tekstuele humoristische absurdisme. Met het verhalende Johnny Appleseed eren ze de legendarische Amerikaanse volksicoon. Het rauwe Hunter Complex is nog onnavolgbaarder, Pink Gun is een kort punkrocknummer, het lompe Grandfather Westinghouse kenmerkt zich door de breed uitlijnende gezongen fraaie melodielijnen en de voorbij tikkende percussie. De titeltrack Scalping the Guru werd door de band al eerder als werktitel voor de Alien Lanes plaat gebruikt, en is in principe niet veel meer dan een inspiratie opwekkende jam.
Op de psychedelische sixties getinte Get Out of My Stations lo-fi EP ligt de nadruk op de geschrapte en nooit verschenen Back to Saturn X plaat en de Propeller left-overs, en is met het Paisley Underground achtige Scalding Creek, het in dezelfde lijn liggende Melted Pat, het duistere met de bas op de voorgrond geplaatste Dusty Bushworms en het dromerige Spring Tiger ruim vertegenwoordigd. Het zwaar rockende Mobile stamt uit dezelfde periode en teert op een onheilspellend psychocountry deuntje. Het is spijtig dat ze niks aan de krakkemikkige geluidskwaliteiten hebben gedaan, een dun filtertje eroverheen zou zeker in het voordeel werken. Blijkbaar kiest de band ervoor om een zo puur mogelijke benadering van dat werkproces perfect weer te geven. Och het blijft Guided By Voices, en dat siert ze. Van Fast Japanese Spin Cycle halen helaas alleen het indrukwekkende maatschappijkritische My Impression Now, de spacende duistere gitaartrack Volcano Divers en het ultrakorte Indian Fables de uiteindelijke setlist.
De kant en klare Static Airplane Jive songs overstijgen een aantal songs toch wel het overige niveau en doen deze zeker niet onder voor het Bee Thousand werk. Vocaal is de EP overduidelijk door The Beatles beïnvloedt. Damn Good Mr. Jam is oorspronkelijk nog voor de Back to Saturn X plaat bedoeld, en heeft een aangename rauwe toetsing. De uptempo oldschool punkrock van Glow Boy Butlers zou je nog het beste als een liefdesliedje kunnen omschrijven. Gelatin, Ice Cream, Plum speelt in op de wanhopige onmacht van een onbereikbare liefde, en het geniale sterke Big School wordt als introducerende single vooruitgeschoven. Het is jammer dat Hey Aardvark en de emo schreeuw van Rubber Man zo kort zijn, hier valt nog behoorlijk wat winst uit te halen. Al met al een prima aanvulling, en voor de ware liefhebbers een leuk hebbedingetje.
Guided by Voices - Scalping the Guru | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Thick Rich and Delicious (2025)

3,5
1
geplaatst: 7 november 2025, 16:13 uur
Je kan Robert Pollard niet op misstappen betrappen. Het gemak waarmee hij met zijn vriendenclub Guided by Voices platen produceert is met geen andere band te vergelijken. En ze flikken het telkens weer om een mooi hoofdstuk aan hun repertoire toe te voegen. Het creatieve brein van een nooit stil zittende muzikant als Robert Pollard is het best te vergelijken met een auteur die elk half jaar een nieuw boek aflevert waarvan de verhaallijnen grotendeels hetzelfde zijn maar waarbij het plot telkens weer een tikkeltje anders is. Het Zo ook bij Thick Rich and Delicious.
We wanen ons ergens in de zomer van 1992, net na het topjaar van Pinkpop. Melodieuze gitaarmuziek heerst, en de indierock zet zich definitief op de kaart. Schijnbaar heeft Robert Pollard genoeg bruikbaar materiaal uit deze periode en zelfs ouder op de plank liggen, waar zeker winst uit te halen valt. The Lighthouse Resurrection is letterlijk te herleiden naar het vruchtbare Bee Thousand en is in principe een herbewerking van afdankertje At Odds with Dr. Genesis.
Vergeet niet dat de samenstelling van Guided by Voices totaal anders is als in die rijpe beginjaren. Robert Pollard is de enige overgebleven stabiele factor. Andere muzikanten leveren een andere sound op, waardoor de nieuwste Guided by Voices vertrouwd maar toch ook weer uniek klinkt. Slechts de herkenbare dynamiek is altijd hetzelfde. Eventjes de stemmen opwarmen en de juiste vocale toonhoogtes opzoeken in het met vlagen aan countryrock opgehemelde Babies and Gentlemen. Meer is het niet, en het is de kunst van Robert Pollard om hier een heuse rocksong van te maken.
Het echte werk begint vervolgens met (You Can’t Go Back to) Oxford Talawanda. Powerpop pur sang waar Alex Chilton met Big Star het patent op heeft, maar waar de hele college scene en zelfs de populaire punkrock op teruggreep. Guided by Voices is nog steeds relevant, en zeer betrokken in het heden. Robert Pollard dicht hiermee de grens met het verleden dicht, waardoor het lastig te achterhalen is welke nummers daar hun oorsprong hebben.
Phantasmagoric Upstarts voegt er wat sixties surf aan toe. Robert Pollard spreekt het verlangen naar vroeger uit, en houdt ons een schijnspiegel voor. Een schilderachtig spookstadje, duidelijk gesitueerd in het duistere A. Glum Swoboda. Verfijnd van kleur, veel bombast, maar zonder inhoud. Het is een aanklacht tegen het hedendaagse consumptiemodel, waar sociale media heersen en artificiële intelligentie aan voorgekauwde behoeftes voldoet. Ook Lucy’s World ademt dit statement. Thick Rich and Delicious staat voor de volgevreten maatschappij wiens honger niet te stillen is.
Is dat verder van belang? Zeker niet. Robert Pollard doet waar hij goed in is. Mother John werkt naar een ejaculerende climax toe, die er net niet komt, maar moet je dat van een 68-jarige man nog verwachten? In de instrumentale stoner rocker Dance of the Picnic Ants dirigeert een mierenleger zich naar de top van die eindbestemming toe, daar kan het dus wel. A Tribute to Beatle Bob is het heimelijke verlangen om een klassieker te schrijven, al moet je dat bij antiheld Robert Pollard niet te serieus opvatten.
De tweede helft van Thick Rich and Delicious is net wat steviger. Replay heeft de nodige hardrock elementen en Siren schuwt de grijsheid van de grunge en postpunk niet. Afsluiter Captain Kangaroo Won the War teert tevens een groot stuk op deze melancholische erfenis uit de jaren tachtig. Een rocker heeft het eeuwige bestaan, aan pensioenleeftijd doet hij niet. Daarvan is Robert Pollard het levendige bewijs.
Guided by Voices - Thick Rich and Delicious | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
We wanen ons ergens in de zomer van 1992, net na het topjaar van Pinkpop. Melodieuze gitaarmuziek heerst, en de indierock zet zich definitief op de kaart. Schijnbaar heeft Robert Pollard genoeg bruikbaar materiaal uit deze periode en zelfs ouder op de plank liggen, waar zeker winst uit te halen valt. The Lighthouse Resurrection is letterlijk te herleiden naar het vruchtbare Bee Thousand en is in principe een herbewerking van afdankertje At Odds with Dr. Genesis.
Vergeet niet dat de samenstelling van Guided by Voices totaal anders is als in die rijpe beginjaren. Robert Pollard is de enige overgebleven stabiele factor. Andere muzikanten leveren een andere sound op, waardoor de nieuwste Guided by Voices vertrouwd maar toch ook weer uniek klinkt. Slechts de herkenbare dynamiek is altijd hetzelfde. Eventjes de stemmen opwarmen en de juiste vocale toonhoogtes opzoeken in het met vlagen aan countryrock opgehemelde Babies and Gentlemen. Meer is het niet, en het is de kunst van Robert Pollard om hier een heuse rocksong van te maken.
Het echte werk begint vervolgens met (You Can’t Go Back to) Oxford Talawanda. Powerpop pur sang waar Alex Chilton met Big Star het patent op heeft, maar waar de hele college scene en zelfs de populaire punkrock op teruggreep. Guided by Voices is nog steeds relevant, en zeer betrokken in het heden. Robert Pollard dicht hiermee de grens met het verleden dicht, waardoor het lastig te achterhalen is welke nummers daar hun oorsprong hebben.
