MusicMeter logo menu
MusicMeter logo

Hier kun je zien welke berichten aERodynamIC als persoonlijke mening of recensie heeft gemarkeerd.

The Smashing Pumpkins - Mellon Collie and the Infinite Sadness (1995)

poster
5,0
Mellon Collie and the Infinite Sadness: het album van een band waar ik inmiddels een groot fan van was in 1995. Twee albums achter de kiezen die het predikaat fantastisch (en meer) verdienden. Kon het dan wel goed blijven gaan? En dan ook nog eens een dubbelaar, de grootste struikelplaten voor veel artiesten (want immers vaak rijk voorzien van vullers). Ik zag het al helemaal gebeuren. Dit kon nooit goed gaan.........


Bij de titelsong die als opener fungeerde begon gelijk al de verbazing. Wat doen ze nu? Een prachtig, instrumentaal nummer. Wat gaan ze hierna in godsnaam dan laten horen?
Al snel bleek het de opmaat voor heel veel moois dat zou gaan komen en dat vele moois kreeg een start in de vorm van Tonight, Tonight op de eerste cd genaamd Dawn to Dusk, een wat pompeuze song die opvallend ontdaan was van scherpe randjes die we toch wel gewend waren van de 2 vorige albums. Maar een prachtnummer is het wel degelijk. "We'll make things right, we'll feel it all tonight". Het zou zeker goed gaan komen met dit album............
Want al op Jellybelly gooiden de Pompoenen de beuk er in. Lekker raggen maar. Het zaagt ook zo lekker door. En daar doet de stem van Corgan ook flink aan mee. Het is een cirkelzaag die overal dwars doorheen gaat. Mooi? Denk het niet, maar het is wel wat de Pumpkins zo herkenbaar maakt en de band een eigen smoel weet te geven.
Zero heeft zo'n heerlijk intro. Beetje dreinerig ook, zeker als Corgan zijn mond open gaat doen. Perfecte concert-deiner. Voetjes van de vloer dan maar, en dat heb ik tijdens de liveshows zeker ook gedaan.
Ergens moet ik nog wel zo'n Zero-longsleeve hebben liggen.
Here Is No Why neemt wat gas terug en laat horen dat ook de midtempo nummers vaak goed uit de verf kwamen bij de band.
Lekkere vette gitaarriffs maken de boel af (of smeren het dicht zo u wilt).
Bullet With Butterfly Wings had ik al helemaal stuk gedraaid nog voor het album uitkwam. Het was immers de eerste single die werd uitgebracht voor het verschijnen van deze dubbelaar. Het was typisch zo'n nummer dat de verwachtingen extra hoog wist te maken.
En hoe heerlijk is het om nog steeds heel hard mee te zingen. "Despite all my rage I am still just a rat in a cage".
To Forgive is een warm nummer van het soort waar we er al meer van hadden gehoord. Alsof je in een warm bad stapt en Corgan en consorten je langzaam aan verdoven en je laten wegzakken in een roes.
Voordat dat fout gaat schudden ze je ook weer net zo makkelijk wakker d.m.v. de gitaarbeuker Fuck You (An Ode To No One). Erg vrolijk kun je er niet van worden. Allesvernietigend maaien ze in het rond, maar oei wat kan dat lekker zijn.
Love was een van de nummers waarin je kon merken dat de Pumpkins andere wegen probeerden in te slaan. Ik vind het nog steeds een meeslepend nummer en daar zijn die probeersels mede verantwoordelijk voor. Ik kan me voorstellen dat mindere voorstanders van dit album een nummer als deze als vuller beschouwen. Ik zelf zie dat zeker niet zo. Voor mij is het een mooi keerpunt op de eerste cd, want hierna laten ze betoverend mooie dingen horen op Cupid De Locke. Even klinkt er hoop door, maar die is slechts vluchtig, alles vervaagt namelijk weer snel.
En die weemoed uit zich snel in Galapogos. Mooie, dwarrelende melodieën die dit nummers wat triests mee weten te geven.
Voordat we hierin verdrinken schreeuwen we het nog even uit op het meeslepende Muzzle. Wat een mooi nummer is dit toch.
En maak dan de riemen maar eens vast voor de rollercoaster genaamd Porcelina Of The Vast Oceans. Nog steeds één van de mooiste nummers van deze band ooit. Het is een nummer dat recht door je heen gaat. Het snijdt, het schuurt en het slingert je alle kanten op. Geweldig. Ik kan er niet meer of minder van maken. Geweldig dus.
Take Me Down sluit Dawn to Dusk keurig af. James Iha mocht dit voor zijn rekening nemen. Iha was wel vaker verantwoordelijk voor de zachtere nummers. Zijn stemgeluid is hier zeker ook verantwoordelijk voor. Niks scherps of snijdends. Eerder wat vlak. Ik heb er altijd wat twijfels bij gehad.
Door naar cd 2 genaamd Twilight to Starlight.
Where Boys Fear To Tread opent het avontuurlijker broertje van het duo genaamd Mellon Collie and the Infinite Sadness.
Een wat rauwer en ruigere gitaarstamper die in de vorm van Bodies nog even lekker doorgaat. Wederom het van dik hout zaagt men planken geluid. Gaspedaal in en scheuren maar.
Thirty-Three is dan opeens een stuk lichter van toon en geeft even de tijd om op adem te komen, want hoe je het ook went of keert, dit album is en blijft een tour de force.
Op adem komen? Dan doen we er nog een schepje bovenop met het wiegenlied In The Arms Of Sleep. Lieflijk en klein. Iets wat de Smashing Pumpkins wel degelijk ook goed konden. Wel zijn dit soort nummers wel eens op het randje vanwege de zang van Corgan. Het zijn de nummers waarbij ik me kan voorstellen dat dit tegen de pijngrens aanzit bij sommigen, want juist in dit soort rustige nummers valt zijn manier van zingen extra op.
1979 liet duidelijk horen dat de Pumpkins meer konden dan mooie en lieflijke of ruige en zagende nummers schrijven. Het experiment werd niet geschuwd en dat waardeer ik zeer in een band. Zeker als het dan ook nog eens uitpakt zoals op dit 1979. Een nummer waarbij ik op de een of andere manier moet terug denken aan de middelbare schooltijd. Niet vanwege het jaartal (dat was namelijk lagere schooltijd in mijn geval), maar puur het gevoel dat dit nummer naar boven brengt bij mij.
En dan is het hoogste tijd voor herrie: Tales Of A Scorched Earth. Wat nou romantisch terugdenken? Het moet vies en voos en we raggen er dus smerig op los. Volume op open en gaan......
En dan, ja dan, o hemel daar komt ie aan...........Thru The Eyes Of Ruby..............misschien wel het mooiste nummer dat ik ken van wie dan ook.
Wat is dit mooi, wat is dit goed. Als er iets goddelijks bestaat dan is dat zeker in de vorm van dit nummer.
En hoe moet je in hemelsnaam een nummer als dit gaan omschrijven? Gaan ophemelen? Onmogelijk. Neem dus maar gewoon van mij aan dit dit de song der songs is voor mij en wat u er zelf van vind zal mij worst wezen.
Na een episch nummer als hiervoor moet het even een tandje terug en dat doen ze goed in de vorm van het akoestische Stumbleine. Een perfect nummer om ons even bij te laten komen van een wereldnummer.
X.Y.U. heeft mijn toenmalige onderburen indertijd vast ware nachtmerries weten te bezorgen. Wat heb ik staan stampen en springen op dit nummer (en misschien wel erger: mee staan schreeuwen).
Ik vind het een ijzersterke rocksong, een mening die niet iedereen met me deelt omdat ik vaak lees dat dit juist een van de mindere nummers is op dit album.
We Only Come Out At Night is een persoonlijke favoriet van mij. Dit nummer blijf ik krachtig vinden. Het is ook best een avontuurlijk nummer, zeker gezien de rest van wat de Pumpkins ons vaak voorschotelen. Maar zo hoor ik het graag (en niet zoals ik het op latere albums nogal eens moest aanhoren).
Hierna wederom een enorme favoriet: Beautiful. Misschien wat zoetsappig, maar heel sterk. Ik heb vanaf het eerste begin een enorm zwak gehad voor dit nummer en dat is altijd zo gebleven.
Met Lily (My One And Only) bleek de koek der ruige nummers op te zijn. Soms heeft me dat wat gestoord: er staan opeens iets te veel rustige nummers achter elkaar.
Maar nu vind ik het wel passen. We hebben al zoveel moois en heftigs te horen gekregen, daarvan mogen we best even bijkomen en hoe kan dat beter dan ons gewoon een paar rustige nummers voor te schotelen van hoge kwaliteit?
By Starlight doet het zelfs nog een tandje lager om vervolgens over te gaan naar het slot van disc 2 in de vorm van groepsknuffel Farewell And Goodnight.

En na die knuffel is dit avontuur al weer ten einde. En daarmee leverden de Smashing Pumpkins 5*-album nummer 3 op rij af.
Als ik tussen die 3 moet kiezen is de keuze bekend gezien mijn top 10: Siamese Dream wint het dan licht van dit Mellon Collie.
Misschien toch vanwege het feit dat het hier een dubbelaar betreft en omdat ik Siamese Dream puntiger vind.
Maar ja dat album heeft Ruby dan weer niet...............

The Smashing Pumpkins - Oceania (2012)

poster
4,5
The Smashing Pumpkins..... wie mij een beetje volgt weet dat deze band mijn derde grote muzikale liefde was (lees: enorm fan zijn).
Doe Maar was de eerste, gevolgd door Prince en de Pumpkins kwamen daarna. Ze waren de laatste van wie ik op die manier idolaat was want anno nu is dat er toch allemaal een beetje van af.

Waar Doe Maar er mee stopte daar is Prince nog steeds in the picture maar meer om zijn live-prestaties en de Smashing Pumpkins verdwenen meer en meer uit beeld eigenlijk al vanaf Adore.
Nooit hebben ze meer dat gevoel van toen weten op te roepen en i.t.t. Prince haakte ik live ook af.
Tot eind vorig jaar. Zelden zo lopen draaikonten om wel of niet te gaan en die kaartjes raakten maar niet uitverkocht dus er kon getwijfeld blijven worden.
Ik besloot uiteindelijk toch te gaan en ik kreeg me daar een geweldig concert voorgeschoteld! Ik had helemaal geen moeite met het feit dat Billy een compleet andere band om zich heen had.
En hoe grappig was het om sinds jaren weer eens in de moshpit terecht te komen (alhoewel ik toch erg snel de zijkant daarvan opzocht).

