MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten deric raven als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

New Order - Movement (1981)

poster
4,0
Ingrijpende gebeurtenissen in je leven moet je verwerken.
Als therapie wordt vaak geadviseerd om de angsten of het verlies niet uit de weg te gaan.
Na een auto ongeluk is het goed om toch zo snel mogelijk weer achter het stuur te stappen.
Iets wat ik zelf heb ervaren.
Joy Division maakte ook snel een doorstart; wel onder een andere naam, maar wel werd de keuze gemaakt om zo snel mogelijk weer de studio in te gaan.
Movement; blijven ontwikkelen, stagnatie voorkomen.
De zang lijkt veel op die van Ian Curtis.
Alsof hij hier als een soort van hogere macht het stokje doorgeeft.
Een wederopstanding om vervolgens definitief en goedkeurend zijn rust te vinden.
Wordt de kilheid veroorzaakt door het testament van Curtis?
De treurnis en het verdriet van de overige bandleden?
Of is het een niet oprechte marketingtruc om voort te borduren op het succes van Joy Division?
De traagheid en het slepende is al vervangen door meer up tempo beats, maar verder klinkt dit gewoon nog als Joy Division.
Feit blijft natuurlijk dat we hier met grotendeels dezelfde muzikanten te maken hebben.
Niet alleen Curtis was bepalende voor het geluid, al heeft het klagende, vervreemdende gezang wel op mij de meeste indruk gemaakt.

New Order - Music Complete (2015)

Alternatieve titel: Complete Music

poster
3,5
Music Complete klinkt al gelijk als een prima New Order album.
Wat mij als eerste opvalt zijn de prettige baspartijen.
Sorry Peter Hook, maar je bent helaas vervangbaar.
Bernard Sumner is in de loop van jaren steeds beter gaan zingen, en hierdoor is alles meer in evenwicht.
Ik moet bij Restless ook regelmatig aan de latere albums van het Zweedse Kent denken, vooral de sfeer die het uitademt.
Singularity begint als een Joy Division nummer, vervolgens stuitert het als een losgebroken Skippybal door de boxen heen, zonder dat het irritant wordt.
Vervolgens wordt het steeds elektronischer, en voor mij hoeft dat niet zo nodig.
Plastic klinkt wel heel erg als Suburbia van Pet Shop Boys, en ik denk elk moment dat Gerard Joling er I Feel Love doorheen gaat zingen.
Plastic is foute discomuziek, niet helemaal mijn ding.
Tutti Frutti klinkt voor mij ook helaas teveel als een afgekeurd Daft Punk lied, en ik moet aan World In Motion denken, ook niet echt een New Order hoogtepunt.
Het einde is helemaal erg, zo’n foute Italiaans klinkende man die probeert Engels te praten.
Ik moet dan ook gelijk aan het programma Tutti Frutti denken, met die fruitstickers op de ontblote borsten.
People on the High Line wil mij ook niet boeien, een beetje hetzelfde verhaal als bij de laatste Duran Duran; geforceerde poging om hip over te komen.
Maar natuurlijk ben ik benieuwd naar de bijdrage van Iggy Pop, anders was ik nu wel afgehaakt; het nivo van Restless wordt bij lange na niet meer gehaald.
Stray Dog heeft bijna hetzelfde begin als Hide U van Kosheen, maar Iggy Pop is wel goed in vorm.
Dit is de zelfkant van New York City, nachtelijke ritjes met onbetrouwbare taxichauffeurs.
Het 2e hoogtepunt van het album, New Order haal je er helemaal niet meer uit.
Als ze hiertoe in staat zijn, waarom dan niet helemaal een album in deze stijl.
Academic is niet verkeerd, het ademt het trieste uit wat mij bij de betere New Order nummers aanspreekt, en zit meer in het verlengde van Restless.
Nothing But A Fool spreekt mij ook aan, ook hier gaat men meer terug naar de oude New Order sound, met de sombere Joy Division erfenis.
Unlearn This Hatred klinkt als Simple Minds in de mix, ook zo’n band die probeert hip te zijn, en waarbij het niet meer wil lukken.
Jammer, want hier had meer in gezeten.
The Game begint hoopvol, maar al snel veranderd het in een Toppersdeuntje, eigenlijk hetzelfde verhaal als bij Unlearn This Hatred, de basis is oké, maar daar blijft te weinig van over.
Brandon Flowers van The Killers zou prima in het geheel kunnen passen, ik denk ook wel dat hij zich vereerd voelt om op dit album mee te mogen doen.
Superheated klinkt echter als een The Killers nummer, blijkbaar stelt New Order zich ondergeschikt op, het resultaat is in ieder geval best geslaagd.
Plastic, Tutti Frutti, People on the High Line, Unlearn This Hatred en The Game zijn minder, de rest is behoorlijk goed te noemen.

New Order - Power, Corruption & Lies (1983)

poster
4,0
Laat ik gewoon eerlijk zijn.
Age Of Consent klinkt als een snellere versie van Transmission van Joy Division.
Muzikaal een stuk luchtiger, en de rol van zanger is voor Bernard Sumner hier alles behalve optimaal.
Dan begint We All Stand een stuk spannender en overtuigender.
Peter Hook opent sterk met een mooie baspartij.
Helaas verdwijnt die al snel meer naar de achtergrond.
Bij de albums van Joy Division kwam je uiteindelijk tot een mooie productie, hier wordt er wel aan knoppen gedraaid, maar regelmatig de verkeerde kant op.
Hierdoor klinkt dit verder ook teveel als een live opgenomen probeersel, wat gewoon niet helemaal af is.
Eigenlijk hoor je in een nummer als The Village dat acts als Yazoo, Depeche Mode en OMD deze band al aan het inhalen is.
Allemaal artiesten met in deze fase een betere zanger.
5-8-6 is Blue Monday, maar dan op een andere manier gezongen, waardoor dit nummer weinig indruk op mij maakt.
Als Sumner bij Blue Monday een stuk lager inzet, en dus minder met zijn stem de hoogte in gaat, vallen pas alle stukjes op de juiste plek.
Zijn stemgeluid komt dan nog het dichtste bij die van Ian Curtis.
Het lijkt alsof er eerst krampachtig is geprobeerd om anders te klinken.

New Order - Technique (1989)

poster
3,0
De feestplaat van New Order.
Fine Time is gewoon hun versie van S-Express met de onverschilligheid van Happy Mondays met op het einde nog wat old school New Order.
We Going To Ibiza.
Echt een clubplaat, passend in deze tijd.
Veel drugs; en veel 24 Hours Party People.
All The Way heeft veel raakvlakken met Just Like Heaven van The Cure.
Veel; het is verdorie gewoon hetzelfde nummer!!
Nee, de creativiteit is ver te zoeken.
Run is The Jesus and Mary Chain ten tijden van Heartland.
Elke band heeft wel een fase waarbij ze in een muzikaal writers block zijn beland; hier is dit het geval bij New Order.
Totaal uitgeblust, en logisch dat ze vervolgens besluiten om er voor een tijdje mee te stoppen.
Volgens mij sluiten ze eerst de neerwaartse spiraal nog af met World in Motion, een soort van hooligan achtig clublied voor het Nationale Britse voetbalteam.
Sumner gaat vervolgens met Electronic aan de slag, waarbij de frisheid wel weer aanwezig is, Get The Message vind ik nog steeds een stuk sterker dan alles op Technique.
Eigenlijk is het hoofdstuk New Order hier wel klaar, want ondanks dat ze vervolgens nog wel sterke nummers uit brengen, is de chemie verdwenen.
Volgens mij was het onder elkaar ook alleen maar haat en nijd, en werden de volgende albums dan ook alleen maar uit gebracht om te cashen.
Na 10 jaar komen ze weer met een nieuw album, maar daar verwacht ik niet veel van.
Volgens mij is het gewoon een verkapt solo album van Sumner.

New Primals - Horse Girl Energy (2020)

poster
3,5
De tijd dat de eerste lichting hardcore punkband weet te provoceren ligt alweer mijlenver van het huidige muziekklimaat verwijderd. Wil je hier nog iets eigens aan toevoegen, dan moet je diep in je onvermogen graven en alle daarbij behorende belangen om hiermee daadwerkelijk te scoren opzij zetten. Vanuit deze basis kan er toegewerkt worden tot een pezig stukje muziekchaos, welke zich als een vlezige rottende substantie niet weg laat reinigen.

De baanbrekende voorgangers mogen opgelucht adem halen. Nergens vormt het opeisen van deze geoxideerde plek een gevaar, al aast het uit Minneapolis afkomstige ontvlambare branddriehoek New Primals wel op die toppositie, en laten ze zich niet eenvoudig uit de hardcore boksring slaan. Met een titel die veel weg heeft van een door een overschot aan suiker gevoede energydrink, welke vanwege het overschrijdende gehalte aan cafeïne onder de toonbank verhandeld wordt, presenteren ze hun debuutalbum. Zoals het bij een heuse punkplaat hoort, tikt ook deze plaat netjes binnen de limiet van een half uur af. Met tien verschroeiende puntige tracks als smullend eindresultaat.

Met het pittige Horse Girl Energy gooien ze werkelijk alles in de strijd om je omver te blazen. Met de indrukwekkende felrode albumhoes bewijzen ze al dat ze op oorlogspad zijn, en als een opgehitste stier bloed ruiken. En waar bloed is, is ook pijn voelbaar. New Primals is een allesvernietigende bulldozer die het conflict opzoekt en aanvecht. De blinde woede wordt uitgekermd door een getergde Sam Frederick die zijn vocalen in geen enkel opzicht lijkt te sparen. Het resultaat is een tornado van voorbij vliegende stijlen, waarbij buiten de hardcore de nadruk ligt op standje gehoorbeschadiging noise rock en doordachte versnellingswisselingen van de hoge school mathcore beweging.

Al vanaf het indrukwekkende opbouwende Blood & Water raakt de band verstrikt in een gesponnen web van onvoorspelbare maatwisselingen en onheilspellende krijsende zang, en is het een wonder dat ze hier naar ruim vier minuten uit weet te ontsnappen. Log wordt er roekeloos om zich heen geslagen tot een bijna funk metal dansbaar geheel. Zo ingewikkeld als hier wordt het vervolgens niet meer en met het zichzelf pijnigen met deze voor punkbegrippen lange tracklengte zijn we verder ook van verlost.

Horse Girl Energy is een oververhitte licht aangebrande ovenschotel waarin stukken gedreven ritmische hoekige postpunk vermengd worden met strak gestructureerde beats, smerige grungeriffs en waar zelfs met de titeltrack een vleugje blues als verzachtende kruidenmengsel aan de ingrediënten wordt toegevoegd. Zonder een snelheidslimiet wordt er door de korte songs heen gejaagd met hier en daar een verloren gegane geluidscollage die opgefrist nog prima tot dienst is.

New Primals - Horse Girl Energy | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

New York Dolls - New York Dolls (1973)

poster
3,0
Rauwe Rock & Roll, met raakvlakken met The Stones, maar dan rammelt het net wat meer.
Het uiterlijk op de albumhoes doet mij denken aan de Have You Seen Your Mother, Baby, Standing in the Shadow? Hoes van The Rolling Stones.
Sterker nog, David Johansen heeft ook qua uiterlijk raakvlakken met Mick Jagger.
Punk wil ik de eerste nummers niet noemen, maar wel het ongepolijste van Iggy Pop hoor je terug.
Pas vanaf Trash gaat het wel degelijk die kant op.
Het schreeuwerige hoor je later wel terug bij bands als The Birthday Party en Claw Boys Boys, maar het is toch wel Johnny Thunders die met zijn gitaarspel er bovenuit steekt.

Nicholas Merz - God Won't Save You, but I Will (2020)

poster
4,0
Als in 2009 Jared Sletager door een noodlottig auto-ongeluk om het leven komt besluiten Nicholas Merz en zijn halfzus Candace Harter het trio Pregnant op te doeken. Samen zetten ze hun samenwerking in Seattle voort met het zwaarmoedige Darto, waarbij die duistere allesbepalende gebeurtenis als een loodzware last de stempel op het geluid zet. Na twee volwaardige albums verwacht je dat de familieleden hun demonen bestreden hebben en de rust hervinden, waarna Nicholas Merz als solo artiest verder gaat, al blijft Candace Harter hem trouw als orgelspeler in zijn begeleidingsband.

Toch klinkt op The Limits of Men zijn stem dieper en melancholischer dan op het eerdere werk. De neerslachtige uitgeblustheid wordt ondersteund door psychedelische country folk, waarmee hij een bezwerende sixties sound oproept, waarbij de verdovende pijn nog steeds tastbaar aanwezig is. Niet alleen bij hem, maar misschien nog meer zelfs bij de in mineurstemming gespeelde orgelakkoorden van zijn halfzus. Nadat hij in de zomer met bevriende muzikanten de gelegenheidssingle Cent of Soap aflevert verschijnt een tweetal maanden later het mini album God Won’t Save You, but I Will.

Een plaat waaraan wel een klein halfjaar lang aan geschreven is, maar waarbij de uitgewerkte ideeën in een tijdsbestek van twee dagen opgenomen zijn. Gewoon zo puur mogelijk in een thuisstudio van een goede vriend, met de kale zandige vlakte van Joshua Tree als illustratieve achtergrond. Omdat de tracks in one take opgenomen worden krijgt de plaat de gehoopte live behandeling die Nicholas Merz zo nadrukkelijk wil oproepen.

Die grimmigheid openbaart zich in rake woestijnrocksongs die laten horen dat de leegzuigende wanhoop nog steeds een bepalende factor is. Het met smerig gitaarspel onder gedoopte Drifting Palomino is hierdoor geen standaard liefdeslied geworden. Het blijkt dat in het woordenboek van Nicholas Merz nieuw verworven geluk synoniem staat voor neerdalende ellende. De pessimistische ondertoon maakt van God Won’t Save You, but I Will geen gemakkelijke plaat, maar mag je wel spreken van een eerlijk product. Het enige lichtpuntje is het jazzy The Forty, waarbij er de een na de andere licht verteerbare gitaarklanken tevoorschijn getoverd worden.

Diep gruizig basgeluid van Adrienne Humblet vormen de muzikale voetstappen van de eenzame ik-persoon die in het licht van de maan de donkere stille omgeving van Midnight Movement in zich opneemt. Door zijn werk als gitaarmaker weet Nicholas Merz een aangename rauwheid in zijn gevoelige spel te stoppen, een eigenheid die alleen hijzelf op deze manier kan produceren. Die tedere gevoeligheid heeft hierdoor tevens iets angstaanjagends bedreigends in zich, waardoor de schepper als een ware Dr Jekyll het gruwelijke vuile werk door zijn instrument Mr Hyde laat opknappen.

Het hoogtepunt of juist dieptepunt hierbij is het afsluitende Blush, waar hij zijn ook zus in de verhaalvertelling betrekt. Als een doeltreffende moordenaar sluipt de gitaar naar zijn prooi toe om er op het einde een gruwelijke wending aan te geven. In die paar fracties van secondes laat hij de aangedane luisteraar in onverklaarbare onwetendheid achter. God Won’t Save You, but I Will, zou de twijfelende Nicholas Merz onze hoop in bange dagen zijn? Vast niet. Maar hij laat je gedachtes wel een half uur lang meevoeren in het prachtige story telling geheel van een overtuigende persoonlijke plaat.

Nicholas Merz - God Won't Save You, but I Will | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave - Idiot Prayer (2020)

Alternatieve titel: Alone at Alexandra Palace

poster
5,0
In combinatie met de film komen de nummers het beste binnen...

14 juli 2015, het leven zou nooit meer hetzelfde zijn…..

De dag dat Arthur Cave nooit meer zou aankloppen bij zijn ouders, nooit meer om wijze raad zou vragen, nooit meer de warme liefde van Susie Bick en Nick Cave zou voelen, omdat hij simpelweg van het ene op het andere moment voor eeuwig uit hun leven verdween. Op Skeleton Tree waren de littekens al aan de buitenkant enigszins zichtbaar, maar op Ghosteen dringen ze daadwerkelijk de ziel binnen.

Een schrijnende emotionele verslaglegging van Nick Cave waarbij zijn pijn grotendeels gedeeld wordt door muzikale partner Warren Ellis die hem hierbij trouw als betrokken vriend in ondersteunt. De andere Bad Seeds houden zich op gepaste wijze op de achtergrond. Samen met zijn vrouw Susie Bick zoekt Nick Cave tevens steun bij zijn trouwe fans, wat het indrukwekkende Conversations with Nick Cave oplevert, en wat een belangrijke bijdrage vormt in het nooit te plaatsen rouwproces. Een kind hoort nu eenmaal zijn ouders te overleven, zo zit het leven in elkaar.

Idiot Prayer is tevens de afronding van de trilogie die in 2014 werd gestart met 20.000 Days on Earth, waarbij nog nergens sprake was van het dramatische verloop van een door afschuwelijke omstandigheden getekende zanger. De pijn welke vervolgens wel de hoofdrol vervuld bij het intieme One More Time with Feeling, waarbij de nasleep van het overlijden van Arthur wel centraal staat. En dan nu die laatste fase van het oneindigende heftige proces met het prachtige breekbare Idiot Prayer.