Phantasmagoric Upstarts voegt er wat sixties surf aan toe. Robert Pollard spreekt het verlangen naar vroeger uit, en houdt ons een schijnspiegel voor. Een schilderachtig spookstadje, duidelijk gesitueerd in het duistere A. Glum Swoboda. Verfijnd van kleur, veel bombast, maar zonder inhoud. Het is een aanklacht tegen het hedendaagse consumptiemodel, waar sociale media heersen en artificiële intelligentie aan voorgekauwde behoeftes voldoet. Ook Lucy’s World ademt dit statement. Thick Rich and Delicious staat voor de volgevreten maatschappij wiens honger niet te stillen is.
Is dat verder van belang? Zeker niet. Robert Pollard doet waar hij goed in is. Mother John werkt naar een ejaculerende climax toe, die er net niet komt, maar moet je dat van een 68-jarige man nog verwachten? In de instrumentale stoner rocker Dance of the Picnic Ants dirigeert een mierenleger zich naar de top van die eindbestemming toe, daar kan het dus wel. A Tribute to Beatle Bob is het heimelijke verlangen om een klassieker te schrijven, al moet je dat bij antiheld Robert Pollard niet te serieus opvatten.
De tweede helft van Thick Rich and Delicious is net wat steviger. Replay heeft de nodige hardrock elementen en Siren schuwt de grijsheid van de grunge en postpunk niet. Afsluiter Captain Kangaroo Won the War teert tevens een groot stuk op deze melancholische erfenis uit de jaren tachtig. Een rocker heeft het eeuwige bestaan, aan pensioenleeftijd doet hij niet. Daarvan is Robert Pollard het levendige bewijs.
Guided by Voices - Thick Rich and Delicious | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Universe Room (2025)

3,5
2
geplaatst: 19 mei 2025, 14:01 uur
Na een sabbatical van ruim een half jaar laten de mannen van Guided By Voices eindelijk weer eens van zich horen. Robert Pollard is het liedjes schrijven niet verleerd en met het grimmige van zich afslaande Driving Time opent de band Universe Room. Door zich frontaal op de milieuproblematiek te richten herplaatsen de Amerikanen zich in de jaren tachtig, waar het veelvoudig gebruik van haarlak de ozonlaag flink aantast. Inspireert Robert Pollard zichzelf door het kunstmatige synthpop tijdperk of is dit slechts een van zijn veelzijdige uitspattingen? Het is inderdaad slechts een van die muzikale grillen van de onnavolgbare frontman.
Driving Time verrast de luisteraar met een dichtgemetselde muur aan gitaarnoise waaroverheen Kevin March een flinke dosis een kletterend metaaldrumslagen loslaat. Met een wanhopige emo voordracht zet Robert Pollard zich opnieuw op de kaart. De laatste klanken roken nog na als de I Couldn’t See the Light krachtpop al ingezet wordt. Chaotische dramatiek waar Mark Shue tegen alle verwachtingen in een reggae basloopje instart. Maar bij een band als Guided By Voices moet je geen verwachtingen uitspreken, je moet het gewoon ondergaan. Hoe geniaal de subtiele koerswijzingen zijn, weten we allang, en ook met Universe Room houden ze dat constante hoge niveau bijna de hele plaat vast.
De vindingrijkheid van The Beatles wordt vaak geëerd, het is een band als Guided By Voices die deze erfenis volledig uitbeent en er een eigen draai aan geeft. Gooi daar nog de nodige Paisley Underground sixties janglerock, theatrale progrock en de schoonheid van de perfecte Big Star popsong doorheen en je komt aardig in de buurt van Universe Room. Aardig, want Guided By Voices blijft Guided By Voices en geeft er een eigen twist aan. Tegenwoordig verbazen we ons van het snelle tempo waarmee dit uit Ohio afkomstige gezelschap hun platen uitbrengt. Vergeet niet dat artiesten vroeger het ene na het andere meesterwerk maakten en ook niet onnodig in de studio vertoeven.
Het psychedelische dromerige I Will Be a Monk klinkt alsof Noel Gallagher zich als gelegenheidsgitarist bij R.E.M. heeft aangesloten. Dit is toch echt de verdienste van Doug Gillard die dat trucje later nogmaals in Aluminum Stingray Girl herhaalt. Jammer dat hij zich niet meer van dit soort momenten toe-eigent, het biedt zoveel extra’s. Aluminum Stingray Girl is tevens een noemenswaardige explosieve albumtrack met bijna oorverdovende beangstigende dreiging. Dat onverwachte maakt Universe Room juist zo interessant. Zo verwacht je ook geen strijkers in de jaren zeventig The Great Man powerrock, die zitten er weldegelijk in.
Het instrumentale The Well Known Soldier is een overbodig niemendalletje, het catchy Hers Purple had gerust wat langer mogen duren en ook Independent Animal is te fraai om na amper een minuut te eindigen. Blijkbaar schrikt het Robert Pollard nog steeds af om een perfecte popplaat te maken. In het schizofrene verknipte 19th Man to Fly an Airplane waanzin krijgen de muzikale stemmingswisselingen de overmacht. Ideeën worden tot een gedeeltelijk verteerbare maaltijd door elkaar geprakt. Het is de stoorzender tussen een veelvoud aan verkeerd op elkaar afgestelde kanalen.
Zo sterk als de eerste helft van de plaat zal het niet meer worden, al stellen de overige tracks zeker niet teleur. Het vervreemdende Elfin Flower with Knees is een positieve uitschieter naar boven. De koortsige drugstad song FranCisco toont de keerzijde van de stimulerende liefdesmiddelen, liefde die kunstmatig opgewekt wordt en een verslavend effect oproept. Guided By Voices raakt het overzicht kwijt, en waarschijnlijk is dit weer een bewuste zet van Robert Pollard om wat dieper na te denken. Grappig dat ze juist dit relaxte West Coast georiënteerde nummer met Latijns-Amerikaans passie aankleden.
Aesop Dreamed of Lions bezit dat traditionele Guided By Voices geluid waar de band ooit naam mee maakt. Universe Room is net wat donkerder en zwaarder dan wat we gewend zijn. Play Shadows is daarin het toppunt van deze duisternis. Eigenlijk is Universe Room bijna een gepolijste punkrockplaat te noemen. Minder lo-fi, minder rommelig, maar wel maatschappelijk bewust. De Fly Religion ska punk distantieert zich van de vastgeroeste wetten van de geloofsovertuigingen en staat voor een samenvoeging waarin elke God gelijk is. Het nieuwe denken volgens de vredelievende wijze ideologie van Robert Pollard. Zo mooi kan het zijn.
Guided by Voices - Universe Room | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Driving Time verrast de luisteraar met een dichtgemetselde muur aan gitaarnoise waaroverheen Kevin March een flinke dosis een kletterend metaaldrumslagen loslaat. Met een wanhopige emo voordracht zet Robert Pollard zich opnieuw op de kaart. De laatste klanken roken nog na als de I Couldn’t See the Light krachtpop al ingezet wordt. Chaotische dramatiek waar Mark Shue tegen alle verwachtingen in een reggae basloopje instart. Maar bij een band als Guided By Voices moet je geen verwachtingen uitspreken, je moet het gewoon ondergaan. Hoe geniaal de subtiele koerswijzingen zijn, weten we allang, en ook met Universe Room houden ze dat constante hoge niveau bijna de hele plaat vast.
De vindingrijkheid van The Beatles wordt vaak geëerd, het is een band als Guided By Voices die deze erfenis volledig uitbeent en er een eigen draai aan geeft. Gooi daar nog de nodige Paisley Underground sixties janglerock, theatrale progrock en de schoonheid van de perfecte Big Star popsong doorheen en je komt aardig in de buurt van Universe Room. Aardig, want Guided By Voices blijft Guided By Voices en geeft er een eigen twist aan. Tegenwoordig verbazen we ons van het snelle tempo waarmee dit uit Ohio afkomstige gezelschap hun platen uitbrengt. Vergeet niet dat artiesten vroeger het ene na het andere meesterwerk maakten en ook niet onnodig in de studio vertoeven.
Het psychedelische dromerige I Will Be a Monk klinkt alsof Noel Gallagher zich als gelegenheidsgitarist bij R.E.M. heeft aangesloten. Dit is toch echt de verdienste van Doug Gillard die dat trucje later nogmaals in Aluminum Stingray Girl herhaalt. Jammer dat hij zich niet meer van dit soort momenten toe-eigent, het biedt zoveel extra’s. Aluminum Stingray Girl is tevens een noemenswaardige explosieve albumtrack met bijna oorverdovende beangstigende dreiging. Dat onverwachte maakt Universe Room juist zo interessant. Zo verwacht je ook geen strijkers in de jaren zeventig The Great Man powerrock, die zitten er weldegelijk in.