De nieuwe nummers die daar gespeeld werden bevielen me wel (Quasar, Panopticon, Oceania, Pinwheels, Pale Horse en My Love Is Winter) en in die tijd was er gelijk sprake van een enorme heropleving van hun albums bij mij thuis. Ik draaide ze weer volop en in mijn Last.fm playlist stegen ze opeens enorm.
Ook het project Teargarden by Kaleidyscope vond ik zo slecht nog niet.
Oceania (een album binnen het Teargarden by Kaleidyscope concept) was voor het eerst sinds jaren een Pumpkins album waar ik oprecht naar uitkeek en dan is het opeens erg spannend als het dan eindelijk zo ver is. Gaat de oude jeugdliefde weer opbloeien? Of was dat concert toch een eenmalig iets?

Quasar en Panopticon doen mijn Pumpkins-hart in elk geval weer als vanouds kloppen. Dit zijn nummers die toch dat oude gevoel weten op te roepen. De sound, de productie en de zang.... alles klopt aan deze nummers. 'Fuck yes' riep ik maar al te graag.
En dan laat The Celestials horen dat Billy toch ook niet alleen maar naar 'toen' wil teruggrijpen. In dit nummer hoor je de Teargarden sound sterk terug en het had ook wel op Zeitgeist kunnen staan. Pop met een rocktwist noem ik dit. Slecht? Nee, valt reuze mee. Wennen? Niet echt als je bekend bent met de vorige EP's. Dat niet alle oude fans het zullen pruimen geloof ik dan weer graag.
En zo stuitert dit album eigenlijk alle kanten op terwijl het toch één geheel blijft. Meer synths maar niet in de sombere Adore-vorm. Zagende gitaren en een Corgan die soms uiterst sterk zingt voor zijn doen (het blijft natuurlijk een snerpende zaag af en toe maar dat heb ik altijd wel lekker gevonden).
Het is moeilijk om er nu een bepaald Pumpkins tijdvak op te plakken. Nee, het is geen return naar de eerste drie albums, ook geen vervolg op Machina en niet het experiment van Adore.
Misschien een wat gevaarlijke opmerking maar ik denk dat het toch wel dicht in de buurt van Zeitgeist komt maar dan wel van een sterker en hoger niveau. Betere nummers en een betere sound. Nog wel is Oceania niet van begin tot einde even sterk (soms overheersen de synths mij iets te veel) waardoor het geen meesterwerkje genoemd kan worden zoals de eerste drie albums die ik nog steeds tot de beste uit mijn collectie vind behoren.
Zolang er sterke nummers als Quasar, Panopticon, Pinwheels, Oceania en The Chimera (Pumpkins oude stijl) op staan ben ik een zeer tevreden mens en durf de conclusie voor mezelf te trekken dat ik weer eens blij ben met een nieuwe Smashing Pumpkins. Dat Pumpkins-fans dat niet allemaal zullen zijn zal vast en zeker. Ze staan er bekend om uiterst kritisch te zijn maar dat roept Corgan ook wel een beetje over zichzelf af dus geen medelijden met de beste man.

Oceania is wat mij betreft gewoon een erg lekkere rockplaat geworden waar lekkere deunen op staan en die mij weer vertrouwen geven in Billy Corgan. Helemaal afschrijven is gelukkig niet nodig en zijn opmerking dat dit de beste Pumpkins plaat sinds tijden is geworden is in mijn optiek dan ook geen grootspraak (alhoewel dat met zijn laatste werken nu ook weer niet zo heel erg moeilijk was natuurlijk).
Mijn complimenten voor het artwork trouwens: erg mooi!

The Smashing Pumpkins - Zodeon at Crystal Hall (2025)

poster
3,5
Opgenomen tijdens de pandemie maar nooit officieel uitgebracht, tot eind november 2025....

Het is volume 3 (of moet ik 2 zeggen) uit de Shiny and Oh So Bright serie en daarmee ingeklemd tussen CYR en ATUM.

Geïnspireerd door ''65 and '66 British psych'. Klinkt interessant, maar is het dat ook?

Mwoah. Beetje hetzelfde euvel als al die latere albums en zeker uit deze serie. Gelukkig minder slappe synthpop en meer poprock deze keer, maar het voelt als een Billy-solo album en erg memorabel is het niet, maar wel beter dan het genoemde CYR en ATUM en toch een ietwat ander geluid.

Waarschijnlijk heeft Billy geld nodig. Het album kost je €60,- maar voor een gelimiteerde oplage en als je superfan bent kan dat nog aanvaardbaar zijn. Soort van, want het artwork loopt niet over en een crystal clear vinylversie is nu ook weer niet bepaald uniek.
Maar dan krijg je de verzendkosten voor je kiezen. Of je even €39,95 wil aftikken waardoor het album dus bijna €100,- gaat kosten en dan maar hopen dat er niet extra douanekosten bovenop komen.

Tja, dan ben ik toch echt niet meer die superfan van weleer en volstaat een mp3-versie. Want het gebodene is aardig zoals gezegd maar meer ook niet. Leuk om in elk geval ook toe te kunnen voegen aan de Pumpkins collectie en dan maar een keer niet in fysieke vorm.

The Smile - A Light for Attracting Attention (2022)

poster
4,5
Een beetje vreemd, maar wel lekker. Eigenlijk gaat dat ook altijd wel voor Radiohead op. Ik had een ander geluid verwacht op dit album, maar ze schuren erg dicht tegen Radiohead aan.

Een nummer als Pana-Vision vind ik echt meesterlijk: wat een schoonheid. Bevreemdend en toch hemels. Hier lijken de mannen net weer een stapje verder te gaan. Alsof dat nooit meer zou kunnen, en dat maakt The Smile toch wel bijzonder.

Ook Speech Bubbles heeft dit effect op me: hoe betoverend mooi kan het zijn?!

En dan heb je nog opzwepender nummers als You Will Never Work in Television Again (hoor ik hier The Velvet Underground invloeden?!) en We Don't Know What Tomorrow Brings die het album net even de nodige peper geven waardoor het album als geheel behoorlijk avontuurlijk overkomt.

Vervolgens de knock-out in de vorm van Skrting on the Surface: Man, man, man!

Mooi naast lelijk, betoverend naast onderkoeld. Spannend naast rustgevend. Radiohead kan het en The Smile doet niks anders.

En dat is fijn, heel fijn......

The Smile - Cutouts (2024)

poster
4,0
A Light for Attracting Attention en Wall of Eyes bleek te bewijzen dat The Smile niet zomaar een projectje was. Deze albums deden niet onder voor Radiohead wat mij betreft.

We worden verwend, want album nummer drie is na negen maanden al een feit in de vorm van Cutouts.

Waar ik bij de twee voorgangers gelijk laaiend enthousiast was, daar vrees ik dat dit album toch iets minder makkelijk valt bij mij.
Jazeker, het is spannend en uitdagend en zeker ook herkenbaar. Mooie orkestrale inkleuring hier en daar, en toch deden de vorige albums me meer. Uiteraard kan het nog komen. Maar dan wil ik toch aanhaken bij een eerdere opmerking van mijn kant bij Wall of Eyes:

aERodynamIC schreef:
Het blijft toch wel muziek voor het hoofd wat mij betreft, maar als dat zo gebeurt als hier en als het hoofd ervoor kan zorgen dat het hart toch geraakt wordt mag je jezelf een grote noemen.

Groots wil ik The Smile nog steeds noemen, maar Cutouts slaat nu wel heel erg door naar muziek voor het hoofd, mijn hart slaat iets minder op hol deze keer. Fraai?! Jazeker, maar die dikke 4,5* zoals bij de vorige twee deel ik nu zeker (nog) niet uit.

The Smile - Wall of Eyes (2024)

poster
4,5
Geen nieuwe Radiohead? Dan hebben we The Smile toch! A Light for Attracting Attention was een schot in de roos en dat schept verwachtingen voor de opvolger die er eigenlijk al best snel is. Misschien toch meer dan een zij-uitstapje inmiddels.
Alhoewel.....de bandsamenstelling is nu ook niet compleet anders, en zelfs qua stijl schuurde het debuut flink tegen Radiohead aan. Benieuwd of de opvolger op dezelfde manier voort zou gaan.

Heel bewust heb ik de vooruitgesnelde nummers wat links laten liggen, vluchtig erdoorheen scrollen en meer was het niet.

Dan is het in elk geval al lekker beginnen met Wall of Eyes. Een prachtig akoestische basis met daardoorheen schitterende patronen gewoven. Kleine kwinkslagen die het gelijk al boeiend maken. Bossa Nova naar een nieuw niveau getild. Natuurlijk is het geen Bossa Nova, maar het geeft me wel eenzelfde gevoel. Hier klinkt Yorke gewoon ontspannen.

En zo gaat het haast geruisloos over in Teleharmonic. Ook hier ervaar ik een ontspannen sfeer. En wat zeker opvalt is de productie die gevoelsmatig wat aardser klinkt terwijl we ook hier allerlei elektronische flarden over ons heen krijgen een beetje op de manier zoals James Blake dat ook doet. Ongetwijfeld dat eens een andere producer (Sam Petts-Davies) dit duidelijke verschil weet te maken.

En zo volgen nog zes uiterst interessante nummers. Van het iets rauwer klinkende Read the Room (met zeer fraaie melodielijnen die zich op allerlei manier ontvouwen: echt prachtig), naar Under Our Pillows met al z'n stekeligheden, stekeligheden die me eigenlijk niet meer zo weten te verrassen, maar wel met een fantastisch outro.

Halverwege vinden we Friend of a Friend, hier valt de orkestratie goed op en tevens de lichte jazz-invloeden, wat niet verwonderlijk is: Robert Stillman is hier van invloed.
I Quit kent ook vervreemdende patronen met daaroverheen de oh zo bekende en kenmerkende zang van Yorke plus de begeleiding van het London Contemporary Orchestra: een juweel, en daarna het langste nummer van het album Bending Hectic. Hier moet je echt even voor gaan zitten en op je in laten werken: een trip om te ondergaan van begin tot eind.
En You Know Me! maakt al snel weer een einde aan die trip hiervoor, snel ondanks de acht minuten. Op dit nummer mag Yorke zijn vocale kunsten op een wat sobere ondergrond (uiteraard vol spannende toevoegingen) etaleren.

Het blijft toch wel muziek voor het hoofd wat mij betreft, maar als dat zo gebeurt als hier en als het hoofd ervoor kan zorgen dat het hart toch geraakt wordt mag je jezelf een grote noemen. Denk dat velen het daar wel mee eens zijn.

“Let us raise our glasses to what we don’t deserve”. Je zou je bijna afvragen waar wij als luisteraars al dat moois aan verdiend hebben.