Idiot Prayer gaat weer een stap verder. Een kwetsbare gebroken Nick Cave trotseert helemaal alleen het podium, en laat de meest pure kant van zichzelf zien. Geen vragen meer vanuit de zaal die de ene keer met diepe ernst beantwoord worden, en waarbij zelfs ruimte is voor zelfrelativering en misschien nog belangrijker, humor. Idiot Prayers is het besef dat de smekende gebeden tot de hemel nutteloos zijn, en dat voor Nick Cave de enige treffende uitvlucht de muziek is. Een concertfilm zonder publiek, al zijn ze als stille getuige zeker wel aanwezig.


Het rouwen bewaart hij verder voor thuis, de volgende stap is gericht op het oppakken van zijn daadwerkelijke werk. En die stap is hij genoodzaakt om alleen te zetten, de veiligheid van een zitplaats achter de piano als enige stabiele houvast. Die eenzaamheid staat al centraal in de openingsscenes, waarbij Nick Cave alleen met op de achtergrond het spoken word intro van Spinning Song de trappen van het Londense Alexandra Palace afloopt, alleen de zaaldeur opent om alleen daar naar binnen te wandelen. De tempel wordt bevolkt door de piano, die dezelfde kracht uitoefent als een altaar in een lege kerk.

Hoe bijzonder is het dat die eenzaamheid versterkt wordt door het Corona tijdperk, waarbij er geen ruimte is voor publiek. Genoodzaakt is Nick Cave op zichzelf aangewezen met enkel Robbie Ryan op de achtergrond, verscholen achter de draaiende camera. Het is prachtig hoe het licht van de geopende deur van de verlaten danszaal de rol van de bezoeker op zich neemt. Het symboliseert het sprankje hoop wat zich als een passerende reiziger van de zanger afkeert, en die nu als een verloren zoon de weg terug heeft hervonden in de toepasselijke woorden van het titelstuk Idiot Prayer.

They’re taking me down, my friend
And as they usher me off to my end
Will I bid you adieu?
Or will I be seeing you soon?
If what they say around here is true
Then we’ll meet again
Me and you

En dan besef je gelijk hoe moedig het is om direct al zo te openen. Je ziet een verbitterende Nick Cave waarbij deze woorden zoveel betekenis hebben. Hij kan nu nog opstappen en de piano verlaten, maar hij kiest ervoor om de confrontatie aan te gaan. De filosofische vragen krijgen nog meer diepgang, en de gevraagde verbintenis met God komt nog indringender over.

Al snel flitst de volgende gedachte door je heen. Is dit dezelfde persoon die jaren geleden verbaal genadeloos zijn geliefde aan de oever van een rivier afslacht? Hoe groot kan het contrast zijn. De strijdlustige zanger die de duivel recht in de ogen aankeek is een oude geleefde man geworden, waarbij het schimmige treurende bestaan hem ertoe dwingt om de sterkste kanten van zichzelf op te roepen, en de gevoeligste daarvan zit bij zijn kinderen. Iets waar niemand, maar dan ook niemand anders dan hijzelf aan mag komen.

Door het gespeel met de belichting komen de emoties nog meer tot zijn recht, bewust wordt er met regelmaat afgegleden naar de handen die gevoelig de toetsen beroeren. Dan weer gehuld in het donker, afgewisseld met het goudgele licht. Prachtig hoe hiermee vermeden wordt dat de somberheid de film definitief naar zich toetrekt. Want het zijn door de sobere uitvoering allemaal grijze songs geworden, waarbij vooral bij het oudere werk het mechanische zonlicht zich als een aura rondom de zanger vormt. De achtergrond van Papa Won’t Leave You Henry is door het effect van de verlichte ramen nu een getemde verstilde rivier geworden.


De glimlach op het einde van (Are You) The One That I’ve Been Waiting For heeft zoveel zeggingskracht, en is bevrijdend. Niet alleen voor Nick Cave, maar zeker ook voor de luisteraar. Het daarop aansluitende Waiting For You heeft weer die worsteling met de woorden, Nick Cave op zijn persoonlijkst; verbitterd en leeg. Door die geweldige klein gehouden versie van The Mercy Seat vallen de harde pianoakkoorden als een versnelde regenval naar beneden. Er zijn zeker honderd live uitvoeringen vindbaar, maar telkens weer weet hij er iets bijzonders van te maken.

Jubilee Street is niet voor te stellen zonder de sfeervolle arrangement van Warren Ellis, toch overtreft de gemeende dramatiek van Nick Cave zelfs nog het origineel. Het dreigende opbouwende van Stranger Than Kindness blijft nog volledig intact en heeft nu vooral de functie van de bevreemdende omgeving, dicht bij huis.

Het is zeker onmogelijk om bij The Ship Song niet de engeltjes uit de videoclip te zien. Was het daar nog vooral een veredeld kerstnummer, nu draagt het iets spiritueels in zich en gaan de gedachtes onbewust naar Arthur Cave. Galleon Ship is niet alleen het afsluitend nummer van deze indrukwekkende concertregistratie, maar staat voor altijd gelijk voor het definitieve afscheid. Dat je vervolgens nog een toegift krijgt is boven verwachting, maar draagt wel bij om de belevenis met een goed gevoel af te sluiten.

Het bloedstollende Avalanche van Leonard Cohen krijgt nu een vriendelijkere behandeling. Hiermee bewijst Nick Cave nogmaals dat hij gerust plaats mag nemen op de plek van zijn overleden leermeester. Ook de recentelijk opnieuw uitgebrachte Marc Bolan cover Cosmic Dancer is een mooi eerbetoon. Prachtig, prachtig, prachtig. Als hij vervolgens in alle stilte de zaal verlaat zwerven mijn gedachtes af naar die andere grootheid die hij zo bewondert in Tupelo. Elvis Has Left The Building.

Idiot Prayer - Nick Cave Alone at Alexandra Palace | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave - Seven Psalms (2022)

poster
4,0
Je kan deze zomer gewoonweg niet om hem heen. Nick Cave domineert en regeert op de festivals. Hij is een ceremoniemeester, een priester, brengt zijn geloofsovertuiging aan de man en voegt met het soulkoor nog zoveel meer bezieling aan zijn performance toe. Kan dat? Natuurlijk kan dat! Nick Cave heeft het publiek van het begin tot het einde in zijn greep. Natuurlijk speelt de keuze van zijn tracks in de Peaky Blinders serie een enorme grote rol in het succesverhaal. God Is in the House, je bent getuige van een publieke kerkviering, hoe diep kan je als artiest gaan.

Concertfilms volgen elkaar in hoog tempo op, Nick Cave verruilt zijn The Bad Seeds voor alleen Warren Ellis in de begeleidersrol, en slaat vervolgens keihard toe met een nieuwe geoliede bandsamenstelling. Nick Cave heeft het rommelige verleden achter zich gelaten, en staat tegenwoordig garant voor perfectie. Het is een rasartiest, een entertainer. Op het podium is er geen ruimte voor persoonlijk verdriet, en dat hoeft ook niet. Wat de platen betreft is dat een ander verhaal, Nick Cave heeft altijd al een haatliefde relatie met God, het geloof en het vertrouwen daarin gehad. Met Seven Psalms komt hij voor de zoveelste keer met zichzelf in het reine. Men kent de geschiedenis onderhand wel, en veel puristen zullen nu wel definitief afhaken. Prima, ieder zijn ding, voor mij weet Nick Cave nog steeds te overtuigen, zeker als hij zich klein, kwetsbaar, eenzaam, ja vooral eenzaam opstelt.

Seven Psalms staat volledig op zijn eigen naam, zonder The Bad Seeds en zonder Warren Ellis, al is zijn aandeel onmiskenbaar voelbaar en tastbaar. Zeven religieuze psalmen, zeven spoken words, zeven momenten voor berusting en bezinning, met uiteindelijk die bijna 12 minuten aan innerlijke Psalm Instrumental kalmte. Nick Cave overstijgt zijn demonen, bestrijdt zijn grootste angsten (de ergste hebben al twee keer een vernietigende werking achter gelaten). Seven Psalms is een aanvulling op de Red Hand Files helpdesk, waar Nick Cave zijn persoonlijk advies en visie op gestelde vragen geeft. Het lijntje met God, als aardse volgeling en ondersteunende spreekbuis. Het verrotte schrikbeeld uit het verleden is getransformeerd tot een helend steunpunt. God schiep de wereld in zeven dagen, Nick Cave heeft zeven dagen nodig om Seven Psalms te maken. Niet te vergelijken, maar de wereld is ook maar een slordig uitgevoerd eindresultaat, ver verwijdert van volmaaktheid toch?

Het spoken word idee is ook niet helemaal nieuw. In het verleden draagt Nick Cave zo al eerder zijn gedichten aan het publiek voor, en de And the Ass Saw the Angel boekvoordrachten zijn ook welbekend. Het grote verschil is toch wel die muzikale vormgeving. Seven Psalms voelt aan als een Ghosteen epiloog. How Long Have I Waited? is griezelig zwaar deprimerend. Nick Cave is klaar om God te ontmoeten, klaar voor het onaardse paradijs, klaar met het leven? Zijn woorden raken, roepen stilte op, en laten je in alle rust over de voortgang van het bestaan nadenken. Die doelstelling is belangrijker dan de schoonheid van de korte lofzang liederen. Het staat nog boven het geloof, universeel met de hogere macht als metgezel. Het hemelse verlangen, gezongen vanuit de krochten van de hel. Nick Cave, vaak vergeleken met Leonard Cohen, graaft hier juist dieper in een latere lugubere Scott Walker begeleiding.

Have Mercy on Me is een terugblik op de Nick Cave van vroeger, roekeloos, verslaafd, gewelddadig confronterend. Destructief met de toekijkende duivel op zijn schouder, E.V.I.L. op zijn vuist getatoeëerd. Veilige geborgenheid, vader en zoon liefde in I Have Trembled My Way Deep. God Is in the House en opent zijn poorten in I Have Wandered All My Unending Days. De hoeren, de junkies, de zatlappen, hij verwelkomt ze als trouwe volgelingen, dienaars bijna. Such Things Should Never Happen grijpt naar zijn persoonlijke verlies terug. Prachtig beschreven, de woorden zeggen genoeg, niks aan toe te voegen.

A mother holds her baby to her breast
She trusts in you, yet does not dare to breathe
As the baby sparrow falls from its nest
As the mighty oak does not appear to see

Nick Cave - Seven Psalms | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave & The Bad Seeds - B-Sides & Rarities (Part II) (2021)

poster
4,0
Avalanche 1984; dreigend vanuit het diepste van de ziel.
Avalanche 2020; fragiel vanuit het diepste van de ziel.
Het beest is getemd en getransformeerd tot een zacht lovely creature.

De Leonard Cohen cover geeft exact die fase weer waar Nick Cave zich hedendaags in bevindt. Een humaan persoon die zijn verdriet deelt met zijn luisterende publiek, en waar nu behalve bezinning en verdriet gelukkig ook ruimte is voor humor en zelfreflectie. Een lach en een traan, met een openhartige gastheer. Met Warren Ellis als enig The Bad Seeds zekerheid betreedt hij de podiums om de nodige indruk achter te laten. Niet alleen met zijn songs, maar soms nog meer met de verhalen daarachter. De amicale verstandhouding is uniek in het leven van Nick Cave, die daar vrijwel geen vriendschappen in toelaat, maar de laatste jaren deze steunbetuiging wel accepteert. Het tweetal staat aan de basis van het intieme Push The Sky Away, het persoonlijke Skeleton Tree en het rouwproces Ghosteen.

Wil ik wel opnieuw geconfronteerd worden met de nummers die herinneringen oproepen die gekoppeld zijn aan het overlijden van Arthur Cave? Ik weet het niet. Blijkbaar laat Nick Cave het toe om dit nogmaals te delen. Hoe houden de sobere tracks zich staande als ze geamputeerd worden van de volwaardige albums en in momentfracties voorbij komen? Want daar draait het grotendeels bij B-Sides & Rarities (Part II) om. Zeker nu de aandacht vervlakt en het dit jaar verschenen Carnage naar de achtergrond verdwijnt. Gewoon weer een prima plaat, maar dan zonder de impact van het vorige werk. Toch ben ik blij dat Nick Cave ervoor gekozen heeft om een doorstart te maken, al kan ik het ook begrijpen als het nu klaar zou zijn. Prima dus dat hij doordacht een andere keuze maakt.

De luchtigheid van Hey Little Firing Squad, Fleeting Love en het Bruce Springsteen achtige Accidents Will Happen gaan terug naar het 2008 van Dig, Lazarus, Dig!!!. Nick Cave die zich met foute pornohangsnor neerzet als een gladde onbetrouwbare ladykiller. Het is jammer dat er geen restmateriaal uit de gelijktijdige zwaar rockende Grinderman periode op de plaat staat. Het is dan ook een Nick Cave & The Bad Seeds samengesteld geheel, en daar staat dit project los van. Zonde, want juist dit afwijkende vuige zwartgeblakerde hoofdstuk zou een mooie aanvulling zijn. Alleen de duistere missing link Vortex is hier aanwezig. Jammer dat deze smerig gespeelde gitaartrack het toen niet gehaald heeft. Vortex behoort tot de hoogtepunten uit deze tijd, en bewijst nogmaals de zorgvuldigheid van de uiteindelijke albumkeuzes.

Het met Debbie Harry gezongen Free To Walk is een mooi eerbetoon aan Jeffrey Lee Pierce, de The Gun Club stadsduivel die zijn liefde voor Miami en Las Vegas bezingt, en waar The Bad Seeds gitarist Kid Congo Powers zijn roots heeft. Leuk, maar beide artiesten kunnen beter, de onderhuidse spanning die hij bij andere gastzangeressen weet op te roepen ontbreekt hier. Het treurend vioolspel van Warren Ellis op Avalanche overtuigt en is een mooie aanvulling op het pianospel van de The Idiot Prayer filmsetting. Vreemd genoeg ontbreekt deze op de albumversie van het concert, al gaat mijn voorkeur uit naar die loeizware eerste From Her to Eternity opende coverversie.

King Sized Nick Cave Blues is de letterlijke observerende beschrijving van de Push The Sky Away albumhoes, de gordijnen openen zich echter pas bij de binnendringende zonnestralen van Instrumental #33 en het prachtige liefdevolle Glacier. Het overdonderende Needle Boy is een bekentenis van de junk Nick Cave die de zelfkant van het leven opzoekt. Als een graatmagere schim spookt het met de duivelse Lightning Bolts bliksemstralen rond. Verdovend als drugs, nadreunend als een cold turkey. Kant en klaar songs die niet passen op het dromerige Push The Sky Away (welke emotionele titeltrack hier wel live op te vinden is) maar die wel die onheilspellende nachtlevenstempel dragen. Opium Eyes hoort in het rijtje tussen Needle Boy en Lightning Bolts thuis, en handelt ook over zijn verslavingsdrang, maar is van een later tijdstip. In diezelfde lijn ligt het typische Nick Cave spoken word voordracht Animal X, een presentje om de Record Store Day te promoten. Het breekbare Give Us A Kiss staat op de 20,000 Days On Earth soundtrack maar is qua sfeer vergelijkbaar met het latere Skeleton Tree.

Het elektronische First Skeleton Tree, gemaakt op een zondagochtend voor de dood van Arthur Cave, heeft al dat lugubere voorgevoel. Tijdens het werkproces vormt zich een verstikkende doodskleed over de opnames heen, die de verdere verloop in gitzwarte duisternis doopt. Hell Villanelle, de ommezwaai, de stilstand met dreunende hartaanval drones die alle zekerheden ontnemen en er helemaal niks voor teruggeven. Doordat de setting van Skeleton Tree door de dramatische gebeurtenis in een klap totaal verandert, blijven er veel ongeschikt geraakte nummers liggen. Sudden Song wordt al in het beginstadium geschrapt, First Girl In Amber is te jazzy, ook het zachte Life Per Se en het zeer passende Steve Mc Queen zijn plotseling onbruikbaar geworden. God is een filmacteur die de touwtjes in handen heeft, en deze abrupt doorknipt.

Big Dream zal uiteindelijk leiden tot de bezongen hemelweg in Ghosteen. Euthanasia, de ademloze pianoballad van The Idiot Prayer, die daar zo mooi tot het recht komt in de lichtval van de goudbruine zonnestralen. Earthlings wordt ook al vaak live uitgevoerd, en het is vreemd dat deze sleutelsongs op Ghosteen ontbreken. First Bright Horses en de ritmische veldslag First Waiting For You zijn voorstudies van de uiteindelijke versies die op Ghosteen terecht komen. Bij Heart That Kills You wordt het akkoordenschema van The Mercy Seat erbij gepakt om tot nieuwe ideeën te komen. Ondanks de impact van de gekozen tracks is deze minder indrukwekkend dan B-Sides & Rarities (Part I). Daar betrof het een langere periode, en het blijft een gemiste kans dat Grinderman totaal genegeerd wordt.