Het instrumentale The Well Known Soldier is een overbodig niemendalletje, het catchy Hers Purple had gerust wat langer mogen duren en ook Independent Animal is te fraai om na amper een minuut te eindigen. Blijkbaar schrikt het Robert Pollard nog steeds af om een perfecte popplaat te maken. In het schizofrene verknipte 19th Man to Fly an Airplane waanzin krijgen de muzikale stemmingswisselingen de overmacht. Ideeën worden tot een gedeeltelijk verteerbare maaltijd door elkaar geprakt. Het is de stoorzender tussen een veelvoud aan verkeerd op elkaar afgestelde kanalen.
Zo sterk als de eerste helft van de plaat zal het niet meer worden, al stellen de overige tracks zeker niet teleur. Het vervreemdende Elfin Flower with Knees is een positieve uitschieter naar boven. De koortsige drugstad song FranCisco toont de keerzijde van de stimulerende liefdesmiddelen, liefde die kunstmatig opgewekt wordt en een verslavend effect oproept. Guided By Voices raakt het overzicht kwijt, en waarschijnlijk is dit weer een bewuste zet van Robert Pollard om wat dieper na te denken. Grappig dat ze juist dit relaxte West Coast georiënteerde nummer met Latijns-Amerikaans passie aankleden.
Aesop Dreamed of Lions bezit dat traditionele Guided By Voices geluid waar de band ooit naam mee maakt. Universe Room is net wat donkerder en zwaarder dan wat we gewend zijn. Play Shadows is daarin het toppunt van deze duisternis. Eigenlijk is Universe Room bijna een gepolijste punkrockplaat te noemen. Minder lo-fi, minder rommelig, maar wel maatschappelijk bewust. De Fly Religion ska punk distantieert zich van de vastgeroeste wetten van de geloofsovertuigingen en staat voor een samenvoeging waarin elke God gelijk is. Het nieuwe denken volgens de vredelievende wijze ideologie van Robert Pollard. Zo mooi kan het zijn.
Guided by Voices - Universe Room | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Warp and Woof (2019)

3,5
0
geplaatst: 7 oktober 2020, 08:10 uur
Met het gemak waarmee de gemiddelde liefhebber een album beluisterd, en tot zich door laat dringen brengt Guided By Voices haar platen uit. Voor de luisteraar wordt het praktisch onmogelijk gemaakt om er een goede indruk van te krijgen. Als vluchtige one night stands geven ze een kort moment van genot om vervolgens snel ruimte te maken voor een nieuw avontuur. Warp and Woof is alweer het derde in ruim een jaar tijd, en volgt het in februari verschenen Zeppelin Over China op. Toen werd er tevens bekend gemaakt dat er volgend jaar februari nieuw werk zal verschijnen onder de naam Street Party. Ondertussen is die werktitel alweer veranderd in Rise Of The Ants, en volgens de laatste geruchten zal er gekozen worden voor Sweating The Plague als naam voor het nieuwe kindje van Robert Pollard. De releasedatum zal waarschijnlijk eerder worden dan wat in de planning staat aangegeven. Er wordt nu reeds gesproken over eind oktober, nog in dit jaar. Gelukkig zitten ze verder ook niet stil, en is er zelfs ruimte voor een tour, waar ze gemiddeld ook nog vijftig nummers per avond ten gehore brengen. Maar goed, laten we niet op de feiten vooruit lopen, eerst verschijnt deze week dus het gloednieuwe Warp and Woof.
Met Bury the Mouse laten ze gelijk een harder geluid horen dan bij de voorganger. Waren het daar nog vooral indie luisterliedjes met soms een diepere benadering, hier lijken ze het grunge tijdperk te eren. En dan doel ik niet op de hit successen, maar meer op de obscure achterhoede. Of het nu komt door de snelheid waarmee de songs geschreven en opgenomen zijn, het heeft in ieder geval een meer punk gerichte benadering. Nog korter en pakkender, met licht agressief verantwoord gitaarspel. De songs zijn net wat minder inwisselbaar dan op de vorige plaat. De voorkeur gaat uit naar het meer onvoorspelbare Warp and Woof. De intentie van dat het een haastklus betreft wordt totaal weg genomen. Meer dan bij Zeppelin Over China lijkt dat er meer zorg en aandacht in de tracks gestopt is. Zoals vaak het geval is bij kunstwerken, maken de schetsen meer indruk dan het gepolijste eindresultaat. Hier moet ook niet langer aan gesleuteld worden, dat zou ten koste gaan van de rauwheid en oprechtheid. Al moet de over-productiviteit geen gimmick worden. Ze weten zich hiermee te plaatsen tussen Sonic Youth en The Pixies, niet alleen muzikaal, maar meer met de jeugdigheid en het onverschillige karakter. Grootheden die jaren lang het jonge honden gevoel wisten vast te houden.
Toch mogen ze in de toekomst een langere pauze inlassen, zodat er meer reikhalzend wordt uitgekeken naar nieuw werk. Zoals al eerder aangegeven, krijg je nu bijna niet de kans om te genieten. Guided by Voices is ook geen band die op deze manier onder een vast gesteld wurgcontract probeert uit te komen, door de markt te overspoelen met een overschot aan materiaal. Dit omdat ze alles netjes op hun eigen label min of meer in eigen beheer uitbrengen. Anderzijds hebben ze ook een punt om ervoor te kiezen om de creativiteit niet in te kapselen. Het bruisende begin van Warp and Woof weten ze ook niet over de hele linie vast te houden. Halverwege zakt het als een bierbuik van een veertiger wat meer in. Je kan jezelf wel strak presenteren, al snel zullen de gebreken voor de buitenwereld zichtbaar zijn. Toch krijgen bands als Guided by Voices het voordeel van de twijfel. Liever aan de lopende bank prima albums afleveren dan het eindeloze geploeter in een studio, om vervolgens met allerlei uitgekiende praatjes het niet behaalde niveau te verklaren. Hopelijk is het geen voorbode van Robert Pollard om ons nu nog even te trakteren op dit moois, om vervolgens als zestiger van zijn pensioen te gaan genieten, dat zou zonde zijn.
Guided by Voices - Warp and Woof | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Met Bury the Mouse laten ze gelijk een harder geluid horen dan bij de voorganger. Waren het daar nog vooral indie luisterliedjes met soms een diepere benadering, hier lijken ze het grunge tijdperk te eren. En dan doel ik niet op de hit successen, maar meer op de obscure achterhoede. Of het nu komt door de snelheid waarmee de songs geschreven en opgenomen zijn, het heeft in ieder geval een meer punk gerichte benadering. Nog korter en pakkender, met licht agressief verantwoord gitaarspel. De songs zijn net wat minder inwisselbaar dan op de vorige plaat. De voorkeur gaat uit naar het meer onvoorspelbare Warp and Woof. De intentie van dat het een haastklus betreft wordt totaal weg genomen. Meer dan bij Zeppelin Over China lijkt dat er meer zorg en aandacht in de tracks gestopt is. Zoals vaak het geval is bij kunstwerken, maken de schetsen meer indruk dan het gepolijste eindresultaat. Hier moet ook niet langer aan gesleuteld worden, dat zou ten koste gaan van de rauwheid en oprechtheid. Al moet de over-productiviteit geen gimmick worden. Ze weten zich hiermee te plaatsen tussen Sonic Youth en The Pixies, niet alleen muzikaal, maar meer met de jeugdigheid en het onverschillige karakter. Grootheden die jaren lang het jonge honden gevoel wisten vast te houden.
Toch mogen ze in de toekomst een langere pauze inlassen, zodat er meer reikhalzend wordt uitgekeken naar nieuw werk. Zoals al eerder aangegeven, krijg je nu bijna niet de kans om te genieten. Guided by Voices is ook geen band die op deze manier onder een vast gesteld wurgcontract probeert uit te komen, door de markt te overspoelen met een overschot aan materiaal. Dit omdat ze alles netjes op hun eigen label min of meer in eigen beheer uitbrengen. Anderzijds hebben ze ook een punt om ervoor te kiezen om de creativiteit niet in te kapselen. Het bruisende begin van Warp and Woof weten ze ook niet over de hele linie vast te houden. Halverwege zakt het als een bierbuik van een veertiger wat meer in. Je kan jezelf wel strak presenteren, al snel zullen de gebreken voor de buitenwereld zichtbaar zijn. Toch krijgen bands als Guided by Voices het voordeel van de twijfel. Liever aan de lopende bank prima albums afleveren dan het eindeloze geploeter in een studio, om vervolgens met allerlei uitgekiende praatjes het niet behaalde niveau te verklaren. Hopelijk is het geen voorbode van Robert Pollard om ons nu nog even te trakteren op dit moois, om vervolgens als zestiger van zijn pensioen te gaan genieten, dat zou zonde zijn.