The Smiths - Louder Than Bombs (1987)

poster
5,0
Ergens in de jaren '80 was er in de avonduren een special rondom The Smiths en dan vooral Morrissey op hilversum 3.
Er werden veel fans geinterviewd en hierbij kwam vooral het devote karakter naar voren die zij hadden ten aanzien van hun idool.
Dit fascineerde mij enorm. Dat niet alleen: hun singles deden dat ook. Toch wachtte ik nog tot 1987 om tot aanschaf over te gaan van 2 verzamelaars: allereerst The World Won't Listen en snel daarna dit Louder Than Bombs.
De cover van dit album, bedacht door Morrissey, wist mijn aandacht wel te vangen. Shelagh Delaney staat hier op afgebeeld. Delaney maakte furore met haar stuk A Taste of Honey. Het inspireerde Morrissey om het nummer This Night Has Opened My Eyes over haar te schrijven dat op deze verzamelaar te vinden is als Peel Session uit 1983.
En daarmee kom ik gelijk bij het bijzondere aan mijn waardering voor dit album: het gaat hier inderdaad om een verzamelaar met o.a. b-kantjes en schitterende singles als Sheila Take a Bow, Panic of Ask, allen behorend tot mijn favoriete nummers van The Smiths. Het staat op moment van schrijven in mijn top 10 en eigenlijk wil ik daar geen verzamelaars in hebben staan, maar kan je dit album eigenlijk wel als verzamelaar zien? Het merendeel van de nummers is nergens anders op terug te vinden behalve op...... verzamelaars......tja......
Ik had ook kunnen kiezen voor het album Strangeways Here We Come, maar op Louder Than Bombs staan echt zoveel favoriete nummers dat ik er echt niet aan voorbij kon gaan. Misschien dat Strangeways later nog een plaatsje krijgt in mijn top 10 en dan ruil ik deze twee wel weer om.
Het plaatsen in mijn top 10 kwam mede door het besef dat dit bandje een behoorlijk stempel heeft gedrukt op mijn ontwikkeling richting de wat betere muziek die niet vaak in de top 40 te vinden is (ook al gaat dit voor The Smiths niet helemaal op natuurlijk want die scoorden zeker in de UK toch aardig wat hits). Al heel wat jaren is deze band zichtbaar gebleven in mijn muzikale blikveld zonder ze echt uit het oog/oor te verliezen.
Pakkende nummers verpakt in scherpe randjes muziek en sterke teksten en dat dames en heren zijn dan vaak 'gewoon maar' b-kantjes!
Ik kan er geen genoeg van krijgen en dan mag de absolute lofzang op wat 'slechts' een verzamelaar is best gedaan worden. Verzamelaar ja, maar wat voor eentje: een grandioze collectie liedjes waar ik van ben gaan houden en die me al heel wat jaartjes begeleiden in mijn muzikale leventje. Liedjes die me terug doen denken aan die rare tienerjaren, donkere tienerjaren met de angst voor 'de bom' die alom heerste, angst voor werkloosheid maar wel angst die mij als tiener niet echt wist te bereiken simpelweg omdat je als tiener nu eenmaal andere sores aan je hoofd hebt:
Because if it's not Love Then it's the Bomb, the Bomb, the Bomb, the Bomb, the Bomb, the Bomb, the Bomb That will bring us together.
En zo is het maar net: tiener aERo is allang geen tiener meer en de jaren '80 zijn al dik voorbij maar dit liedje blijft voor altijd bestaan en dan is het heerlijk meezingen tijdens een concert van de inmiddels ook niet meer zo piepjonge Morrissey tijdens zijn optreden in Rotterdam zaterdag 6 juni jl. en ook als het door de speakers galmt blijf ik er niet stil bij zitten net als bij de overige 23 nummers. Het blijft een wonderlijk bandje met wonderlijke liedjes en daarom zal dit album altijd wel tot mijn grote favorieten behoren!

The Smiths - Meat Is Murder (1985)

poster
4,5
In de jaren '80 leerde ik The Smiths kennen door een radioprogramma (weet niet meer welke) waar fans van de band gevolgd werden en hun adoratie voor dit gezelschap mochten uitleggen. Dat fascineerde me. Ook de muziek. Ook programma's als Vara's Verrukkelijke 15 droegen er aan bij dat ik belangstelling kreeg voor Morrissey en Marr.

Toch bleef het een beetje bij losse nummers, sowieso was The Smiths bij uitstek een bandje van goede singles. Mijn eerste volledige album was verzamelaar The World Won't Listen en van daaraf volgde Louder Than Bombs en The Queen Is Dead. Het zou me niet verbazen als Meat Is Murder van de reguliere albums als laatste aan de beurt kwam.

Het is altijd mijn minst favoriete Smiths geweest, maar dat moet je in perspectief bekijken natuurlijk, want een score van 4,5* en iets dan 'het minst' noemen zegt al genoeg. Alles wat deze band aanraakte was goud voor mij. met recht één van mijn favoriete bands aller tijden.

Maar waarom dan toch het laagst in album-lijstjes? Is het dan toch het naargeestige titelnummer (ook live lastig om doorheen te komen; opzet van Morrissey dus geslaagd)? Is dit album net even wat rauwer en minder 'hitgevoelig'?

Op de remaster cd die ik heb staat How Soon Is Now? maar op mijn oude lp niet. Dus dat nummer is en blijft een buitenbeentje en staat toch los van Meat Is Murder. Reken ik niet mee in de waardering. The Headmaster Ritual vind ik ook een hoogtepunt in hun oeuvre en dan blijven er nog 8 meer dan uitstekende nummers over, maar wel nummers die niet tot mijn grote favorieten behoren, hoe sterk ik ze ook vind.

In alle rauwheid een puike plaat van een band die in de jaren '80 misschien best wat meer erkenning had mogen krijgen buiten hun eigen land, maar wat tegelijkertijd wel bijdraagt aan een soort mythische status, of zit dat slechts in mijn eigen hoofd en bij de users hier op MusicMeter?!

The Smiths - Strangeways, Here We Come (1987)

poster
5,0
The Smiths was een bandje die mij in de jaren '80 eigenlijk vooral opviel vanwege de romantisering die er rondom deze band plaatsvond, alsof we met iets heiligs van doen hadden.
Saint Moz en kornuiten konden bij een klein deel geen kwaad meer doen. Ik benadruk een klein deel, omdat deze band in Nederland nooit echt heel erg groot is geweest.
Maar hoe stond ik daar tegenover dan? Die ietwat overdreven aandacht zorgde er voor dat ik naar de band ging luisteren, mijn nieuwsgierigheid was namelijk gewekt.
Ik ging er mee akkoord dat The Smiths een opvallend goed bandje was, maar de bewieroking had wat minder gemogen.
Dit laatste album van de heren is wel mijn favoriet (waar dat voor het overgrote merendeel meestal The Queen is Dead is voor anderen).
Misschien omdat het net even wat luchtiger klinkt en daardoor ook wat toegankelijker.
Rush And A Push And The Land Is Ours is daar al een goed voorbeeld van. Het is simpelweg een heerlijke popsong. Het stemt alvast vrolijk en 'ik heb er zin an'.
I Started Something I Couldn't Finish valt op door glamrock-gitaar van Marr. Huppakee die zit er gelijk helemaal in. Pop op zijn best.
Death Of A Disco Dancer gaat wel degelijk dieper. Een en al treurigheid. Morrissey jankt lekker door en dat bedoel ik nu eens niet negatief. Het is randje, maar is balanceren op randjes nu juist niet zo enorm uitdagend? Precies.
En dan de vriendin die in coma ligt. Girlfriend In A Coma. Typisch zo'n nummer waar sommigen gillend van wegrennen en waar anderen helemaal leip van zijn. Deze jongen is er dus helemaal weg van. Als je voor de ik weet niet hoeveelste keer dit nummer nog steeds uit volle borst mee wilt zingen en het nog evenveel doet met je als de allereerste luisterbeurt, dan zit het gewoon goed. Laat haar nog maar even in coma blijven liggen zou ik zeggen: knap hoe ze zo'n tekst in zo'n vrolijk deuntje weten te persen.
Stop Me If You Think You've Heard This One Before. Laten we eerlijk zijn: dit is toch gewoon een miniatuur-pareltje? Alleen al Marr op gitaar. Ook vind ik de zang van Morrissey hier op de een of andere manier milder overkomen. Het is wat minder sarcastisch of tegen het randje aan. Het geluid is wat softer. Wederom pop zoals pop behoort te zijn.
Last Night I Dreamt That Somebody Loved Me is een nummer dat me altijd heel erg heeft weten te boeien. Het komt ook oprecht op me over. Iets waar ik bij Morrissey nooit helemaal zeker van ben. Dit is hemeltergend mooi. Het is elegant, stijlvol en daarmee een absolute Smiths-klassieker.
Nu ben ik bijna jarig, maar ik hoop toch niet dat iemand me een Unhappy Birthday als deze gaat wensen: 'If you should die, I may feel slightly sad, but won't cry'. Slik........ dat klinkt toch behoorlijk vernietigend.
Het sarcastische Paint A Vulgar Picture is wederom die wonderlijke combinatie van venijnige tekst gecombineerd met een geweldige manier van song schrijven. Een op het eerste gehoor luchtige popsong die wel degelijk meerdere lagen bevat en knap in elkaar steekt. Chapeau.
Death At One's Elbow is swingende rockabilly en geeft deze cd een flinke zwieper vooruit. Voor je het weet is het nummer al weer voorbij.
I Won't Share You is voor mij het enige nummer op dit album waar ik niet altijd even goed raad mee weet. Zwak is een term die ik niet in de mond ga nemen, want dat vind ik het zeker niet, maar het is er wel eentje die net even wat minder indruk op me maakt. Gelukkig is het niet zo dat dit nummer me van 5* weet af te houden.
Simpelweg een heerlijke cd en toch zeker wel mijn favoriet van deze band. Jammer dat ze niet meer bestaan? Ach, ik vind veel solo-werk van Morrissey net zo goed. Beter zo dan hierna met bagger aan komen draven nietwaar.

The Smiths - The Queen Is Dead (1986)

poster
5,0
Alain Delon op de hoes (L'Insoumis uit 1964): wederom een opvallende artwork keuze van de band.
The Smiths is voor mij echt verbonden aan de jaren '80. Zoals ik bij andere albums al meldde heb ik ze vooral leren kennen door de radio waar ik in die jaren wel degelijk nog naar luisterde.
Naast het vele top 40 werk ging ik me ook meer en meer wagen aan wat spannender programma's die te beluisteren waren via de VPRO, Vara en KRO.
Een special (ik meen uitgezonden door een avondprogramma van de KRO) over de band en hun devote fans trok me definitief over de streep.