Nick Cave & The Bad Seeds - B-Sides & Rarities (Part II) | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave & The Bad Seeds - From Her to Eternity (1984)

poster
4,5
Met de uitvlucht naar Europa tekent The Birthday Party voor het einde van de band. Het botert al een tijdje niet meer tussen Nick Cave en Rowland S. Howard en het buitensporige drugsgebruik doet de band zeker geen goed. In het verslaafdenwalhalla Berlijn treffen ze Einstürzende Neubauten frontman Blixa Bargeld die tijdens de studio opnames van de Mutiny in Heaven song gitarist Rowland S. Howard vervangt.

Hierdoor lopen de spanningen zodanig op dat juist Mick Harvey onverwachts de stekker uit The Birthday Party trekt. Rowland S. Howard start het aan The Birthday Party gerelativeerde Crime and the City Solution, waar ook Mick Harvey deel van uitmaakt. Deze blijft echter ook trouw aan Nick Cave en staat met hem aan de basis van The Bad Seeds.

In eerste instantie is Tracy Pew nog aanwezig, maar omdat deze amper in staat is om te spelen trekken ze voormalige Buzzcocks en Magazine bassist Barry Adamson aan die hem in de studio vervangt. Anita Lane, de voormalige ex-vriendin van Nick Cave, levert de tekst van From Her to Eternity aan. Ze kent Rowland S. Howard al vanaf hun studietijd op de Prahran College of Advanced Education kunstacademie, die haar bij Nick Cave introduceert en zal op de achtergrond altijd tot aan haar dood aan The Bad Seeds verbonden blijven.

Ook de amper twintig jaar oude Hugo Race voegt zich bij het gezelschap, al zorgt het destructieve karakter er wel voor dat hij voortijdig rond de albumrelease van From Her to Eternity The Bad Seeds verlaat. Hij schrijft het muzikale leeuwendeel van het From Her To Eternity titelstuk, en daar blijft het eigenlijk wel bij. De basis van Nick Cave & the Bad Seeds zal voor een langere periode uit Nick Cave, Mick Harvey, Blixa Bargeld en Barry Adamson bestaan. From Her to Eternity heeft nog een andere belangrijke historische waarde welke zeker niet onvermeld mag blijven. Het is de eerste opdracht van producer Flood, die vervolgens met zijn bijdrage aan de U2, Nine Inch Nails, New Order en Depeche Mode platen naam maakt.

Nick Cave verloochend zijn muzikale helden niet, en covert tijdens zijn loopbaan met regelmaat iconen als Elvis Presley, Johnny Cash en Bob Dylan. Op From Her to Eternity eert hij de grootste dichter romanticus aller tijden; Leonard Cohen. Songs of Love and Hate is hoe dan ook een van zijn donkerste platen, en de Avalanche dreiging gaat dan al door merg en been.

Het is de angst voor het naderende einde als een moordenaar het weerloze lichaam van het slachtoffer met zich meedraagt. Nick Cave doet er nog een stapje bovenop, kruipt in het personage en maakt er zijn eerste echte regelrechte murder ballad van. Het is een goede zet dat Mick Harvey tijdelijk afscheid van zijn gitaar neemt. Zijn primitieve doodssmak roffels geven deze uitvoering nog meer kracht mee en het werkt absoluut in het voordeel dat hij juist geen geroutineerde drummer is.

De zelfkant van het bestaan leidt Nick Cave naar het verharde havengebied waar in kroegen zeelui en prostituees samenkomen en waar er voor buitenstaanders geen plek is. De stoere praat van het heen en weer klotsende Cabin Fever! is daar een gestoorde koortsachtige verslaglegging van. De tatoeage op de onderarm van de kapitein verwijst letterlijk naar Anita Lane.

Nick Cave bepaalt de koers van het zinkende schip welke door een stuurloos zootje ongeregeld bemand wordt die de verdoemenis tegemoet varen. De aarde is plat en aan de horizon wenkt het helse gat om in die donkere afgrond te verdwijnen. Met het slepende slavengang ritme introduceert Well of Misery zichzelf. Het uitschot op hun laatste strooptocht naar het naderende einde. Kansloze junkies, boeventuig met hun ball of chain, verstoten illustratieve figuren, kortom, het rariteitenkabinet The Bad Seeds genaamd. De Well of Misery samenzang verwijst naar de oorsprong van de Zuid Amerikaanse Mississippi Deltablues, een interesse die Nick Cave vooral met jongeling Hugo Race deelt. Met stervende ademstoten huilt de mondharmonica zich er doorheen.

Het From Her to Eternity titelstuk wordt ooit een zelfkastijdende doods marteling genoemd en daar valt weinig aan af te dingen. Anita Lane pijnigt Nick Cave door hem de door haar gepende woorden uit te laten spreken. Het is een muzikaal crime passionel orgasme, gevuld door gekmakende liefde en jaloerse begeerte.

Flarden aan dagboekbladen worden verscheurd, waarna een manisch hoofdpersonage de pianotreden betreedt om bovenaan het machteloze onschuldige meisje terug naar de eeuwigheid te sturen. Het vernietigende terreurgeweld uit de gitaar van Blixa Bargeld maakt een genadeloos einde aan al het lijden. From Her to Eternity is de eerste cultklassieker op de naam van Nick Cave & the Bad Seeds, een status welke later door het aandeel in de Wim Wenders film Der Himmel über Berlin versterkt wordt. Live wordt deze publieksfavoriet bijna altijd gespeeld, en dat zegt in principe al meer dan genoeg.

Mark Twain behoort samen met Harriet Beecher Stowe tot de eerste lichting Amerikaanse schrijvers die onderwerpen als rassenhaat, emancipatie, chauvinisme en het hele grijze gebied daar omheen niet schuwen maar juist bewust aankaarten. Saint Huck is een herinterpretatie van de Huckleberry Finn avonturenroman, welke deze donkere kant van de Verenigde Staten belicht. Horrorverhalen voor de minderjarige lezers die hierdoor nachten wakker blijven en de slaap niet kunnen vatten.

Ondanks dat de bijdrage van Hugo Race bij deze track genegeerd worden, is hij wel degene die de vermorzelende baslijnen aanlevert, waaroverheen de rest van The Bad Seeds zich als voedende parasieten kunnen uitleven. Het is vooral Blixa Bargeld die zich met het kletterende punkgitaarspel in the picture speelt, de onmacht van zijn beperkte muzikale onkunde, wat later zijn handelsmerk wordt. Ook Saint Huck groeit tot een favoriet onder zijn fans uit en komt regelmatig tijdens optredens voorbij.

Het slopende Wings Off Flies kinderrijmpje She Loves Me, She Loves Me Not is de weerspiegeling van een met pek en veren besmeurde gestrafte zondaar, waarbij de veren een voor een worden uitgetrokken. Of is het de onwetende Icarus waarbij tijdens zijn vlucht naar de zon de vleugels door de warmte smelten. Het is niet de eerste en zeker niet de laatste Bijbelse verwijzing in het werk van Nick Cave.

Bevriende doemdenker Jim Thirlwell van Foetus geeft er een sensuele ritmische jazzy swing aan, waardoor de song zich nog het meeste met het latere The Birthday Party werk laat meten. Is het een onbewust eerbetoon aan de homo erotische uitstraling van Tracy Pew, die tijdens dit werkproces slechts als schim nog lichamelijk in de studio aanwezig is. Dichterbij The Birthday Party zullen The Bad Seeds nooit meer komen, en misschien is dat wel prima zo.

De laatste jaren werkt Nick Cave zijn composities vooral op piano uit, en vergeet men weleens dat hij dat in het verleden al regelmatig eerder gedaan heeft. Bij de dramatische uitvoering van het beeldend klagende A Box for Black Paul jazz epos zijn de overige The Bad Seeds leden minimaal aanwezig en bewijst Nick Cave in vroeg stadium al dat hij zich prima zonder zijn begeleidingsband staande houdt.

Zijn muzikale aandeel wordt vaak wat onderschat, mede omdat hijzelf deze als niet echt relevant en gebrekkig citeert. Het mist slechts de compactheid van de latere tracks, maar brengt de nodige mystiek in de song. Wie is die Black Paul die respectloos te grave gedragen wordt, en met afgunst in zijn laatste rustplaats belandt. Slechts de treurende engelen weten dat hij diep van binnen een goed mens is. God treedt te laat als zijn beschermheer op, en gelooft wel in zijn onschuld.

From Her to Eternity is het indrukwekkende geraamte van de Nick Cave & The Bad Seeds catalogus. Het onzekere beginsel die van een afgestorven dode The Birthday Party tak voorzichtig tot bloei komt. Vanuit hier zal het gezelschap zich steeds verder aankleden, totdat de uitgestoken kale botten en de asresten van de baanbrekende voorganger amper nog zichtbaar zijn. Een wankele droomstart welke zoveel moois zal brengen.

Nick Cave & The Bad Seeds - Ghosteen (2019)

poster
4,5
3 oktober, 22:58 uur.....

Met een sfeervol ritmische inleiding worden we twee minuten voor aanvang naar de openbaring van de nieuwe Nick Cave getrokken. Al dagen roept het vragen op. Is het een sombere plaat geworden in de stijl van het sfeervolle Push the Sky Away en het daarop volgende Skeleton Tree, welke een wrange nasmaak krijgt vanwege het trieste overlijden van zijn zoon Arthur? Al was het merendeel van het materiaal al geschreven, en krijgen de nummers daar plotseling een totaal andere betekenis. Hoe groot zal de rol zijn van Warren Ellis, die ingehuurd werd als klassiek geschoold violist, inclusief zijn zwerverachtige uiterlijk. Steeds meer eist deze zijn rol op bij The Bad Seeds, nu Cave zich steeds meer bewust lijkt te worden van het feit dat Blixa Bargeld en Mick Harvey hem onvoorwaardelijk in de steek hebben gelaten. Natuurlijk zal er in zijn hoofd ook stil gestaan worden bij de dood van Conway Savage. Het slechte zaadje heeft zijn kleurige akker overwoekerd, en zit in een hoek verscholen om toe te slaan. Al loerend in de gedaantes van leeuw en luipaard staan ze opgesteld om toe te slaan. Het prille geluk in de vorm van een prominent aanwezig lammetje te verslinden.

Natuurlijk is de frontman gebroken. Hoe bijzonder is het dan dat hij zijn trouwe fans betrekt in het verwerkingsproces. Welke rol de inspirerende Conservation Tour hierbij gespeeld heeft is niet helemaal duidelijk, maar het is geloofwaardig dat hij daar moed uit verzameld heeft. Wel weerklinkt er in de soberheid een duidelijke drang naar het leven door. Juist nu verwacht je een duistere plaat die tegen het oude werk aanleunt. Maar het getatoeëerde E.V.I.L. op gebalde vuist is vervangen door hemelse liefde. Als beschermengel zingt Cave zijn overleden zoon toe, vliegt met hem mee naar een zorgeloze eeuwigheid.

Spinning Song gaat met zijn melodieuze opbouw verder waar Skeleton Tree eindigde. Pastorale klanken die Nick Cave laten verwijzen naar Elvis Presley. Werd in Tupelo op dreigende toon zijn geboorte bezongen, hier haakt hij in op zijn naderende einde. Al snel vervolgen de verwachte verwijzingen naar Arthur. De doodssmak vanuit het veilige nest dat zijn ouders voor hem gemaakt hebben. Vergeet niet dat ook Elvis met een tweelingbroer op de wereld gezet werd, al overleed deze al tijdens de geboorte. Hoe bijzonder is het dat Nick Cave met beschadigde kopstem durft af te sluiten. Peace Will Come In Time. De gehavende wonden liggen open als een afgerukte vleugel.

Het zwaarmoedige Bright Horses roept het beeld op van Cave, Warren Ellis en een piano. De vriendschap tussen beiden lijkt alleen maar groeiende door het persoonlijke leed waar mee geleefd dient te worden. Wisten ze op het podium altijd al elkaar te vinden, nu lijkt het er steeds meer op dat The Bad Seeds voornamelijk uit enkel deze persoon bestaat. Er is verder alleen maar ruimte voor de klagende hoge zangpartijen die je dwingen tot stilte. Op het moment dat Cave voor de eerste keer het woord Lord uitspreekt, hoor je hem breken.

Diepe logge percussie gaat Waiting For You voort om al snel ingewisseld te worden door de dominant aanwezige piano. Wat moet er door de hoofden van ouders heen gaan als ze geconfronteerd worden met de plek des onheils? De rit in stilzwijgen. Man, wat doet dit pijn. Elke gebeurtenis wordt aangegrepen om de liefde voor zijn zoon te benoemen. Stijltechnisch is het te plaatsen op No More Shall We Part. Dan weerklinkt er een sprankje hoop in Night Raid. Mooie momenten worden teruggehaald en op papier gedrukt als dierbare herinneringen. Cave kan het breekbare omzetten in de krachtigheid die je van hem gewend bent.

Wie kan er beter dan Warren Ellis het dromerige zwevende gevoel van Sun Forest uitwerken. Met zijn ervaringen in het scheppen van indrukwekkende soundtracks heeft hij zijn rol al lang verzilverd. Ook hier is hij de arrangeur die van zijn werkgever alle vrijheid krijgt om hiermee aan de slag te gaan. Met hedendaagse elektronica echoot er een vervormde stem doorheen. Nick Cave pakt alle rust om geconcentreerd achter zijn piano plaats te nemen. In volle overtuiging vertelt hij over hoe hij bijna therapeutisch gedwongen wordt om de volgende stap in het rouwproces te zetten. Met de vertrouwde bijbel als naslagwerk, om daarin de antwoorden op de vragen te vinden. Antwoorden die leiden tot meer vragen. De zoveelste verwijzing naar The Skeleton Tree volgt, de vervloekte stamboom met de afstervende tak, die zich treurend naar de aarde werpt. De prachtige falset die als tweede stem bemoedigend en bijna wiegend toezingt, hoe mooi kan verdriet gedragen worden.

Wat volgt is het lugubere intro van Galleon Ship. Alsof een spookschip gevuld met dolende zielen wacht om weg te varen. Met flinke vervorming in de vocalen word je melancholisch toegezongen. Dan zijn er dan onverwachts de zonnestralen in het prachtige geluidsveld, om vervolgens weer te vervagen in het geruis van vechtend water. Ghosteen Speaks haakt hier op in, en is net wat optimistischer van aard. Nick Cave heeft weer dat ouderwetse kenmerkende zelfverzekerde in zijn betoog, waarmee hij je meevoert in zijn verhaal. Dat die boodschap hoe dan ook al overkomt, mag duidelijk zijn. Hier komen The Bad Seeds het sterkste naar voren, als eenheid vervullen ze de achtergrondzang.

Zo donker als de nacht schuifelt Leviathan voorbij. De innerlijke band van vader tot zoon wordt verwoord. Verspilde weggegooide tijdsmomenten die anders ingevuld hadden kunnen worden. Eenzaamheid en verdriet. En weer is daar die flashback van de weg naar het strand. Ghosteen handelt over het loslaten, maar dat is een onmogelijke opgave.

Was het eerste gedeelte nog de lijdensweg naar het paradijs, op de tweede plaat lijkt het alsof de tocht is voltooid. Een sfeervolle introductie van het hiernamaals, prachtig instrumentaal ingeleid. De koffer in de hand lijkt ook te verwijzen naar een gearriveerde reiziger. Het zijn de minimale accentwisselingen die berusting oproepen.

De titelsong Ghosteen is daarbij het sleutelnummer, en tevens de sleutel van de poort van het paradijs, zo ervaar ik het. Was de eerste plaat nog vrij klein en intiem, hier start hij groter van opzet. Met Oosterse klanken wordt een beeld geschept welke nog het beste te plaatsen is in het mythische hangende tuinen van Babylon. Het weemoedige blijft rondcirkelen, maar dan zonder de lage zwaartekracht welke als smog een nevel vormde over het eerste gedeelte. Hoe wrang is het dat de gedachten hierbij gaan naar de sfeer van The Good Son. Hoe verkeerd kan die titel nu vallen. Nogmaals wordt het verlies benadrukt, nu in een tijdloos sprookje, welke te herleiden valt tot een verscheurd gezin waarbij het kindfiguur afscheid neemt. Het beeld van het hiernamaals wordt steeds minder rooskleurig. Vriendelijke wezens die uiteindelijk instinctief hun dierlijkheid laten gelden. Gevaar loert, er wordt bloed geroken. Het beeld dat geschetst wordt op de albumhoes. De onschuld als het vlekkeloze jonge lammetje.

Fireflies linkt tekstueel direct aan Night Raid. Ook hierbij wordt er geopend met Maria die Jezus in haar armen houdt. Hij laat in het midden of het de geboorte of het overlijden betreft. Dit is niet van belang, de moederliefde staat centraal. In spoken word vorm volgt de inleiding naar het geweldige eindstuk. De dreiging die hoorbaar is in de gesproken passages van The Mercy Seat en The Carny is te voelen. Zalvende stemmen op de achtergrond temperen de zanger. Vuurvliegjes die de duisternis kleur geven als eeuwige fonkelende sterren.