Guided by Voices - Warp and Woof | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Welshpool Frillies (2023)

3,5
0
geplaatst: 26 juli 2023, 01:38 uur
Robert Pollard is niet just the singer of a rock and roll band, hij is een artistiek beeldhouwer welke met elk beschikbaar materie aan de slag gaat. Gedoseerd gecontroleerd als de rust zelf behandeld hij de haastig in elkaar gezette thuisstudies tot typerend inwisselbare lo fi indierock deuntjes. Verandert er dan helemaal niks aan zijn werkwijze? Zeker wel, de bikkelharde Welshpool Frillies grondstof vraagt om een andere aanpak. Die ruwe stekeligheid blijft intact, het kost wel het nodige zweet en tranen om het ploeterwerk tot een geheel te boetseren. Het voor Guided By Voices begrippen duistere La La Land laat al een omslag in het geluid horen. Die grimmigheid zet zich in lawaaierige Meet the Star openingstrack door. Onbewust, of misschien juist heel doordacht leggen ze het accent nog meer vanuit de lo-fi indierock sprankeling naar de zwaardere gitaar krachtexplosies.
Is de schijnbaar altijd op zijn gemak rustige ogende Robert Pollard kalmte dan toch gevoelig voor die vervelende nasleep van het hele corona gebeuren. Kost het dan meer moeite om die losse eindjes aan elkaar te breien en verdwijnt zelfs bij de overenthousiaste hyperactieve frontman het speelplezier naar de achtergrond. Welnee, al vervolgen ze wel die licht deprimerende weg en staan Cats on Heat en Mother Mirth weldegelijk bij die pandemie tijdsverspilling stil. Welshpool Frillies grijpt vaker naar de duistere postpunk terug en teert in het loeizware Welshpool Frillies titelstuk en het uptempo Why Won’t You Kiss Me op bijna identieke Joy Division basgitaarlijnen en gitaarriffs. De over de top Rust Belt Boogie spierballenrockopera heeft weer een heerlijke theatrale The Who opbouw. Verder shoppen ze in de nodige porties aan over the top spierballenrock, melodieuze hardrock en het punkrock oerbeginselen aanbod. Toch blijft het allemaal zo kenmerkend herkenbaar Guided By Voices, alleen stopt Robert Pollard schijnbaar onbewust wat meer serieuze ernst in zijn songs, al zit er in het kleine Why Won’t You Kiss Me meer dan voldoende tienerverdriet verborgen.
Dus ook hier de meest logische onlogische onverwachte twisten, taal kunsten en melodieuze vindingrijkbaarheden. Muziek maken is een noodzakelijk goed, biedt financiële zekerheden en is nodig om het publiek te amuseren. Tussen het Meet the Star onkruid ligt de oudheid begraven, klaar om omgespit gerecycled te worden. De track gebruikt een felle soort van agressieve energie die we niet van Guided By Voices gewend zijn. Instrumenten krijgen een oppoetsbeurt, worden weer ingeplugd en bestrijden als een remedie de tijdelijke opgelegde stilte. Opgewarmde gitaren janken roodgloeiend door het eindstuk heen. Therapeutisch de bittere trauma smaak wegspoelen. In Radioactive Pigeons stelt hij het opwarmend klimaateffect aan de kaak. Don’t Blow Your Dream Job benadrukt dat het muzikantenbestaan ondanks alle verraderlijke weg wenkende Better Odds tegenslagen nog steeds de leukste baan ter wereld is waarbij er zeker ruimte voor vintage Seedling Guided by Voices nummers is.
Het is slechts schijn, eventjes weer met die voeten aarden en vervolgens met het twinkelende onverschillige sixties Cruisers’ Cross op die retro Guided By Voices lijn doorharken. Het gezelschap rondom Robert Pollard beseft maar al te goed dat tijd een schaars duur begrip is. Geen onnodige opnames, gewoon op een beschikbare dag in een donkere kelderstudio zoveel mogelijk met hulp van producer Travis Harrison uitwerken. Het is hierdoor nog puurder, nog eerlijker, en nog meer vanuit die live beleving bedacht. De Romeo Surgeon powerrock snijdt het lijdend hartzeer en overtollige liefdesverdriet uit het lichaam. Met gemak schakelt hij vervolgens naar het kleine intieme akoestische Chain Dance en Mother Mirth folk over. En daar leg ik de vinger op de pijnlijke plek. De herbruikbare Guided By Voices ideeën stralen naar elk bruikbaar proces net wat minder kracht uit, waarschijnlijk zijn we gewoon net iets teveel verwend.
Het gaat Guided By Voices net allemaal te gemakkelijk af, waardoor er te weinig echte memorabele momenten passeren. De puntigheid raakt wat verveeld afgestompt, misschien is een overdaad aan eenvoudig verteerbare afgebakken kant en klaar magnetron gerechtjes net teveel van het goede. Tussen de vorige La La Land plaat en dit aansluitend Welshpool Frillies schijfje zit maar liefst een hiaat van een half jaar. Het moet niet gekker worden. Doordat ze gemiddeld vijftien tracks per release aanbieden kom je nu op het pijnlijke punt uit dat kwantiteit kwaliteit overruled. De fade outs zijn rommelig, en na zoveel jaar aan ervaring kan men niet meer van een charme offensief spreken. Het glanslaagje is er ondertussen wel vanaf. Overschot lijdt tot waardevermindering. Zelden maakt een band zo’n geslaagde doorstart al komt er nu toch wel de sleet in. De uit Ohio afkomstige band hoort in deze fase boven zichzelf uit te stijgen, maar dat verzuimen ze hier.
Guided by Voices - Welshpool Frillies | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Is de schijnbaar altijd op zijn gemak rustige ogende Robert Pollard kalmte dan toch gevoelig voor die vervelende nasleep van het hele corona gebeuren. Kost het dan meer moeite om die losse eindjes aan elkaar te breien en verdwijnt zelfs bij de overenthousiaste hyperactieve frontman het speelplezier naar de achtergrond. Welnee, al vervolgen ze wel die licht deprimerende weg en staan Cats on Heat en Mother Mirth weldegelijk bij die pandemie tijdsverspilling stil. Welshpool Frillies grijpt vaker naar de duistere postpunk terug en teert in het loeizware Welshpool Frillies titelstuk en het uptempo Why Won’t You Kiss Me op bijna identieke Joy Division basgitaarlijnen en gitaarriffs. De over de top Rust Belt Boogie spierballenrockopera heeft weer een heerlijke theatrale The Who opbouw. Verder shoppen ze in de nodige porties aan over the top spierballenrock, melodieuze hardrock en het punkrock oerbeginselen aanbod. Toch blijft het allemaal zo kenmerkend herkenbaar Guided By Voices, alleen stopt Robert Pollard schijnbaar onbewust wat meer serieuze ernst in zijn songs, al zit er in het kleine Why Won’t You Kiss Me meer dan voldoende tienerverdriet verborgen.
Dus ook hier de meest logische onlogische onverwachte twisten, taal kunsten en melodieuze vindingrijkbaarheden. Muziek maken is een noodzakelijk goed, biedt financiële zekerheden en is nodig om het publiek te amuseren. Tussen het Meet the Star onkruid ligt de oudheid begraven, klaar om omgespit gerecycled te worden. De track gebruikt een felle soort van agressieve energie die we niet van Guided By Voices gewend zijn. Instrumenten krijgen een oppoetsbeurt, worden weer ingeplugd en bestrijden als een remedie de tijdelijke opgelegde stilte. Opgewarmde gitaren janken roodgloeiend door het eindstuk heen. Therapeutisch de bittere trauma smaak wegspoelen. In Radioactive Pigeons stelt hij het opwarmend klimaateffect aan de kaak. Don’t Blow Your Dream Job benadrukt dat het muzikantenbestaan ondanks alle verraderlijke weg wenkende Better Odds tegenslagen nog steeds de leukste baan ter wereld is waarbij er zeker ruimte voor vintage Seedling Guided by Voices nummers is.