Toch ging ik van start met de verzamelalbums om vervolgens door te gaan met de reguliere albums waarvan The Queen Is Dead de eerste was omdat die het nummer There Is a Light That Never Goes Out bevatte. Smiths-anthem pur sang wellicht.
Vreemd genoeg heeft het toen wel even tijd gekost om dit album beter te waarderen. De 5* die er nu voor staan waren in het begin nog niet aan de orde. Voor mij waren het blijkbaar toch meer de singles die het hem telkens deden. Misschien kwam dit voort uit het feit dat ik met de verzamelaars begonnen ben.

Van alle albums is dit misschien ook wel het meest constante qua sfeer. Daarbij staan er van begin tot einde favoriete Smiths tracks op. Te beginnen bij het donkere titelnummer om na een ruime 35 minuten te eindigen met het sprankelende Some Girls Are Bigger Than Others.
35 Minuten bijtende teksten van Morrissey, schitterende gitaarpartijen van Johnny Marr en een urgentie die zeker in die jaren zeer geldig was.
Dat het nog steeds opduikt in allerlei toplijsten is dan ook niet zo verwonderlijk. In mijn eigen toplijstjes 'verliest' dit album het meestal net van de verzamelaar Louder Than Bombs en hun laatste Strangeways Here We Come maar waar dit album zeer langzaam uitgroeide naar een echte 5* daar merk ik dat het zo maar eens kan gaan gebeuren dat ik net als vele andere muziekliefhebbers met mij ga kiezen voor The Queen Is Dead.

Hoe dan ook is dit een mijlpaal uit de jaren '80 of het je ding is of niet. The Smiths staan voor de goede muziek die in dat tijdperk wel degelijk gemaakt is. Jaren '80 een slecht muziekdecenium? Niet wat mij betreft en daar is dit album een perfect voorbeeld van.

The Smiths - The Smiths (1984)

poster
5,0
The Smiths, al sinds de jaren '80 behoren ze tot mijn meest favoriete bandjes. Hebben ze ook goed gedaan: vier ijzersterke albums uitbrengen en daarna was het weer over. Ter vergelijk: met andere grote favorieten heb ik meestal wat moeizamere relaties...... Prince (na de jaren '80 werd het toch wel wat minder en rond de eeuwwisseling was ik hem bijna kwijt omdat ik hem een beetje beu was), The Smashing Pumpkins (na album drie werd het rap minder), Marc Almond (ook altijd goed, maar wel een heel groot en gevarieerd oeuvre wat nu eenmaal niet altijd even goed bevalt). Nee dan Morrissey en kornuiten: puntig en nooit teleurstellend.

Nou ja.... die onoverzichtelijke discografie had wel anders gemogen. Te veel losse singles, te veel 'verzamelaars', maar zelfs die zijn enorm goed, dus waarom zeuren?! Altijd goed die Smiths!

Dat gevoel had ik in de jaren '80 iets minder (ik was 14 toen dit album uitkwam). Het begon eigenlijk langzaam op te bouwen vanaf de verzamelaar The World Won't Listen uit 1987 en dan moet je bedenken dat het toen al weer bijna gedaan was voor de band.

Dit debuut was dan ook niet mijn eerste kennismaking. Uiteraard kende ik de singles (This Charming Man is pas op een latere reissue toegevoegd).
Het heeft moeten rijpen in de loop der jaren want het is allemaal wat ruwer dan het latere werk (en ik was wel een liefhebber van de poppy Smiths hits).

Als ik uitga van het oorspronkelijke album, dus zonder This Charming Man, dan vind ik dit ook één constante trip, daar waar ik op de laatste twee albums wat meer onderscheid in sfeer ervaar.
Ze zijn gegroeid in de albums en singles die volgden, maar als je nu luistert naar dit debuut uit 1984, gemaakt door nog jonge, gretige gasten, dan besef je hoe ongelooflijk sterk The Smiths was. Nergens heeft de tand des tijds toegeslagen en dan kan er maar één heldere conclusie worden getrokken: klassiekertje!

The Solution - Communicate! (2004)

poster
3,5
Als mijn naam Boris was zou ik nu heel hard "Keep da soul alive" gaan roepen maar dat doe ik niet, want ik heet niet zo .
Dit is een heerlijk, swingend rock and soul album uit het hoge Noorden.
Maar als je niet beter weet dan denk je een album uit de sixties in handen te hebben.
De Oor noemt het de soulkraker van de eeuw. Nu is die eeuw nog wat kort, dus kan ik daar nog wel inkomen.
Maar laten we nuchter blijven: het is een album die ik je kan aanraden als je niet vies bent van de rock/soul/blues uit de sixties en als je de Blues Brothers ook wel vond swingen.
Daarnaast knapt je humeur er flink van op, en dat is met deze herfstige zomer tot nu toe best wel eens aangenaam.

The Staves - If I Was (2015)

poster
4,0
Dat Bon Iver heeft meegewerkt aan dit album heeft me niet over de streep getrokken om naar The Staves te gaan luisteren. Mooie 'dames samenzang'... er is al zoveel op dat vlak te beluisteren, maar Blood I Bled doet me aan Joni Mitchell denken en dat doen meer tracks (Damn It All is ook zo'n bloedmooie parel zoals ook Mitchell ze vertolkt).

Niet de minste vergelijking nee, maar voor mij genoeg om flink te kunnen genieten van dit album.
Heel spannend is het misschien niet, en zodra ik me in deze folk-hoek beweeg leggen de dames het sneller af tegen hun mannelijke collega's, maar The Staves houden zich heldhaftig staande en weten me van begin tot einde te boeien.

Prachtige zang, warme, gloedvolle muzikale omlijsting en genoeg spanningsopbouw wanneer nodig.
Ja, zo weet je binnen dit grote genre toch nog op te vallen.

Heel simpel: een prachtplaat. Niet meer of minder.

The Strokes - Angles (2011)

poster
3,5
Is This It was indertijd natuurlijk een album waar een hoop over te doen was. Samen met de Black Rebel Motorcycle Club werden ze binnengehaald als zijnde de redding van de rock and roll. Nu heb je dat soort bandjes om het jaar wel weer, dus met dat soort kreten kan ik niet veel.
Een lekker rockplaatje was het wel. Toen het net uit was veelvuldig gedraaid en daarna werd de waardering toch wel wat minder en kon ik het beter op waarde inschatten: Is This It was gewoon een heerlijk rockplaatje zonder al te veel pretenties (ook al hebben ze de schijn wat tegen op dat vlak).
Room on Fire en First Impressions of Earth vond ik wat geforceerder, niet slecht, maar het onbevangen speelplezier ontbrak een beetje leek het wel.

En dan hoor ik opener Machu Picchu van dit nieuwe album en dan komt dat geforceerde weer naar voren. Leuk nummertje hoor, maar ik herken de stem van Julian nauwelijks terug.
Gelukkig komt het ongecompliceerde gevoel terug op Under Cover of Darkness. Het is even opveren, want daarna kakt het toch weer wat in. Ik weet ook niet altijd wat ik van het stemgeluid van Cassablancas moet vinden.
Toch ervaar ik hetzelfde als bij de vorige twee albums: ondanks dat het hier en daar wat wringt, klinkt het toch allemaal weer catchy en kan er best gesproken worden over een leuk rockplaatje.
Of die term genoeg is voor een band van het formaat The Strokes valt te betwijfelen, maar misschien moeten we gewoon niet meer van ze maken dan het is.

Angles is leuk, heeft z'n momenten en heeft ook van die schouderophaalnummers (You're So Right).
Voor nu fijn om weer even wat Strokes te draaien; het zal daarna wel weer snel bij zijn voorgangers in een wat donker hoekje van de kast belanden.

The Swell Season - Strict Joy (2009)

poster
4,0
Glen Hansard & Markéta Irglová wisten me met hun vorige album onder eigen naam behoorlijk te ontroeren: eenvoudige, krachtige liedjes die hun charme goed wisten te etaleren.
Het was dé reden om ook naar de bioscoop te gaan voor de film Once waar ik normaal gesproken niet naartoe zou zijn gegaan als die cd niet zo aansloeg bij mij.
Wat voor de cd opging gold ook voor de film: lief, eenvoudig, klein en vooral uiterst charmant.
Blijkbaar beviel de samenwerking tussen de twee muzikanten want ze zijn verder gegaan en opereren nu onder de naam The Swell Season wat de titel was van hun eerste album.

We kunnen concluderen dat het duo de kunst om mooie liedjes te schrijven niet verleerd is maar dat liet Hansard al menigmaal horen met zijn band The Frames.
Is er veel veranderd verder? Ja en nee. Om met de nee te beginnen: zoals gezegd zijn het wederom uitstekende liedjes waar Hansard met zijn zang toch wel domineert. Maar de ja is er eentje die toch wel belangrijk is; dit album is op sommige momenten soulvoller dan de vorige (zeker de eerste helft van het album) en dat uit zich in de instrumentatie. We horen een veel voller en vetter geluid en waar de liedjes op het vorige album vaak minimaal begeleid werden, wat tevens de charme was, daar staan er nu nummers tussen die haast het tegenovergestelde zijn.
Op zich niet zo heel erg want het zijn uitstekende nummers. Toch merk ik wel dat ik meer ga voor de wat lievere, kleine liedjes op dit album (het door Irglová gezongen Fantasy Man of I Have Loved You Wrong bijvoorbeeld). Op deze nummers horen we Irglová ook wat nadrukkelijker aanwezig zijn, in genoemde tracks zelfs solo, waar ik op die andere nummers het gevoel krijg dat ze een beetje ondergesneeuwd wordt.
Het is maar een minimaal puntje van kritiek; ik ben immers ook liefhebber van The Frames en daar vliegt Hansard soms ook lekker gierend uit de bocht.
User gerre stelt eerder de vraag of dit een hele plaat met pianobegeleiding is. Het antwoord is er nu, en dat is dus nee. Daarop volgend de opmerking 'ik zou het wel graag hebben'. Toen ik dat las had ik precies hetzelfde.
Het is niet het geval, maar we hebben er wel een afwisselend album voor in de plaats wat ook z'n mooie momenten heeft. De charme van het debuut halen ze hier net, maar dan ook echt nét niet wat mij betreft (alhoewel ik wel denk dat dit album wat constanter is en daardoor misschien zelfs beter): ik had het graag iets minimaler willen hebben, maar ik ben hoe dan ook erg blij met het gebodene; het gaat de komende herfstperiode flink genieten worden en het is goed warmen aan deze heerlijke klanken. Dit zal ongetwijfeld gaan strijden om bij de favoriete albums van dit jaar te gaan behoren.
Ik hoop dat The Swell Season een blijvertje is naast The Frames: heerlijk!