Zou Hollywood gezien worden als het kunstmatige paradijs, waarbij van de buitenkant alleen maar schoonheid te zien is? Als de avond invalt komt de schemerzijde als een ongenodigde gast op bezoek. De zelfkant belichaamd in het nachtleven, met alle verleidingen en gevaar die zich opdienen. Onheil en verlokkingen. Een slang die als duivel toesist om van de verboden vrucht te eten. Bewust van zijn eigen sterfelijkheid wacht de poëet op zijn eigen afscheid. And I’m just waiting now, for my time to come. Warren Ellis die zijn opdracht voltooit door het passend in te kleuren met een onverwachts drukkend einde.

Ghosteen is een lange intense trip, je wordt meegezogen in de wervelwind waar Cave zich in bevindt. Werd Skeleton Tree betiteld als zijn meest persoonlijke werk; Ghosteen is de overtreffende trap. Verwacht geen terugkeer naar zijn onstuimige leven en confronterende muzikale uitspattingen. Nick Cave is een oude wijze man geworden, getekend door het harde leven.

Nick Cave & The Bad Seeds - Ghosteen | Rock | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave & The Bad Seeds - Henry's Dream (1992)

poster
4,5
"I Had a Dream, Joe" vind ik het lekkerste nummer van dit album, maar het hele album is de moeite waard. Persoonlijk hou ik ook van het ruigere werk van Cave; het latere werk vind ik een stuk minder. Maar wat ik nu van Grinderman gehoord heb (het nieuwe Cave project) klinkt gelukkig weer een stuk harder. "Jack the Ripper" en "Straight to You" zijn ook pareltjes. Maar het volgende album was nog net wat zwaarder, en daardoor net een stukje beter.

Nick Cave & The Bad Seeds - Live God (2025)

poster
4,5
Met het meesterlijke Wild God leverden Nick Cave and the Bad Seeds vorig jaar een luchtiger sterk hoogtepunt af. Na de zwaarte van de familie omstandigheden van Nick Cave was dit een verademing. Het vertaalde zich vervolgens in een sterke concertreeks waar een goed op elkaar ingespeelde band vol overtuiging een geweldige set neerzette. Ook Nick Cave stelde zich zeer amicaal ten opzichte van het publiek op, er was ruimte voor grapjes en wederzijds respect. Zelf heb ik zo’n topavond van dichtbij mogen ervaren, met een bescheiden glansrol van Radiohead bassist Colin Greenwood die de door ziekte afwezige Martyn P. Casey verving.

De Europese tour werd 17 november 2024 in Parijs afgerond, en de beelden werden door muziekzender ARTE vastgelegd. Het levert een indrukwekkend verslag op, waarbij het hele concert wordt uitgezonden. Op het nu net uitgebrachte Live God ontbreken helaas de publieksfavorieten The Mercy Seat en Jubilee Street, die dus wel op bleed werden vastgelegd. Het The Mercy Seat gemis kan ik enigszins begrijpen, deze is live al zo vaak gedocumenteerd. Jubilee Street is een ander verhaal; die uitbundige versie had eigenlijk niet mogen ontbreken. Een kleine smet op het verder prachtige Live God.

Live God maakt dus grotendeels gebruik van diezelfde concertopnames. Zonder de beelden is het op een andere manier intens genieten. Begrijpelijk dat een goedkeurende Nick Cave er voor kiest om dit materiaal tevens op vinyl en cd te documenteren. Het gejuich uit de zaal krijgt zoveel meer warmte bij de eerste klanken van het soul achtergrondkoor als deze Frogs inzetten. Daarna volgt al snel de theatrale tragiek in de stem van Nick Cave. Alsof hij begeleidt door engelzang bij de hemelpoort bedeld om de overstap naar het bovenaardse te maken. De Wild God schudt zijn aardse gedaante af, en levert zich in volle overtuiging over aan de zaal; kwetsbaar maar ook groots.

Daarna volgt het absolute hoogtepunt van de laatste Nick Cave & The Bad Seeds plaat; het Wild God titelstuk. Voor mij begint de aftrap van dit nummer ergens in Jubilee Street, al overtreft het gezelschap zich hier ook in die meesterlijke zet om het soulgospelkoor hier aan toe te voegen. Eerst nog gedempt; vervolgens uitbundig. Nick Cave bewijst nogmaals dat hij nog steeds in staat is om klassiekers af te leveren. Och, die hele Wild God plaat is zo goed, begrijpelijk dat deze tour dan ook zo goed ontvangen wordt. Dat Nick Cave in vorm is, bewijst hij wel door de beladen overgave in de Wild God song. Hij geeft zichzelf al volledig in het begin van de avond en heeft genoeg energie over om dat constante hoge niveau vast te houden.

De zwaarte zit hem in het begin van de set. Het familiare O Children bezit een andere persoonlijke betekenis als toen hij dit alweer ruim twintig jaar geleden schreef. Des te verrassend dat Nick Cave dit persoonlijke leed zo publiekelijk deelt. Ook nu overschreeuwt het koor op een prettige wijze zijn tranen, zodat de zanger er niet alleen voor staat. Dit is tevens het moment dat vriend en bandleider Warren Ellis met zijn prachtige rauwe vioolspel inhaakt. Die rauwheid zit hem ook in From Her to Eternity klassieker. Eventjes zijn we de pijn en het verdriet vergeten, en zo hoort het ook. Dat maniakale duivelse zit nog steeds diep van binnen verborgen, en het blijft fraai als deze kant de overhand opeist. En toch zijn dit wel de momenten dat je het puntige anarchistische gitaargeweld van Blixa Bargeld mist.

Nick Cave herpakt de rust in het door hem gedragen Long Dark Night pianobezinning. Soms mag je sentiment toelaten, zeker als een held dit met zoveel overtuiging brengt. Uiteraard is God hier het overkoepeld orgaan, die thematisch spiritueel over de avond waakt. Cinnamon Horses is het zoveelste brok in de keel, zeker als Warren Ellis aanschuift. Als bevriend metgezel heeft hij alle leed en ellende van dichtbij meegemaakt. Het aandeel van Warren Ellis in het rouwproces is niet te onderschatten, in die wegcijferende schaduw biedt hij in de studio vooral rust om in stilte aan de tracks te werken. Cinnamon Horses handelt over vriendschap en begrip. Toch is het jammer dat Warren Ellis hier niet de achtergrondzang verzorgt. Misschien is dat net te intens.

De overgang naar het dreigende wrede Tupelo is wat vreemd, de behoefte om contact met het publiek te zoeken overheerst hier. Samen delen, samen het beest bevechten. Die yeah, yeah, yeah samenzang hoeft voor mij weer niet zo nodig. Het is krachtig, maar overbodig. Conversion brengt het paradijs dichterbij dan wat de bedoeling is. Een song over een onbedoeld, te vroeg afscheid. Een hoofdrol is hier voor de onheilspellende drumroffels van Larry Mullins weggelegd. Het zoveelste bewijs dat elk The Bad Seeds bandlid zijn positie waardig respectvol inkleurt. Warren Ellis neemt wel die hemelse klaagzangpartijen van Bright Horses voor zijn rekening. Je voelt het contact van wat dit duo in de studio zonder anderen in dit nummer gieten. Een eenheid, waar de rest voorzichtig bij aansluit.

De vreugde van Joy zit diep van binnen verscholen. Voorzichtig van kleine momenten genieten, voorzichtig stappen zetten. Het in het Nu ontwaken. Adembenemend en zo bijzonder dat Nick Cave dit toelaat, deelt. Een ouderwets God Is In The House moment; spiritueel dichtbij. Het klein gehouden I Need You is een liefdesverklaring aan zijn vrouw, steun, evenbeeld en toeverlaat Susie Bick; open, persoonlijk en eerlijk. Een inblik in het privéleven, je waant jezelf in die slaapkamer welke zo prachtig de Push The Sky Away albumhoes opsiert. Het slepende Carnage is het titelstuk van de plaat die Nick Cave noodgedwongen vanwege de pandemie zonder bemoeienis van buitenaf samen met bloedbroeder Warren Ellis moet maken. Pas nu is de track zodanig gerijpt dat de hele The Bad Seeds dit kunnen dragen.

Het herkenbare Red Right Hand wordt door de aanwezigen met luid enthousiasme ontvangen. Een nieuwe lichting fans maakt kennis met deze klassieker omdat deze een prominente rol in gangsterserie Peaky Blinders vervult. Nick Cave flirt hiermee als hij het stupid little screen zinsdeel uitspreekt, wat nu een andere toepasselijke betekenis krijgt. Op subtiele wijze leeft het The Bad Seeds orkest zich uit, terwijl Nick Cave amusant met zijn zwarte kraai gezang de eerste rijen van de toeschouwers vermaakt. Ook nu weer dat yeah, yeah, yeah samenspel waar vooral de zanger zelf erg van geniet.

White Elephant is sensueel zuigend en bevreemdend en leunt thematisch wat tegen The Mercy Seat aan. Laat ik eerlijk zijn, die had ik dan net wat liever gehoord. Hier zit hem de zwakte in het optreden; ook de gedeeltelijk gefloten Anita Lane ode O Wow O Wow (How Wonderful She Is) kan mij minder bekoren. Vervolgens slaan Nick Cave and the Bad Seeds genadeloos sterk met het helaas niet in Amsterdam vertolkte Papa Won’t Leave You, Henry toe. Wat een beulentrack is dat toch. De verhalende Nick Cave in bloedvorm; angstaanjagend donker als de naderende nacht. De koortjes lenen hier de griezelige woo-hoo uithalen van de Rolling Stones evergreen Sympathy For The Devil.

Bij de klanken van het luidkeels meegezongen Into My Arms besef je dat de afronding nabij is. Ook Live God vliegt voorbij, en die ruim anderhalf uur aan muziekbeleving verveelt geen moment. Dat het lukt om je continu in de greep te houden, zonder dat die aandacht echt afzwakt is bijzonder. Natuurlijk zijn er meer dan genoeg live opnames van Nick Cave, Live God voegt weldegelijk iets toe. As the Waters Cover the Sea is een observerende blik naar de schoonheid van Susie Bick, hier is het tevens die gedeelde schoonheid van een prachtavond. Een passend eindakkoord.

Nick Cave & The Bad Seeds - Live God | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave & The Bad Seeds - Push the Sky Away (2013)

poster
4,0
Vanaf de eerste tonen van We No Who U R hou ik mijn hart vast.
Het gemis van de gitaristen is duidelijk hoorbaar.
Blixa Bargeld heeft het schip ironisch vorm gegeven als wip in The Ship Song al eerder verlaten, nu is Nicks trouwste metgezel vanaf de begintijd van The Boys Next Door ook niet meer aanwezig.
Mick Harvey onderneemt samen met Wovenhand frontman David Eugene Edwards een poging om Crime + the City Solution nieuw leven in te blazen.
Welk album later dit jaar zal verschijnen, en waar ik tevens hoge verwachtingen heb.
Maar weer terug naar Nick Cave.
We No Who U R opent emotielozer en killer dan wat ikzelf van The Bad Seeds gewend ben.
Zeker niet slecht, maar ik mis het warme, broeierige van werelds beste begeleidingsband.
De vrouwelijke backing vocals zijn een prima toevoeging, maar niet meer dan dat.
Wide Lovely Eyes heeft een dreigend beginstuk, maar al snel vervalt het in een voor Nick Caves begrippen wat saaier geheel.
Dat deze band vrijwel dezelfde samenstelling heeft als Grinderman is nog niet terug te horen.
Water’s Edge is het eerste hoogtepunt.
Nick is weer heerlijk verhalend in zijn rol als duistere priester, en het vioolwerk van Warren Ellis vervult zijn rol als aangever met verve.
En toch; waar is die verdomde smerige gitaar?
Het is allemaal een stuk soberder, alsof er een been afgezet is, waardoor het mobiliseren een stuk moeizamer is geworden.
Warren Ellis is een goede dirigent van het geheel, maar het lijkt alsof het halve orkest weg bezuinigd is.
Jubilee Street heeft wel die prachtige opbouw, het lijkt op een tragere variant van Instant Street van dEUS.
Live zal dit nummer waarschijnlijk nog meer tot zijn recht komen, hopelijk komt de mogelijkheid er om dit daadwerkelijk in Nederland te mogen ervaren.
Mermaids zou prima op No More Shall We Part passen, maar zou daar er niet echt positief uitspringen.
We Real Cool is helemaal niet cool.
Van de frontman die als een maniakale tijdbom begin jaren 80 over het podium doolde, is weinig meer over.
Eigenlijk hoop ik al jaren op een album welke in de lijn van Let Love In zou liggen, maar dat lijkt mij ondertussen definitief uitgesloten.
Finishing Jubilee Street laat een uitgebluste Cave horen, wel goed bij stem, maar een beetje inspiratieloos, laat op het volgende album dat koortje maar thuis, want die halen het tempo alleen maar omlaag.
Higgs Boson Blues zou een compositie van het vroegere liefje Lydia Lunch kunnen zijn, het kronkelt zich als een giftige serpent om je heen, maar wel een nummer welk door een vrouw gezongen zou moeten worden.
Ligt trouwens wel in de lijn van een Willard Grant Conspiracy.
Push the Sky Away is een prima afsluiter, alleen te elektronisch; ik wil een Hammond orgel horen!
De geur van het muffe hout moet je je kunnen inbeelden.
Niet de een of andere stekkerdoos.
Ik moet toegeven dat ik over het algemeen behoorlijk teleurgesteld ben, hier had meer in kunnen zitten.
Haal voor het volgende album een goede fles rum in huis, en ga een nachtelijk gesprek aan met Blixa en Mick.
Hopelijk zijn ze bereid om een bijdrage te leveren.
De bezieling moet weer aanwezig zijn, of het nu van God of de duivel is maakt mij niet uit.
Als het maar weer aanwezig is.

Nick Cave & The Bad Seeds - Skeleton Tree (2016)

poster
4,0
Al verschillende keren Jesus Alone geluisterd, maar nu wat harder.
Dat dreigende is uiteraard kenmerkend voor Nick Cave, maar dit is bijna op een Scott Walker manier.
Live lijkt het mij een bijna onmogelijke opgave om dit te brengen.
Zong hij bij The Mercy Seat nog dat hij niet bang was om te sterven, ik geloof hem, nog steeds.
Maar je kind verliezen, daar moet ik als ouder niet aan denken, wil ik niet aan denken, mag ik niet aan denken, moet nooit een gedachte zijn die je leven gaat beheersen, omdat het in zijn geval gewoon een feit is wat niet meer terug te draaien is.
Vanaf dat moment lijkt mij dat alles stil blijft staan, en er geen beweging meer in zal komen.
Zou dit gevoel bij Skeleton Tree overheersen?
Ja, dat doet het.
Meer dan wat ik verwachtte, sluit het aan op Push the Sky Away.
Al lijkt de zang vrijwel onmogelijk.
Luister ik naar Girl In Amber, dan hoor ik verbitterende woorden die zich een onnatuurlijke weg banen door tranen heen.
Nick Cave zit dus in de meest pijnlijke periode die ik mij maar kan voorstellen.
Na het overlijden van zijn zoon hield iedereen zijn adem in.
Zou hij zichzelf terug trekken, en zou er hierdoor een abrupt einde zijn gekomen aan zijn muzikale carrière.
Of zou hij de kracht hebben om het te delen met de buitenwereld, in de vorm van een album.
Voor mij symboliseert de zwarte albumhoes met groene letters een beademingsapparaat waarbij het leven uit is verdwenen.
Leeg.
Ik wil en kan daar niet anders naar kijken.
Muzikaal gezien heeft hij absoluut beter werk afgeleverd, maar is dat belangrijk?
Persoonlijker en zwaarder kan hij niet klinken.
Het album van 2016?
Ja, maar meer vanwege het feit dat hij het heeft kunnen maken.
De kracht en het vermogen.

Nick Cave & The Bad Seeds - The Firstborn Is Dead (1985)

poster
4,0
Op From Her to Eternity wagen Nick Cave & The Bad Seeds zich voorzichtig met Well of Misery al aan de Mississippi Deltablues. Je kan gerust stellen dat deze song aan de basis van The Firstborn Is Dead staat. Deze rauwe aanpak inspireert later zeker ook garagerockbands als The White Stripes en The Black Keys. Samen met The Gun Club staan Nick Cave & The Bad Seeds aan de oorsprong van deze substroming, niet vreemd dus dat Nick Cave later The Gun Club gitarist Kid Congo Powers inlijft.

Opener Tupelo verwijst uiteraard naar de geboorte van The King; Elvis Presley. Dat geldt dus ook de The Firstborn Is Dead albumtitel. De duivel eist het leven van de eersteling op. Zijn tweelingbroer Jesse Garon Presley komt levenloos ter wereld. Nick Cave schetst een zware bevalling met heel veel bloed en heel veel modder. Het zijn barre omstandigheden in een lekkend klein huisje. Elvis groeit in armoede op en zijn ontstaan vertoont gelijkenissen met de geboorte van Jezus Christus. Er zit meer dan genoeg bruikbaar materiaal in welke Nick Cave vervolgens voor zijn And The Ass Saw The Angel roman gebruikt.