Het is slechts schijn, eventjes weer met die voeten aarden en vervolgens met het twinkelende onverschillige sixties Cruisers’ Cross op die retro Guided By Voices lijn doorharken. Het gezelschap rondom Robert Pollard beseft maar al te goed dat tijd een schaars duur begrip is. Geen onnodige opnames, gewoon op een beschikbare dag in een donkere kelderstudio zoveel mogelijk met hulp van producer Travis Harrison uitwerken. Het is hierdoor nog puurder, nog eerlijker, en nog meer vanuit die live beleving bedacht. De Romeo Surgeon powerrock snijdt het lijdend hartzeer en overtollige liefdesverdriet uit het lichaam. Met gemak schakelt hij vervolgens naar het kleine intieme akoestische Chain Dance en Mother Mirth folk over. En daar leg ik de vinger op de pijnlijke plek. De herbruikbare Guided By Voices ideeën stralen naar elk bruikbaar proces net wat minder kracht uit, waarschijnlijk zijn we gewoon net iets teveel verwend.
Het gaat Guided By Voices net allemaal te gemakkelijk af, waardoor er te weinig echte memorabele momenten passeren. De puntigheid raakt wat verveeld afgestompt, misschien is een overdaad aan eenvoudig verteerbare afgebakken kant en klaar magnetron gerechtjes net teveel van het goede. Tussen de vorige La La Land plaat en dit aansluitend Welshpool Frillies schijfje zit maar liefst een hiaat van een half jaar. Het moet niet gekker worden. Doordat ze gemiddeld vijftien tracks per release aanbieden kom je nu op het pijnlijke punt uit dat kwantiteit kwaliteit overruled. De fade outs zijn rommelig, en na zoveel jaar aan ervaring kan men niet meer van een charme offensief spreken. Het glanslaagje is er ondertussen wel vanaf. Overschot lijdt tot waardevermindering. Zelden maakt een band zo’n geslaagde doorstart al komt er nu toch wel de sleet in. De uit Ohio afkomstige band hoort in deze fase boven zichzelf uit te stijgen, maar dat verzuimen ze hier.
Guided by Voices - Welshpool Frillies | Rock | Written in Music - writteninmusic.com
Guided by Voices - Zeppelin Over China (2019)

3,5
0
geplaatst: 7 oktober 2020, 15:36 uur
Het totaal aan songs dat Guided By Voices frontman Robert Pollard ondertussen heeft uitgebracht zou aardig in de buurt komen van het aantal inwoners van een redelijk groot dorp. Afvragend hoe er bij een concert telkens weer een setlist keuze gemaakt wordt uit dit grote repertoire. Ook nagaande dat deze zeer productieve band de laatste tijd vrijwel elk jaar met een nieuw album komt. Hoe lukt het om je als bandlid hierin staande te houden. Dit ook door de aldoor maar wisselende samenstelling van de groep. Een gemiddelde muzikant zou al snel zwaar overspannen thuis zitten met zo’n berg aan huiswerk. Afgelopen week verscheen het ruim dertig tracks tellende Zeppelin Over China, in april zal Warp and Woof zich aan het publiek presenteren, en op hun website staat doodleuk alweer Street Party voor februari 2020 aangekondigd. We hebben de demo’s opgenomen, en kunnen de studio in voor de afrondende fase. De lo-fi indie band uit Dayton, Ohio heeft als enige constante factor boegbeeld Robert Pollard, die ook solo nog een duizelingwekkend aantal platen heeft uitgebracht. Menige artiest zal jaloers zijn op het eenvoud waarmee deze compacte pop juweeltjes geproduceerd worden, al zitten er weinig tracks tussen die de status tijdloos gekregen hebben. Het etiket cultband zullen ze ook nu niet ontstijgen. Met gemak maken ze een dubbelalbum welke zich zo tussen de gitaarpop van de jaren negentig kan plaatsen.
De geslaagde comeback met oer leden gitarist Tobin Sprout en drummer Kevin Fennell leverde goede resultaten als The Bears For Lunch en English Little League af. Des te verrassend dat er vervolgens weer een nieuwe band gevormd werd, in die samenstelling verschijnt met muzikanten gitarist Doug Gillard, drummer Kevin March en bassist Bobby Bare, Jr. in vier jaar tijd alweer hun vijfde de album. Zeppelin Over China komt absoluut niet over als een haastklus, ondanks dat de songs gemiddeld een lengte van nog geen drie minuten hebben, zijn het wel echt poppareltjes die hier voorbij komen. Er is weinig ruimte voor ongein. Veel pakkende jaren negentig gitaarpop, maar ook hierbij onderscheid maken tussen het unplugged gerichte werk en de meer grunge kant. Genoeg vrolijke songs welke beïnvloed zijn door de jaren zestig, met toegankelijke psychedelische elementen, en de hieruit voortkomende Paisley Underground. Licht verteerbaar naast wat duistere kost. Lo-fi en in de studio zorgvuldig uitgewerkte tracks wisselen elkaar hierbij af.
Wat wel heel erg goed naar voren komt is dat de basis duidelijk in het verleden ligt. Sterker nog, uitgaande dat er gewerkt en gedacht werd vanuit hun meest succesvolste periode, namelijk midden jaren negentig, met klassiekers als Bee Thousand en Alien Lanes. Guided By Voices leverde hun eerste album Sandbox af in 1987, en beschikken ondertussen aan een goed gevulde schatkamer aan songs waar ze hun inspiratie uit kunnen halen. Hierdoor zullen ze door andere bands niet snel van plagiaat worden beschuldigd. Zeppelin Over China is een goede plaat, al is het vanwege de lengte van het album en het grote aantal aan nummers lastig om deze te plaatsen. Je kan het bijna beschouwen als een best of verzamelaar, maar dan met alleen maar gloednieuwe tracks. Inwisselbaar voor ouder werk, zonder aan kracht te verliezen.
Guided by Voices - Zeppelin Over China | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
De geslaagde comeback met oer leden gitarist Tobin Sprout en drummer Kevin Fennell leverde goede resultaten als The Bears For Lunch en English Little League af. Des te verrassend dat er vervolgens weer een nieuwe band gevormd werd, in die samenstelling verschijnt met muzikanten gitarist Doug Gillard, drummer Kevin March en bassist Bobby Bare, Jr. in vier jaar tijd alweer hun vijfde de album. Zeppelin Over China komt absoluut niet over als een haastklus, ondanks dat de songs gemiddeld een lengte van nog geen drie minuten hebben, zijn het wel echt poppareltjes die hier voorbij komen. Er is weinig ruimte voor ongein. Veel pakkende jaren negentig gitaarpop, maar ook hierbij onderscheid maken tussen het unplugged gerichte werk en de meer grunge kant. Genoeg vrolijke songs welke beïnvloed zijn door de jaren zestig, met toegankelijke psychedelische elementen, en de hieruit voortkomende Paisley Underground. Licht verteerbaar naast wat duistere kost. Lo-fi en in de studio zorgvuldig uitgewerkte tracks wisselen elkaar hierbij af.
Wat wel heel erg goed naar voren komt is dat de basis duidelijk in het verleden ligt. Sterker nog, uitgaande dat er gewerkt en gedacht werd vanuit hun meest succesvolste periode, namelijk midden jaren negentig, met klassiekers als Bee Thousand en Alien Lanes. Guided By Voices leverde hun eerste album Sandbox af in 1987, en beschikken ondertussen aan een goed gevulde schatkamer aan songs waar ze hun inspiratie uit kunnen halen. Hierdoor zullen ze door andere bands niet snel van plagiaat worden beschuldigd. Zeppelin Over China is een goede plaat, al is het vanwege de lengte van het album en het grote aantal aan nummers lastig om deze te plaatsen. Je kan het bijna beschouwen als een best of verzamelaar, maar dan met alleen maar gloednieuwe tracks. Inwisselbaar voor ouder werk, zonder aan kracht te verliezen.
Guided by Voices - Zeppelin Over China | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Guns N' Roses - Appetite for Destruction (1987)

5,0
1
geplaatst: 7 oktober 2010, 00:10 uur
Het belang van Sweet Child O' Mine.
Iedereen kent het wel.
Middelbare school.
Eindejaarsfeestje.
Zo'n onbereikbare chick.
Geblondeerde haren met bewuste uitgroei.
Onschuldige donkerbruine ogen.