The Tears - Here Come the Tears (2005)

poster
4,0
Oude wijn in nieuwe zakken.....zoiets was het toch ? Heb de hele cd nu een paar keer beluisterd en ik kan niet anders concluderen dan dat dit de nieuwe Suede is: de opvolger van A New Morning dus.
Echt totaal niets nieuws onder de zon !
Vind ik dat erg ? Welnee: Suede behoort tot mijn favoriete bands, maar ik vind het vreemd dat ze exact dezelfde muziek brengen onder een andere naam. Doe dan ook wat anders !
Natuurlijk zal het best te maken hebben met het feit dat Brett Anderson & Bernard Buttler weer samenwerken, maar onder de naam Suede had dat toch ook wel gemogen van mij.
Het album zelf bevalt me prima (Apollo 13 vind ik schitterend). Maar een klapper als Dog Man Star of Coming Up is het zeker niet. Gewoon weer een goed album: heerlijk dat Suede.....pardon............the Tears terug zijn.
Nu een 4 (maar is meer een 4,25).

The Tiger Lillies - Farmyard Filth (1997)

poster
3,0
Tiger Lillies............... een gezelschap die ik langzaam aan begin te ontdekken. Geen alledaagse muziek deze cabaret-achtige nummers die The Tiger Lillies maken.
De nadruk ligt op accordeon-vaudeville-nachtclub-cabaret en de nummers worden bevolkt door allerlei pluimage en de humor speelt een grote rol. Dat laatste is gevaarlijk want humor is erg persoonlijk.
Ik moet dan ook zeggen dat ik er niet altijd voor in de mood ben blijkt wel na beluistering van deze cd. Op dit album is het me soms iets te flauw en te veel tieten-kont-pies humor en is het wel erg veel sex sex sex.
Ik weet ook dat ik ze met zo'n opmerking tekort doe, maar op dit album vind ik het net even too much en mis ik een gezonde balans.
Het is net of je naar een tekenfilm zit te kijken: zo voelt de muziek aan. Cartoonesque, vrolijk en opgewekt. Het is duidelijk een uitvergroting van het alledaagse. Ook hier valt de stem van de zanger enorm op.
Muzikaal zit het allemaal weer prima in elkaar maar misschien werkt het feit dat ik mezelf een overdosis Tiger Lillies heb gegeven even niet mee en moet ik constateren dat dit album wat lager scoort.

The Tiger Lillies - Freakshow (2009)

poster
3,5
Welcome to the carnival of circus freaks
The bleeding lady the blood from her leaks
Here is a place where you can buy crack
Lobotomised whores who you can slap
The freaks…


En The Tiger Lillies zijn weer binnen, vulgair als altijd met een knipoog van hier tot Tokio.
Wat een productiviteit leggen deze mannen toch aan de dag met alweer een nieuw album. Ook komen ze telkens met een nieuwe bijbehorende show op de proppen.
Deze keer gaan de Lillies wederom de duisternis in en ontmoet schoonheid lelijkheid en dat alles op cabaretesque wijze.
Het bijzondere is dat ik het na een paar nummers al wel weer gehoord heb omdat ik eigenlijk niks nieuws hoor maar tegelijkertijd weten ze me toch weer een heel album lang te boeien.
Ik hoop ze eens mee te maken op het podium want een groep die producties als Sinderella weet neer te zetten (met Justin Bond als crackhoer Sinderella in een duistere variant van het bekende sprookje) gelijk gevolgd door Freakshow waar dit album het gevolg van is........... tja, die kun je simpelweg toch niet negeren?! Dat moet je een keer in levende lijve meemaken.
Voorlopig doe ik het nog maar met de albums zoals deze Freakshow vol theatrale nummers en als ik het vergelijk met die andere release dit jaar (Sinderella) dan wint deze het lichtjes.

The Tiger Lillies - Seven Deadly Sins (2008)

poster
3,5
Het uit Londen afkomstige gezelschap The Tiger Lillies schijnen vooral bekend te staan om hun shows die invloeden bevatten van Brecht naar punk tot zigeuner-muziek.
Cabaret optima forma dus en dat is wel aan mij besteed.
Martyn Jacques, Adrian Stout, Adrian Huge vormen de kern van dit gezelschap en 7 april jongstleden is hun nieuwe voorstelling van start gegaan in het New Players Theatre te Londen. Dit doen ze samen met Ophelia Bitz en Punch and Judy Puppetry (ja inderdaad: poppentheater).
Het schijnt een post-modernistisch verhaal te zijn over Adam en Steve. Iedere zonde krijgt een nummer toegewezen en dat gaat soms behoorlijk de absurdistische kant op (zoals in Gluttony waar de winderigheids-geluiden, boeren etc. onderdeel van het nummer zijn).
Het probleem met dit album is denk ik dat je het niet helemaal zonder de show kunt beluisteren. Ik vrees dat je toch een hoop mist van het venijn en de humor die dit allemaal in zich heeft.
Desondanks valt er wel genoeg te genieten en moet dit soort muziek je wel liggen. Gluttony geloof ik op een gegeven moment wel weer moet ik zeggen, maar verder is er genoeg te halen voor mij uit deze cabaret-voorstelling van The Tiger Lillies (die overigens al een behoorlijke discografie op naam hebben staan).
Een tip voor liefhebbers van artiesten als Baby Dee, Marc Almond, Antony en Little Annie.

The Tiger Lillies - Sinderella (2009)

poster
3,5
Dit bonte gezelschap heeft al aardig wat albums op naam staan waar ik er een aantal van ken.
Begin dit jaar verscheen deze dubbelaar met daarop wederom absurdistische nummers gegoten in een cabaretesque sausje met een portie sex waar je u tegen zegt.
Op Sinderella heeft het een thema gekregen en wel 'about a twisted crack-whore and her abusive family'.
Martyn Jacques van de band zegt er zelf het volgende over: "Sinderella tells the story of our fairytale favourite after she has fallen on hard times and resorted to turning tricks in return for smack. I play her evil stepmother, who is also her pimp".
Het zegt al genoeg en is het grappig? Ja best wel, maar net als op de andere albums na een tijdje ook wel weer vermoeiend. De grofheden gaan dan vervelen en shockeren doet het mij zeker niet.
En daarmee heb ik ook het pijnpunt van The Tiger Lillies te pakken. Als je deze band voor het eerst hoort is het alsof je in een boos sprookje terechtkomt (en niet alleen op dit album) en moet je er soms aardig om (glim-) lachen. Maar na meerdere albums ken je het truukje wel en merk je dat ze zichzelf alleen maar herhalen.
Ook de falsetto van de zanger gaat soms wat irriteren. Daarbij denk ik ook dat je de bijbehorende live-optredens moet zien: het is toch het totaalplaatje.
Maar verder blijf ik dan toch wel een zwak voor deze gekken houden: zelfs een dubbelaar als deze is voor de afwisseling erg leuk te noemen en dan mag het wel een herhaling van zetten zijn, als je het niet iedere dag opzet is het goed te doen en of je dan naar deze luistert of naar één van de andere albums uit de inmiddels lange lijst maakt dan ook niet meer uit.
Hou je van wat absurditeit in muziek en ben je niet vies van een groezelig cabaret-sfeertje dan moet je zeker eens luisteren naar dit verknipte sprookje over Cinde..... eh Sinderella

The Tiger Lillies - Urine Palace (2007)

poster
4,0
Dit bonte gezelschap leerde ik kennen door de myspace pagina van Marc Almond. Het bleek een 'band' te zijn met een behoorlijke discografie.
Omdat die laatste Seven Deadly Sins cd me goed beviel besloot ik terug te gaan in de discografie en kwam ik uit bij dit album in samenwerking met het zweedse Symphony Orchestra of Norrlandsoperan. Een orkest, en dat samen met die vaudeville-achtige tonen van deze band: dat moet vuurwerk opleveren dacht ik
Op de eerste tonen van dit album hoor je het al: accordeon, falset, hilarische tekst en nu nog eens een orkest erbij. Dit is smullen! Manure zet de toon al goed.
Die cabaret stijl zet door op Cancer waar het orkest wonderlijk samengaat met de band. De tekst is apart te noemen. Donkere humor is de heren niet vreemd. Maar wat zuigt dit nummer in positieve zin: trompetten voeren de boventoon en het orkest stelt zich bescheiden op en verzorgt een warm klanktapijt.
Kick a Baby lijkt haast wel musical. De zaal amuseert zich kostelijk blijkens het gelach op de achtergrond. Het is haast genant hoe zo'n hoempa-nummer zo kan aanslaan. Wat een feest moet dit geweest zijn om hier bij te zijn. Dat was ik overigens vergeten te melden: het gaat hier dus om een live-opname met publiek.
Drowning is heerlijk desolaat door de droevige tonen van de accordeon en geeft hier zo'n zeemanssfeertje mee: de verlaten kroeg waar iedereen laveloos over de tafel hangt na een nacht hoeren en sloeren. Leuk detail is misschien ook dat Marilyn Manson dit gezelschap op zijn trouwerij wilde hebben: het verbaast me niks. Hun wereld wordt bevolkt door hoeren, moordenaars en weet ik het wat voor gekken die opeens haast menselijk worden als je er zo naar luistert allemaal.
Op dit nummer klinkt het orkest een beetje creepy en tegelijkertijd toch ook sensueel en dat met de eerder geschetste kroegbeelden: wonderlijk dus.
Op Yellow Angel krijgt de piano de hoofdrol naast de falset-stem. Ook hier overheerst het orkest niet maar verrijkt het dit nummer enorm: het tilt het echt naar een hoger niveau. Schitterend!
Met een titel als Getting Old verwacht je wederom een droevig nummer op piano, maar het blijkt een uptempo song dat alle kanten op dwarrelt (dank u dwarsfluiten). Hiermee krijg je de zaal wel aan de gang. Wat een heerlijk wereldje is dit toch.
My Funny Valentine is natuurlijk een bekend nummer, maar in een versie als deze heb ik het nog nooit eerder gehoord. The Deadly Sins en het Symphony Orchestra of Norrlandsoperan geven er een heel eigen draai aan.
De humor keert terug op Masturbating Jimmy met zijn pot vaseline. Ongelooflijk grappig, en zo heb ik deze band ook leren kennen op hun laatste album. Het knappe is dat het nergens puberaal wordt terwijl het wel over een puber gaat die maar blijft trekken aan zijn jongeheer.
She's a Whore klinkt haast magisch. Zoete klanken die deze hoer gewoon erg mooi weten te maken. Heel knap gedaan en daarmee zeker ook een erg mooi nummer.
Gonorrhoea laat als titel natuurlijk niets te wensen over. Op theatrale wijze gaan ze met dit onderwerp om en het orkest klinkt absoluut geweldig. Enig minpuntje misschien is dat ik zo erg met de tekst bezig bent dat de schoonheid van de muziek soms wat aan me voorbij gaat........
Aan alle moois komt een einde en hier is dat op Eternity waar de accordeon weer naar voren geschoven wordt. Ik blijf me verbazen hoe dit alles zo goed integreert met het orkest en daarmee stip ik de kracht aan van dit album: orkesten kunnen wel eens overdone zijn zeker als je te maken hebt met de cabareteske muziek van de Tiger Lillies waar de stem ook nog eens zo dominant is. Het is muziek waar velen heel erg van zullen gruwen en waar de humor ongetwijfeld ook slecht zal vallen. Ik kan daar gelukkig doorheen luisteren en dan besef ik dat ik iets heel moois gehoord heb.