Tupelo is dreigend en verstikkend. Als een hulpeloze manische bezetene raast Nick Cave door de woorden heen. Nog altijd is dit een van de hoogtepunten tijdens zijn concerten. De uitvoering vraagt om een krachtige donderslag percussie, en bij gebrek aan een echte drummer, delen Mick Harvey en Barry Adamson deze taak. Hierdoor kan Barry Adamson zijn donkere baspartijen ook nog het beste aansturen. Het zijn multi-instrumentalisten, die met hun veelzijdigheid ook de kern van het The Bad Seeds principe vormen. Iedereen moet meervoudig inzetbaar zijn, en vooral in de beginjaren draait het nog meer op de sfeer dan om de muziek. Dat evenwicht zal zich vervolgens alleen maar beter ontplooien.

Maar Tupelo is veel meer dan dat, Tupelo heeft namelijk letterlijk zijn oorsprong in de blues. John Lee Hooker schrijft het kale Tupelo Blues, een nummer wat over de slechte leefomstandigheden van de arme inwoners van Tupelo handelt als dat gebied door heftige overstromingen geteisterd wordt en vele woningen in de modder verdwijnen. Het Looky, Looky Yonder gedeelte stamt letterlijk uit het gelijknamige Lead Belly nummer. Dit is in principe de aankondiging van het bekendere Black Betty, welke Nick Cave & The Bad Seeds vervolgens op zijn coveralbum Kicking Against the Pricks te gehore brengt. En zo zit er bijna altijd verbondenheid tussen al de platen.

Laten we dan direct maar die andere grootheden aanhalen. Wanted Man schrijft Bob Dylan voor Johnny Cash. Die laatste schiet bij de serieuze aanpak van Bob Dylan continu in de lach, waardoor het slim is om Johnny Cash alleen de track in te laten zingen. Nick Cave laat die humor achterwege, en geeft er een typische The Bad Seeds twist aan. Blixa Bargeld maakt een gigantische groei door en ontwikkelt zich tevens als slidegitarist. Toch verandert er in principe weinig aan zijn chaotische punkattitude, maar dat hij ondertussen onmisbaar is, is een feitelijk gegeven. Nick Cave verzorgt de krijsende mondharmonica passages en het is dan heel bijzonder dat hij Wanted Man tijdens zijn recentelijke Wild God tour alleen dan nog in Amsterdam speelt. Hij trakteert het publiek nooit op deze opzwepende gejaagde track. En dan kom je op zo’n memorabele avond erachter wat een geweldige goede song dit toch eigenlijk is.

Say Goodbye to the Little Girl Tree heeft dezelfde sexy swing als Wings Off Flies, maar is net wat sensueler. Dan komt toch weer de naam van Tracy Pew in je op. Ook nu zorgt zijn spirit voor een soort van The Birthday Party herbeleving. Deze gangmaker maakt de release van From Her to Eternity nog net mee, al overlijdt hij een klein half jaar later aan de indirecte gevolgen van zijn hardnekkige drugsverslaving.

Het bedorven Say Goodbye to the Little Girl Tree betreft een bezitterige kleingehouden incest relatie tussen vader en dochter. Nick Cave schuwt zijn onderwerpen niet, en ook hier zoekt hij de misselijkmakende rand van het menselijke wezen op. Het is maar goed dat hij het mannelijke hoofdpersonage zelfmoord laat plegen.

Train Long Suffering bevindt zich op het grensgebied tussen blues en rock. De gepantserde spooklocomotief draaft in hoog tempo door de poorten van de hel heen. Als Luilekkerland dienaren lokken prostituees hun sekslust slachtoffers in de val. Dit is te herleiden naar het moment dat The Bad Seeds hun ziel net als Robert Johnson aan de duivel verkopen. Deze blueszanger is de eerste van de Club van 27. Ten dode opgeschreven muzikanten die als een sneltrein leven, maar die ook op jonge leeftijd overlijden. Op dit moment zijn de levensverwachtingen van alle The Bad Seeds leden niet zo hoog. Het is een zwaar verslaafd gezelschap wat hun heil in het genot van drugsgebruik zoekt.

Nick Cave staat met zijn donkere warrige junkie uiterlijk en vogelnestkapsel aan de basis van de gothic beweging. Het blijkt dat zelfs een Robert Smith van The Cure zich door de graatmagere zanger laat inspireren. Nick Cave is de vleesgeworden The Black Crow King, heerser van de duisternis. Hij neemt die rol zelf niet zo serieus, al denken zijn volgelingen en fans daar duidelijk anders over. Ook hier een veelvoud aan Bijbelse hints, die een ieder voor zichzelf mag invullen. Hij verheerlijkt de kruisiging van Jezus Christus en haalt een hele gereedschapskist overhoop om dit te bewerkstelligen. Het is een reactie op Tupelo en de The Firstborn Is Dead titel. En misschien staat The Black Crow King wel voor de doodgeboren tweelingbroer van Elvis, die voor eeuwig in die duisternis gehuld blijft. Het goede kruist het kwade.

Vanuit het lijden van Jezus Christus is het maar een kleine stap naar de slechte begin twintigste-eeuwse werkomstandigheden van gedetineerden die ingezet worden om zware lichamelijke arbeid te verrichten. De met prachtig pianospel ingeleide Knocking On Joe is het panische trieste uitzichtloze vluchtgedrag, waarbij ze zichzelf fysiek zodanig toetakelen om hier onderuit te komen. Het heeft die kenmerkende verhalende tragiek in zich, waar Nick Cave later meester in wordt. Er zit ook zoveel onvoltooid The Mercy Seat verdriet in Knocking On Joe, het sterven als enige vorm aan escapisme. Al overheerst in The Mercy Seat de twijfel en de angst, of hij hier goed aan heeft gedaan. Knocking On Joe is de dwalende geest die in wanhoop bij de cellen aanklopt, een spookverschijnsel en het onvermijdelijke toekomstbeeld van de ter dood veroordeelden.

Blind Lemon Jefferson wordt wel de grondlegger van de Texas Blues genoemd. Hij bezit een warmte in zijn stem welke zich prima tegen zijn hoge klagende zangpartijen afzet. Zijn gitaarspel is een middenweg tussen slide en tokkelen, een stijl die de jaren zeventig bluesrock gitaristen duidelijk van hem gekopieerd hebben. Alles komt in dit nummer samen; het Knocking On Joe getik, de heilige status van legendarische blueszanger, de Train Long Suffering dendert voorbij en de The Black Crow King vliegt als een gids met zijn blinde reisgezel mee. Hij trotseert de beproevingen en de weg is net zo donker als zijn zicht. Wat is het jammer dat Nick Cave zijn blues treurmondharmonica vervolgens wegstopt en er nog minimaal gebruik van maakt. Het Kicking Against the Pricks coveralbum borduurt nog op dit thema voort, maar mist de verhaallijnen van deze voorganger.

The Six Strings That Drew Blood staat niet op de originele uitgave, maar wordt wel al snel toegevoegd. Tot bloedens toe doorspelen totdat je er bij neervalt. Qua opzet past deze ode aan de country en blues dus voortreffelijk op The Firstborn Is Dead. Nick Cave schrijft deze samen met Rowland S. Howard voor The Birthday Party. Als de band ten tijden van de Mutiny! sessies uit elkaar valt, blijft deze track over. Hoe bizar is het dat Nick Cave de demoversies telkens afwijst en Rowland S. Howard nog een vervelende trap nageeft, als hij deze alsnog voor de B-kant van de Tupelo single gebruikt. Het geeft wel goed de verstandhouding tussen de twee rivalen weer. Vergeet niet dat Crime & the City Solution van Rowland S. Howard en Simon Bonney op dat moment een soortgelijke cultstatus hebben.

Nick Cave & The Bad Seeds - The Good Son (1990)

poster
4,5
Worstenbroodjes en warme chocomelk.
All You Need Is Love op televisie.
Kerstmis.
Je kunt elk jaar wel The Greatest Christmas Hits Part 5 draaien.
Elk jaar zo’n dure nieuwe verzamelaar in de winkel.
Steeds dezelfde nummers in een andere samenstelling.

Mijn ultieme kerstplaat is The Good Son van Nick Cave.
Nick zittend achter een piano.
De buurtkinderen op de schoot bij deze aardige meneer.
Netjes in een sfeervol pak.

Ze moesten eens weten.
Ouders opgelet.
Schijn bedriegt.
Hij heeft alles gedaan wat God heeft verboden.
The Good Son heeft een verleden.

Ondanks de gemoedelijke sfeer, hoor je zijn oude werk er wel door heen.
Come sail your ships around me
And burn your bridges down.
Helaas, hij kan het boek niet sluiten.
Diep in je hart weet je dat dit ook niet het laatste hoofdstuk zal zijn.

Wordt er hoop gezocht in het geloof?
De redding van de ongezonde levensstijl.
Vol met vrouwen, drank en drugs.
Is het een dekmantel?
De biecht af nemen, en gewoon weer door gaan met je zonden.
Je handen wassend in onschuld.

Jaren later zal hij The Good Son deel 2 maken.
No More Shall We Part sluit hier op aan.
Dezelfde sfeer, soortgelijke teksten.
Het tweede rustpunt in zijn leven.
Al weet je dat de kans van ontsporen altijd aanwezig zal zijn.

The Firstborn Is Dead.
He Was The Good Son.
You’re Always A Black Sheep.

Nick Cave & The Bad Seeds - Wild God (2024)

poster
5,0
Wat als je de geschiedenis kan herschrijven en je instapmoment ergens in de verlichte slaapkamer van de albumhoes van Push the Sky Away ligt. Stel je voor dat dit uitgangspunt het startsein van Wild God is, en je de daarop aansluitende tien jaar eenvoudig simpel kan wegfilteren. De afgelopen periode zonderde Nick Cave zich met Warren Ellis meer van The Bad Seeds af, en zetten samen rouwende lijnen uit om verdriet een plek te geven. Live vindt de zanger zichzelf opnieuw uit, doopt zich onder in gospel en soul en zijn contact met het nieuwwassen publiek lijkt intenser dan ooit te zijn. God is in the House, het boetekleed wappert als een op maat gesneden zwarte mantel om het graatmagere lichaam heen.

Bij het intieme Song of the Lake valt alles op zijn plek. Het stiekeme genot van een badende vrouw in de buitenwereld, niet als een gluurder, maar het ultieme plezier van zoveel pure schoonheid. Soms moet het niet moeilijk zijn, soms zit de schoonheid in de kleine dingen. Hij is niet alleen een priester, maar nog steeds een vrouwenverslinder, die met zijn prekende vinger een versierende uitwerking heeft. Ja, hij heeft het nog steeds in zich. Het koor draagt Nick Cave, die tevens het sterke verhalende stemgeluid nog steeds bezit. Geen verbittering, maar het gelukzalige gevoel van het stille genieten. Nick Cave zingt alle vrouwen in zijn leven toe, zoals alleen hij dat kan, liefkozend zelfverzekerd. Het aardse paradijs ligt voor het oprapen, je moet het enkel beseffen.

Dan bemerk je dat hij in het prachtige tot soulclimax opwerkende titelstuk Wild God op het verval neerkijkt, en zijn positieve beeld afdrupt afgebroken wordt. Er zijn verwijzingen naar het moeizame opnameproces van Let Love In, de prostituees van Jubilee Street, de wederopstanding en de bijna kitscherige profetische voorspellingen. Een verrijzing vanuit de duisternis. Het lijmt de scherven van het Jubilee Street nachtleven tot glinsterend mozaïek aan elkaar. Geen spanningsbogen deze keer, wel dat uitbundige soulkoor. Het wekt de indruk dat maestro Warren Ellis slechts in de rol van dirigent treedt, en meer op de achtergrond aanwezig is. En toch gebeurt er ook nu weer iets bijzonders. Elke luisterbeurt wint het Wild God nummer aan kracht, elke keer weet hij je nog meer te raken, zoals alleen Nick Cave dat kan.

Zou Nick Cave zich niet zozeer door zijn compagnon laten leiden en zelf de uitgestippelde koers bepalen? Deze vriendschap met de violist overstijgt het verraad van vroegere bandleden die plotseling afhaakten. Moet ik voorzichtig concluderen dat de grootmeester hier in herhaling valt, en zo ja, is dit dan een vervelende bijkomstigheid? Hij citeert absoluut uit zijn eigen werk, en voegt geen nieuw hoofdstuk toe, het is slechts essentiële verfijning die hij de luisteraar schenkt.

De aanwezigheid van Warren Ellis is stukken bepalender in de natuur belevende, vintage musicalsfeer van Frogs. Natuurlijk is het theatrale kitsch, Nick Cave is altijd al een groot liefhebber van dit soort goedkope prullaria geweest. Ook hier een overvloed aan verwijzingen naar God, en de duivelse handelingen van de volgelingen. Hoe luguber kan de liefde zijn, hoe dwaas gaat men met pijn om. Natuurlijk is dat verdriet er nog steeds, natuurlijk reikt zijn hand naar de hemel uit om de twee zoons te bereiken. In het reine komen met het omkeerbare verleden. Is het opgewekte geluksgevoel wel zo puur en de hoera-stemming wel zo gemeend?

Hoe eenzaam kan een huiskamerpiano zijn als het onverwachte afscheid slechts pijnlijke bluessongs oplevert. Hoe kil is het dagelijkse ontwaken als de eerste gedachtes vanzelf naar het verlies toegaan. Joy is de moeizame start, de strijd tegen de ochtenddepressies. De nummers die vrijwel solo achter de piano tot stand komen staan bij het eeuwigdurende verlies stil, de tegenpool van de bijna hysterische uitbarstingen van begeleidingsband The Bad Seeds. Je bemerkt in Joy de aanwezigheid van Warren Ellis die in de schaduw wurgend aan de touwtjes trekt. Joy ademt de concertregistratie Idiot Prayer uit, en misschien wordt daar in die afwezigheid van The Bad Seeds het zaadje wel gepland.

Nick Cave verlaat zijn piano niet, de complexe experimentele begeleiding van Warren Ellis drukt wel de stempel op het gure Final Rescue Attempt, waar de toetsenaanrakingen als verpletterende regendruppels hun werk doen. Een wervelwind aan soft noise vervult de ruimtes, botst tegen de muren en zoekt naar de uitweg, de geopende slaapkamerraam van Push the Sky Away, waar het gezinsgeluk nog geen zichtbare deuk heeft opgelopen. De begrafenisstemming zit diep in het aan Ghosteen gelinkte Cinnamon Horses verweven. Vrienden doen hun best om troost te bieden, de zilvergrijze Cinnamon Horses zijn exact dezelfde Bright Horses die galopperend de Galleon Ship passagiers op hun heldentocht naar het hemelrijk begeleiden.

Conversion is het afgesloten zolderkamertje in de ziel, waar problemen zich opstapelen en zich onder een isolerende stoflaag bedekken. Liefde overwint het verlies niet, het is een helend hulpmiddel dat tevens het bijna kinderlijke lieve O Wow O Wow (How Wonderful She Is) siert. Het is wel even schrikken dat Nick Cave het toelaat dat een vocoder zijn repertoire binnendringt. Dit en het gefluit had van mij niet gehoeven, Warren Ellis moet in het vervolg met zijn tengels van dat onbezielde speeltje afblijven. Ook het gebruik van het onbevangen vrolijke telefoongesprek met de alweer drie jaar geleden overleden Anita Lane in de track is niet de Nick Cave die we kennen. Een mooi eerbetoon, maar niet meer dan dat. Ik vergeef hem deze kleine misstap.

De pianoballad Long Dark Night koppelt zich van de jarenlange verdovende sluimertoestand los. Zelfs het kwaad vindt zijn oorsprong bij God, de duivel is slechts zijn nachtelijke metgezel die in het ontwakende daglicht gepast naar het innerlijke rustpunt van de Heer terugkeert. Een tiran, een parasiet, onderhuids voedend voortlevend, minder aan de oppervlakte aanwezig. De demonische dreiging van het oude werk is geheel verdwenen, maar moet je dit van een artiest die de pensioenleeftijd aantikt wel verwachten? Nick Cave blijft echter Nick Cave, en de behoefte om nogmaals zijn innerlijke kwellingen publiekelijk te etaleren is minder aanwezig, al wordt hij continu op dit gegeven gewezen. Dan toch maar nogmaals die oprechte overgave.

As the Waters Cover the Sea bedekt, en grijpt op het houden van terug. Het besef dat de liefde niet op het juiste moment de juiste personen bereikt. Wild God is overduidelijk de opvolger van het confronterende persoonlijke Ghosteen en niet de gehoopte doorstap die Nick Cave met Push the Sky Away inzet. Het sentiment van The Good Son ligt op de loer, en uiteraard is er de verwelkoming naar de bijna nog evangelischer plaat No More Shall We Part. Wild God is geen meesterwerk, wel een meesterzet. Wild God past bij de gemoedstoestand en gepensioneerde leeftijd van de actieve zanger, die duidelijk op dit moment live op een soort een succesvolle tweede jeugd functioneert en populairder dan ooit is. Het titelstuk Wild God zal terecht in de toekomst tot een publieksfavoriet uitgroeien.