Maar ondertussen het meeste ervaring op seksueel gebied.
Peuk in de mond.
Strakke spijkerbroek, te hoge hakken.
Achterop de motor van haar drie jaar oudere vriend.
Onbereikbaar voor al je klasgenoten.
Dus nergens voor te schamen.
Tien jaar later.
De kleur van de kijkers verspreid zich over het gelaat.
Donkere wallen verraden een geleefd leven.
Zonnebrandhemel camoufleert de aangetaste huid.
Nicotine heeft zijn sporen na gelaten.
Ongezond mager.
Parelwitte tanden verkleurd tot een vergeelde ruïne.
Glimlachend met de mond gesloten.
Gouden jaren achter zich gelaten.
Schoonheid opgeofferd tot een roemloos bestaan.
Juist die kwetsbaarheid spreekt mij aan.
Sprankelend gitaarspel doet mij terug verlangen.
Onbevangen in het leven.
Lachen om buurtgenoten die de dertig passeren.
Vastgeroest in de dagelijkse gang.
Halverwege komt Slash met de overgang.
Grimmiger geluid omgetoverd tot een van de mooiste solo’s ooit.
Vervolgens de vraag waar het naar toe zal leiden.
Angst en onzekerheid.
Back To The Future geworpen.
Gejammer uit de gitaarsnaren.
Onmogelijk gevecht tegen de ouderdom.
Woonachtend in een metropool.
Dagelijks in dezelfde sleur naar het werk.
Files leiden langs verdorde stukken natuur.
Gasdampen verkleuren het straatbeeld.
De hel in het klein.
Met uitgebluste huisvrouwen.
Terwijl je voor het zoveelste uur in slow motion de kilometerpaaltjes telt.
Op de radio weerklinkt.
Take me down to the paradise city
Where the grass is green
And the girls are pretty
Take me home (Oh, won't you please take me home)
Thuis is een gepasseerd station.
Iedereen kent het wel.
Middelbare school.
Eindejaarsfeestje.
Zo'n onbereikbare chick.
Geblondeerde haren met bewuste uitgroei.
Onschuldige donkerbruine ogen.
Maar ondertussen het meeste ervaring op seksueel gebied.
Peuk in de mond.
Strakke spijkerbroek, te hoge hakken.
Achterop de motor van haar drie jaar oudere vriend.
Onbereikbaar voor al je klasgenoten.
Dus nergens voor te schamen.
Tien jaar later.
De kleur van de kijkers verspreid zich over het gelaat.
Donkere wallen verraden een geleefd leven.
Zonnebrandhemel camoufleert de aangetaste huid.
Nicotine heeft zijn sporen na gelaten.
Ongezond mager.
Parelwitte tanden verkleurd tot een vergeelde ruïne.
Glimlachend met de mond gesloten.
Gouden jaren achter zich gelaten.
Schoonheid opgeofferd tot een roemloos bestaan.
Juist die kwetsbaarheid spreekt mij aan.
Sprankelend gitaarspel doet mij terug verlangen.
Onbevangen in het leven.
Lachen om buurtgenoten die de dertig passeren.
Vastgeroest in de dagelijkse gang.
Halverwege komt Slash met de overgang.
Grimmiger geluid omgetoverd tot een van de mooiste solo’s ooit.
Vervolgens de vraag waar het naar toe zal leiden.
Angst en onzekerheid.
Back To The Future geworpen.
Gejammer uit de gitaarsnaren.
Onmogelijk gevecht tegen de ouderdom.
Woonachtend in een metropool.
Dagelijks in dezelfde sleur naar het werk.
Files leiden langs verdorde stukken natuur.
Gasdampen verkleuren het straatbeeld.
De hel in het klein.
Met uitgebluste huisvrouwen.
Terwijl je voor het zoveelste uur in slow motion de kilometerpaaltjes telt.
Op de radio weerklinkt.
Take me down to the paradise city
Where the grass is green
And the girls are pretty
Take me home (Oh, won't you please take me home)
Thuis is een gepasseerd station.
Gurriers - Come and See (2024)

4,5
3
geplaatst: 20 september 2024, 15:54 uur
Het Ierse Gurriers is de grote belofte van de afgelopen twee jaar. Daar kan je zeker in het plat gespeelde Nederland niet omheen. Elk optreden zit zo strak in elkaar, dat je bijna vergeet dat ze pas aan de vooravond van de definitieve doorbraak staan. Want die moet er gewoon komen. Zelden een band in zo’n vroeg stadium zo overtuigend vol overgave zien spelen. Voor mij was de eerste kennismaking vorig jaar mei in Merleyn, waar ze het bij de aanwezigen direct al afdwongen om dichterbij te komen en de intense avond van zo dichtbij mogelijk mee te maken. Dan wil je na afloop maar één ding: die debuutplaat kopen. Alleen was die er toen nog niet.
Lukt het de Gurriers straatschoffies om ruim een jaar lang die aandacht vast te houden, of ebt het succes voortijdig weg? Welnee, er volgen nog meer gigs en nu uiteindelijk Come and See verschijnt staan er alweer genoeg optredens op de planning. Helaas ontbreekt smaakmaker Emmet White dan, deze bassist met manisch gestoorde blik in zijn ogen, haakte net voor de release af en nieuweling Charlie McCarthy moet een sprintje inzetten om het stokje over te nemen.
Als je zo kritisch over het eigen functioneren bent, dan mag je de maatschappij ook zeker bekritiseren. Het eerste wantrouwen spreekt Gurriers op 6 december 2001 uit, als ze de dubbelsingle Top Of The Bill en Approachable uitbrengen. Het slaapwandelende Top Of The Bill is de verdovende kansloze No Future protestsong van de Ieren. Dan Hoff spreekt het wantrouwen uit en zoekt het in eerste instantie in het eigen falen. Risico’s nemen, incasseren en de gevolgen incalculeren. De gitaren zijn in jaren tachtig wave nostalgie gestemd, geven een verfrissende kijk op een uitgekauwde formule en voegen daadwerkelijk iets toe. Ja, en Dan Hoff heeft dat rauwe van een verbitterde strijder, de straatvechtersdenkwijze van de arbeidersklasse.
Met de stevig rockende Approachable snelheidsduivel, bewijzen ze dat Gurriers niet de zoveelste postpunk hype is. Over een hype praat je een jaar later niet na, omdat die aandacht zich ondertussen mogelijk naar een ander publiekslievelingetje kan verleggen. Gurriers houdt het vuurtje brandende door speeloveruren te draaien. Approachable is de angst voor de toegankelijkheid. Al wat op internet verschijnt wordt geregistreerd en gedigitaliseerd. Het hele geromantiseerde mysterie rond muzikanten is verdwenen. Draaide het voorheen nog om het product, tegenwoordig wordt de hele voorgeschiedenis van een artiest als een spons leeg geknepen. Men gaat voor het totaalplaatje en daar hoort blijkbaar die onzinnige interesse naar de achtergrond bij. Twee tracks dus over het eigen functioneren en het sociale disfunctioneren van de maatschappij.
Het met pompende baspartijen en blikken discobeat percussie opgezette catchy Sign of the Times volgt al snel. Ook hier turen we levenloos naar een leeg scherm dat ons vervolgens die levenloze leegte schenkt. Het is de overspannen waanzin van een uit noodzaak geboren cancelcultuur. Het is het gluren bij de buren in corona reservetijd. Het isolement als alleen internet bevrediging oplevert. De daarop aansluitende Nausea single zal uiteindelijk Come and See openen. Nausea staat voor misselijkmakende walging en verwoordt het genot van masochisten die zich met onze onkunde voeden. We nemen de wettelijke regels in twijfel, maar wie betreedt de barricades om deze onvrede uit te spreken? Nausea is de noodtoestand, met alarmerende gitaarsirenes. Hebben ze dat opgefokte van Fontaines D.C. afgekeken, of hoort het gewoon bij de Ierse mentaliteit?
Het Oosters getinte Des Goblin is de missing link tussen doom, punk en punkrock. Het is een track zoals enkel Public Image Ltd deze kan maken. Niet dus, ook Gurriers is in staat om elektro noise met disco te laten bijten. Des Goblin is een kolkende vuurmassa die als een onheilspellende lichtbol overal tegenaan stuitert. Met dat stuiteren zit het wel goed, maar wat heeft Gurriers verder buiten de moshpit te bieden? In ieder geval het Dipping Out Gotham City doemverval van Dublin, dat langzaam in een stuurloze aan bloedarmoede lijdende zijtak verandert. We zitten vast in het toekomstgerichte 1984 scenario en draaien de klok tegen de wijzers in veertig jaar terug.