The Time - Ice Cream Castle (1984)

poster
4,0
Als er een bandje in het Prince-rijk aangewezen moet worden wat echt heel erg leuk was dan is dat The Time wel. Natuurlijk was ook dit een bandje waar Prince zo'n beetje alles zelf deed: Moris Day mag dan wel de hoofdvocalen verzorgen en Jimmy Jam en Terry Lewis uitstekende muzikanten (of producers zo u wilt en volgens mij waren ze er ten tijde van dit album al niet eens meer bij), maar op het podium wisten de heren wel degelijk te overtuigen.
Op deze cd klonk het allemaal net even wat gladder, maar door de grote hit Jungle Love wist de band ook een stukje van de paarse schijnwerpers op zich te richten.
Titelsong Ice Cream Castles is typisch zo'n voorbeeld van een wat gladdere popsong. Toch kent het wel degelijk de bekende Prince-kenmerken en is het ondanks het feit dat het net wat gelikter klinkt toch een aangenaam nummer.
My Drawers is wat drogere Prince-funk. Je ziet ze hun kenmerkende danspasjes al uitvoeren op de dansvloer: 'Jerome, gimme my mirror'.
Chili Sauce is erg gelijkend aan Do Me, Baby van het Prince-album Controversy. Het kent een zelfde vibe. De conversatie (inclusief gehoest en geboer) op dit nummer mag dan wel komisch zijn, het begint op den duur ook te irriteren. Dat is nu eenmaal het nadeel van dit soort humor. Eén keer leuk en daarna vervelend.
Gelukkig maakt de dansvloerstamper Jungle Love dit helemaal goed. Danst u even mee? Vergeet die ellebogen niet en kijk nog even naar de film Purple Rain voor de overige pasjes. Oweeeohweeeoh!
If The Kid Can't Make You Come kent zo'n onvervalste tongue-in-cheek tekst. Het is weer een Do Me, Baby-achtige ballade. Inelk geval net wat beter dan Chili Sauce. Best gelikt maar tegelijkertijd ook wel wat geil.
The Bird is een live-uitvoering. Net als op het Purple Rain album waar het publiek wel te horen is maar niet overheersend. Was Jungle Love al zo'n lekker dansbaar nummer dan mogen we deze daar zeker aan toevoegen.
Funky as Hell!
Leuk om zo weer eens te horen. Over een jaartje of zo trek ik hem wel weer uit de kast.

The Triffids - Raining Pleasure (1984)

poster
4,0
Calenture en Born Sandy Devotional zijn natuurlijk klassiekertjes en die ontbreken dan ook niet in mijn cd-kast. Sterker: het lijkt wel of ik die de laatste tijd aan het herontdekken ben en steeds beter ga vinden.
Zita Swoon covert op hun schitterende A Band in a Box de titelsong van dit album en tot mijn grote schande moet ik bekennen dat ik deze nog niet kende en daar heb ik onlangs maar eens verandering in gebracht.
Bij de opener Jesus Calling was het toch eventjes een soort van schrikken. Ik vond dit zo ongelooflijk Dexy's Midnight Runners. Niet dat ik dat erg vond, want dat is ook een bandje dat ik wel kan waarderen, maar het was zo poppy, zo up-tempo en vooral zo blij.
Embedded borduurt daar dan weer niet op door en geeft een lekker sfeertje prijs, een sfeertje dat ik moeilijk te duiden vind en dat maakt The Triffids zo bijzonder. Ik hoor er heus wel die typische jaren '80 bands in terug maar vraag me niet welke want dat lukt me dan weer niet om die op te noemen. Daarnaast klinkt het totaal niet gedateerd.
St. James Infirmary heeft wel de echo's van de donkere romantiek waar Nick Cave patent op lijkt te hebben, maar The Triffids zetten de ramen en deuren wagenwijd open en laten het licht binnenstromen waardoor er een soort frisheid ontstaat die zich perfect weet te mengen met die donkere romantiek. Alsof er een fleurig veldboeket neergezet wordt in die donkere kamer en het openen van de gordijnen doet dat boeket nog eens extra goed uitkomen. Beetje omslachtige beschrijving misschien, maar zoiets stel ik me er dan bij voor.
Everybody Has to Eat heeft een beetje het poppy jazzy tintje waar wel meer jaren '80 acts mee aan kwamen zetten in die tijd. Beetje vrolijk en haast neigend naar nietszeggend. En waarom schiet het liedje Love Blonde van Kim Wilde me telkens te binnen?
Dit nummer was de opener van LP-kant B en misschien daarom dat het volgende nummer, Ballad of Jack Frost voortborduurt op het vorige. Ook hier hoor ik in de verte wel een beetje Dexy's Midnight Runners alleen wat minder fiddle.
Property Is Condemned heeft inderdaad wat Nick Cave-achtigs zoals Lukas al opmerkte. Absoluut ook een sterk nummer: dwingend en zuigend (met dank aan de bas). Enige nadeel? Het duurt te kort.
Dan dat nummer wat Zita Swoon zo schitterend covert. Nu pas besef ik wat een machtig mooi nummer dat toch is en hoe ongelooflijk goed Stef Kamil Carlens dit met zijn band toch vertolkt.
Nu moet ik zeggen dat ik het origineel ook goed vind en ik heb totaal geen last van deze mevrouw i.t.t. Lukas, maar jammer voor The Triffids is Raining Pleasure vanaf nu toch echt een Zita Swoon nummer Kwestie van een zeldzaam 'de cover is beter dan het origineel'.
Misschien minder betoverend dan Calenture of Born Sandy Devotional, maar wel heel toegankelijk en ik kan niet wachten totdat dit op cd verschijnt!
Triffids-light bevalt me in elk geval beter dan allerlei light-drankjes waar ik nee tegen zeg, tegen Raining Pleasure zeg ik volmondig ja en doet u mij nog maar een rondje!

The Veils - ...And Out of the Void Came Love (2023)

poster
4,0
In 2004 de perfecte band, de juiste tijd en met het gewenste album. The Runaway Found is en blijft een klassieker voor mij. Opvolger Nux Vomica was zonodig nog spannender en daarna bleef ik de band volgen, maar meer uit een soort verplichting.

Ze hebben me nooit teleurgesteld, maar de vervoering die ze met hun eerste twee veroorzaakten ontstond niet meer. De band van de degelijke 4* albums die ik braaf bleef kopen, maar waar ik heel eerlijk gezegd niet vaak meer naar luister.

Ik was wel benieuwd of ...And Out of the Void Came Love daar weer verandering in zou brengen.

Ik kan daar kort over zijn: nee. Het is een prachtig vervolg op de voorgaande albums, maar mist net dat kleine beetje extra wat ik bij de eerste twee albums wel hoorde. Misschien is het allemaal net iets te fraai en binnen de lijntjes. Ik mis iets, maar weet niet wat. Misschien ligt het gewoon aan de nummers.

Maar dat wil niet zeggen dat ik het niet goed vind. Wederom levert The Veils een prachtig vormgegeven album af. Misschien iets braver, maar wel heel mooi en sfeervol. Dat laatste komt vooral door het gebruik van de strijkers, waar ik meestal al snel voor val.

De rauwe randjes lijken een beetje verdwenen (helaas te weinig nummers in de trant van Bullfighter (Hand of God) of Epoch) of als ze er zijn komt het wat gezocht over (ik kan mijn vinger er niet exact op leggen), maar zolang ze degelijke albums als deze afleveren hoor je mij niet klagen. Daarbij kan het ook gewoon zijn dat ik nu anders luister naar dit soort muziek dan in 2004.

Prima album.

The Veils - Asphodels (2025)

poster
4,5
Als er één hoes is welke perfect past bij het weer dat ons land al weken teistert dan is het deze wel. Als er één liedje perfect is om daarvan de soundtrack te zijn dan is het opener Asphodels wel: kristalhelder, mysterieus en kalm.

Ik heb bij The Veils elke keer het gevoel dat ik het nu wel gehoord heb en vervolgens betrap ik mezelf erop dat ze eigenlijk nooit teleurstellen. Ik zeg wel 'ze', maar Asphodels voelt wel heel erg aan als een Finn solo-album. Dat terzijde.... dit album staat vol bloedmooie nummers. Ingetogen en sfeervol. Neem een O Fortune Teller: veeg mij maar op: dit is zo prachtig.

Misschien is het niet zo'n klassieker als The Runaway Found of Nux Vomica, maar dat is dan te wijten aan het lot van een band wiens discografie nu eenmaal beetje bij beetje groeit.
En zal ik u eens wat zeggen?! Het lukt Finn om mij te raken en ontroeren met dit half uur aan prachtmuziek.

En daarmee dames en heren is dit na The Runaway Found en Nux Vomica het derde album dat boven de 4* weet te komen. Ik hou van de eenvoud van Asphodels. En ik hou van deze hoes. Prachtalbum!

The Veils - Nux Vomica (2006)

poster
4,5
De eerste cd met 5 sterren dit jaar is een feit; Nux Vomica van the Veils krijgt de eer!