Nick Cave & The Bad Seeds - Wild God | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave & The Bad Seeds - Your Funeral... My Trial (1986)

poster
4,5
Het is ondertussen wel tijd voor een echte drummer, zodat Mick Harvey zijn plek als gitarist weer kan innemen. Deze wordt in de uit Zwitserland afkomstige Thomas Wydler gevonden die al eerder bij het Duitse artrock gezelschap Die Haut speelt. Dit is het gezelschap waarmee Nick Cave in 1983 de Burnin’ the Ice plaat opneemt. Nou heeft Mick Harvey de pech dat Barry Adamson niet zoveel zin meer in een nieuw Nick Cave & The Bad Seeds avontuur heeft en aan een nieuwe uitdaging toe is. Hierdoor neemt Mick Harvey toch meer baspartijen voor zijn rekening als wat de bedoeling is. Nick Cave heeft zijn heroïneverslaving niet meer onder controle, en dat hoor je weldegelijk op Your Funeral… My Trial terug. Door het slopende effect klinkt zijn stem afgeleefd en trager, al past dat wel perfect bij de mysterieuze teksten over afgeschreven randfiguren.

Your Funeral… My Trial verwijst naar een naderend einde. Er zit zoveel wanhoop in de nummers, zoveel angst en zoveel melancholica. Toch is het niet allemaal ellende wat ons voorgeschoteld wordt. Het druggy gezongen Sad Waters heeft dan wel een trieste titel, hier spreekt Nick Cave openlijk het verlangen naar liefde uit. Het is een weemoedige nostalgische blik naar betere onschuldige ongeschonden tijden. Een prachtig nummer waarbij Nick Cave de basis op zijn Hammondorgel inspeelt, en hij de overige bandleden vrij spel in de verdere opvulling van de track geeft. Door een blessure lukt het Thomas Wydler niet om de drumpartijen in te spelen. Op de achtergrond geeft hij de toch al overbelaste Mick Harvey aanwijzingen om de rust te bewaren en slechts doelgericht de drumvellen te beroeren.

Het bloedstollende The Carny verhaal over een rondtrekkende kermisnomade groep, lees je bijna letterlijk in het And The Ass Saw The Angel boekwerk terug. Het vergezellende rariteitenkabinet staat tevens voor de veelzijdige samenstelling van The Bad Seeds, de tocht die hen telkens naar andere plaatsen brengt om op te treden. Steden met hun eigen kenmerkende verlokkingen. Ze zijn hiervoor weer in Berlijn neergestreken. Daar in de Hansa Tonstudio werken ze Your Funeral… My Trial verder uit. Het is de plek waar Iggy Pop en David Bowie hun meesterwerken creëren en waar ze nog verder in hun drugswaanzin afdwalen.

Mick Harvey acclimatiseert het beste op deze opnameplek en leeft zich bij The Carny volledig op de aanwezige gesloopte piano, klokkenspel en xylofoon uit. Nick Cave voegt met zijn mondharmonica de blues toe, Thomas Wydler verzorgt het jazzy tegengeluid. Ondanks dat de band erg op het randje balanceert is dit The Bad Seeds in bloedvorm, orkestraal theatraal, geheimzinnig sfeerbepalend. The Carny verwijst tevens naar de barre omstandigheden van Tupelo en is een geslaagde poging van Nick Cave om een hedendaagse blues klassieker te schrijven. Juist door deze aanpak past The Carny perfect tussen het doempostpunk klimaat van dat moment, omdat die liederen dat naargeestige gothic gevoel uitstralen. Het is nog steeds de meest filmische beeldende song die hij ooit geschreven heeft. Een rampzalig verhaal met een vreemd triest open einde.

Het zal niet de laatste keer zijn dat Nick Cave bij het Your Funeral… My Trial titelstuk een begrafenis beschrijft. Later zal hij dat geintje nogmaals bij het cynische Lay Me Low van Let Love In herhalen en vormt zijn eigen teraardebestelling het hoofdthema. Het is een reactie op Sad Waters, na die eerste trouwe Mary volgen er nog meerdere bedrogen vrouwen. Als je die probleemrelaties maar diep in de grond stopt worden ze vanzelf vergeten. Deze stijl van componeren passen The Bad Seeds later op het merendeel van The Good Son toe. Een winterse melancholische kerststemming, zonder goede voornemens, slechts met berouw.

Dan komt Anita Lane weer in beeld. Ze schrijft de teksten voor het met depressies worstelende Stranger Than Kindness, waarbij ze een vreemdeling in vertrouwen neemt, die haar vervolgens alles wat haar lief is afneemt. Met gemak is dit tot de afhankelijk zijn van drugs te herleiden. In de nacht snel wat scoren om het vervolgens in een afgelegen hotelkamer te gebruiken. Het vervreemden van zichzelf, als dat ziekelijke verlangen het over neemt. Een uitzichtloze situatie waarbij een zelfgekozen dood rust biedt. Blixa Bargeld krijgt alle vrijheid om die koortsige gejaagde afhankelijkheid in zijn spel te leggen. Nick Cave klinkt vermoeid moedeloos en uitgestreden. Stranger Than Kindness luidt de zoveelste gitzwarte periode in. Het is zo koud als de kille grijze omgeving van Berlijn, met het verval van de uitgeleefde theaters en de betonnen kleurloze nieuwbouwwijken.

Jack’s Shadow is een sluipmoordenaar welke het juiste moment afwacht om een leven binnen te dringen om deze van binnenuit te vernietigen. Het aardedonkere silhouet welke zijn gastheer nietig en klein maakt. Het egocentrische drugs effect waarbij de omgeving het moet ontgelden. Een prachtig samenspel tussen de kletterende Blixa Bargeld gitaarnoise, de pompende Barry Adamson bas hartslagen, het hard zwoegende ritme van een amper op volle kracht spelende Thomas Wydler en de altijd maar aanwezige katalysator Mick Harvey, die zijn gedrevenheid hier op zijn gitaarpartijen uitleeft. Onderschat het dreigende pianotoetsenwerk van Nick Cave niet. Bijzonder dat een band die hier zo genadeloos op het randje speelt, toch zo sterk uit de hoek weet te komen.

Twee illustraties van vrouwen sieren de Your Funeral… My Trial albumhoes achterkant. Rechts de kuise reinheid en maagdelijke onschuld van Maria, links het onreine bevlekte van een prostituee. De hemel en de hel. Twee karakters welke zich bij Hard on for Love in een enkele persoon herenigen. Het symboliseert twee Nick Cave zwaktes, het geloof en het vrouwelijke schoon. Your Funeral… My Trial voedt zich met zondes, lust, overgave en verslavingsdrang. Nick Cave zwalkt als een geketend bloeddorstig beest tussen de studiomuren rond. De passie neemt het in Hard on for Love van de controle over. Niet echt het meest vrouwvriendelijke nummer wat zondaar Nick Cave ooit geschreven heeft. Totale overgave aan het ziekelijke innerlijke vleselijke verlangen wat diep van binnen woekert en zich daar verder ontplooit. Dan voelt het opgefokte jazzy She Fell Away als een excuus aan. Een verantwoording voor zijn wangedrag met het onvermijdelijke afscheid als vervolg.

Nick Cave heeft een zwak voor murder ballads en hij herinterpreteerd de countryfolk van de Tim Rose klassieker Long Time Man tot een eigen uitgewerkte stevige rock epos. Ondanks zijn fysieke toestand is hij hier voortreffelijk goed bij stem, en wisselt hij de dieptes met kopstem gezongen passages af. De Scum single verschijnt los van de plaat, en is een regelrechte aanklacht tegen de negativiteit van de schrijvende pers. Popjournalisten die Nick Cave met de grond gelijkmaken. Voegt het humoristische Scum iets toe? Eigenlijk niet, maar het is heerlijk nagenieten van een overkookte Nick Cave die lekker van zich afbijt. Fraai lesmateriaal voor rappers die het dissen nog niet helemaal onder de knie hebben. Nick The Freestyler!

Nick Cave & Warren Ellis - Carnage (2021)

poster
4,5
Als ware bloedbloeders sluiten twee geleefde op leeftijd rakende wijze heren een geheim verbond af. De vermoeiende verstilling heeft plaats gemaakt voor een zelfverzekerde terugkijk op het leven, waarbij de broeierigheid van vergeten tijden steeds verder op de voorgrond treedt. Met regelmaat wordt er aangeklopt bij die alles vernietigende jaren tachtig. Op de resten van een autokerkhof wordt een verjaardagsfeestje met veel drugs en drank afgesloten en het kwaadaardig zaadje geplant. De frontman denkt er nog niet over na om zich te binden, en het leven staat mijlenver verwijderd van de familieman die jaren later in hem voorzichtig tot bloei komt.

Nick Cave zoekt weer die hulp bij zijn trouwe compagnon Warren Ellis, die als vriend zijnde ook een steeds belangrijkere plaats in zijn leven vervult. De positie van de overige Bad Seeds is de laatste jaren al een tijdje twijfelachtig en verzwakt, maar ondanks de indrukwekkende solo liveregistratie Idiot Prayer heeft ook deze bomenlange indrukwekkende verschijning ook behoefte aan contact. Het thuisgeluk is verscheurd, en samen isoleren Nick Cave & Warren Ellis zichzelf doelbewust om die vriendschappelijke band nog meer te versterken en het beste in elkaar naar boven te trekken.

Carnage lijkt zich los te koppelen van het drieluik Push the Sky Away, Skeleton Tree en Ghosteen. Natuurlijk heeft het bloedbad zijn sporen na gelaten, en natuurlijk blijven die voelbaar, en natuurlijk zal dit op al het toekomstig te verschijnen werk nog als een wazige schaduw aanwezig zijn. Daar is geen discussie over mogelijk, en dat hoeft ook niet. Carnage is een plaat die tot stand is gekomen door vriendschap en liefde. Sterker nog Carnage is een plaat die vooral over vriendschap en liefde gaat.

Niet dat dit thematisch de rode draad in het geheel vormt, maar het is vooral een gevoelskwestie. De gebroken, in tranen verkerende toestand van Nick Cave is gepauzeerd. Hij heeft de wereld al jaren geleden kennis laten maken met zijn zachtere toegankelijke kant, maar ook hier is nu veel meer ruimte voor die harde kenmerkende maniakale schreeuw die zeker niet verdwenen is, al is het niet gepast om als zestiger dwars en ongecontroleerd om zich heen te schoppen. Verwacht dat dan ook niet, maar er zijn weldegelijk passages die memoreren aan die heftige The Birthday Party periode.

Het verhalende Hand Of God opent met het fascinerende pianospel waarmee Nick Cave zo overtuigend weet te soleren op het persoonlijke Idiot Prayer. Toch is het Warren Ellis die daar in zijn demonische dirigentenrol abrupt doelbewust een einde aan maakt. Zijn eenmansorkest staat gelijk aan de toch al niet misselijke positie van de overige sterspelers van The Bad Seeds waarvan belangrijke kernfiguren ondertussen uit het zicht verdwenen zijn en zich definitief afgekeerd hebben van deze geoliede begeleidingsband. Ook het overlijden van pianist Conway Savage heeft er flink ingehakt, waardoor Nick Cave noodgedwongen steeds vaker de toetsenpartijen voor zijn rekening neemt, en daar verrassend sterk mee weg komt.

Hand Of God dus, met het klassiek geschoolde hemelse intro, waarna de vijandige duivel vervolgens als een bekende trouwe vriend aanklopt. Die verlokkingen van de duistere kant blijven als een boosaardig geweten zijn gedachtes binnen dringen. Eens verslaafd aan de duisternis, altijd verslaafd aan die duisternis. Ondanks dat het leek dat Nick Cave afgekickt was van die donkere sound, blijft hij een koortsachtige junkie die door het aanwoekeren van dat verlangen genoodzaakt is om overspel te plegen.

Warren Ellis is de geharde therapeut die de confrontatie opzoekt, en de pijn omzet in gedrevenheid. Als hard kloppende hartslagen gooit hij er de nodige beangstigende ritmes in. De mysterieuze oosterse klanken roepen die weggestopte emoties in Nick Cave op. Hij dringt de destructieve wereld binnen die hij na Let Love In verlaten heeft, en waarbij hij met de rock & roll van Grinderman eventjes naar terug grijpt. Spookachtige geesten uit het verleden maken van hem een hedendaagse Ebenezer Scrooge, die zijn materialistische plek achter het veilige schrijversbureau opeisen om hem te confronteren met die opgekropte waanzin die nog steeds in hem woekert.

Nick Cave heeft zich hervonden in zijn croonende rol van podiumdier. Het denkbeeldige wijzende vingertje is aanwezig in het aardedonkere Old Time. Hij is er klaar voor om die veilige plek achter de piano te verlaten en zijn theatrale voordracht voor zijn publiek te presenteren. Old Time is het verlangen naar die gelakte schoen die stabiel steun zoekt op de luidspreker, terwijl de hogepriester van de gothic rock zijn parochianen toespreekt. Met naast hem Warren Ellis die zijn viool bespeelt alsof het zijn laatste zwanenzang is, het instrument mishandelt en half dood zijn krijsende smeekbede laat ontsnappen, om vervolgens hem meesterlijk en liefdevol tot rust te brengen.

Die rust staat centraal in Carnage. Boven op die puinhoop kijkt Nick Cave vanuit zijn balkon uit over de verlaten wereld, waarbij de stilte zoveel schoonheid in hem oproept. Eventjes neemt het sentiment de overhand, om zich vervolgens door die bizarre realiteit te laten ontfermen. Momenten waarbij de leegte zo confronterend binnen komt, al is het verschrikkelijke verdriet steeds verder gemuteerd tot eeuwige liefde.

Brokstukken aan onderhuidse noise slaan machinaal een nieuwe onbegaanbare weg in, die vervolgens bewandeld worden door een opgefokte vocalist, die verbaal al vloekend en tierend van zich afblaast in het heftige White Elephant. Het blijkt de soulvolle kruistocht te zijn die uiteindelijk eindigt bij de biechtstoel. God, waarom heb je mij verlaten? De zin en onzin van het geloof komt samen met alle onbeantwoorde vragen en alle koppelstukken tot die gehoopte antwoorden. Religie biedt nog steeds troost, maar staat tevens symbool voor onmacht.

Het vormt een sleutelstuk naar de schoonheid van Albuquerque, waarbij je de indruk krijgt dat er terug gegrepen wordt naar die bijzondere avondsessies die hij in de vorm van Conversations with Nick Cave beleefde met zijn publiek, en waarbij zijn rouwproces gedeeld werd. Heel eventjes wordt er gememoreerd aan Amsterdam, een ontroerend kippenvelmoment welke hier bij mij behoorlijk binnenkomt. Alsof Nick Cave letterlijk naast je staat, hij weet mij in ieder geval erg direct te raken.

Het pastorale Lavendel Fields is een driedimensionale wandeling door die bijzondere indrukwekkende albumhoes van Ghosteen, die muzikaal hierdoor nog meer van zijn paradijselijke geheimen bloot geeft. Een poëziealbum waarbij de code van het cijferslot gebroken is, en daardoor steeds meer publiekelijk toegankelijk lijkt te worden. Nick Cave is vaderlijk, betrokken en open en er zit zoveel berusting in zijn stem, die hij weer als een prachtig instrument weet te gebruiken. Standvastig, eerlijk maar ook getekend ouder.

Het dromerige Shattered Ground is een indrukwekkend eerbetoon aan zijn echtgenoot Susie Bick, die begint bij de slaapkamerfotografie van de adembenemende fraaie albumhoes van Push the Sky Away. Het naakte vrouwenlichaam toont de kwetsbaarheid welke de daaropvolgende jaren alleen is toegenomen. Shattered Ground is honderd procent liefde, honderd procent houden van en honderd procent steun aan elkaar hebben, maar ook honderd procent persoonlijk en intiem.

Hoe mooi is het om juist nu getuige te zijn van die versterkte band, en ondanks dat Susie Bick nergens fysiek aanwezig is, voel je haar aanwezigheid in alle opzichten. Nick Cave schept het beeld van een krachtige betrouwbare vrouw, zijn steun in alles. Hoe mooi moet het voor Warren Ellis zijn om die liefdevolle woorden met net zoveel liefde te omlijsten. De toon is eerlijk, inclusief de ups en downs, waarbij de angst om nogmaals een geliefde te verliezen sterk aanwezig is.

Nick Cave sluit af op het balkon waarin hij al in titelstuk Carnage tot bezinning komt. Balcony Man heeft iets van een hogere macht die al wakend over de wereld heen kijkt. De Bergrede uit de Bijbel die in gedachte uitgesproken wordt. Hemelse koortjes sluiten het onverwachte geschenk af, waarmee we totaal onverwachts op 25 februari mee verblijd worden. Het vreemde daarvan is, dat het al gelijk vanaf de eerste beluistering zo vertrouwd aanvoelt. Minder zwaar dan de voorgangers, wel net zo prachtig.