Het met gesproken woord ingeleide Prayers richt zich tegen de kerk, het geloof en het afgestorven christendom. Je mag de mensheid geen overtuiging afdwingen en sinds het ene Vaticaanschandaal het andere opvolgt, blijven de stoelen van de trouwe kerkgangers leeg. Nog steeds een heikel punt in Ierland en daar zal de komende periode geen verandering in komen. Close Call rakelt de pandemie ellende weer op. De avondklok, de tegenreactie die deze oproept. Angst voor lichamelijk contact, angst voor stagnatie, angst voor de toekomst en vooral de angst voor de onzekerheid. Close Call is vluchtig, opruiend en rebels. Het wijzende vingertje van Dan Hoff wordt door het gitaargeweld overrompeld. Live is dit een unieke kans om te ervaren wie hier als winnaar de ring verlaat, de band of het publiek, al zal dat elke avond anders zijn.
No More Photos richt zich op de Amerikaanse markt en komt volgens de slopende grunge principes en eind jaren tachtig noiserock tot stand. Hard, lawaaierig met de nodige gitaarerupties die juist daardoor doel treffen. Het Come and See titelstuk biedt toekomstperspectieven. Psychedelische echo’s baden hier in een traditionele folkpop basis. Gurriers doet hierin het onverwachte en bewerkt de song tot een hedendaagse verwelkomende shoegazer klassieker met een veelvoud aan dreampop uitspattingen. Gurriers zet nu al genoeg vervolgstappen om de wetten van het net gelanceerde Come and See debuut open te breken en deze te herzien. Come and See is next level postpunk.
Gurriers - Come and See | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Lukt het de Gurriers straatschoffies om ruim een jaar lang die aandacht vast te houden, of ebt het succes voortijdig weg? Welnee, er volgen nog meer gigs en nu uiteindelijk Come and See verschijnt staan er alweer genoeg optredens op de planning. Helaas ontbreekt smaakmaker Emmet White dan, deze bassist met manisch gestoorde blik in zijn ogen, haakte net voor de release af en nieuweling Charlie McCarthy moet een sprintje inzetten om het stokje over te nemen.
Als je zo kritisch over het eigen functioneren bent, dan mag je de maatschappij ook zeker bekritiseren. Het eerste wantrouwen spreekt Gurriers op 6 december 2001 uit, als ze de dubbelsingle Top Of The Bill en Approachable uitbrengen. Het slaapwandelende Top Of The Bill is de verdovende kansloze No Future protestsong van de Ieren. Dan Hoff spreekt het wantrouwen uit en zoekt het in eerste instantie in het eigen falen. Risico’s nemen, incasseren en de gevolgen incalculeren. De gitaren zijn in jaren tachtig wave nostalgie gestemd, geven een verfrissende kijk op een uitgekauwde formule en voegen daadwerkelijk iets toe. Ja, en Dan Hoff heeft dat rauwe van een verbitterde strijder, de straatvechtersdenkwijze van de arbeidersklasse.
Met de stevig rockende Approachable snelheidsduivel, bewijzen ze dat Gurriers niet de zoveelste postpunk hype is. Over een hype praat je een jaar later niet na, omdat die aandacht zich ondertussen mogelijk naar een ander publiekslievelingetje kan verleggen. Gurriers houdt het vuurtje brandende door speeloveruren te draaien. Approachable is de angst voor de toegankelijkheid. Al wat op internet verschijnt wordt geregistreerd en gedigitaliseerd. Het hele geromantiseerde mysterie rond muzikanten is verdwenen. Draaide het voorheen nog om het product, tegenwoordig wordt de hele voorgeschiedenis van een artiest als een spons leeg geknepen. Men gaat voor het totaalplaatje en daar hoort blijkbaar die onzinnige interesse naar de achtergrond bij. Twee tracks dus over het eigen functioneren en het sociale disfunctioneren van de maatschappij.
Het met pompende baspartijen en blikken discobeat percussie opgezette catchy Sign of the Times volgt al snel. Ook hier turen we levenloos naar een leeg scherm dat ons vervolgens die levenloze leegte schenkt. Het is de overspannen waanzin van een uit noodzaak geboren cancelcultuur. Het is het gluren bij de buren in corona reservetijd. Het isolement als alleen internet bevrediging oplevert. De daarop aansluitende Nausea single zal uiteindelijk Come and See openen. Nausea staat voor misselijkmakende walging en verwoordt het genot van masochisten die zich met onze onkunde voeden. We nemen de wettelijke regels in twijfel, maar wie betreedt de barricades om deze onvrede uit te spreken? Nausea is de noodtoestand, met alarmerende gitaarsirenes. Hebben ze dat opgefokte van Fontaines D.C. afgekeken, of hoort het gewoon bij de Ierse mentaliteit?
Het Oosters getinte Des Goblin is de missing link tussen doom, punk en punkrock. Het is een track zoals enkel Public Image Ltd deze kan maken. Niet dus, ook Gurriers is in staat om elektro noise met disco te laten bijten. Des Goblin is een kolkende vuurmassa die als een onheilspellende lichtbol overal tegenaan stuitert. Met dat stuiteren zit het wel goed, maar wat heeft Gurriers verder buiten de moshpit te bieden? In ieder geval het Dipping Out Gotham City doemverval van Dublin, dat langzaam in een stuurloze aan bloedarmoede lijdende zijtak verandert. We zitten vast in het toekomstgerichte 1984 scenario en draaien de klok tegen de wijzers in veertig jaar terug.
Het met gesproken woord ingeleide Prayers richt zich tegen de kerk, het geloof en het afgestorven christendom. Je mag de mensheid geen overtuiging afdwingen en sinds het ene Vaticaanschandaal het andere opvolgt, blijven de stoelen van de trouwe kerkgangers leeg. Nog steeds een heikel punt in Ierland en daar zal de komende periode geen verandering in komen. Close Call rakelt de pandemie ellende weer op. De avondklok, de tegenreactie die deze oproept. Angst voor lichamelijk contact, angst voor stagnatie, angst voor de toekomst en vooral de angst voor de onzekerheid. Close Call is vluchtig, opruiend en rebels. Het wijzende vingertje van Dan Hoff wordt door het gitaargeweld overrompeld. Live is dit een unieke kans om te ervaren wie hier als winnaar de ring verlaat, de band of het publiek, al zal dat elke avond anders zijn.
No More Photos richt zich op de Amerikaanse markt en komt volgens de slopende grunge principes en eind jaren tachtig noiserock tot stand. Hard, lawaaierig met de nodige gitaarerupties die juist daardoor doel treffen. Het Come and See titelstuk biedt toekomstperspectieven. Psychedelische echo’s baden hier in een traditionele folkpop basis. Gurriers doet hierin het onverwachte en bewerkt de song tot een hedendaagse verwelkomende shoegazer klassieker met een veelvoud aan dreampop uitspattingen. Gurriers zet nu al genoeg vervolgstappen om de wetten van het net gelanceerde Come and See debuut open te breken en deze te herzien. Come and See is next level postpunk.
Gurriers - Come and See | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Gus Dapperton - Where Polly People Go to Read (2019)

2,5
0
geplaatst: 6 oktober 2020, 17:47 uur
Dat Gus Dapperton zich ontwikkeld heeft tot het publiekslieveling van de indie dancescene komt mede door zijn totaal eigen manier van zich presenteren. Als een popiejopie hiphopper zonder ritme gevoel die zijn handicap misbruikt door er moderne dance invloeden te vermengen, brengt hij schaamteloos een ongeëvenaarde performance in zijn vrolijke clips. Of hij zich bewust is van zijn mankementen, betwijfel ik, maar de lef die hij hiermee uitstraalt werkt aanstekelijk op je in. De souplesse waarmee hij zich beweegt, getuigt van een kinderlijke liefdevolle aantrekkingskracht. Vreemd genoeg moet ik bij de goedaardige jongeman telkens terug denken aan de geblondeerde kort gewiekte Eminem lookalike in de Stan video. Al was zelfs die nog een stukje meer straight.