Not Yet klinkt wat rauwer dan we van Finn Andrews gewend zijn. Zoals bekend is Finn verder gegaan met nieuwe band-members nadat hij de vorige leden en masse had ontslagen.
Maakt niets uit, want het is de stem van Andrews die het geluid van the Veils bepaalt.
Calliope! heeft ook een wat rauwer randje, maar klinkt fantastisch. Je moet er van houden, dat is een feit, maar liefhebbers zijn na dit nummer al overstag en niet-liefhebbers zijn na dit nummer al wel weer afgehaakt.
Advice for Young Mothers to Be klinkt anders dan we gewend zijn. Ik blijf elke keer als ik het hoor (en ik heb dit album al helemaal stuk gedraaid inmiddels) aan the Arcade Fire denken.
Een opgewekt maar o zo verraderlijk liedje dat zich snel in je hoofd weet te nestelen.
Jesus for the Jugular klinkt als Nick Cave & the Bad Seeds: het had zo op één van hun laatste albums kunnen staan. Rauw randje, opzwepend, dreigend. Ik ben er dol op.
Pan opent lekker op de piano en dendert op z'n Caveaans lekker door totdat het halverwege even een lieflijk wijsje gaat worden. Maar schijn bedriegt: al snel denderen we lekker door om dan toch nog even lief te worden aan het einde. Heerlijk nummer weer.
A Birthday Present is een zwierig nummer waar Andrews weer flink kronkelt en doet. Die stem is geweldig. Maar de muzikale omlijsting weet me op dit nummer ook enorm te grijpen. Erg mooi gedaan en ik kan inmiddels spreken van het ene na het andere hoogtepunt.
Dat echte enorme hoogtepunt gaat plaatsvinden in Under the Folding Branches. Wat een emotioneel hoogstandje. Dit nummer is langzaam uit weten te groeien tot één van mijn favoriete songs ever. Het kruipt langzaam onder mijn huid om er vervolgens heel diep onder te blijven zitten.
Titelnummer Nux Vomica doet wederom aan Cave denken. Heerlijk fulmineuze uitspattingen en een lekker vol en vet geluid. Dat orgeltje....mmmm..........
One Night on Earth hakt er wat minder op los en klinkt wat luchtiger. Een heerlijk pop-rock nummer om even op adem te komen, adem die we nodig hebben om in te houden bij de afsluiter House Where We All Live. Wederom een slepende, emotionele, ingetogen ballad. Zo eentje die als ie afgelopen is je helemaal leeg weet achter te laten.

Wat een mooi album. Mijn 5 sterren zijn niet voor niets de eerste 5 die ik uitdeel dit jaar (en dat is vrij weinig). Hiermee dus een zeer grote kanshebber heel hoog te eindigen in mijn eindejaars top 10.
Maakt dat uit? Welnee, het gaat om de muziek. Ik ben blij dat the Veils terug zijn met een nog mooier album dan dat al niet misselijke The Runaway Found.

The Veils - Sun Gangs (2009)

poster
4,0
Het debuut van The Veils had indertijd een betoverende uitwerking op mij; het was muziek in de lijn waar ik van hield en toch had het iets eigens. Daarbij kon ik goed uit de voeten met het smachtende, getormenteerde zingen van Finn Andrews (die toch eigenlijk The Veils is).
De opvolger was misschien wat sterker te herleiden naar andere grote muziekhelden van mij (ik noem een Nick Cave) maar dat kon mij niet deren want ook dat album vond en vind ik ijzersterk. Beiden staan dan ook nog steeds op een stevige 4,5*.
In zulke gevallen ben ik meestal wat huiverig als er dan een nieuw album aan zit te komen want het kan toch haast nooit zo goed zijn als het was? Er zullen toch wel sleetse plekken ontstaan?
En heel eerlijk gezegd vond ik de band live iets minder sterk dan ik aanvankelijk gehoopt had. Nog steeds wijt ik dat aan te hoge verwachtingen, maar toch......

Sit Down by the Fire is dan het moment suprême: een titel die een kampvuur-meedeiner doet vermoeden moet alle twijfel wegnemen want de eerste klap is immers een daalder waard.
Bij Nux Vomica moest ik aan Cave denken en hier........ ik durf het bijna niet te zeggen............. U2!
Nu ben ik niet vies van U2 dus ik kan prima leven met dit rustig voortgaande, beheerste nummer waar sprake is van prima samenzang die haast een gospelgevoel teweeg brengt.
Sun Gangs is het titelnummer en kent door toedoen van de piano het donkere, doomy Boatman's Call-sfeertje van Nick Cave. Gelukkig heeft The Veils altijd genoeg eigen geluid gehad om niet beschuldigd te kunnen worden van imitatie. Het is hier de stem van Andrews in combinatie met de donkere sfeer die me wederom doet smelten. Het is vrij eenvoudig allemaal maar onderhuids slagen ze er in om een snijdend, opstuwend sfeertje op te bouwen. Absoluut een schitterend nummer die met eer de titelsong mag wezen!
The Letter kent het scherpe Andrews stemgeluid, en op dit nummer hoor ik een beetje het geluid van gitaarbandjes zoals je ze heden ten dage toch wel erg veel hoort. Het galmende Editors en consorten geluid zeg maar. Het is dat de stem van Andrews dit naar een hoger niveau tilt dan al die gitaarbandjes maar ik heb bij dit nummer toch echt wel wat twijfels. Ik wil geen gitaarbandje zoals er al zo veel zijn: ik wil meer van deze band. Twijfelgevalletje voor mij en wederom toch weer die U2-echo die mijn hoofd maar niet wil verlaten.
Killed by the Boom is een ietwat andere richting die The Veils hier op gaat. Een hoop piepende, scheurende en vooral strakke gitaarriffs met allerlei geratel en gepruttel voorzien van echoënde zang. Het komt wat chaotisch over maar blijft toch enigszins binnen de lijnen.
It Hits Deep gaat rustig van start met alle spotlight op Finn Andrews. Dreigende geluiden geven het nummer een sinister tintje mee. Dit is toch wat meer eigen. Dit is meer The Veils zoals The Veils hoort te zijn. Wat mij betreft wederom lof voor de mooie harmonieuze zang. Op nummers als deze laten The Veils horen dat ze met weinig toeters en bellen wel degelijk sterke nummers kunnen afleveren die uiterst boeiend kunnen zijn.
Three Sisters is al een tijdje op myspace te beluisteren en dat nummer wist me daar best snel te grijpen. Ik hoor er wat 16 Horsepower in. Misschien omdat het iets prekerigs uitstraalt, misschien het geluid van de banjo die er doorheen verweven is. In elk geval is het lekker opzweperig en zweterig en dat mag ik wel.
Toen ik de eerste tonen van The House She Lived In hoorde moest ik een fractie van een seconde aan Saybia denken, vraag me niet waarom maar het flitste door mijn hoofd heen. Ik denk dat het de manier van inzetten was. Qua sfeer is het nummer wat luchtiger dan we gewend zijn. De bloemetjes kruipen boven de grond, het zonnetje begint voor het eerst weer wat warmte uit te stralen en de lammetjes dartelen door de wei. Iedereen blij, iedereen gelukkig.
Niet echt een beeld dat ik voorheen had bij dit gezelschap, maar zij kunnen het blijkbaar ook oproepen.
Scarecrow laat gelijk weer zien dat de lente pril is want er nadert al weer een donkere bui en de sfeer is melancholiek (ik zou het haast sereen willen noemen). Hoe prachtig kan dit soort desolate muziek telkens toch weer zijn. Er zijn genoeg artiesten op deze aardbol die dat sfeertje muzikaal kunnen schetsen maar telkens weer ben ik verrukt als er weer een liedje toegevoegd mag worden aan die enorm lange lijst die er al is. Ben ik een somber, gedeprimeerd mens? Geen idee; ik vind dit gewoon heel erg mooi.
Larkspur is het langste nummer op dit album (8 en een halve minuut) en dat valt op omdat de rest juist relatief kort is.
Meestal zijn dit soort nummers de kern waar alles om draait.
Laat ik beginnen te zeggen dat hier een bijzondere sfeer wordt neergezet en dat daar ruim de tijd voor wordt genomen. Hier zie ik lege prairies voor me met alleen maar droogte en opwaaiende stofwolken. Door de zinderende hitte krijg je van die bijzonder trillende luchtgolven en vertroebelt je zicht. Toch zie je in de verte leven dat steeds dichterbij komt.....
Bij nummers als deze gaat de fantasie duidelijk werken. Het nummer duurt te lang voor dit album en past er daardoor misschien wat minder goed tussen, maar tegelijkertijd vind ik het op zichzelf staand wel een bijzondere compositie (misschien de nieuwe richting die ze hierna op gaan?).
Begin Again is qua titel al een mooi advies voor wat betreft dit album: de repeatknop kan namelijk gelijk aan. Het album kan rustig nog een keer opgezet worden.
Dit nummer is een sfeervolle afsluiter waar piano de boventoon voert en dat is in combinatie met de zang geen vervelend iets. Het is nog best een 'frivool' nummer want er wordt hier geen sombere sfeer neergezet.

Om dan weer terug te komen bij mijn eerste woorden: is het even goed als de twee vorige albums? Ik denk dat het er niet zo heel erg veel voor onder doet. Ja okee, de betovering van het debuut ervaar ik niet (meer), de ruigheid van de tweede is hier iets minder terug te horen. Dit is gewoon een uitstekende opvolger waar ze zich niet voor hoeven te schamen.
Voor mij is het nu in elk geval een zeer dikke 4* waard en daarmee één van mijn favoriete albums uit de lange rij die al verschenen zijn dit jaar (maar misschien is mijn zwak voor dit bandje wel te groot ).

The Veils - Time Stays, We Go (2013)

poster
4,0
De eerste twee albums waren fantastisch en die derde viel ook best mee (maar haalde het niet bij de voorgangers).
Een band die altijd hoog op mijn 'te zien' lijstje stond en dat kwam er dan ook een keer van; in een kleine zaal als het Rotterdamse Rotown notabene!
Dat was achteraf gezien toch een beetje een teleurstellend optreden. Ik miste het magische, iets wat de band zeker in zich heeft.

Magie mis ik ook op de behoorlijk doorsnee rock-opener Through the Deep, Dark Wood, een nummer waarbij me de angst bekruipt dat we het op dit album met die magie wel kunnen gaan vergeten. Maar goed, het is maar een opener en er volgt immers meer.

Het enigszins swingende Train with No Name bijvoorbeeld waarbij de zang van Finn Andrews me opeens enorm doet denken aan die van zanger James Walsh van Starsailor. Het kan ook komen omdat het muzikaal wel wat overlap vertoont. Niet verkeerd maar toch ook wel redelijk gewoontjes of zijn het hier gewoon een stel verwende oren die inmiddels al zoveel soortgelijke bands hebben gehoord waardoor het onderscheid steeds kleiner begint te worden?