Nick Cave & Warren Ellis - Carnage | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Nick Cave and The Bad Seeds - Let Love In (1994)

poster
5,0
De Live Seeds registratie is een direct gevolg op Henry’s Dream, de zevende Nick Cave & The Bad Seeds studioplaat. Het biedt de band de mogelijkheid om weer te touren en nieuwe songs uit te proberen. Zo ben ik in de herfst van 1993 in Paradiso te Amsterdam getuige van primaire Do You Love Me?, I Let Love In, Nobody’s Baby Now en Loverman uitvoeringen. Heftige liefdesliedjes over twijfel, de drang naar lust en ontrouw. Nadat Nick Cave zijn afhankelijkheid van drugs heeft overwonnen, stort hij zich met volle overgave op een andere verslaving; vrouwen. Dat hij in een korte periode van een maand tijd twee keer vader wordt, zegt meer dan genoeg. Zijn eerste vrouw Viviane Carneiro bevalt van Luke. Amper 10 dagen eerder is Jethro geboren, de liefdesbaby van Nick Cave en Beau Lazenby. Het mag duidelijk zijn dat Nick Cave het met de huwelijkse voorwaardes niet zo nauw neemt, Het huwelijk met Viviane Carneiro is gedoemd om te mislukken.

Let Love In is geen vrolijk schijfje, al is de zwaarte niet te vergelijken met zijn eerdere werk. Er schuilt een romanticus in de Australische songwriter welke zich op Let Love In openbaart. Het is vooral onkunde, de zanger is fysiek niet in staat om relaties een kans te geven, laat staan ze te onderhouden. Door het drugsverleden heeft hij zich tot een egocentrisch persoon ontwikkelt. Nick Cave voedt zich vooral met zijn eigen primaire behoeftes en handelt volgens een reptielenbrein. Impulsief, zonder over de mensonterende gevolgen na te denken. Let Love In is de tragiek van het leven, intiem en intens. Op dat moment de meest persoonlijke plaat van Nick Cave, en dat voel je.

De nachtelijke verboden passie brengt hem in Do You Love Me? bij een femme fatale die haar begeerte misbruikt om Nick Cave te slopen, kapot te maken. Een dreigende song en een voorbode welke uiteindelijk tot de crime passionnel van Murder Ballads leidt. Het is een fraai gegeven dat zijn voormalige The Birthday Party maatje Rowland S. Howard hier als achtergrondzanger aanwezig is, een rol welke hij met Tex Perkins van Beasts of Bourbon deelt.

Verder wekt Do You Love Me? de indruk dat Mick Harvey zijn collega gitarist Blixa Bargeld aanspoort om de punkattitude los te laten en evenwichtig volgens de blues principes te spelen. Een meer dan waardige opener, die de sfeer van Let Love In perfect verwoordt en zelfs versterkt. Nick Cave verkeerd hier hoe dan ook in bloedvorm, zijn ingehouden kwaadheid totaal onder controle, de schorre schreeuwerige uithalen verdrongen en hij is tevens degene die een orgel spookachtig laat ademen.

Het sentimentele Nobody’s Baby Now kan zich ook prima op The Good Son kunnen nestelen. Het zou mij niet verbazen als dit van oorsprong een overblijfsel van die plaat is. Dezelfde winterse kerstbeleving met soortgelijke geloofsverwijzingen. Dames vallen voor zijn beeldende beschrijving van het vrouwelijke schoon, hij blijft een charmeur pur sang. Verder weet Nick Cave op voortreffelijke wijze haar onafhankelijkheid te benoemen. Daar ligt ook een groot gedeelte van zijn kracht, zo onbetrouwbaar als de pest, maar ook een zachte tedere minnaar. Hoe misbruik je obsessies en onschuld om iets moois te creëren.

Het zijn de doordreunende doodsbellen van Thomas Wydler die het naargeestige Loverman inluiden. De ziekelijke keerzijde van de liefde als een verkrachter zijn slachtoffer besluipt om genadeloos toe te slaan. Dan zijn de latere Murder Ballads gemakkelijk verteerbare kinderverhaaltjes, hier heerst de walging en respectloze houding tegenover vrouwen. Loverman gaat door merg en been, zeker als Nick Cave uit zijn troostende flarden aan rijmpjes dicteert. De angst van verlate steegjes met loerende ogen. De voyeur die zijn gestoorde gedachtegang de vrije loop laat gaan. Een excuus voor zijn ontberende schaamteloze vernietigende handelingen. Tja, probeer daar maar eens overheen te komen.

Dat het duiveltje nog steeds de krochten van zijn ziel bewoont, bewijst Nick Cave in het stevig rockende Jangling Jack. Het is dezelfde oerschreeuw die het The Birthday Party werk domineert. Dezelfde gekte, dezelfde losgeslagen no wave houding. Het energieke Jangling Jack staat voor het buitensporige geweld welke de hedendaagse maatschappij in haar greep houdt. Het personage is voor mij de bespiegeling van een geflipt bastaardkind van Jack The Ripper en Alex DeLarge, het hoofdpersonage van A Clockwork Orange.

Dat Red Right Hand later de cultstatus toegedeeld krijgt komt grotendeels door het gebruik van het nummer in de eerste twee Scream films en recentelijk in de Peaky Blinders serie. Bij de laatste vormt het de perfecte soundtrack in het blauwrode decor en het effectieve doelgerichte handelen van gangsterbaas Tommy Shelby en zijn verharde familieleden. Red Right Hand is de bebloede hand van de duivel, voor eigen rechter spelend. Ook hier hebben de tevens op Loverman aanwezige doodsbellen van Thomas Wydler een belangrijke prominente rol. Ze tellen de laatste minuten van het leven af.

Het is niet vreemd dat beide tracks zo geliefd bij filmregisseurs zijn, omdat ze simpelweg een duidelijk filmisch karakter uitstralen. Het is hedendaagse horror, griezelig en effectief. Het ultieme zwarte kraaiennummer, met de nachtburgemeester als gastheer. Bassist Martyn P. Casey volgt hierbij niet alleen het jazzy snare-roffel ritme van Thomas Wydler, maar trekt zich vooral aan de spookhuis orgelpartijen van Nick Cave op.

I Let Love In is een desperate verhalende country roadsong. Conway Savage presenteert zichzelf hier als kroegpianist, die stilletjes op de achtergrond de boel in de gaten houdt. In de Thirsty Dog rockabilly vraagt Nick Cave om berouw om zijn impulsieve handelen te verantwoorden. Het is zijn strijd met zijn kwaadaardige evenbeeld, het gevecht om het huwelijk te redden. Totale overgave aan zijn spijtbetuiging. Het zijn vooral The Bad Seeds die hierbij berouw uitspreken, Nick Cave verschuilt zich achter zijn begeleidingsband en werkt zich gejaagd door zijn schuldbetoog heen.

Door zijn verharde destructieve levensstijl verkeerd Nick Cave al vroeg in de herfst van zijn leven. Het orkestrale Ain’t Gonna Rain Anymore en het trage voortslepende Lay Me Low tweeluik zijn daar een overduidelijke verslaglegging van. Beide nummers handelen over een naderend afscheid, het definitieve einde. Bij Ain’t Gonna Rain Anymore staat de liefde centraal. Soms is het beter om de storm te laten rusten door het verdriet toe te laten. Een break up song in wording. Liefde herenigt, maar verscheurt het net zo gemakkelijk. De symbolische twee harten laten zich niet lijmen als in de overige stukken alweer barsten zichtbaar zijn.

In het licht ironische Lay Me Low dronkenman slotakkoord blikt een tevreden man op zijn leven terug. Is Nick Cave in The Mercy Seat nog bang voor de dood, hier is er voornamelijk van berusting sprake. Ontspannen wegdromen in een eeuwige slaap, de kist als een gespreid bedje op die laatste rustplaats. Nergens spijt van, geen berouw. Er is geen plek in de hemel, de helse warmte lonkt, ook prima.

Het samenvattende Do You Love Me? (Part 2) is de grimmige beklemmende eindconclusie. Violist Warren Ellis introduceert zichzelf al eerder op Ain’t Gonna Rain Anymore, maar krijgt hier de mogelijkheid om met zijn kenmerkende instrument voor meer diepgang te zorgen. Hij stelt zich afzijdig op de achtergrond op, er is nog amper van zijn dirigerende vermogen sprake. Bijzonder dat Mick Harvey met zo’n grootheid in het midden, hier de verantwoording over het strijkersarrangement draagt. Niemand beseft nog dat Warren Ellis deze positie later opeist en Mick Harvey daarbij verdringt en dat dit indirecte gevolgen voor zijn ontslag heeft. De cirkel is met Do You Love Me? (Part 2) kloppend gemaakt. De opgelopen deuken en littekens zijn niet eenvoudig weg te poetsen. Voor mij is Let Love In het spraakmakende meesterwerk binnen de alles omvattende Nick Cave catalogus.

Het bonusmateriaal is zeker de moeite waard. Sinds Nick Cave & The Bad Seeds een rol in de Der Himmel über Berlin film van Wim Wenders vertolken en daar tijdens een optreden From Her to Eternity en The Carny spelen, blijven ze aan de filmregisseur verbonden. Bis ans Ende der Welt verschijnt dan wel net voor de Henry’s Dream release, het daar vanaf komende (I’ll Love You) Till the End of the World themastuk is echter op de Let Love In heruitgave te vinden.

Waarschijnlijk speelt het mee dat deze de Loverman single aanvult. Een prachtig dramatisch verhalend gedragen nummer met treurviolen, theatrale pianotoetsen en berustende percussie. In weiter Ferne, so nah! stamt weldegelijk uit de Let Love In periode, Cassiel’s Song is zachter, teder bijna. Deze vindt tevens als B-kant van Do You Love Me? zijn weg naar het publiek. Ook het losstaande Sail Away afscheidslied is daarop te vinden. De improviserende rokerige That’s What Jazz Is To Me kroegsong leukt Red Right Hand op, en is voornamelijk een geinig hebbedingetje. Where the Action Is is in principe een jazzy demoversie van Red Right Hand, de dreiging zit nog onder de huid en moet zich nog openbaren.

Nick Cave and The Bad Seeds - Murder Ballads (1996)

poster
5,0
Zaterdagavond.

Pappa en Mamma zijn gezellig samen op stap.
Oom Nick komt vanavond in huis.
Om op te passen op zijn twee jonge nichtjes.
Hij heeft een groot dik sprookjesboek mee genomen.
Vol met mooie geïllustreerde prenten.

Verhalen zonder een gelukkig einde.
De kleur rood overheerst op de gruwelijke plaatjes.
Angst voor de krokodil onder het bed is totaal verdwenen.
Vanaf nu overheerst de duisternis.
Het laatste hoofdstuk zal vanavond geschreven worden.
Lege pagina’s van een open einde.
Het rood van bloed zal voor opvulling zorgen.

Red Right Hand van Let Love In was de voorbode.
Murder Ballads zou een zoethoudertje worden.
Korte muzikale legendes.
Liefdesverhalen die eindigen in een crime passionel.
Veelal met een vette knipoog.

Het succes van Where The Wild Roses Grow zorgde voor een omkeer.
Nick Cave werd bekender bij een breder publiek.
Kylie Minogue niet als het gelukkige tienermeisje.
Maar in een slachtoffer rol.

PJ Harvey als jaloerse echtgenoot.
Die bewust als zwarte weduwe door het leven wil gaan.
De vermoedelijke relatie tussen Polly Jean en Nick.
Het geeft Henry Lee een wrange ondertoon.

Death Is Not The End van Bob Dylan zal ik blijven zien als een soort van parodie.
Kerstfeest bij de Anonieme Alcoholisten.
Eind van het jaar worden er regelmatig projecten op gestart.
Bekende popmuzikanten die zich zogenaamd in zetten voor een goed doel.
Alleen maar om er zelf beter van te worden.
Zoals wat er gebeurde bij Satellite Of Love van Lou Reed.

Niks tussendoortje.
Geslaagd toetje na het hoofdgerecht Let Love In.

Nick Cave and The Bad Seeds - No More Shall We Part (2001)

poster
4,0
Oh My Lord is op dit album al sterk, maar wie dit nummer ooit live heeft gehoord, weet dat dan pas het effect echt voelbaar is.
Live zie je bijvoorbeeld een koortsige Warren Ellis die steeds gespannender aan zijn viool begint te plukken, om uiteindelijk helemaal los te gaan.

Wat is die vent ondanks hij vrijwel altijd op de achtergrond staat dan zo prominent aanwezig.

Een tip voor een band als The Veils; huur een goede getalenteerde violist in, die de muziek naar een nog hoger level op voert.

Zijn bijdrage in Hallelujah doet weer meer aan Dirty Three denken, al vind ik hem daar minder sterk.

Ik ken dan ook geen begeleidingsband die zo goed op elkaar is in gespeeld als The Bad Seeds.
Het gitaarspel van Blixa is eigenlijk niet eens zo geweldig (wel bijzonder), maar past dan weer perfect in het totaalplaatje.

Persoonlijk vind ik dit niet een van Caves sterkste albums, maar de genoemde nummers behoren wel tot zijn beste werk.

Nick Cave and The Bad Seeds - Tender Prey (1988)

poster
5,0
Mijn eerste luisterbeurt van The Mercy Seat is nog steeds de meest bizarre bijna spirituele muziekervaring die ik ooit heb meegemaakt. Er lijkt geen einde aan te komen en je wordt als het ware in de track getrokken. Meegezogen door mantra achtige opsommingen van het manische angstgebed als de dood steeds dichterbij komt. Het kost de nodige tijd om de intentie van het nummer te vatten, al is dat in het begin maar een bijzaak. De waanzin grijpt je strot dicht en er is geen weg terug, het Nick Cave virus houdt mij in de greep. Tender Prey is geen verkeerd instapmodel. Ondanks dat Nick Cave verdoofd door de drugs elke emotionele betrokkenheid weg filtert kan hij de radeloosheid niet bedwingen. Het is een gepassioneerde hulpkreet en het is maar goed dat hij vervolgens met een flinke dosering aan heroïne in zijn bezit opgepakt wordt. De verplichte opname in een afkickkliniek is zijn redding, waarna hij weer enigszins grip op het leven krijgt.

Nick Cave krijgt het voor elkaar om Kid Congo Powers in te lijven. De toekomst van The Gun Club hangt aan een zijde draadje en de gitarist kiest voor zekerheid. Het is de opzet dat hij de twijfelachtige wispelturige Hugo Race tijdelijk vervangt. Als deze al tijdens het opnameproces afhaakt, krijgt Kid Congo Powers de garantie van een vaste plek binnen The Bad Seeds. Hij is niet de enige nieuweling binnen het gezelschap. Omdat Nick Cave steeds meer aandacht aan zijn theatrale podiumpresentatie besteedt, is Roland Wolf de meest geschikte persoon om zijn positie als toetsenist waar te nemen. Door deze veranderingen blijft Mick Harvey voornamelijk als bassist actief, al is deze alleskunner ook bereid om de rol van drummer, gitarist en toetsenist op zich te nemen om de klus te klaren.

The Mercy Seat, de latere liefhebbers zweren bij Into My Arms, maar The Mercy Seat blijft het ultieme hoogtepunt van zijn oeuvre. Ook Johnny Cash begrijpt dit nummer en het is dan ook een grote eer dat hij later een coverversie van The Mercy Seat opneemt. De countryzanger,waarvan regelmatig nummers in de livesets van Nick passeren, is een van zijn grootste persoonlijk helden. The Mercy Seat sluit voor Cash dan ook vlekkeloos bij zijn optredens in gevangenissen aan.

Als er een artiest is die het leed van de gedetineerden aantrekt, is dat Johnny Cash wel. Het is een direct vervolg op de murder ballads, hier wacht de veroordeelde op het definitieve eindoordeel. Het toont een stukje begrip voor het losgeslagen handelen, al hangt het zwaard van Damocles genadeloos boven het hoofd. Het is de angst van een Dead Man Walking, de laatste wandeling die bij de elektrische stoel eindigt. Hij haalt zijn inspiratie ook uit zijn rol in het Ghosts… of The Civil Dead gevangenisdrama, filmopnames die parallel met het werkproces van Tender Prey lopen en waarvoor hij samen met Hugo Race een groot gedeelte van het script aanlevert.

Up Jumped The Devil belicht de duistere kanten van Nick Cave en verantwoordt zijn gedrag. Hij is zo geboren en wordt door ellende, ongeluk en rampspoed achtervolgd. En dan kan je de duivel het beste maar vertrouwen en zijn aanwezigheid accepteren. Dat maakt het leven stukken aangenamer. Ook hier weer die verwijzingen naar de blues en het verkopen van je ziel aan een kwade oppermachtige kracht. Roland Wolf heeft een sprankelende opgewekte jazzy tintelende manier van pianospelen en introduceert zichzelf op voortreffelijke wijze. Datzelfde geld voor Kid Congo Powers, die zijn rockabilly garage verleden bij The Cramps met de blues punk attitude van The Gun Club combineert. Deze eigenheid geeft hij een ondergeschikt ingetogen The Bad Seeds tintje mee.

In de hedendaagse Bonnie and Clyde vertelling Deanna droomt een jong kansloos liefdesstel over escapisme en laten ze een spoor van vernieling achter. Het zou geen vreemde gedachte zijn dat Quentin Tarantino dit thema vervolgens uitwerkt en de verhaallijnen aan Oliver Stone schenkt. De om zich heen dood en verderf zaaiende Natural Born Killers roadmovie vertoont veel gelijkenissen met dit nummer, dus misschien liggen die auteursrechten wel bij Nick Cave. Deanna is een bijna radiovriendelijk liefdesnummer zoals alleen Nick Cave die kan schrijven. De melodielijn is van de christelijke Oh Happy Day hymne van het Edwin Hawkins Singers gospelkoor gestolen, een traditional waar de voormalige koorknaap Nick Cave mee opgroeit en die dus het beste die nostalgische gevoelens weergeeft.

Er zit zoveel verbintenis tussen het werk van Nick Cave. De tekst van Watching Alice verwijst jaren later letterlijk naar de Push The Sky Away albumhoes. Zijn vrouw Susie Bick kruipt in het Alice personage en loopt bloot door de slaapkamer rond, terwijl Nick Cave als voyeur van haar naakte schoonheid geniet. Zelden wordt het ontwaken met de ochtendglorie als getuige zo mooi weergegeven. Het is een puurheid die dicht bij de vrouwenbeminnende Nick Cave blijft. Teder romantisch, maar wel met die ondeugende twinkeling in de ogen. Vriend Hugo Race is nog niet geheel uit het The Bad Seeds beeld verdwenen en voegt klein gehouden gitaarintimiteit toe. Het is de meester hemzelf die hem met het karakteriserende filmische western mondharmonica uithalen overtroeft.

The Bad Seeds dragen als verzachtend achtergrondkoor Mercy. Het is een prachtig fraai staaltje aan zuivere in controle zijnde samenzang. Bijzonder dat een band die zo op het randje balanceert hiertoe in staat is. Het Watching Alice lentegevoel is verdwenen en maakt voor ijzingwekkende winterse kilte plaats. De piano als een in ijs ondergedoopt instrument. Het profetische Mercy bezingt de angst als zijn volgelingen hem in eenzaamheid achterlaten. Hoe wrang is het dat de vriendschap met Blixa Bargeld en Mick Harvey tegenwoordig zo bekoeld is geraakt? De mondharmonica als hulpkreet, gesmoord door innerlijke paniek. Het aardedonkere Mercy is de klagende gospel van Nick Cave zijn levenswandel, ondergedoopt in wanhoop. Wees genadigd en grijp mijn hulpeloze hand. Heeft Mercy bijbelse verwijzingen? Welnee, dit is de laatste strohalm van iemand die van het leven verliest en ontdekt dat hij steeds dieper in die neergaande spiraal wegzakt.

Producer Flood blijft trouw aan de Hansa Tonstudio, waardoor Nick Cave & The Bad Seeds genoodzaakt in Berlijn blijven ronddolen. De band is afhankelijk van de stad en de leden verkeren in dezelfde toestand als de kinderen van Bahnhof Zoo. Ontvlucht Berlijn zolang het nog mogelijk is. Dit is het Hotel California voor Nick Cave & The Bad Seeds, de aantrekkingskracht van deze uitzichtloze plek domineert. Dit is het in verval geraakte naoorlogse beeld dat de inwoners besmet. City of Refuge symboliseert deze lichamelijke aftakeling, Big City blues, het aardse paradijs transformeert zichzelf tot de helse wederhelft. Toch is het niet helemaal eigen, gospelblueszanger Blind Willie Johnson levert de rauwe I’m Gonna Run to the City of Refuge basisbeginselen, Nick Cave voegt slechts zijn destructieve levenservaringen en mondharmonica toe.

Hoe vreemd is het om Nick Cave vervolgens als croonende vrouwenverslinder te horen? De vintage seventies klanken van het verhalende Slowly Goes the Night hebben iets fouts in zich en behoren tot zijn meest gladde werk. Toch heb ik een zwak voor deze zomerse invalshoek. Een one night stand met een dief in de nacht die er vervolgens met een flinke duit vandoor gaat om de volgende dag weer opnieuw drugs te scoren. Het is de romantiek van egocentrische junkies die dag op dag in het New Morning dronkenmanslied moment leven. Een cold turkey van tien slopende zware dagen.

Het aftellende Sunday’s Slave stelt zich ook afhankelijk op. Het dodende tempo benoemt de poging om te week te overleven, totdat de dealer het goedje weer aanlevert en je de rekening weer netjes betaalt. Het koortsige hebzuchtige Sugar Sugar Sugar verwijst uiteraard naar dat witte kristalpoeder, wantrouwend en minachtend. Nick Cave als een fel op hol geslagen dier, die enkel in zijn eerste levensbehoefte voorziet. Nick Cave de heroïnejunk, amper in staat om rationeel te denken, omdat enkel dat begerende oerinstinct overgebleven is.

Het is dus onbegrijpelijk dat Tender Prey binnen al die duisternis het licht ziet. Nick Cave beaamt dat de band amper in staat is om bruikbaar resultaat af te leveren. Toch koester ik Tender Prey als een van mijn favorieten. Nick Cave betitelt het achteraf als een grote nachtmerrie. Als de grenzen zodanig vervaagd zijn ben je enkel in staat om een meesterwerk als Tender Prey te produceren. Dit resultaat krijg je niet als je het proces geheel vlekkeloos verloopt. Dichterbij de persoon Nick Cave kom voor langere tijd niet. Pas als hij van dichtbij door onvoorzienbare gezinssituaties getroffen wordt, stelt hij zijn ziel weer publiekelijk bloot. En ook daar valt zeker genoeg over te vertellen.

Nick Drake - Five Leaves Left (1969)

poster
4,0
Trieste blik naar buiten zegt genoeg.
Regendruppels kleven aan als natte tranen.
Allergische reactie op de herfst.
Overgevoeligheid voor depressies.
Grote kolossale eik die beschutting bood in de zomer.
Groen natuurlijk dak als grote parasol.
Takken als vangarmen om zich heen grijpend.
Windvlagen die het hun moeilijk maken.
Vergeeld door het gebrek aan warmte door de nerven.
Nog maar vijf blaadjes over……

Vaak ziet men de onrust terug in deze periode.
Fase van eenzaamheid.
Zomer nodigt uit om je te vertonen.
Gevolgd door een opgelegd kluizenaarsbestaan.
Contacten onderhouden worden moeizamer.
Men kiest voor geborgenheid binnenshuis.
Geluk zoekend binnen het gezinsleven.
Het licht van buiten kunstmatig in leven gehouden.
Warmte bij de openhaard of brandende kaarsen.
Voorbereiding tot het nieuwe jaar.

Voor Nick Drake is juist elke dag een beetje sterven.
Uitkijkend over de plaatselijke rivier.
Hopend op het einde van de dag.
Waardoor het uitzicht op de dood weer dichterbij zal komen.
Niet vooruit kijken.
Maar telkens een afsluiting van momenten.
Leven in het verleden.
Dagelijks herhalend ritueel.

Soort van ontroering die ik ook bij Ian Curtis terug hoor.
Hulpeloos luisteren naar reddeloze zielen.
Zielig soort van verwantschap.
Troost zoekend in eigen gecreëerde teksten.
Begrijpbaar voor die ene persoon.
Hulpkreet naar de onbegripvolle buitenwereld.
Zichzelf vervreemden.
Een blocnote vol schrijven met gevoelens.
Om als afsluiting uit het leven te stappen.
Nog vijf bladzijdes te gaan….

Nick Zammuto - We the Animals (2018)

poster
3,5
Er zijn genoeg voorbeelden te vinden van popmuzikanten welke zich met succes wijden aan het maken van een geschikte soundtrack bij een film. Dat dit niet voor iedereen is weg gelegd is helaas ook waar. Een goede score blijft ook overeind staan zonder de beelden, of ze moeten wel heel erg goed bij bepaalde scenes passen. Nick Zammuto is de frontman van de naar hem genoemde indie rockband uit het Amerikaanse Readsboro. Eerder al was hij actief in The Books, een experimenteel duo, waar hij samenwerkte met de cellist Paul De Jong. Zoals de naam al aangeeft, heeft deze zijn oorsprong in Nederland. We The Animals stort zich in het leven van een ontwricht gezin, en volgt hierbij drie broers. De basis van dit verhaal ligt in de jaren tachtig, en de verfilming mag zich gelukkig prijzen met lovende recensies. Hier wordt alleen stil gestaan bij de muziek, los staande bij de beelden die deze oproepen.

Escapisme heeft een centrale functie in het geheel, en hoe zet je vluchtgedrag om in indrukwekkende klanken? Door je eigen ego centraal te stellen. Hierdoor komen de a capella gesproken woord gedeeltes zo sterk over. Het roept een beeld van eenzaamheid op, welke treffend worden verwoord in de sobere benadering. De angst en dreiging die hieruit naar buiten gebracht worden vinden hun plek in de muzikale omlijsting. Al zingend wordt er gezocht naar een persoonlijk rustpunt, om zichzelf af te sluiten van de onzekere omgeving. Soms met klanken die de spanning van een hartslag vorm geven, dan weer overwinningstonen van euforisch gestemde stukken. Maar over het algemeen wordt een droombeeld geschetst die zich afzet tegen het kleine ontregelde wereldje van de puberende hoofdrolspelers. Sfeerbepalend is het sleutelwoord. Het verlangen naar geborgenheid met de risico’s die de weg hier naar toe oproept. Letterlijke bloedbroeders die als eenheid willen communiceren met hun onzekere omgeving. De offers die voor de liefde voor elkaar en hun ouders gevraagd wordt.

Het moment dat je als buitenstaander dit lijkt te accepteren wordt ruw verstuurd door het boze onmacht oproepende Bad Bad Bad. En daar ligt de kracht van de soundtrack. De hele tijd heb je het gevoel dat er naar een climax wordt toe gewerkt, en op het moment dat je deze niet meer verwacht, slaat hij keihard toe. De scheidingslijn tussen euforie en angst valt helemaal weg. Dezelfde stukken muziek, maar nu gezien vanuit een andere invalshoek. Aandachtig luister je naar de rest van de plaat, en vervolgens zet je hem nogmaals op. Maar zelfs meerdere luisterbeurten weten het moment niet te benoemen waar het lijkt te exploderen. Ondanks de fragmentarische aanpak komt het wel confronterend binnen. Heb je dan als componist je doel bereikt? Ik dacht het wel.

Nick Zammuto - We the Animals | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

Nickelback - Silver Side Up (2001)

poster
3,0
Laat ik gewoon eerlijk zijn, How You Remind Me vind ik eigenlijk best een lekker nummer.
De single heb ik ook al vrij snel gekocht.
Chad Kroeger ziet er achteraf gezien uit als een geblondeerde Jan Dulles van de 3JS, en ook onze Chad zou de rol van Jezus bij The Passion prima kunnen vervullen.
Dezelfde onschuld in zijn ogen, en nadat Nickelback in de loop der jaren zo negatief werd neer gezet, zal ook hij regelmatig naar de hemel gekeken hebben.
Heer, zo heb ik het niet gewild.
Ook zijn bijdrage aan Spider-man met Hero is eigenlijk niet eens slecht te noemen.
En eigenlijk klinken ze op Silver Side Up bijna hetzelfde als Metallica op Load.
Op de een of andere manier komt het over als een gespeelde rol van ruige rocker.
En als je dan eindelijk je haren kort laat knippen, en je uiterlijk wat veranderd, denk je, misschien komt het toch nog goed.
Maar nee, meneer moet zo nodig trouwen met Avril Lavigne, een country zangeresje, welke op een bepaald moment aan de buitenwereld wil laten geloven dat ze een hip punkmeisje is.
Kom op zeg!
Ilse DeLange heeft ook nooit bij De Heideroosjes stagedivend een optreden bij gewoond.
Maar nu weer terug naar de muziek van Nickelback.
Ik geef toe; met vlagen klinken ze als Paradise Lost ten tijden van One Second, maar toch lukt het mij niet om het hele album de aandacht er bij te houden.
Toch staan er op de album; tenminste, als je de versie hebt inclusief bonustracks toch nog drie prima nummers op; de eerder genoemde Hero, How You Remind Me, en de met Linkin Park achtige geluidjes vol gepropte Too Bad.

Nico - Desertshore (1970)

poster
3,5
Van Nico heb ik altijd gedacht dat ze de factor was die John Cale en Lou Reed uit elkaar dreef.
Haar bijdrage bij Velvet Underground heb ik nooit als bijzonder beschouwd, en ik zag haar altijd als zwakke muzikale deelnemer gezien.
Lou Reed wist met Berlin de triestheid van het verval perfect te verwoorden, uiteraard gevoed door drugs.
Nico voegt hier het extra element wanhoop toe, waar het bij Lou Reed voornamelijk voor mij verdoving was.
Soms is het nodig om haar emoties meer kracht te geven door ze te performen in haar moederstaal, dan geeft ze Lou Reed nog een schop na.
Dan spreekt ze over haar eigen Berlin, en komt misschien zelfs wel sterker over.
Het duistere harmonium geluid wordt afgewisseld door het slaaplied achtige pianospel, om vervolgens weer genadeloos toe te slaan als in The Falconer.
Later zou haar stem steeds meer aftakelen, en zou ze niet meer zoals hier als een hogepriesteres klinken, maar als een oude teleurgestelde feeks.
Desertshore heeft nog een sprankje hoop, Le Petit Chevalier heeft het kinderlijke onschuld, een jonge stem die niet weet wat de wereld hem of haar zal brengen.
Het besef van goed en kwaad zit nog verstopt in de genen, maar is niet gerijpt tot ontplooiing.
Niet haar zwaarste werk, maar waarschijnlijk wel het meest waardige.

Night Collectors - Heat and Fury (2025)

poster
4,5
In het eerste kwartaal van 2025 levert het uit San Francisco afkomstige Night Collectors een verrassend sterk mini debuut af. Helemaal nieuw zijn de vijf nummers niet, One Thousend Years en Transmissions verschijnen in 2022 al op single en worden nu met een drietal tracks aangevuld. Een schrale oogst in drie jaar tijd, maar ze overrompelen je wel met een verdomd lekkere sound. Aagoo Records heeft goud in handen, terecht dat ze dit met Cardinal Fuzz delen. Dit Britse label richt zich vooral op space rock, kraut en shoegaze psychedelica.

Night Collectors definieert deze invloeden tot een eigen identiteit, en voegt daar nog de nodige extra’s aan toe. One Thousand Years is een eindeloze trip die ergens in de jaren tachtig gothic rock aftrapt en daar de nodige noise en fuzz doorheen vermengt. Heerlijk nachtelijk schaduw dansen achter gesloten gordijnen, met gedempt licht om het hallucinerende effect te versterken. Hoe bevrijdend kan muziek na een lange werkdag aanvoelen. Dit is nostalgie voor alle vleermuizen onder ons die de slaap niet kunnen vatten en de nacht omarmen.

Take Me Higher benadert shoegaze vanuit de blues. Het samenspel tussen de twee gitaristen John Krausbauer en Blaine Todd levert spanningsbogen op die zich met het vroegere The Bad Seeds werk kunnen meten. Bij Night Collectors draait het om de herhaling van klanken, net zolang totdat deze als woeste zeegolven in elkaar overstromen. Een verdovende drugsroes met de cold turkey in het vooruitzicht. Hier wil je voor eeuwig in blijven hangen, dit is het kosmische gebied tussen hemel en aarde.

Het Heat And Fury titelstuk is de overtreffende trap hiervan. Ergens diep in de duisternis janken de wolven met je mee, alleen de schreeuwende blues mondharmonica ontbreekt nog. We huilen naar de maan, die ons vervolgens met zijn bittere zure tranen vergiftigt. De meer elektronische galmen van What Would I Do zorgen voor verlichting. De alternatieve scene was begin jaren negentig amper klaar voor deze vernieuwende postpunk invalshoek waar tevens soul en gospel hun intrede doen. Met terugwerkende kracht is dit een geraffineerde ontwikkeling waar Spacemen 3 het patent op heeft en Primal Scream met Screamadelica het meeste van profiteert.

Het explosieve Transmissions is een ouderwetse stevige stoner stamper volgens de principes van Night Collectors. Als er een band is die een plek op festivals als Sonic Whip en Fuzz Club verdient, is dat Night Collectors wel. Helaas hebben die deze band nog niet ontdekt, maar misschien krijgen ze bij de volgend editie een herkansing. Wie weet presenteren ze zich dan wel met een volwaardige plaat en duurt het niet nog eens drie jaar voordat deze verschijnt.

Night Collectors - Heat And Fury | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com