Dwars tegen alle verwachtingen in verschijnen de dansbare eerder uitgekomen prima singles My Favourite Fish en Fill Me Up Anthem niet op het nu verschenen debuut Where Polly People Go to Read. Qua tijdslimiet had het gemakkelijk gepast, wetende dat het album net het half uur weet aan te tikken. Brendan Rice is de naam waarmee hij zo’n 22 jaar geleden door zijn ouders op de wereld gezet werd, ondertussen omgezet in zijn als artiest werkzame alter ego Gus Dapperton. Vanuit thuisbasis New York is hij verantwoordelijk voor zijn eigen teksten waarbij hij zichzelf begeleid op gitaar en keyboard; op muzikaal vlak zit het dus allemaal wel goed.
Probeer maar bewegingloos te blijven zitten bij de heerlijke donkere herhalende baslijnen van Verdigris. Vrijwel een onmogelijke opgave, tenzij je stoïcijns de spieren in bedwang weet te houden, en chagrijnig je gedachtes kan afsluiten. Dat gevoel weet hij in deze openingsdans sterk vast te houden. Het is een tikkeltje gecontroleerder en rustiger dan zijn eerdere nummers, maar door de vooruit staande rol van bas en drum click clack beats weet hij het allemaal prettig in beweging te houden. Als er dan na drie clubtracks voor de serieuze kant gekozen wordt vanaf het met tempo spelende witte boorden soulvolle Eyes For Ellis, zwakt het direct een stuk af.
De uitgebalanceerde dreampop van Sockboy wil met zijn vlakke stemeffecten weinig toevoegen. Het is in het verleden allemaal vaak genoeg beter uitgewerkt. Wat hoopvoller klinkt Roadhead, waar het ritme en de bas de dienst uitmaken. Ook de eenvoudige op het randje liggende synthgolven weten hier goed op aan te sluiten. De waardering van de slowpop single My Favorite Fish kan hier maar niet binnen komen. Het middelbare school musical gedrocht I Ascend wil met de sentimentele aanpak geen goed einde aan het geheel breien. Gelukkig zijn we er na een minuut van verlost.
Where Polly People Go to Read zou kunnen doorgaan voor een artistieke slechte dag van een goede muzikant, waarbij het net iets te vaak niet dreigt te lukken. De maniertjes komen steeds in een vicieuze cirkel terug, waardoor je telkens denkt dat de track al eerder gepasseerd is. Reëel gezien weet hij de hoopvolle start met Verdigris niet vast te houden.
Gus Dapperton - Where Polly People Go to Read | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com
Dwars tegen alle verwachtingen in verschijnen de dansbare eerder uitgekomen prima singles My Favourite Fish en Fill Me Up Anthem niet op het nu verschenen debuut Where Polly People Go to Read. Qua tijdslimiet had het gemakkelijk gepast, wetende dat het album net het half uur weet aan te tikken. Brendan Rice is de naam waarmee hij zo’n 22 jaar geleden door zijn ouders op de wereld gezet werd, ondertussen omgezet in zijn als artiest werkzame alter ego Gus Dapperton. Vanuit thuisbasis New York is hij verantwoordelijk voor zijn eigen teksten waarbij hij zichzelf begeleid op gitaar en keyboard; op muzikaal vlak zit het dus allemaal wel goed.
Probeer maar bewegingloos te blijven zitten bij de heerlijke donkere herhalende baslijnen van Verdigris. Vrijwel een onmogelijke opgave, tenzij je stoïcijns de spieren in bedwang weet te houden, en chagrijnig je gedachtes kan afsluiten. Dat gevoel weet hij in deze openingsdans sterk vast te houden. Het is een tikkeltje gecontroleerder en rustiger dan zijn eerdere nummers, maar door de vooruit staande rol van bas en drum click clack beats weet hij het allemaal prettig in beweging te houden. Als er dan na drie clubtracks voor de serieuze kant gekozen wordt vanaf het met tempo spelende witte boorden soulvolle Eyes For Ellis, zwakt het direct een stuk af.
De uitgebalanceerde dreampop van Sockboy wil met zijn vlakke stemeffecten weinig toevoegen. Het is in het verleden allemaal vaak genoeg beter uitgewerkt. Wat hoopvoller klinkt Roadhead, waar het ritme en de bas de dienst uitmaken. Ook de eenvoudige op het randje liggende synthgolven weten hier goed op aan te sluiten. De waardering van de slowpop single My Favorite Fish kan hier maar niet binnen komen. Het middelbare school musical gedrocht I Ascend wil met de sentimentele aanpak geen goed einde aan het geheel breien. Gelukkig zijn we er na een minuut van verlost.
Where Polly People Go to Read zou kunnen doorgaan voor een artistieke slechte dag van een goede muzikant, waarbij het net iets te vaak niet dreigt te lukken. De maniertjes komen steeds in een vicieuze cirkel terug, waardoor je telkens denkt dat de track al eerder gepasseerd is. Reëel gezien weet hij de hoopvolle start met Verdigris niet vast te houden.
Gus Dapperton - Where Polly People Go to Read | Electronic | Written in Music - writteninmusic.com
Guttersnipe - My Mother the Vent (2018)

2,5
0
geplaatst: 7 oktober 2020, 15:24 uur
In het bloemveld vol met mooie albumreleases ontwikkelt soms een zaadje zich tot een hardnekkig stuk onkruid. Maar Guttersnipe weet mij wel te triggeren. Terug naar de No Wave welke vanuit New York tegen de steunpilaren van de maatschappij schopten, om deze tot knieval te dwingen. Of naar de anarchopunkers welke zich vanuit het Britse vasteland gelijktijdig manifesteerden in kraakpanden. Na sluitingstijd binnen dringen in vervallen fabrieken. Gebruik makend van de kopieermachines zodat de idealistische boodschappen via pamfletten als parasieten verspreid kunnen worden. Zo bijtend kunnen de late jaren zeventig zijn. Kun je dit vertalen naar het nu? Blijkbaar wel! Hoe My Mother the Vent tussen mijn stapel te recenseren cd’s is beland, blijft een groot vraagteken. Feit is dat ze de kans hebben gekregen om hun gif te verspreiden. Onder Guttersnipe verschuilen zich Tipula Confusa op drum en zang en Uroceras Gigas, tevens vocalist en mishandelaar van gitaar en keyboards. Waarschijnlijk gebruik makend van aliassen, of in het bezit van ruimdenkende creatieve ouders. Ik moet al glimlachen bij een denkbeeldige reclame: Mensen die dit product aanschaffen tonen tevens interesse in een nieuwe boormachine.
Al vanaf het moment dat je Loaded from Vector Trap toe geworpen krijgt, wordt je vermorzeld door hysterische exorcistische kreten, platgewalst door onberekenbare noise. Totaal compromisloos gaan ze over de grens van de geluidsbarrière heen om kennis te laten maken met een demonische wereld waar menige blackmetal band jaloers op zal zijn. Het is een boosaardige trip van ruim een half uur waar geen einde aan lijkt te komen. Hoe leg je dit als artiest zijnde jaren later uit aan je kinderen. Niet de meest lugubere muzikale ervaring ooit, maar wel de meest vreemde. Want hoe krijg je het klaar gespeeld om elk gevoel voor ritme en melodie zo te verwerken tot hedendaagse shocktherapie. Is dit opgenomen op een vuilnis stortplaats waar een afvalverwerker het als een blender uitbraakt over de nog bruikbare producten? Afsluiter God’s Will to Gain Access is een misselijk makende rollercoaster van tering herrie. Maar aan het einde van het ritje wil je stiekem nog een keertje.
Guttersnipe - My Mother the Vent | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
Al vanaf het moment dat je Loaded from Vector Trap toe geworpen krijgt, wordt je vermorzeld door hysterische exorcistische kreten, platgewalst door onberekenbare noise. Totaal compromisloos gaan ze over de grens van de geluidsbarrière heen om kennis te laten maken met een demonische wereld waar menige blackmetal band jaloers op zal zijn. Het is een boosaardige trip van ruim een half uur waar geen einde aan lijkt te komen. Hoe leg je dit als artiest zijnde jaren later uit aan je kinderen. Niet de meest lugubere muzikale ervaring ooit, maar wel de meest vreemde. Want hoe krijg je het klaar gespeeld om elk gevoel voor ritme en melodie zo te verwerken tot hedendaagse shocktherapie. Is dit opgenomen op een vuilnis stortplaats waar een afvalverwerker het als een blender uitbraakt over de nog bruikbare producten? Afsluiter God’s Will to Gain Access is een misselijk makende rollercoaster van tering herrie. Maar aan het einde van het ritje wil je stiekem nog een keertje.
Guttersnipe - My Mother the Vent | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com