Candy Apple Red kent een fijn bluesy sfeertje (ik heb opeens zin in nieuw werk van Anna Calvi). Met dit soort nummers heb ik dan net even meer zeker ook omdat The Veils dit altijd goed doen: lekker klagerige zang, donker sfeertje..... kom maar op. Dwepen maar! Enige nadeel is dat het ietwat te veel voortkabbelt en het nummer geen spannende wending krijgt.

De titel Dancing with the Tornado lijkt te beloven dat we een dansbaar nummer krijgen. Nu is dat een rekbaar begrip uiteraard maar er zit zeker een bepaalde schwung in. Finn zingt enorm rasperig. Iets wat ik altijd wel prettig aan hem vind maar hier slaat het soms te veel door. Verder een aardig chaotisch nummer.

The Pearl tapt ook uit een vaatje zoals ik niet eerder van ze hoorde. Een moeilijk te plaatsen nummer ook. Het komt wat kleurloos over, ik mis sfeer maar tegelijkertijd klinkt het ook best lekker. Ze maken het de luisteraar duidelijk niet gemakkelijk op dit nieuwe album.

Sign of Love is wederom een nummer dat wat geruisloos aan me voorbij gaat. Ik kan er weinig van maken tot nu toe.

Dan maar snel door met het vrolijk klinkende Turn from the Rain want vrolijk klinken kunnen ze blijkbaar ook. Toch is het een stijl die ik eigenlijk niet bij deze band wil horen: doe mij maar die donkere, depressieve ballads. Slecht is het niet.

Anouk vertegenwoordigt Nederland dit jaar met het nummer Birds maar daar heeft deze Birds uiteraard niets mee van doen. Het nummer kabbelt wat voort en ook hier mis ik spanning. Ik heb ze wel eens sterker gehoord van dit gezelschap. Echt zo'n nummer dat het ene oor in gaat en het andere weer uit.

Another Night on Earth gaat gewoon door op waar het op dit album blijkbaar om draait: midtempo nummers waar de depressieve laagjes wat vanaf gehaald lijken. Geen uitschieter in positieve of negatieve vorm, allemaal wat veilig klinkend. Ik mis echt de opwinding in dit soort nummers.

Afsluiter Out from the Valley & Into the Stars dan maar. Zo aan het einde blijkt dat ze het nog wel degelijk kunnen. Ook dit nummer is anders van kleur dan op bijvoorbeeld het debuut maar dat mag. Zeker als het nu wel iets van spanning met zich meebrengt. De hele tijd vraag je je af waar dit nummer je naar toe zal leiden: het heeft opbouw, er zit wat dreiging in, van het ongevaarlijke soort maar het zorgt er wel voor dat je aandachtig luistert.

Het moge duidelijk zijn dat de band mij voor het eerst wat teleurstelt. Misschien leg ik de lat wat te hoog, misschien moet ik het nog veel vaker gaan beluisteren waardoor het een groei-album blijkt maar tot nu toe gaat het behoorlijk langs me heen en weet het me nergens te raken en dat is iets dat The Veils in het verleden echt goed kon.
Toch wel een tegenvallertje helaas.

The Veils - Troubles of the Brain EP (2011)

poster
3,5
The Veils behoren wel tot mijn favoriete bandjes: ze maken muziek die goed in mijn straatje past. Getormendeerde zanger die op donkere muziek zijn liedjes de wereld in slingert.

Een nieuwe EP is dus goed nieuws; alhoewel ik ook even graag wil klagen: een volledig album was nog leuker geweest. Maar goed. Zeven nieuwe tracks (de bonus meegerekend) is ook zo verkeerd nog niet en dan ook nog eens met Bernard Butler als mede-producer! Ruim 20 minuten nieuwe Veils die al gejaagd van start gaat met het vrij monotoon doordenderende Bloom. Leuk, maar niet schokkend. Eigenlijk een beetje saai in mijn oren, maar wel zo'n nummer dat nog kan groeien.
Don't Let the Same Bee Sting You Twice laat een ander geluid horen, een geluid waar ik nogal aan moet wennen. Een 'happy klinkend' nummer die haast richting britpop gaat of iets dergelijks. Ik ben er nog niet over uit of ik dit nu wel zo leuk vind. Bij het intro dacht ik heel even dat ze Right Said Fred's Deeply Dippy zouden gaan zingen. Ook The Beatles hoor ik er in terug.
Dat gaat ook op voor The Stars Came Out Once the Lights Went Out dat behoorlijk luchtig klinkt en erg neigt naar het werk van Ed Harcourt. Nu is dat een ook een favoriete artiest van mij, maar ik zet zijn albums wel op als ik in die mood ben. Ik wil sombermansgeklaag van deze band (of ben ik nu zelf de sombermans die klaagt?!).
Hoor ik The Wishbone dan hoor ik Blaudzun. Het is wel duidelijk waar onze landgenoot zijn mosterd vandaan haalt. En laat dit mosterd van uistekende kwaliteit zijn. Prikkelende gitaren, gruizig sfeertje (het is in de huisstudio van Finn Andrews opgenomen dus dat werkt misschien ook wel mee) en lekkere klaagzang. Gelukkig maar.
Grey Lynn Park ademt ook weer Ed Harcourt en is een nummer dat mij goed pakt. De zang is als vanouds en zo hoor ik Andrews dan ook het liefst. Muzikaal gezien is het redelijk opgewekt voor The Veils' doen, maar de conclusie kan wel getrokken worden dat dit voor de hele EP opgaat.
Us Godless Teenagers heeft een lo-fi geluid waar de zang wat gruizig overkomt onder begeleiding van akoestische gitaar. Het Blaudzun-sfeertje is weer overduidelijk aanwezig en dat beschouw ik zeker niet als negatief. Het is een mooi, klein liedje dat zijn eigenzinnige sfeer ontleent aan het gruizige geluid.
En dan is er nog de bonustrack Iodine and Iron een track die zeker niet gemist mag worden. Andrews op zijn breekbaarst: beetje echo op de zang (alsof hij in de badkamer staat te zingen) en op de achtergrond een subtiele begeleiding die slechts ondersteunend werkt. Een prachtig mooi, wederom klein gehouden liedje: hier kan ik geen genoeg van krijgen.

Jammer dat het album een voor mij wat misleidende valse start (met name track 2 en 3) opleverde. Voorlopig heb ik nog niet een echte klik met die nummers. Gelukkig trekt het op een gegeven moment geheel bij en kan ik toch nog tevreden zijn. Ik deel niet de hoogste score ooit voor deze band (integendeel) maar er valt genoeg moois te beleven om toch te spreken van een redelijk geslaagde EP.
Benieuwd wat een volledig album ons gaat opleveren en of er voor een bepaalde stijl gekozen gaat worden: gedurfd uptempo dat mij niet zo aanspreekt of toch de wat sombere kant (wat we natuurlijk al kennen).
3,5* voor nu is van mijn kant wat zuinigjes, maar wat niet is kan nog komen uiteraard want een halfje erbij hangt af van het feit of ik de mindere nummers op langere termijn toch weet te gaan waarderen.

The Velvet Underground - The Velvet Underground (1969)

poster
5,0
Candy Says was mijn kennismaking met dit fenomenale album van The Velvet Underground.

Het opmerkelijke is dat ik al heel lang bekend was met The Velvet Underground & Nico. Een album die zijn meerwaarde kende in de aanvulling met Nico (wat een heerlijk zwoel en sexy geluid gaf zij dat album toch mee).

Mijn 2e VU album was White Light/White Heat. En daar ging het indertijd (ik praat over eind jaren '80) helemaal fout.
Was dit dezelfde banaan-hoes-band??? En ik was gelijk VU-liefhebber af. Maar ja, Candy Says he........
Ondanks dat ik dat een betoverend mooi nummer vond heb ik me nooit laten verleiden om dat album in zijn geheel op te gaan zoeken.
Daar waren heel wat jaartjes voor nodig namelijk (nadat ik White Light/White Heat toch weer ben gaan waarderen).

En ik mag van geluk spreken dat ik na het debuut en zijn opvolger ook aan dit album begonnen ben.
Candy Says blijft voor mij een klassieker, maar er zit nog veel meer in de snoepdoos van de heren en dame Velvet Underground.
Wat te denken van dat vette orgel-geluid in What Goes On met dat heerlijke, rammelende gitaar-sausje eroverheen? Kan dat nog lekkerder? Eigenlijk funkt dit alsof Prince en James Brown er samen niet uit weten te komen en daardoor onbewust met een geweldig nummer op de proppen komen.
En dan hebben we Some Kinda Love nog. Lekker lijzig zoals Lou Reed dat als de beste kan. Lijzig op een bed vol stekeligheden.
In Pale Blue Eyes hoor ik dan toch echo's van het debuut terugkeren. Lieflijk. Tamboerijntje. O zo schattig. Zo op het eerste gezicht, want als het iets niet is dan is het die laatste benoeming wel.
Jesus vind ik een typisch jaren '60 nummer gezien de sfeer van dat nummer. Ik vind het een lekker broeierig nummer. Beginning To See The Light is zo lekker cynisch (het is al eerder genoemd hier). Ook hier is het weer het spannende dat het voor mij zo aantrekkelijk maakt. Het lijkt een oppervlakkig en eenvoudig nummer, maar het zit tegelijkertijd zo ijzersterk in elkaar.
I'm Set Free vind ik een prachtige opbouw hebben. Iets waar the Velvet Underground sowieso wel sterk in is. Een opbouw die naar een climax toewerkt, zonder dat die climax ook een echt bombastisch hoogtepunt kent. Daar is dit nummer echt een voorbeeld van. That's The Story Of My Life is weer een beetje uit de categorie van Beginning To See The Light. Op het eerste gehoor een eenvoudig deuntje, maar tegelijkertijd heeft het weer dat gemene, scherpe randje. Heerlijk vind ik dat.
En dan dus het veelbesproken The Murder Mystery. De een ergert zich er kapot aan en de ander vind het geweldig. Ik zit er een beetje tussenin denk ik, maar het is zeker geen skip-moment, ondanks zijn lengte. Ik hou wel van de afwisseling in het nummer.
After Hours is de perfecte afsluiter. Het maakt de verwarring nog steeds compleet bij mij, elke draaibeurt weer. Het schudt je flink wakker uit de roes van The Murder Mystery. Dit kan toch niet waar zijn? Zo'n simpel, valsgezongen liedje? Is dit het laatste nummer van dit magistrale album? Jazeker, en dit nummer hoort erbij, moet erbij.
Zoals bekend een zeer geliefd album uit mijn kast (en die is zeer groot kan ik u verzekeren).
Rest mij als afsluiting slechts een smiley: